Vernietigende, vergaande commentaren over Nederlands elftal: ‘Nederland is identiteit helemaal kwijt!’

Op de terugweg van Rotterdam naar Utrecht liet mijn medereiziger op haar telefoon de uitslag van de wedstrijd van Nederland tegen Tsjechië zien: 0 – 2. Mijn eerste reactie was: ‘Godzijdank’. Niet omdat ik het Nederlands elftal en de supporters geen feestje gun, maar omdat de Oranjegekte, het nationalisme en de zelfoverschatting over de eigen kansen weer langzaam bezit van de Nederlandse publieke opinie begon te nemen. Dát ontstemde me. Ik was blij dat dát stopte en me in supermarkt, straten en televisie (eindeloze praatprogramma’s over voetbal) niet nog twee weken bleef achtervolgen.

Van voetbal heb ik geen verstand. Het interesseert me weinig. Wel zie ik topsport als een interessant maatschappelijk fenomeen waar commercie, publiciteit. politiek, emotie en volksaard samenkomen. Het citaat van Sky Sports bij bovenstaande video van VoetbalPrimeur is in mijn ogen veelzeggend: ‘Nederland is identiteit helemaal kwijt!‘. Welk Nederland wordt hier bedoeld?

Het commentaar van VoetbalPrimeur baseert zich op de krantencommentaren die vernietigend zijn voor het Nederlands elftal. De spelers zouden slecht gespeeld hebben en geen karakter en vechtlust hebben getoond en coach Ronald de Boer zou foute beslissingen hebben genomen en niet hebben geïnspireerd. Het is mogelijk, ik heb de wedstrijd niet gezien, dus kan er niet over oordelen. En als ik de wedstrijd wel had gezien had ik er nog niet over kunnen oordelen.

Praten over voetbal of topsport in het algemeen is bijna altijd achteraf praten of het doen van voorspellingen die achteraf niet worden gecheckt. Dat doet VoetbalPrimeur hier ook. Dat maakt voetbalcommentaar per definitie vrijblijvend en zweverig. Het wordt samengevat in de dooddoener: ‘De bal is rond‘. Dat maakt voetbal ook zo populair en goed inzetbaar in massamedia omdat de analyse altijd klopt omdat die alleen naar zichzelf verwijst. Voetbalcommentaar is een in zichzelf gesloten wereld dat daarbuiten geen betekenis heeft. Dus onschadelijk voor de macht.

De UEFA begreep dat uitgangspunt goed door het verbod op het vertonen van de regenboogkleuren in het stadion van München tijdens de wedstrijd Duitsland – Hongarije. Het ontbreken van maatschappelijke en politieke relevantie is de hoofdregel van voetbal. Dat is de afspraak. Het is wel een instabiel evenwicht omdat in vele gevallen voetbal en politiek nauw samenhangen en voetbal wordt doordrenkt met politiek. Kijk naar het WK van 1978 in Argentinië dat moest dienen om de machtsbasis van het regime te verbreden. Maar dan is voetbal geen voetbal meer, zeg een belangrijke bijzaak, maar wordt het een politiek bijproduct.

De beeldvorming over sport kan zo gek niet zijn of ik wil het geloven. Wat me opvalt is dat het Nederlands elftal na drie gewonnen wedstrijden in de poule tegen zwakkere ploegen de hemel in werd geschreven, terwijl nu het omgekeerde gebeurt. De spelers en de begeleiding worden de grond in geboord. Is dat niet twee keer buiten proportie? Wat zeggen die overdreven reacties over de identiteit van Nederland?

In politiek opzicht is Nederland in Europa het grootste land van de kleinen of als men het welwillend oprekt het kleinste land van de groten. Met voetbal lijkt het niet anders. Het Nederlands elftal blijft net als de Nederlandse staat steken tussen servet en tafellaken.

Het voordeel, of zo men wil nadeel, van voetbal is dat uitschieters naar boven of beneden vaker plaatsvinden dan in de politiek. Hoewel Nederland afgelopen jaren talloze politiek nederlagen heeft geleden, zoals Zwarte Maandag in 1991. Toenmalig Premier Lubbers en minister van Buitenlandse Zaken Van den Broek dachten dat ze een akkoord hadden over een verdragstekst voor de Europese Politieke Unie, maar bijna alle EU-lidstaten veegden het van tafel. Nederland had het niet zien aankomen. Dat kwam door een slechte voorbereiding. Waarschuwingen werden genegeerd. Die politieke tik op de vingers heeft jaren nagedenderd.

Typeren zelfoverschatting en onderschatting van de tegenstander de Nederlandse identiteit? Ik weet het niet. Er zijn genoeg uitzonderingen. Wellicht gaat het eerder over de identiteit van de massamedia en sociale media die erg snel hun evenwicht verliezen. Als men al kan bepalen of ze welbeschouwd ooit in evenwicht zijn. Dat komt omdat voetbal zoals gezegd in zichzelf geen maatschappelijke en politieke relevantie heeft.

Iets dat gewichtsloos is kan als een ballon hoog stijgen, maar ook diep naar beneden storten. Dat laatste heeft een groot deel van het Nederlandse publiek op zondag 27 juni 2021 ondervonden en daar praten de massamedia nu eindeloos over na omdat hun favoriete betoog de cirkelredenering is. Ze hebben achteraf altijd gelijk. Daarmee is het nauw verbonden met het voetbalcommentaar. Dat is een eindeloos gesprek over niets. Voetbal vult de existentiële leegte met hanteerbare leegte.

Voorstel voor nieuwe feestdagen, afschaffing van oude feestdagen en aanpassing van bestaande feestdagen

Er is elk jaar weer debat over de herdenking op 4 mei en de viering op 5 mei omdat de contouren ervan onduidelijk zijn en niet door iedereen aanvaard worden. Wel of niet met Duitsers? Wel of niet uitsluitend over de Tweede Wereldoorlog? Wel of niet over na-oorlogse conflicten? Wel of niet over het abstracte begrip vrijheid? Dat is een vervelende discussie die voor geprikkeldheid, onzekerheid en meningsverschillen zorgt. Het tast het cachet aan van deze dagen.

Nodig is een structurele, integrale oplossing die voor langere tijd werkbaar is. Zeg 25 jaar. Ik zou het volgende voor willen stellen. Het gaat om de herschikking en aanpassing van nationale feestdagen die aansluit bij de secularisering van Nederland. De valkuil is dat de viering te nationalistisch wordt. Daar moet in de voorwaarden rekening mee gehouden worden.

Uitgangspunt is het afschaffen van ongeveer de helft van de christelijke feestdagen, zoals Goede Vrijdag, Hemelvaartsdag, 2e Kerst-, Paas- en Pinksterdag. Dat zijn vijf feestdagen die vrijkomen. Vanwege sentimentele en traditionele overwegingen is een geleidelijke overgang verstandig door de christelijke feestdagen niet volledig af te schaffen, maar alleen de ‘2e-dagen’ die in tal van andere christelijke landen nu ook al niet worden gevierd. Nederland is tamelijk uniek door er een 2e dag aan vast te plakken.

Laten we dus beginnen om 2e Kerstdag, 2e Paasdag en 2e Pinksterdag, Goede Vrijdag en Hemelvaartsdag als feestdag af te schaffen. De christelijke signatuur ervan is een relict en past niet meer bij een land waar een meerderheid van 56% zegt (schatting 2021) niet meer belijdend godsdienstig te zijn en zich niet tot een religieuze groep te rekenen. Christenen maken ongeveer 1/3 van de Nederlandse bevolking uit. Ook is het in strijd met de scheiding van kerk en staat. Voorlopig kunnen dan om historische redenen de zondagen die voorafgaan aan de 2e Kerst-, Paas- en Pinksterdag gehandhaafd blijven.

Het is om getalsmatige redenen onverstandig om een deel ervan te vervangen door feestdagen van andere godsdiensten. De islam is na het christendom in Nederland de grootste godsdienst en heeft officieel een aanhang van 5% van de bevolking. Dat is een percentage dat niet meer groeit en vermoedelijk te hoog ingeschat is vanwege meegetelde ‘culturele’ moslims die niet belijdend zijn, maar door sociale dwang en andersoortige redenen niet officieel uit de islam treden. Het zijn geen spijkerharde cijfers. De berekening gaat voorbij aan de secularisatie onder Nederlandse moslims en is gebaseerd op statistieken die de demografie van het land van herkomst naadloos vertalen naar het land van aankomst, terwijl de immigranten daarvan afwijken en vaak minder religieus zijn. Het aantal belijdende Nederlandse moslims is lager en komt vermoedelijk uit op zo’n 3% (525.000).

Het zou merkwaardig zijn indien de groep Nederlanders die zich niet laat inspireren door godsdienst en minimaal 18 maal zo groot is als de aanhangers van de tweede godsdienst van Nederland geen feestdag zou krijgen en de islam wel. Daarbij kan aangetekend worden dat beide groepen in zichzelf sterk verdeeld zijn en geen eenheid vormen.

Aldus komen we tot een aanpassing van herdenkingsdagen die uitgaan van het verleden, de Tweede Wereldoorlog, de na-oorlogse periode en het heden. De opzet is een duidelijk profiel voor deze dagen die voor iedereen herkenbaar is en geen vaagheden over de strekking ervan.

De invulling van vier van de vijf vrijgekomen christelijke feestdagen en de aanpassing van enkele bestaande ziet er dan als volgt uit. De vijfde vrijgekomen christelijke feestdag kan na een maatschappelijk debat ingevuld worden. Te denken valt aan een dag die te maken heeft met klimaat en natuur. De feestdagen Nieuwjaarsdag (1 januari) en Koningsdag (27 april) blijven ongewijzigd.

Verleden: 18 juni met als uitgangspunt Waterloodag waar ook andere historische gebeurtenissen die van belang zijn voor de vaderlandse geschiedenis herdacht of herinnerd kunnen worden. Een werktitel voor deze dag is Geschiedenisdag. Nieuw 1

Tweede Wereldoorlog in Europa: 4 mei wordt exclusief besteed aan de herdenking van de Tweede Wereldoorlog in Europa. De recente aanhechtingen van na de oorlog en nieuwe oorlogen (Korea, Nieuw-Guinea) en vredesoperaties worden gestript. Dat staat integratie met Duitsers niet in de weg. Juist hun aanwezigheid verstrekt de focus op de Tweede Wereldoorlog. Aanpassing

Tweede Wereldoorlog in Europa: 5 mei wordt exclusief besteed aan de bevrijding in 1945. Allerlei recente toevoegingen met na-oorlogse gebeurtenissen en abstracties over het begrip ‘vrijheid’ die vaag en onhelder van uitgangspunt zijn worden gestript. Aanpassing

Tweede Wereldoorlog in Azië: Op 15 augustus wordt sinds 1988 het einde van de Japanse bezetting van Nederlands-Indië herdacht. Het wordt ook wel de Nationale Indiëherdenking genoemd. Net als bij de herdenking van de Tweede Wereldoorlog in Europa zouden de recente toevoegingen over de na-oorlogse periode (Bersiap-periode) die politiek gevoelig liggen en waarover geen consensus bestaat onder slachtoffers en nabestaanden moeten worden gestript. Aanpassing

Alle na-oorlogse gebeurtenissen die zijn gestript van 4 en 5 mei en 15 augustus en die doorlopen tot op de dag van vandaag kunnen herdacht worden op Onafhankelijkheidsdag 26 juli. Op 26 juli 1581 werd in Den Haag Het Plakkaat van Verlatinghe ondertekend waarmee afstand werd genomen van de Spaanse vorst Filips en de Nederlanden werden geboren. In tegenstelling tot ‘Geschiedenisdag’ 18 juni die naar het verleden kijkt zou bij Onafhankelijkheidsdag het accent gelegd moeten worden op recent verleden (na 1945), heden en toekomst van Nederland. Nieuw 2

Heden: Om de herdenkingen niet uitsluitend nationalistisch te laten zijn omdat dit niet overeenkomt met de huidige situatie omdat Nederland steeds minder autonoom is en steeds meer onderdeel van grotere gehelen worden op de volgende twee dagen de integratie gevierd:

Forum voor Democratie neemt het op voor Assange en valt Navalny aan. Gewichtigdoenerij of vleierij?

Schermafbeelding van deel artikelDe hypocrisie van het ‘vrije’ Westen: over Navalny en Assange’ op Forum voor Democratie, 28 april 2021.

Elke staat moet niet te gevoelig zijn voor tegenspraak zeker als die vanuit de marge klinkt. Maar er zijn grenzen aan het begrip ervoor. Een voorbeeld van merkwaardig gedrag is het anonieme artikelDe hypocrisie van het ‘vrije’ Westen: over Navalny en Assange’ op de site van Forum voor Democratie. Het volgt nauwgezet de talking points van het Kremlin. Al talloze keren weeerlegde beweringen worden herkauwd. Het is een invuloefening van politieke correctheid à la Kremlin.

Het leest als een schreeuw om aandacht en onduidelijk is aan wie het gericht is. Het Nederlandse publiek interesseert zich er weinig voor en zal nog nauwelijks weten wat Juilan Assange de afgelopen jaren is overkomen en waar hij zich bevindt. In Engeland, Zweden, Australië of de VS? De Russische regering die zweert bij machtspolitiek heeft weinig aan een kleine Nederlandse politieke partij zonder veel macht. Forum voor Democratie lijkt met zo’n artikel vooral met zichzelf in gesprek te zijn. Vermoedelijk dient het artikel vooral interne belangen van een bij tijd en wijle chaotische partij waar de schrijver zich door het innemen van een radicale positie omhoog probeert te schrijven in de pikorde van de partij.

De strekking van het artikel is dat de pro-Kremlin activist Julian Assange wordt verdedigd en de anti-Kremlin politicus Alexei Navalny wordt aangevallen. Overtuigingen zijn vrij en daarom mag deze partij zo’n opinie op haar site plaatsen. Maar het is veelzeggend dat het dit doet. De vervolgvraag is waarom een Nederlandse politieke partij het opneemt voor een activist die is gerecruteerd door het Kremlin en zich uitspreekt tegen een tegenstander ervan.

Het valt lastig te begrijpen waarom Forum voor Democratie met partijleider Thierry Baudet die zegt voor de Nederlandse natiestaat op te komen de Russische Federatie omarmt die standpunten verkondigt die vijandig zijn jegens Nederland. In al zijn uitingen valt hij de EU aan en verdedigt hij de Russische Federatie die de EU probeert te verzwakken. Het is bizar dat Baudet zich opwerpt als spreekbuis van het Kremlin, terwijl zijn invloed op de Nederlandse politiek en economie nihil is.

Een Russisch gasproject als Nord Stream II waar het Nederlands bedrijfsleven (Gasunie, Shell) ) actief in investeert en binnen de EU politiek verdedigt is niet kostendekkend, of pas na vele tientallen jaren, en dient als middel om geld van de bevolking naar de machthebbers in het Kremlin door te sluizen. Maar het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken noemt het in antwoord op kamervragen van onder meer D66 en GL een economisch project met politieke implicaties. Terwijl het om verschillende redenen vanuit Russisch perspectief geen economisch project is, maar een middel om de Russische staatskas te tillen. Ook vanuit het perspectief van de EU is het voor de langere termijn geen economisch project omdat het belang ervan vanaf 2030 snel afneemt vanwege het klimaatakkoord. Er is binnen de EU afgesproken dat het belang van fossiele brandstoffen zoals gas in het volgende decennium wordt teruggedrongen.

De paradox is dat de huidige Nederlandse regering vanwege wederzijdse economische belangen met de Russische Federatie (gas, belastingontwijking Zuidas) achter de schermen uitstekende banden heeft met het Russische establishment en het Kremlin Baudet niet nodig heeft. Dit soort Lange-halen-gauw-thuis artikelen van Forum voor Democratie komen er daarom in de praktijk op neer dat ze afleiden van de nauwe band tussen de Nederlandse en Russische regering en de zakenelites van beide landen. Dat kan de opdracht van het Kremlin aan Forum voor Democratie zijn in het schaduwspel van de macht waarin deze rechts-radicale partij tussen de schuivende panelen een bijrol als bliksemafleider speelt, terwijl het zelf meent als tragische held het vuur op te stoken.

Gezien Baudets banden met de aan het Kremlin verbonden inlichtingenman Vladimir Kornilov waarover in april 2020 Zembla in de uitzendingBaudet en het Kremlin‘ berichtte en de getuigenissen daarover is het mogelijk dat Baudet ooit geld van het Kremlin heeft ontvangen en daarmee gechanteerd wordt (komprimat). Of het veel uitmaakt is de vraag. Baudet gedraagt zich als opportunist en niet als idealist. Hij is net als Trump een narcist en dat is het type persoonlijkheid dat inlichtingendiensten makkelijk weten te werven. Inlichtingenmensen die Zembla heeft gesproken verklaren dat Baudet ‘een politicus is die onder controle staat van Moskou’.

Het kan dat het Kremlin voor de lange termijn in Baudet investeert voor het geval hij in de toekomst aan macht wint. Zoals naar verluidt de toenmalige Sovjet-inlichtingendiensten Donald Trump rekruteerden in de jaren 1980 en zich dat pas in 2016 uitbetaalde. Het is onduidelijk welke tegenprestatie Baudet geboden wordt voor zijn tegenspraak op de achterste rang.

Voorlopig zullen we het daarom moeten doen met artikelen van Forum voor `Democratie die geen enkele politieke relevantie of analytische diepgang hebben, maar opgevat moeten worden als een proeve van goede wil en een sollicitatiebrief aan de patroon in Moskou. Om in het gevlij te blijven én ons een idee van belangrijkheid op te dringen.

Duitsland staat niet zozeer op gespannen voet met Nord Stream II of de Russische Federatie, maar met zichzelf

Mijn reactie op DW News bij een video over de aanleg van Nord Stream II:

‘Mayor Axel Vogt is a strange figure. Is he really that naive, or is he just hired to express an opinion like a stage actor is rehearsing a role? He believes that Alexei Navalny is winning the propaganda battle in Europe against the Kremlin, which has much more resources at its disposal. That must indicate that the Kremlin’s propaganda is unable to sell a bad product, namely its authoritarian regime. But Vogt’s perspective does not reach that far. His perspective turns out to be mired in Nord Stream II alone.

The tragedy of such a blinkered mayor is that he first looks at who his opponent is before forming an opinion about the case itself. That is the tragedy of party politics in its worst form, by the way. The mayor straightens out what’s wrong. Apparently he sees that as his job.

In any case, the attitude of German politics (except for the Greens, the Liberals and some CDU members) towards the Russian Federation is rather distorted and disturbed. This has to do with the Second World War and the suffering caused by the Nazis.

How that can go wrong, President Steinmeier showed when he recently consciously or naively confused the victimization of Balts, Poles, Belarusians and Ukrainians with the victimization of Russians. Professor Timothy Snyder has repeatedly demonstrated to a German audience, inclusief parlementariërs, with figures that Poles, Belarusians and Ukrainians have suffered proportionally more from the German war machine than the Russians.

But those facts do not reach the very top of German politics. Although it is also possible that they do know what victims they have made, but consciously perpetuate the misunderstanding in order to reach a rapprochement with the Kremlin. A rapprochement that on closer inspection is not appropriate, not ethical and not permissible. But this rather disproportionately favors German business at the expense of Eastern and Western Europe. That misunderstanding has marked Germany’s Russia policy since Willy Brandt, with the SPD in the most malicious role of helping the Kremlin, and not Germany or the EU.

The conclusion of the Nord Stream II fuss is not that it is about Germany’s relationship with the Russian Federation, but essentially about Germany’s self-image. That is seriously distorted and clouded. Even 75 years after the war, German politics has not yet properly processed that war. Or as said, and what is even more false and poignant, it has processed that war, but deliberately misinterprets it for opportunistic reasons.

This not only alienates Germany even further from the real victims of World War II, such as Poland, Belarus and Ukraine, as well as France and the Netherlands, but with that false self-image it also does itself considerable damage because it knowingly deceives itself.’

Splendid isolation op een eiland: Verenigd Koninkrijk krijgt gevolgen van Brexit hard voor de kiezen

Het is geen nieuws, maar het kan niet voldoende herhaald worden. Er is iets mis met het zelfbeeld van de Britten, en dan vooral de Engelsen. Het is aannemelijk om te veronderstellen dat dit gebrek aan zelfkennis tot de Brexit heeft geleid. De Engelsen kennen hun plaats niet. Neem nou een artikel van Dan Snow in The Guardian dat onder meer over de Britten zegt: ‘We leven op een kleine archipel vlak voor de noordwestkust van Europa’ of ‘Er is geen eindtoestand in onze betrekkingen met Europa’. De suggestie dat die archipel geen deel van Europa is wordt bevestigd in de kop: ‘Brexit is not an end to Britain’s liaison with Europe. It’s just a new beginning’. Dat is een vreemde kop, want Groot-Brittannië is deel van Europa. Dus hoezo ‘contact met Europa’ als Groot-Brittannië zelf een onderdeel van Europa is? Als er gesproken werd over de EU of het continent was het begrijpelijk, maar nu is het onbegrijpelijk.

Of moeten we voor een verklaring voor een Europees volk dat zegt niet-Europees te zijn ons heil zoeken in verklaringen die ons geen steek verder helpen, maar in zichzelf ronddraaiend verwijzen naar de excentriciteit en de bizarre manier van denken van de Engelsen? Ook het idee van het imperium biedt geen voldoende verklaring, want Portugezen, Spanjaarden en Nederlanders waren ook ooit een wereldmacht, maar hebben vrede met hun verdwenen machtspositie. Ze beseffen dat hun landen deel van Europa zijn. Britten zijn met 67 miljoen inwoners in inwonertal het vijfde in Europa gelegen land, na de Russische Federatie, Duitsland, Turkije en Frankrijk, dus de grootte of omvang maakt evenmin het verschil. Andere eilandstaten als IJsland, Ierland of Malta (of het Britse Schotland) voelen zich Europees en geven niet het idee niet tot Europa te (willen) behoren.

De intentie van Dan Snow is goed. Hij is een internationalist en geen isolationist die zich wil afzonderen. Maar ook hij is het slachtoffer van een zelfbeeld dat uiteindelijk Groot-Brittannië positioneert tegenover Europa. Zelfs in zijn omarming van Europa neemt hij afstand van Europa. Dat kan tot niks goeds leiden. Overigens werkt het ook de andere kant op, want die vreemde snuiters op die Britse eilanden werden soms met tegenzin door Fransen en Duitsers geaccepteerd, zodat ze rechtvaardiging konden ontlenen aan die weerzin door zich mentaal apart te zetten. Maar wie zich afsluit creëert tegelijk een gevangenis voor zichzelf.

Britten kozen met een kleine meerderheid van zo’n 52% voor een Brexit. De uittreding uit de EU. Er zijn duizenden opmerkingen over te maken. Over economie, Britse politiek, media, populisme, globalisme, immigratie, Schotland, de EU en het zelfbeeld van de Britten. Er zit een neiging onder die de Britten heeft gestuurd.

Roland Barthes maakt enige opmerkingen over Pierre Poujade in een stuk over deze Franse populist in zijn Mythologieën. Poujade is de voorloper van types als Mogens Glistrup, Nigel Farage of Geert Wilders. Jean-Marine Le Pen begon in 1956 zijn politieke carrière als poujadist. Het stuk gaat over de kleinburgerlijke werkelijkheid die de wereld bezweert en terugbrengt tot ‘een bekrompen maar volledige orde zonder uitvluchten’. Een wereld die volledig naar zichzelf verwijst. Exact wat er in de pleitbezorgers van een Brexit gevaren is. Naast hun eigenbelang om de Brexit aan te grijpen om zichzelf te profileren en de eigen economische belangen te beschermen. Dit verklaart waarom de voorstanders om in de EU te blijven niet konden inbreken in dit beeld omdat het einddoel, middel en werkwijze tegelijk was: het Verenigd Koninkrijk dat naar zichzelf verwijst.

Het ‘gezonde verstand’ van de ‘kleine man’ waarnaar Poujade bij herhaling verwees neutraliseert elke uitleg die anders zegt. De analogie tussen Frankrijk 1956 en het Verenigd Koninkrijk 2016-20 is verbluffend. De waarschuwingen voor een teruglopende Britse economie, Schotland dat het Verenigd Koninkrijk opblaast of afnemende politiek Britse invloed zagen buitenstaanders als realistische opties die de Britse positie zouden verzwakken. Ze werden niet tegengesproken door de Leave-campagne, maar kwamen gewoon niet binnen.

Barthes: ‘Het gezonde verstand is als het ware de waakhond van de kleinburgerlijke vergelijkingen: het sluit alle dialectische uitwegen af, verwoordt een wereld die homogeen is, waarin men thuis is, veilig voor de verwarringen en de uitvluchten van de ‘droom’ (dat wil zeggen een niet op rekenen gebaseerde zienswijze)’.

De Britten kunnen nu met en onder elkaar hun droom gaan najagen. Van een in zichzelf gesloten wereld met een gesloten wereldbeeld. In hun splendid isolation weten ze dat hun Europese en hun transatlantische partners (pro-Ierse president Joe Biden) geschoffeerd hebben en geen stapje extra zullen zetten om de Engelsen te helpen. Zij die anders zijn worden niet zozeer bestreden, maar door de zittende macht ontkend te bestaan. Britten kunnen nu met elkaar de verschillen ontkennen in de gelukzaligheid onder elkaar te verkeren. De Leave-campagne heeft de buitenwereld ziek verklaard met nationalisme en het opzetten van de kleine man tegen een elite die paradoxaal tegelijk de motor van de uittreding was. Dat is een publiek geheim op het eiland. Van deze versie van Britsheid die neigt naar eng populisme dat alleen nog naar zichzelf verwijst heeft de EU afstand genomen. De Engelsen zijn daar extra behulpzaam bij door zich extra apart te zetten en net te doen alsof het nog de 19de eeuw is. In hun gespeelde gekkigheid die ze zelf geweldig vinden. Als enigen.

Foto: Still uit film ‘Went the Day Well? (1942)’ met Leslie Banks.

Doel en middelen van actiegroepen ‘De Grauwe Eeuw’ en ‘Helden van Nooit’ in tijden van anti-Trumpisme en ‘Black Lives Matter’

I. In de jaren 2016-2018 voerde actiegroep De Grauwe Eeuw actie tegen het standbeeld van Jan Pietersz Coen in Hoorn, kunstencentrum Witte de With in Rotterdam en de Nationale dodenherdenking in Amsterdam.

Ook De Grauwe Eeuw wilde zenden en niet in debat gaan. Het opereerde anoniem. Net als bij de Helden van Nooit ging het om een splintergroep. Het is aannemelijk dat Helden van Nooit een voortzetting, afsplitsing of doorstart van De Grauwe Eeuw is. Dat kan beperkt zijn tot de betrokkenheid van enkele individuen.

II. Identiteitspolitiek is kernzaak van actiegroepen als De Grauw Eeuw of Helden van Nooit. Identiteitspolitiek is makkelijk en het naar voren brengen als verschijnsel vergt weinig kennis over geschiedenis, economie of maatschappij. Identiteitspolitiek is vakantie van de echte politiek. Identiteitspolitiek is gemakzucht. Praten over identiteitspolitiek valt de gevestigde orde niet in de kern maar aan de oppervlakte aan. Het onderschrijft die juist. Via een omweg, die de activisten van De Grauwe Eeuw en Helden van Nooit blijkbaar niet doorzien.

Door zich over identiteit een moralistisch oordeel toe te eigenen en dat tegelijk anderen te ontzeggen menen radicalen straffeloos het centrum onder vuur te kunnen nemen. Zelf leggen ze geen verantwoording af. Aan wie zouden ze dat moeten doen? Aan hun eigen geweten? Leden van De Grauwe Eeuw en Helden van Nooit opereren anoniem als vrijschutters van de publieke opinie. Er bestaat onzekerheid over of ze de standpunten van anderen voor wie ze zeggen op te komen projecteren of dat ze oprecht spreken namens degenen die ze claimt te zijn. Het is dus oncontroleerbaar hoe gemeend en vrij van bijbedoelingen hun standpunten zijn.

III. Radicalen wanen zich in hun zelfbeeld de helden die in naam van een ideaal alles mogen zeggen en kunnen doen vanwege de omstandigheden die de uitzonderingstoestand zouden rechtvaardigen. Dat wil zeggen, voor henzelf, niet voor de vertegenwoordigers van de staat of hun politieke opposanten. Die moeten zich aan de regels van de rechtsstaat houden. Radicalen niet. Een open debat wordt vermeden omdat dat burgerlijk en achterhaald zou zijn. Zo werkt de bunkermentaliteit van radicalen die geen tegenspraak veelt.

IV. Het is begrijpelijk dat actiegroepen als De Grauwe Eeuw of Helden van Nooit de bewustwording over het kolonialisme, de slavernij, het racisme en maatschappelijke ongelijkheid willen vergroten. Dat is hard nodig. Dat kan mee begonnen worden door aanpassing van het onderwijsprogramma. Het is de vraag of de beste manier om de bewustwording te vergroten het bekladden van standbeelden, instituties en straatnaambordjes is en het herschrijven van de geschiedenis. Het is een strategie die averechts kan uitpakken. Dus ja, geef informatie over wat er fout was aan het kolonialisme en de mentaliteit die dat mogelijk maakte, maar nee, probeer dat niet te forceren door het ‘creatief’ aanpakken van de symbolen ervan. Dat verplaatst de aandacht naar bijverschijnselen die afleiden van de hoofdzaak. Want de macht daarachter blijft ongemoeid. En geeft de tegenstanders onnodig munitie om de ‘goede zaak’ dwars te zitten. Daar schiet niemand iets mee op.

Het is goed dat de discussie over racisme, neo-kolonialisme of slavernij wordt gevoerd. Maar dat debat vraagt om zorgvuldigheid en de effecten ervan moeten de hele bevolking meenemen. Verbreding van het debat is de uitdaging. De valkuil is dat het tegenkrachten oproept die zich verzetten zodat het onderwerp gepolitiseerd wordt. Een radicale opstelling kan zinvol zijn om een debat te agenderen, maar het is stukken lastiger om vervolgens een meerderheid van de bevolking mee te krijgen voor verandering. Daar is het toch om te doen?

Foto 1: ‘De sokkel van JP Coen heeft een VOC-logo met strop gekregen en er is ‘Genocide’ op gespoten. (Foto HMC / Eric Molenaar)’. In het Noordhollands Dagblad, 25 oktober 2016. Opgeëist door actiegroep ‘De Grauwe Eeuw‘.

Foto 2: De bekladding op het beeld van Piet Hein, 12 juni 2020 RIJNMOND. Opgeeist door actiegroep ‘Helden van Nooit’. 

Anti-lockdown demonstranten zijn tegen. Een oplossing voor de bestrijding van het coronavirus bieden ze niet

Het is onaardig om te zeggen, maar de demonstranten tegen de lockdown-maatregelen naar aanleiding van het coronavirus laten zich kennen als het afvalputje van de samenleving. Vandaag waren er in verschillende steden demonstraties, onder meer grootschalig in Den Haag, en kleinschaliger in Amsterdam en Utrecht. In Den Haag werden tientallen demonstranten gearresteerd. Het is onduidelijk wat ze willen. Behalve het tonen van ongenoegen over kwestie die niets met de oorzaak van het coronavirus te maken hebben. Zoals de 5G-technologie, vaccinaties of de NOS. Dat lijkt samen te gaan met een bundeling van ongenoegen en het idee achtergesteld te zijn. Opvallend is de samenstelling van het publiek dat demonstreert: wit en nationalistisch.

Bij de coronacrisis hangen volksgezondheid, economie en politiek nauw samen. De economie kan niet opstarten zonder dat de problemen van de volksgezondheid zijn aangepakt of verregaand ingeperkt. De politiek die niet eerst de problemen van volksgezondheid en economie oplost, maakt zichzelf overbodig. Want de meerderheid van de bevolking in allerlei landen beseft dat het niet achter volksmenners als president Trump of premier Boris Johnson aan moet lopen omdat zij niet het belang van hun burgers voorop zetten. In de VS en het VK zijn tot nu toe de meeste geregistreerde doden te tellen als gevolg van het coronavirus.

Op Transitieweb.nl reageerde ik vandaag op een artikel met de titel ‘Wereldwijd groeiend protest tegen de lockdown’ van Fred Teunissen. Opvallend is dat hij nattigheid voelt over zijn missie. Zijn sympathisanten doet hij een methode aan de hand om zijn bericht te delen op sociale media: ‘Dan is er kans op dat Big Brother tussenbeide komt en je waarschuwt voor ‘nepnieuws’. Plaats je de link toch, dan kunnen anderen die hem aanklikken ook zo’n waarschuwing krijgen. Dit is een vervelende vorm van intimidatie en censuur.’ Het is de wetmatigheid van de verspreiders van desinformatie dat ze het blokkeren van nepnieuws ‘censuur’ noemen en het verspreiden ervan ‘vrijheid’. Het wantrouwen, het misnoegen en het idee van achterstelling zijn immens.

Mijn reactie op Transitieweb ging over de bewering van Teunissen dat het middel van de lockdown honderd maal erger is dan de kwaal coronavirus. Ik ben het daar mee oneens en vroeg hem het volgende:

’In Nederland zijn er tot nu toe zo’n 5.000 geregistreerde doden als gevolg van het coronavirus. In de VS is het aantal geregistreerde doden als gevolg van het coronavirus opgelopen tot 70.000. En het einde is nog niet in zicht.

U zegt dat het middel van de lockdown honderd maal erger is dan de kwaal. U suggereert hiermee dat de lockdown in Nederland voor (een equivalent van) meer dan 500.000 en in de VS voor meer dan 7 miljoen doden zorgt.

Het is onduidelijk op welke omstandigheden u de conclusie baseert dat de lockdown honderd maal erger is dan het coronavirus. Kunt u dit toelichten?

Ter aanvulling: In de VS keert de rechtse gastheer van Fox News Sean Hannity zich inmiddels tegen de demonstranten die met wapens en paramilitaire kleding betogen tegen de lockdown. Hij zegt: ‘Kracht tonen is gevaarlijk. Dat brengt onze politie in gevaar. En trouwens, je bericht zal nooit worden gehoord, wie je ook bent. Niemand mag proberen ambtenaren te intimideren met een blijk van geweld.’’

Foto’s: Beelden van de demonstratie tegen de lockdown-maatregelen op het Plein in Den Haag op 5 mei 2020. Credits: ANP Niels Wenstedt.

Zembla: Raadsels over Baudets betrokkenheid bij Kremlin

Het valt lastig te begrijpen waarom de politieke leider van Forum voor Democratie Thierry Baudet die zegt voor de Nederlandse natiestaat op te komen de Russische Federatie omarmt die standpunten verkondigt die vijandig zijn jegens Nederland. Dat maakt iemand toch geen Nederlandse nationalist, maar een landverrader?

Zo’n opstelling valt alleen te verklaren uit het feit dat iemand gechanteerd wordt door het Kremlin, zoals dat ook de enige aannemelijke verklaring voor president Trumps handelen jegens de Russische Federatie is. Eenmaal een betaling ontvangen is men voorgoed gecompromitteerd. Baudet kan dan niet anders dan in arren moede wegvluchten in ironie omdat hij zijn handelen niet meer uit kan leggen. Ooit zal de waarheid uitkomen.

Gezien Baudets banden met de aan het Kremlin verbonden inlichtingenman Vladimir Kornilov en de getuigenissen daarover is het aannemelijk dat Baudet ooit geld van het Kremlin heeft ontvangen en daar mee gechanteerd wordt (komprimat). Henk Otten weet als toenmalig penningmeester van Forum dat er nooit Russisch geld in de partijkas is gestort. Dat klinkt aannemelijk. Maar dat laat de optie open dat het Kremlin geld aan Baudet heeft gegeven buiten de partijkas om. Baudet gedraagt zich vooral als opportunist en niet als idealist. Zijn liefde voor het Kremlin loopt via zijn maag. De inlichtingenmensen die de onderzoekers van Zembla hebben gesproken verklaren dat Baudet ‘een politicus is die onder controle staat van Moskou’.

CDA en SP proberen plannen voor Nationaal Historisch Museum nieuw leven in te blazen

Er klinken weer geluiden om een Nationaal Historisch Museum op te richten. Eerdere pogingen strandden onder meer vanwege de keuze voor de locatie. Maar in 2007 besliste toenmalig minister Ronald Plasterk dat het museum in Arnhem moet komen. Wegens meerkosten kwam dat echter niet van de grond. In 2010 blies toenmalig staatssecretaris Halbe Zijlstra (VVD) de plannen af vanwege de bezuinigingen in de kunstsector.

Voortrekkers waren in 2006 Maxime Verhagen (CDA) en Jan Marijnissen (SP). De nieuwe voortrekkers zijn weer van deze partijen: de fractievoorzitters Pieter Heerma (CDA) en Lilian Marijnissen  (SP). In een bericht in het AD van 15 februari 2020 menen ze dat ‘de urgentie van een museum door toenemende polarisatie en de opkomst van identiteitspolitiek alleen maar toegenomen’ is. Marijnissen: ‘Er zijn heel veel musea die een bijdrage leveren aan het historisch besef, maar één plek waar alles samenkomt, die heeft Nederland gewoon niet’. Uitgewerkte plannen zeggen ze niet klaar te hebben liggen. Ze zien de functie van een Nationaal Historisch Museum om de ‘saamhorigheid binnen de samenleving’ te bevorderen en ‘meer historisch besef’ te kweken.

De tweet van Heerma maakt het er onnodig ingewikkeld op omdat hij zijn pleidooi vermengt met zijn christen-democratische stokpaardje. Want hoe moet anders de opmerking over het ‘groeiende individualisme’ opgevat worden dat Heerma negatief framet en positioneert tegenover het communitarisme van het CDA dat hij als heilzaam veronderstelt? Zo laat hij zich niet alleen kennen als een initiatiefnemer die een voorschot neemt door het gemeenschapsdenken van iemand als Amitai Etzioni die onder meer oud-premier Balkenende inspireerde centraal te zetten, maar vervreemdt hij zich ook van de liberale VVD en D66 die hier mentaal ver van staan. Het is onduidelijk hoe en waarom Heerma aan de hand van welke onderzoek concludeert dat het  groeiende individualisme heeft bijgedragen aan een nonchalante omgang met de geschiedenis in Nederland.

Vraag is of de aanspraak of ambitie die Heerma en Marijnissen aan een Nationaal Historisch Museum toemeten te rijmen valt met het autonoom opereren ervan. Ofwel, de bedrijfsvoering, presentatie en inhoud van een museum heeft een eigen logica die niet per definitie in lijn hoeft te zijn met de functie die politici eraan geven. Als het museum volgens deze politici de saamhorigheid binnen de samenleving bevorderen moet, dan is de eerste vraag die dit streven oproept wat dat voor de eenheid of samenhang van het museum zelf betekent. Daarnaast is het de vraag of het niet te hooggegrepen is om een museum in te zetten voor het bevorderen van nationale saamhorigheid of sociale cohesie. Cynisch gezegd, is dat niet eerder een taak voor politieke partijen? Desondanks is het een prima initiatief als de politici zich kunnen beheersen en niet in de verleiding komen er goedkope retoriek mee te bedrijven, zoals Heerma nu doet. Een voorwaarde voor succes is dat politici een museum niet hun stokpaardjes of hobbyisme opdringen. We zullen zien of ze dat kunnen.

Foto 1: Tweet van Pieter Heerma (CDA), 15 februari 2020.

Foto 2: Tweet van Lilian Marijnissen (SP), 15 februari 2020.

Kritiek op term ‘oikofobie’ en advies aan Doorbraak.be om afstand te nemen van de rechts-radicale alt-right beweging (zoals Baudet)

Mijn reactie bij een artikel van Steven Vandeborre op Doorbraak.be. Ik stem ermee in en zet evenals de auteur vraagtekens bij het begrip ‘oikofobie’. In een slotwoord roep ik Doorbraak.be op als het zich wil profileren als conservatieve of nationalistisch-conservatieve Vlaamse beweging dat het gevaar loopt om besmet te worden door gedachtengoed en vertegenwoordigers van de alt-right beweging. Zoals die nu in de partij Forum voor Democratie verzameld zijn. Doorbraak.be zou er daarom beter aan doen er publiekelijk afstand van te nemen.

Mee eens wat Steven Vandeborre schrijft. Er zijn twee posities mogelijk ten aanzien van het begrip ‘oikofobie’.
1) De rechts-radicale kleinkinderen van Scruton beweren in navolging van Baudet dat EU, hedendaagse kunst, multiculturalisme en pluriformiteit niet verenigbaar zijn met dat thuisgevoel en tot zelfhaat leidt. De tovenaarsleerlingen klimmen op de schouders van hun meesters. Dat resulteert erin dat rechts-radicale aanhangers of sympathisanten van wat met een verhullende term alt-right wordt genoemd democratische normen, waarden en instellingen afwijzen en misleidende informatie geven over principes als de rechtsstaat en vrijhandel.
2) Degenen die op afstand staan van dat rechts-radicale gedachtengoed beweren dat dat alles wel verenigbaar is met dat thuisgevoel, er per definitie niet haaks op staat en niet in zelfhaat eindigt en daarom niet hoeft te leiden tot de afwijzing van de democratie en misleidende informatie.

Ik probeer een en ander aan de hand van de rechts-radicale opvatting van kunst aan te tonen. Hedendaagse kunst die moderne kunst in de eigen tijd is kan vervreemding verbeelden zoals Bertolt Brecht dat vanaf 1920 in het theater deed. Hedendaagse kunst kan politieke standpunten verbeelden zoals 17de-eeuwse schilderkunst (De bedreigde Zwaan van Jan Asselijn) of klassieke kunst (De Lysistrata van Aristophanes) dat ook deden. Hedendaagse kunst kan de samenleving een spiegel voorhouden waardoor het eigene ter discussie wordt gesteld en minder vanzelfsprekend wordt. Hedendaagse kunst kan de structuur van de werkelijkheid ontrafelen door te proberen achter de façade ervan te kijken. Zoals Roland Barthes dat in 1970 in zijn semantische analyse van een verhaal van Honoré de Balzac S/Z deed. Dat zijn geen uitgangspunten, maar toepassingen van hedendaagse kunst.

Baudet geeft door in zijn rijtje vervreemding (in de traditie) van Brecht naast ‘oikofobie’ (thuisgevoel) van Scruton te zetten aan de cultureel-historische en dramaturgische achtergrond van de Brechtiaanse Verfremdung niet te begrijpen. Zoals bij Baudet de pretentie iets te weten van hedendaagse kunst en kunsttheorie voortdurend op gespannen voet staat met zijn werkelijke kennis over en inzicht in kunst(theorie). Vervreemding is niet bedoeld of wordt als dramaturgisch middel ingezet om mensen van hun omgeving te vervreemden, maar beoogt juist het omgekeerde. Namelijk het vergroten van de bewustwording door mensen aan de hand van het creatieve maakproces (het tonen van de montage) zich van hun achtergrond en (achtergestelde) positie bewust te maken. Door ze letterlijk achter de werkelijkheid te laten kijken. Wakker schudden van burgers is hetzelfde wat Baudet zegt te doen. Hij verwart het Vervreemdings-effect als artistiek middel met het gevolg ervan.

Kan Baudet vanwege zijn onbegrip nog geëxcuseerd worden voor het omwisselen van de uitgangspunten en toepassingen van hedendaagse kunst, dat geldt niet als hij stelt dat een uitgangspunt ervan ‘zelfhaat’ is. Dat is geen uitgangspunt, laat staan toepassing van hedendaagse kunst, maar een begrip uit de psychologie dat ‘een vorm van totale afwijzing is die de eigen persoon betreft’. Vertaald naar de hedendaagse kunst zou dat betekenen dat het via een toepassing zichzelf totaal afwijst. Maar dat is in strijd met de logica omdat het van tweeën een is. Ofwel, als hedendaagse kunst zichzelf afwijst dan kan het die afwijzing niet tegelijkertijd als toepassing inzetten. Want dan wijst het zichzelf per definitie niet totaal af, maar bevestigt het zichzelf juist.

De zelfbenoemde en uiterst tevreden met zichzelf zijnde denker Baudet is bij nader inzien vooral een sprokkelaar van andermans gedachten. In de samenvoeging beseft hij dat hij denkfouten maakt die hij door ze in de mal van de partijpolitiek te persen probeert te verhullen. Want in de politiek gelden andere normen en mores dan in de kunsttheorie of de filosofie. In de politiek ligt de lat lager. Baudet rekent erop dat hij ermee wegkomt, en dat is precies wat gebeurt. Het is wellicht de echte reden dat hij de carrièrestap naar de politiek heeft gezet, terwijl hij verklaarde dat nooit te zullen doen en er ongeschikt voor te zijn. Zijn hulptroepen op sociale media laten zich zonder de kern van het debat te doorgronden ervoor gebruiken de kritiek op het denken van Baudet te neutraliseren. Zodat Baudet een debat kan voeren zonder daar ooit kritiek op te ontvangen. Zodat een gratis rit in de publiciteit zijn beloning is.

Als slotwoord nog een overweging voor onderweg over het karakter en de profilering van Doorbraak.be en de term conservatisme of nationaal-conservatisme. Niet als kritiek bedoeld, maar als overpeinzing. Types als Baudet gebruiken de term conservatisme of leunen daar stilzwijgend tegenaan om hun eigen racisme en witte hegemonie-denken te verhullen. Maar ze vallen eerder te omschrijven als anti-conservatief. Conservatieve principes als behoud van democratische normen, waarden en instellingen en voorlichting van het publiek over conservatieve principes zoals rechtsstaat, vrijhandel en uitbreiding van legale immigratie delen ze niet. Laten we ze daarom geen conservatieven noemen. Overigens hebben universele waarden of principes in wisselende combinaties verschillende kinderen. Iedereen die beweert dat ze exclusief aan één politieke stroming toebehoren zit ernaast.

Het conservatisme als ideologie bevat samenhang met min of meer vaste, gemeenschappelijke posities en denkwijzen over de natie, de familie, grondrechten, politieke besluitvorming, verandering en continuïteit. Het gaat er hier niet om om het conservatisme te verdedigen, maar om zo goed mogelijk te omschrijven wat het is en te kijken hoe het zich verhoudt tot de alt-right beweging en het hedendaagse racisme van radicaal- en extreem-rechtse politici die als tovenaarsleerlingen onder meer verwijzen naar Scruton. Het zijn overigens niet alleen radicaal-rechtse politici die de term conservatisme voor hun eigen politieke handelen gebruiken waarvan het zeer de vraag is of dat wel conservatisme is, het zijn ook linkse denkers als Merijn Oudenampsen die dat doen. Daarmee bevindt hij zich op een lijn met Baudet die het conservatisme een revolutionaire en zelfs Leninistische lading geeft. Baudet rekt dat begrip conservatisme oneigenlijk op om zich ermee te tooien en Oudenampsen doet het om alt-right kritisch te benaderen. Maar het resultaat is hetzelfde, namelijk dat er begripsverwarring wordt geïntroduceerd over het conservatisme waarmee niet verklaard, maar verhuld wordt.

Als Doorbraak.be de spreekbuis wil zijn van de Vlaams-nationalistische, conservatieve beweging wat een begrijpelijk en eerbaar streven is, dan zou het strikt bij zichzelf moeten blijven en afstand nemen van rechts-radicale alt-righters als Baudet, Van Langenhove of NV-A’ers die ondubbelzinnig voor een autoritair regime staan. Het verdient aanbeveling om de grens tussen het conservatisme of nationaal-conservatisme en de alt-right beweging helder af te bakenen. Het is het verschil tussen het aanvaarden van het politieke bestel en de democratische rechtsstaat en de verwerping ervan. Nu loopt dat vaak in elkaar over wat de rechts-radicale alt-righters ook op Doorbraak de gelegenheid geeft zich te vermommen en anders voor te doen dan ze werkelijk zijn. Mogelijk lopen nu de belangen van deze rechts-radicalen en nationaal-conservatieven parallel, maar dat is waarschijnlijk een tijdelijke situatie. Op termijn beschadigt die vermenging en/of samenwerking de conservatieve beweging in Vlaanderen, zodat het voor conservatieven of conservatieve media verstandig is om uit zelfbescherming dat onderscheid te maken en de vreemde rechts-radicale bedgenoten die de democratie en het politiek bestel afwijzen met redenen omkleed resoluut de deur te wijzen.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelOikofobie is een handige maar lege doos’ van Steven Vandeborre op Doorbraak.be, 2 december 2019.