George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Geloof

Annexatie van andersdenkenden door christenen is tactiek die uit de tijd is. Wooley verklaart de bijbel tot een boek voor iedereen

leave a comment »

Daar gaan we weer. Een citaat: ‘The Bible is not a ‘religious’ document, just for Christians or just for ‘religious’ life; it’s a book for everyone.’ Aldus Paul Wooley van de Bible Society in een artikel in The Guardian. Aanleiding is de weigering van bioscoopketen Empire Cinemas om bovenstaande reclamefilm in haar theaters te vertonen omdat het religieuze of politieke reclame niet accepteert. Onderwerp is het einde van de Eerste Wereldoorlog 100 jaar geleden en het feit dat de persoonlijke standaarduitrusting van Britse militairen een bijbel bevatte.

Annexatie van zogenaamde andersdenkenden is een terugkerende onhebbelijke karaktertrek en politieke handelwijze van christenen. Trouwens in algemene zin van religieuze organisaties als ze in een samenleving dominant zijn. Zo proberen ze hun krimpende organisatie groter te doen lijken dan die in werkelijkheid is. Wooley maakt het erg bont door de bijbel geen religieus boek te noemen dat door ‘God’ is geïnspireerd om christenen te inspireren. Hij verbreedt het tot een boek voor iedereen. De vraag of dat ook moslims, joden, atheïsten, humanisten, nihilisten, taoïsten, hindoes en boeddhisten betreft en wat ze dan wel aan de bijbel moeten ontlenen toont aan hoe wereldvreemd zijn claim is. Wooley is out of sync met de realiteit van 2018.

Wellicht was de Britse krijgsmacht in 1918 grotendeels christelijk geïnspireerd en probeerde de legerleiding de oorlog om psychologische redenen om te katten tot een Heilige Oorlog, maar 100 jaar later kan niet langer geloofwaardig worden verdedigd dat de bijbel en het gedachtengoed dat het representeert voor iedereen is. Een analyse van de steun voor de Britse christelijke kerken tijdens de Eerste Wereldoorlog wijst trouwens op een ontwikkeling weg van de bijbel. Door de voortslepende oorlog die zoveel slachtoffers eiste ontstond er bij bevolking en militairen ontgoocheling over de kerken omdat ze de oorlog niet hadden weten te voorkomen of verkorten. Er ontstond een zoektocht naar alternatieve vormen van spirituele expressie waarin de bijbel geen rol speelde. Dus Wooley vervalst niet alleen de realiteit van 2018, maar ook de geschiedenis van 1918.

In een respectvol en interessant debatje dat ik onlangs met Gerko Tempelman voerde bij een YouTube video van hem stel ik dat aspect van annexatie van andersdenkenden door gelovigen aan de orde. Ik verwoordde dat zo over gelovigen die de draagwijdte van ‘God’ uitbreiden naar degenen die zich niet laten inspireren door ‘God’: ‘Het groter maken van ‘God’ buiten hun geloof om is een kwestie van macht. Die willen ze ook uitoefenen over degenen die hun geloof niet delen. Dat is onrechtmatige inlijving. Maar ook een inlijving die steeds potsierlijker wordt in een samenleving waar de meerderheid zich niet door ‘God’ laat inspireren.

 

Advertenties

Nogmaals de uitspraak van de Raad van State over de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster. Gebrekkige toetsing en criteria

with 6 comments

Wat een godsdienst is valt niet makkelijk te bepalen. De bandbreedte is breed. Dat is begrijpelijk omdat de betekenis van de term ‘godsdienst’ vaag is en dit de weg opent voor uiteenlopende interpretaties. Daarbij zijn godsdiensten dynamisch en in ontwikkeling. De religieuze markt waarop de godsdiensten elkaar ontmoeten is een vechtmarkt met grote economische, politieke en maatschappelijke belangen. Dat strekt zich uit tot de eisen die gesteld mag worden aan het geloof van een gelovige die zich laat inspireren door een godsdienst. Die interne dimensie omvat ook de vrijheid voor de gelovige om gedachten en overtuigingen te hebben die tegenstrijdig zijn aan de gedachten en overtuigingen die uit dat geloof volgen. Dit alles geeft aan dat het lastig, zo niet onmogelijk is om aan de hand van vooraf bepaalde criteria vanaf de buitenkant te toetsen wat een godsdienst is. Hoofdzaak is dat godsdiensten in de praktijk elkaar uitsluitende kenmerken hebben. Ofwel, godsdiensten zijn niet onder één noemer te vangen of over één kam te scheren volgens artikel 9 van de EVRM.

Criteria volgens welke de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State als buitenstaander en niet-deskundige op het gebied van theologie, metafysica of teleologie meende in augustus 2018 in een uitspraak de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster te kunnen toetsen zijn ‘overtuigingskracht, ernst, samenhang en belang’. Er kondigen zich interpretatieproblemen aan als die criteria toegepast worden op geaccepteerde, traditionele godsdiensten die die toetsing niet zouden overleven. Ook wordt rechtsongelijkheid tussen oud en nieuw geïntroduceerd. Met name wreekt zich de rol van de Raad van State als het stelt dat het de KVS in het bijzonder aan ernst en samenhang ontbreekt en het satirisch element overheerst. Dat getuigt van onkunde.

Want er blijft weinig over van het criterium ‘samenhang’ (of coherentie) als dat wordt toegepast op bestaande godsdiensten. Zie wat docent bestuursrecht UvA Taco Groenewegen daarover in een analyse uit 2009 zegt op het weblog Publiekrecht en Politiek: ’Is een coherente wereldbeschouwing een hanteerbaar criterium? Ook niet. Eén van de centrale leerstellingen van het christendom is dat Jezus en geheel mens is en geheel god. Dat is echter evident onmogelijk. Iemand kan of geheel mens zijn of geheel god, of deels god en deels mens. Tegelijkertijd geheel mens en geheel god zijn is echter een logische onmogelijkheid en daarmee incoherent. Op dit punt zijn nog vele andere voorbeelden te bedenken, ook met betrekking tot andere religies. Maar het christendom is natuurlijk wel een religie, ook al is het niet coherent.’ Groenewegen stelt dat bestaande criteria onwerkbaar zijn en de zoektocht naar hanteerbare criteria voortgaat. Dit geeft aan dat genoemde uitspraak van de Raad van State over de KVS en het beroep op de criteria ‘overtuigingskracht, ernst, samenhang en belang’ minder vanzelfsprekend en juridisch geaccepteerd is dan het in de uitspraak pretendeert.

Zo ontstaat een tweedeling en laat de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State zich kennen door het bevestigen van een dubbele standaard die in de praktijk de religieuze sector afschermt voor toetreders zoals de KVS. De Raad van State treedt vanwege een gebrek aan inhoudelijke expertise, juridische oprechtheid én maatschappelijk en politieke onafhankelijkheid buiten de toetsingscriteria over wat een godsdienst is. Zo ontstaat een januskop vol onoprechtheid. De Raad van State oordeelt wegens onwerkbare criteria waar het niet kan oordelen. De Raad van State oordeelt verkeerd omdat het de criteria verkeerd interpreteert. De Raad van State had deze zaak terug moeten verwijzen en niet in behandeling moeten nemen. Of het had in lijn met de visie op andere godsdiensten die per definitie evenmin voldoen aan alle criteria van ernst en samenhang (en overtuigingskracht en belang) de KVS na toetsing vanaf de buitenkant moeten erkennen als godsdienst.

De Raad van State heeft zich door het oordeel over de KVS in een wespennest gestoken door te suggereren dat de jurisprudentie over de onderhavige zaak vast en omschreven is. Maar dat is het niet. De Raad van State heeft zich met de uitspraak zo ver buiten het juridische domein gewaagd dat het ermee de aandacht gevestigd heeft op het eigen perspectief. Zoals gezegd, 1) rechtbanken zijn niet geëquipeerd om theologische doctrines af te wegen; 2) de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State treedt buiten de toetsingscriteria door politiek-maatschappelijke belangen zwaar in haar toetsing door te laten wegen en 3) de toetsingscriteria zijn onheus omdat ze scheefgegroeide leerstellingen van de traditionele godsdiensten -volgens welke betreffende godsdienst afgewezen zou moeten worden- achteraf onterecht fiatteren én nieuwe kandidaat-godsdiensten op deze identieke gronden de toegang tot de religieuze sector ontzegt wat de rechtsongelijkheid versterkt.

Foto 1: J. van Meurs, ‘Justitia als putto bij de ‘Rechten van den Mensch en Burger’’, 1795. Collectie Nederlandse Rechtsgeschiedenis van het Gevangenismuseum via Geheugen van Nederland.

Foto 2: Schermafbeelding van artikel 9 van de EVRM.

Ruimdenkendheid gevraagd. Kerk Vliegend Spaghettimonster kan als nieuwe religie ‘satirisch én ernstig, serieus én ironisch’ zijn

with 8 comments

Antwoord op een opinie-artikel van Roel Weerheijm die meent dat de gelovigen van de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster (KVS) in een valkuil zijn gelopen. Volgens zijn opinie zouden ze ‘satirisch én ernstig zijn, serieus én ironisch zijn’. Maar het lijkt een misverstand dat dat een nieuwe religie diskwalificeert:

Alle nu bestaande of alweer verdwenen religies zijn ooit opgestart en gecreëerd door een fictief verhaal. Daarom is het flauw om een nieuw religie te verwijten dat het (nog) geen traditie heeft. Die nieuwe religies wijken af van de traditionele religies omdat ze beter aansluiten bij de hedendaagse tijd omdat ze daaruit zijn ontstaan. Naast de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster (KVS) is dat bijvoorbeeld ‘The International Church of Cannabis’ die op het raakvlak van religie en commercie opereert. https://georgeknightlang.wordpress.com/2017/04/15/the-international-church-of-cannabis-opent-in-denver-religie-als-voorbeeld-dekmantel-en-groeimarkt/

Ik betwijfel dat de reden voor het ontstaan en de groei van de KVS is gelegen in het onderwijs zoals de auteur stelt. Is de gedachtegang niet eerder dat er geen grenzen zijn aan de voorrechten die voor religieuze instellingen gelden en het daarom dom zou zijn die niet te benutten? Want wat voor de een geldt, geldt ook voor de ander. Dat gaat tot en met fiscale voorrechten. Uiteindelijk gaat het erom wat de juridische basisvoorwaarden zijn voor de stichting van een nieuwe religie. Niet wat een burger als Roel Weerheijm er vanuit zijn individuele voorkeuren politiek, maatschappelijk of religieus van vindt.

Het gaat niet om ironie. Vele, nu bestaande religies zijn in reactie op andere religies ontstaan. De redenen daarvoor kunnen verschillend zijn. Of kunnen een combinatie van redenen zijn. Vanwege een kerkelijk-dogmatisch verschil, een overweging van macht, religieuze marketing of kerkelijk bezit, of zelfs lijfsbehoud. De ene religie kan lenen van de andere religie. Zoals de schrijvers in de Middeleeuwen op de schouders van de antieken stonden, zo staan nieuwe religies op de schouders van oude religies. Nog steeds.

De auteur heeft weinig inzicht in de Nederlandse kerkelijke traditie als hij opmerkt dat de KVS teveel overeenkomsten met traditionele religies heeft om echt een verschil te maken. Wie de kerkafsplitsingen, schorsingen en afscheidingen in de protestante kerk in alle veelheid en breedte kent zal moeten opmerken dat nieuwe religies soms minimaal verschillen met de religies waaruit ze ontstaan zijn. Soms was de onverenigbaarheid van karakters van dominees, voorgangers of kerkvoogden voldoende voor het ontstaan van een nieuwe herstelde, vrijgemaakte, voortgezette, buiten verband of afgescheiden religie. Het is best als de auteur de KVS vanwege de te grote overeenkomst met de bestaande religie afwijst, maar dan moet hij consequent zijn en alle Nederlandse kerken volgens dezelfde norm tegen het licht houden. En dan zal er weinig overblijven.

Satire in religie is iets van alle tijden en onlosmakelijk met de strijd tussen religies verbonden. Zie wat theologe Joke Spaans schrijft: ‘Het beroerde Rome behandelt spotprenten en satirische bord- en kaartspellen over de rivaliteit tussen jansenisten en anti-jansenisten in de vooravond van het Utrechts Schisma. Het laat zien hoe in de achttiende eeuw satire werd ingezet in een kerkelijk conflict waarin op het eerste gezicht weinig te lachen viel.’ Satire diskwalificeert een religie niet zoals de auteur wil doen geloven. Satire is juist onlosmakelijk met religie verbonden.
http://www.ako.nl/product/9789087041298/het-beroerde-rome-joke-spaans/

De uitspraak van de Raad van State bevatte een normatief oordeel, namelijk dat vanwege ‘het satirische element van het pastafarisme’ de KVS niet voldoet aan de criteria ‘overtuigingskracht, ernst, samenhang en belang’ en daarom niet als godsdienst kan worden aangemerkt. De Raad van State meent dat het van tweeën één is: satire of godsdienst. Dit houdt in dat er volgens de Raad van State ruimte bestaat tussen satire en deze vier criteria, en ze nooit kunnen samenvallen. Dat is een oordeel dat voorbijgaat aan het belang van maatschappelijk relevante satire. Ermee diskwalificeert de Raad van State een groot deel van de Westerse cultuurgeschiedenis, van de toneelstukken van Aristophanes, Lucianus’ spotschriften, Erasmus’ ‘Lof der Zotheid’, P.C. Hoofts ‘Warenar’ tot Monty Pythons ‘Life of Brian’.

Traditioneel bestaat er een sterke wederzijdse beïnvloeding tussen fictie en religie. Godsdiensten zijn net als het theater ontstaan vanuit rituelen en dramatisering. Dat geldt ook de monotheïstische godsdiensten. Sommige gelovigen vatten de Bijbel volledig als fictie op. Sinds de opkomst van het laat 20ste eeuws post-modernisme is die wisselwerking nog versterkt. Interpretatieverschillen om godsdiensten te duiden geven aan dat er diverse manieren van geloven en godsdienst zijn. Roel Weerheijm vat de rol van religie te beperkt en te normatief op.

De afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State is theologisch niet geëquipeerd om theologische doctrines af te wegen. De Raad van State zou deze zaak terug moeten verwijzen en niet in behandeling nemen. Of in lijn met de visie op alle andere godsdiensten die evenmin voldoen aan alle criteria van ernst of serieusheid (met een teveel aan satire of ironie) de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster na een toetsing ‘aan de buitenkant’ gewoon moeten erkennen als godsdienst. Voor wat het politiek en maatschappelijk ook waard is.

Foto: Schermafbeelding van deel artikel ‘De onmogelijke spagaat van pastafari’s’ van Roel Weerheijm op TussenWoord, 15 oktober 2018.

Gerko Tempelman: Tragiek van een gelovige die niet genoeg heeft aan geloof en overtuiging. Maar zich anderen wil toe-eigenen

with 2 comments

Het feit dat iets er niet is, wil niet zeggen dat iets er is. Daarnaast zegt het niet wat dat dat iets dat er niet is dan werkelijk is. De definitie ontbreekt om het te toetsen.

De uitspraak ‘God is dood’ is een verhullende en normatieve uitspraak. Want het accentueert door het actuele bestaan van de entiteit te erkennen toch dat ‘God’ ooit was. Maar juist dat staat ter discussie. De uitspraak ‘God is dood’ is een dubbelzinnige uitspraak die tegelijk bevestigt en ontkent. Dat schept geen duidelijkheid, maar verwarring.

Theoloog Harry Kuitert zei ooit: ‘Alle spreken over Boven komt van beneden, ook het spreken dat beweert van Boven te komen’. Ofwel, ‘God’ is mensenwerk. ‘God’ is een constructie van mensen. Daar is veel voor te zeggen omdat het bewijs voor het bestaan van ‘God’ nooit onafhankelijk is aangetoond. Het bestaan van ‘God’ is een kwestie van geloof. Niets meer en niets minder dan dat.

De uitspraak die ‘God’ pas echt laat verdwijnen is daarom ‘God is mensenwerk’. Dit maakt de uitspraak ‘God is dood’ onheus. De redenering van Gerko Tempelman die in het ontbreken het bestaan suggereert is geen geldige argumentatie. Het is een schijnredenering. Hij maakt het gecompliceerd omdat hij geen argumenten heeft om het bestaan van ‘God’ aan te tonen. Tempelman zoekt de afleiding.

Waarom gelovigen niet volstaan met de overtuiging dat hun geloof in ‘God’ rotsvast en deugdelijk is blijft een raadsel. Geloven is achtenswaardig en rechtschapen. Buiten dat geloof bestaat ‘God’ echter niet. En is ‘God’ dood noch levend.

Waarom predikers als Gerko Tempelman verwarring zaaien over het bestaan van ‘God’ is begrijpelijk. Daarmee willen ze de draagwijdte van ‘God’ uitbreiden naar degenen die zich niet laten inspireren door ‘God’. Het groter maken van ‘God’ buiten hun geloof om is een kwestie van macht. Die willen ze ook uitoefenen over degenen die hun geloof niet delen. Dat is onrechtmatige inlijving. Maar ook een inlijving die steeds potsierlijker wordt in een samenleving waar de meerderheid zich niet door ‘God’ laat inspireren.

Het gebrek van gelovigen als Gerko Tempelman die de polemiek zoeken is dat ze niet tevreden zijn met hun geloof en overtuiging en meer dan dat willen. Tot en met de inlijving van de zogenaamde ‘niet-gelovigen’. Dat is de tragiek van gelovigen die niet genoeg hebben aan hun geloof en overtuiging. Ze zeggen het ene en bedoelen het andere. Ze doen uitspraken over hun geloof die erop neerkomen dat ze zich iets toe-eigenen dat niet van hen is, terwijl ze zouden kunnen volstaan met het belijden van hun geloof.

Written by George Knight

20 oktober 2018 at 17:06

Waarom het commentaar ‘Het Vliegend Spaghettimonster (VSM): een mislukte parodie’ tekortschiet en zelf een mislukte parodie is

with one comment

Reactie op het artikelHet Vliegend Spaghettimonster (VSM): een mislukte parodie’ op infonu.nl van ‘infoteur’ Tartuffel. Het artikel bevat een reeks misverstanden over de functie, zin en toetsbaarheid van godsdienst:

Het commentaar gaat voorbij aan wat de functie van godsdienst is. Dat is het bezweren van het onbekende met rituelen en formules door een constructie die door mensen is gemaakt. Zo proberen ze de onzekerheid te verklaren en de dreigende leegte te vullen met hun eigen constructie. Godsdienst is als het ware een preventieve aanval (‘preemptive strike’) die de dood op afstand probeert te houden.

In dat opzicht komt de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster (de Kerk) functioneel perfect overeen met de honderden andere godsdiensten en stromingen binnen religies die hetzelfde beogen. Ook in het uitblijven van een sluitende verklaring over het ontstaan van God of het ontstaan van ons sterrenstelsel komt de Kerk overeen met andere godsdiensten. Die weten evenmin een sluitende verklaring te geven. Het is selectief om alleen de Kerk daar op af te rekenen en de andere godsdiensten niet. Ofwel, als die andere godsdiensten het evenmin weten, dan moet in lijn van uw betoog eerder de conclusie zijn dat er geen enkele godsdienst bestaat.

Als Pastafarianen moeten ‘bewijzen’ dat hun godsdienst overtuigingskracht, ernst, samenhang en belang bevat dan valt er vanwege de gelijkheid van godsdienst nog wel wat meer te bewijzen. Zoals ‘Jezus’ die over water loopt of diezelfde ‘Jezus’ die opvaart naar de hemel. En er zijn nog meer van die tovertrucs, wonderen en onverklaarbare transformaties in godsdiensten. Wat te denken van de Koran die geen mensenwerk zou zijn en niet door mensen geschreven is, maar in de Arabische taal door God via de engel Djibriel aan Mohammed geopenbaard is? Ga er als objectieve beoordelaar maar aan staan om dat overtuigend en serieus te vinden.

De religieuze markt is een vechtmarkt met grote economische en politieke belangen. Deze miljardenbedrijven beheersen als multinationals hele landen. Met verwijzing naar hun vermeend verticale ontstaan onttrekken ze zich grotendeels aan horizontale toetsing. Een lucratief gat in de markt. De serieuze bedoelde opmerking die geestig uitpakt van de in 2017 overleden theoloog Harry Kuitert vat de maskerade van godsdiensten samen: ‘Alle spreken over boven komt van beneden, ook het spreken dat beweert van boven te komen’.

De Kerk is een voorbeeld van een nieuwkomer op de markt. Het past niet in de indeling waar rechters, ambtenaren en politici mee zijn opgevoed. Daarom kunnen ze nieuwkomers op de religieuze markt onvoldoende plaatsen. En hun legitieme plek geven. Dat volgt uit de geesteshouding van beambten en beleidsmakers. Ze kunnen mentaal de ontwikkelingen niet bijbenen om er correct gevolg aan te geven. Zo gaat het altijd. Traditie valt te omschrijven als aangenomen vormen. Een bedacht plan waaraan vervolgens wordt vastgehouden. Totdat de plannen veranderen en mensen weglopen van de voorgeschreven plannen. De meerderheid van de Nederlanders geeft aan zich niet door godsdienst te laten inspireren.

Godsdiensten reageren op elkaar. In hun ontstaan lenen ze van oudere godsdiensten en pikken daar de sterke aspecten uit. In de ‘rat race‘ van de religieuze markt hebben in de geschiedenis vele godsdiensten het onderspit gedolven. Ze hebben het niet gered in de concurrentie met anderen. Meestal werden ze in een bewuste campagne een kopje kleiner gemaakt door de dominante godsdiensten van hun tijd en weggezet als ketters, soms verdwenen ze omdat ze gewoonweg saai en weinig inspirerend waren. Soms bedrijven godsdiensten satire met de opzet bestaande godsdiensten te ridiculiseren, soms bedrijven ze satire om zich te onderscheiden. Alles is mogelijk. Religieuze marketing en positionering verandert met de tijd en is niet aan beperkingen gebonden. Hoe godsdiensten er over 200 jaar uit zullen zijn kunnen we ons nu niet voorstellen, maar zeker is dat ze er heel anders uit zullen zien dan de dominante godsdiensten van nu.

Voor Europa geldt dat op een krimpende markt godsdiensten elkaars concurrent zijn en elkaar bestrijden. Hoewel ze soms ook gelijk opgaan in hun verdediging van de religieuze sector tegen politiek of maatschappij. Ook voor godsdiensten geldt: ‘de één zijn dood is de ander zijn brood’. Uit behoefte of uit een veelheid van redenen die toevallig samenkomen worden godsdiensten door mensen gecreëerd. Hoewel godsdiensten aan degenen die ze zeggen te inspireren het eeuwige leven beloven, geldt dat niet voor de godsdiensten zelf. Ze verdwijnen weer als hun machtspositie is afgebrokkeld, de tegenstand te sterk is of als er geen behoefte meer is aan wat een specifieke godsdienst verkondigt. Godsdienst is dan als de garantie op een wasmachine van een failliete fabriek die geen service meer biedt. Het garantiebewijs heeft dan geen praktische waarde meer.

Essentie is dat de Nederlandse rechter oordeelt over de interne werking van een godsdienst, maar daar niet de expertise voor heeft en zich dit oordeel niet toe zou moeten meten. De rechter moet de wet toepassen, maar daarbij ‘aan de buitenkant’ blijven en niet een oordeel vellen over wat een godsdienst is. Een rechter is geen godsdienstwetenschapper en daarom is het ongepast dat een rechter dit meent te kunnen onderzoeken. De rechter stapelt eisen op elkaar die niet aan godsdienst of levensovertuiging gesteld hoeven worden. Zoals de overweging dat het een volwaardig, logisch of wetenschappelijk systeem van denken moet zijn. Het oordeel dat de Kerk als godsdienst of levensovertuiging afgewezen kan worden omdat het niet voldoende serieusheid zou bezitten is ongepast en normatief.

Godsdiensten hebben alleen zin voor gelovigen die zich erdoor willen laten inspireren. Ze hebben geen zin voor anders-gelovigen of niet-gelovigen. Wetenschappelijke of pseudo sociaal-wetenschappelijke kritiek snijdt weinig hout in antwoord op een kwestie van geloof. Godsdienst is niet rationeel. Daarom is het toetsen van een godsdienst als het toetsen van vertrouwen of een innerlijke overtuiging. Dat is niet te doen.

Volgens de rechter moet godsdienst een bepaald niveau van overtuigingskracht, ernst, samenhang en belang hebben. Maar rechters zijn door ontbrekende kennis en inzicht niet geëquipeerd om een godsdienst goed te kunnen beoordelen. Ze proberen door benadering vanaf de buitenkant te raden hoe de binnenkant eruit ziet. De toetsing wat een godsdienst is komt voor de gelovigen op inmenging neer en voor de buitenstaanders op een mechanisme van uitsluiting. Deze toetsing is uitsluitend politiek en daarom ten alle tijde veranderbaar en onderhevig aan nieuwe ontwikkelingen.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelHet Vliegend Spaghettimonster (VSM): een mislukte parodie’ van ‘Tartuffel’ op infonu.nl, 15 augustus 2018.

Christelijke schrijver Max Lucado praat namens God en weet hoe het zit met het secularisme: het zuigt hoop uit de maatschappij

leave a comment »

De leukste programma’s op YouTube zijn religieuze talkshows waar gast en presentator zich onbespied wanen en geen moeite te doen om de feiten correct voor te stellen of de argumenten logisch te laten kloppen omdat ze toch menen voor eigen parochie te preken. Dan vertellen ze in hun onbevangenheid de grootste onzin. Hier zien we de conservatieve christelijke schrijver Max Lucado voor de christelijke omroep Christian Broadcasting Network die elders verkondigde dat homo’s en lesbo’s ‘niet het Koninkrijk der Hemelen mogen binnengaan’. Omdat dat valt op te vatten als een opmerking over de innerlijke werking van een godsdienst moet daar niet te zwaar aan getild worden. Met zijn geloof probeert Max Lucado het geloof van anderen te gijzelen. Het is de gek die daarin meegaat. Maar anders wordt het als hij zich uitspreekt over het secularisme dat volgens hem ‘Hoop uit de maatschappij zuigt’. Max Lucado is een christelijke kwakzalver die pretendeert te weten wat de christelijke God bedoelt en de voorrechten van zijn godsdienst met onwaarheden verdedigt. Zich onbespied en beschut wanend in zijn conservatief-christelijke echokamer. Mijn reactie bij dit filmpje:

Max Lucado does not understand what secularism is. Or he pretends he does not know. Secularism is a political philosophy that gives an equal place to all religions and beliefs. Secularism is not anti-religion or pro-atheism, but completely neutral. So it is demonstrable nonsense of Max Lucado that there is no place for the worship of God under secularism. There is.

Max’s statements cast doubt on the depth of his knowledge about secularism or about his sincerity and credibility to objectively and honestly present secularism. The question is what is worse. Max Lucado must either work on his knowledge or on his ethics.

Raad van State beslist dat de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster geen godsdienst is. Een uitspraak vol gebreken

with 14 comments

De afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft vandaag in een voorspelbare, teleurstellende, wereldvreemde, a-historische, politiek gekleurde en niet moedige uitspraak uitgesproken dat de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster geen godsdienst is. Aanleiding was de weigering van de gemeente Nijmegen om het beroep op de uitzonderingsbepaling vanwege religieuze redenen voor de aanvrager van een reisdocument of rijbewijs toe te kennen. Zoals uit bovenstaand fragment uit het persbericht blijkt meent de Raad van State dat het de Kerk in het bijzonder aan ernst en samenhang ontbreekt en het satirisch element overheerst.

Opvallend is dat in februari 2017 in een uitspraak die ook verband hield met de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster de meervoudige kamer van de Rechtbank Oost-Brabant in Den Bosch de criteria die volgens artikel 9 van het EHRM aan een godsdienst gesteld kunnen volgens bestaande jurisprudentie in 5.3 uit het Engels (‘cogency, seriousness, cohesion and importance’) vertaalde met begrijpelijkheid, serieusheid, samenhang en importantie, terwijl de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State tot een andere vertaling komt: ‘overtuigingskracht, ernst, samenhang en belang’. Taal is niet neutraal. Het is een groot verschil of men toetst aan de hand van het criterium ‘begrijpelijkheid’ of ‘overtuigingskracht’, ’serieusheid’ of ‘ernst’,  ‘importantie’ of ‘belang’. Dit verschil in interpretatie tussen rechtscolleges roept de vraag op hoe zuiver deze criteria getoetst worden en met welke ernst en samenhang Nederlandse rechtscolleges opereren.

De uitspraak van de Raad van State bevat een normatief oordeel, namelijk dat vanwege ‘het satirische element van het pastafarisme’ de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster niet voldoet aan de genoemde criteria ‘overtuigingskracht, ernst, samenhang en belang’ en daarom niet als godsdienst kan worden aangemerkt. De Raad van State meent dat het van tweeën één is: satire of godsdienst. Dit houdt in dat er volgens de Raad van State ruimte bestaat tussen satire en deze vier criteria en ze nooit kunnen samenvallen. Dat is een oordeel dat voorbijgaat aan het belang van maatschappelijk relevante satire. Ermee diskwalificeert de Raad van State een groot deel van de Westerse cultuurgeschiedenis, van de toneelstukken van Aristophanes, Lucianus’ spotschriften, Erasmus’ ‘Lof der Zotheid’, P.C. Hoofts ‘Warenar’ tot Monty Pythons ‘Life of Brian’.

Traditioneel bestaat er een sterke wederzijdse beïnvloeding tussen fictie en religie. Godsdiensten zijn net als het theater ontstaan vanuit rituelen en dramatisering. Dat geldt ook de monotheïstische godsdiensten. Sommige gelovigen vatten de Bijbel volledig als fictie op. Sinds de opkomst van het laat 20ste eeuws post-modernisme is die wisselwerking nog versterkt. Interpretatieverschillen om godsdiensten te duiden geven aan dat er diverse manieren van geloven en godsdienst zijn. De Raad van State doet weinig moeite om de marges voor interpretatie die het heeft te benutten om daar ruimhartig en historisch correct mee om te gaan.

Hoeveel ernst en samenhang hebben rituelen, gebruiken en dogma’s van godsdiensten? Is een volwassen man met een jurk aan en een mijter op het hoofd (die doorgaans kinderen misbruikt) serieuzer dan een burger in hedendaagse kleren met een vergiet op het hoofd? Of wat is er begrijpelijk aan duizenden mensen die in Mekka tegelijk rond een kubus lopen waarbij jaarlijks tientallen ‘gelovigen’ onder de voet worden gelopen?

Als Pastafarianen moeten ‘bewijzen’ dat hun godsdienst ‘overtuigingskracht, ernst, samenhang en belang’ bevat dan valt er vanwege de gelijkheid van godsdienst nog wel wat meer te bewijzen. Zoals ‘Jezus’ die over water loopt of diezelfde ‘Jezus’ die opvaart naar de hemel. En er zijn nog meer van die tovertrucs, wonderen en onverklaarbare transformaties in godsdiensten. Wat te denken van de Koran die geen mensenwerk zou zijn en niet door mensen geschreven is, maar in de Arabische taal door God via de engel Djibriel aan Mohammed geopenbaard is? Ga er als objectieve beoordelaar maar aan staan om dat overtuigend en serieus te vinden.

Het probleem is dat de Raad van State alleen kandidaat-godsdiensten beoordeelt, maar niet de traditionele godsdiensten. Want die zijn immers ouder dan de Raad van State. Dat schept ongelijkheid. Niet alleen in het oordeel, maar ook in de procedure. Want als een rechtscollege de ene godsdienst kritisch bejegent, dan zou het wel zo objectief zijn om andere godsdiensten op exact dezelfde criteria te beoordelen. Dat gebeurt niet.

Dit is de reden waarom de Raad van State met deze uitspraak de plank misslaat. Want een rechtscollege kan vanwege die tovertrucs, wonderen en onverklaarbare transformaties niet eisen dat een godsdienst een volwaardig en geloofwaardig systeem van denken is waarin alle aspecten door gelovigen of de dogmatiek van de godsdienst serieus, in samenhang, met overtuiging en belang verklaard worden. Het gaat immers om een ‘geloof’ waarbij logica niet vooropstaat. Dan past het ook niet om een godsdienst langs de meetlat van de logica te leggen. Evenmin kan geëist worden dat een gelovige het begrijpelijk en in samenhang uitlegt.

Als de rechter godsdiensten werkelijk op overtuigingskracht, ernst, samenhang en belang zou toesten, dan zouden immers alle godsdiensten door de mand vallen en blijft er geen enkele over. Schijnverklaringen die bijvoorbeeld in strijd zijn met de laatste natuurwetenschappelijke inzichten tellen niet. Ook best, maar dan wel: ‘gelijke monniken gelijke kappen’. Ofwel, op de criteria van ernst en samenhang waar de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster op wordt afgewezen, moeten dan precies zo het Christendom of de Islam afgewezen worden. Dat is een politieke keuze die moed, durf en non-conformisme vereist.

Vraag is of een Nederlandse rechter bij beschikbaarheid van voldoende redenen tot afwijzing – na toetsing op de criteria van ernst en samenhang – de politieke macht heeft om de dogmatiek en het systeem van het Christendom of de Islam buiten de orde te stellen en gemeende religieuze instellingen hun registratie als godsdienst te ontnemen. Dat zijn dezelfde criteria waarop in deze uitspraak nu de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster afgewezen wordt als godsdienst. Dit debat dat eigenlijk een schijndebat is heeft alles met politieke macht en machtsverhoudingen te maken en niets met een echte juridische toetsing van godsdienst.

De afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State is theologisch niet geëquipeerd om theologische doctrines af te wegen. Dat wijst de uitspraak ook wel uit. De Raad van State neemt de vier criteria te letterlijk en te serieus, en weigert verder te kijken. Het vergeet de jurisprudentie te relativeren waarop de uitspraak is gebaseerd en vergeet te vermelden dat er weinig voorbeelden van een levensovertuiging zijn die op deze grond afgewezen worden. De leden ervan zouden zich er niet eens aan moeten willen wagen om een oordeel over ‘de binnenkant’ van een godsdienst te geven. De Raad van State zou deze zaak terug moeten verwijzen en niet in behandeling nemen. Of in lijn met de visie op alle andere godsdiensten die evenmin voldoen aan alle criteria van ernst of serieusheid de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster na een toetsing ‘aan de buitenkant’ gewoon moeten erkennen als godsdienst. Voor wat het politiek en maatschappelijk ook waard is.

Foto 1: Schermafbeelding van deel persberichtPastafarisme’ is geen godsdienst’ van de Raad van State, 15 augustus 2018. 

Foto 2: ‘Obatala priests in their temple in Ife’.

Foto 3: ‘A group of Druids at Stonehenge in Wiltshire, England