George Knight

Debat tussen links en rechts

Archive for the ‘Mythe’ Category

Is het geval Thierry Baudet voer voor psychologen? Of toch gewoon voor politicologen?

with 2 comments

Cherry slaat opnieuw toe met een onbegrijpelijke uitspraak. Thierry Baudet zegt in een interview voor Bernie Magazine dat ‘meer dan de helft van de Nederlanders het in principe met hem eens is’. Waar hij dat op baseert is onduidelijk. Het wordt er pas echt bizar op als hij dat vertaalt naar 80 tot 90% van de zetels. In potentie zou Baudet dan in de Tweede Kamer 120 tot 135 zetels behalen. Merkwaardig is dat hij weet dat wat hij zegt onzinnig en onjuist is, maar het toch zegt. Wat beoogt een politicus als Baudet met een uitspraak waarvan hij weet dat die onjuist is? Hoe denkt hij hiermee zijn eigenbelang of dat van zijn partij te dienen? Interessant is dat deze en andere aantoonbare onjuiste uitspraken van Baudet de vraag oproepen of hij  zichzelf nou wel of niet onder controle heeft. Is het hem naar het hoofd gestegen en gaat het met hem op de loop? Of is het bewuste tactiek die hij schaamteloos leent van zijn voorbeelden uit de Amerikaanse alt-right beweging? Die ernaar streeft om door liegen en het schetsen van een alternatieve waarheid de samenleving te deconstrueren.

Dat is Baudets paradox: in de vorm is hij deconstructivist en naar de inhoud een 19de eeuwse nostalgische romanticus. Feitelijk bestrijdt hij zijn eigen modernisme dat hij niet wil erkennen. Ligt hier de kiem van een heus complex van zelfoverschatting, narcisme en een misplaatst zelfbeeld? Dobbert Baudet weg in zijn eigen bubbel als een bal op de golven aan het strand? Het is tijd dat de psychologie zich over dit geval uitspreekt:

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelThierry Baudet: Een Haagse Dandy’ in Bernie #2 (december 2017).

Foto 2: Tweet van Jaap Jansen (BNR Nieuwsradio) van 5 december 2017, met eigen reactie.

Advertenties

Brexit en Trump doorgeprikt: ‘Alle spreken over beneden komt van boven, ook het spreken dat beweert van beneden te komen

with 2 comments

De omkering van een uitspraak van theoloog Harry Kuitert over godsdienst als menselijk maakwerk (‘Alle spreken over Boven komt van beneden, ook het spreken dat beweert van Boven te komen’) geeft in een notendop inzicht in de zogenaamde volksopstanden die in 2016 leidden tot de Brexit en de verkiezing van Donald Trump. ‘Alle spreken over beneden komt van boven, ook het spreken dat beweert van beneden te komen’. Met andere woorden, de zogenaamde volksopstanden zijn geregisseerd van bovenaf. Het heeft wel in politieke marketing, maar niet in beleid iets te maken met populisme dat de kloof tussen burger en politiek probeert te dichten. In de kern zijn de zogenaamde volksopstanden van 2016 opstanden van de elite. Dat is al langere tijd een vermoeden, maar steeds meer aanwijzingen geven onderbouwing aan dit standpunt.

Donald Trump die ‘het moeras zou droogleggen’ deed het omgekeerde. Hij haalde multimiljonairs en bankiers van Goldman Sachs (Gary Cohn en Steven Mnuchin) in zijn kabinet, terwijl hij beloofde het omgekeerde te doen. Big sponsor Robert Mercer stopte via Renaissance Technologies meer dan 15 miljoen dollar in Trumps campagne. Daarvoor verwachten sponsors iets terug in de vorm van lagere belastingen of minder regelgeving.

In twee artikelen gaat OpenDemocracy UK, hier en hier, in op de macht van Legatum Institute dat de drijvende kracht was achter de Brexit en er nu achter de schermen alles aan doet om te zorgen dat er een harde Brexit komt. Het werkt samen met minsters als Boris Johnson om brieven te schrijven die aandringen op een harde Brexit en probeert Downing Street 10 te kapen. Naar verwachting kost een harde Brexit het Verenigd Koninkrijk een verlies van een half miljoen banen, aldus een bericht in het FD. Net als de sponsors die Trump in het zadel hesen gaat het Legatum om deregulering en het eigenbelang van een kleine, rijke klasse.

De waarheid wordt langzaam zichtbaar dat Trump en de initiatiefnemers achter de Leave-campagne die tot de Brexit leidde niet handelen in het belang van het volk. Die waarheid wordt vertroebeld door nepnieuws op (sociale) media en dringt zo nauwelijks echt door tot de publieke opinie. De paradox is dat deze ‘populisten in naam’ die zeggen te handelen namens het volk niet het neoliberalisme afbreken, maar het verder optuigen.

Trump en politici achter de Brexit zoals Nigel Farage en Boris Johnson beloofden dat het volk de controle terug zou kunnen nemen, maar bewerkstelligden het omgekeerde. Ze legden de macht in de handen van een kleine klasse die zich schimmig ophoudt achter de schermen en geen enkele politieke verantwoording aflegt.

In een commentaar van mei 2016 beschreef ik dat proces aan de hand van een pro-Brexit documentaire van Martin Durkin: ‘Brexit: The Movie is bedoeld om het brede publiek voor het karretje van een elite te spannen die dit probeert te verbergen door zelf over een EU-elite te praten. Als verdediging kiest het daarom als bliksemafleider de aanval. Tragisch is dat het merendeel van het publiek niet in de gaten heeft hoe het zich laat manipuleren door de ene elite die tegen de ander elite zegt te ageren. (..) Dat tekent het politiek debat van een publiek dat de weg kwijt is en zonder dat zelf te beseffen de agenda van Britse aristocraten, zakenmensen en rechts-nationalistische politici als Nigel Farage volgt.’ Het nieuws is niet dat dit nieuws is, maar dat de al langer in grote lijnen bekende feiten zo tergend langzaam doordringen tot de publieke opinie.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelHow Legatum has written the hymn sheet for a Dirty Brexit’ van Brendan Montague op OpemDemocracy UK, 27 november 2017.

Godsdiensten zijn tijdgebonden. Uiteindelijk worden ze uit het religieuze domein verdrongen. En opgevolgd

with 5 comments

Een artikel van J. H. McKenna op Patheos zet aan tot denken. De geschiedenis van de godsdienst toont de beperkte levensduur van godsdienst. De wetmatigheid is dat ze beperkt zijn in tijd, plaats en doelstelling. Daarom kent de geschiedenis en de hedendaagse verspreiding over de wereld zoveel godsdiensten omdat ze uiteenlopende behoeften moeten afdekken. Ze geven antwoord op de vragen van hun tijd, maar als de omstandigheden veranderen verliezen ze aan betekenis voor hun tijd. Dan worden ze overbodig en opgevolgd door nieuwe godsdiensten die andere vragen stellen en zich beter voegen in de motieven van de nieuwe tijd. Dan worden de heilige boeken van de oude godsdienst bevrijd. Waar de knapste koppen van hun tijd aan hebben meegewerkt. De heilige schriften kunnen dan vervolgens toegevoegd worden aan het domein van de kunst. Van de literatuur of het drama. Ultiem bevrijd van hun primaire functie om zin te geven aan het leven.

McKenna schetst in mijn ogen op een inzichtelijke manier een heldere en onbetwistbare logica, maar waarom hij het verbindt met de positie van de atheïst is me onduidelijk. Dat heeft zijn betoog niet nodig. Mijn reactie:

Religion and art spring from the same source. The source of the imagination of rituals. It is a dramatic feature that reaches a public through a well told story. The article clearly underlines this through well chosen examples. The logic is that religion grows more towards art as religion lasts longer. Greek mythology is now seen as an art form, while in its own time it was seen as a religion.

It is inevitable that modern religions suffer the same fate like old religions did. The development from religion to art is a regularity. Eventually the sacred books written by men will be stripped of their supernatural pretension and will go down in history as literary works.

Then the circle is round where the recently deceased Dutch theologian Harry Kuitert referred to: ‘All speaking about Above comes from below, also the speaking that claims to come from Above‘. Because the greatest minds of their time were connected to this speaking, this intellectual and literary aspect is not lost. But it has to be liberated from the religious environment that keeps it confined.

Literature or drama is ultimately freed from the religious environment and is liberated. The flywheel of the development of religions continues so that new religions with new images of God and new sacred scriptures emerge that we do not yet know about.

Why the author links his argument to the atheist’s right is unclear. Because it is unnecessary to make this point which is already strong enough. The perspective of the atheist or cynic adds nothing to his argument, but makes it unnecessarily polemical and more political. The so-called atheist does not want to relate to God images and religions, but to stand outside. That applies equally to this kind of criticism of religion.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelIs Time On The Atheist’s Side?’ van J. H. McKenna op Patheos, 16 november 2017.

EU is sterk, maar moet eigen mythe opbouwen om in de publieke opinie te overleven

leave a comment »

Hoe komt het dat in de internationale politiek dat wat groot is klein wordt gemaakt, en wat klein is groot wordt gemaakt? Is het de schuld van de (sociale) media dat dat gebeurt? Neem de politieke leiders president Trump van de VS en Putin van de Russische Federatie die de voorpagina’s domineren. Wat is hun werkelijke macht? Hun macht en invloed wordt overschat. Een artikel in Politico van Susan Glazer verduidelijkt dat de macht die aan Putin wordt toegeschreven voornamelijk bestaat uit mythevorming. Buiten de ringweg van Moskou is Putins macht beperkt. En omgekeerd, binnen de ringweg van Washington is Trumps macht beperkt. Een aardige tegenstelling. Maar het niet hebben van centrale macht telt meer in de parlementaire democratie die de VS is, dan in de autoritaire Russische Federatie dat het grootste en meest diverse land ter wereld is en netwerken langs andere breuklijnen tot stand komen. Omgekeerd leidt de EU aan negatieve mythevorming.

Hoe komt het dat de succesvolle EU die is ontstaan om Duitsland in een supranationale organisatie te integreren zo lijdt aan negatieve mythevorming? Komt dat omdat het niet gepersonifieerd wordt door een leider die door kan gaan als sterk en machtig? Zelfs als dat in werkelijkheid niet zo is, maar wel werkt in de beeldvorming. Komt het omdat de EU halverwege is blijven steken in democratisering en federalisering, en daarom zowel de nationalisten als de federalisten teleurstelt? Of komt het doordat de verslaggeving door de media over de EU bijna volledig nationaal gericht is en nieuwsconsumenten een te nationaal beeld van de echte EU wordt voorgeschoteld dat nauwelijks overeenkomt met het werkelijke functioneren van de EU?

Het lijkt te simpel om de (sociale) media verantwoordelijk te stellen voor de overschatting en mythevorming van Trump en Putin, en de onderschatting van de EU. Het antwoord daarop is dat iedereen verantwoordelijk is voor de beeldvorming en dat in eigen hand moet nemen. Trump doet dat met zijn getwitter en zijn groteske manoeuvres die afleiden van de bedreiging voor zijn macht. Trump is in 2015 en 2016 kritiekloos geholpen door de media die hem overvloedig vrije publiciteit boden en hij de Republikeinse nominatie kon verzilveren. De inmenging van het Kremlin op sociale media tijdens de presidentscampagne van 2016 gaf het laatste zetje. Putin opereert met zijn door de staat gefinancierde propagandazenders als RT en Sputnik die een westers publiek bespelen en de publieke opinie proberen te beïnvloeden. Niet direct omdat het bereik ervan klein is, maar in samenspel met de sociale media waarbij die propaganda dient om legitimiteit te bieden. In het binnenland zijn oppositionele media gesloten of zo ingeperkt dat ze niet normaal tegenspel kunnen bieden.

De EU laat het nagenoeg afweten in de beeldvorming. Deels is dat een gevolg van verdeeldheid, deels van koudwatervrees. In elk geval ontbreekt de urgentie bij EU-leiders en nationale leiders van de EU-lidstaten om in de (sociale) media een mythe op te bouwen waarin de EU zo geloofwaardig is dat die samenvalt met de werkelijkheid. Bas Heijne verwijst in zijn NRC-column instemmend naar president Emmanuel Macron die een politiek heldendom wil ontwikkelen: ‘Het is geen goed idee geweest om alle grote verhalen te deconstrueren, kapot te maken. Hierdoor is het vertrouwen in alles en iedereen verdampt.’ De EU en de EU-lidstaten moeten beseffen dat als ze samen willen overleven ze beter dan nu hun verworvenheden naar buiten moeten brengen.

De EU moet zich niet de pas laten afsnijden door de radicale nationalisten op de linker- en rechterflank die in de beeldvorming aanknopen bij de mythevorming van Putin of Trump die feitelijk afleidt van de werkelijkheid. De eerste die bij gebrek aan eigen verworvenheden die noodgedwongen vervangt met anti-Amerikanisme. En de laatste die uit hetzelfde gebrek dat vervangt met egotripperij en wit racisme. De EU is inhoudelijk sterker en moet nu de eigen mythe opbouwen om in de publieke opinie te overleven. De paradox is dat de negatieve beeldvorming over de EU meer verworvenheden omvat dan de positieve mythevorming over Putin en Trump.

Foto: Fragment uit het schilderij ‘L’enlèvement d’Europe’ (‘De ontvoering van Europa’) van Noël-Nicolas Coypel, 1727. Collectie: Philadelphia Museum of Art.

Waarheen leidt samenwerking van het Wereldmuseum met het NMvW?

with 2 comments

Sinds kort klonk ineens overal kritiek op het Stedelijk Museum. Directe aanleiding waren publicaties in de NRC over de belangenverstrengeling van directeur Beatrix Ruf en haar korte lijnen naar de kunsthandel, de onzorgvuldige en onvolledige verantwoording van haar nevenactiviteiten in het jaarverslag, de overtreding van de ethische code en het onvoldoende toezicht op haar functioneren. Alsof ze een vrijgeleide had gekregen van de Raad van Toezicht om haar eigen handeltje binnen de muren van het Stedelijk Museum op te zetten. Met gebruikmaking van het prestige van het museum om de waarde van kunstwerken op te krikken. Het had de titel van een stripverhaal van Marten Toonder kunnen zijn: ‘Beatrix Ruf en de museale waardevermeerderaar‘.

Het schieten op directeur Ruf als aangeschoten wild wordt gemakzuchtig. Dat het vinden van een -aan de oppervlakte liggende- waarheid zolang moest duren getuigt van gebrek aan alertheid van kunstkritiek, politiek en Museumvereniging. Waar was de vinger aan de pols van de museumsector? Zo werkt publiciteit. Roependen in de woestijn die een onrechtmatigheid aankaarten krijgen jarenlang geen gehoor en worden buiten de orde gesteld. Met het etiket querulant, kommaneuker of zeurpiet zogezegd op hun voorhoofd geplakt. Als dan de dam van ongenoegen doorbreekt, dan gaat ineens de publieke opinie door de bocht en doet iedereen alsof men al altijd kritisch was. Men buitelt over elkaar heen in verontwaardiging om de felste afwijzing te geven. Daarom is het interessanter om niet naar de lopende zaak Ruf te kijken, maar naar een zaak die nog ontdekt moet worden. En in de publieke opinie nog niet de aandacht krijgt die het verdient.

Het gaat ook om een museumorganisatie die er aanspraak op maakt en zelfs prat op gaat om maatschappelijk te zijn en zich te bekommeren om het lot van wereldburgers en te gaan voor een rechtvaardige wereld. Omdat het dat beredeneert vanuit een eigen gesloten wereldbeeld dat niet of nauwelijks gevoed wordt door de ‘gewone’ lokale bevolking -die over het hoofd wordt gezien- is het de vraag wat de samenleving eraan heeft.

Die andere zaak is het Nationaal Museum van Wereldculturen (NMvW). Het wordt gepresenteerd als een fusie van het Afrika Museum uit Berg en Dal, Museum Volkenkunde uit Leiden en Tropenmuseum uit Amsterdam. Het is uit nood geboren door bezuinigingen op de volkenkundige musea, maar een fusie van gelijke partners met eenheid in verscheidenheid is het nog niet geworden. De fusie valt achteraf op te vatten als een vijandige overname door het Leidse Museum Volkenkunde waarvan de directie zich opstelt als een Rupsje Nooitgenoeg.

In mei 2017 kwam het Wereldmuseum uit Rotterdam erbij als ‘samenwerkingspartner’, zoals een bericht  verduidelijkt. Dat gebeurde na een voorgeschiedenis waarbij de toenmalige directeur het Wereldmuseum aan de rand van de afgrond bracht. Net als bij het Stedelijk nu waren er opeenvolgende acties voor nodig voordat de publieke opinie omging. De ongerijmdheden zijn groot. In een commentaar van mei 2017 schreef ik: ‘Het NMvW staat bekend als hiërarchisch en behoudend en vaart een populistische koers. Dat past niet bij het meer avontuurlijke profiel van het Wereldmuseum zoals zich dat na de redding aftekende. Het Wereldmuseum is kwetsbaar omdat het door de vorige directeur Stanley Bremer is uitgekleed en verzwakt. (…) Het valt dus af te wachten of het Wereldmuseum een min of meer een autonome positie binnen een samenwerkingsverband krijgt om een eigen(zinnige) koers te varen of dat het meegesleept wordt in het populisme van het NMvW.

Voorbeeld van het populisme van het NMvW is het project Museum Van. Bekende Nederlanders worden zogenaamd curator van hun eigen museum. Ze maken onder begeleiding een selectie uit het depot. Het NMvW gaat met BN’ers als Yvette van Boven, Kenny B of Floortje Dessing in zee. Filemon Wesselink opent gedurende drie weken een minimuseum op station Zwolle, aldus een bericht in De Telegraaf. Presentatie van objecten uit het depot buiten de museummuren oogt als publiciteitsstunt. Met als voornaamste doel om door marketing de naamsbekendheid van de eigen organisatie te vergroten. Er wordt geen relatie met de samenleving gelegd.

Een persbericht van het Wereldmuseum suggereert richting die aansluit bij de lijn van het NMvW: ‘Vanaf 2018 wordt de inhoudelijke koers van het nieuwe Wereldmuseum verlegd naar een meer maatschappelijke programmering die past bij de missie van het nieuwe museum: inspireren tot wereldburgerschap.’ Maar wat ‘maatschappelijke programmering’ en ‘inspireren tot wereldburgerschap’ in de praktijk betekenen valt af te wachten. Het risico bestaat dat het politieke kletspraatjes blijken waar een museum in de praktijk niets aan heeft. Het gevaar bestaat zelfs dat ze in hun vaagheid dienen om het management van het NMvW een verdere greep naar de macht te laten doen. Door de in november 2016 aangenomen motieBehoud Rotterdamse signatuur Wereldmuseum’ van de Partij voor de Dieren heeft de raad zich gecommitteerd aan ‘een Rotterdams karakter’ en ‘Het Rotterdamse profiel van het Wereldmuseum als onderdeel van de samenwerkende musea’.

Aan het tentoonstellingsbeleid van het Wereldmuseum is het populisme van het NMvW nog niet af te lezen. Schrikbeeld is beleid dat kunstobjecten niet alleen ondergeschikt maakt aan het ‘maatschappelijke’ verhaal over kolonialisme of wereldburgerschap, maar kunst niet in de eigen waarde laat en invoegt als illustratie voor dat ‘maatschappelijke‘ verhaal. De tot en met 7 januari 2018 lopende tentoonstelling ‘POWERMASK’ van de Antwerpse modeontwerper en gastconservator Walter Van Beirendonck en conservator Alexandra van Dongen is het voorbeeld van een vitale, verrassende, inhoudelijk sterke tentoonstelling voor elk wat wils met de verbeelding aan de macht. Een voorbeeldige publiekstentoonstelling waarin kunstobjecten spreken zonder dat het een saaie en voorspelbare kunsthistorische uiteenzetting wordt. Of ze dienen als plaatje bij een praatje.

Op een tekstbord is een citaat van de Haïtiaans-Amerikaanse kunstenaar Jean-Michel Basquiat te lezen dat zegt: ‘Ik ben geen zwarte kunstenaar, ik ben een kunstenaar.’ Van hem is een schilderij uit de collectie Hans Sonnenberg te zien dat aan Museum Boijmans geschonken is. Dit citaat is een sleutelzin en valt ook te lezen als commentaar op het NMvW. Want er bestaat geen zwarte of niet-witte kunst, maar alleen kunst. In dit geval: goede kunst. De kwaliteit van de bruiklenen die Walter Van Beirendonck overal vandaan heeft weten te halen is indrukwekkend. De tentoonstellingsmakers lijken zich vrij te voelen en niet te bekommeren om het standpunt dat een tentoonstelling pas wordt gelegitimeerd door de persoonlijke achtergrond van de maker.

Bij ‘POWERMASK’ gaat het om de intentie van de makers die de tentoonstelling, noch de kunstobjecten in de mal van een ‘maatschappelijk‘ verhaal laten dwingen. Door het elan ontstijgt ‘POWERMASK’ eraan en krijgt een surplus. Terwijl dat ‘maatschappelijke‘ verhaal gewoon ondersteund wordt. Maar het gebeurt indirect en via dwarsverbanden. Gewild of ongewild is ‘POWERMASK’ op te vatten als subtiel antwoord op dit interne debat.

Het gaat niet om de beschuldiging van inlijving of populisme. Als het NMvW zweert bij de etnokitsch van Jimmy Nelson of verhalen over kolonialisme of slavernij, dan moet het dat tonen. Het gaat om de identiteit van het Wereldmuseum. Een persbericht van het NMvW uit 2016: ‘De constructie van deze krachtenbundeling is uniek te noemen. Het Wereldmuseum blijft een zelfstandig Rotterdams museum, maar gaat zeer nauw samenwerken met het NMVW, (..). Door deze samenwerking kan het Wereldmuseum, met behoud van eigen identiteit, gebruik maken van de expertise en het netwerk van het Nationaal Museum van Wereldculturen.’

Essentieel is dat de door het NMvW aan het Wereldmuseum gegeven afspraak nageleefd wordt. Daarnaast is er de verantwoordelijkheid van het Rotterdamse gemeentebestuur om daar bij het NMvW op aan te dringen en dat via de Rotterdamse Raad voor Kunst en Cultuur te monitoren. Dat volgt uit de motie die zich sterk maakt voor het behoud van de Rotterdamse signatuur van het Wereldmuseum. Omdat die eigenheid en identiteit zich vooral laten kennen uit het tentoonstellingsbeleid zal dat blijken uit de volgende grote tentoonstelling na ‘POWERMASK’. En overigens ook uit de vaste opstelling. Daarbij staan de vragen centraal wat de planning en inhoud van het komende tentoonstellingsprogramma zijn en hoe dat vervolgens spoort met de Rotterdamse signatuur van het Wereldmuseum en het inhoudelijke masterplan van het NMvW voor het Wereldmuseum. Het valt daarnaast makkelijk in te zien dat de beoogde rol van het Wereldmuseum in een wereldstad als Rotterdam een heel andere is die onvergelijkbaar is met die van de musea in Berg en Dal of Leiden.

Overigens wordt het Wereldmuseum vanaf 2018 verbouwd om het gebouw bij de tijd te brengen. Hoe komt daarna het nieuwe gezicht van het museum naar buiten? Hoe blijft het Wereldmuseum tijdens de verbouwing zichtbaar? Directeur Stijn Schoonderwoerd van het NMvW meent dat pas in 2020 het bezoekersaantal weer op het oude peil is. Hoe dan ook hebben alle betrokkenen zich verplicht aan de Rotterdamse signatuur.

Daarbij komt nog wat anders. De Nederlandse museumsector en -bezoeker en ook de NMvW hebben er weinig belang bij om alle musea onder het samenwerkingsverband gelijk te schakelen en dezelfde identiteit te geven. Op voet van gelijkheid en met het oog op inbedding in de lokale situatie kan met elkaar beredeneerd worden om het Wereldmuseum een identiteit te geven die een meerwaarde voor allen oplevert. Te denken valt aan de voortzetting van de lijn van ‘POWERMASK’. Waarbij etnografische en autonome (kunst)objecten verrassende dwarsverbanden aangaan en tot vragen oproepen die afwijken van wat de directie van het NMvW in de andere musea beoogt. De naam Wereldmuseum geeft ook aan dat dit museum over nationale grenzen kijkt en voor de productie van tentoonstellingen samenwerkingsverbanden aan kan gaan met buitenlandse partners.

Foto’s: Eigen foto’s van de tentoonstelling ‘Powermask’ in het Wereldmuseum te Rotterdam, oktober 2017.

Niet zomaar een ansichtkaart van Terneuzen, 1915

leave a comment »

Zomaar een oude ansichtkaart van de haven van van Terneuzen. Het is 1915, zo zegt een beschrijving. Is het echt? Op de achtergrond is de Westerschelde te zien, links richting Vlissingen, rechts richting Antwerpen. Het vrachtschip ligt met de kop in de richting van het Kanaal van Gent naar Terneuzen. Voor de sluis. Naar België dat in een oorlog is gewikkeld? Dit is een grensgebied, hoewel daar niets van valt te merken. Is het niet 1913?

Nou, niet zomaar een oude ansichtkaart, want ik woonde vanaf mijn 9de jaar rechts om de hoek. Aan de Scheldekade. Nu hangt in mijn woonkamer een foto van een oud-familielid uit dezelfde periode (1900? 1910?) met bijna hetzelfde perspectief. Eveneens met een stoomboot, maar ook met twee grote zeilschepen erachter.

Die oude foto’s zijn meren van herinnering, zoals Rudy Kousbroek het noemde, maar niet voor mij. Want in 1915 was ik nog niet geboren. Het zijn eerder herinneringen van de zee waaruit ik pak wat ik kan gebruiken. Zo’n foto verbergt  archeologische lagen die er door de jaren heen op worden geplakt. Wie weet dat waar de man met de emmer loopt 50 jaar later een wit friteskraam stond? En dat de veerboot -‘de provinciale boot’- jarenlang in de haven aanmeerde? Vaart de voorloper van de veerboot die ik kende niet juist de haven in?

Foto: ‘Vergane glorie – Stoomschepen bij de sluis van Terneuzen, 1915.

Petitie ‘Afschaffing Koninklijk Huis’ verdient serieuze overweging

leave a comment »

Het kan nooit kwaad om het Republikeinse, zo men wil anti-monarchistische karakter van Nederland te benadrukken. Dat in 1815 koning Willem I zichzelf uitriep tot koning der Verenigde Nederlanden geeft aan dat de Nederlandse monarchie een tamelijk recente ontwikkeling is. Een uitvinding van een traditie. Zoals in de 19de eeuw meer tradities en rituelen werden uitgevonden en vormgegeven, zoals Sinterklaas. De Nederlandse monarchie speelt op het vlak van Volkskunde, folklore, rituelen en tradities en vindt een oorsprong in de 19de eeuw. De eeuw van nationalisme en natievorming. De affiche dateert uit 1980, zoals een optelling uitwijst.

Hoewel de Nederlandse monarchie volgens onderzoek uit 2010 van de Vlaamse hoogleraar Herman Matthijs tot de duurste van Europa behoort is dat niet de hoofdzaak voor kritiek. Hoe onbegrijpelijk het ook is dat de kosten niet beter in de hand worden gehouden. Hoofdzaak van kritiek is wel het anti-democratische karakter ervan door het beginsel van de erfopvolging. In theorie zijn alle functies in het openbaar bestuur voor alle Nederlanders beschikbaar, behalve die van staatshoofd. Dat is vanuit democratisch oogpunt ongewenst. Sommigen beweren dat door de golf van rechts-populisme enige afstand tot de dagelijkse politiek raadzaam is. Maar het bezwaar blijft dat via de erfopvolging niet de beste persoon voor de functie van staatshoofd gekozen wordt. De recente geschiedenis met Koningin Juliana en Prins Bernhard maakt dit duidelijk.

Nederland moet weer een Republiek zijn zoals het dat vanouds is. Complicatie is dat de Republikeinse genootschappen worden bevolkt door malcontenten die behalve hun afkeer van de monarchie weinig toevoegen aan het debat over de staatsvorm die Nederland het beste past. Ze staan ook voor een lastige opgave omdat de propaganda van Oranje continu op vele toeren draait. Deels door belastinggeld dat door de burgers wordt opgebracht en deels door het establishment dat de voorspelbaarheid, inschikkelijkheid en sociale mores van een monarchie een voordeel vindt en het daarom vanuit de schermen steunt. Maar voor burgers die voor de pure democratie gaan is de monarchie een anomalie. Een afwijking van het normale.

Foto: Schermafbeelding van deel petitieAfschaffing Koninklijk Huis’ op petities.nl.