Sigrid Kaag (D66) valt Rutte (VVD) aan op diens buitenlandbeleid. Ze wil een hardere opstelling jegens Nord Stream II

Prima standpunt van D66 lijsttrekker Sigrid Kaag dat voortborduurt op de tegenstand tegen Nord Stream II die binnen GroenLinks, D66 en ChristenUnie is opgebouwd. Het is veelzeggend en slim van Kaag dat ze hier een strijdpunt van maakt. Op 17 maart 2021 zijn er landelijke verkiezingen.

Het commentaar van de VK is verwarrend als het suggereert dat het standpunt van de Nederlandse regering al jaren onveranderd is. Dat is niet zo. Onder druk van genoemde drie partijen werd in 2018 de regering Rutte gedwongen om de Europese Commissie te volgen in een autonome gaskoers die impliceert dat Nord Stream II geen commercieel, maar een (geo)politiek project is. Daarom oogt Kaags opmerking gedateerd omdat ze een achterhaald standpunt bestrijdt. Dat is Don Quichotterig. Niet toevallig zei in april 2018 de Duitse kanselier Merkel dat “uiteraard ook met politieke factoren rekening moet worden gehouden” bij de aanleg van Nord Stream II. Daarmee doelde ze niet alleen op de positie van Oekraïne.

Hoe dan ook is het goed dat Kaag dit standpunt verkondigt. Hoewel het te laat dreigt te komen omdat de aanleg van Nord Stream II in de laatste fase is aanbeland. Voltooiing is door onder meer de Amerikaanse en Oost-Europese oppositie nog niet zeker. Hopelijk kan Kaag haar standpunt met de buitenlandwoordvoerders van haar partij verder uitwerken en verbinden aan de positie van Alexei Navalny en de mensenrechten in de Russische Federatie, Shell en Gasunie, Oekraïne en Duitsland, de duurzaamheid en toekomstbestendigheid van de energievoorziening zoals die is verwoord in het Third Energy Package uit 2018 van de EU dat gaat over het vergroten van de diversiteit en onafhankelijkheid in de energievoorziening. De aanleg van Nord Stream II is daarmee strijdig en met de Duitse Alleingang om Nord Stream II vanwege eigenbelang te bouwen heeft Duitsland door haar arrogante opstelling enkele EU-lidstaten van zich vervreemd en de sfeer binnen de EU verziekt.

De VK schetst de valkuil waar Kaag in kan vallen als het zegt dat zij wil dat Nederland in haar buitenlandbeleid aansluiting zoekt bij Frankrijk en Duitsland. Dat kan probleemloos op onderdelen, maar de twee landen zitten niet altijd op dezelfde lijn. Juist Nord Stream II maakt duidelijk dat deze twee landen er verschillend tegenaan kijken. Dat is begrijpelijk voor wie de energievoorziening van genoemde landen in ogenschouw neemt. Duitsland heeft kernenergie in de ban gedaan en Frankrijk niet. Die energiepositie bepaalt grotendeels de afhankelijkheid van de opstelling. Frankrijk is al jaren tegen het voltooien van Nord Stream II, terwijl Duitsland voor is. Tegelijk gebruikt de Franse diplomatie de tegenstand om op andere dossiers wisselgeld te vergaren, en bindt het telkens in.

Het Nederlandse kabinet is onder druk van GroenLinks, D66 en Christen Unie én de Europese Commissie dus al sinds 2018 verwijderd van het standpunt dat Nord Stream II een zuiver commercieel project is. Maar tegelijk heeft Rutte III het standpunt dat Nord Stream II een (geo)politiek project is evenmin omarmd. Daar zal de positie en het lobbywerk van Shell en Gasunie niet vreemd aan zijn.

Het feit dat in de Nederlandse politiek in het midden is blijven hangen of Nord Stream II een commercieel of politiek project is kan opgevat worden als een compromis tussen enerzijds VVD en anderzijds D66 en Christen Unie in Rutte III, met het CDA in een tussenpositie. Vreemd overigens omdat sinds 2018 vele landen wel opgeschoven zijn naar het standpunt dat Nord Stream II een zuiver politiek project is van het Kremlin.

Omdat minister Sigrid Kaag als minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking blijkbaar geen macht had om minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken in beweging te krijgen richting mensenrechten, een Europese energie-onafhankelijkheid en -diversiteit, en een hardere koers tegenover de Russische Federatie probeert ze nu in verkiezingstijd haar punt te maken dat het kabinetsberaad niet haalde of daar onvoldoende steun kreeg. Zo is het niet ondenkbaar dat Nederland in een nieuwe Tweede Kamer een harder Rusland-standpunt inneemt in navolging van de regering Joe Biden. Door de Yukos- en de MH17-rechtszaak op Nederlandse bodem is Nederland een betrokken buitenstaander die ook een publieke mening dient te geven over Nord Stream II.

Foto’s: Schermafbeelding van delen van het artikel ‘Kaag de lijsttrekker hekelt buitenlandbeleid Rutte: ‘We moeten optrekken met de Fransen en Duitsers’’ in de Volkskrant, 10 februari 2021.

Macron belooft extremistische islam te bestrijden met hard optreden tegen buitenlandse invloeden. Einde aan de naïviteit?

Het is het probleem van een godsdienst die vele verschijningsvormen kent. Van verzoenend tot radicaal en ondermijnend. Hoe daarin te onderscheiden? Valt het karakter, het wezen van zo’n godsdienst daar nog uit af te leiden? In landen met een functionerende rechtsstaat beroepen godsdiensten als de islam zich op de vrijheid van godsdienst en subsidies waar ze recht op hebben, maar tegelijk kunnen de ondermijnende verschijningsvormen ervan tegen de democratische rechtsstaat in blijven handelen. Dat is geen houdbare situatie. Een democratie moet weerbaar zijn en de krachten die de democratie ondermijnen de pas afsnijden.

De vrijheid van godsdienst kan daar geen excuus voor zijn. Complicatie is dat gevestigde godsdiensten als het christendom dat islamitische extremisme niet ondubbelzinnig veroordelen omdat ze bevreesd zijn dat ze in een seculariserende samenleving de volgende domineesteen zijn die omvalt. Dat is uiteraard een misvatting omdat het bestaan van religies en levensovertuigingen die binnen de wet blijven gegarandeerd is en op geen enkele manier gevaar loopt. Het zijn de Jihadisten van ISIS, de extremistische Saoedisch ideologen van het Wahabisme en het Salafisme die verdreven moeten worden. Men zou bijna zuchtend zeggen, ‘eindelijk’.

Ze hebben niks te zoeken in een westerse rechtsstaat omdat ze de werking ervan niet erkennen. President Macron meent dat de islam in crisis is. Dat lijkt een terecht verwijt. Maar men kan evengoed beweren dat de westerse democratieën die vanwege koudwatervrees én de macht van landen als Saoedi-Arabië in decennia geen antwoord hebben weten te formuleren op het islamitische extremisme in crisis zijn. Het is de hoogste tijd dat Europa durf en ambitie toont om voor zichzelf op te komen en de extremisten de deur te wijzen.

Onevenwichtig artikel van Petersen en Krijger over Trump, Biden en het buitenlandbeleid van de VS. Waarom plaatst NRC het?

De Amerikanisten Koen Petersen en Alex Krijger menen in een opinie-artikel in NRC van 24 augustus 2020 dat het buitenlandbeleid van een eventuele president Joe Biden alleen in toon anders zal zijn dan dat van de huidige president Trump. De titel gaat nog een stapje verder en zegt ‘Joe Biden verandert het buitenlands beleid van de VS niet’. Dat wil dus zeggen dat er onder Biden niets anders wordt. Dat is al meteen in tegenspraak met de intro die dus zegt dat alleen de toon anders wordt. Er is iets vreemds aan de hand met dit artikel dat inhoudelijk selectief shopt in de feiten en dat redactioneel afbindt met een tegenstrijdigheid.

Het is uitstekend om een prikkelende stelling te poneren over het verschil in de buitenlandse politiek van president Trump en vice-president Biden. Dat biedt de kans om uitleg te geven en een punt te maken. Maar dat doen Petersen en Krijger onvoldoende. Ze gaan namelijk grotendeels in op de overeenkomsten tussen Trump en Biden en vegen de verschillen opzichtig onder het tapijt. Ze laten zich kennen als relativisten die willen benadrukken dat Europa het initiatief moet nemen door voor zichzelf op te komen. Maar daarmee gaan ze voorbij aan de inhoudelijk verschillen die er wel degelijk bestaan tussen beide presidentskandidaten.

Onmiskenbaar heeft de VS de draai naar Azië gemaakt en is Europa minder belangrijk geworden. De VS ziet China in economisch, politiek en militair oogpunt als de grootste bedreiging. Dat idee wordt in de Amerikaanse Senaat door beide partijen gedeeld. Het is ook onmiskenbaar dat de VS de buitenlandse politiek heeft geëconomiseerd, zoals overigens de complete politiek van liberale democratieën is geëconomiseerd. En ook Biden zal als president van Europese bondgenoten meer financiële inspanning verwachten voor wat de NAVO betreft. Voorzover de overeenkomsten en de continuïteit in de buitenlandse politiek van de VS.

Maar de verschillen tussen Trump en Biden zijn aanzienlijk. Petersen en Krijger zeggen dat Trump een stevig beleid voert jegens de Russische Federatie. Dat is onjuist en mist nuancering. Wie zich de persconferentie in Helsinki in 2018 na de top tussen Trump en de Russische president Putin in herinnering haalt waarin Trump zijn inlichtingendiensten afviel en Putin op zijn woord zei te geloven dat het Kremlin zich niet had gemengd in de campagne voor de presidentsverkiezingen van 2016 kan niet anders dan concluderen dat Trump op z’n minst ambivalent tegenover de Russische Federatie staat. Dat is geen stevig beleid. De continuïteit van het Ruslandbeleid wordt ondanks Trump door de Senaat gegarandeerd. Telkens heeft Trump waar hij de kans kreeg dat vertraagt en geprobeerd af te zwakken. Bijvoorbeeld in de levering van dodelijke antitank Javelin wapens aan Oekraïne. En in Noord-Syrië wekte Trump de indruk door een overhaaste terugtrekking van troepen die later trouwens werd afgezwakt rechtstreeks naar de pijpen van het Kremlin te dansen.

Uit Trumps houding ten aanzien van de Russische Federatie volgt in diapositief zijn houding tegenover Europa en bondgenoten als Japan, Zuid-Korea en Canada. Hij heeft in de afgelopen jaren als een bullebak leiders als kanselier Merkel, premier May, premier Trudeau of president Moon Jae-in geschoffeerd. Dat is meer dan een kwestie van toon. Dat gaat om afstand nemen tot traditionele bondgenoten en de bijl zetten aan de wortel van de samenwerking die in de 70 jaar na de Tweede Wereldoorlog is gegroeid en stabiliteit én kracht legde onder de westerse samenwerking. Trump heeft daar onzekerheid, wisselvalligheid en waar mogelijk zijn eigen accenten of persoonlijk verdienmodel aan toegevoegd. Dat is essentieel voor de buitenlandse betrekkingen.

Het is een raadsel waarom Petersen en Krijger met het voorbijgaan aan de basale feiten zo eenzijdig naar de overeenkomsten tussen Trump en Biden zoeken en de verschillen wegmoffelen. Het lijkt eerder verklaard te kunnen worden uit hun pro-Trump houding dan uit enige wetenschappelijke objectiviteit. Het is bizar dat ze hiermee wetenschappelijke geloofwaardigheid proberen te winnen door zich Amerikanist te noemen. Het is ongelukkig dat NRC zo’n artikel plaatst dat weliswaar goede aanzetten bevat, maar in deze vorm nog niet af is om in de krant gepubliceerd te worden. Ongenoemd blijft dat Petersen columnist voor Elseviers Weekblad is.

Foto: Schermafbeelding van het  artikel ‘Joe Biden verandert het buitenlands beleid van de VS niet’ van Koen Petersen en Alex Krijger in NRC, 24 augustus 2020.

Karel van Wolferen ziet in de oefening ‘Defender Europe 20’ een provocatie van de Russische Federatie en een opmaat naar oorlog

Mijn reactie bij de video ‘#1 | Karel van Wolferen | Grootse NAVO oefening ondermijnt Europese veiligheid’ op Café Weltschmerz van 13 februari 2020. De toelichting bij de video zegt: ‘De nieuwe regelmatige column van Karel van Wolferen wordt opgenomen in zijn werkkamer, thuis. Deze eerste handelt over de aankomende NAVO oefening die ‘noodzakelijk’ wordt geacht voor de ‘oorlog van de toekomst’. Een uitstekende remedie wanneer je het plan hebt om een oorlog te beginnen, maar tegelijk een provocatie aan het adres van Rusland. Een Amerikaanse manipulatie dat een veiligheidsprobleem voor Europa veroorzaakt. Onze, door Brussel gecontroleerde Nederlandse media, zwijgt in alle talen.

Karel van Wolferen gaat voorbij aan de vraag wie op wie reageert. Het is inderdaad waar dat de oefening ‘Defender Europe 20’ de grootste in 25 jaar is. Het is trouwens in de kern geen NAVO-oefening, maar een oefening van het Amerikaanse leger dat in de NAVO wordt geïntegreerd. Er nemen 20.000 Amerikaanse militairen aan deel die vanuit de VS worden getransporteerd naar Europa.

De afgelopen jaren heeft de Russische Federatie in samenwerking met Wit-Rusland herhaaldelijk de zogenaamde Zapad-oefeningen gehouden in de noordwestelijke sector aan de oostgrens van de EU. Zoals Zapad 2017 met naar verluidt ruim 12.000 Russische en Wit-Russische militairen. Hogere schattingen tot zelfs 100.000 militairen bleken achteraf onjuist te zijn.

Deze veldoefeningen zijn noodzakelijk om de afstemming tussen landen en krijgsmachtonderdelen te toetsen en daarvan te leren. Synchronisatie een standaardisatie dus. Dat doen beide partijen die willen weten hoe het met hun daadwerkelijke gevechtsbereidheid staat en waar de knelpunten liggen. Maar militaire oefeningen bevatten ook een element van propaganda. De waarheid wordt hierbij vaak uit het oog verloren. Aan beide kanten. Want de paradox is dat zowel de Russische als Westerse militairen er het grootste belang bij hebben om de kracht en dreiging van de tegenstander groter voor te stellen dan die werkelijk is. Maar in vergelijking met de Koude Oorlog die in 1991 met de val van het IJzeren Gordijn ten einde kwam zijn de aantallen aan beide kanten aanmerkelijk teruggeschroefd. Ter verduidelijking: aan de NAVO-oefening Battle Royal namen in 1954 137.000 militairen deel.

De meningen van Van Wolferen gaan zoals vaak voorbij aan de hechte relatie tussen de presidenten Trump en Poetin. Hij moffelt weg dat Trump kritisch staat tegenover de NAVO en er weinig betrokkenheid bij voelt. Trump gelooft de Russische president meer dan zijn eigen veiligheidsdiensten en hoge militairen waarmee hij een verstoorde relatie heeft. Dat bleek tijdens de Amerikaans-Russische top in Helsinki in 2018 en op vele momenten daarna waarop Trump zich kritisch uitliet over zijn eigen generaals die hij bij herhaling incapabel noemde. De huidige minister van Defensie Mark Esper probeert weliswaar een onafhankelijke koers tegenover het Witte Huis te varen, maar wordt geregeld overruled door Trump (kwestie Eddie Gallagher) en buitenlandminister Mike Pompeo. De hoge militairen zijn door Trump en zijn entourage praktisch politiek vleugellam gemaakt.

Van Wolferen gaat er dus grotendeels aan voorbij dat er geen eenduidigheid is tussen de politieke en militaire leiding van de VS en er daarom geen blauwdruk kan liggen om een oorlog tegen de Russische Federatie te beginnen. Die gedachte is onrealistisch en achterhaald en gaat niet uit van de huidige politieke situatie in het Witte Huis. Daarbij komt dat president Trump terughoudend is met militaire buitenlandse interventies (zoals zijn terugtrekking uit Noord-Syrië liet zien) en in de kritiek op zijn voorganger Obama daar een politiek speerpunt van maakt. Zonder de VS is een oorlog tegen de Russische Federatie hoe dan ook onrealistisch.

Oorlog tegen de Russische Federatie is alleen voorstelbaar als de politiek leiding van de VS dat van plan zou zijn en het Pentagon die lijn volgt. Zowel het een als het ander is niet aan de orde en verre van logisch. Dat alleen al geeft aan dat de meningen van Van Wolferen losstaan van de werkelijkheid en hij geen deugdelijke en waarachtige analyse geeft van de huidige politieke situatie in de VS en de geopolitieke relatie van dat land met de Russische Federatie. De fantasie van Van Wolferen spreekt voor zichzelf en heeft onbetwistbaar een zekere amusementswaarde, maar heeft niets te maken met de realiteit.

Kwalijker is dat Karel van Wolferen sommigen van ons angst aanpraat en een gevoel van onveiligheid bezorgt. Het zou de verantwoordelijkheid van Café Weltschmerz moeten zijn om aan die oorlogshitserij geen platform te bieden. Of het te voorzien van een disclaimer, zoals de mededeling dat het is bedoeld als satire of parodie op een Karel Roskam-commentaar uit de hoogtijdagen van de Koude Oorlog. Gelukkig zijn de politici en militairen van zowel de VS als de Russische Federatie realistischer in hun denken dan Van Wolferen die niet alleen midden in zijn studeerkamer oreert, maar ook mentaal nog midden in de sfeer van de Koude Oorlog klem zit.

Adam Schiff verwijst naar het Boedapest Memorandum en de Russische agressie, en springt over Obama heen naar Trump

Voor- en tegenstanders waren er gisteren over eens dat ‘House Manager’ Adam Schiff op de eerste dag van de drie dagen waarop de Democraten hun zaak in de Senaat kunnen bepleiten een overtuigend verhaal heeft gehouden. Stap voor stap maakte hij in een urenlang betoog duidelijk wat president Trump gedaan heeft en waarom het voor waarheidsvinding nodig is om getuigen en documenten aan de rechtszaak toe te voegen. Dit fragment eindigt met zijn woorden ‘For help with a political campaign?’ Hoe moeten we dit fragment duiden?

Schiff verwijst naar het Boedapast Memorandum 1994 waarin Oekraïne naast Wit-Rusland en Kazachstan de eigen (verouderde) kernmacht opgaf in ruil voor de garantie van de Russische Federatie, de VS en het VK de territoriale integriteit te beschermen. Zoals we weten werd in 2014 de Oekraïense territoriale integriteit door de Russische Federatie geschonden toen dat land de Oekraïense Krim bezette. Dat was onrechtmatig en werd veroordeeld door de meerderheid van de staten in de Algemene Vergadering van de VN op 27 maart 2014 in resolutie 68/262. In reactie legden voornamelijk Westerse landen de Russische Federatie sancties op.

Er zijn internationale verdragen (San Francisco 1945, Helsinki 1975, Parijs 1990, Boedapest 1994) waarin de territoriale integriteit en soevereiniteit van landen wordt gegarandeerd. Maar dat verwordt tot een papieren werkelijkheid als er bij overtreding geen geloofwaardige en krachtige actie op volgt om die rechtsorde af te dwingen. Dat staat op het spel, namelijk de geloofwaardigheid van de internationale rechtsorde.

Het gaat er dus om of de internationale gemeenschap met verwijzing naar de internationale rechtsorde de agressor tot de orde roept. Als dat niet gebeurt, dan betekent dat een verlaging van het niveau van agressie voor een volgend conflict. Nu hard en duidelijk optreden kan leed in de toekomst voorkomen. De Tweede Wereldoorlog begon in München 1938 en gaf het Derde Rijk het idee dat het de internationale rechtsorde kon oprekken. Zoals het toen niet alleen om het Sudetenland ging, ging het in 2014 niet uitsluitend om Oekraïne.

De agressie van de Russische Federatie werd ondanks de beloftes niet door de VS en het VK nagekomen. Deze landen lieten Oekraïne in de steek. President Obama en premier Cameron waren daarvoor verantwoordelijk. Hier kwam in 2014 veel kritiek op. Obama die vooraf de Russen blijkbaar geen afdoende waarschuwing had gegeven om de Krim niet te bezetten -en dus diplomatiek in gebreke was gebleven- handelde afwachtend. De Russische operatie was in de jaren daarvoor voorbereid en daarvan had de VS op de hoogte moeten zijn.

Hoe moeten we Schiffs opmerking ‘For help with a political campaign?’ opvatten? Het lijkt terug te slaan op president Trump die vuile zaak maakte met het Kremlin en met behulp van de Russen de Democratische presidentskandidaat Joe Biden via Oekraine vanwege binnenlandse partijpolitieke redenen in een kwaad daglicht probeerde te stellen. Wat mislukte en als een boemerang terugsloeg op Trump met de impeachment procedure tot gevolg. Maar de schending door de Russische Federatie van het Boedapest Memorandum dateert uit 2014 en voor de uitblijvende reactie en het niet nakomen van de garantie in de vorm van een Amerikaanse handtekening onder het memorandum is president Obama verantwoordelijk. Hij bleef in 2014 en in de jaren daarvoor toen hij de Russen had moeten waarschuwen niet de rode lijn van de bezetting van de Krim te overschrijden op zijn handen zitten. Ja, de VS braken hun woord. Maar niet alleen onder Trump.

Nederland heeft krijgsmacht die het verdient. Hoe kan het beter?

In een column van Ariejan Korteweg in De Volkskrant van 30 oktober 2019 komt de militaire historicus Christ Klep aan het woord. Hij vindt de Defensiebegroting schizofreen. Uit het lood dus. De Nederlandse krijgsmacht is niet op orde. Iedereen weet dat de Nederlandse krijgsmacht niet op orde is. Niemand die de krijgsmacht echter op orde brengt of de urgentie of het toekomstperspectief ziet om die op orde te brengen. Dat is bizar.

Het geld ligt op de plank en het voornemen is om meer te besteden. De realiteit is dat de komende vijf jaar de bestedingen zullen afnemen. Dat motiveert president Trump of zijn opvolgers, evenals landen als het Verenigd Koninkrijk of Frankrijk, niet om Nederland te blijven beschermen als het land niet de noodzaak ziet om zichzelf te beschermen. Nederland haalt de afgesproken 2-procent norm niet en zakt na 2022 terug naar 1,4 procent. Daarmee maakt het land dat zo’n groot overschot heeft op de betalingsbalans en bij herhaling door IMF en ECB wordt opgeroepen om meer te besteden zich niet populair in de VS en Europa.

Nederland heeft geen militaire traditie -of is die verloren sinds prins Frederik Hendrik die overleed in 1647- en wint daarom ook nooit eens een oorlog. Maar een krijgsmacht bestaat vooral om het eigen territorium te beschermen. Hardheid ontbreekt. Dat siert Nederland, maar is de nagel aan de doodskist van de Nederlandse krijgsmacht. Die blind wegvlucht in de aanschaf van nieuw materiaal. In het hogere geweldsspectrum waar de Amerikaanse wapenindustrie de voorwaarden bepaalt. De Amerikaanse wapenindustrie die zich via fraudeleus handelen van lobbyisten ingekocht heeft en stevig genesteld zit in de top van de Nederlandse politiek.

Terwijl iedere politicus en militair weet dat de basis van en het evenwicht van de Nederlandse krijgsmacht ontbreekt. Dat is al meer dan twintig jaar een publiek geheim. De minister is een lachertje die met haar publieke uitingen aantoont dat ze van toeten noch blazen weet. Geen reserveonderdelen, geen onderhoud, geen personeel, geen basismateriaal voor een functionerende krijgsmacht. Maar zoals Klep opmerkt geen visie van de politieke en militaire top op een krijgsmacht die voor allerlei oneigenlijke doelen ingezet wordt. Zoals de vredesmissie die de Nederlandse krijgsmacht infrastructureel helemaal niet kan verteren en de krijgsmacht nog verder uit het lood zet. Vooruit verdedigen is potsierlijk als dat ten koste gaat van territoriaal verdedigen.

Laten we een volksstemming houden wat Nederlanders met hun krijgsmacht willen. Met drie opties: 1) omvormen tot onderdeel van internationale ontwikkelingssamenwerking én een herinneringscentrum plus bezigheidstherapie voor nostalgische oudstrijders; 2) houden zoals het is, een verlengde van het Pentagon en de Amerikaanse wapenindustrie zonder dat het er toe doet of de Nederlandse krijgsmacht op het slagveld presteert en levensvatbaar, evenwichtig en gevechtsklaar is; 3) omvormen tot een territoriale krijgsmacht met goede digitale verdediging en speciale troepen, die uitsluitend als taak heeft om het eigen grondgebied en de naaste omgeving daarvan te verdedigen en dat realiseert met voldoende betaalbaar materiaal, personeel, infrastructuur, oefening, een korte commandostructuur en zonder vredesmissies buiten Noord- en Oost-Europa of Caribisch Nederland. Nederland moet op zoek naar een militaire identiteit. Want zoals nu is behalve de Amerikaanse wapenindustrie en de talloze lobbyisten niemand gelukkig met de Nederlandse krijgsmacht.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelWaarom militair historicus Christ Klep de defensiebegroting schizofreen vindt‘ van Ariejan Koerteweg in De Volkskrant, 30 oktober 2019.

Trump zegt staatsbezoek aan Denemarken af omdat het Groenland niet wil verkopen. Toch is nadenken over een nieuwe status zinvol

President Donald Trump heeft een gepland staatsbezoek aan Denemarken afgezegd omdat dit land niet wil ingaan op zijn suggestie om Groenland te verkopen. Trump zou Denemarken op uitnodiging van koningin Margrethe II op 2 september 2019 bezoeken. Aanvankelijk werd gedacht dat het om een grap ging, maar bij nader inzien meende Trump het serieus. De Deense premier Mette Frederiksen omschreef Trumps suggestie als ‘absurd’. Trump toont geen respect voor Denemarken en Groenland, dat een autonome status heeft binnen het Deense Koninkrijk. Groenland maakt in tegenstelling tot Denemarken geen deel uit van de EU.

Onbegrijpelijk is Trumps idee niet omdat Groenland geologisch deel van Noord-Amerika uitmaakt. Aansluiting bij het aangrenzende Canada zou om staatkundige en culturele redenen echter logischer zijn. Daarnaast is het vreemd dat als Trump het werkelijk serieus meent hij dit niet beter voorbereidt en achter de schermen in gesprekken met Denemarken, Canada, Groenland en de hoge vertegenwoordiger voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid van de EU bespreekt voordat hij er de openbaarheid mee opzoekt. Nu gooit Trump zijn eigen glazen en die van zijn opvolger in doordat hij zijn huiswerk niet heeft gedaan en voor zijn beurt spreekt.

Door de klimaatopwarming en de arctische expansie en ontginning die samengaat met toenemende economische en militaire ontwikkelingen is het denkbaar dat Groenland op termijn een andere status krijgt. Juist om het te beschermen tegen indringers. Want dit gebied komt geleidelijk aan het front van de strijd tussen staten te liggen. Met de Russische Federatie en China die om economische redenen belang hebben bij een noordelijke doorgang van Europa naar Oost-China en de ontginning van gasvoorraden in het poolgebied.

Wat rest is hoon jegens Trump die zich laat kennen als kortzichtig en heetgebakerd. Als iemand die de 24-uurs nieuwscyclus blijft overstelpen met losse flodders, proefballonnen en illusies die de bedoeling hebben dat ze elkaar in de snelle opvolging verdringen en daardoor onvoldoende op waarde geschat kunnen worden.

Trumps idee dat men als in de hoogtijdagen van het kolonialisme en het 19de eeuwse nationalisme landen en inwoners van die landen kan kopen is achterhaald. Daarmee maakt Trump een slechte beurt. Ik gaf deze reactie op een Amerikaanse site: Let Canada and Scandanavia together buy New England and the Northern States at the Canadian border. Let The Netherlands buy back New York (and calling it New Amsterdam again). Let France buy back Louisiana and the heartland. Let Mexico buy back Texas and California. Let Japan buy Hawaii. Let the UK buy the Southern States. Let the Russian Federation buy back Alaska. What rests can be bought back by the native Americans from which the land was stolen by the so called borderline adventurers. If Trump is lucky he can repatriate to the land of his ancestors: Germany, to spend his old age. Or the land of his mother: Scotland. But if he prefers Greenland, that is OK (although probably not for the natives).

Raad van Europa geeft delegatie van Russische Federatie stemrecht terug zonder voorwaarden te stellen of concessies te bedingen

Het artikel in RaamopRusland omschrijft waar het in essentie over gaat: ‘Met 118 stemmen voor, 62 tegen en 10 onthoudingen heeft de Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa (PACE) de Russische delegatie haar stemrecht teruggegeven. Daarmee is voor het eerst een Europese sanctie tegen Rusland wegens annexatie van de Krim opgeheven.’ Het is makkelijk om zwaar te tillen aan dit besluit en lastig om er niet zwaar aan te tillen. Als gevolg van dit besluit heeft Oekraïne aangekondigd de Raad van Europa te verlaten.

De voorstemmers verbergen hun stem achter drogredenen die te maken hebben met het opereren van de Raad van Europa en de vermeende invloed die het heeft in de Russische Federatie, de contributieschuld van de Russische Federatie en een voorstel voor een nieuwe joint reaction procedure die onder leiding van de SP’er Tiny Kox tot stand kwam. Feit dat de Russische Federatie in deze nieuwe procedure wordt genoemd laat zien dat die specifiek op het lijf van deze staat is geschreven. Kox hanteert een vreemde logica: omdat de Raad van Europa het stemrecht van de Russische Federatie om politieke redenen opschortte moet er beter naar elkaar geluisterd worden. Maar het geschil had niets met beter luisteren of een betere dialoog te maken, maar met Russische buitenlandse politiek in 2014 ten aanzien van Oekraïne die in strijd was met de democratische uitgangspunten van de Raad van Europa. Daarom werd het stemrecht van de Russische delegatie opgeschort.

Dat geschil bestaat nog steeds en is nog niet opgelost. De Russische Federatie houdt nog steeds in strijd met het volkenrecht en ondanks VN-resolutie 68/262 van 27 maart 2014 de Krim bezet en blijft de zogenaamde rebellen in Oost-Oekraine militair, economisch en politiek steunen. Mijn reactie bij dit bericht op Facebook:

Dat twee leden van de tegen het Kremlin aanleunende SP voor stemden mag geen wonder heten voor wie de animositeit van deze partij jegens Europa kent. Dat twee VVD’ers voor stemden is evenmin opmerkelijk. De VVD kent zo goed als geen principes en volgt vooral het rollen van het geld. Dat de principiële CDA’er Pieter Omtzigt tegen stemde is eveneens geen wonder. Hij trekt zich het lot van de nabestaanden van de MH17-slachtoffers aan. Maar dat de CDA’er Ria Oomen voorstemde is wel opmerkelijk. Wikipedia zegt op het lemma over haar: ‘Van Oomen is publiekelijk bekend dat ze een amoureuze relatie met EU-politicus Jean-Claude Juncker onderhoudt’. Maar zelfs dat kan geen verklaring zijn. TK-lid van het CDA Chris van Dam riep in een tweet van 23 juni 2019 de Nederlandse delegatie in de Raad van Europa op om in elk geval voorwaarden aan de Russische Federatie te stellen. Een zinvol uitgangspunt dat aan dovemansoren gericht bleek te zijn.

Foto’s 1 en 2: Schermafbeelding van deel artikel ‘Raad van Europa heft sanctie tegen Rusland wegens Krim op’ van RaamopRusland op Facebook en eigen reactie, 25 juni 2019.

Foto 3: Tweet van Chris van Dam (CDA), 23 juni 2019 met eigen reactie.

Exit from reality: Jeremy Hunt vult zichzelf met marketing, publiciteitsgeilheid en fantasie om partijleider te worden

Soms doet het pijn om te zien hoe mensen zichzelf verlagen. Hoe ze zich in bochten wringen om gunstig over te komen. De minister van Buitenlandse Zaken Jeremy Hunt gedraagt zich als een lege huls die met marketing, publiciteitsgeilheid en fantasie gevuld wordt. Onaangenaam om te zien hoe disfunctioneel de Britse politiek is. Hunt klapt quasi uit de school door te zeggen wat kanselier Merkel hem afgelopen week gezegd zou hebben.
Mijn reactie bij de video:

It is nonsense if Hunt says that the negotiations between the British government and the EU failed ‘because the government could not deliver the parliament.’ That is fake history. That only became apparent after they had ended. The issue of the Irish backstop was underestimated by both parties during the negotiations.

The EU leadership has confirmed several times in the past year through the President of the European Commission Jean-Claude Juncker, his right-hand man Frans Timmermans and the President of the European Council Donald Tusk that the EU’s exit agreement with the UK is final and cannot be renegotiated.

The hard-to-reach compromise of 27 EU Member States with the UK cannot be opened for practical and procedural reasons. Because not only the UK, but also the 27 EU member states would then come up with new demands. Because it works both ways and not one way as Hunt suggests. Just think of Spain and the position of Gibraltar. National leaders such as Emmanuel Macron, Mark Rutte, Leo Varadkar or Angela Merkel have publicly confirmed several times that renegotiation of the exit agreement is not possible. Period.

There is political room for negotiation when adapting the political statement to the exit agreement. But that is nothing new and has been emphasized several times by Juncker and Tusk. Hunt doesn’t say that’s the point. He suggests that the exit agreement with the EU can be changed. But he is not concrete. What he says remains vague and suggestive. In fact, he says nothing at all. Something could be possible. Well, that’s always true.

The only purpose of his shot was probably to score in the British Sunday news cycle. He succeeded. It marks the thinness of political marketing for those who want to become leaders of the Conservative party at the expense of each other. His profile as a moderately hard candidate is ridiculous, unbelievable and hopeless. The national interest is secondary, or rather tertiar, after personal and party interest.

The stubbornness and autism of the leaders of the Conservative party is immense. They do not solve their problems in-house, but continue to export and project them on Brussels. There is as yet no technical solution for the demarcation of the Irish-Northern Irish border, and Hunt flees forward by pretending that he does not understand that and Chancellor Merkel does not understand anything about it either.

Yet for another reason, Hunt’s statement is completely illogical. Because why would the EU leaders or the political leaders of the most important EU member states give a guarantee to Hunt that they had withheld from PM Theresa May with whom a reasonable hold had been built up? May was the political leader with whom the EU had signed an exit agreement.

Why Secretary Hunt violates the confidentiality of an extremely sensitive subject in his apparent conversation with Chancellor Merkel is the question. As always, the answer is too simple for words: party politics and internal profiling of candidates. It is too childish for words what Hunt does. Without limits he ridicules his country, his party, himself as a politician and politics in general. Politics, once a profession for gentlemen and not for business travelers in deception en marketing.

Trilemma van Rodrik wijst voor de EU op de keuze voor nationale soevereiniteit en democratie ten koste van de interne markt

Omdat er nog een economische rechtvaardiging ontbrak aan de politieke analyse verwijs ik in aanvulling op mijn commentaar over het Marshallplan 2.0 naar bovenstaande video van hoogleraar internationale politieke economie Dani Rodrik uit 2011. Rodrik is bekend geworden door de formulering in 2007 van zijn trilemma: ‘It says that democracy, national sovereignty and global economic integration are mutually incompatible: we can combine any two of the three, but never have all three simultaneously and in full. Dit trillemma komt erop neer dat de hyperglobalisering waarin banken en multinationals eenzijdig de macht hebben gegrepen wordt teruggedraaid ten gunste van de opwaardering van de nationale (en zelfs lokale) soevereiniteit en democratie.

In de EU is als gevolg van de globalisering en het opdringen van machtige spelers spanning ontstaan tussen de dominantie van de interne markt én het concurrentievermogen en de evenwichtigheid van de economieën van de afzonderlijke EU-lidstaten. Zoals de ‘linkse’ Britse hoogleraar economie Philip Whyman aan de hand van Rodriks gedachtegoed in een aflevering van VPRO’s Tegenlicht benadrukt is de Britse economie ‘zwaar uit balans’ (na 25’) met een te grote financiële industrie en een te kleine maakindustrie. Binnen de interne markt wordt die tendens eerder versterkt dan afgezwakt. Brexit lijkt voor het VK de enige manier om dat proces te stoppen omdat de EU de nationale staten niet de ruimte biedt om dat principe van de interne markt af te zwakken door ruimte te scheppen voor het versterken van de concurrentiekracht van de nationale staten.

Simpelweg gezegd zorgt de interne markt van de EU voor diversificatie en specialisatie ten koste van spreiding en binnenlandse harmonisatie. Dit aspect van economische politiek van de Brexit blijft in de discussies erover grotendeels onderbelicht, hoewel linkse economen en politici het wel noemen als pro-Brexit argument.

De driedeling is de volgende: 1) In aanvulling op een Marshallplan 2.0 voor de EU dat opteert voor het herstel van de verzorgingsstaat en een strenger migratiebeleid moet 2) de economische politiek van de EU aangepast worden door de dominantie van de interne markt -die een vorm van globalisering is- af te zwakken zodat in het trilemma van Rodrik ruimte ontstaat voor nationale soevereiniteit en democratie en 3) de supranationale krachten die op dit moment de interne markt ‘in bezit’ hebben genomen teruggedrongen worden en de zeggenschap over de economie weer verschuift naar de nationale politiek. Er dient streng voor gewaakt te worden dat de globale machten niet in de vermomming van nationale krachten terugkeren. Lokale initiatieven vanuit de basis kunnen dit bemoeilijken door het model van onderop te voeden. Een belangrijk neveneffect is dat deze aanpak van de hyperglobalisering die de (neo)-liberalisering tackelt motivatie, programma en nieuwe zin geeft aan het sociaal-democratisch gedachtegoed waarbij de factor arbeid wordt opgewaardeerd.

De reset van de economische politiek van de EU die het oppergezag van de interne markt terugschroeft heeft als doel om a) de hyperglobalisering van de Europese economie terug te dringen, b) de economie weer in handen van de nationale politiek te leggen, c) de verstorende, ontregelende invloed van de globalisering en de over grenzen heen opererende multinationals en financiële instellingen die daar verantwoordelijk voor zijn terug te dringen ten gunste van nationale (en lokale) producenten en dienstverleners, e) de levensvatbaarheid en flexibiliteit van de EU te verhogen en f) de centrumkrachten die in een strijd gewikkeld zijn met de links-populisten en rechts-populisten instrumenten in handen te geven om het politieke initiatief terug te nemen.