George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘D66

Gedeputeerde Rijsberman denkt groot: een museum in het rijtje Stedelijk Museum, Van Gogh Museum en Rijksmuseum in Almere

leave a comment »

Het is een wetmatigheid van het Nederlandse openbaar bestuur dat in veel gevallen cultuurwethouders of gedeputeerden D66’ers zijn. Dat betekent grootse plannen en ambities, maar nog geen zeggenschap over het budget. Als dat door andere partijen wordt beheerd, dan komen de plannen nog verder in de lucht te hangen.

Gedeputeerde Michiel Rijsberman (D66) meent dat Almere een museum voor hedendaagse kunst moet krijgen dat wat status betreft past in het rijtje Stedelijk Museum, Van Gogh Museum en Rijksmuseum. Het idee is dat Almere ruimte heeft en zich daarom dient te specialiseren in grote kunstwerken. Een gedachte van het niveau Mickey Mouse. Toe maar, de vijand van goed is beter, en een museum dat past bij de schaal van Almere of Flevoland is niet goed genoeg. Wie herinnert zich Museum De Paviljoens in Almere dat op 1 september 2013 de deuren moest sluiten omdat de overheidssubsidie van de gemeente Almere stopte na negatief advies van de Raad voor Cultuur? Terwijl het tot de top van de Nederlandse kunstmusea gerekend werd. Precies waar het toen aan ontbrak gaat Rijsbergen nu verder: steun van het Rijk. Hij kent zijn klassieken en klutst toerisme, stadsontwikkeling en kunst door elkaar zoals het een modale D66’er in het openbaar bestuur betaamt.

Advertenties

Kan Nederland zich de lichtheid van minister Blok veroorloven of is dat opzet om particuliere belangen makkelijk door te drukken?

leave a comment »

Bij Buitenhof 18/11/2018

Minister Stef Blok zegt over Poetin :-
“…je kunt in de Oekraïne een burgeroorlog ontketenen…”

Het blijkt merkwaardig waarom politici een oorlog tussen landen een burgeroorlog noemen en een oorlog die geen oorlog is een oorlog. In de Nederlanden werd in 1940 een burgeroorlog ontketend. Zoiets? Bizar is dat minister Ank Bijleveld naar aanleiding van de Russische OPCW-hack zei dat Nederland ‘in cyberoorlog’ met de Russische Federatie is wat ze achteraf liet corrigeren omdat het ‘niet letterlijk bedoeld’ was. Is Bijleveld zelf wel letterlijk bedoeld? Kortom, de ene bewindsman noemt een oorlog in Oekraïne tussen landen een burgeroorlog en de andere bewindsvrouw noemt een oorlog tussen landen die geen oorlog is een oorlog.

Wat leert ons de opsomming van bokken die bewindslieden in de buitenland-driehoek van Rutte III schieten? Minister Sigrid Kaag van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking is de gunstige uitzondering. Ze mocht als D66’er om partijpolitieke redenen VVD’er en buitenlandminister Halbe Zijlstra niet opvolgen toen hij moest aftreden vanwege zijn Datsja-fantasie over president Putin. Dat leert ons dat deze ministers behoefte hebben aan bijscholing (door bijvoorbeeld deskundigen van Instituut Clingendael) omdat ze de (historische) kennis en het inzicht missen om de wereld die ze voor hun ogen zien correct te kunnen evalueren om daar vervolgens geloofwaardig en autonoom naar te handelen. Ze doen hun best, maar schieten toch tekort.

Ideaal zou het zijn als de ministersposten op Defensie en Buitenlandse Zaken bezet zouden worden door experts die hun sporen intellectueel en in het veld op dat gebied verdiend hadden. Nu zit Nederland omdat de poppetjes in de formatie moesten kloppen opgescheept met een onbenul als minister Bijleveld die elke keer weer toont dat ze geen idee heeft waarover ze praat en een goedwillende invaller als minister Blok die z’n best doet, maar toch tekortschiet. Bijleveld en Blok vertegenwoordigen het aantoonbare falen van de partijpolitiek.

Nederland krioelt van de deskundigen op allerlei gebieden op universiteiten, sectorinstituten en ook op lokaal niveau en daarom is het opvallend en niet in lijn met de stand van het land dat de ministers van Buitenlandse Zaken en Defensie niet op hun functie berekend zijn. In elk geval geven ze elke keer weer aan dat ze het beleidsterrein waarvoor ze ingehuurd zijn niet voldoende beheersen. Dat is beschamend. Des te meer als vereist wordt dat ze snel moeten schakelen en dat vanwege hun gebrek aan kennis en inzicht niet kunnen. Een minister die gezag mist en duidelijk optreedt als filiaalhouder kan in binnen- en buitenland niet krachtig functioneren. Zo’n minister bouwt geen invloed op en is per definitie een speelbal in de handen van anderen.

Neem het dossier Nord Stream II waarover de Tweede Kamer onder leiding van D66 en GroenLinks zich grote zorgen maakt. In strijd met het beleid van de EU over diversificatie en onafhankelijkheid van energie en onder protest van landen als Polen en de Baltische staten wordt dit geopolitieke project door de leidende politici in West-Europa ten onrechte als een economisch project voorgesteld. Het sterke vermoeden is dat economische grootmachten als Shell, Engie, OMV, Uniper en Wintershall de regeringen van de landen waarin ze gevestigd zijn (Duitsland, Oostenrijk, Frankrijk, Nederland) gijzelen en in de tang hebben genomen. De lijnen tussen de VVD en Shell zijn angstvallig kort. Welke initiatieven neemt Blok in antwoord op kritiek van de Tweede Kamer dat Nederland door de aanleg van Nord Stream II te afhankelijk wordt van Russisch gas? Zijn reactie is: afwachten. Kan Europa zich zo’n lakse houding veroorloven en beseft Blok wel de ernst van de situatie?

Nord Stream II loopt het risico klem te komen zitten tussen de dreiging van Amerikaanse sancties dat het project vleugellam maakt en de huidige inactiviteit en het selectief wegkijken van de regeringsleiders in West-Europa. Een voortvarende en creatieve minister zou gezien het Nederlands belang (Gasunie, Shell, gasrotonde, energie onafhankelijkheid) die twee proberen te verbinden door steun in de EU te mobiliseren, de Russen in te tomen en de Amerikanen te paaien. Maar minister Blok wacht af. Op instructies van Shell? Zo wordt duidelijk dat slecht functionerende minsters zonder de benodigde startkwalificaties als Bijleveld en Blok die niet op hun taak berekend zijn en geen gezag opbouwen wel degelijk een negatieve invloed hebben op de economie en politiek van Nederland. Het kwalijke is dat het zo makkelijk anders kan als partijpolitieke overwegingen niet leidend zouden zijn. In de partijpolitiek staat het algemeen belang niet altijd boven het particulier belang.

Foto 1: Still uit uitzending van Buitenhof met minister Stef Blok, 18 november 2018.

Foto 2: Aanleg van Nord Stream II, Moscow Times, 13 november 2018. Credits: Jörg Carstensen / DPA / TASS.

Abel Herzberglezing van Sigrid Kaag: Een extra reden om niet op D66 te stemmen

with 3 comments

De Abel Herzberglezing op 30 september 2018 van Sigrid Kaag, de minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking (D66) heeft onder medestanders enthousiasme losgemaakt. Er werd zelfs over gespeculeerd dat deze lezing de geloofsbrief van Kaag is om partijleider Alexander Pechtold op te volgen. Hij lijkt over zijn uiterste houdbaarheidsdatum heen. De Democraten lijken paniekerig op zoek naar een vaste identiteit die ze langer dan de zittingsperiode van een kabinet kunnen vasthouden. Met als gevolg dat de illusie bij medestanders dat Kaag in die leegte voorziet haar projecteert naar het leiderschap van D66.

Ik lees die lezing anders en zie er vooral een extra reden in om niet op D66 te stemmen. Wat ik in een ver verleden meermalen gedaan heb. Kaag bestrijdt erin niet het beeld dat D66 een partij voor de elite is, maar bevestigt dat er juist mee. Het kan zijn dat dit electoraal werkt en zij de eigen achterban prima bedient en tevreden stelt, maar als antwoord op de problemen van Nederland schieten naar mijn idee Kaags woorden tekort. Zij geeft een prima beeld van de helft van het politieke landschap, maar laat de andere helft buiten beeld. Die andere helft is juist de moeilijke helft die het meest lastig aan te pakken is. Dat is bij nader inzien pijnlijk voor een politicus die pretendeert een ziener te zijn die streeft naar overzicht en nu opereert in een partij die ooit in de greep was van de speelse intellectuele denker Hans van Mierlo, maar feitelijk halfblind is.

Een van de weinige critici Paul Scheffer sloot zijn NRC-columnDe uitputting van het liberale wereldbeeld’ over Kaags lezing als volgt af: ‘Over het falen van de liberale elites had Sigrid Kaag met eenzelfde hartstocht kunnen spreken. Maar ze had het er niet over – en doet er ook niet echt iets aan.’ Scheffer concludeerde dat de klaagzang van Kaag krachtig was, ‘maar ook gespeend van zelfonderzoek‘. Dat is het probleem van Kaags wereldbeeld. Zij ziet overal de echo’s of schaduwen van de jaren dertig die haar wereldbeeld overschaduwen.

De schaduwen van het moderne neoliberalisme van na 1980 ziet ze niet, of benoemt ze niet. Wat doen de banken, financiële instellingen, multinationals en Amerikaanse techbedrijven die de agenda van de grote landen bepalen? Kaag stipt het niet eens aan. Weliswaar geeft Kaag een aanzet en zegt ze: ‘Maar dit Nederland staat ook onder druk, horen wij met enige regelmaat in het publieke debat. Omdat een grotendeels onbenoemde ‘elite’ het land in de uitverkoop zou hebben gedaan’, maar vervolgens komt er … niks.

Als de leden van D66 op hun partijcongres besluiten om genoegen te nemen met een nostalgisch-literair antwoord op de politiek-maatschappelijke problemen van vandaag, dan moeten ze verder gaan met Sigrid Kaag. Ongetwijfeld klopt haar hart aan de goede kant en geeft ze een passende analyse van de dreigingen van radicaal-rechts. Maar voor de praktische politiek komt Kaag met een onbruikbaar en ontwijkend verhaal dat te lezen valt als afleiding. Wat erin ontbreekt is dat radicaal-rechts een reactie is op iets anders. Namelijk de afbraak van de verzorgingsstaat, de opkomst van het globalisme en de hegemonie van het neoliberalisme dat de overheid terugdringt, bedrijven bijna onbeperkte macht heeft gegeven en de rekening neerlegt bij de gewone burger. Als dat andere niet aangepakt wordt, dan heeft de bestrijding van radicaal-rechts geen zin.

Minister Kaag kan zichzelf corrigeren door op haar Abel Herberglezing een tweede deel te laten volgen waarin ze waarschuwt voor het neoliberalisme en voorstellen doet om de macht weer bij de politiek en de burger te leggen. Dan toont ze aan verder te denken en buiten de comfort zone van zichzelf en D66 te kunnen treden.

Foto: Schermafbeelding van deel van Abel Herzberglezing door Sigrid Kaag: ‘Wees niet stil, wij zijn met velen’ op de site van D66, 1 oktober 2018.

Written by George Knight

6 oktober 2018 at 17:29

Europarlement stemt in meerderheid voor ontwerpresolutie die auteursrechten beschermt en de internetvrijheid inperkt

with one comment

Vandaag stemde het Europees Parlement over een ontwerpresolutie over auteursrecht, ‘over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad inzake auteursrechten in de digitale eengemaakte markt’. De resolutie werd volgens de telling van Votewatch.eu met 438 tegen 226 stemmen met 39 onthoudingen aangenomen. Voorstanders van een vrij en open internet zien dit als een slechte en inperkende ontwikkeling. Maar zoals een artikel van Politico uitlegt is hiermee de kous nog niet af, hoewel de auteursrechtenlobby op winst staat. Op nationaal niveau kunnen liberale landen als Nederland of Zweden de bepalingen afzwakken.

Rapporteur was de Duitse christen-democraat Axel Voss die na de stemming juichend zijn armen in de lucht stak. De montage van de video van het Europees Parlement is misleidend, omdat het lijkt dat D66’er Marietje Schaake (na 25‘’) voor stemde. Ze stemde tegen. Hij suggereerde in 2014 dat klokkenluider Edward Snowden het leven van onschuldigen in gevaar had gebracht en met Russische en Chinese inlichtingendiensten samenwerkte. Dat is tot nu toe niet aangetoond. In de strijd tussen Silicon Valley en de auteursrechtenlobby lijkt de laatste voorlopig aan de winnende hand. Interessant is dat meer dan de helft van de Nederlandse Europarlementariërs afwijkend stemde tegen de eigen fractie in. Alleen christenen en conservatieven stemden voor. Dat geeft perspectief dat de Nederlandse Tweede Kamer deze ontwerpresolutie niet ondersteunt:

Foto: Schermafbeelding van het stemgedrag in het Europees Parlement van de Nederlandse europarlementariërs over de ontwerpresolutie ‘over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad inzake auteursrechten in de digitale eengemaakte markt’ op 12 september 2018.

Anne Applebaum en Joshua Livestro willen het politieke midden laten herleven. Bestrijdt fraude en corruptie, niet de islam

with 5 comments

Twee recente opinie-artikelen zijn een pleidooi voor een nieuwe politiek van het politieke midden en een waarschuwing voor samenwerking met radicale partijen, vooral die van rechts. De Amerikaanse journaliste Anne Applebaum geeft in The Washington Post met het artikelWant to revive the political center? Fight corruption’ een omvattende checklist, ofwel programma waaraan centrumpartijen moeten voldoen om weer het initiatief naar zich toe te trekken. De conservatieve denker Joshua Livestro stelt aan de hand van de kwestie Blok in het artikelAffaire-Blok moet VVD en CDA wakker schudden’ in NRC dat de centrum-rechtse VVD en CDA hun ziel hebben verkocht door op te schuiven in de richting van de radicaal-rechtse PVV en FvD.

Livestro illustreert dat aan de hand van de controversiële uitspraken van de minister van Buitenlandse Zaken Blok die de retoriek en agenda van radicaal-rechts overneemt. Dat acht hij contra-productief en ongewenst. Livestro verwijst naar het begrip ‘ideological collusion’ – dat hij vertaalt als ‘ideologische samenspanning’ – van de Amerikaanse politicologen Steven Levitsky en Daniel Ziblatt dat inhoudt dat centrumpartijen in de samenwerking met radicale partijen de retoriek en agenda van die randpartij overnemen. Minister Blok is er het levende bewijs van, hij neemt de doembeelden over immigratie van radicaal-rechts over en centrum-rechtse partijen als VVD en CDA ondermijnen ermee hun eigen gedachtengoed. In bovenstaand citaat licht hij toe dat ze zich hiermee overbodig maken. Gevraagd wordt een nieuwe bewustwording bij de centrumpartijen en een koerswijziging weg van de retoriek en het gedachtengoed van radicaal-rechts. De samenspanning met de randpartijen of het buigen in hun richting brengt niets goeds. Noch electoraal, politiek of maatschappelijk.

Applebaum constateert dat de rechtse randpartijen van energie barsten en het ‘oude’ centrum-links of centrum-rechts uitgeblutst toont. De oude partijen zijn op zoek naar een programma dat ze niet kunnen vinden. Zij waarschuwt net als Livestro voor het aanhaken bij radicaal-rechts (‘Some aretrying to peddle milder versions of the far right’s racism‘). Applebaum doet een poging dat programma te formuleren. Haar alternatief bestaat eruit dat de centrumpartijen om te beginnen de agenda moeten wijzigen en het niet langer over immigratie, ras en de islam moeten hebben: ‘Change the subject. Centrists, and genuine democrats, should stop talking about immigration, race and Muslims, all issues blown well out of proportion by tabloids.’

Volgens Applebaum moeten centrumpartijen zich verenigen rond de echte thema’s die onze politiek en economie verstoren zoals ‘politieke corruptie, het witwassen van geld, en de belastingparadijzen en lege vennootschappen (‘Shell companies’) die een paar mensen toestaan veel geld uit onze landen weg te sluizen en het, soms letterlijk, op Caribische eilanden te verbergen. Hoewel dit allemaal afzonderlijke onderwerpen zijn, zijn ze verbonden.’ Volgens Applebaum moet dat gecorrumpeerd financieel systeem aangepakt worden omdat het de gewone mensen beschadigt en in de armen van de radicaal-rechts dwingt. Feitelijk leidt de heroriëntatie van de centrumpartijen tot twee vliegen in één klap: het maakt deze partijen weer relevant en ontneemt de randpartijen hun vijver van ontevreden burgers om in te vissen en electoraal mee te scoren.

Applebaum zegt dat het Westen initiatief moet nemen en terug moet naar de ideologie van vóór premier Thatcher en president Reagan die in de jaren 1980 de overheden terugtrokken en de vrije markt aan hun lot overlieten. Met als gevolg het neoliberalisme waarin politiek is geëconomiseerd, zwakkeren onbeschermd achterblijven en de staat nog slechts op een waakvlam opereert. Applebaum is niet de eerste dit dit zegt en daarom is het lastig in te zien hoe de geest weer terug in de fles kan. Een krachtige bestrijding tussen landen van belastingontwijking en corruptie, en het terugdringen van de macht van het internationaal opererende bedrijfsleven en de financiële instellingen is een eerste stap. Dit omvat overigens ook de bestrijding en bestraffing van autoritaire landen als de Russische Federatie die met corrupt geld in het Westen politici en radicaal-rechtse partijen kopen. Dat laten gebeuren ondermijnt het eigen zelfbeeld en het idee van moraliteit.

Applebaum schetst een blauwdruk voor centrumpartijen. In Nederland zijn dat partijen als de VVD, CDA, D66, GroenLinks en PvdA die in de kern voldoende overeenkomsten hebben om programmatisch samen te werken. Als ze ook nog eens gezamenlijk afstand nemen tot de randpartijen en zich in hun retoriek en agenda niet meer laten leiden door deze partijen met hun spookbeelden over immigratie, ras en islam dan kunnen ze in samenwerking hun eigen relevantie hervinden en hun onderlinge verbinding verder versterken. Dat werkt door van partijpolitiek naar democratie. Door de hervonden oriëntatie en focus van de centrumpartijen kunnen de democratie en de rechtsstaat overeind gehouden worden. Nodig is dan wel dat met name de centrum-rechtse partijen als VVD en CDA zowel duidelijk afstand nemen van die retoriek over immigratie en islam als de lef en durf vinden om zich te ontworstelen aan de grip van het bedrijfsleven en de financiële instellingen door de macht ervan terug te dringen. Een helder signaal om de nieuwe start van Nederland te vieren zou het ontslag van minister Blok en het niet schrappen van de dividendbelasting voor buitenlandse aandeelhouders zijn.

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelAffaire-Blok moet VVD en CDA wakker schudden’ van Joshua Livestro in NRC, 31 augustus 2018.

Foto 2: Schermafbeelding van deel artikelWant to revive the political center? Fight corruption’ van Anne Applebaum in The Washington Post, 31 augustus 2018.

Oplossingen uitgeput voor financieel verzwakt Museum Oud Amelisweerd. Terugvaloptie via Centraal Museum komt in beeld

with 3 comments


In de Utrechtse raad heeft André van Schie (VVD) op 27 juli raadsvragen gesteld over de ‘financiële situatie Museum Oud Amelisweerd’ aan de nieuwe cultuurwethouder Anke Klein (D66). Aanleiding is een raadsbrief van 18 juli en een bericht van RTV Utrecht van 26 juli met de titel ‘Museum Oud Amelisweerd wankelt opnieuw’. Hoe negatief getoonzet ook geeft zelfs deze titel nog een te optimistische kijk op de kwestie.

Exploitant Stichting Museum Oud Amelisweerd verkeerde al voor de opening in 2014 in een financieel uitzichtloze situatie en heeft nooit zwarte cijfers geschreven. Of een financiële buffer opgebouwd. Daar is het nooit aan toegekomen. Met een bruidsschat uit Amersfoort van 1 miljoen euro en een lening van de provincie Utrecht van 160.000 euro werd tijd gekocht. Toenmalig directeur van het Spoorwegmuseum Paul van Vlijmen waarschuwde in juni 2012 in een bericht in het AD dat wat toen nog het Armando Museum heette een fiasco zou worden. Volgens hem was het museum zonder subsidie niet rendabel te krijgen in de exploitatie.

Het Utrechtse gemeentebestuur dat meer dan 1,66 miljoen euro had geïnvesteerd in de renovatie van landhuis Oud Amelisweerd was door de raad gebonden en in juni 2012 bij de goedkeuring van de kredietaanvraag de randvoorwaarde opgelegd dat er nooit een cent structurele subsidie naar de exploitatie mocht gaan. In een commentaar van 13 juni 2012 betitelde ik dat als: ‘Oud-Amelisweerd: steun voor vastgoed, maar afkeuring voor exploitant’. Die geblokkeerde subsidie van de gemeente Utrecht bleef de essentie van de problemen van het museum. Druppelsgewijs en informeel werd dat omzeild met het noodverband van ‘een (niet structurele) openstellingssubsidie’ van de gemeente Utrecht die buiten de structurele culturele subsidies werd verleend.

Toen in december 2016 de toenmalige cultuurwethouder Kees Diepeveen (GL) zich liet overvallen door Stichting Museum Oud Amelisweerd en tegen de eigen randvoorwaarden in toch een subsidie verleende van 75.000 euro toonde dat aan dat de Utrechtse politiek geen grip meer had op het probleem van het Museum Oud Amelisweerd. Het was nu overduidelijk het probleem van het Utrechtse college geworden. De uitzichtloze financiële positie van Museum Oud Amelisweerd straalde voortdurend af naar het Utrechtse college dat zich geen raad wist met dit probleemgeval en geen Houdini-act had om eraan te ontsnappen. Investeringen in een nieuwe exploitant waren politiek onhaalbaar, de huidige exploitant kon het financieel niet bolwerken en voor sluiting wilde geen enkele cultuurwethouder verantwoordelijk zijn. Op de achtergrond speelde de papieren werkelijkheid van de Culturele Hoofdstad 2018 waar het museum een rol in zou hebben. De boel zat vast.

Critici in de raad of ze nu deel uitmaakten van de oppositie of niet, probeerden voortdurend dit dossier vlot te trekken of te sturen. Want Van Vlijmen was zeker niet de enige met kritiek. In de Utrechtse raad was het D66 (Xander van Asperen en later Aline Knip) die geen vertrouwen had in de financiële onderbouwing van de exploitant. Voor de VVD was Jesper Rijpma een kritische voorganger van André van Schie. Overigens waren toendertijd om andere redenen ook andere partijen kritisch zoals de SP en Nieuw Rechts.

Het kenmerk van Museum Oud Amelisweerd is dat het in Bunnik in een rijksmonument en voormalige zomerresidentie is gelegen en dat de gemeente Utrecht het niet eens structurele subsidie kan geven als het dat zou willen omdat de voorwaarden dat niet toestaan. André van Schie heeft daar voortdurend op gewezen, evenals op het oneigenlijk oprekken door het college van de subsidievoorwaarden. Interessant is de verwijzing naar samenwerking met het Centraal Museum door bestuursvoorzitter Ari Doeser in het bericht van RTV Utrecht. De restauratie van landhuis Oud Amelisweerd is door de toenmalige beheerder (tot 2012) Centraal Museum in de jaren ’90 op de rails gezet en tijdens dat beheer is in 2011 bestuurlijk een terugvaloptie als optie in een commissiebrief gevlochten indien de huidige exploitant het niet redt. Dat is nu aan de orde.

Het is te hopen dat zowel het Utrechtse gemeentebestuur als de raad zich goed informeren en een besluit nemen dat rekening houdt met de voorgeschiedenis en de levensvatbaarheid voor de toekomst. De antwoorden op de raadsvragen van Van Schie bieden hopelijk de duidelijkheid die de achtereenvolgende cultuurwethouders het bestuur van de Stichting Museum Oud Amelisweerd nooit hebben kunnen afdwingen. De randvoorwaarden voor het Museum Oud Amelisweerd die al jaren slecht waren, zijn nu nog beroerder dan voorheen. Daarom is het onvermijdelijk dat zoals ook Van Schie stelt er een nieuwe exploitant wordt gezocht voor landhuis Oud Amelisweerd. Inzet kan dan een sitemuseum zijn en de terugvaloptie via het Centraal Museum zoals dat in december 2011 als vangnet al werd ingebouwd. Hoewel hier wel extra geld beschikbaar voor moet komen omdat het Centraal Museum dit niet uit de eigen lopende begroting kan financieren.

Foto: RaadsvragenSV 2018, nr. 100 inzake Gevolgen financiële situatie Museum Oud Amelisweerd’ van André van Schie (VVD) in Utrecht, 27 juli 2018.

Proxy-oorlog tussen NRC en Het Parool over de kwestie Ruf

with 2 comments

De vorig jaar opgestapte directeur van het Stedelijk Museum Beatrix Ruf zegt terloops in een interview met Jan Piet Ekker in Het Parool met de prikkelende kop ‘Beatrix Ruf: ‘Over mijn terugkeer bij het Stedelijk valt te praten’ dat het in deze kwestie voor een groot deel draait om beeldvorming en ‘framing’: ‘Ik ben door de onderzoekers natuurlijk vaak geraadpleegd voor het rapport, maar de conclusies kende ik ook pas vlak voordat het rapport afgelopen week naar de gemeente ging. En ik wist natuurlijk ook niet hoe het zou worden ontvangen.’ Ruf claimt haar gelijk, maar ongewis was of ze dat ook in de publieke opinie zou krijgen. Maar het is de vraag of haar claim terecht is en ze dat gelijk nu heeft gekregen zoals ze stelt. Dat is afhankelijk van het perspectief waarmee naar deze kwestie gekeken wordt. Strikt juridisch of ethisch.

Het Amsterdamse Het Parool dat afgelopen week allerlei stukken publiceerde die suggereren dat Ruf ‘volledig is vrijgepleit’ of ‘ten onrechte is beschuldigd van belangenverstrengeling’ lijkt een doorgeefluik van de lobby om Ruf terug te laten keren als directeur van het Stedelijk Museum. Dat is activistische journalistiek die de marge van de objectiviteit voorbij lijkt. De Volkskrant vaart een middenkoers, zoals hier uit vorm en inhoud blijkt en NRC heeft zich vanaf het begin kritisch opgesteld tegenover het opereren van Ruf en de Raad van Toezicht. In een artikel van 12 oktober 2017 opperde NRC de vraag wat de neveninkomsten van Ruf betekenden en of dit wellicht tot de conclusie diende te leiden of er sprake van belangenverstrengeling was.

Zo heeft zich een proxy-oorlog tussen Het Parool en NRC ontwikkeld. Ze verwijzen in het openbaar niet rechtstreeks naar elkaar, maar reageren wel op elkaar. Het verschil tussen Het Parool dat meent dat Ruf volledig is vrijgepleit door het rapport Eisma dat in opdracht van de gemeente Amsterdam is geschreven en NRC dat meent dat zij niet is vrijgepleit blijkt uit de aankeiler van het NRC-artikel van gisteren: ‘Beatrix Ruf meent dat ze volledig is vrijgepleit. Zou zij kunnen terugkeren?’ De vraag stellen is de vraag beantwoorden.

NRC stelt dat het rapport Ruf verwijtbaar gedrag aanmeet en dat ze naast haar inkomsten voor de Zwitserse uitgever Ringnier die haar een bonus van 1 miljoen Zwitserse francs opleverde ook nog neveninkomsten van meer dan 100.000 euro per jaar had. Maar: ‘Gebruikelijk in Nederland is dat directeuren inkomsten uit nevenactiviteiten in de museumkas storten. Ann Goldstein, Rufs voorganger, kreeg van Ribbink nog een brief dat zij zulke inkomsten moest afdragen. De ondernemingsraad van het museum adviseerde Ribbink om Ruf ook zo’n brief te sturen. Maar dat liet hij om onopgehelderde redenen na, blijkt uit het rapport.’ De indirecte claim is dat het nalatig handelen van de Raad van toezicht het handelen van Ruf niet vrijpleit.

Ruf lijkt niet volledig vrijgepleit zoals Het Parool claimt, zodat de vraag of ze terug kan keren prematuur is. Het antwoord op de vraag is te herleiden tot het kiezen van een volledig juridische invalshoek zoals Het Parool doet of een ethische invalshoek die NRC, en ook De Volkskrant kiezen. NRC: ‘Daarbij weegt zwaar dat bestuurders zelfs de schijn van belangenverstrengeling moeten zien te vermijden en transparant moeten zijn als die schijn gewekt wordt.’ Het perspectief dat afstand neemt van grote verzamelaars waarmee Ruf het zo goed kon vinden en waarvoor de toenmalige Raad van Toezicht haar een mandaat gaf, en hemelhoge ambities, maar inzoomt op de Amsterdamse signatuur van het Stedelijk en een programmering die minder uitgaat van gevestigde kunstenaars blijkt ook uit het recente advies van de Amsterdamse Kunstraad.

Bijkomend effect van de  kwestie waartegen de NRC-journalisten Daan van Lent en Arjen Ribbens zich lastig kunnen verdedigen is de schijn dat ze nu alles uit de kast halen om het gelijk van hun artikel van 12 oktober 2017 (dat de hele kwestie in gang zette) te bevestigen. Zo woedt in de Nederlandse en Amsterdamse museumwereld op dit moment een nauwelijks verhulde richtingenstrijd waarbij kranten een grote rol spelen.

NRC meent dat de overgebleven vier leden (Cees de Bruin, Ronald Hans, Willem de Rooij en Joyce Sylvester) van de Raad van Toezicht de reddingslijn zijn voor Rufs terugkeer. Maar hoe merkwaardig is het niet dat van de zeven leden er drie met hun opstappen consequenties trokken uit het rapport en vier niet? Waarom de vier na het rapport dat zo kritisch was over de Raad niet opstapten om schoon schip te maken en het Stedelijk Museum een nieuwe start te gunnen wordt hiermee beantwoord. En valt bijna dagelijks in Het Parool te lezen.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelDe schone lei van het Stedelijk Museum’ van Daan van Lent en Arjen Ribbens in NRC, 15 juni 2018.