Robert Patman wijst op inmenging in Amerikaanse en Britse politiek door Kremlin en de onwettigheid van Brexit-Referendum

Hoogleraar Internationale betrekkingen Robert Patman aan de Universiteit van Otago in Dunedin, Nieuw-Zeeland legt uit wat er mis is met het opschorten van de publicatie van het rapport van de commissie Grieve over de inmenging van de Russische Federatie in de Britse politiek. Het was al in maart 2019 in een eerste versie gereed en is in de maanden daarna door de veiligheidsdiensten gecontroleerd op gevoelige informatie en vrijgegeven. Premier Boris Johnson heeft de publicatie ervan om onduidelijke redenen geblokkeerd. Het vermoeden bestaat dat zijn partij er negatief uitkomt. Volgens gelekte delen uit het rapport zouden de Tories miljoenen ponden van Russische oligarchen uit de kringen van het Kremlin ontvangen hebben. Dit zou vragen oproepen en Johnsons partij kunnen beschadigen in de campagne voor de verkiezingen van 12 december 2019. Johnson wil die banden tussen zijn partij en de Russische regering uit het zicht houden.

Patman legt het verschil tussen de VS en het VK uit aangaande de reactie op het vermoeden van Russische inmenging in hun binnenlandse politiek. De VS hield het tegen het licht in het Mueller-onderzoek. Dat overigens door president Trump tegengewerkt werd en waarvan de resultaten door justitieminister Barr bewust verkeerd werden geframed. Ondanks dat is door rapporten van de Amerikaanse inlichtingendiensten (januari 2017) en de Senaatscommissie voor inlichtingen (oktober 2109) ondubbelzinnig vastgesteld dat er sprake was van Russische inmenging bij de campagne voor de presidentsverkiezingen van 2016.

Daartegenover is de VK volgens Patman ‘in ontkenning’ van de Russische inmenging in de Britse politiek en dan vooral aangaande het Brexit-referendum van 2016. Maar volgens Patman is er steeds meer bewijs van die Russische inmenging. Hij geeft aan dat systematig bedrog bij het Brexit-Referendum de Britten goede argumenten geeft om een tweede referendum te eisen dat gevrijwaard is van de onregelmatigheden van 2016.

De overeenkomst tussen beide landen is duidelijk. Trump ontkent de Russische inmenging omdat het zijn legitimiteit zou ondergraven (naast andere redenen die wijzen op witwassen en crimineel opereren van Trump ORG). Ook daarom ontkennen de voorstanders van de Brexit de Russische inmenging omdat het de legitimiteit van het Brexit-Referendum zou ondermijnen. Over de uittreding uit de EU wordt naar verwachting in januari 2020 in het Lagerhuis besloten. Dat besluit zou op voorhand belast worden, praktisch geblokkeerd en in elk geval geval gecompliceerd worden als in de openbaarheid duidelijk zou worden dat het Brexit-Referendum onwettig was vanwege die Russische inmenging en de vele onregelmatigheden die in strijd met de wet waren.

Samengevat kan worden dat naast de betrokkenheid van de top van de Conservatieve partij die geprofiteerd heeft van illegaal Russisch geld, het vermoeden van ontbrekende legitimiteit van het Brexit-referendum de tweede reden voor premier Johnson is om de openbaarmaking van het Rusland-rapport te blokkeren. Of liever gezegd de publicatie van dat rapport over de verkiezingen en de debatten van januari 2020 heen te tillen. Als er eenmaal besloten is over de uittreding, dan is dat onherroepelijk en kan mogelijk belastende informatie uit het Rusland-rapport geen effect meer hebben op de uittreding die niet meer teruggedraaid kan worden.

Patman legt uit hoe de inlichtingendiensten van de vijf Engelssprekende landen (VS, VK, Canada, Australië en Nieuw-Zeeland), die de Five Eyes genoemd worden, na de Tweede Wereldoorlog tot samenwerking kwamen om de rechtsstaat en de democratische rechtsorde te beschermen. Maar recente ontwikkelingen in de VS en VK waar die rechtsstaat en het electorale proces door respectievelijk president Trump en premier Johnson met voeten worden getreden roept vragen op over de levensvatbaarheid van de samenwerking van de Five Eyes. Daarnaast ondermijnt de band van Trump met de traditionele vijand of tegenstander van de landen van de Five Eyes, te weten de Russische Federatie de uitwisseling van inlichtingen vanwege de vertrouwelijkheid.

Patman pleit voor het herstel van de rechtsstaat en zou graag zien dat leiders als Trump of Johnson zich niet langer gedragen alsof ze boven de wet staan. Hij heeft ook kritiek op de Britse oppositieleiders die afgeleid waren en zich niet sterk genoeg gemaakt hebben over het opschorten door premier Johnson van de publicatie van het Rusland-Rapport. De oppositie bleef zo goed als stil. Wat tamelijk onverklaarbaar en bizar is.

Toenemende kritiek op besluit Boris Johnson om rapport Grieve over inmenging van Kremlin op Britse politiek niet te publiceren

Op 12 december 2019 zijn er verkiezingen voor het Britse Lagerhuis. De Conservatieve premier Boris Johnson hoopt een meerderheid achter zich te krijgen die hij nu mist. Inzet is de Brexit. Theoretisch kan die afgezwakt of zelfs gestopt wordt. Hoewel dat laatste onwaarschijnlijk is. De strijd is hard en asynchroon. Dat laatste houdt in dat partijen elkaar op hun vermeend zwakke punten aanvallen. Een zwak punt van Johnson is de uitstel van de publicatie van een rapport over de invloed van de Russische Federatie dat onder leiding van de onlangs uit de fractie gezette Conservatief Dominic Grieve al in maart 2019 is opgesteld en daarna door de Britse inlichtingendiensten is gescreend op gevoelige informatie. De procedure is afgelopen en het rapport was voor publicatie gereed, maar de regering Johnson weigerde voordat het parlement vanwege de campagne onlangs werd verdaagd het rapport te publiceren. Daar is van vele kanten kritiek op gekomen. Onder meer van de Onafhankelijke Dominic Grieve, maar ook van oud-presidentskandidaat Hillary Clinton en activist Bill Browder die wordt beschouwd als de felste en meest vasthoudende criticus van de Russische president Putin.

In februari 2019 verscheen het eindrapport van de commissie Damian Collins waarover ik toen in een commentaar schreef: ‘Vandaag is het eindrapportDisinformation and ‘fake news’: Final Report’ van de Digital, Culture, Media and Sport Commissie onder voorzitterschap van Damian Collins (Conservatieven) van het Britse Lagerhuis verschenen waaruit hierboven enkele afbeeldingen zijn te vinden. Paragraaf 273 is een oproep aan de regering May om een onafhankelijk onderzoek in te stellen naar de Russische inmenging bij de algemene verkiezingen van 2017, het Brexit-referendum van 2016 en het Schotse referendum in 2014. De toelichting waarom dat gewenst is leest als een waslijst van onregelmatigheden en een relativering van de legitimiteit van de uitslag van deze verkiezingen, waaronder het Brexit-referendum.(..) Wat ook als les voor de toekomst onderzocht kan worden benoemt de commissie Collins pijnlijk en onomwonden: ‘buitenlandse beïnvloeding, desinformatie, financiering, manipulatie van kiezers en het delen van gegevens’.

Nu is er het rapport van de commissie Grieve dat vooralsnog niet wordt gepubliceerd. Wellicht over een half jaar. Het gevolg is dat de speculaties niet van de lucht zijn. De Russische Federatie zou zich via oligarchen ingekocht hebben in de Britse politiek. Een naam die genoemd wordt is de Russisch-Oekraïense Dmtryo Firtash die gelieerd zou zijn aan de georganiseerde Russische criminaliteit én het Kremlin en in Oostenrijk zijn uitlevering naar de VS aanvecht. Vooral de Conservatieve partij zou zich hebben laten opkopen door Russisch geld. Dat wordt als de hoofdreden genoemd dat Johnson de publicatie ervan blokkeert. Het inmiddels op sterven na dode UKIP zou via miljonair Arron Banks Russisch geld doorgesluisd hebben. UKIP was de partij van Farage voordat hij met Banks overstapte naar de Brexit Party. Dat geld zou zonder dat het gemeld was ook terecht zijn gekomen bij de Leave campagne voor het referendum in 2016. Dat roept vragen op over de legitimiteit van het Brexit-referendum. Blairs spindoctor Alistair Campbell beschuldigt Nigel Farage ervan Russisch geld te hebben aangenomen en een Russische ‘asset’ te zijn. Farage is dikke maatjes met president Trump die er eveneens van beschuldigd wordt een Russische ‘asset’ te zijn. Hij zou door het Kremlin al sinds de 1980’s ‘opgekweekt’ zijn. En dan is er nog de leider van Labour Jeremy Corbyn die niet enthousiast is over de NAVO of de EU en er eveneens van wordt beschuldigd een ‘asset’ van het Kremlin te zijn. Hij zou in 1986 geworven zijn door de agent Jan Dymic van de toenmalige Tsjechische geheime dienst StB.

De wetmatigheid is dat alle Leave partijen ervan worden beschuldigd boter op hun hoofd te hebben en onder invloed van het Kremlin te staan. Ze hebben gemeen dat ze afstand nemen van de EU terwijl ze weten dat dat niet in het economisch belang van hun land is. De Brexit leidt tot de verzwakking van de EU wat een hoofddoel is van de Russische buitenlandse politiek. Jeremy Corbyn heeft voortdurend zijn invloed aangewend om te verhinderen dat het voor meer dan 80% naar Remain leunende Labour een ondubbelzinnig Remain-standpunt zou innemen. Uiteraard zijn er nog andere overwegingen bij de Brexit die niet direct uit de hoge hoed van het Kremlin komen. Maar beïnvloeding en ondermijning werkt indirect door politici op hun zwakte (geld, prestige, invloed, politieke functie) aan te spreken en ze zo toch de gewenste kant van een Brexit op te sturen.

Hoe nu verder? De Brexit gijzelt het VK al 3,5 jaar en heeft het land verzwakt en gedemoraliseerd. Het aanzien van de politiek is geslonken. Als uit het rapport Grieve zou blijken dat het referendum niet eens legitiem was en dat het resultaat door Russisch geld ‘gekocht’ is, dan wordt het er nog schrijnender op. Want de impasse en de chaos sinds 2016 zouden dan op een onrechtmatig referendum zijn gebaseerd. En totaal onnodig zijn geweest. Het belangrijkste argument van de Leave-partijen om door te gaan met de Brexit omdat het op een democratisch besluit zou zijn gebaseerd zou dan in de huidige campagne worden ondermijnd. Uit peilingen blijkt tamelijk consistent dat al sinds maart 2018 gemiddeld 5% meer Britten voor Remain dan Leave opteren. Maar Conservatieven en Labour zetten met een beroep op de legitimiteit van het referendum hun weg naar de uitgang van de EU voort. Daarbij passen geen transparantie en inzicht in de invloed van de Kremlin op de Britse politiek. Gezien de belangen die op het spel staan is het niet ondenkbaar dat delen uit het rapport Grieve nog voor de verkiezingen van 12 december worden gelekt. Zodat een onontkoombaar besluit over de Brexit in januari 2020 hopelijk nog tijdig van de juiste tegenargumenten kan worden voorzien.

Foto 1: Tweet van Guardian-onderzoeksjournaliste Carole Cadwalladr, 31 oktober 2019.

Foto 2: Tweet van Labour-Lagerhuislid Ben Bradshaw, 12 november 2019.

Foto 3: Tweet van Labour-Lagerhuislid David Lammy, 12 november 2019.

Foto 4: Schermafbeelding van artikel ‘UK Inquiry was warned of Russian infiltration, leaked testimony shows’ met video van CNN, 11 november 2019.

Foto 5: Tweet van ChangeUK-Lagerhuislid Mike Gapes, 12 november 2019.

Reactie op een opinie die het handelen van Britse regering billijkt: ‘Boris Johnson is de verkeerde man op de verkeerde plaats’

Op de FB-pagina van Het Parool plaatste ik onderstaande reactie bij het opinieartikelBoris Johnson is de juiste man op de juiste plaats’ van Maurits Bredius van 11 september 2019. Het lijkt in strijd met de logica:

Na een aanloop met een min of meer objectieve schets van de recente geschiedenis ontspoort het betoog als Bredius op normatieve wijze stelt: ‘Een volstrekt onaanvaardbare uittredingsovereenkomst met een ‘backstop’- clausule, die Noord-Ierland voor onbeperkte tijd binnen de EU zou houden en een harde grens in de Ierse Zee zou betekenen.’ Bredius maakt in zijn betoog op geen enkele manier duidelijk waarom de uittredingsovereenkomst tussen de EU en de toenmalige regering May ‘volstrekt onaanvaardbaar’ is. De ‘backstop’- clausule is de logische voorwaarde om de belangrijke interne markt die een van de pilaren van de EU is te beschermen.

Hij gaat ook voorbij aan het feit dat de Britse politiek verdeeld is over zowel de gewenstheid om de EU te verlaten als de manier van uittreding. Ofwel, voor geen enkel voorstel voor uittreding was in het Lagerhuis in de afgelopen twee jaar een meerderheid te vinden. De uittredingsovereenkomst van toenmalig premier May met de EU is niet minder onaanvaardbaar dan andere manieren van uittreding.

Het is zo dat parlementsleden die tot nu toe (tot drie keer toe) tegen de uittredingsovereenkomst stemden in de afgelopen week hebben aangegeven deze keer voor te stemmen om niet alleen een No Deal uittreding als het geweld dat de regering Johnson de democratie en de rechtsstaat aandoet te stoppen. Ze aanvaarden dan de volgens Bredius ‘volstrekt onaanvaardbare’ backstop. Af te wachten valt of een meerderheid van het Lagerhuis straks eieren voor haar geld kiest en een onaantrekkelijke uittredingsovereenkomst met de EU aantrekkelijker vindt dan het schrikbeeld van een om zich heen slaande premier Johnson die doel en middelen verwart. Het is vergezocht om te veronderstellen dat Boris Johnson die altijd zo graag premier wilde worden zich nu alsnog voor het landsbelang opoffert.

Voor de duidelijkheid, het waren de harde Brexiteers (de ERG factie binnen de Conservatieve partij) die het hardste oppositie voerden tegen de deal van May met de EU. Ook Boris Johnson stemde met de ERG mee tegen May en EU. Schrijnend is dat de meerderheid van de 21 ‘gematigde’ Conservatieven die door Johnson vorige week uit de fractie zijn gezet wel voor de uittredingsovereenkomst van May met de EU stemde. Dat feit alleen al weerlegt Bredius’ suggestie dat de oppositie het VK ‘het liefste binnen de EU ziet blijven’. De oppositie is daarover verdeeld.

Bredius maakt het er niet helderder op als hij suggereert dat de opschorting van vijf weken van het Lagerhuis, dat vandaag door het hoogste Schotse hof in een uitspraak als onwettig wordt gekenmerkt, de democratie dient en niet beschadigt. Volgens hem dient het opschorten van de democratie de democratie. Als het kind met het badwater wordt weggegooid, dan viert Bredius het badwater als het kind.

Bredius komt opnieuw met een raadselachtige uitspraak als hij zegt: ‘Daarom besloot de oppositie om vervroegde verkiezingen pas goed te keuren als het te laat zou zijn voor Johnson om het Verenigd Koninkrijk zonder akkoord uit de EU te leiden. Met dit standpunt geeft de oppositie blijk van weinig vertrouwen in de wijsheid van het Britse volk.’ Nee, de wijsheid van het Britse volk heeft er niks mee te maken en Bredius moet weten dat hij dit er aan de haren bijsleept. Prominenten van onder meer Labour, SNP en LibDems hebben aangegeven dat ze Johnson (en zijn strateeg Dominic Cummings) niet vertrouwen en daarom eerst het blokkeren van een No Deal uittreding per wet wilden voorkomen voordat er afspraken over verkiezingen zouden worden gemaakt. Overigens is de verwachting dat LibDems en SNP flinke winst zullen behalen in deze verkiezingen, dus zij hebben er geen belang bij om het uitschrijven van nieuwe verkiezingen te verhinderen.

Een ander misverstand is overigens dat er zoiets als een No Deal uittreding bestaat. Die bestaat in de praktijk niet omdat ook zonder de uittreding van het VK uit de EU er nog talloze afspraken over economie, handel, transport, nationale veiligheid en allerlei sectoren waardoor het VK en de EU-lidstaten samenhangen tussen het VK en de EU moeten worden gemaakt. Een No Deal uittreding van het VK uit de EU is dus hooguit tijdelijk een No Deal.

Aan de verklaring waarom de Brexit zo is ontspoord waagt Bredius zich niet. Hij keert zich te eenzijdig tegen de oppositie en de EU en verliest zo het perspectief uit het oog. Dat heeft niet zozeer te maken met het opereren van de EU, maar met de aard en het karakter van de Engelse politiek en de samenleving die leidde tot een dubbelhartige relatie tot de EU. Een kleine meerderheid van het nationalistische VK heeft zich nooit echt lid van de EU gevoeld en altijd afstand gehouden tot het ‘continent’, slechts het economisch profijt trok het VK aan. Onderschat evenmin het zelfbeeld van de Etoniaanse elite (Boris Johnson, Jacob Rees-Mogg, David Cameron) die in het land der blinden liever éénoog koning is, dan tweede viool in de grotere EU die door Frankrijk en Duitsland wordt gedomineerd.

Het tweede referendum van 2016 was met een nipte meerderheid van 51,9% een herroeping van het referendum van 1975 dat met een ruime meerderheid van 67,2% besloot voor toetreding tot (de voorloper van) de EU. Dat was een vertaling van dat Engelse sentiment. Het geeft aan hoe innerlijk verdeeld het VK is. Sociaal, regionaal en politiek. Dat de politiek zich aan het een en het ander niet kan onttrekken is de logica van de Brexit.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelBoris Johnson is de juiste man op de juiste plaats’ van Maurits Bredius in Het Parool, 11 september 2019.

Is verkiezingspact tussen Brexit Party en Conservatieven het eindspel van Boris Johnson?

Het volgende scenario is denkbaar in de Britse politiek. Westminster krijgt desgevraagd een kort uitstel van zo’n 6 weken tot uiterlijk half december 2019 van de EU om landelijke verkiezingen te organiseren. Partijen hergroeperen zich rondom de LeaveRemain kloof die dwars door de Britse samenleving en de kiesdistricten loopt, en maken afspraken om de meest gunstig gepositioneerde kandidaten van andere partijen binnen het eigen blok te steunen. De Brexit Party van Arron Banks en Nigel Farage werkt samen met de Tories van Boris Johnson, waarbij Farage zich concentreert op Noord-Engeland. Complicatie voor zo’n verkiezingspact is de positie van Johnsons strateeg Dominic Cummings die niets van Farage moet hebben, zoals James Cusik in een artikel voor openDemocracy uitlegt, en verdere leegloop van de partij doordat gematigde Tories weglopen.

LibDems, Labour, Schotse en Welse nationalisten en de centristen van Change UK maken op hun beurt afspraken waarbij de positie van Labour bijzonder is. Dat is als enige geen Remain, maar een verdeelde partij. Het gevolg kan zijn dat in oude, noordelijke industriegebieden pro-Leave Labour kandidaten het opnemen tegen de Brexit Party en in Londen of Zuid-Engeland pro-Remain Labour kandidaten tegen de Tories.

Overzichtelijk en begrijpelijk wordt het er zo niet op. Daarnaast hebben Britten weinig kennis en ervaring met coalitieregeringen. Inschatting is dat de Schotse nationalisten van de SNP en de LibDems aanzienlijk zullen winnen en Labour en Tories licht zullen verliezen. Welk blok het sterkste wordt valt gezien alle onzekerheden nu niet te voorspellen. Even ongewis is hoe blijvend stabiel het blok zal zijn dat de meerderheid behaalt.

Raab zegt dat Boris Johnson kwetsbaar is omdat hij makkelijk te karikaturiseren valt als ‘afkomstig van de bevoorrechte elite’

Dominic Raab is een van de zes overgebleven kandidaten in de race voor het leiderschap van de Conservatieve partij. Hij wordt als radicaler dan koploper Boris Johnson gezien. Kandidaten zetten de aanval op elkaar in. Dat heeft het risico dat ze elkaar tot aan de grond toe afbranden en zo concurrenten publiciteitsmateriaal geven bij algemene verkiezingen. In de VS viel in de race voor de presidentskandidaat afgelopen week de aanval van Beto O’Rourke op koploper Joe Biden op. Beto noemde Biden een ‘terugkeer naar het verleden’. Daarmee geven de Democraten Trump munitie. In het VK is het niet anders, Labour kan straks de vruchten plukken en die in haar campagne plakken. Het is de paradox van open verkiezingen voor het partijleiderschap.

Bij harde aanvallen kunnen dus andere partijen profiteren. Dat speelt op de achtergrond bij zo’n verkiezing. Hoe ver gaan de concurrenten? Want in de toekomst moeten ze weer samenwerken. Zo’n aanval was dat Raab Johnson een kandidaat noemt die makkelijk gekarikatureerd kan worden als ‘afkomstig van de bevoorrechte elite’. Raab zegt niet met zoveel woorden dat Johnson dat is, maar dat hij in de beeldvorming het risico loopt zo genoemd te worden. Omdat Raab dit zelf naar buiten brengt oogt dat halfslachtig. Is volgens Raab Johnson nou wel of niet ‘afkomstig van de bevoorrechte elite’? The Guardian volgt in bovenstaande kop exact wat Raab zegt waardoor een dubbelzinnige kop ontstaat. Want erin kan zowel een aanval als een verdediging door Raab van Johnson gelezen worden. Maar uit het artikel blijkt wel degelijk dat het een aanval van Raab op Johnson is. Des te meer omdat Raab zichzelf afbeeldt als de zoon van een vluchteling die niet als Johnson op een dure eliteschool als Eton heeft gezeten. Raab raakt met zijn kritiek op Johnson aan een raar fenomeen van de campagnes voor de Brexit, namelijk dat leden van de bevoorrechte elite als Johnson en Nigel Farage zich hebben omgekat tot woordvoerders van het volk, maar feitelijk de belangen van de elite waar ze nog steeds deel van uitmaken behartigen. Dominic Raab probeert Johnson zijn vermomming af te rukken. Of dat lukt zullen we komende weken zien in het moddergooien tussen de kandidaten voor het leiderschap van de Tories.

Foto’s: Schermafbeelding van delen artikelBoris Johnson too easily caricatured as ‘privileged elite‘, says Raab’ in The Guardian, 15 juni 2019.

May treedt af. Welke les valt er te trekken uit de chaos en het chagrijn in de Britse politiek?

Met een brekende stem en wellende tranen kondigde de Britse premier Theresa May vanochtend haar ontslag aan. Ze stapt per 7 juni 2019 op. May was partijleider en premier sinds 13 juli 2016. Ze heeft de drie jaar net niet volgemaakt. De spin draait nu op volle toeren om dit nieuwsfeit een bepaalde kant op te buigen.

Bijvoorbeeld in de richting van haar opvolger. Daarover is binnen de Conservatieve partij een strijd ontbrand. Andrea Leadsom en Boris Johnson zijn de namen die het vaakst worden genoemd. May stapt niet vrijwillig op, maar onder druk. De teneur is dat zij nooit grip op de politiek kreeg en de Brexit-hardliners binnen haar partij haar het leven zuur maakten. Door de tactiek van de verschroeide aarde ligt de geloofwaardigheid van de Britse politiek grotendeels aan gruizelementen. Vooral de twee grootste partijen de Tories en Labour hebben de afgelopen drie jaar onder zwakke leiding onzeker, onevenwichtig en kortzichtig gehandeld.

May liet zich koeioneren door de hardliners en verloor zo aan aanzien en politiek kapitaal om een gematigde oplossing door het midden met Labour, LibDems, SNP, Greens, Change UK en Plaid Cymru te vinden.

Premier May liet zich gijzelen door de Brexiteers binnen en buiten haar partij. Het radicale midden in de Britse politiek is hopelijk niet dood, maar is door een weinig daadkrachtige May en een strategisch zwakke Jeremy Corbyn slecht bediend. Het wachten is op een generatiewisseling waarbij niet de 55-plussers met hun negatieve politiek de politiek domineren, maar de twintigers en dertigers met constructieve en open blik opstomen naar het centrum van de macht en weer aanhaken bij Europa. Nederland weet nu hoe het niet moet.

Het rechts-radicalisme van Jacob Rees-Mogg en het links-radicalisme van Corbyn leidt tot verdeeldheid, stilstand, chaos en een eigen gelijk dat in het eigen domein keer op keer bevestigd wordt, maar de politiek als middel om macht met elkaar te verdelen verkruimelt tot een verzuurde feesttaart van onheilsprofeten.

Foto: Tweet van de Londense burgemeester Sadiq Khan (Labour), 24 mei 2019.

Het verraad is niet het niet doorgaan van de Brexit, maar de Brexit

De logica van de Brexit, of liever gezegd de onlogica ervan, zoals verwoord door UKIP. Mijn reactie bij bovenstaande video:

The 2016 referendum was non-binding and advisory. So it is not required by law that the result (51.9% for and 48.1% against) is followed.

In addition, there are two more considerations to skeptically look at the result from 2016 and to re-evaluate it now: 1) the many irregularities with funding from the Leave campaign encountered by the Commons committee of Damian Collins and the government’s refusal to seriously examine it; 2) the increasing insight among large parts of the British population who now realize better than in 2016 that the diffusion of information was misleading.

The 2016 referendum was the second referendum. The first took place in 1975 and agreed to continue membership of the then EC. The logic is that if a second referendum cannot be held, the 2016 referendum must be declared invalid afterwards. Why no third referendum can be held if no second referendum could be held is food for logic.

UKIP Leader Gerard Batten proposes that the UK leave the EU as a divorce that can be negotiated, but that is not its most important feature. The withdrawal could hardly be negotiated because the EU followed its own procedures and the UK as a departing and breaking party (and member of the EU) had barely any negotiating power and had to endorse the EU’s common rules and had to act accordingly. Both parties (EU and UK) are members of the same club and therefore subject to its rules.

Pseudo-conservatisme van Trump, May en Rutte krijgt kritiek. Ze dienen hun partij en land niet, maar voeren het richting tegenspoed

Het jaar 2016 kende twee politieke verrassingen waarvan de werking nog steeds niet helemaal uitgewoed is. Dat waren uiteraard in juni de uitslag van het Britse Brexit-referendum over de uittreding uit de EU en de verkiezing van Donald Trump tot Amerikaans president in november. Er zijn overeenkomsten tussen deze twee gebeurtenissen. De marges waren uiterst smal. De rechtmatigheid van de Leave-campagne voor de Brexit en de Trump-campagne worden 2,5 jaar later door een reeks onregelmatigheden nog steeds betwist. Het inzicht wint steeds meer terrein dat Trump uitsluitend door de illegale Russische inmenging heeft kunnen winnen. De speciale aanklager Robert Mueller en onderzoeken van congrescommissies brengen dat in kaart. In het VK was miljonair en sponsor van UKIP Arron Banks niet zo vermogend was dat hij de 8,4 miljoen pond die hij in de Leave-campagne stopte zelf verschafte. Waar dat geld dan wel vandaan kwam is nog steeds onduidelijk. Banks wil het niet zeggen. De parlementscommissie Collins vermoedt uit de Russische Federatie.

Een andere overeenkomst die nog steeds na-ebt is het bederf van de twee conservatieve partijen die in 2016 de slag wonnen, maar hun ziel lijken te hebben verloren. Ze zijn de richting van het populistisch-nationalisme ingeslagen en hebben traditionele conservatieve waarden (fiscale discipline, respect voor grondwet, vrijheden) overboord gezet. De felste kritiek op de Amerikaanse Republican Party (ook GOP genoemd: Grand Old Party) en de Britse Conservative Party (ook Tories genoemd) komt opvallend genoeg niet van tegenstanders zoals de Democraten in de VS of de sociaal-democraten (Labour) in het VK. Maar van conservatieven die zich als de echte conservatieven profileren, zoals in de VS Max Boot, Bill Kristol, Joe Scarborough of George Will. Ze vrezen dat president Trump de GOP de vernieling in helpt en de partij blijvend vervreemdt van een hele, nieuwe generatie. In het VK zegt de centrum-rechtse Matthew d’Ancona over de Tories in een artikel in The Guardian: ‘Ik ben niet bekeerd. Mijn waarden zijn niet veranderd. Maar de conservatieve partij verandert in iets dat ik vreemd en afstotend vind. Zoals een galjoen als vlaggenschip, onder de waterlijn doorboord, vaart het koppig weg; het sleept de natie mee naar een storm van ongekende tegenspoed, gevaar en pijn.’

Een partij die zijn ziel verliest, krijgt die niet zomaar terug. Deze twee conservatieve partijen zijn bezig het vertrouwen van de kiezers te verspelen. Het partijbelang gaat voor het landsbelang, en bij president Trump is het nog kwalijker: zijn eigenbelang gaat voor het partijbelang. Met trucjes als procedures, manipulatie van (sociale) media, overtreding van verkiezingsregels en illegale samenwerking met buitenlandse machten, kiezersonderdrukking of -ontmoediging kunnen partijen hun houdbaarheidsdatum oneigenlijk oprekken, maar uiteindelijk is ook daar de rek uit. Beide partijen hebben het immense geluk dat de oppositie in hun landen er totaal niets van bakt. Hoewel in de VS sinds Nancy Pelosi voorzitter van het Huis is en Trump met de domme sluiting van de overheid de Democraten op een hoop heeft gejaagd dat mogelijk verandert. In het VK spreekt de radicaal-linkse Jeremy Corbyn de meerderheid aan kiezers of de linkse Tories totaal niet aan.

In zijn columnBrexit, shutdown: het Angelsaksische model is kapot. Zie je dit niet, Dijkhoff?’ van 19 januari 2019 in NRC neemt Tom-Jan Meeus het optreden van VVD-fractieleider Klaas Dijkhoff en de VVD de maat. De VVD is nog zo’n conservatieve partij die de richting van het populistisch-nationalisme is ingeslagen. Meeus verwijt Dijkhoff ‘Angelsaksische spektakelleegte’. De VVD opent electorale campagnes doorgaans vroeg en richt zich op het neutraliseren van de concurrentie op rechts (PVV, FvD) met voorbijgaan aan en schoffering van de partners in het kabinet Rutte III (CDA, D66, CU). In dit geval over het klimaatakkoord waar Dijkhoff op terug leek te komen. De huidige VVD symboliseert de tactiek van de korte klap die leidt tot een strategie van zelfvernietiging. Het is de houding die vorm boven inhoud plaatst. Meeus: ‘Het standpunt is ondergeschikt aan het verlangen om met drama aandacht te genereren. Meeliften met de ophef, de nieuwsgekte, de twitterhysterie. Spektakelleegte.’ en ‘Maar het punt is: uitgerekend dezer dagen blijkt dat die methode failliet is. In zowel het VK als de VS vernietigt het spektakelverlangen van politici de belangen van hun landen.’

De paradox is dat conservatieve partijen als de GOP, Tories en de VVD (die zich presenteert als liberaal, maar voor die etikettering steeds minder weinig bijval krijgt) het tegendeel doen van wat ze pretenderen. Overigens zijn er ook verschillen tussen de partijen die er vooral mee te maken heeft dat de VS voorloopt in ontwikkeling en de partijen in de beide andere landen nog in een vroegere fase zitten. Wat ze gemeenschappelijk hebben is dat ze zich niet sterk maken voor de traditionele waarden van hun land of politieke stroming, maar die vanwege partijbelang overboord gooien. Een ontwikkeling die al in gang gezet is in de jaren 1980. Dat is niet zozeer het failliet van het conservatisme dat in de authentieke vorm binnen de democratische rechtsstaat bestaansrecht heeft, maar van pseudo-conservatieve partijpolitiek die geen afstand meer wil doen van de macht en met voorbijgaan aan het respecteren van de democratie daar krampachtig aan vasthoudt. Les voor de VVD is dat het maar beter niet op het spektakel van een dood paard op een doodlopende weg kan gokken.

Foto: ‘VVD-fractievoorzitter Klaas Dijkhoff tijdens het vragenuurtje in de Tweede Kamer op 18 december 2018’ Credits: Foto Bart Maat/ANP.

Britse DCMS commissie publiceert rapport over desinformatie en nepnieuws

Nieuwe tijden brengen nieuwe waarheden. Zoals het feit dat nepnieuws een bedreiging voor de democratie vormt en de macht van Amerikaanse techbedrijven zoals Facebook onaanvaardbaar groot is geworden en die bedrijven hun verantwoordelijkheid afschuiven. Overheden hebben geen gepast antwoord om dat nepnieuws te bestrijden en moeten nog instrumenten ontwikkelen om de techbedrijven tot actie te dwingen. Hoewel dat inzicht voor de poorten van de hel moet worden weggesleept en vooral politieke partijen die nu de macht hebben doen alsof er niks aan de hand is, is bij enkele overheden onderhand wel het besef van de urgentie tot handelen doorgedrongen. Des te meer omdat de opkomst van sociale media aan autoritaire landen die de zogenaamde liberale democratieën willen verzwakken redelijk goedkope en makkelijke middelen geeft om dat straffeloos vanuit het verborgene te doen. Illustratief in dit verband is dat de bewezen Russische inmenging in de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016 die zich in 2018 herhaalt nog steeds niet gevolgd is door een integraal plan van aanpak van de regering-Trump om onwettige beïnvloeding van het electorale proces te voorkomen. Als het wantrouwen een kritische grens overstijgt, dan is dat de dood van de democratie.

Guardian’s Observer zet dat voor het Verenigd Koninkrijk in een artikel van Carole Cadwalladr op een rijtje. Tekenend is het optreden van de kleine DCMS (Digital, Culture, Media & Sport) parlementscommissie met het conservatieve parlementslid Damian Collins als voorzitter. De commissie probeert ondanks onvoldoende macht en tegenwerking van organisaties en personen die het wil onderzoeken een verschil te maken. Vandaag heeft het het tussentijdse rapport Disinformation and ‘fake news’’ gepubliceerd met volgende samenvatting:

Aanleiding voor het onderzoek is het sterke vermoeden dat de uitslag van het Brexit-referendum is beïnvloed door illegale buitenlandse inmenging (desinformatie-campagne) vanuit de Russische Federatie en dat pro-Leave organisaties wettelijk hun boekje te buiten zijn gegaan. Dat roept dezelfde vraag op als de verkiezing van Donald Trump, namelijk of de wettelijke basis van de uitslag nog wel aanwezig is als het proces zoveel onregelmatigheden en misleidingen bevat. Deze vraag over de legitimiteit van respectievelijk het Brexit-referendum en de verkiezing van Trump is in zowel het Verenigd Koninkrijk als de VS nog niet tot de kern van het politieke en publieke debat doorgedrongen. Maar in de marges zeurt het en brengen onderzoeken de onregelmatigheden in kaart. Het is dan ook een kwestie van tijd totdat in beide landen de legitimiteitsvraag centraal komt te staan in het debat. Nu nog weten tegenstanders dat proces te vertragen, maar mede door het besef dat niet handelen geen optie is wegens de aangekondigde dood van de democratie zullen op termijn alle politieke partijen hun eigenbelang ondergeschikt moeten maken om rechtsstaat en democratie te redden. Als ze dat willen. Als ze dat niet doen, dan treden ze bewust in de geesteshouding van de autoritaire staat.

Foto: Samenvatting van tussentijds rapport ‘Disinformation and ‘fake news’’ van de DCMS-commissie van het Britse parlement, 29 juli 2018.

Nigel Farage spreekt zich uit voor tweede referendum over Brexit

Al lange tijd pleiten critici van de Brexit voor een tweede referendum. Zoals oud Labour-premier Tony Blair. Opvallend voegt oud UKIP-leider Nigel Farage zich nu bij de voorstanders voor een tweede referendum over het lidmaatschap van de EU. Hij was een van de boegbeelden van de Leave-campagne die leidde tot een kleine meerderheid voor een Brexit. Desgevraagd zegt hij in het programma ‘The Wright Stuff’ van Channel 5 met presentator Matthew Wright dat een tweede referendum de Remainers voorgoed tot zwijgen brengt. Uit een recente opiniepeiling blijkt echter dat een meerderheid van zo’n 10 procent nu tegen een Brexit zou zijn.

Wat Farage bezielt is onduidelijk. Hij en de UKIP hebben geen politieke macht in het parlement en gaan er niet over. Het lijkt dat hij door zijn uitspraak vooral verdeeldheid wil zaaien in de Conservatieve partij van premier Theresa May. Ook Labour is verdeeld met een aarzelende Jeremy Corbyn die niet ruimhartig voor de EU kiest. De deconstructieve politiek van Farage beleeft met deze nieuwe uitspraak opnieuw een opvallend hoogtepunt.