George Knight

Debat tussen links en rechts

Nostalgie in de politiek (Farage, Trump, Putin, Wilders) biedt geen oplossing voor problemen van vandaag. Bewustwording gevraagd

leave a comment »

willem_van_de_velde_ii_-_de_verovering_van_het_engelse_admiraalschip_de_royal_prince-1

We leven in een toenemend digitale wereld. Die glijden we geleidelijk in. Dat is de wereld van het dualisme. De wereld van de ‘1’ en de ‘0’. Een wereld waarin we moeten kiezen. Als er niet voor ons gekozen wordt. Ook nog eens een wereld waarin van alles in rap tempo verandert. Landen veranderen van karakter. Miljoenen mensen zijn op de loop. Nostalgie is het middel om de pil te vergulden. Maar nutteloos voor de toekomst omdat het geen oplossing voor nieuw opdoemende problemen zoekt. Het ontkent het bestaan van het probleem.

In een artikel voor International Business Times beschrijft James Bloodworth dat mechanisme van nostalgie in de politiek. Met de aankeiler ‘Rather than confronting issues with fresh ideas, movements are fearfully retreating to the halcyon past.’ Ofwel: ‘In plaats van problemen met frisse ideeën aan te pakken, trekken   bewegingen zich angstig terug in een vreedzaam verleden’. Dat gebeurt wereldwijd. Bij Nigel Farage, Donald Trump, Vladimir Putin en in Nederland Geert Wilders en Thierry Baudet. Deze bewegingen trekken zich terug in een nationaal verleden dat ze idealiseren. Daartoe worden de natiestaat, het Stalinisme of een ver verleden van eeuwen terug (‘Balkenende: VOC-mentaliteit’) afgestoft, opgepoetst en de inwoners van een land als voorbeeld voorgehouden. Maar het is een dwaalspoor omdat het de problemen van vandaag niet aanpakt.

James Bloodworth en velen met hem worstelen om de groep politici die focust op een nationaal verleden te omschrijven. Moeten ze ‘populisten’, ‘rechts-nationalisten’ of ‘post-waarheid’ politici genoemd worden die de feiten ondergeschikt maken aan hun mening en zo hun eigen waarheid boetseren? Hij opteert nu om dit type politici anders te noemen: nostalgie, ze voeren een politiek van nostalgie. Bloodworth ziet dit populisme dat grote delen van het Westerse electoraat boeit als een vierkant voorwerp dat door een rond gat wordt gejaagd.

Bloodworth constateert dat de meeste nostalgie in grote lijn berust op een bewust verkeerde lezing van de feiten. Het is de illusie die Thierry Baudet, Jan Roos of Geert Wilders de Nederlanders voorhouden. Namelijk dat Nederland in een wereld vol agressie en bedreigingen als alleenstaande natiestaat kan overleven zonder bescherming van supranationale organisaties als de EU of de NAVO. Dat alles gevoed door een afnemend historisch besef en gereduceerd geschiedenisonderwijs en het eigen gesloten gelijk van de sociale media.

De verkeerde voorstelling van zaken is dat Nederland opnieuw ‘groot’ kan worden worden gemaakt. Maar de Gouden Eeuw komt nooit terug. Vluchten in nostalgie is een schijnoplossing. Problemen van vandaag kunnen alleen aangepakt worden door problemen van vandaag aan te pakken. Zo simpel is het. Sociaal-economische ongelijkheid wacht erop om opgelost te worden. Zoals problemen die verband houden met huisvesting en stadsontwikkeling, werkgelegenheid en inkomensongelijkheid. ‘Als het heden zo onophoudelijk grimmig is voor velen, dan is het nauwelijks een verrassing dat mensen zich willen nestelen in de warme halfschaduw van het verleden’. Beredeneerd vanuit de politieke marketing is het nauwelijks een verrassing dat politici in dat gat duiken. Maar de politiek van nostalgie help ons geen spaan verder. Laten we ons daar beter van bewust zijn.

Foto: Willem van de Velde de Jonge, De verovering van de Royal Prince, 13 juni 1666. Collectie Rijksmuseum.

Bestuur Piratenpartij stopt over naar Forum voor Democratie. Partij is in rechtse richting bijgebogen. Hoe nu verder?

with 4 comments

pir

Het schip van de Nederlandse Piratenpartij (PPNL) heeft ernstige averij opgelopen. De NOS bericht dat alle bestuursleden zijn overgestapt naar het Forum voor Democratie (FvD). Het vehikel dat Thierry Baudet rond zich opgetrokken heeft en nu meedoet aan de komende verkiezingen voor de Tweede Kamer. Het bevestigt mijn vermoeden dat de PPNL de afgelopen jaren in rechts vaarwater verzeild was geraakt. De overstap van leden van de in beginsel toch links-liberale of links-anarchistische PPNL naar de rechts-populistische FvD is een politieke oversprong die vrijdenkende Piraten het schaamrood naar de kaken jaagt. Of lijsttrekker Ancilla van de Leest die interviews afneemt voor Café Weltschmerz in politiek opzicht zoveel anders is betwijfel ik.

Op 15 juli 2012 maakte ik hier in een commentaar bekend dat ik lid was geworden van de PPNL. Tegen mijn natuur in omdat ik een natuurlijk wantrouwen heb jegens politieke partijen. Het was de toenmalige lijsttrekker Dirk Poot die me over de streep trok. Hij is een voormalig VVD-stemmer met een links-liberaal wereldbeeld. Iemand die als een wetenschapper bleef uitgaan van de feiten en geen complottheorieën optuigde door feiten te verdraaien. Vanaf 2013 analyseerde hij in de media scherp en deskundig de gebeurtenissen rond Edward Snowden en de NSA. Mij bleef het een raadsel waarom Poot met zijn genuanceerd beoordelingsvermogen en digitale expertise niet ingelijfd werd door de journalistiek of een NGO. Of door de overheid die liever met Bas Eenhoorn in zee ging. Maar bij de verkiezingen voor de Tweede Kamer van 12 september 2012 had de PPNL niet meer dan een halve zetel gehaald. Mijn stem en steunbetuiging aan de partij hadden niet geholpen.

In 2014 en 2015 raakte de PPNL uit mijn gezichtsveld. Ik hield me verre van partijbijeenkomsten. De partij haalde nauwelijks de media nog. Tot ik in oktober 2015 een nieuwsbrief van de PPNL las en me doodschrok. Erin stond: ‘De opstelling van de PP t.o.v. de GeenPeil actie is besproken en er is besloten hieraan steun te verlenen omdat alle uitbreidingen van de democratische inspraakmogelijkheden welkom zijn.’ Dat was in de periode dat Geen Peil (voor het commercieel aanjagen van Geen Stijl) in de zomer van 2015 het Oekraïne-referendum had opgestart. Met partners zoals FvD. Naar nu achteraf valt te reconstrueren gebruikten de voormannen Jan Roos (Geen Stijl) en Baudet (FvD) dit referendum als carrière-opstapje naar de partijpolitiek.

Ik schreef op 30 oktober 2015 een brief naar het partijbestuur en vroeg om opheldering: ‘Deze opstelling van de PPNL treft me onaangenaam. Niet alleen omdat ik de campagne van GeenPeil als een conservatief en rechts-populistisch geluid inschat en de PPNL daartoe geen afstand houdt, maar juist omdat de PPNL het nog ondersteunt ook. De reden die wordt gegeven komt me eerlijk gezegd tamelijk naïef voor en doet me opnieuw twijfelen aan het politiek-strategisch inzicht van de leiding van de PPNL. Waar staat de PPNL nou eigenlijk voor als het steun geeft aan een conservatieve EU-scepticus als Thierry Baudet die de belangrijkste geestelijke vader van de campagne tegen het Associatieverdrag met Oekraïne is? (..)// Graag nodig ik het bestuur uit om duidelijk te maken wat de overwegingen waren van de PPNL om steun te verlenen aan genoemde campagne van GeenPeil. Van het antwoord laat ik mijn besluit afhangen of ik mijn lidmaatschap opzeg. Dit laatste bedoel ik niet als dreigement, maar eerder om aan te geven welk belang ik aan deze kwestie hecht. Een lidmaatschap van een politieke partij vat ik op als een afspraak van twee kanten. Ik meende in juli 2012 lid geworden te zijn van een links-liberaal-anarchistische beweging met mooie kernpunten over internetvrijheid, bestuurlijke transparantie, democratisering en andere onderwerpen die me aan het hart gaan en waarin ik me helemaal kan vinden. // Sinds 2012 bespeur ik weinig voortgang in de opbouw van de PPNL en het doordringen van het Piratengeluid in de publiciteit. Op een incidenteel optreden van Dirk Poot na waarvan het me trouwens meestal onduidelijk is of hij voor de partij of op eigen titel optreedt. Ik begrijp de organisatorische en financiële  problemen van de PPNL en wil daar niet te hard over vallen. Maar als de PPNL nu ook al steun verleent aan de campagne van GeenPeil dat ik inschat als een vehikel om de democratie en de EU te verzwakken dan voel ik me niet meer thuis bij zo’n PPNL. Ik zie het als een teken van het wegglijden van de PPNL in een richting die niet de mijne is. Hoe dat dan ook komt. Een halszaak is het allemaal niet. Zo gaat het nu eenmaal. Mensen ontmoeten elkaar en nemen weer afscheid. Vat dit schrijven dan ook niet op als kritiek, maar als een tussenbalans, als een teken van een buitenstaander die hoe dan ook constructief staat tegenover de PPNL.’ 

Constructief was ik tot vandaag. Ik heb dit 11 maanden laten rusten. Maar nu het bestuur van de PPNL in zijn geheel overstapt naar het FvD en ik evenmin vertrouwen heb in de koers van de huidige lijsttrekker voel ik me niet meer gebonden om te zwijgen. De top van de partij heeft de eigen denkbeelden verloochend.

Op 21 december 2015 kreeg ik een mailtje van de nieuwbenoemde penningmeester als reactie op het mailtje waarin ik om opheldering vroeg. Het antwoord bevatte zinsneden die me tegen de haren in streken. Zoals ‘Wie denk jij wel dat je bent als jij de mening van zeer veel Nederlanders kan afdoen als populair of conservatief’ en ‘In een (politieke)discussie is er geen foute mening, maar vrijheid van mening’. Ik laat het hier maar bij, ik vond het niet van het niveau dat ik verwachtte van het hoofdbestuur van een politieke partij. Ik antwoordde op 21 december 2015: ‘Hierbij zeg ik per 1 januari 2016 mijn lidmaatschap op de PPNL op. Ik verzocht via de secretaris om een uitspraak van het bestuur en krijg een in mijn ogen kwalitatief bedenkelijk antwoord van de penningmeester dat naar mijn idee ook nog eens persoonlijke opmerkingen bevat. Dat alles was niet wat ik voor ogen had en verwacht van het landelijk bestuur van een politieke partij. Bestuurlijk en politiek-inhoudelijk voel ik me niet thuis bij de huidige PPNL.’ Ik heb nooit antwoord gekregen van het bestuur.

Foto: Schermafbeelding van deel artikel ‘Het rommelt binnen de Piratenpartij’ van de NOS, 26 september 2016.

Marketing voor tentoonstelling Alma-Tadema mag niet zo heten

leave a comment »

Het is van alle tijden iets het omgekeerde te noemen van wat het is. Dan wordt politiek ineens anti-politiek, terwijl het zich nog steeds in hetzelfde politieke domein afspeelt. Leden van het establishment profileren zich als anti-establishment terwijl ze nog even bekakt spreken en hun achtergrond er niet om liegt. Type Boris Johnson. En de echtgenote van het staatshoofd met de aanspreektitel ‘koningin’ met de verkeerde vader en de blonde haren profileert zich als iemand die ‘net zo gewoon is als ons’. Waarom dat gebeurt is duidelijk. Zo’n schijnbeweging probeert het ware karakter te verhullen, ons op het verkeerde been te zetten en voor zich te winnen. Het is beredeneerde ontregeling die ons beoordelingsvermogen probeert te beïnvloeden.

Natuurlijk is de vondst van dit werk van de Brits-Nederlandse schilder Lourens Alma-Tadema in scène gezet. Georkestreerd vanuit de marketing. Als zo’n kunstwerk ‘ontdekt’ of ‘herontdekt’ wordt dan gebeurt dat doorgaans in de aanloop naar een grotere tentoonstelling waarop dat kunstwerk ‘past’. Dat kan geen toeval zijn. Vervolgens haalt de ontdekking de publiciteit. Maar ‘doorgestoken kaart’ mag het niet genoemd worden omdat de initiatiefnemers vermoeden dat als bekend wordt dat het ingestoken is de betovering afneemt. Dan wordt het door het publiek niet meer ervaren als een onverwachte of bovennatuurlijke ontknoping die uit de lucht komt vallen (deus ex machina), maar als een gecalculeerde actie van de afdeling marketing. Dat moet verhuld blijven. Opvallend is de rol van de media die beter kunnen weten, maar toch telkens weer op komen draven om verslag te doen van iets waarvan ze weten dat het precies andersom zit dan het voorgesteld wordt.

Zelfs als het andersom werkt en publiciteit over een tentoonstelling of kunstenaar mensen alert maakt op hun eigen collectie of herinneringen aan een kunstwerk naar boven haalt, dan nog is het geen toeval. Uiteindelijk wordt het voor het karretje van de tentoonstelling gespannen. Ook dan is marketing het uitgangspunt.

Thierry Baudet stapt in de partijpolitiek. Versplintering op rechterflank

with 3 comments

Het wordt druk op de rechterflank van het politieke spectrum: Jan Roos, Geert Wilders en Thierry Baudet. De laatste maakte vandaag bekend met Forum voor Democratie deel te nemen aan de komende verkiezingen voor de Tweede Kamer op 15 maart 2017. Ze vissen in dezelfde vijver van ongenoegen. Terwijl Roos en Baudet het voorstellen alsof ze zich richten tegen Rutte’s VVD, doen ze feitelijk exact het omgekeerde. Ze snoepen kiezers af van de PVV, en verzwakken zo deze partij. De versplintering op rechts dient de VVD. Overigens is het van weinig belang hoe groot de PVV wordt omdat behalve een aarzelende VVD geen enkele partij ermee wil samenwerken. Voor een meerderheid in de Eerste Kamer zijn minimaal 4 partijen nodig.

Het is een raadsel wat Baudets politieke doel  is. VNL en PVV dekken programmatisch de rechterflank nu al goed af. Forum voor Democratie lijkt daar niets aan toe te voegen. Er gaan al geruime tijd geruchten dat Baudet tegen de PVV aanleunt, maar mogelijk is zijn overstap op karakterologische bezwaren gestuit.

Dat partijen niet naar kiezers luisteren en ‘referenda’ worden genegeerd zijn onjuiste beweringen van Baudet. Door de meervoudsvorm grijpt hij terug naar 2005 met andere hoofdrolspelers en een politiek situatie. De Algemene Beschouwingen maakten duidelijk dat partijen juist wel naar kiezers luisteren. Door de koopkracht te repareren en de identiteit van Nederland te beschermen. Kritische economen menen juist dat het kabinet van VVD en PvdA de kiezer te veel tevreden wil stellen en zich beter aan de begrotingsdiscipline zou houden.

Het Oekraïne-referendum was niet bindend en verplicht de regering niet om de uitslag over te nemen. Artikel 13 van de Wet Raadgevend Referendum stelt als voorwaarde dat de regering ‘zo spoedig mogelijk’ reageert. De termijn is niet nader omschreven. Dat geeft het kabinet de ruimte. Binnen de wet kan het kabinet zelfs de uitslag naast zich neerleggen als het ‘zo spoedig mogelijk‘ met een bekendmaking van een wet over de associatie-overeenkomst met Oekraïne komt. Uitsluitend politieke beloften bemoeilijken dat voor het kabinet.

Het Oekraïne-referendum werd niet zozeer een succes door de kracht van Jan Roos, Thierry Baudet en de initiatiefnemers van Burgercomité EU die in een geruchtmakend interview in NRC zeiden: ‘Oekraïne kan ons niets schelen’, maar door het uitblijven van tegenkracht. En het waren nog de tegenstanders PVV, SP, PvdD die zich het hardste roerden. Voorstanders mengden zich nauwelijks in de campagne. Op een beetje D66, PvdA en premier Rutte persoonlijk na. De opkomst kwam met 32% ternauwernood boven de drempel van 30%.

Dat zal bij de landelijke verkiezingen van maart 2017 volstrekt anders zijn. Dan gaat het om het eggie. Dan zetten partijen hun budgetten, publiciteitsmachine, talking heads, netwerk, kaderleden en lijntjes naar de establishment media in. Het lijkt er sterk op dat Jan Roos en Thierry Baudet zich hierop verkijken en alvast rijk rekenen. Enfin, iedereen heeft recht om de eigen carrière uit te stippelen en daarbij een gokje te maken.

Het ergste wat Thierry Baudet trouwens lijkt te kunnen overkomen is niet dat hij geen enkele zetel, maar slechts één zetel haalt. Die moet hij dan vier jaar innemen als er geen vervroegde verkiezingen komen en wordt hij elke dag geconfronteerd met zijn eigen nietigheid. Het is de vraag of zijn ego dat aankan.

Naschrift: Is het verstandig aandacht te besteden aan de oprisping van een splinterpartij? Want populisten als Trump, Farage, Boris Johnson of Wilders krijgen toch al zoveel aandacht in de establishment media. Door free publicity hebben ze hun aanhang op kunnen bouwen. Voor de waarnemer die iets geks ziet zoals Baudets egotripperij is het een lastige afweging. Hoe dat te vermelden, maar er tegelijkertijd niet de aandacht op vestigen omdat het mogelijk verkeerde krachten wind in de rug geeft? Het open debat staat toch voorop.

Schuller en Röpcke: Ruslandpolitiek van Duitsland is niet in goede handen bij Steinmeier (SPD)

leave a comment »

Duitse linkse buitenlandpolitiek hallucineert in de opstelling jegens Oekraïne volgens journalist Konrad Schuller van de ‘burgerlijk-conservatieve’ Frankfurter Allgemeine. Door het opgeschoven politieke spectrum met nieuwkomers als de rechts-populistische AfD betekent dat feitelijk een liberale positie. Schuller vermoedt dat buitenlandminister Frank-Walter Steinmeier (SPD) om electorale redenen rekening houdt met die delen van zijn achterban met een anti-Amerikaanse houding. Dat vertaalt zich in welwillendheid jegens het Kremlin.

Ongenoemd blijft nog een niet goed verwerkt schuldcomplex over de Tweede Wereldoorlog van de Duitsers tegenover de Sovjets dat om twee redenen verkeerd wordt vertaald in welwillendheid tegenover de Russen. Wit-Russen en Oekraïeners hebben relatief en absoluut meer geleden onder de nazi-terreur dan de etnische Russen. Sommige linkse Duitsers belonen daarvoor de Russen en niet de Oekraïeners. De 40-jarige bezetting van Oost-Duitsland door de Sovjet-Unie die een generatie heeft getekend kan hierbij ook een rol hebben gespeeld. Dat schuldcomplex wordt om economische redenen ook bewust verkeerd geïnterpreteerd.

Steinmeier krijgt ook weinig waardering van de Duitse journalist Julian Röpcke (BILD). Op Twitter voert hij een ware twitterstorm tegen hem. Hij beticht Steinmeier niet alleen van de uitverkoop van Oekraïne, maar ook van Duitsland. Zoals hier: ‘Frank-Walter Steinmeier hat entweder keine Ahnung oder er lügt wissentlich über den Urheber der Massaker in Aleppo’, hier: ‘Herr Steinmeier handelt nicht mehr im Interesse Deutschlands. Er sollte sein Amt freiwillig abgeben oder dessen enthoben werden’, hier: ‘F.-W Steinmeier chose to lie about the Russian war crimes, knowing better. German FM employees must chose who they support now. GER or RUS’.

De kritiek van Schuller en Röpcke is niet ongegrond. SPD’ers als Sigmar Gabriel en Steinmeier nemen geen positie in, maar zien hun rol als faciliterend. Vice-premier en minister voor Economische Zaken Gabriel reisde afgelopen week naar Moskou met een handelsdelegatie en werd volgens een verslag in Der Spiegel te verstaan gegeven dat het Duitse bedrijfsleven geen tegenwind uit Berlijn verwacht. Gabriel werd door president Putin ontvangen, Zo vinden de kortzichtigheid en intellectuele armoede van het Duitse bedrijfsleven een voedingsbodem bij de faciliterende SPD die hiermee tevens denkt een slimme electorale slag te slaan.

Samen met Steinmeier en onder druk van het Duitse bedrijfsleven en zonder het Kremlin harde eisen te stellen pleit Gabriel voor het verlichten van de sancties die werden ingesteld na de bezetting van de Krim door de Russische Federatie. Steinmeier gaat het noemen van de waarheid over de Russische bombardementen op Syrische steden uit de weg. Het is uitsluitend aan kanselier Angela Merkel (CDU) te danken dat Duitsland nog iets van principes overeind houdt in de Ruslandpolitiek. Zij groeide in de DDR onder de Sovjet-bezetting op en weet de politiek van het Kremlin te lezen. Op Duitse sociaal-democraten kan het Kremlin rekenen. Of het de Europese veiligheidssituatie dient is niet hun zorg. Ze hopen dat politiek opportunisme zich uitbetaalt.

Oostenrijkse cabaretier Roland Düringer richt politieke partij op. Kansrijk?

with 2 comments

Het is weer eens iets anders. Iets volkomen anders. Een acteur en cabaretier die een politieke partij begint. In Oostenrijk heeft Roland Düringer in video 272 op zijn blog aangekondigd mee te doen aan de komende nationale verkiezingen in 2017. En in video 273 staat hij op 21 september 2016 met zijn chef-plaatsvervanger voor het ministerie van Binnenlandse Zaken nadat zijn partij ‘Ab jetzt G!LTs’ is geregistreerd. Uw stem geldt in deze Anti-Oarschloch partij, zo drukt Düringer ons op het hart. Ofwel de anti-lullenpartij voor Oostenrijk.

In het commentaar van ZIB (Zeit im Bild) van publieke omroep Österreichischen Rundfunks wordt opgemerkt dat de oprichting van Düringers partij ook opgevat kan worden als kunstproject. Maar hoezo kunstproject? Omdat de initiatiefnemer een kunstenaar is? Wat dat betekent wordt niet duidelijk. Een partijprogramma is er nog niet. ZIB is sceptisch over ‘het spagaat tussen satire en politiek’. Maar door politicoloog Peter Filzmaier op te voeren redeneert het daarbij wel erg vanuit de oude politiek. Het meest actuele voorbeeld van een media-persoon die succesvol is in de politiek en weet hoe de media te bespelen laat ZIB liggen: Donald Trump.

Roland Düringer kan voor de Nederlandse situatie vergeleken worden met acteur George van Houts die zich met zijn dramaproject De Verleiders en de kritiek op de geldschepping door banken maatschappijkritisch opstelt. Kunstenaars en media-persoonlijkheden in de politiek zijn niet ongewoon. Dat loopt van Eva Perón, Ronald Reagan, Clint Eastwood, talloze Indiase filmsterren, André Malraux, Gilberto Gil en Beppe Grillo. Maar doorgaans sluiten ze zich aan bij een bestaande partij. Wat Düringer doet is anders. Het is afwachten of zijn stem gaat gelden in de politiek. Zijn voordeel is dat de geloofwaardigheid van de Oostenrijkse politiek zo laag is dat elke nieuwkomer een kans maakt. Maar wat zo’n politieke debutant weet toe te voegen is het raadsel.

Kathy Miller voert ontslaggesprek met The Guardian in Ohio. Zelfs te bot voor Trump. Komt haar racisme voort uit onwetendheid?

leave a comment »

Paul Lewis van The Guardian gaat op reportage in Ohio. Een swingstate in de rustbelt waar de working-class niet vanzelfsprekend meer Democratisch stemt. Logisch trouwens, omdat de ‘Democratische’ kandidaat Hillary Clinton nauwelijks nog opkomt voor werknemers, maar zich heeft verbonden aan de aandeelhouders en bestuurders van banken en mega-ondernemingen. Feitelijk worden degenen die vroeger ‘arbeiders’ werden genoemd door beide grote partijen in de steek gelaten. Want Trump is nog rigoureuzer in zijn steun voor corporate America. Zo wil hij de vennootschapsbelasting (‘Corporate Tax Rates’) waarvan ondernemingen profiteren verlagen van 35 naar 15%. Met als gevolg een gigantisch begrotingstekort. En op wie wordt dat afgewenteld? Exact, op de werknemers die vanwege hun eigenbelang op Trump menen te moeten stemmen.

De reportage wordt verbijsterend als de Britse journalist Lewis Kathy Miller interviewt. Zij was tot voor kort de voorzitter van Trumps campagne in Mahoning County en werd als gevolg van de uitspraken in dit interview door de Trump campagne aan de kant gezet. Want alles stemmen tellen. Volgens FiveThirtyEight heeft Trump in Ohio een voorsprong in de peilingen van een kleine 2%. In deze staat maken de Afro-Amerikanen 13% van de bevolking uit. Na 5’00’’ vraagt Lewis hoe het zit met het racisme. Miller is duidelijk: ‘If you’re black and you haven’t been successful in the last 50 years, it’s your own fault. You’ve had every opportunity, it was given to you.’ Millers gezicht spreekt boekdelen. Zoveel onverhuld racisme is hij in Engeland niet gewend.

Cenk Uygur kijkt in een analyse achter de waarheid van Kathy Miller. Hij toont dat aan met demografische gegevens. Zijn conclusie is dat het niet eens zozeer racisme is dat iemand als Miller drijft, maar eerder onwetendheid en wereldvreemdheid. In haar parallelle wereld oordeelt ze over een situatie die ze niet kent. En die ze zonder zich te verdiepen in de achtergronden klaarblijkelijk ook niet eens wil leren kennen.

Hoewel de verschillen tussen de VS en Nederland groot zijn, geldt deze analyse toch in mindere mate voor Nederland. Want migrantenkinderen hebben niet dezelfde startkwalificatie en staan op achterstand door het simpele feit dat ze migrant zijn. In hoeverre cultuur daarin een rol speelt is de vraag die directeur van het Verwey-Jonker Instituut Majone Steketee in een interview met NRC nog niet kan beantwoorden. Hoe het kan dat Aziatische migrantenjongeren in Nederland in gedrag meer lijken op autochtone jongeren dan op andere migrantenjongeren moet nog onderzocht worden. Racisme bestaat zoals Kathy Miller bewijst, maar zijn niet altijd de volledige verklaring voor gedrag. De uitdaging is om dat onnoembare boven tafel te krijgen.