George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘AD

Nederlandse overheid beseft urgentie van cybersecurity en cybercrime niet

with one comment

De wereldvreemdheid van de Nederlandse overheid en politiek is immens. Het doet er alles aan om te suggereren dat Nederland een eiland is. Neem het onderwerp cyberveiligheid. Afgelopen woensdag 13 september hield Director of National Intelligence Dan Coats een toespraak op de Billington Cybersecurity Summit in Washington. Hij schetst een beeld van bedreigingen van de kritische infrastructuur of het hacken van bedrijfsnetwerken van de Amerikaanse defensie-industrie en technologiebedrijven. Tegelijk verdedigde hij zich tegen zijn voorganger James Clapper (‘former officials’) die kritisch is op de aanpak van cyberveiligheid door de regering-Trump en houdt hij een pleidooi voor hechte samenwerking met het bedrijfsleven.

Of de Amerikaanse regering goed, niet goed genoeg of verkeerd bezig is valt te bezien, maar in elk geval zegt Coats de ernst van de dreiging van landen als de Russische Federatie, China, Iran of Noord-Korea te beseffen. Zijn waarschuwing is duidelijk: ‘We have not experienced yet a catastrophic attack. But I think everyone in this room is fully aware of the ever-growing threat to our security.’ De klap kan elke moment komen, in elk land. Ook in Nederland. Overigens is de Amerikaanse overheid niet alleen in de verdediging, maar valt het andere landen aan, zoals de geschiedenis met het Israëlisch-Amerikaanse Stuxnet verduidelijkt. In 2009 werd met fataal gevolg een virus geplaatst in ultracentrifuges die deel uitmaakten van de Iraanse nucleaire industrie.

Nog in juni 2017 was er de kwaadaardige software van het Petya-virus die was bedoeld om de Oekraïense economie schade toe te brengen. Het verspreidde zich door heel Europa en bracht vele bedrijven schade toe. Terwijl de aanval niet eens op die bedrijven was gericht. Gezien de sinds 2014 woedende oorlog tussen Oekraïne en de Russische Federatie die niet alleen op het slagveld in Oost-Oekraïne, maar ook in de publiciteit en de digitale wereld wordt uitgevochten bestaat het sterke vermoeden dat het virus met medewerking van het Kremlin vanuit de Russische Federatie werd verspreid. Als het tegen een NATO-lid was gericht en er cruciale schade aan de infrastructuur van betreffend land was aangebracht, dan had het als een oorlogsdaad opgevat kunnen worden dat artikel 5 in werking zette. Een voor allen, allen voor een. Zonder dat een aanval op Nederland is gericht kan ons land door een digitale aanval dus in een oorlog betrokken worden.

Cyberveiligheid is niet hetzelfde als cybercriminaliteit, maar er zijn raakvlakken. Terroristen hebben vaak vanuit hun verleden contact met criminele netwerken opgebouwd. Dat geldt voor een land als de Russische Federatie waar directe lijnen lopen van overheid naar maffia. Ook in de VS is dat het geval waar president Trump voor zijn vastgoedprojecten contacten had met de Russische (Semjon Mogilevitsj) en de Russisch-Amerikaanse maffia (Felix Sater). Overheidsdiensten moeten nauw samenwerken om de digitale dreiging te weerstaan. Want elke zwakke plek wordt opgezocht en kan worden afgestraft. De gevolgen kunnen desastreus zijn. Bovenwereld en onderwereld, criminaliteit en traditionele oorlogsvoering zijn vermengd geraakt.

Is Nederland er klaar voor en beseft het de urgentie van de situatie? Nee, het lijkt er in de verste verte niet op. Gerrit van der Burg is als voorzitter van het College van procureurs-generaal specifiek verantwoordelijk voor cybercrime. In die hoedanigheid gaf hij vandaag een interview aan het AD dat de Volkskrant in een bericht samenvat. Er ontstaat een ontluisterend beeld van het OM. ‘We trekken er hard aan, maar we zijn er nog niet klaar voor’ en ‘We zijn van oorsprong geen digitale organisatie’. Nee, allicht niet, geen enkel OM in geen enkel land is van oorsprong een digitale organisatie. De verplichting rust op de leiding van het OM om dat als de wiedeweerga te worden. ‘Het onvoorstelbare wordt voorstelbaar, als het gaat om cybercrime’, zo zegt Van der Burg. Maar wat hij zich nou precies voorstelt blijft raadselachtig. Naar verluidt wil het komende kabinet 25 miljoen euro vrijmaken voor de bestrijding van cybercriminaliteit. Dat is veel te weinig en het komt erg laat.

Foto: ‘Foto: ‘Dutch Visit: Col. Jeff Schilling, of G-5/7, briefs Brig. Gen. Hans Hardenbol, along with Dutch military delegation, during a visit to the Army Cyber Command.‘ Op de site van de U.S. Army Cyber Command/ U.S. 2nd Army is deze foto uit 2012 niet meer terug te vinden, hier wel bij een commentaar.

Advertenties

Bestrijding van terrorisme vraagt om professionalisme. Niet om betonblokken en meer bevoegdheden voor veiligheidsdiensten

with 2 comments

Als iemand daadwerkelijk geestelijk zo erg vergiftigd is dat hij anderen omwille van zijn geloof wil vermoorden, laat hij zich niet tegenhouden door een blokkade die vermomd is als een weelderige bos bloemen.’ aldus columnist Özcan Akyol vandaag in het AD. Hij heeft gelijk. Overheden moeten oppassen niet aan symboolwerking ten onder te gaan. Het lijkt erop dat het plaatsen van bloembakken of betonblokken in steden eerder de bedoeling heeft om de burgers een gevoel van veiligheid te geven, dan dat het daadwerkelijk de plegers van aanslagen tegenhoudt of de aanslag inperkt. Want terroristen zoeken de makkelijkste weg.

Als het risico op een terroristische dreiging oplevert dat steden rigoureus worden omgebouwd en mobiliteit wordt beperkt, dan is het de vraag of het dat waard is. Want de betonblokken staat niet op zichzelf. Ze komen bovenop de camerabewaking en digitale controle door de overheid. Het gevaar dreigt dat Nederland zonder publiek debat sluipenderwijs afglijdt naar de controlestaat. Het kenmerk ervan is dat bevoegdheden van overheden worden uitgebreid en de vrijheden van de burger worden ingeperkt. In elk geval zou hierover een breed maatschappelijk debat gevoerd moeten worden dat verder kijkt dan een incidentele dreiging.

De veiligheidssector dreigt met verwijzing naar een aanslag veel macht naar zich toe te trekken. Vraag is of het die bevoegdheden waard is omdat de professionalisering (politierecherche) of kwantitatieve voorwaarden (AIVD) daartoe ontbreken. Anders gezegd, uitbreiding van bevoegdheden voor politie- en veiligheidsdiensten is niet alleen afhankelijk van de vraag om uitbreiding, maar ook van het aanbod dat deze diensten kunnen leveren. Zijn ze een uitbreiding van bevoegdheden wel waard als hun organisatie niet op orde is? Daarbij komt dat de roep om uitbreiding van bevoegdheden en inzet van technische middelen vaak een verkapte manier van bezuinigingen is. Dat wordt de burger echter niet open en eerlijk verteld door de overheid.

Vorige week was er een wegens een dreiging in een laat stadium afgelast concert in de Rotterdamse Maassilo. Het is voor de objectieve beschouwer opvallend dat op basis van één bron een dreiging serieus wordt genomen en een concert wordt afgelast. Moet die lat niet hoger liggen? Zou de procedure in de toekomst niet aan voorwaarden moeten voldoen die nu blijkbaar ontbreken? Zou het niet zo moeten zijn dat een melding van een dreigende aanslag door een kruiscontrole via meerdere datasystemen van meerdere kanten bevestigd moet worden? Wellicht is er in de toekomst een reeks valse meldingen voor nodig om die procedure aan te passen en werkzaam te maken. De waarde van een enkele bron zou beter dan nu gewogen moeten worden.

Het is gewenst dat de procedure voor de samenwerking tussen Europese politiediensten op korte termijn aangepast wordt om te garanderen dat ze volgens dezelfde aangescherpte standaard werken, en beter dan nu weten wat ze van elkaar te verwachten hebben. Zodat er geen misverstand ontstaat tussen een Spaanse en een Nederlandse overheidsdienst en laatstgenoemde door een onnodig grote marge van onzekerheid te snel het zekere voor het onzekere neemt. Zo’n aanscherping van standaarden is in allerlei sectoren gebruikelijk. Dat de veiligheidssector daarop een uitzondering zou moeten zijn is ongewenst en ongelukkig. Juist de veiligheidssector die het machtsmonopolie uitoefent moet in de pas lopen met de rest van de samenleving.

Door een onvolledige of ondermaatse procedure in de veiligheidssector loopt de samenleving een verhoogd risico op maatschappelijke ontwrichting. Het is vaker beweerd, de meeste winst in het terugdringen van terrorisme kan worden behaald door betere samenwerking van overheidsdiensten over de grenzen heen. Welnu, daar hoort ook een degelijke en zorgvuldige procedure bij. Het systeem van signalering moet worden verfijnd. Wat bij het incident Maassilo gebeurde tussen Spanje en Nederland was onnodige improvisatie. Het gaat om het vinden van een balans waarbij de veiligheid niet per definitie de andere waarden terugdringt. Indien veiligheid domineert dan bevinden we ons in de controlestaat met ook nog eens binnensteden die zijn vergeven van betonnen bloembakken. Als stille tekens van het onvermogen tot handelen van de overheid.

Foto: Veiligheidsmaatregelen in Duitsland in 2016: ‘Auf vielen Weihnachtsmärkten wurde die Sicherheitsvorkehrungen verschärft. Dieses Bild wurde auf dem Striezelmarkt auf dem Altmarkt in Dresden aufgenommen.’

AD en ANP laten zich door Trump om de tuin leiden inzake het bestaan van tapes van de gesprekken met Comey

with 2 comments

Als iets uit twee tweets van 22 juni 2017 van Donald Trump over de tapes van zijn gesprek in het Witte Huis met toenmalig FBI-directeur James Comey blijkt is dat hij niet ontkent dat ze bestaan. Trump zegt ‘geen idee te hebben of er bandopnamen of opnames van zijn gesprekken met Comey bestaan’. Hij voegt eraan toe dat hij ze niet gemaakt heeft en niet in bezit heeft. Maar dit zegt niets over het bestaan ervan. Trump ontkent op geen enkel moment of in geen enkele bewoording dat er opnames bestaan van zijn gesprekken met Comey.

Journalistieke zorgvuldigheid en close reading van Trumps tweets zijn niet besteed aan een bericht in het AD van 22 juni. Al dan niet in commissie met Haytze Teerink van persbureau ANP die de tekst heeft aangeleverd. Om te beginnen is de kop ‘Trump ontkent bestaan tapes van gesprekken van Comey’ aantoonbaar onjuist. Trump ontkent niet dat er opnames van zijn gesprekken met Comey bestaan. ANP en AD slaan de plank mis.

Ze hadden alert moeten zijn bij een president die er een gewoonte van maakt om te liegen, maar opvallend genoeg in deze politiek gevoelige kwestie een verwoording kiest die zorgvuldig is, publicitair het randje opzoekt maar zo opgesteld is dat hij juridisch aan de veilige kant van de waarheid blijft. Iemand met een journalistieke antenne, kennis van Trumps gedrag en inschatting van zijn politieke positie had uit de tweets het omgekeerde afgeleid van wat de journalist van het ANP en de koppenmaker van het AD deden. Trump ontkent door zijn bewoording in de tweets niet dat de gesprekken met Comey bestaan, maar bevestigt dit.

De verklaring in het bericht dat Trump zinspeelde op opnames van de gesprekken met Comey zodat deze geen onwaarheden zou verspreiden is speculatief, onjuist en voorbarig. Speculatief omdat het suggereert dat Trump de waarheid spreekt over een gesprek waarvan Comey beweert dat hij door Trump aangezet is het Rusland-onderzoek door de FBI te stoppen. Onjuist omdat intimidatie van Comey en andere mogelijke getuigen in het Rusland-onderzoek de meest waarschijnlijke verklaring is voor het feit dat Trump repte over opnames. Voorbarig omdat de vraag of er door het Witte Huis opnames zijn gemaakt van de gesprekken van Trump met Comey nog steeds niet definitief beantwoord is en het daarom onjuist is om een verklaring te geven die ervan uitgaat dat de opnames niet bestaan. ANP en AD hebben er niet alleen weinig van begrepen hoe nepnieuws wordt verspreid, maar ze maken zich door een foute interpretatie zelf tot verspreiders ervan.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelTrump ontkent bestaan tapes van gesprekken met Comey’ in het AD, 22 juni 2017.

Written by George Knight

23 juni 2017 at 15:17

Waarom keurt AD-hoofdredacteur Nijenhuis het goed? Wierd Duk peilt ‘de stemming’, maar selecteert populistisch gedachtengoed

with 4 comments

Wierd Duk mag voor het AD van zijn hoofdredactie als verslaggever de vinger aan de pols houden van het ongenoegen in de samenleving en het populisme. Het AD geeft er de titel aan mee ‘Wierd Duk peilt de stemming’. Dat doet hij vasthoudend en gedreven, maar ook ogenschijnlijk met vermenging van een eigen agenda. Duk is een activistische journalist, maar zonder dat het AD of Duk zelf daar volledige openheid over geven. Dat is een gemiste kans. Het blijft ongenoemd en daarom kan het verwarring scheppen waarom hij de stemming peilt. Gaat Duk het land af om willekeurig (‘at random’) signalen op te vangen en daar verslag van te doen of worden de signalen geselecteerd om ze in de mal van de bestaande mening van Duk te gieten?

Een antwoord geeft vandaag een artikel in AD en de eenzijdige selectie van de geïnterviewden. Duk beperkt zich tot usual suspects die door Nederlandse rechts-nationalistische media aan elkaar doorgegeven worden en uitsluitend het rechts-populistische verhaal vertellen. Duk voert onder meer de Hongaars-Nederlandse hoogleraar László Marácz op die met zijn pro-Kremlin en anti-EU meningen bekend is van Café Weltschmerz, de Oekraïens/Russisch-Nederlandse Jelena Plotnikova die tijdens het Oekraïne-referendum steevast werd opgevoerd als ‘Oekraïens’ wat onder meer voormalig SP’er Harry van Bommel op kritiek van The New York Times kwam te staan en de Pools-Nederlandse wiskundelerares Monika Jakubowska (40) uit Bergen op Zoom.

In het artikel van Duk komen EU-scepticisme, pro-Putin relativering, pleidooi voor de natiestaat, islamkritiek, immigratievrees, mediakritiek en het verwijt van een zwak opererende overheid samen. Dit zijn niet toevallig de elementen die altijd terugkomen in Duks stukken en die tot het rechts-populistische taaleigen behoren. Dit roept de vraag op of Duk werkelijk interesse heeft en begerig is om de stemming van Nederland in al zijn diversiteit te peilen of dat hij vooraf stemmingen selecteert die bij zijn rechts-populistische mening passen.

Er bestaat geen twijfel over dat Duk in dit type artikelen niet ‘de stemming’ van Nederland peilt, maar slechts ‘een stemming’ die niet toevallig samenvalt met zijn eigen stemming. Duk preekt voor eigen parochie en krijgt daarvoor ruimte van de AD-hoofdredactie. Dat mag en Duks politieke mening kan uiteraard klinken in de media. Hij is geen slechte journalist en is het waard om gehoord te worden. Maar het AD gaat de fout in en doet aan misleiding als het een uitgesproken politieke mening van een activistische journalist zonder context en disclaimer presenteert als onpartijdig, onbevooroordeeld en min of meer willekeurig tot stand gekomen.

Het zou hoofdredacteur Hans Nijenhuis en de eindredactie van het AD sieren als ze Duks artikelen voortaan presenteren wat ze werkelijk zijn. Namelijk een onverbloemde promotie van het rechts-populistische gedachtengoed. Dan kan Nijenhuis gelijk kijken of het bovenstaande citaat niet discriminerend is en of Duk dat ongefilterd in de krant had moeten zetten. Het kan best dat moslimmigranten die naar Europa vluchten door slecht onderwijs in hun thuisland een slechte opleiding hebben genoten en weinig kennis hebben opgedaan, maar het verwijt dat ze ‘vaak een laag IQ’ zouden hebben klinkt akelig discriminerend en onzinnig.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelWierd Duk peilt de stemming: ‘Weinig vaderlandsliefde in Nederland’’ van Wierd Duk in het AD, 13 mei 2017.

Armando beëindigt bruikleenovereenkomst met MOA. Alternatieven komen in zicht

with 3 comments

In november 2016 schreef ik in een commentaar: ‘De 87-jarige beeldend kunstenaar en alleskunner Armando is het gemarchandeer met cijfers en de slechte vooruitzichten van de exploitatie definitief beu –feitelijk tekort over 2015 was 230.382 euro-. Hij is van plan te kappen met de Stichting Museum Oud Amelisweerd, aldus een bron uit zijn directe omgeving. Hij meent dat hij bij het Cobra Museum in Amstelveen beter op zijn plaats is en dat dat museum beter bij hem past.’ Ik was naar eigen inschatting  door die bron benaderd omdat ik sinds 2010 aandacht aan het onderwerp besteedde en me hard maakte voor een gezonde bedrijfsvoering die de Stichting Museum Oud Amelisweerd niet leverde. Er werd een spel achter de schermen gespeeld waarbij exploitant en kunstenaar elkaar aftastten en hun posities aanscherpten. En anderen probeerden te bewerken.

Vervolgens bleef het op een enkel bericht na -waarin werd betwist wie nou exact om welke reden de stekker uit de samenwerking trok- opvallend stil in de publiciteit. Tot vandaag, 19 april 2017. Het AD kopt in een bericht van Peter van de Vusse ‘Armando breekt met Museum Oud-Amelisweerd’. De aangekondigde breuk van november 2016 wordt nu werkelijkheid. Armando heeft volgens het AD de samenwerking met het MOA in maart 2017 opgezegd. AD: ‘De bruikleenovereenkomst, die de Armando Stichting (dat zo’n 1100 werken van de kunstenaar beheert) met het MOA had afgesloten, is beëindigd met een opzegtermijn van een jaar.’

Oud interim-directeur van het Centraal Museum en bedrijfseconoom Gert-Jan van der Vossen doet in opdracht van wethouder Diepeveen een onderzoek naar de toekomst van landhuis Oud-Amelisweerd. Naar verluidt is de Utrechtse politiek ontstemd door het verzoek op de valreep van 2016 om 75.000 euro extra geld door het MOA dat als een overval werd ervaren. Trouwens krokodillentranen want al vanaf 2011 was algemeen bekend dat het MOA een gezonde financiële basis miste, zwak onderbouwde financiële plannen naar buiten bracht en dreef op subsidies die op korte termijn af zouden lopen. Hoe dan ook heeft het MOA het verbruid in het Utrechtse stadhuis. Van der Vossen verkent serieus de opties voor een nieuwe gebruiker van het landhuis.

In het AD reageert MOA-directeur Ploum laconiek. Zij zegt nog het meest verrast te zijn door het feit dat het opzeggen door de bruikleenovereenkomst door Armando bekend is geworden. Contractueel zou vastgelegd zijn dat hierover niets in de publiciteit verschijnt. Het is duidelijk dat het in het belang van het MOA was om dit zo af te spreken. Het weet dat Van der Vossen naar een alternatief zoekt. In de publiciteit is door directie en bestuur van het MOA jarenlang beweerd dat de ‘unieke’ combinatie Armando, Chinees behang en landhuis de bestaansreden voor het museum is. Dat is veranderd nu Armando de bruikleenovereenkomst opzegt.

Armando’s afscheid van het MOA hoeft niet het einde aan de culturele bestemming van Oud-Amelisweerd te betekenen. De gemeente Utrecht heeft er meer dan 1,6 miljoen euro in geïnvesteerd. Daarbij stonden twee uitgangspunten centraal. Namelijk dat het vastgoed en de huidige exploitant niet per definitie aan elkaar gekoppeld zijn. En dat een terugvaloptie is voorzien als de huidige exploitant Stichting MOA het niet redt. Wat Van der Vossen het Utrechtse gemeentebestuur adviseert is nog onduidelijk, maar een goede optie zou een Museum voor Chinoiserie zijn. Het zou de 18de eeuwse Europese blik op het Verre Oosten verbinden met het landhuis met 18de eeuws Chinees behang. Daar is hier al in 2011 in een commentaar voor gepleit. Binnen het Centraal Museum is naar zo’n museum al in de jaren ’90 een haalbaarheidsonderzoek gedaan. De plannen liggen er nog en kunnen zo afgestoft en geactualiseerd worden. Ik wijs Van der Vossen graag verder.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelArmando breekt met Museum Oud-Amelisweerd’ van Peter van der Vusse in het AD, 19 april 2017.

Samenwerking Wereldmuseum met NMvW biedt ook kansen

with one comment

Het zet eraan te komen, maar toen het nieuws gisteren naar buiten kwam het toch als een bittere pil. Het AD zegt in een bericht dat het Wereldmuseum in Rotterdam ‘ per 1 mei samengaat met het Nationaal Museum voor Wereldculturen (NMvW)’. Dat wordt in de publiciteit een fusie genoemd, maar het valt te bezien of dat niet een overname door het Rijksmuseum voor Volkenkunde in Leiden is. Directeur Stijn Schoonderwoerd van het NMvW wordt directeur van het Wereldmuseum. Het NMvW staat bekend als hiërarchisch en behoudend en vaart een populistische koers. Dat past niet bij het meer avontuurlijke profiel van het Wereldmuseum zoals zich dat na de redding aftekende. Het Wereldmuseum is kwetsbaar omdat het door de vorige directeur Stanley Bremer is uitgekleed en verzwakt. De wetenschappelijke staf was door hem in de uitverkoop gedaan.

De tekenen zijn ongunstig dat een min of meer autonoom Wereldmuseum voor Rotterdam behouden blijft. Maar nog niets is verloren. Samenwerking was de voorwaarde voor een jaarlijkse subsidie van 5 miljoen euro van de gemeente Rotterdam die in november 2016 in een motie werd neergelegd. Dat geeft het museum recht van spreken. Maar de benarde uitgangspositie lijkt nu toch in het nadeel van het Wereldmuseum gewerkt te hebben. Het is ook ongewis of het Wereldmuseum het huidige gebouw aan de Willemskade kan behouden. In elke geval wordt het personeelsbestand dat onder Bremer was aangetast weer op peil gebracht.

Als werkend museum kan het Wereldmuseum zich bewijzen om die autonome positie die het vooralsnog niet heeft alsnog te veroveren. Het valt dus af te wachten of het Wereldmuseum een min of meer een autonome positie binnen een samenwerkingsverband krijgt om een eigen(zinnige) koers te varen of dat het meegesleept wordt in het populisme van het NMvW. Wellicht kan het nog positief uitpakken als het Wereldmuseum de avontuurlijke krachten binnen het NMvW weet te versterken. Dan kan de huidige ‘samenwerking’ van het Wereldmuseum met het NMvW beschouwd worden als een nieuwe start die het NMvW minder populistisch en gemakzuchtig maakt, meer inhoud geeft en wegsleept voor de poorten van de etnokitsch die er op de loer ligt maar die door de managers zelf niet wordt herkend. Dan slaat het Wereldmuseum een dubbele slag.

Foto: Schermafbeelding van deel FB-pagina Wereldmuseum.

Asscher presenteert progressief pact voor meer vaste banen. SP en GL haken aan. Electoraal verstandig?

with 3 comments

ass

Er tekent zich een progressief pact aan ‘voor meer vaste banen’ tussen de PvdA, SP en GroenLinks. PvdA-leider Lodewijk Asscher zoekt er in het AD de publiciteit mee. Vroeger presenteerden deze partijen zich doorgaans als ‘links’, nu als ‘progresssief’. Dat wil zeggen dat ze niet de sociaal-economische, maar de politiek-culturele focus als het meest belangrijk willen presenteren. Het betreft een pact over een onderdeel van de arbeidsmarkt. Het is geen omvattend pact en kan daarom worden opgevat als ‘bij gebrek aan beter’.

Hoe zo’n losse samenwerking uitpakt op de kiezer is de vraag. Het hangt er mede vanaf hoe serieus het pact is en hoe centraal de drie partijen het in hun marketing zetten. Maar denkbaar is dat kiezers die twijfelen om op één van de drie partijen te stemmen afhaken vanwege animositeit jegens een van de twee andere partijen. Zoals een potentiële stemmer op GroenLinks die niks te maken wil hebben met de SP vanwege haar Europa-politiek die haaks staat op die van GroenLinks. Of een potentiële stemmer op de SP die niets te maken wil hebben met de ‘rechtse’ PvdA die een pilaar onder de gevestigde orde is.  De lachende derde zouden wel eens de partijen kunnen zijn die programmatisch aan deze drie partijen grenzen, zoals D66.

Foto: Schermafbeelding van deel artikel ‘Asscher wil links verbond voor meer vaste banen’ in het AD, 21 januari 2017.