Nederland kent traditie van dijkdoorbraken, overstromingen en watersnoden

Overstromingen, dijkdoorbraken: Watersnood 1916. Kinderen bij het water en op een loopbrug bij de Varkenoordseweg in Rotterdam. Nederland, 1916. Collectie: Het Leven/ Spaarnestad Photo.

Deze week wordt de watersnoodramp van 1953 herdacht. Het is 70 jaar geleden. Er kwamen toen in Nederland meer dan 1800 mensen om het leven in Zuid-West Nederland. Media besteden er ruimschoots aandacht aan. Terloops komt ook het verschil tussen de huidige en toenmalige samenleving boven water.

Wat buiten beeld blijft is dat Nederland als waterland een regelmaat van dijkdoorbraken, overstromingen en watersnoden kent. In de recente geschiedenis overkwam Nederland dat in 1855, 1916 en 1926. Dat zijn geen incidenten.

Met de reactie erop om het land met barrières, dammen, verhoogde dijken, natuurlijke constructies en hoogwaardige technische ingrepen veiliger te maken is Nederland wereldberoemd geworden. De kennis over waterbeheersing is een Nederlands exportproduct.

Een andere wetmatigheid van watersnoden en dijkdoorbraken zijn burgeracties om slachtoffers te helpen via regionale of landelijke inzamelingen. Dat gaat dan telkens onder het motto ‘Dijken dicht, beurzen open‘. Nederlanders zetten hun beste beentje voor om elkaar te helpen bij het natuurgeweld. Het stijgende water is een geduchte en vertrouwde vijand van mythische proporties.

Door de opwarming van aarde en de niet verminderende uitstoot van broeikasgassen blijft de waterspiegel stijgen. Dat is een paradigmaverschuiving die leidt tot een dramatisch ander beeld van de werkelijkheid. De inschatting van deskundigen is dat er in de nabije toekomst meer op het spel komt te staan.

Hoe gaat dat eindigen? Komen we buiten de veiligheidsmarge van de Nederlandse waterwerken? Wat betekent dat voor de veiligheid?

Er is continu werk aan de winkel om Nederland tegen het water te beschermen. Wetenschappers en toegepaste wetenschappers beseffen dat. Wie weet moeten straks lager gelegen gedeelten opgeofferd worden om de rest van het land te redden. Dan zijn collectes voor de slachtoffers water naar de zee dragen.

Advertentie

Wilhelmina op reis: 1898 – 1923

Dit stukje verscheen eerder op George Knight Kort op 27 februari 2013.

In 1923 viert Koningin Wilhelmina haar 25-jarig regeringsjubileum. Dat vraagt om een gelegenheidsuitgave: De koningin op reis: 1898-1923.

Onze lieve vorstin reist per trein langs de afbeeldingen in het prentenboek. Giethoorn, Friesland, Amsterdam, een heidebrand in Drente, het leger in mobilisatietijd, Rotterdam en een overstroming.

In Amsterdam wordt de Koninklijke Familie op het balkon van het Paleis op de Dam begroet: ‘Men juicht van vreugd en zwaait met pet en hoed‘. Het regeringsjubileum is niet ongemerkt voorbijgegaan. Houzee!

De Amsterdamse uitgever Ph. van Amerongen laat de koningin niet afreizen naar de zuidelijke provincies. Of naar de Oost. Of de West. Er zijn grenzen aan een prentenboek van 10 pagina’s. Festijn is hoofdzaak.

Het Jubileums-Prentenboek is bedoeld voor de ‘Nederlandsche Jeugd‘. Een royaal gebaar. Ook reist de koningin naar Zweden en Noorwegen. Als een moderne Betzy Akersloot. Een artistieke invloed op Wilhelmina. Roodwitblauw in top. Met de stoomboot door de fjorden.

Foto’s: Illustraties uit het prentenboek: ‘De koningin op reis 1898-1923‘ (1923).

Gedachten bij de foto ‘Observatoire de Paris-Meudon – Intérieur de la Grande Coupole, travaux’ (1960)

Observatoire de Paris-Meudon – Intérieur de la Grande Coupole, travaux. (titre forgé); Face Ouest et chantier côté terrasse, pris du niveau 5,70. (titre original), 14 oktober 1960. Collectie: Bibliothèque de l’Observatoire de Paris.

Hier wordt verbouwd. Werken. Een ladder staat tegen een muur. Wanden zijn gestript. Gruis ligt op de vloer. Planken en bouwmateriaal liggen kriskras door de ruimte.

Enkele zonnestralen vallen binnen. Vele tinten wit, grijs en zwart. Een man kijkt omhoog, naar de fotograaf die volgens de originele titel op niveau 5,70 meter staat.

We bevinden ons in 1960 in de grote koepel van een Parijs’ observatorium in Meudon. Richting West aan de terraskant, zegt de documentatie.

Waarom fascineert deze foto me? Komt het door de vele grijstinten, de desolaat gestripte ruimte of de man die vanuit de marge van de foto omhoog kijkt en van wie we niet weten of het toeval is dat hij in beeld komt? De lege ruimte is verre van leeg.

De foto registreert het werkproces van de verbouwing. De foto is dienstbaar. Sec. Pretentieloosheid is charme. De foto is niet zozeer behaaglijk of bekoorlijk, maar attent en inschikkelijk. En daarbij verwonderlijk. Als men dat van een foto kan zeggen zonder bemoeienis van een beschouwer.

Elke uitweiding erover komt in strijd met de foto die voor zichzelf pleit.

Politici reageren geschokt over afnemende kennis en bewustwording van jongeren over Holocaust. Remedie: beter geschiedenisonderwijs

Schermafbeelding van deel nieuwsberichtNew Study Reveals Nearly One Quarter of Dutch Millennials and GenZ Believe the Holocaust Was a Myth or Exaggerated‘ van de Claims Conference, 25 januari 2023.

Gideon Taylor, Claims Conference President meent naar aanleiding van een eigen studie dat het verontrustend is dat de kennis en bewustwording over de Holocaust vermindert. Bij ouderen en jongeren. Meer in Nederland dan in andere landen zoals het VK, Frankrijk, Oostenrijk, Canada en de VS. Voor het onderzoek werden in december 2022 2000 Nederlandse jongeren ondervraagd.

Taylor zegt: ‘Survey after survey, we continue to witness a decline in Holocaust knowledge and awareness. Equally disturbing is the trend towards Holocaust denial and distortion. To address this trend, we must put a greater focus on Holocaust education in our schools globally. If we do not, denial will soon outweigh knowledge, and future generations will have no exposure to the critical lessons of the Holocaust.

Het valt te bezien hoe verontrustend afnemende kennis over een historische gebeurtenis is of een normaal proces van een historische gebeurtenis die redelijk lang geleden heeft plaatsgevonden. Nu meer dan 68 jaar geleden.

Vele actuele gebeurtenissen vragen om aandacht. Nederlanders weten eveneens steeds minder over de Tachtigjarige oorlog of de niet geweldloze expansie in de Nederlandse koloniën. Dat is de verwerking van historische gebeurtenissen die elkaar opvolgen en verdringen. Lobbygroepen vragen aandacht voor ‘hun’ onderwerp en willen er meer aandacht voor. Maar het is ook het gevolg van tekortschietend onderwijs.

Daarom weet ik niet of de verontwaardiging van de Claims Conference over de vermindering van de kennis en bewustwording bij met name Nederlandse jongeren over de Holocaust iets abnormaals is. Het lijkt eerder een volkomen logische ontwikkeling.

Is de belabberde stand van het Nederlandse onderwijs en met name het geschiedenisonderwijs niet de meest voor de hand liggende verklaring voor de afnemende kennis bij jongeren over de Holocaust?

Dat zegt nog niks over de inschatting hoe betreurenswaardig de afnemende kennis bij de Nederlandse bevolking over historische gebeurtenissen is. Inclusief de Holocaust. Want dat geeft een deprimerend beeld van het onderwijs. Dat is uitermate pijnlijk. Maar dat is niet exclusief voor de Holocaust.

De verontwaardiging van sommige TK-kamerleden die in De Telegraaf de afnemende kennis en bewustwording over de Holocaust rechtstreeks verbinden met antisemitisme en haat is te simpel. Dat is te eendimensionaal gedacht. Het is ook contra-productief. Met grote woorden ontkennen ze hun eigen verantwoordelijkheid over de slechte stand van het Nederlandse onderwijs.

Kamerleden zouden zich beter kunnen inspannen om zich daarvoor verantwoordelijke te voelen en het te repareren, dan gelijk met grote woorden te praten over antisemitisme en haat bij Nederlandse jongeren.

Dat is ook precies wat Gordon Taylor zegt: ‘we must put a greater focus on Holocaust education in our schools globally.’

Waarbij het trouwens de vraag is hoeveel aandacht er in het geschiedenisonderwijs aan de Holocaust en aan andere belangrijke historische gebeurtenissen moet worden besteed. Want afnemende kennis over de Holocaust wil niet gelijk zeggen dat het geschiedenisonderwijs meer aandacht aan de Holocaust moet besteden. Taylor is een lobbyist voor zijn eigen zaak en vakhistorici die het curriculum voor middelbare scholen opstellen maken hun eigen afweging.

Het is toch opvallend dat Nederlandse jongeren meer dan in de andere genoemde landen minder weten van een historische gebeurtenis als de Holocaust. Dat is vooral een brevet van onvermogen voor het Nederlandse geschiedenisonderwijs. Dit gaat niet over antisemitisme en haat, maar over tekortschietend (geschiedenis) onderwijs.

Schermafbeelding van deel nieuwsberichtNew Study Reveals Nearly One Quarter of Dutch Millennials and GenZ Believe the Holocaust Was a Myth or Exaggerated‘ van de Claims Conference, 25 januari 2023.

Is de verbranding van een koran door een rechts-extremist sabotage om de toetreding van Zweden tot de NAVO te dwarsbomen?

Woordvoerder Ned Price van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken gaat in op de verbranding van een koran in Zweden door een Deens-Zweedse rechts-extremist en de relatie tussen landen en kandidaat-landen binnen de NAVO. Zweden en Finland hebben gezien de Russische dreiging in 2022 gezegd toe te willen treden tot de NAVO, maar de Turkse president Erdogan houdt de toetreding van Zweden tegen. Telkens komt hij met nieuwe bezwaren.

Price wijst erop dat de verbranding van een koran voor de Turkse ambassade in Zweden door de rechts-extremistische Rasmus Paludan weerzinwekkend en weinig respectvol is.

Paludan geeft met zijn daad Erdogan en de Russen munitie om hun pijlen te richten op Europa en de NAVO. Dat roept de vraag op in wiens belang Paludan handelt. Was het bewuste sabotage van Paludan om met zijn verbranding de toetreding tot de NAVO van Zweden te bemoeilijken? Vooralsnog zijn daar geen aanwijzingen voor. Maar het is niet onmogelijk dat dit naast zijn islamhaat Paludans streven is.

Europese rechts-extremisten werden altijd ondersteund door het Kremlin om verdeeldheid te zaaien binnen de EU. Maar sinds de grootschalige invasie van Oekraïne en het buitensporig gebruik van geweld door de Russische Federatie tegen de Oekraïense burgerbevolking hebben rechts-extremisten afstand van het Kremlin genomen.

De cultuuroorlog over verbrande korans of vermeend respectloze beweringen over de islam is een afleiding voor de slechte sociaal-economische situatie in landen als Turkije of de Russische Federatie. Daarom is een in Europa publiekelijk verbrande koran een zegen voor een onder druk staande economisch zwak opererende autoritaire leider.

De verbrande koran dient voor Erdogan om op een tamelijk goedkope manier kiezers aan zich te binden. Op 14 mei 2023 zijn er verkiezingen voor parlement én Turkse presidentschap. De populairiteit van Erdogan staat onder druk door de slechte economische situatie en de gierende inflatie. De populaire burgemeester van Istanbul Ekrem İmamoğlu is een mogelijke presidentskandidaat van de oppositie. Hij kan een geduchte concurrent van Erdogan zijn, maar Erdogan probeert hem door rechtszaken uit te sluiten. Daar loopt nog een beroep tegen van İmamoğlu.

De pro-Poetin Tsjetsjeense leider Ramzan Kadyrov veroordeelt de verbranding van de koran, maar gaat verder als hij zegt dat die geïnitieerd en betaald zou zijn door de Zweedse autoriteiten.

Dat is een onbewezen, maar op het eerste gezicht niet geheel onlogische bewering omdat de rechts-extremistische Zweden Democraten van Jimmie Åkesson gedoogpartner van de huidige Zweedse regering zijn. Net als Paludan wil Åkesson de EU ondermijnen, maar bij nader inzien klopt Kadyrov’s bewering niet omdat de Zweden Democraten sinds 2022 voor toetreding van Zweden tot de NAVO zijn.

De verbranding van de koran door Paludan voedt Kadyrov in zijn verwijt dat in Europa en de NAVO Satanisten aan de macht zijn. Het vervangt eerdere Russische verwijten over neo-nazi’s, pedofielen en anti-christelijke types die de cultuuroorlog tegen het Westen voedden. Niets is zo veranderlijk als een vijandbeeld dat steeds moet worden geactualiseerd als andere vijandbeelden als te ongeloofwaardig zijn ontmaskerd.

Gedachten bij twee foto’s met Edmund Reinhardt (1927)

Hans Böhm, Zivilporträt: Edmund Reinhardt; Bei der Abreise nach Amerika, 1927. Collectie: Theatermusuem Wien.

Een oceaanstomer nadert de haven. Een man kijkt naar de fotograaf die op zijn beurt ook naar het schip kijkt. Dit zijn oude tijden toen wekelijks grote, luxe schepen de Noord-Atlantisch route tussen West-Europa en New York overbrugden.

Wie is de man? Hij is Edmund Reinhardt, de zakelijke leider van projecten van zijn broer. De in die tijd wereldberoemde Oostenrijks-Amerikaanse regisseur Max Reinhardt die vanaf 1900 als vernieuwer spektakel op maat in het theater maakte. Als Oostenrijkse jood emigreerde hij in 1937 definitief naar de VS.

Edmund is de onmisbare man op de achtergrond. Twee jaar na deze foto’s stierf Edmund. Slechts 42 of 43 jaar oud. Max kreeg toen ook de zakelijke beslommeringen op zijn schouder.

Het Theatermuseum meent dat het om een vertrek van Edmund Reinhardt gaat. Maar is het niet logischer om te veronderstellen dat het om een aankomst van zijn broer gaat die hij af komt halen? Want waarom zwaaien naar een schip waar men enkele uren of een dag later mee vertrekt?

Doet het ertoe wat voor schip het is waarmee Max in 1927 uit New York kwam of Edmund uit Hamburg mee vertrekt? Het is niet uit de foto af te leiden, maar het moet een van de drie schepen van de HAPAG, de Hamburg-Amerika lijn zijn: de Albert Ballin, de Deutschland (IV) of de Hamburg (II) die tussen 1923 en 1925 op de Hamburgse werf Blohm & Voss werden gebouwd.

Hans Böhm, Zivilporträt: Edmund Reinhardt; Abfahrt nach Amerika, 1927. Collectie: Theatermuseum Wien.

Op de tweede foto is het ineens een stuk drukker aan de havenkant. Zo lijkt het. De fotograaf verschuift zijn lens naar rechts. Iedereen zwaait naar het schip of kruipt tersluips naar fotograaf Hans Böhm om in beeld te komen.

Het is geen kleine gebeurtenis, het op een luchthaven, treinstation of haven ophalen of wegbrengen van een bekende. Dat gaat over verhalen en medeleven. De tragiek van deze foto’s toont dat nooit zeker is wie vertrekt of aankomt.

We weten nooit vooraf wie het langst de ander welkom heet en wie uiteindelijk als eerste afscheid neemt. Scheiden is hachelijk. Maar het verlangen naar ontdekking of verandering is sterker.

Kanselier Scholz doelwit van kritiek vanwege zijn optreden over de levering van tanks aan Oekraïne

Schermafbeelding van deel artikelNiet de VS, maar Duitsland heeft voor Oekraïne de sleutel tot tanks in handen‘ van 20 jan 2023 op Nu.nl.

Het is maar net hoe je kijkt naar ‘de sleutel tot tanks‘ die Duitsland, de VS en Europese landen als Polen, Finland, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk in handen hebben. Alle ogen zijn gericht op Duitsland. Dit onderwerp is Chefsache. Het ligt dus in handen van kanselier Olaf Scholz.

Formeel lijkt Duitsland als producent van de Leopard2-tanks die sleutel in handen te hebben, maar mentaal, publicitair en machtspolitiek niet. Mijn reactie bij bovenstaand artikel:

Het is onbegrijpelijk dat de Duitse kanselier Scholz zich om partijpolitieke redenen laat gijzelen door de linkerflank van zijn partij de SPD. En door rechtse SPD’ers als oud-kanselier Schröder die met geld door het Kremlin is gekocht. 

De argumenten van Scholz kloppen niet. Hij zegt een Alleingang van Duitsland te willen vermijden, maar door zijn oppositie tegen de levering van Leopard2-tanks aan Oekraïne stelt hij zich alleen op en vervreemdt zich van de VS en de Europese NAVO-bondgenoten. Zoals Duitsland jarenlang een Alleingang ging met de steun voor gaspijpleiding Nord Stream. 

Duitsland heeft nog meer dan Nederland de krijgsmacht verwaarloosd. Die is in deplorabele staat. Ook de in 2022 toegezegde investering van 100 miljard euro in de krijgsmacht, de Zeitenwende, heeft nog tot geen enkele actie van Scholz geleid. 

Scholz laat zich in zijn Rusland-beleid kennen als aarzelend, bang en eigenwijs. Hij beschadigt in en buiten de EU het aanzien van Duitsland dat mentaal hapert.

Russische propaganda over Oekraïne en het Westen lijkt steeds meer op satire

Er wordt in oorlogen veel geprojecteerd door strijdende partijen. Eigen (wan)daden worden de ander verweten. Zoals het gezegde luidt, de waarheid is het eerste slachtoffer.

In de Russisch-Oekraïense oorlog (2014 – ..) noemt iedereen elkaar (neo)-nazi’s. Dat is gek. Met een Joodse president zou Oekraïne een broeinest van neo-nazi’s zijn. Zo’n beschuldiging doet pijn aan het gezond verstand. Maar het gaat in propaganda en desinformatie niet om feiten, maar om emoties.

Het Kremlin is sterk in projectie. Om de eigen zwakke punten te verhullen verwijt het de ander wat het zelf is. Zo verdraait het Kremlin de werkelijkheid van nu en van toen. De geschiedenis wordt er bijgesleept om de projectie verder te ondersteunen en het verhaal waarschijnlijk te maken. Dat lukt bij mensen die slecht geïnformeerd zijn en de geschiedenis slecht kennen.

De valkuil is dat iemand als minister Lavrov van de Russische Federatie zo ver van de huidige en historische werkelijkheid afdrijft dat het lijkt alsof hij satire bedrijft. Wat hij zegt is absurd en wekt vooral een lachsalvo op.

Het Kremlin verliest in het Westen de informatieoorlog van Oekraïne. Dat is ondergeschikt omdat het Kremlin alleen de meerderheid van de slecht geïnformeerde bevolking van de Russische Federatie moet misleiden om aan de macht te blijven.

Mijn reactie bij de video:

‘As usual, secretary Lavrov twists the facts. It was not all of Europe that under Napoleon or Hitler went against the Russian Empire or the Soviet Union. 

Don’t forget the US Lend-Lease Act that was necessary to defeat Hitler. Soviet Premier Nikita Khrushchev and Soviet Marshal Georgy Zhukov both stated that Lend-Lease enabled the Soviet Union to defeat Germany on the Eastern Front. 

The Soviet-Union could only defeat Hitler because president Roosevelt and the allies supported the Soviet Union with all kinds of material. Without Western support, Stalin would have lost the war against Hitler.

Lavrov makes the mistake of trading images of the enemy, even when there are none historically. He could act better in making friends in 2023.’

De hoedjes van de kinderen hangen aan het lattenwerk. Foto van een schoolreisje in Atjeh (1913)

Schoolreisje te Banda Aceh (Kutaraja), 1913. Glasnegatief. Collectie: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. In bruikleen Museon.

Wat voor schoolreisje kan dat zijn geweest in Atjeh in 1913? In dat jaar woedde de Atjeh-oorlog nog. Wikipedia noemt het een koloniale oorlog. Zo vreedzaam was het niet in hoofdstad Kota Radja (nu: Banda Aceh).

Fascinerend is de toelichting bij de foto: ‘Een zwart-wit glasnegatief van een rij kinderen dat een houten gebouw verlaat. Links aan het lattenwerk hangen de hoedjes van de kinderen.

Wat is dat met de hoedjes? Zijn ze om te beschermen tegen de zon? Waarom hebben de kinderen die het houten gebouw verlaten en hun weg vervolgen hun hoedjes nog niet op?

Wanneer mogen ze hun hoedjes opzetten? Als de fotograaf of de begeleider dat zegt? Maar die zijn niet in beeld. Zoals op deze foto veel buiten beeld blijft.

André Salles fotografeert koloniale verhoudingen (1895-1899)

André Salles, Indochine. A bord du paquebot d’Extrême-Orient. Henri et Toutou Sweert de Landas Wijborgh, et leur babou javanaise, à bord de l’Oxus allant à Batavia, 1895. Bron: Bibliothèque nationale de France.

De foto’s van de Franse ontdekkingsreiziger en fotograaf André Salles (1860-1929) in de collectie van de Bibliothèque nationale de France zijn prachtig. Ze geven een beeld van de laat 19de en vroeg 20ste eeuwse samenleving. Inclusief koloniale verhoudingen.

Op de bovenste foto zien we twee witte kinderen uit het oude adelijke Nederlandse geslacht Weerts de Landas Wyborgh met hun Javaanse baboe op de Franse pakketboot Oxus die een lijndienst onderhoudt vanaf Marseille naar het Verre Oosten op weg naar Batavia. Waarschijnlijk is vice-admiraal Jacques Henri Leonard Jean Sweerts de Landas Wyborgh de vader van de kinderen. Tot maart 1895 was hij adjudant van de gouverneur-generaal van Nederlands-Indië

Beelden vertellen meer dan 1000 woorden: de zelfverzekerde kinderen en de gedienstige baboe.

Salles heeft veel foto’s gemaakt van het Franse indochina en de Antillen. Op de onderste foto wandelen op Martinique witte dames in het zwart en zwarte dames in het wit. Culturele toe-eigening kent geen grenzen.

André Salles, Fort-de-France (1899).  Bron: Bibliothèque nationale de France.