George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘CDA

Neemt de angst voor globalisering af als globalisering afneemt?

with 2 comments

pvv

Angst voor globalisme bij Europese kiezers kan bestreden worden door aan te tonen dat het globalisering over haar hoogtepunt heen is. Dat blijkt uit academisch onderzoek. Hoogleraar Economische groei en ontwikkeling Marcel Timmer maakt dat aannemelijk in een bericht in NRC. Hij verwijst onder meer naar een van de pijlers onder het globalisme, namelijk ‘de zogeheten ‘internationale fragmentatie’ van productieketens’. Die fragmentatie groeide in de twee decennia tot 2011, maar nam daarna af. Timmer geeft een verklaring: ‘Waarschijnlijker is dat bedrijven zich meer bewust zijn geworden van de nadelen van productie in het buitenland. Soms valt de kwaliteit van de producten of de dienstverlening tegen. Een andere verklaring is de snelle technologische innovatie. Die zorgt nu soms voor verplaatsing van productie terúg naar rijkere landen.’ Het verplaatsen van productie naar lage loon-landen is dus een proces dat al op haar retour is.

Deze constatering lijkt een zijdelings en onverwacht antwoord op de gisteren gepubliceerde studieFear not Values. Public opinion and the populist vote in Europe’ van de Bertelsmann Stiftung die tot de conclusie komt dat globalisme de hoofdoorzaak is voor mensen om op populistische partijen te stemmen. In een toelichting bij de studie merkt de Bertelsmann Stiftung op dat er twee interpretaties zijn voor de angst bij deze kiezers en de opkomst van het populisme. De eerste benadrukt het conflict tussen progressieve en traditionele waarden en de tweede de kloof tussen zij die van de globalisering profiteren tegenover degenen die achterblijven.

Voor de Nederlandse partijen is het weinig opvallend (zie diagram) dat kiezers op de PVV en in mindere mate de SP globalisering het meeste als dreiging zien. Evenmin opvallend is dat kiezers op de PVV en het CDA zich het meeste bekommeren om traditionele waarden en progressieve waarden als seksegelijkheid, homorechten, etnische diversiteit en milieubescherming als bedreiging zien. Wel is opvallend hoe traditioneel de achtervan van de PvdA is. De angst voor globalisering (40%) is in Nederland overigens kleiner dan in de meeste andere onderzochte landen. Maar dat geldt niet voor de achterban van de PVV. Bekommernis om de teloorgang van traditionele waarden is in Nederland wel betrekkelijk hoog (53%). Hoe dan ook, D66, PvdA en VVD met een achterban die het minst vreest voor globalisering hebben er alle belang bij om kiezers op andere partijen erop te wijzen dat de angst voor globalisering grotendeels ongegrond is omdat de dreiging ervan afneemt.

Foto: Schermafbeelding van grafiek 17 ‘PVV voters fear globalisation more than others’ uit studie ‘Fear not Values. Public opinion and the populist vote in Europe’ van de Bertelsmann Stiftung.

Drie uitgangspunten om Wilders te weerstaan. Niet richten op de persoon, geen isolatie PVV en vernieuwing middenpartijen

with 3 comments

Wat is de beste strategie om politici als Donald Trump of Geert Wilders te weerstaan? Jimmy Dore verwijst naar een opinie-artikel van Luigi Zingales in The New York Times dat een les trekt voor de aanpak van Trump uit de opkomst van Silvio Berlusconi. Zingales ziet parallellen tussen Trump en de Italiaanse oud-premier. Hij vreest dat de Trump-dynastie twee decennia aan de macht blijft als Donald Trump nu niet goed aangepakt wordt. Voor Nederlanders is het interessant om die les ook op Wilders te betrekken. Hoewel hij niet aan partijvorming doet. Hier volgen de aanbevelingen voor het counteren van Berlusconi, Trump en Wilders (BTW):

a) de oppositie moet zich competent opstellen en niet richten op de persoon BTW, maar op het beleid. Probleem hierbij is dat BTW doorgaans een hap-snap beleid voert en dat op één A4-tje samenvat (Wilders) of vaag blijft over de voornemens (Trump). De hoofdlijn van BTW biedt echter nog voldoende aangrijpingspunten om het beleid centraal te zetten en aan te vallen. Zoals standpunten over moslims en immigratie die in strijd zijn met de grondwet (Trump, Wilders). De Nederlandse les: Media en politieke partijen moeten terug naar de basis: het politieke programma van de PVV en het stemgedrag in de Tweede Kamer. Dit biedt de mogelijkheid om woordvoerders van de PVV die hun beleidsterrein verwoorden centraal te zetten. Dat heeft een tweeledig effect: minder focus op Wilders door verbreding op andere PVV-politici en meer aandacht voor het beleid.

b) de oppositie moet de standpunten van BTW op eigen verdiensten beoordelen en niet op voorhand vanuit een voorgevormde mening afwijzen. Als een standpunt van BTW waardevol is en aansluit bij het programma van een politieke partij dan kan die betreffende partij het omarmen en politieke steun geven. Politieke isolatie van BTW werkt averechts omdat het gematigde kiezers die meegaan in de anti-establishment retoriek van BTW in hun richting jaagt. De Nederlandse situatie: Om de tweedeling tussen PVV en de middenpartijen (VVD, CDA, PvdA, D66) te bestrijden moet de PVV in de beeldvorming zoveel mogelijk gepresenteerd worden als een genormaliseerde politieke partij die in het politieke proces dingen voor elkaar krijgt. Succesjes relativeren de positie van de PVV als paria. De SP kan samenwerking zoeken met de PVV over beleid in de zorg, met de PvdD over dierenwelzijn, met de VVD over strenger immigratiebeleid (dat binnen de grondwet blijft), met D66 over bestuurlijke hervorming, met 50PLUS over pensioenen, met het CDA over drugsbeleid en de joods-christelijke wortels en met de PvdA over de aanpak van fraude in het openbaar bestuur of investeringen in infrastructuur.

c) de oppositie moet zich verjongen en door de-academisering verbreden door leden van jongere generaties van buiten de eigen partijstructuur in de eigen machtsstructuur op te nemen en belangrijke posities te geven. Dat slaat BTW het argument uit handen dat het als enige namens het volk spreekt, haar noden begrijpt en gevestigde partijen de belangen van het establishment vertegenwoordigen. Politieke partijen die BTW willen weerstaan moeten zich opstellen als een beweging en niet als een politieke partij die het eigen voortbestaan centraal zet. De Nederlandse situatie: De Nederlandse politieke partijen hebben in totaal minder dan 290.000 leden en nog slechts 2,2% van de kiesgerechtigden is lid van een politieke partij. Dus de partijpolitiek is hevig aan vernieuwing toe. Een autoritaire leider als Wilders in een partij zonder interne partijdemocratie als de PVV moet niet bestreden worden door andere langgedienden en partijtijgers als Rutte, Samsom, Asscher, Pechtold, Van der Staaij of Zijlstra, maar door jongeren als Jesse Klaver die Wilders juist uit doen komen als bedaagd en gevestigde orde en één van de langzittende parlementariërs die zelf het politieke establishment symboliseert.

Bedenkingen bij de petitie ‘ARTInSJOK: kabinet maakt beeldende kunst tot sluitpost, musea domineren de kunst’

leave a comment »

artin

Dimp Nelemans van de Stichting Maritime Art & Design in Middelburg is initiatiefnemer van deze petitie. Op haar YouTube-kanaal maakt ze promotie voor maritieme kunst en haar in Middelburg gevestigde galerie Gallery Maritime. Dit verklaart de inhoud van de petitie die cultuurpolitiek, overheidssubsidie, museumbezoek, hedendaagse kunst, cultureel ondernemerschap en het ‘verdienmodel’ van galeries combineert.

In een blogposting verwijst Birgit Donker, directeur Mondriaan Fonds, ook naar het citaat van het Tweede Kamerlid voor het CDA Madeleine van Toorenburg. Zij deed de uitspraak tijdens een ronde tafelgesprek over de zes rijkscultuurfondsen. De verwijzing is opvallend omdat Nelemans en Donker tot een tegengestelde conclusie komen over de verdeling van rijkssubsidie over de vier grote steden en de rest van het land. Donker: ‘Dat alles neemt niet weg dat het een feit is dat er meer cultureel leven is in de Randstad dan in de regio. Dus dat er vanzelfsprekend meer geld naar toegaat, zeker als je kijkt naar individuele kunstenaars die nu eenmaal vooral in de grote steden wonen.’ Nelemans verwijst niet naar Donkers weerwoord.

Waar het de petitie precies om te doen is wordt niet duidelijk gemaakt. Doordat alles met alles verbonden wordt oogt het betoog rommelig. De titel zegt dat het kabinet beeldende kunst tot sluitpost maakt, maar vervolgens wordt dit niet uitgewerkt. Dat is jammer voor allen die de kaalslag van de cultuurbegroting door toenmalig staatssecretaris Halbe Zijlstra met medewerking van alle politieke partijen nog steeds onterecht en buitenproportioneel vinden. Dat beleid verdient een goede bestrijding waar deze petitie niet aan toe komt.

Veelzeggend keert de petitie zich tegen de ‘facilitering van experimentele kunst’ door het Mondriaanfonds. Het suggereert dat dit de ‘aankoop’ en ‘appreciatie’ van hedendaagse beeldende kunst verstoort. Het blijft gissen wat Dimp Nelemans onder ‘experimentele kunst’ verstaat en hoe die verstoring optreedt. Maar hiermee introduceert ze wel een principieel punt. Het roept een vraag op over de marktwerking in de beeldende kunst.

Nelemans ziet een opgetuigde rol voor zich van de ‘cultureel ondernemer’. Ze stelt voor om galeriehouders binnen de BIS (Basisinfrastructuur) te honoreren. Ter vergelijking is er die andere ‘cultureel ondernemer’ die binnen een culturele instelling met overheidssubsidie eerder een ‘cultureel bestuurder‘ dan echte ondernemer is die met eigen geld risico loopt. De ‘cultureel bestuurder’ is een hybride functie die op het breukvlak van marktwerking, overheidssubsidie en uitvoering van cultuurbeleid werkzaam is en weliswaar elementen van cultureel ondernemerschap in zich draagt, maar daarmee nog geen cultureel ondernemer is. Interessant is dat Nelemans de rol van de ‘cultureel bestuurder‘ en ‘cultureel ondernemer‘ naar elkaar toe wil trekken.

Het is een sympathiek voorstel om galeries in de basisinfrastructuur op te nemen. Het is ontegenzeggelijk dat ze mede het kunstklimaat bepalen. Hoe dat in de praktijk ingevuld moet worden valt echter lastig in te zien. Voorbeelden hoe dat kan geven andere sectoren die ook op het snijvlak van commercie en kunst werken. In Vlaanderen kregen de gedrukte media in 2014 200 miljoen euro overheidssubsidie. Dagbladen en tijdschriften kunnen als cultuurgoed in aanmerking komen voor overheidssubsidie als de politiek dat zo beslist. Hetzelfde geldt voor de cinematografie en de filmhuizen van het arthouse-circuit. Maar hier dient zich tegelijk het eerste probleem aan. Want overheidssubsidie aan filmhuizen wordt door de politiek als gewenster en noodzakelijker gezien dan aan bioscopen die een kansrijkere commerciële positie innemen.

De voorbeelden geven aan dat het geven van overheidssubsidie aan galeries per definitie geen droombeeld is. Te denken valt aan het geven van generieke steun aan de galeriesector door voorwaardenscheppende of fiscale tegemoetkomingen. Bijvoorbeeld door compensatie van de huur of de hypotheekkosten. Daarnaast zou een rijkscultuurfonds als het Mondriaanfonds per gemeente of regio galeries kunnen ondersteunen door meerjarige subsidies die volgen uit de kwaliteit en ambitie. In Nederland heet de markt alleenzaligmakend te zijn. Niets is minder waar. In werkelijkheid worden multinationals, bedrijven, banken en kleine ondernemingen via overheidssubsidies gesteund. Er is geen principieel bezwaar om die steun uit te breiden tot kunstgaleries. Dat verdient serieuze aandacht van de politiek. En een debat dat verder gaat dan gekissebis over de verdeling van cultuursubsidie over Randstad en regio. De kunstwereld kan zich beter verenigen, dan laten verdelen.

Foto: Schermafbeelding van petitieARTInSJOK: kabinet maakt beeldende kunst tot sluitpost, musea domineren de kunst’ van Dimp Nelemans,

Grenzen aan de journalistiek: Wilders als premier. Hoe realistisch is die projectie?

with 6 comments

dds

Soms valt de grens tussen journalistiek en activisme moeilijk te onderscheiden. En worden de feiten ondergeschikt gemaakt aan het eigen verhaal. Zo heet dat tegenwoordig, ‘het eigen verhaal’. Een voorbeeld hiervan is een artikel van Tim Engelbart voor DDS. Het projecteert Geert Wilders in het Catshuis. Het maakt trouwens ook interessante observaties. Dat vraagt om een antwoord. Met een eigen verhaal dat haaks staat op zo’n ander eigen verhaal:

Geert Wilders wil vooral zichzelf ‘great’ maken. Hij heeft niet eens een functionerende partij achter zich. En werkt evenmin aan de opbouw ervan. Hoe kan iemand vanuit zo’n positie het land gaan leiden? Dat is onmogelijk.

Behalve een aarzelende VVD wil geen enkele partij met Wilders samenwerken. Om twee redenen. De waarschuwing over hoe Wilders de stekker uit het VVD-CDA kabinet Rutte I trok en dat straks weer kan doen. En Wilders eigen radicalisering die voor andere partijen politiek te ver gaat.

Wilders moet met zijn PVV niet alleen winnen en de grootste partij worden om een kans te maken op regeren. Maar hij moet fors winnen. De andere partijen in een positie brengen dat ze niet om hem heen kunnen. Dat vraagt zeker meer dan 50 zetels. En dus zo’n 32% van het electoraat dat zich achter hem schaart.

Zelfs als Wilders met meer dan 75 zetels een meerderheid in de Tweede Kamer zou halen en alleen zou kunnen gaan regeren wacht hem nog de Eerste Kamer. Hierin heeft hij geen meerderheid. Voor wetgeving is hij afhankelijk van de senaat. En zelfs als hij met de VVD, VNL, FvD, SGP en 50Plus een kabinet zou vormen, heeft deze coalitie met steun van de Onafhankelijke Senaatsfractie nog geen meerderheid in de Eerste Kamer.

Het valt in de Nederlandse parlementaire geschiedenis niet in te zien dat het Wilders gaat lukken om meer dan 50 zetels te behalen. Door de versplintering heeft sinds 1989 (CDA 54 zetels) geen enkele partij 50 zetels of meer behaald. Het is theoretisch mogelijk, maar onwaarschijnlijk. Daarbij komt dat de PVV met VNL, FvD (Baudet), een naar rechts buigende VVD en nieuwe partijen die zich mogelijk nog melden voor de verkiezingen veel concurrenten heeft die in dezelfde electorale vijver vissen.

De winst van Trump wordt overdreven en kan niet vertaald worden naar het Nederlandse politieke systeem. Clinton die hevig faalde en een slechte kandidaat was haalde ondanks die wanprestatie nog zo’n 1% meer stemmen dan Trump. De uitslagen zijn nog niet definitief vastgesteld.

De Amerikaanse verkiezingen zijn zeker een les voor de zittende politiek in verschillende landen. Niet Trump won de verkiezingen, maar Clinton verloor ze. Alle peilingen wezen uit dat de progressieve kandidaat Bernie Sanders makkelijk Trump had verslaan. Met een landslide. Trump en Clinton zijn niet geliefd en hadden historisch lage ‘favorability ratings’. Deze twee slechte kandidaten konden alleen van elkaar winnen.

Om deze redenen en andere (rol media) moet uit de min of meer toevallige verkiezing van Trump ook weer niet te veel afgeleid worden. Met vergezichten naar een opkomend populisme. Dat wel bestaat, maar niet in de mate waarin dat nu door media van de daken wordt geschreeuwd. Het bestaat niet voor de VS en zeker niet voor Nederland. Media moeten verklaren, niet de sentimenten aanjagen.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelPeilingen: Geert Wilders strijkt zetelwinst op na overwinning van Donald Trump’ van Tim Engelbart voor DDS, 13 november 2016.

Ontiegelijk gezwam van de media door slechte analyse. Over populisme en establishment. En boze witte mannen

with 3 comments

Wat een voorbarige conclusies. Wat een ontiegelijk gezwam in het luchtledige. Zonder analyse en duiding. Dit soort impressionistische losse flodders maakt het er verwarrender op. Vergroten van verwarring kan niet de taak van media zijn. Het is niet dat deze twee geïnterviewden uit hun nek kletsen, het is de vragensteller die door de inkadering van dit onderwerp de plank misslaat. Zo kondigt zich in de reactie op de uitslag van de Amerikaanse verkiezingen opnieuw een verkeerde opstelling van de media aan. Ze slaan door.

Media menen nu het boetekleed aan te moeten trekken omdat ze collectief iets gemist zouden hebben. Bij het Britse Brexit-referendum en de verkiezing van Donald Trump. Golven van populisme en een sentiment dat zich tegen het establishment keert zouden Europa en de VS overspoelen. Als de wiedeweerga haken media in op die mening zonder zich af te vragen of het klopt, hoe het komt en hoe de cijfers en de steun van die populisten exact is. Op hun beurt zetten deze media CDA-leider Sybrand Buma op het verkeerde been.

Opnieuw praten media elkaar collectief na en komen met een verkeerde uitleg. Eerst zouden ze de vermeende opkomst van het populisme gemist hebben en nu missen ze uit hypercorrectie de juiste analyse ervan. De realiteit is dat Trump het helemaal niet zo goed heeft gedaan als deze media aannemen en het voorstellen. Hij haalde minder stemmen dan de ‘gematigde’ Republikeinse kandidaat Mitt Romney in 2012. Geen populist.

Opkomst van populisme is relatief. Trump heeft niet zoveel steun onder het volk als luie, gemakzuchtige media het voorstellen. Hij heeft zelfs geen mandaat van de kiezer omdat hij niet eens de meeste stemmen haalde. Het was Hillary Clinton die de verkiezingen verloor. Haar falen had wel degelijk te maken met een sfeer van populisme en anti-establishment, maar dat was minder extreem, eenduidig en geen deel van een in gang gezette en doorlopende ontwikkeling zoals media het voorstellen. Ze praten elkaar na en dwingen mensen in een frame waarin deze elkaar en de slecht geïnformeerde media napraten. Recycling van niks. 

Written by George Knight

13 november 2016 at 16:02

Rutte roept ‘alle redelijke krachten in Nederland’ op om associatie-overeenkomst met Oekraïne te steunen. Waarom nu pas?

with 3 comments

Premier Mark Rutte doet een beroep op ‘alle redelijke krachten in Nederland’ om de associatie-overeenkomst van de EU met Oekraïne namens Nederland te ratificeren. In de kamers zijn dat D66, GL, CDA en CU. Bij een raadgevend referendum op 6 april 2016 stemde bij een opkomst van 32,28% ongeveer 61% tegen. Een peiling van 23 oktober van het opiniebureau Peil.nl geeft aan dat als Brussel tegemoet komt aan de bezwaren van Nederland en die als extra vermelding toevoegt meer stemmers voor (44%) dan tegen (37%) ratificatie zijn.

Zo laat Rutte vier soorten uitspraken door elkaar laat lopen. Er is de Tweede Kamer met een meerderheid van PvdA en VVD die voor de associatie is. Er is de Eerste Kamer waar PvdA en VVD zonder de steun van de ‘redelijke krachten’ geen meerderheid hebben voor de associatie-overeenkomst. Er is de uitslag van het referendum van 6 april 2016 met een meerderheid tegen de associatie. En er is een recente peiling met meer mensen voor dan tegen de associatie als de Nederlandse bezwaren aan het verdrag worden toegevoegd.

Rutte heeft gelijk dat dit groter is dan Nederland alleen. Maar hij heeft het aan zichzelf te wijten dat het zover is gekomen. Vanaf het begin was het duidelijk dat de uitspraak van het raadgevend referendum niet bindend was en niet meer dan één van de overwegingen bij de besluitvorming in het kabinet zou zijn. Kabinetsleden lieten echter na dat in de beeldvorming te benadrukken, richting publiek en parlement. Het is een fout dat Rutte pas nu verwijst naar machtspolitiek en de Russische agressie in Oost-Oekraïne, de Krim en Syrië om de associatie-overeenkomst in een breder kader te zetten. Daar is sinds april 2016 niet veel in veranderd.

Om de kiezers te overtuigen van het specifieke belang van de associatie die boven het Nederlands belang uitstijgt, had hij veel eerder moeten uitleggen dat het belang van de associatie breder was. Het antwoord op de vraag waarom hij dat heeft nagelaten en zo traag heeft gehandeld is te vinden in de peiling van Peil.nl. Een minderheid van VVD-stemmers wil niet ratificeren. Door deze partijpolitieke overwegingen en het negativisme in zijn eigen partij heeft Rutte zich 6 maanden laten gijzelen. Als hij een staatsman met lef was geweest, dan had hij al maanden geleden aangekondigd na weging van alle aspecten de associatie-overeenkomst te gaan ratificeren. Nu heeft hij zich door zijn aarzelingen en vertragingen nodeloos zwak en kwetsbaar opgesteld.

Petitie: Stop ecocide Westerschelderegio. Over de Hedwigepolder

with one comment

wes

De petitieStop ecocide Westerschelderegio!’ roept leiders van Nederland, België en het Europarlement op om de verdieping van de Westerschelde te stoppen en niet langer polders onder water te zetten. Concreet gaat het om de ontpoldering van de Hedwigepolder. In een lang betoog schetst de petitie de achtergrond en de juridische stand van zaken over de Hedwigepolder. Met schijnbewegingen. Eigenaar Gery De Cloedt stelde eind 2015 voor om in de polder voorlopig 5000 vluchtelingen onder te brengen. Aanleiding voor de petitie is de economische macht van de Antwerpse haven die zich tot in Zeeuws-Vlaanderen doet gelden en door de meeste Zeeuwen als onterecht wordt ervaren. Des te meer omdat het als natuurcompensatie wordt verkocht.

In een interview met Omroep Zeeland vergelijkt initiatiefnemer Johan Robesin het vernietigen van het regenwoud met het vernietigen van de Hedwigepolder. Het vernietigen van eco-stelsels noemt hij een misdaad tegen de menselijkheid. Om die reden is hij met enkele anderen de actiegroep Noodklok Hedwige gestart. Het is een geluid dat langzaam opschuift naar het centrum van de politiek. Het CDA zegt in haar concept verkiezingsprogramma in paragraaf 5.4.3 Stop de onteigening: ‘We moeten ook de groene ruimte buiten de stad beschermen. Daarom zijn wij tegen de onteigening van goede landbouwgrond als middel voor de uitvoering van Europees, nationaal of provinciaal natuurbeleid voor de aanleg van nieuwe natuur.

Foto: Schermafbeelding van deel petitie ‘Stop ecocide Westerschelderegio!’ op Avaaz.org.