George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Verbeelding

In navolging van Kremlin drukt Trump met zijn leugens iedereen in de onwaarheid. En ontneemt ons de kracht van de verbeelding

leave a comment »

Wie sites bezoekt die de op Europa en de VS gerichte Russische propaganda doorprikken begrijpt beter waar president Donald Trump zijn leugens vandaan haalt. De Toronto Star houdt het aantal leugens van Trump bij en komt tot 2029 ‘valse claims’ tijdens zijn presidentschap. Het telt steeds sneller op. De leugens dienen als afleiding voor wat Trump bedreigt. Zo moeten leugens die zelfs zonder schroom als klaarblijkelijke leugens worden gepresenteerd koste wat kost afleiden van de ontmoeting in Helsinki met president Putin die door vriend en vijand als een knieval (kowtowing) wordt gezien en een teken voor de ondergeschiktheid van Trump aan het Kremlin. Die sites zijn onder meer Myth Detector, Polygraph.info, StopFakeEnglish en Disinfo Portal.

Nederlanders zijn niet gewend dat hun overheid glashard liegt. Ze beseffen dat politici en bestuurders hun zwakheden hebben, soms om de waarheid heen draaien, af en toe feiten verzwijgen en fouten proberen te verdoezelen, maar dat is wat anders dan een overheidsbeleid van georkestreerde leugens als verlengde van de buitenlandse politiek. Zo’n beleid kent Nederland niet. Hoewel men kan zeggen dat de afstand tussen liegen en niet vertellen klein is. De reden voor steun aan banken (ABN in 2007, kosten ?? miljard) en multinationals (dividendbelasting: Shell, Unilever) is nog steeds niet geopenbaard. Juist vanwege dit opaak beleid zou de Nederlandse overheid in tijden van nepnieuws en de ondermijning van de waarheid afstand moeten nemen tot landen en buitenlandse leiders die liegen tot onlosmakelijk onderdeel van hun beleid hebben gemaakt.

President Donald Trump wordt vaak afgebeeld als iemand die geen geduld heeft voor overleg zoals dat vooral in internationale organisaties als een klimaatakkoord of handelsverdrag, de VN of NAVO vorm krijgt. Daarbij meent Trump als leider van ‘het machtigste land ter wereld’ sterker te staan als hij overlegt met individuele landen afzonderlijk. Keerzijde daarvan is dat hij allianties die 70 jaar lang de humus voor Amerikaans welzijn en welvaart zijn geweest verwaarloost en onderwaardeert. De negatieve neveneffecten schuift hij voor zich uit. Maar nu al treffen zijn leugens doel als hij die 70 jaar economische, culturele en politieke voorspoed van zijn land ontkent en Amerikanen als het ware hun verleden ontneemt. Dat drukt iedereen in de onwaarheid.

Putin, Trump of de Noord-Koreaanse leider Kim Jung-Un vinden elkaar niet zozeer in hun geloof in autoritair leiderschap, het terugdringen van de democratie en het onttakelen van de rechtsstaat, maar in hun geloof in de werking van leugens. Leugens zijn het cement waarmee ze de façade van hun Potemkin-dorp bouwen. Dat is een hedendaagse variant van de slagzin uit 1968 dat de verbeelding aan de macht is. Maar het is niet de verbeelding die door het volk als strijdmiddel tegen de autoriteiten werd ingezet. Het is de verbeelding die door de autoriteiten tegen het volk wordt ingezet. Onder de straatstenen ligt niet langer het strand (‘Sous les pavés, la plage!), maar de verloren illusie van strand. Gevaar van politieke leiders als Putin of Trump die liegen tot speerpunt van beleid en positionering maken is niet zozeer dat ze feiten verzinnen of bewust verkeerd voorstellen of het begrip ‘waarheid’ ondermijnen, maar dat ze het volk de verbeelding ontnemen. Ze snijden de mogelijkheid af om te dromen en de realiteit te betoveren. Daarom ziet met name de jeugd het somber in.

Foto: Beroemde straatposter van het tegenprotest van 1968 met tekst: ‘une jeunesse que l’avenir inquiète trop souvent’ (‘Een jeugd die te vaak door de toekomst wordt gestoord’). Zie ook ‘May 1968’ van Navya Ashokkumar.

Advertenties

Scheppingscongres schept verwarring over godsdienst en wetenschap met de claim dat God boven wetenschap staat

with 4 comments

Op 9 juni 2018 vindt in de christelijk gereformeerde kerk ‘De Zuiderhof’ te Zwolle het Scheppingsproces plaats. Met als ondertitel ‘waar de schepping het geloof en wetenschap ontmoet’. Het congres is een initiatief van leden van de Christelijke Gereformeerde Kerken, ‘Met in totaal 75.000 leden hoort de Christelijke Gereformeerde Kerk tot de kleinere orthodox-protestantse kerkgenootschappenzo zegt het over zichzelf.

De bijeenkomst heeft vijf mannelijke, witte sprekers. Onder wie Peter de Jong. Hij heeft een rotsvaste mening over wetenschap dat hij als ondergeschikt aan God ziet, zoals hij in het artikelWetenschap is ondergeschikt aan het Woord’ uitlegt: ‘Maar God is Waarheid. We kunnen als Bijbelvast christen heel goed wetenschap bedrijven, maar God staat daar boven. Anders zouden we als God zijn op het moment dat alle natuurwetten zijn verklaard en begrepen. Die natuurwetten zijn ons gegeven om de aarde te kunnen gebruiken.’

De Jong heeft gelijk als hij zegt dat wetenschap mensenwerk is: ‘Feiten zijn feiten, maar wetenschappelijke theorieën, zoals de evolutietheorie, zijn en blijven mensenwerk.’ Daar past gezond wantrouwen en uiterste oplettendheid bij. Maar hij is selectief, gaat zijn verantwoordelijkheid uit de weg en laat zich zelfs kennen als malafide als hij ongenoemd laat dat de godsdienst en de God waarop hij zich baseert evengoed mensenwerk zijn. Zoals de protestante theoloog Harry Kuitert het verwoordde: ‘Alle spreken over Boven komt van beneden, ook het spreken dat beweert van Boven te komen.’ In Kuiterts optiek zijn geloof en het geloof in een God uit de verbeelding ontstaan, volgens hem overigens om de chaos en de zinloosheid van het leven te bestrijden.

Daarmee staan geloof in God en wetenschap echter niet op hetzelfde niveau. Het verschil is dat wetenschap het instrument van de wetenschappelijke methode ontwikkeld heeft en godsdienst verbeelding is die zich per definitie niet wetenschappelijk kan ontwikkelen. Wetenschap is mensenwerk met een methode, godsdienst is mensenwerk met verbeelding. Dit betekent absoluut niet dat godsdiensten geen inhoud hebben en het geloof in God nutteloos is, want zoals gezegd dat hebben ze dat wel degelijk in het proberen te bezweren van de werkelijkheid om die voor de mens aanvaardbaar te maken. Maar godsdienst kan hierdoor nooit meer zijn dan de vertaling van de werkelijkheid zoals mensen die eraan geven. Godsdienst kan niet oorzaak en gevolg tegelijk zijn. De Jong gaat de fout in als hij zegt dat God boven het bedrijven van wetenschap staat. Dat is een cyclische argumentatie die zichzelf voedt en niet leidt tot een valide uitspraak over de werkelijkheid.

De Jong is kwaadwillend en negatief als hij godsdienst niet wenst te aanvaarden zoals het is en hij er meer van wil maken dan het is. Hij probeert zijn godsdienst zelfs wetenschappelijke pretentie te geven. Maar met die pretentie beschadigt De Jong zowel zijn godsdienst als de wetenschap. Dat is branchevervaging waarmee niemand iets opschiet. Ook de gelovigen van de Christelijke Gereformeerde Kerken niet. Daarom is het de vraag of de initiatiefnemers van het Scheppingcongres wel goed beseffen waarmee ze bezig zijn en of ze zich voldoende realiseren dat ze ermee hun religieuze organisatie en hun geloof in de eigen God beschadigen.

Evolutietheorie en geloof in God zijn verenigbaar. De toelichting op de bundel Science, Evolution, and Creationism van de National Academy of Sciences formuleert dat als volgt: ‘wetenschap en godsdienst moeten worden gezien als verschillende manieren om de wereld te begrijpen in plaats van als modellen die met elkaar in conflict zijn en het bewijs voor evolutie kan volledig verenigbaar zijn met religieus geloof.’ Het is dan ook onnodig dat organisatie en sprekers van het Scheppingscongres een conflict creëren dat niet bestaat. Een verklaring hiervoor is dat ze zelf de moderniteit naar hun God willen brengen, maar niet kunnen aanvaarden dat hun God naar de moderniteit is gebracht. Dat gaat dus in de eerste plaats om autonomie in eigen kring en het publicitair uitvergroten daarvan. Met wetenschap of godsdienst heeft het welbeschouwd niets te maken.

Foto: Schermafbeelding van een deel van de presentatie van een spreker van het Scheppingscongres in Zwolle op 9 juni 2018: ‘Dr. P. De Jong: Eén waarheid, twee geloven.

Frie Leysen kritisch op uitverkoop kunst door politiek

leave a comment »

3218576383_22e3fa25cf_o

Het dankwoord van Frie Leysen, bij het ontvangen van de Erasmusprijs op 12 november 2014:

(…) De toekenning van de prijs dit jaar zie ik als een alarmsignaal. Realiseren we ons wat we aan het verliezen zijn in dit klimaat van verrechtsing, nationalisme en commercialisering?

Deze prijs wordt mij uitgereikt door de koning van Nederland, Koning Willem-Alexander. Majesteit, uw land is een plek geworden waar de kunsten nog nauwelijks kunnen ademen,

Waar het onderscheid tussen kunst, cultuur en culturele industrieën nog nauwelijks gemaakt wordt;
Waar brutaal het mes gezet werd in de cultuur- en kunstbudgetten. Het theaterlandschap is grondig opgekuist. Alle wildgroei en onkruid zijn netjes weggesneden. Jammer, want van daaruit komt precies vernieuwing, verandering…;
Een land waar artistieke creatieplekken, laboratoria en onderzoekscentra niet meer bestaan;
Waar conservatisme welig tiert;
Waar kunst een ‘hobby van de linksen’ genoemd wordt;
Waar internationale circulatie van artiesten en hun werk tot een belachelijk minimum herleid is;
Waar schouwburgen (bijna) allemaal, op enkele uitzonderingen na, hetzelfde doen: een ongeprofileerd programma aanbieden, voor elk wat wils, met als belangrijkste doel cijfers halen. Met als gevolg dat de meeste leeggelopen zijn;
Een land waar het artistiek geïnteresseerde publiek niet meer aan zijn trekken komt;

Kortom, een land waar kunst en cultuur, en hun publiek, stevig onder druk staan. Niet alleen in Nederland trouwens, overal in Europa is de aanslag op kunst en cultuur ingezet. Ook mijn eigen land, België, deelt sinds kort in de klappen. Er is iets dat ik niet begrijp. België en Nederland behoren tot de rijkste regio’s ter wereld, de crisis is in beide landen nog tamelijk beperkt gebleven. En tot voor kort voerden beide een heel stimulerend en toonaangevend kunstenbeleid. Hoe kan het dat dit beleid en alle investeringen zomaar, met één pennentrek afgevoerd worden? Dat begrijp ik echt niet. En ik weiger het te begrijpen.

Het veranderende politieke klimaat is één ding. Maar onder het aloude motto – het is goed in eigen hart te kijken – kan het geen kwaad ook onszelf te bevragen. Zijn de kunsten niet te ver meegegaan in politieke, economische, diplomatieke, behaagzieke logica’s? Laten we ons niet te veel voor de kar spannen van de politiek om problemen op te lossen die de politiek zelf niet geklaard krijgt, zoals sociale achterstand, migratie, racisme? Problemen die de kunsten niet zullen/moeten/kunnen oplossen. Ook de modieuze “participatieve kunst”, of het “iedereen kunstenaar!” niet. Niet iedereen is interessant, en zeker niet iedereen is kunstenaar. Rechtvaardigen we onszelf niet te veel met cijfers en economische argumenten in de plaats van inhoudelijk-artistieke? (…).

Deze prijs verdedigt de kunstenaars en hun werk, die dreigen te verstikken in een bourgeois en artificieel wereldje van glamour, geld, macht, namedropping, prestige, commercie, behaagzucht, compromissen, ziekelijk carrièrisme en ijdelheid. Het Disneyland van de artistieke 21ste eeuw. (…).

Deze prijs gaat over de kern van ons werk, over kunstenaars en hun werk, over engagement, over risico’s nemen, over radicaliteit en verandering. Het herdenken van structuren en werkwijzen, aangepast aan de noden van vandaag. (…).

Op het politieke en economische vlak stelt Europa vandaag wereldwijd niet veel meer voor. Maar onze cultuur en kunsten blijven internationaal toonaangevend. Daarvoor moeten we blijven vechten. Tegen de stroom in om alles te herleiden tot het museaal bewaren van ons verleden, moeten we blijven investeren in een klimaat van levendige, open en innoverende kunsten voor de toekomst. (…).

Ik durf te dromen dat deze geste de politieke wereld mee aan het denken zet over waar het naar toe moet met de kunsten, voor wie, hoe en waarom. (…).

In de reacties is het merkwaardig dat deze toespraak als moedig en gedurfd wordt omschreven. Niet dat het dat niet is, maar gek is dat dat nou het eerste is wat eraan op zou vallen. Feitelijk is voor elke kunstenaar met zelfbewustzijn en ambitie geen andere houding mogelijk. Deze witte raaf uit België laat zien hoe murw en getemd de Nederlandse kunstwereld sinds de politieke kaalslag onder leiding van de VVD is geworden. Verdwaald in een leegte tussen overschreeuwen om beschaving, en een intellectueel antwoord en dat wat in Vlaanderen contestatie heet. Het uitdagen van de macht.

Het is voor een post-1968 generatie wennen dat kunst meer kan zijn behang en franje bij de macht. De mooiste zin uit het verslag in De Volkskrant over de prijsuitreiking gaat over de zure reactie van de opperbobo van de kunstbobo’s die dan maar recht praat wat naar zijn idee krom is: ‘Martijn Sanders had het er even moeilijk mee, maar zei blij te zijn te leven in een land waarin dit zomaar kan.’ Het kan dus, in opstand komen tegen het cultuurbeleid van de politieke klasse van Nederland opdat de verbeelding weer aan de macht komt.

NIDI schetst toekomstscenario vol met honderdjarigen

leave a comment »

adele100-1

Bij sommige berichten staat het verstand stil. Zoals het persbericht van onderzoeksinstituut NIDI (Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut) over de levensduur van pasgeborenen. Uit nieuwe prognoses blijkt dat honderdjarigen in de toekomst eerder regel dan uitzondering zijn. Volgens het meest optimistische scenario dat ervan uitgaat dat ‘de verhoging van de overlevingskansen zich onverminderd voortzet‘ ‘zou twee derde van de pasgeboren meisjes en de helft van de jongens een leeftijd van honderd jaar halen‘. Hier geeft het NIDI een beschrijving van scenario’s. Vraag is of dit groot nieuws is. In elk geval is het prikkelend nieuws.

Over bijna 100 jaar zouden twee derde van de pasgeboren meisjes nog in leven zijn. Het NIDI merkt op dat het CBS (Centraal Bureau voor de Statistiek) prognoses tot het jaar 2060 maakt. Het NIDI breidt dat nu met liefst 50 jaar uit naar 2110. Da’s nogal een verschil. Het NIDI noemt zelf remmende effecten als obesitas op de stijging van de levensduur. Het acht dat gerelateerd aan een sociale klasse. Maar als effect valt ook te denken aan milieuproblemen, oorlogen, epidemieën, afnemende voedselkwaliteit, resistentie voor antibiotica, afnemend aanbod van goede zorg en sluitende verzorgingshuizen die min of meer voor iedereen gelden.

De toekomstkunde of futurologie kent een constante, namelijk dat de uitkomsten achteraf nooit blijken te kloppen. Maar daarvoor is zulk onderzoek ook niet bedoeld. Het geeft een richting aan die van belang is bij de inrichting van ons land in 2040, 2060 of 2110. Om over de toekomstige inrichting van Nederland na te denken zijn de scenario’s van het NIDI daarom zinvol. Dat denken kan nu al begonnen worden. Want een huis dat 75 jaar staat moet anders gebouwd worden dan een huis dat 110 jaar staat. Vraag is hoe het verschil tussen een horizon van 4 (politiek), 50 (CBS) en 100 (NIDI) jaar overbrugd kan worden. Wellicht moet de politiek naar de toekomst bewegen en zich wat meer verbeeldingskracht aanmeten zoals het NIDI nu doet.

589px-Street_intersection_Futarama

Foto 1: Adele Rummens, de oudste vrouw van België in de bloemen in Leuven op haar honderdjarige verjaardag. 1937.

Foto 2: Norman Bel Geddes, Street Intersection Futurama voor de New York World Fair, 1939-1940. Met als thema ‘The world of tomorrow’. Zie ook: Futurama op GKKort.