George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Geloof

Oordeel over wat een ‘echte religie’ is, is niet aan het openbaar bestuur of de rechterlijke macht

leave a comment »

Voorrechten zijn uiteindelijk de oorzaak voor de vraag of een beweging een religie is. Ofwel, aan het recht van een beweging om zich een religie te mogen noemen zijn voordelen verbonden. Zoals belastingvoordelen, toegang tot overheidssubsidies of maatschappelijk prestige. Dit geeft aan dat gevestigde religies een streepje voor hebben boven niet-gevestigde religies of niet-religies. Hoewel sommige niet-religieuze bewegingen of levensovertuigingen zoals het humanisme door de Nederlandse overheid in hetzelfde domein worden geplaatst als religies. Met als belangrijkste doel om via een omweg die religies te beschermen.

Het openbaar bestuur en de rechterlijke macht hebben vanwege de vrijheid van godsdienst niet te oordelen over de innerlijke werking van religieuze organisaties. Ze kunnen niet aantonen dat een religie geen religie is, evenmin als de religieuze organisatie kan aantonen dat het wel een religie is. In 2018 oordeelde de Raad van State dat de Kerk van het vliegend Spaghettimonster geen godsdienst is. Maar dat is een oneerlijke toetsing die toetreders tot de religieuze markt benadeelt. In een commentaar schreef ik daar toen over: ‘Als de rechter godsdiensten werkelijk op overtuigingskracht, ernst, samenhang en belang zou toesten, dan zouden immers alle godsdiensten door de mand vallen en blijft er geen enkele over. Schijnverklaringen die bijvoorbeeld in strijd zijn met de laatste natuurwetenschappelijke inzichten tellen niet. Ook best, maar dan wel: ‘gelijke monniken gelijke kappen’. Ofwel, op de criteria van ernst en samenhang waar de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster op wordt afgewezen, moeten dan precies zo het Christendom of de Islam afgewezen worden. Dat is een politieke keuze die moed, durf en non-conformisme vereist.’ 

Wat een godsdienst is valt niet makkelijk te bepalen. De bandbreedte is breed. Dat is begrijpelijk omdat de betekenis van de term ‘godsdienst’ vaag is en dit de weg opent voor uiteenlopende interpretaties. Daarbij zijn godsdiensten dynamisch en in ontwikkeling. De religieuze markt waarop de godsdiensten elkaar ontmoeten is een vechtmarkt met grote economische, politieke en maatschappelijke belangen. Dat strekt zich uit tot de eisen die gesteld mag worden aan het geloof van een gelovige die zich laat inspireren door een godsdienst. Die interne dimensie omvat ook de vrijheid voor de gelovige om gedachten en overtuigingen te hebben die tegenstrijdig zijn aan de gedachten en overtuigingen die uit dat geloof volgen. Dit alles geeft aan dat het lastig, zo niet onmogelijk is om aan de hand van vooraf bepaalde criteria vanaf de buitenkant te toetsen wat een godsdienst is. Hoofdzaak is dat godsdiensten in de praktijk elkaar uitsluitende kenmerken hebben. Ofwel, godsdiensten zijn niet onder één noemer te vangen of over één kam te scheren volgens artikel 9 van de EVRM.

Het openbaar bestuur blijft zo worstelen met de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster waaraan het eisen stelt dat het aan traditionele godsdiensten niet stelt, zoals de eis dat het een volwaardig systeem van denken is. Maar dat leidt tot  een normatief en ongepast oordeel. De overheid beseft dat het verkeerd handelt, maar probeert door vertraging dit onderwerp op de lange baan te schuiven. Religie is Schrödingers kat, niemand weet vanaf de buitenkant of de inhoud ervan wel of niet levend is. Ook het openbaar bestuur en de rechterlijke macht niet. Maar ze doen net alsof dat wel zo is. Bevreesd waarschijnlijk voor de omstandigheid dat als de religieuze markt opengesteld moet worden voor nieuwe toetreders die niet meer te controleren is.

Zie voor verder lezen over de documentaire I, Pastifari: www.ipastafaridoc.com

Landelijk Platform Slavernijverleden komt met dubieuze notitie over racisme en etniciteit in verband met COVID-19

with one comment

Het is lastig om niet in lachen uit te barsten bij lezing van de notitie van voorzitter Barryl A. Biekman van het Landelijk Platform Slavernijverleden. Dat is jammer, want het gaat om ernstige kwesties die met racisme, etniciteit en gezondheid te maken hebben en die een betere belangenbehartiging verdienen. Dit zogenaamde verkennende onderzoek dat leest als een omgevallen boekenkast staat dat in de weg. Het is warrig opgeschreven en slecht gestructureerd. Neem bovenstaande opmerking over de Winti Spiritualiteit die volop vragen oproept. Wie zijn ‘observatoren’? Waaruit bestaat ‘de eenzijdigheid van presentaties wanneer het gaat over de manier waarop gemeenschappen hun geloof belijden’? Wat zijn de ‘gesprekken in panels over het geloof’ waarvan de Afro Caribische Winti spiritualiteit ‘op geen enkele wijze‘ deel van uitmaakt? Wat zijn ‘de panels die gaan over spiritualiteit’? Als de Winti Spiritualiteit institutioneel wordt uitgesloten, is het daarin dan uniek of worden er meerdere levensovertuigingen, godsdiensten en ‘spiritualiteiten’ institutioneel uitgesloten?

De notitie staat vol met vrijblijvende aannames zoals: ‘Een beleid gericht op de bestrijding van Afrofobie bestaat er nog niet omdat de Nederlandse beleidsmakers en anti racisme voorzieningen niet weten wat het is.’ Vlak daarna volgt de verrassende constatering dat het Landelijk Platform Slavernijverleden door de sluiting van ‘buurtinstellingen en wijkcentra’ niet in staat is om te achterhalen hoe de vork in de steel zit. ‘Doordat vele buurtinstellingen en wijkcentra’s [sic!] zijn gesloten, alwaar mensen van Afrikaanse afkomst plegen te komen om hun verhalen te vertellen vooral ook over geconstateerde en/of zelf ervaren misstanden zijn we ook niet in staat om te achterhalen ‘hoe de vork in de steel zit’.’ Hoe komt de meningsvorming tot stand?

Nog zo’n merkwaardige aanname is de volgende: ‘Binnen de kunst- en cultuursector zijn er tal van Surinaamse respectievelijk Antilliaanse ‘kleine ondernemers’ die extra getroffen zijn door de Covid19 maatregelen. De focus voor wat betreft de ‘pijn’ is op nationaal niveau niet of nauwelijks op deze doelgroep gericht. Dit houdt ook verband met de desinteresse van de ‘nationale’ radio-omroepen en Dj’s voor de muziekgenres van gemeenschappen van meer dan de Nederlandse cultuur.’ Het gaat blijkbaar voorbij aan Barryl Biekman dat hetzelfde geldt voor witte, zelfstandige kunstenaar en kleine, ‘witte’ culturele instellingen die hetzelfde lot treft als hier wordt geschetst. Dat heeft totaal niets met etniciteit of afkomst te maken, maar alles met de toegezegde overheidssteun die tot nu toe gericht is op de gevestigde culturele instellingen.

Een vreemde kronkelredenering is de volgende: ‘Respondenten storen zich aan de kwalificatie die aan landen zoals China wordt gegeven bij het verlenen van hulp aan Europese landen. De hulp wordt te vaak gepresenteerd als ‘propaganda strategie’. Dit, terwijl Nederland vooral gefocust is op materiaal uit China. Hoewel uit China ook praktijken van racisme tegenover mensen van Afrikaanse afkomst zijn gemeld.’ Deze hulp van China aan Europa is niet anders op te vatten als een propaganda strategie, dus waarom zou het niet zo genoemd mogen worden? De hulp van de EU aan China moest van de Chinese overheid geheim blijven. China heeft het coronavirus niet onder controle gekregen en wist al in november 2019 dat er een probleem was voordat het pas in januari 2020 maatregelen nam. De propaganda dient als afleiding van het eigen falen. Waarmee overigens niet gezegd is dat andere landen in de bestrijding van het virus niet hebben gefaald.

Als een tang op een varken wordt in deze notitie over gezondheid en etniciteit Zwarte Piet erbij gehaald. Het is onduidelijk wat dat met het onderwerp te maken heeft: ‘Bijna alle respondenten melden dat 4 en 5 december belangrijke data zijn in verzorgingshuizen. Het geloof in een Sinterklaas vergezeld van een zwarte Piet is nog niet uitgebannen. Gemeld is dat verzorgers van Afrikaanse afkomst vrij nemen. Eén respondent meldt dat in het huis waar zij werkt zwarte Piet is uitgebannen.’ Biekman heeft het over ‘het geloof in een Sinterklaas’ alsof het een godsdienst is. Dat bejaarden in verzorgingshuizen nog geloven in Sinterklaas is onwaarschijnlijk of het Landelijk Platform Slavernijverleden moet ermee willen suggereren dat ze kinderlijk zijn geworden.

Foto: Schermafbeelding uit ‘Verkennend onderzoek door de Office van de VN Hoge Commissaris voor de Rechten van de Mens (OHCHR) naar vormen van institutionele racisme in verband met Covid-19 ten aanzien van gemarginaliseerde1 groepen’ van Barryl A. Bliekman van het Landelijk Platform Slavernijverleden. .

De Reuver is neerbuigend over het secularisme en de moderniteit

leave a comment »

De oud-predikant en oud-bijzonder hoogleraar geschiedenis van de gereformeerde godgeleerdheid vanwege de Gereformeerde Bond Arie de Reuver schrijft in zijn columnOok crisistijd is genadetijd’ van 4 april 2020 in het Reformatorisch Dagblad geen profeet te zijn om vervolgens tot de volgende uitspraak te komen: ‘Voor het gros van de hedendaagse bevolking is het leven voorbij zodra het hart het begeeft’. De Reuver geeft zijn interpretatie van de gevolgen van het secularisme en de moderniteit: ‘De geestesblik reikt niet verder dan de einder. Omdat er met het instrument van intellect en observatie geen land daarachter te bekennen valt, is het er ook simpelweg niet. Want zekerheid kun je in alle nuchterheid alleen maar hebben over dingen die te constateren en te vatten zijn. De rest is fictie en illusie. Zo luidt de slotsom van de moderniteit.’

De Reuver gooit een hoop overhoop en overtuigt naar mijn idee niet. Laat ik het anders zeggen, ik toon vanwege de sociale cohesie, de tolerantie voor anderen en de vrijheid van godsdienst respect voor zijn christelijk-gereformeerde gedachtengoed. Ofschoon ik het daar op maatschappelijke en ontologische gronden niet mee eens ben. Maar Nederland is een pluriform land met duizenden godsdiensten, levensovertuigingen, nihilistische of sceptische stromingen waar het onvruchtbaar is om elkaar de maat te nemen en te krenken.

Voor de duidelijkheid, de meerderheid van Nederlanders zegt zich niet te laten inspireren door religie. Ik respecteer dat De Reuver in deze column in een orthodox-christelijk medium voor eigen parochie preekt en daardoor wellicht selectief en kort door de bocht opereert en in eigen groepstaal vervalt. Het is hem gegund.

Maar ik vind het ongelukkig dat het gedachtengoed dat De Reuver aanhangt hem brengt tot neerbuigendheid jegens andersdenkenden en de moderniteit. Zijn suggestie is dat het secularisme leidt tot geestesarmoede en een platte levensvisie. Blijkbaar is het belijden van zijn christendom in eigen kring niet voldoende en acht hij het nodig om zich af te zetten tegen andersdenkenden. Waarom doet hij dat? Of uit deze opstelling blijkt dat het geloof van De Reuver niet overtuigend is en hij externe mikpunten nodig heeft om het legitimiteit en reliëf te geven waarmee hij zich in eigen kring kan waarmaken is de vraag die hij zelf het beste kan beantwoorden.

Het is niet dat De Reuver verweten hoeft te worden dat hij bewust een verkeerde interpretatie geeft van het secularisme. Het is zijn goed recht om iets niet te begrijpen of om kerkpolitieke redenen net te doen alsof hij iets niet begrijpt. Hierin staat hij als orthodoxe christen niet alleen. Het secularisme is een politieke filosofie waarin alle godsdiensten en levensovertuigingen als gelijkwaardig worden beschouwd en door de nationale rechtsstaat gegarandeerd zijn. Het secularisme is niet pro- of anti-religieus, maar neutraal jegens alle religies en levensovertuigingen. Het laatste jaar blijkt dat duidelijk in het publieke debat in India waar de moslims een beroep doen op het secularisme omdat ze door de nationalistisch-hindoeïstische regering van premier Moti in het nauw worden gebracht. Hij dreigt hun hun grondrechten te ontnemen. Het secularisme biedt bescherming voor niet-dominante godsdiensten die geen staatsgodsdienst zijn of van de staat een voorkeursbehandeling krijgen. Wat De Reuver verweten kan worden is dat hij onnodig het secularisme en de aanhangers ervan tracht te kleineren. Hiermee geeft hij geen positief beeld van de stroming van het christendom die hij aanhangt.

Foto: Schermafbeelding van deel columnOok crisistijd is genadetijd’ van Dr. A. de Reuver in het Reformatorische Dagblad, 4 april 2020.

Als ik geen theïst, atheïst, agnost of apatheïst ben, dan ben ik een secularist die betrokken is bij én kritisch op religie en hun goden

with 3 comments

Van de term ‘apatheisme’ had ik nog nooit gehoord totdat ik het voorbij zag komen in de online versie van het opinie-artikelApatheïsten verder weg dan atheïsten’ van Wim Kranendonk in het Reformatorisch Dagblad. De term is een samentrekking van ‘apathie’ en ‘theïsme’.  Het perspectief ervan is religieus, want het idee is dat de aanhangers ervan onverschillig of gevoelloos tegenover het bestaan van God staan. Kranendonk citeert enkele Amerikaanse christelijke auteurs die claimen dat er ook apatheïsten in christelijke kerken zijn. In mijn reactie bij het artikel op de FB-pagina van het Reformatorisch Dagblad antwoord ik de auteur en constateer ik dat de kenmerken die hij geeft van een apatheïst niet op mij van toepassing zijn. Ik sta namelijk helemaal niet onverschillig tegenover religie of God, maar ben er evenmin een aanhanger van. Ik val in geen van de vier categorieën die Kranendonk schetst en voeg daarom noodgedwongen een vijfde categorie toe:

Het is merkwaardig dat in de afsluitende alinea de auteur het apatheïsme een probleem noemt. Hiermee laat hij zich kennen als normatief en onverdraagzaam. Hij trapt in de val die hij zelf de atheïsten verwijt die volgens hem het geloof in God zouden minachten. Het is trouwens kort door de bocht om dit atheïsten te verwijten. Zij kunnen ook andere bezwaren hebben tegen religie en de macht van de religieuze instellingen. Hun kritiek betreft dan niet zozeer de ‘binnenkant’ van religie, maar de ‘buitenkant’ ervan. Dus niet de zingeving of insluiting in een religieus gedachtegoed, maar de machtsvorming en morele claims. Het is een feit dat dominante religieuze organisaties nog steeds een voorkeursbehandeling genieten en voorrechten hebben in onze samenleving. De auteur onderschat hoeveel weerstaand dat in de samenleving oproept.

Wim Kranendonk minacht de apatheïsten. Die geringschatting komt voor zijn rekening. Het is een gevolg van zijn kerkpolitieke opstelling. Waar de apatheïsten hun schouders ophalen over religieuze organisaties met hun dogmatiek van een opperwezen, zo maakt een christen als Wim Kranendonk zich druk dat er mensen zijn die in geestelijk opzicht afstand nemen van de dogmatiek van het christendom. Hij begrijpt het niet. Apatheïsten gunnen gelovigen hun geloof en inspiratie, Kranendonk lijkt apatheïsten geen redelijke positie te gunnen.

Ik betwijfel of de auteur het verschijnsel van het apatheisme doorgrondt. Hij kijkt niet met een open blik, maar met een blik die de religie verdedigt en in bescherming neemt. Laat ik dat uitleggen aan de hand van mijn eigen positie. Ik neem geen van de drie posities in die Kranendonk in het artikel schetst, te weten de categorie van de theïsten (mensen die de overtuiging hebben dat er een opperwezen is), atheïsten (mensen die de overtuiging hebben dat er geen opperwezen is) of agnosten (mensen die twijfelen tussen de overtuiging of er wel of niet een opperwezen is). Maar ben ik dan een apatheïst of is er nog een vijfde restcategorie?

Laat ik het checken aan de hand van de kenmerken en stellingen die Kranendonk van de apatheïsme geeft.
1) De groep die totaal niet geïnteresseerd is in de vraag naar het bestaan van God. Check: Dat klopt niet. Ik ben indirect geïnteresseerd in de vraag naar het bestaan van God omdat ik geïnteresseerd ben in andere mensen die menen dat er een God bestaat. Mij interesseert het als fenomeen hoe mensen in een zich ontkerkelijkende omgeving zich laten inspireren. Om Harry Kuitert te parafraseren: ‘Hoe kan het dat mensen de bewering geloven dat het spreken dat van beneden komt van boven komt? Waarom geloven mensen dat een menselijke constructie geen menselijke constructie is en weven ze die verdichting in het ontstaan van hun geloof? De interesse in die vraag die raakt aan de verhaalleer, de dramatiek, de mythologie en het stelsel van rituelen bindt me aan de gelovigen. Niet de vraag of er wel of niet een God of vele Goden met hun aparte godsdienst bestaan. Dat laatste kunnen gelovigen beter zelf binnen hun gesloten wereldbeeld beantwoorden.
2) De apatheïst negeert het geloof. Check: Dat klopt niet. Ik respecteer het geloof en de gelovigen en wil me er iets van aantrekken omdat de gelovigen mijn medemensen zijn.
3) Het apatheïsme is typerend voor onze huidige tijd. Check: Dat klopt. Het past in de politieke filosofie van het secularisme waarin alle godsdiensten en levensovertuigingen in gelijke mate gewaardeerd, gegarandeerd en door de wet beschermd worden.

Conclusie is dat ik volgens de kenmerken die Kranendonk geeft en die hij baseert op het nieuwe boek van de christelijke geloofsverdediger Kyle Beshears zowel geen theïst, atheïst, agnost als apatheïst ben. Het probleem van Kranendonks opstelling en van de christelijke auteurs Beshaers en Thomas Kidd waarop hij zich baseert is dat hij claimt een objectief beeld van de keuze van mensen voor een godsdienst of levensovertuiging te geven, maar intussen alles door een christelijke bril ziet en definieert. En dat laatste ook nog eens vanuit het perspectief van prediking en zieltjes winnen. Hierdoor scherpt Kranendonk onnodig aan en mist hij de nuance. Hij trapt in de valkuil van vele christenen, namelijk dat andersdenkenden ondanks alle afstand toch moeten worden beschouwd als een verlengde van hun godsdienst. Of dat nou in positieve of negatieve zin is. De achterliggende gedachte is dat ze afgedwaalde gelovigen zijn die op het rechte pad moeten worden gebracht.

Kranendonk mist de positie van iemand die geïnteresseerd is in religie en religieuze organisaties en onder de motorkap ervan wil kijken voorbij het cosmetische beeld dat religieuze organisaties zelf naar buiten brengen. Dat gaat om de functie van fictie in brede zin, inclusief noties van fantasie, inbeelding, zelfbedrog, waan en mythologisering. Kranendonk mist de bekommernis van mensen die niet in het religieuze domein willen worden getrokken en de claim op unieke moraliteit van gelovigen buitensporig en onterecht vinden, maar in beginsel anderen die positie royaal gunnen. Kranendonk mist de ontwikkeling van een Nederland waarin de meerderheid van de bevolking zich niet laat inspireren door religie of het christelijk-culturele gedachtegoed.

Neem ik dan de vijfde positie in? Die van de voorstander van het secularisme die in alle (aanhangers van) religies en levensovertuigingen in gelijke mate geïnteresseerd is en ze een identieke positie gunt en slechts één overwegende tegenwerping heeft tegen de opstelling van religieuze opinieleiders, namelijk dat ze andersdenkenden ondanks alles als een verlengde of een fantoomledemaat van hun godsdienst willen zien.

Foto: Schermafbeelding van het artikelApatheïsten verder weg dan atheïsten’ van Wim Kranendonk in het Reformatorisch Dagblad, 7 december 2019.

Welvaartsevangelie klopt geld uit zakken van gelovigen en sluist dat door naar voorgangers van protestant-christelijke organisaties

leave a comment »

Is voorganger Tom de Wal van het protestant-christelijke Frontrunners Ministries op z’n best een manipulator en op z’n slechts een oplichter? Hij vraagt geld aan gelovigen, want geld is invloed, zo stelt hij. Maar invloed van wie? Van de organisatie van Tom de Wal, van de gelovigen, van het christelijk protestantisme of van God? Tom de Wal is de enige bestuurder en voorzitter/secretaris/penningmeester van Stichting Frontrunners.

Zijn betoog bestaat uit twee delen die niet logisch samenhangen. Het eerste deel bestaat uit De Wals bewering dat de christelijke God tot veel in staat wordt geacht. Het Woord van God kan volgens De Wal huwelijken of mensenlevens redden. Dat is een aanname die niet getoetst kan worden en daarom waar en onwaar kan zijn. In het tweede deel zegt De Wal dat als ‘wij’ geen geld hebben om invloed uit te oefenen dat dan het Woord van God niet naar buiten kan worden gebracht. De niet zo stilzwijgende oproep is dat gelovigen geld moeten overmaken naar de Stichting Frontrunners omdat anders het Woord van God niet gehoord kan worden.

Met dit bedelen om geld bij gelovigen plaatst Tom de Wal zich in de traditie van het welvaartsevangelie. Dat bevestigt hij in video’s die er een lans voor breken. Zoals in ‘7 argumenten tegen het welvaartsevangelie weerlegd van 10 juli 2019. In de VS wordt dat ‘prosperity gospel’’ genoemd dat tot een bloeiende business is geworden waar kerkleiders van profiteren. Het is een protestant-christelijke dwaalleer die een grote mate van materiële rijkdom en gezondheid in dit leven belooft aan wie gelooft. Hebzucht en geldzucht verdringen God. Zo wordt geld uit zakken van gelovigen geklopt dat verdwijnt in zakken van de bedelende en dreigende voorgangers die op slinkse wijze geld van gelovigen aftroggelen. Zwendel dus. De Wal heeft de geldklopperij gemoderniseerd door het in bovenstaande video te koppelen aan de invloed die gekocht moet worden om het Woord van God te verspreiden. Maar hij blijft ermee binnen de traditie van het welvaartsevangelie.

Een video op het YouTube-kanaal Bijbelstudie & Bijbelse Wetenswaardigheden waarschuwt op het eind tegen de praktijken van het welvaartsevangelie: ‘Nergens blijkt uit dat God zijn volgelingen beloont met materiële voorspoed en rijkdom. Nergens vragen Jezus of zijn volgelingen ook om geld. Om er vervolgens zelf goed van te leven. Of er een salaris uit trekken. De enigen die er beter van worden in deze tijd zijn de voorgangers en medewerkers die in dienst staan van kerkgenootschappen die tienden verlangen of hun leden constant pressen tot het geven van financiële bijdragen. Mijn advies is, mensen trap er niet in. Want zij zijn de enigen die wel varen bij het door hen verkondigde welvaartsevangelie. Verlaat zulke kerkgenootschappen en ga op zoek naar een gemeenschap waar men niet aast op uw geld of u verplicht (..) om geld te geven’.

Het enige commentaar bij deze video van ene Count Ravendonk is veelzeggend, maar ook pijnlijk naargeestig: ‘De Pastor vaart er dik wel bij van alle donaties en tienden geldgeile schoften zijn het, bij mij kwam meneer de Pastor zelfs langs om te kijken wat ik in huis heb om te kijken of er 10% van mijn inkomen te scoren was!!! Ik ben blij dat ik het Gristendom verlaten heb, alles is nep in aan en om het Gristendom. Ik heb nog nooit grotere hypocriete en schijnheilige lui ontmoet dan de Gristen! Oh ik wil 13 jaar van mijn leven terug!’

De directe aanleiding voor dit commentaar is een interessante ontwikkeling in de VS. De Israëlisch-Canadese voorganger van de Pinkstergemeente Benny Hinn zegt het ‘prosperity gospel’ achter zich te hebben gelaten omdat ‘de Heilige Geest het beu zou zijn’ . Zie video. Pastor James Pittman van de New Hope Community Church in Palatine vraagt zich in een video van zijn kanaal For Such a Time As This ‘voorzichtig’ af wat er aan de hand is met Hinn. Is zijn afstand nemen van het welvaartsevangelie gemeend of een middel om extra aandacht te trekken voor zijn winkel? Hinn is er zogezegd klaar mee, maar biedt nog wel volop produkten ter verkoop aan. Een CD met Gods Woord (Speaks Healing) voor 15 USD of een Divine Healing DVD voor 75 USD.

Foto: Schermafbeelding van de winkel (shop) This Weeks Featured Products; Special Offers on This Is Your Day! van Benny Hinn op zijn site Benny Hinn Ministries.

College voor de Rechten van de Mens zegt dat overheid en rechter niet op stoel van de theoloog moeten zitten, maar deed dat zelf wel

leave a comment »

Op 13 december 2017 schreef ik bovenstaand commentaar over een oordeel van het College voor de Rechten van de Mens in Utrecht. Het ging om Michael Afanasyev die in piratenkostuum wilde promoveren aan de TU Delft vanwege zijn godsdienstige overtuiging. Dat verzoek werd afgewezen door het College voor Promotie van de TU Delft. Daarop was hij naar het College voor de Rechten van de Mens gestapt, maar kreeg nul op het rekest. Hij is lid van de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster. Voor de volledigheid, ik ben ingeschreven als lid en mag mezelf ‘Pastafarian’ bij de Nederlandse Kerk van het Vliegend Spaghettimonster noemen.

Ik had geen goed woord over voor het oordeel van het College voor de Rechten van de Mens en kwalificeerde het als dubbelhartig. Ik schreef: ‘Het College is geen theologisch college en is niet geëquipeerd om theologische doctrines af te wegen’ en ‘Het College gaat haar boekje te buiten door de verzoeker te verwijten dat hij weinig kennis van zijn godsdienst heeft of onvoldoende kan uitleggen op welke gronden hij zijn kostuum op de promotieplechtigheid wil dragen. Dat zijn eisen die niet gesteld kunnen worden aan een gelovige en waarover het College zich niet uit te  spreken heeft’. Mijn conclusie: ‘Het College zit met de uitspraak op het verkeerde spoor. Het kan vanwege de Algemene Wet Gelijke Behandeling niet zeggen dat er op het dragen van het voorgeschreven promotiekostuum bij de TU Delft voor geen enkele godsdienst of levensovertuiging een uitzondering mogelijk is. Die uitzondering op religieuze gronden bestaat wel. Ontbreken van discriminatie zou inhouden dat er voor geen enkele godsdienst en levensovertuiging een uitzondering gemaakt wordt. Nu blijft het vermoeden hangen dat een gevestigde godsdienst een streepje voor heeft op een jonge godsdienst die nog weinig maatschappelijke invloed heeft.’

Op 1 augustus 2019 heeft het College de toelichtingVerbod gezichtsbedekkende kleding’ geplaatst over het zogenaamde ‘boerkaverbod’ dat per 1 augustus 2019 is ingegaan en onder meer dragers van een boerka of niqaab om zich met gezichtsbedekkende kleding te begeven in overheidsgebouwen, onderwijsinstellingen, zorginstellingen en het openbaar vervoer. In die toelichting zegt het College onder meer:

Het lijkt er sterk op dat het College met twee maten meet. Het neemt het op voor degenen die zich laten inspireren door de islam, maar laten degenen die zich laten inspireren door de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster in de kou staan. Dat is niet de soort onpartijdigheid en ‘kleurenblindheid’ volgens welke dit College zou moeten opereren en lijkt sterk te wijzen op juridische willekeur en politieke voorkeur. Overigens zijn de oordelen van het College niet bindend en wordt het gezag ervan niet breed maatschappelijk aanvaard.

Bij het oordeel over Michael Afanasyev zegt het: ‘Het College oordeelt dan ook dat uit de Open Letter van Henderson noch uit de praktijk blijkt dat het dragen van een piratenkostuum tijdens een promotiezitting, als uiting van een godsdienst moet worden beschouwd’. Maar in de toelichting op het boerkaverbod zegt het College: ‘Het recht op godsdienstvrijheid is een fundamenteel recht dat onder meer is opgenomen in artikel 6 van de Nederlandse Grondwet en het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM, art. 9). Dit recht beschermt ook het in het openbaar manifesteren van een godsdienst, onder andere door het dragen van bepaalde kleding of  hoofdbedekking. De gezichtssluier wordt gezien als een uiting van een godsdienst (islam). Dat niet alle moslims dit zo zien of alle moslimvrouwen er een dragen, is daarbij niet relevant. De overheid of rechter mag namelijk geen inhoudelijke oordeel vellen over wat al dan niet een religieuze verplichting is: zij mogen niet ‘op de stoel van de theoloog’ gaan zitten. Als een groep van moslims meent dat het dragen van een gezichtssluier een religieuze uiting is en de gezichtssluier door een groep vrouwen wordt gedragen, dan valt dat onder de bescherming van de vrijheid van godsdienst.’

In de toelichting op het boerkaverbod haalt het College het eigen oordeel over Afanasyev onderuit. Het College zegt in de toelichting terecht dat de ‘overheid of rechter geen inhoudelijk oordeel mag vellen over wat al dan niet een religieuze verplichting is: zij mogen niet ‘op de stoel van de theoloog’ gaan zitten’. Maar in het oordeel over Afanasyev doet het College precies dat: het gaat op de stoel van de theoloog zitten als het oordeelt wat als uiting van een godsdienst moet worden beschouwd. Hoe kan het College in de toelichting op het boerkaverbod stellen dat overheid op rechter niet op de stoel van de theoloog mag gaan zitten terwijl het dat in het oordeel 2017-145 over Afanasyev wel deed? Dit roept niet zozeer de vraag op hoe samenhangend, consistent en ‘doorleefd’ de aanhanger van een geloof moet zijn om juridisch goedgekeurd te worden een geloof aan te hangen, maar hoe samenhangend, consistent en ‘doorleefd’ de oordelen van het College van de Rechten van de Mens zijn. Dit raakt aan onzorgvuldigheid en politieke willekeur van het College.

De toelichting kan nog met een andere uitspraak worden verbonden, namelijk uitspraak 201707148/1/A3 van de Raad van State van 15 augustus 2018 waar ik in twee commentaren fundamentele kritiek op had. Zie hier en hier. In dat laatste commentaar schreef ik: ‘De Raad van State heeft zich met de uitspraak zo ver buiten het juridische domein gewaagd dat het ermee de aandacht gevestigd heeft op het eigen perspectief. Zoals gezegd, 1) rechtbanken zijn niet geëquipeerd om theologische doctrines af te wegen; 2) de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State treedt buiten de toetsingscriteria door politiek-maatschappelijke belangen zwaar in haar toetsing door te laten wegen en 3) de toetsingscriteria zijn onheus omdat ze scheefgegroeide leerstellingen van de traditionele godsdiensten -volgens welke betreffende godsdienst afgewezen zou moeten worden- achteraf onterecht fiatteren én nieuwe kandidaat-godsdiensten op deze identieke gronden de toegang tot de religieuze sector ontzegt wat de rechtsongelijkheid versterkt.’

De toelichting van het College geeft ondersteuning voor mijn kritiek op de Raad van State die op de stoel van de theoloog is gaan zitten. Dezelfde kritiek had ik op een uitspraak van 15 februari 2017 van de meervoudige kamer van de rechtbank in Den Bosch waar ik dit in een commentaar benadrukte: ‘Essentie is dat de rechter oordeelt over de interne werking van een godsdienst of levensovertuiging, maar daar niet de expertise voor heeft en zich dit oordeel niet toe zou moeten meten. De rechter moet de wet toepassen, maar daarbij ‘aan de buitenkant’ blijven en niet een oordeel vellen over wat een godsdienst is. Een rechter is geen godsdienstwetenschapper en daarom is het ongepast dat een rechter dit meent te kunnen onderzoeken (..).

Instituties vertegenwoordigen de status quo. Het is goed dat ze continuïteit waarborgen omdat er anders wanorde zou ontstaan. Maar soms dringen maatschappelijke ontwikkelingen sneller op naar het centrum van de samenleving en worden er geaccepteerd zonder dat de instituties dit tijdig voorzien en er passend op reageren. Dan ontstaat een maatschappelijk ervaren ongelijkheid. Dat gebeurde bij de opkomst van de Provo-beweging eind jaren 1960. Het gezag liep achter de feiten aan en wist enkele jaren met zichzelf geen raad.

Het lijkt er sterk op dat sinds de jaren 1990 de ontkerkelijking, individualisering, opkomst van sociale media en de reactie op de gedeeltelijke restauratie van orthodox-religiositeit zo’n nieuwe breuk in de samenleving hebben gecreëerd. Instellingen als het College voor de Rechten van de Mens, de Raad van State en lokale rechtbanken lopen mede door de personele invulling met oudere medewerkers die zijn opgevoed met traditionele waarden en godsdiensten achter op wat de samenleving verlangt. Het is een kwestie van tijd voordat dat rechtgetrokken wordt en deze instellingen tot het volle besef over hun achterstand komen. De conflicterende oordelen bij het College voor de Rechten van de Mens duiden op die overgangssituatie.

Foto 1: Schermafbeelding van deel commentaarKwestie Michael Afanasyev/ TU Delft. Oordeel van het College voor de Rechten van de Mens over het pastafarisme biedt perspectief’ van George Knight, 13 december 2017.

Foto 2: Schermafbeelding van deel toelichtingVerbod gezichtsbedekkende kleding’ van het College voor de Rechten van de Mens, 1 augustus 2019.

Links-radicale feministes en conservatieve christelijke vrouwen vinden elkaar in aanval op Equality Act en op LGBTQ-gemeenschap

with 3 comments

Dat conservatieve christenen onder het mom van religieuze vrijheid tegen gelijkheid van LGBTQ-ers zijn valt te verwachten. Het is begrijpelijk omdat dit uit de aard van godsdienst volgt, namelijk verbondenheid in eigen kring via de eigen dogmatiek en verwerping van wat daarbuiten valt. Conservatieve christenen zijn daarin minder verdraagzaam dan gematigde christenen. De afgelopen maanden heeft in de VS de parlementaire behandeling en modernisering van de ‘Equality Act’ uit 1974 de verhoudingen in de samenleving op scherp gezet. Dat gaat over de toevoeging van federale LGBTQ non-discriminatie bescherming aan de burgerrechtenwetgeving. De wet is op 1 mei 2019 in de Judiciary Committee van het door de Democraten gedomineerde Huis aangenomen, maar nog niet in de door de Republikeinen gedomineerde Senaat. De behandeling ervan wordt voor januari 2021 verwacht als de zittingsperiode van het huidige Congres afloopt.

Bovenstaand citaat uit het artikelStop the Ill-Named ‘Equality Act’: Your Religious Freedom at Stake’ van twee christelijke opiniemakers op Christian Headlines verduidelijkt dat de uitersten elkaar hebben gevonden in de bestrijding van de Equality Act: links-radicale feministes en conservatieve christelijke vrouwen. Normaal is dat niet en dat monsterverbond zorgt voor spanningen bij de radicale feministes. Hoe de discussie enkele maanden geleden verliep maakt een FB-posting van Radical Feminism By the Sea inzichtelijk. Daar neemt ook Natasha Chart (voorzitter WoLF) aan deel die een van de auteurs is van het artikelFeminists, Conservatives Join Forces to Oppose ‘Equality Act’ van 6 mei 2019 op Real Clear Politics dat in bovenstaand citaat genoemd wordt. Complicatie is dat WoLF in zee is gegaan met de conservatieve Heritage Foundation zoals blijkt uit dit bericht van die stichting onder de ijzingwekkende titel ‘The Inequality of the Equality Act: Concerns from the Left’. Wordt WoLF hier gebruikt door radicaal-rechts? Dat is in elk geval wel wat een andere feministe Cathy Brennan denkt die zich niet alleen in genoemd FB-debatje ‘indirect’ bedreigd voelt door Chart, maar in een YouTube-video de samenwerking van de radicale feministes met de Heritage Foundation sterk bekritiseert.

Dat links-radicale feministes zich verbinden met radicaal-rechts terwijl die godbetert op staatsniveau via het terugdraaien van het arrest Roe vs Wade en onder dekking van de mannelijke, witte evangelical-achterban van president Trump al sinds 2017 bezig is om de wetgeving op het gebied van abortus terug te draaien is een lastig te begrijpen politiek-strategische inschatting. Een verklaring van geen vertrouwen in het leiderschap van de LGB beweging van 30 januari 2019 op de site van WoLF geeft uitleg. De verhouding tussen de links-radicale feministes en de LGBTQ-beweging lijkt zwaar beschadigd en blijvend verziekt als de verklaring op een agressieve en niet verhullende wijze als onderwerp geeft: ‘Je politieke wanpraktijken, aanvallen op de rechten van vrouwen en meisjes, bedreiging van risicojongeren, goedkeuring van commerciële seksuele uitbuiting, aanvallen op publiek fatsoen en privacyrechten, onjuiste voorstelling van medische en biologische wetenschap en inspanningen om buitengewone privileges voor roofzuchtige individuen (‘predatory individuals’) veilig te stellen op het risico van de reputatie van elke persoon voor wie u beweert te spreken’.

Dit gaat verder dan politieke verschillen, dit is een strijd tussen bondgenoten die door maatschappelijke ontwikkelingen en een verschuivend machtsevenwicht binnen de beweging die zich bezighoudt met seksuele diversiteit tegenover elkaar zijn komen te staan. Oud wordt deels vervangen door nieuw, en dat doet pijn bij oud. De centrum-rechtse Democratische senator Joe Manchin (W.Va) zegt dat hij de Equality Act in de huidige vorm niet kan steunen, aldus een artikel van het door de Heritage Foundation uitgegeven The Daily Signal. Met het opgeroepen schrikbeeld over de Equality Act: ‘die werknemers zou dwingen om zich aan nieuwe seksuele normen te conformeren of anders hun bedrijven en banen te verliezen’. Logisch trouwens dat de Heritage Foundation dit zo probeert te framen en suggereert dat de Democraten in de Senaat verdeeld zijn. Maar Manchin richt zijn pijlen niet op de LGBTQ-gemeenschap zoals WoLF doet, maar op de kwaliteit van het wetsvoorstel. Verandering is lastig. Dat geldt ook voor radicale feministes. Dat zou via politieke standpunten besproken moeten kunnen worden zonder in de armen van de rechtse vijand te vluchten. Ook is mogelijk dat links-radicale feministes makkelijk de Heritage Foundation vinden omdat ze in de kern ook conservatief zijn.

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelStop the Ill-Named ‘Equality Act’: Your Religious Freedom at Stake’ van John Stonestreet en Roberto Rivera op Christian Headlines, 10 mei 2109.

Foto 2: Schermafbeelding van deel artikel ‘Feminists, Conservatives Join Forces to Oppose ‘Equality Act’’ van Natasha Chart en Penny Nance op Real Clear Politics, 6 mei 2019.

Foto 3: Schermafbeelding van deel verklaringDECLARATION OF NO CONFIDENCE IN LGB MOVEMENT LEADERSHIP’ op WoLF, 30 januari 2019.

Evangeliste Anne Graham Lotz zegt door God genezen te zijn van borstkanker

leave a comment »

Mijn reactie bij een blogpost van de 70-jarige Amerikaanse evangeliste Anne Graham Lotz die na een behandeling voor kanker claimt door God genezen te zijn. Ze is de tweede dochter van de beroemde en invloedrijke evangelist Billy Graham. Lotz zei te voelen dat God haar na haar vijfde behandeling had genezen.

Volgens een bericht van The Christian Post werd in augustus 2018 borstkanker vastgesteld en begon de behandeling met chemotherapie in oktober 2018. In een controversiële uitspraak in een interview beweerde Lotz dat haar borstkanker mogelijk een waarschuwing was dat Israel gevaar liep om aangevallen te worden.

Het is het voorrecht van mensen die in de religieuze sector werkzaam zijn om zonder kans op tegenspraak en vanwege de vrijheid van godsdienst alles met alles te verbinden. Logica is nu eenmaal geen onderdeel van de leerstellingen van godsdienst. Lotz knoopt alles aan elkaar: kanker, Israël, ongeloof, God. Ik vind dat ze daarin te ver gaat en zichzelf er als ‘uitverkorene’ buiten had moeten houden. Hoe ethisch is het om de eigen ziekte in te zetten als middel tot zelfpromotie en religieuze propaganda? Daar spreek ik Lotz op aan in mijn reactie.

Foto 1: Schermafbeelding van deel blogpost ‘RAISING HALLELUJAH’ van Anne Graham Lotz op Annegrahamlotz.org, 4 februari 2019.

Foto 2: Eigen reactie van 9 februari 2019 bij blogpostRAISING HALLELUJAH’ van Anne Graham Lotz

Oekraïense Orthodoxe Kerk is definitief los van Moskou en verenigd in eenheidsraad

with 2 comments

De Oekraïens Orthodoxe Kerk (Moskou Patriarchaat) ressorteert niet langer onder de Russische Orthodoxe Kerk, maar heeft zich daarvan recent losgemaakt. Eeuwenlang werd deze Oekraïense Kerk gecontroleerd door het Russische Patriarchaat. Russische kerkleiders accepteren de breuk niet en hebben uit protest de banden verbroken met het overkoepelend Oecumenisch patriarchaat van Constantinopel dat in 2018 de Oekraïense onafhankelijkheid heeft erkend. Op 15 december 2018 hebben drie stromingen van Oekraïense Orthodoxe kerken zich verenigd in een eenheidsraad. Tot primaat is de kandidaat van de kerk met de meeste gelovigen, de Oekraïens Orthodoxe Kerk (Kiev Patriarchaat) gekozen: Epiphanius I, met de titel Metropoliet van Kiev.

Aanleiding voor de breuk is de verwijdering tussen Oekraïne en de Russische Federatie als gevolg van de in 2014 door het Kremlin begonnen en nog steeds voortwoekerende oorlog tussen deze twee landen. In februari 2014 bezetten de Russen de Oekraïense Krim. Volgens de Oekraïense president Petro Porosjenko gaat de onafhankelijkheid van Oekraïne hand in hand met de onafhankelijkheid van de Oekraïense Orthodoxe Kerk.

Deze ontwikkelingen en de reacties erop tonen aan dat religieuze instellingen zoals kerken een politieke machtscomponent hebben die de innerlijke werking van een geloof te boven én te buiten gaat. Tevens laat dit zien dat het binnen- en buitenlandse programma van Russificering van president Putin niet werkt omdat de ‘Russische Wereld’ krimpt, zoals Paul Goble in een commentaar op een rijtje zet. Niet in Oekraïne, Armenië of Finland, maar evenmin in Tatarstan waar evenals in andere republieken die deel uitmaken van de Russische Federatie een verlangen naar autonomie en de-Russificering bestaat (zoals Dagestan, Tsjetsjenië, Circassië, Tuva, Karelië). Dat heeft te maken met het afnemend economisch, politiek en cultureel belang van de Russische Federatie dat immens divers is. De Oekraïense kerkscheuring en binnenlandse unificatie is een krachtig teken van de afnemende Russische macht, maar zeker niet de enige actuele ontwikkeling ervan.

Annexatie van andersdenkenden door christenen is tactiek die uit de tijd is. Wooley verklaart de bijbel tot een boek voor iedereen

leave a comment »

Daar gaan we weer. Een citaat: ‘The Bible is not a ‘religious’ document, just for Christians or just for ‘religious’ life; it’s a book for everyone.’ Aldus Paul Wooley van de Bible Society in een artikel in The Guardian. Aanleiding is de weigering van bioscoopketen Empire Cinemas om bovenstaande reclamefilm in haar theaters te vertonen omdat het religieuze of politieke reclame niet accepteert. Onderwerp is het einde van de Eerste Wereldoorlog 100 jaar geleden en het feit dat de persoonlijke standaarduitrusting van Britse militairen een bijbel bevatte.

Annexatie van zogenaamde andersdenkenden is een terugkerende onhebbelijke karaktertrek en politieke handelwijze van christenen. Trouwens in algemene zin van religieuze organisaties als ze in een samenleving dominant zijn. Zo proberen ze hun krimpende organisatie groter te doen lijken dan die in werkelijkheid is. Wooley maakt het erg bont door de bijbel geen religieus boek te noemen dat door ‘God’ is geïnspireerd om christenen te inspireren. Hij verbreedt het tot een boek voor iedereen. De vraag of dat ook moslims, joden, atheïsten, humanisten, nihilisten, taoïsten, hindoes en boeddhisten betreft en wat ze dan wel aan de bijbel moeten ontlenen toont aan hoe wereldvreemd zijn claim is. Wooley is out of sync met de realiteit van 2018.

Wellicht was de Britse krijgsmacht in 1918 grotendeels christelijk geïnspireerd en probeerde de legerleiding de oorlog om psychologische redenen om te katten tot een Heilige Oorlog, maar 100 jaar later kan niet langer geloofwaardig worden verdedigd dat de bijbel en het gedachtengoed dat het representeert voor iedereen is. Een analyse van de steun voor de Britse christelijke kerken tijdens de Eerste Wereldoorlog wijst trouwens op een ontwikkeling weg van de bijbel. Door de voortslepende oorlog die zoveel slachtoffers eiste ontstond er bij bevolking en militairen ontgoocheling over de kerken omdat ze de oorlog niet hadden weten te voorkomen of verkorten. Er ontstond een zoektocht naar alternatieve vormen van spirituele expressie waarin de bijbel geen rol speelde. Dus Wooley vervalst niet alleen de realiteit van 2018, maar ook de geschiedenis van 1918.

In een respectvol en interessant debatje dat ik onlangs met Gerko Tempelman voerde bij een YouTube video van hem stel ik dat aspect van annexatie van andersdenkenden door gelovigen aan de orde. Ik verwoordde dat zo over gelovigen die de draagwijdte van ‘God’ uitbreiden naar degenen die zich niet laten inspireren door ‘God’: ‘Het groter maken van ‘God’ buiten hun geloof om is een kwestie van macht. Die willen ze ook uitoefenen over degenen die hun geloof niet delen. Dat is onrechtmatige inlijving. Maar ook een inlijving die steeds potsierlijker wordt in een samenleving waar de meerderheid zich niet door ‘God’ laat inspireren.

 

%d bloggers liken dit: