George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Mark Rutte

Begripsverwarring over het populisme dat zich in de greep van de pseudo-populisten bevindt

with 4 comments

Wat is een populist? In elk geval is iemand die zich populist noemt er niet per definitie een. Donald Trump is geen populist omdat hij geen populistische agenda heeft en niet opkomt voor het volk. Bernie Sanders is wel een populist omdat hij wel een populistische agenda heeft en opkomt voor het volk. Dat gaat samen met de waardering die populisten van het volk krijgen. Sanders is op dit moment de populairste senator van de VS en Trump de in de recente geschiedenis minst populaire president. Een populist die niet scoort is geen populist.

Het begrip populisme is inderdaad breed. Om het te begrijpen kan het best een onderscheid gemaakt worden tussen authentieke populisten en pseudo-populisten. Want iemand als Trump die een volksverzekering wil afschaffen of talrijke bankiers van Goldman Sachs in zijn team benoemt komt niet op voor het volk. Iemand als Trump zou de journalistiek daarom niet langer een populist moeten noemen, maar een pseudo-populist. Dat dekt de lading beter en vermijdt begripsverwarring. Om in Trumps eigen termen te blijven: neppopulist.

Populisme heeft dus te maken met echtheid en oprechtheid. Premier Mark Rutte of CDA-leider Sybrand Buma die zich populistisch uitlaten zijn geen populisten -zonder dat ze dat zelf overigens pretenderen- omdat ze in hun politiek het belang van het volk niet centraal stellen. UKIP-leider Nigel Farage of Tory-leider Boris Johnson zijn evenmin populisten omdat ze geen populistische agenda hebben en slechts in naam opkomen voor het volk. Hun populisme is pure marketing. Bij Geert Wilders of Marine Le Pen is het beeld gemengd. Ze hebben hun agenda via marketing afgestemd op het volk en doen alsof ze dat bedienen. Of ze dat echt doen is echter de vraag. Hun inzet is niet het opkomen voor het volk, maar het volk gebruiken voor het realiseren van hun politieke agenda. In dit geval nationalisme en verzwakking van de EU. Sanders lijkt de enige echte populist.

Een verslag van het Piet Zwart Instituut met misverstanden: ‘Vrije kunst en het niet bestaande normaal van Mark Rutte…’

with 9 comments

Allerlei begrippen duikelen in een verslag van het Piet Zwart Instituut in Rotterdam over elkaar heen en worden vermengd. Het betreft het tijdens een symposium gepresenteerde project ‘The Art of Looking’. Maar onderdrukking is nog geen racisme, evenmin als culturele hegemonie onderdrukking is. Dat is jammer want het onderwerp van de suprematie van de leidende culturele groep binnen een samenleving en de doorwerking daarvan in de kunstsector is belangwekkend genoeg om het op academies hoog op de agenda te zetten. Dan echter wel met fijnzinnigheid en zonder makkelijke oordelen. Liever vanuit de bewustwording van studenten, dan vanuit een politieke strijd die vanuit Amerikaanse universiteiten naar Nederland wordt geëxporteerd om aan de Noordzee dunnetjes over te worden gedaan. Ter rechtvaardiging kan opgemerkt worden dat een academie geen universiteit met wetenschappelijke pretentie is. Dat is de valkuil om gemakzuchtig in te vallen.

De kwestie Dana Schutz en de Whitney Biennial is er een duidelijk voorbeeld hoe politieke correctheid de Amerikaanse kunstwereld in haar greep kan krijgen. Daar kunnen Nederlandse kunstacademies beter niet in meegaan, hoewel het risico bestaat dat dat onder leiding van buitenlandse (gast)docenten met een niet perfect beeld van de Nederlandse samenleving toch gebeurt. Nederland is echter geen VS, en het verschil in positie van Amerikaanse etnische minderheden is onvergelijkbaar met die van Nederlandse etnische minderheden.

Het verslag verwijst naar premier Mark Rutte en zijn brief over hufterigheid van 22 januari 2017 die stelt dat gewone Nederlanders geen racisten zijn. Erin zei hij: ‘We voelen een groeiend ongemak wanneer mensen onze vrijheid misbruiken om hier de boel te verstieren, terwijl ze juist naar ons land zijn gekomen voor die vrijheid. Mensen die zich niet willen aanpassen, afgeven op onze gewoontes en onze waarden afwijzen. Die homo’s lastigvallen, vrouwen in korte rokjes uitjouwen of gewone Nederlanders uitmaken voor racisten. Ik begrijp heel goed dat mensen denken: als je ons land zo fundamenteel afwijst, heb ik liever dat je weggaat.’ De brief kreeg kritiek, ook op dit blog, maar erin zegt Rutte niet dat gewone Nederlanders geen racisten kunnen zijn. Hij wijst de beschuldiging van de hand dat ze racisten genoemd worden omdat ze voor zichzelf opkomen.

Het verslag eindigt als volgt: ‘Wie is normaal? Mensen zijn verschillend, er bestaat geen normaal. Ook niet in art making.’ Het is te makkelijk om te zeggen dat er in de politiek geen normaal bestaat. Want het gaat niet over psychologisering van individuen, maar over individuen die met elkaar de samenleving vormen en politiek bedrijven. Het jaar van de Brexit, de verkiezing van Trump, beschuldigingen van de Turkse president Erdogan aan Europa, en de Russische inmenging in verkiezingen in de VS en Europa heeft de ‘normale’ politiek behoorlijk door elkaar geschud. Dat speelt zich niet af op het niveau van verschil in beleid tussen politieke partijen, maar op een filosofisch niveau dat waarheid, objectieve journalistiek en feiten ter discussie stelt.

Het normaal is in de opvatting van Rutte en andere westerse politici niet het verkiezen van liberalisme boven conservatisme, socialisme of andere politieke stromingen, maar de keuze voor de zogenaamde liberale democratie waarin politieke partijen hun machtsstrijd uitvechten zonder dat het politieke systeem zelf te discussie wordt gesteld. Omdat Rutte dit in de gewraakte brief halfslachtig toelichtte wachtte hem de terechte kritiek dat hij te weinig afstand nam van het populisme. Rutte’s fout was niet dat hij namens de VVD een verkeerd standpunt innam, maar vanuit opportunisme niet voldoende afgrensde wat hij principieel afwees.

Foto: Deel van verslag ‘Vrije kunst en het niet bestaande normaal van Mark Rutte…’ van Jos van Nierop, 30 maart 2017.

Wilders winnaar of verliezer? Op de vraag of het populisme definitief verslagen is zijn vele antwoorden mogelijk

with one comment

De Nederlandse verkiezingen voor de Tweede Kamer hielden afgelopen week de hele wereld bezig. Er bestond overeenstemming over het antwoord op de vraag of het rechts-populisme van PVV’er Geert Wilders was doorgebroken. Dat was niet gebeurd. Maar de vraag of het populisme nu definitief verslagen is wordt verschillend beantwoord. De Chinese staatszender CGTN kiest een enerzijds-anderzijds benadering. Sommige analisten wijzen erop dat Wilders ondanks een perfecte storm (Brexit, Trump, Oekraïne-referendum, Erdogan) niet heeft kunnen profiteren en dat daarom zijn doorbraak in de toekomst minder waarschijnlijk is geworden. Andere analisten kiezen weer een andere benadering door te zeggen dat ze menen dat het populisme niet bij radicaal-rechts (PVV) en extreem-rechts (FvD) is doorgebroken, maar bij gematigd-rechts (VVD en CDA).

Radicaal-rechts is niet verder gekomen dan 15%. Met echt populisme is niets fout. PvdA’er Wouter Bos brak daar in 2005 een lans voor in de Johan de Wittlezing. Volgens Bos was een beetje populisme goed voor de democratie. Het maakt politici immers grijpbaar en menselijk. De personalisering van de politiek maakt deze boeiender en aantrekkelijker. Politiek functioneert pas optimaal als vorm en vent (of vrouw) samengaan. Maar ze behoren in evenwicht te zijn. Uit Bos’ woorden blijkt dat inhoud die slecht verwoord wordt niet overkomt. En dat goede verwoording zonder inhoud tot niks leidt. Vermoedelijk doelde premier Rutte op dat deels dichten van de kloof tussen politiek en burger door zijn onderscheid tussen goed en verkeerd populisme. Het populisme van Trump of Wilders is in werkelijkheid trouwens geen populisme, maar pseudo-populisme. Wilders wil de kloof met de burger helemaal niet dichten, maar die burger voor zijn karretje spannen.

Hoe dan ook heeft Wilders zijn leidende positie in de peilingen van 30 tot 35 zetels niet waar kunnen maken. Op radicaal-rechtse partijen heeft slechts 15% van de bevolking een stem uitgebracht. Dat is de winst van de verkiezingen en tekent de stabiliteit van Nederland en het verstand van de Nederlandse bevolking. Nederland is coalitieland met een politiek van geven en nemen. Niet van overrompelen en overbluffen. Uit internationale onderzoeken blijkt dat Nederland vergeleken met andere landen gunstig scoort op het gebied van rechtsstaat, persvrijheid, welzijn, geluk, corruptie of inkomensgelijkheid (Gini-coëfficiënt). Dat op een grote hoop vegen door radicaal-rechts via een omweg gelijk te stellen aan rechts of zelfs centrum-links is onterecht.

De budgetvoorstellen aan het congres die de Amerikaanse president Trump afgelopen week deed geven aan wat echt populisme is dat zich door alternatieve-rechtse ideologie laat voeren. Hij kwam met een begroting die het bedrijfsleven bedient. Dat is in de Nederlandse verhoudingen ondenkbaar. Trump stelde voor om de subsidie van The National Endowment for the Arts en de publieke omroep PBO volledig af te schaffen. Dat is de echte kaalslag, dat is de bijl aan de wortels van de overlegsamenleving die elke doelgroep min of meer evenwichtig bedient. Populisme zet bevolkingsgroepen tegen elkaar op. Dat is het populisme dat kunst en journalistiek bij het grof vuil wil zetten. Wie het verschil niet ziet tussen conservatieve politiek die de belangen van de beter gesitueerden bedient en hedendaagse populisten die begrippen als waarheid, feit en volk willen ondermijnen, elke politieke discussie willen ontregelen en het politieke bestel zelf omver willen gooien om buiten de politiek om hun belangen te dienen bestrijdt het populisme niet, maar praat het naar de mond.

Het populisme van Trump, Marine Le Pen of Wilders streeft naar de ontmanteling van de wereldorde. Met als slecht uitgewerkt en praktisch onhaalbaar doel de vestiging van de natiestaat. Die ontmanteling raakt direct aan de nationale veiligheid van Nederland en het voortbestaan van Europese landen. Dat is van een andere orde dan een uit politiek opportunisme retorisch populisme van VVD en CDA dat zich niet in daden vertaalt doordat het binnen de rechtsstaat blijft. Uiteraard schuift het politieke landschap soms naar links of naar rechts. Dat is een pendule die heen en weer slaat en het politiek bestel zelf niet echt raakt. Op actie volgt altijd reactie. Nederland is nog steeds een redelijk welvarend en egalitair land. Het populisme van Trump of Wilders is anders en probeert onze samenleving in de kern te veranderen door de rechtsstatelijkheid en democratische weerbaarheid ervan te vernietigen. Daar is uiteindelijk geen antwoord op. Dat is de echte zorg.

Pleidooi voor een gedoogkabinet van VVD-D66-CDA met PvdA

with 3 comments

De verkiezingen voor de Tweede Kamer zijn achter de rug en de uitslag staat vast. Het lijkt onontkoombaar dat VVD-D66-CDA de basis van een nieuw kabinet vormen. Het zogenaamde motorblok. Deze drie partijen hebben in de Tweede Kamer 71 zetels. Dat is nog geen meerderheid, maar een meerderheidskabinet is niet de enige mogelijkheid. Een gedoogkabinet kan de vooraf vastgelegde steun van één of meer partijen zoeken.

Dan opent zich het perpectief van een gedoogkabinet dat de vaste steun van de PvdA heeft. Met een solide meerderheid in de Tweede Kamer van 80 zetels en in de Eerste Kamer van 46 zetels. Een variant die de VVD heeft gezegd te ondersteunen en die bij CDA en D66 op weinig bezwaar zal stuiten is het voorlopig aanblijven van PvdA-minister Jeroen Dijsselbloem zodat deze Eurogroepvoorzitter kan blijven om in de EU het belang van Nederland te behartigen. Zijn termijn loopt eind 2017 af. Voordeel van zo’n gedoogconstructie is dat de PvdA die een historische nederlaag heeft geleden niet toetreedt tot het kabinet en de handen vrijhoudt, maar wel constructief meedoet. Het blijft deels buiten en deels binnen het kabinet.

De mogelijkheid bestaat ook om de steun van de PvdA voor zo’n kabinet te beperken tot afspraken over de EU en de macro-economie zodat de partij vrij is om via links sociaal-economisch beleid kiezers terug te winnen die zijn weggelopen vanwege de samenwerking met de VVD. Op die onderwerpen kan dan de steun van de ChristenUnie gezocht worden. Het toetreden van GroenLinks tot een meerderheidskabinet of gedoogkabinet lijkt gezien de stabiliteit en onervarenheid van die partij voorlopig een brug te ver. Het is voor de sfeer in de kamer ook gewenst dat niet alleen negatieve gerichte partijen met populistische ondertonen als PVV, 50Plus, SP, PvdD, Denk of FvD de oppositie vormen, maar ook een constructieve, positieve partij als GroenLinks deel van de oppositie is zodat de relatie tussen kabinet en oppositie niet te hard wordt.

Getalsmatig valt te denken aan een kabinet met 12 ministers met Mark Rutte (VVD) als premier. En dus Jeroen Dijsselbloem (PvdA) tijdelijk op Financiën. D66 op Justitie, OCW en Buitenlandse Zaken. CDA op Binnenlandse Zaken, Landbouw/Infrastructuur en Economische Zaken. En de VVD op Sociale Zaken, Defensie, Buitenlandse Handel en Volksgezondheid. Vanaf 2018 kan de ChristenUnie mogelijk Financiën overnemen van de PvdA.

Foto: Affiche PvdA Lijst 7, 1956. Bron: ISSG. Beeldarchief Geheugen van Nederland.

Cultuurstandpunt VVD: Als publiek cultuuruiting niet goed genoeg vindt, dan is er ook geen reden meer voor overheidssubsidie

with one comment

Het standpunt over cultuur van de VVD bevat de volgende passage: ‘De makers van cultuur richten zich weer op hun publiek. Dat zijn de mensen die cultuur in stand houden. Als zij iets niet goed genoeg vinden, is er ook geen reden om subsidie te geven.’ Dit standpunt zegt dat 1) niet de makers, maar de consumenten de cultuur in stand houden en 2) als de consumenten een cultuuruiting niet goed vinden die geen subsidie verdient. Hoe precies getoetst wordt of consumenten ‘iets niet goed genoeg vinden’ wordt niet toegelicht.

Hoe onhoudbaar dit standpunt is blijkt als de norm van goedkeuring wordt vertaald naar andere sectoren. Zoals de subsidiëring door de overheid van politieke partijen. Er bestaat in de samenleving veel kritiek op de partijpolitiek. Nog maar 2% van de bevolking is lid van een politieke partij. Als de burgers de politieke partijen niet goed genoeg vinden verdwijnt dan de reden om de partijen geen overheidssubsidie te geven? In 2014 ontving de VVD 3,75 miljoen euro overheidssubsidie. Dat is de logica van de opstelling over cultuur van de VVD. Hetzelfde geldt voor andere sectoren waarvan de overheidssubsidie beëindigd moet worden als een meerderheid van de bevolking het ’niet goed genoeg vindt’ (religie, omroep, emancipatiebeleid, koningshuis).

Wat bezielt de VVD om botweg te stellen dat als een consument een cultuuruiting niet goed genoeg vindt er geen reden is om overheidssubsidie te geven? Welk wereldbeeld ligt hieraan ten grondslag? Daarbij gaat de VVD eraan voorbij dat bepaalde cultuuruitingen veel moeilijker in de markt liggen dan andere, zonder dat dit het gevolg is van mindere kwaliteit. Ook kan er een maatschappelijk belang zijn om bepaalde disciplines die het commercieel minder goed doen toch via overheidssubsidie te ondersteunen omdat anders expertise uit Nederland verdwijnt en er geen sprake meer is van een dynamisch kunstklimaat en kruisbestuiving tussen disciplines. Zoals ontwikkelcentra en ateliers die opereren op het gebied van fundamenteel onderzoek.

Bij de VVD verdienen alleen kaskrakers en succesnummers financiële ondersteuning van de overheid. Als de VVD in zijn eentje het cultuurbeleid bepaalt dan wordt schraalhans keukenmeester. Weg talentontwikkeling en experiment, leve blockbusters en grote namen. Die zich ooit konden ontwikkelen dankzij overheidssubsidie. Als het aan de VVD ligt wordt die lijn afgebroken. De VVD is de partij van marktdenken en kleingeestigheid.

Foto: Schermafbeelding van VVD standpunt over cultuurCULTUUR IS VAN EN VOOR DE SAMENLEVING.’

Carré-debat: ‘Nederland heeft zijn eigen cultuur onvoldoende beschermd tegen het afbraakbeleid van VVD, CDA en PVV’

leave a comment »

xl

De tweede stelling in het Carré-debat van 5 maart luidde: ‘Nederland heeft zijn eigen cultuur onvoldoende beschermd’. Sybrand Buma (CDA) was het eens met die stelling en bracht het terug tot de constatering dat ‘Nederland “hard moet opstaan tegen de radicale islam”. De leider van GroenLinks Jesse Klaver vond dat Nederland de tolerantie te weinig beschermde (‘Nederland is vrijheid, tolerantie, empathie, en dat staat op het spel’) en was het praktisch oneens met de stelling. Lodewijk Asscher (PvdA) erkende dat er bedreigingen zijn, zoals islamitische radicalen, maar was optimistisch over de toekomst van Nederlandse cultuur.

Deze weergave maakt de onbenulligheid van de partijpolitiek in een notendop duidelijk. Zwendel die draait om het omdraaien van de waarheid voor eigen gewin. Het is beuzelarij en kwaadwillendheid tegelijk. In een politiek debat maken politici een aspect van een aspect tot hoofdzaak omdat het partijen om electorale redenen goed uitkomt. Zowel de partijen die de islam de schuld van alles willen geven (CDA) om kiezers van de PVV te trekken als partijen die het omgekeerde willen door de tegenstanders van Wilders in hun kamp te trekken. Wilders had ervoor gekozen om bij dit debat niet aanwezig te zijn, maar bepaalde op de achtergrond wel de inhoud en de invulling van deze stelling. Door alle politieke partijen werd de hoofdzaak verzwegen.

Hoe anders zou het antwoord op de stelling kunnen zijn in een volwassen democratie met volwassen politici met een volwassen geest die de ruimte hebben om onderwerpen niet terug te brengen tot een geleerd lesje en een reductie van de werkelijkheid. Hier doet zich het tekort aan brille en eruditie van een generatie politici kennen die opereert als middenstanders die voor hun toko hun handelswaar aanprijzen en niet de geestelijke vermogens hebben om verder te kijken dan eigen marketing. Het gemankeerde antwoord op de vraag doet kiezers afvragen of deze lijsttrekkers op zoek naar kiezers het verdienen dat kiezers een lijsttrekker vinden.

Nederland kan zijn cultuur voldoende beschermen met beleidsmaatregelen die de Nederlandse taal, kunst, geschiedenis en het (cultuur)onderwijs steunen. Maar dat doet de huidige politieke klasse niet. Het kort juist op dit beleid dat een basis onder de Nederlandse culturele identiteit zou kunnen leggen. Hoofdzaak zijn dus geen defensieve maatregelen tegen de radicale islam wat Buma, Klaver en Asscher er in hun reacties van maken, maar offensieve maatregelen die de Nederlandse kunst en cultuur positief  en ruimhartig steunen. Het sterke vermoeden dat Buma weet dat hij deze steun voor de Nederlandse cultuur heeft laten liggen en daarom als afleiding de aanval op de radicale islam zoekt maakt het er nog valser, schijnheiliger en onbetamelijker op.

Wie herinnert zich in 2011 niet toenmalig staatssecretaris Halbe Zijlstra (VVD) in het kabinet Rutte I dat werd gevormd door VVD en CDA en gedoogd door PVV? Dat zijn de drie partijen die met duivels plezier en breed verkondigde minachting de cultuursector een lesje leerden door bovenmatig te korten op het cultuurbudget waardoor de culturele basisinfrastructuur van Nederland ernstig werd aangetast. In 2017 werken deze bovenmatige korting en imageschade nog na en zijn kunst en cultuur deze klap nog steeds niet te boven.

Het zijn niet toevallig drie conservatieve partijen die nu vanwege politiek gewin het hardst schreeuwen dat de Nederlandse cultuur onvoldoende beschermd wordt. Daarbij niet bij zichzelf te rade gaan wat ze fout deden, maar naar de islam verwijzen. Denken de politici van VVD, CDA en PVV dat kiezers zo gemakkelijk zijn te misleiden? Ze speculeren blijkbaar op een ontbrekend politiek geheugen van de kiezer. Denken VVD, CDA en PVV dat het de kiezer is ontschoten dat de oorzaak van de verzwakking van de Nederlandse cultuursector is gelegen in het beleid van VVD, CDA en PVV? Gevoegd bij genoemde uitblijvende beleidsmaatregelen om het Nederlandse taal-, geschiedenis- en cultuuronderwijs grondig te versterken. Feitelijk had de stelling moeten luiden ‘Nederland heeft zijn eigen cultuur onvoldoende beschermd tegen het afbraakbeleid van VVD, CDA en PVV’. Partijpolitiek die mogelijk wordt gemaakt door slechte journalistiek is om akelig van te worden.

Foto: Schermafbeelding van still uit videoKlaver en Buma fel tegen elkaar in debat over Nederlandse cultuur’. NOS, 5 maart 2017.

Ondraaglijke lichtheid van Amnesty Nederland directeur Nazarski

with 15 comments

pw

Eduard Nazarski van Amnesty International Nederland geeft een interview aan RTL Nieuws en trekt fel van leer. Hij geeft dit nieuwsmedium aanleiding om bovenstaande kop te maken. Die schadelijk is voor Rutte. Het is een citaat dus aangenomen kan worden dat Nazarski dit zo gezegd heeft. Het kan best dat Wilders en Rutte de rechtsstaat ondermijnen, maar in elk geval doen ze dat niet op dezelfde manier en met identieke grofheid.

Iedereen met een klein beetje politiek inzicht zal de verschillen tussen Wilders en Rutte ten aanzien van de rechtsstaat op kunnen noemen, zoals de vrijheid van godsdienst of de positie van minderheden. Het lijkt er sterk op dat Nazarski dat inzicht mist of de indruk wil wekken dat hij dat inzicht mist. Dat lukt hem goed. Nazarski is te grof in zijn kritiek op Rutte die hij ook nog met het beleid van Trump verbindt, terwijl het kabinet Trump juist veroordeelt met betrekking tot onder meer het inreisverbod voor moslims.

Verschillen benoemt Nazarski niet. Wat hij beoogt is onduidelijk. Behalve publiciteit voor zijn eigen organisatie genereren. Zeker was ‘de brief van Mark’ ongelukkig en had vanwege de selectieve hufterigheid beter niet geschreven kunnen worden. Ook hier was er kritiek op. Het was een valse start van de campagne. Dat leidt echter niet tot het beeld dat Nazarski schetst dat Wilders en Rutte van hetzelfde laken een pak zijn. Dat zijn ze niet. Door ze als het over rechtsgelijkheid en de rechtsstaat gaat in dezelfde adem te noemen bereikt hij het omgekeerde van wat hij wil bereiken. Namelijk het bevorderen van partijen die zich sterk maken voor de mensenrechten. Nazarski doet het omgekeerde door Rutte onnodig naar het niveau van Wilders te trekken. Ook nog eens in campagnetijd waarin een inmenging als dit al snel als partijpolitiek kan worden opgevat.

Nazarski komt over als een beroerde politieke strateeg die in algemeenheden praat en in verontwaardiging de nuance verliest. Of hij een goede directeur van Amnesty Nederland is valt te bezien. Men kan twijfels hebben over een directeur die onvoldoende kan onderscheiden en slecht afweegt wat het effect van zijn woorden is.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelWilders én Rutte ondergraven onze rechtsstaat’’ van RTL Nieuws, 31 januari 2017.