George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Partijpolitiek

Wilman en Spekkers. Een tragikomisch duo. Schimmen uit de partijpolitiek

with 8 comments

'Schimmenspel' te Scheveningen

Hans Wilman of Geert Spekkers, u kent dat soort wel, mensen die van de politiek hun loopbaan maken. En zich wat voelen. Beroepspolitici die carrière maken in politieke partijen. Niet voor 4 of 8 jaar om plaats te maken voor een andere Nederlandse burger, maar jarenlang. Hans Wilman begon zijn politieke loopbaan in 1997 in de Utrechtse gemeenteraad en Geert Spekkers in diezelfde raad in 1995 voordat hij fractievoorzitter werd in 1997. Wilman en Spekkers kennen elkaar dus al bijna 20 jaar. En daar vallen ze ons nu mee lastig.

Wilman en Spekkers zullen het ongetwijfeld goed bedoelen. Of het in het begin ooit goed bedoeld hebben. Maar ze blijven te lang zitten en zijn niet weg te branden. Ze zijn gaan geloven dat ze onvervangbaar zijn. Maar dat zijn ze niet. Niemand is onmisbaar. Wilman en Spekkers hebben elkaar nodig zoals koud en warm, binnen en buiten of wit en zwart. Maar hun tegenstelling is gecreëerd. Ze zijn partijpolitici die in dezelfde vijver vissen. Ze hengelen naar de volksgunst. Hun politieke verschil is het likje verf ter onderscheid.

Hoe komen we af van Wilman en Spekkers met hun voorspelbare praatjes? Spekkers zegt dat Wilman een gevaar voor de democratie is. In een reactie zegt Wilman daarop dat Spekkers een gevaar voor de democratie is. Kan het saaier en vervelender? Hun uitdaging zit ‘m niet in het overbruggen van verschillen, maar in het overbruggen om zolang mogelijk te blijven zitten. De partijpolitiek creëert Wilman en Spekkers. Onder het mom de samenleving te willen veranderen houden ze elke verandering van het politieke bestel tegen.

Wilman en Spekkers, de vertegenwoordigers van de Nederlandse politiek. In hun uitbarstingen van wijsheid hakken ze in op elkaar en vergeten ze verder te denken. Als ze dat al kunnen. Misvormd in hun eigenwaan.

Foto: Schimmenspel te Scheveningen, 1946.

Volksmennerij en valse voorlichting: premier Wilders of revolte

with 2 comments

gwq

Aldus PVV-leider Geert Wilders op een persconferentie op 30 januari in Milaan van de anti-Europese fractie, ‘Europa van Naties en Vrijheid’. Met naast de PVV en het Franse Front National ook het Oostenrijkste FPÖ, Lega Nord, Vlaams Belang en het Poolse Congres voor Nieuw Rechts (KNP). NRC citeert Wilders in een artikel van Petra de Koning met de veelzeggende titel Het wordt premier Wilders of ‘revolte’.

Wat bedoelt Wilders met ‘Wij laten dat niet gebeuren’? Bedoelt hij dat hij niet laat gebeuren dat de PVV wordt gepasseerd als het de grootste partij in het parlement wordt of laat hij een revolte door ‘de mensen’ niet gebeuren? Wilders beroept zich op een niet bestaande parlementaire regel. Nergens staat geschreven dat de grootste partij het recht heeft om te regeren. Het gaat om het behalen van een meerderheid van 76 zetels en niet voorgeschreven is dat de grootste partij daartoe dient te behoren. Bij de verkiezingen voor de Tweede Kamer in 1977 werd de PvdA met toenmalig premier Joop den Uyl met 53 zetels de grootste partij, maar kwam er een kabinet (Van Agt-Wiegel) van CDA en VVD zonder de PvdA. Zo gaat het democratisch proces.

Wilders verwijdert zich met dit soort uitspraken steeds verder van de hoofdstroom van de politiek. Hij zet ‘de mensen’ zonder veel kennis van parlementaire gebruiken en geschiedenis bewust op het verkeerde been. Onder verwijzing naar de democratie bedrijft hij anti-democratie. Wilders heeft zich door het innemen van steeds extremere meningen vervreemd van de andere Nederlandse politieke partijen. Dat heeft twee effecten. De PVV wint daarmee in de peilingen, maar in het parlement is de PVV geïsoleerd komen te staan. Geen enkele partij wil nog met de PVV samenwerken. Dat zijn de twee kanten van dezelfde medaille. Wilders poetst alleen de voor hem mooie kant op en vergeet bewust de andere kant die hem minder goed uitkomt. Er zit maar een ding op voor de PVV, namelijk het halen van 76 zetels in de Tweede Kamer en 38 in de Eerste Kamer. Al het andere is politieke marketing voor een onwetend publiek dat onwetend gehouden wordt door Geert Wilders.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelHet wordt premier Wilders of ‘revolte’ in NRC, 30 januari 2016.

Verkoop ateliers Rotterdam: Heeft D66 een cultureel geheugen?

leave a comment »

so

D66! Dit zijn de momenten om nog eens terug te denken aan de schwung van Van Mierlo. Aan Jan Terlouw. Aan Els Borst. Aan het belang dat ooit werd gehecht aan cultuur, onderwijs, et cetera. Waar is dat in hemelsnaam gebleven?’ Aldus de Rotterdamse beeldende kunstenaar en activist tegen wil en dank met liefde voor het Wereldmuseum Olphaert den Otter op zijn FB-pagina. Aanleiding voor deze vraag is het bestaande beleid van het Rotterdamse college (nu: Leefbaar Rotterdam, CDA, D66) om Stadsontwikkeling opdracht te geven om rendement te maken op het vastgoed. Ravage-webzine zet het uiteen in een bericht.

De kwestie spitst zich toe op atelierpanden in de Rotterdamse wijk Delfshaven die volgens het Rotterdamse college plaats moeten maken voor zogenaamde kluswoningen in een voormalig schoolgebouw in de Osseweistraat. Voor 50 duizend euro kunnen belangstellenden een casco kopen dat ze dienen op te knappen. Het gaat dus uitdrukkelijke niet om leegstaande of verwaarloosde panden. De kunstenaars die in de ateliers werken lieten het er niet bij zitten en begonnen een petitie samen met kunstenaars in een ander gebouw, de Schonebergerweg. Daarop kwamen de fracties van PvdA, de SP en de Partij voor de Dieren op 12 januari 2016 met een motie waarin ze vroegen om te bekijken of de kunstenaars de panden konden verwerven. Later ondertekende ook GroenLinks de motie. De motie werd in de raadsvergadering van 28 januari 2016 niet aangenomen. Alle oppositiepartijen inclusief VVD, NIDA en SGP/CU stemden voor de motie.

Culturele kopstukken, zoals directeuren van culturele instellingen stuurden de raad een burgerbrief waarin ze verzochten ‘de kunstenaars niet te laten zakken’. Ze zeiden de kunstenaars ‘voor de stad van groot belang te vinden‘ omdat ze ‘mede aan de basis van een bloeiend cultureel klimaat staan‘. Kunstenaars (of: culturele ondernemers) kunnen een meerwaarde zijn voor de stad en het vestigingsklimaat verbeteren. Ook directeur Sjarel Ex van museum Boijmans stuurde een brief aan wethouder Ronald Schneider (Leefbaar Rotterdam) met de oproep om het besluit te heroverwegen om ateliers te verkopen: ‘Voor de stad is het van belang dat er voor kunstenaars een gunstig klimaat is om zich in de stad te vestigen (..) Het zou een aderlating zijn voor het Rotterdamse kunstklimaat als deze ateliers (..) verdwijnen uit het centrum van de stad’.

D66 kan het verschil maken, zoals de HavenloodsNoord in een bericht stelt waar het een van de kunstenaars Nelis Oosterwijk van de Schonebergerstraat citeert: ‘Coalitiepartner D66 heeft aangegeven toch nog over het bestemmingsplan te willen nadenken voor er in september dit jaar over wordt gesproken. Op dit moment hebben de gebouwen namelijk nog geen woonbestemming. Dus we hebben onze hoop gevestigd op deze kleine kier (..)’ Dit geldt dan niet de vier panden in de Osseweistraat waarvan het huurcontract is opgezegd, maar wel andere ateliers in Rotterdam die dreigen vermarkt te worden door Stadsontwikkeling. De houding van wethouder Schneider die onder verwijzing van vastgoedbeleid dat al sinds 2009 bestaat zich beroept op het volgen van de correcte procedure laat weinig ruimte voor beleidsbijstelling. Het is aan D66 met een cultureel geheugen dat het gelijk hebben van het college gewijzigd kan worden in beleid dat de stad dient.

Foto: Schermafbeelding van deel pagina ‘Stadsontwikkeling‘ van de gemeente Rotterdam, 30 januari 2016.

Adviesraden constateren dat arbeidsmarktsituatie kunstenaars slecht is. Welke actie volgt?

with one comment

ser

Vandaag werd de Verkenning Arbeidsmarkt Cultuursector gepresenteerd. Het is een initiatief van de Sociaal Economische Raad (SER) en de Raad voor Cultuur en werd uitgevoerd door een gezamenlijke commissie van deze twee adviesraden van de Nederlandse regering en parlement. Minister Jet Bussemaker reageerde zoals ze altijd reageert, empathisch en vol begrip over alweer een nieuw geconstateerd onrecht, maar zonder iets te veranderen en te kunnen doen. Op het opentrekken van haar cosmetische potje voor publicitaire noodgevallen na dat dient om daadkracht en bekommernis te suggereren, maar dat feitelijk niets anders is dan het rondpompen van euro’s binnen haar begroting. De verkenning kreeg de aandacht die kunst en kunstenaars in Nederland doorgaans krijgen: nihil. De YouTube kanalen van de Raad voor Cultuur en de SER bleven stil.

De verkenning constateert wat iedereen die de kunstsector zelfs maar van de buitenkant kent met eigen ogen al sinds de kaalslag in 2010 door toenmalig staatssecretaris Zijlstra heeft gezien: de arbeidsomstandigheden en de inkomenspositie zijn beroerd. De raden noemen de arbeidsmarktsituatie zorgwekkend: ‘De combinatie van dalende werkgelegenheid, een relatief hoge kans op werkloosheid, lage en dalende inkomens, een slechte onderhandelingspositie voor werknemers en zzp’ers, het vaak niet verzekerd zijn voor inkomensverlies bij arbeidsongeschiktheid en een geringe pensioenopbouw, maakt de positie van werkenden kwetsbaar.’ En dus? Met zes arbeidsplannen moet dat opgekrikt worden. Gaat dat lukken of is dat het parkeren van een probleem?

In Nederland wordt kunstenaars bescheidenheid ingeprent. Ze zijn de lepralijders van Nederland. Een beetje vies en anders. Getolereerd, maar niet geaccepteerd. Met een fooi worden kunstenaars afgescheept door een cultuurminister die het het gevecht in het kabinet niet eens meer aangaat. Wat als kunstenaars zich eens hard zouden opstellen als Guerilla Boys en Guerilla Girls? Door te infiltreren in de politieke partijen en netwerken waar het geld wordt verdeeld. Het zou iets zijn, maar het betaalt zich pas na lange tijd uit. Samen een Partij voor de Kunst oprichten? Of een initiatief beginnen, dat FC Utrecht of FC Twente noemen en vervolgens 9 miljoen euro subsidie eisen omdat anders de bakstenen door de ruiten zeilen bij burgemeester, wethouder en cultuurwoordvoerders? Een scenario dat zich in de afgelopen jaren perfect uitbetaalde en voetbalsupporters hun zin gaf. Hoe een harde actie voeren zonder geweld of bedreigingen die toch indruk maakt en wel doelmatig, maar niet hooghartig is? Van de SER, de Raad voor Cultuur en minister Bussemaker die met elkaar onder veel gepraat de dekstoelen op het dek van de Titanic verschuiven zal de oplossing niet komen. Niet.

Foto: Schermafbeelding van berichtArbeidsmarktverkenning wijst uit: Vaak zwakke positie voor werknemers en zzp’ers in cultuursector’ van de SER, 22 januari 2015.

Leon de Winter koestert zelfbedrog als werkelijkheid over Oekraïne

with 2 comments

dfb2c1f0e5ebe822df17877ac304fe04

In een opinieartikel over de associatie-overeenkomst tussen de EU en Oekraïne trekt Leon de Winter zo fel van leer dat hij uit de bocht schiet. Zijn opinie verschijnt in De Telegraaf dat als onderdeel van mediaconcern TMG campagne voert tegen deze associatie-overeenkomst. Ook weblog Geen Stijl maakt deel uit van dit concern.

De Winter bestrijdt een stropop door ‘de‘ voorstanders van alles in de schoenen te schuiven dat ze niet beweren, of wat slechts enkelen uit het JA-kamp beweren. Hij schetst een karikatuur om die in zijn wijsheid te weerleggen. De kunst om iets aan de hand van een niet kloppende redenering aannemelijk te maken is zijn instrument. Met een sardonische inborst hakt hij op de vogelverschrikker in. Doordat De Winter in zijn opinie niet uitgaat van de feiten over de associatie-overeenkomst heeft het niets met Oekraïne of de EU te maken. Of zelfs met een publiek debat over deze kwestie. Maar alles met de profilering van De Winter. Zoals ook het nauwelijks winstgevende Geen Stijl en de voorman van de NEE-campagne Thierry Baudet de associatie-overeenkomst gebruiken als halffabrikaat om zichzelf om commerciële of publicitaire redenen te profileren.

Laten we eens kijken met wat De Winter op de proppen komt. Hij begint al met de foute bewering dat de asscociatie-overeenkomst een handelsakkoord zou zijn. Dat is het niet, anders zou het wel gewoon ‘handelsakkoord‘ genoemd worden. Het is een gemengd akkoord met inderdaad afspraken die zijn gericht op economische samenwerking en handel, maar ze  raken ook andere onderwerpen, zoals versterking van de rechtsstaat en bescherming van de mensenrechten. Waarom De Winter de associatie-overeenkomst reduceert tot economie en handel ligt voor de hand. Zo kan hij het argument negeren dat een associatie de EU de beste kans biedt om in Oekraïne de corruptie te helpen bestrijden en de mensenrechten te versterken. Of anders gezegd, om ervoor te zorgen dat Oekraïne niet afglijdt tot een mislukte staat aan de oostgrens van de EU.

Terwijl De Winter zoals we zagen eerst beweert dat het om een handelsakkoord gaat, beweert hij vier alinea’s verder dat het om een integratie-akkoord over politieke samenwerking tussen de EU en Oekraïne gaat: ‘Het is het begin van een proces dat moet leiden tot het EU-lidmaatschap van Oekraïne. Daarmee zou de EU ver opschuiven naar het oosten en in direct conflict komen met Rusland.’ Gaat het nou om een integratie- of handelsakkoord? De Winter formuleert onzorgvuldig. De overeenkomst kan onder strikte voorwaarden en unanimiteit van alle EU-lidstaten leiden tot EU-lidmaatschap van Oekraïne. Maar het is geen onomkeerbaar proces dat ‘moet leiden’ tot de uitkomst die hij voorziet. Dit volgt niet uit de tekst van de overeenkomst. In zijn verwijzing naar de reactie van Rusland verwart De Winter oorzaak en gevolg. Rusland is de enige partij die een driehoekssamenwerking met de EU en Oekraïne afwijst. Het Kremlin wil Oekraïne behouden als vazalstaat dat het tot twee jaar geleden was. Dat speelt op een geopolitiek niveau waarbij de associatie-overeenkomst geen aanleiding, maar een aan de haren erbij gesleept excuus is om Oekraïne te kunnen blijven ondermijnen.

De Winter is een exponent van een maatschappelijke stroming die er genoegen in schept om de politiek te ondermijnen om vervolgens zo hard mogelijk te roepen dat er weinig deugt van de politiek omdat die is ondermijnd. Hij verliest hierbij alle verhoudingen uit het oog. De Winter suggereert een tegenstelling tussen ‘de elites’ en de burger die buitenspel gezet zou worden bij deze associatie-overeenkomst. Dat is echter nog maar helemaal de vraag omdat er pas op 6 april 2016 een uitslag van een referendum is. Ook hanteert De Winter de opvatting van democratie als een Idols-competitie die zegt dat er naar de meerderheid geluisterd moet worden. Juist bij een raadgevend referendum heeft het kabinet wettelijk de politieke ruimte om andere overwegingen zwaarder te laten wegen. Maar dan nog, op welke meerderheid doelt hij als 27 van de 28 EU-lidstaten de associatie-overeenkomst hebben geratificeerd en ook de Nederlandse Eerste en Tweede Kamer zich in 2015 in meerderheid uitspraken voor ratificatie? Hij wil toch niet beweren dat een NEE-campagne op sociale media van Geen Peil als doorslaggevend moet worden beschouwd voor het verloop van de politiek?

Foto: Anja Millen – Blickfang, 2012. Digital Arts/Photo Manipulation.

Zie voor volledige tekst van het artikel ‘Liever zelfbedrog dan werkelijkheid’ van Leon de Winter bij reacties.

Kevin Levie stopt als voorzitter van SP Rotterdam. Waarom?

leave a comment »

designprijs_STA501570191

Kevin Levie in zijn afscheidsbrief als voorzitter van SP afdeling Rotterdam: ‘En terwijl we onze mond hielden over vluchtelingen, besloot de partijraad ondertussen wel ‘voluit’ campagne te voeren voor het GeenPeil-referendum over Oekraïne. Ik vond en vind: zeker als je het één niet doet en het ander wel, verzaakt de SP wat je van een linkse volkspartij zou mogen verwachten. Dan duw je de maatschappij niet de goede kant op, dan sta je niet stil: dan duw je de verkéérde kant op.’ Levie blijft wel lid. Waarom de SP aansluiting zocht bij de door de conservatieve ideoloog Thierry Baudet en het rechts-populistische weblog Geen Stijl aangejaagde campagne tegen Oekraïne is een raadsel van de politiek als extremen elkaar raken. Het bestuur van de zich doorgaans als open, vrijdenkend en kritisch opstellende Piratenpartij sloot zich eveneens bij de campagne van Geen Peil aan, wat me er vorige maand toe bracht mijn lidmaatschap van deze partij op te zeggen.

Vooral in de buitenlandse politiek stelt de SP zich archaïsch op. Op onderwerpen over mensenrechten na waar het zich krachtig en principieel voorbeeldig uitspreekt. Als voormalig maoïstisch-leninistische partij verkeert het nog voor een groot deel geestelijk volop in de sfeer van de koude oorlog en richt het zich op oude vijandbeelden. Vaak neemt het standpunten in vanuit een slecht begrepen automatisme en de herinnering aan de oude nestgeur  zoals bleek uit mijn uitwisseling met de fractievoorzitter Dennis de Jong in het Europarlement. Hij stemde tegen een resolutie van de EU met de Russische Federatie zonder te weten waarom.

Levie vindt dat vooral op landelijk niveau de SP stilstaat en geen open intern debat kent: ‘De SP staat op dit moment volstrekt stil, heeft geen politieke strategie voor de komende jaren behalve ‘doen wat we altijd gedaan hebben’, en durft daar ook intern nog altijd nauwelijks over te praten.’ De SP zou hete hangijzers zoals het vluchtelingendebat uit de weg gaan. Een oud euvel waarop Levie wijst is het ontbreken van interne democratie binnen de SP, zelfs de verkiezing van een nieuwe partijvoorzitter was ingestoken: ‘Tegelijkertijd probeerde het oude partijbestuur extra krachtig de regie te houden: in de congresstukken werd de bestaande praktijk gecodificeerd, ging het nauwelijks over onze politieke strategie, en werd vrijwel ieder substantieel idee van onderop als onzinnig afgedaan.’ Kortom, de SP is geen partij van ideeën, verandering en democratie.

Levie ziet de grote waarde van de SP in de werkwijze en het activisme dat vooral op lokaal niveau goed tot zijn recht komt. In de marketing werkt dat op landelijk niveau volgens Levie tegen de SP: ‘Op landelijk niveau lijkt wat men ziet als de mening van de ‘massa’, echter steeds meer gereduceerd tot één homogene hypothetische voorstelling: hun eigen vermoeden van wat een blanke oude man in een Brabantse kroeg waarschijnlijk zou vinden. (..) En erger nog dan dat: de opvattingen die men toeschrijft aan een specifieke constructie van ‘de’ massa worden in de praktijk ook nog eens vaak gezien als onveranderlijk, in plaats van die te analyseren en het gesprek met mensen aan te gaan over hun zorgen en problemen en de oorzaken daarvan.’

Wat na lezing van Levie’s brief blijft hangen is de vraag of de SP een zuivere politieke partij is of een mix van een organisatie die in de inhoud kiest voor centralistisch politiek activisme en in de vorm voor een politieke partij. Zodat er een scheidslijn door de partij loopt die steeds voor teleurstelling, niet ingeloste verwachtingen en een gijzeling van de vorm door de inhoud zorgt. De SP is hierin niet uniek, want vele partijen zijn hybride. Zo staan de christelijke partijen met één voet in het georganiseerde christendom, de VVD in het bedrijfsleven en de PVV in de politieke marketing van peilingen en positionering om uitsluitend electorale redenen. Toch heeft de SP de potentie een krachtige en aantrekkelijke politieke partij te worden omdat het in tegenstelling tot andere partijen onderscheidend is op tal van sociale terreinen. Wellicht moet eerst de generatie Kox-Marijnissen-Van Heijningen van het toneel verdwijnen voordat de SP zich om kan vormen tot een partij die voorgoed de last van het verleden van zich afschudt. Als politieke partijen dan nog bestaansrecht hebben.

Foto: ‘Ontwerpbureau Thonik heeft de tweejaarlijkse, prestigieuze Designprijs van de stad Rotterdam gewonnen’, 2007.

Waarom ik voor de associatie-overeenkomst van de EU met Oekraïne stem

with 32 comments

dh

Met de associatie-overeenkomst van de EU met Oekraïne waarvoor op 6 april 2016 in een referendum wordt gestemd kan Oekraïne worden geholpen. Daarnaast kan de EU zich geen mislukte staat aan haar oostgrens tolereren. Het is in het belang van alle Nederlanders dat er stabiliteit in Oost-Europa is. Met chaos en oorlog zijn we verder van huis. De associatie-overeenkomst is de stok achter de deur om de Oekraïense regering tempo te laten maken met de hervorming van het openbaar bestuur en het frontaal aanpakken van de corruptie. Dat gebeurt nu nog niet. Daarom stem ik voor.

Vanwege de koppeling met de weinig populaire EU die de schuld krijgt van het uit de hand lopen van de vluchtelingencrisis door de gestopte bewaking van de buitengrenzen lijkt de NEE-stem de hoogste ogen te gaan gooien. Los van het eigenlijke onderwerp Oekraïne. Maar van de andere kant heeft de NEE-campagne een voorsprong van vier maanden en moet de JA-campagne nog van start gaan. Als het niet in de startblokken blijft vastzitten. Het zou best kunnen dat NEE wint, maar zeker is dat niet.

Ook ik ben tegen het beleid van het kabinet Rutte. Fel zelfs. Ook ik ben tegen lidmaatschap van Oekraïne van de EU. Ook ik vind dat de EU te stroperig en niet democratisch genoeg functioneert. Als Europeaan voel ik me continu buitengesloten. Ook ik vind dat handelsbelangen niet boven de politiek mogen gaan. Ik ben tegen het bevoordelen van Shell en het Nord Stream II project dat handel boven een Europese politiek van solidariteit en evenwichtig plaatst. En Noord-Europa bevoordeelt boven Zuid-Europa dat onrecht wordt aangedaan.

Maar ik stem voor de associatie-overeenkomst van de EU met Oekraïne omdat dat niet over de hier genoemde aspecten gaat, maar over een associatie met een land dat deels door eigen toedoen, deel door toedoen van het Kremlin enorm in de kreukels zit en praktisch alleen door de EU geholpen kan worden om te hervormen.

Het is waar dat in de Tweede Kamer naast de geharnaste tegenstanders PVV en SP ook de PvdA en het CDA hebben aangegeven een geldige NEE-stem te zullen respecteren. Dat is een meerderheid. Maar de voorwaarde daarvoor is dan wel dat het een geldige stemming betreft en de opkomst meer dan 30% bedraagt.

De Tweede Kamer heeft echter niet het laatste woord. Dat is het kabinet dat een eigen afweging moet maken. Het referendum dat niet bindend is biedt het kabinet deze ruimte. Het moet naar meer aspecten kijken dan de uitslag van het referendum alleen. Zoals de relaties met andere EU-lidstaten en met landen als Oekraïne en de Russische Federatie. Omdat de steun van CDA en PvdA niet heel stevig is, kan het kabinet die ruimte nemen.

Daarbij komt dat een NEE-stem in dit referendum niets uitmaakt voor de associatie-overeenkomst zelf. Want die is al grotendeels ingevoerd per 1 januari 2016 en kan alleen met eenstemmigheid van alle EU-lidstaten teruggedraaid worden. De steun in Polen en de Baltische landen voor Oekraïne is zo sterk dat dat niet te verwachten valt. Met een NEE-stem isoleert Nederland zich en zal het niets weten te veranderen.

Nu komt er een campagne om des keizers baard. JA of NEE maakt voor Oekraïne of de EU geen enkel verschil. Het dient alleen binnenlandse, partijpolitieke belangen. Voor en tegen. De Telegraaf Media Groep met Geen Stijl en De Telegraaf als aanjager van de oppositie. Nou, ik vermoed dat velen net als ik een verschrikkelijke hekel hebben aan de Nederlandse, navelstaarderige partijpolitiek. Maar het gevolg van de campagne van Geen Peil is niet dat de partijpolitiek terug in z’n hok gaat. Het wordt er alleen maar belangrijker door.

Zonder dat ze het in de gaten hebben en zonder dat ze voldoende voorgelicht wordt door de woordvoerders uit het NEE-kamp, maar op dit moment evenmin door het JA-kamp stemmen de NEE-stemmers tegen zichzelf. Of: tegen het belang van Nederland. Ik kan niet inzien wat Nederland daarmee opschiet. Behalve het tonen van emoties van ongenoegen met alles en iedereen. Dat lucht lekker op, maar dan? Wat is de kater?

Foto: Binnenhof met Ridderzaal in Den Haag, 2015. Credits: AFP.

Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 308 andere volgers