Hedendaags gezwets: ‘Geloof je het Duiveltje in je?’

Waar gaat dit over? De verzuchting van de vrouw is verwonderlijk: ‘O ja, dat is ook bijzonder’. Wat is er volgens haar ook bijzonder? Dat valt niet uit dit fragment op te maken. Het verwijst uitsluitend naar zichzelf. In eindeloze herhaling als hedendaags Droste-effect.

Dit fragment toont het verschil aan tussen praten en iets zeggen. De man meent dat ‘het duiveltje je altijd naar beneden wil praten’. Wat mag dat betekenen, dat ‘het duiveltje je naar beneden praat’? Die uitspraak roept meer vragen op, dan dat het antwoorden geeft.

Hoe dan ook praten de ‘O ja’- vrouw, de duiveltje-man en het beeldend opgevoerde duiveltje zonder iets te zeggen. Ze zijn hun eigen opvulling van het niets dat het niets triggert. Ze zijn helemaal bij de tijd. Het duiveltje valt dat nog het minst te verwijten.

Zoektocht naar foto van onbekende man in Noorse collectie leidt naar Leidse hoogleraar Kristensen (1897-1899)

Anton. J. van der Stok, ‘Mann, ukjent, portrett‘. Collectie: Stichting Lillehammer Museum.

Wie regelmatig in digitale beeldcollecties zoekt kan zich erover verbazen hoe die collecties over landgrenzen heen elkaar niet of slecht aanvullen. Waarom komt die aansluiting tussen landen zo slecht tot stand? Waarom is er blijkbaar onvoldoende samenwerking om de lacune in elkaars collecties aan te vullen?

Neem de fotoMann, ukjent, portrett‘ in de collectie van de Noorse digitale collectie van Aulestad / Lillehammer. Bij de beschrijving staat in het Noors: ‘Man, onbekend, portret’. Als datering wordt 1880 – 1900 gegeven. Hoe valt de naam van de onbekende man te achterhalen? Zoals zo vaak gaat dat door het combineren van gegevens en het wegstrepen van opties.

Een belangrijke aanwijzing is de naam en het adres van het atelier waar de foto is gemaakt. De Noorse collectie geeft de naam van de fotograaf verkeerd weer. Het is niet ‘Van der Stock’, maar ‘Van der Stok’. Volgens de RKD had Anton van der Stok van 1 januari 1887 tot 3 december 1899 een atelier op het Rapenburg 13 in Leiden. Daarna verhuisde hij naar de Breestraat 149.

Op de achterkant van een foto van Jan de Vries met datering 1903 in de digitale collectie van de Universiteit Leiden is het adres Rapenburg 13 doorgestreept en vervangen door Breestraat 149.

De onbekende man op de foto lijkt een hoogleraar. Met professorale baret. Omdat de foto in Leiden is genomen, mag men veronderstellen dat hij is verbonden aan de Universiteit Leiden. De man zou een hoogleraar kunnen zijn die tussen 1887 en 1899 werkzaam was aan de Universiteit Leiden. Hoe kunnen we dat staven?

Maar dan zijn we er nog niet. De volgende vraag is hoe deze foto terechtkomt in Lillehammer in een Noorse provinciale digitale collectie. Heeft de man een connectie met Noorwegen of is hij wellicht van geboorte Noors?

Ja, de man is hoogleraar Godsdienstwetenschappen William Brede Kristensen (1867 – 1953) die uiteindelijk in Leiden zou sterven. Volgens zijn Wikipedia-pagina studeerde hij van 1890 tot 1892 in Leiden en werd op 6 april 1901 benoemd tot hoogleraar in Leiden waar hij op 23 september 1901 zijn oratie hield. Hij zou in Leiden tot 1937 hoogleraar blijven. In het collegejaar 1915-1916 was hij rector magnificus. Zijn foto in die functie was de sleutel om zijn naam te achterhalen.

Als de foto ter ere van zijn oratie in september 1901 zou zijn genomen, dan was Kristensen 33 jaar oud. Dat kan kloppen. Alleen ontstaat er dan een probleem met het adres van fotograaf Van der Stok die eind 1899 van Rapenburg 13 naar Breestraat 149 verhuisde. Dateert de foto wellicht van voor 1901?

Aanleiding voor de foto kan zijn geweest dat Kristensen in 1897 aan de Universiteit van Kristiania (nu Oslo) zijn habilitatie behaalde. De foto van Van der Stok kan gezien worden als promotiemateriaal om zich te positioneren voor een hoogleraarspost. Volgens Wikipedia werd in die tijd vooral in Duitsland en Polen de habilitatie als ‘soort diploma voor hoogleraar‘ beschouwd. Kristensen had in Leiden ijzers in het vuur door zijn promotie in 1892 bij Cornelis Petrus Tiele die hij in 1901 opvolgde.

Als de aanname klopt dan zijn de feiten de volgende. De onbekende man is de in 1867 in het Noorse Kristiansand geboren William Brede Kristensen die in 1901 tot hoogleraar Godsdienstwetenschappen aan de Universiteit Leiden werd benoemd. De foto werd in het atelier van Anton van der Stok aan het Rapenburg 13 in Leiden tussen 1897 en 3 december 1899 genomen. Of Kristensen toen al het recht had om een professorale baret te dragen kan te maken hebben met de academische mores per land.

NOS Journaal mist het nieuws. Wat zeggen de fouten en wat moeten we ermee?

Henk Bleker in het bulletin van 20.00 uur van het NOS Journaal van 5 augustus 2022.

I. Mijn misnoegen over de in mijn ogen tekortkomingen van het NOS Journaal heb ik hier vaker geuit. Ik weet niet goed of dat gerechtvaardigd is. Dat ik het NOS Journaal een gebrek aan context verwijt kan ook mijn tekortkoming zijn. Mijn gebrek aan context en relativering.

Want hoe eerlijk is het om de hoge standaard van de top van de westerse journalistiek, zoals ik die vooral ken van Britse en Amerikaanse media, te projecteren op het NOS Journaal? Dat heeft onvoldoende middelen voor zo’n hoge standaard. Er is blijkbaar te weinig budget en het ontbreekt aan voldoende hoog gekwalificeerde journalisten en bureauredacteuren om zo’n standaard hoog te houden.

Toch was ik ondanks die bedenkingen gisteren ontdaan over de eerste twee items van het bulletin van 20.00 uur van het NOS Journaal van 5 augustus 2022 die naar mijn idee zelfs een middelmatige standaard niet haalden. Wat moet de Nederlandse nieuwsconsument met dit NOS Journaal?

De eerste twee items die de opening vormden misten in mijn ogen het overzicht, het politieke inschattingsvermogen en de stoot, de punch die er een volwaardig journalistiek Item van had gemaakt. 

Deze items bleven in mijn ogen hangen in halfslachtigheid en de niet ingeloste belofte van zorgvuldige verslaggeving en analyse van het nieuws. Ik vond het niet goed.

Daarnaast had ik vooral bij het eerste item bedenkingen over de politieke invalshoek die de redactie en verslaggevers van het NOS Journaal kozen. Ik kreeg de indruk dat het NOS Journaal zo bevreesd is om door radicaal-rechts gestigmatiseerd te worden als staatsomroep dat het doorsloeg naar de andere kant en zich tot woordvoerder van radicaal-rechts maakte. Dit NOS Journaal is niet links, maar rechts.

Hoe de hoofdredactie van NPO Nieuws kan menen dat dit bulletin in verslaggeving en politieke analyse de nieuwsconsument volledig informeert is het raadsel waar ik mee bleef zitten.

II. Het eerste item ging over het stikstofoverleg In Utrecht. Dat werd voorgesteld als een sportwedstrijd tussen de regering inclusief bemiddelaar Johan Remkes aan de ene kant en de boerenorganisaties aan de andere kant. Het vermogen van het NOS Journaal ontbrak om dit overleg in een context te plaatsen. 

Niet alleen kreeg voormalig CDA-landbouwstaatssecretaris Henk Bleker ruimte om het boerenbelang naar voren te brengen en af te geven op de regering waar hij 10 jaar geleden nog deel van uitmaakte, maar zijn rol en functie in dit dossier werd in het verslag niet belicht.

Juist door toenmalige CDA’ers als Bleker die jarenlang elke hervorming van het landbouwbeleid blokkeerden en niet opereerden als dienaar van de publieke zaak, maar als lobbyist voor de agro-industrie, de Rabobank en de landbouwsector zitten Nederland en de boeren nu met een stikstofprobleem opgezadeld dat niet tijdig aangepakt is. Nu positioneert Bleker zich als deel van de oplossing, terwijl hij deel van het probleem is. Maar het NOS Journaal stipt zijn vroegere blokkerende rol niet eens aan. Waarom niet?

Een andere onevenwichtigheid was dat in het item elke verwijzing naar natuur- en milieuorganisaties en wetenschappers ontbrak. Dat had in de afronding van het item gekund, maar dit tegengeluid ontbrak volledig. Deze organisaties en wetenschappers waarschuwen ervoor dat het regeringsbeleid van 50% stikstofreductie niet afgezwakt kan worden.

Als de bureauredactie van het NOS Journaal beter had nagedacht of meer politieke durf had getoond om objectief te zijn, dan had het grofweg drie posities geschetst: de boeren die voor afzwakking van het regeringsbeleid gaan en de invoering van maatregelen willen vertragen, het regeringsbeleid en de natuurorganisaties die het regeringsbeleid als een minimum zien waar niet aan gemorreld kan worden. 

Dit conflict tussen drie posities werd door het NOS Journaal gereduceerd tot een conflict tussen twee posities. Dat is geen informatie van de nieuwsconsument, maar desinformatie. Het NOS Journaal gaf volop ruimte aan vier zich radicaal uitende vertegenwoordigers van boerenorganisaties, maar liet geen enkel geluid horen uit de natuur- en milieuorganisaties of de wetenschap.

Wie er nader over nadenkt zal moeten constateren dat de invalshoek van het NOS Journaal absurd is. Radicale tegen het binnenlands terrorisme aanleunende boerenleiders en opportunisten als Bleker krijgen zonder enig woord van kritiek gratis zendtijd, terwijl de stem of visie van natuurorganisaties en wetenschappers niet worden verwoord.

III. Over het tweede item zal ik kort zijn. Dat ging over de uitkomsten van het proces dat enkele nabestaanden van de slachtoffers van de schietpartij in de VS in 2012 op de Sandy Hook-school tegen de radicaal-rechtse complotdenker Alex Jones (Infowars) hadden aangespannen.

Jones moest degenen die hem hadden aangeklaagd niet alleen 4,1 miljoen dollar schadevergoeding betalen en verloor dus deze zaak, maar Jones’ advocaten lekten per vergissing zijn toenmalige telefoonverkeer aan de tegenpartij. Het NOS Journaal bracht netjes deze feiten, maar vergat om de zaak in een bredere context te zetten.

De zaak zorgde de afgelopen dagen voor opschudding in de VS omdat complotdenker Jones tijdens de Trump-jaren een centrale rol had in de radicaal-rechtse beweging en contact had met belangrijke mensen daarin. Zoals Trumps adviseur Roger Stone. Die contacten zelf dreigen nu door de onthulling van Jones’ telefoonverkeer in gevaar te komen. 

De essentie van de Alex Jones-zaak noemde het NOS Journaal niet. Namelijk dat zowel de 6 Januari-commissie van het Huis en federale onderzoekers de telefoongegevens van Jones hebben opgevraagd om daar mee aan de slag te gaan en mogelijk types als Stone aan te klagen. De essentie van de rechtszaak tegen Jones was dus niet zozeer zijn veroordeling, maar het onthullen van feiten over Jones’ contacten in Trumpiaanse radicaal-rechtse kring.

IV. Het lijkt ongepast om te hard te oordelen over dit NOS Journaal en NPO Nieuws. Het ontbreekt zichtbaar aan middelen en kwaliteit. Dat uit zich trouwens ook in de vele technische storingen om via NPO Start online terug te kijken. Met de melding ‘failed to retrieve the server certificate‘ geeft de publieke omroep zich publiekelijk een brevet van onvermogen. De techniek is niet op orde en de klachten daarover worden op sociale media breed gedeeld. Dat stoot potentiële kijkers af.

Als het NOS Journaal met Nieuwsuur het paradepaardje van de nieuwsvoorziening van de publieke omroep wil zijn, dan heeft het ondanks verzachtende omstandigheden (vakantie, klein land) een standaard hoog te houden. Ik betwijfelde gisteren of die werd gehaald. Ik meende zelfs dat de redactie van het NOS Journaal aan de promotie van radicaal-rechtse praatjes deed. Het NOS Journaal wekte sterk de indruk voor complotdenkers te buigen.

Het is de samenleving die bepaalt of het NOS Journaal en NPO Nieuws de middelen krijgen om volgens een hoge journalistieke standaard te werken en wat zelfbewuster, ambitieuzer en kwalitatiever te opereren. De constatering dat dit niet lukt is niet bedoeld om de publieke omroep niet serieus te willen nemen, maar om die juist wel serieus te nemen. Versterk de nieuwsvoorziening van de publieke omroep en maak er een bastion van kwaliteit van.

Psychic Source beschuldigt Blanche of Saint André van bedrog. Waarom waarschuwen overheden niet voor paranormale kwakzalvers?

Schermafbeelding van homepage van (Nederlandse versie) Blanche van St. André.

Er zijn op internet volop sites met waarzeggers,Tarot-lezers, handopleggers, astrologen, piskijkers, helderzienden, helderhorenden, heldervoelenden, Reiki healers, numerologen, psychische media, wichelroede-lopers, Derde Oog-openers, kristal-lezers, kortom kwakzalvers van de geestelijke gezondheidszorg die de boel flessen.

De opzet van deze sites is niet om mensen te helpen, maar om ze geld af te troggelen. Het bedrog ligt er zo dik bovenop dat men wel al heel ver weg moet zijn om daar nog in te trappen. Maar juist psychisch instabielen die professionele hulp het meest nodig hebben en niet rationeel kunnen oordelen behoren tot de doelgroep die door deze bedriegers wordt gezocht, om niet te zeggen nagejaagd. Dat het gebeurt en een lucratieve handel is doet de veelheid aan sites vermoeden. Er is een markt voor.

Schermafbeelding van deel paragraafBlanche of Saint Andre Review‘ op Psychic Source.

Het wordt er meelijwekkend op als de ene commerciële paranormale bedrogsite waarschuwt voor de andere commerciële paranormale bedrogsite. Het geeft aan hoe hard de concurrentie is. Psychic Source probeert zichzelf legitimiteit te geven door te waarschuwen voor het in het Zwitserse Zug geregistreerde Blanche of Saint André die in Nederland marketing bedrijft onder de naam Blanche van St. André.

Het tragische is dat Psychic Source die tientallen paranormale medewerkers voor 1 dollar per minuut telefonisch contact in de aanbieding heeft de waarheid over zichlef op Blanche of Saint André projecteert: ‘Onze conclusie, Blanche of Saint André is weer een andere nep-oplichter. Blanche of Saint André is geen legitieme website, het is weer een oplichter. Net als alle andere oplichtingssites. Ze werken op een vergelijkbare manier en gebruiken e-mail om u te manipuleren om uw geld te overhandigen. We raden u aan om tijd, moeite, emotie en geld te besparen. Zoek in plaats daarvan een echte paranormaal begaafde zoals die hieronder.’ Met een verwijzing naar Psychic Source en Keen.

Schermafbeelding van deel homepage Keen.

Het is vanuit de logica van het bedrog logisch dat betere, meer professionele bedriegers als Keen of Psychic Source menen schade te ondervinden van een opzichtige, amateuristische bedrogsite als Blanche of Saint André. Want die laatste bezoedelt het imago van de paranormale bedrogsite omdat het zo overduidelijk bedrog is. Dat straalt negatief af op de professionele bedrogsite. Ongewild grappig is dat de ene bedrogsite waarschuwt voor de andere bedrogsite.

Overigens is het onbegrijpelijk dat dit soort sites ongehinderd goedwillenden die psychische of paranormale hulp zoeken zo makkelijk op internet in de val kunnen lokken. Is er geen rol voor overheden weggelegd om in samenwerking met techbedrijven, supranationale instellingen als de EU en de WHO voorwaarden te stellen aan dit soort sites?

Op z’n minst zouden deze bedrogsites vergezeld moeten gaan van de disclaimer dat het een commerciële site betreft die zich begeeft op het terrein van het amusement en niet op dat van de geestelijke gezondheidszorg. Wie dan nog wil betalen om erin geluisd te worden door een kwakzalver is in elk geval gewaarschuwd. Is dat niet de minimumplicht van overheden?

Schermafbeelding van paranormale Carla op Psychic Source.

Waarom ik aanklacht van burgerinitiatief om Willem Engel te stoppen onderteken

Schermafbeelding van deel site stopwillemengel.nl.

Vandaag heb ik de aangifte tegen Willem Engel ondertekend en is die officieel ontvangen door het OM. Dit burgerinitiatief om Engel te stoppen die van opruiing wordt beschuldigd is opgezet door Norbert Dikkeboom. Volgens berichten in de media hebben op dit moment al zo’n 10.000 mensen de aanklacht ondertekend.

De site met informatie over Engel (stopwillemengel.nl) is hier te vinden en de aanklacht kan hier (aangiftewillemengel.nl) ondertekend worden.

Schermafbeelding van deel site aangiftewillemengel.nl.

Ik ben het eens met de aanklacht tegen Engel en heb die daarom ondertekend.

De bedoeling is dat politie en Justitie een oordeel kunnen vellen over de praktijken (en gevolgen) van Willem Engel, zo wordt gezegd.

Schermafbeelding van deel site aangiftewillemengel.nl.

Het merkwaardige is dat een type als Engel voortdurend ophitsende en verdeeldheid zaaiende uitspraken in de media kan doen en Justitie daar niet op reageert. De site stopwillemengel.nl formuleert dat zo: ‘Engel creëert een klimaat waarin onrust, destabilisatie, geweld en opstand de boventoon voeren. Het Openbaar Ministerie ziet het met lede ogen aan en grijpt niet in. Nog niet‘.

Het gaat er niet om dat ik het niet eens ben met de meningen van Engel. In Nederland mag iedereen zich een eigen mening vormen en die naar voren brengen. Een land met 19 partijen in het parlement garandeert pluriformiteit. Dat moet zo blijven. Het gaat erom dat Engel bewust de democratie en de rechtsstaat ondermijnt. Hij ontkent dat en denkt zo geen verantwoording af te hoeven leggen. Justitie moet in deze zaak duiken om te toetsen of Engel binnen de wet handelt of daar buiten gaat. In dat laatste geval kan Justitie hem een sanctie opleggen.

Of de afwachtende houding van Justitie wordt ingegeven door koudwatervrees, angst, gebrek aan urgentie, lethargie of instemming met Engel blijft de vraag.

Justitie wil en mag niet politiek opereren, maar als agitatoren als Engel of Baudet bewust de samenleving, tijdens notabene een gezondheidscrisis vanwege de COVID-19 pandemie, met misleiding, onwetenschappelijke kwakzalverij, leugens en insinuaties over gebruik van geweld ondermijnen dan is op een gegeven moment de maat vol. Agitatie kent grenzen. Dan dient Justitie in actie te komen vanwege de weerbaarheid van de democratie. Afwachten en niet ingrijpen is geen optie omdat een langzame zelfmoord van de samenleving ongewenst is.

In de VS is iets vergelijkbaars aan de hand. Er zijn volop aanwijzingen dat voormalig president Donald Trump de initiator en regisseur van de opstand van 6 januari 2021 is die een hoogtepunt vond in de bestorming van het Capitool. Het gebruik van geweld door de opstandelingen leidde tot de verwonding en dood van ordehandhavers. Ook in de VS blijft Justitie op de handen zitten en onderneemt niks tegen Trump die de democratie omver wilde werpen.

Nu is Willem Engel van een andere orde dan Donald Trump. Engel is een onruststoker in de marge zonder politieke macht. Zijn verdienmodel als voormalig dansleraar is flinterdun: opruien om er financieel, maatschappelijk en publicitair beter van te worden.

Het is de vraag of de aandacht die Engel nu krijgt door de aanklacht tegen hem uiteindelijk goed uitpakt. Het is een gok. Als Justitie krachtig ingrijpt, dan is de aanklacht zinvol. Als Justitie blijft aarzelen zoals het tot nu toe heeft gedaan, dan profiteert Engel en krijgt hij nog meer publiciteit.

Nogmaals, Justitie is onpartijdig en apolitiek. Dat moet zo blijven. Ook is de vrijheid van meningsuiting groot, maar niet onbeperkt. Dat zeggen de Grondwet en het het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Het is aan Justitie om achteraf de uitspraken en daden van Engel te toetsen. Daar vraagt de aanklacht om.

De aanklacht tekenen om Willem Engel te stoppen kan hier.

Huidige sociale medium platforms hebben volgens wetenschappers geen toekomst

Schermafbeelding van column ‘We should all know less about each other‘ van Michelle Goldberg in The New York Times van 1 november 2021. Overgenomen door The Salt Lake Tribune op 2 november 2021 en de papieren versie van The New York Times (International Edition), 4 november 2021.

Columniste van The New York Times Michelle Goldberg is in haar columnWe should all know less about each other‘ van 1 november 2021 somber over sociale media. Ze sluit haar betoog zo af: ‘Sure, there are ways of communicating over the internet that don’t promote animosity, but probably not with the platforms that are now dominant‘. Over de VS waar volgens haar op dit moment in de publieke opinie een ‘cold civil war‘ woedt zegt ze: ‘In a country descending into a perpetual state of screeching acrimony (In een land dat afdaalt in een voortdurende staat van krijsende bitterheid) we might be able to tolerate each other more if we heard from each other less‘.

Goldberg baseert zich op onderzoek en uitspraken van professor sociologie en openbaar beleid Christopher Bail aan de Duke University. Bail is directeur van het Polarization Lab dat met een interdisciplinair team bestudeert ‘hoe technologie politieke verdeeldheid versterkt’.

Goldberg verwijst naar Bails recente boekBreaking the Social Media Prism: How to Make Our Platforms Less Polarizing‘ (2021) dat gebaseerd is op een experiment. Het komt erop neer dat gebruikers van Twitter gedurende een maand geconfronteerd werden met uitingen van hun politieke opponenten. De aanname dat dit tot matiging zou leiden werd niet bevestigd. Niemand werd gematigder. Het omgekeerde gebeurde: Republikeinen die werden blootgesteld aan die tegengestelde tweets werden juist iets conservatiever en Democraten werden iets progressiever.

Dat ondermijnt het idee van sociale media waarover ooit werd gezegd dat ze mensen zouden verbinden zodat de wereld opener en humaner zou worden. De huidige platforms van sociale media bereiken het omgekeerde: ze verscherpen verschillen, vergroten wederzijdse haat en dat heeft de weerslag op de structurering van de politiek. Het is een Amerikaans fenomeen dat ook naar Nederland is overgeslagen.

De huidige kritiek op Facebook moet dan tweeledig bekeken worden. De leiding van Facebook heeft om commerciële redenen een beleid ontwikkeld met algoritmes waarin woede en minachting worden beloond en Facebook een motor is geworden die desinformatie verspreidt en brandstof geeft voor complottheorieën.

Dat komt bovenop de volgens Bail destructieve kracht van sociale media die per definitie verschillen aanscherpen en de wederzijds haat aanwakkeren. Alle artikelen die nu verschijnen over de herstructurering van Facebook die als kosmetisch wordt gezien gaan bijna uitsluitend voorbij aan dat fundamentele gebrek van Facebook. Ook als Mark Zuckerberg zijn beleid 180 graden draait en alle aanbevelingen van de critici volgt, dan nog zal Facebook een destructieve kracht blijven die samenleving en democratie beschadigt.

De oplossing om tot gezonde sociale media te komen of de ongezonde te vermijden is tweeledig. Of werken aan een zwaar gemodereerd sociaal medium zoals dat nu bestaat in Vermont: het kleine Front Porch Forum of afzien van de nu bestaande sociale media zodat we ons niet langer in hoge mate kunnen storen aan en opwinden over andere meningen.

Dat is een les voor Nederlandse overheidsinstellingen, bedrijven en organisaties die hun interactie met het publiek grotendeels naar de huidige platforms hebben verlegd. Dat is een doodlopende weg omdat de huidige platforms zich op een doodlopende weg bevinden. Vooral Nederlandse overheidsinstellingen, maar ook bijvoorbeeld de samenwerkende Nederlandse musea of podia zouden er verstandig aan doen om definitief afscheid van Facebook, Twitter en Instagram te nemen om in samenwerking hun eigen gezonde platforms te bouwen.

Het is een investering die nu geld, eigen initiatief en autonoom denken vergt, maar voor de lange termijn rendeert vanwege het bezit van de data en de eigen organisatie en samenleving maatschappelijk gezond maakt. En kan toegevoegd worden, de eigen organisatie minder afhankelijk maakt van de luimen van grote Amerikaanse techbedrijven die het uitsluitend om winst te doen is.

Apple en Google verwijderen Navalny’s app na druk Kremlin. Amerikaanse techbedrijven werken tegen de democratie in, maar worden door westerse landen niet aangepakt

Herinneren we ons nog de verhalen over de Arabische lente? De Amerikaanse techbedrijven als Twitter, Facebook, Apple en Google zouden de democratisering helpen doordat demonstranten zich meer dan tevoren konden organiseren via sociale media. De Arabische lente waar het inmiddels 10 jaar later winter is. Zelfs in het meest democratische Arabische land met de meeste persvrijheid Tunesië is het parlement opgeschort en heeft de pas gekozen president Kais Saied plannen om de grondwet bij te schaven.

Inmiddels hebben leiders van autoritaire regimes als Turkije, China, de Russische Federatie zich gewapend tegen de democratisering via internationale sociale media. Ze hebben de afgelopen 10 jaar Apple, Twitter, Facebook, Apple en Google en ander techbedrijven herhaaldelijk onder druk gezet. De wetmatigheid is dat de bedrijven om economische redenen inbinden. Ze staan niet aan de kant van de democratisering, maar aan de kant van de repressie.

Voor voorbeelden van techbedrijven die inbinden na druk van autoritaire regimes: Over Turkije, zie hier en hier en hier. Over India, zie hier. Over China, zie hier en hier.

Schrijnend is niet alleen dat Amerikaanse techbedrijven als Twitter, Facebook, Apple en Google zwichten voor politieke druk van Ankara, Beijing of Moskou, maar dat landen als China en de Russische Federatie zonder tegenstand van de techbedrijven de sociale media actief kunnen gebruiken om tweedracht en chaos te zaaien in democratische landen. Amerikaanse sociale media kunnen zo door kwaadwillenden probleemloos worden gebruikt voor het verspreiden van desinformatie en het zich als buitenstaander mengen in verkiezingscampagnes van landen. Officieel staat Facebook sinds 2019 zelfs desinformatie via politieke advertentie toe. Ondanks herhaalde kritiek daarop en talloze kritische onderzoeken door parlementaire commissies in de VS en het VK verandert er niks.

Het is geen incident, maar een wetmatigheid dat Apple en Google in de Russische Federatie zwichten voor druk van het Kremlin. Zelfs in de niet vrije verkiezingen waar de oppositie niet aan mag deelnemen en van uitgesloten is staat Poetins partij volgens de peilingen op niet meer dan 30%. Dat is een slechte prestatie van een partij die alle machtsmiddelen in eigen hand heeft, maar ondanks dat niet weet te overtuigen. De ‘Smart Vote’-app van Navalny’s organisatie die het stemmen coördineert tegen de kandidaten van Poetins partij ‘Verenigd Rusland’ is verwijderd.

We kunnen voor de zoveelste keer concluderen dat het de Amerikaanse techbedrijven om winstgevendheid en het paaien van de aandeelhouders te doen is. Om democratie geven ze alleen iets als dat hier toevallig mee in lijn is, maar niks als het daar haaks op staat. Apple, Google, Facebook en Twitter zijn koude bedrijven die steeds minder kunnen overtuigen dat ze zich iets gelegen laten liggen aan de democratie en weinig empathie hebben met de samenlevingen waarin ze zijn gevestigd.

Per saldo dienen de Amerikaanse techbedrijven de democratie niet, maar laten ze zich steeds meer kennen als actieve instrumenten om die te beschadigen. Het is een wonder waarom ze daar nog steeds weg mee kunnen komen en waarom westerse regeringen dat blijven tolereren en niet doortastend ingrijpen.

Desinformatie van Russische Federatie en China moet bestreden worden door breed pakket van maatregelen

Reporters Without Borders (RSF) is publishing a gallery of grim portraits, those of 37 heads of state or government who crack down massively on press freedom.’ RSF, 2 juli 2021.

Hoeveel soorten tegenstanders van vaccinatie zijn er eigenlijk? In grote lijnen twee soorten. Degenen die geloven dat vaccineren schadelijk, onnodig of deel van een complot is en degenen die daar niks van geloven, maar dat ongenoegen van anderen gebruiken voor hun politieke doelen. Deze laatste categorie is het meest interessant omdat die de argelozen een bepaalde richting opduwen. Zonder deze laatste categorie had de eerste categorie niet kunnen groeien.

Dat begint met de kleine krabbelaars die na een mislukte carrière als dansleraar, journalist of een misgelopen prestigieus hoogleraarschap de desinformatie als de enige mogelijkheid zien om op een parallelle manier carrière te maken. Of ze zelf geloven wat ze aan desinformatie verspreiden doet niet terzake. Het gaat erom dat ze dat geloofwaardig doen en degenen die ontevreden zijn en zich achtergesteld voelen overtuigend aanspreken.

Het eindigt met buitenlandse leiders als Vladimir Poetin en Xi Jinping die verdeeldheid in het Westen zaaien door inzet van hun sociale media die desinformatie verspreidt. Ze mengen zich in het publieke debat van die landen. Daarmee opereren ze schijnheilig omdat ze datzelfde buitenland op harde toon toespreken om zich niet met hun binnenlandse aangelegenheden te bemoeien. Want ‘Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet.’

Avaaz in de publicatieDeutschlands Desinformations-Dilemma 2021‘ en de Duitse publieke omroep ARD tonen in de documentaireDie geheimen Meinungsmacher‘ geloofwaardig aan dat deze buitenlandse actoren zich op de Duitse publieke opinie richten en allerlei soorten desinformatie met elkaar verbinden. Over vaccinatie en de COVID19-pandemie en de actuele politiek situatie, de landelijke verkiezingen van 26 september 2021.

Beide landen zaaien met hun sociale media ook desinformatie in de VS en andere Europese landen. De Russische Federatie heeft deze strategie van desinformatie de afgelopen jaren uitgebouwd en opereert al op een geavanceerd niveau. China verkeert nog in de planfase, maar gezien de economische macht van China en het voornemen om zich in de publieke opinie van de VS en EU te mengen, zal China naar verwachting de Russische Federatie de komende jaren voorbijstreven in slagkracht om het Westen te ondermijnen via inmenging in de publieke opinie.

Zo proberen landen als China en de Russische Federatie tamelijk succesvol een deel van de Westerse bevolking dat ontvankelijk is voor desinformatie hiermee blijvend te voeden. Hun doel is om dat maatschappelijke rafelrandje dat niet gelooft in wetenschap, journalistiek of politiek te vergroten. Van 10% tot 25%. De gewone malcontenten beseffen niet of onvoldoende dat ze pionnen in een geopolitiek schaakspel zijn.

Reporters Without Borders (RSF) urges everyone to beware of the global disinformation campaign about the coronavirus that Beijing has been orchestrating ever since the start of the pandemic‘. RSF, 15 december 2020.

Als dat bereikt is, dan wordt het geloof in democratie en het electorale proces door zo’n aanzienlijke groep malcontenten zodanig ondermijnt dat ermee de democratie op omvallen komt te staan.

Ze denken vanuit dwarsdenken of een idee van achterstelling tegen de gevestigde orde van hun land te zijn en beseffen niet of onvoldoende dat ze daardoor de vijanden steunen. De paradox is dat juist zij die ongeregeld protesteren tegen de maatregelen of het bestaan van de nationale overheid de eersten zouden zijn die in landen als China of de Russische Federatie opgepakt zouden worden om in een strafkamp te belanden. Want niets vrezen deze landen zo als ordeloosheid en chaos van onderop die ze niet kunnen controleren.

De strategie van China en de Russische Federatie is simpel. In het eigen land beperken ze de vrijheden van burgers en media zodat elk tegengeluid wordt gesmoord en buitenlanders niet kunnen doen wat China en de Russische Federatie in westerse landen doen. Dat is vrij schieten voor deze twee landen vanuit het idee dat de eigen basis is afgegrendeld voor opinievorming en de vrijheden van het Westen de zwakke onderbuik zijn om desinformatie te verspreiden.

China en de Russische Federatie zijn geen democratie en hebben geen vrije verkiezingen. Juist verkiezingen en machtswisselingen maken landen kwetsbaar, zodat het logisch is voor autoritaire landen om niet in zo’n kwetsbare positie te komen door verkiezingen af te schaffen. Het overlijden van een politieke leider in functie is nog het enige moment van kwetsbaarheid dat in autoritaire landen resteert. Daarom is het vanuit de logica van de autoritaire staat verstandig dat leiders niet blijven zitten tot hun dood, maat voortijdig aftreden. Maar omdat hun economische en politieke macht die zich uitstrekt tot de macht over krijgsmacht, politie en veiligheidsdiensten de ultieme garantie voor hun fysieke bestaan is, kunnen ze doorgaans niet voor hun dood aftreden.

Je kunt je alleen maar verbazen over de argeloosheid van de VS, de EU, VK, Canada, Australië, Japan, Zuid-Korea en nog enkele westerse landen over de ruimte die landen als China en de Russische Federatie in hun eigen publieke opinie hebben gekregen. En zoals gezegd, wat China betreft moet het ergste de komende jaren nog komen.

Er zijn verzachtende omstandigheden om het trage beleid van westerse regeringen te verklaren. Ze hebben uit gemakzucht en naïviteit hun publieke opinie grotendeels uitgeleverd aan Amerikaanse techbedrijven als Facebook, Twitter en Google. Omdat deze bedrijven hun journalistieke taak om desinformatie te bestrijden volstrekt ondermaats uitvoeren en ze er juridisch niet aan gehouden kunnen worden om dat wel te doen, menen de westerse regeringen dat ze geen instrumenten hebben om de desinformatie van buitenlandse actoren die hun democrate bedreigt te bestrijden.

Dat is het gebrek aan geloof in zichzelf die een verlammende invloed heeft. Begin 20ste eeuw hadden oliebedrijven een monopolie totdat anti-trust wetten daar een einde aan maakten. Dat is een kwestie van politieke wil. De techbedrijven zouden opgeknipt moeten worden in delen waar de nationale overheden weer macht over hebben.

Er wordt soms gezegd dat complot- of dwarsdenkers de realiteit niet meer van fantasie kunnen onderscheiden. Daarom laten ze zich leiden door rattenvangers als Donald Trump, Willem Engel, Karel van Wolferen of Russische propagandazenders en door de gevestigde media en publieke omroep die in hun streven naar evenwichtigheid, volledigheid en evenredigheid de grootste verspreiders van desinformatie zijn geworden.

Dat komt door de enerzijds-anderzijds journalistiek die altijd twee kanten van de medaille geeft, maar in een tijdperk van desinformatie de valkuil is geworden waar de journalistiek zelf in is gevallen. Dat soort journalistiek zit klem tussen de eigen gedragsregels en het effect daarvan dat tot het distribueren van desinformatie leidt. De gevestigde journalistiek trapt in de val die Russische en Chinese desinformatiecampagnes hebben gezet.

De journalistiek beseft dat, maar weet niet anders te handelen. Want de eigen professionele code kan het evenmin overboord gooien. Hetzelfde geldt voor de politiek die weet dat desinformatie van buitenlandse actoren alleen kan worden verspreid door de vrijheden in te perken die die actoren hun eigen burgers niet geven. Maar daarmee komt ook een einde aan de democratie zoals we die kennen.

Social media and the access it provides to voter data give Russian active measures the ability to influence the outcome of an election. Global Security Review, 10 juni 2019.

De enige remedie voor westerse landen is om te blijven signaleren wat er aan desinformatie verspreid wordt, die te ontzenuwen en aan het eigen publiek zakelijk uit te leggen wat er aan de hand is. De hardliners kunnen niet meer worden bereikt omdat ze zich mentaal en fysiek hebben opgesloten in hun eigen echokamers. Voor het voortbestaan van het geloof in de democratie is het van essentieel belang om de groei van het percentage complot- en dwarsdenkers tot stand te brengen. Twee maatregelen zouden daarbij kunnen helpen. Het opknippen van de techgiganten en ze weer onder controle van nationale overheden brengen En een herwaardering bij en bewustwording van de traditionele journalistiek om zo te gaan functioneren dat desinformatie niet meer ongeclausuleerd wordt doorgegeven.

De strijd tegen desinformatie is een strijd van lange adem. En het ergste moet nog komen als in de nabije toekomst China zich met volle kracht gaat bemoeien met de publieke opinie in westerse landen. Nodig is een integraal pakket dat maatregelen van mededinging (antitrust én wederkerigheid in de concurrentie met China), journalistiek, media-educatie, sociale politiek om de achtergestelden er weer bij te trekken en bewustwording van de politieke en economische klasse bevat om de desinformatie die de democratie van buitenaf en binnenuit bedreigt terug te dringen. Zie ook een voorstel met 10 aanbevelingen van Reporters Without Borders aan de EU.

Manipulatie van sociale media voor politieke campagnes gaat verder dan het inkopen van advertenties

Dit is een filmpje uit maart 2021 van Stand van Nederland. Uitgezonden door WNL dat zelf zegt een economisch onderzoeksprogramma te zijn. Maakt Stand van Nederland deze claim waar?

Op zoek naar programma’s die gaan over de manipulatie van sociale media door politieke partijen stuitte ik op YouTube bij toeval op dit filmpje. Het gaat niet over manipulatie, maar over de besteding van geld uit de partijkas voor het inkopen van advertenties op vooral Facebook, Instagram en YouTube. Het programma kijkt naar legale, reguliere uitgaven voor advertenties op sociale media en heeft het niet over illegale uitgaven en de manipulatie van sociale media.

Deze uitzending houdt het netjes en suggereert dat de politieke partijen dat ook doen. Maar is dat zo? Als deze partijen al zo geheimzinnig doen over het regulier inkopen van advertenties op sociale media voor hun campagnes, dan kun je aannemen dat ze nog veel geheimzinniger zullen doen over campagnes die bedoeld zijn om de sociale media te manipuleren en het daglicht niet mogen zien. Maar wat in hun zwarte doos zit weten we niet.

Het is bekend dat het Brits-Amerikaanse bedrijf Cambridge Analytica (CA), waarin de radicaal-rechtse, pro-Trump miljardair Robert Mercer een vinger in de pap had, een doorslaggevende rol speelde bij de campagne voor de Brexit en de verkiezing van Trump, beide in 2016. De expertise bestond eruit dat het data-analyse en micro-targeting van kiezers gebruikte voor politieke campagnes. CA deelde kiezers op in aparte doelgroepen en gaf deze per groep via sociale media specifieke, onjuiste fake berichten die succesvol waren omdat ze via negatieve berichtgeving van een bepaalde mening los werden geweekt en gekoppeld werden aan een andere mening.

Omdat deze manipulatie van kiezers over een ethische grens ging en tot een schandaal leidde werd CA in 2018 failliet verklaard en hield op te bestaan. Daarmee is echter geenszins gezegd dat de methoden van CA niet meer gebruikt worden. Integendeel, de medewerkers van CA hebben zich verspreid en hebben in diverse vooral in Londen gevestigde PR-bedrijven een doorstart gemaakt. Noem het post-CA. De reportageWahlkampf undercover‘ van de Duitse publieke omroep ARD toont aan hoe makkelijk het is om een vuile campagne in te kopen. Bij New Century Media kost dat 800.000 euro. CEO Thomas Borwick van Kanto Systems was eerder werkzaam bij CA en AggregateIQ.

De techniek van micro-targeting voor politieke campagnes die bij de opvolgers van CA aanwezig zijn en tot de toentertijd hoogst onwaarschijnlijk geachte pro-Leave Brexit en verkiezing van Trump leidde wordt ingehuurd door politieke partijen, bedrijven en autoritaire regimes, zoals de Russische Federatie, China, Jordanië of Saoedi-Arabië. Want micro-targeting kan niet alleen gebruikt worden om politieke meningen te beïnvloeden en zo een campagne te winnen, maar ook om degenen die die mening hebben in kaart te brengen, op te sporen en te neutraliseren.

In het onder leiding van de Amsterdamse hoogleraar Robert Rogers in 2019 verschenen rapport Politieke en Sociale Media Manipulatie constateerden de onderzoekers geen aanwijzingen te hebben dat er voor de Provinciale Staten- en Europese parlementsverkiezingen van 2019 buitenlandse desinformatiecampagne of nep-actiegroepen waren gevonden. Dat wil praktisch zeggen dat er in Nederland toen geen gebruik werd gemaakt van post-CA PR-bedrijven voor manipulatie van sociale media, maar laat theoretisch die optie toch open. De aanbieders van deze manipulatieve middelen bleven dus buiten beeld.

Nu we twee jaar verder zijn kan het van belang zijn om opnieuw de vraag te stellen door het verbreden van de onderzoeksvraag of Nederlandse politieke partijen in zee gaan met post-CA bedrijven. Wellicht niet met de dure en prestigieuze PR-bedrijven in Londen die een directe doorstart van CA zijn, maar met bedrijven die de technische middelen inmiddels ook tot hun beschikking hebben en voor kleinere politieke partijen betaalbaar zijn. Het zou van belang zijn om dat te onderzoeken voor de Tweede Kamer verkiezingen van maart 2021 die een veelheid aan kleine, succesvolle partijen opleverde.

Terug bij de Stand van Nederland geeft deze korte uitleg aan dat dit programma het meest interessante en het moeilijkst te achterhalen gebruik van sociale media laat liggen. Het programma geeft een aanzet en laat het erbij. Zo kan bij de kijker zelfs het beeld ontstaan dat dat alles is. Zo gaat informatie vermoedelijk onbedoeld over in desinformatie. Dat kan niet de ambitie zijn van een programma dat zich een onderzoeksprogramma noemt.

Een update van deze uitzending zou eruit kunnen bestaan dat bekeken wordt in hoeverre Nederlandse politieke partijen expertise inkopen voor de manipulatie van sociale media door verspreiding van fake news bij bedrijven die een doorstart van CA zijn. In het verlengde daarvan kan aan politici en bestuurders worden gevraagd of het niet de hoogste tijd is dat Nederlandse politieke partijen collectief een convenant ondertekenen waarin ze verklaren dat ze geen gebruik maken van deze inzet van fake news op sociale media door inhuur van post-CA expertise. Op z’n minst zou hier een debat tussen partijen over opgestart moeten worden. Veelzeggend kan het zijn als partijen weigeren hun handtekening onder zo’n convenant te zetten.

Hermitage gaat NFT’s van werken uit collectie vermarkten. Hoe gaat deze ontwikkeling de museumsector veranderen?

Schermafbeelding van deel artikel Van Gogh op de blockchain? Bitcoin (BTC) exchange Binance en Russisch museum gaan het doen!‘ op crypto-insiders.nl, 28 juli 2021.

Binance NFT geeft (vertaald) de volgende definitie van een NFT: ‘Een non-fungible token (NFT) is een cryptografisch token dat een uniek bezit vertegenwoordigt. Ze fungeren als verifieerbare bewijzen van authenticiteit en eigendom binnen een blockchain-netwerk. NFT’s zijn niet onderling uitwisselbaar en introduceren schaarste in de digitale wereld.’ Binance NFT is een marktplaats waar NFT’s worden verhandeld.

Een NFT is handel. En winst voor de aanbieders. Dat zijn niet alleen bedrijven die in unieke cryptografische tokens (zeg: identificatie- of authenticatiemiddel) handelen, maar ook voor musea die het beeldrecht van de afbeelding hebben dat in een NFT wordt omgezet. Dat opent mogelijkheden voor musea om te cashen op de eigen collectie, terwijl het originele kunstobject niet verkocht hoeft te worden. Dat is een win/win-situatie, zo lijkt het.

Crypto-insiders.nl brengt het nieuws dat Binance NFT samenwerking heeft gezocht met het Russische Hermitage Museum in Sint-Petersburg. Binance NFT kondigt in een verklaring van 26 juli 2021 aan dat het eind augustus op de eigen marktplaats NFT’s van het werk van Leonardo da Vinci, Giorgione, Vincent van Gogh, Vassily Kandinsky en Claude Monet uit de collectie van de Hermitage zal verkopen. Van elke twee exemplaren van hetzelfde werk gaat er een naar de koper en blijft de andere NFT in de collectie van het museum.

Schermafbeelding van deel artikelBinance NFT Marketplace to Feature Tokenized Art, Including Leonardo da Vinci, from The State Hermitage Museum‘ van Binance, 26 juli 2021.

Directeur Mikhail Piotrovski ondertekent niet alleen de beperkte reeks NFT’s, maar creëert volgens de uitleg van Binance NFT ‘ook een onafhankelijk werk door zijn handtekening, datum en exacte tijd van ondertekening toe te passen, waardoor ze absolute uniciteit kregen, vereeuwigd in de blockchain’. Ofwel, de handtekening van de kunstenaar wordt vervangen door de handtekening van de huidige directeur van de Hermitage.

Of dit een ontwikkeling is die uitsluitend gunstig is voor musea valt te bezien. Ze lijken weliswaar een nieuwe geldbron aan te boren, maar de vraag is hoe groot deze markt is als vele internationale musea als aanbieders gaan optreden. Ze worden dan elkaar concurrenten in het aanbieden van NFT’s. Ook is het denkbaar dat sponsors en overheden die musea helpen financieren deze nieuwe ontwikkeling als argument zien om zich terug te trekken uit de museumsector.

Het gaat vooral om kunstmusea die iconische schilderijen van oude en moderne meesters in hun collecties hebben die ze in de vorm van NFT’s kunnen vermarkten. Dat geldt voor Nederland wellicht voor de 20 belangrijkste kunstmusea, van het Rijksmuseum tot het Dordrechts Museum. Hedendaagse kunst lijkt lastiger in de markt te liggen.

Zo dreigt er een tweedeling binnen de museumsector indien deze tendens van de verkoop van NFT’s doorzet en belangrijk wordt. Musea met in hun collectie iconische schilderijen van oude en moderne meesters kunnen veel geld uit de markt gaan halen door de verkoop van NFT’s. Maar kunstmusea die gericht zijn op laat-20ste eeuwse en 21ste eeuwse kunst zonder accent op een schilderijencollectie of niet-kunstmusea missen die mogelijkheid omdat ze minder aantrekkelijk zijn voor de kopers van en handelaren in NFT’s. Dat kan een nieuw evenwicht binnen de museumsector scheppen, waarbij musea die nu al veel inkomsten hebben nog rijker zullen worden.

Hoe een en ander door de opkomst van NFT’s financieel uitpakt valt lastig te voorspellen, maar denkbaar is dat de landelijke overheid de steun zal gaan verleggen van musea die NFT’s kunnen verkopen naar musea die daartoe niet in staat zijn.

Overigens zou de verkoop van NFT’s door initiatief van het deel van de gemeentepolitiek dat weinig opheeft met kunst en musea de lokale politiek op de gedachte kunnen brengen dat het mee wil delen in de opbrengst van de verkoop van NFT’s. Want in Nederland zijn collecties van geprivatiseerde musea eigendom van gemeenten. Museum de Fundatie is de uitzondering. Het zou verstandig zijn als de Museumvereniging zo snel mogelijk met de leidende kunstmusea hierover een standpunt bepaalt en een strategie ontwikkelt om de opbrengst van de NFT’s exclusief voor de museumsector te behouden. Denkbaar is ook dat musea samen met de Museumvereniging een fonds oprichten dat door de leidende kunstmusea gevuld wordt met de opbrengst van de verkoop van NFT’s waar musea die die mogelijkheid missen een beroep op kunnen doen.

Directeur Piotrovski heeft het laatste woord. Is het wensdenken, luchtfietserij, een verkooppraatje of een realiteit die hij schetst? Hoe dan ook lijkt de museumsector door de verkoop van NFT’s te gaan veranderen. De beer is los. Hoe de verandering eruit zal zien valt nu lastig te voorspellen. Mogelijk duurt het nog jaren voordat het zich doet voelen, maar enige mate van verandering lijkt onvermijdelijk. Daarom doet de museumsector er verstandig aan zich er nu al op voor te bereiden. In het bericht van Binance NFT zegt directeur Piotrovski:

'Nieuwe technologieën, met name blockchain, hebben een nieuw hoofdstuk geopend in de ontwikkeling van de kunstmarkt, geleid door het eigendom en de garantie van dit eigendom. Dit is een belangrijke fase in de ontwikkeling van de relatie tussen persoon en geld, persoon en object. NFT creëert op deze manier democratie, maakt luxe toegankelijker, maar tegelijkertijd uitzonderlijk en exclusief. We zullen andere mogelijkheden uitbreiden, met name digitale, die de collecties en het paleis [het gebouw] erin zullen betrekken. We gaan nieuwe experimenten bouwen op basis van nieuwe technologieën.'