Gedachten bij foto ‘Op de Dam te Amsterdam werden met een projectie-apparaat de uitslagen van de gemeenteraadsverkiezingen op een groot scherm getoond. In de muziekkiosk zorgden de Ramblers voor de muzikale opluistering’ (1958)

Het was nog maar in 1958 dat verkiezingen werden gevierd op pleinen en voor gebouwen van kranten waar de uitslagen druppelsgewijs binnenkwamen. De beschrijving bij deze foto toont een Nederland dat we nog nauwelijks kennen. Het doet ouderwets aan, maar kondigt al het begin van de moderne tijd met nieuwe communicatiemiddelen aan: ‘Op de Dam te Amsterdam werden met een projectie-apparaat de uitslagen van de gemeenteraadsverkiezingen op een groot scherm getoond. In de muziekkiosk zorgden de Ramblers voor de muzikale opluistering’.

De televisie is in 1958 nog nauwelijks doorgedrongen tot de huiskamers. Die opmars begint pas zo’n vijf jaar later als de welvaart over Nederland komt. Mede dankzij het gasveld van Slochteren. Ook toen al moest de verkiezingsavond ‘opgeluisterd’ worden. Zeggen we nu ‘oppimpen’? Welbeschouwd is zo’n avond een saaie bedoeling met veel dode momenten. Een enkel hard feit en vooral analyses, speculaties en projecties die toch nooit uitkomen zoals op deze verkiezingsavond wordt gezegd.

’t Heerlijk avondje is gekomen, ’t Avondje van het verkiezingsfeest, Vol verwachting klopt ons hart, Wie de koek krijgt, wie de gard, Vol verwachting klopt ons hart, Wie de koek krijgt, wie de gard.

Maakt het veel uit wie er wint? Dat valt te bezien. Alles is best als partijen binnen de democratie blijven en geen alternatief rechtssysteem willen optuigen. Daarom ben ik van mening dat de SGP en FvD ontbonden moeten worden omdat ze niet binnen de democratie passen en er een destabiliserende invloed op uitoefenen. Maar verder maakt het weinig uit. Zolang partijen de democratie niet omver willen werpen en min of meer hetzelfde wereldbeeld schetsen is er voor elke partij (behalve FvD en SGP) wel iets te zeggen. Met chips en bier, en wellicht een boek erbij, is het kijken naar de verkiezingsavond en het spieden naar de harde cijfers draaglijk infotainment.

Foto: Peter van Zoest (ANP), ‘Op de Dam te Amsterdam werden met een projectie-apparaat de uitslagen van de gemeenteraadsverkiezingen op een groot scherm getoond. In de muziekkiosk zorgden de Ramblers voor de muzikale opluistering’, 28 mei 1958. Collectie/ Archief: Fotocollectie Elsevier

Verschil in politieke voorkeur is ondergeschikt. Het gaat erom welke partijen gaan voor alleenheerschappij. Ontbind daarom FvD en SGP

NOS Stories heeft een interessant verslag over uitsluiting van jongeren vanwege hun politieke voorkeur. Vriendschappen worden verbroken omdat vrienden op een bepaalde partij stemmen. In dit geval FvD. Bij ouderen zal dit niet zoveel anders gaan.

Het is een lastig onderwerp. Dat blijkt omdat alles door elkaar wordt gehusseld. Alle partijen die deelnemen aan de verkiezingen en waar dus op gekozen kan worden zijn democratische partijen die de democratische rechtsstaat ondersteunen. Anders zouden ze ontbonden of verboden zijn.

Een democratie moet weerbaar zijn en partijen die de democratie aanvallen niet laten bestaan, laat staan faciliteren met zendtijd, spreektijd en financiële ondersteuning. Dat is het afzagen van de taak waarop we zitten.

Partijen kunnen veranderen of hun ware aard verhullen. Dat laatste is nog niet zo makkelijk om aan te tonen. En waar leg je de grens? Het zou goed zijn als over de weerbaarheid van de democratie een publiek debat zou ontstaan. Ook in het onderwijs.

Het debat zou dan niet zozeer moeten gaan over ‘foute’ politieke beweringen zoals het feit dat er geen probleem is met het klimaat, dat COVID-19 niet meer dan een griepje is of dat bevolkingsgroepen achtergesteld moeten worden, maar over de ondubbelzinnige steun van de partijen voor de werking van de democratie

Dat betreft dan niet maatregelen die discrimineren en waar de Nederlandse Orde van Advocaten (NOvA) op wijst. Die zijn zeker ongewenst, maar spelen op een ander vlak. Ze kunnen op het niveau van de rechtspraak bediscussieerd worden. Liefst met een educatieve toelichting van het ministerie van Justitie erbij.

Er zijn democratische partijen die betwisten of er doelpunten worden gemaakt en er zijn anti-democratische partijen die de doelpalen tot buiten het veld willen verplaatsen. Democratische partijen zijn opponenten waarmee men het oneens kan zijn en waartegen men kan strijden. Anti-democratische partijen willen de wedstrijd stilleggen en eenzijdig de uitslag bepalen zonder dat de wedstrijd gespeeld wordt en andere partijen zich daar nog tegen kunnen uitspreken.

Je zou kunnen zeggen dat PVV ‘foute’ beweringen doet, maar binnen de democratie blijft en die niet ter discussie stelt. FvD doet ook ‘foute’ beweringen, maar stelt het bestaan van de democratie en de democratische instituties wel ter discussie. Dat onderscheid wordt in het publieke debat onvoldoende gemaakt. FvD is in de kern een grotere bedreiging voor de democratie dan de PVV.

Als het criterium is dat partijen die tot doel hebben om met uitsluiting van andere partijen de bestaande democratische orde omver te werpen en hun eigen autocratie te vestigen, dan zouden partijen als FvD en de theocratische SGP die een orde wil vestigen die gebaseerd is op Gods woord verboden moeten worden. Zij zijn een bedreiging voor de democratie.

FvD en SGP willen andere politieke partijen waarmee ze nu het politieke spectrum vormen ondergeschikt maken aan hun eigen op te tuigen nieuwe orde. Daarmee verliezen de ander partijen hun functie en moeten ze ondergeschikt zijn aan ‘staatspartij’ FvD of SGP.

Kiezers mogen van mening verschillen over hun politieke keuze. Laat ze maar met elkaar discussiëren over belangrijke en onbelangrijke thema’s. Maar dat verdoezelt niet het feit dat er op dit moment twee partijen zijn die als doel hebben om op termijn dat debat eenzijdig naar zich toe te trekken. Hoe theoretisch en ver weg die stap ook is. Dat is ongewenst en in strijd met politiek realisme dat de democratie weerbaar, levensvatbaar en ‘open’ wil houden.

Het laten bestaan van SGP en FvD is een aangekondigde zelfmoord van de democratie. Daarom moeten ze ontbonden worden. Want als het idee van politiek het verdelen van de macht is, dan passen daarin geen partijen die dat uitgangspunt niet delen.

Dat alles zou in dit soort verslagen die zijn bedoeld om te informeren beter uitgelegd moeten worden. Het opereren van anti-democratische partijen is geen sociaal, maar een politiek-juridisch onderwerp. Dit verslag reduceert zoiets essentieels als de werking van de democratie tot intermenselijke verhoudingen. Door te focussen op die verschillen wordt het essentiële verschil niet belicht.

 

Simpele geesten die deelnamen aan de rellen worden gestraft, maar leunstoelgeneraals die ertoe hebben aangezet blijven buiten schot

De simpele geesten die deelnamen aan de rellen komen nu voor de rechter. De eisen zijn fors. Naast gevangenisstraf dreigen er ‘megaclaims’ voor betrapte daders waarvan ze de gevolgen tientallen jaren ondervinden. Het OM heeft al beslag gelegd op bankrekeningen en auto’s van verdachten. Het ED citeert in een bericht de Eindhovense advocaat Thom Beukers: ‘Stel dat je deel hebt genomen aan de plundering van de Jumbo en je wordt als enige geïdentificeerd, dan draai je op voor alle schade. Dat kan in de tonnen lopen’.

Tegelijkertijd heeft het iets onrechtvaardigs dat de simpele geesten die deelnamen aan de rellen worden opgepakt en de schade op hen verhaald wordt, terwijl de aanstichters en ophitsers buiten schot blijven. Zoals politici van PVV en FvD die in de aanloop naar de rellen de boel flink hebben opgehitst, de initiatiefnemers van organisaties als Viruswaanzin of de aan de zijlijn koffiedrinkende failliete feestorganisator Michel Reijinga die zich distantieert van de demonstraties op het Amsterdamse Museumplein waartoe hij heeft opgeroepen.

De vergelijking met de bestorming van het Capitool op 6 januari is door velen gemaakt. Ondanks de verschillen zou dat de inspiratie voor deelnemers aan de rellen zijn geweest. Onder het mom, kijk eens hoe makkelijk de democratie aan het wankelen kan worden gebracht. Wie de vergelijking verder doortrekt ziet nog iets anders. Namelijk dat drie weken later de Republikeinen terugkomen op hun eerdere houding van de dagen na de rellen om de bestorming te veroordelen. Nu hebben de rijen zich weer gesloten, wordt het feit ontkend dat vanuit ultra-rechtse hoek de bestorming werd geleid en hervindt president Trump geleidelijk zijn geslonken machtsbasis.

Als hetzelfde voor Nederland te verwachten valt, dan zullen de extreem- en radicaal-rechtse politici en initiatiefnemers over twee weken de aard van de rellen ontkennen en gaan doen alsof er niks ernstigs gebeurd is. Als de regering Rutte de ontmanteling van de extreem-rechtse organisaties wil forceren, en dus de leunstoelgeneraals achter de schermen wil aanpakken, dan moet het daar nu ernst mee maken  voordat het momentum verloopt en ultra-rechts (mentaal) gehergroepeerd is en een nieuwe strijdroute heeft ontwikkeld.

Failliete feestorganisator Michel Reijinga distantieert zich van verboden demonstratie op het Museumplein. Hoe hypocriet is dat?

Hardliners in het veld die door deelname aan acties tot het gaatje gaan verdienen een zeker respect. Dat is de eerbied van de rechte rug en de oogkleppen. Hoewel hun acties afkeurenswaardig zijn. Maar ze dragen stoer verantwoordelijkheid voor hun complotten, dwarsdenken en verdachtmakingen en lopen daar niet voor weg. Die opstelling is de naïviteit van de simpele geest. Die is nu eenmaal dol op adrenaline, aandacht en alternatieve feiten.

Anders is het gesteld met degenen die anderen bewust aanzetten tot illegale of verboden acties en zich daar vervolgens met smoesjes van distantiëren. Ze halen de geest uit de fles en doen achteraf net alsof ze daar niks mee te maken hebben. Dat effect is echter vooraf te voorzien en wordt enkel en alleen door de initiatiefnemer in gang gezet. Zij verdienen geen respect omdat als het link wordt en op hen dreigt terug te slaan ze als initiatiefnemers hun eigen daad proberen uit te wissen. Ze doen daarmee hun eigen geloofwaardigheid en integriteit geweld aan.

Een hypocriete geest kent niet de rechtlijnigheid en opopgesierde onnozelheid van de simpele geest, maar wel de schijnheiligheid en schijnredenering van de lafaard. De leunstoelgeneraal zet het voetvolk eerst op tot een illegale actie tegen de overheid en laat dat vervolgens in de steek.

In Amsterdam was er op 17 januari 2021 een demonstratie op het Museumplein tegen de COVID-19 maatregelen van de overheid waarachter de volgens De Telegraaf  ‘failliete feestorganisator’ Michel Reijinga de drijvende kracht was. De demonstratie op die plek was op verzoek van de gemeente door de rechter verboden. Reijinga zei zich van de demonstratie waartoe hij het initiatief had genomen te hebben gedistantieerd. Hij distantieert zich ook van de relschoppers van wie hij zegt dat hij ze niet in de hand heeft. De schijnheiligheid wordt door Reijinga’s uitspraak in een bericht voor AT5 extreem doorgevoerd: ‘Ik heb de hele dag moedwillig met een kop koffie in mijn handen aan de zijlijn gestaan. Mijn deel is niet deelnemen aan een demonstratie.’ Hij suggereert dat hiermee zijn verantwoordelijkheid voor de demonstratie volledig is uitgewist.

Dat weglopen voor het eigen initiatief gebeurde ook bij de bestorming van het Capitool in Washington DC op 6 januari 2021. Dit was voor vele demonstranten op het Museumplein een voorbeeld dat navolging verdiende. Die bestorming leidde tot vijf doden en was een georkestreerde actie van radicaal-rechtse initiatiefnemers en geldschieters om president Trump aan de macht te houden. De bestorming is van vele kanten scherp bekritiseerd. Velen die weloverwogen opriepen tot deze actie en daar later door anderen voor zijn aangewezen hebben zich er achteraf van gedistantieerd. Dat geldt onder meer Republikeinse senatoren en afgevaardigden in het Huis. Omdat ze betrapt werden als actievoerder aan een mislukte, illegale actie ontkennen ze achteraf verantwoordelijkheid voor wat ze hebben aangericht omdat het hun maatschappelijke, economische en politieke positie beschadigt.

Het voetvolk van simpele geesten wordt opgepakt en de hypocriete geesten denken zich te kunnen verdedigen door het argument dat ze slechts koffie aan de zijlijn hebben gedronken. Zo kan alles worden gereduceerd tot een spelletje. De ondergang van anderen én de democratie worden teruggebracht tot tijdverdrijf en onschuldigheid.

Foto: Schermafbeelding van deel berichtInitiatiefnemer verboden demonstratie distantieert zich van relschoppers: ‘Ik heb niet iedereen in de hand’’ op AT5, 18 januari 2021.

Media praatten vanaf het begin Trump (en Baudet) goed. Kritiek kreeg geen kans. Wat het ergst is, ze hebben er blijkbaar niks van geleerd

Nu in de VS Trumps presidentschap ten einde loopt en op 20 januari 2021 eindigt klinkt er steeds meer kritiek op de media. Zij hebben Trump de gelegenheid gegeven om zijn praatjes te communiceren zodat hij de macht kon grijpen, terwijl het vanaf het begin duidelijk was dat het om een gestoord en gevaarlijk individu ging. Door passend handelen hadden media de kritiek op Trump een meer prominente plek moeten geven. Pas later kwamen de media met kritiek op hem. Hoewel dat soms ferm was, werd de kritiek van psychiaters verzwegen en niet doorgegeven.

Overigens valt ook de zogenaamde deskundigen die de media ‘voeden’ met ‘content’ heel wat te verwijten. Zij hebben de media op het verkeerde been gezet. In veel gevallen wilden ze de ernst van het gevaar van Trump niet zien en voorspelden ze dat hij wel binnen de lijntjes zou kleuren.

In Nederland was het Willem Post die op 15 november 2016 een opinie-artikel in NRC plaatste dat kopte: ‘Het zal wel meevallen met Trumps dwaze avonturen’. In een commentaar van 17 november 2016 antwoordde ik: ‘Het gaat vreselijk worden. Het zou ook de Nederlandse media sieren dat ze de berichtgeving over Trump niet normaliseren. Of sussende opinies zoals die van Willem Post die volgen uit een fikse portie wensdenken niet publiceren zonder disclaimer. Media moeten niet meegaan in de suggestie dat ‘het allemaal wel zal meevallen’ met president Trump. Het gaat naar alle waarschijnlijkheid niet meevallen, maar tegenvallen.’ En tsjonge, wat viel het tegen met Trump en hoe zat Post ernaast met zijn opgepimpte autoriteit. Maar zoals zo vaak, terugkijken is er bij deskundigen en media niet bij en zelflerend vermogen dat als zodanig wordt benoemd ontbreekt.

In Nederland gebeurde hetzelfde met Thierry Baudet. Hij is ook een gestoord individu met krankzinnige denkbeelden die in het begin van zijn opkomst door de media tamelijk ongefilterd werden doorgegeven. Pas later kwam er kritiek op Baudet, maar toen was zijn naam al gevestigd en kon de journalistiek zich alleen nog maar afvragen hoe het deze tovenaarsleerling groot had helpen maken en wat voor schade aan de democratie het door eigen naïviteit had berokkend. Ook dat besef leidde niet tot een publieke reflectie op het eigen falen.

De paradox is dus dat er van buiten de gevestigde media fundamentele kritiek klinkt op de gevestigde media die hun functie van poortwachter van de democratie niet naar behoren hebben vervuld, maar de media zelf niet tot inzicht komen die wordt omgezet in een beleidsverandering. Of wat nog kwalijker is, ze zijn wel degelijk tot dat inzicht gekomen, maar doen er om economische of politieke redenen niets aan. Hoe dan ook is het resultaat hetzelfde: oorverdovende stilte en het ontbreken van publieke reflectie op het eigen handelen.

Dat is zorgwekkend, omdat de media in het geval van Trump (in de VS) en Baudet (in Nederland) niets geleerd lijken te hebben. Het wachten is op de volgende rechts-radicale politicus die door de zogenaamde ‘linkse’, maar in werkelijkheid ‘rechtse’ media die de status quo en de gevestigde belangen onderschrijven, op het schild wordt gehesen. Het is zelfs de journalistiek niet gegeven om niet de fouten van de vorige oorlog te herhalen. Laat staan dat het al een antwoord op de volgende oorlog kan voorzien door deductie van wat zich nu vroegtijdig aankondigt.

Om geloofwaardig te blijven is een fundamenteel debat binnen de media nodig dat reflecteert op het veranderde medialandschap en de radicalisering van de politiek en dat verder gaat dan een kritisch stuk van een goedwillende ombudsman ergens achter in een krant als aflaat voor een schoon geweten. Dat is te mager om serieus te zijn.

Foto: Schermafbeelding van deel eigen commentaarMedia praten Trump nu al goed. Met voorop wensdenkende Amerika-deskundigen die weten dat hij binnen de lijntjes blijft’ van 17 november 2016.

Wanneer komen journalisten van gevestigde media tot het besef dat ze de opkomst van de rechts-radicale populisten hebben ondersteund?

Er bestaat in het publieke debat verschil van mening over wie er het meest verantwoordelijk is voor de opkomst van populisten als Trump, Wilders, Baudet, Farage, Boris Johnson en dat soort rechts-radicale nationalistische politici.

Vertegenwoordigers of sympathisanten van de gevestigde media wijzen naar de almacht van Facebook, Twitter en Google (YouTube) die zich eerder als technisch-intermediaire dan journalistieke platforms beschouwen en ruimte hebben gecreëerd voor complotdenkers. Dat is geen onjuiste gedachte die echter voorbijgaat aan de verantwoordelijkheid van de traditionele media die daar vooraf aan gaat.

Want zowel voor- en tegenstanders van deze media huldigen het idee dat een nieuwsbericht pas vaart krijgt als het in de gevestigde media op een neutrale en niet-kritische manier verschijnt. Het geeft het complot legitimiteit.

Het is dus logisch om te veronderstellen dat de oorzaak voor de opkomst van de rechts-radicale populisten enkel en alleen te wijten is aan de traditionele media. Ze hebben hun verantwoordelijkheid niet genomen en hun taak verzaakt om tijdig en ondubbelzinnig te signaleren wat voor gevaar voor de democratie types als Trump vormden.

Media hebben het laten gebeuren.

Wat vaak vergeten wordt is dat net als de techgiganten ook de mediaconcerns grote economische belangen hebben en doorgaans niet onafhankelijk handelen. Ondanks redactiestatuten of de formele autonomie van redacties. Er bestaat ook zoiets als indirecte druk om zich te voegen in een economische structuur. Dat kan bij journalisten resulteren in zelfcensuur, sociaal inschikken binnen het mediabedrijf waar men werkzaam is en het achterwege laten van initiatieven om de nek uit te steken. Evenmin is het een uitzondering dat kritische artikelen onder druk van de leiding van een nieuwsmedium om partijpolitieke redenen worden teruggetrokken.

Het gebrek aan alertheid van de traditionele media is niet iets waar ze trots op kunnen zijn. Daarom is bij hen het mechanisme in werking getreden om de schuld af te schuiven en sociale media en complotdenkers de schuld te geven voor de opkomst van rechts-radicale populisten en de beschadiging van de democratie. Dat is stoer achteraf praten van mannetjesputters die zich met terugwerkende kracht doen kennen als verzetshelden na de oorlog.

Journalisten van de gevestigde media verwarren twee aspecten. Ze maken zichzelf kleiner en onmachtiger dan ze werkelijk zijn en ze verwisselen oorzaak en gevolg. Want als ze met hun media niet hadden verzaakt om de populisten vanaf het begin als gevaar voor de democratie te kenmerken, dan hadden deze nooit zo’n opgang op sociale media en in de politiek kunnen maken. Maar ze verscholen zich veilig achter hun beroepscode die dicteert dat een zaak van meerdere kanten moet worden belicht. Ze zagen niet in dat ze hiermee hun verantwoordelijkheid en ethisch besef afschoven. Die enerzijds-anderzijds houding heeft degenen bevoordeelt die de gevestigde orde wilden afbreken en ze relatief makkelijk en ongecensureerd hun doorgaans krankzinnige mening konden geven.

De conclusie moet zijn dat zo beredeneerd het verschil tussen Facebook dat tot voor kort elke journalistieke verantwoordelijkheid van zich afwimpelde en de gevestigde media die dat op een andere manier deden door een in de jaren 1950 geformuleerde beroepscode als excuus te gebruiken om geen stelling te nemen miniem is en in de praktijk op hetzelfde neerkwam.

In het artikelBiographer Michael D’Antonio on the most “subversive and traitorous federal official” in history’ op Salon heeft Trump-biograaf Michael D’Antonio kritiek op de Amerikaanse gevestigde media. Hij verklaart dat door de wereldvreemdheid en de geïsoleerde positie waarin journalisten verkeren. Ze hebben op enkele uitzonderingen na de urgentie gemist van de sektevorming van Trumps opkomst.

Gevoegd bij de economische belangen van mediaconcerns en een meer dan 65 jaar oude beroepscode die onvoldoende is geactualiseerd en niet is toegesneden op de kwaadaardigheid van types als Trump heeft dat geleid tot de situatie waarin we nu verkeren. In de VS is er een gevaarlijke situatie ontstaan die kan leiden tot een succesvolle staatsgreep en in Europese landen heeft zich een fikse dwars- en dwaasdenkende minderheid gevormd die zich gesterkt en gemobiliseerd weet rondom sociale media. Het heeft de gevestigde media als katalysator voor de eigen opkomst achter zich gelaten en is onbereikbaar geworden in geest en denkbeelden.

Foto’s: Schermafbeelding van delen van het artikelBiographer Michael D’Antonio on the most “subversive and traitorous federal official” in history; Author of “The Truth About Trump” on his last-ditch coup — and his future as cult leader and theme-park impresario’ op Salon, 30 december 2020.

Adam Kinzinger spreekt zich uit voor de democratie en tegen de Trumpiaanse complotdenkers en de verspreiding van desinformatie

De Republikeinse afgevaardigde in het Huis uit Illinois Adam Kinzinger is het tegendeel van een opportunist. Hij toont moed en ruggengraat. Hij verzet zich tegen de pogingen van president Trump en zijn medestanders om de presidentsverkiezingen te stelen. Weliswaar een actie van gekken, maar tragisch genoeg een actie die niet geheel kansloos is. Nog steeds niet.

Achterliggend bij Trump is dat hij psychologisch zijn verlies niet kan toegeven en na zijn aftreden overspoeld zal worden met rechtszaken die hem, zijn familie en zijn bedrijf hard zullen raken. Hem mogelijk in de gevangenis doet belanden. Want de bescherming die het presidentschap hem bood valt na 20 januari 2021 weg. Hij zet nu alle middelen in zoals dictators doen om aan de macht te blijven. Het gaat niet om politiek verlies, maar om de economische en publicitaire belangen die daaruit volgen. Het ontneemt hem het belangrijkste waar hij zijn imago op gebouwd heeft: beeldvorming door marketing. Zijn tegenstribbelen moet met het oog op het vervolg van zijn carrière in politiek of media gezien worden als een roep om aandacht en een claim op urgentie. Van een president die feitelijk uitgespeeld is en al maandenlang geen beleid meer uitvoert en de lopende zaken heeft verwaarloosd. Zoals de bestrijding van de COVID-19 pandemie. Nu nog verergerd door de verspreiding van de B117-variant.

Zoals Kinzinger opmerkt geloven de complotdenkers die Trump volgen in het ter discussie stellen van Bidens overwinning niet echt dat Trump gewonnen heeft, maar volgen ze hem om bij hem een wit voetje te halen dat ze onmisbaar achten voor de voortzetting van hun politieke loopbaan en om hun kas te spekken. Want Amerikaanse politiek wordt bepaald door fondsenwerving en het overtuigen van grote donors. Die uiteraard altijd een tegenprestatie eisen. Vandaar dat de Amerikaanse politiek vooral in de afgelopen 10 jaar (na de uitspraak Citizens United) zo is vervreemd van de gewone burger.

Trump heeft nog 19 dagen de macht en kan overmorgen (3 januari 2020: aanslag op generaal Qasem Soleimani) een oorlog tegen Iran beginnen of vanwege vermeend en door hemzelf georkestreerd straatgeweld de Insurrection Act of 1807 inroepen met inzet van militaire troepen. De burgerlijke top van het Pentagon heeft hij ontslagen en vervangen door medestanders. Ze staan tegenover de militaire top en het is maar net de vraag wat bij het uitroepen van een noodtoestand onder tijdsdruk het zwaarste weegt. De commandolijn of het gezond verstand. Dat bepaalt het succes van zijn staatsgreep.

Kinzinger wijst op het verspreiden van desinformatie die tot officiële plekken als parlementen doordringt en zo door de opportunistische gekken witgewassen wordt. Ook het onwetende publiek weet zo niet meer wat waar en onwaar is. Techgiganten Facebook, Twitter en Google doen veel te weinig om de stroom aan desinformatie te stoppen. Ze lopen geen spat harder dan de politiek van hen verlangt en willen niet alleen het falen van de berichtgeving op hun platformen niet volmondig erkennen, maar erkennen slechts mondjesmaat dat ze een journalistieke functie hebben die zorgvuldig handelen vereist.

Gevoegd bij een kwaadwillende factie binnen de Republikeinse partij heeft de giftige cocktail van breed verspreide desinformatie en het ontbreken van democratisch en ethisch besef bij grote delen van een belangrijke politieke partij een bittere smaak. Kinzinger hoopt op beterschap, maar tegen destructie van een onwelwillende minderheid binnen een politiek bestel valt lastig op te boksen. Het is duidelijk dat Kinzinger, die met Mitt Romney en Justin Amash een van de Republikeinen is die zich duidelijk uitspreekt tegen Trump, door hem op de korrel genomen wordt.  Nog 19 dagen doet dat ertoe.

Vertrouwen in Willem-Alexander is in 2020 fors gedaald. Dat biedt kansen voor een debat over de staatsvorm: Monarchie of Republiek

Volgens een opiniepeiling van IPSOS in opdracht van Nieuwsuur is het vertrouwen in koning Willem-Alexander fors gedaald. De NOS zegt in een bericht: ‘In april van dit jaar had nog 76 procent van alle Nederlanders tamelijk veel of veel vertrouwen in de koning, in december is dat nog maar 47 procent’. Een meerderheid die vertrouwen heeft in de koning is in 2020 veranderd in een minderheid. Als reden wordt het gedrag van  Willem-Alexander genoemd waar forse kritiek op kwam. Tekenend is Youp van ’t Hek die in zijn wekelijkse NRC-column de aanschaf van een 2 miljoen euro kostende speedboat door de koning ter discussie stelt. Voor een later afgebroken reis naar Griekenland midden in de lockdown die reizen naar het buitenland verhoogde Willem-Alexander evenmin zijn acceptatie.

Sinds 10 oktober 2020 ben ik lid van het Republikeins Genootschap. Dat heeft met Floris Müller een woordvoerder die de Republikeinse zaak redelijk kan bepleiten. Wat journalist Max Westerman in de video zegt verklaart grotendeels de tot voor kort grote steun voor de Nederlandse monarchie. Voor zijn zelfstandigheid en zijn gebrek aan onderdanigheid wordt hij gestraft met uitsluiting. Maar de Oranjepropaganda die altijd zo sterk aanwezig was in Nederland en in de media was verankerd lijkt uitgewerkt. De tijdgeest wijst de andere kant op. Daarom is het moment gekomen om het pleidooi voor een Republiek serieus te nemen.

In commentatoren noemde ik afgelopen jaren de hielenlikkers, pluimstrijkers, hermelijnvlooien, gladstrijkers en jaknikkers die de monarchie bewieroken. Sommigen ervan durven zichzelf journalist te noemen. Op 13 april 2020 schreef ik in een commentaar het volgende: ‘Maar één gegeven staat als een paal boven water. De bewieroking van de monarchie door de hielenlikkers, pluimstrijkers en hermelijnvlooien zal niet veranderen. Dat is in beton gegoten. Journalisten, kamerleden en opinieleiders blijven het koningshuis kritiekloos volgen. Op een uitzondering als Max Westerman na die de overdadige luxe van het koningshuis ter discussie stelt in een opinie-artikel. Het Nederlandse koningshuis is volgens onderzoek van de Gentse hoogleraar Herman Matthijs het duurste of op een na duurste van Europa. Na Noorwegen. Dat is bizar. Maar nog vreemder is dat er totaal geen politiek debat over is. Hoe kan dat? Nederlandse politici hebben over alles en nog wat een mening, of menen die te moeten hebben, maar over de monarchie zwijgen ze. Of worden ze tot zwijgen gebracht. Er is af en toe kritiek zoals in 2014 van het toenmalige Groningse PvdA-kamerlid Jan Vos. Maar hij moest van zijn eigen partij zijn kritiek inslikken.

Is de tijd voor een maatschappelijk debat over de zin en onzin van de monarchie aangebroken? Koning Willem-Alexander heeft door zijn gedrag in 2020 zijn eigen glazen en dat van de Nederlandse monarchie ingegooid. Het lijkt zelfs op een provocatie van iemand die er zelf graag het bijltje bij neergooit. Het is gewenst dat het nu aan het volk is om zich er eens over uit te spreken wat voor staatsvorm Nederland dient te hebben. Dat debat is altijd van bovenaf gemanipuleerd. Dat past niet meer bij onze tijd.

The Downfall. Trumps gijzeling van de Republikeinse partij moet eerder religieus en psychologisch, dan politiek verklaard worden

Wat er op dit moment binnen de Republikeinse partij gebeurt, kan beter begrepen worden binnen een religieus of psychologisch, dan binnen een politiek kader. De Republikeinse strateeg Mike Murphy en de Democratische strateeg James Carville geven hun opinie over de gekte in de Republikeinse partij. Politici als senator Ted Cruz weten beter, maar leveren zich over aan de eindstrijd van president Trump. Ze weten dat ze samen met hem ten onder zullen gaan, maar kunnen zich blijkbaar niet aan zijn dwang onttrekken. Geen enkele objectieve waarnemer begrijpt waarom deze Republikeinse politici die nota bene eerder door Trump geschoffeerd werden hun goede naam te grabbel gooien en de politieke geschiedenis in zullen gaan als domme meelopers.

Wat nu gebeurt in de Republikeinse partij doet denken aan een omschrijving van een boek van de Duitse socioloog en filmtheoreticus Siegfried Kracauer: ‘Die These ist, dass es in Deutschland bestimmte „Kollektivdispositionen“ gegeben habe, nämlich eine Neigung zum Morbiden und Makabren bei gleichzeitiger politischer und kultureller Verunsicherung, die zum tieferen Verständnis des Nationalsozialismus berücksichtigt werden müsse‘. Het idee is dat er in het Duitse volk in pakweg de eerste drie decennia van de 20ste eeuw “collectieve disposities” waren die de bedding vormden voor de opkomst van Hitler. Namelijk de neiging tot het morbide en macabere met gelijktijdige politieke en culturele onzekerheid. Welnu, dat morbide en macabere treft nu ook de Republikeinse partij waar de traditionele Republikeinen uit zijn verdreven of zich stilzwijgend ophouden in de marge.

Als lemmingen schaarden de Duitsers zich achter de nationaal-socialisten van wie al snel bleek dat ze een verloren zaak vochten en alle toenmalige grootmachten tegen zich kregen. Maar toen konden ze zich mentaal en fysiek niet meer aan Hitlers dwang onttrekken. Hetzelfde gebeurt nu met president Trump. Hij is net als kanselier Hitler leider van een gevaarlijke sekte die met religieuze aantrekkingskracht en wit racisme zijn volgelingen bezweert en meesleept in zijn eigen ondergang. Het verschil met nazi-Duitsland is dat er een alternatief is en dat president-elect Joe Biden op 20 januari 2021 Trump opvolgt als president. Uit rancune en een slecht verwerkt verlies gijzelt Trump de Republikeinse partij waar hij de baas speelt en probeert hij de Amerikaanse democratie te vernietigen. Na mij de zondvloed, ofwel ‘Après moi, le délugeis Trumps hogere waarheid.

Deze storm van gekte zal overwaaien. Zoals alle gektes met de claim van een parallelle wereld overwaaien. Die van de nazi’s en de Japanners in de jaren 1930, die van de hippies in de jaren 1960 of die van de Sovjet-communisten tot 1989 die gegijzeld werden door de leugen van de ideale samenleving die bij nader inzien niet zo volmaakt was. Hoe dan ook zal Trumps macht vanaf januari 2021 afnemen. De harde kern van supporters die angst hebben voor alles wat niet past bij hun witte eigenheid zal hem blijven steunen, maar steeds meer mensen zullen hem hun steun ontzeggen. Het valt te hopen dat in de Republikeinse partij de gekte afneemt en dat de VS zichzelf hervindt.

Het feit dat om te beschrijven wat er op dit moment in de VS gebeurt uitsluitend apocalyptische parallellen kent geeft aan hoe ernstig de situatie op dit moment is. Straks in het theater: The Downfall, Donald Trump in zijn bunker.

 

Helpt de ferme vergelijking van Trump met Hitler die als waarschuwing en middel tot mobilisatie is bedoeld?

Het is nog 39 dagen tot de Amerikaanse presidentsverkiezingen op 3 november 2020. De VS en de westerse wereld houden hun adem in omdat er veel op het spel staat. De Amerikaanse democratie inclusief de democratische instituties hebben Trump sinds 2017 nauwelijks overleefd en zal naar verwachting bij een tweede termijn van Trump definitief het loodje leggen. Dan komt ook Europa in de problemen omdat Donald Trump algemeen beschouwd wordt als een marionet van de Russische president Vladimir Putin.

In peilingen heeft de Democratische kandidaat Joe Biden al maanden een voorsprong van 5 tot 10 procent op Trump, ook in swingstates. Maar zoals de Stalinistische waarheid zegt, het gaat er niet om hoe mensen stemmen, maar wie de stemmen telt. Zo tekent zich een asynchrone campagne af waarin de Democraten proberen mensen naar de stembus te krijgen en de Republikeinen zoveel mogelijk mensen daartoe proberen te ontmoedigen en juridisch en bestuurlijk alles in gereedheid brengen om de verkiezingen te stelen.

De verkiezingen zijn hoe dan ook al niet eerlijk door vier vertekeningen in het voordeel van de Republikeinen: 1) overwaardering van het platteland in het electorale systeem waardoor ze in het congres grofweg een voordeel van 3% hebben (zo heeft Washington DC geen vertegenwoordigers in de Senaat terwijl het meer inwoners heeft dan een Republikeinse staat als Wyoming); 2) een actief programma van kiezersonderdrukking door de Republikeinse partij (restricties toegang tot stembus; schuiven met de grenzen van kiesdistricten, zogenaamd Gerrymandering); 3) een electoraal systeem waarbij niet de meeste stemmen gelden, maar via een getrapt systeem per staat de uitslag wordt bepaald, het zogenaamde Electoral College. Democraten hebben bij de laatste zeven verkiezingen zesmaal de meeste stemmen gehaald, maar slechts viermaal de president geleverd; 4) Een Republikeinse oververtegenwoordiging in het Hooggerechtshof is niet in lijn met de demografische ontwikkelingen van de VS en biedt de Republikeinen de kans om legitimatie te geven aan wetgeving én onwettig handelen van een zittende Republikeinse president. De laatste twee jaar is dit effect van vertekening nog verder versterkt door de sjoemelende minister van Justitie Bill Barr die optreedt als persoonlijke advocaat van Trump. Als de ‘Roy Cohn’ die voor senator Joe McCarthy vieze zaakjes opknapte.

Commentator voor MSNBC en marketingdeskundige Donny Deutsch neemt in het ochtendprogramma Morning Joe geen blad voor de mond en vergelijkt Trump met Hitler. Eerder wezen historici als John McNeill en Timothy Snyder al op het autoritaire of fascistische gehalte van Trump. Het kan het publiek niet meer ontgaan. In 4 jaar tijd is Trump geëvolueerd van een aarzelende semi-fascist naar een volbloed fascist. Dit maakt somber over de toekomst van de VS en de ruimte die onder Trump landen als de Russische Federatie gekregen hebben om de Amerikaanse democratie te ondermijnen. Of het veel helpt om Trump te vergelijken en gelijk te stellen aan Hitler valt te bezien. Trump heeft een trouwe achterban van zo’n 43% van het electoraat en als hij zo’n 6% door sjoemelen en gestaakte tellingen kan stelen dan wint hij de verkiezingen. En verliezen wij.