Hoe instabiel is de Christen Unie? Segers dreigt wegens wet voltooid leven nu al uit kabinet te stappen dat nog niet eens geïnstalleerd is

Mijn reactie bij de video Segers blijft erbij: kabinet met ChristenUnie zal voltooid leven niet uitvoeren‘ van WNL, 17 december 2021:

In hemelsnaam, de Christen Unie legt al een bom onder het kabinet Rutte-Kaag voordat het geïnstalleerd is. Dat is het tegendeel van stabiliteit. 

Het lijkt er sterk op dat deze kleinste partner niet thuishoort in dit kabinet waar het door CDA en VVD tegen alle logica in in werd geloodst en dat fractieleider Segers onvoldoende beseft dat zijn partij getalsmatig nauwelijks meetelt. 

Twee christelijke partijen in het kabinet Rutte IV is te veel van het goede en een slechte representatie van het huidige Nederland. Ze staan met hun rug naar de toekomst. Religieuze getuigenispolitiek is iets van het verleden. Daarom is het nu al aangekondige opstappen van de Christen Unie uit dit kabinet voor Nederland een zegen in vermomming.

Als de Christen Unie uit het kabinet stapt omdat het z’n zin niet krijgt in het blokkeren van de wet over voltooid leven, dan laat de Christen Unie zich kennen als de nieuwe PVV die in 2012 mokkend uit het kabinet Rutte I stapte. Door deze stap zal de Christen Unie de eigen overbodigheid benadrukken.

Het weggelopen Christen Unie kan voor wat de meerderheid in de Tweede Kamer betreft vervangen worden door de sociaal-democratische PvdA (als die de band met GroenLinks niet als voorwaarde blijft stellen) of VOLT. Het beste zou zijn als de Christen Unie nu al uit de onderhandelingen stapt. 

Want een Christen Unie die zo hoog van de toren blaast en leidt aan zelfoverschatting is niet de nieuwe politiek die Nederland nodig heeft. Het is geneuzel en geleuter van Segers die zijn eigen partij in de publiciteit probeert op te pimpen ten koste van de samenwerking met VVD, D66 en CDA. Waarin een kleine partij klein kan zijn.

Moties roepen op om geen diplomatieke afvaardiging naar WK Voetbal Qatar en Winterspelen China te sturen. Regering weigert en kiest stelling tegenover kamer

Schermafbeelding van deel artikelKabinet ziet boycot van WK voetbal in Qatar niet zitten‘ in De Telegraaf, 18 november 2021.

De regering-Biden overweegt om vanwege de mensenrechten geen diplomatieke afvaardiging naar de komende Olympische Winterspelen in China te sturen. Aldus een bericht van Politico van 18 november 2021. Dit speelt tegen de achtergrond van een relatie tussen de VS en China die tijdens de regering Trump verslechterd is. De Winterspelen vinden vanaf 4 februari 2022 plaats in Peking.

De regering Biden spreekt over ‘de genocide op religieuze minderheden in Xinjiang’. Het Canadese Lagerhuis steunde in februari 2021 een motie die zegt dat de behandeling van de Oeigoeren genocide is. De Nederlandse regering noemde het toen geen genocide, maar ‘grootschalige mensenrechtenschendingen tegen Oeigoeren‘.

Dat zou Nederland ook kunnen doen door geen ministers, premier of staatshoofd die deel van de regering uitmaakt te sturen naar de Winterspelen in China.

Hetzelfde is een optie voor het WK Voetbal in Qatar. Wel sporters sturen, maar geen diplomatieke afvaardiging namens Nederland. In februari 2021 nam een meerderheid van de Tweede Kamer een motie van SP-Kamerlid Sadet Karabulut aan met alleen VVD, CDA en FVD tegen die oproept om geen diplomatieke afvaardiging naar Qatar te sturen, aldus een bericht in De Telegraaf. Het gaat niet om een boycot, want dan zou Nederland geen sporters sturen, maar om het niet sturen van een diplomatieke afvaardiging.

In antwoord op een vervolgmotie van maart 2021 antwoordde het kabinet op 21 mei 2021 dat dit nog niet aan de orde was omdat Nederland zich nog niet had gekwalificeerd en dat pas in november 2021 duidelijk werd. Welnu, deze week heeft het Nederlandse elftal zich door een zege op Noorwegen geplaatst voor het WK in Qatar.

De schendingen van de mensenrechten in China zijn veel groter dan in Qatar en vinden op industriële schaal. Van de andere kant is de economische en politieke macht van China groter dan van Qatar.

Pas op 18 november 2021 dienden D66, GL en CU een motie in die de regering oproept om vanwege de mensenrechten geen diplomatieke afvaardiging naar de Winterspelen in China te sturen. Beide moties lijken samen te hangen.

Motie van het lid Sjoerdsma c.s. over geen regeringsafvaardiging naar de Olympische Winterspelen sturen. Ingediend 18 november 2021.

Of de motie van Sjoerdsma c.s. over China wordt aangenomen staat nog niet vast, maar is wel waarschijnlijk. Dan is het echter nog niet zeker of de regering die motie uitvoert. Het weigert evenmin de motie van Sadet Karabulut over Qatar uit te voeren. Toenmalig minister van Buitenlandse Zaken Stef Blok kondigde dat in zijn antwoord van mei 2021 aan.

Dit is des te merkwaardiger omdat het over het functioneren van de regering gaat en de grenzen die daar aan gesteld worden door de Kamer. Het Kamer heeft daarover het laatste woord, maar de demissionaire minister van Buitenlandse Zaken Ben Knapen (CDA) legt in navolging van Blok en na plaatsing van het Nederlands elftal de motie Karabulut naast zich neer en noemt volgen het bericht in De Telegraaf het uitvoeren ervan een symbolisch gebaar. Dat gaat dus over moderne slavernij van arbeidsmigranten. Hij verantwoordt dat zo: ‘Ik vind het te kort door de bocht om nu als een soort protestgebaar te zeggen, ‘we blijven weg’.

Dat is op zijn beurt te kort door de bocht van minister Knapen. Hij geeft zowel een verkeerde beschrijving van de situatie in Qatar als een misleidende beschrijving van de motie Karabulut. Die roept niet op dat ‘we‘ wegblijven, maar ‘geen afvaardiging van de regering te sturen naar het WK in Qatar en hierover in overleg te gaan met andere landen‘. De motie roept niet op dat de sporters wegblijven.

SP-Kamerlid Jasper van Dijk vindt het naast zich neerleggen van de motie Karabulut schoffering van de Tweede Kamer. Van Dijk: ‘Het zou zeer ongepast zijn als onze koning gezellig in een skybox gaat staan borrelen met de autoriteiten van Qatar. Zo lang werknemers worden uitgebuit moeten we dat voorkomen.’

Dat is een echo en voorafschaduwing van de kritiek die koning Willem-Alexander in februari 2014 kreeg toen hij tegen alle protesten in vanwege de schending van de homorechten door het Kremlin van het kabinet de Winterspelen in Sochi mocht bezoeken en met president Poetin een biertje dronk. Anders landen schaalden toen hun diplomatieke afvaardiging af, maar Nederland weigerde dat. Het RD formuleerde dat toen in een subliem redactioneel zo: ‘Het gedrag van onze koning in Sotsji was niet wijs en niet waardig‘. De kans bestaat dat de koning dat in Qatar of Peking herhaalt.

Om koning Willem-Alexander tegen zijn eigen hysterie te beschermen is het alleen al gewenst om de beide moties over Qatar en China (mits die aangenomen wordt) uit te voeren. Zodat hij zich niet net als in Sochi 2014 opnieuw aan kan stellen als een kleine jongen en controversiële bestuurders van het ontvangende land legitimeert door ze te ontmoeten en een persmoment te gunnen voor hun propaganda. Dat komt naast de afkeuring over de behandeling van minderheden en arbeidsmigranten en de toepassing van de mensenrechten in beide landen.

Het kabinet doet er verstandig aan om in Europees verband te opereren en steun te zoeken voor het niet sturen van een diplomatieke afvaardiging naar de Winterspelen in China en het Wereldkampioenschap Voetbal in Qatar. Het gaat om de sport en daarom is het gewenst dat sporters en sportbestuurders de aandacht krijgen zonder dat een staatshoofd, premier of minister daar pontificaal voor gaat staan.

Er zijn voldoende mogelijkheden, plekken en gremia om de diplomatieke relaties met beide landen te onderhouden. Dat hoeft niet tijdens een sporttoernooi te gebeuren. Minister Knapen mist de essentie als hij zegt dat het wegblijven van de regering een symbolisch gebaar is. Het is andersom, de diplomatieke afvaardiging naar zo’n sporttoernooi is een symbolisch gebaar.

Malaise in alle politieke partijen van Nederland

Person wearing a mask made by W.T. Benda, 1925. Collectie: Library of Congress.

Hoe kan het toch dat de Nederlandse politieke partijen hun potentieel niet benutten en het zo slecht doen? Zowel in strategisch als organisatorisch opzicht. Wat is er aan de hand met de Nederlandse politiek partijen? Niemand weet er nog enthousiasme voor op te brengen.

Opvallend is dat geen enkel deel van het politieke spectrum zich aan de malaise onttrekt. Links, rechts en centrum blunderen op hun eigen karakteristieke wijze. Hoe valt dat te verklaren?

Links zit zonder ideeën en bevindt zich in een geestelijk niemandsland. Maar ook strategisch opereert links onverstandig. Het vertrek van GL-kamerlid Bart Snels spreekt boekdelen. Hij was tegen hechte samenwerking of zelfs fusie met de PvdA. Snels koerste af op een kabinet VVD, D66, CDA en GL zoals Jos Heymans voor RTL Nieuws betoogt, maar kreeg hiervoor geen steun binnen zijn partij. Partijleider Jesse Klaver radicaliseerde en zette zich hiermee buitenspel.

Binnen de SP lijkt het omgekeerde te spelen. De partijleiding gaat de meer radicale elementen die lid zijn van de jongerenorganisatie ROOD of het ideeënplatform Marxistisch Forum uit de partij zetten. Niet als individuen, maar als groep. Met als gevolg dat lokale afdelingen zoals Utrecht uit elkaar dreigen te vallen. Chris Aalberts voor TPO die bekend staat als Baudet-watcher herkent in de chaos en het ondemocratisch gedrag van de partijleiding van de SP het patroon dat hij kent van FvD.

De PvdA is de partij met de minste ideeën omdat de partij gewoonweg niet weet wat de eigen identiteit is, waar het zich bevindt en welke kant het op moet gaan. Partijleider Ploumen is inspiratieloos en koos de vlucht vooruit in samenwerking met GL om een idee van daadkracht te suggereren. GL en SP hebben nog een zeker profiel in respectievelijk duurzaamheid en zorg, maar zelfs dat unieke verkooppunt mist de PvdA.

Rechts is negatief, radicaliseert en fragmenteert. FvD weet met partijleider Baudet niet te kiezen tussen het inzetten op partijpolitiek of op metapolitiek. Dat laatste betekent in navolging van het Franse en Duitse Nieuw Rechts van de jaren 1960 en 1970 het willen beïnvloeden van de cultuur en de publieke opinie zonder partijpolitieke activiteiten. De tragiek van partijleider Thierry Baudet lijkt dat hij zowel de intellectuele bagage mist om succesvol metapolitiek te bedrijven als het talent voor het politieke handwerk ontbeert. Daarom blijft hij sinds zijn Uil van Minerva-toespraak in 2019 waar hij duidelijk inzette op metapolitiek zwalken tussen de twee posities zonder dat zijn partij hem nog begrijpt en kan volgen.

De PVV is redelijk stabiel en relatief onkwetsbaar omdat het een partijorganisatie mist. Maar dat laatste wat een sterkte lijkt is tevens een zwakte omdat het een grens aan de groei stelt. In de schaduw van partijleider Geert Wilders kan niemand groeien. Hij speelt op veilig en lijkt door zijn voorzichtige aanpak minder te radicaliseren dan de andere rechtse partijen, maar Wilders’ professionalisme heeft als nadeel dat het resulteert in korte termijn denken en de partij een strategie voor de toekomst mist.

Rechtse splinters als JA21 met Joost Eerdmans en Wybren van Haga’s BVNL hebben onvoldoende aantrekkingskracht voor de kiezer. Het opportunisme van de leiders die van partij naar partij hoppen is zelfs voor de rechtse kiezer ongeloofwaardig. Types als Van Haga en Eerdmans zijn voorbeelden van baantjesjagers. Het opportunisme strookt niet met hun aanschoppen tegen de politiek omdat hun CV daar haaks op staat.

In het Centrum presteert de VVD goed dankzij de electorale aantrekkingskracht en positie van premier Mark Rutte. dat is overigens de achilleshiel van de VVD. Hoe gaat het verder na Rutte? Rutte heeft veel in moeten leveren aan statuur. De vlotheid van Rutte om zowel met links als rechts te kunnen samenwerken heeft twee nadelen. Het wordt steeds meer uitgelegd als oppervlakkigheid, gebrek aan ideeën en zelfs het ontbreken van politieke ruggengraat. Dat werd duidelijk toen in de formatie onder druk van het CDA de samenwerking met links, zonder dat het tot gesprekken kwam, werd geblokkeerd. Zo is in de beeldvorming de vlotte flexibiliteit van Rutte veranderd in stugheid.

Het CDA verkeert in chaos en in een identiteitscrisis. Een teken daarvan is dat kamerlid Pieter Omtzigt uit de partij is gestapt. Partijleider Hoekstra komt over als bekwaam, maar ook als kil, afstandelijk en weinig christelijk. Hij lijkt geen handige politicus die steun kan werven voor de standpunten van zijn partij. Is het wel zo duidelijk dat de partij naar het midden koerst en afstand heeft genomen van de rechtse koers van vorige partijleiders? De kiezersgunst toont een dramatische teruggang.

D66 had in Rob Jetten een bekwame partijleider, maar de partij wilde meer en koos voor Sigrid Kaag omdat die hoger zou kunnen stijgen. Tot en met het premierschap zoals de partij dacht. Maar Kaag is geen handige politicus en het team dat haar omringt lijkt te veel te willen. D66 denkt van zichzelf dat het groter en invloedrijker is dan het echt is. Eén goede verkiezingsuitslag is te weinig en moet niet overmoedig, maar nederig maken om het resultaat te kunnen verzilveren. Daarbij komt dat D66 een partij is die voor veel kiezers een tweede keuze is. Als de partij aan momentum verliest, dan daalt het ook gelijk flink omdat de partij geen sterk gedachtengoed heeft dat als een buffer voldoende kiezers kan vasthouden.

Inuit met masker.

Dit overzicht over links, rechts en centrum leidt tot de conclusie dat de Nederlandse politieke partijen slecht in vorm zijn en eigenlijk allen in zekere mate in een identiteitscrisis verkeren. Ze leven niet naar de kompas van hun politieke gedachtengoed of hebben dat nooit gedaan en al geruime tijd ingewisseld voor opiniepanels die de koers bepalen. Dat leidt tot een ratjetoe aan opzetjes die niet met elkaar samenhangen. Dat is niet het programma van een politieke partij die de macht wil delen om eigen ideeën te realiseren, maar het staketsel van een marketingbureau. Fragmentatie heeft geleid tot 19 partijen of afsplitsingen in de Tweede Kamer en dat leidt weer tot het hard bestrijden van concurrenten die vechten om schaarse zetels.

Als partijleiders het zelfvertrouwen missen om samen te werken en door hun partij ertoe worden gedwongen om steeds maar weer de eigen positie in de marketing te benadrukken, dan is politiek geen politiek meer, maar het zonder op adem te kunnen komen presenteren van een lege huls waarvan de inhoud ontbreekt. De schijn is het idee geworden.

Evangelische Hans Maat wil uitzonderingssituatie voor gebedshuizen bij bestrijding van COVID-19 oprekken voor evenementen

Schermafbeelding van deel artikelHans Maat: Er is veel meer mogelijk als ‘religieuze samenkomst’ op Groot Nieuws Radio, 28 september 2021.

Het is de krankzinnigheid van een kapot en onevenwichtig systeem van maatregelen om de COVID-19 pandemie te bestrijden dat door het kabinet Rutte III op de rails is gezet.

Een opportunistische gelovige trekt daar de consequentie uit. Hans Maat van het Evangelisch Werkverband roept zijn achterban op om creatief om te gaan met de ruimte die de overheid biedt aan kerken. Zo wil hij de coronatoegangspas omzeilen. Groot Nieuws Radio doet verslag.

Gebedshuizen hoeven niet te voldoen aan de voorwaarden die de regering bij de bestrijding van COVID-19 aan bedrijven en organisaties stelt. Zoals het tonen van een coronatoegangspas waar ze van zijn vrijgesteld. Die uitzondering is bedoeld voor de kerntaken van gebedshuizen, zoals het houden van de eredienst of bijbelstudie. Dat wordt door de rijksoverheid geformuleerd als ‘voor uw geloof of levensovertuiging‘. Het is volgens de overheid niet bedoeld voor het houden van evenementen in een gebedshuis, zoals een concert of voorstelling.

Deel van informatieNaar de kerk, moskee, synagoge of ander gebedshuis‘ van de Rijksoverheid.

Hans Maat heeft daar lak aan. Hij wil het voorrecht dat volgens velen ten onrechte is toegekend aan religieuze organisaties nog eens extra oprekken door het van toepassing te laten zijn op concerten en voorstellingen. Hij is zo brutaal om dat creativiteit te noemen.

Maat redeneert dat het voorrecht dat geldt in een gebedshuis voor de eredienst ook van toepassing kan zijn voor evenementen die niets met geloof te maken hebben. Hiermee rekt hij de uitzonderingssituatie voor gebedshuizen oneigenlijk op.

Maats stelling dat kerken in coronatijd grondwettelijk gezien een uitzonderingspositie hebben, vanwege de vrijheid van godsdienst, wordt niet door alle grondwetsdeskundigen gedeeld. Het is namelijk de vraag of de beperking in dat wetsartikel ‘behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet‘ wel geldt en de uitzonderingssituatie billijkt.

Het lijkt eerder een partijpolitieke dan een juridische of grondwettelijke omstandigheid die heeft geleid tot de uitzonderingssituatie voor gebedshuizen waar het geloof en levensovertuiging betreft. Daarom is het de vraag hoe geldig Maats betoog is dat hier juridisch op voortborduurt.

Het viel te verwachten dat iemand uit religieuze hoek zo onbeschaamd zou zijn om de eigen voorrechten nog een extra op te rekken. D66-er Hans Gruijters zei ooit dat hij altijd zijn vingers natelde als hij een christen-democraat een hand had gegeven. Het was voorspelbaar dat iemand de uitzonderingssituatie voor gebedshuizen zou aangrijpen om die verder te verbreden. Het had iedereen uit die kring kunnen zijn.

Het is het kabinet dat willens en wetens deze ongelijkheid heeft gecreëerd en de sluiproute die Maat nu voorstelt om te gaan bewandelen niet heeft afgesloten, maar heeft opengesteld.

Wellicht leidt dat tot de kwinkslag dat Maat geen maat kent, maar feitelijk is dat niet de kern van deze kwestie. Het gaat erom het het kabinet dit heeft toegestaan door een ruime interpretatie van de vrijheid van godsdienst. De echte kwinkslag is dat het kabinet Rutte III ondermaats heeft gehandeld. Het is de verdienste van Maat dat hij dat aantoont en zo het kabinet als ondoordacht te kijk zet. Met zijn voorstel om de uitzondering voor kerken op te rekken loopt Maat de kans zijn eigen zaak te schaden en het omgekeerde te bereiken van wat hij beoogt. Hij vestigt de aandacht op een ongelijkheid die slecht verdedigbaar is.

Nederlandse politiek? Ik ben er helemaal klaar mee!

Schermafbeelding van deel artikelDoorbraak in formatie: D66 wil over oude coalitie met VVD, CDA en CU onderhandelen‘ op Nu.nl, 30 september 2021.

Om me te voegen in hedendaags jargon: ‘Ik ben er helemaal klaar mee‘. Natuurlijk niet echt, maar het klinkt stoer om dat te kunnen zeggen. COVID-19? ‘Ik ben er helemaal klaar mee‘. De woningnood? ‘Ik ben er helemaal klaar mee‘. Stijgende gasprijzen? ‘Ik ben er helemaal klaar mee‘. Iemand zal nou nooit eens zeggen: ‘Mezelf? Ik ben er helemaal klaar mee‘. Masochisten en pathologische leugenaars uitgezonderd.

Net als vele Nederlanders ben ik oprecht klaar met de huidige generatie politici. Ze gedragen zich als kleuters die niet verder kunnen kijken dan het eind van hun eigen zandbak. Sommigen zeggen nu dat ze zich schamen, maar nog steeds handelen ze daar niet naar. Deze generatie politici zou uit de politiek verbannen moeten worden wegens wanprestatie. Ze hebben contractbreuk gepleegd. Maar zo’n rigoureuze ingreep is onhaalbaar en onwerkbaar.

Nu richt het zichtbare ongenoegen zich op D66 dat op het oog onbegrijpelijk heeft gehandeld. Eerst de CU blokkeren om die vervolgens te deblokkeren. Als dat nog op te vatten viel als een methode om de eigen positie in de onderhandelingen te versterken viel dat nog te billijken. Maar D66 heeft publicitair alleen maar schade geleden en is hier verzwakt uitgekomen.

Op de onzichtbare achtergrond is het niet minder onbegrijpelijk waarom CDA en VVD elkaar tot nu toe hebben weten vast te houden en PvdA en GroenLinks samen hebben weten te blokkeren. CDA-leider Hoekstra excelleerde in de publieke opinie maandenlang in nietszeggendheid terwijl zijn partij uit elkaar viel en aan invloed verloor. Het is het wonder van deze informatie waarom premier Rutte hierin tot aan het einde meeging en waarom zowel D66 als PvdA en GroenLinks die eenheid van CDA en VVD niet hebben weten te doorbreken.

Nu richt het ongenoegen zich op D66. Dat heeft ook wel wat uit te leggen. Is het de onervarenheid van partijleider Kaag en haar team dat bij tijd en wijle onhandig opereerde in een vreemde combinatie van overschreeuwen zonder een aansluitende nabehandeling of is het de tragiek van de tweede partij die te groot is voor een servet, maar te klein voor een tafellaken?

Strategisch was het voor D66 logischer geweest en beter uit te leggen aan de kiezers als het zich vanaf het begin had verbonden met PvdA en GroenLinks. Nu gaf D66 een dubbel signaal af. Enerzijds zat het als junior partner aan tafel met de VVD en schreef mee aan een concept regeerakkoord, anderzijds maakte het zich sterk voor deelname van de PvdA en GroenLinks aan een kabinet. Dat kon niet allebei.

Net als nu de Groenen en de FDP in Duitsland had D66 het moeten omdraaien door eerst een progressief akkoord met de PvdA en GroenLinks te formuleren om pas daarna met de VVD en het CDA aan tafel te gaan zitten. Dat had in elk geval iedereen begrepen omdat het eenduidig was. Als D66 niet zover had willen gaan, dan had het zich niet zo ferm moeten identificeren met beide linkse partijen. Het beeld dat nu blijft hangen is wispelturige halfslachtigheid van D66. Met als gevolg dat niemand tevreden is en iedereen D66 deels ten onrechte een gebrek aan standvastigheid verwijt.

In een reactie bij een artikel op nu.nl verwoordde ik mijn reactie zo:

Er hangt voortzetting van het huidige kabinet in de lucht. Dat roept dat de vraag op naar het opereren van de partijleiding van D66. Want de blokkade door de rechtse partijen CDA en VVD van de linkse partijen PvdA/GroenLinks is niet doorbroken en de CU zit weer aan tafel.

Als Rutte IV een voortzetting wordt van Rutte III, dan zijn de onderhandelingen terug bij af.

Had D66 slechte kaarten of heeft het de kaarten die het had slecht uitgespeeld? Als dat laatste het geval is, waar het op lijkt, dan is er introspectie in de partijleiding van D66 nodig.

Misschien had de partij enkele maanden geleden uit de onderhandelingen moeten stappen. Zodat het zich in een sterke positie gemanoeuvreerd had om teruggevraagd te worden.

Nu laat D66 zich intimideren door een VVD-informateur en het instabiele CDA dat doet alsof het nog machtig is zonder daar goed op te kunnen antwoorden.

De vlucht vooruit is nog het enige dat D66’s geloofwaardigheid kan redden. Dus een claim op het premierschap.

Kerk van het Vliegend Spaghettimonster wijst in bestrijding van COVID-19 uitzondering voor kerk, moskee, synagoge of ander gebedshuis af

Schermafbeelding van deel informatieNaar de kerk, moskee, synagoge of ander gebedshuis‘ van de rijksoverheid

De rijksoverheid erkent uitzonderingen voor gelovigen om zich niet te laten vaccineren. Merkwaardig is dat als iemand naar een gebedshuis gaat voor een dienst van een religieuze organisatie daar een coronatoegangsbewijs niet wettelijk voor verplicht is, terwijl voor een cultureel evenement in hetzelfde gebedshuis een coronatoegangsbewijs wel wettelijk verplicht is. Terwijl de kans op besmetting hetzelfde is. Het is zelfs zo dat de kans op besmetting in kerkdiensten waar gezongen wordt groter is dan bij een concert waar de toeschouwers niet zingen.

De logica van deze maatregel is verre te zoeken en roept onbegrip op. Dat vermindert het draagvlak voor de acceptatie van de maatregel. Daarom is de uitzondering voor religieuze organisaties ongewenst.

In de praktijk blijkt dat het percentage PKN-protestanten en rooms-katholieken dat gevaccineerd is rond het landelijk gemiddelde ligt. Orthodoxe-christenen blijven echter ver achter, zo is op Urk slechts 23% van de bevolking gevaccineerd. Deze groep vormt een gevaar voor de volksgezondheid. Ook voor anderen buiten de eigen kring. Ook binnen de antroposofische beweging is veel tegenstand tegen vaccinatie. Net als sommige orthodoxe-christenen dwarrelen ze richting complotdenken en extreem-rechts.

Overigens is die tegenstand geen toeval, maar een van buitenaf georkestreerde actie die verdeeldheid probeert te zaaien binnen samenlevingen en anti-vaxxers mobiliseert die zelf niet doorhebben dat ze pionnen in een politieke strijd zijn.

De overheid worstelt met de vrijheid van godsdienst en interpreteert die ruim, terwijl er wel degelijk juridische middelen zijn om de uitzondering voor religie af te schaffen. In betreffend artikel 6, lid 1 wordt de voorwaarde genoemd: ‘behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet‘. Dat biedt de overheid de mogelijkheid om voorwaarden te stellen aan religieuze bijeenkomsten binnen gebedshuizen, zoals hoogleraar Aalt Willem Heringa stelt in een commentaar. Maar het huidige kabinet heeft dat niet aangedurfd. Mogelijk omdat in dat kabinet twee christelijke partijen vertegenwoordigd zijn die opkomen voor christenen en zich daarom hard maken voor de uitzonderingssituatie voor religieuze organisatie in de bestrijding van de pandemie.

Als kerken voor zichzelf een uitzondering bedingen, dan valt het te verwachten dat er een kerkgenootschap is die daar een uitzondering op maakt door die af te willen schaffen onder het motto: Gelijke monniken, gelijke kappen.

De Kerk van het Vliegend Spaghettimonster (waar ik sinds oktober 2015 lid van ben) draait het om en corrigeert de uitzondering voor religieuze instellingen die het huidige kabinet toestaat. De Kerk wil voor zichzelf en andere religieuze organisaties geen uitzondering en komt op voor de volksgezondheid én het belang van de eigen leden. De Kerk geeft vrijstellingsverklaringen uit die inhouden dat de leden volgens hun geloof niet blootgesteld worden aan ongevaccineerden en niet in de nabijheid van ongevaccineerden kunnen werken. De Kerk geeft hiermee het kabinet indirect een tik op de vingers voor haar afwachtende houding.

Schermafbeelding van Officiële vrijstellingsverklaring omtrent vaccinaties van de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster.

Nederlandse politiek wordt onoplosbaar beeldraadsel

[Image from LOOK – Job 46-2744 titled Shadow story], 1947

Eén beeld zegt meer dan duizend woorden‘ is een spreuk. De Nederlandse politiek valt zo langzamerhand niet meer in woorden te vangen. Na een dag moet het nieuws van de vorige dag herschreven worden. Schimmen en silhouetten lijken uit het niets te komen en verdwijnen in het niets. Wat ze uitbeelden valt niet na te gaan.

Zie de oogst van de laatste 24 uur. Twee op totaal afwijkende manier van elkaar aftredende ministers (Kaag en Bijleveld), een motie van afkeuring tegen het kabinet over de wijze waarop het kabinet de evacuatie in Afghanistan heeft uitgevoerd en de Kamer daarover heeft geïnformeerd die door coalitiepartij CU wordt gesteund, terwijl de ministers van CU in het kabinet blijven zitten. En iedereen die elkaar vervolgens de maat neemt en het eigen gelijk claimt. Het is kinderachtig en ronduit beschamend.

Er valt geen logica in te ontdekken. Het lijkt alsof de huidige generatie politici geen politiek geheugen heeft. Hun gedrag oogt willekeurig. Vraag is of ze hun eigen gedrag eigenlijk nog begrijpen. Regels worden niet alleen niet meer gevolgd, maar overtreden, het lijkt ook alsof ze dat niet eens meer beseffen.

Politiek is altijd al een schaduwspel. We zien een beeld of krijgen een beeld voorgeschoteld en kunnen nooit afdoende doorgronden wat er wordt afgebeeld. Het origineel is buiten beeld. Maar vanuit het beeld kunnen we min of meer het origineel afleiden. Dat wordt echter onmogelijk als het beeld zich grillig, wisselvallig en ongeregeld gedraagt. We kunnen er met woorden niet meer op reageren. Om in moedeloosheid te berusten.

Is ‘blokkade’ het woord van de kabinetsformatie 2021?

A la fin des années 1970, Europa-Park est déjà bien implanté en tant que rendez-vous familial pour le grand public en Allemagne. Quelques années plus tard, en 1982, sera inauguré le premier quartier à thème européen. L’Italie sera le pays choisi. Document Europa-Park.

Het woord van de kabinetsformatie zou wel eens ‘blokkade’ kunnen zijn. Partijen sluiten elkaar uit. Vandaag gooiden VVD en CDA zoals het er nu naar uitziet de deur definitief dicht voor PvdA en GroenLinks. Nadat deze partijen zich geweld hebben aangedaan door te handelen in strijd met hun eigen identiteit. Alle partijen lijken in een identiteitscrisis te verkeren. Ze blokkeren psychisch. Beide rechtse partijen willen niet dat de twee linkse partijen aan tafel aanschuiven om te onderhandelen.

Van de grootste partij VVD is dat begrijpelijk, maar waar het instabiele en verdeelde CDA dat worstelt met de invloed van oud-partijlid Pieter Omtzigt de lef vandaan haalt om zich zo hard op te stellen is onbegrijpelijk. D66 wil de ChristenUnie niet in het kabinet omdat deze christelijke partij haaks staat op een progressieve agenda. Deze opstelling, blokkade, van D66 is begrijpelijk omdat sociaal-culturele progressiviteit voor het sociaal-economisch rechtse D66 de enige manier is om zich te onderscheiden.

Een minderheidskabinet van VVD, D66 en CDA met 73 zetels is evenmin aantrekkelijk omdat het zich ermee op bepaalde beleidsterreinen die bij links geen steun hebben afhankelijk maakt van de radicaal-rechtse partijen, zoals de PVV. Dat is een publicitair rampscenario voor premier Rutte. Een pseudo-minderheidskabinet met vaste gedoogsteun van het tegen D66 aanleunende VOLT zou de coalitie uit de greep van de rechtse Kamermeerderheid tillen. Maar of VOLT daartoe bereid is of dat VVD en CDA ook zo’n optie blokkeren is ongewis.

Misschien is het woord dat bij nader inzien de kabinetsformatie 2021 beter omschrijft achtbaan of het in dit kader treffende equivalent tuimeltrein omdat het de noties buitelen, struikelen en vallen bevat. Het kronkelt en de kiezers zien het verbijsterend aan. Ze begrijpen niet wat ze zien en hoe het proces zich ontrolt. Wat is het alternatief voor partijpolitiek die aan zichzelf denkt en het algemeen belang uit het oog is verloren? Stuk voor stuk falen de leiders van de politieke partijen. Dat beseffen ze en tast weer hun zelfbeeld aan.

Je vraagt je af of het geen tijd is voor een interventie van een extern orgaan of adviesraad om het demissionaire kabinet én de voorzitter van de Tweede Kamer erop te wijzen dat wat nu gebeurt constitutioneel ontoelaatbaar en buiten de orde is. Formeel hebben de ministers van Staat of de Raad van State geen rol hierin maar ze zouden wel hun publicitaire en morele gewicht kunnen inzetten om kabinet en Kamer in de publieke opinie te corrigeren. Of liever gezegd, tot de orde te roepen. Partijleiders die zich gedragen als kleuters zouden op hun gedrag aangesproken moeten worden.

Want het is nog niet over. Vandaag pas beginnen de onderhandelingen. Dat gaat dus nog even duren. Midden september loopt het ziekteverlof van Omtzigt af. Als hij terugkeert in de Kamer zorgt dat weer voor nieuwe dynamiek en hernieuwde aandacht voor de verdeeldheid in het CDA. Dat ondermijnt de positie van CDA-partijleider Hoekstra. Dat kan opnieuw voor vertraging zorgen. Etc.

VVD en CDA zijn de pubers van de Nederlandse politiek. Ze vertragen formatie omdat ze op zoek zijn naar een eigen identiteit

CDA-leider Wopke Hoekstra op het Binnenhof. Augustus 2021.
BEELD ANP

Er klinkt steeds meer kritiek op de traag verlopende onderhandelingen voor een nieuw kabinet. Op 17 maart 2021 vonden de verkiezingen voor de Tweede Kamer plaats. Dat is inmiddels meer dan vijf maanden geleden. Er is nog geen zicht op een doorbraak. De indruk ontstaat steeds meer dat de politieke partijen uitsluitend met zichzelf en elkaar bezig zijn en de wereld om zich heen vergeten. Maar die wereld draait door ondanks de schijnbewegingen van de Nederlandse politiek.

In zijn column van 24 augustus 2021 in NRC constateert Tom-Jan Meeus dat de rechtse partijen een meerderheid van 81 zetels hebben. Dus het is van tweeën een. Of beide rechtse partijen VVD en CDA die nu deelnemen aan de besprekingen gaan volmondig voor een rechts kabinet dat hun voorkeur verdient en waar ze zich sterk voor zeggen te willen maken. Of ze laten die ambitie varen en gaan niet voor zo’n rechts kabinet en aanvaarden de deelname van centrumpartij D66 en de twee linkse partijen PvdA en GroenLinks. Een andere keuze is er niet.

Meeus zegt: ‘Links had decennia de reputatie verdeeld en ontoeschietelijk te zijn, nu is vooral rechts daar goed in. Een volbloed rechts kabinet zou afspraken met complotdenkers (FVD/corona), EU-sceptici (JA21 wil uit de euro) en een wegens groepsbelediging veroordeelde voorman (Wilders) vergen. Dan zijn Ploumen en Klaver natuurlijk een eitje‘. Kortom, het lijkt er verdacht veel op dat VVD en CDA geen volbloed rechts kabinet nastreven omdat de rechtse partijen PVV, FvD, Van Haga, SGP, JA21 en BBB te instabiel en te weinig constructief zijn. Maar Rutte en vooral Hoekstra houden ten onrechte vol dat PvdA en GroenLinks instabiel zijn.

Er is nog het aspect van de getalsverhoudingen tussen partijen in een kabinet dat ik naar aanleiding van een mediaoptreden van CDA’er Madeleine van Toorenburg in een commentaar van 6 juni 2021 noemde. Het is begrijpelijk dat PvdA en GroenLinks dat tot nu toe in de publiciteit niet naar voren hebben gebracht omdat het gaat over hun eigen nietige positie. Dat zou wel verhelderend zijn.

Schermafbeelding van deel commentaarCDA en VVD vertragen formatie door te duwen op rechterkant en PvdA en GL samen uit te sluiten‘ van 6 juni 2021.

Bij de vorming van een kabinet draait het bij het formuleren van het regeerakkoord en de verdeling van de kabinetsposten om de zwaarte van de afzonderlijke partijen. Die weegt door in de resultaten. Niet toevallig hebben de grootste partijen VVD en D66 in juni 2021 van informateur Mariëtte Hamer de opdracht gekregen om een proeve van regeerakkoord te schrijven dat nu het werkdocument is voor de onderhandelingen.

In een nieuw kabinet Rutte-Kaag zullen PvdA en GroenLinks weinig in de melk te brokkelen hebben met hun in totaal 17 zetels. Vergelijk dat met de liberale as in dat kabinet van VVD en D66 van 58 zetels. Dat is 3,4 zoveel als beide linkse partijen. Of vergelijk het met de rechtse as van VVD en CDA met 49 zetels. Dat is 2,3 zoveel als beide linkse partijen.

Waar zijn VVD en CDA bang voor? Voor de eigen lusteloosheid, sloomheid en stuurloze drift?

Het is simpel. Of beide rechtse partijen kiezen voor een op en top rechts kabinet met onder meer PVV, FvD en rechtse splinters. Of ze kiezen voor een centrumkabinet met D66, PvdA en GroenLinks. Want D66 heeft een kabinet met de ChristenUnie geblokkeerd en uit wat bekend is uit de proeve van regeerakkoord zal de ChristenUnie zich daar niet in kunnen vinden. Zo moeilijk is het niet voor VVD en CDA om aan hun achterban uit te leggen dat PvdA en GroenLinks in een nieuw kabinet getalsmatig weinig in de melk te brokkelen hebben en dat het landsbelang nu vraagt om voortgang.

De aarzelende aanpak van de evacuatie uit Kabul roept de vraag op hoe minister Kaag sinds mei 2021 de regiodirectie DAO/ZA heeft aangestuurd en hoe de inlichtingendiensten het kabinet hebben geïnformeerd over de toestand in Afghanistan en wat het kabinet daarmee heeft gedaan. Het heeft in elk geval niet gehandeld zoals Frankrijk deed. Hoeveel tijd heeft premier Rutte de afgelopen drie maanden aan Afghanistan besteed? Dat is de schaduwzijde van de Nederlandse politiek die op het Binnenhof kringetjes om zichzelf draait als een adolescent die op zoek is naar een eigen identiteit.

Voor welk probleem blijven VVD en CDA een oplossing zoeken? Het lijkt er steeds meer op dat ze niet weten wie ze zijn.

PvdA moet zichzelf alleen opheffen als het er voldoende voor terugkrijgt

Etienne Conte, Rose rouge fanée, 2006

Moet de PvdA fuseren met GroenLinks? Het frame is dat dit onder druk van rechts (VVD en CDA) tot stand komt en daarom per definitie verkeerd is. Naast het feit dat dit onhaalbaar is omdat de weerstand binnen beide linkse partijen groot is.

Waarom fuseren VVD en D66 niet? Of VVD en het CDA dat zich de afgelopen jaren als een schaduw van de VVD opstelt. Wie de eigen strategie door andere partijen laat bepalen verliest de zeggenschap over de eigen koers. Weg geloofwaardigheid van elke partij die daar instapt. Of intrapt.

In een commentaar in 2015 concludeerde ik: ‘Nu de praktijk nog. In de PvdA wordt goed nagedacht, maar verkeerd gekozen. Leiders zijn te pragmatisch (Kok), te weinig tactisch (Bos), te weinig operationeel (Cohen), te weinig strategisch (Samsom) of te wendbaar (Asscher). Welke leider past bij het nieuwe profiel?‘ Daar kunnen we inmiddels de te weinig overtuigende Lilianne Ploumen aan toevoegen. Het zijn allen aimabele en kundige personen, maar leiders van de PvdA die de partij boven zichzelf uit laten stijgen zoals Drees, Burger of Den Uyl zijn de recente leiders van de PvdA niet. En dan ontbreekt nog de rampzalige Ad Melkert in het rijtje van partijleiders.

Voormalig lid van de PvdA Eddy Terstall schetste die kritiek dat de PvdA het eigen sociaal-democratisch gedachtengoed om electorale redenen zou verpatsen, teveel naar de moskee zou luisteren en de scheiding van kerk en staat te ver oprekt in 2010 in zijn boek Ik loop of ik vlieg: ‘Dezelfde verbazing hebben tegenwoordig van oorsprong linkse atheïstische activisten die gebroken hebben met de islam. Die zien vol verbazing aan hoe hun medeprogressieven en vooral ex-feministen zich het vuur uit de sloffen lopen om de islam te verdedigen en hoe die blind smoorverliefd zijn op de hoofddoek, terwijl ze ooit hun bh’s verbrandden. In 2006 zei toenmalig partijleider Wouter Bos in Het Parool: ‘Ik zie het gevaar van een Partij van de Allochtonen waar de autochtonen weglopen. Maar als wij vasthouden aan ons verhaal, blijven we de partij voor iedereen.’ De zoektocht binnen de brede volkspartij PvdA naar politieke wonderlijm die alles met alles verbond was gestart. En zou nooit gevonden worden. Dat kon alleen maar in teleurstelling eindigen.

De PvdA maakte de afgelopen 25 jaar één fout, maar wel een grote: het koos niet voor het eigen gedachtengoed. Het is de strijd tussen verstandig en dom links. Tussen behoudend en progressief. Tussen cultureel en economisch waarbij sinds de jaren 1980 het evenwicht bij culturele waarden als identiteit kwam te liggen.

Verder is er niets aan de hand. De eigen overbodigheid is geen schande, maar een verdienste van de PvdA omdat de doelstellingen bereikt zijn en de eigen achterban zo geëmancipeerd is dat het niet meer op de partij stemt omdat het die niet meer nodig heeft. Dat is de crisis van de Europese sociaal-democratie. Het aantonen van de eigen overbodigheid zou voor elke politieke partij het streven moeten zijn. Maar zelfs D66 dat de eigen opheffing in het DNA had zitten durfde dat niet aan. Er waren te veel D66’ers die hun macht aan de partij waren gaan ontlenen. Politieke partijen zijn vooral met de eigen continuïteit bezig. Dat maakt politici zo kinderachtig.

Wat moet de PvdA doen? Moet het samengaan met GroenLinks dat overblijfselen van anti-democratisch denken bevat en dat combineert met modieuze marketing, maar in de verduurzaming wel een sterk programmapunt heeft? Het is lastig te zeggen. De SDAP hield ook ooit op te bestaan en ging na de oorlog op in een bredere beweging die een doorbraak wilde forceren naar andere politieke richtingen. Dat mislukte jammerlijk, hoewel het 30 jaar later alsnog slaagde met de formatie van het kabinet Den Uyl. Falen of slagen valt dus niet te voorspellen.

Je zou kunnen zeggen dat het geen halszaak is als de PvdA zichzelf opheft en ophoudt te bestaan als zelfstandige partij. De vraag van belang is wat die opheffing voor herschikking van elementen brengt die daar tegen opweegt. Daar moet de discussie binnen de PvdA over gaan.