Europese sancties van Russische Federatie hebben alleen zin als ze krachtig zijn en de kringen van Putin direct en hard raken

Onbetwistbaar is de Russische oppositieleider Alexei Navalny vergiftigd met het zenuwgas Novichok. Hij overleefde ternauwernood en werd naar een Berlijns ziekenhuis vervoerd om te herstellen. Nu beschuldigen de grotere Europese landen Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk dat de Russische Federatie en wel bepaald de Russische president Putin achter de vergiftiging van Navalny zit en daar uitleg over dient te geven. Als het dat blijft weigeren, dan volgen sancties. Nederland steunt dat bij monde van minister Stef Blok.

Sancties helpen, maar in geringe mate als ze te terughoudend zijn. Dat kondigt zich in de uitgelekte voorstellen aan. Wat nu in de EU door enkele grotere landen wordt voorgesteld is onvoldoende. Het plan is om de vermeende uitvoerders van Navalny’s vergiftiging, te weten de militaire inlichtingendienst GROe, op een sanctielijst te zetten. Dat is niet alleen te simpel omdat de opdrachtgever buiten schot blijft, maar de Europese regeringsleiders beseffen dat het te simpel is. Het is een slap compromis. Namelijk het met bravoure aankondigen van sancties die echter onmachtig zijn en nauwelijks sancties genoemd kunnen worden.

Het moet serieuzer en zwaarder. Europese landen moeten harder optreden tegen het Kremlin als dat geen duidelijkheid geeft over de betrokkenheid bij Navalny’s vergiftiging. Krachtige sancties zijn cynisch genoeg ook een middel om tot een geloofwaardig en eensgezind buitenlands beleid van de EU te komen. Daarbij helpt het de democratische krachten in de Russische Federatie. Sancties helpen pas als ze krachtig zijn.

Een drieledige aanpak is gewenst: terughalen roofgeld, blokkeren propaganda en energie-onafhankelijkheid.

1) De machthebbers in het Kremlin en hun bondgenoten sluizen al decennia geld door naar het Westen omdat hun geroofde geld in eigen land niet veilig is en weer gestolen kan worden. Dief en diefjesmaat. Dat geld zetten ze in veel gevallen om in onroerend goed. Zoals dure huizen in Londen of appartementen (condos) in New York of Florida. Confisqueer met alle juridische middelen de tientallen miljarden dollars die deze witte boorden criminelen van de Russische bevolking gestolen hebben en op Westerse banken hebben gestald of in bezittingen hebben gestopt. Stop de opbrengst van de confiscatie, de verkoop van onroerend goed en het achterhalen van de bezettingen in een fonds dat door een onafhankelijk stichting wordt beheerd en als het moment daar is aan een toekomstige democratische Russische regering toekomt. Wellicht is niet al het illegale Russische bezit in westerse landen te achterhalen, maar nu wordt niet eens geprobeerd het ’terug te halen’.

2) Navalny noemt de Russisch-Ossetische dirigent Valery Gergiev als een voorbeeld van iemand uit de kringen van Putin die onder druk moet worden gezet. Er bestaat geen twijfel over dat Gergiev een fervent supporter is van het bewind van Putin en zich voor propagandadoeleinden laat inzetten. Putin en Gergiev zijn goede vrienden en zouden peetvader van elkaars kinderen zijn. Navalny pleit voor een westerse boycot van allen uit de kringen van het Kremlin en het bevriezen van hun tegoeden. In praktijk zou dat betekenen dat Kremlin-gezinde kunstenaars en musici (Anna Netrebko) die onderdeel zijn van het propaganda-apparaat niet meer in het Westen kunnen optreden. Overigens pleit ik al sinds 2016 voor een boycot van Gergiev die onder meer in Rotterdam door de economische en culturele elite wordt verafgood tijdens het jaarlijkse Gergiev Festival. Zie hier mijn commentaar. Er is in Nederland enige kritiek op dat onder meer leidde tot raadsvragen van Ruud van der Velden van de Rotterdamse PvdD. Maar het besef over de ongewenstheid van de Russische propaganda breekt bij zowel publiek als Nederlandse overheid niet echt door. Dat wegkijken duurt nu al vijf jaar.

3) De Russische Federatie is economisch een betrekkelijk onbelangrijk land, terwijl het in oppervlakte het grootste land ter wereld is. Met de verkoop van olie en gas aan het buitenland weet het nog enigszins buitenlandse valuta binnen te halen. Dat blijft hangen in de kringen van het Kremlin. Wie de macht onder druk wil zetten kan dat het beste doen door het te raken in de verkoop van energie. Na de vergiftiging van Navalny en de door president Loekasjenko met behulp van Putin gestolen verkiezingen in Wit-Rusland gingen in Duitsland vooral in regeringspartij CDU en bij de Groenen stemmen op om als straf de aanleg van gaspijplijn Nord Stream II te stoppen. Praktisch ligt die aanleg door een Amerikaanse boycot van de Senaat al sinds december 2019 stil. De steun van beide partijen is zeldzaam en resulteerde in het wetsvoorstel van Ted Cruz en Jeanne Shaheen Protecting Europe’s Energy Security Act of 2019. De meerderheid van de Duitse politiek heeft zich in de EU vervreemd van critici omdat het blijft ontkennen dat Nord Stream II een politiek project is.

Gedachten bij de foto ‘Food Administration: Making sauerkraut’ (1918). Door een Duits vijandbeeld wordt zuurkool Nederlands

Ook in Nederland wordt zuurkool niet geassocieerd met de Nederlandse keuken, maar eerder met de Duitse of Frans-Elzasische keuken. Sauerkraut dus. Of Choucroute. Maar tijdens oorlogen wordt alles anders.

Deze Amerikaanse fotoFood Administration: Making sauerkraut’ dateert uit (ongeveer) 1918. In de westerse pers waren de misdragingen van het Duitse leger van de Belgische bevolking breed uitgemeten. Grotendeels propaganda. De Krauts waren niet populair in de VS, en Sauerkraut moest eronder lijden. Toch is zuurkool gezond en is het gewenst dat de bevolking het eet. Ook in verband met het verschepen van voedsel naar het Europese oorlogsgebied. Maar zoals gezegd, de associatie met Duitsland zit dat in de weg. Het tijdens de Eerste Wereldoorlog neutrale Nederland biedt de oplossing. Sauerkraut wordt door de Amerikaanse overheid in de pers omschreven als Nederlands. Zodat de Amerikanen weer zuurkool gaan eten. Vaderlandsliefde gaat door de maag. En het image van de Nederlandse keuken wordt beter door een leugentje om bestwil.

Foto’s: Schermafbeeldingen uit artikelLiberty Cabbage: 1918’ op Shorpy.

Wat er gebeurde met Alexei Navalny zullen we van de Russische propagandazender RT niet te weten komen. Dat is de strikte regel

Mijn reactie bij bovenstaande video van 18 september 2020 van de Russische propagandazender RT:

What a curious argument. Navalny was monitored 24/7 by the Russian intelligence services in the Russian Federation. So if they did their job properly, they will know exactly who poisoned Navalny. Maybe it was them themselves.

The Kremlin then demands that it receive the data from the German tests. But what is that based on?

Moreover, the argument is far from logical. Because if Navalny were poisoned on behalf of the Kremlin, which is the most likely scenario at this point, it would be unwise to include the perpetrator in the investigation. The Kremlin wants to join in to make that even more complicated. As with the investigation into MH17, Sergei Skripal and Aleksandr Litvinenko.

It is time for the Kremlin to start acting like an adult and for the propaganda broadcasters to abandon those childish and nonsense arguments. It has no level and damages the dignity of the Russian people. If the Russian Federation is to be taken seriously by other countries, it better start behaving seriously.

Duitse satire van ZDF Heute Show over Nord Stream II. De beperkingen en verdiensten van het genre

Het is even wennen, Duitse humor. De ZDF Heute Show geeft in de marge van het nieuws op de satirische manier van Stephen Colbert, John Oliver, Arjen Lubach of Trevor Noah commentaar op de actualiteit. Het is tegelijk verfrissend en irritant oubollig dat presentator Oliver Welke in de vorm niet aansluit bij de huidige tijd.

De beperktheid van dit soort satire blijkt uit een analyse van onderwerpen als Nord Stream II of het Wirecard-schandaal. Deze programma’s zoeken aansluiting bij wat de kijkers weten en kunnen slechts weinig afwijken van bekend terrein. Want dan worden verwijzingen onmogelijk. Gemakzucht en herkauwen is het resultaat. Daarom verwijzingen naar bekende zondebokken als kanselier Merkel, vice-kanselier Olaf Scholz of oud-kanselier Schröder. Dat is bekend terrein. Groteske overdrijving komt in de plaats van fijnzinnige analyse.

Bij gaspijplijn Nord Stream II die vanwege Amerikaanse sancties al sinds december 2019 zo goed als dood is gaat het niet om Nord Stream II. Maar om de schijn van Duitse onafhankelijkheid en samenwerking in de EU. De top van de Duitse politiek is voor zichzelf en voor Duitsland op zoek naar een rol die past bij de statuur van hun land. Duitsland heeft zich afgelopen jaren in de EU wat Nord Stream II betreft geïsoleerd met een Alleingang. Amerikaanse sancties hebben het Duitse zelfbeeld aangetast. De paradox is dat de Duitse politiek dat beeld probeert over te nemen door zelf te gaan dreigen met sancties. Dat is de projectie van macht.

Omdat het een politiek en geen economisch project is maakt het voor de Russische machthebbers niks uit wat het vervolg is. Zie dit artikel van Maxim Kireev. Door corruptie bij de aanleg is het geld uit de Russische staatskas toch al in de zakken van de zakenvrienden en bevriende politici van president Putin verdwenen.

Toch slaat Oliver Welke best een ferme toon aan en houdt hij de hypocrisie van de linkse Die Linke tegen het licht. Hoewel dat ook wel scoren voor open doel is omdat Die Linke zich door hun onderhorigheid aan het Kremlin belachelijk maakt. Het is verwonderlijk dat een arbeideristische partij het opneemt voor de Russische elite die steelt van de Russische burgers en het niet voor Alexei Navalny die die corruptie aan de kaak stelt.

Omdat zo’n programma een tamelijk breed publiek bereikt dat wellicht voor het eerst een wat langere uiteenzetting over zo’n politiek onderwerp aanhoort, kan de invloed ervan niet onderschat worden. Dat het verouderd aandoet dient mogelijk de acceptatie ervan nog meer. Elk land krijgt de satire die het verdient.

Toenemende druk in Duitse politiek om als sanctie te stoppen met de aanleg van het Russisch gaspijplijn project Nord Stream II

Het prominente CDU-parlementslid Norbert Röttgen die minister van Milieu was in de regering Merkel II pleit voor een hard antwoord aan de Russische politiek voor de vergiftiging met zenuwgas van de belangrijkste Russische oppositieleider Alexei Navalny. Röttgen behoort tot de liberale vleugel van de CDU. De Russische bemoeienis met de situatie in Wit-Rusland ziet hij ook als reden voor een stevig antwoord aan het Kremlin.

De ultieme reactie die de Russische president Putin volgens Röttgen begrijpt is stoppen met de aanleg van Nord Stream II. Deze gaspijplijn maakt Europa nog sterker afhankelijk van Russisch gas dan nu al het geval is en is in strijd met het energiebeleid van de EU inzake onafhankelijkheid en diversiteit. De FDP stelt Nord Stream II ook ter discussie en de Groenen die vanwege het milieu en geopolitiek altijd al tegen Nord Stream II waren herhalen hun standpunt dat dit project gestopt moet worden. De SPD en het CDU van kanselier Merkel handhaven tot nu toe hun standpunt dat Nord Stream II afgerond moet worden. Merkel heeft altijd beweerd dat het om een economisch project gaat, hoewel ze later toegaf dat het een belangrijke politieke component heeft. Duitsland heeft afgelopen jaren het verwijt gekregen Nord Stream II er vanwege eigenbelang door te willen drukken. Hoe dan ook neemt in de Duitse politiek de oppositie tegen Nord Stream II toe. Het is de vraag waar dat eindigt en hoe de verwachte ‘overname’ van Wit-Rusland door het Kremlin hierin een rol zal spelen.

Ook in de journalistiek klinken stemmen dat de Duitse regering er niet aan kan ontkomen te stoppen met Nord Stream II. Als het samen met de EU wil reageren op Navalny’s vergiftiging. Stefan Kornelius beweert dat in het artikelWer von Sanktionen spricht, kommt an Nord Stream 2 nicht vorbei’ in de Süddeutsche Zeitung:

Foto: Schermafbeelding van deel artikelWer von Sanktionen spricht, kommt an Nord Stream 2 nicht vorbei’ van Stefan Cornelius in de Süddeutsche Zeitung, 3 september 2020.

Antwoord aan Tommy Wieringa: Duitse kunst wordt tot courtisane van de politiek gemaakt. Dat is geen voorbeeld voor Nederland

Mijn reactie op de FB-pagina van NRC bij de columnDe wereld van gisteren’ van Tommy Wieringa in NRC, 28 augustus 2020:

Wieringa laat zich misleiden door zich blind te staren op de Duitse cultuurpolitiek. Het is een verkeerd begrepen onderwerp dat Nederlandse opinieleiders telkens weer als tegenvoorbeeld hanteren. Wieringa kijkt selectief, hoewel hij uiteraard gelijk heeft dat het misnoegen van de complete Nederlandse politiek én de samenleving voor de kunst immens is. Dat verdient kritiek. Maar laat hem dat zeggen en het daar bij laten. Het is ongelukkig om dat reliëf te willen geven door de vergelijking met de Duitse cultuurpolitiek. Die wordt door het Nederlandse voorbeeld dat afkeuring verdient nog niet witgewassen.

Het kunstbeleid van zowel kanselier Merkel als de regionale Duitse politiek is behoudend en vooral gericht op het ondersteunen van gevestigde culturele instellingen. Merkel pleit uitsluitend voor steun die in lijn is met het overheidsbeleid. Zo maakt ze kunst ondergeschikt aan haar politieke doelen. Hoe royaal ze dat ook doet, het staat haaks op het ondersteunen van het experiment of de tegendraadsheid van de kunst. Merkel zet met haar steun in op het verder Salonfähig maken van de kunst.

Men zou zelfs de stelling kunnen verdedigen dat het beleid van Merkel de kunst meer beschadigt dan wat premier Rutte nalaat. Het is als een pianoleerling die zich door zelfstudie een verkeerde vingerzetting heeft aangeleerd. Dat is een slechtere uitgangspositie om een succesvolle pianist te worden dan iemand die nieuw moet beginnen. In Duitsland heeft zich een establishmentkunst gevestigd die slechts in enclaves in grote steden concurrentie krijgt van initiatieven van de kunstenaars zelf. Getalsmatig vertaald gaat dat om de establishment cultuurpolitiek van SPD en CDU/CSU tegenover de Groenen die uitgaan van de kunst en de kunstenaars.

Het gaat dus om de vrijheid van de kunst, of nog liever gezegd om de vraag wat de functie van kunst is. Of nog anders geformuleerd, kan kunst die getemd, gepamperd en ondergeschikt is gemaakt aan doelen van politieke partijen nog kunst genoemd worden? Of is die ‘kunst’ verworden tot een circusact van een paard dat eindeloos door de piste mag draven onder applaus van de politiek die zich ervoor zelfgenoegzaam op de borst klopt?

Wieringa doet er verstandig om een doorstart in zijn denken te maken over de Duitse cultuurpolitiek. Hij heeft uiteraard gelijk wat de aftandse stand van de Nederlandse cultuurpolitiek betreft. Hoofdfiguren als premier Mark Rutte, minister Eric ‘kunst is een hobby’ Wiebes en minister Ingrid van Engelshoven kunnen hun weerzin tegen de kunstsector niet verbergen. Op lokaal niveau tonen cultuurwethouders juist ongegeneerd hun weerzin door zich af te zetten tegen de kunst. In 2017 zei de Alphense cultuurwethouder Kees van Velzen (CDA) over een kunstwerk in de publieke ruimte dat hij het ‘foeilelijk’ vond en wilde vervangen door een werk dat ‘meer uitstraling en betekenis heeft voor de identiteit van de gemeente’. Dat is de kern waar het om gaat. Merkel wil de kunst inzetten voor de identiteit van Duitsland. Maar zijn we het er niet over eens dat kunst zich niet tot een lover boy of in het Duitse geval tot een deftige courtisane van de politiek moet laten maken?

Foto: Schermafbeelding van deel columnDe wereld van gisteren’ van Tommy Wieringa in NRC, 28 augustus 2020

Klaus-Dieter Lehmann: ‘Kunst moet vrij zijn’. Hoe verhoudt zich dat tot de eis van diversiteit die overheden aan de kunstsector stellen?

Klaus-Dieter Lehmann is president van het Duitse culturele Goethe Institut. Hij houdt een toespraak bij de aankondiging van de uitreiking van de jaarlijkse Goethe-Medailles op 28 augustus 2020 aan Zukiswa Wanner, Elvira Espejo Ayca en Ian McEwan. Ze worden namens de Duitse staat uitgereikt. Het motto van 2020 is ‘Verdraag tegenspraak – de opbrengst van tegenspraak’ (Widerspruch ertragen – der Ertrag des Widerspruchs).

Het Goethe Institut geeft een toelichting over de toekenning en de laureaten. Lehmann ziet de coronacrisis meer dan een virologisch probleem als hij zegt: ‘Het verandert samenlevingen door wederzijds isolement, desinformatie en tegenstrijdigheden. We willen deze ontwikkeling trotseren en niet afzien van de uitreiking van de Goethe-medaille. We versterken wat hen verbindt met een grensoverschrijdend digitaal netwerk van cultuur en zullen zo nieuwe alternatieven en processen krijgen als gevolg van de tegenstrijdigheid.’

Interessant is dat Lehmann stelt dat kunst vrij moet zijn en niet onderworpen aan externe beperkingen. Wie die lijn doortrekt stuit echter op een tamelijk nieuwe tegenstelling. Want de politiek of cultuurfondsen die van overheidsgeld afhankelijk zijn leggen tegenwoordig kunstinstellingen normen op over diversiteit en inclusie. Weliswaar formeel vrijblijvend, maar praktisch gedwongen gezien de economische afhankelijkheid van de kunstsector van overheidssubsidies. Zonder dat hij dat ondubbelzinnig zegt, kan uit Lehmanns woorden afgeleid worden dat de eis van diversiteit een ongewenste externe beperking van de kunst vormt. Dat is de tegenstrijdigheid waar hij omheen praat. Zoals alle hedendaagse beleidsmakers zich over deze eisen aan de kunstsector van de domme houden omdat ze beseffen dat eisen over diversiteit en inclusie afbreuk doen aan de vrijheid van de kunst. De eisen vergroten zelfs de grip van de overheid op de kunstsector. Kunstenaars hebben daar kritiek op, maar zijn machteloos om zich ertegen te verzetten omdat ze afhankelijk van overheidssubsidies kunnen zijn. Dat terwijl Lehmann een pleidooi voor diversiteit houdt en dat tot uiting komt in de toekenning aan drie ‘tegensprekende’ kunstenaars uit drie continenten. Hoe dan ook houdt Lehmannn een mooi humanistisch verhaal dat de noodzaak van kunst benadrukt. Met tegenstrijdigheden en tegenspraak.

Kunst en cultuur volgens SPD Lünen

Zomaar een videoverslag van SPD-partijlid Werner Tischer over cultuurpolitiek. Het betreft de gemeente Lünen in de Duitse deelstaat Noordrijn-Westfalen. De video lijkt op een tijdscapsule waar voorwerpen en gewoonten in combinatie met elkaar worden bewaard. Wat dhr. Tischer zegt benadert het oude wethouderssocialisme van de PvdA zoals we dat in Nederland tot 1990 kenden. Dat draaide om het ideaal van verheffing van arbeiders door permanente bij- en herscholing. De tijd heeft ook weer niet compleet stilgestaan. Anders is dat in de visie van SPD Lünen cultuurpolitiek opgevat moet worden als het vestigen en steunen van instituties. In dit geval een museum, bibliotheek en gemeenschapszaal. Het zijn niet de kunstenaars of de kunstconsumenten, laat staan de functies van kunst zoals aanscherping of tegendraadsheid waar deze afdeling op inzet. Het vertaalt het belang van cultuurpolitiek rechtstreeks in het versterken van culturele instellingen. Zonder dat uitgelegd wordt hoe dat werkt. Versterking van instellingen moet blijkbaar opgevat worden als voorwaarde voor verheffing. De rest volgt daar dan blijkbaar vanzelf uit. Of dat in 2020 nog net zo werkt als vóór 1990 is echter de vraag. De roep om transparantie maakt het ontroerend in deze sociaal-democratische stijlkamer.

Gedachten bij foto ‘Le pont de chemin de fer d’Argenteuil, 95100. Guerre franco-p[r]ussienne 1870-1871’

Er valt veel voor te zeggen om de Frans-Pruisische (of Duitse) oorlog van 1870-71 als de eerste moderne oorlog te beschouwen. Twee aspecten wijzen daarop. De rol van de fotografie die in de tweede helft van de 19de eeuw ter beschikking kwam aan een breed publiek en door de strijdende partijen ingezet werd voor propagandistische doelen. En de toenemende, vernietigende macht van de wapens en munitie.

Zoals zo vaak begon de oorlog door een misverstand. De Fransen hadden succesvol afgedwongen dat de Hohenzollerns in een incidenteel geval hun claim op de Spaanse troon lieten vallen, maar overspeelden hun hand door dat ook voor de toekomst te eisen. Koning Wilhelm I, die later in 1871 in notabene Versailles werd gekroond tot Duits keizer, voelde zich hierdoor beledigd en de pruisische kanselier Otto von Bismarck greep met manipulatie de Franse overschatting van de eigen militaire kracht aan om op oorlog aan te sturen met onder meer de vervalste Emser Depeche. Ook in dit opzicht was de oorlog van 1870-71 modern te noemen.

In een oorlog die doet denken aan de Blitzkrieg van 1940 stootten de legers van de Duitse staten vanuit Oost-Frankrijk door naar Parijs dat omsingeld werd. Bij Metz en Sedan werden de Fransen verslagen. De Parijse verdedigingswerken waren te sterk om in te nemen, zodat de Duitse legers begonnen met de uithongering van Parijs. Vanaf januari 1871 was de zwaardere artillerie ter plekke en werd de Parijse binnenstad beschoten met granaten die weinig schade aanrichtten, maar voor een demoraliserend, psychologisch effect zorgden.

Op de foto zien we de vernietigde spoorbrug van Argenteuil, een Parijse voorstad. Vernietigd op 18 september 1870 door de Franse genie, niet door de Duitsers. In het bijschrift houdt het Parijse museum dat de foto beheert het onbestemd: ‘DESASTRES DE LA GUERRE / PONT D’ARGENTEUIL’ ofwel ‘oorlogsrampen, brug van Argenteuil’. Als tags geeft het Vernietiging, ruïnes, hangbrug, spoorlijnen, locomotief, palen, stenen, blokken, puin. De Seine, huizen, velden, bomen. Een onnauwkeurige opeenstapeling in een catch-all omschrijving.

Foto: Jean Andrieu, ‘Le pont de chemin de fer d’Argenteuil, 95100. Guerre franco-pussienne 1870 1871’. Collectie: Musée Carnavalet, Histoire de Paris.

Spanning binnen AfD tussen conservatieve en extreme vleugel

Spanning tussen ‘vleugels’ bestaat in alle politieke partijen, maar niet in dezelfde mate. De voormalige VVD-leider Hans Wiegel zei ooit met een scherts dat zijn partij geen vleugels, maar alleen vlerken kent. Dat weerhoudt hem er op z’n oude dag niet van om de radicale Thierry Baudet te adviseren en via coalitievorming de VVD verder naar rechts te trekken. Het bestaan van vleugels binnen partijen hoeft niet negatief opgevat te worden. Het kan staan voor debat over inhoud. Nu ontbreekt die inhoudelijke discussie in de VVD, het CDA en D66. Hoe kunnen grijze partijen die duiken vleugels hebben zonder inhoudelijk debat? Maar ze kunnen ook tot een giftig debat leiden die een partij verzengt. Denk aan Rita Verdonk en Mark Rutte in de VVD. Flankpartijen kennen de meeste strijd tussen vleugels. Omdat links op dit moment minder initiatief heeft, valt het daar minder op. Denk aan radicalen als Mohamed Rabbae en René Danen die GroenLinks eerder kwijt dan rijk wilde zijn. De gevechten binnen de vleugels van rechts-radicale partijen krijgen de meeste publiciteit omdat ze het felst zijn. De details zijn het sappigst. Zo is er binnen de AfD spanning tussen de naar verhouding gematigde rechts-conservatieven als deel-partijleider Jörg Meuthen en rechts-extremisten als de coördinator voor Brandenburg Andreas Kalbitz die graag in nazikostuum paradeert. De laatste is uit de partij gezet. Hij zegt de uitsluiting in de rechtbank aan te zullen vechten. FvD kende dezelfde strijd tussen de rechts-conservatieve Henk Otten en de radicale, tegen het extremisme aanleunende nationaal-populist Thierry Baudet. Daar werd Otten uit de partij gezet, bij de AfD zijn het juist de extremisten die dat overkomt.