George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Gevestigde media

Axios geeft PVV populariteit van 29%. Waar haalt het dat vandaan? Van scoop naar canard

with 3 comments

axios

Het is een journalistieke wetmatigheid. Hoe dichter bij huis, hoe belangrijker het nieuws. Een gebroken been om de hoek is belangrijker dan een ongeluk met 1 dode in een buurland, of een ramp met 5 doden aan de rand van Europa, of met 60 doden aan het eind van de wereld. Zo werkt het bij journalisten, ze hebben de meeste kennis van hun eigen biotoop. Als het verder van huis is wordt het behelpen. En ligt het alternatieve feit, de leugen, het bedrog, de misleiding door verkeerde tussenpersonen of de foute interpretatie op de loer.

Hoe dat in zijn werk gaat laat de Amerikaanse nieuwssite Axios zien. Het had vandaag een scoop van Mike Allen over perschef van het Witte Huis Sean Spicer die namens Trump probeert te voorkomen dat de publieke en politieke opinie zich positief uitspreekt over een speciale aanklager naar de relatie van Trump met het Kremlin. Dat probeert Team Trump in de doofpot te stoppen. Daarom keert Trump zich zo tegen media die het proberen uit te zoeken. Dit bericht van Axios (‘Don’t sell BS’) werd door andere media druk geciteerd.

Maar wie hoog klimt, kan diep vallen. Een artikel over Europees extreem-rechts geeft de PVV een steun van 29%. Het is trouwens meer een verbinding van kadertjes, dan een artikel met een kop en een staart. Uit de meest recente peilingen blijkt echter geen steun van de PVV van 29%, maar slechts van 17%. Hoewel nog vele kiezers aarzelen en het theoretisch mogelijk is dat de PVV 29% zal halen. Maar uit de peilingen blijkt het niet. Waar baseert Axios zich op? Een steun van 29% voor welke partij dan ook zou opzienbarend zijn omdat het electoraat gefragmenteerd is. Er zijn geen grote partijen meer. Het CDA was in 2003 de laatste partij die met 28,6% met lijsttrekker Jan Peter Balkenende een resultaat scoorde dat enigszins in de buurt kwam van 29%.

Zo gaat internationale nieuwsvoorziening op sociale media. Zelfs serieuze media zuigen soms iets uit de duim en doen aan stemmingmakerij. Op de FB-pagina van Axios gaf ik volgende reactie: ‘It is hard to see the Dutch PVV will achieve 29% percent in the next elections. Polls don’t indicate such a support. In the most recent results of the ‘Peilingwijzer’ -which is the result of different polls- the PVV gets 17%. Although a large part of the electorate still hesitates. The tendency is that the PVV loses support. So my question, on which fact Axios based the support of 29% for the Dutch PVV? The more because the Dutch political landscape is fragmented and big parties don’t exist any longer. Can the editor please elaborate on this subject, I’m really curious how Axios has determined that rate of 29%. Please, answer.’ Als Axios reageert zal ik hier het antwoord plaatsen.

Foto: Schermafbeelding van deel artikel What you need to know about the right-wing movement consuming Europe’ op Axios, 27 february 2017.

Waar blijft het antwoord op de Russische inmenging in Europa?

with 10 comments

8d25540v

Er moet me iets van het hart waar ik al drie jaar over peins zonder op een begin van een antwoord te stuiten. Sinds ik me in februari 2014 verdiep in de toestand in Oekraïne zit ik om een afdoend antwoord verlegen.

Het is verbazingwekkend dat westerse landen als Canada, Frankrijk, Duitsland, Verenigd Koninkrijk en de VS nog steeds geen antwoord hebben om de informatieoorlog van het Kremlin lik op stuk te geven. Terwijl de technische ontwikkelingen notabene in Silicon Valley plaatsvinden en onze wereld ingrijpend veranderen.

Waar is de westerse kennis over psychologische oorlogsvoering gebleven die met name Britten en Amerikanen tijdens de koude oorlog hebben opgebouwd? Vaak met behulp van Duitse en Russische specialisten. In het niets verdwenen? Is het moedwil of misverstand om het Kremlin niet van repliek te dienen? Of gewoon lamlendigheid? Waarom kan de kennis die tot 1990 in de koude oorlog werd opgebouwd niet teruggehaald en opgefrist worden en als basis dienen voor het formuleren van een antwoord op Russische acties?

Steeds wordt gezegd dat de urgentie in westerse hoofdsteden wordt beseft. Talking heads zeggen in hun wijsheid al ruim drie jaar hetzelfde zonder het idee te geven werkelijk stappen te maken en verder te komen. Ook verder te willen komen? De zogenaamde liberale democratieën zouden onder druk staan door de Russische informatieoorlog. Zo zeggen dan de talking heads. Wie weet, maar waarom wordt er dan geen zichtbaar gevolg aan die urgentie gegeven? Waarom merken we niets van een antwoord dat hout snijdt?

Steeds weer zeggen westerse beleidsmakers, wetgevers en communicatie-deskundigen dat de op Europa gerichte Russische propaganda niet met westerse propaganda beantwoord moet worden, maar met het geven van informatie. Propaganda met propaganda beantwoorden zou een valkuil zijn. Maar schiet zo’n ethische opstelling niet tekort in een tijdperk waarin de waarheid en de feiten zelf ter discussie worden gezet?

Propaganda valt op te vatten als een slag om de publieke opinie. Die staat onder druk zoals media dagelijks verkondigen. Propaganda is een vorm van psychologische oorlogsvoering. Het misleidt en zaait angst. Het verhult eigen zwakheden door die van de ander te benadrukken. De Russische informatieoorlog is een direct verlengde van militaire en politieke strijd en geïntegreerd in krijgsmacht en politiek. Het is een journalistiek middel zonder journalistiek te zijn. De schijn van journalistiek is het wezen van propaganda.

Wat kunnen westerse landen doen als het hun menens is? Bedreig Putin om de informatie over zijn onwettig vergaarde rijkdom openbaar te maken als hij 1) de inmenging in westerse verkiezingen (VS, Frankrijk, Duitsland) niet per direct stopt en 2) de steun aan Europese rechts-extremistische partijen beëindigt.

Omlijst dat met een opsomming van kenmerken van de Russische Federatie. Deze regionale macht is economisch en staatkundig zwak en verdeeld. Geen natiestaat, maar een veelvolkerenstaat zonder kern. Zelfs militair zo zwak dat het een oorlog tegen de NAVO binnen twee weken verliest. Die informatie neemt de angst en het gevoel van dreiging bij een deel van de Europeanen weg die nu in onzekerheid worden gehouden. Door Russen en westerse landen die een gemeenschappelijk belang lijken te hebben. Hoe bizar het ook klinkt.

Het is van tweeën een. Of de urgentie bestaat om pro-actief op te treden tegen de Russische agressie die de Europese veiligheidssituatie en rechtsorde bedreigt. Dan moet er uit zelfbehoud en vanuit een idee van weerbaarheid om de democratie te verdedigen hard opgetreden worden tegen de Russische inmenging die de normale bemoeienis van staten met elkaar te buiten gaat. Landen bemoeien zich immers altijd met elkaar, maar in dit geval gaat het om grensoverschrijdend gedrag van het Kremlin, zoals dat wordt ervaren en gedefinieerd. Inzet is dat de Russische inmenging op straffe van een hard antwoord per direct moet stoppen.

Waarom is er geen zichtbare westerse informatieoorlog die de Russen een koekje van eigen deeg geeft? Al sinds 2014 lezen we over voornemens, plannen, taskforces en missies die in Brussel, Londen, Riga of Washington worden vormgegeven. Of wat nog tragischer klinkt: voorbereid. Maar in de praktijk valt er niets van te merken. Hoe komt dat? Wat zou er wel kunnen gebeuren met de op dit moment beschikbare middelen?

Of die urgentie bestaat niet en dan moet er in westerse hoofdsteden niet meegegaan worden in de retoriek van een nieuwe koude oorlog. Of een situatie met een verhoogd dreigingsniveau. Zoals gezegd, dat jaagt de eigen bevolking onnodige angst aan. Dan lijkt het alsof de Russische militaire en publicitaire dreiging wordt omgebogen om westerse bestedingen aan wapens op een hoger peil te brengen. De paradox is dat in het geval van een dreiging een passend antwoord uitblijft en in het geval van geen dreiging een antwoord wordt gegeven dat geen antwoord op de dreiging is. Wie houdt wie voor de gek en zet ons geestelijk in de kou?

Foto: Esther Bubley, Washington, D.C. Girls window shopping, 1943. Collectie Library of Congress.

Journalistiek is hardnekkig in jacht op Trump en zijn Russische connectie

with 8 comments

Amerikaanse media zijn de slaapzucht en schroom voorbij. Ze ruiken bloed, laten zich niet meer imponeren of voorliegen en volgen het spoor naar het Witte Huis. Waar een wankele, incompetente president Trump schade oploopt. De laatste weken leek het er even op dat de Russische connectie van Trump en zijn medewerkers in de doofpot gestopt werd. Maar daar is nu geen sprake meer van. Die fase is door het ontslag van nationale veiligheidsadviseur Mike Flynn definitief voorbij. Het spoor leidt naar president Trump zelf. Vergelijkingen met president Nixon worden gemaakt. Dat moedigt de competitie tussen journalisten aan om hun deel van de eeuwige roem te behalen die ooit de Watergate-journalisten Carl Bernstein en Bob Woodward ten deel viel.

Het helpt niet dat Trump in tweets de inlichtingendiensten blijft beledigen, zoals vanochtend: ‘The real scandal here is that classified information is illegally given out by “intelligence” like candy. Very un-American!’ Dat is geen poging tot schadebeperking -laat staan presidentieel gedrag- maar een oorlogsverklaring. Not smart. Onvermijdelijk blijven de inlichtingendiensten de media voeren met hun informatie over een president die ze niet vertrouwen. De storm gaat niet meer liggen voordat Trump is afgezet en door middel van   onthullingen een verklaring voor zijn onbegrijpelijk welwillende houding tegenover Putin is geopenbaard.

Hardliners als de ministers Tillerson en Mattis distantiëren zich voorzichtig van Team Trump, maar vooral Tillerson lijkt met een 500 miljard USD deal voor ExxonMobil gecorrumpeerd en betrokken bij zakelijke belangen in de Russische Federatie die de president geheim wil houden. En hem chantabel maakt. Intussen wordt het Russische regime in de westerse media zo beschadigd dat het de vraag is of de inspanning om Trump de verkiezingen te laten winnen loont en niet averechts werkt. Weliswaar worden de VS verzwakt door de chaos in het Witte Huis, maar tegelijkertijd zijn de NAVO-lidstaten extra alert op Russische militaire acties.

Trump kan door incompetentie presidentschap niet aan. Hoe straalt dat af op Europese rechts-extremisten?

with 6 comments

Donald Trump is zeer incompetent. Niet alleen als president, maar ook als projectontwikkelaar en als mens. Zijn incompetentie als president springt in het oog vanwege het risico voor de nationale veiligheid. Een incompetente en onvolwassen president kan tot rampen leiden. Daar maken velen zich zorgen over. Een afzetting (impeachment) wordt op z’n vroegst voorzien na de midterm verkiezingen van november 2018 als de Democraten genoeg winst kunnen boeken om een afzettingsprocedure te beginnen. Het is de vraag of de VS het zich kunnen veroorloven zolang te wachten. Trump is drie weken president en de chaos, het gebrek aan leiding en de wereldvreemdheid zijn immens. Met een risico voor niet alleen de VS, maar de hele wereld.

Hoe snel dat beeld van chaos en incompetentie in het Witte Huis tot het grote publiek doordringt is moeilijk te voorspellen. Trump en zijn team proberen de media verdacht te maken en zo de kritiek waar ze verslag van doen te ontkrachten. Dat levert een vertragend effect op. Maar de slechte berichten blijven zich opstapelen.

In een artikel voor Politico schetst Naomi O’Leary de inspanningen van conservatieve supporters van Geert Wilders om een ontmoeting van hem met Trump te arrangeren. Nu nog lijken Europese rechts-extremistische kringen zich om electorale redenen gretig met hem te willen associeren. Maar als voor het electoraat duidelijk wordt dat Trump niet bij machte is om leiding aan zijn land te geven en er een chaos van maakt kan dat snel afgelopen zijn. Dan blijkt dat Trumps kwaliteiten zijn gelegen in het neersabelen en kritiseren, niet in het verbinden, opbouwen en versterken van de samenleving. Dat laatste is een noodzakelijke voorwaarde voor een politiek leider. Omdat de Europese rechts-extremisten exact hetzelfde handelen, straalt de ontmaskering van Trump negatief op hen af. De hoop die Trumps volgelingen hebben dat na ‘de acht nachtmerrieachtige jaren’ van Obama hun moment komt kan snel vervlogen zijn. Als Geert Wilders wil scoren door zijn associatie met Trump dan moet hij opschieten. Voordat de associatie met Donald Trump op iedereen negatief afstraalt.

Onderzoeksjournalistiek van NRC: DENK verspreidt nepnieuws

leave a comment »

DENK is een gespleten partij die oproept tot verdraagzaamheid, maar onverdraagzaam handelt. Die harde toon en meedogenloze opstelling wordt vanuit de partij georkestreerd en is ongekend in de Nederlandse politiek. Alleen Geert Wilders namens de PVV is ermee vergelijkbaar. Maar DENK lijkt agressiever te zijn dan Wilders die toch een eenmansbedrijf is. In een commentaar noemde ik DENK en PVV schijnpopulistisch. Ze pretenderen voor het volk op te komen, maar dat is schijn die ze vooral op sociale media proberen te wekken.

NRC concludeert in een mooi voorbeeld van onderzoeksjournalistiek van Andreas Kouwenhoven en Hugo Logtenberg dat de partij tegenstanders monddood probeert te maken door de inzet van trollen. Met name PvdA’ers worden met nepaccounts agressief aangevallen. De twee oprichters van DENK splitsten zich in 2015 af van de PvdA. Tekenend is dat DENK door publiciteitsstunts vijanden creëert om zich tegen af te zetten. Zoals ‘de media’. Uit NRC blijkt dat Sylvana Simons die eind 2016 uit DENK stapte de enige in de partijtop was die af en toe bezwaar maakt tegen de agressieve manier van campagnevoeren. Dat pleit voor haar. Zonder dat ze daar iets over heeft gezegd kan het mede een overweging voor haar geweest zijn om uit DENK te stappen.

Of het hartstikke goed gaat met DENK, zoals partijleider Tunahan Kuzu zegt valt te bezien. De peilingwijzer geeft aan dat de partij tussen de 0 en 2 zetels kan halen bij de verkiezingen van 15 maart. DENK timmert aan de weg en heeft een mediabeleid en een omgaan met de feiten dat vergelijkbaar is met die van autoritaire leiders als Putin, Erdogan of Trump. Ze fabriceren door verdraaiingen en ontkenningen hun waarheid bij elkaar en zetten die naast de realiteit. Zodat het bestaan van één waarheid wordt betwist en alles kan worden gerelativeerd. Dit verklaart dat DENK media die onderzoek verrichten of kritisch verslag doen probeert af te schilderen als deel van het establishment. Een opzichtige wijze om zich te onttrekken aan verantwoording,

Kuzu zegt in het filmpje: ‘Meerdere journalisten van NRC zijn op dit moment aan het graven en aan het wroeten om iets te vinden over Denk. En binnenkort zullen ze vast en zeker opnieuw met een kulverhaal komen.” Hij sluit af met: „Trap er niet in!”’ Inderdaad trap niet in DENK. Per tweet heb ik gesolliciteerd naar een functie als DENK-troll. Wie wil niet behoren tot een politieke partij die zegt dat het hartstikke goed gaat?

denk

Foto: Schermafbeelding van tweet aan DENK, 11 februari 2017.

Het schijnpopulisme van DENK en PVV als dekmantel

with 4 comments

poster-patriot-the-1928_02-1

Ik zal niet op haar stemmen, maar ik heb wel waardering voor de strijd van Sylvana Simons. De haat op sociale media tegen haar begrijp ik niet. Simons heeft kritiek op DENK dat ze eind 2016 verliet. Het zou een partij voor Turkse Nederlanders zijn zonder dat DENK dat erkent. Toen ik de StemWijzer invulde stond tot mijn verrassing Artikel 1 zelfs op mijn tweede plek. Overigens bevat de StemWijzer normatieve en sturende vragen (’17. De regeling voor de aftrek van de hypotheekrente moet niet verder worden ‘aangetast”) en valt het te bezien of er waarde aan moet worden toegekend. In mijn ogen is het een te grof middel om politieke voorkeur te meten. Het is triest en tekenend dat zo’n speeltje blijkbaar nodig geacht wordt om de kiezers bij de politiek te trekken. Initiatiefnemer ProDemos onttrekt zich niet aan de tijdgeest van sexy, snel en hapklare brokken.

DENK is een soort PVV te zijn die het moet hebben van kritiek en niet van creatief meedenken. DENK en PVV bestaan in marketing en poppetjes, maar niet in inhoud. Bij de PVV is dat trouwens slechts één poppetje, Geert Wilders die vanuit zijn ivoren toren op Twitter campagne voert. En zoals Amerikaanse media in de eerste fase van de campagne door overmatige aandacht Trump op het schild hesen, zo houden Nederlandse media niet op aandacht te besteden aan de persoon Wilders. Onbewust helpen ze groot te maken wat ze menen te bekritiseren. Of liever gezegd, de publieke figuur ‘Wilders’ die zich profileert als islamkritisch en kritisch is op alles van rechts tot links zonder ergens warm voor te lopen en een hart voor te hebben. De rest van de PVV is niet-bestaand. Wanneer zien we interviews met de andere 30 kamerleden die namens de PVV in de kamer kunnen komen? Nooit. Zoals de PVV een partijprogramma heeft dat op één A4-tje past, zo maakt Simons duidelijk dat DENK vooral tegen is, maar niet nadenkt over oplossingen of ideeën ontwikkelt. DENK legt geen verbindingen naar andere partijen en de samenleving die anders is dan electorale binding van de doelgroep.

De paradox is dat partijen als DENK en de PVV pretenderen namens het volk te spreken, maar zich in hun marketing helemaal niet op het volk richten, maar op hun achterban die door de atypische samenstelling geen dwarsdoorsnede van het volk is. Dit soort partijen wordt populistisch genoemd, maar als dat betekent het in naam van het volk spreken, dan zijn de PVV en DENK eerder te omschrijven als schijnpopulistische partijen.

DENK is opgericht door Turkse-Nederlanders, verbreedde zich door het aantrekken van de Marokkaanse- Nederlander Farid Azarkan tot islamitisch en probeerde zich toen door de Surinaamse-Nederlander Simons te verbreden tot allochtonenpartij. Maar in de kern blijft het een partij van Turkse-Nederlanders waar voor de marketing laagjes vernis overheen zijn geschilderd. De PVV volgde een soortgelijke ontwikkeling en opbouw. Rond een islamkritische kern probeerde de partij zich met linkse, sociaal-economische onderwerpen zoals zorg, AOW en uitkeringen te verbreden en de achterban van sociaal achtergestelden die overwegend negatief tegen de toekomst aankijken te ronselen, en vast te houden. Dat lukt volgens de peilingen goed, maar de kern blijft islamkritiek en de kern van de achterban zijn mensen die de kritiek op vluchtelingen en moslims delen.

Door partijen als DENK en PVV in de beeldvorming niet langer te beschouwen als populistisch, maar als schijnpopulistisch of pseudo-populistisch wordt een misverstand opgeruimd. Onderzoeker Paul Lucardie omschreef in 2007/9 in zijn studie ‘RECHTS-EXTREMISME, POPULISME OF DEMOCRATISCH PATRIOTISME?’ het populisme niet als ‘een complete ideologie (zoals liberalisme of socialisme) maar een ‘dunne’ ideologie die meestal vastgeplakt wordt aan een ‘dikke’ ideologie of elementen daaruit.’ Populisme bestaat niet op zichzelf, maar verbindt zich altijd met een ‘dikkere’ ideologie. Lucardie typeert de beweging die Geert Wilders of Pim Fortuyn vertegenwoordigen als ‘democratisch patriotisme’. Waarbij de PVV sinds 2007/9 niet heeft stilgestaan en zich duidelijk in nationalistische richting heeft ontwikkeld. Het lijkt met de ‘minder, minder’-uitspraak van Wilders in een gematigd rechts-extremistische hoek verzeild te zijn geraakt. Hoe tegenstrijdig dat ook klinkt.

Sommigen vinden de negatieve lading van de term populisme voldoende om partijen te omschrijven. DENK en PVV komt de redelijk gunstige, maar verhullende typering populisme -die electoraal als geuzennaam gebruikt kan worden- echter niet toe. Want het ontneemt het zicht op waar het deze partijen werkelijk om te doen is: verdeeldheid zaaien, het tegen elkaar opzetten van bevolkingsgroepen door uitsluitend de eigen achterban te bedienen en het heimelijk aanhaken bij een ‘dikke’ ideologie. Dat heeft niets met het volk te maken.

Foto: Neil Hamilton in The Patriot (1928) van Ernst Lubitsch.

NOS Journaal de fout in met alternatieve feiten over Oekraïne. Waarom gaat het mis?

with 6 comments

nos

De hedendaagse nieuwsconsument kan breed georiënteerd zijn. Met wat talenkennis, historische kennis en een dosis nieuwsgierigheid kunnen de nationale nieuwsmedia voor veel internationaal nieuws overgeslagen worden. Want waarom de NRC, De Volkskrant, Trouw of de NOS geraadpleegd als ze verwijzen naar dezelfde media die in real time thuis online te raadplegen zijn? Met het nadeel dat ze daarmee 1 of 2 dagen en voor kranten in het weekend zelfs 3 dagen achterlopen op de primaire bron die rechtstreeks te raadplegen valt.

Wat een nationaal nieuwsmedium waarde geeft is verslaggeving over nationaal nieuws dat regio’s overstijgt, analyse van het belangrijkste internationale nieuws en de ontsluiting van kleine taalgebieden en moeilijk te bereiken regio’s. Om economische redenen bezuinigen Nederlandse media op hun correspondentennetwerk zodat dit voordeel steeds meer wegvalt. Wie iets wil weten over Mongolië, Groenland, Siberië of andere verre gebieden moet op zoek naar primaire bronnen of Engelstalige platforms die informatie over zo’n land geven.

Kortom, de uitgangspositie van een nationaal nieuwsmedium is lastig. Een deel van de goedgeïnformeerde nieuwsconsumenten laat het links liggen omdat het sneller en zonder selectie vooraf zelf feilloos online de bronnen van het nieuws weet te vinden. En daar duiding aan weet te geven. Maar een ander deel van de nieuwsconsumenten is door gebrek aan tijd, kennis, inzicht of interesse voor de informatievoorziening en de duiding van het nieuws wel afhankelijk van de nationale nieuwsmedia. Deze splitsing maakt het voor een nationaal nieuwsmedium lastig om de goede toonhoogte te vinden en een gemiddelde nieuwsconsument op de juiste manier aan te spreken. Want de ene nieuwsconsument weet veel te veel en de andere te weinig.

Feitelijk is dit het failliet van het idee van broadcasting dat steeds meer vervangen wordt door op specifieke doelgroepen gerichte informatie, narrowcasting. Technisch en economisch is dat bereik mogelijk geworden. Maar dat doelgroepenbeleid kent het nadeel van de isolatie die door de opgang van de sociale media steeds manifester wordt en als een bijna niet meer weg te poetsen nadeel wordt gezien. Op sociale media zijn in zichzelf gekeerde reservaten ontstaan waar nieuwsconsumenten gevoed worden door algoritmen die steeds weer de eigen voorkeur herhalen. Ze verkeren nog uitsluitend met gelijkgestemden. Nieuwsconsumenten die het eigen gelijk bevestigd willen zien worden niet meer uitgedaagd om verder te denken en dat gelijk ter discussie te stellen. Verbinding van groepen is de opdracht van actuele broadcasting. Nieuwsvoorziening is middel en doel, maar bevat ook een gratis cursus burgerschapskunde, integratie en staatsinrichting.  

Nationale nieuwsmedia hebben dus een verantwoordelijke taak die ook educatie omvat. Gisteren viel ik van mijn stoel van verbazing vanwege een item van 20 seconden over Oekraïne in het NOS Journaal van 20.00 uur dat presentator Rob Trip voorlas. Het begon zo: ‘Voor het eerst in maanden vechten Oekraïense militairen en pro-Russische separatisten weer tegen elkaar’. Deze zin zit er volledig naast en licht de nieuwsconsument foutief voor. Wie ook maar zijdelings de berichtgeving uit Oost-Oekraïne volgt weet dat het aantoonbaar onjuist is dat afgelopen maanden de oorlog heeft stilgelegen. Al sinds voorjaar 2014 is het het strijdtoneel van felle gevechten. Die zijn nooit geluwd, met elke dag doden of gewonden aan Oekraïense kant. En aan de andere kant evengoed. Dat valt door de redactie van het NOS Journaal met een eenvoudige check na te gaan.

Als er de afgelopen maanden op een buitenlandse missie type Uruzgan zoveel Nederlandse militairen zouden zijn gesneuveld als Oekraïense militairen in de oorlog met de Russische Federatie, dan zou de Nederlandse pers moord en brand schreeuwen. Het lijkt er sterk op dat de redactie van het NOS Journaal inzicht, detailkennis, journalistieke nieuwsgierigheid en gewoonweg belangstelling mist om een item van 20 seconden over Oekraïne anders dan plichtmatig af te handelen en van een tekst te voorzien die de lading dekt. Dit is een schandalig gebrek aan journalistiek vakmanschap van het NOS Journaal dat er met de pet naar gooit.

Het correspondentennetwerk van de NOS is ongelijk van kwaliteit en dat heeft zijn weerslag op de teksten die de presentator in de mond gelegd krijgt. De vaste Moskou-correspondent David Jan Godfroid covert sinds 2012 met incidentele uit Nederland ingevlogen reporters als Gert-Jan Dennekamp Oekraïne en blijft een zorgenkindje. Over Godfroid schreef ik in 2015: ‘De opstelling van David Jan Godfroid is een blamage voor de Nederlandse journalistiek en zijn reportages zijn ondermaats. Ze verklaren niet en voegen niets toe aan wat we al weten. (..)  Godfroid veronachtzaamt actuele bevindingen en lijkt geen stelling te durven nemen in deze oorlog. Vreest hij voor zijn hachje in Moskou of heeft hij zich in Moskou een Russische bril aangemeten waardoor hij niet helder ziet wat er in Oekraïne gebeurt? De NOS zou er verstandig aan doen Godfroid niet meer richting Oekraïne  te sturen en tijdelijk een geschikte correspondent in Kiev te stationeren.’ En in 2014 schreef ik over de twee journalisten: ‘Omdat NOS-journalisten David Jan Godroid en Gert Jan Dennekamp elk analytisch talent ontberen en weinig politiek inzicht hebben houden ze zich per definitie op de vlakte als het om duiding gaat. Ze verschuilen zich in nietszeggendheid achter hun in Hilversum bijgespijkerde valkuil van hoor en wederhoor wat hun als idee van evenwichtige journalistiek is bijgebracht.

Terwijl er kritiek is op president Trump die alternatieve feiten tot leidend begrip in zijn beleid maakt en media zich schrap zetten om dat te corrigeren gaat het NOS Journaal uit onbenulligheid, kwaadwilligheid of gewoon desinteresse de fout in. Zelfs voor de gemiddelde nieuwsconsument is het een ABC-tje dat de Oekraìens-Russische oorlog in de afgelopen maanden niet geluwd is en de zogenaamde pro-Russische separatisten in Donetsk en Loehansk al sinds zomer 2014 ‘opgeruimd’ of vervangen zijn door reguliere Russische militairen of lokale pionnen die als window dressing dienen en vanuit het Kremlin aangestuurd worden. Bij het Journaal woedt bij items over de Russische Federatie of Oekraïne de geest van Godfroid die relativeert als een filosoof, maar niet duidt als een journalist. Die filosofische nietszeggendheid dient om de waarheid te verhullen en onzin te verkopen. Waarom de hoofdredactie van het NOS Journaal genoegen neemt met de ondermaatse berichtgeving over het voor Nederland en de EU zo belangrijke Oekraïne is de terugkerende vraag geworden.

Foto: Schermafbeelding van item over Oekraïne in het NOS Journaal van 20.00 uur op 31 januari 2017.