George Knight

Debat tussen links en rechts

Archive for the ‘Mythe’ Category

Tentoonstelling ‘The Painted Bird’ in Maastricht reflecteert op Europa

leave a comment »

Marres in Maastricht komt met de tentoonstellingThe Painted Bird’ die op 10 maart is geopend. Met Marie Aly, Cian-Yu Bai, Bonno van Doorn, Kim David Bots, Gijs Frieling, Natasja Kensmil, Klaas Kloosterboer, Mirthe Klück, Frank Koolen, Fiona Lutjenhuis, Charlott Markus, Kalle Mattsson, Jan van de Pavert, Tanja Ritterbex, Sam Samiee, Charlotte Schleiffert, Derk Thijs, Sarah Verbeek, Helen Verhoeven, Evi Vingerling en Job Wouters.

De toelichting vraagt zich af hoe de stand van Europa is. Kunst reflecteert op de samenleving. De timing is perfect: ‘Dansen we op een vulkaan? Bereiden een vernieuwd nationalisme, xenofobie, wantrouwen in politiek en democratie, de komst van vluchtelingen en economische onzekerheid ons voor op een afschuwelijke ‘meltdown’? Misschien wel. Het zou ons hoop moeten geven voor dit project, omdat de beste kunst gemaakt wordt in tijden van wanhoop, op momenten dat samenlevingen afbrokkelen en we afstevenen op een nieuwe wereldorde.’ Elk nadeel heeft nu eenmaal z’n voordeel. Brengt een crisis echt betere kunst voort? Als het maar niet ten koste van Europa gaat. Zoals Jan van de Pavert zegt, we zijn het idealisme ontwend. Maar wat komt er voor in de plek? Het sleutelwoord is hoop. Niet vanwege betere kunst, maar vanwege een betere samenleving.

Rechts-populistische partijen willen de EU slopen, maar formuleren geen idee over een toekomstig Europa. Ook PVV, VNL en FvD niet

with 3 comments

Een artikel in Foreign Policy van Robert Zaretsky zet aan tot nadenken over Frankrijk, extreem-rechts, rechts-populisme, de natiestaat en de EU. Aan de vooravond van de Franse presidentsverkiezingen in april en mei 2017 schetst de auteur welke toekomst Marine Le Pen en haar Front National voor Europa zien. Een Frans vertrek uit de EU zal mogelijk leiden tot de ultieme versplintering ervan. Deze schets is ook van belang voor Nederland waar rechtse partijen als VNL, FvD en PVV ageren tegen de EU. En het CDA opportunistisch volgt. Als het einde van de EU werkelijkheid wordt, welke samenwerking met andere Europese landen staat deze partijen dan voor ogen voor natiestaat Nederland? Het Franse voorbeeld maakt dat slechts deels inzichtelijk.

De drie rechts-radicale, EU-kritische Nederlandse partijen zijn in hun partijprogramma extreem onduidelijk over wat voor toekomst ze na uittreden van Nederland uit de EU voor ogen zien. Voor de PVV met een verkiezingsprogramma van een A4-tje wekt dat geen verbazing. Voor FvD waarvan lijsttrekker Thierry Baudet zich afficheert als intellectueel en politiek denker is het wel opvallend. Het verkiezingsprogramma van FvD is uiterst negatief over de EU, maar neemt niet de moeite om een post-EU situatie voor Nederland te schetsen.

VNL is van deze drie partijen nog het meest concreet in haar verkiezingsprogramma: ‘Op termijn streven wij naar een economische Noord-Europese Alliantie met België (Vlaanderen), Luxemburg, Duitsland, Oostenrijk, Denemarken, Zweden, Finland en Ierland. En als ze willen zijn ook Zwitserland, Liechtenstein, Noorwegen, IJsland en het Verenigd Koninkrijk van harte welkom’. Maar ook deze partij geeft niet aan wat voor politieke samenwerking met welke politiek-filosofische onderbouwing het voor Nederland ziet met andere Europese landen in een post-EU toekomst. Deze drie radicaal-rechtse partijen maken zich er door een uitblijvende toelichting van de post-EU toekomst erg makkelijk van af. Ze geven hiermee aan dat ze het laten bij wat ze niet willen, maar de intellectuele kracht of ideeënrijkdom missen om te omschrijven wat ze wel willen.

Marine Le Pen verwijst volgens Zaretsky wel naar een post-EU toekomst voor Frankrijk en andere Europese landen. Zonder overigens concreet te worden en zelfs maar een grote lijn te schetsen. Hierbij gaat zij terug naar de ideeën van de denkers van ‘Nouvelle Droite’ ofwel ‘Nieuw Rechts’ uit de jaren ’60.  Niet de universele waarden van de Verlichting, maar ras en etniciteit zijn het uitgangspunt. Vooral Jovian Alain de Benoist die met anderen de denktank GRECE oprichtte is van blijvende invloed op het gedachtengoed van het Front National. Hoewel Benoist een zeker prestige heeft is hij achter de façade van geleerdheid en respectabiliteit een racistische ideoloog. In dit streven voor Europa naar witte hegemonie en raszuiverheid valt ook de samenwerking van rechtse partijen met de autoritaire Russische Federatie te begrijpen dat hetzelfde nastreeft.

Marine Le Pen en het Front National wijzen de EU af en verheerlijken een vrije unie van Europese landen die zich baseert op de ideeën van GRECE inzake ras, witte hegemonie en een conflict tussen Oost en West. In tegenstelling tot de luie denkers van PVV, VNL en FvD die het laten bij een vage verwijzing naar de natiestaat Nederland meent Le Pen in navolging van de Nieuw Rechtse denkers dat Europa verenigd moet zijn. Om de apocalyps af te wenden en de wilde horden buiten te houden. Maar hoe dat precies moet gebeuren laat ook het Front National onbepaald. De conclusie is dat geen enkele rechts-populistische anti-EU partij concreet aangeeft hoe het een toekomstige samenwerking tussen Europese landen in een post-EU situatie ziet.

Opmerkelijk is dat VNL in haar verkiezingsprogramma Frankrijk buitensluit in het streven naar een Noord-Europese Alliantie. Binnen radicaal-rechts blijken grote verschillen over cultuur, economie en raszuiverheid te bestaan. Dat is opmerkelijk omdat juist Jean-Marie Le Pen zich rekende tot het boreale (=noordelijke) Europa, maar door Noord-Europese broeders niet zo wordt ervaren. In Rusland heeft het Nordische een notie van traditie en volkssoeveriniteit tegenover het Turkse. Dit verschil in visie maakt een constructieve rol van de gezamenlijke rechts-populistische partijen nog minder waarschijnlijk. In hun apocalyptische wereldbeeld weten ze onder veel publicitair misbaar goed te verwoorden wat ze af willen breken, maar op de vraag wie ze samen zijn en hoe ze in een Nieuw Europa de boel weer op gaan bouwen blijven ze het antwoord schuldig.

Foto 1: Sergei Eisenstein, still uit Aleksandr Nevskiy (1938).

Foto 2: Lost Bulgaria1920-1930, Sofia, architectuur, winkels, panorama’s, de handel’.

Sessions verzweeg contact met Russische ambassadeur. Journalistiek doet onthullingen die politiek laat liggen

with 5 comments

Minister van Justitie Jeff Sessions had voor zijn benoeming in 2016 contact met de Russische ambassadeur, maar loog tegen een commissie toen senator Al Franken hem vroeg of hij contact met de Russen had gehad. The Washington Post onthult dit in een bericht. Liegen is een doodzonde. Binnen de Democratische partij klinken stemmen dat Sessions op moet stappen. Wegens zijn racistische verleden ligt hij in die partij toch al slecht. Vooralsnog doen de politieke partijen niet wat ze moeten doen en beleeft de onderzoeksjournalistiek haar finest hour met onthulling na onthulling, zoals John Schindler in een artikel constateert.

Er komen steeds meer feiten boven water over de contacten van medewerkers van Trump met het Kremlin tijdens de campagne. De Republikeinen in het congres blokkeren de aanstelling van een speciale aanklager die diep in deze zaak kan duiken en een budget krijgt om dat te doen. Een smoking gun is nog niet gevonden, maar van de andere kant verdwijnt dit onderwerp evenmin uit de publiciteit. Het blijft zeuren. Niet Trump is de verliezer, maar de Republikeinse partij die zich niet opstelt in het landsbelang en de Democratische partij die onmachtig opereert en zich niet stevig en progressief weet op te stellen. Hopelijk is het eigenbelang van de Republikeinen en de sloomheid van de Democraten van voorbijgaande aard. Totdat de bom barst.

In campagne wordt vraag welke partijen willen hervormen niet beantwoord. In Nederland is systeemkritiek alles of niets

leave a comment »

Wat moeten Nederlanders met een betoog van Cenk Uygur over de koers van de Amerikaanse Democratische partij (DNC)? Daar aan de andere kant van de oceaan. We kunnen er niks mee. We hebben geen invloed op de Amerikaanse politiek. Maar het betoog leert ons wel iets anders. Namelijk dat er een derde weg is tussen establishment politiek en populisme dat het systeem wil vernietigen. Die derde weg is hervormen. Krachtig en fundamenteel hervormen van de politiek. Die derde weg moet overigens niet verward worden met de derde weg uit de negentiger jaren van premier Kok die door president Clinton en premier Blair bewonderd werd.

Uygur hamert erop dat de DNC in de greep van het grote geld is en zich daar niet aan kan onttrekken. Achter de schermen houden de door president Obama aangestuurde bedrijfsdemocraten (‘Corporate Democrats’) de DNC nog steeds in een stevige greep. Zodat de weg afgesneden wordt naar een echte progressieve partij die de stem van de gewone mensen vertolkt. En de belangen van de burgers vooropzet, en niet van banken en bedrijfsleven. In Duitsland is het de nieuwe lijsttrekker van de SPD Martin Schulz die eveneens die verbinding met de burgers probeert te leggen. In navolging van Bernie Sanders die ook het grote voorbeeld voor Uygur is.

Wie Nederlandse politieke partijen langs de meetlat establishment politiek (alles bij het oude laten) – derde weg (hervormen) – populisme (het systeem vernietigen) legt komt tot een opmerkelijke constatering. Namelijk dat dit in de verkiezingscampagne geen onderwerp van debat is. Het wordt bewust of onbewust genegeerd. In politiek en media wordt volstaan met het schetsen van een tegenstelling tussen populisme en niet-populisme.

In hoeverre niet-populistische partijen alles bij het oude willen laten blijft zo goed als ongenoemd. In grote lijnen is het de kiezers wel duidelijk dat VVD, CDA of 50Plus conservatieve partijen zijn die alles bij het oude willen laten, dus het establishment en de gevestigde belangen vertegenwoordigen. Duidelijk is ook dat PVV, SP en rechtse splinterpartijen het systeem willen vernietigen. Of tot de grond willen slopen. Zonder dat ze voor ogen hebben hoe dat in zijn werk gaat en wat er op de puinhopen opgebouwd moet gaan worden.

Hoe dat binnen PvdA, D66 en GroenLinks ligt is onduidelijk. Hoe hervormingsgezind zijn PvdA en D66 en kunnen ze de belangen van de burger boven die van bedrijfsleven, banken, middenveld en vakbond stellen? En van de andere kant, hoe ligt dat binnen GroenLinks dat een worsteling lijkt te hebben tussen hervormen van het bestaande en bouwen van een nieuw systeem? We weten het niet en in de campagne wordt de vraag niet gesteld, zodat het ons niet duidelijk wordt. Wie in Nederland op een hervormingsgezinde partij wil stemmen die de derde weg gaat tussen niets veranderen en alles veranderen weet niet hoe de feiten liggen.

Neo-nazi’s ‘bewaken’ Europese 18de eeuws kunst in Museum Minneapolis. Deze interesse voor kunst is in Nederland onmogelijk

with one comment

rs

Reuring in een Amerikaans museum. Het is weer eens iets anders, een groepje van drie neo-nazis dat naar de derde verdieping van een museum gaat om 18de eeuwse Europese kunst ‘te bewaken’. Gevolgd door linkse activisten. Witte kunst bevestigt in de ogen van de drie ‘Heil Trump’ roepende demonstranten de blanke hegemonie. Een handgemeen ontstond waarbij de bewaking moest optreden om erger te voorkomen. Het Minneapolis Institute of Arts heeft een befaamde collectie schilderijen. Raw Story doet in een bericht verslag.

Hoe anders gaat dat in Nederland. Daar hebben rechts-radicale partijen geen interesse in Nederlandse kunst. Op geen enkele manier speelt Nederlandse cultuur een rol in hun politieke strijd. Niet als verwijzing, niet als symbool dat helpt om zich af te zetten tegen buitenlandse kunst of als bevestiging van het thuisgevoel. Elke interesse voor kunst ontbreekt, zelfs als het louter voortkomt uit politieke interesse. Voor Nederlands radicaal-rechts bestaat Nederlandse kunst niet. Hoe anders was dat vroeger en hoe anders is dat nog steeds in andere landen als België, Duitsland, Frankrijk of de VS waar Europese kunst in elk geval binnen het blikveld van neo-nazi’s valt. Hoe gespeeld hun beweegredenen ook zijn. Kan iemand het zich voorstellen, Nederlandse rechts-radicalen die het Rijksmuseum inlopen om de Europese 17de of 18de eeuwse kunst te gaan ‘bewaken’?

Voor het eerst lijkt het ondermaatse Nederlandse kunstonderwijs vruchten af te werpen. Nederland heeft weer iets om trots op te zijn. Nederland als gidsland van nihilisme en gebrek aan interesse voor eigen cultuur. Waar ‘foute’ mensen nooit op verkeerde ideeën over kunst worden gebracht omdat kunst voor hen totaal niet telt.

naamloos-2

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikel ‘‘Heil Trump!’: Brawl erupts inside the Minneapolis Institute of Art as protesters confront neo-Nazis’ in Raw Story, 27 februari 2017.

Foto 2: Hendrick ter Brugghen, De Gokkers (The Gamblers), 1623. Collectie: Minneapolis Institute of Art (The William Hood Dunwoody Fund). 

Gesprek in Galerie Sanaa met Paul Bogaers. Over bezieling, culturele toe-eigening en de grenzen van de kunstenaar

leave a comment »

pb1

Gisteren was er in Galerie Sanaa in Utrecht een tweegesprek van de Tilburgse kunstenaar Paul Bogaers met de conservator van Museum Boijmans van Beuningen en het Wereldmuseum Alexandra van Dongen. Door de enthousiaste deelname van het publiek van enkele tientallen mensen aan het gesprek werd het een levendige avond. Toen de term ‘appropation‘ of ‘toe-eigening’ klonk kwam het debat in onbekende wateren terecht.

De term ‘culturele toe-eigening‘ -in het Engels ‘cultural appropriation– gaat volgens genoemd lemma van Wikipedia over ‘de overname of het gebruik van elementen van een bepaalde cultuur door een andere cultuur’. Een neutrale term is het niet, want ‘toe-eigening’ of ‘appropriation‘ bevat de noties ontfutselen, wegnemen of inpikken. Daarom valt te bezien of het voor een open debat niet een onbruikbare term is die het gesprek over de overname van culturele of sociale kenmerken door een andere groep (acculturatie) bij voorbaar politiseert, dichttimmert en een bepaalde richting opstuurt. De term ‘toe-eigening’ suggereert dat machtsverhoudingen tussen groepen de natuurlijke overname van elementen van de ene in de andere cultuur onmogelijk maakt.

Bogaers bedient zich van een vormentaal die refereert aan Afrikaanse objecten, zoals maskers en totems. Het komt voort uit wat de kunstenaar zelf een onderzoek noemt. Waarbij voor hem het proces van zoeken en vinden leidend is. De interesse voor de bezieling van objecten deed hem uitkomen bij tribale, Afrikaanse kunst omdat daar de afstand tussen object en bezieling (animisme) klein zou zijn. Dat laatste is wat hij zoekt.

pb2

Zonder dat hij dat met zoveel woorden zegt valt het aanhaken bij de Afrikaanse vormentaal op te vatten als maatschappijkritiek op het Westen. Vanwege die ontbrekende bezieling. Zonder dat Bogaers de Europese vormentaal verlaat, want hij blijft een hedendaagse kunstenaar in de Westerse kunsttraditie. Het is geen gesloten wereldbeeld van een eigen mythologie die hij als bron voor zijn werk geconstrueerd heeft, maar een open proces waarvan het vervolg ongewis is. Het ‘lenen’ bij Afrikaanse -of etnografische kunst in algemene zin- vat Bogaers op als een culturele overname die zijn onderzoek voedt zonder dat hij een bewuste uitspraak doet over Afrikaanse tradities of vormentaal. Al helemaal niet heeft hij de bedoeling zich iets ‘toe te eigenen’.

Die uitleg begreep het publiek van de vlot sprekende Bogaers, maar een deel ervan bleef zitten met twijfels of het wat hij in zijn onderzoek doet kan accepteren. Niet dat het hem kwade bedoelingen of culturele exploitatie verweet, maar eerder gemakzucht of lichtzinnigheid. Uiteindelijk is het een vraag over de vrijheid van de kunstenaar en wat in de beroepspraktijk zwaarder telt. Wat is de ultieme opdracht van een kunstenaar? Die vraag wordt in de openbaarheid niet zo vaak gesteld en getoetst aan de hand van een sprekend voorbeeld. Daarom was het in Galerie Sanaa een interessant debat dat verder ging dan een gesprek over culturele toe-eigening. Moet de kunstenaar zich ondergeschikt maken aan culturele, sociale en politieke beperkingen en gevoeligheden of is het de functie om door hokjes te breken? Zelfs als dat onopzettelijk en terloops gebeurt.

Foto’s: Gesprek van Alexandra van Dongen met Paul Bogaers op 24 februari 2017 in de marge van de tentoonstelling ‘Apparitions’ (te zien tot en met 11 maart) met Paul Bogaers en Myriam Mihindou in Galerie Sanaa, Utrecht.

Judy Dempsey over Nederlandse politici bij Oekraïne-referendum: ‘intellectuele luiheid en onverschilligheid’

with 2 comments

ab

Nog vier weken tot de verkiezingen. De campagne is tot nu toe van een tenenkrommende overbodigheid. Alleen marketing en tactiek. Wie gaat met wie, wie gaat niet met wie, wie is ijdel, wie heeft lange tenen, wie biedt het beste koopkrachtplaatje, wie krijgt het beste rapportcijfer van het CPB op onderdeel A, B, C, D, E, F enz. . Dat gaat het over. Het niveau van dwergen die op elkaar schouders klimmen en dan het idee hebben ineens geen dwergen meer te zijn. Maar dwergen zijn ze en blijven ze. Zonder enig zicht op de toekomst.

Hoofdredacteur Judy Dempsey van Carnegie Strategic Europe doet tegen Arnout Brouwer pittige uitspraken in een interview met De Volkskrant. Over de EU, de relatie van de EU met president Trump, Europese veiligheid, kanselier Merkel, de liberale wereldorde en de behoefte aan sterk leiderschap om dat overeind te houden. Leiderschap dat volgens Dempsey op dit moment te onzichtbaar is en zich niet sterk genoeg maakt om op te komen voor de waarden waar het voor zegt te staan. Wat de vraag oproept of het nog wel ergens in gelooft.

Over de opstelling van Nederlandse politici bij het Oekraïne-referendum is Dempsey hard: ‘De Nederlandse politici hebben er een zootje van gemaakt. Ze namen zelfs niet de moeite om te proberen de bevolking te overtuigen! Het was intellectuele luiheid en onverschilligheid jegens de burgers. ‘Jullie weten niet waar jullie het over hebben.’ Er is een publiek dat geïnformeerd wil worden. En dat erbij betrokken wil worden.’

Nederlandse politici zijn lui en onverschillig. Maar vooral gemakzuchtig, middelmatig en ondermaats. Zonder het te beseffen gevangen in de waan van de dag onder hun kaasstolp rond het Binnenhof die wordt verward met de werkelijkheid. Met als gevolg dat nu een politicus zonder concreet programma aan de kop gaat in de peilingen. En malcontenten zich in het bestel naar voren kunnen dringen zonder iets zinnigs toe te voegen. Dat is het niveau van dwergen. De ene helft vlucht weg in het cijferfetisjisme van details zonder hoofdlijn. En de andere helft schetst een onafgewerkte, vrijblijvende lijn zonder details. Nergens komen hoofdlijn en detail samen in een programma dat urgentie toont. Nergens worden de antwoorden voor de toekomst voorbereid.

Het heeft geen zin om het hoofd in de schoot te leggen. Burgers van Nederland moeten het doen met de politieke partijen die nu voorradig zijn. Hoewel ze veel gemeenschappelijke kenmerken van vervreemding en wereldvreemdheid vertonen, verschillen partijen wel degelijk onderling. Behalve de tweedeling van partijen die of de hoofdlijn of de invulling ervan verwaarlozen. De kiezer wil geïnformeerd worden. De kiezer wil serieus genomen worden. Niet door marketing, maar door elementaire informatie die partijen niet zelf vooraf filteren.

De kiezer wil weten wat partijen willen met Nederland en de EU. Hoe ze dat concreet in maatregelen omzetten. De kiezer wil dat politici geloof hebben in Nederland en die overtuiging in de praktijk tonen. Ondubbelzinnig en welomschreven uitleggen hoe ze het Nederlands belang willen dienen. De dwergen moeten kloten tonen.

Foto: Schermafbeelding van tweet van Arnout Brouwers met reactie, 20 februari 2017.