Journalistiek moet onjuiste beweringen van opinieleiders geen ruimte geven en beter dan nu uitleggen waarom het dat niet doet

Meermalen heb ik me hier kritisch uitgelaten over de gevestigde media. Dan bedoel ik niet dat ze de stem van de gevestigde orde zijn en voor druk, geld en invloed tot een instrument worden gemaakt dat de beeldvorming  manipuleert. Dat is iets van alle tijden en zo oud als er media bestaan. Zogenaamde objectiviteit bestaat niet. Mijn kritiek is anders.

Het gaat me om het antwoord in werkwijze en gedragsregel op recente ontwikkelingen die niet goed verwerkt worden. De Code van Bordeaux uit 1954 legt de journalist op ‘op faire wijze te werk te gaan’, op hoor altijd wederhoor te geven. Het wordt echter valkuil en hinderlaag voor de traditionele journalistiek als wederhoor voornamelijk nepnieuws toevoegt. Hoofdredacties zouden niet deze ‘faire wijze’, maar de eerbied voor de waarheid voorop moeten zetten.

Is het onderhand geen tijd voor ander beleid bij media? Zo kunnen media een kwaliteitsslag maken door vals van echt nieuws te onderscheiden en nepnieuws als hoor of wederhoor niet langer te verspreiden. Beter dan nu dienen de media te beseffen dat de journalistieke code uit 1954 met de doodlopende weg van het enerzijds-anderzijds of het verslag doen van elke oprisping van elke politicus of complotdenker niet meer ongewijzigd toegepast kan worden.

Op dit blog hanteer ik de vuistregel dat ik alleen ongewijzigd beweringen doorgeef die op feiten zijn gebaseerd. Daar hoef ik het niet mee eens te zijn, maar ze mogen in mijn ogen niet in strijd met de waarheid zijn. Een mening moet tegengesproken kunnen worden en onderdeel van het publieke debat zijn. Met beweringen die in strijd met de feiten zijn hanteer ik een andere vuistregel. Die plaats ik alleen als ik ze duidelijk kan weerleggen, anders geef ik ze niet weer.

Media hanteren deze regel niet. Elke oprisping van politicus Thierry Baudet of Geert Wilders of al die complotdenkers die COVID-19 als een griepje voorstellen kan geplaatst worden. Niet altijd gebeurt dat omdat het niet altijd nieuwswaardig is, maar er is evenmin een regel bij media dat ze beweringen die in strijd met de feiten zijn per definitie geen ruimte geven. Ze  verschuilen zich dan soms achter het excuus dat de feiten niet vaststaan en ze om onpartijdig verslag te kunnen doen feiten die in strijd zijn met de waarheid wel moeten doorgeven. Met als gevolg dat de gevestigde media zich willens en wetens tot de belangrijkste handlangers van het verspreiden van desinformatie hebben gemaakt. Dat daar goede objectieve stukken binnen genuanceerde redacties of gepeperde commentaren van talkshow hosts tegenover staan weegt daar niet tegen op. Het kwaad is dan al geschied.

Klem tussen de gesel van de markt, de macht van Amerikaans techbedrijven als Facebook en Twitter, de angst om de boot te missen en de beschuldiging van partijdigheid heeft de journalistiek geen afdoend antwoord op de vraag of het nieuws dat in strijd is met de feiten ongewijzigd door moet geven. Was het in 2016 toen desfinformatiecampagnes in opkomst waren nog begrijpelijk dat hoofdredacties er geen passend beleid over hadden ontwikkeld omdat ze erdoor overvallen werden, nu is het nalatig dat ze nog steeds geen passend beleid hebben dat nepnieuws blokkeert en de nieuwsconsument uitlegt hoe dat beleid precies werkt en is geformuleerd.

Aanleiding is een commentaar van 13 maart 2021 van redacteur Chris Quinn in The Plain Dealer, de belangrijkste krant van Cleveland, Ohio. De titel geeft aan wat de inzet is: ‘When candidates make reckless statements just to get attention, should they get attention?’. Het gaat om de Republikeinse kandidaat-Senator Josh Mandel die meningen verkondigt die niet alleen in strijd met de feiten zijn, maar ook de volksgezondheid in gevaar brengen. Exact wat types als Baudet of Willem Engel doen. De sleutelpassage uit Quinns commentaar is de volgende:

Is dat niet exact de inschatting die de media moeten maken, maar te weinig maken? Namelijk dat buitensporige en gevaarlijke beweringen nog geen nieuws zijn dat gepubliceerd dient te worden. Zoals Quinn ook zegt zijn types als Mandel wanhopig op zoek naar aandacht en geeft zijn krant graag ruimte aan debat. Daar zijn echter grenzen aan: ‘Maar we publiceren niet bewust belachelijke en idiote beweringen. Mandel wilde niet zozeer een debat voeren met onze columnist, maar ons platform gebruiken om aandacht te krijgen met aantoonbaar valse beweringen over het virus.’ Het beroep op die enerzijds-anderzijds functie van media is de valkuil waar de complotdenkers slim gebruik van maken en media niet echt een goed antwoord op hebben. Quinn geeft dat antwoord wel.

Foto’s: Schermafbeelding van delen uit artikelWhen candidates make reckless statements just to get attention, should they get attention? van Chris Quinn voor The Plain Dealer (online: Cleveland.com), 13 maart 2021.

Om pseudo-wetenschap in de media te bestrijden moet er een Vereniging tegen de Kwakzalverij in de Media worden opgericht

Het is opvallend dat zowel economen als filosofen de huidige COVID-19 pandemie gebruiken om zich als individu te profileren en hun zaak te bepleiten. Ook en zelfs juist als die slechts zijdelings iets met de pandemie te maken heeft. Het wordt er potsierlijk op als deze deskundigen net doen alsof hun vakgebied een wetenschap is, laat staan een exacte wetenschap. Maar het wordt er idioot op als deze deskundigen net doen alsof ze ook verstand hebben van een ander vakgebied. Dat hebben ze niet. Dat is bewuste misleiding en zelfoverschatting waar overigens de media ook een rol in te spelen hebben. Ze moeten zo’n opinieleider die buiten zijn of haar vakgebied gaat stoppen onder het mom: ‘tot hier en niet verder’. Media moeten de desinformatie niet aanwakkeren.

Denk aan de economen Coen Teulings en Barbara Baarsma die de afgelopen maanden voorlopig hun plek in de geschiedenis hebben verspeeld met slecht onderbouwde, onzinnige uitspraken. Ze hadden moeten zwijgen over gezondheidskwesties waar ze niet echt verstand van hebben en hadden niet de schijn moeten wekken dat de deskundigheid op hun economisch terrein niet zonder meer uitgebreid kan worden naar andere terreinen. Want daarop zijn ze net zo onwetend en ondeskundig als elke willekeurige, nadenkende burger. Voor Ad Verbrugge geldt hetzelfde.

Verbrugge neemt een loopje met de waarheid. Is het angst of realisme dat er in de VS nu al meer dan een half miljoen geregistreerde doden zijn als gevolg van COVID-19? Overheden handelen aarzelend en nemen soms de verkeerde beslissingen omdat ze dit (sinds 1919) niet meer bij de hand hebben gehad. De macht van overheden en techbedrijven moet ingeperkt worden en de privacy en vrijheid van burgers moet beschermd worden. Dat is zinvolle kritiek, maar het is grotesk en gevaarlijk voor de volksgezondheid om dit direct te koppelen aan de bestrijding van de huidige pandemie.

Afgelopen maand was er op de Vlaamse publieke omroep VRT de 3-delige serie BDW met de rechtse politicus Bart De Wever. Voorzitter van de rechts-nationalistische N-VA en burgemeester van Antwerpen. Hij gaf een inkijkje in zijn handelen en de strategie van de (partij)politiek. Of men het nou met zijn politieke overtuiging eens is of niet. Hij zei dat politici moeten zwijgen als ze niks te zeggen hebben. Daarmee doelde hij vooral op PS-voorzitter Paul Magnette die volgens hem telkens de onderhandelingen over een regeringscoalitie bemoeilijkte en zelfs onmogelijk maakte door er in de media bijna dagelijks zijn commentaar op te geven. Interessant is dat de kritiek van De Wever deels bestaat uit fundamentele mediakritiek en deels uit eigen politieke profilering. Hij is zo door de wol geverfd dat moeilijk valt te zien waar het een in het ander overgaat.

Wat zou het helpen als we weten dat als een politicus of opinieleider publiekelijk spreekt en daar in de media verslag van gedaan wordt we er vanuit konden gaan dat zo iemand dan ook echt iets zinvols te melden heeft. De talkshows en krantenkolommen zouden er opgeruimd door worden (‘Less is more’) en de kwantiteit van de loze beweringen zou ingewisseld worden voor de kwaliteit van de inhoud. En we weten nu toch al dat er eerder een te groot dan een te gering beroep wordt gedaan op de tijd, het geduld en de goede smaak van de nieuwsconsument? Het is zoals gezegd niet in de laatste plaats aan omroep of krant om de oprispingen en losse flodders van ‘wetenschappelijke’ opinieleiders die zich buiten hun vakgebied begeven en zich manifesteren als pseudo-deskundigen geen plek te geven.

Sommigen noemen het hoogmoed, publiciteitsgeilheid of een verdienmodel van al die (pseudo)-wetenschappers die met hun praatjes als een plaag de media teisteren. Het is de hoogste tijd dat de loze beweringen, schijnwaarheden en filosofietjes in het publieke debat fundamenteel worden bestreden. Nu gebeurt dat goedbedoeld, maar halfslachtig vanuit het idee om desinformatie te bestrijden. Het valt te bezien of dat de juiste invalshoek is. Verboden of blokkades zijn niet het juiste antwoord, maar een aanschouwelijke weerlegging met argumenten als boter bij de vis is dat wel.

Er is in Nederland een vrije pers, maar de interne correctiemechanismen van de journalistiek zoals Ombudsmannen zijn verregaand uitgekleed. Het mechanisme van zelfregulering heeft weinig tanden. Op sociale media is de tegenspraak en correctie zo goed als uitgeschakeld door het eilandenrijk van de bubbels.

Waar de publieke uitspraken van politici en opinieleiders raken aan of gaan over wetenschappelijk onderwerpen is in de media een evenknie van de Vereniging tegen de Kwakzalverij nodig die per omgaande en wijd verspreid corrigeert, in de goede context zet en deskundigen die onder de pretentie van alwetendheid buiten hun vakgebied gaan terechtwijst. Dan kunnen in elk geval de misverstanden die opgeroepen worden snel opgeruimd worden. Als het vuil van het land dat uit de studio’s en krantenredacties wordt verwijderd. En ook van de universiteiten.

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelOnze angst voor het virus geeft de staat te veel ruimte’ van Kees Versteegh in NRC, 28 februari 2921.

Foto 2: Schermafbeelding van deel aankondigingWebinar 2020 On demand: Sociale media, slecht voor de gezondheid?’ van de Vereniging tegen de Kwakzalverij, 19 augustus en 21 oktober 2020.

Media negeren hun eigen rol in de berichtgeving over geestelijke gezondheid van volwassenen

Het AD blijft aan stemmingmakerij doen over de gevolgen van COVID-19. Het lijkt daarmee de concurrentie met De Telegraaf aan te gaan over wie het meest zwarte scenario kan schetsen. Deze media praten de bevolking de put in. Ze waarschuwen voor de geestelijke gezondheid door die in de beeldvorming keer op keer te beschadigen.

Op 6 februari 2021 plaatste het AD een artikel met de kop ‘Tachtig procent van jongeren zit door corona tegen burn-out aan‘. Het blijkt na een check van Nieuwscheckers.nl (Universiteit Leiden met Peter Burger) een ongefundeerd bericht dat door het commerciële bedrijf NCPSB dat tests en coaching tegen burn-out aanbiedt naar buiten was gebracht. Vele media namen het bericht over en moesten dat later rectificeren. Maar het kwaad was geschied en de beeldvorming was beïnvloed.

Nu komt het AD met het bericht in haar liveblog over COVID-19 van 25 februari 2021 dat een persbericht van 25 februari 2021 van het Trimbos-instituut samenvat. Het AD zegt in de inleiding: ‘Voor het eerst daalde het rapportcijfer dat mensen hun leven geven fors: van een 7,0 naar een 6,6. Vorig jaar bleef dit cijfer nog stabiel, ondanks de coronacrisis.’

In het persbericht van het Trimbos-instituut over het onderzoek naar de psychische gezondheid van mensen komt dat woord ‘fors’ of een soortgelijke kwalificatie niet voor. Het persbericht benadrukt dat 23,5% van de deelnemers aan het onderzoek aangeeft dat hun psychische gezondheid is achteruitgegaan tijdens de coronacrisis. Zodat die bij 76,5% niet is achteruitgegaan. Dat lijkt de kwalificatie ‘fors’ die het AD er eigenmachtig op plakt niet te rechtvaardigen.

Interessant is wat het Trimbos-instituut nou precies onderzoekt. Het noemt dat ‘de impact van de coronacrisis op de psychische gezondheid van volwassenen’. Dat betreft dus de inwerking of invloed van de coronacrisis op de psychische gezondheid van volwassenen. Maar die invloed of inwerking komt mede tot stand door de media. Er bestaat een wisselwerking tussen wat de media zeggen en hoe de volwassen burgers daar op reageren en hun zelfbeeld ontwikkelen.

Anders gezegd, als volwassenen door het AD, De Telegraaf en andere media die deze ongefundeerde of gekleurde berichten overnemen steeds worden geconfronteerd met berichten over een burn-out, zelfmoord-poging, depressie of welke psychische aandoening dan ook, dan gaat dat niet ongemerkt voorbij en is dat van invloed op hoe deze volwassenen zelf hun geestelijke gezondheid inschatten. Sommigen zullen van die berichten somberder worden, zodat die direct de geestelijke gezondheid negatief beïnvloeden. Vervolgens zullen deze media deze cijfers die ze zelf helpen veroorzaken als een pseudo-onpartijdige nieuwsbron weer brengen als onheilspellend ‘objectief’ nieuws.

Dat is de race naar de bodem van de maatschappelijke verantwoordelijkheid van media. Ze proberen hun eigen rol uit te wissen. Het eigen handelen wordt uit eigenbelang schoongewassen ten koste van de volwassenen die zich mede door de onheilspellende berichten bedreigd voelen in hun geestelijke gezondheid. Dat is des te meer het geval wanneer deze media uitgaan van het meest sombere, zwarte scenario met overvolle ziekenhuizen en blijvende, strenge maatregelen.

Men kan zich afvragen hoe verantwoord media als het AD bezig zijn en hoe ze tijdens de berichtgeving over de coronacrisis spelen met de geestelijke gezondheid van volwassen Nederlanders. Het is de hoogste tijd dat de  belangenbehartigende NvJ en de Nederlandse nieuwsondernemers zich hier in het openbaar over uitspreken. Of de collega-media die wel hun verantwoordelijkheid nemen.

Foto 1: Schermafbeelding van deel liveblog over het Coronavirus van het AD, 11.15 uur op 25 februari 2021.

Foto 2: Schermafbeelding van deel artikelNieuws over dreigende corona-burnout bij 80 procent van jongeren is ‘totale quatsch’’ van Nieuwscheckers.nl, 16 februari 2021.

Adam Kinzinger spreekt zich uit voor de democratie en tegen de Trumpiaanse complotdenkers en de verspreiding van desinformatie

De Republikeinse afgevaardigde in het Huis uit Illinois Adam Kinzinger is het tegendeel van een opportunist. Hij toont moed en ruggengraat. Hij verzet zich tegen de pogingen van president Trump en zijn medestanders om de presidentsverkiezingen te stelen. Weliswaar een actie van gekken, maar tragisch genoeg een actie die niet geheel kansloos is. Nog steeds niet.

Achterliggend bij Trump is dat hij psychologisch zijn verlies niet kan toegeven en na zijn aftreden overspoeld zal worden met rechtszaken die hem, zijn familie en zijn bedrijf hard zullen raken. Hem mogelijk in de gevangenis doet belanden. Want de bescherming die het presidentschap hem bood valt na 20 januari 2021 weg. Hij zet nu alle middelen in zoals dictators doen om aan de macht te blijven. Het gaat niet om politiek verlies, maar om de economische en publicitaire belangen die daaruit volgen. Het ontneemt hem het belangrijkste waar hij zijn imago op gebouwd heeft: beeldvorming door marketing. Zijn tegenstribbelen moet met het oog op het vervolg van zijn carrière in politiek of media gezien worden als een roep om aandacht en een claim op urgentie. Van een president die feitelijk uitgespeeld is en al maandenlang geen beleid meer uitvoert en de lopende zaken heeft verwaarloosd. Zoals de bestrijding van de COVID-19 pandemie. Nu nog verergerd door de verspreiding van de B117-variant.

Zoals Kinzinger opmerkt geloven de complotdenkers die Trump volgen in het ter discussie stellen van Bidens overwinning niet echt dat Trump gewonnen heeft, maar volgen ze hem om bij hem een wit voetje te halen dat ze onmisbaar achten voor de voortzetting van hun politieke loopbaan en om hun kas te spekken. Want Amerikaanse politiek wordt bepaald door fondsenwerving en het overtuigen van grote donors. Die uiteraard altijd een tegenprestatie eisen. Vandaar dat de Amerikaanse politiek vooral in de afgelopen 10 jaar (na de uitspraak Citizens United) zo is vervreemd van de gewone burger.

Trump heeft nog 19 dagen de macht en kan overmorgen (3 januari 2020: aanslag op generaal Qasem Soleimani) een oorlog tegen Iran beginnen of vanwege vermeend en door hemzelf georkestreerd straatgeweld de Insurrection Act of 1807 inroepen met inzet van militaire troepen. De burgerlijke top van het Pentagon heeft hij ontslagen en vervangen door medestanders. Ze staan tegenover de militaire top en het is maar net de vraag wat bij het uitroepen van een noodtoestand onder tijdsdruk het zwaarste weegt. De commandolijn of het gezond verstand. Dat bepaalt het succes van zijn staatsgreep.

Kinzinger wijst op het verspreiden van desinformatie die tot officiële plekken als parlementen doordringt en zo door de opportunistische gekken witgewassen wordt. Ook het onwetende publiek weet zo niet meer wat waar en onwaar is. Techgiganten Facebook, Twitter en Google doen veel te weinig om de stroom aan desinformatie te stoppen. Ze lopen geen spat harder dan de politiek van hen verlangt en willen niet alleen het falen van de berichtgeving op hun platformen niet volmondig erkennen, maar erkennen slechts mondjesmaat dat ze een journalistieke functie hebben die zorgvuldig handelen vereist.

Gevoegd bij een kwaadwillende factie binnen de Republikeinse partij heeft de giftige cocktail van breed verspreide desinformatie en het ontbreken van democratisch en ethisch besef bij grote delen van een belangrijke politieke partij een bittere smaak. Kinzinger hoopt op beterschap, maar tegen destructie van een onwelwillende minderheid binnen een politiek bestel valt lastig op te boksen. Het is duidelijk dat Kinzinger, die met Mitt Romney en Justin Amash een van de Republikeinen is die zich duidelijk uitspreekt tegen Trump, door hem op de korrel genomen wordt.  Nog 19 dagen doet dat ertoe.

Weer zo’n debat over desinformatie en journalistiek: S.E. Cupp en John Avlon

Een gesprek tussen de CNN-journalisten S.E. Cupp en John Avlon over desinformatie en journalistiek. Ze hebben beide een gematigd profiel en willen de verdeeldheid in de Amerikaanse politiek en samenleving overwinnen en de democratie versterken. Wat nodig is om de desinformatie van president Trump en zijn medestanders terug te dringen blijft in het midden hangen. Cupp zegt bang te zijn. Hoe dan ook is het een goed voornemen om terug te vechten. Dat is echter een uitgangspunt en geen werkbare methode. Ja, de journalistiek moet onpartijdig zijn en elke president kritisch volgen. Dat is het abc van de journalistiek en het verschil met journalistiek activisme.

Maar waar laat dat de desinformatie via sociale media van wicheleroedelopers, graancirkelsdenkers, anti-vaccinatie activisten, anti-stikstof veeboeren, anti-pedofiele QAnon-isten en in het algemeen de anti-overheids leunstoelgeneraals in de VS en Europa die zo luidruchtig aan de weg timmeren? Het is niet zo dat de staat passief is en niet terugvecht. Inlichtingendiensten en krijgsmacht brengen de ondermijning via desinformatie in kaart. Maar omdat opstandige, malcontente of halsstarrige burgers het recht hebben om te liegen, te ontkennen en vals te beschuldigingen en ze met velen zijn kan de journalistiek dat in de publieke opinie nauwelijks meer bijbenen.

Wat is de oplossing? Die gaat in elk geval niet in de richting van staatspropaganda om de desinformatie van de complotdenkers te neutraliseren. Dan is het middel erger dan de kwaal. Het gaat evenmin in de richting van de versterking van de journalistiek omdat die grote groepen van de samenleving niet meer bereikt. Hoewel de journalistieke infrastructuur wel op peil moet blijven. Het vergroten van de mediawijsheid en politieke en historische kennis via een uitgebreid schoolprogramma van media educatie duurt te lang en komt te laat.

Er zit niets anders op dan te hopen dat de krachten in het midden van politiek en journalistiek hun werk blijven doen. Met het streven om problemen op te lossen. Dat houdt in dat sociaal-economische achterstanden van gemarginaliseerde groepen weggewerkt en uitwassen van het kapitalisme flink teruggedrongen moeten worden. Weg van het aandeelhoudersbelang richting duurzaamheid en burgerbelang. De horizon moet verbreed worden.

Als daarnaast techgiganten als Facebook, Twitter en Google eindelijk door strenge overheidsmaatregelen verplicht worden om hun volle verantwoordelijkheid te nemen als journalistiek medium, dan kan dat de functie van de journalistiek helpen opwaarderen. De verwachting is dat het rechts-populisme zichzelf overwint en overwaait als een mode waarover later opgemerkt wordt dat het net zoiets was als de provo’s in de jaren 1960. Een uiting van de tijdgeest. Oh, wat maakten we ons zorgen, maar wat is het vergeleken met wat ons in 2050, 2075 of 2100 overkomt?

Gerko Tempelman meent dat complottheorieën niet leiden tot actie, maar waarom vergeet hij de godsdiensten die dat wel doen?

Gerko Tempelman is filosoof en theoloog en manifesteert zich ook in de media. Zo heeft hij een YouTube-kanaal waarop hij in video’s zijn commentaren zet. In 2018 besteedde ik in een commentaar aandacht aan zijn commentaar ‘waarom religie maar niet wil verdwijnen’. Tegenover het ‘God is dood’ van Tempelman zette ik het ‘God is mensenwerk’ van Harry Kuitert. Bij de video wisselden we onze zienswijzen uit. Tempelman laat zich kennen als een rekkelijke en flexibele geest die toch niet treedt buiten het domein van de religie. Ofwel, Tempelman brengt de moderniteit naar de religie, maar zet niet de stap om de religie naar de moderniteit te brengen. Zijn worsteling of zielenstrijd op het grensvlak van traditie en moderniteit is illustratief en geeft aan hoe er in de meer vrijzinnige richtingen van het Nederlands protestantisme gedacht wordt.

Aanleiding is Tempelmans artikelHoe geloof in God en geloof in een complot elkaar raken’ in de NRC van 16 september 2020 dat ook in de Leven-bijlage van 19 september 2020 verscheen. Hierin is dezelfde worsteling tussen traditie en moderniteit te herkennen. Tempelman gaat verder dan zijn meer orthodoxe geloofsgenoten, maar niet zover als belangrijke progressieve theologen als Harry Kuitert, Hans Küng of Eugen Drewermann.

In zijn goed geschreven en interessant artikel heeft Tempelman het over complottheorieën. Zijn stelling onderbouwt hij aan de hand van het boek Not Born Yesterday: The Science of Who We Trust and What We Believe van de Franse cognitieve wetenschapper Hugo Mercier. Uitgangspunt ervan is dat ‘vrijwel alle pogingen tot massale overreding – hetzij door religieuze leiders, politici of adverteerders – jammerlijk mislukken’. Tempelman trekt die lijn door naar complottheorieën die nu zo in de aandacht zijn en velen als een bedreiging van zowel de democratie als het begrip ‘waarheid’ zien. Tempelman relativeert dat en meent dat complotdenkers slechts ‘reflectief’ in complottheorieën geloven. Daarmee bedoelt hij dat ze niet in actie komen. Deze complotdenkers moeten volgens Tempelman niet serieus worden genomen.

Het bezwaar is dat deze invalshoek voorbijgaat aan de ondermijning van dat begrip ‘waarheid’. Want ook als complotdenkers geen praktisch gevolg aan hun denken geven, dan nog zijn ze met hun in de praktijk onschuldige bespiegelingen op sociale media van invloed op het publieke debat. Dat gaat niet ongemoeid voorbij en is wel degelijk zorgwekkend. De ondermijning van het begrip ‘waarheid’ heeft als gevolg dat door velen feiten niet meer aanvaard worden en universele waarden én instellingen (democratie, rechtsstaat) ernstig gerelativeerd worden. Dat zorgt voor fragmentatie en verzwakking van de samenleving. Als men de politieke bedoelingen van actoren die complottheorieën bewust de wereld inbrengen in beschouwing neemt, dan ziet men dat het daarbij niet zozeer gaat om mensen in actie te brengen, maar om verdeeldheid te zaaien.

Het is wellicht volgens gelovigen onheus om op te merken, maar de grootste, meest ingenieuze en succesvolle complottheorie die de menselijke geschiedenis heeft gekend is die van de godsdienst. Tempelman ziet het als kleine stap om het geloven in zijn gereformeerd geloof te vertalen naar het geloven in complottheorieën. Ze raken elkaar volgens hem. Maar de stap terug om de praktische gevolgen van monotheïstische godsdiensten in de laatste 20 eeuwen te benoemen zet hij niet. Als hij dat deed, dan zou hij zien dat mensen wel degelijk door een complottheorie tot actie kunnen worden aangezet. Wie met een open blik kijkt, zonder godsdiensten een speciale positie te geven en buiten een kritische beschouwing te laten, moet constateren dat niet het uitblijven, maar het niet uitblijven van actie de ware aard van de complottheorie toont. Godsdiensten hebben mensen tot actie, om niet te zeggen geweld aangezet en dat gaat tot op de dag van vandaag door.

Religieuze propaganda werkt eraan mee om het idee te verhullen dat godsdienst een complottheorie is. Neem onderstaande kop in een artikel naar aanleiding van een onderzoek uit augustus 2020 van onderzoeksbureau Kieskompas dat zegt dat 20% van de achterban van de SGP in complottheorieën gelooft. Jan Schippers, directeur van het Wetenschappelijk Instituut van de SGP antwoordt ‘verbaasd’ op de uitkomsten: ‘Complotdenken combineer ik met een seculiere levensinstelling, zonder vertrouwen dat het wereldbestuur in Gods handen ligt. Mensen die niet meer in God geloven, kunnen van alles geloven en tot allerlei theorieën de toevlucht nemen.’ Tja, hier past een bijbelcitaat: ‘Waarom ziet u wel de splinter in het oog van uw broeder, maar merkt u de balk in uw eigen oog niet op?’. Niet 20%, maar 100% van de achterban van de SGP gelooft in complottheorieën. Namelijk die van het christendom. Die waarheid dringt niet door tot de gelovigen.

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelHoe geloof in God en geloof in een complot elkaar raken’ van Gerko Tempelman in NRC, 16 september 2020.

Foto 2: Schermafbeelding van deel artikel’20 procent SGP-achterban gelooft in complottheorieën’’ op CIP, 17 augustus 2020.

Wat er gebeurde met Alexei Navalny zullen we van de Russische propagandazender RT niet te weten komen. Dat is de strikte regel

Mijn reactie bij bovenstaande video van 18 september 2020 van de Russische propagandazender RT:

What a curious argument. Navalny was monitored 24/7 by the Russian intelligence services in the Russian Federation. So if they did their job properly, they will know exactly who poisoned Navalny. Maybe it was them themselves.

The Kremlin then demands that it receive the data from the German tests. But what is that based on?

Moreover, the argument is far from logical. Because if Navalny were poisoned on behalf of the Kremlin, which is the most likely scenario at this point, it would be unwise to include the perpetrator in the investigation. The Kremlin wants to join in to make that even more complicated. As with the investigation into MH17, Sergei Skripal and Aleksandr Litvinenko.

It is time for the Kremlin to start acting like an adult and for the propaganda broadcasters to abandon those childish and nonsense arguments. It has no level and damages the dignity of the Russian people. If the Russian Federation is to be taken seriously by other countries, it better start behaving seriously.

Jan Roos weet niet waarover hij praat. Met column over Trump verliest hij het laatste restje geloofwaardigheid dat hij nog bezat

Mijn reactie bij de columnTrump wint met historische zege straks groots van verwarde bejaarde Biden’ van Jan Roos op DDS. De column wekt medelijden op met een opinieleider die blijkbaar gedwongen wordt om zijn kletspraatjes te verkopen, maar geen idee heeft waarover hij praat en door niemand serieus genomen wordt:

Jan Roos is een clown. Hij noemt nieuws nepnieuws en noemt nepnieuws nieuws. Jan Roos keert het om. Jan Roos veegt feiten van tafel en boetseert met de overgebleven kruimels zijn fantasieverhaal. Jan Roos is het gezicht van 2020. Dat is het gezicht van iemand die aandacht wil en zijn meningen verkoopt zonder dat hij zelf gelooft wat hij zegt.

Het is te veel eer om Roos’ meningen te weerleggen omdat ze zulke aantoonbare onzin bevatten. Want het gaat hem duidelijk niet om het weergeven van de waarheid, maar om het vertroebelen ervan. Maar goed, ook Jennifer Griffin van Fox News heeft het bericht van Jeffrey Goldberg van The Atlantic over Trumps uitspraken dat gesneuvelde militairen ‘losers’ en ‘suckers’ zijn bevestigd. Vele critici en mensen die Trump al lang kennen hebben bevestigd dat dit past in het patroon van Trumps denken.

In zijn nieuwe boekRage’ tekent Bob Woodward op dat president Trump op 7 februari 2020 tegen hem in een (getaped) gesprek zei dat COVID-19 vijfmaal dodelijker is dan een gewone griep. Waar laat dat complotdenkers als Willem Engel of andere voormannen van deze tegenbeweging die op sociale media carrière maken door onwaarheden over COVID-19 te verkondigen? Onder meer met de claim dat een gewone griep dodelijker is dan COVID-19. Als Trump meent dat COVID-19 vijfmaal dodelijker is dan de griep, hoe brengen deze complotdenkers dan hun mening over Trump en COVID-19 in harmonie?

Sinds eind januari 2020 wordt Trumps beleid inzake de bestrijding van COVID-19 dagelijks aangevallen. Door onder meer Democraten, ex-Republikeinen en medische experts in zijn regering die door Trump op een zijspoor zijn gezet omdat ze de waarheid vertellen die Trump alleen tegen Bob Woodward bevestigt maar publiekelijk ontkent. Ofwel, Trump spreekt zichzelf tegen. Het is onzin van Roos dat Trump niet kan worden aangevallen op zijn beleid. Trump wordt continu aangevallen op zijn beleid. Roos heeft zitten slapen, begrijpt niets van de Amerikaanse politiek of liegt bewust.

Het is niet ondenkbaar dat Trump de verkiezingen van 3 november wint. Maar het wordt onwaarschijnlijk geacht dat hij de meeste stemmen krijgt. Ook in 2016 kreeg Hillary Clinton ongeveer 2,1% of 2,9 miljoen stemmen meer dan Trump. Roos’ bewering dat in 2016 uit de peilingen zou blijken dat Clinton met 97% zekerheid zou winnen is onjuist. Het is onduidelijk op welke data hij zich baseert. De meest gezaghebbende verkiezingstatisticus van de VS Nate Silver voorspelde op 8 november 2016 dat Clinton 71,4% en Trump 28,6% kans had om te winnen. Nu is die inschatting ongeveer hetzelfde, hoewel Trump het iets slechter doet met 25% tegen 75% kans voor Biden om te winnen.

Het probleem met het Amerikaanse electorale systeem waarbij niet de meeste stemmen gelden, maar via een getrapt systeem per staat kiesmannen worden gekozen, is dat het een vertekening van 3% in het voordeel van de Republikeinen heeft. Dat komt onder meer door de bovengemiddelde weging van het platteland waar overwegend Republikeinen wonen. Daarbij komt nog het actieve programma van kiezersonderdrukking en -ontmoediging van de Republikeinen, de desinformatiecampagne van de Russen op sociale media en specifiek voor 2020 het bewust afbreken door de regering-Trump van de Posterijen die het stemmen per post moeten faciliteren.

De inschatting is dat Joe Biden om gelijk te eindigen met Trump om deze redenen een vertekening van flink meer dan 3% moet wegwerken. Dat tekent gelijk het probleem van de opiniepeilers om deze aspecten in hun modellen te vangen. In 2016 was er nog de complicatie van de ‘derde’ kandidaten Jill Stein (Greens) en Gary Johnson (Libertarians) die voornamelijk stemmen bij de Democraten weghaalden. Zo haalde Stein in een staat als Michigan meer stemmen dan het verschil tussen de winnende Trump en Clinton was. Zonder Steins deelname had Clinton zeer waarschijnlijk deze staat en nog twee andere swing states gewonnen waar in totaal het verschil in stemmen ongeveer 70.000 was.

Het is begrijpelijk dat Jan Roos in de aandacht wil staan. Hij heeft nog wat goed te maken. Zijn eigen politieke carrière werd een grote mislukking. Het is echter niet te verwachten dat lezers zijn mening als een serieuze analyse beschouwen en anders lezen dan amusement. Roos is een symbool van zijn tijd. Hij kletst uit zijn nek en probeert zijn gebrek aan kennis over en inzicht in de Amerikaanse politiek om te keren door zichzelf te overschreeuwen. Jan Roos is het gezicht van 2020. Van de lachende clown die van binnen huilt. Om zichzelf.

Foto: Schermafbeelding van deel columnTrump wint met historische zege straks groots van verwarde bejaarde Biden’ van Jan Roos op DDS, 4 september 2020.

Misleidende column van Frits Bosch over Trump en Biden valt op te vatten als een vreemde reis naar een alternatief sprookjesland

Mijn reactie bij het artikelColumn Frits Bosch: Democraten spreken goed, maar slaan de plank toch mis’ op DDS, 25 augustus 2020. Met een rare rol voor een academicus die opgevoerd wordt als Bosch’ influisteraar.

De kern van de kritiek op president Trump van Democraten, Republikeinen, ex-Republikeinen en Onafhankelijken is het omgekeerde van wat Manfred Wolf zegt. Namelijk dat ze voelen en weten dat Trump niet voor hen, maar voor zichzelf spreekt. Trump en zijn kinderen beschouwen zich als ‘royals’ en gedragen zich als zodanig, namelijk vanuit het idee dat ze het recht op hun positie hebben.

Trump laat zijn persoonlijk belang voor het algemeen belang gaan. Dat begrijpen steeds meer kiezers. Niet in het minst door Trumps mislukte aanpak van COVID-19 waardoor hij onnodig de levens van Amerikanen in gevaar heeft gebracht. De kritiek op Trump is dat hij niks geeft om gewone Amerikanen en geen empathie heeft voor en verbondenheid toont met gewone mensen. Trump is vooral betrokken bij zijn donors die hij belastingvoordelen geeft.

Uit een recente peiling van ABC News / Ipsos blijkt dat Trump populariteitscijfers laag zijn en steeds verder wegzakken. Met 60% die hem ongunstig inschat, tegenover 32% gunstig doet Trump het slecht. Ook in vergelijking met Joe Biden die een score heeft van 45% gunstig tegenover 40% ongunstig. Dat is een verschil in persoonlijke populariteit van 33% in het nadeel van Trump. Dat is het grote verschil met 2016 toen Hillary Clinton even slechte cijfers had als Trump. De twijfelende kiezers liepen toen over naar Trump en lopen nu over naar Biden. Dat is het verschil tussen 2016 en 2020.

De stijlfiguur die Wolf hanteert is de omkering. Van zwart maakt hij wit, van hoog maakt hij laag en van dik maakt hij dun. Met als gevolg dat hij van een geloofwaardige academicus die hij was een ongenuanceerde partijpoliticus maakt. Waarom doet Wolf dat zichzelf aan? Is hij de Rudy Giuliani van San Francisco State University?

Zo zijn het niet de Democraten die de toon van het land bepalen, maar is dat Trump. Hij is 3,5 jaar aan de macht en bepaalt de toon van het land met zijn voortdurende tweets, persconferenties, interviews en losse uitspraken.

Trump zaait verdeeldheid, sluit Amerikanen uit en richt zich in zijn retoriek uitsluitend tot zijn basis van zo’n 40% van de kiezers. Trump doet geen enkele handreiking naar de gematigde centrumkiezers. Peilingen wijzen erop dat de meeste Amerikanen buiten adem zijn van de aandacht die Trump voor zichzelf creëert en zijn nalatigheid om zijn land kundig te besturen.

De consensus over de Democratische Conventie is dat de Democraten een breed platform, een brede tent, hebben weten te creëren en dat hun stem tamelijk eensgezind klonk. Ook Fox News sprak daar waardering voor uit. Democraten zetten hard in op de inhoud en bereiden een mogelijke regering serieus voor met beleidsprogramma’s. Zo zijn op Bidens website allerlei gedetailleerde plannen voor de reparatie van de buitenlandse politiek te vinden. Zeg, een nieuwe start. Zoals bekend heeft Trump de relaties met de Europese bondgenoten onder druk gezet en heeft hij zich om onverklaarbare redenen verbonden met autoritaire leiders zoals president Putin.

Hoe er binnen het Republikeinse establishment werkelijk over de eigen achterban wordt gedacht maakt Steve Bannon duidelijk. Voor zijn flessentrekkerij klopte hij met enkele medestanders de goedgelovige ‘deplorables’ tientallen miljoenen dollars uit de zakken om zogenaamd een grensmuur te bouwen die hij nooit van plan was om te bouwen. Bannon was de belangrijkste adviseur van Trump en staat nog steeds in contact met hem. Het OM heeft hem in staat van beschuldiging gesteld.

Geloofwaardige kritiek op Democraten moet een andere zijn. De vraag is niet of ze goed kunnen besturen of beleidprogramma’s en -nota’s kunnen produceren, want dat hebben ze keer op keer bewezen, maar of ze wel kunnen vechten. Zijn de Democraten wel opgewassen tegen de harde, bijna oorlogszuchtige toon van de Republikeinen die politiek bedrijven die valt samen te vatten als politiek van de verschroeide aarde?

Het uitgebreide programma van kiezersonderdrukking dat de Republikeinen (al vóór Trump) hebben opgetuigd moet vanwege demografische ontwikkelingen hun geleidelijk afkalvende steun bij de kiezers neutraliseren. De brug naar de niet-witte kiezer is onder Trump opgehaald. Zelfs president George ‘W’ Bush probeerde zwarte en Latino kiezers te bereiken. Het opvallende aan het Amerikaanse politieke systeem is dat kiezersonderdrukking succesvol is. In West-Europese landen zouden kiezers, politieke partijen en juridische colleges dit onrecht corrigeren, maar in de VS zijn de onregelmatigheden de regel geworden.

Dat is nog gerekend buiten de inmenging van het Kremlin in het electorale proces. Dat gebeurde in 2016 en herhaalt zich in 2020, zoals inlichtingendiensten en de Inlichtingencommissie in de Senaat objectief hebben vastgesteld. Daarnaast heeft het grote geld de macht in de politiek naar zich toe weten te trekken door een gerechtelijke uitspraak die dat mogelijk maakt (Citizens United; 2010).

Frits Bosch maakt een parodie van een serieuze analyse van de toestand in de VS. Hij probeert in navolging van Manfred Wolf alles in een links-rechts frame te passen. Maar dat gaat voorbij aan de werkelijke situatie. Op dit moment krijgt Trump de felste tegenstand van conservatieven die Trump beschouwen als een afvallige Democraat en iemand die de Republikeinse partij en zijn land in het verderf heeft gestort en de nationale veiligheid van de VS in gevaar heeft gebracht.

De breuklijnen lopen anders dan Bosch en Wolf het voorstellen. Want het merkwaardige is dat in de VS de grootste links-rechts tegenstellingen binnen de grote partijen te vinden zijn. In geen enkel ander land zouden een centrumrechtse, pro-establishment politicus als Joe Biden en een links-radicale progressieve vertegenwoordiger als Alexandria Ocasio-Cortez in dezelfde partij te vinden zijn. Voor Nederlandse begrippen is dat het verschil tussen de VVD en GroenLinks. In de Republikeinse partij is onder Trump de interne pluriformiteit afgenomen. De meeste gematigde Republikeinen hebben vanwege Trump de partij verlaten, zodat een tamelijk eenzijdig versie van het gedachtengoed van de Republikeinse partij is overgebleven. Uitzonderingen zijn politici als John Kasich en Colin Powell die echter al een loopbaan achter zich hebben. Voor de toekomst is dat een slecht uitgangspunt voor de partij om zich te vernieuwen en te herbronnen met nieuwe ideeën.

Of het verstandig is om de alternatieve feiten van Bosch en zijn influisteraar Wolf te negeren omdat ze toch maar uitsluitend resoneren in het eigen afgesloten domein van rechts-radicale retoriek of dat het zinvol is om ze te voorzien van nuanceringen en de echte feiten valt te bezien. Mij verbaast het niet dat Bosch die een karikatuur van zichzelf maakt zegt wat hij zegt omdat hij nu eenmaal niet beter lijkt te weten in zijn alternatieve werkelijkheid. Mij verbaast het wel dat een persoon als Wolf die wel beter weet niet de ruimdenkendheid en ruimhartigheid vindt om genuanceerd naar de Amerikaanse politiek te kijken. Dat is de tragiek van de politiek die slachtoffers maakt.

Zie hier voor een ander commentaar van 18 augustus 2020 op een DDS-column van Frits Bosch.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelColumn Frits Bosch: Democraten spreken goed, maar slaan de plank toch mis’ op DDS, 25 augustus 2020.

Misleidende column van Frits Bosch over Trump valt op te vatten als een raar sprookje. DDS is totaal losgezongen van de realiteit

Mijn reactie bij de columnTrump is bezig aan een inhaalrace’ van Frits Bosch op DDS. Wie het beschouwt als een sprookje dat niks met de werkelijkheid te maken heeft kan volop genieten van de absurde beweringen:

De auteur strooit met zoveel desinformatie, dat het lastig is waar te beginnen. Het is jammer dat Frits Bosch geen poging doet om de situatie te verduidelijken, maar klaarblijkelijk bewust een misleidend beeld van de realiteit geeft. Daar heeft de lezer van DDS die geïnformeerd wil worden niets aan. Ik ga de hoofdpunten van kritiek langs. Men kan zich overigens alleen maar afvragen uit welke duim Bosch zijn schijnwerkelijkheid zuigt en waarom DDS deze aantoonbare onzin publiceert.

De achterstand van president Trump in de peilingen is gemiddeld nog steeds zo’n 7 tot 8%. De peiling van CNN die een verschil van 4% meet wordt door deskundigen niet als representatief gezien, maar als een outlier, een afwijking.

De gezaghebbende statistische nieuwssite FiveThirtyEight van journalist Nate Silver voorspelt dat Joe Biden een kans van 72 tegen 27 heeft om in november 2020 tot president te worden gekozen. Dat vertaalt zich in 323 tegen 215 Electoral Votes voor Biden. Zeker is echter niks, het is nog lang tot 3 november 2020. Maar op dit moment wijzen alle peilingen erop dat Trump kansloos is.

De bevolking is BLM niet zat, maar steunt de antiracisme beweging. Dat is een tamelijk stabiele meerderheid die niet afneemt. Volgens onderzoek van Monmouth University beschouwt zo’n 76% van de bevolking racisme als een groot probleem. Dat is een forse toename van 26% vergeleken met 2015. Ofwel, de uitgangspunten van Trump om electoraal te kunnen profiteren van racistische uitspraken of kritisch te zijn op de antiracisme-beweging is fundamenteel slechter dan in 2016.

Wat Bosch bedoelt met zijn uitspraak dat Trump het goed heeft gedaan met ‘minder doden dan bij ons’ is onduidelijk. Maar als dat over de COVID-19 pandemie gaat, dan klopt deze observatie niet. De VS heeft op dit moment meer dan 170.000 doden als gevolg van deze pandemie, dat zijn proportioneel meer doden dan in Nederland of in andere westerse landen. Trump verkeert op voet van oorlog met zijn eigen medische deskundigen met als gevolg een volkomen mislukte bestrijding van COVID-19.

Economisch heeft Trump niet kunnen leveren wat hij beloofde. Daarmee heeft hij ook zijn sterkste wapen uit handen laten slaan. De groei van het BNP is in het tweede kwartaal van 2020 met 32,9% (op jaarbasis) gedaald. Dat is de hoogste afname in 75 jaar. De werkloosheid is hoog en een aantal van liefst 56,2 miljoen Amerikanen zocht in juli 2020 ondersteuning vanwege werkloosheid.

Werkloosheid en een haperende economie zijn geen aanbeveling om op Trump te stemmen. Daarbij komt de harde opstelling van de Republikeinse Senaatsfractie die weigert om de steunmaatregelen van het eerste pakket voort te zetten.

Joe Biden en Kamala Harris hebben niets met de zogenaamde antifa-beweging te maken. Ze nemen er afstand van. Dat zou ook niet logisch zijn omdat zowel Biden als Harris gematigde Democraten zijn die niks van The Squad of de links-radicalen moeten hebben.

Trump scoort slecht bij de gekleurde gemeenschap. Volgens een recent PEW-onderzoek heeft hij zo’n 11% steun onder Afro-Amerikanen. Biden heeft hier een marge van +81%. Trump heeft totaal niks voor de gekleurde gemeenschap gedaan. Of het moeten de spaarzame zwarte miljardairs en sponsors van hem zijn die hij een belastingvoordeel heeft gegeven door de invoering van een nieuw belastingstelsel dat de rijken bevoordeelt.

Kamala Harris komt uit California en is daar senator. Dat is een veilige Democratische zetel in een staat met een Democratische gouverneur die over haar vervanging gaat. Andere Democratische senatoren in staten die minder uitgesproken Democratisch waren hadden daardoor het nadeel om vice-president te worden omdat daardoor de gooi naar de meerderheid in de Senaat door de Democraten bemoeilijkt werd.

Kamala Harris wordt door de overgrote meerderheid van meer dan 90% van de Democraten enthousiast gesteund. De Democraten opereren hoe dan ook tamelijk eensgezind in hun steun voor Biden. Ze zien haar als een gekwalificeerde, stevige kandidaat die het bijvoorbeeld vice-president Mike Pence in de vice-presidentiële debatten aardig moeilijk kan maken.

Bosch laat zich kennen als iemand die nauwgezet de talking points van Trump volgt door president Obama en Hillary Clinton erbij te halen. Maar teruggrijpen naar het verleden toont een gebrek aan argumenten. Het is nu 2020 en niet 2016.

Trump laat zich kennen als een gevaar voor de democratie, de grondwet, het welzijn én het leven van gewone Amerikanen. Hij werkt samen met het Kremlin om door kiezersonderdrukking, fraude en misleiding de verkiezingen te stelen. Want normaal kan hij niet winnen. Vele Republikeinen zeggen voor Joe Biden te stemmen omdat ze het ermee eens zijn dat Trump alleen het belang van Trump dient. Niet dat van zijn land, dat van zijn bewoners en zelfs niet van zijn partij.

Het is een raadsel waarom een commentator van DDS meent Nederlandse lezers zoveel onwaarheden op de mouw te moeten spelden. Denkt hij dat die lezers gek zijn en zijn desinformatie geloven? Enfin, een ding maakt het duidelijk, DDS en Frits Bosch zijn er niet om de lezers te informeren, maar om ze te desinformeren.

DDS laat zich weer eens kennen als een politiek platform. Met journalistiek heeft dat niks te maken. Goed dat het weer eens bevestigd wordt. De verdienste van Frits Bosch is zijn misleiding. Hij is een prima sprookjesverteller.

Foto: Schermafbeelding van deel columnTrump is bezig aan een inhaalrace’ van Frits Bosch op DDS, 18 augustus 2020.