Hoe komt het dat kunst doet wat religie nalaat?

Schermafbeelding van deel artikelKunst doet wat religie nalaat‘ van Hizir Cengiz in de Kanttekening, 14 september 2022.

Volgens columnist Hizir Cengiz is kunst de geslaagde en succesvolle versie van religie. Religie zou blijven hangen in verstarring. Kunst zou doen wat religie nalaat. Ik ben het met hem eens.

Maar dan moeten we religie en kunst wel eerlijk vergelijken. Want kunst kent vele varianten die ook lijden aan verstarring. En religie kent nieuwe, levendige, eigentijdse varianten, zoals de tegen de satire aanleunende Kerk van het Vliegend Spaghettimonster.

Die nieuwe godsdiensten worden trouwens door de gevestigde godsdiensten en de verdedigers ervan niet tot de religiemarkt toegelaten. Daar worden zelfs de hoogste juridische middelen van de staat voor uit de kast gehaald.

Die verdedigende reflex ontstaat om de belangen van de traditionele godsdiensten te beschermen en het vooroordeel te onderstrepen dat een godsdienst belegen is en zich in de tijd bewezen moet hebben. Wellicht speelt ook mee dat de verdedigers van traditionele religie menen dat conventies en regels onmisbare pijlers onder de samenleving zijn.

De verklaring waarom kunst slaagt waar religie faalt ligt voor de hand. Kunst en religie putten uit dezelfde bron van het drama en de rituelen. Het zijn menselijke, creatieve constructies die proberen de zinloosheid, de leegte en de eindigheid van het leven op afstand te houden. Kunst slaagt daar beter in omdat het meegaander en buigzamer is. Kunst hoeft immers zichzelf niet te bestendigen.

Kunst is veelgelaagd en gefragmenteerd en kan zich voortdurend vernieuwen. Stromingen volgen elkaar op en kunstenaars becommentariëren elkaars werk. Er bestaan weliswaar kunstinstellingen die hun eigen voortbestaan belangrijk vinden, maar die bepalen niet wat de veelgelaagde kunst is.

Het tweeledig doel van de beeldbepalende monotheïstische godsdiensten verklaart grotendeels de verstarring. Want naast zingeving (‘de binnenkant‘) moeten godsdiensten door belangenbehartiging, het uitschakelen van rivalen, fondsenwerving, en marketing en publiciteit continu werken aan hun eigen voortbestaan (‘de buitenkant‘). Met ook nog eens het risico dat de buitenkant door wereldse leiders wordt gekaapt. Dat gevecht om continuering leidt tot starheid en verstijving. 

Schermafbeelding van deel artikelKunst doet wat religie nalaat‘ van Hizir Cengiz in de Kanttekening, 14 september 2022.

Cengiz eindigt zijn commentaar met de persoonlijke noot dat hij nimmer vraagtekens bij zijn religie mocht plaatsen, want dat was ‘des duivels, bijna blasfemie‘. Dat is een juiste constatering van hem. Verstarring is onlosmakelijk verbonden met traditionele godsdienst. Het is er zelfs een bestaansvoorwaarde van. De vraag naar eigen ontstaan en herkomst is binnen traditionele religies een taboe. Die vraag mag niet gesteld worden. Terwijl in de kunst per definitie geen enkele vraag taboe is. Dat verklaart het verschil tussen kunst en religie.

In februari 2022 stelde ik in het commentaarOmarm secularisatie. Beschouw kerken als culturele instellingen. In ruil voor subsidie kunnen ze hun politiek-maatschappelijke claim op de samenleving inruilen‘ over wegkwijnende kerken die door de ontkerkelijking niet meer onderhouden kunnen worden dat religieuze organisaties voortaan opgevat zouden moeten worden als culturele organisaties.

Het verschil tussen kunst en religie is historisch, dramatisch en functioneel minder groot dan het lijkt. Door de eeuwenlange dominantie van religie zijn ze uit elkaar gegroeid en is de overeenkomst uit zicht geraakt. Nu in West-Europa het belang van religie afneemt en kunst zich dynamisch handhaaft is het moment gekomen om ze weer als twee kanten van dezelfde medaille te gaan beschouwen.

Vrijheid van meningsuiting rechtvaardigt het beledigen van godsdienst

Schermafbeelding van deel artikelIran: Salman Rushdie heeft aanval aan zichzelf te wijten‘ van de NOS, 15 augustus 2022.

Een woordvoerder van het Iraanse ministerie van Buitenlandse Zaken meent volgens bovenstaand bericht dat de vrijheid van meningsuiting het beledigen van een godsdienst niet rechtvaardigt. Dat is een bewering die gebaseerd is op een sjiitische projectie op de wereld. Dat is een ongeldige redenering. De vrijheid van meningsuiting rechtvaardigt het beledigen van een godsdienst. De Iraanse regeringswoordvoerder heeft het mis.

Rushdie noemde religie ooit een middeleeuwse vorm van onredelijkheid die in combinatie met moderne wapens een echte bedreiging voor onze vrijheden wordt. Hij ziet in wat in naam van de islam gebeurt een dodelijke mutatie in het hart van de islam. Met tragische gevolgen ook voor hemzelf. Het conservatief-islamitische Iraanse regime is daar het voorbeeld van.

De kern is wat Rushdie ooit zei over ‘het respect voor religie’. Dat is uitgegroeid tot en omgeslagen in ‘angst voor religie’. Ook in Nederland waar religie nog steeds een streepje voor heeft. Religies verdienen echter als alle andere ideeën en menselijke constructies kritiek, satire en onverschrokken gebrek aan respect.

De reactie op religie moet niet het terugdringen ervan zijn, maar wel het bekritiseren ervan en het duidelijk maken aan gelovigen of pseudo-gelovigen die in naam van religie geweld plegen en andersdenkenden proberen te intimideren dat ze niet boven of buiten de wet staan. Religie is net zo bijzonder als elke andere menselijke geestelijke constructie. Niet meer en niet minder.

De enige constructieve reactie op de framing door radicale ‘gelovigen’ zoals de Iraanse regeringswoordvoerder is een samenleving die eensgezind religie erkent als idee dat gelovigen inspireert, maar tegelijk religie niet als iets erkent dat vanuit een hoger beroep meer respect verdient dan willekeurig ieder andere menselijke constructie, gedachtengoed of levensbeschouwing. Religie verdient het om beledigd te worden.

Geloof is bedoeld voor intern gebruik. Het belijden van een godsdienst kun je anderen niet dwingend opleggen. Achting ervoor is het hoogst haalbare en daartoe zijn de meeste andersdenkenden wel te porren. Religie is een fictief verhaal, een mythologisering die niet gelijk gesteld kan worden aan historische feiten. Op een religieuze constructie kan geen eis aan anderen afgedwongen worden die gelijk is aan historische feiten omdat de basis van religie denkbeeldig is. Godsdienst is niet alleen een menselijke constructie, maar ook een constructie die beperkt geldig is voor gelovigen alleen.

Men kan beweren dat door belediging een godsdienst sterk wordt. Gedwongen wordt om uit de schulp te kruipen om in gesprek te gaan met andersdenkenden. Het is sterker om goede tegenargumenten op een belediging te formuleren dan verbolgen en agressief te reageren en op te roepen tot het uitschakelen van degene die beledigt.

Aanval op Salman Rushdie toont intolerante kant van de islam

Het is hier vaker gezegd, religie kent een dubbel gebruik. Dat maakt religie gevaarlijk en onberekenbaar. Het kan oproepen tot verbondenheid, tolerantie en vrede, maar met hetzelfde gemak tot het omgekeerde: verdeeldheid, intolerantie en geweld. Dat laatste gebeurt vooral als de geestelijke leiders de controle over hun godsdienst hebben verloren en politici zo’n godsdienst kapen. Dat is de afgelopen decennia vooral met de islam gebeurd.

Het debat om zo’n godsdienst aan voorwaarden te verbinden zou gevoerd moeten worden. Nu staat religie boven de wet. Dat is ongewenst. Dat geldt uiteraard niet alleen voor de intolerante versie van de islam, maar voor alle godsdiensten: christendom, jodendom, hindoeïsme enz.

De laatste aanval op Slaman Rushdie is niet alleen het failliet van de vrijheid van expressie van een schrijver, maar vooral het failliet van de islam die zich van haar intolerante kant laat kennen. De dader is de 24-jarige Hadi Matar met Iraanse connecties. Hoe het incident heeft kunnen gebeuren en waar de veiligheidsmaatregelen uit bestonden wordt verder onderzocht.

Religieuze doping in Russisch-Oekraïense oorlog

Still uit een filmpje in een tweet van 14 juli 2022 op Nexta van een massabegrafenis van gestorven pro-Russische militairen in Loehansk die met een religieuze plechtigheid ter aarde worden besteld.

Hoe men ook over de Russisch-Oekraïense oorlog denkt en aan welke kant men staat, het zijn gouden tijden voor de georganiseerde godsdienst. Vooralsnog zijn ze met de wapenfabrikanten de enige winnaars.

Priesters zegenen militairen voordat ze ten strijde trekken en nemen afscheid van hen als ze op het slagveld zijn gedood. Dat is een win/win-situatie zonder aansprakelijkheid én  toerekeningsvatbaarheid.

Deze religieuze doping valt niet te rechtvaardigen én logisch recht te breien als de militair aan de ene kant op dezelfde manier als de militair aan de andere kant wordt gezegend om te vertrouwen op steun en bescherming van dezelfde God. Aan welke kant staat de God van Rusland of Oekraïne in hemelsnaam? Hoe steekt de goddelijke boekhouding in elkaar?

Het is een vals spel waar zo’n godsdienst zich welbewust toe leent. Er valt wat de schuldvraag betreft een onderscheid te maken tussen de agressor die een soeverein land binnenvalt en genoemd land dat zich tegen die agressor verdedigt. Dat religie in zo’n oorlog een hoofdrol speelt is een zwaktebod. Weg pluriformiteit, weg eigen verantwoordelijkheid, weg rationaliteit.

Wat zegt dat voor de militairen die een andere godsdienst of geen godsdienst belijden? Moeten ze tegen hun zin meedoen aan de poppenkast waar ze niet in geloven? Dat zou nog wel eens averechts kunnen werken. Dat motiveert niet, maar ontmoedigt.

Tweet zonder details. Via Nexta, 14 november 2022.

De opgepoetste glorie van vaderland, leider en religie is bovenal misleidend. En misdadig van de wereldse en religieuze leiders. Religieuze bovenzinnelijkheid biedt geen oplossing voor de oorlogsvoering met raketten en beschietingen met artillerie. Sociologen hebben straks hun handen vol aan een onderzoek over het vertrouwen in God en de steun voor godsdienst bij een verloren oorlog. Wat waren alle mooie religieuze praatjes eigenlijk waard?

Men kan zich afvragen waarom militairen die deelnemen aan deze godsdienstige ceremoniën dit lijdzaam ondergaan. Ze weten dat de priesters een som presenteren die niet kan kloppen, maar als doodse bijfiguren geven ze inhoud aan het ritueel. Hun lot wordt er negatief door bepaald.

Combinatie van onverdraagzame religie en ultra-rechtse politiek vormt gevaar voor democratie

Religie is een prima dekmantel om het meest erge te beweren. Iedereen kan zich beroepen op religie. Als de grondwet religie toestaat, dan kunnen radicalen dat oprekken tot aan het randje. Of eroverheen. Ze voelen zich veilig om vrijuit te spreken omdat religie hun die vrijheid geeft. Ze opereren onder de schijn van religie die dekking geeft. Ze maken misbruik van zowel religie als de grondwet.

Deze radicalen grossieren in haatspeech en radicale uitspraken die niet alleen tegen de grondwet ingaan, maar ook tegen de uitgangspunten van de religie die ze zeggen te vertegenwoordigen. Ze getuigen over compassie, menselijkheid, tolerantie en barmhartigheid, maar betuigen het omgekeerde: uitsluiting, haat, onmenselijkheid en racisme.

De paradox is dat de grondwet deze radicale predikers de vrijheid geeft om een loopje te nemen met de grondwet. Wie deze weeffout moet herstellen is de vraag, de hoge vertegenwoordigers van de godsdienst of de staat. Probleem met godsdienst is dat die doorgaans gefragmenteerd, gedecentraliseerd en geradicaliseerd is.

We zien de schijnheiligheid in de islam, het jodendom, het hindoeïsme en het christendom. Je zou zeggen, dat alleen is al een voldoende reden om geradicaliseerde delen van godsdiensten onder curatele te stellen. Maar dat gebeurt niet.

De combinatie van rechts-radicale politiek en inhumane geradicaliseerde godsdienst is ijzersterk en onaantastbaar, want de religieuze component geeft immuniteit en de politieke component invloed.

Zolang het om radicale religieuze buitenstaanders gaat is het gevaar voor de rechtsstaat verwaarloosbaar. Maar in de VS dreigt het op dit moment te ontsporen omdat radicale evangelische predikers de publiciteit bespelen en reactionaire katholieke bestuurders zijn doorgedrongen tot de kern van de macht.

Het Hooggerechtshof bevat op dit moment 4,5 reactionaire katholieke rechters (Samuel Alito, Clarence Thomas, Brett Kavanaugh, Amy Coney Barrett en Neil Gorsuch die katholiek is opgevoed, maar er onduidelijk over is of hij dat nog steeds is). De conservatieve opperrechter John Roberts is eveneens katholiek. Hoe dan ook is het vanuit het oogpunt van representatie en geloofwaardigheid opvallend dat een stroming als het katholicisme dat zo’n 20% van de bevolking uitmaakt zo sterk vertegenwoordigd is in het Hooggerechtshof.

In Nederland kan de anti-grondwettelijke en tegen het rechts-radicalisme aanleunende conservatief-christelijke SGP door de combinatie van rechtse religie en rechtse politiek hetzelfde bereiken als haar evenknieën in de VS. Deze partij benut de eigen potentie echter niet door een 19de eeuwse bedaagdheid en marketing. Tekenend is dat FvD een vluchtheuvel voor de meest geradicaliseerde SGP’ers is om de meerwaarde van religie als dekmantel voor radicale politiek te benutten.

Tot nu toe zijn de toenaderingspogingen tussen SGP en FvD niet van de grond gekomen. Dat is geen garantie dat het in de nabije toekomst niet gebeurt. Bijvoorbeeld als de SGP een nieuwe politieke leider krijgt die meer gericht is op machtspolitiek dan op getuigenis. Dan kent Nederland een eigen variant van een rechts-conservatieve godsdienst en een extreem-rechtse politiek die zich onaantastbaar en veilig voelt om de grondwet af te breken. Hoe dat gaat leert de VS waar reactionaire gelovigen de macht proberen te grijpen en gematigde en progressieve bestuurders het nakijken hebben. Juist vanwege het gezag van religie waarachter radicalen zich verschuilen.

Gedachte bij de foto ‘Gottesdienst auf der Presenaspitze’ (1918)

Gottesdienst auf der Presenaspitze‘, 1.1.1918. Collectie: ÖNB (Österreichische Nationalbibliothek).

Godsdienst. We raken er niet over uitgepraat. Wat is de functie ervan en wanneer gaat het die te buiten? Vooral daarover raken we niet uitgepraat. We hebben het antwoord niet.

Wie terugkijkt ziet een Oostenrijkse kerkdienst op de top van de Presena-gletscher. Begin 1918. Nu in de Alpen in Trentino ten noorden van het Garda-meer. Moest de dienst troost bieden? Italië won van Oostenrijk-Hongarije de harde strijd in de bergen. Wie weet hadden de Italianen harder gebeden.

Op de foto wonen Oostenrijkers, Hongaren, Kroaten, Bosniërs, Tsjechen, Slowaken, Slovenen en anderen een kerkdienst in het veld bij. Wat er gezegd werd en wat of wie werd aangeroepen weten we niet. We kunnen het vermoeden. Want het past in een patroon. Voor de overwinning in de strijd, de bescherming van en het vertrouwen in God en zelfbehoud. Zoiets zal het wel geweest zijn.

Religieuze doping dus. Alle strijdende partijen dienden het hun troepen toe. Zie hier het commentaar ‘Religieuze doping, commercie en oorlogspropaganda tijdens de Eerste Wereldoorlog: ‘A Church Service On The Battle Field’ (1916)‘ over de reconstructie van een Britse kerkdienst voor het thuisfront.

De groep Oostenrijkse militairen in donkere jassen in de witte sneeuw toont verlaten. In de steek gelaten. Geïsoleerd. Onzalig in zaligheid. Het contrast tussen zwart en wit verhardt hun noodlot. Zo legt de fotograaf het vast. We raken er niet over uitgepraat. In onze horizontale spitsvondigheid.

Ondeugdelijke reacties op belediging van islam door Nupur Sharma

Opmerkzaam aan de religieuze controverse in India met een felle reactie van islamnaties is dat de feiten niet genoemd worden. Niet bij de NOS, The Guardian of The Washington Post. Het is de vraag of dat omfloerst duiden goede of slechte journalistiek is. Voor wie geen Hindi spreekt zijn de feiten niet te achterhalen. Het is gissen waarom de westerse media in raadsels spreken. Zijn ze zelf bang geworden om de feiten te noemen?

De controverse gaat om Nupur Sharma die onder meer de nationale woordvoerder van de rechts-hindoeïstische Bharatiya Janata Party (BJP) is. Tien dagen geleden maakte ze in een nationaal televisiedebat opmerkingen die opgevat werden als een belediging van de profeet Mohammed of de islam of de koran of de islamitische wereldgemeenschap.

Na een actie op sociale media met een montage van haar uitspraken van het debat zwol de binnen- en buitenlandse kritiek aan. Ze werd daarop geschorst door de BJP. De partij wil de economische relatie met de rijke Golfstaten en andere islamnaties blijkbaar niet riskeren.

Nupur Sharma wordt van alles beschuldigd. Het lijkt te draaien om een uitspraak over Aisja die tijdens haar huwelijk met Mohammed 6, 7, 8 of 9 jaar oud was. De bronnen daarover zijn vaag.

Wat Nupur Sharma in dat debat precies gezegd heeft doet er eigenlijk niet toe. Een godsdienst als de islam of het christendom staat niet boven de wet, en kan en mag beledigd worden. Uiteraard hoeft dat niet, maar het is niet verboden om een godsdienst te beledigen.

Men kan beweren dat door belediging een godsdienst sterk wordt. Gedwongen wordt om uit de eigen schulp te kruipen om in gesprek te gaan met andersdenkenden. Het is sterker om goede tegenargumenten op een belediging te formuleren dan verbolgen te reageren en op te roepen tot het cancellen van degene die beledigt.

Maar het is makkelijk praten vanuit het seculiere Nederland waar alle godsdiensten en levensovertuigingen voor de nationale wet gelijk zijn. De ergste godsdiensttwisten dateren in Nederland van eeuwen terug. Het is geen toeval dat in India de moslims die in een minderheidspositie verkeren zich sterk maken voor het secularisme. Daar zien ze een garantie door de staat in voor het bestaan van hun godsdienst en een bescherming van hun leven. Verder dan dat lijkt hun geloof in het secularisme niet te gaan.

Bovenstaande video van de Pakistaans-Britse Zeeshan Ali kiest een relativerende toon. Hoewel hij Nupur Sharma verdacht maakt door ze te framen als heetgebakerd. Door het kindhuwelijk van Mohammed te vergelijken met de praktijk in de heilige boeken van andere godsdiensten probeert hij de aanval van Nupur Sharma te counteren. Maar hij komt er niet aan toe om te stellen dat in een rechtsstaat een godsdienst stoffeloos beledigd mag worden. Hij gaat de kern van de kwestie Nupur Sharma uit de weg. Dat is een kwestie van emancipatie.

Gedachte bij foto ‘Een vrouw die genezen werd aan boord van de evangelisatie schepen van de Gemeente des Heeren’ (1927)

Stromingen, evangelisatie. Een vrouw d[i]e genezen werd aan boord van de evangelisatie schepen van de Gemeente des Heeren. De veenarbeider Johannes Orsel (1877-1949) was de grondlegger van deze stroming. Nederland, 1927‘. Collectie: Photo collection illustrated magazine Het Leven (1906-1941).

Religie blijft een ongrijpbaar fenomeen omdat het geschikt is om ruimte aan claims te geven zonder dat de feiten onderzocht worden. Een prediker kan uit de losse pols van alles beweren zonder daar meteen op afgerekend te worden. Tot in het absurde toe. Religie geeft kansen aan beunhazen, gekken, kapers en politieke manipulatoren.

Begrenzing is de sterkte, maar ook zwakte van religie. Met religieuze uitgangspunten zijn godsdiensten in concurrentie met elkaar geconstrueerd door mensen om aan mensen zingeving, troost en samenhang te bieden. Dat had ooit een positieve uitwerking.

In de loop van de eeuwen zijn door invloeden godsdiensten waar gelovigen centraal stonden veranderd in godsdiensten waar het draait om invloed en sterkte van de eigen organisatie. Verticaal is horizontaal geworden.

Als claims grenzeloos zijn, dan is het geloof daarin het ook. Dan kan een godsdienst het sprookjesniveau naderen. Dat is een kwestie van maatvoering. Hoever kan de goedgelovigheid van gelovigen opgerekt worden? Want claims zijn het diepere wezen van religie. Geen afwijking, maar uitvoering van wat het is.

Grenzeloze beweringen waar geen rem op staat kunnen het begrip religie verwateren. Ook voor andersdenkenden. Een religieuze vertegenwoordiger die aantoonbare apekool verkoopt rekt de grenzen op van wat onder religie verstaan wordt. Apekool voedt het wantrouwen over een geloofsleer met vergaande claims.

Men zou kunnen denken dat het opvoeren van de overdrijving en de onwaarheid perfect aansluit bij de huidige tijd. Politici als Trump, Baudet of Poetin schetsen het beeld van zichzelf dat ze zo overtuigd zijn van hun claims dat ze geen tegenspraak verdragen ook als het sterke vermoeden bestaat dat ze zelf de claims niet geloven.

Het is een misverstand dat overdrijving en onwaarheid in het bijzonder aansluiten bij de huidige tijd. Het is iets van alle tijden. Sinds godsdiensten bestaan. Als mensen een geloofsleer construeren, dan kunnen ze dat vermogen ook anders gebruiken. Dat opent de weg naar leugens, verzinsels, bluf en bedrog. Dat kan door iedereen opgepakt worden.

Wie kiest voor een godsdienst plaatst zich in een traditie. Wie binnen zo’n godsdienst claims gelooft vanuit de leerstelling van betreffende godsdienst blijft binnen de traditie. Als de claims volgens gelovigen in ‘eigen kring’ echter ongerijmd en buitensporig worden geacht, dan zaait dat twijfel. Niet zozeer over de claims, maar over de geloofwaardigheid van betreffende godsdienst die ze als geloofswaarheid verkondigt en waarop de twijfel terugslaat.

Opkomst van christelijk nationalisme in VS. Robert George als voorbeeld. Hij manipuleert de feiten over secularisme

Godless Engineer is ex-christen. Dat hij ooit christen werd verklaart hij op zijn YouTube kanaal: ‘Ik voelde me stom om die dingen te geloven terwijl ze nergens op sloegen, maar er werd mij verteld dat ik dat moest geloven’. En: ‘Als ik iemand kan helpen om zich niet zo alleen te voelen omdat ze niet meer religieus zijn, dan zijn mijn inspanningen mijn tijd meer dan waard. Voor mij betekent goddeloos dat religie deel uitmaakt van ons verleden, een feit waarvoor we ons niet hoeven te schamen’.

Godless Engineer ofwel John Gleason (1984) reageert kritisch op religieuze geloofsverdedigers, aldus zijn profiel op Wikitubia. In bovenstaande video neemt hij Robert George op de korrel. George is een conservatieve, christelijke intellectueel met vele contacten in de Republikeinse partij. Wie zijn Wikipedia-lemma doorleest en beseft hoeveel respect George geniet begrijpt pas goed hoe de VS is doordesemd met het conservatief-christelijk gedachtengoed. Ofschoon waarschijnlijk zijn Wikipedia-lemma gekleurd is als onderdeel van de pr van George. Hij is sinds 1999 McCormick professor Jurisprudentie aan Princeton

Het is voor een buitenstaander onbegrijpelijk dat Robert George die in de VS als rechtsgeleerde aanzien en geloofwaardigheid geniet controversiële uitspraken verkondigt over het secularisme. George dicht religie een grotere rol toe in de Amerikaanse politiek of de openbare beleidsvorming dan uit de grondwet volgt. George probeert verwarring te scheppen over iets wat duidelijk is in de Amerikaanse grondwet: de scheiding van kerk en staat. George maakt het water modderig, zoals Amerikanen zeggen.

George maakt wetenschap bewust ondergeschikt aan politiek. Een en ander stelt John Gleason in bovenstaande video puntsgewijs en ter zake doend aan de orde. Men kan zich allen maar afvragen hoe het mogelijk is dat George een Departemental Professorship aan Princeton kan vervullen. Wat kan hij waard zijn als objectieve rechtswetenschapper?

Robert George staat niet alleen, maar is een vertegenwoordiger van het christelijk nationalisme. Een artikel van ABC News van 30 mei 2022 gaat dieper in op die stroming die het omschrijft: ‘Sommigen [= Republikeinse kandidaten] zeggen dat het een pejoratief is en houden vol dat iedereen het recht heeft om gebruik te maken van hun geloof en waarden om te proberen het openbare beleid te beïnvloeden. Maar wetenschappers definiëren christelijk nationalisme over het algemeen als verder gaan dan beleidsdebatten en pleiten voor een versmelting van Amerikaanse en christelijke waarden, symbolen en identiteit. Christelijk nationalisme, zeggen ze, gaat vaak gepaard met het geloof dat God Amerika, net als het bijbelse Israël, heeft bestemd voor een speciale rol in de geschiedenis, en dat het goddelijke zegen of oordeel zal ontvangen, afhankelijk van zijn gehoorzaamheid.’

De Republikeinse kandidaat en Trump-aanhanger voor het gouverneurschap in Pennsylvania Doug Mastraino heeft de scheiding van kerk en staat een ‘mythe’ genoemd, aldus ABC News. Net als George. Na zijn zege in de primaries zei Mastraino: “Prijs Jezus!” en “God lacht naar ons en zendt Zijn zegeningen.” Democraten zijn overigens tevreden met de rechts-radicale Mastraino die het in november op moet nemen tegen de Democraat Josh Shapiro. Het radicalisme van de Trumpiaanse kandidaten zou wel eens voor een onaangename verrassing voor de Republikeinse partij kunnen zorgen om de verwachte winst in de Senaat ook daadwerkelijk te verzilveren.

Het christelijk nationalisme in de VS heeft vele partners. Zoals de QAnon-beweging, racisten, COVID-ontkenners, Trumpianen die Trumps leugen geloven dat Trump in 2020 de presidentsverkiezingen won en opstandelingen die op 6 januari 2021 het Capitool bestormden. Men kan zich alleen maar afvragen waarom echte christenen en kerkleiders niet meer afstand nemen tot de rechts-radicalen die hun geloof om politieke redenen bezoedelen en kapen.

Dat het christelijk nationalisme sterk is verbonden met het rechts-radicalisme van Trump maakt een aankondiging voor een nieuwe streamingdienst van Trump zichtbaar. RawStory zegt daarover in een artikel: ‘De nieuwe streamingdienst zal een soort TMTG+ zijn die programma’s zal maken die gericht zijn op het extreemrechtse publiek van de supporters van Donald Trump en shows met een christelijk-nationalistische inslag onder de aandacht zullen brengen.’

Het christelijk nationalisme in de VS heeft vele gezichten. George is het intellectuele gezicht die zijn academisch prestige inzet om de waarheid over de grondwet, de scheiding van kerk en staat en de rol van religie in de Amerikaanse samenleving te manipuleren. George plaveit met zijn titels, functies, aanzien en academische cachet de weg voor een omwenteling waarin het christendom tot staatsgodsdienst wordt gepromoveerd en degenen die de reactionaire waarden niet onderschrijven buiten de besluitvorming worden gehouden. Robert George is met zijn zalvende praatjes de judas van de universele waarheid. Vroom in schijn.

Quest Historie noemt in artikel over scheppingsverhalen van culturen het christendom niet

Schermafbeelding van een deel van het artikel ‘Hoe ontstond de aarde? Drie mythologische scheppingsverhalen‘ van Guido Hogenbirk voor Quest Historie, 10 mei 2022.

In een wachtkamer las ik vanochtend nummer 3/2022 van Quest Historie. Een publicatie van Hearst Netherlands. Goed verteerbare stukken over geschiedkundige onderwerpen. Prima voor een wachtkamer waar men elk moment opgeroepen kan worden. Hoewel ik de Donald Duck prefereer.

Eén artikel viel me op. Dat ging over de scheppingsverhalen van negen afzonderlijke culturen die in het verlengde daarvan ermee hun eigen denkrichting en beweging benadrukken. Het is een bewerking van het artikel ‘Hoe ontstond de aarde? Drie mythologische scheppingsverhalen‘ van 10 mei 2022 dat hierboven wordt genoemd.

Iedere cultuur komt met een eigen verhaal dat cultureel bepaald is en niet zozeer iets verduidelijkt over het ontstaan van de wereld, maar eerder over de eigen cultuur. Die wordt vertaald naar dat scheppingsverhaal zodat het de leden van de betreffende culturele groep aan wie het gericht is kan motiveren, binden en upgraden, zoals het in termen van fondsenwerving en marketing heet.

Kortweg gezegd, een cultuur die gericht is op zee, vertelt het scheppingsverhaal met water, stormen en boten. Terwijl een cultuur die midden in tropisch oerwoud leeft het scheppingsverhaal vertelt aan de hand van bomen, dieren en natuur die in dat oerwoud voorhanden zijn. Zo evident is dat.

Omslag van Quest Historie, nr. 3/ 2022.

Opmerkelijk is dat in de reeks culturen het christendom ontbreekt. Terwijl dat een scheppingsverhaal heeft met fantastische constructies die de verbeeldingskracht van de Griekse mythologie, Walt Disney, John Ronald Reuel Tolkien en de gebroeders Grimm evenaren, zo niet te boven gaan. Juist het christendom maakt de Europese en West-Aziatische cultuur aanschouwelijk en toont de diepere motieven en drijfveren ervan.

De vraag is waarom Quest Historie het christendom niet in de reeks noemt. Is dat echt omdat we ‘het inmiddels wel kennen’, zoals de inleiding bij het artikel van Hogenbirk zegt? Hhmm.. Er dringt zich een andere verklaring op. Namelijk dat de redactie van Quest Historie het christendom in de eigen kolommen liever niet direct vergelijkt met de ontstaansgeschiedenis en de scheppingsverhalen van Inca’s, Noormannen, Hindoestanen. Oude Egyptenaren en andere culturen om het beeld niet te verstoren dat het christendom buiten categorie is.

Toch lijkt dat een te gemakkelijke verklaring omdat in het archief van Quest Historie artikelen zijn terug te vinden die kritisch zijn op het christendom en het bestaan van God. Zoals het artikel Kunnen we ooit bewijzen dat er een god bestaat?‘ uit 2019 dat in een apart kader zegt: ‘Een god is handig als je mensen zich aan de regels wilt laten houden‘. Met deze uitspraak nagelt Quest Historie kern en considerans van de aard van godsdiensten treffend vast.

Waarom ontbreekt het christendom dan in de reeks scheppingsverhalen en mythologieën van culturen? Het is beredeneren waarom dat is, maar het lijkt eerder een geval van beeldvorming waar Quest Historie van weg wil blijven dan van een inhoudelijke overweging om het christendom buiten schot te laten en niet in een rijtje met scheppingsverhalen van andere culturen te zetten. Typisch is namelijk dat redacteuren van Quest Historie zich doorgaans laten kennen door een welhaast ideale seculiere opstelling.

Een andere verklaring kan zijn dat Quest Historie de lezer verstandig genoeg acht om een vergelijking tussen culturen met hun scheppingsverhalen en het christendom te maken. Daarom kan het christendom ongenoemd blijven omdat het de nulmeting is. Van de lezer wordt verondersteld dat hij of zij voldoende kennis over het christendom heeft om het scheppingsverhaal van het christendom erbij te betrekken én te relativeren.

Uit de opsomming van culturen met hun scheppingsverhalen blijkt dat het scheppingsverhaal van het christendom niet uniek is en er een van vele is.

De cynicus kan er nog het volgende aan toevoegen: Zoals de verschillende culturen elkaar met hun afzonderlijke en sterk van elkaar afwijkende scheppingsverhalen uiteindelijk zijn gaan beconcurreren op een (pas laten ontstane) druk bezette en lucratieve religiemarkt, zo heeft Quest Historie te dealen met concurrentie op de niet meer zo lucratieve tijdschriftenmarkt. Het is waardevol dat op de populaire tijdschriftenmarkt voor een breed publiek dit soort zware onderwerpen lichtvoetig wordt behandeld. Passend voor de wachtkamer.