George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘NRC

Stemmingmakerij van DDS moet radicaal-rechts grootpraten met voorbijgaan aan de feiten. Maar is dat activisme doelmatig?

with 4 comments

dds1

DDS wordt in commentaren in gevestigde media het Nederlandse Breitbart genoemd. Eigenlijk Breibart plus, want in de berichtgeving trekt het zich nog minder van de feiten aan dan de Amerikaanse grote broer. Die reactie komt voort deels uit wanhoop, deels uit minachting. Niet DDS baart zorgen, maar de mentaliteit die het vertegenwoordigt. Want media worden herverkaveld. Dat noopt tot het vinden van een nieuw evenwicht.

Of DDS binnen de eigen logica doelmatig opereert valt te betwijfelen. Het gevaar dreigt dat Paul Goble in een analyse over de Russische Federatie beschrijft, namelijk dat Putin de reputatie van z’n land zo aangetast heeft dat het zelfs wordt beschuldigd van zaken die het niet heeft gedaan. Zo is het ook met DDS. Door overdrijving en aantoonbaar de werkelijkheid bij te buigen zal het niet meer geloofd worden als het met een zinvolle analyse komt. Een medium dat geen vertrouwen meer wekt verliest aan geloofwaardigheid. En invloed.

DDS preekt met activistische journalistiek voor eigen parochie. Dat is beredeneerd vanuit de eigen doelstelling een doodlopende weg. Het motiveert en bindt een deel van het electoraat. De 20% kiezers op rechts-radicale partijen wordt er echter niet groter door. Door de hard rechtse toon kiest DDS ervoor de verbinding met centrum-rechtse kiezers van SGP, VVD of CDA niet te leggen. DDS speelt op veilig. Het weet wat het heeft en kiest niet voor een open opstelling die de invloed tracht uit te breiden. Dat is een verdedigende opstelling.

Daarnaast weeft DDS een tegenstrijdigheid in door in de campagne te kiezen voor de drie rechts-radicale partijen PVV, FvD en VNL. Maar die partijen zijn ongelijk en kennen grote verschillen. Zo zegt de lijsttrekker voor VNL Jan Roos in een interview met NRC over de PVV: ‘De PVV is niet democratisch. Als je weet hoe die partij van binnen in elkaar zit, schrik je je dood dat ze zich de Partij voor de Vrijheid durven noemen.’ en over Thierry Baudet: ‘Baudet heb ik een lijstverbinding aangeboden, maar hij wilde niet. Hij zei: ‘Ik heb een Messias-complex, ik heb het gevoel dat ik dit land moet leiden en dat kan niet met een lijstverbinding.’ Wat moet je dan nog zeggen? Ik heb gezegd dat ik hem nog nooit een glas water in wijn heb zien veranderen.’

Wat de strategie van DDS is wordt duidelijk in een bericht van Tim Engelbart dat kopt ‘Peilingen: Een rechtse lente is in aantocht! PVV de grootste. VNL en Forum winnen allebei zetels!’ Een kop met een onwaarheid en twee uitroeptekens. Er is geen rechtse lente in aantocht. Integendeel, de PVV is in de peilingen onder de 30 zetels gezakt. Dat wordt als kritische grens gezien voor de PVV om druk op de formatie te kunnen leggen. In de Peilingwijzer die diverse peilingen combineert vechten VVD en PVV om de eerste plek. Omdat voor een regering vier of vijf partijen nodig zijn is dat van symbolische en niet praktische betekenis. De rechts-radicale partijen zijn niet in aantocht, maar zakken langzaam weg. In hun visvijver waar DDS stenen in gooit trekken ze stemmen van elkaar. Maar de vijver wordt er niet groter door. Wat DDS ook beweert. Mijn reactie op DDS:

Als deze peiling klopt, dan hebben de drie rechts-radicale partijen PVV, FvD en VNL 32 van de 150 zetels. Dat is net iets meer dan 20%.

Als deze peiling klopt, dan hebben de drie links-radicale partijen SP, GroenLinks en PvdD 33 van de 150 zetels. Dat is meer dan PVV, FvD en VNL gezamenlijk behalen.

Is er een rechtse lente in aantocht zoals Tim Engelbart suggereert als links-radicalen in een bepaalde peiling meer zetels behalen dan rechts-radicalen? Nee.

Er is net zomin een linkse als een rechtse lente in aantocht. Het kenmerk van deze peiling is dat de middenpartijen VVD-CDA-D66-PvdA-CU 74 zetels halen. Het centrum vormt het motorblok van de volgende coalitie.

Tim Engelbart doet aan wensdenken. Dat is participerende journalistiek waarbij zelfs een oppervlakkige analyse van de feiten naar de achtergrond verdwijnt. Het hoort er blijkbaar bij. Het is aan de lezers van DDS om te bepalen in hoeverre ze misleid en bedot willen worden door de rechtse agenda van Engelbart.

peilingen-26-2-2017-1024x544

Foto’s: Schermafbeeldingen uit artikelPeilingen: Een rechtse lente is in aantocht! PVV de grootste. VNL en Forum winnen allebei zetels!’ van Tim Engelbart voor DDS, 26 februari 2017.

The New York Times en de journalistiek: de waarheid is …

with 6 comments

Media doen er verstandig aan om in het openbaar te antwoorden op aanvallen van populisten. Deze hebben er een handje van om media nep te noemen en van te beschuldigen vooringenomen te zijn. Zelfs om het idee van de waarheid te betwijfelen. Maar er past een onderscheid. Journalisten zijn vaak -maar zeker niet altijd- links. Media zijn echter doorgaans -maar evenmin altijd- rechts. Ze zijn immers onderdeel van concerns met grote economische belangen die tegen de zittende macht aanleunen. Mediaconcerns verdedigen daarom per definitie de gevestigde orde. Dus zijn het de rechtse contouren (mediaconcern) of de linkse schijnbewegingen (journalisten) die doorslaggevend zijn? Het verschilt per land, maar deze tweedeling is overal zichtbaar.

Media winnen aan belang als de persvrijheid onder druk wordt gezet. Mits ze de urgentie van de dreiging beseffen en zich goed en krachtig weten te organiseren. Zoals nu sinds een maand door het aantreden van Donald Trump als president in de VS gebeurt. In autoritaire landen als Turkije, China of de Russische Federatie is het al te laat. Daar zijn de media gelijkgeschakeld en tot spreekbuizen van het zittende regime gemaakt. Ze zijn hun bewegingsvrijheid kwijt. Dat schrikbeeld wapent media in westerse landen waar populisten in opkomst zijn om het niet zover te laten komen. Dat is de achtergrond van de actie van The New York Times.

In Nederland zijn media akelig stil. Tot nu toe zien ze voor zichzelf geen rol weggelegd om het publieke debat van feiten te voorzien. Waar blijven NRC, Volkskrant, Parool, Trouw, NOS, RTL Nieuws of De Groene om gezamenlijk de alternatieve feiten van populisten van PVV, VNL, FvD, 50Plus of DENK kritisch tegen het licht te houden? Het publieke debat vraagt om nuancering die media kunnen bieden over de grenzen van hun eigen achterban heen. Maar ze zwijgen en beseffen onvoldoende de urgentie dat ze zich in moeten spannen omdat hun eigen functioneren op het spel staat. Wilders dreigt met zijn PVV de grootste partij te worden. Hoewel de PVV geen schijn van kans maakt om in de regering te komen zijn z’n volgers daar absoluut niet van overtuigd.

HNI laat het opnieuw afweten bij ‘100 Jaar De Stijl’

with one comment

nai

NRC’s Cultureel Supplement van 9 februari dat grotendeels gaat over 100 jaar De Stijl bevat bovenstaande, opmerkelijke column over Het Nieuwe Instituut (HNI) in Rotterdam met Guus Beumer als directeur. Niet ondertekend, maar vermoed mag worden dat architectuurjournalist Bernard Hulsman het heeft geschreven.

De strekking van de column past in de kritiek op het HNI zoals dat hier en op het blog De Box van architect Kees van der Hoeven al enkele jaren valt te lezen. NRC zet niet het gebrekkig toepassen van de Governance Code Cultuur en de belangenverstrengeling door directeur en Raad van Toezicht (RvT) van HNI centraal, maar de programmering van tentoonstellingen over architectuur. NRC concludeert: ‘Het ongemerkt laten passeren van de eeuwfeesten van De Stijl en de Amsterdamse School is tekenend voor de positie van architectuur in HNI. Hoewel het instituut met de nietszeggende naam in zekere zin de opvolger is van Het Nederlands Architectuurinstituut (NAi), en het zichzelf nog altijd niet alleen ‘Museum en Agentschap voor Design, Architectuur en Digitale Cultuur’ noemt maar ook het ‘Rijksarchief voor Architectuur en Stedenbouw’, heeft HNI in de vier jaar van zijn bestaan slechts één behoorlijke tentoonstelling over architectuur laten zien.

hni2

Een vraag is hoe het zover heeft kunnen komen dat HNI niet in staat is om tentoonstellingen over architectuur te maken. Terwijl onderwerpen, thema’s, jubilea en dwarsverbanden tussen architectuur en andere disciplines voor het opscheppen liggen. Een belangrijke vraag is waarom er niet ingegrepen wordt door de RvT die bestaat uit voorzitter Judith van Kranendonk en leden Ruben BrouwerHenk ChristophersenCaroline Nevejan  en Farid TabarkiDe belangrijkste vraag luidt nog anders, namelijk waarom deze RvT vol beroepsbestuurders -met op Brouwer na een vooropleiding in sociale wetenschappen- zonder architecten of kunstenaars bestaat.

De essentiële vraag is waarom er door minister Jet Bussemaker achter de schermen niet ingegrepen wordt door de RvT op te schonen en de directie te vervangen. De meest essentiële vraag is hoe objectief Bussemaker en haar beleidsambtenaren zijn in hun oordeel over het reilen en zeilen van HNI. Pogingen van OCW om het gebrek aan kwaliteit van HNI glad te strijken, niet op te treden en zich te verschuilen achter de autonomie van HNI beschadigen de Nederlandse museumsector. Heeft het zover moeten komen dat nu een  columnist van NRC het nodig acht om het falen zichtbaar te maken en voor heel Nederland te benoemen? Tegenover HNI ligt het bruisende Boijmans dat evenement na evenement organiseert. Bij HNI is het stil en naargeestig omdat de vakmensen buiten de deur zijn gezet. Er knipperen wat lampen aan de gevel als teken van beweging.

Foto 1: ColumnHet Nieuwe Instituut laat weer verstek gaan’ in NRC, 9 februari 2017. Doorscrollen naar beneden.

Foto 2: Aankondiging op site HNI over deelname aan het programma ‘100 jaar De Stijl’.

Onderzoeksjournalistiek van NRC: DENK verspreidt nepnieuws

leave a comment »

DENK is een gespleten partij die oproept tot verdraagzaamheid, maar onverdraagzaam handelt. Die harde toon en meedogenloze opstelling wordt vanuit de partij georkestreerd en is ongekend in de Nederlandse politiek. Alleen Geert Wilders namens de PVV is ermee vergelijkbaar. Maar DENK lijkt agressiever te zijn dan Wilders die toch een eenmansbedrijf is. In een commentaar noemde ik DENK en PVV schijnpopulistisch. Ze pretenderen voor het volk op te komen, maar dat is schijn die ze vooral op sociale media proberen te wekken.

NRC concludeert in een mooi voorbeeld van onderzoeksjournalistiek van Andreas Kouwenhoven en Hugo Logtenberg dat de partij tegenstanders monddood probeert te maken door de inzet van trollen. Met name PvdA’ers worden met nepaccounts agressief aangevallen. De twee oprichters van DENK splitsten zich in 2015 af van de PvdA. Tekenend is dat DENK door publiciteitsstunts vijanden creëert om zich tegen af te zetten. Zoals ‘de media’. Uit NRC blijkt dat Sylvana Simons die eind 2016 uit DENK stapte de enige in de partijtop was die af en toe bezwaar maakt tegen de agressieve manier van campagnevoeren. Dat pleit voor haar. Zonder dat ze daar iets over heeft gezegd kan het mede een overweging voor haar geweest zijn om uit DENK te stappen.

Of het hartstikke goed gaat met DENK, zoals partijleider Tunahan Kuzu zegt valt te bezien. De peilingwijzer geeft aan dat de partij tussen de 0 en 2 zetels kan halen bij de verkiezingen van 15 maart. DENK timmert aan de weg en heeft een mediabeleid en een omgaan met de feiten dat vergelijkbaar is met die van autoritaire leiders als Putin, Erdogan of Trump. Ze fabriceren door verdraaiingen en ontkenningen hun waarheid bij elkaar en zetten die naast de realiteit. Zodat het bestaan van één waarheid wordt betwist en alles kan worden gerelativeerd. Dit verklaart dat DENK media die onderzoek verrichten of kritisch verslag doen probeert af te schilderen als deel van het establishment. Een opzichtige wijze om zich te onttrekken aan verantwoording,

Kuzu zegt in het filmpje: ‘Meerdere journalisten van NRC zijn op dit moment aan het graven en aan het wroeten om iets te vinden over Denk. En binnenkort zullen ze vast en zeker opnieuw met een kulverhaal komen.” Hij sluit af met: „Trap er niet in!”’ Inderdaad trap niet in DENK. Per tweet heb ik gesolliciteerd naar een functie als DENK-troll. Wie wil niet behoren tot een politieke partij die zegt dat het hartstikke goed gaat?

denk

Foto: Schermafbeelding van tweet aan DENK, 11 februari 2017.

Gabriël van den Brink hekelt secularisatie en prijst protestantisme. In NRC dat staat voor Verlichting en liberalisme. Logisch?

leave a comment »

br

NRC gaf op 1 februari Gabriël van den Brink een volle pagina in de papieren krant voor zijn opinie-artikelExperts, toon eens wat meer zelfkritiek’. Het gaat over de relatie tussen wetenschap en maatschappij, en de waarheidsvinding in de wetenschap die door externe en interne bedreigingen onder druk staat. Bovenstaande alinea’s wijzen op een externe bedreiging en komen uit een iets anders vormgegeven digitale versie van 27 januari. Van den Brink wordt in de papieren versie ‘hoogleraar wijsbegeerte bij Centrum Ethos aan de Vrije Universiteit in Amsterdam‘ genoemd, maar zijn naam is niet terug te vinden in de lijst medewerkers. Volgens een toelichting van Centrum Ethos ‘onderzoekt [Gabriël van den Brink] de kloof tussen burger en politiek. Dat doet hij op basis van empirische maar ook filosofische methodes’. Waaruit bestaan die filosofische methodes?

De tweede alinea is merkwaardig omdat het meer overhoop haalt dan verklaart. De essentie ervan blijft onuitgesproken. Deels door ruimtegebrek, maar de vraag is of er ook een reden is dat Van den Brink dit liever ongenoemd laat. Met ‘de mentaliteit van het protestantisme in Noordwest-Europa’ refereert hij aan de rationaliteit van het Calvinisme zoals de baanbrekende socioloog Max Weber dat ruim een eeuw geleden benoemde. Van den Brink maakt reuzenstappen als hij twee zinnen later concludeert dat ‘het cultiveren van waarden als verantwoordelijkheid en redelijkheid sinds de secularisatie niet langer voor zich spreekt’. Dat is een verstrekkende conclusie die de secularisatie een dolk in de rug steekt. Zoals gezegd doet Van den Brink aan ‘hit and run’ en loopt zonder uitleg snel verder. Er komt nog een aap uit de mouw met de observatie dat ‘het ontstaan van een multiculturele samenleving een deugd als eerlijkheid nog meer onder druk zette’.

Van den Brinks artikel gaat over de waarheid en integriteit in de wetenschap, maar als in een Droste-effect toont hij in zijn bewijsvoering het omgekeerde aan van wat hij betoogt. Want hoe integer en waardevrij is hij in zijn betoog, en welke gedachtengoed sleept hij impliciet met zich mee? Waar is de conclusie op gebaseerd dat waarden als verantwoordelijkheid en redelijkheid sinds de secularisatie niet langer voor zichzelf spreken? Dit is een normatieve uitspraak die Van den Brink niet onderbouwt. Hij stelt de secularisatie – die het proces van ontkerkelijking en verwereldlijking omvat- via de toetssteen waarheidsvinding onder verdenking en maakt die ondergeschikt aan de mentaliteit van het calvinisme. Hij trekt dit door naar het multiculturalisme dat hij negatief beoordeelt vanwege de teloorgang van het protestantisme en de opgang van de secularisatie.

Gabriël van den Brink bezondigt zich in dit artikel aan gemakzuchtige journalistiek die haaks staat op de wetenschappelijkheid waar hij voor pleit. Wat hij zegt hoeft niet onwaar te zijn, maar hij lijkt vooral het verkeerde medium van het krantenartikel gekozen te hebben. Hij bedoelt het waarschijnlijk genuanceerder dan uit de aannames blijkt die erg kort door de bocht zijn en raadselachtig klinken. Die keuze valt Van den Brink echter wel te verwijten evenals de Redactie Opinie van NRC die het artikel geschikt achtte voor plaatsing. Het is ruimdenkend van een krant die Lux et Libertas als motto heeft dat het een artikel plaatst dat tegen de mentaliteit van de Verlichting -waar de secularisering een onlosmakelijk aspect van is- en het liberalisme ingaat. Van den Brink verklaart dat lachend in z’n vuistje waarschijnlijk omdat de NRC door de secularisatie aan verantwoordelijkheid en redelijkheid heeft verloren. Zo is het betoog rond van een wetenschappelijk onderzoeker die in de heimelijkheid het protestantisme vooropzet. Zonder dat we dit echt mogen weten.

Foto: Schermafbeelding van deel opinie-artikelExperts, toon eens wat meer zelfkritiek’ van Gabriël van den Brink in NRC, 27 januari 2017. (Geplaatste in papieren versie van NRC op 1 februari 2017).

Het is nu Trump tegen de EU. Wat is het antwoord op het nieuwe Amerika? Kan het EU-leiderschap het aan?

with 6 comments

Trump gooit de EU onder de bus en wil zaken doen met de Russische Federatie die de EU wil desintegreren. Dat had hij in de campagne al aangekondigd met zijn slogan ‘America First’. Als een verrassing kan het niet komen. Europese rechts-populisten als Wilders, Farage en Le Pen juichen de aanval van de regering-Trump op de EU toe. Evenals populistische analisten als Willem Post die om onbegrijpelijke redenen verbonden is aan Clingendael en in een artikel van 15 november 2016 dat NRC om onbegrijpelijke redenen plaatste zei dat het allemaal wel mee zou vallen ‘met Trumps dwaze avonturen’. Zoveel onnozelheid en naïviteit doet pijn aan de ogen en is een belediging voor het gezonde verstand. Als antwoord aan Post schreef ik op 17 november 2016: ‘Het gaat vreselijk worden. Het zou ook de Nederlandse media sieren dat ze de berichtgeving over Trump niet normaliseren. Of sussende opinies zoals die van Willem Post die volgen uit een fikse portie wensdenken niet publiceren zonder disclaimer. Media moeten niet meegaan in de suggestie dat ‘het allemaal wel zal meevallen’ met president Trump. Het gaat naar alle waarschijnlijkheid niet meevallen, maar tegenvallen.’

Voorzitter van de Europese Raad Donald Tusk heeft in een open brief van 31 januari aan 27 leiders van de EU-lidstaten hard uitgehaald naar Trump. In voorbereiding op een top in Malta op vrijdag komt hij met reflecties die man en paard noemen. Eindelijk doet de EU aan buitenlands beleid. Tusk plaatst de VS samen met China en de Russische Federatie in dezelfde categorie externe bedreigingen van de EU. De VS is volgens Tusk een existentiële bedreiging voor de EU en trekt de laatste 70 jaar van Amerikaanse buitenlandse politiek in twijfel. Tusk roept op tot trots, samenwerking, ambitie en een antwoord op de krachten die de EU willen ondermijnen.

Ishaan Tharoor zet in een opinie-artikel in The Washington Post de recente ontwikkelingen op een rijtje. Zo citeert hij de liberale, federalistische ALDE-leider in het Europarlement Guy Verhofstadt die meent dat Trumps topadviseur Steve Bannon erop uit is de EU te ontmantelen: ‘Bannon is actively working to destroy the European Union, suggested Verhofstadt, and “is sending people now to Paris and Berlin to prepare for similar referendums … as Brexit.”’ Inderdaad identiek aan een pleidooi van de EU voor de uittreding van Ohio uit de VS. Maar tegelijk is het de vraag of de EU zich wel weet te verenigen. Het kent teveel verdeeldheid en innerlijke weerstand, onder meer door de bezuinigingen op de verzorgingsstaat en een technocratische EU die weinig genegenheid bij de bevolking oproept. Tharoor citeert Kathleen R. McNamara in een artikel voor Foreign Affairs waarin ze uiteenzet waarom de EU zich door onder meer het gestook van de rechts-populisten niet zal verenigen. WikiLeaks lijkt na de inbraak in de Podesta-emails die Hillary Clinton beschadigde nu in opdracht van het Kremlin alweer bezig om de Franse presidentskandidaat Marine Le Pen te helpen door via onthullingen haar rivalen François Fillon en Emmanuel Macron te beschadigen. De EU reageert hierop niet.

Wie hebben er het meeste schuld aan de chaos die ontstaat in Europa? De als vanouds externe vijanden als de Russische Federatie die de EU agressief bejegenen of de extreem-rechtse populistische meelopers die zich door het Kremlin laten omkopen of meeliften op de rode loper van Russische propaganda tegen de EU? Of de nieuwe machthebbers in het Witte Huis die alle oude zekerheden en afspraken met de EU en EU-lidstaten in twijfel trekken? Of hebben de EU-leiders zelf het meeste schuld aan de chaos omdat ze zich uit elkaar laten spelen en geen passend antwoord op de Russische agressie durven geven en zich onvoldoende voorbereid hebben op de nieuwe koers van Trump die zich gedurende de campagne van 2015-2016 al aankondigde?

De EU is op zichzelf aangewezen en komt tergend langzaam tot het besef dat het zich politiek en militair moet versterken. Maar van beleidswijzigingen die zo’n omslag aankondigen is nog geen sprake. In een FB-posting van 29 januari slaat Hubert Smeets de spijker op de kop door zich af te vragen waarom de regering-Rutte zwijgt in antwoord op het beleid van Trump en of de regering in Den Haag zich wel voorbereid heeft. Het lijkt er niet op en dat is voor het hele leiderschap van de EU de trieste constatering. Hopelijk weten Tusk en EU-leiders de EU tijdig te motiveren en verenigen tegen externe dreigingen. Het is pompen of verzuipen.

Herken de tekortkoming in het neorealisme van Beatrice de Graaf

with 2 comments

ts

Het artikelHerken de tsaar in Poetin’ van hoogleraar internationale betrekkingen Beatrice de Graaf in NRC is merkwaardig onevenwichtig opgebouwd. Alsof zij heeft zitten knippen en plakken in eigen werk. In het middenstuk geeft ze een analyse van en waarschuwing voor Putin die tamelijk negatief is voor het Kremlin. De Graaf toont aan dat de Russische leiders zich niet aan afspraken houden en niet aan afspraken te houden zijn. Dankzij ondermijningstactieken en een nostalgische blik naar de 19de eeuw. In die analyse is De Graaf goed te volgen. Het sluit aan bij de in het Westen meest aangehangen visie op de machthebbers in het Kremlin.

Maar in de inleidende en slotalinea’s zegt De Graaf iets anders. Haar instemmende verwijzing naar Laurien Crump zet de toon. Crump is echter niet zozeer voor toenadering en ontspanning, maar voor inbinden. Vanuit een Westers schuldcomplex. De Graaf geeft de positie van Crump dan ook niet goed weer. Crump meent dat het Kremlin niet uit zou zijn op confrontatie met het Westen. Dat sluit echter helemaal niet aan bij De Graafs analyse. Met haar instemmende verwijzing naar Henry Kissinger laat De Graaf zich kennen als een historisch neorealist. In de school van John Mearsheimer de niet voor niets zo populaire historicus in het Kremlin. Iemand die machtsdenken voor afspraken van internationale verdragen, en pragmatisme voor moralisme zet.

Dit neorealisme dat De Graaf aanhangt leidt tot een aanbeveling die haaks staat op haar analyse uit het middenstuk. Want enerzijds moet Nederland van haar goed beseffen waar de Russische dreiging uit bestaat en partners zoeken om die te weerstaan. Maar anderzijds wil ze de Russen eigen speelruimte (diplomatieke ‘theaters’) en begrip geven om ze te appaiseren of in toom te houden. Hoewel uit haar analyse volgt dat het Kremlin letterlijk en figuurlijk over grenzen gaat en het zeer de vraag is of het teruggrijpen naar 19de eeuws machtsverhoudingen de juiste voorwaarde is om van het Kremlin spijkerharde afspraken af te dwingen.

Het grootste gemis van het stuk van De Graaf is dat ze alles in een historische en machtspolitieke dimensie plaatst en daarom het meest waarschijnlijke en voor de hand liggende mist. Dat maakt haar aanbevelingen vrijblijvend. Deze eendimensionele visie biedt weinig waarde voor de praktische politiek. Het is namelijk de economie en de demografie die de zwakte van de Russische Federatie uitmaken. Kortweg gezegd, het Kremlin kan als de reservefondsen zijn uitgeput binnen één of twee jaar economisch op de knieën gedwongen zijn. Door een combinatie van lage olieprijzen, sancties en een stop op investeringen en export van technologie. Dat was de tactiek van president Obama. De Russische confrontatie vraagt om een asynchroon antwoord die afwijkt van de framing door het Kremlin. Dat heeft De Graaf niet begrepen die alles beredeneert vanuit traditionele internationale betrekkingen waarvan ze de contouren kritiekloos door het Kremlin laat dicteren.

Foto: Schermafbeelding van deel ‘artikel ‘Herken de tsaar in Poetin’ van Beatrice de Graaf in NRC, 13 januari 2017.