George Knight

Debat tussen links en rechts

Archive for juli 2018

Katholieke Sarah Yaklic zoekt oorzaak voor ontkerkelijking buiten de eigen kring. In de seculiere wereld of bij de sociale media

leave a comment »

Het Katholiek Nieuwsblad plaatste op 26 juli 2018 het artikelGetuig online! Onze jongeren zijn het waard‘ van Sarah Yaklic. Zij is de ‘Director of Catholic Media’ op de Amerikaanse katholieke privé University of Notre Dame in Indiana. Het betoog van Yaklic is het waard om krachtig weerspreken te worden. Zij bestrijdt stromannen en praat onzin. Mijn reactie bij dit artikel op de FB-pagina van het Katholiek Nieuwsblad:

Advertenties

Oplossingen uitgeput voor financieel verzwakt Museum Oud Amelisweerd. Terugvaloptie via Centraal Museum komt in beeld

with 3 comments


In de Utrechtse raad heeft André van Schie (VVD) op 27 juli raadsvragen gesteld over de ‘financiële situatie Museum Oud Amelisweerd’ aan de nieuwe cultuurwethouder Anke Klein (D66). Aanleiding is een raadsbrief van 18 juli en een bericht van RTV Utrecht van 26 juli met de titel ‘Museum Oud Amelisweerd wankelt opnieuw’. Hoe negatief getoonzet ook geeft zelfs deze titel nog een te optimistische kijk op de kwestie.

Exploitant Stichting Museum Oud Amelisweerd verkeerde al voor de opening in 2014 in een financieel uitzichtloze situatie en heeft nooit zwarte cijfers geschreven. Of een financiële buffer opgebouwd. Daar is het nooit aan toegekomen. Met een bruidsschat uit Amersfoort van 1 miljoen euro en een lening van de provincie Utrecht van 160.000 euro werd tijd gekocht. Toenmalig directeur van het Spoorwegmuseum Paul van Vlijmen waarschuwde in juni 2012 in een bericht in het AD dat wat toen nog het Armando Museum heette een fiasco zou worden. Volgens hem was het museum zonder subsidie niet rendabel te krijgen in de exploitatie.

Het Utrechtse gemeentebestuur dat meer dan 1,66 miljoen euro had geïnvesteerd in de renovatie van landhuis Oud Amelisweerd was door de raad gebonden en in juni 2012 bij de goedkeuring van de kredietaanvraag de randvoorwaarde opgelegd dat er nooit een cent structurele subsidie naar de exploitatie mocht gaan. In een commentaar van 13 juni 2012 betitelde ik dat als: ‘Oud-Amelisweerd: steun voor vastgoed, maar afkeuring voor exploitant’. Die geblokkeerde subsidie van de gemeente Utrecht bleef de essentie van de problemen van het museum. Druppelsgewijs en informeel werd dat omzeild met het noodverband van ‘een (niet structurele) openstellingssubsidie’ van de gemeente Utrecht die buiten de structurele culturele subsidies werd verleend.

Toen in december 2016 de toenmalige cultuurwethouder Kees Diepeveen (GL) zich liet overvallen door Stichting Museum Oud Amelisweerd en tegen de eigen randvoorwaarden in toch een subsidie verleende van 75.000 euro toonde dat aan dat de Utrechtse politiek geen grip meer had op het probleem van het Museum Oud Amelisweerd. Het was nu overduidelijk het probleem van het Utrechtse college geworden. De uitzichtloze financiële positie van Museum Oud Amelisweerd straalde voortdurend af naar het Utrechtse college dat zich geen raad wist met dit probleemgeval en geen Houdini-act had om eraan te ontsnappen. Investeringen in een nieuwe exploitant waren politiek onhaalbaar, de huidige exploitant kon het financieel niet bolwerken en voor sluiting wilde geen enkele cultuurwethouder verantwoordelijk zijn. Op de achtergrond speelde de papieren werkelijkheid van de Culturele Hoofdstad 2018 waar het museum een rol in zou hebben. De boel zat vast.

Critici in de raad of ze nu deel uitmaakten van de oppositie of niet, probeerden voortdurend dit dossier vlot te trekken of te sturen. Want Van Vlijmen was zeker niet de enige met kritiek. In de Utrechtse raad was het D66 (Xander van Asperen en later Aline Knip) die geen vertrouwen had in de financiële onderbouwing van de exploitant. Voor de VVD was Jesper Rijpma een kritische voorganger van André van Schie. Overigens waren toendertijd om andere redenen ook andere partijen kritisch zoals de SP en Nieuw Rechts.

Het kenmerk van Museum Oud Amelisweerd is dat het in Bunnik in een rijksmonument en voormalige zomerresidentie is gelegen en dat de gemeente Utrecht het niet eens structurele subsidie kan geven als het dat zou willen omdat de voorwaarden dat niet toestaan. André van Schie heeft daar voortdurend op gewezen, evenals op het oneigenlijk oprekken door het college van de subsidievoorwaarden. Interessant is de verwijzing naar samenwerking met het Centraal Museum door bestuursvoorzitter Ari Doeser in het bericht van RTV Utrecht. De restauratie van landhuis Oud Amelisweerd is door de toenmalige beheerder (tot 2012) Centraal Museum in de jaren ’90 op de rails gezet en tijdens dat beheer is in 2011 bestuurlijk een terugvaloptie als optie in een commissiebrief gevlochten indien de huidige exploitant het niet redt. Dat is nu aan de orde.

Het is te hopen dat zowel het Utrechtse gemeentebestuur als de raad zich goed informeren en een besluit nemen dat rekening houdt met de voorgeschiedenis en de levensvatbaarheid voor de toekomst. De antwoorden op de raadsvragen van Van Schie bieden hopelijk de duidelijkheid die de achtereenvolgende cultuurwethouders het bestuur van de Stichting Museum Oud Amelisweerd nooit hebben kunnen afdwingen. De randvoorwaarden voor het Museum Oud Amelisweerd die al jaren slecht waren, zijn nu nog beroerder dan voorheen. Daarom is het onvermijdelijk dat zoals ook Van Schie stelt er een nieuwe exploitant wordt gezocht voor landhuis Oud Amelisweerd. Inzet kan dan een sitemuseum zijn en de terugvaloptie via het Centraal Museum zoals dat in december 2011 als vangnet al werd ingebouwd. Hoewel hier wel extra geld beschikbaar voor moet komen omdat het Centraal Museum dit niet uit de eigen lopende begroting kan financieren.

Foto: RaadsvragenSV 2018, nr. 100 inzake Gevolgen financiële situatie Museum Oud Amelisweerd’ van André van Schie (VVD) in Utrecht, 27 juli 2018.

Worcester Art Museum vertelt welke geportretteerden op oude schilderijen van slavernij profiteerden. Een onzalig en modieus idee

with 2 comments

Het Worcester Art Museum in Massachusetts vertelt sinds kort in bijschriften wie in vroeg Amerikaanse portretten slaven bezat of van slavernij profiteerde. Dat is een idee dat vergezichten opent. Want waarom die bijschriften niet uitbreiden met andere informatie over de geportretteerden? Zoals grensoverschrijdend seksueel gedrag, een inventaris van het vermogen en de investeringen in banken en bedrijven of een staalkaart van de gezondheid, inclusief psychische stabiliteit? Waarom de bijschriften beperken tot het aspect slavernij? Want het Worcester Art Museum zal vermoedelijk niet de schijn van politieke correctheid tegen willen hebben dat het selectief is en kwesties van goed en kwaad reduceert tot het bezit en profijt van slaven?

Daar komt nog wat anders bij zoals Michel Krielaars in zijn boekenrubriek in NRC bij een bespreking van de artikelenbundelDaverende dingen dezer dagen (Prometheus) van Henk Wesseling opmerkte. Namelijk dat bij de slavenhandel ‘drie partijen betrokken waren: de Afrikaanse handelaren die de slaven leverden, de westerse handelaren die ze opkochten en vervoerden, en de plantagehouders in Brazilië, Noord-Amerika en het Caraïbisch gebied die ze afnamen. Van die drie partijen resteert niets en niemand meer, dus wie moet je in hemelsnaam de ‘schuld’ geven en voor de kosten laten opdraaien?’ Deze kanttekening over de context van de slavenhandel toont hoe onvolkomen en onvolledig het initiatief van het Worcester Art Museum in beginsel is.

Achteraf krijgt slechts één bepaalde categorie op vroeg Amerikaanse schilderijen in een bijschrift op slechts één criterium (slavernij) een stempel van onaanvaardbaar gedrag opgeplakt. Andere categorieën en criteria blijven buiten schot. Dat is te willekeurig. Dat verruimt de blik van de bezoeker niet zoals het museum claimt, maar perkt de blik juist in met een suggestie van volledigheid die per definitie tekortschiet en incompleet is.

Britse DCMS commissie publiceert rapport over desinformatie en nepnieuws

with 4 comments

Nieuwe tijden brengen nieuwe waarheden. Zoals het feit dat nepnieuws een bedreiging voor de democratie vormt en de macht van Amerikaanse techbedrijven zoals Facebook onaanvaardbaar groot is geworden en die bedrijven hun verantwoordelijkheid afschuiven. Overheden hebben geen gepast antwoord om dat nepnieuws te bestrijden en moeten nog instrumenten ontwikkelen om de techbedrijven tot actie te dwingen. Hoewel dat inzicht voor de poorten van de hel moet worden weggesleept en vooral politieke partijen die nu de macht hebben doen alsof er niks aan de hand is, is bij enkele overheden onderhand wel het besef van de urgentie tot handelen doorgedrongen. Des te meer omdat de opkomst van sociale media aan autoritaire landen die de zogenaamde liberale democratieën willen verzwakken redelijk goedkope en makkelijke middelen geeft om dat straffeloos vanuit het verborgene te doen. Illustratief in dit verband is dat de bewezen Russische inmenging in de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016 die zich in 2018 herhaalt nog steeds niet gevolgd is door een integraal plan van aanpak van de regering-Trump om onwettige beïnvloeding van het electorale proces te voorkomen. Als het wantrouwen een kritische grens overstijgt, dan is dat de dood van de democratie.

Guardian’s Observer zet dat voor het Verenigd Koninkrijk in een artikel van Carole Cadwalladr op een rijtje. Tekenend is het optreden van de kleine DCMS (Digital, Culture, Media & Sport) parlementscommissie met het conservatieve parlementslid Damian Collins als voorzitter. De commissie probeert ondanks onvoldoende macht en tegenwerking van organisaties en personen die het wil onderzoeken een verschil te maken. Vandaag heeft het het tussentijdse rapport Disinformation and ‘fake news’’ gepubliceerd met volgende samenvatting:

Aanleiding voor het onderzoek is het sterke vermoeden dat de uitslag van het Brexit-referendum is beïnvloed door illegale buitenlandse inmenging (desinformatie-campagne) vanuit de Russische Federatie en dat pro-Leave organisaties wettelijk hun boekje te buiten zijn gegaan. Dat roept dezelfde vraag op als de verkiezing van Donald Trump, namelijk of de wettelijke basis van de uitslag nog wel aanwezig is als het proces zoveel onregelmatigheden en misleidingen bevat. Deze vraag over de legitimiteit van respectievelijk het Brexit-referendum en de verkiezing van Trump is in zowel het Verenigd Koninkrijk als de VS nog niet tot de kern van het politieke en publieke debat doorgedrongen. Maar in de marges zeurt het en brengen onderzoeken de onregelmatigheden in kaart. Het is dan ook een kwestie van tijd totdat in beide landen de legitimiteitsvraag centraal komt te staan in het debat. Nu nog weten tegenstanders dat proces te vertragen, maar mede door het besef dat niet handelen geen optie is wegens de aangekondigde dood van de democratie zullen op termijn alle politieke partijen hun eigenbelang ondergeschikt moeten maken om rechtsstaat en democratie te redden. Als ze dat willen. Als ze dat niet doen, dan treden ze bewust in de geesteshouding van de autoritaire staat.

Foto: Samenvatting van tussentijds rapport ‘Disinformation and ‘fake news’’ van de DCMS-commissie van het Britse parlement, 29 juli 2018.

Michael D’Antuono biedt met kunst weerstand in tijdperk Trump

leave a comment »

Beeldend kunstenaar en politiek activist Michael D’Antuono (‘the Norman Rockwell of the Resistance’) probeert met zijn kunst en publicitaire uitingen president Trump en de Republikeinse partij (GOP) te bestrijden. Want de kunstenaar is van mening dat president en partij zich misdragen en het belang van het land niet dienen. Dat gaat zelfs zover dat dissidenten als niet-patriottisch worden voorgesteld met de opzet ze tot zwijgen te brengen. Maar is het niet eerder andersom? Namelijk dat dissidenten de echte patriotten zijn die de politieke leiding van het land corrigeren omdat het afgedwaald is. Of enkele billboards met kritische voorstellingen van Trump en zijn medestanders het verschil maken valt te betwijfelen. De echte strijd wordt nu op verschillende fronten juridisch uitgevochten. Michael D’Antuono maakt indirect twee zaken duidelijk. Namelijk dat kunst als het wil er echt toe doet en dat strijdbaarheid en opkomen voor democratie en rechtsstaat hoe dan ook zinvol is. Of het nou loont of niet. Michael D’Antuono’s homepage Art and Response geeft achtergronden en details.

Marketing van Wierd Duk als merk heeft keerzijde. Ongerede beschuldigingen en een verlaagd besef van wederkerigheid

leave a comment »

Tim Engelbart van DDS neemt in het artikelWierd Duk over Jalta-bobo’s Joshua Livestro en Ewout Klei: ‘Zij legitimeren dat mensen mij doodskisten sturen!’’ de bij De Telegraaf werkzame journalist Wierd Duk in bescherming. Aanleiding is een interview met Duk in de Nieuwe Revu, wat al duidelijk maakt dat Duk zich vaak opiniërend in de media uitlaat. Die positionering gaat zijn journalistieke werkzaamheden te buiten. Duk suggereert door associatie dat zijn concurrenten op rechts Joshua Livestro en Ewout Klei mensen tegen hem ophitsen: ‘het is gelegitimeerd om voor Wierd Duk een doodskist te bestellen.’ Zo werken Engelbart en Duk aan het versterken van het merk Duk. Maar de gaten in hun betoog zijn grandioos en vragen om een reactie.

Zie ook het commentaar van 8 juni 2017: ‘Duk valt Livestro persoonlijk aan. Maar weerlegt radicaal-rechtse samenzweringsverhalen en racistische theorieën niet’.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelWierd Duk over Jalta-bobo’s Joshua Livestro en Ewout Klei: ‘Zij legitimeren dat mensen mij doodskisten sturen!’’ van Tim Engelbart voor DDS, 27 juli met schermafbeelding van eigen reactie.

Michael Cohen wil getuigen dat Trump wist van ontmoeting met Russen in Trump Tower in 2016. Dit is het bewijs van ‘collusion’

with 6 comments

Trumps voormalige fixer en raadsman Michael Cohen is bereid te getuigen dat Donald Trump vooraf wist van de gewraakte ontmoeting in 2016 in Trump Tower met onder meer een advocate die voor het Kremlin werkte. Trump en zijn zoon Don jr. hebben dat tot nu toe ontkend. Het zou gaan om belastende informatie (‘dirt’) over Hillary Clinton tegen wie Trump toen achterlag in de peilingen. Dit is het ‘smoking gun’ dat bewijst dat er sprake was van ‘collusion’ van Donald Trump met het Kremlin. Cohen is uit de gratie bij het Trump kamp en laat zich in zijn gedrag steeds meer kennen als John Dean die in 1973 getuigde als klokkenluider tegen president Nixon en meehielp aan diens val. Met als doel om de democratie en de rechtsstaat te redden, en zichzelf niet als een slechte, maar een goede burger te profileren. Cohen zegt hierover geen tapes te hebben.

Uit een ander bericht blijkt dat de Russische inlichtingendienst GRU net als in 2016 gewoon doorgaan zich met illegale acties actief met de Amerikaanse verkiezingen te bemoeien. De GRU zou geprobeerd hebben de Democratische senator Claire McCaskill te hacken, zoals Rachel Maddow in haar programma van 26 juli op een rijtje zette. Naast twee andere Democraten die nog ongenoemd zijn. Een en ander maakt via een omweg steeds waarschijnlijker wat president Putin en Trump naast gewone politieke beleidszaken hebben besproken in hun geheime gesprek van 16 juli in Helsinki. Dat zou goed kunnen gaan om te redden wat er te redden valt van een zinkend presidentschap van Trump en afspraken om dat met ondermijning van de speciale aanklager en de Democratisch partij te voorkomen. Maar dat lijkt te laat. Trump is continu in paniek en weet dat zijn politieke dagen als president zijn geteld als hij samen met het Kremlin die ondermijning niet door kan zetten.