George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Religie

Kosmisch ritme in religieuze beweging ‘Universal White Brotherhood’

leave a comment »

In de eeuwig lopende serie ‘hoe meer religie, hoe beter’ aandacht voor de Universal White Brotherhood. Deze Universele Witte Broederschap vindt haar bestaan in het collectief beoefenen en beleven van spiritualiteit. Volgens de Britse afdeling die sinds 1974 bestaat is het doel ervan ‘het bevorderen van de studie en het in praktijk brengen van de leer van meester Omraam Mikhaël Aïvanhov, wiens filosofie binnen de lijn van de grote spirituele tradities van de mensheid valt’. De Broederschap geeft de volgende toelichting over de naam, die ‘verwijst primair naar de gemeenschap van heiligen, ingewijden en meesters die werken om het ideaal van een verenigde wereld een filosofie van universaliteit te realiseren’. Het ‘Universele’ verwijst naar het vermogen van mensen om universele concepten over het leven te begrijpen. Het spreekt voor het idee dat mensen hun bewustzijn kunnen uitbreiden met deze concepten die zich uitstrekken tot meer dan slechts één persoon of groep. De beweging is internationaal verspreid en heeft een Nederlandse afdeling die in Huizen is gevestigd.

In de video zien we de beoefening van de sacrale dans – op een berg in Bulgarije bij het meer van Bubreka, in het gebied van de Zeven Rila meren- die door Peter Deunov, de meester van Omraam Mikhaël Aïvanhov, is ontworpen. De dans wordt de Paneuritmie genoemd. De uitleg daarover luidt: ‘De Paneuritmie (letterlijk ‘het sublieme kosmische ritme’) is gebaseerd op de eenheid tussen de idee, het woord, de muziek en de beweging. Volgens Deunov bestaat de paneuritmie in heel de natuur, in heel de kosmos. We dansen deze gewijde dans om ons bewust innerlijk af te stemmen op het goddelijk ontwaken van het leven, het ritme van de vier seizoenen van het jaar, de vreugde van het geven en het harmonieus leren omgaan met alle omstandigheden die je in het leven doormaakt. Is er een helderder omschrijving mogelijk van wat duurzaamheid in wezen inhoudt? De bewuste afstemming vindt plaats door onze handelingen te verrichten vanuit een bedoeling, een verheven ideaal, en we ‘vullen’ deze bedoeling met onze gedachten en gevoelens.’

Zoals alle godsdiensten heeft deze religieuze beweging nadelen. De Wikipedia-pagina bij dit lemma vat ze samen: ‘de vermeende schadelijke effecten van de doctrine op de psyche van sommige volgers, het dieet dat kan leiden tot voedingstekorten en het autoritaire karakter van de geestelijke vorming’. Een rapport uit 1995 van een onderzoekscommissie  van het Franse parlement over sektes groepeert de beweging die in het Frans ‘la Fraternité Blanche Universelle’ genoemd wordt onder de syncretische bewegingen. Het syncretisme wordt gebruikt voor religieuze mengvormen die ontstaan uit bestaande godsdiensten die in een proces van eeuwen van elkaar lenen, elkaar verdringen of samensmelten. De religieuze markt met duizenden godsdiensten en stromingen is continu in verandering. Het Franse rapport zegt over de Broederschap: ‘Opgericht door Omraam Mikhaël Aïvanhov in 1947, presenteert deze zich als een inwijdingsschool die een syncretisch esoterisme aanbiedt op basis van de verering van de zon, de wetten van karma en de “spirituele galvanisering”.’

De Broederschap verkondigt een opvallende opvatting over kunst en artistieke creatie. Bij deze religieuze beweging verdwijnt de kunstuiting achter de persoon ervan. Dat zou inhouden dat voortaan kunstenaars niet beoordeeld worden op hun geschriften, schilderijen of beeldhouwwerk, maar op hun persoon en hun leven. Dat heeft als gevolg dat het onderscheid tussen professionele en hobbyistische kunst verdwijnt en musea, theaters en muziekcentra omgevormd zullen worden tot centra waar de persoon van de creator centraal staat.

Foto: Schermafbeelding van verklaring van ‘Artistic and Spiritual creation’ op de site van Universal White Brotherhood UK.

Advertenties

Deze recensent van Trouw heeft een beperkt begrip van atheïsme en christendom

leave a comment »

In een recensie van Leonie Breebaart in Trouw van 7 augustus 2019 van het boekThe Four Horsemen’ met Richard Dawkins, Christopher Hitchens, Daniel Dennett en Sam Harris komt onderstaande passage voor. Het is onduidelijk wat Breebaart meent te zeggen met de zin: ‘Bovendien kent deze wereld waarschijnlijk evenveel haatdragende atheïsten als gelovige betweters; denk alleen al aan Noord-Korea, en aan de recente racistische aanslag in El Paso’. Is volgens haar ‘haatdragend’ hetzelfde als door geweld om het leven brengen?

De dader van de schietpartij in El Paso is Patrick Crusius. Hij wordt in het bovenstaande bericht van Baptist News Global (in vertaling) een ‘trots-liefhebbende christen’ genoemd. De politieke opkomst van Trump is krachtig gesteund door de leiders van de Evangelicals en is volgens theoloog Reza Aslan omgeslagen in een cult. Fundamentalistische christenen zijn een gevaarlijke religieuze sekte die dankzij Trump de kern van de macht hebben bereikt. Dat is een macht die westerse atheïsten in de westerse wereld nergens hebben bereikt.

Probeert Breebaart steun en gelijkhebberigheid van fundamentalistische christenen die in El Paso ontaardde in een blinde moordpartij door een fundamentalistische christen te neutraliseren door te verwijzen naar Noord-Korea? Ze is onduidelijk en vaag. Is haar uitgangspunt dat daar haatdragende atheïsten aan de macht zijn en probeert ze dat tot een argument om te bouwen door associaties en losse verwijzingen? Breebaart strooit met woorden maar zet ze niet in een dwingend betoog. Breebaart is de impressionist van de flodderigheid. Als dat het niveau van haar betoog in het van oorsprong christelijke Trouw moet zijn dat dient om atheïsten lik op stuk te geven, dan roept ze vooral een recensie van haar recensie op. Wat hebben westerse atheïsten in hemelsnaam te maken met een bewind in Noord-Korea waar ieder zinnig mens afstand van heeft genomen?

Breebaart zou beter de associatie van het fundamentalistisch christendom met geweld en machtsvorming kunnen maken als ze dan toch zo nodig in een recensie over vier atheïsten wil verwijzen naar gelovige betweters. Het besef dat een wereld zonder religie een betere is, begint met het zo eerlijk en sec mogelijk benoemen van de nadelen en uitwassen van religie. Zonder oneigenlijke relativering die alles gelijkschakelt.

Foto 1: Schermafbeelding van deel berichtEl Paso shooting puts Christian nationalism on trial’ van Bob Allen in Baptist News Gobal, 5 augustus 2019.

Foto 2: Schermafbeelding van deel recensieDeze vier atheïsten hebben een beperkt begrip van waarheid’ van Leonie Breebaart in Trouw, 7 augustus 2019.

College voor de Rechten van de Mens zegt dat overheid en rechter niet op stoel van de theoloog moeten zitten, maar deed dat zelf wel

leave a comment »

Op 13 december 2017 schreef ik bovenstaand commentaar over een oordeel van het College voor de Rechten van de Mens in Utrecht. Het ging om Michael Afanasyev die in piratenkostuum wilde promoveren aan de TU Delft vanwege zijn godsdienstige overtuiging. Dat verzoek werd afgewezen door het College voor Promotie van de TU Delft. Daarop was hij naar het College voor de Rechten van de Mens gestapt, maar kreeg nul op het rekest. Hij is lid van de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster. Voor de volledigheid, ik ben ingeschreven als lid en mag mezelf ‘Pastafarian’ bij de Nederlandse Kerk van het Vliegend Spaghettimonster noemen.

Ik had geen goed woord over voor het oordeel van het College voor de Rechten van de Mens en kwalificeerde het als dubbelhartig. Ik schreef: ‘Het College is geen theologisch college en is niet geëquipeerd om theologische doctrines af te wegen’ en ‘Het College gaat haar boekje te buiten door de verzoeker te verwijten dat hij weinig kennis van zijn godsdienst heeft of onvoldoende kan uitleggen op welke gronden hij zijn kostuum op de promotieplechtigheid wil dragen. Dat zijn eisen die niet gesteld kunnen worden aan een gelovige en waarover het College zich niet uit te  spreken heeft’. Mijn conclusie: ‘Het College zit met de uitspraak op het verkeerde spoor. Het kan vanwege de Algemene Wet Gelijke Behandeling niet zeggen dat er op het dragen van het voorgeschreven promotiekostuum bij de TU Delft voor geen enkele godsdienst of levensovertuiging een uitzondering mogelijk is. Die uitzondering op religieuze gronden bestaat wel. Ontbreken van discriminatie zou inhouden dat er voor geen enkele godsdienst en levensovertuiging een uitzondering gemaakt wordt. Nu blijft het vermoeden hangen dat een gevestigde godsdienst een streepje voor heeft op een jonge godsdienst die nog weinig maatschappelijke invloed heeft.’

Op 1 augustus 2019 heeft het College de toelichtingVerbod gezichtsbedekkende kleding’ geplaatst over het zogenaamde ‘boerkaverbod’ dat per 1 augustus 2019 is ingegaan en onder meer dragers van een boerka of niqaab om zich met gezichtsbedekkende kleding te begeven in overheidsgebouwen, onderwijsinstellingen, zorginstellingen en het openbaar vervoer. In die toelichting zegt het College onder meer:

Het lijkt er sterk op dat het College met twee maten meet. Het neemt het op voor degenen die zich laten inspireren door de islam, maar laten degenen die zich laten inspireren door de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster in de kou staan. Dat is niet de soort onpartijdigheid en ‘kleurenblindheid’ volgens welke dit College zou moeten opereren en lijkt sterk te wijzen op juridische willekeur en politieke voorkeur. Overigens zijn de oordelen van het College niet bindend en wordt het gezag ervan niet breed maatschappelijk aanvaard.

Bij het oordeel over Michael Afanasyev zegt het: ‘Het College oordeelt dan ook dat uit de Open Letter van Henderson noch uit de praktijk blijkt dat het dragen van een piratenkostuum tijdens een promotiezitting, als uiting van een godsdienst moet worden beschouwd’. Maar in de toelichting op het boerkaverbod zegt het College: ‘Het recht op godsdienstvrijheid is een fundamenteel recht dat onder meer is opgenomen in artikel 6 van de Nederlandse Grondwet en het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM, art. 9). Dit recht beschermt ook het in het openbaar manifesteren van een godsdienst, onder andere door het dragen van bepaalde kleding of  hoofdbedekking. De gezichtssluier wordt gezien als een uiting van een godsdienst (islam). Dat niet alle moslims dit zo zien of alle moslimvrouwen er een dragen, is daarbij niet relevant. De overheid of rechter mag namelijk geen inhoudelijke oordeel vellen over wat al dan niet een religieuze verplichting is: zij mogen niet ‘op de stoel van de theoloog’ gaan zitten. Als een groep van moslims meent dat het dragen van een gezichtssluier een religieuze uiting is en de gezichtssluier door een groep vrouwen wordt gedragen, dan valt dat onder de bescherming van de vrijheid van godsdienst.’

In de toelichting op het boerkaverbod haalt het College het eigen oordeel over Afanasyev onderuit. Het College zegt in de toelichting terecht dat de ‘overheid of rechter geen inhoudelijk oordeel mag vellen over wat al dan niet een religieuze verplichting is: zij mogen niet ‘op de stoel van de theoloog’ gaan zitten’. Maar in het oordeel over Afanasyev doet het College precies dat: het gaat op de stoel van de theoloog zitten als het oordeelt wat als uiting van een godsdienst moet worden beschouwd. Hoe kan het College in de toelichting op het boerkaverbod stellen dat overheid op rechter niet op de stoel van de theoloog mag gaan zitten terwijl het dat in het oordeel 2017-145 over Afanasyev wel deed? Dit roept niet zozeer de vraag op hoe samenhangend, consistent en ‘doorleefd’ de aanhanger van een geloof moet zijn om juridisch goedgekeurd te worden een geloof aan te hangen, maar hoe samenhangend, consistent en ‘doorleefd’ de oordelen van het College van de Rechten van de Mens zijn. Dit raakt aan onzorgvuldigheid en politieke willekeur van het College.

De toelichting kan nog met een andere uitspraak worden verbonden, namelijk uitspraak 201707148/1/A3 van de Raad van State van 15 augustus 2018 waar ik in twee commentaren fundamentele kritiek op had. Zie hier en hier. In dat laatste commentaar schreef ik: ‘De Raad van State heeft zich met de uitspraak zo ver buiten het juridische domein gewaagd dat het ermee de aandacht gevestigd heeft op het eigen perspectief. Zoals gezegd, 1) rechtbanken zijn niet geëquipeerd om theologische doctrines af te wegen; 2) de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State treedt buiten de toetsingscriteria door politiek-maatschappelijke belangen zwaar in haar toetsing door te laten wegen en 3) de toetsingscriteria zijn onheus omdat ze scheefgegroeide leerstellingen van de traditionele godsdiensten -volgens welke betreffende godsdienst afgewezen zou moeten worden- achteraf onterecht fiatteren én nieuwe kandidaat-godsdiensten op deze identieke gronden de toegang tot de religieuze sector ontzegt wat de rechtsongelijkheid versterkt.’

De toelichting van het College geeft ondersteuning voor mijn kritiek op de Raad van State die op de stoel van de theoloog is gaan zitten. Dezelfde kritiek had ik op een uitspraak van 15 februari 2017 van de meervoudige kamer van de rechtbank in Den Bosch waar ik dit in een commentaar benadrukte: ‘Essentie is dat de rechter oordeelt over de interne werking van een godsdienst of levensovertuiging, maar daar niet de expertise voor heeft en zich dit oordeel niet toe zou moeten meten. De rechter moet de wet toepassen, maar daarbij ‘aan de buitenkant’ blijven en niet een oordeel vellen over wat een godsdienst is. Een rechter is geen godsdienstwetenschapper en daarom is het ongepast dat een rechter dit meent te kunnen onderzoeken (..).

Instituties vertegenwoordigen de status quo. Het is goed dat ze continuïteit waarborgen omdat er anders wanorde zou ontstaan. Maar soms dringen maatschappelijke ontwikkelingen sneller op naar het centrum van de samenleving en worden er geaccepteerd zonder dat de instituties dit tijdig voorzien en er passend op reageren. Dan ontstaat een maatschappelijk ervaren ongelijkheid. Dat gebeurde bij de opkomst van de Provo-beweging eind jaren 1960. Het gezag liep achter de feiten aan en wist enkele jaren met zichzelf geen raad.

Het lijkt er sterk op dat sinds de jaren 1990 de ontkerkelijking, individualisering, opkomst van sociale media en de reactie op de gedeeltelijke restauratie van orthodox-religiositeit zo’n nieuwe breuk in de samenleving hebben gecreëerd. Instellingen als het College voor de Rechten van de Mens, de Raad van State en lokale rechtbanken lopen mede door de personele invulling met oudere medewerkers die zijn opgevoed met traditionele waarden en godsdiensten achter op wat de samenleving verlangt. Het is een kwestie van tijd voordat dat rechtgetrokken wordt en deze instellingen tot het volle besef over hun achterstand komen. De conflicterende oordelen bij het College voor de Rechten van de Mens duiden op die overgangssituatie.

Foto 1: Schermafbeelding van deel commentaarKwestie Michael Afanasyev/ TU Delft. Oordeel van het College voor de Rechten van de Mens over het pastafarisme biedt perspectief’ van George Knight, 13 december 2017.

Foto 2: Schermafbeelding van deel toelichtingVerbod gezichtsbedekkende kleding’ van het College voor de Rechten van de Mens, 1 augustus 2019.

Nietsontziend claimen religieuze organisaties andersdenkenden. Zelfs doden worden om zakelijke redenen over hun graf ingelijfd

leave a comment »

Georganiseerde religie is een miljardenbusiness. Er staan grote zakelijk belangen op het spel. Opbrengsten uit vastgoed en bedrijven of kerkelijke belastingen. Religieuze organisaties zetten alle onderscheidende middelen in om zichzelf aantrekkelijk en ‘sexy’ te maken. Om de concurrenten de loef af te steken. Want de religieuze markt kent wereldwijd met duizenden religies en religieuze stromingen vele mededingers. Inclusief de verafgoding van de duizenden Goden. Religies vissen in dezelfde vijver. In West-Europa is die religieuze markt ook nog eens krimpend, zodat de strijd om de overblijvende gelovigen nog feller is dan in een groeimarkt.

Zoals Pepsi Cola en Coca Cola, Shell en BP of Apple en Microsoft elkaar bestrijden, zo moeten religieuze organisaties elkaar kunnen bestrijden. Dat ligt in de aard van een bedrijf. Het gaat om winst maken en het waarborgen van de continuïteit. Religieuze leiders leven doorgaans op grote voet en zijn daaraan gewend geraakt. Ze willen ongaarne een stapje terug doen. Omdat zij voor hun voorzieningen en broodwinning uitsluitend van hun religieuze organisatie afkomstig zijn en ze niet als een CEO van een multinational over kunnen stappen naar een andere religie, zijn ze in zekere zin gevangene van hun eigen religieuze organisatie.

Een populaire methode om de zieltjes van gelovigen te winnen of die gelovigen dieper in een specifieke religie te verankeren is de bekering. Daarmee wordt veel publiciteit gezocht door religieuze organisaties. Dan zou de moslim bekeerd zijn tot het christendom of andersom. Of de hindoe tot de islam of andersom. Als men in de marketing niks hoort over een bepaald type bekering dan komt dat omdat de zakelijke en publicitaire belangen minder groot zijn. Zo is er nooit nieuws dat een agnost is bekeerd tot het atheïsme of andersom.

Een apart soort bekering is de doodsbedbekering. Het voordeel daarvan is dat een religieuze organisatie die uit is op publicitair voordeel tamelijk ongestraft  bekende doden kan claimen. Ze kunnen het niet weerleggen. Bekende atheïsten als Stephen Hawking of Christian Hitchens werden na hun dood door christenen geclaimd. Dat gebeurde respectloos en botweg. Op hun doodsbed zouden ze tot het Christendom zijn bekeerd. Op deze religieuze lijkenpikkerij van christelijke organisaties gaf de stervende Hitchens het beste antwoord, aldus een artikel in Trouw: ‘Als ik me bekeer, is dat omdat er beter een gelovige kan sterven dan een atheïst’.

Foto: Schermafbeelding uit artikelCatholics Online Claim Stephen Hawking Experienced Deathbed Conversion’ van Michael Stone, 19 maart 2018 op Patheos.

Amerikaans onderzoek wijst uit dat witte evangelicals minst bereid zijn om vluchtelingen toe te laten. Waar is hun moreel kompas?

with 5 comments

Zullen we één ding afspreken als geestelijke leiders of sympathisanten van religieuze organisaties claimen dat er zonder God geen moraal is? Het is dat soort meningen dat in talloze artikelen in Trouw of christelijke media die overtuigd zijn van de eigen voortreffelijkheid – die wellicht even wat minder naar buiten komt maar in de kern als aanwezig wordt verondersteld – wordt geponeerd zonder dat het door enig onderzoek onderbouwd wordt. Het is verticaal nattevingerwerk. Zo zegt Mathilde van Meeuwen in 2010 in een opinieartikel: ‘Het christendom biedt een moreel kompas om die grondrechtelijke vrijheden in de hand te houden. De wet van God die Hij aan ons gegeven heeft, moet de absolute moraal blijven en die geboden moeten we nastreven.

Een onderzoek over de toelating van vluchtelingen van Pew Research Center dat in mei 2018 gepubliceerd werd laat zien dat degenen die het meest bereid zijn om vluchtelingen toe te laten de ‘unaffiliated’ zijn, dus degenen die niet bij een religieuze organisatie aangesloten zijn. Zeg maar de ongelovigen. Ze zijn in een verhouding van 65% voor en 31% tegen bereid om vluchtelingen tot hun land toe te laten. De groep die het minst bereid is om vluchtelingen toe te laten zijn de witte evangelicals. Ze zijn 25% voor en 68% tegen. Dat is in strijd met de Bijbel die zegt dat men vriendelijk tegen vreemdelingen moet zijn. Laat dat goed tot types als Mathilde van Meeuwen doordringen die er zo van overtuigd zijn dat het christendom een uniek moreel kompas biedt om te beslissen over goed en kwaad. Dit onderzoek kwam opnieuw in de publiciteit door een tweet van 8 juli 2019 van Pew Religion waarbij aan bovenstaand diagram een opsomming was toegevoegd:

Laten we afspreken dat we de claim op moraal door gelovigen voortaan afdoen als lachwekkend, potsierlijk, aanmatigend, onwaarachtig en in strijd met de feiten. Gelovigen hebben niet de wijsheid in pacht en evenmin hebben ze als enigen een moreel kompas of het best afgestelde morele kompas. Wat hun geestelijke leiders met hun zalvende woorden de gelovigen ook op de mouw spelden. Het is van de andere kant evenmin zo dat degenen die zich niet laten inspireren door religie als enigen een moreel kompas hebben. Dat is ook onzin.

Het lijkt wel zo dat niet-gelovigen meer vrijheid en bewegingsruimte hebben om grotere maatschappelijke verantwoordelijkheid te nemen. Bijvoorbeeld over het toelaten van vluchtelingen. In hun individualisme kunnen ze zich niet verschuilen achter kerkelijke leiders. Ze moeten zelf nadenken en kiezen. Dat sluit het risico uit dat ze worden meegesleurd door radicaliserende kerkelijke leiders. En door politieke leiders die religie voor hun karretje spannen. De zogenaamde niet-gelovigen hebben hun eigen kompas dat niet wordt afgesteld door anderen. In elk geval niet in een georganiseerde en van boven opgelegde dwang die weinig ruimte laat voor eigen moraal. Zo kan de redenering van Mathilde van Meeuwen simpelweg omgekeerd worden: Het christendom biedt geen moreel kompas, maar legt dat op oneigenlijke gronden de gelovigen op.

Foto 1: Deel van artikelRepublicans turn more negative toward refugees as number admitted to U.S. plummets’ van Hannah Hartig op Pew Research Center, 24 mei 2108.

Foto 2: Deel van tweet van Pew Research Religion, 8 juli 2019.

Zinloze wedstrijd over identiteitspolitiek tussen een homo-activist en een conservatieve christen: Megan Rapinoe vs. Jerry Newcombe

leave a comment »

Voetbal. Volgens velen de belangrijkste bijzaak in het leven. Wie afgelopen weken de media volgde moet concluderen dat voetbal eerder hoofdzaak is. Aan de hand van het Wereldkampioenschap in Frankrijk werd heel wat afgeanalyseerd, om niet te zeggen afgekletst. Iedereen lijkt er eigen wensen, verwachtingen en voorwaarden op te projecteren. Miljoenen spreekwoordelijke bondscoaches staan opgewonden langs de lijn.

Veelzeggend is de opstelling van de mede-aanvoerder van de ploeg van de VS Megan Rapinoe. Zij laat zich behoorlijk gelden in de publiciteit. Wat ze zegt blinkt vaker uit door politiek activisme dan door logica. In het artikelThe Era of the Ungrateful American’ op ChristianHeadlines valt de voor de evangelistische D. James Kennedy Ministries werkzame Jerry Newcombe Rapinoe aan en claimt dat ze ondankbaar is jegens haar land en de Heer van het Christendom. Dat is ook weer teveel van het goede. Mijn reactie op ChristianHeadlines:

Een tweet van Megan Rapinoe waar ik mede bovenstaande reactie op baseerde, plus mijn antwoord:

Foto’s 1 en 2: Schermafbeelding van delen van artikelThe Era of the Ungrateful American’ van Jerry Newcombe op ChristianHeadlines, 4 juli 2019.

Foto 3: Tweet van Megan Rapinoe en eigen antwoord, 8 juli 2019 (Nederlandse tijd).

Slogan ‘Stem niet op een verkrachter’ typeert en begunstigt Trump meer dan de Democraten

with one comment

Een sterke slogan, ofwel leus of motto, is belangrijk in de politieke marketing. ‘Stem niet op een verkrachter’ is de slogan waarvan de ingehuurde schrijver Tony Schwartz voor Trumps ‘Art of the Deal‘ denkt dat de Democraten die moeten gebruiken om Trump in 2020 te verslaan. Inmiddels zijn er 16 vrouwen maar buiten gekomen met verhalen die Trump beschuldigingen van verkrachting of grensoverschrijdend seksueel gedrag.

Heeft Schwartz gelijk? Tot nu toe hebben alle verhalen over Trumps wangedrag tegenover vrouwen weinig opgeleverd. Notabene in het Me Too-tijdperk waarin vele opinieleiders in de film- en mediaindustrie van hun voetstuk zijn gestoten. De Republikeinse partijleiding en evangelistische kerkleiders hebben beschuldigingen weggewuifd en zijn Trump om politieke redenen blijven steunen, hoewel diens gedrag haaks staat op de waarden die deze partij en kerk zeggen te vertegenwoordigen. Aardige varianten zouden trouwens zijn ’Stem niet op iemand die in bed ligt met de vijand’ of ’Stem op iemand die respect heeft voor vrouwen’.

Die steun heeft sekte-achtige vormen aangenomen waarin blind geloof elk argument neutraliseert. Zoals dat altijd gaat met godsdienst en bovenzinnelijkheid. Theoloog Reza Aslan zei daar in november 2017 over: ‘Want het enige dat gevaarlijker is dan een sekteleider, is een sekteleider die een martelaar is’. Dat is de reden dat Trump het vooruitzicht van impeachment door de Democraten in het Huis thematiseert. Waarbij in het midden blijft of hij daar bang voor is en in een tactische omkering de aanval kiest op dat wat hij het meeste vreest of dat zijn strategie het vasthouden van zijn achterban is. In een fantasieloze en eentonige, maar wellicht succesvolle aanpak. Het is echter een gok om met een minderheid de verkiezingen te winnen. Een minderheid van zo’n 35% steunt Trump door dik en dun, en daarnaast is er nu zo’n 8% sympathisanten die hem om politieke redenen steunt. Trumps steun schommelt al tijden rond de 43% volgens nieuwssite FiveThirtyEight.

Het gaat om het mobiliseren van de meerderheid aan Democratische, onafhankelijke, Trump-kritische en Trump-weifelende kiezers in de Republikeinse partij. De slogan spreekt vooral vrouwen aan. Trumps steun onder vrouwen was in 2016 met 41% laag en is waarschijnlijk verder gedaald. Ook onder witte, Republikeinse vrouwen in de buitenwijken. Tot hun verbijstering zien vrouwen nu al sinds de publicatie van de zogenaamde Access Hollywood opname op 7 oktober 2016 dat Trump die zich herhaaldelijk heeft bezondigd aan seksueel wangedrag daarmee wegkomt. De president die ooit met uitingen van deugdzaamheid, rechtschapenheid en eerbaarheid de morele leider van de natie was is dat niet meer. Met wangedrag en capriolen beschadigt Trump het morele gezag van zijn land. Hij is het uithangbord van de ongelijkheid in de Amerikaanse samenleving geworden. Degenen die hem steunen stemmen in met de afbraak van dit moreel gezag en die ongelijkheid.

Trumps steun onder het electoraat is in theorie met 43% te laag om op eigen kracht de presidentsverkiezingen van 2020 te winnen. Hij mag net als in 2016 hopen op allerlei vormen van kiezersonderdrukking door Republikeinse bestuurders op staatsniveau waardoor sympathisanten van zijn tegenstander ontmoedigd worden én op Russische steun die de Democratische kiezers via sociale media misleidt om niet te gaan stemmen. Een verdeelde Democratische partij waarin tot nu toe geen overtuigende kandidaat zich aftekent om Trump uit te dagen moet de rest doen. Schwartz’s slogan neutraliseert Trumps mogelijk politieke draai, ‘pivot’ naar het centrum. Hiermee zou Trump zijn basis kunnen verbreden. De slogan spreekt Trump niet aan als politicus, maar als een vrouwonvriendelijk individu die wangedrag vertoont en weinig moreel gezag heeft.

De slogan thematiseert twee fundamentele debatten. Ten eerste of de frontale aanval op Trump zinvol is en niet juist zijn achterban mobiliseert om te gaan stemmen. Uitgaande van Trumps minderheidsstrategie dat zijn trouwe basis van 38-43%, kiezersonderdrukking van de Democratische stem, Russische misleiding via sociale media en een Democratische opponent die niet de hele achterban van de Democratische partij achter zich krijgt voldoende is voor winst. Ten tweede accentueert het de onenigheid binnen de Democratische partij tussen de links-radicalen die gaan voor het benadrukken van identiteit, radicale beleidsmaatregelen en impeachment van Trump en de gematigden die behoedzamer opereren en net als bij de succesvolle tussentijdse verkiezingen van 2018 zich niet rechtstreeks willen richten op Trump, maar -over zijn hoofd heen- op de onderwerpen die Trumps kiezers belangrijk vinden, zoals zorg.

Er moet eerst een Democratische kandidaat zijn voordat er een slogan is. Dan pas kan aan deze persoon een slogan gekoppeld worden die past. Het maakt nogal uit voor de toon en inhoud van de campagne of Kamala Harris, Elizabeth Warren, Joe Biden of iemand anders Trumps uitdager wordt. Zo bekeken komt de slogan te vroeg. Uitmuntend in duidelijkheid, maar tegelijk verdeeldheid zaaiend binnen de Amerikaanse samenleving en de Democratische partij, en slechts mondjesmaat binnen Trumps achterban. Speak low en niet too soon. Zo vermengt zich ook hier de populaire cultuur van een liefdesliedje met hogere politiek die akelig laag is.

Foto: Tweet van Tony Schwartz, 30 juni 2019 (NL tijd).