El baión met Silvana Mangano

Dit stukje verscheen eerder op George Knight Kort op 15 juni 2012. Licht gewijzigd.

In Anna van Alberto Lattuada danst Silvana Mangano de nieuwe beat, el nuevo compás van 1951. Flo Sandon dubt de zang. El baión wordt een populair nummer in Spanje en Italië. De Spaanse tekst gaat over een grappenmaker, een zwarte zumbón die vrolijk de Braziliaanse baión danst, de zambomba  bespeelt en een vrouw aanspreekt:

Ya viene el negro zumbón
Bailando alegre baión
Repica la zambomba
Y llama a la mujer
Tengo gana de bailar el nuevo compás
Dicen todos cuando me ven pasar
“¿Chica, dónde vas?”
“¡Me voy a bailar, el baión!”

Hoes van een elpee met muziek van de film Anna, Amerikaanse editie van MGM.

Vanwege de verkoop vervangt de Amerikaanse markt de onbekende baión door de goed in de markt liggende rhumba. 

Nanni Moretti brengt in Caro Diario (1993) de ultieme ode aan Silvana Mangano. Kort daarvoor was ze overleden. Mogelijk kende hij de song zowel als citaat uit Cinema Paradiso (1988) van Giuseppe Tornatore (als in Anna met spanning tussen kerk en wereld) als uit het culturele geheugen van Italië:

Parlami d’amore Mariù (1932)

Dit stukje verscheen eerder op George Knight Kort op 24 maart 2012. Licht gewijzigd.

Vittorio de Sica (1901-1974) zingt Parlami d’amore Mariù van componist Cesare Andrea Bixio en tekstdichter Ennio Neri. Het liefdeslied voor Mariù klinkt op een pianolo in een taveerne aan het Comomeer in Gli uomini che mascalzoni (1932) van Mario Camerini. Mannen zijn schurken zegt de titel. De komedie in documentaire stijl gefilmd in Milaan en omgeving wordt soms als de eerste neorealistische film opgevat.

Vittorio de Sica (als Bruno) en Lia Franca (als Mariuccia) in Gli uomini che mascalzoni (1932).

In 1932 is de geluidsfilm nieuw. Het lied is het Leitmotiv in de film en wordt een internationale hit. Engelse (Lily Pons) en Zweedse (Zarah Leander) versies verschijnen. 

Het Franse Le chaland qui passe van tekstdichter André de Badet is een bewerking die tekst en Napolitaanse stijl omgooit. Lys Gauty zingt het in 1933. Onderwerp is het binnenschip. Jean Vigo is zo onder de indruk dat hij zijn meesterwerk L’Atalante doopt. Die film is weer een voorbeeld die leidt tot navolging, onder meer in Young Adam uit 2003.

Mariù wordt nog steeds aanbeden. In allerlei bewerkingen. De Milanese jazzpianist Stefano Bollani brengt een ode aan zijn jeugd en aan De Sica, Camerini en Bixio. En aan de liefde.

Parlami d’amore, Mariù!
Tutta la mia vita sei tu!
Gli occhi tuoi belli brillano
Come due stelle scintillano!
Dimmi che illusione non è,
Dimmi che sei tutta per me!
Qui sul tuo cuor non soffro più:
Parlami d’amore, Mariù. 

Onderworpen aan cinema

Dit stukje verscheen eerder op George Knight Kort op 14 juni 2011.

Mark Khaisman, Tapeworks, 2009.

Kunst en film leven in wisselwerking. Ze beïnvloeden elkaar. Met verpakkingstape maakt Mark Khaisman films. Een in de VS wonende Oekraïner. I have you right where I wanted you klinkt uit de film-noir Pick Up On South StreetKhaisman plakt lagen bruin tape op Plexiglas-panelen die worden belicht. Hij benadert de vorm en inhoud van film.

Ulisse Caputo, In the cinema theatre, (ws: 1925-1930), C Simonis & Buunk.

Ulisse Caputo en Edward Hopper zetten de suggestie van film direct op doek. Caputo benadrukt het samenzijn van mensen en Hopper de isolatie. Hopper gooit zoals vaak de eenzaamheid recht in ons gezicht. Vierkant formaat en zwart-wit van de fotografie plus de theatrale inrichting van de bioscoop vormen onze knipoog naar het verleden.

Verbeelding van modern leven oogt snel ouderwets. Een oerbeeld valt enkele decennia later door de mand omdat de vorm niet meer klopt. De variant is uit de tijd en prijst niet langer de moderniteit aan. Het ene medium sleept het andere mee. Mark Khaisman zoekt ogenschijnlijk andere doelen omdat zijn samenspel al in de eigen tijd terugwijst.

Edward Hopper, New York Movie, 1939. 

Opkrassen met Laurel en Hardy

Dit stukje verscheen eerder op George Knight Kort op 8 juni 2011.

Stan Laurel, Oliver Hardy, Vivien Oakland en Richard Cramer in Scram!.

Nederland komt voor op een lijst met verboden films. Met Scram! uit 1932. Een film van Ray McCarey met Stan Laurel en Oliver Hardy. Volgens Thomas Leeflang werd de film door moraalridders  verboden omdat de scène waarin het duo met een vrouw op bed zit onfatsoenlijk is. De still leert dat het nog erger is. Het duo ligt met een vrouw op bed. Vivien Oakland lijkt zich in de rol van mevrouw Beaumont overigens fatsoenlijk te amuseren.

Veel films op de lijst zijn verboden vanwege geweld, Texas Chain Saw Massacre, blasfemie, Life of Brian of sex, Last Tango in Paris. Waarbij alleen films uit het reguliere circuit de lijst halen. Nederland mag trots zijn dat het op de lijst voorkomt met een komische film.

Een verbod dient soms om aandacht op een film te vestigen. Producenten hopen dat hun film die verboden lijkt maar niet verboden wordt, zich onderscheidt. Bij The Human Centipede 2 wordt het verbod tot kenmerk. Ons gevoel voor humor heeft wat te stellen met de cinema die half kunst en half commercie is. Vaak wint de zakelijke helft.

Hitchcock als ultieme MacGuffin

Dit stukje verscheen eerder op George Knight Kort op 6 juni 2011. Licht gewijzigd.

Eind jaren 1950 is Hitchcock immens populair door zijn serie korte verhalen Alfred Hitchcock Presents. De openingstitels veranderen met de jaren maar Hitchcocks silhouet en Charles Gounod’s muziek Marche funèbre d’une marionnette blijven hetzelfde.

Alfred Hitchcock hield van koele blonde dames als Grace Kelly, Kim Novak en Tippi Hedren en van de glimprol, de cameo. In 39 van zijn 52 films betreedt hij een bus of trein, loopt over straat of zit aan tafel. Zijn korte verschijning blijf niet onopgemerkt. Zo’n handtekening trekt de aandacht. Het bouwt bij de toeschouwer ook verwachting op die afleidt van het verhaal. Een reden om de cameo aan het begin te zetten.

Alfred Hitchcock als cameo in North by Northwest

De ene bus is de andere niet. Stadsbus of streekbus, VS of Zuid-Frankrijk, North by Northwest of To Catch a Thief, 1959 of 1955. Maar in beide films is Cary Grant op de vlucht. Voor de spreekwoordelijke MacGuffin. Onbelangrijk wat het is, het houdt het verhaal gaande. Het verstoort een evenwicht en zet de boel in beweging. Alfred Hitchcock als cameo is de ultieme MacGuffin. Onbelangrijk en onmisbaar tegelijk.

Cary Grant en Alfred Hitchcock als cameo in To Catch a Thief

Tragische held: Krzysztof Komeda

Dit stukje verscheen eerder op George Knight Kort op 30 juli 2011. Licht gewijzigd.

Nóż w wodzie (Mes in het Water) dateert van 1962. De eerste lange speelfilm van Roman Polanski en de zevende voor pianist en componist Krzysztof Komeda (1931-1969). Als gevolg van een ongeluk overlijdt hij te vroeg. In kleine kring is zijn roem gevestigd. Buiten Polen lijkt deze cult held vergeten. Of het moet zijn voor de muziek van Rosemary’s Baby.

Onder het communisme verkende Krzysztof Komeda de grenzen aan de vrijheid. Hij had het geluk dat Chroestjovs destalinisatie gelijk opging met zijn loopbaan die op het 1ste Jazzfestival van Sopot 1956 van start ging. Met een Gerry Mulligan-achtig kwintet. Of Lars Gullin? In elk geval klinkt er een echo van vrijheid die toentertijd gretig werd ontvangen.

Met Astigmatic werkt Komeda in 1965 de muziek van John Coltrane en Ornette Coleman uit. Een Europese variant die door de montage van versnellen en vervagen filmisch en energiek overkomt. Tomasz Stanko en Bernt Rosengren houden Krzysztof Komeda in de dood levend. Met een ode die wel en niet nostalgisch is: zowel eindpunt als vertrekpunt.

Futurama

Dit stukje verscheen eerder op George Knight Kort op 30 mei 2011.

De toekomst van de New York World Fair van 1939 is Wonderworld 1960. Oude horizons openen wegen naar een nieuwe horizon. Naar een betere en veilige wereld vol schoonheid. Utopia kent geen nadelen.

Opportunities, da’s vooruitgang: telefoon, electrisch licht, auto’s en vliegtuigen als symbolen van beter leven. General Motors ziet overal highways en kruisingen. Wat kan moet gerealiseerd worden. The Great American Way.

Norman Bel Geddes ontwerpt voor het paviljoen van General Motors een kruising in de stad van de toekomst. Bezoekers lopen in hun eigen toekomst. Ontwerp is toekomst, en toekomst is ontwerp. Maar de Tweede Wereldoorlog gooit roet in het eten en 1960 kan het schudden.

Detail van Futurama tentoonstelling op de New York World Fair 1939-40, met een kruising van de Stad van Morgen.

De korte film To New Horizons (1940) werd gemaakt in opdracht van General Motors.

Things to Come (1936)

Dit stukje verscheen eerder op George Knight Kort op 7 januari 2012. Licht gewijzigd.

De Britse science-fiction film Things to Come blinkt uit in ontwerp. Geen wonder omdat de beroemde set-designer William Cameron Menzies (1896-1957) de regisseur is. Kunstenaars Fernand Léger en László Moholy-Nagy en architect Le Corbusier werken mee. Producent is de Britse tycoon Alexander Korda. Rond die tijd ontwerpt Norman Bel Geddes op de New York World Fair voor het paviljoen van General Motors een kruising in de stad van de toekomst. De toekomst leeft.

Affiche voor Things to Come (1936). Credits: Heritage Auction Galleries.

De film toont optimisme en is gebaseerd op toekomstvisioenen van schrijver H.G. Wells die naar 2036 verwijzen. Wetenschap wordt positief beoordeeld in antwoord op Metropolis (1927) van Fritz Lang. Wat zien we? Dertig jaar slopende oorlog, honger en ziekte teistert Everytown. In de toekomst wordt de stad herbouwd en kondigt zich een tijdperk van vooruitgang aan. De dreigende ‘echte’ oorlog die in 1939 uitbreekt maakt de film niet tot een succes.

Set voor Things to Come (1936).

Such Sweet Thunder (1957/58)

Dit stukje verscheen op George Knight Kort op 26 mei 2011. Licht gewijzigd.

It! The Terror From Beyond Space van Edward L. Cahn, 1958. Het monster met Shirley Patterson.

Het monster werpt schaduwen. De film past in een Shakespeare-decor zonder details. Haaks op realisme. Uit het theater loopt een lijn van Henrik Ibsen, Adolphe AppiaGordon Craig en Norman Bel Geddes naar deze B-film. En de cinema voegt daar Duits Expressionisme en Film Noir aan toe. Belichting is ruimte. In vaktermen low-key lighting.

It! The Terror From Beyond Space wordt geproduceerd door United Artists. Weinig middelen en een snelle productie zijn het achterliggende idee. Deze genrefilm gaat nergens over, nou een soort Journey into Space dan. De Sprong in het Heelal kluistert volksstammen aan de radio.

In 1958 heerst in filmstudio’s nog vakmanschap dat de santekraam goed laat uitkomen. Shirley Patterson op de schouder van een Marsiaan. Om je dood te schrikken. Maar niet echt. In 1957 maakt Duke Ellington de op Shakespeare gebaseerde suite Such Sweet Thunder. Hoge en lage cultuur spelen haasje-over.

Estate Violenta en Temptation

Dit stukje verscheen eerder op George Knight Kort op 14 augustus 2011. Licht gewijzigd.

In Estate Violenta uit 1959 van de Italiaanse regisseur Valerio Zurlini klinkt tijdens een zomerse danspartij TemptationGezongen door Teddy Reno. De sfeer van verleiding in die gewelddadige zomer van 1943 wordt gevoelig getroffen. Jean-Louis Trintignant neemt als fascistische meeloper een voorschot op zijn rol in Il Conformista van 10 jaar later. Maar de ster is Eleonora Rossi Drago. Ze zou het als filmster nooit helemaal maken, ondanks optredens in films als Antonioni’s Le Amiche.

Jean-Louis Trintignant (links) en Eleonora Rossi Drago in Estate Violenta (1959) ofwel ‘Gewelddadige zomer’.

You came, I was alone
I should have known
You were temptation.

I’m just a slave, only a slave
to you, temptation
I’m your slave!

In Estate Violenta klinkt nog een verre echo van Bing Crosby die Tempation in 1933 naar bekendheid croont in Going Hollywood. Tegenover Marion Davies de protégé van William Randolph Hearst die Orson Welles inspireerde tot Citizen Kane. Het fragment lijkt voornamelijk het Koelesjov-effect te onderbouwen. Crosby legt het uit als een eerste poging om een lied in de stijl van een drama te maken. Monsterlijk raak.

Hier is op YouTube de volledige versie van Estate Violenta (1959) te zien.