George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Identiteitspolitiek

Als Democraten niet gaan samenwerken en gelederen sluiten, dan vergroten ze Trumps winstkansen in 2020. Oproep tot urgentie

with 7 comments

Het door de Russische overheid gefinancierde en gecontroleerde RT (voorheen Russia Today) speelt graag in op verdeeldheid in westerse landen. Of die verdeeldheid echt of vermeend is. Daarom besteedt RT aandacht aan gele hesjes, protesten tegen immigratie, de opkomst van extreem-rechts of in het recente verleden de rechtszaken tegen Chelsea Manning of Julian Assange. Nu is er sinds begin 2019 een nieuw heet hangijzer, namelijk het handjevol Democratische progressieve of radicaal-linkse vertegenwoordigers in het Huis van Afgevaardigden dat vanuit het perspectief van identiteit politiek meent te moeten bedrijven en daarbij in conflict komt met het leiderschap, vooral voorzitter Nance Pelosi. Maar de radicalen vormen een minderheid.

Realiteit is dat bij de tussentijdse verkiezingen in 2018 de winst van bijna 40 zetels door de Democraten werd behaald met gematigde kandidaten. Voor de Senaat probeert het leiderschap van de Democratische partij dit succesvolle scenario te herhalen door Amerikaanse helden te kandideren. De zelfverzekerde progressieven hebben veel volgers op sociale media en steun van linkse media. Ze kunnen niet vervreemd worden omdat de progressieve basis nodig is om Trump te verslaan. Hoewel de stemmen in Californië of New York niet van belang zijn voor de winst in het Electoral College dat in staten wordt beslist waar identiteitspolitiek relatief onbelangrijk is, maar ‘keukentafel’-onderwerpen als gezondheid of sociaal-economie de doorslag geven.

Dat alles zou geen bezwaar zijn als er geen president Trump was. Maar hij is er wel. Hoewel de peilingen tonen dat Trump in 2020 van alle belangrijke Democratische kandidaten verliest is een voorwaarde daarvoor dat de Democratische partij niet verdeeld raakt zodat een groot deel van de achterban niet gaat stemmen. Daar ligt de kans van Trump die kan rekenen op een trouwe achterban. Het gehakketak tussen Pelosi en de progressieve vrouwen is koren op de molen van Trump. Dat verzwakt de Democratische partij. Het is een kwestie van prioriteit. Zetten de Democraten eerst alles op alles om Trump met gematigde kandidaat als Joe Biden, Elizabeth Warren of Kamala Harris te verslaan en vechten ze daarna hun onderlinge strijd uit of doen ze dat tegelijk? Het risico van dat laatste is dat Trump de lachende derde is en zo een tweede termijn wint, het risico van het eerste is voor de progressieven dat hun momentum voorbijgaat en ze ingekapseld raken.

Men zou hopen op een wapenstilstand waarin de Democraten tot november 2020 collectief alle energie aanwenden om Trump te verslaan met een belofte voor de progressieve vleugel dat belangrijke wensen van hun politieke programma (immigratie/grens, omslag in klimaatbeleid en interne democratie in eigen partij) ingewilligd worden. Voorwaarde is dat het politieke debat binnenskamers blijft en Trump niet kan dienen.

Een citaat uit een artikel van George Chesterton over culturele toe-eigening raakt de kern: ‘It feels as if progressives are winning the culture war but losing the political one, in which power increasingly rests with an activated right’. Het winnen van de culturele oorlog in de publieke opinie of op sociale media is waardeloos als tegelijk de politieke oorlog wordt verloren. Daar worden wetten gemaakt en besluiten genomen die de levens van de burgers bepalen die ze economisch afhankelijk maakt. Hoe zinvol is het om de strijd over cultuur en identiteit te winnen als men de strijd om de productiemiddelen, productieverhoudingen en politiek verliest?

Verder doordenkend, is de cultuurstrijd geen vette wortel die progressieven als afleiding wordt voorgehouden en waarin ze gretig bijten zonder dat ze ten volle beseffen dat ze ermee vooral de tegenstander dienen van wie ze het minste te verwachten hebben? In twee tweets stemde ik in met de observatie van Jon Favreau:

Foto: Tweet van acteur en regisseur Jon Favreau, 13 juli 2019 en mijn reactie van 14 juli 2019.

Advertenties

Zinloze wedstrijd over identiteitspolitiek tussen een homo-activist en een conservatieve christen: Megan Rapinoe vs. Jerry Newcombe

leave a comment »

Voetbal. Volgens velen de belangrijkste bijzaak in het leven. Wie afgelopen weken de media volgde moet concluderen dat voetbal eerder hoofdzaak is. Aan de hand van het Wereldkampioenschap in Frankrijk werd heel wat afgeanalyseerd, om niet te zeggen afgekletst. Iedereen lijkt er eigen wensen, verwachtingen en voorwaarden op te projecteren. Miljoenen spreekwoordelijke bondscoaches staan opgewonden langs de lijn.

Veelzeggend is de opstelling van de mede-aanvoerder van de ploeg van de VS Megan Rapinoe. Zij laat zich behoorlijk gelden in de publiciteit. Wat ze zegt blinkt vaker uit door politiek activisme dan door logica. In het artikelThe Era of the Ungrateful American’ op ChristianHeadlines valt de voor de evangelistische D. James Kennedy Ministries werkzame Jerry Newcombe Rapinoe aan en claimt dat ze ondankbaar is jegens haar land en de Heer van het Christendom. Dat is ook weer teveel van het goede. Mijn reactie op ChristianHeadlines:

Een tweet van Megan Rapinoe waar ik mede bovenstaande reactie op baseerde, plus mijn antwoord:

Foto’s 1 en 2: Schermafbeelding van delen van artikelThe Era of the Ungrateful American’ van Jerry Newcombe op ChristianHeadlines, 4 juli 2019.

Foto 3: Tweet van Megan Rapinoe en eigen antwoord, 8 juli 2019 (Nederlandse tijd).

Democratische presidentskandidaten debatteren met en tegen elkaar. Het risico bestaat dat de radicalisering te ver doorschiet

with 2 comments

Gisteren was het eerste debat tussen de presidentskandidaten van de Democratische partij. Het brede veld van zo’n 20 kandidaten was opgedeeld in tweeën. Vanavond is het tweede debat met de resterende tien kandidaten. In het eerste debat was Elizabeth Warren de koploper. Zij voldeed aan de verwachtingen. In het tweede debat zijn er meer koplopers, te weten de leider in de peilingen Joe Biden, Bernie Sanders, ‘Mayor’ Pete Buttigieg en Kamala Harris. Joe Biden is tot nu toe slechts mondjesmaat opgetreden in de media. Trumps aanvallen op Biden hebben diens positie verstevigd. Ze voeden de suggestie dat Trump bang is voor Biden die de werkende klasse in de oude Westelijke industriestaten voor zich kan winnen. Trump met zijn constante 43% steun kan alleen winnen als de onafhankelijke en Democratische kiezers niet naar de stembus komen.

Een wetmatigheid van campagnes is dat partijen radicaliseren. De Republikeinen trekken naar rechts en de Democraten naar links. In absolute en relatieve zin zijn beide partijen sinds het midden van de jaren 1960 niet meer zo geradicaliseerd geweest. Na de campagne trekken dan de kandidaten weer naar het centrum om zoveel mogelijk kiezers te trekken, maar kunnen radicale of zelfs controversiële uitspraken uit de campagne de genomineerden blijven achtervolgen. Hoewel dat voor Trump en Biden niet lijkt te gelden. Kansloze kandidaten kunnen straffeloos zeggen wat ze willen en de vuurtjes opstoken, maar voor serieuze kandidaten die kans maken om presidentskandidaat te worden is dat lastig omdat ze hier niet in mee kunnen gaan.

Vertegenwoordiger Tim Ryan uit Ohio was de meest gematigde deelnemer aan het eerste debat. Hij verwijst in het gesprek met Stephanie Ruhle naar de Democratische senator voor Ohio Sherrod Brown. Eveneens een gematigde politicus. In politieke zin is Ryan de stand-in voor Brown die naar teleurstelling van velen besloot om zich niet in de race te begeven. Koploper Joe Biden met roots in zowel Delaware als Pennsylvania is ook een gematigde kandidaat. Hij is afgelopen weken onder vuur genomen door onder meer senator Cory Booker omdat hij badinerend gesproken zou hebben over samenwerking met Republikeinse hardliners die hem ooit ’son’ noemden. Vele oudere, Democratische politici namen het vervolgens voor Biden op. Hoewel onhandig opereren nog geen racisme is, kan het wel voor problemen zorgen, zoals de ‘flapuit’ Biden ondervond.

De opdracht voor de Democraten is om president Trump te verslaan. Dat lijkt gezien de peilingen een fluitje van een cent. Want de koplopers Biden, Warren, Sanders, Buttigieg, Harris en Booker winnen op dit moment allen ruim van Trump. Maar de vraag is wat die peilingen waard zijn. Daarnaast worstelt de Democratische partij met een radicalisering die ongekend is en de partij electoraal kan schaden in de swing states waar de werkende klasse de doorslag geeft. Die koopt niks voor identiteitspolitiek die het in de kuststaten California en New York zo goed doet. Evenmin is de ‘impeachment’ van Trump er een populair onderwerp. Dat gevaar zien de voorzitter van het Huis Nancy Pelosi en Joe Biden. Achter de schermen proberen ze de radicalisering terug te dringen, maar de vraag is of de dynamiek tussen 20 zich profilerende kandidaten te beteugelen valt.

In het eerste debat werd niet op (de afwezige) Biden ingehakt. Maar anderzijds kwam Ryan niet ver met zijn oproep tot matiging. Ook Trump werd niet aangevallen, en daar hadden de ‘pundits’ weer commentaar op. Mogelijk kunnen ze leren van de succesvolle campagne voor het burgemeesterschap van Istanboel van Ekrem İmamoğlu die president Erdogan in zijn campagne negeerde en zich bewust, direct richtte op zijn achterban. Dat lijkt ook de beste tactiek voor de campagne van de Democraten die de Trump-cult niet willen voeden.

Er wordt vol belangstelling naar uitgekeken hoe Biden het vanavond in het tweede debat doet. De verwachting is dat hij terughoudend en verdedigend opereert. Vooral belangrijk om te zien is hoe senator Kamala Harris zich opstelt. Ze wordt gezien als de gedoodverfde kandidaat voor vice-president onder Biden. Is daarover een stilzwijgende overeenkomst gesloten of liggen nog alle opties open? Het succesvol opereren van Elizabeth Warren en haar gestage opmars in de peilingen maakt het er voor de ticket Biden-Harris niet makkelijk op.

Saatchi Gallery bedekt twee kunstwerken na klachten van moslims

leave a comment »

Identiteitspolitiek en kunst, het bestaat en is nooit ver weg. Zoals identiteitspolitiek in de samenleving bestaat en groepen de kans biedt om zich op een tamelijk simpele wijze te profileren door sociaal protest. Het is een zee om te drinken. Deze keer zijn het moslims die zich onrecht aangedaan voelen door de presentatie van twee schilderijen van kunstenaar SKU in de Londense Saatchi Gallery. Hoeveel moslims hebben geprotesteerd is onduidelijk. Beide schilderijen zouden in de visie van deze bezoekers godslasterlijk zijn. The Guardian geeft de details in een artikel. De twee schilderijen op de tentoonstelling Rainbow Scenes in de Saatchi Gallery zijn nu op initiatief van SKU met een doek toegedekt. Alsof het om kunst gaat die het daglicht niet mag zien, maar er tegelijk een debat kan ontstaan over de grenzen aan de vrijheid van expressie. De presentatie is overigens afgelopen zondag geëindigd, zodat het ook de vraag is wie op welke manier eigenlijk de publiciteit bespeelt.

Het is mogelijk dat het protest terugslaat op de protesterende moslims die dit weliswaar welgemeend bedoelen vanuit hun religieuze perspectief, maar zich toch van een onbuigzame kant laten zien door zich deze presentatie in een half-besloten kunstgalerie die ze links kunnen laten liggen toe te willen eigenen.

Foto 1: Toelichting van de Saatchi Gallery bij de tentoonstelling ‘Rainbow Scenes by SKU’ met een afbeelding van een van de twee gewraakte schilderijen.

Foto 2: Schermafbeelding van deel artikelSaatchi Gallery covers up SKU artworks after complaints by Muslims’ in The Sunday Times, 5 mei 2019 (betaalmuur).

Zie hier de werken van SKU volgens opgave van de Saatchi Gallery voor de tentoonstelling ‘Rainbow Scenes’.

Subcultuur DDS steunt subcultuur van alt-right en Thierry Baudet. Met pseudo-christendom. Alle remmen los in aanval op Henk Otten

with 7 comments

Het rommelt in Forum voor Democratie. Er is een strijd gaande om de macht, de politieke richting en de partijcultuur met als de hoofdrolspelers partijleider Thierry Baudet en een van de mede-oprichters en beoogd fractievoorzitter in de Eerste Kamer Henk Otten. In een interview in NRC met de titel ‘Tweede man van Forum Henk Otten: ‘Baudet trekt de partij te veel naar rechts’’ bond Otten de kat de bel aan. Dat lijkt hem door Baudet en diens vertrouwelingen niet in dank te worden aangenomen. Otten wordt naar de zijlijn gedrongen, maar lijkt terug te vechten in het gevecht om de ziel van de partij. En ook in het gevecht om zijn eigen positie.

De Dagelijkse Standaard (DDS) die zoveel alt-right retoriek en steun aan Baudet in haar kolommen stopt, ging in een opinie-artikel van 22 april van Michael van der Galien in op Ottens kritiek dat Baudet in 2017 ineens ‘een christelijke kant‘ opging. Otten antwoordt daarop: ‘Maar ik wil politiek los zien van geloof’. Dat is een positie die past binnen de traditie van de Nederlandse politiek van voor het tijdperk van de identiteitspolitiek en de doorbraak in 2016 van de alt-right subcultuur in de VS. DDS geeft Ottens woorden verkeerd weer en noemt hem een ‘christendom-hater’ en ‘weg-met-ons-fanatiekeling’. Dat is van dik hout zaagt men planken en zo onnauwkeurig en onzorgvuldig afgeleid uit wat Otten zegt, dat hiermee DDS vooral zichzelf te kijk zet. Het is altijd een plezier om DDS te lezen omdat het zo sterk raakt aan de absurditeit en de stompzinnigheid, en in het kritiekloos ophemelen van de eigen helden een hoog niveau bereikt. Mijn reactie bij het artikel:

De opstelling van Henk Otten is begrijpelijk en goed verdedigbaar. Hij keert zich niet tegen het christendom of de (vermeend) joods-christelijke cultuur, maar tegen het vermengen van politiek en religie. Dat past in de traditie van scheiding van kerk en staat.

Otten wijst het gebruiken van het christendom, of religie in algemene zin in de politiek af. De reactie van Teunis Dokter slaat daarom de plank mis. Otten keert zich niet tegen het christendom of ‘de christelijke cultuur’ (?), maar tegen het misbruik van religie in de politiek.

Otten neemt ook afstand van identiteitspolitiek die om politieke redenen een religieuze identiteit construeert. Een voorbeeld daarvan is president Trump die zijn achterban van vooral witte evangelicals op een sekte-achtige wijze met christelijke retoriek bedient, maar over wie het de vraag is of hij wel een christelijke overtuiging of levenswandel heeft. De kritiek op Trump en opinieleiders uit de alt-right beweging is dat hun identiteitspolitiek en pleidooi voor het christendom oppervlakkig en niet gemeend is en vooral politieke marketing om electorale redenen is.

Baudet handelt omgekeerd aan Buma, Segers of Van der Staay. Waar christelijke politici terughoudend zijn in de verwijzing naar het christendom, zijn politici van niet-christelijke partijen (PVV, FvD) minder terughoudend. Dat is merkwaardig.

De paradox is dat de politici van de christelijke partijen CDA, CU en SGP in de praktische politiek terughoudender zijn in het gebruik van christelijke retoriek dan Baudet. Zij beseffen het gevaar hoe hun geloof politiek kan worden misbruikt en beschadigd. Zij hebben in de praktische politiek door schade en schande geleerd dat als ze met andere partijen iets willen bereiken het averechts werkt door zich te beroepen op hun religieuze gedachtegoed. Ze weten dat ze moeten schakelen naar een ideologisch neutraal terrein om tot overleg te komen. Baudet redeneert echter niet vanuit het belang van het christendom, maar vanuit zijn politieke profilering.

Het is onduidelijk hoever Otten nadenkt. Het lijkt er sterk op zoals hij in het interview in NRC zei dat hij de koers van Baudet te rechts-radicaal, te populistisch, te Angelsaksisch en te negatief vindt waar het de terminologie over ondergangsfantasieën en de pessimistische kijk op de westerse geschiedenis en Europa betreft.

Uiteindelijk gaat het erom of Forum voor Democratie binnen de eigen gelederen ruimte geeft aan tegenspraak of niet. De keuze is aan Forum om het beginsel van interne democratie en een zekere mate van pluriformiteit te omarmen of af te wijzen. Dat vergt goed nadenken en manoeuvreren van de partijleiding. De schrikbeelden zijn de anarchistisch LPF die met ruzie uit elkaar viel, maar ook de dirigistische SP of PVV die in de praktijk geen interne democratie kennen en daar nu de wrange vruchten van plukken: achteruitgang door stilstand.

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelHenk Otten is een weg-met-ons D66’er: “Als je nog een keer over het christendom begint dan stap ik op”’ van Michael van der Galien op DDS, 22 april 2019.

Foto 2: Schermafbeelding van deel interviewTweede man van Forum Henk Otten: ‘Baudet trekt de partij te veel naar rechts’’ van Petra de Koning en Philip de Witt Wijnen in NRC, 19 april 2019.

Voor- en nadelen van het Kennedy-model voor de Democratische partij: Beto en Buttigieg

leave a comment »

In een artikel voor Politico gaat Peter Canellos in op de strijd om de nominatie bij de Democraten. Het leest als analyse, maar ook als aanbeveling van een bepaald type kandidaat. Vele presidentskandidaten lopen zich warm om het in 2020 op te nemen tegen president Trump die waarschijnlijk de Republikeinse kandidaat wordt. Onvoorziene omstandigheden daargelaten. Canellos zoomt in op de kandidaten Beto O’Rourke en Pete Buttigieg die er volgens hem alles aan doen om te suggereren dat in hen de geest van de Kennedy-dynastie herleeft. Ze zijn respectievelijk 46 en 37 jaar oud en betrekkelijke nieuwkomers. Dat kun je van de andere mededingers Bernie Sanders, Elizabeth Warren, Joe Biden, Amy Klobuchar of Kamala Harris niet zeggen.

JFK was in 1960 niet de meest linkse kandidaat en evenmin degene met de beste geloofsbrieven, maar hij wist wel het beste de hoop en dromen van het electoraat samen te vatten. Dat positivisme lijkt in 2020 het beste wapen tegen president Trump die verdeelt, fragmenteert, chaotisch opereert en geen hoop op een betere toekomst, maar ondergangsfantasieën biedt. Trumps droom is gitzwart en negatief. Het beslissende feit was dat JFK een jonge nieuwkomer was (toen 43), charisma en stijl had en zicht op een andere toekomst bood.

Volgens Canellos is het volgen van dit Kennedy-model de enige manier voor de Democraten om het Witte Huis te veroveren en hebben presidenten als Bill Clinton en Barack Obama zich daar ook aan gehouden: ‘Verre van een anachronisme te zijn, is de evangelische stijl van leiderschap van JFK nog steeds het krachtigste wapen van de Democraten. Die stijl is niet alleen een bewezen route naar het Witte Huis, maar is al meer dan een halve eeuw letterlijk de enige weg voor een Democraat om het Witte Huis te winnen.’ Dat is de reden dat ‘Beto’ en Buttigieg hun Kennedyheid benadrukken. Hun achtergrond maakt dat geloofwaardig zoals de auteur uitlegt. Overigens is dat model ook een gevangenschap waar Democratische kandidaten niet omheen kunnen.

Canellos wijst nog op een wetmatigheid die in Nederland ook voor GroenLinks geldt: ‘(..) kiezers houden van democratische waarden en ambities, maar zijn doodsbang voor democratische wetgeving. Kennedy’s vaagheid ten aanzien van beleid was net zo belangrijk voor zijn succes als zijn precisie in het formuleren van de uitdagingen van de jaren ’60.’ In Nederland lijkt dat op dit moment door de opstand van onderop tegen het klimaatakkoord aan de orde te zijn. Dat moet de strategen van GroenLinks te denken geven. Hun waarden en ambities vinden optimale steun zolang die niet omgezet worden in wetgeving. Om dit in de beeldvorming te benadrukken moet Jesse Klaver zich tegelijk machtig en onmachtig tonen. Dat is onmogelijk. Het risico is dat hij een achterhaalde belofte wordt die door zijn opponenten kan worden afgedaan als een snotneus.

In de Democratische partij zijn vaandeldragers van de linkse vleugel als de afgevaardigden Alexandria Ocasio-Cortez en Ilhan Omar opgekomen na de tussentijdse verkiezingen van 2018 waar trouwens de gematigde, Democratische kandidaten het meeste succes boekten. In de partij is de spanning tussen de gematigde en linkse vleugel toegenomen. Huisvoorzitter Nancy Pelosi probeert daar vaardig mee om te gaan door de progressieven wat ruimte te geven, maar de partij te laten blijven focussen op het hoofddoel: het behoud van de meerderheid en die zelfs te veroveren in de Senaat, en het verslaan van Trump met een programma dat aanvaardbaar is voor kiezers in het centrum. Het is de vraag of Pelosi steun of last heeft van interventies van politici als oud-president Obama die meent te moeten waarschuwen tegen de starheid van de linkse vleugel.

De les van de in 2016 falende kandidate Hillary Clinton was dat ze zo op het eerste oog drie nadelen had: 1) geen nieuwkomer, maar onderdeel van het politieke establishment waar de kiezers op uitgekeken waren; 2) sociaal-economisch een centrumkandidaat die sterk leunde tegen het establishment van Wall Street wat ze met een progressieve identiteitspolitiek (vrouw!) vergeefs en potsierlijk probeerde te neutraliseren; 3) geen ontspannen stijl, geen charisma en geen persoon die door de kiezers in het midden iets gegund werd.

‘Beto’ staat bekend als een gematigde kandidaat die zich probeert te onttrekken aan de radicalisering van beide grote partijen. Wat trouwens niet wil zeggen dat hij zich tot kandidaat van het bedrijfsleven laat maken zoals Hillary Clinton. Buttigieg stelt zich eerder progressief op en volgt als openlijke homoseksueel deels de linkse identiteitspolitiek. Volgens het model dat Canellos schetst lijkt ‘Beto’ voor 2020 dan ook beter in het patroon te passen van een kandidaat die met stijl, charisma en het levendig houden van het dromen over een betere toekomst en een redelijk vaag, maar net concreet genoeg politiek programma de strijd tegen Trump kan winnen. Ofschoon Canellos die conclusie niet trekt. De linkse vleugel moet uiteraard niets hebben van de charismatische mannetjesmakerij van ‘Beto’ die ten koste gaat van partijprogramma en -organisatie. De paradox is dat juist iemand als Alexandria Ocasio-Cortez haar charisma en stijl inzet om haar linkse politiek te realiseren. Het valt niet in te zien waarom een gematigde kandidaat dat niet evengoed zou kunnen doen.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelWhy Beto and Buttigieg Pretend to Be Kennedys; Decades after JFK and RFK were killed, the family’s political style remains the Democratic Party’s only winning path to the White House’ van Peter Canellos op Politico, 7 april 2019.

Hoe uitsluitend is de tegenstelling tussen identiteitspolitiek en sociaal-economische politiek? Vraag én antwoord aan Ian Buruma

with 2 comments

Reactie op het artikelDemocraten, zoek het redelijke midden’ van Ian Buruma in de NRC van 8 november:

Mee eens dat in het centrum de meeste stemmen zijn te halen voor de Democraten. Dat wezen de tussentijdse verkiezingen uit, waar gematigde kandidaten het het beste deden. Velen zien daarin voor 2020 een goede uitgangspositie voor voormalig vice-president Joe Biden. Dat is niet het hele verhaal. Ian Buruma beperkt zich tot de tegenstelling radicaal-gematigd en gaat niet in op andere tegenstellingen die erop van invloed zijn.

Het verwijt dat Democratische congresleiders als Nancy Pelosi en Chuck Schumer treft is dat ze ‘corporate’ zijn. Hillary Clinton die met haar januskop van linksig lullen en rechts vullen bij velen haar geloofwaardigheid verspeelde is daar het treffende voorbeeld van. Deze Democraten zitten in het ergste geval in de zak van het bedrijfsleven of schurken daar op z’n minst tegen aan. In dit verband is het veelzeggend dat de grootste Democratische sponsor Tom Speyer die zich kan meten met Republikeinse sponsors als Sheldon Adelson en de Koch broers zich niet alleen ziet als ‘kingmaker’, maar ook zelf ambities heeft om presidentskandidaat te worden in 2020. Hetzelfde schijnt te gelden voor Mike Bloomberg. Dit tekent de gebreken van het politieke bestel van de VS, namelijk de allesbepalende macht van het grote geld en miljardairs die de politiek opkopen. De financiering gaat via zogenaamde ‘Super PACs’ die nauwelijks aan voorwaarden zijn gebonden en sinds 2010 door enkele gerechtelijke uitspraken almachtig zijn en het politieke systeem in bezit hebben genomen.

Buruma neemt niet in overweging dat identiteitspolitiek van radicaal-links ook een antwoord is op de macht van het grote geld binnen de Democratische partij. Ofwel, identiteitspolitiek is meer dan identiteitspolitiek. De allesbepalende rol van sponsors als Steyer en Bloomberg trekt de partij naar rechts omdat deze miljardairs met hun economische belangen de status quo verdedigen. Identiteitspolitiek valt daarom op te vatten als een reactie uit machteloosheid én een afleiding. Want wie beseft geen invloed te hebben op sociaal-economische factoren als inkomensverschillen en machts- en eigendomsverhoudingen omdat dat voorbehouden is aan het bedrijfsleven en rijke sponsors die op een hoger politiek niveau opereren kiest uit chagrijn en opstandigheid eieren voor z’n geld in de wel toegestane en haalbare invloed op de sociaal-culturele identiteitspolitiek. Als het niet voor zichzelf is als witte man, dan voor anderen met wie men zich identificeert. De macht gebruikt die identiteitspolitiek als afleiding en uitlaatklep om het debat over sociaal-economische aspecten te blokkeren.

De aan de Democratische partij gelieerde ‘onafhankelijke’ Senator Bernie Sanders die door de ‘corporate’ Democraten niet echt wordt vertrouwd, laat staan in het hart wordt gesloten, probeert de sociaal-economische en sociaal-culturele aspecten te integreren. Vanwege de focus en achtergrond van zijn supporters kan hij niet om de identiteitspolitiek heen en is dat trouwens ook een prima middel om kiezers mentaal aan hem te binden. Maar de hoofdzaak voor Sanders is de verandering van sociaal-economische aspecten. In de zin dat de VS egalitairder wordt in de aloude traditie van de Europese sociaal-democratie. Veelzeggend is dat de ‘Britse’ broer van Bernie, Larry Sanders in 2001 de Labour partij verliet omdat die volgens hem onder Tony Blair te ver naar rechts ging. Lees: te dicht tegen het bedrijfsleven aanschurkte. Dat is ook de overtuiging van Sanders en progressieve Democraten als Senator Elizabeth Warren of Keith Ellison.

De identiteitspolitiek van radicaal-linkse kandidaten als Alexandria Ocasio-Cortez die zich in de hemisfeer van Sanders bevinden kan opgevat worden als meer dan identiteitspolitiek alleen. Hoewel ze dat zelf niet in het openbaar toegeven. Het is ook de beschermende laag om harde sociaal-economisch aspecten door de maag te krijgen en in het organisme te laten belanden. Identiteitspolitiek hoeft geen doel op zichzelf te zijn en staat in sommige gevallen wel, maar in andere gevallen geenszins haaks op gematigde politiek. Daarom kan op termijn identiteitspolitiek die deels ontstaat uit machteloosheid en deels uit berekening, samengaan met een gematigd sociaal-economisch programma dat probeert in te breken in een dichtgetimmerd politiek bestel waarin de ‘gewone burgers’ op de belangrijkste sociaal-economische aspecten zijn buitengesloten.

Identiteitspolitiek is voor links-radicalen binnen de Democratische partij nu het enige beschikbare middel om via een omweg de partij te bevrijden uit de greep van centrum-rechtse, ‘corporate’ Democraten die vanuit een oogpunt van camouflage en afleiding zich eveneens -weliswaar halfslachtig en onoprecht- omhullen met de mantel van de identiteitspolitiek. Het is aan het toekomstige leiderschap van de Democratische partij om het middel (identiteitspolitiek) te scheiden van het doel (sociaal-economische gelijkheid). Hoewel emancipatie van minderheden op zichzelf een doel is dat gezien de lastige politieke situatie echter beter op een indirecte en minder polariserende wijze bereikt kan worden door vol in te zetten op de verbetering van de economische positie (zorg, arbeidsmarkt, belastingsysteem, onderwijs, huisvesting) van alle burgers. Links én rechts.

Identiteitspolitiek gaat niet uitsluitend om emancipatie van individuen, maar betreft als hoogste doel ook de emancipatie van de samenleving. Dat laatste is zwaarwegender. Het zal binnen afzienbare tijd niet lukken om dat te realiseren omdat nooit iemand vrijwillig macht opgeeft. Sociaal-culturele identiteitspolitiek van individuen zal daarom voorlopig nog blijven bestaan als afleiding voor machtigen en als uitlaatklep voor onmachtigen. Datzelfde geldt ook voor radicaal-rechts. Laten we hoe dan ook beseffen dat identiteitspolitiek niet altijd is wat het lijkt en best kan dienen om het redelijke midden te bereiken. Dat nu voor burgers via eigen actie onbereikbaar is door een gecorrumpeerd politiek systeem. Als het bereiken ervan niet via de kortste en in beginsel de meeste eigenlijke weg kan, loopt het via de omweg van de identiteitspolitiek.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelDemocraten, zoek het redelijke midden’ van Ian Buruma in NRC, 8 november 2018.