George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘D66

Breuklijn tussen traditionalisten en gevestigde politiek vraagt om antwoord dat waarden centraal zet

with 2 comments

wt

Aldus Ishaan Tharoor in een opinie-artikel voor The Washington Post. Hij geeft een correctie op een politiek debat dat door framing een te eenzijdige invalshoek heeft gekregen. Het is niet het beleid van Putin, Trump, EU, globalisme of de machtspolitiek tussen landen, maar het beroep dat daarbij gedaan wordt op waarden.

De basale scheiding tussen autoritaire leiders als Erdogan, Putin of Trump met hun rechts-extremistische volgelingen als Le Pen, Wilders of Farage en de rest van de politiek is gelegen in de houding tegenover immateriële aspecten als nationaliteit, identiteit, kunst, religie, secularisering en traditionele waarden.

Autoritaire leiders en hun acolieten brengen die missie niet in pure vorm, maar verwateren het en kleden het aan met kritiek op de gevestigde orde en hun zelfbenoemde rol om namens het volk te spreken. Terwijl ze in vele gevallen bij uitstek de vertegenwoordigers van de gevestigde klasse zijn of het volk in meerderheid helemaal niet achter deze leiders staat, maar achter politici van de middenpartijen. Zoals Hillary Clinton die 3 miljoen meer stemmen kreeg dan Trump of Wilders die in peilingen slechts zo’n 20% van de stemmen trekt.

Het is autoritaire leiders om de macht te doen. Doel is om de macht vast te houden en uit te breiden. Niets bijzonders, want dat doet elke politicus. Maar door de instituties buiten spel te zetten proberen autoritaire leiders hun politieke leven te rekken en rivalen uit te schakelen. In het geval van Putin worden verkiezingen gemanipuleerd doordat de oppositie bij voorbaat uitgeschakeld is, staatsmedia in dienst staan van de officiële kandidaat en uitslagen vervalst worden. Met als gevolg dat het zittende bewind in het Kremlin zich niet hoeft bezig te houden met het verdedigen van de eigen positie, maar de aanval kan inzetten. Bijvoorbeeld op de EU.

Of conservatieven en traditionalisten werkelijk traditioneel denken of dat ze dat traditionalisme om politieke redenen aanwenden om steun te verwerven is geen makkelijk te beantwoorden vraag. Het beroep op christelijke waarden en nationalisme van de in de kern pragmatische leiders als Putin en Trump die het om macht en geld te doen is lijkt ingegeven door opportunisme. Ze trekken die waarden aan als een politieke jas die ze ook zo weer uit kunnen trekken. Het is mogelijk dat bij andere autoritaire of rechts-extremistische politici de waarden dieper zitten, maar ook de uit de liberale VVD afkomstige Wilders lijkt de islamkritiek een politieke jas die hij ooit om partijpolitieke redenen heeft aangetrokken. Dat hij daarna door isolatie en bedreiging die leidden tot zijn radicalisering vergroeid is geraakt met die jas van islamhaat is mogelijk.

Het beste antwoord op de conservatieven en traditionalisten door de middenpartijen is niet het meegaan in de framing over de EU, de euro, het globalisme of de positie van de Russische Federatie of Oekraïne. Het beste antwoord gaat onder de huid van de traditionalisten en zoekt ze op door in het politieke debat centraal te zetten wat ze aan waarden zeggen te verwerpen. Zoals hedendaagse kunst, secularisering, etniciteit of een open samenleving. Toon maar aan hoe achterlijk en economisch dom de verwerping daarvan is. Om aan te spreken moeten de middenpartijen zich hierover wel krachtiger en duidelijker dan nu positief uitspreken.

De praatjes van conservatieven en traditionalisten over elite, volk of islam zijn niet de hoofdzaak. Het is een afleiding om hun opportunisme en greep naar de macht te verhullen. Door in te zoomen op de waarden die de traditionalisten verwerpen kan aangetoond worden dat de tegenstellingen die ze in het publieke debat als fundamenteel presenteren oppervlakkig zijn en bedoeld zijn om hun ware bedoelingen te verhullen. Dit betekent geen teruggang naar naïef multiculturalisme, volledige open grenzen of een proces van outsourcing van de maakindustrie. Het betekent realisme, werken aan de herbevestiging van het oppergezag van de politiek en echte machtsdeling van politiek met burger. Voorbij de schijnoplossingen van de traditionalisten.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelBeyond Flynn, other ties bind the White House to the Kremlin’ van Ishaan Tharoor in The Washington Post, 13 februari 2017.

Debat aan de grenzen van de sociale media. Opinievorming en promotie van rechts-populistische partijen. DDS tegen de EU

leave a comment »

dds

Het is blijkbaar de tijd van de scherpe reacties. Hoe het komt weet ik niet, maar opinies die als vloeken in de kerk van het rechts-populisme klinken zijn blijkbaar nodig. Het is goed om over grenzen te gaan en anderen in hun reservaat op te zoeken. Want uiteindelijk ben ik van mening dat het debat helpt om mensen tot elkaar te brengen. Maar dan moet dat debat op sociale media wel opgezocht worden. Soms eindigt dat met een blokkade, zoals bij de PVV of Forum voor Democratie die een open debat blokkeren, maar meestal is er nog voldoende ruimte om met elkaar van gedachten te wisselen. En veel deelnemers aan dat debat zijn in de kern redelijk en evenwichtig. Als voorbeeld De Dagelijks Standaard:

I. Het is simpel. Nederland is te klein om het in de wereld alleen te redden. De keuze voor de natiestaat is daarom een schijnoplossing. Daar helpen geen bilaterale samenwerkingsverbanden vanuit die natiestaat aan. Die bieden te weinig voordelen en zijn te beperkt voor het internationaal georiënteerde Nederland dat een open samenleving is.

Landen hebben verschillende uitgangsposities en kunnen daarom niet zonder meer tegen elkaar ingewisseld worden. Nederland heeft niet de grootte en de militaire macht van het Verenigd Koninkrijk. En het is de vraag of de Britten het economisch gaan redden zonder de EU of een terugslag zullen ondervinden. Het Verenigd Koninkrijk, Noorwegen en Zwitserland hebben ook geen euro. Noorwegen en Zwitserland zijn via de interne markt en de EVA trouwens wel min of meer aan de EU gekoppeld. Een koppeling die de Britten trouwens willen ontlopen.

Het cafetaria-model dat rechtse partijen voorschotelen is een lonkend perpectief dat eerder wordt beredeneerd vanuit wensdenken dan vanuit de politieke realiteit. De interne markt van de EU kent rechten en plichten. Die gaan samen in een totaalpakket. Het is niet zo dat Nederland buiten de EU een gunstige regeling zou kunnen treffen over invoerrechten en tegelijk het vrije verkeer van goederen, diensten en personen zou kunnen blokkeren. Het is het één of het ander.

Of Roos, Baudet en kornuiten landverraders zijn doet niet zoveel terzake. Ze hebben vanuit hun politieke ambitie en profilering ongetwijfeld het beste voor met Nederland. De hoofdvraag is een andere, namelijk of ze voldoende realiteitszin, economische expertise en openheid van geest hebben om het beste voor Nederland te bereiken. Precies daar lijkt het bij deze heren aan te schorten. Ze hebben zich zo vastgebeten in een eurokritische houding dat ze niet meer open kunnen denken.

Van de andere kant kun je zeggen, maar dat geldt voor politici van GroenLinks of D66 exact zo. Alleen dan omgekeerd, zij missen de openheid van geest om echt kritisch te zijn op de EU. Ik vermoed dat dit enkele jaren terug het geval was. Juist deze kritiekloze houding van D66 jegens de EU weerhield me ervan om op deze partij te stemmen. Niet omdat ik vond dat het de EU geen bestaansrecht had, integendeel, maar omdat de EU onder druk gezet moet worden om te hervormen en te democratiseren. Dat kan niet als je vooraf kritiek inslikt. Maar evenmin als je de EU geen bestaansrecht gunt.

Politieke partijen zouden er goed aan doen om aan de kiezer duidelijk te maken wat ze met de EU willen. Zelfs als een eurokritische partij die in de kamer komt uit de EU wil stappen is dat nog geen werkelijkheid waarin het zal kunnen gaan werken.

Zo beredeneerd heeft Nederland meer aan een sterk blok in de kamer dat zich collectief sterk maakt voor een fundamentele hervorming en democratisering van de EU, dan aan omcirkelende bewegingen over uittreden of kritiekloos blijven die weinig met Realpolitik te maken hebben. Het is daarom gewenst dat die nuancering die afhankelijk is van de fasering in de tijd tot alle partijen doordringt. Ook tot die partijen die niets van de EU willen hebben, maar er onvermijdelijk toch zaken mee zullen moeten doen. Als ze in de kamer komen.

II. We zijn het erover eens dat er in de kern niets mis is met de EU. We zijn het er ook over eens dat er in de praktijk iets is misgegaan. U noemt het ‘totaal ontspoord’, ik noem het deels ontspoord en herstelbaar. Dat zijn dus verschillende manieren om ertegenaan te kijken.

In de verklaring waarom het mis is gegaan verschillen we van mening. U ziet dat in een onkundige generatie hedendaagse politici, ik zie dat in de foute aansluiting van het geheel en delen. Anders gezegd, in de EU-lidstaten die de EU te weinig middelen en bevoegdheden geven om voldoende te kunnen functioneren. Dat wreekte zich afgelopen jaren onder meer bij de bewaking van de buitengrenzen die volstrekt onvoldoende was. Schrijnend was dat dat in real time volop erkend werd, maar de EU-lidstaten toch de middelen niet wilden vrijmaken voor een degelijke bewaking van de buitengrenzen. Dat is er volgens mij in de kern fout aan de EU.

Het is evenmin zo dat de EU extreem bureaucratisch is. Uit onderzoeken blijkt dat een stad als Amsterdam relatief veel meer ambtelijke overhead heeft dan de EU die met een betrekkelijk klein ambtelijk apparaat werkt. Hoewel dat in de beeldvorming anders wordt voorgesteld.

Niet alles is beter dan een EU die of ‘totaal ontspoord’ of ‘deels ontspoord’ is. Want wat komt er dan na de EU? De Europese landen die dan allemaal zelf het wiel moeten uitvinden worden een prooi voor nog veel minder democratische landen als de Russische Federatie of China. Nog onlangs bleek uit een analyse van PwC dat de Europese landen in 2050 economisch verder zijn weggezakt en hun leidende posities hebben verloren. Zelfs Nederland wordt in 2050 economisch ingehaald door een land als Bangladesh. En als de EU-lidstaten hun interne markt gaan optuigen met tariefmuren, dan gaat het verval nog sneller. Die economische teruggang of stabilisering heeft een directe weerslag op het welzijn van de bevolking. Gaan degenen die nu pleiten voor een uittreden uit de EU de bevolking in 2050 uitleggen dat ze het bij het verkeerde eind hadden?

Kortom, voor een eerlijke vergelijking moeten we de nadelen en voordelen van alle scenario’s naast elkaar zetten. Het is te simpel zoals rechtse populisten steeds doen om de nadelen van de EU te benadrukken. Ja, die bestaan. En ja, dat zou niet zo moeten zijn. Maar je komt alleen tot een eerlijke vergelijking die richtinggevend voor de toekomst is als je het vergelijkt met de nadelen van een positie van Nederland buiten de EU. Of zelfs een EU die ophoudt te bestaan.

Dat is precies het verschil tussen politiek en volksmennerij, tussen journalistiek en propaganda. Wat DDS in veel stukken doet is alleen de nadelen van de EU benadrukken. Makkelijk, als je het dagelijks herhaalt krijg je iedereen op de kast. Maar dat is geen journalistiek, dat is een simpele opinie. Dat soort opinievorming zoekt niet naar een verklaring die aansluit bij alle feiten om uiteindelijk de beste oplossing voor Nederland te vinden. Het is beïnvloeding die gekleurd is.

DDS is als een treinreis die steeds aan dezelfde kant uit het rampje kijkt en slechts zicht geeft op de helft van het landschap. Dat oogt overtuigend, maar is het van verre niet. Voor een volledig beeld is meer nodig. Journalistiek die functioneert zoals het moet functioneren kan eraan meehelpen om dat volledige beeld in te kleuren. Daar hebben u en ik iets aan. Niet aan opinievorming die eenzijdig en gekleurd is. Dat is uiteindelijk bladvulling en amusement. En propaganda die in het directe verlengde staat van sommige partijen die ook met zo’n half wereldbeeld werken waarin ze altijd het grootste gelijk van de halve wereld hebben.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelEurofiele Joshua Livestro (Jalta) scheurt uit de bocht, noemt Wilders, Baudet en Roos “landverraders”’ op DDS, 7 februari 2017.

Wilders presenteert nepnieuws over Pechtold en isoleert zich verder. Maar eist tegelijk samenwerking. Wordt hij neppremier?

with 3 comments

 

gw

De EU staat onder aan alle kanten onder druk en Nederlandse politieke partijen verliezen zich in futiliteiten. Het CDA houdt zich bezig met het verzet tegen de verplichte weidegang van koeien of de beperking van het aantal dancefestivals. Dat tekent de prioriteiten van de Nederlandse partijpolitiek. Niet het klimaat, de effecten van globalisering, het op orde brengen van defensie, het overbruggen van de kloof tussen burger of politiek, het terugdringen van de belastingontwijking door grote bedrijven of de sociaal-economische verschillen is waar het om gaat, maar symboolpolitiek. Toegegeven, kleine en grote onderwerpen kunnen samengaan, maar dan dient er wel ernst gemaakt te worden van de grote onderwerpen. En dat ontbreekt er in Nederland aan.

Nu is er weer een tweet van Geert Wilders, zoals de NOS die in een bericht presenteert. Als onderdeel van de campagne voor de kamerverkiezingen van 15 maart. Dit overduidelijk gefotoshopte tafereel van Alexander Pechtold (D66) in een demonstratie van Britse islamisten in 2009 presenteert Wilders als echt, terwijl hij kan weten dat het een nepfoto is. Wilders strooit dus welbewust met alternatieve feiten. Wilders staat symbool voor de onbenulligheid van de Nederlandse partijpolitiek die niet aankoerst op oplossingen, maar op afleidingen. In plaats van met elkaar rond de tafel te gaan zitten om de problemen op te lossen komt Wilders met nepnieuws met als enig doel electoraal gewin en het tegen elkaar opzetten van burgers en partijen.

Geert Wilders is diep gevallen. Hij meent wellicht dat hij even onkwetsbaar is als president Trump die met nepnieuws en alternatieve feiten chaos probeert te creëren om zo onder de radar door zijn agenda door te voeren. Maar Wilders mist zowel de machtspositie als de dubbele bodem die Trump doorgaans in zijn berichten legt. Bij Wilders is het meer ‘van dik hout’ en grof. Wilders is Wilders. Met als enige referentie zijn goede positie in de peilingen verkettert hij de middenpartijen en de politici daarvan omdat ze niet met hem samen willen werken. Hij eist tegelijk dat ze hem accepteren. Met het oog uitsluitend gericht op electoraal succes verbrandt Wilders alle schepen achter zich en is daarna verbolgen als hij nergens meer aan boord kan.

Foto: Tweet van Geert Wilders in artikelPechtold vindt nepfoto die Wilders stuurde onacceptabel’ van NOS, 6 februari 2017. (Omdat ik geblokkeerd ben door Wilders op Twitter kan ik geen rechtstreekse schermafbeelding maken).

Written by George Knight

6 februari 2017 at 14:57

Referendum als excuus en stootkussen om de politiek terzijde te schuiven

with 2 comments

bi

 

Business Insider Nederland biedt wekelijks een debat tussen aankomend politicus Thierry Baudet (FvD) en kamerlid Stientje van Veldhoven (D66) over een specifiek onderwerp. Deze week het referendum.
Dat vraagt om commentaar:

Het debat over wel of geen referendum is een schijndebat. Waarom Stientje van Veldhoven zich in een debat laat lokken met Baudet is ook de vraag. Ze zou beter moeten weten.

De sinds zomer 2015 nieuwe voorstanders van het referendum lieten zich immers eerder leiden door de politieke en commerciële (Geen Stijl) kansen die het op 1 juli 2015 ingevoerde Wet Raadgevend Referendum bood dan door hun democratische gezindheid. Dat laatste wordt gebruikt als voorwendsel voor het eerste. Dus daarom is het krom om een debat aan te gaan met iemand van wie de democratische gezindheid in zijn politieke functioneren niet vooropstaat, maar die wel anderen op dit aspect de maat meent te kunnen nemen.

Het antwoord op de vraag die een meerderheid van de Nederlandse bevolking bezighoudt is hoe de politiek dichter bij de burger gebracht kan worden. Dus hoe de machtsdeling met de burger vergroot en de macht van de politieke partijen verminderd kan worden. Of dat via vormen van directe of representatieve democratie gerealiseerd kan worden is secundair.

De vraag over het referendum wordt zo in praktische zin een afleiding voor echte veranderingen van het politieke bestel. Die verder gaan dan lippendienst. De populistische splinterpartijen gebruiken de roep om het referendum om zich ermee te profileren en in te vechten in de gevestigde politieke orde waar ze tot toe willen treden door aan te schoppen tegen die gevestigde politiek. Ook een generatieconflict en een gebruikelijke carrièrestap voor aspirant politici. Sommige behoudende traditionele politieke partijen gebruiken het referendum als excuus en stootkussen om geen fundamentele maatschappelijke veranderingen door te voeren. Progressieve politieke partijen willen die veranderingen wel, maar laten zich afleiden door een eindeloos debat over de vormgeving ervan.

Wat te doen? De oplossing zit ‘m niet in het referendum, maar in de druk op de gevestigde politiek om de macht met de burger te delen. Geen enkele organisatie levert ooit zonder tegenprestatie een deel van de macht in. Met het Nederlandse veelpartijenstelstel is de representatie rvan de burgers redelijk verzekerd. Het echte debat gaat over sociaal-economische onderwerpen, zoals inkomensgelijkheid, belastingdruk en belastingontwijking, huisvesting, onderwijs, werk en gezondheid, klimaat en gezondheid.

Een partij als D66 moet niet bang zijn om kritiek te hebben op het referendum. Niet om het af te schaffen, maar door het belang ervan niet te overschatten. Maar wat D66 vooral niet moet doen is zich door een andere partij tot een schijndebat laten verleiden waarin beide kanten weten dat het een schijnvertoning is. Maar wat ze om uiteenlopende redenen de kiezer niet kunnen bekennen omdat ze eigen, specifieke electorale redenen hebben om het debat over het referendum in de lucht te houden. Als luchtkasteel.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelStientje van Veldhoven: ‘Thierry Baudet gebruikt referenda om de politiek terzijde te schuiven’ op Business Insider Nederland, 31 januari 2017.

Kiezers twijfelen. Amsterdams onderzoek bevestigt dat PvdA afstevent op slecht verkiezingsresultaat

with 2 comments

In Amsterdam zweven nog veel kiezers, zo blijkt uit onderzoek van de afdeling Onderzoek, Informatie en Statistiek van de gemeente. Zeven weken voor de verkiezingen van 15 maart weet 76% van de kiezers nog niet op welke partij te gaan stemmen. Dat is slecht nieuws voor de PvdA die van oudsher een machtsbasis had in de grote steden. De stemmers op die partij twijfelen, ze lopen over naar een andere partij of blijven thuis. Gemotiveerd om op de PvdA te stemmen lijken ze niet. Dat bevestigt het beeld in de peilingen van een slecht presterende PvdA die in het kabinet Rutte II vermalen is door de VVD. Hoewel dat niet eens realiteit hoeft te zijn. Waar die stemmen terechtkomen is onduidelijk. Opvallend is dat Groenlinks en D66 het betrekkelijk goed doen in Amsterdam. Maar in zeven weken kan nog veel veranderen. De campagne moet nog op stoom komen.

Written by George Knight

29 januari 2017 at 11:29

College Amersfoort stoot atelierruimte af ondanks toezegging niet te bezuinigen op cultuursector. Kunstenaars protesteren

leave a comment »

sa

De Stad Amersfoort zet in een bericht op een rijtje hoe beeldende kunstenaars Amersfoort verlaten. Reden is het gebrek aan atelierruimte. Het college van D66, VVD, ChristenUnie en PvdA stoot atelierruimte af en brengt die op de markt waardoor kunstenaars op straat komen te staan. Meer dan 35 kunstenaars zouden op zoek zijn naar atelierruimte. Coalitieakkoord ‘2014-2018 – Samen maken we de stad’ zegt over de cultuursector: ‘De culturele sector in Amersfoort heeft de laatste jaren budget moeten inleveren. De coalitie legt geen nieuwe bezuinigingen op aan de cultuursector.’ Het lijkt er echter sterk op dat het afstoten van atelierruimte door het college een verkapte bezuiniging op de cultuursector is en het college in strijd met de eigen voornemens handelt. Want bezuinigingen buiten de cultuurbegroting om die via het gemeentelijk vastgoedbedrijf  lopen zijn wel degelijk op te vatten als nieuwe bezuinigingen die het college oplegt aan de cultuursector.

Illustratief voor het wispelturige Amersfoortse cultuurbeleid is het lot van de Elleboogkerk die in de verkoop staat voor 1.495.000 euro. Tot een brand in 2007 was er het Armandomuseum gevestigd. De brochure zegt: ‘De cascorestauratie is deels gebaseerd op plannen voor de herhuisvesting van het Armandomuseum die uiteindelijk geen doorgang heeft gevonden.’ Te elfder ure blokkeerde het college om economische redenen de herhuisvesting. In 2010 noemde de toenmalige directeur van de cultuurkoepel Amersfoort-in-C het eenzijdig opzeggen van een prestatieovereenkomst door het college ‘onbehoorlijk bestuur. Het gevolg was dat het Armandomuseum ondanks beloften dat het museale huisvesting in Amersfoort geboden moest worden de stad werd uitgejaagd naar Bunnik. Het vestigde zich in landhuis Oud Amelisweerd waar het onder een andere naam geen toekomst kon opbouwen. De gemeente Utrecht is nu bezig met een verkennend onderzoek voor het vinden van een nieuwe exploitant. En de Elleboogkerk staat 7 jaar later nog steeds in de verkoop.

Kunst is het slachtoffer. Wat opvalt is dat het college en de agerende kunstenaars kunst niet meer centraal stellen. Bijverschijnselen nemen het over. Het college is verblind door cijfers vanwege miljoenentekorten -die door slecht beleid op de projectontwikkeling zijn ontstaan- en kunstenaars bijten zich vast in hun protest. Zodat boekhouden, schuiven met begrotingsposten, procedures, verbijstering, ongenoegen en profilering komen te staan voor waar het om begonnen was: de kunst. Kunstenaar Ron Jager timmert met z’n Uncle Rons Hyperbolic Roadshow lekker aan de weg, maar of daarbij de kunst centraal wordt gesteld of die net als bij het college ook instrumenteel geworden is valt af te wachten. Maar het grootste verwijt treft achtereenvolgende colleges van Amersfoort die grillig, wisselvallig en op sommige momenten zelfs op onbehoorlijke wijze invulling hebben gegeven aan het cultuurbeleid. Met een kwalijke uitstraling tot buiten de gemeentegrenzen.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelKunstenaars verlaten Amersfoort’ in De Stad Amersfoort, 25 januari 2o17.

Kiezen tussen D66 en GroenLinks. Hoe de stemkeuze beredeneren?

with 2 comments

look_outs_aboard_hms_ashanti_whilst_escorting_a_russian_convoy_march_1942-_a8202

Gisteren vroeg iemand me op FB wie goed en wie slecht is. Dat naar aanleiding van m’n commentaar op de brief van Mark Rutte en de selectieve hufterigheid die ik met velen daarin las. De laatste 24 uur wordt die hufterigheid van de VVD nog eens extra benadrukt door de nieuwste ontwikkelingen over de Teevendeal (‘de bonnetjesaffaire’) als gevolg van de onderzoeksjournalistiek van Bas Haan van Nieuwsuur. Het verschil tussen mooie verkiezingspraatjes en de werkelijkheid, tussen schijn en wezen, kan bijna niet groter zijn. De timing zit de VVD tegen. De mooie woorden van Rutte tonen nog potsierlijker en meer misplaatst dan ze al waren.

Iemand schreef op FB: ‘Iedereen moet maar zijn eigen keuze maken, de politiek is toch niet te vertrouwen.’ Daar antwoordde ik op: ‘Nou, dat is weer te veel van het goede. Het gaat om het verschil tussen goede en slechte politiek.’ Waarop dus de vraag aan me gesteld werd wat dan goede en slechte politiek was. Ik kwam niet weg met het antwoord dat iedereen dat maar voor zichzelf moet uitmaken. Uiteindelijk antwoordde ik: ‘Ik kan hooguit zeggen welke partijen op dit moment op m’n shortlist staan. Dat zijn D66 en GroenLinks. Maar ik zou daarmee niet willen suggereren dat dat goede partijen zijn.’ Met de belofte om dat nader toe te lichten. 

Partijen in het politieke landschap van Nederland lijken nog meer dan anders in te delen in tegenstellingen die niet exclusief zijn. Anders gezegd, partijen kunnen op de ene tegenstelling niets gemeenschappelijk hebben, maar op een andere tegenstelling raakvlakken of overeenkomsten vertonen. Dat maakt het vergelijken van partijen lastig. De volgende tegenstellingen zijn aan te wijzen als de belangrijkste kenmerken: 1) links-rechts (sociaal-economie; 2) progressief-conservatief (sociaal-cultureel; identiteit); 3) pro- en anti-EU; 4) religieus-vrijzinnig; 5) democratisch-anti-democratisch; 6) kwaliteit en doelmatigheid van leider en partijorganisatie.

Niet iedere kiezer vindt voor de eigen afweging hetzelfde kenmerk even belangrijk. Waar de één de relatie tot de EU vooropzet, zet de ander de economische situatie centraal. Of het religieuze karakter van de partij of het idee over identiteit en nationalisme. En op een bepaald kenmerk kan men natuurlijk ook verschillend denken.

Op mijn huidige shortlist fungeren de twee als links-liberaal te omschrijven partijen D66 en Groenlinks (GL). Ze hebben veel gemeen, maar verschillen ook sterk. Ze zijn de twee meest uitgesproken pro-EU partijen (3). Sociaal-economisch is D66 rechts en GL links (1). Sociaal-cultureel zijn ze allebei progressief (2). Ook zijn ze vrijzinnig (4). D66 is een door en door democratische partij, GL kent anti-democratische elementen. Of liever gezegd D66 steunt het idee van democratie onvoorwaardelijk, terwijl daar bij GL met een oude kern van anti-democratische kaderleden twijfel over bestaat (5). D66 is een coherente partij met een niet al te aansprekende leider, terwijl GL een onsamenhangende partij met gefragmenteerd gedachtengoed en een sterke leider is (6).

Deze opsomming geeft aan hoe lastig kiezen het al is tussen twee partijen die programmatisch dicht bij elkaar liggen. Het is niet makkelijk te beantwoorden wat een kiezer het zwaarste moet laten wegen. Tegen het einde van een campagne wordt de inschatting van de kwaliteit van partij en leider steeds belangrijker. Hoe opereren ze strategisch en sorteren ze verstandig voor op de onderhandelingen na de verkiezingen? De PVV kan de grootste of op een na grootste partij worden, maar heeft zich buitenspel gemanoeuvreerd door een harde politieke en persoonlijke toon naar de andere partijen. Fouten worden afgestraft en kiezers haken graag aan bij een leider of partij die het beeld van een winnaar vertoont en perspectief heeft voor na de verkiezingen.

Als Jesse Klaver (GL) zich in m’n ogen niet waarmaakt of de beslissing neemt om de toenadering van de PvdA en SP te gedogen en goed te praten zal ik in gedachten GL van mijn shortlist schrappen. Als Alexander Pechtold (D66) teleurstelt in debatten of interviews dan maakt dat nog geen verschil omdat zijn kwaliteit niet de reden is dat D66 op mijn shortlist staat. Maar als D66 als partij beslissingen neemt over vrijzinnigheid, de EU of directe democratie die afwijken van wat ik van die partij op z’n minst verwacht, dan schrap ik D66. Nieuwe partijen kunnen op m’n shortlist komen als ze de kenmerken vertonen die ik van een partij verwacht. Rechts-populistische of christen-democratische partijen zullen dat niet zijn omdat die voor mij de verkeerde kenmerken vertonen. Als op 15 maart 2017 geen enkele partij meer op mijn shortlist blijkt te staan, dan ga ik niet stemmen. Niet door een tekort aan politieke interesse, maar vermoedelijk door een teveel eraan.

Foto: Uitkijkposten aan boord van HMS Ashanti dat een Sovjet-convooi escorteert, maart 1942.