Wat verklaart het uitblijven van veroordeling van de Taliban door moslims?

Nu de streng soennitische Taliban die de macht in Afghanistan heeft gegrepen haar ware gezicht laat zien en critici vermoordt, vrouwen discrimineert, muziek verbiedt en het culturele erfgoed van Afghanistan verder dreigt te vernietigen, wordt een oude vraag weer actueel. Namelijk waarom zwijgt de wereldwijde islamitische gemeenschap en laat het na om de Taliban te veroordelen?

De logica achter die vraag is dat de fundamentalistische Taliban de islam slechte publiciteit geeft en deze godsdienst door haar specifieke interpretatie ervan laat kennen als intolerant, anti-democratisch en anti-rechtsstatelijk. Wie zwijgt stemt toe. Moslims rekenen zich tot de oemma, de wereldwijde islamitische gemeenschap waar de Taliban deel van uitmaakt. De Taliban en talloze lokale varianten van de islam bevinden zich in dezelfde mand. Het spreekwoord zegt: ‘Eén rotte appel in de mand, maakt al het gave fruit te schand‘.

De oemma zou er dus verstandig aan doen om de Taliban uit haar gemeenschap te stoten omdat het de hele islam aantast. Een godsdienst die door de vermenging met autoritaire regimes toch al steeds meer in een kwaad daglicht is komen te staan. De bewering is dat de islam door deze regimes om politieke redenen is gekaapt en de geestelijke leiders van de islam in genoemde autoritaire landen hiermee hun godsdienst hebben verraden en de gelovigen in de steek hebben gelaten.

Het uitblijven van de veroordeling van de Taliban door een islamitische gemeenschap die zich onderscheidt als democratisch, open voor dialoog, verdraagzaam, pluriform en toekomstgericht is een teken aan de wand. Openbaart zich hier een morele wilszwakte van de wereldwijde islamgemeenschap?

Door de snelheid van de machtsovername door de Taliban is het begrijpelijk dat de officiële islamitische wereldgemeenschap die op vele manieren verdeeld is nog niet officieel heeft kunnen reageren. Maar zoals Willem-Gert Aldershoff terecht in een opinie voor het RD opmerkt klinkt er tot nu toe ook in Europa op sociale media en in nationale islamitische organisaties als het Contactorgaan Moslims en Overheid (CMO) in Nederland nauwelijks kritiek op de Taliban.

Aldershof constateert juist het omgekeerde: ‘Problematisch is dat de weinige uitspraken van moslims over de taliban die je wél op internet vindt juist steun betuigen aan de nieuwe machthebbers in Kabul.’ Hoe valt dat zwijgen over of zelfs goedpraten van de Taliban te verklaren?

Tien jaar geleden had ik een discussie met de islamitische Johanna Nouri over religie en islam. Het werd een 14-delige serie. Ik noemde het achteraf ‘een spannende discussie tussen twee verschillende wereldbeelden‘. In de evaluatie citeerde ik Johanna: ‘Wederkerig respect is voor mij een basisvoorwaarde om tot ‘common ground‘ te komen. Daar hoort bij de wil om naar elkaar te luisteren. Juist dat laatste hebben we gedaan. En je kan zien dat dat soms flink wat moeite kostte, omdat we allebei met een gekleurde bril keken naar wat de ander schreef. Het kostte veel tijd om daar doorheen te komen en dat achter ons te laten. In mijn beleving lukte dat omdat we dat allebei wilden: in gesprek zijn met de ander. Omdat we allebei uit zijn op een open samenleving waarin we met elkaar samen kunnen leven.

Precies die open houding van Johanna mis ik in de huidige reactie van moslims op de Taliban die wereldwijd de beeldvorming van de islam zoveel geweld aandoet, maar waarop geen reactie volgt. Uit verdeeldheid, onmacht, berekening of moedwil, of een combinatie daarvan.

In het tweede deel ‘Johanna en George over religie en islam 2‘ van de serie schreef ik aan Johanna:

Het opmerkelijke is dat ik 10 jaar later nog met dezelfde vragen zit. Ik ben geen steek verder gekomen in mijn begrip van de islam. Door de uitblijvende veroordeling door de wereldwijde, maar vooral Europese gemeenschap van moslims is de vraag weer opnieuw actueel. De hoop op de vorming van een democratische Europese islam die zich verenigt en ondergeschikt maakt aan de nationale rechtsstaat is vooralsnog een belofte gebleven. Hoewel er op individueel vlak beweging in de richting van democratisering is, maar de officiële islam die zich conservatief blijft opstellen erin achterblijft.

Dat kan de angst voor verandering zijn en het teruggrijpen op gekende waarden die niet als ideaal worden beschouwd, maar wel een eigenheid vertegenwoordigen waar moslims zich als in een cultureel bastion in verschansen. En ze zich zo in eigen kring of apartheid afsluiten van de wereld. Ter compensatie van een gevoeld tekort of van een idee dat dit nastrevenswaardig is, sociaal opgelegd wordt en dus onontkoombaar is.

Wanneer veroordelen moslims en islamitische organisaties de uitwassen die formeel en informeel in naam van hun godsdienst worden gedaan? Wanneer breekt -vooral in Europa- het besef door dat ze dat niet moeten doen omdat anderen dat van hen vragen, maar omdat het in hun eigen individueel en religieus belang is?

Nederlandse christenen bidden voor Afghaanse christenen terwijl ze weten dat het geen praktisch nut heeft. Voor wie is het gebed bedoeld?

Directeur Maarten Dees van stichting Open Doors die opkomt voor vervolgde christenen zegt dat ‘we’ praktisch niet zoveel kunnen voor Afghaanse christenen. Tot wie hij zich richt en waarom Dees hier een punt van maakt is onduidelijk. Het lijkt mede een symbolische uitspraak die is bedoeld om zijn eigen stichting te profileren door aan te haken bij de actualiteit. Open Doors helpt christenen wereldwijd met financiële steun.

Volgens officiële cijfers is van de ruim 36 miljoen inwoners 99,7% van de Afghanen islamitisch. Dus 0,3% van de bevolking of 110.000 Afghanen belijden een minderheidsgodsdienst waarvan het christendom er een van de vele is of belijdt geen godsdienst.

Het lijken getalsmatig en praktisch eerder de 10% tot 15% sjiitische moslims die te vrezen hebben van de streng soennitische Taliban, de soennitisch terroristische beweging Al Qaida die is verstrengeld met de Taliban en vooral de Afghaanse afdeling van het anti-sjiitische IS die sjiieten actief met geweld bestrijdt.

Directeur Dees zegt praktisch niet zo veel te kunnen voor de Afghaanse christenen. Dat is een understatement. Want Dees en zijn medechristenen kunnen helemaal niets doen voor de Afghaanse christenen. Dees en zijn achterban zijn machteloos. Hij geeft aan wel voor de Afghaanse christenen te kunnen bidden omdat het dat is ‘wat de bijbel ons vraagt te doen’.

Voor wie bidden zin heeft is de kernvraag. Het is opmerkelijk dat christenen die voor het gebed samenkomen suggereren dat bidden helpt, terwijl Dees zegt dat het praktisch niet helpt. Het zal dus hooguit denkbeeldig helpen. Dat is het domein van de hersenschim en de illusie.

Dit gebed lijkt vooral te gaan om gemoedsrust van Nederlandse christenen die hun eigen machteloosheid met een idee van daadkracht en bedrijvigheid willen verjagen door zich met elkaar te verbinden.

Duizenden godsdiensten zijn gescheiden werelden die over de wereld zijn verkaveld en niet of slechts beperkt op elkaar aansluiten. Voorbeden en dankzeggingen van de ene godsdienst komen niet aan in een andere godsdienst en zijn op de eigen God en geloofsgemeenschap gericht. Dus ook theoretisch is de werking van het gebed beperkt. Het is bovenal een poging om het individuele geloof en de geloofsgemeenschap te versterken. Het gebed is uitsluitend bedoeld voor binnenlands gebruik. Deels bedoeld vanuit zingeving en troost, deels vanuit fondsenwerving en publiciteit.

De logica van dit gebed is dat de protestante God van Nederland wordt gevraagd zich de nood van de wereld aan te trekken. Of dat aansluit op de frequentie van de soennitisch-islamitische God van Afghanistan is dubieus.

Islamitische vrouwen uit Yorkshire verzetten zich in open brief tegen eigen leiders met vrouwenhaat en maffia-mentaliteit. Labour tegen links-radicaal

Schermafbeelding van deel artikel ‘Muslim women in Batley and Spen call out actions of ‘loud minority’ of men’ van Maya Wolfe-Robinson in The Guardian, 30 juni 2021.

I. Ook radicaal-links is selectief in verontwaardiging. Het schreeuwt moord en brand over de Palestijnen, maar zwijgt over de Oeigoeren. Terwijl dat wat China de Oeigoeren aandoet in het niet valt bij wat Israël de Palestijnen aandoet. Hoewel dat onrecht wel degelijk bestaat. Oeigoeren worden in concentratiekampen gestopt en vrouwen worden tegen hun zin gesteriliseerd. China bedrijft op industriële schaal een bewuste politiek van culturele genocide op de Oeigoerse bevolking.

Niemand hoort radicaal-links daarover. Daarin staat het overigens niet alleen, bijna iedereen zwijgt over deze culturele genocide op deze bevolking van Turkssprekende islamitische Oeigoeren. China zou te groot en machtig zijn om aan te pakken. Dat is echter geen steekhoudende verklaring omdat toen China nog niet die machtige positie had die het nu heeft ook al bekend was dat minderheden zoals aanhangers van Falun Gong in arbeids- en martelkampen werden gestopt. In mei 2013 ging een documentaire van Du Bin in première over het vrouwenkamp Masanjia. Maar ook toen kwam er geen reactie van andere landen.

II. Het wordt er nog vreemder op volgens een bericht in The Guardian. Islamitische vrouwen uit de kieskring Batley and Spen in West-Yorkshire hebben een open brief geschreven waarin ze het “beschamend” gedrag veroordelen dat hun gemeenschap “om de verkeerde redenen in de schijnwerpers heeft gezet”. Het gaat volgens de anonieme vrouwen om “dezelfde gezichten die ons gebied hebben geteisterd als ‘gemeenschapsleiders’ gedurende vele jaren’. De brief circuleert in lokale WhatsApp-groepen. Aanleiding is een tussentijdse verkiezing op 1 juli 2021.

We kunnen niet beweren dat we opkomen voor de zaak van Palestina terwijl we de [moslimpraktijk] van vrede en tolerantie negeren‘, aldus de brief. De vrouwen bekritiseren degenen die anderen ‘kleineren of profiteren van deze kwestie om het eigen ego te stimuleren‘.

The Guardian vervolgt onder verwijzing naar de verkiezing in Batley and Spen: ‘Palestina is een centraal punt geworden in de campagne, die volgt op een toename van geweld in de regio. George Galloway, de pro-Palestijnse campagnevoerder en voormalig Labour-parlementslid die deelneemt aan de verkiezingen, heeft zich gefocust op de woede en desillusie die tegen Labour wordt gevoeld over deze kwestie.’ De links-radicale beroepsactivist George Gallaway die in 2003 uit Labour werd gegooid is vaste gast van het Russische propagandakanaal RT en heeft zich tot spreekbuis en marionet van het Kremlin gemaakt door zich te verzetten tegen Navo, EU en de eenheid van het westen. Hij is kandidaat voor zijn eigen vehikel, de Workers Party

Het is moedig en getuigend van politiek inzicht van de islamitische vrouwen dat ze niet meegaan in de retoriek van links-radicalen als George Galloway die vooral onrust willen stoken binnen links om Labour te benadelen. Nast het feit dat ze daarmee rechts in de kaart spelen. Galloway’s rancune tegen deze partij die volgt uit zijn eigen persoonlijke geschiedenis en zijn plaats op de loonlijst van RT brengen hem ertoe om de Britse democratie te helpen ondermijnen. De campagne van Labour wordt op allerlei manieren tegengewerkt tot en met fysieke bedreigingen aan het adres van Labour-medewerkers aan toe.

De vrouwen komen voor hun rechten op. Ze verzetten zich tegen links-radicalen die bedreigingen tegen politiek opponenten niet schuwen en tegen islamitische gemeenschapsleiders die de stereotypering bevestigen dat ‘moslimmannen onderdrukkend zijn’. Ze zeggen het zelf. Door een combinatie van links-radicalisme en cultureel conservatisme voelen de vrouwen zich gevangen in een sfeer van vrouwenhaat en een maffia-mentaliteit die weinig goeds brengt. Vandaar hun open brief.

III. Het is een wetmatigheid dat in gesloten gemeenschappen de kans groot is dat de verkeerde tegenwoordigers zich opwerpen als leider. Want er bestaat nagenoeg geen intern debat. Het gevolg is dat ze foute inschattingen maken en niet in staat zijn om weerstand te bieden aan radicalen. Ze falen omdat ze de groep die ze zeggen te representeren slecht vertegenwoordigen. Het gedrag van de moslimmannen die door de vrouwen bekritiseerd worden kan samengevat worden als ‘geborneerd’.

De tragiek is dat het in westerse samenlevingen praktisch onmogelijk is en een maatschappelijk taboe om moslimleiders te bekritiseren omdat ze dan reageren met de beschuldiging van racisme. Naast ongenuanceerde gescheld door rechts-extremisten dat geen inhoudelijke kern bevat en daarom nergens landt. Een open brief uit eigen kring is dan het enige alternatief. Niet toevallig vanuit het perspectief van vrouwen in een gemeenschap waar vrouwen meer dan gemiddeld door mannen onderdrukt worden. Dat de open brief zo breed de publiciteit haalt geeft aan hoe groot de behoefte is om dit debat over het ontbreken van emancipatie in moslimkring open te breken. Het kan echter alleen indirect gevoerd worden omdat druk van buiten averechts werkt. Daarom gaat de emancipatie binnen de islam zo tergend langzaam.

In statische islam, woke-beweging en nieuw rechts zijn cultuur en geloof verbonden. Het is lastig om dat open te breken

Schermafbeelding van deel artikelDe islam is hard aan verlichting toe‘ van Yesim Candan in het FD, 23 juni 2021.

In het FD houdt Yesim Candan een pleidooi voor wat hij een seculiere islam noemt. Zijn oproep eindigt met een pleidooi voor de benoeming in Amsterdam van een vrouwelijke imam. Candan gaat voor verandering door kleine stappen. Dat is een lange mars door de instituties die veel tijd vraagt.

Vermoedelijk zal hij bij orthodoxe moslims noch bij principiële islamcritici veel steun vinden. Maar zijn inzet is duidelijk: de islam is hard aan verlichting toe. Het is alleen de vraag of de Nederlandse moslims daar op dit moment al aan toe zijn. Want van hen moet de verandering komen. Die kan niet van buitenaf opgelegd worden.

Candan vertelt dat hij de werking van de immobiele islam aan den lijve ervoer toen hij zich voor een zaal islamitische studenten presenteerde als liberale moslim. Hoon, verontwaardiging en woede waren zijn deel. Hij realiseerde zich ‘beduusd’ dat religie door deze mensen als een ‘statisch’ iets wordt gezien.

Statisch betekent onveranderlijk, stilstaand en immobiel. Dat is dus een islam waarvan de gelovigen niet willen dat die verandert. Dat is een islam die niet kan en wil emanciperen. Dus deze islamitische studenten willen niet dat de islam verandert. Ze willen wel de moderniteit naar de islam brengen en profiteren van 21ste eeuwse verworvenheden, maar niet de islam naar de moderniteit brengen. De islam moet in hun visie niet veranderen en hetzelfde blijven in een snel veranderende wereld.

De vermenging van geloof en cultuur is niet uniek voor de islam. Het komt in alle geledingen voor. Naast andere statisch-orthodoxe stromingen in christendom, jodendom, hindoeïsme en andere godsdiensten. Hetzelfde geldt op dit moment voor de woke-beweging van links-radicale studenten en activisten die immobiel in hun standpunten zijn en intolerant voor nuanceringen en tegengeluiden. Opponenten worden als vijanden gezien en moeten bestreden worden. Ook rechts-radicale politieke bewegingen die ook wel nieuw rechts genoemd worden zijn sinds de opkomst van voormalig president Trump in 2016, die voor rugwind zorgde, die weg opgegaan.

De paradox is dat de statische islam zich vanuit het geloof met de cultuur verbonden heeft en in de linkse woke-beweging en de nieuw rechtse bewegingen de cultuur zich met geloof verbonden heeft. De overeenkomst is dat geloof en cultuur in elkaar overgaan en hecht verbonden zijn geraakt en er tussen de twee geen ademruimte meer bestaat. Het is een gesloten wereld met een gesloten wereldbeeld.

Dat laat zich goed onderscheiden in de VS waar het Trumpisme en de QAnon-complottheorie de Republikeinse partij gijzelen die is gaan functioneren als een sekte. De redelijkheid en het overleg met opponenten zijn buiten de orde gesteld. Een sekte is een verschijningsvorm van religie waar de uitsluiting van de ander verregaand is doorgevoerd en leden elkaar in ‘eigen kring’ vasthouden en zelfs gijzelen.

In een commentaar van april 2018 verwees ik naar godsdienstwetenschapper Reza Aslan die Donald Trump een sekteleider en het Trumpisme een sekte noemt. Met vooruitziende blik waarschuwde Aslan in november 2017 in een artikel voor de opstand van 6 januari 2021: ‘Als het presidentschap van Trump verder verslechtert, verwacht dan dat de religieuze vurigheid van veel van zijn volgelingen koortshoogte bereikt. Dat vormt een risico voor het land. Want het enige dat gevaarlijker is dan een sekteleider, is een sekteleider die een martelaar is’. 

Het is bijna onmogelijk om van buitenaf de sekte-achtige cultuur van de orthodoxe islam, de geradicaliseerde woke-beweging en geradicaliseerd nieuw rechts af te breken. De geslotenheid en de verkettering van buitenstaanders verhinderen dat. Daarom is het pleidooi van Yesim Candan zo gek nog niet. De emancipatie van de statische islam, de statische woke-beweging en statisch nieuw rechts kan alleen door kleine stappen bereikt worden. Verandering van deze immobiele bewegingen waar geloof en cultuur hecht verbonden zijn is een lang en moeizaam proces.

De God van Maleisië verdomt kunst

Schilders werken in lagen. Twee, drie, zeven of heel veel. Dat geldt ook voor een muurschildering in Sasaran, Maleisië. Maar wat te doen als kunst bewust of onbewust verkeerd begrepen wordt door scherpslijpers die niks hebben met veelgelaagdheid? Of dat om politieke en/of religieuze redenen is. Hoe reageren kunstenaars daar dan weer op?

Stel dat het gaat om het maken in de openbare ruimte van een muurschildering met daarop personen. Geïnspireerd op Matisse. De etnisch Chinese schilder brengt de huidkleur aan op de ondergrond. Niet om naakt te tonen, maar om de schildering op te bouwen. Het is een gebruikelijke manier van werken.

Maar de islamitische scherpslijpers begrijpen dat niet, willen dat niet begrijpen of zijn gewoonweg bezig om die vermaledijde kunstenaar in een kwaad daglicht te stellen door vanuit hun digitale wereld een rassenrelletje te beginnen. Hun daglicht uiteraard dat niet verlicht wordt door de God van de kunst, maar de God van islamitisch Maleisië.

Zo wordt een controverse geboren. Die bij nader inzien helemaal geen meningsverschil is, maar een verkeerde weergave van de feiten.

De video onderzoekt om niet te zeggen legt bloot wat er gebeurd is. In een combinatie van een ironie en verontwaardiging. Het is absurd als het niet zo triest was. Van niks kunnen kwaadwillenden iets maken. Zonder reden. Lange tenen zijn onzichtbaar, maar er mag niet op getrapt worden. Maar waar lopen ze? Het kan overal gebeuren waar mensen zich snel beledigd voelen.

Kunnen we uit deze ongelukkige episode concluderen dat kunst ertoe doet? Dat valt te bezien, want welbeschouwd gaat het niet over kunst. Eerder om de vrijheid en de mentaliteit die tot kunst leidt. Daar zit het verschil tussen makers en kapotmakers.

Voorstel voor nieuwe feestdagen, afschaffing van oude feestdagen en aanpassing van bestaande feestdagen

Er is elk jaar weer debat over de herdenking op 4 mei en de viering op 5 mei omdat de contouren ervan onduidelijk zijn en niet door iedereen aanvaard worden. Wel of niet met Duitsers? Wel of niet uitsluitend over de Tweede Wereldoorlog? Wel of niet over na-oorlogse conflicten? Wel of niet over het abstracte begrip vrijheid? Dat is een vervelende discussie die voor geprikkeldheid, onzekerheid en meningsverschillen zorgt. Het tast het cachet aan van deze dagen.

Nodig is een structurele, integrale oplossing die voor langere tijd werkbaar is. Zeg 25 jaar. Ik zou het volgende voor willen stellen. Het gaat om de herschikking en aanpassing van nationale feestdagen die aansluit bij de secularisering van Nederland. De valkuil is dat de viering te nationalistisch wordt. Daar moet in de voorwaarden rekening mee gehouden worden.

Uitgangspunt is het afschaffen van ongeveer de helft van de christelijke feestdagen, zoals Goede Vrijdag, Hemelvaartsdag, 2e Kerst-, Paas- en Pinksterdag. Dat zijn vijf feestdagen die vrijkomen. Vanwege sentimentele en traditionele overwegingen is een geleidelijke overgang verstandig door de christelijke feestdagen niet volledig af te schaffen, maar alleen de ‘2e-dagen’ die in tal van andere christelijke landen nu ook al niet worden gevierd. Nederland is tamelijk uniek door er een 2e dag aan vast te plakken.

Laten we dus beginnen om 2e Kerstdag, 2e Paasdag en 2e Pinksterdag, Goede Vrijdag en Hemelvaartsdag als feestdag af te schaffen. De christelijke signatuur ervan is een relict en past niet meer bij een land waar een meerderheid van 56% zegt (schatting 2021) niet meer belijdend godsdienstig te zijn en zich niet tot een religieuze groep te rekenen. Christenen maken ongeveer 1/3 van de Nederlandse bevolking uit. Ook is het in strijd met de scheiding van kerk en staat. Voorlopig kunnen dan om historische redenen de zondagen die voorafgaan aan de 2e Kerst-, Paas- en Pinksterdag gehandhaafd blijven.

Het is om getalsmatige redenen onverstandig om een deel ervan te vervangen door feestdagen van andere godsdiensten. De islam is na het christendom in Nederland de grootste godsdienst en heeft officieel een aanhang van 5% van de bevolking. Dat is een percentage dat niet meer groeit en vermoedelijk te hoog ingeschat is vanwege meegetelde ‘culturele’ moslims die niet belijdend zijn, maar door sociale dwang en andersoortige redenen niet officieel uit de islam treden. Het zijn geen spijkerharde cijfers. De berekening gaat voorbij aan de secularisatie onder Nederlandse moslims en is gebaseerd op statistieken die de demografie van het land van herkomst naadloos vertalen naar het land van aankomst, terwijl de immigranten daarvan afwijken en vaak minder religieus zijn. Het aantal belijdende Nederlandse moslims is lager en komt vermoedelijk uit op zo’n 3% (525.000).

Het zou merkwaardig zijn indien de groep Nederlanders die zich niet laat inspireren door godsdienst en minimaal 18 maal zo groot is als de aanhangers van de tweede godsdienst van Nederland geen feestdag zou krijgen en de islam wel. Daarbij kan aangetekend worden dat beide groepen in zichzelf sterk verdeeld zijn en geen eenheid vormen.

Aldus komen we tot een aanpassing van herdenkingsdagen die uitgaan van het verleden, de Tweede Wereldoorlog, de na-oorlogse periode en het heden. De opzet is een duidelijk profiel voor deze dagen die voor iedereen herkenbaar is en geen vaagheden over de strekking ervan.

De invulling van vier van de vijf vrijgekomen christelijke feestdagen en de aanpassing van enkele bestaande ziet er dan als volgt uit. De vijfde vrijgekomen christelijke feestdag kan na een maatschappelijk debat ingevuld worden. Te denken valt aan een dag die te maken heeft met klimaat en natuur. De feestdagen Nieuwjaarsdag (1 januari) en Koningsdag (27 april) blijven ongewijzigd.

Verleden: 18 juni met als uitgangspunt Waterloodag waar ook andere historische gebeurtenissen die van belang zijn voor de vaderlandse geschiedenis herdacht of herinnerd kunnen worden. Een werktitel voor deze dag is Geschiedenisdag. Nieuw 1

Tweede Wereldoorlog in Europa: 4 mei wordt exclusief besteed aan de herdenking van de Tweede Wereldoorlog in Europa. De recente aanhechtingen van na de oorlog en nieuwe oorlogen (Korea, Nieuw-Guinea) en vredesoperaties worden gestript. Dat staat integratie met Duitsers niet in de weg. Juist hun aanwezigheid verstrekt de focus op de Tweede Wereldoorlog. Aanpassing

Tweede Wereldoorlog in Europa: 5 mei wordt exclusief besteed aan de bevrijding in 1945. Allerlei recente toevoegingen met na-oorlogse gebeurtenissen en abstracties over het begrip ‘vrijheid’ die vaag en onhelder van uitgangspunt zijn worden gestript. Aanpassing

Tweede Wereldoorlog in Azië: Op 15 augustus wordt sinds 1988 het einde van de Japanse bezetting van Nederlands-Indië herdacht. Het wordt ook wel de Nationale Indiëherdenking genoemd. Net als bij de herdenking van de Tweede Wereldoorlog in Europa zouden de recente toevoegingen over de na-oorlogse periode (Bersiap-periode) die politiek gevoelig liggen en waarover geen consensus bestaat onder slachtoffers en nabestaanden moeten worden gestript. Aanpassing

Alle na-oorlogse gebeurtenissen die zijn gestript van 4 en 5 mei en 15 augustus en die doorlopen tot op de dag van vandaag kunnen herdacht worden op Onafhankelijkheidsdag 26 juli. Op 26 juli 1581 werd in Den Haag Het Plakkaat van Verlatinghe ondertekend waarmee afstand werd genomen van de Spaanse vorst Filips en de Nederlanden werden geboren. In tegenstelling tot ‘Geschiedenisdag’ 18 juni die naar het verleden kijkt zou bij Onafhankelijkheidsdag het accent gelegd moeten worden op recent verleden (na 1945), heden en toekomst van Nederland. Nieuw 2

Heden: Om de herdenkingen niet uitsluitend nationalistisch te laten zijn omdat dit niet overeenkomt met de huidige situatie omdat Nederland steeds minder autonoom is en steeds meer onderdeel van grotere gehelen worden op de volgende twee dagen de integratie gevierd:

Op de bres voor ex-moslims. Islamofobie kan tot hervorming van islam leiden en emancipatie en bevrijding van moslims

Schermafbeelding van deel artikelHelpen sommige vormen van islamofobie ons juist vooruit?’ op Bladna.nl, 19 maart 2021.

Een harde conclusie in een artikel over islamfobie in Nederland in Bladna.nl, een nieuwswebsite voor Marokkanen in Nederland en België die nauw verbonden is aan de Marokkaanse nieuwsorganisatie Bladi.net die internationaal georiënteerd is. Aanleiding is de situatie van de Turks-Nederlandse ex-moslim Lale Gül die bedreigingen kreeg uit islamitische hoek vanwege uitspraken in haar boek.

Moslims zitten in Nederland gevangen tussen een rechts dat liever de islam en moslims basht en ex-moslims ook niet helpt, en een links dat deze ex-moslims ook niet helpt omdat zij wil opkomen voor de islam en voor moslims en daardoor de problematiek van ex-moslims moet negeren. Misschien kan het luisteren naar stemmen als die van Lale Gül ons er juist aan herinneren dat er nog een hele wereld te winnen is.

Wellicht is het makkelijk voor een Marokkaans-Nederlandse site om vrijuit over een Turks-Nederlandse kwestie te spreken. De term islamofobie wordt genuanceerder en positiever opgevat dan doorgaans in de publieke opinie gebeurt. Bladna citeert Lale Gül: “Ik beschouw mezelf als islamofoob, in die zin dat ik angstig ben voor de uitdijende invloed van de islam hier“. Het voegt daar aan toe: ‘Dit is een gevolg van allerlei zaken om haar heen, zoals de onderdrukking in islamitische landen en de mislukte pogingen om de islam te moderniseren.’

Het is de oude klacht dat links wegkijkt voor de problemen van ex-moslims. Links neemt het op voor de vaak conservatieve islam en laat de doorgaans linkse en vrijzinnige ex-moslims in de steek. Beredeneerd vanuit links valt dat niet te begrijpen. In Nederland ageren alleen enkele niches binnen links hiertegen. Ze nemen het als enigen structureel op voor ex-moslims of ‘culturele moslims’ die mentaal allang hun religie de rug hebben toegekeerd, maar daar uit angst voor de islamitische gemeenschap niet publiekelijk voor uit durven komen. Deze niches bestaan onder meer uit ex-PvdA’er Eddy Terstall en het ‘seculiere’ Vrij Links dat de oude universele waarden waarop de sociaal-democratie was gebaseerd in ere wil herstellen en feministes die voornamelijk voor de vrijheid van vrouwelijke ex-moslims opkomen die het dubbel zo moeilijk hebben.

Ehsan Jami met T-shirt, 200

Een gevolg van dat stigmatiseren door rechts en wegkijken van links is dat er geen inhoudelijk debat is over de islam, de ex-moslims en de vrije keuze om uit de islam te treden. Een gevolg daar weer van is dat er in Nederland geen goed beeld bestaat van de islamitische gemeenschap en het aantal moslims. Ook de media doen niet hun best om dit beeld te nuanceren. Met als gevolg dat het radicaal-rechts in de kaart speelt en de ex-moslims en progressieve moslims in de steek laat. Volgens het CBS verklaarde in 2019 zo’n 5% van de bevolking islamitisch te zijn. Dat zijn omgerekend 875.000 mensen (boven de 15 jaar).

Dit getal ligt waarschijnlijk veel lager. Schattingen van het aantal belijdende moslims komen lager uit, op zo’n 350.000 mensen. Dat zou inhouden dat in Nederland niet 5%, maar 2% van de bevolking islamitisch is. De ‘vernederlandsing’ of afvalligheid of secularisatie bij de tweede generatie van mensen uit een islamitische cultuur wordt geschat op 15%, maar is waarschijnlijk hoger. Maar in de beeldvorming dringt het niet door.

Een bizarre kongsi van radicaal-rechtse partijen (ooit de LPF, PVV, FvD), linkse partijen die vanuit slachtofferdenken jarenlang aanschurkten tegen de goed georganiseerde conservatieve islam (vooral PvdA), christelijke partijen die een parodie maken van het secularisme en de gevolgen van de ontkerkelijking proberen te neutraliseren, de werkgevers die rust en overzicht wilden en makkelijk te bereiken aanspreekpunten die onder druk konden worden gezet en de islamitische organisaties die zich hebben weten te institutionaliseren en verzuilen met bewuste medewerking van de gevestigde politiek is er de reden voor dat in Nederland het besef onvoldoende doorgebroken is dat dat niet alle moslims in Nederland hetzelfde zijn en zelfs niet eens altijd de islam aanhangen. De wereldvreemdheid over de islam is in Nederland groot.

Die lagere schatting zou vrijzinnige moslims én ex-moslims adem geven en ze niet op een hoop vegen met de orthodoxe en radicale moslims die gaan voor herzuiling en apartheid, en alles bij het oude willen laten. De conservatieve en activistische moslims onderdrukken de vrijzinnigen in eigen kring. Dat is iets van alle religies, maar het verschil is dat zowel links als rechts Nederland de ex-moslims en de progressieve moslims buiten incidenten als Ehsan Jami of Lale Gül niet ziet staan en akelig in de steek laat. Nu al decennia lang.

Waarom is er geen campagne om de SGP wegens anti-rechtsstatelijke beginselen te verbieden?

Je zou over het afwijzen van afgoderij en valse godsdienst door de SGP zomaar een stukje voor het satirische De Speld kunnen maken. Uit een item in Nieuwsuur met SGP-leider Kees van der Staaij bleek dat de SGP achter de eigen beginselen staat. Zo’n artikel zou dan als kop kunnen hebben: ’Nederland in de war omdat SGP zichzelf is’.

Artikel 1 van het beginselprogramma zegt: ‘De Staatkundig Gereformeerde Partij (SGP) streeft naar een regering van ons volk geheel op de grondslag van de in de Heilige Schrift geopenbaarde ordening Gods en staat mitsdien voor de handhaving van het onverkorte artikel 36 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis. Artikel 36 van de Geloofsbelijdenis zegt onder meer: ‘om te weren en uit te roeien alle afgoderij en valsen godsdienst, om het rijk des antichrists te gronde te werpen, en het Koninkrijk van Jezus Christus te doen vorderen, het woord des Evangelies overal te doen prediken, opdat God van een iegelijk geëerd en gediend worde, gelijk Hij in Zijn Woord gebiedt.’

Dat dat iemand verbaast is het meest verbazingwekkende. Natuurlijk staat de SGP net als elke andere politieke partij achter de eigen beginselen. Het raadselachtige is niet dat deze partij deze beginselen heeft, maar dat het deze partij al jarenlang wordt toegestaan om ze te hebben. Waarom is de SGP niet verboden? Dat had allang geleden moeten gebeuren.

De SGP is een bedenkelijke partij waarvan het een wonder is dat die partij niet verboden is. Weliswaar is in 2008 het begrip ‘theocratie’ uit publicitaire overwegingen uit het beginselprogramma geschrapt, maar dat wil niet zeggen dat de partij nu de neutrale staat omarmt. Nee, dat doet het niet. In 2008 zei toenmalig partijleider Van der Vlies: ‘Ik heb moeite om een neutrale staat te aanvaarden. De overheid is Gods dienaresse. Dat uitgangspunt wil ik niet loslaten.’ Dat is niet veranderd.

Je kunt partijleider Van der Staaij een huichelaar met de gladheid van een paling noemen die veinst, zeg: een gereformeerde versie van het islamitische begrip taqiyya, maar pas wie het weet ziet het. De SGP is een foute partij die streeft naar een bestel waarin de staat zich onderwerpt aan het Woord van God. Dat is fundamenteel verkeerder dan de handige gluiperigheid van de actuele partijleider.

Anderen zien in de handige gluiperigheid van Kees van der Staaij trouwens ook een daarmee samenhangende schijnheiligheid van christelijke politiek en zelfs van het christendom in het algemeen. Maar dat wordt om politieke en maatschappelijke redenen afgeschermd terwijl de afscherming ook wordt afgeschermd. Met als gevolg dat elke fundamentele kritiek op het christendom bij voorbaat is ontkracht. Zo geeft het Kieskompas wel de stelling of de islam een bedreiging voor de Nederlandse waarden is, maar laat het na om ter discussie te stellen of het christendom een bedreiging voor de Nederlandse waarden is. Dat is in lijn met wat de SGP doet. Het valt aan zonder zich te hoeven verdedigen.

Zo komt de SGP nu al jaren weg weg met haar anti-rechtsstatelijke beginselen en is er geen serieuze oppositie om deze partij te verbieden. Men kan daar alleen maar verbaasd over zijn omdat als er een partij is die het verdient om verboden te worden dat wel de SGP is. De SGP benut de vrijheid van godsdienst om voor zichzelf en de eigen achterban op te komen door in het beginselprogramma anderen die vrijheid te ontzeggen. Nederland is even niet meer zichzelf omdat de SGP zichzelf is.

Foto: Schermafbeelding van artikel 36 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis.

Waarom stelt Kieskompas niet de vraag ‘Het christendom vormt een bedreiging voor de Nederlandse waarden’?

Bij het invullen van Kieskompas kom ik altijd uit op partijen waar ik niks mee heb. Deze keer Christen Unie. Mijn gematigd linkse en gematigd progressieve voorkeur bevindt zich tussen Christen Unie en D66. Wat voor vragen laat Kieskompas na om te stellen om me uit te laten komen bij een christelijke partij waar ik uit principe nooit op zal stemmen?

Er zijn twee vragen die direct met de christelijke overtuiging van deze partij en de andere christelijke partijen (CDA, SGP) te maken hebben.

Op vraag 5: ‘Abortus moet makkelijker worden gemaakt’ antwoord ik neutraal omdat ik vind dat de toetsing nu goed is. Maar of ik hiermee voor of tegen abortus ben valt niet uit het antwoord op deze vraag af te leiden. Maar die suggestie lijkt het antwoord wel te geven. Ik ben overigens niet zozeer voor abortus, zoals ik evenmin voor de dood ben, maar ik vind wel dat de vrouw zelfbeschikkingsrecht heeft om hierover te beslissen en religieuze organisaties én politieke partijen zich op geen enkele wijze met morele druk en publiciteit moeten bemoeien met de afweging die een vrouw die abortus wil plegen maakt.

Op vraag 7: ‘De islam vormt een bedreiging voor de Nederlandse waarden’ antwoord ik ‘mee eens’ omdat ik vind dat elke georganiseerde godsdienst uiteindelijk in strijd is met de Nederlandse waarden van vrijheid, zelfbeschikking en tolerantie. Ik ben te antiklerikaal om me te verbinden met gesloten systemen zoals godsdiensten, het communisme of de QAnon-beweging en het complotdenken. Zo’n optiek is geen streven naar vrijheid, maar het zich willens en wetens opsluiten in afsluiting. Dat is me te gemakzuchtige onderworpenheid. Tegelijk vind ik dat de islam recht op een gelijkwaardige plek heeft omdat de Nederlandse grondwet dat toestaat. In mijn antwoord kan ik echter niet het contrast tot uiting brengen dat ik de islam als een bedreiging zie voor de Nederlandse waarden, maar de grondwet die bedreiging incorporeert en sanctioneert.

Het is te begrijpen dat het Kieskompas reflecteert op de programma’s van de politieke partijen omdat die de actualiteit weerspiegelen. Daarom is het begrijpelijk dat niet de vraag gesteld wordt ‘Het christendom vormt een bedreiging voor de Nederlandse waarden’ omdat dat in het huidige politieke discours geen onderwerp is. Was de vraag gesteld, dan had ik ‘helemaal mee eens’ geantwoord omdat ik het christendom als een grote bedreiging voor de Nederlandse waarden beschouw. Meer dan de tamelijk onmachtige islam. Maar het gevolg is wel dat er niet naar het christendom gevraagd wordt en ik daar geen negatief oordeel over kan geven. Tja, met zo’n geaborteerde en selectieve vraagstelling kom je uit bij een partij waar je niks mee hebt. Wat is de waarde van dit Kieskompas?

Foto’s: Schermfbeelding van vraag 7 en vraag 5 van het Kieskompas TK2021.

Bezwaren tegen islamistische GroenLinks kandidaat Kauthar Bouchallikht worden bevestigd door open brief van linkse Britten op het aan de Moslimbroederschap verbonden Al Jazeera

Kritiek op Kauthar Bouchallikht die een hoge plaats op de kandidatenlijst van GroenLinks heeft gaat niet liggen. Zij was jarenlang vice-voorzitter van Femyso, een organisatie die begin 2020 door de Organisatie Europese Moslimbroeders in een document een eigen instelling werd genoemd, volgens publicist Carel Brendel in een artikel. Bouchallikht was dus niet alleen jarenlang gelieerd aan de Moslimbroederschap, maar blijkt dat ook verzwegen te hebben aan GroenLinks. Haar band met de Moslimbroederschap werd in elk geval niet genoemd bij haar kandidaatstelling.

Ook de kritiek op de kritiek gaat niet liggen. Zodat de verwijten over en weer blijven gaan. De essentie van de kritiek op de kritiek wordt in een artikel door Vrij Linkser Leo van Bergen omschreven: ‘Blijkbaar moeten mensen zoals ik – linksstemmend, cultuurminnend, etc. – onze mond houden zolang iemand die volgens de linkse goegemeente ‘deugt’, wordt aangevallen door ‘mensen die niet deugen’. Ik ben het met Van Bergen eens.

Hoe ver de argumentatie gaat die neerkomt op de redenering ‘de vijand van mijn vriend is mijn vriend’ toont een artikel van klimaatactivist Martijn Schackmann in Joop dat erop neerkomt dat links Bouchallikht volop moet steunen en de kritiek op haar dient in te slikken. Met dit soort kritiekloos wegkijken voor het onrecht in eigen kring is het geen wonder dat de linkse partijen in de volksgunst steeds verder wegzakken. Eddy Terstall constateert in zijn Telegraaf-column dat links in de peilingen nog maar 22% van de stemmen haalt, terwijl dat doorgaans 35-45% was. Waar het om gaat is dat links en het progressief-rechtse D66 niet meer lijken te weten waarvoor ze in het leven zijn geroepen, waar ze voor op moeten komen en wat hun identiteit is.

Hoe verwarrend de kritiek op het heimelijke islamisme van Kauthar Bouchallikht en het weerwoord daarop inmiddels is geworden toont een open brief op Al Jazeera van linkse Britse opiniemakers aan. Ze nemen het op voor Bouchallikht maar gaan voorbij aan haar betrokkenheid bij de Moslimbroederschap. Al Jazeera is een initiatief van Qatar dat een jarenlange geschiedenis van steun voor de Moslimbroederschap heeft, niet in het minst via Al Jazeera. Vanuit deze kennis beredeneerd bevestigt de open brief eerder Bouchallikhts betrokkenheid bij het islamisme dan dat die weerlegd wordt. Of liever gezegd, afgeleid wordt door de kritiek uit rechtse hoek te gebruiken als rechtvaardiging voor haar islamisme. Het is daarnaast op z’n minst merkwaardig dat deze Britten zich mengen in een lopend Nederlands debat.

Uiteraard mogen linkse partijen een religieuze koers varen als ze daar voor kiezen. Het brengt mij tot de verzuchting dat er in Nederland geen vrijzinnige linkse partij overblijft om op te stemmen. Maar dat is mijn probleem als politiek dakloze die net als Leo van Bergen het ongelukkig vindt dat religieuze kandidaten hoog op de lijst van linkse partijen worden gezet. Het debat binnen links wordt er niet overzichtelijker en beter op als dat aspect genegeerd wordt en de enige verdediging lijkt te zijn dat het de schuld van rechtse partijen en media is. Zo hoeft links niet te reageren op fundamentele kritiek waar het blijkbaar geen raad mee weet of bij zichzelf te rade te gaan over de eigen identiteit. Het gevolg is dat de ideeën van Bouchallikht worden weggemoffeld en links opnieuw een stuk van de eigen identiteit inlevert. Zo wordt ook GroenLinks een partij zonder hart die op kritiek antwoordt met kritiek op de kritiek zonder de kritiek zelf serieus te nemen.

Foto: Schermafbeelding van deel open brief ‘In solidarity with Kauthar Bouchallikht’ op Al Jazeera, 24 december 2020.