George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘VN

VN-werkgroep heeft harde kritiek op België en het Afrika Museum

leave a comment »

Op 17 januari 2013 schreven leden namens vier VN-organen (Werkgroep van mensen van Afrikaanse afkomst; de speciale rapporteur van culturele rechten; de onafhankelijke expert van minderhedenkwesties; en de speciale rapporteur over hedendaagse vormen van racisme, raciale discriminatie, vreemdelingenhaat en aanverwante intolerantie) een brief naar de Nederlandse regering om de feiten en het anti-racisme beleid te checken. Ze zeiden ervan op de hoogte te zijn gebracht dat ‘de Nederlandse viering van Zwarte Piet elk jaar deel is van het Sinterklaasfeest en voorafgaat aan en de viering van de kerstman begeleidt’. Zwarte Piet zou racistische stereotyperen bevestigen. De afloop is bekend, de Nederlandse regering ondernam actie en zette een programma in werking waarin de stereotyperingen geleidelijk werden ontdaan van hun ergste racistische kenmerken. Eind goed, al goed, hoewel dat door velen in het Nederlandse debat anders wordt ervaren.

Afgelopen week bezocht de Werkgroep van mensen van Afrikaanse afkomst (‘Working Group of Experts on People of African Descent‘) België. Met andere leden dan in 2013. In een persverklaring van 11 februari 2019 komt het met een lijst van 74 opmerkingen waarvan enkele pittig zijn. De werkgroep constateert binnenlandse racistische discriminatie (‘racial discrimination is endemic’) aldus de inleiding van een verklaring over de eigen werkwijze. In september 2019 volgt een eindrapport. Het verschil met de brief uit 2013 die aan Nederland was gericht en diende om de feiten te checken en de Nederlandse regering een mogelijkheid tot antwoord gaf is dat de toon van de persverklaring harder is. Dat heeft in de Belgische samenleving tot felle reacties geleid.

Zoals bovenstaand artikel in Het Nieuwsblad verduidelijkt voelt directeur Guido Gryseels van het pas heropende en herbouwde Afrika Museum in Tervuren zich verkeerd begrepen. In de persverklaring noemt de werkgroep het Afrika Museum, ofwel Royal Museum for Central Africa (RMCA) op twee plekken. De werkgroep geeft aan dat het beseft dat het Afrika Museum wel heeft geprobeerd om het koloniale perspectief te verbreden door opname van kritiek daarop, maar daar slecht in zou zijn geslaagd omdat het daarin niet ver genoeg is gegaan. De werkgroep meent dat het van belang is dat het museum ‘alle koloniale propaganda’ verwijdert en de wreedheden van Belgische koloniale verleden nauwkeurig presenteert.

Directeur Guido Gryseels ontkent de aantijgingen en meent dat die ‘koloniale propaganda’ tot het erfgoed behoort en daarom getoond moet worden. Dat het daarom niet voor de hand ligt om die objecten te verwijderen, des te meer omdat het museum ze volgens hem wel van een context, een kritische bijsluiter heeft voorzien. Dit verschil van mening lijkt terug te voeren tot een verschil in perspectief én taakopvatting tussen mensenrechtenactivisten en museale of erfgoed-specialisten. Hun werelden zijn zo verschillend dat ze elkaar niet begrijpen. Daarnaast wijzen beide partijen ook op een geleidelijk proces dat nog in ontwikkeling is en de oplossing in zich draagt. Net als bij het Zwarte Piet-debat in Nederland. Verschillen zijn overbrugbaar.

Punt 13 uit de verklaring roept vragen over de onderbouwing van de werkgroep op: ‘Het maatschappelijk middenveld meldde gemeenschappelijke uitingen van rassendiscriminatie, xenofobie, Afrofobie en daaraan gerelateerde onverdraagzaamheid waarmee mensen van Afrikaanse afkomst worden geconfronteerd. De grondoorzaken van de hedendaagse mensenrechtenschendingen liggen in het gebrek aan erkenning van de ware omvang van geweld en onrechtvaardigheid van kolonisatie.’ Dat er racisme jegens donkergekleurde mensen in België voorkomt leidt geen twijfel en moet door regeringsbeleid aangepakt worden. Vraag is of de werkgroep de oorzaak ervan juist ziet, dientengevolge wel tot de goede aanbevelingen komt en niet blijft hangen in een denkfout. Want het is de vraag of de samenhang tussen racisme en kolonialisme zo is dat racisme altijd voortkomt uit kolonialisme. Het koppelt namelijk slachtoffers van racisme in alle gevallen aan kolonialisme. Dat kan niet de bedoeling van de werkgroep zijn, maar komt zo toch in de beeldvorming over.

De werkgroep verbindt al het racisme jegens mensen van Afrikaanse herkomst in België aan het Belgische kolonialisme in Afrika. Dat is een lastig te verdedigen standpunt. Een kolonialisme dat in de jaren ’60 van de vorige eeuw met een klap eindigde, weliswaar achter de schermen economisch en politiek nog tientallen jaren voortduurde, maar toch in de Belgische samenleving al meer dan 50 jaar een taboe-onderwerp is. In die zin heeft de werkgroep gelijk dat er volop winst te halen is door bewustwording van de bevolking over de nadelen en wreedheden van het kolonialisme. De paradox is dat de bewustwording inzichtelijk kan worden gemaakt met de voorbeelden die in het Afrika Museum in Tervuren worden getoond. Maar evengoed kan verdedigd worden dat de beste methode om het racisme te bestrijden er juist in bestaat om het los te koppelen van het historisch kolonialisme doordat dit laatste een te beperkt perspectief biedt op het hedendaagse racisme. Zo’n koloniale invalshoek verklaart actuele culturele, sociale en economische ontwikkelingen onvoldoende.

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelVN heeft zware kritiek op vernieuwd AfricaMuseum: “Alle racistische beelden moeten verdwijnen”’ in Het Nieuwsblad, 12 februari 2019.

Foto 2, 3 en 4: Fragmenten uit de persverklaring (‘Statement to the media by the United Nations Working Group of Experts on People of African Descent, on the conclusion of its official visit to Belgium, 4-11 February 2019′) van het Bureau van de Hoge Commissaris van de Verenigde Naties voor de mensenrechten, 11 februari 2019.

Advertenties

Wat te vinden van het Marrakesh Pact? Politiek noch media geven onpartijdig en volledig antwoord

with 6 comments

Ik kan het gemist hebben, maar op sociale media en online versies van nieuwsmedia heb ik geen onpartijdig, objectief en volledig verslag met opsomming van de voor-en nadelen over het ‘Mondiale pact voor veilige, ordelijke en reguliere migratie op het gebied van ontwikkelingssamenwerking‘ ofwel het Marrakesh Pact kunnen vinden. Het is zelfs als lastig om daar verwijzingen naar de oorspronkelijk tekst te vinden. In België dreigt er een regering over te vallen en in Nederland profileren radicaal-rechtse partijen zich ermee.

Wat zijn nou de feiten voor de nieuwsconsument aan de hand waarvan die zich een mening kan vormen? Is het pact juridisch bindend of niet-bindend? Maakt het pact een onderscheid tussen politieke vluchtelingen en economische migranten? Hoe zit het met de bescherming van migranten die door Europese landen worden teruggestuurd naar dictatoriale landen? Zo wordt het ongemak over het pact het ongemak over de journalistiek dat zich óf de ene of de andere kant uit laat sturen óf uit onvermogen maar helemaal zwijgt.

Het debat bij DW English is een voorbeeld van de partijdigheid. Het panel lijkt te eenzijdig pro-pact samengesteld om objectief te zijn. Nadelen komen onvoldoende over het voetlicht. Maar met tegenstanders erbij dreigt het debat met oneliners en alternatieve waarheden verstoord te worden. Ook over het verslag van VRT Nieuws twijfel ik of het onpartijdig is. Ik blijf met twee vragen zitten: wat moet ik van het pact vinden en waarom kunnen de media er geen onpartijdig, inzichtelijk en volledig verslag van geven? Dat brengt me op de vraag waarom de burger niet serieus wordt genomen door de politiek en als nieuwsconsument door de media.

Written by George Knight

5 december 2018 at 13:29

Intolerantie van radicaal-links en veroordeling via sociale media. Waarom reageert de #MeToo-beweging zo fel op Ian Buruma?

leave a comment »

De Nederlands-Amerikaanse publicist Ian Buruma voelde zich gedwongen om vanwege negatieve publiciteit op sociale media ontslag te nemen als hoofdredacteur van de New York Review of Books. Dit vanwege de plaatsing van een essay van de Canadese muzikant, schrijver en voormalige radiopresentator Jian Ghomeshi in een themanummer over #MeToo-daders die niet door de justitie maar door sociale media zijn veroordeeld. In 2016 werd hij vrijgesproken van aanranding in een rechtszaak. In een artikel in VN noemt Ian Buruma het ‘intimidatie in de sociale media en door de universiteitspers.’ Hij geeft overigens toe dat het aankaarten van een gevoelig thema als #MeToo ‘door iemand die is beschuldigd van vrouwenmishandeling niet de ideale vorm om dat thema mee aan te kaarten’ is. Een interview met Buruma in Slate riep bij HuffPost’s Lydia Polgreen in een tweet nog meer woede op dan het artikel van Ghomeshi, zo liet ze weten. De ironie is dat Buruma nu ook zonder tussenkomst van justitie door sociale media wordt veroordeeld en zijn functie verliest.

Hier is overduidelijk een cultuurstrijd aan de gang tussen radicaal-links en humanistisch-progressief waarvan Buruma een vertegenwoordiger is. Opinieleiders en nieuwsmedia kiezen partij en spreken zich uit. Brendan O’Neill van Spiked ziet Buruma als slachtoffer van wat hij het seksuele McCartyisme van de #MeToo-beweging noemt. In de #MeToo-beweging  ziet O’Neill onderhand meer wraak, censuur en hysterie, dan gerechtigheid.

De kwestie #MeToo-Buruma komt op een politiek gevoelig moment met de beschuldiging van Dr. Christine Blasey Ford van een poging tot verkrachting begin jaren ’80 door kandidaat-opperrechter Brett Kavanaugh. De Republikeinen in de Senaat willen hem zo snel mogelijk en zonder FBI-onderzoek van Fords aantijgingen in het Supreme Court benoemen. Een benoeming voor het leven die de politiek en cultuur van de VS voor decennia in conservatieve richting kan doen kantelen terwijl het land zelf progressiever wordt. Onder meer de herroeping van het belangrijke arrest Roe vs Wade (1973) over abortus lijkt in gevaar. Er wordt sterk vermoed dat Kavanaugh het ongrondwettelijk verklaren van een federaal verbod op abortus wil helpen herroepen.

De kwestie Buruma is uiteindelijk een vraag over doel en middelen. Waarom richten radicaal-linkse actievoerders van de #MeToo-beweging zich op dit moment zo fel tegen Buruma, terwijl de toekomst van de VS met de tussentijdse verkiezingen van november en de dreigende benoeming van Kavanaugh op het spel staat? Er valt weinig berekening en politiek realisme in te ontdekken, maar wel veel onbesuisdheid en emotie.

Beeld en taal van campagne van SDG Nederland zijn niet SDG-proof

leave a comment »

Het is onduidelijk voor wie deze YouTube-video bedoeld is. De toelichting zegt: ‘Anne Kuik vertelt over haar inzet op #SDG5 en #SDG16’. Deze toelichting zal voor de gemiddelde nieuwsconsument meer vragen oproepen dan verklaringen geven. Want wie is Anne Kuik van het CDA? Maar vooral wat is in hemelsnaam ‘#SDG5′ en ‘#SDG16’? Worden we verondersteld dat te weten? Hebben we als nieuwsconsument iets gemist? Worden we geacht te weten wat #SDG1 tot en met #SDGveel is? Het wordt er allemaal niet duidelijker op met de slogan ‘Building Change; Global Goals at home and abroad’ die in de rechterbovenhoek staat. Die slogan betekent alles en niets. Het kan overal op slaan en slaat dus nergens op. Deze video spreekt in raadsels.

De tekst over Building Change op Partos.nl maakt niet helder wat SDG is. Building Change houdt van mystificatie en omtrekkende bewegingen: ‘De SDGs zijn de breedst gedragen mondiale agenda voor duurzame ontwikkeling’. Drie organisaties (Partos, Foundation Max van der Stoel en Woord en Daad) werken sinds 2014 intensief samen ‘om beleidscoherentie voor ontwikkeling in Nederland stevig op de kaart te zetten’, zo zegt dit bericht. Dat stevig op de kaart zetten is dan vermoedelijk bij een poging gebleven. Nog een verklaring: ‘Met ‘Building Change’ werken we verder aan het verwezenlijken van deze visie: een eerlijke en ambitieuze uitvoering van de SDGs, onder leiding van een positieve, stimulerende overheid.’ Het zal wel.

SDG is het Engelse acroniem van ‘Sustainable Development Goals’ dat in het Nederland vertaald ‘Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen’ betekent. Ze zijn door de VN zijn vastgesteld als ‘nieuwe mondiale duurzame ontwikkelingsagenda voor 2030’ zo zegt Wikipedia. Er zijn 17 SDGs. De Nederlandstalige site SDG Nederland geeft bijzonderheden. Om het nog onoverzichtelijker te maken is er ook nog een nieuwe stichting, het SDG Charter ‘die voorkomt uit het Sustainable Development Goals (SDG) Charter. Het Charter is opgezet om in Nederland een ambitieuze, positieve agenda rondom de SDGs te ontwikkelen. De SDGs zijn een absolute kans voor Nederland, als we in staat zijn om in partnerschap op te trekken. Het Charter trekt veel belangstelling en is tot nu toe ondertekend door 80 bedrijven, NGOs, kennisinstellingen en anderen, die samen willen werken aan de Sustainable Development Goals. De Stichting zal deze samenwerking stimuleren en faciliteren. Stichting SDG Charter wordt gedragen door een stuurgroep bestaande uit de volgende leden: ministerie van Buitenlandse Zaken, Global Compact Nederland, Partos, MVO Nederland, VNG-I, IUCN NL, NWO-WOTRO en de Maatschappelijke Alliantie. Initiatiefnemers van het SDG Charter zijn: TruePrice, DSM en de Worldconnectors.Overzichtelijkheid en focus sneuvelen in veelheid, ambities, vergezichten en bestuurlijke kortsluiting.

De publiciteit van Building Change, One World, SDG Nederland en SDG Charter is nodeloos ingewikkeld en doet het belangrijkste beginsel van marketing geweld aan. Namelijk dat het geen zin heeft om reclame voor een product te maken waarvan de naam bij de doelgroep nagenoeg onbekend is. Onbegrijpelijk is waarom de op een Nederlandstalig publiek gerichte publiciteit gebruikt maakt van een niet ingeburgerde Engelstalige afkorting zonder die te verklaren of te vertalen met het Nederlandse ‘Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen’. De publiciteit lijkt zich met het hermetische jargon vooral te richten op de beleidsmakers, politici en leden van de stuurgroepen zelf die als enigen ingeburgerd zijn en in eigen kring ronddraaien. Dat is jammer omdat het doel ervan goed is, aandacht verdient en de bewustwording over duurzaamheid kan vergroten. Het is niet te hopen dat de tekortschietende campagne over SDGs in Nederland betekent dat de inhoud de vorm volgt.

Foto: Schermafbeelding van deel van columnBeeld en taal ook SDG-proof’ van Hugo von Meijenfeldt op SDG Nederland, 10 september 2018. 

In navolging van Kremlin drukt Trump met zijn leugens iedereen in de onwaarheid. En ontneemt ons de kracht van de verbeelding

leave a comment »

Wie sites bezoekt die de op Europa en de VS gerichte Russische propaganda doorprikken begrijpt beter waar president Donald Trump zijn leugens vandaan haalt. De Toronto Star houdt het aantal leugens van Trump bij en komt tot 2029 ‘valse claims’ tijdens zijn presidentschap. Het telt steeds sneller op. De leugens dienen als afleiding voor wat Trump bedreigt. Zo moeten leugens die zelfs zonder schroom als klaarblijkelijke leugens worden gepresenteerd koste wat kost afleiden van de ontmoeting in Helsinki met president Putin die door vriend en vijand als een knieval (kowtowing) wordt gezien en een teken voor de ondergeschiktheid van Trump aan het Kremlin. Die sites zijn onder meer Myth Detector, Polygraph.info, StopFakeEnglish en Disinfo Portal.

Nederlanders zijn niet gewend dat hun overheid glashard liegt. Ze beseffen dat politici en bestuurders hun zwakheden hebben, soms om de waarheid heen draaien, af en toe feiten verzwijgen en fouten proberen te verdoezelen, maar dat is wat anders dan een overheidsbeleid van georkestreerde leugens als verlengde van de buitenlandse politiek. Zo’n beleid kent Nederland niet. Hoewel men kan zeggen dat de afstand tussen liegen en niet vertellen klein is. De reden voor steun aan banken (ABN in 2007, kosten ?? miljard) en multinationals (dividendbelasting: Shell, Unilever) is nog steeds niet geopenbaard. Juist vanwege dit opaak beleid zou de Nederlandse overheid in tijden van nepnieuws en de ondermijning van de waarheid afstand moeten nemen tot landen en buitenlandse leiders die liegen tot onlosmakelijk onderdeel van hun beleid hebben gemaakt.

President Donald Trump wordt vaak afgebeeld als iemand die geen geduld heeft voor overleg zoals dat vooral in internationale organisaties als een klimaatakkoord of handelsverdrag, de VN of NAVO vorm krijgt. Daarbij meent Trump als leider van ‘het machtigste land ter wereld’ sterker te staan als hij overlegt met individuele landen afzonderlijk. Keerzijde daarvan is dat hij allianties die 70 jaar lang de humus voor Amerikaans welzijn en welvaart zijn geweest verwaarloost en onderwaardeert. De negatieve neveneffecten schuift hij voor zich uit. Maar nu al treffen zijn leugens doel als hij die 70 jaar economische, culturele en politieke voorspoed van zijn land ontkent en Amerikanen als het ware hun verleden ontneemt. Dat drukt iedereen in de onwaarheid.

Putin, Trump of de Noord-Koreaanse leider Kim Jung-Un vinden elkaar niet zozeer in hun geloof in autoritair leiderschap, het terugdringen van de democratie en het onttakelen van de rechtsstaat, maar in hun geloof in de werking van leugens. Leugens zijn het cement waarmee ze de façade van hun Potemkin-dorp bouwen. Dat is een hedendaagse variant van de slagzin uit 1968 dat de verbeelding aan de macht is. Maar het is niet de verbeelding die door het volk als strijdmiddel tegen de autoriteiten werd ingezet. Het is de verbeelding die door de autoriteiten tegen het volk wordt ingezet. Onder de straatstenen ligt niet langer het strand (‘Sous les pavés, la plage!), maar de verloren illusie van strand. Gevaar van politieke leiders als Putin of Trump die liegen tot speerpunt van beleid en positionering maken is niet zozeer dat ze feiten verzinnen of bewust verkeerd voorstellen of het begrip ‘waarheid’ ondermijnen, maar dat ze het volk de verbeelding ontnemen. Ze snijden de mogelijkheid af om te dromen en de realiteit te betoveren. Daarom ziet met name de jeugd het somber in.

Foto: Beroemde straatposter van het tegenprotest van 1968 met tekst: ‘une jeunesse que l’avenir inquiète trop souvent’ (‘Een jeugd die te vaak door de toekomst wordt gestoord’). Zie ook ‘May 1968’ van Navya Ashokkumar.

Kremlin kan aansprakelijkheid MH17 niet toegeven omdat het betrokkenheid bij de oorlog in Oost-Oekraïne niet kan erkennen

with 3 comments

Als de Russische Federatie erkent dat het aansprakelijk is voor haar aandeel in het neerschieten van de MH17, dan erkent het dat het actief betrokken is bij het conflict in Oost-Oekraïne. Maar sinds voorjaar 2014 ontkent het Kremlin dat het hier ook maar iets mee te maken heeft. Ondanks overvloedig bewijs van het tegendeel.

Het is hoogst onwaarschijnlijk dat het Kremlin vanwege Nederlandse en Australische druk zou erkennen dat het aansprakelijk is voor het neerschieten van de MH17 omdat het dan tevens erkent dat het met reguliere en onregelmatige (huurlingen van Wagner, vrijwilligers) militaire troepen sinds 2014 in dit oorlogsgebied opereert. Het Kremlin ontkent al vier jaar lang elke betrokkenheid bij de oorlog in Oost-Oekraïne. Het zou vooral in het binnenland haar eigen geloofwaardigheid en grip op de macht te grabbel gooien als het haar militaire aanwezigheid in Oost-Oekraïne alsnog zou toegeven. Dat is een te hoge mate van gezichtsverlies.

Dat is de paradox van de MH17. Het Kremlin is met haar inmenging in Oost-Oekraïne zo diep het konijnenhol vol leugens ingekropen dat het er zichzelf niet meer uit kan bevrijden. Door de herhaalde ontkenning dat het in het konijnenhol zit kunnen anderen de Russische Federatie niet helpen er zich uit te bevrijden. Overigens was verzwakking van Oekraïne door de ondermijning via de zogenaamde hybride oorlogsvoering aanvankelijk het doel van het Kremlin. Met naast de militaire inmenging als hoofdcomponenten: propaganda, cyberwar, economische en politieke oorlogsvoering. Dus zonder dat dit hoe dan ook erkend werd of kon worden. Opzet was destabilisatie van Oekraïne. Stabiliteit is de voorwaarde voor een lidstaat om lid van de Navo te worden.

Niet alleen Oekraïne zit gevangen in deze kwestie, maar ook de Russische Federatie. Het leiderschap in het Kremlin kan hopen dat de herinnering slijt in de tijd en er een patina laagje van vergetelheid ontstaat. In de tussentijd dwingt het Kremlin het geluk af van een gecorrumpeerde en controversiële Oekraïense president die met Putin strijdt in de competitie om leiding te mogen geven aan het meest corrupte land van Europa.

Er is nog een paradox. Dat is dat het Kremlin ontkent betrokken te zijn geweest bij het neerstorten van de MH17, maar zich in de praktijk niet gedraagt als een buitenstaander. Het eist een formele rol in het onderzoek op. Dit is een merkwaardige en ongerijmde reactie van het Kremlin omdat het weet dat de Russische Federatie volgens de regels van ICAO (=VN) formeel geen partij is. De crash was niet op of boven het grondgebied van de Russische Federatie, het vliegtuig was niet Russisch en er waren geen Russische slachtoffers. Dat maakt de Russische Federatie officieel geen partij in het onderzoek. Wel kan elke buitenstaander zoals het JIT herhaaldelijk heeft gezegd (en gevraagd aan de Russen) informatie aanleveren als het vindt dat die relevant is voor het onderzoek. In de verslagen van de OVV over de oorzaak van het neerstorten van de MH17 hebben de Russen overigens talloze aanmerkingen en aanvullingen aangeleverd die ook gepubliceerd werden.

Resteert de vraag hoe de reactie van het Nederlandse kabinet ingeschat moet worden. Wat is het waard en wat beoogt een harde reactie? Met als ultieme vraag wat de reactie politiek en economisch Nederland mag kosten. Kiest Nederland vanwege de onverzoenlijke houding van de Russische Federatie die de flater van de MH17 niet wil toegeven een hardere opstelling in het Nord Stream II dossier? Dat zou pas echt belangrijk nieuws zijn.

Foto: Tweet, 25 mei 2018.

MH17: Russische Federatie blijft zich bemoeien met een kwestie waar het niets mee te maken heeft. Waarom?

with 2 comments

De Russische ambassadeur in Nederland heeft gelijk dat de Russische Federatie geen bedreiging vormt voor westerse democratieën. Het is een land in verval dat volgens velen op zijn laatste benen loopt. Hiermee gaat hij overigens wel in tegen de tactiek van het Kremlin om het land als machtig, zelfbewust, krachtig, en ook impulsief en emotioneel af te schilderen. Die onberekenbaarheid moet opponenten schrik aanjagen. Maar dat gebeurt alleen als westerse veiligheidsdiensten hun budget op willen krikken om de Russische dreiging te weerstaan. Die geen dreiging is. De Russische beer of octopus is de spreekwoordelijke reus op lemen voeten.

In een artikel voor The Atlantic werkt Julia Ioffe het uitgangspunt van de dreigingsloze dreiging uit. Op de Russische aantoonbaar onjuiste beeldvorming van een krachtig en goed geleid land stapelt het Westen de eigen beeldvorming die even aantoonbaar onjuist is. Bizar is dat beide machtsblokken dat misverstand laten bestaan. President Putin vreest zijn ondergang en maakt zich sterk en het Westen kent de eigen sterkte niet.

De ambassadeur heeft geen gelijk als hij het heeft over de MH17. Hoe dan ook verraadt de vorm die hij kiest de inhoud. Want het is onverklaarbaar en merkwaardig dat tot op de dag van vandaag vertegenwoordigers van de Russische Federatie zich bemoeien met de MH17, terwijl het toestel niet Russisch was, er geen Russische passagiers aan boord waren, het niet is neergestort in de Russische Federatie en er volgens het Kremlin geen Russische betrokkenheid is. Waarom dan mee willen praten? Artikel 26 van de Convention on International Civil Aviation (ICAO) noch Bijlage 13 (Aircraft Accident and Incident Investigation) geven een reden om de Russische Federatie bij het onderzoek te betrekken. Jammergenoeg mist de interviewer de kans om de ambassadeur te vragen waar hij het op baseert dat zijn land in het onderzoek wordt gepasseerd. Het heeft in het onderzoek geen formele rol en is geen betrokken land volgens de ICAO-regels, maar een buitenstaander. Dat de ambassadeur net doet alsof hij dat niet begrijpt toont de Russische inmenging. Dat is een halfslachtige houding. Het is onbegrijpelijk dat de Nederlandse regering en het JIT dat niet beter uitleggen aan het publiek.

Dus vanwege politieke belangen worden bevindingen van de Nederlandse Onderzoeksraad voor Veiligheid en het door Nederland geleide Joint Investigation Team door de Russische Federatie betwist. Als het niets te vrezen had omdat het op geen enkele manier betrokken was, dan had het de bevindingen kunnen accepteren. Het had dan in 2015 evenmin de resolutie voor de oprichting van een internationaal tribunaal dat de schuldigen wilde berechten hoeven vetoën in de VN-Veiligheidsraad. Als de Russische Federatie zoals het zelf beweert niet betrokken was bij het neerschieten van de MH17 en dus niets te vrezen had voor de uitspraak van een internationaal tribunaal, dan zou het niet te verbergen hebben. En zich er evenmin mee hoeven te bemoeien. Maar publicitair en politiek bemoeit de Kremlin zich nu al ruim drie jaar dagelijks met de MH17.