Christian Tan probeert Johan Derksen en ideeën over vertrutting in christelijk frame te duwen. Dat loopt vast in behoudzucht

Schermafbeelding van deel artikel van Christian Tan, ‘Johan Derksen en de cancelcultuur in Nederland: wat zegt de Bijbel hierover?‘, 2 mei 2022 op Revive.nl.

Terwijl de Europese veiligheid op het spel staat door de invasie van de Russische Federatie in Oekraïne houdt een groot deel van Nederland zich bezig met trivialiteiten. Zoals de uitspraken van voetbalcommentator en televisiepresentator Johan Derksen over een kaars waarmee hij lang geleden een vrouw zou hebben onteerd. Later zwakte hij dat verhaal af.

De reactie op Derksen die controversiële uitspraken gebruikt om de kijkcijfers van zijn programma op de commerciële omroep Talpa op te pimpen was duidelijk. Derksen was deze keer volgens velen over een grens gegaan. Sponsors liepen weg en het programma Vandaag Inside komt na een zomerpauze wellicht terug op de buis.

Commercie staat bij Talpa voorop. Het gaat uitsluitend om geld verdienen. Nieuwe sponsors kunnen zich straks weer melden. Business as usual. De mediastorm over de kaars van Derksen heeft veel vrije publiciteit opgeleverd voor dit programma zodat het een succesvolle doorstart kan maken. Commerciële televisie heeft geen historisch geheugen en geen moraal.

Het is een misverstand dat er in het geval Derksen sprake is van cancelcultuur zoals Christian Tan van MeerJezus in een stuk op Revive.nl zegt. Tan begrijpt de dynamiek van de commerciële televisie onvoldoende. Hij probeert deze kwalijke kwestie te gebruiken om zijn punt te maken. Het omgekeerde is echter waar. Derksen wordt niet gecanceld, maar wendt het cancelen aan om publiciteit te maken voor Vandaag Inside en zichzelf als mediapersoon.

Het valt Tan te vergeven dat hij vanuit zijn christelijke overtuiging deze kwestie probeert te verbinden met het christelijk geloof. Dat heeft er bij nader inzien weinig mee te maken. Maar het is Tans vrijheid van godsdienst om de kwestie Derksen te gebruiken om zijn christelijke geloof te verkondigen. Of het zinvol is en aan de zaak iets essentieels toevoegt is de vraag.

Schermafbeelding van deel artikel van Christian Tan, ‘Johan Derksen en de cancelcultuur in Nederland: wat zegt de Bijbel hierover?‘, 2 mei 2022 op Revive.nl.

Tan gaat in het citaat hierboven verder dan evangelisatie en religieuze propaganda als hij de vertrutting van de samenleving toejuicht. Hij zegt er zelfs blij mee te zijn. Hoe breed hij vertrutting opvat is onduidelijk, maar duidelijk is dat dit begrip gaat over preutsheid, fatsoen, vrijheid en de rol van de vrouw.

Tan ontneemt individuen de vrijheid van handelen en wil ze insnoeren in een van bovenaf opgelegd moralisme dat christelijke wortels heeft. Dat is ongelukkig en ongewenst. Respect, lichamelijke integriteit en instemming (consent) zijn universele waarden die niet specifiek verbonden zijn aan vertrutting. Tan de moraalriddder maakt een parodie van vertrutting én moraliteit.

Tan laat zijn ware aard zien als een christelijke spookrijder als hij in bovenstaand citaat spreekt over huwelijkstrouw en gezinsleven, belachelijk gedachtengoed, afbrekend gezag van kerk, Bijbel en God en evolutie-indoctrinatie. Tan haalt er van alles bij, gooit dat op een hoop en laat zich kennen als iemand die maatschappelijke ontwikkelingen terug wil draaien naar een christelijk Nederland dat verdwenen is. Als het in de vorm die hij zich voorstelt al ooit bestaan heeft.

Tan is niet de enige Nederlandse gelovige die verbolgen is, zich miskend voelt en met z’n hoofd in het verleden leeft en daarom een verkeerde aanpak kiest voor het hier en nu. Beseft hij niet dat als er sprake is van afbrekend gezag van kerk, Bijbel en God dat vooral de christenen zelf te verwijten valt?

In Nederland hebben kerken onder het secularisme alle vrijheid om hun geloof in vrijheid te belijden. Maar de realiteit van de Nederlandse maatschappij is dat een meerderheid van de bevolking zegt zich niet meer te laten inspireren door religie. Dat is het gegeven.

In een nieuwsbericht van maart 2022 over een onderzoek naar levensovertuiging concludeert het SCP: ‘Nederland is geen gelovig land meer. Atheïsten en agnosten vormen inmiddels een meerderheid onder de bevolking. Religieuze groepen zijn nu minderheden in Nederland‘.

In het commentaarOmarm secularisatie. Beschouw kerken als culturele instellingen. In ruil voor subsidie kunnen ze hun politiek-maatschappelijke claim op de samenleving inruilen‘ van 2 februari 2022 pleitte ik voor het subsidiëren van kerken als culturele instelling.

Daarin schetste ik precies het beeld van iemand als Christian Tan die veel energie stopt in een achterhoedegevecht en zo de zaak die hij denkt te behartigen niet optimaal behartigt en zelfs beschadigt: ‘Dat zou voor iedereen beter zijn. Voor de kerken die daardoor een betere financiële uitgangspositie hebben, voor de samenleving die de gevestigde kerken voortaan kan waarderen als culturele instellingen die de claim opgegeven hebben om de samenleving te besturen en voor de gelovigen die niet langer meegesleept worden door hun kerkleiders in een misleidend beeld van hoe schadelijk secularisatie is‘.

Onderzoek ‘Buiten kerk en moskee’ van het SCP blijft worstelen met formuleringen om de ontwikkelingen onbevooroordeeld te beschrijven

Schermafbeeldingen uit onderzoekBuiten kerk en moskee‘ van het SCP, 23 maart 2022. Pagina’s 74 en 75.

Vandaag 24 maart 2022 verscheen het onderzoek Buiten moskee en kerk van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Pikant is dat het ultrarechtse FvD-kamerlid Pepijn van Houwelingen als een van de drie auteurs wordt genoemd.

In de toelichting bij dit onderzoek zegt het SCP op de eigen website: ‘Nederland is geen gelovig land meer. Atheïsten en agnosten vormen inmiddels een meerderheid onder de bevolking. Religieuze groepen zijn nu minderheden in Nederland. Daarmee is voor de meeste mensen de zoektocht naar zingeving en zelfverwezenlijking een individuele zaak. Deze maatschappelijke ontwikkelingen hebben niet alleen gevolgen voor individuen, maar ook voor de verhoudingen tussen verschillende groepen, en onze samenleving als geheel. Dat blijkt uit het onderzoek Buiten kerk en moskee van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP)‘.

In een reactie op een artikel van Hanco Jürgens dat in NRC in december 2021 werd geplaatst formuleerde ik kritiek die in mijn ogen ook van toepassing is op dit onderzoek van het SCP. Dat heeft te maken met verkeerde terminologie van de ontwikkelingen die het beschrijft. Mijn kritiek bestaat eruit dat ondanks het feit dat de meerderheid van de Nederlanders zegt zich niet door godsdienst te laten inspireren het instrumentarium waarmee dat proces wordt beschreven in culturele zin niet loskomt van het geloof en door het totale proces van emancipatie en loskomen van religie in het frame van geloof te formuleren het godsdienst belangrijker maakt dan de demografische en sociologische ontwikkelingen rechtvaardigen. Ik herhaal een passage uit mijn kritiek op Jürgens. Niet op zijn opzet trouwens, maar op zijn uitwerking ervan:

Schermafbeelding van deel commentaarAntwoord op pleidooi van Hanco Jürgens: vervang humanisme door secularisme‘ van George Knight van 24 december 2021.

Het onderzoek formuleert in een voetnoot op p. 70 met verwijzing naar het langlopende onderzoek van de KRO naar God in Nederland ‘seculier’ als ‘diegenen die expliciet aangeven dat er ‘geen God of hogere macht’ bestaat (atheïsten) of die zeggen dit simpelweg niet te (kunnen) weten (agnosten).‘ Ook hier komt het tekort van de terminologie weer tot uiting.

Want waar laat dat iemand die zich als seculier of een aanhanger van het secularisme beschouwt, maar niet als atheïst of agnost? Het is onjuist om ‘seculier’ of een aanhanger van het ‘secularisme’ te omschrijven als ‘atheïst’ of ‘agnost’. Dat is opnieuw een ouderwetse benadering die ondanks een afwijzing ervan het secularisme direct koppelt aan godsdienst. Dat is ongewenst en wetenschappelijk onzorgvuldig. In mijn kritiek op Jürgens die ook van toepassing is op dit onderzoek van het SCP formuleerde ik dat als volgt:

Schermafbeelding van deel commentaarAntwoord op pleidooi van Hanco Jürgens: vervang humanisme door secularisme‘ van George Knight van 24 december 2021.

SCP trapt met open ogen in de valkuil. Het SCP blijft ermee in cirkels draaien door een niet passend instrumentarium te gebruiken dat ontleend is aan de godsdienst van weleer om de ontwikkelingen te beschrijven. Het beschrijft die groter wordend afstand tot religie adequaat, maar weet er geen juiste beschrijving voor te vinden.

Het SCP zorgt zo voor onnodige verwarring door het afgeven van gemengde signalen. Namelijk door in de beschrijving het maatschappelijk belang van afnemende godsdienst te beschrijven, maar daarvoor termen te gebruiken die aan die godsdienst zijn ontleend en de band ermee benadrukken.

De citaten uit het onderzoek over ‘cultuurchristenen’, het behoud van kerkgebouwen en de erkenning van de maatschappelijke waarde van geloof en kerk waarmee dit commentaar begint hebben dezelfde terminologische tekortkomingen als die over het secularisme.

Nogmaals. het secularisme is niet per definitie anti-godsdienst of pro-atheïsme. In een commentaar van februari 2022 pleitte ik voor subsidie van kerken door ze als culturele instelling te beschouwen. Door het omarmen van het secularisme kunnen religieuze instellingen als kerken een nieuwe culturele invulling vinden. Secularisten die dit steunen zouden geen cultuurchristenen genoemd moeten worden zoals het SCP doet, maar secularisten. Hiermee gebruikt het SCP opnieuw onnodig een term die nauw verbonden is aan godsdienst.

Het is voor de steun aan kerken niet de essentie of iemand de christelijke moraal of christelijke tradities erkent, zoals het SCP in haar uitleg beweert. Het gaat erom dat in een samenleving groeperingen elkaar niet uitsluiten en naast elkaar willen leven. Daarvoor is het niet nodig dat de meerderheid van de Nederlandse bevolking de leerstellingen van christelijke kerken aanvaardt. Ook als men die verwerpelijk en verouderd vindt, zouden maatschappelijke of culturele instellingen als kerken recht op overheidssteun moeten hebben.

Schermafbeelding van deel commentaarOmarm secularisatie. Beschouw kerken als culturele instellingen. In ruil voor subsidie kunnen ze hun politiek-maatschappelijke claim op de samenleving inruilen‘ van George Knight, 2 februari 2022.

Christenen moeten beseffen dat er weinig overblijft van hun geloof als het gekaapt wordt door onbarmhartige, rechts-radicale hardliners

Schermafbeelding van deel artikelLieve, snoeiharde christelijke reageerders, wil je echt dat jouw ideeën werkelijkheid worden?‘ van Dick Schinkelshoek in het ND, 4 februari 2022.

Het is niet allesbepalend of iemand christelijk is. Het gaat erom hoe iemand in het leven staat en omgaat met anderen. Mensen hebben meerdere identiteiten. Hun geloof of levensovertuiging is er daar één van. Maar daar behoort het niet mee op te houden. Het is ongelukkig dat een allesbepalende identiteit alle andere identiteiten van een persoon bepaalt. Daarmee doet een individu zichzelf tekort en perkt het het menszijn onnodig in.

Dick Schinkelshoek is chef redactie geloof & kerk van het Nederlands Dagblad. Hij houdt in het opinie-artikelLieve, snoeiharde christelijke reageerders, wil je echt dat jouw ideeën werkelijkheid worden?‘ van 4 februari 2022 een pleidooi voor medemenselijkheid binnen het Nederlandse christendom. Hij laat een redelijk geluid horen.

Dat is moedig binnen de gepolariseerde protestante reformatorische kringen waar veel gelovigen zijn gepolitiseerd en onder de invloed van ofwel orthodoxie, ofwel conservatisme, ofwel rechts-radicalisme, ofwel rechts-extremisme zijn geraakt.

Ze doen wat Schinkelshoek signaleert, namelijk snoeihard zijn en niet naar andersdenkenden luisteren. Zelfs als die anderen uit eigen kring komen, maar een ‘mildere’ opstelling kiezen. In de VS verlaten deze ‘mildere’ of meer progressieve, voornamelijk jongere gelovigen de witte evangelische kerken die zich naar hun idee hebben overgeleverd aan het meedogenloze racistische denken van het Trumpisme. In Nederland bestaan contacten tussen de rechts-extremistisch partij FvD en conservatieve christenen in de theocratische SGP. (Overigens ben ik van mening dat onderzocht moet worden of deze beide partijen ontbonden kunnen worden).

Schinkelshoek voert een somberende vriend op die zegt: ‘Soms lijkt het dat na alle kerkverlating alleen nog gekkies in de kerk zijn achtergebleven‘. Schinkelshoek voegt toe dat hij ‘ernstig hoopt dat hij ongelijk heeft, dat de kerk ook vandaag meer te bieden heeft dan schreeuwende fundi’s en liefdeloze radicalo’s’, maar hij beseft dat hij ongelijk heeft. De vraag stellen is de vraag beantwoorden. Gekkies hebben de overhand gekregen binnen de kerken. Die zijn gekaapt door schreeuwerds en liefdelozen.

Schinkelshoek komt tot zijn gedachten na het zien van het eerste seizoen van de serieThe Handmaid’s Tale‘ (2017- ….) dat is gebaseerd op het boek van de Canadese schrijfster Margaret Atwood. Het speelt zich af in de christelijke dictatuur Gilead die de Amerikaanse republiek heeft verdrongen. Bij gebrek aan geboorten worden dienstmaagden met een beroep op God door hoge functionarissen, ‘commandors’, verkracht met als opzet om kinderen te baren. Dat is het systeem.

Sterk aan de eerste twee seizoenen van ‘The Handmaid’s Tale‘ is het uitvergroten van christelijke hypocrisie die kan bestaan binnen een structuur waar godsdienst, politiek, schijnheiligheid en dictatuur samengaan. De latere seizoenen wisselen kritiek op dit christelijke (waarden)systeem in voor de individuele ontwikkeling van hoofdpersoon June en verliest daardoor aan zeggingskracht.

De christenen of pseudo-christenen van Gilead praten met zalvende woorden hun snoeiharde, onmenselijke gedrag goed. Tot en met moorden en verkrachtingen. De serie ‘The Handmaid’s Tale’ laat goed zien dat godsdienst die in verkeerde handen valt en wordt gekaapt door gepolitiseerde kerkleiders een sterk wapen is waar verzet tegen moeilijk is. Dat is het duale gebruik van godsdienst. Het kan goed én verkeerd ingezet worden. Als het laatste het geval is, dan komt er een ongekende kracht vrij die in eeuwen opgebouwd is.

Hoe bestrijdt men een vermeende hogere macht die onbereikbaar en anoniem is, beschermd wordt door traditie en voor verkeerde doeleinden wordt ingezet? Mijn reactie op de FB-pagina van het Nederlands Dagblad bij Schinkelshoeks artikel:

Still uit ‘The Handmaid’s Tale‘, 2017 (eerste seizoen). Credits: HULU/BARBARA NITKE.

Compassie is voor vele conservatieve christenen niet weggelegd. Het is nog kwalijker, ze zoeken aansluiting bij extreem-rechts. Dus bij een politieke stroming die een gedachtenwereld heeft die haaks staat op het evangelie van Jezus. Dat schuurt. 

Net zoals Nederlandse moslims wordt gevraagd om afstand te nemen van het islamisme, zouden Nederlandse christenen gevraagd moeten worden om afstand te nemen van dat christelijk rechts-extremisme. Dat gebeurt niet. Er wordt echter wel een poging gedaan om een godsdienst te kapen en in radicaal politiek vaarwater te brengen. 

Komt die terughoudenheid van christelijke kerkleiders door een gebrek aan zelfreflectie, gebrek aan durf, onderlinge verdeeldheid, een verkeerde opvatting over wat christenheid is of door het verkeerd begrijpen van de eigen tijd? 

Nederlandse gelovigen hebben het moeilijk omdat ze met steeds minder zijn, hun macht afneemt en hun vanzelfsprekende voorrechten van voorheen geleidelijk verdwijnen. 

Het geloof is steeds meer vergelijkbaar met kunst: een culturele uiting. Dat besef kan christenen bevrijden van de ratrace om macht uit te oefenen. Ze kunnen terugkeren naar de kern van hun geloof: zingeving, troost en het zoeken van verbinding in eigen kring. Dat is de bevrijding die voor Nederlandse christenen een zegen in vermomming kan zijn. Verdieping in plaats van verbreding. 

Hoe onbelangrijker in maatschappelijke zin het christendom wordt, hoe belangrijker het in de kern kan zijn. Daar ligt de winst. Niet in het najagen van doelen die door demografische en culturele ontwikkelingen zijn afgesloten. Tel je zegeningen, christenen, en doe het goede wat binnen je bereik is. Laat je niet opjagen en uit elkaar spelen door rechte extremisten die alleen maar het geloof willen kapen voor eigen doeleinden. 

Omarm secularisatie. Beschouw kerken als culturele instellingen. In ruil voor subsidie kunnen ze hun politiek-maatschappelijke claim op de samenleving inruilen

De conservatief-christelijke zender Family7 heeft het (na 4’24’’) over secularisatie in de Nederlandse katholieke kerk. Met vergrijzing zou dat leiden tot financiële problemen. Bij de video heb ik onderstaande reactie geplaatst:

Het is onduidelijk wat de gesprekspartners onder secularisatie verstaan. Is dat het afnemen van de greep van de georganiseerde religie op de maatschappij? Is dat de scheiding tussen kerk en maatschappelijk leven? Is dat wat anderen ontkerkelijking noemen? Is dat het inboeten aan betekenis van godsdienst ten gunste van rationeel denken en hedendaagse motieven? 

Jan-Henry Seppenwoolde van de katholieke Stichting in de Rechte Straat noemt secularisatie tragisch omdat volgens hem ‘de christenheid kleiner wordt’. Het is in Nederlandse context een opvallende uitspraak van een katholiek, omdat vanaf het begin van de 19de eeuw de katholieken in een overwegend protestant Nederland voorstanders waren van secularisatie omdat het de godsdienst uit de overheidssfeer trok en de katholieken daarom konden emanciperen dankzij de secularisatie. In India zien we nu hetzelfde proces tussen hindoes die tegen secularisatie zijn en moslims die ervoor zijn omdat secularisatie hun juridische, politieke en maatschappelijke vrijheid vergroot. 

De gesprekspartners die een conservatief-protestant en een conservatief-katholiek standpunt vertegenwoordigen redeneren vanuit een machts- en voorkeurspositie die ze grotendeels verloren hebben. Daarom spreken ze zich uit tegen secularisatie omdat erdoor hun greep op de samenleving afneemt. Voor nieuwe of kleinere godsdiensten is secularisatie juist een zegen omdat die kans op emancipatie geeft. 

Voor deze gesprekspartners die een achterhoedegevecht voeren is het moeilijk te verteren dat de kerken waardoor ze zich laten inspireren aan macht inboeten. Want daarmee wordt hun eigen positie ook zwakker. Niet alleen vechten ze tegen demografische ontwikkelingen van een Nederland waar het percentage mensen die zich zegt te laten inspireren door religie jaarlijks met een of enkele procenten afneemt, maar ook hanteren ze een achterhaald begrip van wat secularisatie is.

De gesprekspartners redeneren meer vanuit de religieuze instituties waarmee ze verbonden zijn, dan vanuit de religie. Is het niet zo dat door modernisering van de samenleving en beter onderwijs meer mensen afstand nemen van religie? Dat is een onomkeerbaar proces. Het tij kan niet worden gekeerd, dat is wensdenken. Maar tegelijkertijd nemen niet alle mensen die zeggen zich niet door religie te laten inspireren afstand van spiritualiteit of ‘iets’. 

Die constatering voelt als een dubbele nederlaag voor de gevestigde kerken. Het aantal gelovigen neemt van jaar tot jaar af door demografische en sociologische ontwikkelingen, maar tegelijkertijd proberen veel mensen toch aan te haken bij een vorm van spiritualiteit waar de gevestigde kerken blijkbaar niet meer in kunnen voorzien. 

Seppenwoolde meent dat het christelijk geloof heilzaam is voor de samenleving. Dat is een normatieve uitspraak. Evengoed kan men het omgekeerde beweren, namelijk dat het christelijk geloof niet heilzaam is voor de samenleving. Hoe dan ook doet het er nog weinig toe omdat de samenleving en de gevestigde kerken van elkaar gescheiden zijn geraakt. 

In Nederland is het een zegen voor de traditionele kerken dat hun maatschappelijke invloed afneemt. Want daardoor kunnen ze tot de kern van het geloof dat ze verkondigen terugkeren en hoeven ze zich minder bezig te houden met belangenbehartiging, fondsenwerving, beïnvloeding van de politiek en publiciteit. 

Seppenwoolde heeft gelijk dat de financiële situatie van de meeste Nederlandse kerken slecht is. Als deze kerken voortaan door samenleving en overheid opgevat zouden worden als culturele instellingen die vergelijkbaar zijn met een dorpsraad, een fanfare, een koor of een creatieve kunstbeoefening voor amateurs, dan zou het voor kerken mogelijk moeten zijn om voor de exploitatie overheidssubsidie aan te vragen. 

Dat zou voor iedereen beter zijn. Voor de kerken die daardoor een betere financiële uitgangspositie hebben, voor de samenleving die de gevestigde kerken voortaan kan waarderen als culturele instellingen die de claim opgegeven hebben om de samenleving te besturen en voor de gelovigen die niet langer meegesleept worden door hun kerkleiders in een misleidend beeld van hoe schadelijk secularisatie is. 

Secularisatie beschermt onder de nationale rechtsstaat de religieuze minderheidsgroepen. Nederland kent alleen religieuze minderheidsgroepen. De overheid garandeert hun bestaan en vrijheid. Als de kerken verstandig zijn, dan accepteren ze dat uitgangspunt. Dan draaien ze zich om en gaan niet langer met hun rug naar de toekomst staan, maar kijken de toekomst recht in het gezicht om er hun plaats in te vinden. Hoe langer die herpositionering uitblijft, hoe meer traditionele kerken worden weggespeeld door nieuwe demografische en sociologische ontwikkelingen. Die wending is zinvoller voor kerken en gelovigen, dan het innemen van een zuur standpunt over secularisatie dat volgt uit miskenning, wensdenken en een foute inschatting van de eigen positie.

Antwoord op pleidooi van Hanco Jürgens: vervang humanisme door secularisme

Schermafbeelding van deel artikelAtheïsme in Nederland mist smoel‘ van Hanco Jürgens in NRC, 22 december 2021.

In een opinie-artikel in NRC vraagt Hanco Jürgens zich af hoe het kan dat in Nederland waar de meerderheid van de bevolking zich niet tot een godsdienstige of levensbeschouwelijke groep rekent het atheïsme geen overtuigend, verbindend verhaal weet te vertellen. Een verklaring zoekt Jürgens in het feit dat een wereld zonder God in Nederland zo vanzelfsprekend is geworden dat ‘weinigen er nog om malen‘, terwijl het antwoord op belangrijke levensvragen ‘geboden‘ is. Hij komt uit bij het humanisme dat mensen houvast kan bieden.

Jürgens vervolgt: ‘De vraag wat nu het cement is dat onze seculiere samenleving bijeenhoudt wordt steeds prangender. Mensen hebben het gevoel dat onze samenleving uiteenvalt, dat iedereen in zijn eigen bubbel blijft zonder nog te weten wat er in andere bubbels gebeurt. Juist nu de democratie onder druk staat hebben we een strijdbare cultuur nodig met een aantal heldere uitgangspunten, maar het is nog helemaal niet zo makkelijk om die uitgangspunten helder te krijgen (..). Veel interessanter is de vraag waarom ook ongelovige mensen behoefte voelen om te geloven, waarom het delen van tradities en sociale bindingen belangrijk zijn, waarom mensen behoefte hebben aan houvast.

Ik ben het eens met de vragen die Jürgens stelt en het zoeken naar zingeving buiten de monotheïstische godsdiensten om, maar vindt het kader waarin hij ze plaatst verwarrend. Het is in mijn ogen ongelukkig dat Jürgens begrippen als atheïsme, humanisme, vrijdenken en secularisme bijna inwisselbaar gebruikt, terwijl ze onderling verschillen en niet hetzelfde beogen.

Jürgens houdt een pleidooi voor het humanisme en laat de kans verloren gaan om de kwestie van houvast en zingeving die hij aankaart naar een hoger abstractieniveau te tillen. Ofwel, het humanisme is één van de levensovertuigingen binnen het secularisme, zodat Jürgens niet de kans grijpt om een pleidooi voor het secularisme te houden.

Het secularisme is een politieke filosofie die alle godsdienstige en levensbeschouwelijke stromingen gelijk waardeert en bescherming biedt onder de nationale rechtsstaat. Het secularisme is niet anti-godsdienstig of pro-atheïstisch. Het secularisme is onpartijdig en neutraal jegens alle godsdienstige en levensbeschouwelijke stromingen. De paradox is dat Jürgens ondanks een andere intentie hetzelfde beweert als orthodoxe gelovigen, namelijk dat het secularisme pro-atheïstisch of anti-godsdienstig is. Dat misverstand laat Jürgens met zijn pleidooi bestaan.

Een betere kop bij Jürgens’ pleidooi zou zijn: ‘Secularisme in Nederland mist smoel‘. Een rechtstreeks pleidooi voor het secularisme zonder te blijven hangen in een pleidooi voor het humanisme zou beter aansluiten bij zijn opmerking dat onze seculiere samenleving cement mist.

De eigenlijke vraag die gesteld moet worden is waarom het secularisme in Nederland smoel mist. Zo zelfs dat iemand als Jürgens er verwarrende opmerkingen over maakt en niet goed uitlegt wat secularisme is. Dat is jammer want hij zit op het goede spoor met zijn opmerkingen over houvast, zingeving en cement van de samenleving. Want niet het atheïsme, maar het secularisme is succesvol.

Dat Jürgens met de goede kaarten in handen toch het doel mist heeft ook te maken met zijn taalgebruik. Dat uit zich in het gebruik van de term ‘ongelovigen’, waar hij ‘ongebondenen’ of ‘niet aangeslotenen’ (unaffiliated) bedoelt. Door zijn gebruik van de term ongelovigen blijft hij een meerderheid van de bevolking indirect binden aan het geloof waar ze juist afstand van zeggen te nemen. Dat kan opgelost worden door deze groep naar een hoger abstractieniveau te tillen en ‘secularisten’ te noemen. Daarmee wordt de traditie van het geloof teruggebracht tot wat het is: één van de stromingen binnen het secularisme, maar niet langer het kader van het geestelijk leven zelf zoals het dat vroeger was.

Het is in Nederland niet fundamenteel of iemand gelovig, ongelovig, humanist, atheïst, vrijdenker of wat dan ook is. Dat gaat om een individuele keuze voor een godsdienst of levensovertuiging. Die keuze vindt plaats binnen het kader van het secularisme die iemand de vrijheid biedt om uit eigen vrije wil aansluiting te vinden bij een geestelijke stroming.

Als Jürgens’ pleidooi voor zingeving, cement en een verbindend verhaal omgekat wordt van het atheïsme/ humanisme naar het secularisme, dan spreekt hij meer mensen aan, neemt in de theorievorming afstand van het geloof, tilt zijn betoog naar een hoger abstractieniveau en maakt zich van deelnemer die pleit voor het humanisme tot een voorstander van het secularisme. Waarbinnen uiteraard het humanisme kan floreren.

Tom de Wal kiest met Frontrunners Kingdom Business School voor de kracht van de hemel in zijn eigen portemonnee

Godsdienst kent een tweeërlei, duaal gebruik. De Nederlandse overheid geeft vanwege de uitgifte van exportvergunning voorbeelden wat dat zijn: ‘bepaalde brandvertragers die in de bouw worden gebruikt, kunnen bijvoorbeeld ook worden gebruikt om gifgas te produceren. Andere soorten goederen voor tweeërlei gebruik zijn onder meer test- en productieapparatuur en bepaalde materialen, software en technologie’. Het voorbeeld van een auto die zowel vervoersmiddel als moordwapen kan zijn wordt ook wel gebruikt om te verduidelijken wat tweeërlei gebruik is.

Godsdienst kan worden gebruikt voor zingeving, het leggen van verbinding tussen mensen en het geven van troost. Maar godsdienst kan ook negatief worden gebruikt voor politieke of commerciële doeleinden. Dat eerste zien we wereldwijd in vele landen waar de politiek de lokale religieuze organisatie gebruikt voor eigen doeleinden. Als politiek en godsdienst nauw verknoopt zijn, dan is het altijd laatstgenoemde die het onderspit delft en verwijdert raakt van de oorspronkelijke functies van zingeving, verbinding en troost. Dat zet de autonomie en de geloofwaardigheid van godsdienst onder druk. Dat betreft niet alleen de gepolitiseerde islam, maar ook orthodox-protestante evangelicals in de VS, nationalistische hindoes in India of andere godsdiensten en lokale stromingen.

Godsdienst is in nationale wetten extra beschermd en heeft doorgaans voorrechten die andere levensbeschouwelijke, zeg humanistische organisaties missen. Dat maakt het voor buitenstaanders aantrekkelijk om aan te haken bij religieuze organisaties om die voor eigen doeleinden te gebruiken.

Handelaren in godsdienst surfen mee op de maatschappelijke en juridische voordelen van godsdienst die de nationale rechtsstaat biedt. Het is een geslepen manier van handelen, met als grootste slachtoffer de godsdienst zelf die gecorrumpeerd wordt. Men kan ook zeggen dat geestelijke leiders die aan het hoofd staan van religieuze organisaties die onvoldoende afschermen tegen kwalijke, externe belangen. De geestelijke leiders zouden hun autonomie beter moeten bewaken, maar door omstandigheden die gaan van globalisering, politisering, ontkerkelijking, economische problemen en schandalen binnen religieuze organisaties lijken ze dat steeds minder voor elkaar te kunnen krijgen. Ze hebben steeds minder grip op hun eigen religieuze organisatie.

Schermafbeelding van deel artikelKINGDOM BUSINESS SCHOOL‘ op frontrunnersministries.nl

Doorgaans gebeurt het duale, negatieve gebruik van godsdienst voor politieke en economische doeleinden redelijk subtiel. In de verbinding wordt als afleiding er een laag tussengeschoven met claims en redenen die men op het eerste gezicht niet volledig op waarde kan schatten. Zo ontstaat het idee dat het onwaarschijnlijk, maar niet onmogelijk is. Op die onzekerheid speculeren de politieke en commerciële kapers van godsdienst.

Subtiliteit is niet besteed aan Tom de Wal en zijn Frontrunners Ministries. De Wal is de subtiliteit voorbij en gaat met zijn uit de VS overgewaaide vorm van welvaartsevangelie, dat geld uit de zakken van gelovigen klopt, onbeschaamd en onbeschroomd voor eigen gewin. In commentaren besteedde ik er aandacht aan: zie hier en hier en hier. Hij is een valse profeet die gebruik maakt van godsdienst om zijn eigen zak te spekken.

Tom de Wal krijgt vanuit protestante kringen kritiek omdat hij de subtiliteit en geniepigheid mist van de gevestigde religieuze organisaties die de schijn proberen op te houden dat ze geen politieke of commerciële doelen nastreven. Zo beredeneerd kun je zeggen dat De Wal en zijn organisatie openlijk in conflict komt met de gevestigde godsdienst omdat hij weigert de schijn op te houden dat godsdienst geen duaal gebruik biedt met uiteenlopende belangen.

In de Frontrunners Kingdom Business School kan men voor €5250 het Business Boost Traject volgen. Het traject bestaat uit 8 lesweekenden en toegang tot lesmateriaal. Voorwaarde is dat men zich heeft aangemeld als Frontrunners business partner en minimaal een jaar lid blijft. Dat kost minimaal €250 per maand. Inclusief de inschrijving van €250 is men €3250 kwijt om aan het traject te kunnen deelnemen. In totaal bedragen de kosten van dit traject €8500.

Het klinkt Amerikaans, marketing-achtig en commercieel. Opmerkelijk is de vermenging van godsdienst met activiteiten die in Nederland doorgaans niet door religieuze organisaties worden aangeboden of als essentieel worden beschouwd. De Wal annexeert branchevreemde activiteiten in zijn organisatie die er daardoor paradoxaal minder godvruchtig op wordt. Ook in de beeldvorming. Dat is de calculatie die hij straffeloos denkt te kunnen maken zonder zijn geloofwaardigheid en gezag als religieus geïnspireerde organisatie te verliezen. Waar het kantelpunt ligt dat deze branchevreemde activiteit niet meer wordt aanvaard is aan de gelovigen die De Wal ondersteunen,

Je zou kunnen zeggen dat Tom de Wal met deze Frontrunners Kingdom Business School met optimaal gebruik van het open karakter van godsdienst de flessentrekkerij op een hoger niveau brengt. Hij zet de in de fondsenwerving gebruikelijke methoden in om donateurs op te waarderen en zo optimaal mogelijk geld te ontfutselen. Dat doen alle Goede Doelen organisaties.

De tragiek en relatieve dekking voor De Wal en zijn organisatie is dat dit bedrog niet principieel afwijkt van wat gevestigde godsdiensten doen die eveneens proberen de aan hen toevertrouwde gelovigen te overreden om geld te schenken. Bijvoorbeeld door 1% van het nettoloon te vragen. De Wal gaat met de Frontrunners Kingdom Business School echter in een hogere versnelling van afzetterij omdat het zo openlijk gebeurt. Men kan wachten op het antwoord uit protestante kringen die krokodillentranen huilen die zeggen dat hierdoor de godsdienst onaanvaardbaar beschadigd wordt.

Voorkant brochureFrontrunners Kingdom Business School‘ met ondertitel ‘ervaar de kracht van de hemel in het bedrijfsleven’.

Hans Wap: Geloof het of geloof het niet

Kunstenaar Hans Wap is helder in een van z’n gesproken gedichten: ‘Geloof het of geloof het niet. Ik geloof niet in het geloof. Bij ons thuis werd niet gebeden. We zetten de navigator aan als we een bestemming zochten‘.

Er pleit wat voor Waps uitgangspunt. Het geloof wordt overgewaardeerd. Ik geloof niet als hij zegt dat hij nergens in geloofde. Kun je je dan ontwikkelen als kunstenaar? Hij is zo slim om er een weerwoord aan te verbinden: ‘diep van binnen‘. Dat laat geloof losjes toe. Zo opent zich de grote lijn in het leven.

Het leven wordt ook overgewaardeerd. Iedereen die leeft en zich ervan bewust is gelooft in het leven. Totdat dat stopt. Het is nodig om tijdens het leven in het leven te geloven. Leven in het geloof is niet noodzakelijk. Geloof is afleiding van het leven. Geloof is het voorschot op de dood tijdens het leven.

Iedereen moet zelf weten om te geloven of niet te geloven. Het maakt uiteindelijk niet uit. Er volgt niets meer op. Het geloof heeft op het laatst geen diepere zin. Iedereen die gelooft valt ooit van het geloof af en voor iedereen die niet gelooft geldt hetzelfde. De bestemming staat vast. Voor allen.

Orthodoxe christenen handelen niet in hun eigenbelang als ze framen dat er een kloof tussen religie en seculier bestaat

Schermafbeelding van deel artikel ‘Kloof tussen christelijk en seculier: „Steeds minder besef van waarde kerkgang” in het RD, 16 april 2021

Gelovigen staan niet buiten kijf. Ze ontkomen in hun denken een politiek handelen niet aan framing. Daarmee zijn ze niet uitzonderlijk. Dat geeft tegelijk aan dat ze niet uitzonderlijk zijn en voor zichzelf uitzonderingen kunnen claimen.

Dat doet SGP-raadslid Tom de Nooijer wel als hij zegt: ‘Mijn punt was dat mensen oprecht niet begrijpen wat religie is. Je kunt het kerkbezoek niet vergelijken met bezoek aan Ajax of bioscoop. Religie is niet alleen een persoonlijke keus, maar heeft ook een maatschappelijke rol en die moet je grondwettelijk beschermen.”’

Waarom een kerkbezoek niet vergeleken kan worden met bezoek aan Ajax, bioscoop, een schouwburg of museum legt de Nooyer niet uit. Het is van hem een slag in de lucht om dat te beweren. Wellicht heeft hij gelijk dat mensen oprecht niet begrijpen wat religie is, zoals hij niet begrijpt wat secularisme is. Daarnaast zijn er talloze uitingen die een maatschappelijke rol hebben. Waarom religie in de grondwettelijke bescherming uitzonderlijk zou zijn is onduidelijk. De Nooyer legt het niet uit.

De framing van het RD bestaat eruit dat het religie en secularisme tegenover elkaar zet als twee entiteiten waartussen een kloof zou bestaan. De suggestie daarvan is dat secularisme een tegenstelling van religie is. Dat is om twee redenen onjuist. Het secularisme is een overkoepelende politieke filosofie die alle religies en levensovertuigingen als gelijkwaardig beschouwt. Wat het RD als ‘seculier’ framet is de (niet-religieuze) levensovertuiging binnen het secularisme. Zij zijn geen tegenstellingen waartussen een kloof bestaat, maar gelijkwaardige entiteiten naast elkaar onder dezelfde paraplu.

Het RD zorgt trouwens voor verwarring door in de kop van een kloof te spreken, maar in de inleidende alinea te beweren dat ‘er als zodanig te weinig basis [is] om te spreken van een kloof.’ Wat is het nou, wel of geen kloof?

Orthodoxe christenen hebben er belang bij om de tegenstellingen binnen het secularisme tussen religie en levensovertuiging uit te vergroten. Dat belang bestaat eruit dat ze de afbraak willen vertragen van oude voorrechten die in Nederland christenen als vanouds genoten.

Maar daarmee spelen ze een gevaarlijk spel. Ook wat het voortbestaan in eigen kring betreft. In Nederland bestaan er immers honderden, zo niet duizenden religies, stromingen, aftakkingen en afscheidingen die allen een minderheid vormen. Zij hebben er belang bij om onder de rechtsstaat beschermd te zijn. Die bescherming wordt er solider en duidelijker op als de vertegenwoordigers van religies het secularisme omarmen en niet in de openbaarheid aanvallen of indirect verdacht proberen te maken. De kloof bestaat vooral in het denken van de orthodox-christelijke denkers die niet beseffen dat het secularisme het voortbestaan van hun specifieke religie optimaal garandeert.

Als Trouw nuance zoekt in inhoud, dan kan het de nuance in het begrippen- en woordgebruik niet achterwege laten

Schermafbeelding van deel artikelDe seculiere meerderheid en orthodoxe gelovigen begrijpen niks van elkaar’ in Trouw, 5 april 2021.

Trouw is een dagblad dat veel aandacht geeft aan religie. Dat gebeurt vanuit een religieus perspectief en is niet altijd als zorgvuldig te omschrijven. De framing zitten de journalistieke onpartijdigheid en het professionalisme in de weg. Trouw zit gevangen in de vooroordelen van een traditie waarin oude woorden hun betekenis hebben. In elk geval roept lezing van Trouw dat beeld bij mij op.

Neem nou bovenstaand artikel dat als kop heeft ‘De seculiere meerderheid en orthodoxe gelovigen begrijpen niks van elkaar’. Waarom kiest Trouw deze kop? Er had ook kunnen staan: ‘De gematigde en orthodoxe gelovigen begrijpen niks van elkaar’.
Het wordt en nog vreemder op als in de introductie van dit artikel staat: ‘De spanning tussen orthodoxe religieuze minderheden en de liberale meerderheid groeit.’ Wat moet onder ‘de liberale meerderheid‘ verstaan worden? Zijn dit alle niet-orthodoxe gelovigen? Omvat dit ook de sociaal-democraten, rechts-radicalen, christen-democraten en anarchisten? Trouw maakt het niet duidelijk. Dit is blijkbaar geheimtaal in de eigen kring die buitenstaanders niet kunnen ontcijferen.

Want wat wordt hier nou bedoeld met ‘liberaal’? Is dat volgens het jargon van de protestante christenen een omschrijving van vrijzinnig of onorthodox? Maar waarom scherpt Trouw dan een tweedeling tussen orthodoxe gelovigen en vrijzinnigen aan die als zodanig in de samenleving niet bestaat en laat het de niet-orthodoxe gelovigen ongenoemd?

Wat gelovigen met ‘seculier’ bedoelen is evenmin altijd duidelijk. Vaak gebruiken ze het in de minachtende betekenis ’wereldlijk’ als tegenstelling tot religieus of godsdienstig.

Dat is problematisch als ermee de politieke filosofie van het secularisme wordt bedoeld die vanuit de christelijke flanken indirect onder vuur wordt genomen. Secularisme houdt in dat alle geloven en levensovertuigingen in gelijke mate onder de nationale rechtsstaat zijn gegarandeerd. Het secularisme is niet anti-religieus of pro-‘seculier’. Het secularisme is perfect neutraal. Het secularisme is de vertaling van rechtsstatelijkheid op het gebied van geloof en levensovertuiging. Degenen die zich verzetten tegen het secularisme door dat ter discussie te stellen of verdacht te maken verzetten zich tegen de rechtsstaat. Uiteraard zien ze dat zelf anders in hun eigen belangenbehartiging.

Feit is dat vooral orthodoxe christenen ten onrechte claimen dat het secularisme anti-religieus is. Vanuit hun beperkte opvatting is dat logisch. Het heeft ermee te maken dat ze het secularisme als zodanig niet aanvaarden omdat het te beperkend zou zijn voor het in de volle breedte belijden van hun geloof. Want als geloof en samenleving één zijn, dan staat een politieke filosofie die ruimte geeft aan andere geloven en levensovertuigingen die vereniging van eigen geloof en samenleving in de weg. Voor die volle breedte van de orthodoxe christenen moeten andersdenkenden wijken, zoals dat in de moderne Nederlandse geschiedenis altijd het geval was. Dat was staande praktijk totdat in de tweede helft van de 20ste eeuw de ontkerkelijking op gang kwam met als gevolg dat nu een meerderheid van de bevolking zegt zich niet meer te laten inspireren door het geloof. Daarom wijzen deze orthodoxe christenen ook de moderniteit af.

De paradox is dat Trouw weliswaar afstand neemt van de kritiek op het secularisme dat uit orthodox christelijke hoek komt, maar geen afstand neemt van de framing en het jargon van deze orthodoxe christenen. Hiermee neemt Trouw inhoudelijk een ruimdenkende, pluriforme positie in die door het woordgebruik en het misleidend gebruik van begrippen niet past bij de inhoud, voor verwarring zorgt en haaks op de inhoud kan komen te staan. In elk geval buitenstaanders vragen zich vervolgens af hoe vorm en inhoud, ofwel formuleringen en ideologie zich tot elkaar verhouden.

Waarschijnlijk beseffen de trouwe lezers van Trouw, de doorgaans christelijke opinieleiders die Trouw artikelen leveren en de eindredacteuren van Trouw niet hoe gedateerd en verkeerd het gebruik van dit christelijk jargon is dat steeds minder past bij de inhoud. Dit jargon als relict van een oude nestgeur blijft daar bij achter en werkt verwarrend.

Mogelijk heeft het moeizame afstand nemen van dit christelijke jargon voor Trouw ermee te maken dat de conservatieve protestante media als het Reformatorisch Dagblad en het Nederlands Dagblad die economische en geestelijke rivalen zijn van Trouw er nog volledig in ondergedompeld zijn. Zowel in dat oude jargon als in traditionele standpunten die ermee samengaan. Dat maakt de positie van Trouw hybride. Met de pretentie om pluriformiteit van opinies te bieden zou Trouw ook voor de eigen lezers nauwkeuriger kunnen zijn door zorgvuldig om te gaan met de begrippen die zijn geworteld in het orthodoxe christendom en die in de kern een vaak stilzwijgend beeld van vijandigheid tegenover de 21ste eeuwse samenleving uitdrukken. Van dat laatste zou Trouw afstand moeten nemen.

Trouw zou er goed aan doen om in een Code alle medewerkers regels op te leggen via geformuleerde afspraken en op de hoogte te brengen van de journalistieke kernwaarden en de ideologie van Trouw. In zo’n Code kan omschreven worden wat het verstaat onder begrijpen als ’seculier’, het ’secularisme’, ‘orthodoxie’ en ‘liberaal’. Voor alle journalisten en eindredacteuren van Trouw is dan duidelijk dat het in vorm en inhoud ondubbelzinnig de rechtsstaat en het secularisme ondersteunt. Als Trouw de nuance zoekt in de inhoud, dan kan het niet achterblijven door de nuance in het woord- en begrippengebruik achterwege te laten. Dat wringt.

In Amerikaanse gevangenis mag ‘sjamaan’ Jacob Chansley zijn geloof vrij uitoefenen

Men hoeft het niet eens te zijn met de politieke overtuiging en capriolen van de 33-jarige ‘sjamaan’ Jacob Chansley die op 6 januari 2021 door zijn uitmonstering met een gehoornde hoofdtooi en een speer van 1,80 meter veel media-aandacht trok bij de bestorming van het Capitool om toch waardering te hebben voor zijn religieuze geloof en hoe de Amerikaanse overheid dat respecteert. Chansley die in bewaring is gesteld is op zijn verzoek verhuisd naar een gevangenis in Virginia omdat die kan voldoen aan zijn verzoek voor een volledig biologisch dieet. Zijn advocaat had beoogd dat het sjamanistische geloof van zijn cliënt dat vereist. Hij zou in de gevangenis 10 kilo afgevallen zijn omdat hij weigerde niet-biologisch voedsel te eten.

Op deze uitspraak kwam kritiek omdat het om een verkleedpartij (‘cosplay’) zou gaan. Chansley zou zich de cultuur van inheemse volkeren toe-eigenen. Verder zou hij als witte, ultra-rechtse man bevoordeeld worden door het rechtssysteem, een recht dat etnische minderheden (Moslims, BLM) onthouden wordt. Afgelopen werken trok de zaak van Jenny Louise Cudd veel aandacht omdat ze als verdachte van dezelfde bestorming van het Capitool van een rechter toestemming kreeg om op vakantie naar Mexico te gaan.

De kwestie van het geloof van Jacob Chansley gaat over de vrijheid van godsdienst. Wat zijn de criteria waar de staat zich op dient te baseren als de burger onder verwijzing naar dat geloof een recht claimt? In de video noemt juriste Trudy Rushforth die een gids voor gevangenisfunctionarissen over het uitoefenen van religie in de gevangenis schreef dat het haar zou verwonderen als Chansley dit recht niet was toegekend. Oprechtheid is volgens haar voldoende. In de VS wordt het principe van vrije uitoefening van religie in de gevangenis serieus genomen.

Het verschil over deze kwestie van ‘nieuwe godsdiensten’ tussen het Amerikaanse en Nederlandse rechtssysteem is dat in de VS de bewijslast bij de rechter ligt en in Nederland bij degene die zich beroept op het geloof. In een uitspraak uit 2018 oordeelde de Raad van State dat de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster overtuigingskracht, ernst, samenhang en belang miste om als godsdienst beoordeeld te horen. Dat beschouwde ik in een commentaar als een gebrekkige, achterhaalde, paternalistische en onwaarachtige uitspraak. Mede omdat deze criteria niet worden gesteld aan bestaande godsdiensten, die evenmin voldoen aan al deze criteria, en zo de rechter rechtsongelijkheid creëert tussen oude godsdiensten en bewegingen die claimen een godsdienst te zijn. En daardoor aan de gelovigen die zeggen lid van zo’n beweging te zijn. Met de uitspraak treedt in mijn ogen de Raad van State buiten de juridische paden van de Nederlandse grondwet en Europese wetgeving en laat het zich in haar toetsing leiden door ouderwetse maatschappelijke opvattingen.

Verwarring speelt tegenstanders van voormalig president Trump en de complotdenkers parten die het ongepast vinden dat Chansley door te verwijzen naar zijn godsdienst voorrechten krijgt. Maar de Amerikaanse grondwet staat dat recht toe. Het tonen van oprechtheid is voldoende. De conclusie is dat men het oneens kan zijn met Chansley’s politieke overtuiging en zijn beroep op het sjamanisme en zijn koppeling van dat geloof met biologisch voedsel om hem toch dat recht toe te kennen. Het doet er niet toe of hij zich gedraagt als een satiricus, activist of clown. Zijn sjamanistisch geloof hoeft niet samenhangend, overtuigend of serieus te zijn om toch door de Amerikaanse staat erkend te worden als godsdienst waar rechten aan kunnen worden ontleend. De critici die Chansley zijn geloof niet gunnen, bestrijden met hun tegenstand dat wat ze zeggen te verdedigen. Ze hebben wel gelijk als ze zeggen dat zonder mits en maren aan alle gevangen dat recht dient te worden toegekend.