George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Kunst

Ontdekt kringloopwinkel vroeg werk van Mondriaan? Verhaal met een baard

leave a comment »

Het moet niet gekker worden. De Marokkaans-Nederlandse Mohamed Boualia -met baard- die werkt bij de Kringloopwinkel Naarden heeft in een opgehaalde boedel een vroeg werk van Piet Mondriaan ontdekt. En is er blij mee. Door nader onderzoek moet vastgesteld worden of het werkelijk een werk van Mondriaan betreft.

Integratie kan niet beter uitgelegd worden door Boualia’s blijdschap en interesse in moderne kunst. Waar Nederlandse politici die kunst de rug toekeren als het niet in hun marketing past. De omgekeerde wereld?

Breuklijn tussen traditionalisten en gevestigde politiek vraagt om antwoord dat waarden centraal zet

with 2 comments

wt

Aldus Ishaan Tharoor in een opinie-artikel voor The Washington Post. Hij geeft een correctie op een politiek debat dat door framing een te eenzijdige invalshoek heeft gekregen. Het is niet het beleid van Putin, Trump, EU, globalisme of de machtspolitiek tussen landen, maar het beroep dat daarbij gedaan wordt op waarden.

De basale scheiding tussen autoritaire leiders als Erdogan, Putin of Trump met hun rechts-extremistische volgelingen als Le Pen, Wilders of Farage en de rest van de politiek is gelegen in de houding tegenover immateriële aspecten als nationaliteit, identiteit, kunst, religie, secularisering en traditionele waarden.

Autoritaire leiders en hun acolieten brengen die missie niet in pure vorm, maar verwateren het en kleden het aan met kritiek op de gevestigde orde en hun zelfbenoemde rol om namens het volk te spreken. Terwijl ze in vele gevallen bij uitstek de vertegenwoordigers van de gevestigde klasse zijn of het volk in meerderheid helemaal niet achter deze leiders staat, maar achter politici van de middenpartijen. Zoals Hillary Clinton die 3 miljoen meer stemmen kreeg dan Trump of Wilders die in peilingen slechts zo’n 20% van de stemmen trekt.

Het is autoritaire leiders om de macht te doen. Doel is om de macht vast te houden en uit te breiden. Niets bijzonders, want dat doet elke politicus. Maar door de instituties buiten spel te zetten proberen autoritaire leiders hun politieke leven te rekken en rivalen uit te schakelen. In het geval van Putin worden verkiezingen gemanipuleerd doordat de oppositie bij voorbaat uitgeschakeld is, staatsmedia in dienst staan van de officiële kandidaat en uitslagen vervalst worden. Met als gevolg dat het zittende bewind in het Kremlin zich niet hoeft bezig te houden met het verdedigen van de eigen positie, maar de aanval kan inzetten. Bijvoorbeeld op de EU.

Of conservatieven en traditionalisten werkelijk traditioneel denken of dat ze dat traditionalisme om politieke redenen aanwenden om steun te verwerven is geen makkelijk te beantwoorden vraag. Het beroep op christelijke waarden en nationalisme van de in de kern pragmatische leiders als Putin en Trump die het om macht en geld te doen is lijkt ingegeven door opportunisme. Ze trekken die waarden aan als een politieke jas die ze ook zo weer uit kunnen trekken. Het is mogelijk dat bij andere autoritaire of rechts-extremistische politici de waarden dieper zitten, maar ook de uit de liberale VVD afkomstige Wilders lijkt de islamkritiek een politieke jas die hij ooit om partijpolitieke redenen heeft aangetrokken. Dat hij daarna door isolatie en bedreiging die leidden tot zijn radicalisering vergroeid is geraakt met die jas van islamhaat is mogelijk.

Het beste antwoord op de conservatieven en traditionalisten door de middenpartijen is niet het meegaan in de framing over de EU, de euro, het globalisme of de positie van de Russische Federatie of Oekraïne. Het beste antwoord gaat onder de huid van de traditionalisten en zoekt ze op door in het politieke debat centraal te zetten wat ze aan waarden zeggen te verwerpen. Zoals hedendaagse kunst, secularisering, etniciteit of een open samenleving. Toon maar aan hoe achterlijk en economisch dom de verwerping daarvan is. Om aan te spreken moeten de middenpartijen zich hierover wel krachtiger en duidelijker dan nu positief uitspreken.

De praatjes van conservatieven en traditionalisten over elite, volk of islam zijn niet de hoofdzaak. Het is een afleiding om hun opportunisme en greep naar de macht te verhullen. Door in te zoomen op de waarden die de traditionalisten verwerpen kan aangetoond worden dat de tegenstellingen die ze in het publieke debat als fundamenteel presenteren oppervlakkig zijn en bedoeld zijn om hun ware bedoelingen te verhullen. Dit betekent geen teruggang naar naïef multiculturalisme, volledige open grenzen of een proces van outsourcing van de maakindustrie. Het betekent realisme, werken aan de herbevestiging van het oppergezag van de politiek en echte machtsdeling van politiek met burger. Voorbij de schijnoplossingen van de traditionalisten.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelBeyond Flynn, other ties bind the White House to the Kremlin’ van Ishaan Tharoor in The Washington Post, 13 februari 2017.

De kunst van ‘Boef’

leave a comment »

boef

Sofiane Boussaadia uit Tilburg noemt zich met zijn artiestennaam ‘Boef’. Hij is een Algerijns-Nederlandse rapper met een Franse nationaliteit. Hij heeft van de politierechten in Breda op 11 januari 2017 een taakstraf van 80 uur en een geldboete van 150 euro gekregen voor het beledigen van twee agenten en het zich ‘niet houden aan een gedragsaanwijzing’. Een bericht in het AD doet verslag van de rechtszitting.

Interessant is wat de officier van justitie zegt: ‘De overheid moet een krachtig signaal afgeven richting mensen die de politie treiteren en vernederen. Er is totaal geen sprake van kunst, van rappen. Hij spuit gewoon zijn onvrede.’ Dit is echter een idee van kunst dat te kort door de bocht is. Want deze officier suggereert een tegenstelling tussen kunst en ‘het gewoon spuiten van onvrede’. Maar dat slaat het fundament weg onder kunst die zich niet verzoent met de gevestigde orde, zich daartegen verzet en ‘gewoon onvrede spuit’.

‘Boef’ lijkt evenmin te begrijpen wat kunst is. Zelfs in grote lijnen lijkt hij geen idee te hebben wat kunst is als hij zegt: ‘Ik ben artiest. Misschien had ik het anders moeten verwoorden. Het is kunst. Het is goed voor m’n imago. Een imagoboost. Alles wat ik zeg is enigszins kunst.’ ‘Boef’ verschuilt zich achter kunst en verwart dat met de beeldvorming die het oproept. Hij benadert kunst van de buitenkant en ontspoort met een antwoord op een vraag van de officier: ‘Mensen vinden het grappig. Als het grappig is in ogen van anderen, is het toch artistiek.’ Maar grappigheid maakt een uiting nog niet tot kunst. Dan zou elke grappenmaker kunstenaar zijn.

De definitie van kunst is lastig en gebonden aan tijd, achtergrond en cultuur. De opvatting van kunst verandert continu doordat er nieuwe kunstvormen ontstaan of met elkaar versmelten en oude verdwijnen. Rap is een muziekstijl met een lange voorgeschiedenis. Via de worksongs van de Afro-Amerikaanse slaven, het scat zingen van jazzzangers als Cab Calloway en Ella Fitzgerald, de hiphop van de jaren ’80 en de nederhop.

Daarnaast maakt een scheppende activiteit een individu nog niet tot kunstenaar. Vele individuen maken foto’s, schilderijen, gedichten, spelen in bandjes of koren, maar zijn daarmee nog geen kunstenaar. Dat vraagt kennis, geschooldheid en vakmanschap. De vraag of ‘Boef’ een kunstenaar is die kunst maakt kan niet beantwoord worden aan de hand van zijn argumenten voor de rechtbank. Die juist tegen hem pleiten door de onnozelheid. ‘Boef’ heeft in elk geval geen benul van wat kunst is. Samen met de officier van justitie.

Foto: Schermafbeelding van deel artikel80 uur werkstraf voor rapper Boef’ van NOS, 11 januari 2017.

Written by George Knight

12 januari 2017 at 14:57

Kunst moet een list verzinnen: aansluiten bij een politiek doel

with one comment

ornette-colleman-free-jazz-atlantic-1364-gatefold-1800-ljc

Soms leiden verkeerde bedoelingen tot goede uitkomsten. En omgekeerd kunnen goede bedoelingen tot slechte resultaten leiden. Neem de theorie dat de promotie van ‘moderne kunst’ een Westers instrument was in de strijd met de toenmalige Sovjet-Unie. Alweer een oude theorie die midden jaren ’90 met feiten werd onderbouwd. Zie hier een toelichting in The Independent. De CIA zou ermee sinds het eind van de jaren ’40 het communisme bestreden hebben, terwijl de kunst waarmee de Sovjet-bevolking werd geconfronteerd in de VS bij het grote publiek matig tot negatief werd ontvangen. De abstract expressionistische schilder Jackson Pollock stond niet voor niets bekend als ‘Jack the Dripper’. Maar kunstenaars profiteerden van die promotie.

Mijn eerste kennismaking met Pollocks werk gaat terug naar begin jaren ’70 toen ik de elpee Free Jazz (1961) van Ornette Coleman kocht, met een uitklaphoes met een reproductie van White Light uit 1954 van Pollock. Het tijdperk 1955-1965 dat de overgang symboliseert naar kunst waarin vervreemding in navolging van de ‘uitvinder’ Bertolt Brecht een hoofdthema wordt en de representatie van de werkelijkheid verder afgeschaald wordt. Vooral in de cinema (Antonioni, Kurosawa, Bunuel, Godard), de jazz (Coleman, Coltrane, Shepp, Ayler) en de beeldende kunst (De Kooning, Rothko, Pollock, Motherwell) is die scheidslijn duidelijk te herkennen. Elders omschreef ik dat in enkele schetsen als transitie. Tevens een tijdperk van hoop en in te lossen beloften.

Hoe is het mogelijk dat de hedendaagse kunst van de jaren ’40, ’50 en ’60 een wapen kon worden in de Koude Oorlog met de Sovjet-Unie? Hoewel het belang ervan nou ook weer niet overschat moet worden. Maar nu is kunst als politiek wapen nauwelijks nog voor te stellen. Eigenlijk kennen we het in getemde vorm alleen nog als landenpromotie bij staatsbezoeken. Nederland zet dan kunst in het zonnetje waarmee het zich meent te kunnen onderscheiden: design, ballet, Concertgebouworkest of geïmproviseerde muziek. Dan dient kunst als smeermiddel voor politieke doeleinden. De tanden van de kunst zijn in dat geval bij voorbaat afgevijld.

eclisse-l-1962-001-monica-vitti-back-shot-00o-7lv

De EU doet veel te weinig met kunst en cultuur als politiek middel. Terwijl de Europese kunst toch zo rijk is. Steven ten Thije (Mondriaanfonds) gaf in een video uit 2014 een aanzet tot een debat om kunst en cultuur een belangrijke rol te geven binnen de EU, maar moest een concreet antwoord hoe dat moest uiteraard schuldig blijven. Zie hier voor mijn commentaar en genoemde video. Onpartijdig is de inzet van kunst niet, want het staat haaks op de intenties van sommigen om de EU te laten fragmenteren. Thierry Baudet en andere nationalisten keren zich met hun theorie over het thuisgevoel en de vrees voor het eigene ook tegen het modernisme in de kunst dat het gevoel van vervreemding zou versterken. Baudet noemt dat oikofobie.

Die geslotenheid en dat thuisgevoel ontmoedigen. Het is trouwens opvallend dat voorvechters van de natiestaat zo weinig met nationale kunst ophebben. Dat is een tegenstelling die ik nog steeds moeilijk kan verklaren, hoewel het wellicht beter is dat dit zo is. Waarom werden in de 19de eeuw Vondel en Rembrandt tot nationale iconen gebombardeerd? Mijn opvatting over kunst gaat overigens vooraf aan mijn opvatting over politiek en heeft dat laatste gevormd. Niet andersom. Kunst legt toch een dieper fundament dan politiek.

Dat tijdperk rond 1960 waarin kunstenaars de vrijheid vinden om niets te hoeven vinden en loskomen van hun eigen thuis maakt voor mij duidelijk waarom ik niets moet hebben van populisten en eng nationalisme.

Hoe kan na de hakbijlen van toenmalig staatssecretaris Halbe Zijlstra, tegen de achtergrond van een vijandige politieke klasse die in de kern geen echte affiniteit met kunst voelt en het opkomend rechts-populisme dat zweert bij thuisgevoel, natiestaat en haat tegen hedendaagse kunst de kunst overleven? De enige uitweg lijkt het aanhaken bij een politiek doel. Niet om de kunst, maar om de politiek. Laat de politiek maar verkeerde bedoelingen hebben met de kunst, maar als het tot goede uitkomsten leidt dan is dat mooi meegenomen.

Foto 1: Binnenkant hoes van Free Jazz (1961) van Ornette Coleman; black music en white light.

Foto 2: Monica Vitti in L’eclisse (1962) van Michelangelo Antonioni.

Kunst leeft! In Haarlem. Pleegt Jur Botter politieke zelfmoord?

with one comment

Een dorpsrel in Haarlem haalt het landelijk nieuws. De gemeente ‘verhuurt’ een ruimte, de ‘Stadskunstkamer’ aan de Kunstlijn. Die wijst het op haar beurt weer ‘op toerbuurt’ toe aan kunstenaars. Aldus een bericht van RTVNH. Piet Zwaanswijk heeft nu in de Stadskamer een ‘Kerst-etalage’ ingericht. Met een zelfdodingsscène die in keurigheid verbleekt bij veel wat nieuwsconsumenten dagelijks op internet of televisie kunnen zien.

Toch doet het stof opwaaien. Niet alleen bij passanten, maar vreemd genoeg ook bij cultuurwethouder Jur Botter (D66). De gemeente verzocht Zwaanswijk om de kerst-etalage te ontmantelen, maar hij weigerde dit. De gemeente Haarlem laat het er nu bij, maar zegt wel voor de toekomst in gesprek te gaan met de Kunstlijn over de toekenning van ruimtes aan kunstenaars. Want kunst die voor iedereen vanaf de straat zichtbaar is zou aan strengere voorwaarden moeten voldoen. Botter: ‘Ik ben ook wethouder voor volksgezondheid en we willen ook het aantal zelfdoding terugdringen.’ Dat demagogie bij D66 in goede handen is blijkt wel uit deze uitspraak van Botter. Kunst mag van deze D66’er als het maar niet schuurt of pijn doet. Botter temt de kunst.

Pleidooi voor de herwaardering van kunst vanwege de bedreiging door het populisme

with 2 comments

Kunst als industrie is een opvatting. Specialismen die aan hoogleraar Andy Pratt van de City University London worden geplakt zijn verschillend. Veelzeggende etikettering. Dat varieert van Cultuurbeleid (‘Cultural Policy‘) tot Culturele Economie (‘Cultural Economy’). Dat is een principieel verschil in benadering die voor gescheiden werelden staat. Cultuurbeleid is het geheel van uitgangspunten van de overheid ten aanzien van de culturele sector. Het omvat emancipatie, culturele educatie en debat. Culturele economie is de studie van de culturele sector vanuit economisch perspectief. Het omvat beroepsopleiding, de creatieve industrie en amusement.

Politiek denken in de westerse landen van de afgelopen 15 jaar is doorgeslagen in de richting van kunst die dienstbaar is aan de economie. Zoals ook politiek dienstbaar werd aan de economie. Vaak in het verlengde van stadsplanning, ruimtelijke ontwikkeling en de belangen van de vastgoedsector. Dat kreeg een semi-officiële onderbouwing door de verschijning van The Rise of the Creative Class van Richard Florida in 2002.

Die ontwikkeling werd mogelijk omdat kunst als maatschappelijk-kritische macht haar scherpte had verloren en daarom getemd kon worden. Overheden schroefden uitgaven van cultuurbeleid terug. De politiek zag het belang van kunst niet in omdat het geen politiek-maatschappelijke functie van betekenis meer zou hebben.

Door de opkomst van het populisme verandert dat snel. Zo snel dat het praatje van professor Andy Pratt van november 2016 nu al gedateerd aandoet. De demagogie van Donald Trump, Nigel Farage, Marine Le Pen of Geert Wilders geeft kunst weer een functie. Die meer is dan economisch belang en verkooppraatjes over de creatieve klasse, werkgelegenheid en kunst uit cultuureconomisch perspectief. Kunst groeit door de slechte smaak van de populisten en hun opwaardering van politiek tot amusement -die indirect ook de journalistiek onschadelijk probeert te maken- in haar aloude rol als politiek kompas en maatschappelijk geweten.

Zo gloort er weer een rol voor kunst met een maatschappelijke functie die de economisering van de afgelopen 15 jaar achter zich laat. Het is zaak voor politieke partijen die zich tegen de demagogie van de populisten keren om in te zien dat kunst een essentieel instrument is om die demagogie te bestrijden. Niet door politiek stelling te nemen tegen de populisten, maar door hun kleinigheden, tegenstrijdigheden en onbelangrijkheden bloot te leggen. Cultuurcriticus Neil Postman zei: ‘When a population becomes distracted by trivia, when cultural life is redefined as a perpetual round of entertainments, when serious public conversation becomes a form of baby-talk, when, in short, a people become an audience, and their public business a vaudeville act, then a nation finds itself at risk; culture-death is a clear possibility.’ In die fase zijn we aanbeland. Hoogste tijd voor de herwaardering van kunst door de gevestigde politiek om de dreigende cultuurdood voor te zijn.

Schijnbewegingen van The Art of Impact dienen de kunst niet

with 2 comments

Pieter van Os legt in een artikel voor NRC het gemis van The Art of Impact (TAI) bloot dat deze week de Impact Award uitreikte: ‘Goede kunst maakt indruk. Maar als iets veel indruk maakt, is het dan ook goede kunst? Dat is wel de gedachte achter ‘The Art of Impact’, een stimuleringsprogramma van het ministerie van OCW.’  Van Os stelt vast dat ‘impact’ op de samenleving een merkwaardig criterium voor goede kunst is. TAI presenteert de Impact Award als ‘de kunstprijs voor niet-kunstenaars’. De essentie waarom TAI tekortschiet zit hem in de verkeerde opvatting van wat kunst is en de annexatie ervan door centrumlinkse partijpolitiek. Exact in het tijdperk dat rechts-populisten als Thierry Baudet kiezers mobiliseren tegen hedendaagse kunst. In een commentaar verwoordde ik dat als volgt: ‘Kunstenaars worden niet als autonome producenten van eigen werk voorgesteld, maar als aanvullend op andere doelen, zoals de aanpak van ‘maatschappelijke vraagstukken’.

Zo wordt kunst vleugellam en partijdig gemaakt. Waarschijnlijk vanuit goede bedoelingen. Kunst wordt getemd en ondergeschikt gemaakt aan partijpolitiek. Deze inperking dient de kunst niet. Want kunst moet in volle vrijheid kunnen functioneren en aan niemand verantwoording hoeven afleggen. Als het begrip ‘linkse kerk’ nog niet bestond, dan is hij door minister Jet Bussemaker en Hedy d’Ancona voor TAI uitgevonden.

De video over de uitreiking van de Impact Award 2016 aan Anton Dautzenberg toont genadeloos het verschil tussen intentie en uitwerking. De entourage is de boodschap. Een culturele (pseudo)-elite speelt voor even anti-elite en huurt daartoe querulanten in en gaat daarna over tot de orde van de dag. Deze ventielwerking van TAI -die kunst ver weg van het alledaagse leven onderbrengt in een politiek reservaat- verstoort eerder de politieke druk van kunst op de samenleving dan dat die die helpt opbouwen. Iedereen speelt het spel mee en kan beseffen dat het een schijnvertoning is. TAI is in wezen een anti-politieke beweging of in elk geval een slecht doordacht project dat averechts uitpakt. Moderator en coördinator Tabo Goudzwaard praat met mooie woorden over het plaatsvinden van een systeemverandering, maar houdt vaag wat dat betekent. Hij kan ook niet anders, want TAI is de systeemverandering als pose. Er wordt gehint en verwezen, maar niet uitgewerkt.