Radicaal-rechtse kiezers in de VS hebben geen vrije keuze, maar worden onbewust door een complot industrie van politiek, media en bedrijfsleven opgeslokt

REACHING THE RIGHT: One America News has become a favorite of former President Trump and his supporters. Screen captures from the One American News Network. Uit artikelHow AT&T helped build far-right One America News‘ van Reuters, 6 oktober 2021.

Niet alle mensen zijn rationeel. Uit slordigheid, laksheid, zelfbewustheid of opstandigheid zijn ze dat vaak niet. Daarom kun je ze niet in een rationeel kader inpassen. Dat kan ook inhouden dat dat hun politieke voorkeur niet doordacht is en zelfs tegen hun eigenbelang ingaat. Door onwetendheid laten mensen zich manipuleren zonder dat ze dat ten volle beseffen.

Vooral in de VS heerst in de sociale media en media apartheid. Veel mensen verkeren uit politieke redenen in hun eigen bubbel, in hun echokamer waar ze alleen nog met gelijkgestemden in contact komen. Ze weten niet meer wat ze niet weten. 

Het verdienmodel van sociale media als Facebook bestaat eruit om die mensen in die echokamer te identificeren, te faciliteren, vast te houden, mogelijk te heractiveren en met als hoogste doel op te waarderen zodat ze optimaal bijdragen aan de bedrijfswinst van het sociale media bedrijf. Dat vergroot de apartheid in de publieke opinie extra. 

Het verdienmodel van geprononceerde media als Fox News, OAN, Newsmax, lokale en landelijke talkradio-zenders maar ook radicaal-linkse media bestaat uit berichtgeving die bij voorbaat gekleurd is om de eigen achterban te behagen en vast te houden. Van de Republikeinen heeft volgens onderzoek uit 2021 nog slecht zo’n 35% vertrouwen in de Nationale mainstream media.

De Republikeinse partij is door Trump gekaapt en gereconstrueerd op een leugen. De partij onder Trump is nu succesvol bezig met een stille staatsgreep die steeds minder afwendbaar lijkt en op staatsniveau de macht grijpt zonder dat de stemmen van de kiezers er nog iets toe doen. De radicaal-rechtse kiezers worden meegezogen in die leugen en krijgen het denkbeeld ingeprent dat verlies niet mogelijk is en winst van de ander onaanvaardbaar, onmogelijk en illegaal is. 

Niet alle kiezers uit Trumps achterban zijn extremist. Velen zijn misleid door politiek en media en weten in hun onkunde niet meer wat werkelijkheid en wat fantasie is. Ze zijn slachtoffer van een breed opgezette industrie van de rechtse politiek en de rechtse media die in het geheim door grote bedrijven zoals AT&T wordt gesteund. Deze complot industrie heeft het gemunt op de onwetenden die makkelijk gemobiliseerd kunnen worden.

Het begrip waarheid wordt door deze complot industrie ondermijnd zodat normale, maar bovengemiddeld onwetende burgers makkelijker in de leugens trappen en tot onderdeel van de samenzwering tegen de democratie gemaakt kunnen worden. Het valt deze burgers nauwelijks te verwijten dat ze mentaal gevangen worden in een sleepnet van een grote politieke partij, rechtse media en sponsors achter de schermen die het land afstropen om hun vangst te vergroten.

Aandacht voor topsport is buitensporig. Het verbindt niet, maar verdeelt

Bukayo Saka, 19, was targeted with racist abuse after Sunday’s Euro 2020 loss. (Reuters/Carl Recine)

De claim dat topsport verbindt is een misverstand. Degenen die dat zeggen en verbinding naar voren brengen als kenmerk van topsport weten dat het onzin is, maar om commerciële en politieke redenen houden ze uit eigenbelang de claim in de lucht.

De Londense Metropolitan Police meldt vandaag volgens een bericht op Politico dat het ‘onderzoek deed naar de golven van online raciaal misbruik waarmee de zwarte spelers van het Engelse voetbalteam werden geconfronteerd nadat de ploeg door Italië was verslagen in de Euro 2020-finale’. Bukayo Saka, Marcus Rashford en Jadon Sancho, die allemaal zwart zijn, namen deel aan de strafschoppenserie die nodig was nadat de stand na 120 minuten wedstrijd gelijk was. Sindsdien zijn ze het slachtoffer van racistische scheldpartijen op hun sociale media-pagina’s.

Tweet van Londense politie, 12 juni 2021.

De claim over die verbinding maakt topsport belangrijker dan het feitelijk is en trekt geld aan. Omroepen die hun zendtijd rijkelijk vullen met uitzendingen van topsport werken er bewust aan mee om het misverstand in de lucht te houden. Ze geven zich over aan de gemakzucht. Zodat het misverstand in de beeldvorming nog sterker benadrukt wordt. Want omroepen hebben zich grotendeels afhankelijk gemaakt van de aanbieders van topsport. Ze larderen dat met ellenlange praatprogramma’s over sport die relatief makkelijk te maken zijn en niet veel kosten.

Zo tekent zich een bizarre samenklontering af van sportbobo’s, sportbemiddelaars, sportbonden, investeerders in topsport, politici die de nationale kaart trekken als er een sportprestatie geleverd wordt door de ‘eigen’ sporters, mediabedrijven die sport aanbieden, omroepen die topsport uitzenden en het publiek dat topsport in grote porties voorgeschoteld krijgt en geconditioneerd is om niet verder te vragen.

De politiek vindt de buitensporige aandacht voor topsport best omdat het de perfecte afleiding is van echte problemen die niet of slechts mondjesmaat aangepakt worden. Zoals de klimaatproblematiek, de pandemie, goed bestuur of evenwichtige eigendomsverhoudingen.

Van de aandacht voor topsport wordt gezegd dat het iets is ‘waarmee je het volk tevreden houdt’. Maar de waarheid is dat de Romeinse schrijver Juvenalis die de term brood en spelen (‘panem et circenses‘) bedacht het niet serieus, maar spottend bedoelde. Onze Taal zegt in een trefwoord hierover: ‘De keizers zorgden voor deze gratis spelen en dit gratis brood om het volk rustig te houden. Juvenalis gebruikte de term brood en spelen sarcastisch. Hij wilde ermee aangeven dat het Romeinse volk oogkleppen ophad voor het verval van het Romeinse Rijk. Zolang er maar brood werd uitgedeeld en spelen werden georganiseerd, was het volk tevreden, en keek het niet verder dan zijn neus lang was.

Het is merkwaardig dat de term brood en spelen ontdaan is van de spottende betekenis en tegenwoordig ver is afgedwaald van wat het ooit betekende. Het wordt als verdienste voorgesteld, maar dient om te verhullen. Dat is het gevolg van misleiding (‘sport verbindt’) en afleiding (‘het volk kijkt niet verder dan de neus lang is’).

Moeten we ons druk maken over de in ogen van sommigen onevenredige aandacht voor topsport in de media? Je kunt toch zeggen dat het volk uiteindelijk krijgt wat het verdient? Maar dat is te simpel bekeken omdat er geen echte keuze meer is. De rest is wegbezuinigd. Liefhebbers van sport die buiten de topsport valt, kunst, film of natuur worden in de media stiefmoederlijk bedeeld. Ze worden in de steek gelaten. Daar gaat het mis.

Het begin van een oplossing om te komen tot een evenredige aandacht voor topsport die niet zo buitensporig is als nu is het besef dat topsport niet verbindt, maar verdeelt. Wellicht kan men nog beweren dat aandacht voor topsport mensen in de eigen kring beter insluit, maar de keerzijde daarvan is dat het de verdeeldheid tussen groepen mensen vergroot. Topsport raakt aan de open zenuwen van een samenleving zoals de racistische uitingen van het Engelse voorbeeld illustreren.

Welke sport- of mediabobo wil daarmee geassocieerd worden in deze tijden waar de termen diversiteit en inclusie bekende begrippen zijn? Laten we ze ter verantwoording roepen door de claim dat sport verbindt door te prikken. Het sprookje heeft lang genoeg geduurd.

Plasterk voegt zich met Telegraaf-column in rechtse hetze tegen D66 en Sigrid Kaag

Schermafbeelding van deel artikelOud-PvdA-minister Ronald Plasterk wil dat Sigrid Kaag aftreedt: ‘Zo iemand kan je in een kabinetsteam niet hebben’ van Michael van der Galien op DDS, 3 juli 2021.

Oud-minister Ronald Plasterk heeft een Telegraaf-column en moet daar noodgedwongen rechtse praatjes bezigen. Of hoofdredacteur Paul Jansen hem dat oplegt of dat Plasterk daar door zelfcensuur of zelfverloochening toe komt is van ondergeschikt belang. Het resultaat is hetzelfde.

Plasterk plooit zich als een lichte vrouw die zich verkoopt. Het is triest om te zien. De sociaal-democraat schept verwarring en is populair bij PVV- en Forum-sympathisanten.

Het is veelzeggend dat een sociaal-democraat van overtuiging die binnen zijn partij niet relevant meer is zijn overtuiging verkoopt aan de meest biedende. Of in dit geval waarschijnlijk, de enig biedende. Maar Plasterk heeft het recht om de weg van de minste weerstand te volgen. Een weg die bij anderen veel weerstand oproept.

Met terugwerkende kracht worden zijn ministerschappen in Balkenende IV en Rutte II er niet geloofwaardiger op. Ook toen al zocht hij opvallend de publiciteit. Bijvoorbeeld door foto’s te maken van degenen die hem in zijn werkkamer als minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap bezochten. Dat deelde hij weer breed in de publiciteit.

Zijn laatste column in De Telegraaf is een bescheiden hit op radicaal-rechtse sites, zoals DDS. Ik reageerde daar bij bovenstaand artikel: ‘Plasterk is een fossiel die zichzelf tot leven probeert te wekken. Hij zoekt de rechtse echokamer op om zichzelf te laten horen. Plasterk toont aan hoe iemand van overtuiging kan veranderen. Hij neemt de kleur van zijn omgeving aan en verliest in dat proces zichzelf. Ik kan me niet voorstellen dat verstandige Telegraaf-lezers die hang naar aandacht van Plasterk niet doorzien. Als hem een kabinetspost in Rutte IV zou worden aangeboden, dan verschiet hij in een nacht weer van kleur.

De column van Plasterk past in de continue oorlog die de Telegraaf tegen D66 en Sigrid Kaag voert. Is D66 immers niet de aartsvijand van de PVV? De Telegraaf probeert nog steeds het foute beeld te vormen dat de progressieve centrumpartij D66 met stevige rechtse sociaal-economische programmapunten een linkse partij is.

Plasterks column staat achter een betaalmuur, maar er valt te lezen dat het als volgt begint: ‘Het VPRO-programma Sigrid Kaag van Beiroet tot Binnenhof is een mooie boel geworden. Om te beginnen is het politiek kluitjesvoetbal. Het programma is gemaakt door de VPRO, die wordt geleid door een oud-campagneleider van D66. Er is in overleg met de publieke omroep (die onder leiding staat van een D66’er) een tijdstip gekozen soort voor de verkenningen om maximale electorale impact te hebben (…). De film is mede gefinancierd door het Nederlands Filmfonds (voorzitter was Thom de Graaf), en kreeg, zo meldt journaliste Kim van Keken, een extra subsidie van minister Van Engelshoven (D66).

Dit is stemmingmakerij door associatie van Plasterk. Het feit dat leden van D66 hierbij betrokken zijn wil nog niet zeggen dat ze verkeerd gehandeld hebben. Maar dat suggereert Plasterk wel. Thom de Graaf was overigens nooit voorzitter van het Nederlands Filmfonds, maar voorzitter van de Raad van Toezicht van die organisatie. In die functie is hij opgevolgd door het voormalige VVD-kamerlid Laetitia Griffith. In Nederland Polderland rouleren dit soort functies tussen leden van de grootste partijen. Dat is de PvdA al sinds 2017 niet meer.

DDS gaat in de overdrive als het onder verwijzing naar de VPRO-documentaire waarover kamervragen door de PVV waren gesteld suggereert dat minister ‘Kaag haar collega-minister Arie Slob (ChristenUnie) hier gewoon keihard over heeft laten liegen‘. Het valt trouwens op hoe Plasterk in zijn column delen van de kamervragen van PVV’er Martin Bosma overneemt. En DDS vervolgt: ‘Slob antwoordde daarop dat – zo werd hem dat verteld door de VPRO – er geen contact was geweest tussen de documentairemakers en D66, niet over de precieze inhoud van de docu, tenminste’.

De crux waarop Plasterks column leunt is dat minister Kaag haar collega-minster Slob informatie heeft onthouden waardoor hij de kamervragen van de PVV verkeerd heeft beantwoord. Dat laatste is juist en valt de VPRO te verwijten die Slob verkeerd heeft geïnformeerd zodat hij op zijn beurt de kamer verkeerd informeerde. Daar staat Kaag buiten. Dat zijn gescheiden verantwoordelijkheden die Plasterk op een hoop gooit. En stel dat Kaag Slob die op een ander ministerie werkt hierover wel had geïnformeerd, dan was de reactie van De Telegraaf voorspelbaar geweest. Namelijk dat Kaag Slob heimelijk probeerde te beïnvloeden. Het is immers nooit goed wat de Telegraaf over D66 meldt.

Dat er foute kantjes zitten aan de productie van de VPRO-documentaire over Kaag is duidelijk. De makers zijn door D66 en Buitenlandse Zaken onder druk gezet om de film aan te passen. Dat is ontoelaatbaar en hoort niet in een werkende democratie thuis.

Er moet wetgeving komen om de verderfelijke invloed van voorlichters en communicatie-experts bij ministeries en gemeenten op de journalistiek en de kunst terug te dringen. Hun macht is veel te groot geworden. Ze perken de persvrijheid en de vrijheid van expressie in.

Omdat nog niet alle feiten bekend zijn, dient deze kwestie tot op de bodem uitgezocht te worden en openbaar gemaakt te worden. De losse flodders voor de boeg van De Telegraaf en Roland Plasterk hebben geen enkele betekenis om deze kwestie zorgvuldig in kaart te brengen en het achterliggende probleem van politieke druk op media en kunst structureel op te lossen.

Video die we van Café Weltschmerz niet mogen zien. Ab Gietelink verliest coronadebat van Maarten Keulemans

Villamedia meldt in het artikelCafé Weltschmerz wist video coronadebat wetenschapsjournalist Maarten Keulemans‘ het volgende medianieuws: ‘Wetenschapsredacteur Maarten Keulemans (Volkskrant) heeft zijn ergernis laten blijken over een door discussieplatform Café Weltschmerz verwijderde video van een gesprek tussen hemzelf en publicist en coronascepticus Ab Gietelink. Volgens Café Weltschmerz was het debat inhoudelijk niet goed genoeg.

De claim van Café Weltschmerz is onjuist. Keulemans slaat Gietelink in het gesprek knockout. Hij beschuldigt hem in het gesprek van populisme en Gietelink heeft daar geen antwoord op.

Uit het artikel van Villamedia blijkt dat nadat Café Weltschmerz de video van het gesprek tussen Gietelink en Keulemans offline heeft gehaald er een kopie circuleert die Yarno Ritzen ervan heeft gemaakt. Keulemans bedankt Ritzen daarvoor in een tweet. Deze video is hier te zien. Het maakt het mogelijk voor kijkers om zelf te controleren of de bewering van Café Weltschmerz klopt of uitsluitend dient om Ab Gietelink en de eigen agenda te beschermen.

Gietelink is een prominente presentator op Café Weltschmerz die sinds begin 2020 COVID-19 als aandachtsterrein heeft gekozen en daarmee een nieuwe alternatieve loopbaan probeert op te bouwen. Hij is van oorsprong theatermaker zonder medische expertise.

Gietelink trekt in eigen kring met een schare van vaste medestanders voortdurend de wetenschap, de politiek en de media in twijfel. Ook dat verwijt Keulemans hem en daar heeft Gietelink geen weerwoord op. Keulemans verwijt Gietelink dat hij voortdurend beschuldigingen over ‘de media’ ventileert zonder concreet te worden, zodat media zich niet verdedigen kunnen tegen deze ongerijmde aantijgingen.

Feit dat Café Weltschmerz deze video verwijdert geeft aan dat het zelf precies doet wat het ‘de media’ verwijt. Namelijk, selectief en eenzijdig te werk gaan. Feitelijk zijn ‘de media’ pluriformer en geven meer ruimte aan ‘tegengeluid’ dan Café Weltschmerz dat vrijwel uitsluitend vanuit een gesloten wereldbeeld voor eigen parochie preekt. Media hanteren een professionele code en zijn daardoor verplicht zich aan een aantal gedragsregels te houden, terwijl Café Weltschmerz dat niet doet.

Ab Gietelink is de prediker die ontmaskerd wordt als inhoudsloos en demagogisch. Keulemans prikt dat keihard door.

Het is duidelijk waarom Café Weltschmerz dit gesprek heeft verwijderd. Gietelink heeft geen argumenten en dat wordt hem door Keulemans verteld. Café Weltschmerz kan de video niet online laten staan omdat daardoor de bodem onder de eigen agenda wordt weggeslagen. Met terugwerkende kracht blijkt er namelijk uit dat wat Gietelink in tientallen video’s over de medische, publicitaire, politieke en andere aspecten van COVID-19 heeft beweerd niet onderbouwd is en geen basis in de werkelijkheid, maar in zijn eigen fantasie vindt. Dat dient de harde kern van kijkers van Café Weltschmerz onthouden te worden omdat het schadelijk is voor de geloofwaardigheid van Gietelink en Café Weltschmerz.

Taak voor onderzoeksjournalistiek om aan te tonen hoe lobbyisten van Gasunie en Shell Nederlandse politici kopen

Interessante reportage van het Britse Channel 4 waaruit blijkt dat oliebedrijf ExxonMobil 11 Amerikaanse senatoren controleert en het liefst in het geheim opereert. Want het publiek kan maar beter niet weten hoe deze lobbyisten de politiek in hun zak hebben. ExxonMobil is een oliebedrijf van de oude stempel zonder te willen verduurzamen of hervormen. Maar in het openbaar zegt het wat anders. Lobbyist Keith McCoy klapt uit de school.

Hij noemt de 11 senatoren bij naam: ‘Senator Shelley Moore Capito, Senator Joe Manchin, Senator Kyrsten Sinema, Senator Jon Tester, Senator Maggie Hassan, Senator John Barrasso, Senator John Cornyn, Senator Steve Daines, Senator Chris Coons, Senator Mark Kelly en Senator Marco Rubio.’

Dit roept de vraag op of dit in Nederland ook zo werkt. De Nederlandse Gasunie en het Brits-Nederlandse Shell zijn zeer invloedrijk in de Nederlandse politiek. Het kan bijna niet anders dan dat deze bedrijven net als in de VS met ExxonMobil via lobbyisten Nederlandse politici hebben gekocht en kunnen laten doen wat deze bedrijven willen. Terwijl ze zoals gezegd publiekelijk wat anders zeggen en hun ware intenties verbergen.

Zo is de steun van de Nederlandse regering voor het Russische economische gaslijnproject Nord Stream II met sterke politieke implicaties opvallend afwijkend van het openbare Nederlandse Rusland-beleid, terwijl opeenvolgende Nederlandse kabinetten na de ramp met de MH17 in 2014 kosmetisch politiek afstand tot het Kremlin hebben genomen. Het verschil tussen wat de kabinetten voor en achter de schermen doen in de relatie met de Russische Federatie is groot. Ferme uitspraken voor de bühne worden gecombineerd met handdrukken in achterkamertjes.

In Nederland valt de verdenking dan al gauw op politici van VVD en CDA. Welke kamerleden en oud-kamerleden van deze partijen zijn via de lobbyisten van Shell, Gasunie of andere in Nederland actieve oliebedrijven als BP en Vitol (en dochters als Arawak Energy Russia) gekocht om het belang van deze bedrijven te dienen door het sturen of blokkeren van wetgeving?

De reportage van Channel 4 schreeuwt om een vervolg voor Nederland. Wat verklaart de ongerijmdheden in de Nederlandse energiepolitiek? Waarom worden die niet onthuld?

Openbaarheid is wat lobbyisten vermijden. Lobbyisten zijn de mollen van de politiek. Ze zoeken ondergronds door aftasten hun weg en zijn bijna blind. Om niet te zeggen: kortzichtig. Ze verlaten zelden hun eigen gangenstelsel. Ofwel de corridors of power. De biotoop van geheime deals en gekochte politici is wat lobbyisten die namens bedrijven en landen handelen zo ongrijpbaar maakt.

Omdat de politiek niet eigenhandig de macht van de lobbyisten weet terug te dringen omdat het zichzelf niet kan hervormen is het aan de onderzoeksjournalistiek om hier verandering in te brengen. Dat is de trieste constatering.

Dat het geen sprookje is dat Europese politici door bedrijven of landen worden gekocht maakte onlangs de reportageDie Aserbaidschan-Connection – Die deutschen Helfer des Alijew-Regimes‘ van het Duitse ARD over Azerbeidzjan duidelijk. Duitse christen-democratische politici in de Raad van Europa werden voor miljoenen euro’s gekocht door de regering van Azerbeidzjan om strafmaatregelen in verband met de schending van mensenrechten tegen dat land af te zwakken. Wat succesvol gebeurde. Azerbeidzjan, ook een land dat zich met miljarden opbrengsten uit de verkoop van gas en olie onkwetsbaar acht en via lobbyisten meent de politiek van andere landen te kunnen beïnvloeden.

Journalist Givara Budeiri mishandeld door Israëlische politie

De journalist van Al Jazeera Givara Budeiri doet haar verhaal. Ze verliet het ziekenhuis op zondag na behandeling voor verwondingen opgelopen tijdens haar arrestatie door Israëlische troepen de dag ervoor, aldus een bericht van Al Jazeera. Haar linkerhand was gebroken toen ze zaterdag werd gearresteerd terwijl ze verslag deed van een demonstratie in de wijk Sheikh Jarrah in Oost-Jeruzalem. De Israëlische politie vernietigde ook apparatuur van Al Jazeera-cameraman Nabil Mazzawi.

Haar arrestatie werd scherp veroordeeld door voorstanders van persvrijheid en mediawaakhonden. Het past in een patroon van de inperking van de persvrijheid en het verdachtmaken van journalisten. Dat gaat van het verdwijnen van journalisten in autoritaire landen als de Russische Federatie, China, Myanmar of Wit-Rusland, het in de gevangenis gooien van journalisten in landen als Turkije en Indonesië waar nog een greintje rechtsstatelijkheid bestaat tot een westerse democratie waar Geert Wilders in een tweet zegt: ‘Journalisten zijn – uitzonderingen daargelaten – gewoon tuig van de richel‘.

Het breken van de hand van een journalist door de Israëlische politie is een nieuw dieptepunt in de bejegening van journalisten. In alle genoemde categorieën landen lijkt de vrijheid van journalisten om hun werk te doen af te nemen. Dat resulteert respectievelijk in de dood, jarenlange gevangenisstraf, een gebroken hand en mishandeling of een tweet van een ophitsende politicus.

Die ‘strafmaat’ die journalisten overkomt geeft tegelijk de stand van zaken van de rechtsstaat in een land weer. Op die glijdende schaal bestaat het gevaar dat journalisten in Nederland ook mishandeld gaan worden zoals het Givara Budeiri in Israël overkwam. Incidenteel gebeurd dat al, zoals onlangs de kwestie van een fotograaf verduidelijkte die in Lunteren met auto en al de sloot in werd gekieperd. In 2020 verwijderde de NOS wegens intimidatie de logo’s van haar auto’s. In een commentaar omschreef ik het niet zozeer als een knieval van de NOS, maar als ‘een nederlaag voor de nationale veiligheid en de veiligheidsdiensten. Dus voor het gezag van de overheid‘. 

Waarom journalisten in hun werk worden gehinderd is duidelijk. Zeker verslaggevers ter plekke zijn de oren en ogen die de vensters op de democratie open houden. Ze constateren wat politieke leiders verborgen willen houden. Als hun werk onmogelijk wordt gemaakt, dan denken de leiders ongehinderd hun gang te kunnen gaan. Wat inderdaad vaak zo uitpakt. Het is een dubbele gijzeling van de rechtsstaat: journalisten mogen niet controleren hoe de staat functioneert.

Ook onderzoeksjournalisten die door gedegen onderzoek de onregelmatigheden van bedrijven of overheidsdiensten blootleggen kunnen als bedreiging worden gezien. De openbaarmaking van iets dat niet door de beugel kan blijft niet zonder reactie. Dat kan zich tegen de journalistiek keren, doordat de afscherming toeneemt om een volgende onthulling te bemoeilijken. Denk aan de dynamiek van de kwestie van mediapersoonlijkheid Sywert van Lienden die naast de tragische hoofdpersoon het ministerie van Volksgezondheid en de top van het CDA in problemen brengt. Dat wordt de onderzoekers niet in dank afgenomen.

Voormalig president Trump roept sinds 2017 dat media ‘fake news‘ en de vijanden van het volk zijn. Het is een aloude manier van leiders om eenzijdig namens het volk een mandaat op te eisen en de eigen macht te vergroten en de tegenmacht te verkleinen. In de westerse democratieën is er een rechtse minderheid die dat gelooft en op dit moment zijn er gelukkig nog maar weinigen die dat in daden omzetten. Maar het reservoir van ongenoegen tegen media is groot. In autoritaire landen en landen die daarnaar afglijden kunnen journalisten nu al niet meer hun werk doen.

Deze kwestie in een land als Israël is interessant omdat het geen autoritair land is, maar evenmin in de bejegening van genoemde journalist de standaard hanteert die past bij een westerse democratie. Wat voor land Israël is en naar welk zelfbeeld het wil leven zal volgen uit de afloop. Israël kan aan geloofwaardigheid terugwinnen als het dit geval onderzoekt en de agenten ter verantwoording roept voor de mishandeling van een journalist.

Om pseudo-wetenschap in de media te bestrijden moet er een Vereniging tegen de Kwakzalverij in de Media worden opgericht

Het is opvallend dat zowel economen als filosofen de huidige COVID-19 pandemie gebruiken om zich als individu te profileren en hun zaak te bepleiten. Ook en zelfs juist als die slechts zijdelings iets met de pandemie te maken heeft. Het wordt er potsierlijk op als deze deskundigen net doen alsof hun vakgebied een wetenschap is, laat staan een exacte wetenschap. Maar het wordt er idioot op als deze deskundigen net doen alsof ze ook verstand hebben van een ander vakgebied. Dat hebben ze niet. Dat is bewuste misleiding en zelfoverschatting waar overigens de media ook een rol in te spelen hebben. Ze moeten zo’n opinieleider die buiten zijn of haar vakgebied gaat stoppen onder het mom: ‘tot hier en niet verder’. Media moeten de desinformatie niet aanwakkeren.

Denk aan de economen Coen Teulings en Barbara Baarsma die de afgelopen maanden voorlopig hun plek in de geschiedenis hebben verspeeld met slecht onderbouwde, onzinnige uitspraken. Ze hadden moeten zwijgen over gezondheidskwesties waar ze niet echt verstand van hebben en hadden niet de schijn moeten wekken dat de deskundigheid op hun economisch terrein niet zonder meer uitgebreid kan worden naar andere terreinen. Want daarop zijn ze net zo onwetend en ondeskundig als elke willekeurige, nadenkende burger. Voor Ad Verbrugge geldt hetzelfde.

Verbrugge neemt een loopje met de waarheid. Is het angst of realisme dat er in de VS nu al meer dan een half miljoen geregistreerde doden zijn als gevolg van COVID-19? Overheden handelen aarzelend en nemen soms de verkeerde beslissingen omdat ze dit (sinds 1919) niet meer bij de hand hebben gehad. De macht van overheden en techbedrijven moet ingeperkt worden en de privacy en vrijheid van burgers moet beschermd worden. Dat is zinvolle kritiek, maar het is grotesk en gevaarlijk voor de volksgezondheid om dit direct te koppelen aan de bestrijding van de huidige pandemie.

Afgelopen maand was er op de Vlaamse publieke omroep VRT de 3-delige serie BDW met de rechtse politicus Bart De Wever. Voorzitter van de rechts-nationalistische N-VA en burgemeester van Antwerpen. Hij gaf een inkijkje in zijn handelen en de strategie van de (partij)politiek. Of men het nou met zijn politieke overtuiging eens is of niet. Hij zei dat politici moeten zwijgen als ze niks te zeggen hebben. Daarmee doelde hij vooral op PS-voorzitter Paul Magnette die volgens hem telkens de onderhandelingen over een regeringscoalitie bemoeilijkte en zelfs onmogelijk maakte door er in de media bijna dagelijks zijn commentaar op te geven. Interessant is dat de kritiek van De Wever deels bestaat uit fundamentele mediakritiek en deels uit eigen politieke profilering. Hij is zo door de wol geverfd dat moeilijk valt te zien waar het een in het ander overgaat.

Wat zou het helpen als we weten dat als een politicus of opinieleider publiekelijk spreekt en daar in de media verslag van gedaan wordt we er vanuit konden gaan dat zo iemand dan ook echt iets zinvols te melden heeft. De talkshows en krantenkolommen zouden er opgeruimd door worden (‘Less is more’) en de kwantiteit van de loze beweringen zou ingewisseld worden voor de kwaliteit van de inhoud. En we weten nu toch al dat er eerder een te groot dan een te gering beroep wordt gedaan op de tijd, het geduld en de goede smaak van de nieuwsconsument? Het is zoals gezegd niet in de laatste plaats aan omroep of krant om de oprispingen en losse flodders van ‘wetenschappelijke’ opinieleiders die zich buiten hun vakgebied begeven en zich manifesteren als pseudo-deskundigen geen plek te geven.

Sommigen noemen het hoogmoed, publiciteitsgeilheid of een verdienmodel van al die (pseudo)-wetenschappers die met hun praatjes als een plaag de media teisteren. Het is de hoogste tijd dat de loze beweringen, schijnwaarheden en filosofietjes in het publieke debat fundamenteel worden bestreden. Nu gebeurt dat goedbedoeld, maar halfslachtig vanuit het idee om desinformatie te bestrijden. Het valt te bezien of dat de juiste invalshoek is. Verboden of blokkades zijn niet het juiste antwoord, maar een aanschouwelijke weerlegging met argumenten als boter bij de vis is dat wel.

Er is in Nederland een vrije pers, maar de interne correctiemechanismen van de journalistiek zoals Ombudsmannen zijn verregaand uitgekleed. Het mechanisme van zelfregulering heeft weinig tanden. Op sociale media is de tegenspraak en correctie zo goed als uitgeschakeld door het eilandenrijk van de bubbels.

Waar de publieke uitspraken van politici en opinieleiders raken aan of gaan over wetenschappelijk onderwerpen is in de media een evenknie van de Vereniging tegen de Kwakzalverij nodig die per omgaande en wijd verspreid corrigeert, in de goede context zet en deskundigen die onder de pretentie van alwetendheid buiten hun vakgebied gaan terechtwijst. Dan kunnen in elk geval de misverstanden die opgeroepen worden snel opgeruimd worden. Als het vuil van het land dat uit de studio’s en krantenredacties wordt verwijderd. En ook van de universiteiten.

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelOnze angst voor het virus geeft de staat te veel ruimte’ van Kees Versteegh in NRC, 28 februari 2921.

Foto 2: Schermafbeelding van deel aankondigingWebinar 2020 On demand: Sociale media, slecht voor de gezondheid?’ van de Vereniging tegen de Kwakzalverij, 19 augustus en 21 oktober 2020.

COVID-19 houdt ons een spiegel voor: ‘De rek is eruit’ of ‘Onze veerkracht is groter dan ons verteld wordt’?

Je hoort het de laatste weken steeds meer ‘de rek is eruit’. Een petitie vraagt om ‘een open en vrije samenleving, waarin iedere burger vrij is om te gaan en te staan waar hij wil.’ Dat is marketing van de politieke partij Vereniging Vrij en Sociaal Nederland. Burger is mannelijk.

De medische oorzaak die kan leiden tot overbezette ziekenhuizen en IC’s, en uitgestelde zorg voor andere ziektes wordt weggemoffeld. Vrijheid is de leus. Ieder voor zich. De banvloek van 2021 is de excommunicatie van de werkelijkheid. Daar gaan velen lichtzinnig in mee.

Wie de media volgt komt al snel tot het vermoeden dat er een complot is om burgers als zielig, afhankelijk en op de rand van een zenuwcrisis of depressie af te beelden. Media doen niet alleen verslag, maar zetten zelf de toon van het opzwepen en het wijzen op de miskenning.

Hulp zou nodig zijn voor jongeren, ouderen en iedereen in psychische nood. Burgers kunnen het blijkbaar niet meer alleen klaren. Ze zijn te beklagen en hebben hulp van de staat nodig.

Nederland heeft zich onder het regime van COVID-19 verklaard tot een land van watjes. Terwijl de zorgsector onder enorme druk staat schiet Nederland in de verpleegstand. Als in een eierdoosje van zes met schattige veertjes liggen ze zacht met elkaar afgesloten van de harde wereld verbolgen te wachten op wat komen gaat. Of zo lijkt het in de media.

Vermoedelijk zijn Nederlanders veerkrachtiger en souvereiner dan nu alom wordt gesuggereerd. Dat geluid dringt slecht door omdat het niet in het denken past. Maar de befaamde Nederlandse trits van individualisme, nuchterheid en medemenselijkheid is niet weggesmolten als het laatste restje sneeuw voor de zon. Het is een beeld dat wordt vervormd.

Gaat het zo slecht met de Nederlanders dat ze reden tot klagen hebben? Er zijn beperkingen waarvan iedereen baalt. Maar het raderwerk van de samenleving loopt toch gewoon door? Iedereen kan de straat op en genieten van de zon. Iedereen kan een vriend of vriendin ontvangen of spreken. Onze veerkracht is groter dan ons verteld wordt. Weten we het niet? Daar op wijzen is het beste medicijn.

Foto: Aleksandr Mikhailovich Bermant, Yuzhno-Kurilsk. 2000. In de serie: ‘The Russian Far East in Modern Photography’. Collectie: Library of Congress.

Kabinet worstelt met aanscherping COVID-19 maatregelen, maar komt voet op de rem van burgemeesters, politie en regeringsfracties tegen

In het Verenigd Koninkrijk kunnen de ziekenhuizen de toestroom van COVID-19 patiënten nauwelijks aan. Die toestroom is nog nooit zo hoog geweest. Dat komt mede door de zogenaamde Britse variant van het virus dat besmettelijker zou zijn en het gedrag van personen die zich niet disciplineren. Het is erop wachten dat deze variant naar Nederland overwaait en hetzelfde in Nederland gebeurt. Nu al komt deze Britse variant in Nederland voor.

Het zou dan ook verstandig zijn als de Nederlandse regering een pro-actief beleid voert met strenge maatregelen. Dat is nog het enige middel om de pandemie te beteugelen. Maar het kabinet durft zich niet hard op te stellen en allerlei belangengroepen van burgemeesters, regeringsfractie en politie zijn tegen een harde aanpak. Wie de nieuwsberichten van vandaag leest waant zich in een alternatieve werkelijkheid. RTL Nieuws kopt: ‘Kabinet werkt aan avondklok, maar grote weerstand bij burgemeesters en regeringsfracties’ en het AD kopt: ‘Kabinet overweegt avondklok, maar burgemeesters en politiebonden zijn tegen’. Wie heeft het in Nederland nou eigenlijk voor het zeggen? Niemand echt? Dat is het failliet van het poldermodel. Nederland, de antropologie van de behoedzame niet-aanpak. Sloom. 

Foto: Schermafbeelding van de Voorpagina van Google Nieuws, 12 januari 2021

Media praatten vanaf het begin Trump (en Baudet) goed. Kritiek kreeg geen kans. Wat het ergst is, ze hebben er blijkbaar niks van geleerd

Nu in de VS Trumps presidentschap ten einde loopt en op 20 januari 2021 eindigt klinkt er steeds meer kritiek op de media. Zij hebben Trump de gelegenheid gegeven om zijn praatjes te communiceren zodat hij de macht kon grijpen, terwijl het vanaf het begin duidelijk was dat het om een gestoord en gevaarlijk individu ging. Door passend handelen hadden media de kritiek op Trump een meer prominente plek moeten geven. Pas later kwamen de media met kritiek op hem. Hoewel dat soms ferm was, werd de kritiek van psychiaters verzwegen en niet doorgegeven.

Overigens valt ook de zogenaamde deskundigen die de media ‘voeden’ met ‘content’ heel wat te verwijten. Zij hebben de media op het verkeerde been gezet. In veel gevallen wilden ze de ernst van het gevaar van Trump niet zien en voorspelden ze dat hij wel binnen de lijntjes zou kleuren.

In Nederland was het Willem Post die op 15 november 2016 een opinie-artikel in NRC plaatste dat kopte: ‘Het zal wel meevallen met Trumps dwaze avonturen’. In een commentaar van 17 november 2016 antwoordde ik: ‘Het gaat vreselijk worden. Het zou ook de Nederlandse media sieren dat ze de berichtgeving over Trump niet normaliseren. Of sussende opinies zoals die van Willem Post die volgen uit een fikse portie wensdenken niet publiceren zonder disclaimer. Media moeten niet meegaan in de suggestie dat ‘het allemaal wel zal meevallen’ met president Trump. Het gaat naar alle waarschijnlijkheid niet meevallen, maar tegenvallen.’ En tsjonge, wat viel het tegen met Trump en hoe zat Post ernaast met zijn opgepimpte autoriteit. Maar zoals zo vaak, terugkijken is er bij deskundigen en media niet bij en zelflerend vermogen dat als zodanig wordt benoemd ontbreekt.

In Nederland gebeurde hetzelfde met Thierry Baudet. Hij is ook een gestoord individu met krankzinnige denkbeelden die in het begin van zijn opkomst door de media tamelijk ongefilterd werden doorgegeven. Pas later kwam er kritiek op Baudet, maar toen was zijn naam al gevestigd en kon de journalistiek zich alleen nog maar afvragen hoe het deze tovenaarsleerling groot had helpen maken en wat voor schade aan de democratie het door eigen naïviteit had berokkend. Ook dat besef leidde niet tot een publieke reflectie op het eigen falen.

De paradox is dus dat er van buiten de gevestigde media fundamentele kritiek klinkt op de gevestigde media die hun functie van poortwachter van de democratie niet naar behoren hebben vervuld, maar de media zelf niet tot inzicht komen die wordt omgezet in een beleidsverandering. Of wat nog kwalijker is, ze zijn wel degelijk tot dat inzicht gekomen, maar doen er om economische of politieke redenen niets aan. Hoe dan ook is het resultaat hetzelfde: oorverdovende stilte en het ontbreken van publieke reflectie op het eigen handelen.

Dat is zorgwekkend, omdat de media in het geval van Trump (in de VS) en Baudet (in Nederland) niets geleerd lijken te hebben. Het wachten is op de volgende rechts-radicale politicus die door de zogenaamde ‘linkse’, maar in werkelijkheid ‘rechtse’ media die de status quo en de gevestigde belangen onderschrijven, op het schild wordt gehesen. Het is zelfs de journalistiek niet gegeven om niet de fouten van de vorige oorlog te herhalen. Laat staan dat het al een antwoord op de volgende oorlog kan voorzien door deductie van wat zich nu vroegtijdig aankondigt.

Om geloofwaardig te blijven is een fundamenteel debat binnen de media nodig dat reflecteert op het veranderde medialandschap en de radicalisering van de politiek en dat verder gaat dan een kritisch stuk van een goedwillende ombudsman ergens achter in een krant als aflaat voor een schoon geweten. Dat is te mager om serieus te zijn.

Foto: Schermafbeelding van deel eigen commentaarMedia praten Trump nu al goed. Met voorop wensdenkende Amerika-deskundigen die weten dat hij binnen de lijntjes blijft’ van 17 november 2016.