Zeeland heeft juridische middelen om Antwerpse haven plat te leggen. Durft het dat?

Schermafbeelding van deel redactioneel Liever gestrekt been dan grimlach‘ in PZC, 3 september 2021.

In een commentaar van 25 juni 2021 schreef ik dat de kankerwerkende stof PFAS de ontpoldering van de Hedwigepolder op losse schroeven zette. Het zorgt in elk geval voor beweging en onzekerheid in dit dossier dat gesloten leek. Grensoverschrijdende milieuverontreiniging vanuit de Antwerpse haven en het zo goed als ontbrekende optreden van Vlaamse overheden lijkt alles weer in beweging te zetten.

Vooral PZC-journalist Theo Giele zit goed in dit dossier. Hij schreef in een artikel op 22 juni 2021: ‘De hoge concentraties PFAS in de Westerschelde kunnen de discussie over de ontpoldering van de Hedwigepolder opnieuw doen ontvlammen. Moet je verontreinigd Scheldewater de polder in laten stromen?’

Dit gaat verder dan de Hedwigepolder. Giele constateert dat de PFAS-problematiek of de grensoverschrijdende vervuiling vanuit België breder is dan de problematiek van de ontpoldering van de Hedwigepolder. Vele gemeenten aan de Westerschelde maken zich grote zorgen over de gezondheid van hun inwoners door vervuiling met het kankerverwekkende PFAS.

Hoe de Vlaamse regering en de provincie Antwerpen jarenlang hebben weggekeken maakt de jarenlange illegale lozing van vervuilende stoffen in de Schelde door het Amerikaanse 3M in het Antwerpse Zwijndrecht duidelijk. ‘De provincie Antwerpen bleek vorig jaar zonder gedegen onderzoek naar milieueffecten en zonder Nederlandse autoriteiten op de hoogte te stellen een eeuwigdurende omgevingsvergunning aan het chemiebedrijf 3M te hebben verleend‘, zo concludeert Giele in de inleiding van zijn interview in de PZC van 4 september 2021 met de Vlaamse juriste  Isabelle Larmuseau. Deze voorzitter van Vlaamse Vereniging voor Omgevingsrecht (VVOR) meent dat Nederland met een beroep op artikel 159 van de Belgische Grondwet de hele Antwerpse haven plat kan leggen:

Schermafbeelding van deel artikel3M is geen uitzondering: ‘Nederland kan heel de Antwerpse haven plat laten leggen’ in de PZC van 4 september 2021

Dit juridische middel om de Antwerpse haven plat te leggen geeft Nederland een wapen in handen om druk te zetten op Vlaanderen. Dat kan aan kracht winnen als de provincie Zeeland die het meest geraakt wordt door het nalatige milieubeleid van de Vlaamse overheden en dus een duidelijk belang heeft op haar beurt de Nederlandse regering onder druk zet.

De nieuw aangetreden minister van Infrastructuur en Waterstaat Barbara Visser heeft in haar vorige functie als staatssecretaris van Defensie veel kwaad bloed gezet in Zeeland met haar leugens en geheim overleg over de Marinierskazerne in Vlissingen die uiteindelijk voorbijgingen aan de belangen van de provincie. Zij heeft dus nog wat goed te maken tegenover Zeeland.

De tragiek van een kleine provincie als Zeeland is dat het doorgaans geen middelen heeft om af te dwingen dat het een gesprekspartner is die door anderen serieus wordt genomen. Zowel de Vlaamse overheden die jarenlang het Zeeuwse provinciebestuur en de Zeeuwse gemeenten hebben genegeerd door ze niet te informeren over grensoverschrijdende vervuiling in de Westerschelde als de Nederlandse regering hebben zich als punt bij paaltje komt niets gelegen laten liggen aan Zeeuwse belangen. Zoals de ontpoldering van de Hedwigepolder waar de meerderheid van de inwoners en de Zeeuwse overheden tegen was. Andere belangen wegen politiek en economisch zwaarder.

Nu heeft Zeeland dat machtsmiddel wel. Het kan de Antwerpse haven platleggen. Dat is nieuw. De Zeeuwse bestuurders moeten nog leren om dat middel zelfbewust in te zetten en zich niet opnieuw door de machtspolitiek van Den Haag én Antwerpen laten paaien met loze beloften. Zeeland moet er met gestrekt been ingaan zoals het redactioneel van 3 september 2021 van de PZC zegt (zie bovenaan).

Het Zeeuwse provinciebestuur heeft Vlaanderen een ultimatum gesteld, zoals blijkt uit de reacties van Zeeuwse bestuurders die eindelijk wakker zijn geworden. De coalitie in de Staten en de Zeeuwse Milieufederatie hebben zich hierbij aangesloten. Dit gaat in de eerst plaats over de volksgezondheid van de Zeeuwen, maar ook over de emancipatie, bestuurlijke kordaatheid en zelfverzekerdheid van Zeeuwse bestuurders. Durven ze het deze keer hard te spelen door de schroom van zich af te werpen en alle juridische middelen in te zetten die ze hebben?

Beslissing van Hooggerechtshof over de abortuswet in Texas betekent meer dan de korte termijn-effecten

Mijn reactie bij een filmpje van de Family Action Council of Tennessee over de uitspraak van het Hooggerechtshof over een Texaanse anti-abortus wet die de uitspraak Roe versus Wade die vrouwen het recht op abortus geeft in Texas praktisch buiten werking zet. Dat is in de VS niet alleen bij progressieven hard aangekomen. Mijn reactie bij deze video:

Strange of you to celebrate Texas’s anti-abortion law. The law is un-American not only because it goes against the freedom and pluralism of young Americans in particular who are less and less religious, but also because it represents a radical, Christian vision supported by a shrinking percentage of the population.

It is the politicization of the Supreme Court that makes political positions more important than careful legal positions. This is a break in the trend that could also turn against conservatives in the long run. What if a progressive state like California, New York or Massachusetts decides to ban guns? The logic would be that the Supreme Court would support such a law. But it would lead to a tremendous polarization between left and right, as this Texas anti-abortion law does.

The fact that conservative chief judge John Roberts took a stand against Texas’ anti-abortion law indicates that its proponents are radical conservatives who are more extreme than Roberts. Whatever one thinks politically, it is not sustainable and undesirable for a country if a small radical minority imposes its will on the majority. That’s what happens here.

That is a bad development for the unity of the US because it makes the highest legal body of the nation lose credibility. It is out of balance with the mood in the country. There can only be a reaction to this, which may turn to the progressive side. In the end, no one benefited from that.

There is another Christian argument against Texas’ anti-abortion law. Christianity in its pure form is a religion of forgiveness and compassion for the weak. Remember the story of the Good Samaritan.

This ruling brings the battle between Christians and non-Christians to a head. As a result, extreme Christians alienate both moderate Christians and non-Christians (who now make up a quarter of the population) and Christianity as a religion is politicized because it ends up in the corner of intolerance and mercilessness. Christianity is being stolen from the faithful by radical right-wing politicians and opinion makers.

The ruling by a narrow majority (5-4) of the Supreme Court is bad for US citizens, the credibility of Christianity as a religion of compassion, public health, politics and the US justice system. Anyone celebrating the ruling should think beyond its short-term effects.

Een 15-jarig meisje werd seksueel uitgebuit door twee mannen onder wie een student rechten. Wat is een gepaste straf tussen vergelding en vergiffenis?

Schermafbeelding van deel artikelCelstraffen voor seksuele uitbuiting van 15-jarig meisje uit Drachten‘ van RTL Nieuws, 15 juli 2021.

De rechter ziet de ironie niet van de eigen opstelling. Het gaat om de uitbuiting van een 15-jarig meisje. Ze werd door twee mannen van 22 jaar seksueel uitgebuit. Ze hadden zelf seks met het meisje, boden haar aan op seksadvertenties en reden haar naar afspraken voor betaalde seks, waarna ze deelden in de opbrengst, aldus RTL Nieuws. De hoofdverdachte is veroordeeld tot 18 maanden cel, waarvan 8 voorwaardelijk.

Maar dan komt het: ‘De andere verdachte moet 79 dagen de cel in, omdat zijn aandeel kleiner was. Ook speelt mee dat zijn veroordeling sowieso al enorme gevolgen heeft voor zijn toekomstige maatschappelijke carrière. Hij studeert nu nog rechten‘.

Dat is een vreemde redenering die in de richting van klassenjustitie gaat. Het gaat immers niet om een incidentele misstap of uitglijder door de student rechten, maar om een patroon van kwalijke handelingen. De rechter noemt het mensenhandel. Dat is niet niks. De student kwam blijkbaar pas tot inkeer toen hij werd vervolgd. Is dat tijdig genoeg voor clementie van de samenleving?

Tja, vooropgesteld, iedereen in Nederland heeft na een misstap recht op een tweede kans. Dus straks loopt er wellicht een jurist rond die in zijn jeugd een 15-jarig meisje heeft uitgebuit en daar gedurende een langere tijd seksueel en financieel van heeft geprofiteerd.

Dat ‘Hij studeert nu nog rechten‘ geeft spanning aan het bericht van RTL Nieuws. Komen de student en zijn ouders tot het inzicht dat iemand die dit uitgevreten heeft nooit meer een geloofwaardige verdediger van de rechtsorde kan worden?

Men mag alleen maar hopen dat de student op geen enkele manier, dan wel als advocaat, dan wel als zittende magistraat, betrokken raakt in de rechterlijke macht. Dat zou niet alleen ongepast zijn, maar getuigen van ironische perversie.

Hoe zit het met de tweede kans voor het 15-jarig meisje? Is ze voor jaren getraumatiseerd door het misbruik door de twee mannen? Maar men mag evenmin hopen dat de student rechten om tot zelfkennis te komen switcht naar een studie psychologie en in de toekomst degene is die een volwassen vrouw die als 15-jarige meisje door twee mannen werd uitgebuit bijstaat in het verwerken van haar jeugdtrauma. Wat voor gesprek kan dat worden?

Conservatieve christenen en rechts radicalen ontkennen dat abortus een vrouwenrecht is. Antwoord op een artikel op ‘Christian Headlines’

Schermafbeelding van deel artikelPro-Lifers Are Like Flat Earthers, Says Sponsor of EU Resolution Calling Abortion a ‘Fundamental Right‘ van 28 juni 2021 van Michael Foust voor Christian Headlines.

Mijn reactie bij het artikelPro-Lifers Are Like Flat Earthers, Says Sponsor of EU Resolution Calling Abortion a ‘Fundamental Right‘ van 28 juni 2021 van Michael Foust voor Christian Headlines. Ik heb er kritiek op en zet een Europese naast een Amerikaanse visie op het onderwerp: veilige toegang tot abortus voor vrouwen. Zie voor een Nederlandse vertaling bij reacties:

It is unclear why this article on European politics reflects the position of an American lobby group. It has only indirectly to do with the subject. Nor does it help that the author tries to put an American frame on this subject. That does not correspond to the European situation.

American politics is steeped in religion, but it’s different in Europe. There it is the exclusive territory of New Right and conservative Christians. Although in the US the importance of religion in society and politics is rapidly diminishing, partly due to the corruption of white church leaders with former President Trump. So in that respect, the EU and US are growing closer together.

The framing is normative that the resolution is ‘controversial’. Why is the word ‘fundamental’ put in quotes before the word ‘human right’? It is not enough for the writer to present the facts, but he tries to make the decision-making in the European Parliament suspicious. That is not very generous and understanding.

More interesting is what the article doesn’t say. Namely that safe access to abortion is a human right. That finds its reason in practical politics. Women’s rights are restricted in Poland and Malta. The resolution opposes that. The resolution is about safe access to abortion and not about ensuring its legalization. That is a possible next step.

Conservative members of the European Parliament also deny that access to abortion is a human or women’s right. They believe it is a legal right. What makes their position untenable, however, is that they accuse the drafter of the resolution of ideologizing a human right, but by withholding their support they do exactly that. Namely, the ideologizing of a women’s right.

The resolution should be understood not so much as a progressive offensive, but rather as an attempt to roll back the most restrictive measures introduced in some EU member states during the COVID-19 pandemic. In other words, the resolution goes back to the pre-COVID-19 status quo.

Nor does the article mention the negative influence of religion and conscience (the so-called “conscience clause,” for doctors to refuse help to women) on the position of women who want to have abortions. Abstaining from abortion can endanger women’s rights and lives.

The private opinion of the socialist MEP from Croatia Predrag Fred Matić, who makes a comparison between pro-life activists and flat earthers, does not belong in an overview, much less in the headline. Matić wrote the resolution. This is tendentious and unnecessarily tries to sharpen a serious debate about abortion and women’s rights.

Managers van RTV Noord huren columnist Willem van Reijendam niet meer in omdat hij kritiek heeft op managers

Schermafbeelding van deel columnColumn: Verdienen en waard zijn‘ van Willem van Reijendam voor RTV Noord, 12 juni 2021.

Wow, ik kan het bijna niet geloven dat managers van RTV Noord een columnist de wacht aanzeggen omdat hij kritiek heeft op het functioneren van managers. Er bestaat onderhand toch maatschappelijke overeenstemming over het feit dat de handen aan het bed, kortom de werknemers in het veld die vitale beroepen uitoefenen financieel en anderszins ondergewaardeerd worden? In combinatie met de hoge werkdruk. 

Uiteraard is een bepaald percentage managers noodzakelijk, maar de consensus is toch dat er veel overbodige managers zijn? Het blijft doorgaans echter bij mooie woorden omdat managers hun positie goed verdedigen en daarom niet makkelijk ontslagen worden. Want zij zitten zelf aan de knoppen van hun eigen personeelsbeleid en ontslaan zichzelf niet. Maar de kritiek op hun bevoorrechte positie moeten ze zich toch onderhand kunnen laten welgevallen? Of willen ze naast macht en goede arbeidsvoorwaarden ook nog maatschappelijke waardering en aanzien afdwingen? Dat laatste lijkt echter een gepasseerd station en is te veel gevraagd.

Het zal simpel gedacht zijn, maar het geld dat nodig is voor vitale beroepen kan weggehaald worden bij niet-vitale beroepen in de publieke sector en de semi-publieke sector zoals RTV Noord. Dat betreft voorlichters, marketeers, beleidsmedewerkers, projectleiders en managers. Ze zijn in grote mate misbaar. De wildgroei van dit type vage en bij nader inzien overbodige beroepen is afgelopen jaren ongekend geweest. Deze beroepen kunnen zinvol zijn en niet alle individuen hoeven ontslagen of gekort te worden in hun salaris, maar er bestaat overeenstemming over de conclusie dat een meerderheid van dit soort medewerkers in niet-vitale beroepen overbodig is. Dat vraagt om ander beleid.

Waar gaat het concreet over? De column van Willem van Reijendam van 12 juni 2021 zegt over managers:

Schermafbeelding van deel columnColumn: Verdienen en waard zijn‘ van Willem van Reijendam voor RTV Noord, 12 juni 2021.

Dit is een volkomen logische redenering. Van Reijendam herhaalt een standpunt dat maatschappelijk geaccepteerd is en sinds de COVID-19 pandemie van de afgelopen twee jaar alleen maar aan rugwind gewonnen heeft. Die redenering bestaat eruit dat geld dat nodig is voor vitale beroepen bij niet-vitale beroepen weggehaald kan worden.

Van Reijendam reflecteert hiermee op een dubbel maatschappelijk probleem. Het eerste is het bestaan van de wildgroei aan overbodige beroepen die maatschappelijk en economisch niets toevoegen aan het welzijn en de welvaart van Nederland. Het tweede bestaat eruit dat op deze analyse dat het belang van de overbodige beroepen moet worden teruggebracht niets gebeurt omdat de overbodige beroepen dat verhinderen. De kwestie Van Reijendam is een voorbeeld van managers die hun positie verdedigen en zich laten kennen als usurpator. Ofwel, personen die op een illegale wijze bevoegdheden naar zich toetrekken.

In een FB-post van 26 juni 2021 waar Bart Fm Droog me opmerkzaam op maakte zegt Van Reijendam het volgende: ‘Voor wie de wekelijkse zaterdagcolumn mist die ik al ruim zes jaar schrijf voor RTV Noord: die is door het management van deze omroep stopgezet, wegens een ‘ernstige vertrouwensbreuk. In het kort, en in mijn bewoordingen: het management voelt zich ‘geschoffeerd en gekleineerd’ door mijn column van twee weken geleden over (gebrekkige) marktwerking op de arbeidsmarkt, waarin ik vaststel dat ic-verpleegkundigen, waar grote vraag naar is, er geen geld bijkrijgen, terwijl managers, waar je de grachten mee kunt dempen, er niet op achteruit gaan.’  

Maar dan komt het en vervolgt Van Reijendam: ‘Het management van RTV Noord is vooral not amused dat ik managers vergelijk met voortwoekerende schimmel en wenst die vergelijking persoonlijk op te vatten. Het schrijft: ‘… er zijn wel fatsoensgrenzen waar wij ons aan vasthouden. Die grenzen zijn ver overschreden.’ Ik word per direct ook niet meer ingehuurd voor redactionele diensten.’

Het lijkt er inderdaad op dat er fatsoensgrenzen zijn overschreden. Maar niet door Willem van Reijendam die ik overigens niet ken, maar door de managers van RTV Noord die jammergenoeg in deze kwestie anoniem blijven en tot nu toe publiekelijk aan niets of niemand verantwoording hebben afgelegd over deze kwestie. Dat is hun macht die ze nu uitbuiten door een columnist de laan uit te sturen. Is een column in een krant of bij een omroep trouwens niet een vrijplaats waar de ruimte om een afwijkende en scherpe opinie te geven groter is dan in de reguliere verslaggeving? 

Hemeltje, als de feiten kloppen dat voor de managers Van Reijendams column voor RTV Noord de reden was om hem niet meer in te huren, dan laten ze zich van hun kinderachtige kant kennen. Dit lijkt sterk op vergelding. Blijkbaar uitsluitend omdat Van Reijendam een maatschappelijk probleem signaleert, namelijk dat de wildgroei aan overbodige beroepen nog steeds geen halt is toegeroepen. Zonder dat hij overigens iemand bij naam noemt. De managers van RTV Noord worden naar mijn idee meer beschadigd door hun reactie op Van Reijendam, dan door zijn column.

De managers van RTV Noord verschuilen zich achter hun opvatting van burgermansfatsoen die ze Van Reijendam als een norm voorhouden die hij dient te accepteren. Verwijzing naar fatsoen is altijd een zwaktebod van de zittende macht en om verschillende redenen ongelukkig. Het is een hoogst subjectief begrip waarvan de interpretatie niet bij voorbaat vaststaat. De managers van RTV Noord hebben zich echter niet onmogelijk gemaakt omdat ze fatsoensridders zouden zijn, maar omdat ze het diepste wezen van de journalistiek overduidelijk niet begrijpen. Ze kunnen niet tegen tegenspraak en hebben daarom bij een nieuwsmedium niets te zoeken.

Gedachte bij de foto ‘Juliana ziekenhuis; droger, mand’ (1955)

Juliana ziekenhuis; droger, mand. Terneuzen, Juli 1955. Collectie: Beeldbank Zeeland.

Hier worden terloops functionalisme en het nieuwe bouwen uitgebeeld. Een glimlachende en naar de fotograaf kijkende medewerkster is aan het werk in een wasruimte van het Julianaziekenhuis in Terneuzen.

Opgeleverd in 1955 was het een prachtig, weliswaar laat voorbeeld van dat nieuwe bouwen met transparantie, ruimte. licht en lucht. De tegelvloer wijst op strakke hygiëne. De witte wasmachine schittert als het nieuwste van het nieuwste. Verstilling en evenwicht zijn de kenmerken. Pronkerigheid en gewichtigdoenerij zijn afwezig. Eenvoud is de elegantie. De verdienste is om niet meer te lijken dan het is. Een tegenwoordig ondergewaardeerd beginsel dat niet eens meer begrepen wordt. De architect ervan was J.P. Kloos. In 1989 werd het ziekenhuis afgebroken.

In een publicatie van Eva Wijdeveld over ziekenhuizen in de wederopbouw (1940-1965) citeert zij Kloos: ‘Zo zal de architect de verantwoordelijkheid dragen voor de ruimtelijke conceptie, voor de hoofdstructuur, voor de vele van de verdere geledingen tot in de kleinste details en bovendien voor de sfeer, die het huis ademt door ruimtelijke verhoudingen, door vorm en door kleur.’

Opbouw en afbraak geven het opkomen en verdwijnen van het optimisme weer. De naoorlogse wederopbouw vertaalde zich in optimisme, werkzin, trots en hoop op een betere toekomst. Gemeenschapszin was daar de onderliggende kracht van. De schaduwzijde was het verdwijnen daarvan. In 1990 brak het ik-tijdperk aan.

Als we hier 65 jaar later naar kijken, dan zien we tegelijk moderniteit en nostalgie. Verbazing over een prachtig voorbeeld van architectuur en de verzuchting waarom het niet meer bestaat. Er valt weinig meer aan toe te voegen. De combinatie van voorbijgegane hedendaagsheid en verlangen komt niet vaak voor. Vraag is in welke tijd het past. Ik blijf het antwoord schuldig. Met een mening pronken past slecht bij dit onderwerp.

Cummings getuigt voor commissie Lagerhuis en maakt gehakt van de bestrijding van de pandemie door de regering Johnson én de Britse politiek

Vandaag getuigt de tot november 2020 belangrijkste adviseur van de Britse premier Boris Johnson voor de gezamenlijke onderzoekscommissie van de Health and Social Care Committee van het Lagerhuis. Dominic Cummings was ook de strateeg achter de Brexit.

Cummings viel zowel premier Johnson als de minister voor Volksgezondheid Matt Hancock aan. De laatste noemde hij een leugenaar. Cummings benadrukte steeds dat in het Britse openbaar bestuur vele briljante ambtenaren werkzaam zijn, maar dat het leiderschap faalt.

Het werd er absurd op toen Cummings op een vraag van parlementariër Rebecca Long-Bailey die het accent legde op de economische schade die Johnson wilde vermijden, het links-radicale lid van Labour en medestander van de voormalige partijleider Jeremy Corbyn, antwoordde dat een politiek systeem dat de keuze geeft tussen Johnson en Corbyn failliet is. Terwijl er zoveel competente mensen zijn die niet doorstoten naar de top. Hij hield Long-Bailey voor dat de Britse partijpolitiek bij zichzelf te rade moet gaan om dit beter te doen.

Het werd er nog absurder op toen hij die gedachtengang doortrok en zichzelf erin betrok. Cummings vroeg zich af hoe het mogelijk was dat hij als een niet hooggekwalificeerde persoon een functie als de belangrijkste strategische adviseur van premier Johnson in had kunnen nemen. Dat wijst volgens hem op een politiek bestel dat niet optimaal opereert. Dat is een echo van de scherts van Groucho Marx die ooit zei dat hij weigerde lid te worden van een club die hem als lid wilde hebben.

In de ‘spin’ van Cummings’ getuigenis waren de reacties voorspelbaar. Leden van Labour vielen premier Johnson aan wegens zijn gebrek aan urgentie bij het bestrijden van de pandemie die leidde tot een vertraging van zes weken tussen januari en maart 2020 zodat er niet meer doelmatig kon worden opgetreden. De leden van de Conservatieve partij vielen Cummings aan en meenden dat hij zijn persoonlijke interpretatie van de feiten gaf en nog een appeltje te schillen had met premier Johnson omdat hij in november 2020 het veld had moeten ruimen.

Objectieve waarnemers zaten tussen deze twee posities in. Ze erkenden dat Cummings vanuit zijn eigen waarneming sprak en een eigen agenda heeft, maar vonden zijn getuigenis belangrijk en consistent genoeg voor een vervolgonderzoek naar het optreden van het kabinet inzake de bestrijding van de pandemie in het voorjaar van 2020 dat vele vragen open laat. Daarnaast werd geconstateerd dat achtereenvolgende regeringen al meer dan 10 jaar geleden waren gewaarschuwd voor een Sars-achtige pandemie waarvan het onvermijdelijk werd geacht dat die zich aan zou dienen, maar waar ze zich met plannen en scenario’s bestuurlijk en materieel niet op voorbereidden.

Het addertje dat Cummings onder het gras had gestopt had te maken met zijn bekentenis dat hij met zijn achtergrond nooit zo’n belangrijke functie in had moeten kunnen nemen. Het is de booby trap die Cummings in zijn getuigenis verstopt heeft.

Als de Conservatieven de onkunde van Cummings te uitdrukkelijk bevestigen, dan roepen ze twee vragen op. Namelijk over het feit dat premier Johnson ondanks waarschuwingen om het niet te doen Cummings tot zijn belangrijkste strategische adviseur benoemde. En hoe het dan zit met de succesvolle Leave-campagne in 2016 waarvan Cummings het genie was en die tot de Brexit leidde. Als de Conservatieven de geloofwaardigheid van Cummings te sterk aanvallen en hem afserveren als een incompetent buitenbeentje, dan vallen ze indirect ook de geloofwaardigheid van de Brexit aan en de argumenten die Cummings aandroeg en in het publieke debat gemeengoed werden.

PS: In het commentaar ‘Dominic Cummings valt Boris Johnson aan op aanpak pandemie. Was op 16 maart 2020 het idee van immuniteit achterhaald toen Mark Rutte zijn TV-toespraak hield? van 23 mei 2021 ging ik in op Cummings' kritiek over het bereiken van immuniteit. Dat werd in de week van 9 tot 16 maart 2020 met urgentie bespreken in regeringskringen. 

Door groepsdenken binnen de regering Johnson bestond het idee dat deze immuniteit de vraag van de zorg zou kunnen afvlakken. Als er weinig werd ingegrepen zou dat pieken in de gunstige zomerperiode van 2020 en als er meer werd ingegrepen zou dat pieken in de ongunstige winterperiode, de laatste maanden van 2020. Daarom ontstond het idee dat niet ingrijpen in de bestrijding het betere alternatief was. Want een Oost-Aziatische lockdown werd onmogelijk geacht voor het Britse publiek.  

Cummings steekt de hand in eigen boezem en meent dat dit een valse tegenstelling was. Op 16 maart 2020 hield de Nederlandse premier Mark Rutte een TV-toespraak waarin hij wees op immuniteit als middel om de pandemie te bestrijden. Hij was daar overigen niet helder in en kwam er later wat halfslachtig op terug. 

In het Verenigd Koninkrijk begon de regering vanaf donderdag 12 maart 2020 afstand te nemen van dat principe van immuniteit. In dit commentaar stelde ik de vraag waarom premier Rutte door zijn staf, het RIVM of zijn liaison met Westminster niet tijdig geïnformeerd was over de onbruikbaarheid van dat idee van immuniteit en waarom hij het op maandag 16 maart in zijn TV-toespraak noemde. 

Daarom verwachtte ik dat Cummings’ getuigenis in Nederland vragen zou oproepen over de stand van zaken binnen het Nederlandse kabinet op 16 maart 2020. Want de voorbereiding op een pandemie was in Nederland net als in het Verenigd Koninkrijk blijkbaar niet op orde. De informatie over immuniteit als middel om de pandemie te bestrijden die premier Rutte rond 16 maart 2020 van onder meer de wetenschappers van het RIVM, het OMT en het ministerie van Volksgezondheid kreeg was met de kennis van toen ook al onjuist. 

Dat is tot nu toe in de Nederlandse publieke opinie en politiek niet duidelijk uitgesproken. Ik opperde de mogelijkheid dat de hoorzitting met Cummings dat debat in Nederland over immuniteit kan doen herleven. 

Dominic Cummings valt Boris Johnson aan op aanpak pandemie. Was op 16 maart 2020 het idee van immuniteit achterhaald toen Mark Rutte zijn TV-toespraak hield?

Deel uit TV-toespraak van minister-president Mark Rutte op 16 maart 2020. Op site Rijksoverheid.

Het bovenstaande citaat is een nu wat weggemoffelde episode uit de bestrijding van de COVID-19 pandemie. Premier Mark Rutte sprak op 16 maart 2020 vanuit het Torentje het land toe in een TV-toespraak. Het werd vergeleken met premier Den Uyl die in 1973 het land via de televisie toesprak over de oliecrisis. Omdat er een olieboycot ingesteld was tegen Nederland volgden de autoloze zondagen. Dat geeft de ernst aan van zo’n toespraak. In uitzonderlijke gevallen houdt een premier zo’n toespraak op de publieke omroep om het land te informeren en voor te bereiden op overheidsmaatregelen.

Premier Rutte had het in maart 2020 over immuniteit. In het Engels wordt het ‘herd immunity’ genoemd. Het idee was toen dat als de kudde, een groot deel van de bevolking immuun was voor het virus de bevolking beschermd was. Later werd dit idee van het opbouwen van groepsimmuniteit verlaten omdat het te ongericht was en tot vele duizenden extra doden zou leiden. Het bleek in de praktijk niet maatschappelijk haalbaar en werkbaar te zijn.

Het noemen van dat streven naar immuniteit door premier Rutte tekende in het begin van de pandemie dat de volle ernst ervan nog niet duidelijk was en experts en bestuurders nog niet goed wisten wat de beste bestrijding was. Door vallen en opstaan zochten ze hun weg. De immuniteit bleek een doodlopende weg die daarna snel verlaten werd. Over grenzen heen keken landen naar elkaar om proefondervindelijk de beste bestrijding te vinden. In maart 2020 was er nog geen zicht op een vaccin dat pas aan het eind van dat jaar uit de testfase kwam en in productie kon worden genomen.

Deze fase van de bestrijding van COVID-19 is inmiddels een verstopte archeologische laag die 14 maanden later ondergeslipt is door nieuwe ontwikkelingen. We herinneren het ons nog half zonder er nog aandacht aan te besteden. Maar in het Verenigd Koninkrijk is het een explosief politiek middel.

Dat zit zo. Dominic Cummings was de belangrijkste strategische adviseur van premier Boris Johnson. Hij is briljant en controversieel. Hij was essentieel in de campagne voor het Brexit-referendum toen in 2016 tegen alle verwachtingen in het Verenigd Koninkrijk met een kleine meerderheid voor uittreding uit de EU koos. De Brexit. De slogan ‘Take Back Control’ die aan Cummings wordt toegeschreven speelde hierbij een grote rol. Maar hij was geen teamspeler en had voortdurend conflicten met andere functionarissen. In november 2020 stapte Cummings na druk van Johnson op als adviseur. De verwachting was dat zijn wraak later koud zou worden opgediend.

Die wraak kwam vanaf 17 mei 2021 in de vorm van een twitterstorm. Inmiddels heeft Dominic Cummings 42 tweets geplaatst over de aanpak van de pandemie door de regering Johnson. Hij noemt in tweet 17 die aanpak deels een ramp, deels niet bestaand. Hij claimt dat als competente mensen de leiding hadden gehad in de bestrijding, het misschien mogelijk was geweest om de eerste lockdown te vermijden en er “zeker” geen noodzaak zou zijn geweest voor lockdowns twee en drie. Politico vat het samen in een artikel.

De toon is gezet. Cummings zoekt de aanval. In de tweets 40-42 van 22 mei 2021 noemt hij het streven naar immuniteit in maart 2020 dat toen als kern van de bestrijding werd gezien. Dat is de eerste helft van maart toen premier Rutte (iets later) zijn toespraak hield waarin hij het over immuniteit had. Cummings valt premier Johnson trouwens niet zozeer aan over het foute plan om te streven naar immuniteit, maar over het feit dat hij achteraf niet wilde toegeven dat het een fout plan was of zelfs deel van de strategie was geweest om de pandemie te bestrijden.

Tweets van Dominic Cummings, 22 mei 2021

Dit geeft inzicht in de hectiek van maart 2020 toen verkeerd werd ingezet op de bestrijding door het streven naar immuniteit. Opvallend is dat Cummings zegt dat in de week van maandag 9 maart 2020 premier Johnson door deskundigen duidelijk werd gemaakt dat dit immuniteitsplan tot rampen zou leiden, terwijl in de week daarna premier Rutte op maandag 16 maart 2020 zijn TV-toespraak hield.

Dat roept de vraag op of premier Rutte en zijn liaison met het toenmalige EU-lid Verenigd Koninkrijk én de RIVM de signalen uit Downing Street of van de Britse evenknie van het RIVM niet tijdig hadden opgepakt. Het is interessant om die week van 9 tot 16 maart 2020 te reconstrueren en te beredeneren waarom Mark Rutte een toen al in het Verenigd Koninkrijk achterhaalde strategie, althans volgens Dominic Cummings, aan het Nederlandse volk als succesvol of kansrijk presenteerde.

In het Verenigd Koninkrijk wordt uitgezien naar het verschijnen komende woensdag 26 mei van Dominic Cummings voor de gezamenlijke onderzoekscommissie van de Health and Social Care Committee van het Lagerhuis. Centraal staat de besluitvorming over de bestrijding van COVID-19 in de eerste maanden van de pandemie. Cummings heeft zijn aanval op premier Johnson en Volksgezondheidsminister Matt Hancock in de twitterstorm voorbereid.

Ook voor Nederland kan het van belang zijn wat Cummings zegt. Als hij overtuigend kan maken dat in de tweede week van maart 2020 dat idee van immuniteit al achterhaald was, dan roept dat de vraag op waarom premier Rutte daarvan niet op de hoogte was en hij op 16 maart 2020 dat idee van immuniteit aan het Nederlandse volk presenteerde. Dat gaat dus niet zoals bij premier Johnson om de beschuldiging van het achteraf goedpraten of wegmoffelen van beleid, maar om informatievoorziening over de pandemie die met de kennis van 16 maart 2020 niet actueel en nauwkeurig was.

Is de middelmatigheid van Hugo de Jonge nodig?

Minister De Jonge grapt over gebaar voor hamsteren tijdens persconferentie, april 2020.

Het is een cliché. maar alles is relatief. Neem nou de politiek. Hugo de Jonge is als minister van Volksgezondheid een voorbeeld van een middelmatig politicus. Zijn opereren in de COVID-19 is niet overtuigend. Zijn taalgebruik is omslachtig, niet precies en zit vol met slechte gewoonten. Een originele en autonome geest is daar niet achter te vinden.

Als Hugo de Jonge wordt doorgesneden, dan toont zich een leegte die wordt verhuld door gele Post-it notities met kreten die op zoek zijn naar betekenis die ze nooit zullen vinden.

Vorige week dinsdag kwam daar op een persconferentie over de pandemie De Jonge’s uitspraak bij dat Nederland wel ‘een dag zonder’ theaters en musea kan. De kunstsector vatte dat terecht op als een dolksteek in de rug. Ofwel, een aanval met woorden die minachting voor de kunst verraadt. In zijn middelmatigheid had deze minister vermoedelijk niet in de gaten welke betekenis zijn woorden hadden en hoeveel schade hij ermee aanrichtte. Vooral aan zijn eigen aanzien. Zijn rivalen zullen gesmuld hebben van zoveel onhandigheid.

Toch kan het nog slechter dan zo’n minister die als een stoethaspel onhandig over zijn eigen woorden struikelt en geen controle heeft over zijn beleidsterrein. Want zoals gezegd, alles is relatief. We hoeven maar naar rechts te kijken om types als voormalig president Donald Trump of het zelfbenoemde genie Thierry Baudet te zien die angstwekkender zijn dan een middelmatige minister. Zij zijn tegendraads, uitsluitend op zichzelf gericht en de rede voorbij. Ze laten zich kennen als vijanden van de democratie. Continu maken ze fouten zonder dat toe te geven. Want de fout ligt bij de ander, zo vertellen ze.

De subversie van Trump of Baudet is geen reden om de middelmatigheid van De Jonge niet publiekelijk te benoemen. Of de middelmatigheid van minister Ingrid van Engelshoven (D66) die zegt voor de kunsten op te komen zonder voor de kunst op te komen. Aftreden was haar redding geweest om geloofwaardig te zijn, maar dat lef miste zo. Zoals ze op al haar beleidsterreinen lef mist. De reeks middelmatige ministers in het demissionaire kabinet Rutte III is groot. Voor de volledigheid hun namen: Ollongren, Blok, Bijleveld, Van Nieuwenhuizen, Dekker en Grapperhaus.

Interessant is de vraag waarom er zoveel middelmatige ministers zijn. Hoe komt dat? Waren ze hun hele leven al middelmatig of zijn ze dat pas geworden door de gietvorm van de partijpolitiek waardoor ze misvormd zijn? Of doet het er niet toe? Moet de conclusie zijn dat een zeker volume aan middelmatigheid het noodzakelijke smeermiddel van het politieke bedrijf is? Als je de middelmaat weghaalt, dan verliest de constructie het verband.

Middelmaat kan daardoor opgevat worden als een noodzakelijke voorwaarde voor politiek. Het is het cement én het stootkussen dat zelfbenoemde genieën die met zichzelf op de loop gaan op afstand houdt. Wetenswaardig is om te beredeneren wat de optimale mix is van middelmatigheid die nodig is om net zoveel cement te bieden dat de constructie houdt, terwijl niet te veel wordt ingeboet aan kwaliteit. Een advies aan de informateur voor een volgend kabinet is om het met ietsjes minder middelmatigheid te doen. Want Hugo de Jonge is nogal verregaand middelmatig. Hij overdrijft het.

Politieke partijen schofferen kunstsector. Daar kan eenheid uit ontstaan door oprichting van een Partij voor de Kunsten

Racial purity is America’s security
Creator(s): Ku Klux Klan (1915- ), sponsor/advertiser
Date Created/Published: Denham Springs, La. : Ku Klux Klan, [between 1965 and 1980]

Er zijn historische voorbeelden dat eenheid ontstaat door een tegenstander die als gezamenlijk wordt beschouwd. Wat tot dan toe verdeeld was beseft ineens dan dat het met elkaar samen iets kan zijn. Het besef breekt dan door dat de onderlinge verschillen overbrugbaar zijn.

Denk aan het ontstaan van de Duitse eenheid in de vroege 19de eeuw die door pogingen van keizer Napoleon om staten als Beieren, Saksen en Württemberg te verenigen (onder Frans gezag) en de constructie van modelstaat Westfalen dichterbij kwam. In reactie. Of denk aan de pogingen van de Nederlanders om de eilanden in de Oost-Indische archipel te verenigen waar Indonesië in 1948 op voort kon borduren. Zonder die Nederlandse voorgeschiedenis was het in die vorm nooit gelukt.

Politieke eenheid ontstaat soms ondanks zichzelf en dankzij een gezamenlijke buitenstaander die gezien wordt als gemeenschappelijke vijand. Het is een klassieke wijze van opereren van politici om binnenlandse eenheid te smeden door het oproepen van het beeld van een buitenlandse vijand. Waar iedereen zich vervolgens tegen keert. Maar hier gaat het om iets anders, namelijk het ontstaan van eenheid of het besef van eenheid dat tot dan toe niet bestond.

De racistisch poster van de Amerikaanse Ku Klux Klan dateert uit de tijd dat deze beweging actief door de Amerikaanse regering werd tegengewerkt. Door tegenpropaganda en undercover acties die tamelijk succesvol waren. Daarnaast sprak de boodschap over raciale zuiverheid weliswaar een harde kern van racisten aan, maar keerden de meer gematigde burgers zich ervan af omdat het voor hen te ver ging.

Overigens is het wachten op het moment dat de pro-Trump beweging die zich tegen de Amerikaanse democratie keert eveneens te ver gaat en de steun van de kiezers in het midden verliest. Ogenschijnlijk is dat proces al in gang gezet voor wie de populariteitscijfers van president Biden van boven de 60% ziet. Hoewel Trump nog even populair blijft. Voor de Amerikaanse overheid is het lastiger om net als bij de KKK door anti-terrorisme infiltratie en tegenpropaganda deze beweging op de knieën te krijgen omdat het om een politieke partij gaat.

De gedachtensprong is welk onderwerp in de Nederlandse politiek zich leent voor het ontstaan van eenheid. De vervolgvraag is waarom de eenheid niet al is ontstaan rond bepaalde netelige onderwerpen. Zoals de Toeslagenaffaire. Die kwestie voldoet waarschijnlijk niet aan de voorwaarde voor het ontstaan van eenheid, omdat niet de hele politiek eraan deelnam.

Wel zo’n onderwerp dat het in zich heeft om een scala van gelijkgestemden en niet-gelijkgestemden te motiveren is de aversie, animositeit, vijandschap of in het beste geval het links laten liggen van de kunstsector door de gehele politieke klasse. Geen enkele politieke partij of politicus neemt het tot nu toe ondubbelzinnig op voor de kunst. Dat is opvallend.

Bordelen, caféterrassen, sportscholen, dierentuinen en winkels gaan in de derde golf van de COVID-19 pandemie open met vaak grote drukte van wachtende rijen tot gevolg, maar musea, schouwburgen en muziekpodia die in Nederland uiterst professioneel geleid worden en goed voorbereid zijn moeten nog even dicht blijven vanwege de pandemie. Dat is een regelrechte schande en een schoffering van de kunstsector. Een openbare oorvijg die aangeeft hoe in Nederland de politiek de kunsten waardeert.

Het lijkt bijna onvermijdelijk dat daar eenheid door ontstaat omdat het besef doorbreekt dat de kunst op het Binnenhof laag in de rangorde staat . Die eenheid zou zich kunnen manifesteren in de oprichting van een Partij voor de Kunsten.