George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘NRC

Ruil Tweede Pinksterdag in voor feestdag voor ‘ongebonden’ meerderheid. Remonstrantse theologen slaan de plank mis

with one comment

In een opinie-artikel in NRC van 31 mei 2017 pleitten drie remonstrantse theologen , en om Tweede Pinksterdag in te ruilen voor het Suikerfeest. Ze omschrijven zichzelf als verdraagzaam en op de bres voor vrijheid. Omdat deze drie theologen niet voorbij religie kijken is hun betoog eenzijdig. Het valt samen te vatten als verkokerd en navelstaarderig. Wat het er schrijnend op maakt is dat ze menen hun argumentatie op theologische argumenten te kunnen baseren. Ze zitten gevangen in theologisch denken zonder dat ze dit beseffen. Deze vooringenomenheid maakt hun betoog leerzaam als voorbeeld hoe het niet moet. Ze offreren een sigaar uit de doos van een ander en doen alsof het hun eigen sigaren zijn.

De drie remonstrantse theologen spelen ruimdenkendheid en grootmoedigheid, maar gaan voorbij aan de maatschappelijke verhoudingen. Want een kleine meerderheid van de Nederlanders rekent zich tot geen enkel geloof. Waar blijven die in hun betoog? Tellen ze niet mee? Ze worden slechts terloops genoemd en ontberen in hun betoog elk profiel. Hun argument om een christelijke voor een islamitische feestdag in te wisselen baseren ze op het feit dat de islam de tweede godsdienst van Nederland is. Hierbij maken ze denkfouten.

Met de statistieken van het CBS is iets merkwaardigs aan de hand. Want de christelijke stromingen worden onderverdeeld in Rooms-Katholiek (24%), Protestante Kerk in Nederland (6%), Nederlands Hervormd (6%), Gereformeerd (3%) en overige gezindte (6%), maar de islamitische stromingen (5%) niet. Wie het nieuws volgt weet dat er soennieten en sjiieten zijn, maar ook andere stromingen in de Nederlandse islam. Zo is het op zijn minst vreemd en methodologisch onjuist om christelijke stromingen wel onder te verdelen en islamitische niet. Als dat gebeurt dan omvat de grootste islamitische, soennitische stroming in Nederland hooguit 4%.

Ook als de islam als monolitisch blok wordt beschouwd zoals de remonstrantse theologen doen, dan zouden ze dat vervolgens dienen te vergelijken met levensovertuigingen. Dan kantelt het beeld van de drie theologen die uitsluitend redeneren volgens de lijn van de godsdienst. De meerderheid aan ‘ongebonden’ Nederlanders valt evengoed onder te verdelen in categorieën. De grootste stromingen ervan zijn getalsmatig groter dan de grootste islamitische stroming met maximaal 4%. Zelfs als de ‘ongebonden’ Nederlanders buiten beschouwing worden gelaten zoals de drie theologen doen, dan is de soennitische islam naar schatting pas de vierde godsdienstige stroming van Nederland. En als voor de representativiteit gekeken wordt naar godsdiensten en levensovertuigingen, dan is de islam van 5% naar schatting mogelijk pas de achtste stroming van Nederland.

Het valt moeilijk in te zien waarom dat een aparte feestdag rechtvaardigt. De drie remonstrantse theologen waren werkelijk tot een ruimdenkend en vrij betoog gekomen als ze hun theologische bril af hadden durven zetten. Nu lijkt het alsof ze niet een beseffen dat ze met zo’n bril door het leven gaan. Hun opvatting van ruimdenkendheid waar ze op pochen valt uit de toon als slecht doordacht en onvolledig. Hun betoog had hout gesneden als ze zich hadden verdiept in de meerderheid aan ‘ongebonden’ die zich niet door een religie laten inspireren en hadden voorgesteld die een eigen feestdag te gunnen. Met inwisseling van Tweede Pinksterdag.

Foto: De Franse schrijver Albert Camus leest.

Hoofddoek is geen gebod in de islam. Amsterdamse politie onderzoekt het dragen ervan. Op politieke gronden?

with 2 comments

De politie van Amsterdam onderzoekt of het vanwege het personeelsbeleid verstandig is om hoofddoeken toe te staan. Het wil meer allochtone agenten werven en bedoelt daar vermoedelijk agenten mee die actief de islam belijden. Zoals opgemerkt is er een landelijke code die zoiets verhindert, dus het is de vraag waarom Amsterdam overweegt zo’n landelijke afspraak te passeren. En of het die bestuurlijk-juridisch kan passeren.

Bij alle debatten hierover moest ik denken aan een opmerking over de hoofddoek in een NRC-interview van de Amerikaanse zwarte moslimvrouw Amina Wadud die publieke islamitische gebedsdiensten leidt: ‘Maar als ik in een gezelschap verkeer waarin iedereen doet alsof het dragen van een hoofddoek de uiting van de deugdelijkheid van een persoon is, dan doe ik hem juist af. Gewoon om te laten zien dat het aan Allah is om te beoordelen of iemand deugt, en aan niemand anders. Het is een misvatting dat het dragen van de hijab, het Arabische woord voor hoofddoek, een gebod is in de islam. Dat woord komt niet eens voor in de Koran.’

Als de hoofddoek geen religieus, maar cultureel symbool is, dan kan de scheiding van kerk en staat het dragen ervan in overheidsdienst niet blokkeren. Maar als het geen religieus symbool is dat vanuit de leerstellingen van de islam verplicht wordt gesteld of daar direct en onontkoombaar uit volgt, dan kunnen de dragers van een hoofddoek evenmin op godsdienstige gronden een uitzonderingspositie op het dragen ervan in overheidsdienst claimen. Dat alles roept weer de vraag op waarom de Amsterdamse korpsleiding het verstandig acht om zo’n maatschappelijk mijnenveld in te lopen vol culturele, politieke en religieuze noties.

Het probleem met het Amsterdamse debat is dat het de korpsleiding confronteert met ongelijksoortige feiten en aannames waarvan het niet weet wat ze waard zijn. Met de complicatie dat het niet onmogelijk is dat de adviseurs van de korpsleiding hun eigen politieke agenda hebben en daarom hun politieke als religieuze argumenten verkopen. Zo wordt het onoverzichtelijk en ontstaat er geen zuiver debat. Want het is uiteindelijk een politiek en geen religieus argument om het dragen van een hoofddoek in overheidsdienst toe te laten. Als de politieleiding van Amsterdam werkelijk wil weten hoe het precies zit met de verplichting vanuit de islam aangaande het dragen van een hoofddoek, dan zou het zich beter verlaten op academische  islamdeskundigen en niet op huidige adviseurs die er belang bij kunnen hebben om religie, cultuur en politiek te vermengen.

Antwoord aan Jaap Plaisier: Viktor Orbán bedient zich van antisemitisch jargon

with one comment

Hier is er weer één. Een reactie op een artikel op een van de rechtse sites die Nederland telt. Dit keer het gematigd-radicale TPO. Blogger Jaap Plaisier heeft het niet zo op de Volkskrant-columnist en ‘charlatan’ Arnon Grunberg en relativeert het antisemitisme van politici als Viktor Orbán, Marine Le Pen en Geert Wilders. Maar dat is niet het hele verhaal. Vorm en inhoud vallen niet altijd zo samen als we vermoeden. Het antwoord:

Het kan best dat premier Viktor Orbán geen antisemiet is, maar hij bedient zich wel van hedendaags antisemitisch jargon. Dat is omcirkelend taalgebruik. Orbán is slim genoeg om zich niet expliciet antisemitisch uit te laten, maar of daaruit geconcludeerd te worden dat hij geen antisemitische agenda volgt -zoals Plaisier doet- is te kort door de bocht. Het gaat erom wat Orbán met zijn verwijzingen naar George Soros, de financiële, speculatieve wereld of multinationale kringen precies beoogt. Hij hint ergens op zonder het voluit te zeggen. Orbán laat het bewust in de lucht hangen, en wast zijn handen in onschuld. Zo denkt hij.

Verhullend taalgebruik dat uit rechts-populistische of rechts-nationalistische kringen opklinkt is verwarrend omdat degenen die er aanstoot aan nemen er wat anders uit afleiden dan degenen die er geen aanstoot aan nemen. Het is precies voldoende duidelijk om er Orbáns navolgers mee te motiveren in hun nationalisme of antisemitisme en precies niet duidelijk genoeg om Orbán van virulent antisemitisme te betichten.

Plaisier relativeert in zijn betoog alles weg. Dat is van eenzelfde soort verwarring die hij Arnon Grunberg verwijt. En inderdaad Grunberg geeft zijn opinie over dit onderwerp, zoals Plaisier dat ook doet. Voor de sekte van Volkskrant-lezers kan Grunberg belangrijk zijn, zoals voor een sekte van TPO-lezers Plaisier belangrijk kan zijn. Maar in de publieke opinie zijn ze uiteindelijk onbelangrijke uitingen. Dat is een relativering die Plaisier hopelijk kan waarderen.

Is Grunberg een charlatan? In elk geval slaat de vergelijking van Plaisier van Grunberg met Bas Heijne naar mijn idee de plank mis, en gooit Plaisier de mogelijkheid weg om te onderscheiden. Heijne is een essayist met analyses die weloverwogen en doordacht zijn. Of men het er politiek nou mee eens is of niet. Grunberg is meer een literator die zich bezondigt aan het verkondigen van meningen over kunst op politiek die op een impressionistische wijze tot stand komen. Daarom valt er heel wat op af te dingen en is het de vraag wat het allemaal waard is. Laatst hees Grunberg in NRC de Utrechtse kunstenaar Jeroen Hermkens op het schild. Dat werd door kunstliefhebbers hoofdschuddend en als onbegrijpelijk aangezien en riep de vraag op of Grunberg eigenlijk verstand heeft van beeldende kunst. Zoals nu Plaisier doet met de politieke Grunberg.

Het is jammer dat Plaisier niet ronduit wil toegeven dat er antisemitische tendenzen aanwezig zijn in de achterbannen van rechts-nationalisten als Marine Le Pen, Viktor Orbán of Geert Wilders. Het doet zich alleen in een andere vorm voor dan het traditionele antisemitisme zoals we dat kennen uit de recente geschiedenis. Los daarvan valt het te hopen dat Plaisier door zijn relativeringen niet het beeld oproept -bij degenen die hij inspireert en die slechter dan hem hun geschiedenis kennen- dat het allemaal wel meevalt met het hedendaagse, verhullende antisemitsche jargon.

Het valt niet mee wat er op dit moment in Hongarije gebeurt waar Orbán de radicaal-rechtse partij Jobbik de wind uit de zeilen probeert te nemen door voorzichtig aan te haken bij het antisemitisme dat in de Hongaarse samenleving bestaat. De opdracht voor een premier is echter een andere. Namelijk om bevolkingsgroepen te verbinden en niet het omgekeerde te doen door bepaalde bevolkingsgroepen uit te sluiten. Of dat direct of indirect, ondubbezlzinnig of dubbelzinnig, onverbloemd of verhullend gebeurt is ondergeschikt en niet de hoofdzaak. De intentie van Orbán telt, niet zijn jargon.

Foto: Schermafbeelding van deel opinie-artikelGeert Wilders antisemiet? Arnon Grunberg charlatan; ‘Een charlatan kan trouwens, mits getalenteerd, buitengewoon waardevol zijn’’ van Jaap Plaisier voor TPO, 13 mei 2017.

Museum Oud Amelisweerd verliest exclusiviteit werk Armando. En krijgt financiële exploitatie nog steeds niet rond. Wat doet Utrecht?

with 3 comments

Bestuursvoorzitter Stichting MOA Ari Doeser spreekt vergoelijkend in een poging te redden wat er te redden valt. Opmerkelijk is zijn uitlating in een artikel van Thomas van Huut in NRC van 4 mei 2017: ‘MOA heeft inmiddels een bijzondere band met het werk van Armando. Die band blijft.’ Maar een bijzondere band is wat anders dan een museum dat volgens het beleidsplan van Stichting MOA ‘opvolger van het in 2007 afgebrande Armando Museum’ is en als doel heeft ‘het werk van de kunstenaar Armando, schilderwerk, beeldhouwwerk, literatuur, film, te verzamelen, te beheren, te documenteren, te onderzoeken en te presenteren’.

De positie van de huidige exploitant van landhuis Oud Amelisweerd Stichting MOA is onzeker. Dat blijkt onder meer uit alle nieuwsberichten waarin het steevast ‘noodlijdend’ wordt genoemd. Aan de hand van een advies van Gert-Jan van der Vossen gaat de Utrechtse raad zich deze maand beraden over de toekomst van landhuis en huidige exploitant. Wat Van Huut zegt over een structurele subsidie van 75.000 euro per jaar is trouwens onvolledig. Het gemeentebestuur benadrukte bij de beantwoording van raadsvragen in 2015, (zie vraag 8) het standpunt dat het geen exploitatiesubsidie verleent: ‘Wij houden vast aan het bestuurlijke standpunt dat bij de informatie aan de gemeenteraad in 2011 en vervolgens bij de kredietaanvraag Museum Oud Amelisweerd (juni 2012) is geformuleerd: de gemeente Utrecht is niet verantwoordelijk voor de exploitatie. Wanneer op termijn blijkt dat Museum Oud Amelisweerd qua financiële exploitatie niet haalbaar is zal de gemeente een nieuwe bestemming kiezen.’ Het is van tweeën één: of de huidige exploitant is verantwoordelijk voor de financiële exploitatie of de gemeente Utrecht kiest een nieuwe exploitant als de Stichting MOA financieel in gebreke blijft. Van Huut zit er ook naast wat de hoogte van het tekort betreft, die is jaarlijks meer dan 75.000 euro. Het jaarlijkse exploitatietekort van het MOA bevindt zich al sinds de opening in 2014 boven de 200.000 euro.

Van Huut toont tegengestelde belangen door bestuursvoorzitter van de Stichting MOA Doeser tegenover bestuursvoorzitter van de Armando Stichting Coen Bruning te zetten. Doeser praat over bruiklenen en dus die ‘bijzondere band’ van het MOA met het werk van Armando. Maar Bruning zegt dat MOA geen exclusiviteit meer heeft als het om welke reden dan ook de opslagkosten van zo’n 50.000 euro niet meer wil betalen. Hoe dan ook wordt de bruikleenovereenkomst van ruim 1000 werken per maart 2018 door Armando beëindigd.

Precies die exclusiviteit raakt aan de kern van het MOA dat ook in de marketing het werk van Armando als onmiskenbaar onderdeel van het museum presenteerde. Naast het Chinees behang en het ensemble van landhuis en landgoed. In lijn met het beleidsplan is sinds 2011 door bestuur en directie voortdurend het belang van de drieslag Armando – behang – ensemble benadrukt dat elkaar zou versterken in een synergie. Een mening trouwens die door museaal en kunsthistorisch Nederland vanuit het perspectief van de hedendaagse kunst alsook bij historische tuinarchitecten slechts mondjesmaat gedeeld is, sterk werd betwijfeld en afgedaan als een gelegenheidsargument. Rini Dippel en Lucia Albers spraken zich erover uit.

Als het MOA de exclusiviteit van Armando verliest wat is dan nog het bestaansrecht en het onderscheidend vermogen ervan? Zelfs als de raad de Stichting MOA een herformulering van de doelstelling gunt -waarin het werk van Armando naar de achtergrond verdwijnt- is de vervolgvraag of een organisatie die voortkomt uit het Armando Bureau en Armando Museum de logische exploitant van het Chinees behang en ensemble kan zijn. Deze vraag zal aan de orde komen in de discussies in de Utrechtse raad en het college over de toekomstige bestemming van Oud Amelisweerd. Bestuurlijk is het mogelijk dat zo’n inhoudelijk debat over het belang van exclusiviteit, doelstelling en profiel van de huidige exploitant nooit gevoerd wordt omdat de slechte financiële situatie en vooruitzichten van het noodlijdende MOA dat al vier jaar in reservetijd speelt de doorslag geven.

Foto: Schermafbeelding van deel pagina ANBI van het MOA.

Christendom en mythologie verschillen niet in oorsprong. God niet principieel anders dan Zeus. Religieuze propaganda is het verschil

leave a comment »

Een opmerkelijke ingezonden brief in NRC van ‘Ton Smit Utrecht’ (TSU)  van 24 april. Zoeken in het bestand van NRC verduidelijkt dat ‘Ton Smit Utrecht’ verantwoordelijk is voor meer ingezonden brieven (25 juni 2015). Met uitgesproken meningen, zoals: ‘Mensen zijn nu eenmaal heteroseksueel en ze bestaan als mannen en vrouwen. Zo heeft de biologie het voorgesorteerd.’ Nogal een betwistbare uitspraak. Is het serieus bedoeld of parodieert TSU graag zichzelf in een liberale krant? De brief van 24 april geeft het antwoord. TSU meent het bloedserieus en het lijkt er sterk aan dat hij aanslaat als God of het christelijk geloof worden aangesproken. We weten dus wat voor vlees we in de kuip hebben met TSU. Een reactie op een geconditioneerde reflex.

TSU reageert onder het kopje ‘God niet gelijk aan Zeus’ op bovenstaande ingezonden brief (19 april) van Fanny Huisman die weer reageert op dominee Visser. Hij verwijt haar ‘de gemakkelijke weg’ te nemen door de God van de Bijbel te vergelijken met Zeus, Wodan en zelfs de Gelaarsde Kat. Maar daar ging het Huisman in haar brief niet in de eerste plaats om. Ze verzette zich tegen de claim van dominee Visser dat ‘zelfs atheïsten geloven dat god en goed bij elkaar horen’ en dat atheïsten feitelijk van hun geloof afgevallen gelovigen zijn. In de visie van Huisman annexeert Visser onterecht andersdenkenden. Als argument haalt ze Zeus, Apollo, Thor etc. aan om aan te tonen dat geloof relatief is en dat het heeft te maken met volwassenheid. Het is aan ieder individueel om te bepalen in hoeveel goden te geloven. Dat is een trapsgewijs, geen principieel verschil.

TSU probeert een verschil te introduceren dat een principieel onderscheid maakt tussen de ‘god’ van het christendom en Zeus, Apollo, Thor, Wodan etc. en ‘god’ presenteert als van een hogere orde. Dat probeert hij door zijn argumenten te ontlenen aan een cirkelredenering die tegelijk uitgangspunt en sluitsom van zijn betoog is: ‘Is er ook maar één historisch verhaal opgetekend over deze personages? Is hun komst voorspeld? Is er ooit iemand enthousiast naar China vertrokken (..)’ Maar het is al te opzichtig om zelf quasi-objectief bewijsstukken in een betoog te stoppen om dan quasi-verbaasd te concluderen dat de bewijsvoering klopt.

TSU gaat verder door te stellen dat niet alleen Huisman het bij het verkeerde eind heeft, maar ‘serieuze historici’ niet betwisten dat ‘Jezus hier op aarde heeft rondgelopen’ en gekruisigd is. Dat is onjuist. Serieuze historici betwisten dat wel. De oorsprong van het christendom is controversieel, ingewikkeld en minder samenhangend dan TSU het tracht af te schilderen. Argumenten die hout snijden zeggen dat het bewijs voor het bestaan van Jezus veel minder sterk is dan TSU denkt en christelijke organisaties al honderden jaren propageren. Historicus David Fitzgerald zet samen met Valerie Tarico de argumenten op een rijtje in een artikel voor Raw Story dat betoogt dat we zo goed als niks over de historische figuur Jezus Christus weten.

Wat verzinsel of historie, waarheid of propaganda is en wat iemand wil geloven van dat veelomvattende palet van historische feiten, verdichtsels, tradities, propaganda, mythen, sprookjes en fantasieën en recycling van cirkelredeneringen over goden, opperwezens en romanfiguren moet iedereen voor zichzelf uitmaken. Wie het als waargebeurd wil waarderen en aanbidden gelooft erin en wie het als fictie ziet neemt een andere afslag. Een gradueel verschil. Het ene is niet minder of beter dan het andere. Beide interpretaties bestaan naast elkaar. Onhoudbaar is echter de stelling die TSU aanhangt dat de oorsprong van het christendom beter onderbouwd is, beter aansluit bij een historische werkelijkheid of van een hogere orde is dan de oorsprong van andere ficties of menselijke constructies zoals de Griekse of Germaanse mythologie of volksverhalen.

Foto: Schermafbeelding van ingezonden brief van Fanny Huisman in NRC, 19 april 2017. (Achter betaalmuur). Ingezonden brief van Ton Smit Utrecht van 24 april, 2017 achter betaalmuur

MIVD en AIVD waarschuwen voor Russische en Saoedische destabilisatie. Politiek mist urgentie om maatregelen te nemen

with one comment

Twee berichten de afgelopen dagen over landen die destabiliserend werken op Nederland. Waarvan een het bewust om destabilisering te doen is en het bij de ander een neveneffect lijkt. De dreigingen roepen de vraag op of de Nederlandse politiek dit beseft, wat voor consequenties het eruit trekt, welk beleid het samen met partners op de rails zet om deze landen op afstand te zetten en de angel uit de destabilisering te halen. Moet het de banden met betrokken landen op een lager pitje zetten zodat de bedreigingen worden geneutraliseerd?

Het gaat in het eerste geval om de Russische Federatie dat volgens de directeur van de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD) generaal-majoor Onno Eichelsheim ernstige pogingen onderneemt om Nederland, Europa en de NAVO te destabiliseren. Hij schat ze zo zwaar in dat ze na terrorisme zouden gelden als het grootste veiligheidsrisico voor het Westen. Dat zei directeur Eichelsheim vandaag tijdens de presentatie van het jaarverslag van de MIVD, aldus een bericht van nu.nl.

In het tweede geval gaat het om de overname van Marokkaanse moskeeën in Amsterdam door salafistische imams die in Saoedi-Arabië worden opgeleid, aldus een bericht in NRC. Volgens het jaarverslag 2016 van de AIVD waar de krant naar verwijst gaat dat gepaard met geweld (p.05): ‘salafistische jongeren op verschillende plekken probeerden voet aan de grond te krijgen in gematigde moskeeën en moskeebesturen. In een aantal gevallen werd geweld hierbij niet geschuwd.’ NRC: ‘De ontwikkeling in moskeeën hangt samen met de invloed die Saoedi-Arabië uitoefent.’

Tot nu toe heeft de Nederlandse politiek uit deze bedreigingen geen consequenties getrokken die leidden tot beleidswijzingen. Hoewel sinds de ramp met de MH17 in juli 2014 de betrekkingen met het Kremlin bekoeld zijn. Niet zozeer omdat de Russen de ramp op hun geweten hebben, maar hun betrokkenheid niet toe willen   geven, weigeren hun excuses aan te bieden, geen echte medewerking aan het onderzoek naar de schuldvraag verlenen of beloven de daders uit te leveren, en nalaten om compensatie aan de slachtoffers aan te bieden.

Het kan nauwelijks toevallig zijn dat de Russische Federatie en Saoedi-Arabië autoritair geleide landen zijn die in economisch opzicht drijven op de verkoop en handel van olie en gas. Ze zijn niet zozeer afgegleden tot petrodictaturen, maar het betreft hier wel landen waar de rijkdom in de zakken van een machtige bovenlaag verdwijnt en niet de burgers bereikt. In de kern zijn deze landen daarom instabiel. Uit berekening proberen ze die instabiliteit naar het Westen te exporteren om de eigen instabiliteit te kunnen relativeren. Maar dat is het probleem van deze landen. Het is aan Nederland om te bepalen hoe het af wil schermen van -en beschermen tegen- de invloed die deze landen politiek, economisch of cultureel-religieus proberen uit te oefenen.

Het failliet van de Nederlandse soevereiniteit bewijst zich in machteloosheid, gebrek aan urgentie en onwil om een autonome politieke koers te voeren met betrekking tot het Nord Stream II project in aanleg dat Nederland en andere landen afhankelijker zal maken van Russisch gas. Een artikel van de WSJ van 30 maart is in de titel alleen al ontluisterend: ‘EU Says It Can’t Block Russia-Backed Nord Stream 2 Pipeline’. De EU liet volgens de WSJ in een brief van 28 maart aan de Deense en Zweedse regering weten dat het geen basis heeft om het project te blokkeren wegens ontbrekende juridische grond. Zo wordt een politiek project van het Kremlin door de West-Europese politiek niet op politieke gronden, maar op economische en juridische gronden beoordeeld. De EU weigert om met dezelfde wapens te vechten waarmee het ziet dat het Kremlin jegens de EU opereert.

Hetzelfde is het geval bij Saoedi-Arabië dat de aanstichter van het wereldwijde terrorisme is en nu dus ook haar invloed doet gelden in Amsterdamse moskeeën met denkbeelden over onder meer de ongelijkheid van man en vrouw. Men zou denken dat de hele Nederlandse politiek van links tot rechts het belang zou inzien van het terugdringen van de invloed van Saoedi-Arabië. Maar om onverklaarbare redenen gebeurt dat niet.

Waarom treedt de politiek uit zelfbescherming niet op tegen Russen en Saoedies als het met eigen ogen ziet dat die hun invloed vergroten? Volgens AIVD en MIVD betreft het bedreigingen die Nederland ernstig dreigen te destabiliseren. Waarom laat de politiek dat gebeuren? Komt het omdat bedrijven door deze landen met handelscontracten wordt gekocht, en die bedrijven vervolgens de Nederlandse en Europese politiek bewerken om maar geen concrete maatregelen te nemen tegen de bedreigingen? Business as usual en profijt voor bedrijven met wat kruimels voor corrupte politici, zelfs als het Nederland destabiliseert. Het lijkt logisch dat conservatieve partijen als VVD of CDA onder druk van werkgeverskoepel VNO-NCW meegaan in deze verregaande welwillendheid jegens bedrijven. Maar waar zijn in hemelsnaam de principes gebleven van alle andere politieke partijen? Is Nederland verworden tot een land dat tijdens de informatie maandenlang praat over de cijfers achter de komma en intussen de grote lijn volledig uit het oog verloren is? Het lijkt er sterk op.

Foto: Aanleg Nord Stream II, ‘Denmark govt seeks to veto Nord Stream II gas pipeline construction’.

Stemmingmakerij van DDS moet radicaal-rechts grootpraten met voorbijgaan aan de feiten. Maar is dat activisme doelmatig?

with 4 comments

dds1

DDS wordt in commentaren in gevestigde media het Nederlandse Breitbart genoemd. Eigenlijk Breibart plus, want in de berichtgeving trekt het zich nog minder van de feiten aan dan de Amerikaanse grote broer. Die reactie komt voort deels uit wanhoop, deels uit minachting. Niet DDS baart zorgen, maar de mentaliteit die het vertegenwoordigt. Want media worden herverkaveld. Dat noopt tot het vinden van een nieuw evenwicht.

Of DDS binnen de eigen logica doelmatig opereert valt te betwijfelen. Het gevaar dreigt dat Paul Goble in een analyse over de Russische Federatie beschrijft, namelijk dat Putin de reputatie van z’n land zo aangetast heeft dat het zelfs wordt beschuldigd van zaken die het niet heeft gedaan. Zo is het ook met DDS. Door overdrijving en aantoonbaar de werkelijkheid bij te buigen zal het niet meer geloofd worden als het met een zinvolle analyse komt. Een medium dat geen vertrouwen meer wekt verliest aan geloofwaardigheid. En invloed.

DDS preekt met activistische journalistiek voor eigen parochie. Dat is beredeneerd vanuit de eigen doelstelling een doodlopende weg. Het motiveert en bindt een deel van het electoraat. De 20% kiezers op rechts-radicale partijen wordt er echter niet groter door. Door de hard rechtse toon kiest DDS ervoor de verbinding met centrum-rechtse kiezers van SGP, VVD of CDA niet te leggen. DDS speelt op veilig. Het weet wat het heeft en kiest niet voor een open opstelling die de invloed tracht uit te breiden. Dat is een verdedigende opstelling.

Daarnaast weeft DDS een tegenstrijdigheid in door in de campagne te kiezen voor de drie rechts-radicale partijen PVV, FvD en VNL. Maar die partijen zijn ongelijk en kennen grote verschillen. Zo zegt de lijsttrekker voor VNL Jan Roos in een interview met NRC over de PVV: ‘De PVV is niet democratisch. Als je weet hoe die partij van binnen in elkaar zit, schrik je je dood dat ze zich de Partij voor de Vrijheid durven noemen.’ en over Thierry Baudet: ‘Baudet heb ik een lijstverbinding aangeboden, maar hij wilde niet. Hij zei: ‘Ik heb een Messias-complex, ik heb het gevoel dat ik dit land moet leiden en dat kan niet met een lijstverbinding.’ Wat moet je dan nog zeggen? Ik heb gezegd dat ik hem nog nooit een glas water in wijn heb zien veranderen.’

Wat de strategie van DDS is wordt duidelijk in een bericht van Tim Engelbart dat kopt ‘Peilingen: Een rechtse lente is in aantocht! PVV de grootste. VNL en Forum winnen allebei zetels!’ Een kop met een onwaarheid en twee uitroeptekens. Er is geen rechtse lente in aantocht. Integendeel, de PVV is in de peilingen onder de 30 zetels gezakt. Dat wordt als kritische grens gezien voor de PVV om druk op de formatie te kunnen leggen. In de Peilingwijzer die diverse peilingen combineert vechten VVD en PVV om de eerste plek. Omdat voor een regering vier of vijf partijen nodig zijn is dat van symbolische en niet praktische betekenis. De rechts-radicale partijen zijn niet in aantocht, maar zakken langzaam weg. In hun visvijver waar DDS stenen in gooit trekken ze stemmen van elkaar. Maar de vijver wordt er niet groter door. Wat DDS ook beweert. Mijn reactie op DDS:

Als deze peiling klopt, dan hebben de drie rechts-radicale partijen PVV, FvD en VNL 32 van de 150 zetels. Dat is net iets meer dan 20%.

Als deze peiling klopt, dan hebben de drie links-radicale partijen SP, GroenLinks en PvdD 33 van de 150 zetels. Dat is meer dan PVV, FvD en VNL gezamenlijk behalen.

Is er een rechtse lente in aantocht zoals Tim Engelbart suggereert als links-radicalen in een bepaalde peiling meer zetels behalen dan rechts-radicalen? Nee.

Er is net zomin een linkse als een rechtse lente in aantocht. Het kenmerk van deze peiling is dat de middenpartijen VVD-CDA-D66-PvdA-CU 74 zetels halen. Het centrum vormt het motorblok van de volgende coalitie.

Tim Engelbart doet aan wensdenken. Dat is participerende journalistiek waarbij zelfs een oppervlakkige analyse van de feiten naar de achtergrond verdwijnt. Het hoort er blijkbaar bij. Het is aan de lezers van DDS om te bepalen in hoeverre ze misleid en bedot willen worden door de rechtse agenda van Engelbart.

peilingen-26-2-2017-1024x544

Foto’s: Schermafbeeldingen uit artikelPeilingen: Een rechtse lente is in aantocht! PVV de grootste. VNL en Forum winnen allebei zetels!’ van Tim Engelbart voor DDS, 26 februari 2017.