Franse regering opent aanval op woke-isme. Pleidooi voor het centrum. Tijd voor een Bataafs laboratorium?

Schermafbeelding van deel artikelFrench education minister’s anti-woke mission‘ op Politico, 19 oktober 2021.

Actie roept reactie op. In de politiek bestaat het besef bij middenpartijen dat het woke-gedachtengoed uit de VS radicaal-rechts in de kaart speelt. Woke is begonnen als een billijk pleidooi voor meer bewustzijn en minder onrecht, maar is gekaapt door een radicale minderheid en veranderd in een afrekencultuur die leidt tot apartheid en fragmentatie. De beperkte opvatting van het begrip diversiteit wordt als breekijzer gebruikt voor selectieve identiteitspolitiek.

Een deel van de zwijgende meerderheid wordt door de actie van radicaal-links naar radicaal-rechts gejaagd dat zich er publiekelijk het duidelijkst tegen uitspreekt. Daarom is het in het belang van Europese middenpartijen om het woke-gedachtengoed de pas af te snijden om radicaal-rechts niet in de kaart te spelen en zichzelf electoraal te redden. Het gevolg is dat er een dunne lijn ontstaat tussen centrum-rechts en radicaal-rechts waar radicaal-links vervolgens weer tegen ageert zonder te beseffen of toe te willen geven dat het zelf dat proces in gang heeft gezet.

In de VS heeft de Democratische partij zich grotendeels vervreemd van de gewone kiezer. Dat Joe Biden in 2020 president werd had hij te danken aan twee aspecten: zijn gematigde opstelling en de afkeer bij gematigde Republikeinen en Onafhankelijken van Trump. Ze bleven thuis zodat Biden met klein verschil enkele beslissende swingstates kon winnen omdat de Republikeinen Trump afwezen of op Biden stemden. Buiten een progressieve kern ontbreekt de liefde voor de Democratische partij die radicaler is dan Biden en zich onverdraagzaam en uit de hoogte gedraagt tegenover de kiezer.

Overigens is in 2024 de beste hoop voor Biden een herhaling van 2020: de strijd tegen Trump. Wie er dan wint hangt af van het antwoord op de vraag welke partij het meest gehavend uit die strijd komt. Want dat beide grote partijen aan geloofwaardigheid en samenhang inleveren is ontegenzeggelijk.

In Frankrijks is Jean-Michel Blanquer de minister van Nationaal Onderwijs en Jeugd. Hij is lid van president Emmanuel Macrons middenpartij LREM. Hij heeft er sinds kort een taak bij als coördinator van Le Laboratoire de la République dat zichzelf presenteert als ‘Club (of plek) van reflectie en actie ten gunste van de Republiek’. Tweets verschijnen sinds 13 oktober 2021 en zien er zo uit:

Tweet van Le Laboratoire de la République, 13 oktober 2021.

Er staat: ‘Deze woke/ anti-woke-kloof mag niet generationeel worden. @NatachaQS en @Valent1Pierre zullen de Jeugdcommissie van dit Laboratorium van de Republiek coördineren’.

Het ‘Labo’ is tegelijk publiciteitsmachine, denktank en campagnemiddel dat is bedoeld om het initiatief terug naar Macrons partij te brengen en niet gesandwicht te worden tussen de partijpolitieke waarheden over migratie, COVID-19, rechtsstaat en EU van radicaal- en nationalistisch-rechts en de culturele, metapolitieke waarheden van radicaal-links dat zoveel invloed heeft op universiteiten, media en in de intellectuele wereld. Blanquers beseft dat dit mede speelt op het niveau van ideeën als hij zegt dat het Republikeins laboratorium ‘verder gaat dan partijpolitiek’.

Een artikel van 19 oktober 2021 in Politico schetst dit Republikeinse laboratorium en verbindt het met de Franse versie van het secularisme. Aanleiding zijn uitingen van Blanquer zoals: ‘De Republiek is volledig in strijd met het woke-isme’. Die verwijzing lijkt vergezocht, maar wordt door Politico verklaard: ‘Voor een groot deel van het politieke establishment overstijgt het Franse secularisme – laïcité – ras, geslacht en religie en is het echt egalitair. Voor zijn critici bevordert datzelfde secularisme een wit en christelijk ideaal dat discriminatie van minderheden in stand houdt’.

Er lijkt een gat te zitten tussen het woke-isme dat vooral aan Amerikaanse. maar ook West-Europese universiteiten leidt tot (zelf)censuur en een reductie van onderzoek en waarheidsvinding die haaks staat op een open academische geesteshouding en de Frans-Republikeinse versie van het secularisme dat niet zo neutraal en kleurenblind is als het zelf suggereert. Ofschoon president Macron Frankrijk probeert te moderniseren, maar het land dat in de kern behoudend is tot nu toe slecht meekrijgt.

Mogelijk is het streven van het Republikeins laboratorium niet puur oprecht en vooral een stunt om het kiezersvolk bij de les te houden. Toch getuigt het van lef om het woke-isme waar radicaal-links en radicaal-rechts zo van profiteren frontaal aan te vallen. Het tekent de noodzaak voor middenpartijen om in actie te komen. Ze moeten veranderen om hetzelfde te blijven.

In Nederland zou een taak weggelegd zijn voor met name D66 en VVD om de tolerantie weer centraal te zetten in het publieke debat over diversiteit, academische vrijheid, complotdenken en culturele waarden. Het is de strijd om de geest. Het verhaal over identiteit legt een culturele basis onder de samenleving en kan door de politiek niet genegeerd worden. Een niet-partijpolitieke projectminister zou in het komende kabinet op het snijvlak van onderwijs, jeugd, emancipatie en media daarmee belast kunnen worden. In een Bataafs laboratorium.

Kamervragen ‘De berichtgeving inzake Facebook’ van Wybren van Haga zijn een teken van een zwakke parlementaire cultuur. Hij presenteert leugens als feit

Schermafbeelding van deel artikelSocial mediagiganten zijn vaak politiek gekleurd en beïnvloeden de publieke opinie‘ op BVNL, waarschijnlijk 5 oktober 2021.

Kamerlid Wybren van Haga (Belang van Nederland) onderbouwt nergens zijn claim ‘Social mediagiganten beïnvloeden willens en wetens het politieke proces en lijken daarbij een sterke voorkeur te hebben voor de zittende elite en linkse propaganda‘ die hij op de site van zijn partij plaatst. Dat kan ook niet, want het is een verzinsel dat aan zijn fantasie is ontsproten.

Deze observatie is in strijd met wat Facebook-klokkenluider Frances Haugen in haar getuigenis voor de Senaat zegt, namelijk dat Facebook na de verkiezingen van november 2020 de maatregelen om desinformatie te blokkeren weer om economische redenen uitschakelde. 

Uit alle onderzoeken van de afgelopen jaren volgt ondubbelzinnig dat veruit de meeste desinformatie over COVID-19, de verkiezingen van november 2020 (‘The Big Lie‘) en andere aspecten over de Amerikaanse politiek van radicaal-rechtse kant komt. 

Anders gezegd, het weer toelaten door Facebook van desinformatie vanaf november 2020 maakt duidelijk dat Facebook geen linkse, maar een rechtse voorkeur heeft. 

Facebook ging na de verkiezingen van 2020 weer terug naar ‘normaal’, ofwel het steunen van radicaal-rechts dat zich nu eenmaal sterker dan links manifesteert op Facebook. 

Vraag 5 van kamervragen 2021Z17139 van Wybren van Haga (BVNL), 5 oktober 2021.


In kamervragen 2021Z17139 (‘De berichtgeving inzake Facebook‘) van 5 oktober 2021 waar overigens bovenstaande passage over die linkse voorkeur ontbreekt zegt Van Haga bij vraag 5 het volgende: ‘Deelt u de mening dat als de klokkenluider gelijk heeft, Facebook willens en wetens heeft bijgedragen aan het optimaal beschadigen van president Trump en daarmee dus de publieke opinie actief heeft beïnvloed? Kunt u uw antwoord toelichten?

Haugen beweert echter nergens dat Facebook heeft bijgedragen aan het beschadigen van Trump. Van Haga legt haar iets in de mond wat ze niet beweert. Dit zuigt hij uit zijn duim.

Van Haga combineert het feit dat de social mediagiganten een politieke rol hebben met zijn politieke overtuiging dat rechts daarvan het slachtoffer is. Wat Wybren van Haga beoogt is duidelijk. Hij combineert een deel waarheid (Facebook speelt een politieke rol) met een deel fantasie (Facebook heeft sterke voorkeur voor links) en maakt dat tot een brouwsel vol desinformatie.

Zonder Facebook was Trump nooit president geworden. Daarover bestaat brede overeenstemming. Trump kon alleen winnen via Facebook dat hem advertenties verkocht. Met medewerking van het bedrijf Cambridge Analytica en de rechtse miljardair Robert Mercer werkte Facebook in 2016 op illegale wijze mee aan het opbouwen van Trumps achterban via microtargeting. Zonder medewerking van Facebook had Trump nooit in die mate zijn achterban kunnen bereiken en Hillary Clinton met in totaal slechts 70.000 stemmen kunnen verslaan in drie swingstates.

Het zijn dus de Amerikaanse techgiganten die Trump tot president hebben helpen maken. Uit de gebeurtenissen sinds 2016 blijkt dat ze een sterke voorkeur voor rechts hebben. Het draait om big money van rechtse sponsors als Koch, Adelson, Mercer, Uihlein, Griffin en vele andere Republikeinen die investeerden in Trump.

Van Haga weet als gelouterd politicus wat de feiten zijn. Van Haga liegt als hij ontkent dat Facebook een sterke voorkeur voor rechts heeft. Het past in zijn straatje om radicaal-rechts als slachtoffer af te schilderen.

Uit zijn politieke mening laat Van Haga feiten volgen. Wat hij hiermee wil bereiken is duidelijk, namelijk het aanspreken van zijn basis om te scoren en electorale steun op te bouwen. Het interesseert hem niet of hij liegt en betrapt wordt, wel dat hij aantrekkelijk voor zijn achterban is.  

In de concurrentie met de radicaal-rechtse partijen PVV, FvD, JA21, SGP en BBB die koortsachtig de publiciteit bespelen om gehoord te worden is Van Haga blijkbaar gedwongen om zijn fantasie te gebruiken. Dat zegt vooral iets over het opportunisme van Van Haga en de meerwaarde die hij heeft voor de Nederlandse politiek. Die meerwaarde is negatief. 

Het is een teken aan de wand voor het lage niveau van de Nederlandse parlementaire cultuur dat in kamervragen van Van Haga leugens als feiten worden gepresenteerd. Het is gewenst dat de Tweede Kamer bij zichzelf te rade gaat en tot het besef komt waar het mee bezig is. Van Haga zou tot de orde geroepen dienen te worden door zijn collega’s. Hij is (jammergenoeg niet als enig kamerlid) onder het niveau gezakt dat nog aanvaardbaar is voor een geloofwaardige en doeltreffende Tweede Kamer. 

In het spiegelpaleis van de politiek miskennen velen hun eigen rol

AfficheHinab mit dem Geschmeiß! Wählt Kommunisten!‘(Weg met het tuig! Kies Communisten!) van de KPD, 1924.

I. Dat het enerzijds-anderzijds denken als pose en begrip een gat in de markt is valt af te lezen aan een rechtse site die de eigen overtuiging als redelijk en neutraal probeert te presenteren. Bij nader inzien is het een alledaagse radicaal-rechtse site die niet redelijk en neutraal is en via een gematigde overtuiging verschillen wil overbruggen. Opzet is het presenteren van meningen die haaks staan op democratie en rechtsstaat.

Waarschijnlijk vinden deze rechts-radicalen het niet chique om open en bloot voor de eigen overtuiging uit te komen en moet de lezer misleid worden door een gematigde verpakking. Ook kan het een manier zijn om gematigde kiezers onder valse voorwendsels in het eigen kamp te trekken.

Het is een oude truc uit communistische hoek. De communisten zetten ooit mantelorganisaties op die een zogenaamde onafhankelijke organisatiestructuur hadden, maar in werkelijkheid een verlengstuk van de communistische partij waren. Alleen waren degenen die lid van zo’n mantelorganisatie daarvan niet op de hoogte.

Zo begrijpen linkse maatschappijcritici die niet alleen het regeringsbeleid afkraken inzake de bestrijding van de pandemie, de armoedebestrijding of de inkomensongelijkheid, maar verdergaan door de democratie ter discussie te stellen, onvoldoende dat ze zich hiermee onbewust tot lid verklaren van een mantelorganisatie. In dit geval niet de communistische, maar de ultra-rechtse partij die de oorlog heeft verklaard aan de democratie die het omver wil werpen om te vervangen door een autoritaire staat. Zeg maar, het Weimar-scenario.

Het is het cynisme van goedwillende linkse maatschappijcritici die zichzelf beschouwen als redelijk en evenwichtig, maar het omgekeerde bereiken van wat ze beogen. Want ze steunen indirect een partij waarbij de linkse ‘onderwerpen’ in slechte handen zijn.

II. Hiermee is niet gezegd dat links geen kritiek kan hebben op het regeringsbeleid. Integendeel. Het is juist de taak van links om de status quo en het beleid ter discussie te stellen met de intentie om het te willen veranderen. Want er valt nog zoveel te verbeteren. Leidraad daarbij zijn ideeën over grondrechten, gelijkheid en solidariteit die nog immer universele waarde hebben.

Het gaat pas mis als linkse critici hun kritiek niet onlosmakelijk combineren met een pleidooi voor een weerbare democratie, maar zich door de ultra-rechtse retoriek mee laten voeren in een cynische houding jegens de democratie of het standpunt dat er verschillende waarheden naast elkaar bestaan. Zodat niets meer door allen getoetst en gedragen kan worden.

Vermoedelijk is dat het verschil tussen radicaal-links en gematigd-links. De eersten stoppen niet bij de kritiek op het beleid, maar willen een systeemverandering. De laatsten, ouderwets gezegd, de revisionisten, stoppen wel bij de kritiek op het beleid en steunen onbetwistbaar de democratie.

III. Zo ontstaat het beeld van het hoefijzer. Daar gaan radicaal-links en radicaal-rechts in elkaar over. Zoals bij een magneet is het de vraag wie nou wie aantrekt. Hoofdzaak voor beide soorten radicalen is een systeemverandering die op een niet gelijklopende manier samengaat met sociaal-culturele aspecten over identiteit en nationaliteit. Want waar het rechts voornamelijk is te doen om de culturele onderwerpen als afleiding te gebruiken, meent links het serieus als emancipatiedoel. De wijziging van het ‘gewone’ beleid wordt bij bede groepen radicalen echter ondergeschikt.

IV. Dat is via een omweg precies waar het de zittende macht van gematigd-rechts om te doen is, namelijk het afzwakken van sociaal-economisch beleid over belastingontwijking, eigendomsverhouding en armoedebestrijding. Dat gebeurt in nauwe samenwerking met het bedrijfsleven dat ook de status quo wil handhaven. Toegespitst op de Nederlandse politiek maakt dat vanuit het perspectief van gematigd-rechts (VVD en CDA) duidelijk waarom het aan gematigd-links (PvdA en GL) geen grote rol in een volgend kabinet wil toebedelen.

Op het niveau van de praktische politiek steunen radicaal-links én radicaal-rechts op hun ongelijksoortige manier de afwaardering van de sociaal-economische onderwerpen waarmee ze gematigd-rechts in de kaart spelen omdat dit nou precies het hoofddoel van gematigd-rechts is. Namelijk het handhaven van de status quo, inclusief eigendomsverhoudingen. Gematigd-links is daarop de uitzondering, mits het zich niet teveel af laat leiden door de sociaal-culturele onderwerpen over identiteit, integratie en nationaliteit.

V. Dus? Iedereen moet beseffen dat hij of zij voor het karretje van een ander kan worden gespannen zonder dat door te hebben. Of op een politiek-filosofisch niveau zelfs zonder door te kunnen hebben.

Beleidskritiek van links werkt averechts als het niet direct verbonden is aan de verklaring om democratie en rechtsstaat te ondersteunen. Ook radicaal-rechts laat zich in de luren leggen door de zittende macht van gematigd-rechts als het zegt te opteren voor de omverwerping van de democratie, maar in werkelijkheid de meeste energie steekt in culturele onderwerpen die niet meer dan een nevenattractie zijn van een politiek waarvan het doel het zaaien van verwarring is en het onzichtbaar maken van verschillen. Een spiegelpaleis waarin velen niet alleen de weg kwijt zijn, maar evenmin beseffen wat hun eigen positie is.

Plasterk voegt zich met Telegraaf-column in rechtse hetze tegen D66 en Sigrid Kaag

Schermafbeelding van deel artikelOud-PvdA-minister Ronald Plasterk wil dat Sigrid Kaag aftreedt: ‘Zo iemand kan je in een kabinetsteam niet hebben’ van Michael van der Galien op DDS, 3 juli 2021.

Oud-minister Ronald Plasterk heeft een Telegraaf-column en moet daar noodgedwongen rechtse praatjes bezigen. Of hoofdredacteur Paul Jansen hem dat oplegt of dat Plasterk daar door zelfcensuur of zelfverloochening toe komt is van ondergeschikt belang. Het resultaat is hetzelfde.

Plasterk plooit zich als een lichte vrouw die zich verkoopt. Het is triest om te zien. De sociaal-democraat schept verwarring en is populair bij PVV- en Forum-sympathisanten.

Het is veelzeggend dat een sociaal-democraat van overtuiging die binnen zijn partij niet relevant meer is zijn overtuiging verkoopt aan de meest biedende. Of in dit geval waarschijnlijk, de enig biedende. Maar Plasterk heeft het recht om de weg van de minste weerstand te volgen. Een weg die bij anderen veel weerstand oproept.

Met terugwerkende kracht worden zijn ministerschappen in Balkenende IV en Rutte II er niet geloofwaardiger op. Ook toen al zocht hij opvallend de publiciteit. Bijvoorbeeld door foto’s te maken van degenen die hem in zijn werkkamer als minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap bezochten. Dat deelde hij weer breed in de publiciteit.

Zijn laatste column in De Telegraaf is een bescheiden hit op radicaal-rechtse sites, zoals DDS. Ik reageerde daar bij bovenstaand artikel: ‘Plasterk is een fossiel die zichzelf tot leven probeert te wekken. Hij zoekt de rechtse echokamer op om zichzelf te laten horen. Plasterk toont aan hoe iemand van overtuiging kan veranderen. Hij neemt de kleur van zijn omgeving aan en verliest in dat proces zichzelf. Ik kan me niet voorstellen dat verstandige Telegraaf-lezers die hang naar aandacht van Plasterk niet doorzien. Als hem een kabinetspost in Rutte IV zou worden aangeboden, dan verschiet hij in een nacht weer van kleur.

De column van Plasterk past in de continue oorlog die de Telegraaf tegen D66 en Sigrid Kaag voert. Is D66 immers niet de aartsvijand van de PVV? De Telegraaf probeert nog steeds het foute beeld te vormen dat de progressieve centrumpartij D66 met stevige rechtse sociaal-economische programmapunten een linkse partij is.

Plasterks column staat achter een betaalmuur, maar er valt te lezen dat het als volgt begint: ‘Het VPRO-programma Sigrid Kaag van Beiroet tot Binnenhof is een mooie boel geworden. Om te beginnen is het politiek kluitjesvoetbal. Het programma is gemaakt door de VPRO, die wordt geleid door een oud-campagneleider van D66. Er is in overleg met de publieke omroep (die onder leiding staat van een D66’er) een tijdstip gekozen soort voor de verkenningen om maximale electorale impact te hebben (…). De film is mede gefinancierd door het Nederlands Filmfonds (voorzitter was Thom de Graaf), en kreeg, zo meldt journaliste Kim van Keken, een extra subsidie van minister Van Engelshoven (D66).

Dit is stemmingmakerij door associatie van Plasterk. Het feit dat leden van D66 hierbij betrokken zijn wil nog niet zeggen dat ze verkeerd gehandeld hebben. Maar dat suggereert Plasterk wel. Thom de Graaf was overigens nooit voorzitter van het Nederlands Filmfonds, maar voorzitter van de Raad van Toezicht van die organisatie. In die functie is hij opgevolgd door het voormalige VVD-kamerlid Laetitia Griffith. In Nederland Polderland rouleren dit soort functies tussen leden van de grootste partijen. Dat is de PvdA al sinds 2017 niet meer.

DDS gaat in de overdrive als het onder verwijzing naar de VPRO-documentaire waarover kamervragen door de PVV waren gesteld suggereert dat minister ‘Kaag haar collega-minister Arie Slob (ChristenUnie) hier gewoon keihard over heeft laten liegen‘. Het valt trouwens op hoe Plasterk in zijn column delen van de kamervragen van PVV’er Martin Bosma overneemt. En DDS vervolgt: ‘Slob antwoordde daarop dat – zo werd hem dat verteld door de VPRO – er geen contact was geweest tussen de documentairemakers en D66, niet over de precieze inhoud van de docu, tenminste’.

De crux waarop Plasterks column leunt is dat minister Kaag haar collega-minster Slob informatie heeft onthouden waardoor hij de kamervragen van de PVV verkeerd heeft beantwoord. Dat laatste is juist en valt de VPRO te verwijten die Slob verkeerd heeft geïnformeerd zodat hij op zijn beurt de kamer verkeerd informeerde. Daar staat Kaag buiten. Dat zijn gescheiden verantwoordelijkheden die Plasterk op een hoop gooit. En stel dat Kaag Slob die op een ander ministerie werkt hierover wel had geïnformeerd, dan was de reactie van De Telegraaf voorspelbaar geweest. Namelijk dat Kaag Slob heimelijk probeerde te beïnvloeden. Het is immers nooit goed wat de Telegraaf over D66 meldt.

Dat er foute kantjes zitten aan de productie van de VPRO-documentaire over Kaag is duidelijk. De makers zijn door D66 en Buitenlandse Zaken onder druk gezet om de film aan te passen. Dat is ontoelaatbaar en hoort niet in een werkende democratie thuis.

Er moet wetgeving komen om de verderfelijke invloed van voorlichters en communicatie-experts bij ministeries en gemeenten op de journalistiek en de kunst terug te dringen. Hun macht is veel te groot geworden. Ze perken de persvrijheid en de vrijheid van expressie in.

Omdat nog niet alle feiten bekend zijn, dient deze kwestie tot op de bodem uitgezocht te worden en openbaar gemaakt te worden. De losse flodders voor de boeg van De Telegraaf en Roland Plasterk hebben geen enkele betekenis om deze kwestie zorgvuldig in kaart te brengen en het achterliggende probleem van politieke druk op media en kunst structureel op te lossen.

DDS verdedigt Trump met alternatieve feiten

Schermafbeelding van deel artikel Video! Trump zet Ohio op zijn kop met eerste ‘rally’ na machtsoverdracht: ‘Biden is een totale catastrofe’ van Michael van der Galien op DDS, 27 juni 2021.

Radicaal-rechtse media hebben het moeilijk om een onverdedigbare Trump te verdedigen. Dat in het geradicaliseerde medialandschap van de VS rechtse media het opnemen voor Trump ligt in de lijn der verwachting. Maar waarom een Nederlandse rechts-radicale opiniesite als DDS het ondubbelzinnig opneemt voor Trump is lastig te begrijpen.

De kloof tussen werkelijkheid en schijn is in het geval van Trump onderhand zo groot geworden dat het steeds moeilijker wordt om zijn daden te vergoelijken. De rechts-radicale hardliners en QAnon-gelovigen volgen hem nog steeds als leden van een sekte, maar zij staan steeds meer alleen. Waarmee niet gezegd is dat het gevaar van een tweede opstand die de Amerikaanse democratie omverwerpt geweken is. Hoofdredacteur Van der Galien van DDS voegt zich in dat koor. Dat op zich is al veelzeggend. Mijn reactie bij dit artikel:

Voormalig president Trump lijkt de Republikeinse partij steeds meer te verdelen door zijn steun aan complotdenkers en rechts-radicale politici. Zijn leugen dat hij de verkiezingen gewonnen heeft wacht nog steeds op onderbouwing. Naast zijn oproep tot een opstand op 6 januari 2021 heeft dat de steun bij het berde publiek geen goed gedaan. Die radicalisering stoot de onafhankelijken en meer gematigde Republikeinen af. 
President Biden is een gematigde Democraat. De links-radicale in de partij zijn zo goed als tot zwijgen gebracht of houden zich om strategische redenen stil. Daarom is de aanval van Trump op Biden ongeloofwaardig. 
Politiek is wat anders dan sensatiepers. Het is zeker zo dat Trump aandacht trekt in de publiciteit, maar het is de vraag of een land gediend is met die hype. De paradox die Van der Galien mist of niet op wil schrijven is dat de rechtse media zoals Fox News meer hebben te lijden onder de normalisering van de politiek onder Biden, dan de linkse media. 
Ultrarechtse media die Trump zei te steunen zoals One America News Network hebben niet aan aandacht gewonnen. Trump plannen om zijn eigen media op te richten zijn eveneens mislukt.
Het standpunt dat Trump nu rally’s geeft als opmaat voor de tussentijdse verkiezingen van november 2022 is deels onjuist. Trump is het niet te doen om het versterken van de positie van de Republikeinse partij, maar uitsluitend om het versterken van het merk Trump. 
Mede door zijn verbanning van sociale media is de aantrekkingskracht van het merk Trump weggezakt. Peilingen laten zien dat Trump aan populariteit heeft verloren en Biden met meer dan 60% steun populairder is dan Trump ooit is geweest. 
Naar verwachting komt de aanklager van New York Cy Vance komende week met een aanklacht tegen Trumps bedrijf. De verwachting is dat deze aanklacht alleen al voldoende zal zijn voor het failliet van Trump ORG omdat banken dan hun leningen zullen terugtrekken. Met als gevolg dat Trump bedrijf als een kaartenhuis in elkaar zakt. In de herfst van 2021 wordt een tweede reeks aanklachten verwacht tegen personen uit de omgeving van Trump. 
Trump is dus niet terug van weggeweest, maar voert een wanhoopsoffensief waarvan de uitslag nu al vaststaat. Zijn vlam dooft langzaam uit. De enige manier waarop Trump zijn macht kan terugwinnen is door met antidemocratische middelen zijn opponenten uit te schakelen en de grondwet opzij te zetten. Maar Trump is nu niet meer in de positie om het ministerie van Justitie naar zijn hand te zetten, zoals hij met minister Barr deed. 
Het gevaar van een tweede rechts-radicale opstand die de Amerikaanse democratie omverwerpt is nog niet geweken, maar de verdedigers van de grondwet weten steeds beter wat Trump heeft uitgevreten en wat het antwoord op zijn oproep tot een opstand moet zijn. Trump is een totale catastrofe voor de VS.

In statische islam, woke-beweging en nieuw rechts zijn cultuur en geloof verbonden. Het is lastig om dat open te breken

Schermafbeelding van deel artikelDe islam is hard aan verlichting toe‘ van Yesim Candan in het FD, 23 juni 2021.

In het FD houdt Yesim Candan een pleidooi voor wat hij een seculiere islam noemt. Zijn oproep eindigt met een pleidooi voor de benoeming in Amsterdam van een vrouwelijke imam. Candan gaat voor verandering door kleine stappen. Dat is een lange mars door de instituties die veel tijd vraagt.

Vermoedelijk zal hij bij orthodoxe moslims noch bij principiële islamcritici veel steun vinden. Maar zijn inzet is duidelijk: de islam is hard aan verlichting toe. Het is alleen de vraag of de Nederlandse moslims daar op dit moment al aan toe zijn. Want van hen moet de verandering komen. Die kan niet van buitenaf opgelegd worden.

Candan vertelt dat hij de werking van de immobiele islam aan den lijve ervoer toen hij zich voor een zaal islamitische studenten presenteerde als liberale moslim. Hoon, verontwaardiging en woede waren zijn deel. Hij realiseerde zich ‘beduusd’ dat religie door deze mensen als een ‘statisch’ iets wordt gezien.

Statisch betekent onveranderlijk, stilstaand en immobiel. Dat is dus een islam waarvan de gelovigen niet willen dat die verandert. Dat is een islam die niet kan en wil emanciperen. Dus deze islamitische studenten willen niet dat de islam verandert. Ze willen wel de moderniteit naar de islam brengen en profiteren van 21ste eeuwse verworvenheden, maar niet de islam naar de moderniteit brengen. De islam moet in hun visie niet veranderen en hetzelfde blijven in een snel veranderende wereld.

De vermenging van geloof en cultuur is niet uniek voor de islam. Het komt in alle geledingen voor. Naast andere statisch-orthodoxe stromingen in christendom, jodendom, hindoeïsme en andere godsdiensten. Hetzelfde geldt op dit moment voor de woke-beweging van links-radicale studenten en activisten die immobiel in hun standpunten zijn en intolerant voor nuanceringen en tegengeluiden. Opponenten worden als vijanden gezien en moeten bestreden worden. Ook rechts-radicale politieke bewegingen die ook wel nieuw rechts genoemd worden zijn sinds de opkomst van voormalig president Trump in 2016, die voor rugwind zorgde, die weg opgegaan.

De paradox is dat de statische islam zich vanuit het geloof met de cultuur verbonden heeft en in de linkse woke-beweging en de nieuw rechtse bewegingen de cultuur zich met geloof verbonden heeft. De overeenkomst is dat geloof en cultuur in elkaar overgaan en hecht verbonden zijn geraakt en er tussen de twee geen ademruimte meer bestaat. Het is een gesloten wereld met een gesloten wereldbeeld.

Dat laat zich goed onderscheiden in de VS waar het Trumpisme en de QAnon-complottheorie de Republikeinse partij gijzelen die is gaan functioneren als een sekte. De redelijkheid en het overleg met opponenten zijn buiten de orde gesteld. Een sekte is een verschijningsvorm van religie waar de uitsluiting van de ander verregaand is doorgevoerd en leden elkaar in ‘eigen kring’ vasthouden en zelfs gijzelen.

In een commentaar van april 2018 verwees ik naar godsdienstwetenschapper Reza Aslan die Donald Trump een sekteleider en het Trumpisme een sekte noemt. Met vooruitziende blik waarschuwde Aslan in november 2017 in een artikel voor de opstand van 6 januari 2021: ‘Als het presidentschap van Trump verder verslechtert, verwacht dan dat de religieuze vurigheid van veel van zijn volgelingen koortshoogte bereikt. Dat vormt een risico voor het land. Want het enige dat gevaarlijker is dan een sekteleider, is een sekteleider die een martelaar is’. 

Het is bijna onmogelijk om van buitenaf de sekte-achtige cultuur van de orthodoxe islam, de geradicaliseerde woke-beweging en geradicaliseerd nieuw rechts af te breken. De geslotenheid en de verkettering van buitenstaanders verhinderen dat. Daarom is het pleidooi van Yesim Candan zo gek nog niet. De emancipatie van de statische islam, de statische woke-beweging en statisch nieuw rechts kan alleen door kleine stappen bereikt worden. Verandering van deze immobiele bewegingen waar geloof en cultuur hecht verbonden zijn is een lang en moeizaam proces.

GB News is reactie op woke gedachtengoed en experiment van gematigd conservatisme als dam tegen antidemocratisch rechts

Vandaag wordt in het Verenigd Koninkrijk een nieuwe nieuwszender gelanceerd: GB News. Hier zijn de details te lezen. In een uitgebreid artikel in De Volkskrant noemt Patrick van IJzendoorn het ‘het nieuwste wapenfeit in de conservatieve opstand tegen woke gedachtengoed‘ (achter betaalmuur). De zender zal In Nederland via sociale media te zien zijn.

Als de lancering van deze nieuwszender een reactie is op de radicalisering van de samenleving, dan is het de vraag hoe radicaal het zelf zal worden. Van IJzendoorn geeft aan dat GB News in de politieke koers vermoedelijk gaat voor een gematigd conservatisme waar geen ruimte zal zijn ‘voor samenzweringstheoretici en verspreiders van foutieve informatie‘. GB News ontkent dat en noemt zichzelf pluriform en onpartijdig. Maar velen zien het als het rechtse alternatief van de BBC.

GB News leunt niet tegen Amerikaans alt-right en de grote leugens van Donald Trump. Dat is het soort gematigd conservatisme dat binnen de normen van de democratische rechtsstaat blijft en in de VS binnen de Republikeinse partij is gemarginaliseerd of uitgespuugd. Of GB News die gematigde koers kan vasthouden zal de uitdaging voor deze zender zijn. Want radicalisering in het mediaklimaat is een wetmatigheid die vele media treft die onder invloed van het brede publiek staan.

GB News profileert zich als het antwoord op het woke gedachtengoed. Een tegenoffensief. Voor degenen die met dat laatste niks hebben kan dat een goede ontwikkeling zijn mits GB News niet radicaliseert. Woke is net als de alt-right beweging een in oorsprong Amerikaanse invloed die in snelle tijd geradicaliseerd is. Deze bewegingen hebben de afgelopen vijf jaar veel maatschappelijke schade aangericht en delen van de samenleving tegen elkaar opgezet. Dat heeft het maatschappelijke klimaat er niet beter op gemaakt. De tolerantie en ontspanning in de samenleving zijn erdoor afgenomen.

Vraag is of de eenzijdigheid van het woke gedachtengoed dat resulteert in intolerantie, spreekverboden en een ver doorgevoerde versie van identiteitspolitiek door een zender als GB News teruggedrongen en geneutraliseerd kan worden of dat uiteindelijk het middel erger zal blijken dan de kwaal. Men mag best cynisch zijn over de initiatiefnemers van GB News, zoals journalist Andrew Neil, die een geldingsdrang kunnen hebben die niet gelijk op gaat met de politieke zaak waar ze zeggen voor te gaan.

De paradox is dat het traditionele conservatisme wereldwijd op de terugtocht is terwijl het brede publiek denkt dat het in opkomst is. Dat komt omdat het wordt verward met rechts-radicalisme of Trumpisme. Die verkeerde beeldvorming komt door onbegrip bij media en misleiding door publieke personen als Thierry Baudet die zich ten onrechte conservatief noemen. Hij is een CINO (Conservative in name only).

Een andere paradox is dat gematigd conservatisme in tot op het bot verdeelde landen als de VS op dit moment wel eens de beste verdediging zou kunnen zijn tegen de opkomst van het anti-democratische rechts-radicalisme dat buiten de democratie en de rechtsstaat treedt en verkiezingen niet meer erkent. Daarom moet GB News niet op voorhand kritisch bejegend worden, maar de kans geboden worden om zich te positioneren aan de rechterkant van de democratie.

Dat dit initiatief van GB News ontstaat in het Verenigd Koninkrijk is niet toevallig omdat het aansluit bij de conservatieve partij die overigens onder Johnson mede door de Brexit is geradicaliseerd en niet gematigd meer valt te noemen en waar het woke gedachtengoed sterk aan invloed heeft gewonnen.

GB News wil op termijn uitbreiden naar Spanje en Oost-Europa. Voor Spanje met een vanouds, maar nu wat weggezakte conservatieve beweging is dat begrijpelijk, maar voor Oost-Europa minder. Daar is de rechterkant van het politiek spectrum al verregaand geradicaliseerd. Hoe kan een gematigd conservatief GB News daar nog bij aansluiten?

Het is dus de vraag hoe stabiel GB News op koers kan blijven zonder in Trumpiaans, rechts-radicaal antidemocratisch gedachtengoed terecht te komen. Als GB News een succes wordt, dan zullen sponsors als de Amerikaanse Robert Mercer of Charles Koch of de Australische mediatycoon Rupert Murdoch zich er als gieren op storten en door er een belang in te nemen hun eisen stellen. Over radicalisering en steun voor het bedrijfsleven. De hoop dat GB News geen succes wordt is echter evenmin gewenst omdat het experiment van een gematigd conservatieve zender die een dam tegen het illiberale recht-radicalisme opwerpt als proef ook voor andere landen interessant is.

CBS gaat stoppen met gebruik van begrippen ‘westers’ en ‘niet-westers’. Dat is een goede zaak

Schermafbeelding van deel artikel ‘CBS gaat stoppen met begrippen ‘westers’ en ‘niet-westers’ van Wilmer Heck in NRC, 19-20 april 2021.

NRC meldde in een bericht van 19 april 2021 dat het CBS (Centraal Bureau voor de Statistiek) op termijn stopt met de vermelding van de aanduidingen ‘westers’ en ‘niet-westers’.

Aan dit besluit ligt mede een advies van de WRR (Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid) ten grondslag. Volgens de WRR is het onderscheid niet-wetenschappelijk onderbouwd en roept het “negatieve associaties” op. Een andere steen des aanstoots is de Barometer Culturele Diversiteit van het CBS. Daarmee wilden universiteiten onder wie de Universiteit Utrecht de diversiteit onder medewerkers in kaart brengen. Ze worden ingedeeld in Nederlandse, westerse en niet-westerse migratieachtergrond. Daar kwam in Utrecht veel kritiek op.

Radicaal-rechtse politici als Geert Wilders en Derk Jan Eppink (‘We krijgen statistieken zoals ooit in de DDR’) zien het afschaffen van deze begrippen als poging om de schaduwzijde van de multiculturele samenleving onder het tapijt te vegen.

Het is goed dat deze begrippen worden afgeschaft. Ten eerste is de afbakening ervan verwarrend en is die toevallig tot stand gekomen. Zo worden migranten uit landen als Japan en Indonesië als westers beoordeeld en migranten uit grenslanden daarvan als niet-westers. Ten tweede werkt het stigmatiserend en houdt het migranten gevangen in een (oude) identiteit waar ze moeilijk aan kunnen ontsnappen. Ten derde is door de globalisering het begrip ‘westers’ politiek en cultureel van betekenis veranderd en niet meer zo eenduidig als het tot 1991 tijdens de Koude Oorlog was.

Met de afschaffing van de begrippen worden programma’s van positieve discriminatie of de uitvoering van codes diversiteit & inclusie bemoeilijkt. Dit maakt de kritiek erop door radicaal-rechts tamelijk onbegrijpelijk. Want als niet meer geregistreerd wordt wie welke achtergrond heeft, dan wordt het opzettelijk bevoordelen van bepaalde bevolkingsgroepen bij de toelating tot opleidingen of arbeidsplaatsen eveneens lastiger. Radicaal-rechts zou ook kunnen beredeneren dat de afschaffing van de termen het belang van witheid consolideert en niet verder versneld afbreekt.

Uiteraard zal de wens van bepaalde activistische groeperingen om de voorrechten terug te dringen van groepen die zich baseren op hun witheid hiermee niet stoppen. Maar het afschaffen van de begrippen maakt het bedrijven van identiteitspolitiek en in het verlengde daarvan de cancelcultuur waardoor mensen op onduidelijke gronden worden uitgesloten anders doordat de sociale identiteit van een bepaalde groep en de door deze groep gedeelde ervaring van maatschappelijk onrecht minder scherp afgebakend kan worden.

Het verzachten van de felheid van de identiteitspolitiek die de laatste jaren voor maatschappelijke verdeeldheid en onrust heeft gezorgd kan daarom een positief neveneffect zijn van de afschaffing van de begrippen ‘westers’ en ‘niet-westers’. Ofschoon naast etnische achtergrond waar het hier om gaat ook nog de identiteiten seksuele gerichtheid, gender, regionale identiteit of religieuze identiteit bestaan en aangegrepen kunnen worden voor positieve discriminatie om via strijd emancipatie te bereiken. Want de kist van activisten bevat vele middelen om aan de weg te timmeren.

Een te verwachten effect kan daarom zijn dat de identiteitsstrijd over etniciteit of witheid zich geleidelijk zal verplaatsen naar een overigens nu ook al bestaande strijd over gender of religie. Maar ook is mogelijk dat het accent komt te liggen op identiteiten die binnen samenlevingen bestaan en nu mede door het luidruchtig links-radicaal activisme en het ‘culturele’ rechts-radicale antwoord erop buiten beeld blijven en nauwelijks met identiteitspolitiek worden geassocieerd en in de politiek en media onderbelicht zijn: sociaal-economische achtergrond en opleidingsniveau.

Dan kan het debat over maatschappelijke ongelijkheid eindelijk gevoerd worden zoals het de afgelopen decennia niet gevoerd kan worden door allerlei afleidingsmanoeuvres van zowel links als rechts. Als de afschaffing van de begrippen ‘westers’ en ‘niet-westers’ daar een bijdrage aan kan leveren, dan is dat de winst.

Scheidslijn in publieke opinie loopt niet tussen links en rechts, maar tussen muiterij en overleg

Soms kom je in een discussie op Facebook in aanraking met standpunten waarvan je denkt hoe het mogelijk is dat ze bestaan en geuit worden. Wie zitten er achter? Is het Nederlands onderwijs echt zover weggezakt als de laatste decennia door onderwijscritici wordt beweerd? Het lijkt er sterk op.

Gevoegd bij een gebrek aan mediawijsheid van de bevolking, omdat dit vak ontbreekt in het basisonderwijs, ontstaat er bij sommigen een combinatie van onvermogen, niet goed kunnen luisteren, lezen, schrijven en argumenteren, wrok en miskenning. Het gebrek aan vaardigheid om zich te kunnen uiten en goed te kunnen verwoorden wat men denkt jaagt door een gevoel van ondergewaardeerd worden en een besef van machteloosheid het vliegwiel van de miskenning nog verder aan. Dat is beklagenswaardig voor betreffende individuen en beschadigend voor de samenleving.

Dat is de stand van de publieke opinie van Nederland. In dat land is voor velen botheid de norm. Dat wordt ook wel lompheid of hufterigheid genoemd als het om het intermenselijk contact gaat. Op sociale media valt het extra op en wordt benadrukt wat blijkbaar de ziel van veel Nederlanders is. Dat is een constatering die de Engelse ambassadeur in Den Haag William Temple in de 17de eeuw al maakte in zijn Observations Upon the United Provinces of the Netherlands toen hij over de aard van de Nederlanders zei : ‘More good Nature, than good Humour’. Zie p.188:

Aanleiding voor bovenstaande uiteenzetting is een debatje op Facebook bij bovenstaand artikel van de Volkskrant dat stelt dat de rechtse partijen steeds meer opschuiven naar links. Ik gaf daar het volgende commentaar op: ‘Links is een ramp en rechts is een ramp. Racistisch rechts (PVV en FvD) is een dubbele ramp. Of de kiezer steeds meer op rechtse partijen stemt valt te bezien. Want de kiezers stemmen altijd in meerderheid op rechtse partijen. Dat is nu niet anders. De meerderheid van partijen wil gelijkwaardiger delen en belasten voor degenen die binnen zijn, maar degenen die buiten zijn meer weren dan voorheen. Is dat links of rechts? Het lijkt eerder een gemengd beeld dat valt te omschrijven als conservatief-links.’

Dat is een standpunt waar men het wel of niet mee eens kan zijn. In de verwachting van een leuk debat had ik het prikkelend opgeschreven. Ik vermoedde dat de lezers van de Volkskrant vooral zouden reageren op mijn standpunt dat links een ramp is, maar dat gebeurde niet. Is de achterban van links al bij voorbaat murw gebeukt? Ik kreeg enkel reacties die reageerden op mijn uitspraak dat ‘racistisch rechts’ van PVV en FvD een dubbele ramp is. Dat had ik niet mogen zeggen. Ook dat is blijkbaar de stand van zaken in Nederland, namelijk dat aanhangers van nationalistisch-rechts zelfs de FB-pagina’s van de centrum-linkse Volkskrant domineren.

Zo kabbelt zo’n discussie op een algemeen platform op sociale media voort in Nederland. Je kunt het niet eens een uitwisseling van standpunten noemen. Het is een gesprek tussen doven waarbij men niet zozeer luistert naar wat de ander zegt, maar vooral de eigen stokpaardjes pitcht. Daarmee zeg ik niks nieuws, het is al vaak gezegd. Ik reageer ook veel op Amerikaanse sites en daar is de omgang tussen politieke opponenten vriendelijker en volwassener, hoewel ik het afgelopen half jaar een verharding heb bespeurd. Maar daar lijkt men er genoegen in te scheppen om met elkaar het debat op een hoger niveau te tillen. In Nederland ontbreekt dat streven en lijkt het omgekeerde het geval. Namelijk het afbreken van de ander, ook als men daarmee zichzelf naar beneden haalt. Maar ook dat besef ontbreekt, zoals een Alzheimer-patiënt de eigen vergeetachtigheid vergeet.

Inhoudelijk eindigde mijn bijdrage onder dit Volkskrant-artikel met onderstaande reactie. Of het doordringt tot de aanhangers die PVV en FvD steunen betwijfel ik, maar ik blijf proberen hen met argumenten te overtuigen. Maar de mislukking is ingebakken. Het is als Max en Moritz uit het Duitse verhaal met plaatjes die in de deegbak van de bakker vallen en in de oven gebakken worden. De twee schelmen blijken nog in leven en knagen zich een weg naar buiten. De volgende streek zullen ze echter niet overleven. Maar dat weten ze nog niet.

U hebt gelijk dat er een verschil is tussen islamkritiek (of religiekritiek in het algemeen) en beleid dat tegen de grondwet ingaat. Dat eerste moet mogelijk zijn. Daar zou geen twijfel over moeten bestaan. Ik ben een criticus van godsdiensten (of religieuze instellingen) waaronder de islam omdat ik vind dat religie per saldo een negatieve invloed heeft op de samenleving. Dat geldt dus alle godsdiensten. Daarbij nemen met name de drie monotheïstische godsdiensten een stevige machtspositie in en moeten ze tegen kritiek kunnen. Hoge bomen vangen veel wind.

Maar de PVV gaat verder dan islamkritiek en morrelt aan de grondrechten van inwoners van Nederland. Daar loopt de lijn tussen wat mogelijk of zelfs wenselijk is aan islamkritiek en waar dat overgaat in beleid dat strijdig is met artikelen van de grondwet. Dat laatste hebben we met elkaar afgesproken en kan niet eenzijdig worden opengebroken. Dan verlaat een partij als de PVV de rechtsstaat en begeeft het zich op het terrein van de rechtsongelijkheid en willekeur. Dat is niet in uw of mijn eigenbelang. Want wat vandaag de moslims treft, kan in die willekeur zonder rechtsbescherming morgen u of mij treffen.

Als de PVV delen van de grondwet wil veranderen, dan heeft het daartoe uiteraard het recht. Dan moet het medestanders vinden voor een 2/3de meerderheid in de Staten-Generaal. Maar de paradox van de huidige positie van de PVV is dat het radicaliseert en zich steeds meer vervreemd heeft van de andere partijen. Ofwel, de PVV heeft helemaal geen stappenplan of strategie om een meerderheid te vinden voor de grondwetsartikelen waar het kritiek op heeft en die het wil wijzigen. Dat laat de kiezer op de PVV uiteindelijk met lege handen achter. Die kiezer wordt door de PVV bediend in zijn of haar emotie, maar politiek heeft de PVV geen omlijnd plan om haar doel te bereiken. Het is veel geschreeuw en weinig wol. Daarmee besodemietert de PVV de kiezer zonder dat die kiezer dat zelf doorheeft.’

Foto 1: Schermafbeelding van FB-posting van de Volkskrant van het artikelRechtse partijen schuiven steeds meer op naar links’, 2 maart 2021 (achter betaalmuur). Gewijzigde titel: ‘Rechtse partijen trekken met linkse argumenten steeds meer kiezers naar zich toe’.

Foto 2: Schermafbeelding van p.188 uit William Temple, ‘Observations Upon the United Provinces of the Netherlands’ (1668). Uit editie 1705. Via Google Books.

Foto 3: Wilhelm Busch, illustratie uit Max und Moritz: Max en Moritz gaan krakelingen stelen bij de bakkerij.

Joost Eerdmans (JA21) schetst het beeld dat hij aanschuift bij een ultra-rechtse coalitie van VVD, CDA, PVV en FvD

JA21-lijsttrekker Joost Eerdmans is al bezig een kabinet Rutte IV samen te stellen. Naast VVD en het CDA denkt hij aan de PVV, Forum voor Democratie (FvD) en zijn eigen partij. Dat is geen rechtse, maar een ultra-rechtse variant waarbij de gedoogcoalitie met de PVV van het kabinet Rutte I verbleekt. Volgens de Peilingwijzer hebben deze vijf partijen op dit moment 83 zetels.

Het stof tot conflict is ingebakken in PVV en FvD waar lichtgeraakte personen vol zelfoverschatting en extreme meningen aan het roer staan. Eerdmans meent dat de VVD PVV en FvD uitsluit, maar hij weet als geen ander dat het andersom is. Door verregaande radicalisering hebben de PVV en FvD zichzelf uitgesloten van samenwerking met andere partijen. De les die VVD en CDA uit het door de PVV opgeblazen kabinet Rutte II hebben getrokken is dat er geen compromissen met deze partij zijn te sluiten. Daarnaast zijn de PVV en FvD onevenwichtige partijen zonder een democratische structuur, transparantie en politiek talent dat samen kan én wil werken met andere partijen.

De VVD zou uit electoraal oogpunt gek zijn om over rechts te gaan omdat het daardoor niet alleen overgeleverd is aan de luimen van Wilders en Baudet, maar ook dat het daardoor in een ultra-rechtse koers getrokken wordt en niet langer de schijn op kan houden een middenpartij te zijn die afstand houdt van de eigen radicale variant. Voor een middenpartij als D66 zou het makkelijk scoren zijn om VVD en CDA op die rechtse koers af te rekenen.

Eerdmans weet dat hij onzin kletst en een totaal gebrek aan realisme tentoonspreidt. Zowel VVD-leider Mark Rutte als CDA-leider Wopke Hoekstra hebben de laatste maanden gezegd dat ze niet willen regeren met de PVV en FvD onder meer vanwege de uitspraken uit deze partijen die groepen tegen elkaar opzet, maar ook vanwege hun anti-EU standpunt. De VVD en het CDA die hechte banden hebben met bedrijven beseffen dat het economisch schadelijk is als Nederland uit de EU stapt.

De paradox van JA21 is dat het afstand heeft genomen van FvD en is opgericht door de afsplitsing ervan vanwege de racistische uitspraken van partijleider Thierry Baudet, maar deze partij en de PVV voor Eerdmans de enige optie zijn om in een kabinet te komen. Dat tekent de ongeloofwaardigheid en het gebrek aan perspectief van JA21. Daarnaast is deze partij overbodig omdat het zelfs voor zo’n ultra-rechtse coalitie niet eens nodig is. Door te pleiten voor samenwerking geeft Eerdmans de mogelijkheid weg om zich van PVV en FvD te onderscheiden.

Eerdmans doet denken aan de politici zoals Ted Cruz die door voormalig president Trump werden beledigd en daar aanvankelijk kwaad op reageerden, maar vervolgens hun bezwaren inslikten en hun eigen karakter geweld aandeden in de hoop dat er wat politieke kruimels van Trumps tafel vielen. Wat nooit gebeurde.

Eerdmans heeft de ruggengraat, rechtlijnigheid en buigzaamheid van een slangenmens. Eerdmans is de contorsionist van Nederlands radicaal-rechts. Eerdmans is politiek zo lenig dat hij er karakterloos van is geworden. Eerdmans draait rond in zichzelf. Eerdmans maakt een parodie van zichzelf. Eerdmans heeft het strategisch inzicht van een handelaar in kachels die een filiaal in de Sahara opent. Eerdmans heeft het charisma van een grutter. Eerdmans geeft door zijn herhaaldelijk falen en positiewisselen reliëf aan wat een goede politicus is.