George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Dividendbelasting

Republikeins belastingplan is het begin van het einde. Voor Trump, sociale voorzieningen en de Republikeinse partij. En de huidige VS?

with 3 comments

Naar verwachting neemt de Senaat met steun van de kleine Republikeinse meerderheid van 51 stemmen (de zieke senator John McCain is afgereisd naar zijn thuisstaat) deze week een belastingplan met verstrekkende gevolgen aan. Het plan is de beloning voor sponsors die hun investering in de politiek beloond zien. Big money sponsort en bepaalt het beleid. Het plan geeft rijken en bedrijven gigantische voordelen, zadelt de volgende generaties op met een groot tekort, is een voorschot op verdere afbraak van voorzieningen en haalt geld weg bij middenklasse en armen. Het belastingplan is buiten de Democraten tot stand gekomen zonder publieke discussie. In mentaliteit vergelijkbaar met de afschaffing van de Nederlandse dividendbelasting die in geen enkel programma van een politieke partij werd genoemd, maar in volume vele malen groter. Paradox is dat de Republikeinse partij die het in de peilingen slecht doet nu scoort voor de terugval. Paradox binnen de paradox is dat president Trump ermee zijn eerste overwinning op wetgevend gebied binnenhaalt, maar zichzelf ermee tevens overbodig maakt. Als de deal rond is, en vermogenden en bedrijven hun geld binnen hebben, is Trump niet meer nodig. Hij heeft deze overwinning nodig om te scoren, maar door de overwinning wordt de weg naar zijn verlies ingezet. Dat is politiek die tot zijn simpelste vorm is teruggebracht. Het is ziek.

Advertenties

Tegen politiek radicalisme. Kan de gevestigde partijpolitiek nog het verschil maken?

leave a comment »

De gevestigde partijpolitiek moet geloofwaardig zijn om ongeloofwaardige partijpolitiek af te kunnen straffen. Als het de gevestigde partijpolitiek ontbreekt aan een oprechte afweging van belangen, programmatische standvastigheid en rechtstatelijkheid, dan geeft het munitie aan de ongeloofwaardige partijpolitiek. Dat is op dit moment aan de orde. Aan de nostalgische romantiek van Forum voor Democratie die terugverwijst naar een situatie in de 19de eeuw die nooit bestaan heeft. Aan de islamkritiek van de PVV die zich baseert op een joods-christelijke beschaving die nooit bestaan heeft. Aan de linkse politiek die de sociaal-economische strijd ondergeschikt maakt aan sociaal-culturele onderwerpen zoals identiteit, afkomst en gemeenschapsgevoel.

Wat de gevestigde partijen daar tegenover zetten is teleurstellend. Ze verliezen de strijd op twee fronten. Ze laten zowel in de beeldvorming als in de politieke realiteit een idee postvatten dat ze niet oprecht zijn in hun sociaal-economisch beleid en niet eens meer zelf aan de knoppen zitten om het vorm te geven. Het zijn de multinationals (afschaffen dividendbelasting), de banken (miljardensteun in 2008) en de EU die het voor het zeggen hebben. Dat relativeert het belang van de gevestigde partijpolitiek en verkleint het verschil met de radicale randpartijen van rechts en links. De gevestigde partijpolitiek laat deels bewust, deels onbewust na om te formuleren, te verduidelijken en te presenteren hoe in Nederland de macht verdeeld wordt en welke richting het land moet inslaan om toekomstbestendig en duurzaam te zijn. Zo resteert een pragmatisme dat politiek zonder politieke beginselen en programma biedt. Dat de politiek zonder partituur laat improviseren.

Een oplossing voor de gevestigde politiek om de schijnvoorstellingen en -oplossingen van de radicalen te ontmaskeren ligt voor de hand. Het moet aan geloofwaardigheid, voorspelbaarheid en verantwoording winnen om het verschil met het ongeloofwaardige beleid van de radicalen te benadrukken. Gevestigde partijpolitiek moet met realisme en transparantie rekenschap van zichzelf geven om het verschil te onderstrepen met de randpolitiek die bestaat uit onrealistische toekomstbeelden die zijn gebaseerd op historische gebeurtenissen die nooit hebben bestaan. Zolang de gevestigde partijpolitiek onvoldoende geloofwaardig, voorspelbaar en met verantwoordelijkheid handelt kan het de politieke handelaren in hersenschimmen niet de pas afsnijden.

Maar kan de gevestigde partijpolitiek nog wel geloofwaardig, voorspelbaar en met verantwoording handelen? Valt het politieke systeem nog wel te repareren of is het het punt al gepasseerd dat de partijpolitiek en de burgers samen er nog voldoende grip op kunnen krijgen om het te repareren omdat het al bezit van externe krachten is? Van de multinationals, de financiële instellingen en de supranationale organisaties als de EU, de ECB of het IMF. Het antwoord op die vraag is onduidelijk. De paradox is dat wat Forum voor Democratie en de PVV als bezwaar zien, namelijk het weggeven van de soevereiniteit van Nederland, precies hun electorale opgang mogelijk maakt. Niet omdat ze daarin beleidspunten scoren die van belang zijn voor de praktische politiek, maar omdat het het verschil met de geloofwaardigheid van de gevestigde partijpolitiek verkleint.

Het gebrekkige en uitblijvende antwoord van de gevestigde partijpolitiek dat schippert tussen het inleveren van soevereiniteit en het ophouden van de schijn dat dit niet aan de orde is, baart meer zorgen dan de schijnoplossingen van radicaal links en rechts. De politieke filosofieën van het communisme en het fascisme die ten grondslag liggen aan de programma’s van de radicale partijen hebben hun geloofwaardigheid voor de praktische politiek allang verloren. Dat is een dode weg waar de gevestigde politiek minder bevreesd voor zou moeten zijn dan het nu is. Dat maakt het uitblijven van een passend antwoord er des te raadselachtiger op.

Foto: Shot van trapportaal uit Vertigo (1958) van Alfred Hitchcock.

Maatschappelijk exorcisme van grensoverschrijdend seksueel en fiscaal gedrag kan kloof tussen machtigen en machtelozen dichten

with one comment

De laatste weken veranderde er in de beeldvorming iets fundamenteels in de houding tegenover autoriteiten. Het aloude voordeel van de twijfel is in zijn tegendeel verkeerd. Eerst was er de beschuldiging van seksuele intimidatie of verkrachting van de Amerikaanse filmproducent Harvey Weinstein die tot onthullingen leidde. Slachtoffers kwamen met beschuldigingen. Aan het adres van acteur Kevin Spacey, islamist Tariq Ramadan, producent Job Gosschalk, acteur Dustin Hoffman en talloze politici. Inclusief de Republikeinse kandidaat-senator voor Alabama Roy Moore. Het wachten is op de onvermijdelijke afrekening met het boegbeeld van seksuele intimidatie en platvloersheid tegenover vrouwen, president Donald ‘grab them by the pussy’ Trump. En er zijn de onthullingen in de Paradise Papers die de Britse koningin, de Ierse popstar Bono, Brexiteers en internationaal opererende bedrijven van hun voetstuk stootten. De schijnheiligheid is onderbouwd met feiten.

Welke les valt te trekken uit die vroomheid in schijn van machtige bedrijven en individuen die niet zijn wat ze zeiden te zijn? Degenen die met religieuze referenties het meest tamboereerden op fatsoen als Roy Moore of Tariq Ramadan dreigen het diepst te vallen. Als de beschuldigingen kloppen, dan hebben zij het meest in strijd met hun in het openbaar beleden overtuiging gehandeld. Maar omdat ze tevens de fanatiekste volgers hebben met een bijna goddelijke toewijding is het nog niet duidelijk hoe diep de vereerders hen laten vallen.

Het sleutelwoord is normaliteit en grensoverschrijdend gedrag. Ofwel, het terugdringen van ontsporingen op het gebied van seksualiteit en belastingontwijking of -ontduiking vraagt een teruggang naar een normale toestand. Naar een gesteldheid die niet zozeer overeenstemt met een norm, maar binnen de marges ervan valt. Streven is niet vervlakking om alles binnen een model te dwingen, maar het voorkomen van uitwassen.

Wat is normaal? Dat is lastig te beantwoorden omdat het ‘volgens de regel’ zijn, in een diverse samenleving in (sub)culturen verschilt. Daar komt de overheid in beeld die normen en voorwaarden moet stellen om gedrags- en handelingsovertredingen te voorkomen of te helpen minimaliseren. Het begrip moraal moet gerestaureerd worden in die zin dat de marges ruimer zijn, maar overtredingen strenger aangepakt worden. Duidelijk moet voor iedereen vastgesteld worden wat handelingen en gedragingen zijn die in een maatschappelijke context als correct en wenselijk worden gezien. Waardering en normstelling moeten grensoverstijgend gedrag op het gebied van seksuele intimidatie en belastingontwijking uitdrijven, als in een maatschappelijk exorcisme.

In Nederland is de overheid hiertoe niet in staat of niet toe bereid, zoals afgelopen week uit twee voorbeelden bleek. De overheid neemt het niet op voor de zwakkeren, maar stelt zich aan de kant van de machtigen. Uit de jaarlijkse Global Gender Gap Index 2017 van het World Economic Forum blijkt dat de positie van van vrouwen in Nederland is verslechterd. Nederland is op die ranglijst van de 16de naar de 32ste plek gezakt. En het lijkt er sterk op dat het nieuwe kabinet Rutte III zich niet teweer kan stellen tegen de lobby van de werkgevers en multinationals. Zonder dat het in het politiek programma van één van de coalitiepartijen was opgenomen is de dividendbelasting afgeschaft wat het internationale bedrijfsleven een bonus van 1,4 miljard euro opleverde.

Hoe kunnen de machtigen die misbruik van hun machtspositie maken tot de orde geroepen worden als de overheid het via wetgeving en handhaving niet opneemt voor de zwakkeren, maar zich aan de kant van de machtigen blijft stellen? Wat als de overheid nalaat om voorwaarden te stellen aan de macht van de machtigen zonder die te willen inperken? Of wat erger is: zonder die te kunnen inperken omdat de machtigen bepalen wat het beleid van de partijpolitiek is. Door miljardensteun aan banken, belastingvoordeel voor multinationals of uitblijvende maatregelen die de maatschappelijke positie van vrouwen versterkt en wettelijk vastlegt.

Burgers moeten met maatschappelijke organisaties gelegenheidscoalities vormen om de beeldvorming van de masculine en fiscale moraal via overheidsmaatregelen bij te kleuren zoals wenselijk is en de samenleving optimaal dient. Meer is er nu niet omdat eerst economische machtsposities van bedrijven, de vervlechting ervan met delen van de partijpolitiek en hardnekkig seksueel en fiscaal gedrag van individuen moet worden afgebroken. Maar als deze morele contouren eenmaal staan kan de rest in de jaren erna ingekleurd worden.

Foto: ProtestWe are better than this!

Inkomstenbelasting-staking is het passende antwoord op de oneerlijke manier van belastingheffing door de overheid

with 3 comments

Er zit maar één ding op. Modale belastingbetalers die van weinig tot wat duizendjes euro inkomstenbelasting per jaar betalen moeten in inkomstenbelasting-staking gaan. Zoals in het Griekse drama Lysistrate van Aristophanes de vrouwen door een seksstaking hun mannen ertoe dwongen eindelijk eens werk te maken van de vrede. Nu moeten de modale burgers van Nederland grijpen naar het wapen van de inkomstenbelasting-staking. Niet omdat het makkelijk is, maar omdat de overheid werk moet maken van eerlijke belastingdruk.

De publicatie van de Paradise Papers met douceurtjes van honderden miljoenen euro’s voor bedrijven is er het zoveelste bewijs voor dat multinationals en vermogende individuen geen of te weinig belasting betalen. Het is al jarenlang bekend, maar niets verandert. Met als gevolg dat de belastingdruk op de modale belastingbetaler opgeschroefd moet worden om het voorzieningenniveau in stand te houden. De Nederlandse overheid doet aan simplisme en lui handelen. Wie blijft zitten en zich correct gevraagd wordt geplukt, wie beweegt en de randen van de wet opzoekt en daar ethisch -en mogelijk juridisch- overheen gaat betaalt geen belasting.

We kennen ‘cloud computing’, ofwel ‘the cloud’ waarin onze data worden opgeslagen. Maar er is ook een andere cloud. Die van buitengaats (offshore) geld dat nooit ergens landt. En waarover geen belasting wordt betaald. Verbazingwekkend en tamelijk ontluisterend voor de geloofwaardigheid van de partijpolitiek is dat dit type belastingontwijking legaal is. Degenen die er schade van ondervinden, maar er geen invloed op kunnen uitoefenen vinden het een immorele praktijk. Vermogenden en internationale bedrijven maken er misbruik van, betalen geen of nauwelijks inkomens- of vermogensbelasting in de landen waar ze gevestigd zijn, maar profiteren wel van alle voorzieningen die door de burgers van die landen worden betaald. Dat is immoreel.

Belastingparadijzen zijn van invloed op het draagvlak van de democratie. Als de modale belastingbetaler gaat beseffen dat rijken en bedrijven zich onttrekken aan het betalen van belasting dan zal dat ooit een reactie oproepen. Of deze burgers bewegen zich in de richting van valse profeten (nationalisme, populisme) die een oplossing beloven of ze verliezen het vertrouwen in de werking van de democratische rechtsstaat en keren zich ervan af. Omdat de nationale politiek afhankelijk is geworden van grensoverschrijdende financiële instellingen en erdoor gegijzeld wordt heeft de politiek geen ruimte meer om daadkrachtig te handelen. Een oplossing moet komen door samenwerking van landen, maar dat wordt gefrustreerd door bedrijven die dat blokkeren. Bedrijven kopen de politiek. Zie hoe Shell het afschaffen van de dividendbelasting -met een lastenverlichting voor het bedrijfsleven van 1,4 miljard euro- op de politieke agenda zette buiten de besluitvorming van de partijpolitiek om. En zonder dat het effect voor de economie ervan duidelijk is.

Door die dubbele standaard neemt het vertrouwen in de politiek af. Politiek is de gewichtloosheid van de middelmaat. Partijen houden zich bezig met onbelangrijke zaken en cijfers achter de komma, en de eigen marketing in het besef dat ze niet in staat zijn iets te veranderen aan de grote lijn. Politieke partijen beseffen dat ze onmachtig zijn en te weinig invloed hebben om de afbraak van de verzorgingsstaat een halt toe te roepen of een eerlijke belastingheffing op te leggen waarbij bedrijven en individuen naar draagkracht belast worden. Oprechtheid om toe te geven dat de verzorgingsstaat voorbij is en ze er geen invloed op hebben kunnen politieke partijen niet opbrengen. Begrijpelijk, want dat zou hun overbodigheid extra benadrukken. Daarom houden ze in hun gesloten systeem met zijn allen de leugen van hun eigen belangrijkheid in stand.

Over belastingheffing gaat de nationale politiek allang niet meer alleen. Dat wordt eerder beslist in de EU of in de bestuurskamer van multinational of trustkantoor, dan in de Trêveszaal. Maar wat de nationale politiek kan doen aan het opleggen van een systeem van eerlijke belastingdruk en -heffing laat het liggen. De modale belastingbetaler heeft geen boodschap aan de machteloosheid, de traagheid en lakse sloomheid -of in voorkomende gevallen het geveins- van de partijpolitiek. Belastingontwijking door bedrijven en vermogende individuen loopt zo naadloos over in het ontwijken van een rechtvaardig belastingbeleid door de overheid.

De modale belastingbetaler moet niet fatalistisch zijn of genoegen nemen met de bevoordeling van bedrijven en rijke individuen. Omdat de overheid gebrekkig handelt zit er maar één ding op: een inkomstenbelasting-staking. Om te voorkomen dat ze van foute bedoelingen of onwil beschuldigd worden en om aan te geven dat het om een politieke (maar: geen partijpolitieke) actie gaat, moeten modale belastingbetalers het bedrag dat ze aan de Belastingdienst schuldig zijn storten op een rekening van een neutrale organisatie, zoals de Triodos Bank. Dat kan als drukmiddel dienen om actie af te dwingen. Dat aspect van de actie kan samengaan met een stappenplan dat de overheid verplicht om het percentage dat het ophaalt aan belasting bij bedrijven en rijke individuen jaarlijks beduidend te laten stijgen. Genoeg is genoeg. De burger moet de overheid onder curatele stellen. Het vertrouwen in de overheid als belastingheffende instantie is tot nader orde finaal opgebruikt.

Foto: Ben van Meerendonk, Archiefmedewerkers van het belastingkantoor, Amsterdam, 23 augustus 1951.

Waarom is Rutte III zo onredelijk op fiscaal gebied en vrijt het de bedrijven op?

with one comment

Ik ben een man. Het interesseert me best hoeveel vrouwen er in het kabinet Rutte III zitten. Dat zijn er met 6 van de 17 ministers te weinig. Vooral de VVD laat het ernstig afweten. Maar op andere terreinen als diversiteit is het kabinet nog minder representatief. Daarover wordt in de media nauwelijks gesproken. Het risico bestaat dat het debat over die man-vrouw verdeling een afleiding wordt. Een gezellig kletspraatje waar niemand zich een buil aan kan vallen. Ergerlijker is de rechtse koers die dit kabinet op sociaal-economisch en fiscaal gebied inslaat. Niet alleen wordt een tendens niet gestopt, maar zelfs nog versterkt. Onbegrijpelijk. Bedrijven dragen niet alleen steeds minder bij aan de totale belastinginkomsten, maar door belastingverlaging wordt dat nog minder dan het al is. Bedrijven krijgen een gratis ritje en de BTW op onder meer groente, fruit en water wordt verhoogd van 6 naar 9%. Linkse partijen zetten daar hun retoriek tegenover. Een redelijke middenkoers wordt nu door geen enkele politieke partij meer ingenomen. En dat baart me meer zorgen dan het aantal vrouwen.