George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘PVV

Jeanet Nijhof (PVV Hengelo): ‘Want als je ondernemer bent, moet je zelf je broek ophouden. Dat vind ik voor kunstenaars hetzelfde’

leave a comment »

Sommige politici zeggen dat de overheid een bedrijf is. Maar de overheid is geen bedrijf, kan geen bedrijf zijn en zal nooit een bedrijf zijn. Dezelfde politici zeggen soms ook dat kunstenaars ondernemer zijn. Zoals Jeanet Nijhof van de PVV Hengelo op een bijeenkomst (in hedendaags jargon: een meet up) over kunst en cultuur die plaatsvond op 8 maart 2019 in Diepenheim. RTV Oost organiseerde het en deed er verslag van.

Jeanet Nijhof dus. Ze zegt: ‘Ik denk dat de basis is dat je jezelf, dus ook de kunstenaars, zichzelf heel serieus moeten nemen. Wat meer business wise naar hun vak moeten gaan kijken. Want als je ondernemer bent, moet je inderdaad ook zelf je broek ophouden. Dat vind ik voor kunstenaars precies hetzelfde.

Jeanet Nijhof verwoordt een politieke mening die in het patroon van de rechtse partijen PVV, VVD, CDA en FvD past. Ze hebben het er altijd over wat kunst kost, nooit wat het oplevert en wat voor zinvolle functie het in de samenleving heeft. Deze partijen zijn selectief. Overheidssubsidies voor politieke partijen aanvaarden ze graag omdat ze weten dat een politicus geen ondernemer kan zijn. Overheidssubsidies of belastingfaciliteiten voor belangengroepen die hun achterban vormen, zoals landbouwers, bankiers of ondernemers strooien ze graag rond om die achterban aan zich te binden. En omdat ze weten dat boeren, bankiers of ondernemers niet altijd ondernemer kunnen zijn en ze soms hun tegenvallende oogst, conjuncturele tegenslag of bedrijfsrisico willen laten compenseren door de overheid. Die dan ook gelijk met tientallen miljarden euro’s te hulp schiet.

Kom daar eens om bij professionele kunstenaars. Die zichzelf en hun kunst heel serieus nemen. Ze worden door Jeanet Nijhof beschouwd als een type ondernemer dat zelfs in ondernemend Nederland niet bestaat. Dat hangt van overheidssubsidies aan elkaar.  Jeanet Nijhof probeert de kunstsector een model op te leggen dat elders in de samenleving in die onverdunde vorm niet bestaat. Jeanet Nijhof tekent een zuiver kapitalistisch systeem dat in het polderende, corporatieve Nederland nooit wortel heeft geschoten of ooit heeft bestaan.

Jeanet Nijhof denkt dat kunstenaars niet zakelijk naar hun professie kijken en geeft met haar sound bites te kennen dat ze geen idee heeft waarover ze praat. Zo wordt het nooit wat tussen kunstenaars en politici. Wederzijds respect ontbreekt. Dat is minder erg dan de sprookjes waar Jeanet Nijhof ons in wil laten geloven.

Foto: Still uit video met Jeanet Nijhof (PVV Hengelo) van RTV Oost in artikel ‘Kunst kost geen geld, het levert juist geld op!’ van RTV Oost, 9 maart 2019.

Advertenties

Geert Wilders claimt op te komen voor Nederlandse cultuur. Moet dat opgevat worden als satire waarin hij zichzelf op de hak neemt?

with 2 comments

Ze komen er weer aan, verkiezingsdebatten. De logica ervan is onduidelijk. Op 20 maart zijn er verkiezingen voor de Provinciale Staten en daarom worden fractievoorzitters van de Tweede Kamer uitgenodigd. Dat is zoiets als hockeyers over voetbal laten praten. Amusant en irrelevant. Omdat door een stemming uit de Provinciale Staten de Eerste Kamer wordt gevormd had een debat tussen lijsttrekkers uit de Eerste Kamer meer voor de hand gelegen. De formule dat politici niet direct verantwoordelijk zijn voor dat waar ze over praten maakt het debat vrijblijvend. Wat ze ook zeggen, het doet er niet toe. Het voedt cynisme. Een voorbeeld is Geert Wilders die zegt op te komen voor Nederlandse cultuur. Dat is als een slager die zegt dat hij opkomt voor de dieren die hij slacht of Shell dat pretendeert fossiele brandstof te delven die duurzaam en groen is. Hoe dan ook voedt dit de vermoeidheid over de politiek. Mijn reactie bij het artikelVideo! Ontketende Wilders tegen Asscher: ‘U gooide de Nederlandse cultuur bij grofvuil en verklaarde islam heilig!’ op DDS:

Foto’s: Schermafbeelding van deel van artikel ‘Video! Ontketende Wilders tegen Asscher: ‘U gooide de Nederlandse cultuur bij grofvuil en verklaarde islam heilig!’ van Tim Engelbart voor DDS, 8 maart 2019 en eigen reactie.

Het geval Fred Walravens: Zeeuwse lijsttrekker van FvD maakt zich onbereikbaar & onzichtbaar. Wat zegt dat over de partijdemocratie?

leave a comment »

Een jaar geleden werden in februari 2018 drie voormalige Kamerkandidaten uit Forum voor Democratie (FvD) gezet. Ze vroegen om democratisering en overleg. Gert Reedijk, Arthur Legger en Freek Jan Berkhout kregen een brief van het bestuur die als redenen geeft dat ze geprobeerd hebben ‘de gecontroleerde uitbouw van de partij actief tegen te werken’ en het partijbestuur te ondermijnen. Punt van kritiek van de kritische leden die om meer partijdemocratie vroegen was juist dat het partijbestuur vanaf november 2017 de uitbouw van de partij ondanks eerdere toezeggingen abrupt had afgebroken. Onder meer op provinciaal niveau.

Juist dat gebrek aan interne democratie van FvD wreekt zich bij de campagne voor de verkiezingen voor de Provinciale Staten op 20 maart 2019. Het heeft van eigen lijsttrekkers lege hulzen gemaakt van wie onduidelijk is hoe ze over regionale problemen denken. Ze maken zich onbereikbaar zoals het Zeeuwse voorbeeld aantoont. Volgens onderstaande tweet van het door het hoofdbestuur in februari 2018 geroyeerde kaderlid van de partij Robert de Haze Winkelman hebben de kandidaten een spreekverbod opgelegd gekregen door penningmeester Henk Otten. De interne democratie van FvD is op provinciaal niveau door de partijleiding niet alleen de nek omgedraaid, maar leidt tot een gesloten en krampachtige manier van politiek bedrijven.

FvD is doorzichtig in haar ondoorzichtigheid. Gezien de winst in de peilingen lijkt dat besef nog niet tot het electoraat doorgedrongen. Hoewel het kan dat een deel van de kiezers een spreekverbod voor regionale lijsttrekkers een aanvaardbare politieke strategie vindt en dat waardeert als de ultieme vorm van anti-politiek.

Hoe dan ook zijn de beweringen over democratie van het bestuur van FvD een façade waarvan het de vraag is of die al is doorgeprikt. Want welk doel dient de nepshow over democratie van FvD? Waarom wordt het de lijsttrekkers verboden hun mening te geven in de openbaarheid, en hoe kunnen ze zich zonder verlies van hun zelfrespect daar mee inlaten? Notabene op het moment dat PVV’er Geert Wilders in de zogenaamde ‘linkse pers’ voor het eerst sinds lange tijd optreedt vanwege de hete adem van FvD in zijn nek. Wie onthult wat FvD tot nu toe wil verbergen? Het is er nog steeds niet van gekomen. Het cynische antwoord is dat het niet uitmaakt. De Zeeuwse lijsttrekker Fred Walravens maakt zich onzichtbaar, praat niet met journalisten, neemt niet deel aan verkiezingsdebatten en maakt zich onderhorig aan het partijbestuur. Het is veelzeggend voor een partij dat kandidaten zich daartoe lenen en voor kiezers dat ze op deze spookkandidaten stemmen.

Foto: Tweet in reactie op Robert de Haze Winkelman, 7 maart 2019.

Terugblik op mislukken Museum Oud-Amelisweerd. Wat kunnen de openbare besturen van Utrecht en Amersfoort nog leren?

with one comment

Onderstaande reactie schreef ik op 22 januari 2011 bij de plaatsing van het ‘De Wegh der Weegen; Armando Museum in Landhuis Oud Amelisweerd. Een Rapportage Haalbaarheidsonderzoek.’ Denk ik er meer dan acht jaar later anders over nu de exploitant Stichting MOA in 2018 failliet is gegaan en het bestuur van de gemeente Utrecht een onderzoek heeft toegezegd naar de verhuizing van het antieke Chinese behang? Voor erfgoed- en museumdeskundigen een gruwel, zelfs een no-go area, maar blijkbaar voor delen van de Utrechtse politiek een begaanbare weg om met opoffering van cultureel erfgoed uit het bestuurlijke doolhof te ontsnappen. Omdat deskundigen hierover de wethouder vermoedelijk niet positief zullen adviseren valt overigens niet te verwachten dat het plan meer dan een proefballon wordt. Nee, ik denk er acht jaar later nog hetzelfde over. De oorzaak van de mislukking is terug te voeren tot de tunnelvisie, kortom een te smal perspectief. Inmiddels zouden Utrechtse raadsleden kunnen weten dat ze er een kwestie bij hebben. Als hun voorgangers in 2011 niet hadden zitten slapen en de waarschuwingen hadden opgepikt dan was dat niet het geval geweest. Maar acht jaar is een eeuwigheid in de politiek. Jammer is wel dat de politiek van Utrecht en Amersfoort hiervan niet wil leren. In Amersfoort wordt een voorstel van Amersfoort2014 voor een onderzoek afgewezen. In Utrecht lijkt zelfs dat besef niet door te dringen dat deze kwestie wel eens een onderzoek waard zou kunnen zijn. Dit gaat uiteindelijk niet over een rijksmonument in Bunnik, maar om de haperende kwaliteit van het openbaar bestuur. En dat is pas echt zorgelijk voor wie in Amersfoort of Utrecht woont.

Foto: Reactie aan Helena bij artikel ‘Onderzoek Armando Museum roept vragen op’. Andere commentaren op dit blog over Museum Oud-Amelisweerd kunnen opgeroepen worden door rechts bovenin de marge ‘Zoek op dit blog’ zoektermen als ‘Armando’, ‘Amelisweerd’ of ‘Amersfoort’ in te tikken. 

In Amersfoortse raad klinkt de roep om een diepgaand onderzoek naar het MOA. In de Utrechtse raad blijft het opvallend stil

with 4 comments

Het was vanaf eind 2010 uit openbare bronnen duidelijk dat het Armando Museum (later omgedoopt tot Museum Oud Amelisweerd; MOA) geen succes kon worden. De voorwaarden voor succes ontbraken aantoonbaar. Iedereen met ogen in de kop kon dat in het volle daglicht zien. Er waren ontelbare mensen die sinds die tijd gewaarschuwd hebben voor de gebrekkige levensvatbaarheid van het omgekatte Armando Museum in de bossen van Bunnik (Rini Dippel/ex SM, Paul van Vlijmen/ex-Spoorwegmuseum, Eymert-Jan Goossens/Huis Doorn, Jesper Rijpma/VVD UT, Xander van Asperen/D66 UT, SP, Nieuw-Rechts UT, SP UT, Burgerpartij A’foort, Ben Stoelinga/A2014 A’f, Ramón Smits Alvarez/PvdA A’f, Raphaël Smit/Vliet A’f, Simone Kennedy/CU A’f, Hiske Land/GL A’f, Ben van Koningsveld/CDA A’f), maar ze werden niet gehoord en hun argumenten werden weggepoetst. Daarnaast waren er nog mensen uit de museumsector die achter de schermen hun ongenoegen uitten, maar dit vanwege hun functie of positie niet in het openbaar konden zeggen. Het opknappen van het vastgoed sinds begin jaren ’90 onder leiding van Centraal Museum en gemeentelijke diensten van de gemeente Utrecht is overigens geen weggegooid geld en moet niet verward worden met de ongelukkige en mislukte doorstart van het Amersfoortse Armando Bureau in Bunnik.

Een diepgaand onderzoek is nodig. Raadslid Ben Stoelinga van de Amersfoortse partij A2014 vindt dat de onderste steen boven moet komen over de gang van zaken van het MOA. Stoelinga is vooral geïnteresseerd in de financiële afwikkeling. Hij schetst twee scenario’s die in de raadsvergadering van 5 februari 2019 besproken worden: een onderzoek door externe onderzoekers of een raadsenquête. De laatste optie lijkt vanwege de transparantie en de mogelijkheid om betrokkenen, zoals ambtenaren en bestuurders onder ede te horen zijn voorkeur te genieten, zoals uit een notitie blijkt. Vanwege de werkdruk kunnen delen van de raadsenquête uitbesteed worden aan externe onderzoekers, zodat een combinatie van beide soorten onderzoeken wellicht het meest werkbaar is omdat het openheid en diepgang combineert met volledigheid.

Complicatie is de veelheid aan betrokken gemeenten (Utrecht, Amersfoort, Bunnik), de snelle wisseling van cultuurwethouders en de gefragmenteerde besluitvorming waardoor niemand zich blijkbaar verantwoordelijk voelt. Het is opvallend dat met Ben Stoelinga, maar ook met de langzittende raadsleden Hans van Wegen (BPA), Ben van Koningsveld (CDA) en Simone Kennedy-Doornbos (CU) het historisch geheugen in de Amersfoortse raad nog aanwezig is omdat deze raadsleden de beslissende debatten zelf hebben gevoerd en door hun dossierkennis weten waarover ze praten. In de Utrechtse gemeenteraad ontbreekt dat geheugen en die kennis op één uitzondering na, te weten SP’er Tim Schipper. In de Utrechtse raad is de omloopsnelheid zo groot dat bij de belangrijkste partijen in dit dossier, te weten D66 en VVD de woordvoerders elkaar in snel tempo hebben opgevolgd (D66: Xander van Asperen, Aline Knip, Ellen Bijsterbosch; VVD, Jesper Rijpma, André van Schie, Marijn de Pagter). Voor leden van de Utrechtse raad is de geschiedenis, besluitvorming en financiële complicatie van het MOA een ver-van-hun-bed-show waar ze geen persoonlijke betrokkenheid bij hebben. Dat is geen verwijt, maar een constatering. Daarom is het verklaarbaar dat de kritiek op het MOA uit de Amersfoortse en niet uit de Utrechtse raad klinkt. Terwijl laatstgenoemde er een groter belang bij en verantwoordelijkheid voor heeft omdat landhuis Amelisweerd eigendom van de gemeente Utrecht is.

De inzet van Ben Stoelinga is prima en vanuit zijn verantwoordelijkheid voorbeeldig te noemen, maar loopt ook tegen grenzen aan. Het kent nu eenmaal een Amersfoorts perspectief. En dat kan per definitie niet het hele perspectief zijn. Het is zoals gezegd verklaarbaar, maar ongelukkig dat de Utrechtse raad geen initiatief neemt voor een onderzoek van een project waarover jaren van tevoren met argumenten werd aangetoond dat het zou mislukken. Daarnaast is er ook de provincie Utrecht waar de statenleden Elly Broere, PVV en Truke Noordenbos, SP kritische vragen stelden, maar zij waren de uitzondering. Zijn het in de Utrechtse raad alleen het historisch geheugen en het gebrek aan kennis en affiniteit die ontbreken of is er meer aan de hand? De omstandigheid dat sinds 2010 alle grotere partijen bestuursverantwoordelijkheid hebben gedragen en boter op hun hoofd hebben in dit dossier MOA kan het zwijgen in de Utrechtse raad verklaren. Zodat geen van de grotere partijen happig is op een onderzoek dat met terugwerkende kracht de eigen bestuurders zou kunnen beschadigen. En de leden van de kleinere partijen (PvdD, DENK, S&S, PVV, Stadsbelang) leggen of andere prioriteiten of beseffen niet eens hoe slecht dit project vanuit het gemeentebestuur is uitgedacht en begeleid.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelOnderste steen boven rond faillissement MOA’ van Artwin Kreekel in het AD, 5 februari 2019.

Kunst is voor PVV en FvD geen strijdpunt, maar een zwijgpunt. AfD’er Martin Renner pleit voor nationale kunst

leave a comment »

Ik ben ervan overtuigd dat kunst ondersteund moet worden door de overheid, maar geen staatszaak moet zijn. Zoals de overheid vele sectoren steunt waarvan de burgers en de politiek vinden dat die de moeite waard zijn of waarvoor de vrees bestaat dat ze verpletterd worden door de marktwerking. Landbouw, de publieke omroep, de industrie inclusief multinationals, monumentenzorg, het koninklijk huis, de zorg, het onderwijs, en dus de kunsten. De afstand van kunstenaars of kunstinstellingen tot de overheid moet niet te klein zijn. Want dan bestaat het risico dat de overheid de kunst door het in bescherming te nemen, die kunst overneemt. Dan is de kunst niet meer vrij. Dat is ongewenst. Kunst moet de vanzelfsprekendheid bezitten om tegen elke zittende macht te kunnen schoppen. Zoals trouwens elke macht tegen kunst schopt. Maar de overheid heeft de plicht om in kunst de eigen tegenmacht te organiseren zonder daarover zeggenschap te willen claimen.

In beginsel ben ik het eens met de woorden van Martin Renner, AfD-afgevaardigde in de Duitse Bundestag. Hij lijkt immers te pleiten voor een antithese, een tegenstelling tussen kunst en het politieke establishment. Tot dat laatste behoort hijzelf uiteraard ook als afgevaardigde van zijn partij in de Bundestag. Maar bedoelt hij wel wat hij zegt? Nee, kunst moet niet rood of groen zijn, zoals de Hamburgse AfD-afgevaardigde Alexander Wolf in een scheldpartij beweert om zijn op het oog open houding te versmallen tot een partijpolitiek betoog. Zo verkeert zinvolle kritiek over de te kleine afstand tussen kunst en politiek in zijn tegendeel. Ook Renner gaat de fout in als hij eist dat kunst die door de overheid financieel wordt gesteund ‘Duits’ moet zijn. is. Want ook dan wordt kunst door de politiek ingelijfd en voor een karretje gespannen. Dan is kunst niet meer vrij.

Toch kan zo’n standpunt van Renner helpen om tot op zekere hoogte de vermenging van kunst en politiek aan de kaak te stellen. En die te ontvlechten en een middenweg te vinden tussen links knuffelen en rechtse onverdraagzaamheid jegens de kunst. Renner moet alleen niet vertrouwd worden in zijn beweegreden omdat hij niet opkomt voor de vrijheid van de kunst. Hij ageert tegen politiek die te dicht tegen de kunst aanleunt. Die diagnose klopt, maar zijn advies dar eruit volgt is nutteloos en tegenstrijdig met wat hij claimt te beweren.

Een vergelijking met de Nederlandse radicaal-rechtse partijen valt in het nadeel uit van de PVV en FvD. De AfD ziet nog het belang en de kracht van kunst, al is dat door het ervan te betichten samen te spannen met de linkse politiek. In Nederland bannen PVV en FvD kunst liever uit het publieke debat. Ze hebben er niks mee.

De Rotterdamse PVV’er Maurice Meeuwissen noemde overheidssubsidies voor kunst en cultuur ‘een grote schande’ en praat over ‘onzinkunst’. FvD-leider Thierry Baudet eigent zich een ongenuanceerd oordeel aan over hedendaagse kunst en verwart dat met kritiek. Nooit komen PVV en FvD met een alternatief, zoals de nationale kunst die Renner voorstaat, hoe tegenstrijdig dat ook is. Wellicht kunnen PVV en FvD een eerste stap zetten en in het parlement pleiten voor kunst die de nationale identiteit en de Nederlandse cultuur, taal en geschiedenis versterkt. Dat zou een begin zijn van het erkennen van het belang van kunst. Hoe dat politiek ingepast wordt, zien we dan wel weer verder. De apathie van PVV en FvD is erger dan de verontrustende mening van de AfD. In Nederland is kunst voor radicaal-rechts geen strijdpunt, maar een zwijgpunt.

Klaas Dijkhoff trapt af voor de campagne voor de Provinciale Statenverkiezingen door tegen het Klimaatakkoord te trappen

with 2 comments

VVD-fractievoorzitter Klaas Dijkhoff zegt het klimaatakkoord op waaraan de VVD mee onderhandelde, aldus een interview in De Telegraaf. D66 en CU noemen dat contractbreuk. Ze vinden dat de VVD de gemaakte afspraken niet eenzijdig kan opzeggen. Dijkhoff zegt zich sterk te maken voor ‘de gewone mensen’. Dat lijkt een obsessie te worden voor de top van de VVD. Ook premier Mark Rutte zegt bij herhaling zich sterk te maken voor ‘de gewone mensen’. CDA-partijleider Sybrand Buma sprak ook stoere taal toen hij zei op te komen voor ‘de gewone mensen’ die door een klimaatakkoord in hun portemonnee zouden worden aangetast. Ook PVV-leider Geert Wilders en SP-leider Lilian Marijnissen claimen op te komen voor ‘de gewone mensen’. Er valt onderhand een autobus te vullen met politici die zeggen op te komen voor ‘de gewone mensen’. Maar zeggen is niet hetzelfde als doen. Komen deze politici wel echt op voor ‘de gewone mensen’? Waar bestaat dat dan uit? In het afdwingen van scherpe keuzes of in het naar de mond praten van ‘de gewone mensen’?

De meest fundamentele kritiek op het klimaatakkoord is niet dat ‘de gewone mensen’ worden benadeeld, maar dat de industrie wordt ontzien en onvoldoende meewerkt, en als grootste vervuiler nog subsidie krijgt van het kabinet ook. Dus mede van VVD en CDA. Dat was de reden voor milieuorganisaties om in december 2018 de onderhandelingen te verlaten. Als de industrie en ‘de gewone mensen’ communicerende vaten zijn, in die zin dat de kosten door iemand betaald moeten worden, en de industrie door VVD en CDA worden ontzien, dan betekent dat dat deze twee rechtse partijen ‘de gewone mensen’ de rekening laten betalen en in de steek laten. Maar in de beeldvorming zeggen ze het omgekeerde in de hoop deze kritiek te neutraliseren.

Deze schermutselingen kunnen niet los gezien worden van de verkiezingen voor de Provinciale Staten op 20 maart 2019 waarbij de meerderheid van de coalitie in de Eerste Kamer op het spel staat. Partijen profileren zich en scherpen hun profiel aan. Indirect helpt Dijkhoff ook Rob Jetten van D66 die zich voor zijn achterban juist sterk kan maken door op te komen voor het klimaatakkoord. Alle partijen willen dat ze deel zijn van een tweestrijd die de publiciteit domineert. Zo cynisch is partijpolitiek. Maar dat gaat niet zonder risico, want de geloofwaardigheid van Dijkhoff staat op het spel. Ik verwoordde dat vandaag in een tweet aan Rob Jetten:

In de video ‘Reactie van Klaas Dijkhoff op klimaattafels’ op het YouTube-kanaal van de VVD suggereert Dijkhoff dat het klimaat maakbaar en bijgebogen kan worden naar de wensen van zijn partij. Uit de vorm blijkt de symboliek. Staande voor een blauwe achtergrond houdt Dijkhoff een praatje tussen de schuifdeuren. Links en rechts gapen de gaten en schaduwen die diepte aan zijn betoog moeten geven. Het frame van de rafelrand wordt geïntegreerd in de video zodat Dijkhoff zich kan presenteren als oorspronkelijke, tegendraadse en moderne politicus. Maar hij verdrinkt in dit vormenspel waarin hij een projectie van een politicus speelt zonder zelf nog een politicus te zijn. Want achter de schaduwen wacht de echte, weerbarstige werkelijkheid. Dijkhoff claimt tegen beter weten in het te gaan fiksen. Hij tekent de ondertekenaars van het klimaatakkoord af als moralisten die met hun heilig vuur de samenleving op hun kop willen zetten. Dijkhoff is bang. Bang voor Buma. Bang voor de gele hesjes. Bang voor de milieubeweging. Bang voor de industrie. Bang voor zijn eigen populariteit. Bang voor de beeldvorming. Bang om harde keuzes te maken. Bang voor zijn eigen ruggengraat.

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelVVD: ’nee’ tegenklimaatakkoord’ in De Telegraaf, 12 januari 2019.

Foto 2 en 4: Stills uit videoReactie van Klaas Dijkhoff op klimaattafels’ op YouTube-kanaal van de VVD, 21 december 2018.

Foto 3: Eigen tweet aan Rob Jetten, 12 januari 2019.