George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Trump

Axios geeft PVV populariteit van 29%. Waar haalt het dat vandaan? Van scoop naar canard

with 4 comments

axios

Het is een journalistieke wetmatigheid. Hoe dichter bij huis, hoe belangrijker het nieuws. Een gebroken been om de hoek is belangrijker dan een ongeluk met 1 dode in een buurland, of een ramp met 5 doden aan de rand van Europa, of met 60 doden aan het eind van de wereld. Zo werkt het bij journalisten, ze hebben de meeste kennis van hun eigen biotoop. Als het verder van huis is wordt het behelpen. En ligt het alternatieve feit, de leugen, het bedrog, de misleiding door verkeerde tussenpersonen of de foute interpretatie op de loer.

Hoe dat in zijn werk gaat laat de Amerikaanse nieuwssite Axios zien. Het had vandaag een scoop van Mike Allen over perschef van het Witte Huis Sean Spicer die namens Trump probeert te voorkomen dat de publieke en politieke opinie zich positief uitspreekt over een speciale aanklager naar de relatie van Trump met het Kremlin. Dat probeert Team Trump in de doofpot te stoppen. Daarom keert Trump zich zo tegen media die het proberen uit te zoeken. Dit bericht van Axios (‘Don’t sell BS’) werd door andere media druk geciteerd.

Maar wie hoog klimt, kan diep vallen. Een artikel over Europees extreem-rechts geeft de PVV een steun van 29%. Het is trouwens meer een verbinding van kadertjes, dan een artikel met een kop en een staart. Uit de meest recente peilingen blijkt echter geen steun van de PVV van 29%, maar slechts van 17%. Hoewel nog vele kiezers aarzelen en het theoretisch mogelijk is dat de PVV 29% zal halen. Maar uit de peilingen blijkt het niet. Waar baseert Axios zich op? Een steun van 29% voor welke partij dan ook zou opzienbarend zijn omdat het electoraat gefragmenteerd is. Er zijn geen grote partijen meer. Het CDA was in 2003 de laatste partij die met 28,6% met lijsttrekker Jan Peter Balkenende een resultaat scoorde dat enigszins in de buurt kwam van 29%.

Zo gaat internationale nieuwsvoorziening op sociale media. Zelfs serieuze media zuigen soms iets uit de duim en doen aan stemmingmakerij. Op de FB-pagina van Axios gaf ik volgende reactie: ‘It is hard to see the Dutch PVV will achieve 29% percent in the next elections. Polls don’t indicate such a support. In the most recent results of the ‘Peilingwijzer’ -which is the result of different polls- the PVV gets 17%. Although a large part of the electorate still hesitates. The tendency is that the PVV loses support. So my question, on which fact Axios based the support of 29% for the Dutch PVV? The more because the Dutch political landscape is fragmented and big parties don’t exist any longer. Can the editor please elaborate on this subject, I’m really curious how Axios has determined that rate of 29%. Please, answer.’ Als Axios reageert zal ik hier het antwoord plaatsen.

Foto: Schermafbeelding van deel artikel What you need to know about the right-wing movement consuming Europe’ op Axios, 27 february 2017.

Protesttentoonstelling ‘Dump Trump’ in Amsterdam. Kan het zo simpel?

with 3 comments

Het idee van ruim 30 kunstenaars in Amsterdam is om Trump te dumpen. De ‘protesttentoonstelling’ Dump Trump is op 25 en 26 februari te zien in WG Kunst. Initiatiefnemers vinden het tijd voor actie. Tegen de Amerikaanse president: ‘Daarom zijn kunstenaars opgeroepen om te reageren op Trump in de vorm van een kunstwerk. WG Kunst is benieuwd wat er leeft onder kunstenaars en wil hiervoor graag een podium bieden.

De kunstenaars maken een vuist. En zwaaien ermee in de lucht. Opkomend rechts-populisme en het aanjagen van angst van de bevolking in de VS en Europa vraagt van iedereen om een scherp en passend antwoord. Dat moet goed voorbereid worden en niet impulsief en zonder focus gegeven worden. Het gevaar is een makkelijk antwoord aan Trump of Wilders dat doel mist en vooral zichzelf ridiculiseert. Grofheid moet niet met grofheid, maar met subtiliteit bestreden worden. Dat vraagt geduld, nadenken en raffinement. Ook van kunstenaars.

Written by George Knight

26 februari 2017 at 17:40

The New York Times en de journalistiek: de waarheid is …

with 6 comments

Media doen er verstandig aan om in het openbaar te antwoorden op aanvallen van populisten. Deze hebben er een handje van om media nep te noemen en van te beschuldigen vooringenomen te zijn. Zelfs om het idee van de waarheid te betwijfelen. Maar er past een onderscheid. Journalisten zijn vaak -maar zeker niet altijd- links. Media zijn echter doorgaans -maar evenmin altijd- rechts. Ze zijn immers onderdeel van concerns met grote economische belangen die tegen de zittende macht aanleunen. Mediaconcerns verdedigen daarom per definitie de gevestigde orde. Dus zijn het de rechtse contouren (mediaconcern) of de linkse schijnbewegingen (journalisten) die doorslaggevend zijn? Het verschilt per land, maar deze tweedeling is overal zichtbaar.

Media winnen aan belang als de persvrijheid onder druk wordt gezet. Mits ze de urgentie van de dreiging beseffen en zich goed en krachtig weten te organiseren. Zoals nu sinds een maand door het aantreden van Donald Trump als president in de VS gebeurt. In autoritaire landen als Turkije, China of de Russische Federatie is het al te laat. Daar zijn de media gelijkgeschakeld en tot spreekbuizen van het zittende regime gemaakt. Ze zijn hun bewegingsvrijheid kwijt. Dat schrikbeeld wapent media in westerse landen waar populisten in opkomst zijn om het niet zover te laten komen. Dat is de achtergrond van de actie van The New York Times.

In Nederland zijn media akelig stil. Tot nu toe zien ze voor zichzelf geen rol weggelegd om het publieke debat van feiten te voorzien. Waar blijven NRC, Volkskrant, Parool, Trouw, NOS, RTL Nieuws of De Groene om gezamenlijk de alternatieve feiten van populisten van PVV, VNL, FvD, 50Plus of DENK kritisch tegen het licht te houden? Het publieke debat vraagt om nuancering die media kunnen bieden over de grenzen van hun eigen achterban heen. Maar ze zwijgen en beseffen onvoldoende de urgentie dat ze zich in moeten spannen omdat hun eigen functioneren op het spel staat. Wilders dreigt met zijn PVV de grootste partij te worden. Hoewel de PVV geen schijn van kans maakt om in de regering te komen zijn z’n volgers daar absoluut niet van overtuigd.

Vertellen peilingen ons dat de aantrekkingskracht van het populisme afneemt?

with one comment

resolve

Peilingen, hoe moeten we ze inschatten? Er wordt veel onzin over verkondigd. Het is onjuist dat peilingen er het afgelopen jaar behoorlijk naast zaten bij de Brexit en de Amerikaanse presidentsverkiezingen. Dat zaten ze niet. Ze waren nauwkeurig, hoewel niet nauwkeurig genoeg. Peilingen gaan de fout in als ze pretenderen meer dan een stand van zaken van een bepaald moment te geven. Ze overschreeuwen zichzelf als ze zeggen een voorspelling van de verkiezingsuitslag te geven. Dat valt buiten de strekking waar peilingen toe in staat zijn. Sommige peilingbureau’s laten zich opjagen door de media. De druk zouden ze moeten weerstaan. Soms is het commerciële belang groter dan de onderbouwing. Daarnaast is het de journalistiek die uit de peilingen al snel de verkeerde conclusies trekt en ze groter maakt dan ze zijn. Omdat ze er dan zo naast zaten zeggen journalisten dan achteraf dat de cijfers niet klopten. Nee, de interpretatie van de peilingen klopte niet.

Politieke partijen kunnen niet zonder peilingen. Zowel openbare als geheime peilingen. Ze kunnen eruit afleiden hoe hun marketing werkt, en bijgesteld moet worden. Moeten ze zich sterk maken voor de EU of die juist aanvallen? Of beter het onderwerp helemaal maar negeren? Moeten ze pleiten voor de AOW bij 65 jaar of dat juist niet doen omdat de kiezers die ze willen aanspreken dat een onrealistisch standpunt vinden? Moeten partijen de populistische partijen die claimen namens het volk te spreken hard aanvallen of juist negeren?

Politico zegt in een bericht dat de Duitse rechts-populistische AfD wegzakt en in de peilingen sinds december 2015 met 8,5% niet zo laag heeft gestaan. De PVV verliest ook aan aanhang en vecht in de Peilingwijzer nu met zo’n 17% steun om de eerste plaats met de VVD. Daarmee haalt de PVV niet langer het minimum van 30 zetels dat het nodig had voor een riante uitgangspositie in de formatie. In de VS krijgen Republikeinse parlementariërs deze week in zogenaamde Town Hall ontmoetingen kritiek van hun kiezers omdat ze zich te welwillend tegenover president Trump zouden opstellen. En in Frankrijk maakt centrumkandidaat Emmanuel Macron een goede kans om in mei in de tweede ronde te winnen van de rechts-populistische Marine Le Pen.

Peilingen, ze geven een indruk van trends. Weg van religie of juist naar religie toe. Weg van populisme of juist naar populisme toe. Weg van politici die veel beloven of juist naar politici toe die veel beloven. Weg van politici die pleiten voor een sterke defensie of juist naar politici toe die het vredesdividend incasseren. Weg van politici die zich sterk maken voor de rechtsstaat en de democratie of juist weg van politici die het belang van de democratie en rechtsstaat relativeren om dat af te breken. Alles is op de politieke markt te koop.

Er zijn verschillen tussen westerse landen, want landen hebben hun kenmerken en specifieke partijpolitieke landschap. In een globaliserende wereld worden politieke  verschillen tussen landen kleiner. Tendenzen raken alle landen, maar niet in dezelfde mate. Nu lijkt onder invloed van een instabiele Trump die in vele geledingen van de Amerikaanse maatschappij tegenstand ondervindt de steun voor het Europese populisme af te nemen. Trump doet ook nog eens het tegenovergestelde van wat hij de kiezers voorspiegelde. Hij bestrijdt de grote banken en bedrijven niet, maar geeft ze een prominente plek in zijn kabinet. Dat is een teken dat kiezers in andere landen oppikken en als waarschuwing kunnen ervaren. Namelijk om niet te lichtzinnig te geloven wat populistische politici beloven. Trumps campagne en verkiezing gaf Europese populisten afgelopen half jaar wind in de zeilen, maar die wind lijkt nu uit een andere hoek te draaien. De hoek met een hunkering naar realisme en stabiliteit. Kiezers weten wat ze hebben, maar niet wat ze verliezen. Totdat de wind draait.

Foto: ‘Tijdens een hevige storm wierpen de golven het stoomschip “Kerkplein” op het strand bij IJmuiden, Nederland 1935.

Trump heeft gelijk dat media vijanden van het volk zijn. Maar anders dan hij bedoelt

with 2 comments

Analist en journalist Carl Bernstein reageert voor CNN op de uitsprak van president Trump dat media vijanden van het volk zijn. Die uitspraak is Trump op veel kritiek komen te staan. Niet alleen van progressieven en journalisten, maar ook van leidende Republikeinen. Wilders hanteert dezelfde tactiek van demonisering van ‘de linkse media’. Hij meent dat de media hem en de PVV alleen maar willen beschadigen en hem zelf zouden haten. Zelfs bewust zouden liegen door zijn standpunten verkeerd weer te geven. Maar het omgekeerde is waar. Trump en Wilders liegen en die leugens worden in de media doorgeprikt. Meer is het niet. Dat kunnen Trump en Wilders die het moeten hebben van uitvergrotingen en focus op hun kernpunten niet gebruiken. Daarom geven ze de boodschapper van het nieuws de schuld van hun onvoldragen en onvolledige boodschap.

Anders dan ze bedoelen hebben Trump en Wilders gelijk dat media vijanden van het volk zijn. Want door de overmatige aandacht van de media met dank aan diezelfde media zijn ze op het schild gehesen. Zonder dat dit vergezeld ging van afgewogen journalistiek met voldoende kritische kanttekeningen en onderzoek naar de drijfveren, argumenten en de vraag hoe slogans omgezet zouden worden in maatregelen. Zonder de kritiekloze aandacht van de media zouden Trump en Wilders nooit zover gekomen zijn. Toen hun naam en positie eenmaal gevestigd was hadden Trump en Wilders de media niet meer nodig. Media waren eerst te lief en zijn achteraf kwaad op zichzelf dat ze monsters hebben helpen baren. Zelfs met de aandacht voor de weerlegging van de kritiek op de media blijven ze gebiologeerd ronddraaien in Trumps en Wilders’ retoriek.

Written by George Knight

21 februari 2017 at 13:14

Judy Dempsey over Nederlandse politici bij Oekraïne-referendum: ‘intellectuele luiheid en onverschilligheid’

with 2 comments

ab

Nog vier weken tot de verkiezingen. De campagne is tot nu toe van een tenenkrommende overbodigheid. Alleen marketing en tactiek. Wie gaat met wie, wie gaat niet met wie, wie is ijdel, wie heeft lange tenen, wie biedt het beste koopkrachtplaatje, wie krijgt het beste rapportcijfer van het CPB op onderdeel A, B, C, D, E, F enz. . Dat gaat het over. Het niveau van dwergen die op elkaar schouders klimmen en dan het idee hebben ineens geen dwergen meer te zijn. Maar dwergen zijn ze en blijven ze. Zonder enig zicht op de toekomst.

Hoofdredacteur Judy Dempsey van Carnegie Strategic Europe doet tegen Arnout Brouwer pittige uitspraken in een interview met De Volkskrant. Over de EU, de relatie van de EU met president Trump, Europese veiligheid, kanselier Merkel, de liberale wereldorde en de behoefte aan sterk leiderschap om dat overeind te houden. Leiderschap dat volgens Dempsey op dit moment te onzichtbaar is en zich niet sterk genoeg maakt om op te komen voor de waarden waar het voor zegt te staan. Wat de vraag oproept of het nog wel ergens in gelooft.

Over de opstelling van Nederlandse politici bij het Oekraïne-referendum is Dempsey hard: ‘De Nederlandse politici hebben er een zootje van gemaakt. Ze namen zelfs niet de moeite om te proberen de bevolking te overtuigen! Het was intellectuele luiheid en onverschilligheid jegens de burgers. ‘Jullie weten niet waar jullie het over hebben.’ Er is een publiek dat geïnformeerd wil worden. En dat erbij betrokken wil worden.’

Nederlandse politici zijn lui en onverschillig. Maar vooral gemakzuchtig, middelmatig en ondermaats. Zonder het te beseffen gevangen in de waan van de dag onder hun kaasstolp rond het Binnenhof die wordt verward met de werkelijkheid. Met als gevolg dat nu een politicus zonder concreet programma aan de kop gaat in de peilingen. En malcontenten zich in het bestel naar voren kunnen dringen zonder iets zinnigs toe te voegen. Dat is het niveau van dwergen. De ene helft vlucht weg in het cijferfetisjisme van details zonder hoofdlijn. En de andere helft schetst een onafgewerkte, vrijblijvende lijn zonder details. Nergens komen hoofdlijn en detail samen in een programma dat urgentie toont. Nergens worden de antwoorden voor de toekomst voorbereid.

Het heeft geen zin om het hoofd in de schoot te leggen. Burgers van Nederland moeten het doen met de politieke partijen die nu voorradig zijn. Hoewel ze veel gemeenschappelijke kenmerken van vervreemding en wereldvreemdheid vertonen, verschillen partijen wel degelijk onderling. Behalve de tweedeling van partijen die of de hoofdlijn of de invulling ervan verwaarlozen. De kiezer wil geïnformeerd worden. De kiezer wil serieus genomen worden. Niet door marketing, maar door elementaire informatie die partijen niet zelf vooraf filteren.

De kiezer wil weten wat partijen willen met Nederland en de EU. Hoe ze dat concreet in maatregelen omzetten. De kiezer wil dat politici geloof hebben in Nederland en die overtuiging in de praktijk tonen. Ondubbelzinnig en welomschreven uitleggen hoe ze het Nederlands belang willen dienen. De dwergen moeten kloten tonen.

Foto: Schermafbeelding van tweet van Arnout Brouwers met reactie, 20 februari 2017.

Amateurisme, faalangst en Trump plagen Wilders. Hoogste tijd voor de herwaardering van het politieke handwerk?

with 6 comments

38e863a5126bee541a14fe0bbe9fa130

Drie stukken in NRC openen een nieuw front tegen Trump en de zogenaamde populisten, inclusief Geert Wilders. Tom-Jan Meeus omschrijft in zijn wekelijkse columnHaagse Invloeden‘ waar het om gaat: ‘Regeren is een vak. Behalve standpunten innemen vergt regeren juristerij, organisatietalent, personeelsbeleid, professionaliteit en afgewogenheid. Elk hoofd van een regering zal alleen controle en regie houden wanneer hij (m/v) vakkundige politici en medewerkers om zich heen verzamelt.’ Meeus verwijt Trump en Wilders amateurisme en roept de media op om te praten ‘óók over de taal van lijsttrekkers, alsmede hun vermogen standpunten om te zetten in maatregelen. Om iets te presteren, in plaats van alleen te praten.’ Een pleidooi voor de restauratie van het politieke handwerk. Vraag is alleen of dit enige indruk maakt op Wilders’ kiezers.

Bas Heijne meent in zijn column getiteld ‘Nuttige idioten’ dat de teruglopende score in de peilingen van de PVV een gevolg is van een tegenvallende Trump: ‘De chaos die Trump heeft geschapen, doet het beeld enigszins kantelen. Het lichtend voorbeeld zag er ineens uit als een vreselijke parodie.’ Trump voert continue campagne omdat hij niet anders kan. Zijn uitgangspunt van de perpetual campaign laat hem per definitie niet of volstrekt onvoldoende toekomen aan regeren. Heijne: ‘Maar Trump kan niet anders, hij is een politieke exponent van wat essayist Pankaj Mishra in The Age of Anger een „wereldwijde burgeroorlog” noemt, met als dominant narratief dat de samenleving ziek is, je tegenstander bij je om de hoek woont en de elite de poorten wijd open heeft gezet voor vijanden. Alles wat op het A4’tje van Wilders past.’

Maartje Somers zoekt John Dean op die klokkenluider was in de regering-Nixon en een rol in de Watergate-affaire speelde. In een artikel met de niets aan duidelijkheid overlaten titel ‘Trump is erger dan Nixon ooit was’ vraagt ze hem om Trump met Nixon te vergelijken. Dean: ‘Nixon was een ervaren politicus. Hij bezat historische en politieke kennis, je kon op niveau met hem praten. Trump weet niets. Hij is arrogant, en wil dus ook niet toegeven dat zijn kennis tekortschiet. Hij heeft geen belangstelling voor politiek, zelfs niet voor het ambt van president.’ Waar Nixon binnen de rechtsstaat bleef en uiteindelijk aftrad uit belang voor zijn land, laat Dean de twijfel open of Trump binnen de lijntjes van de wet blijft en dezelfde afweging zou maken.

De vraag naar de politieke kwaliteit van populisten als Trump en Wilders past in de steeds breder klinkende verzuchting dat populisten goede brekers zijn, maar slechte bouwers. Met de vervolgvraag wat ze op regeringsniveau toe kunnen voegen aan de democratie. Nu president Trump in de praktijk onderstreept als regeringsleider incompetent te zijn en er een chaos van te maken komt het belang van het politieke handwerk opnieuw in de aandacht. De les voor de media en de kiezers is dat ze verder moeten kijken dan het uitventen van standpunten. In de politiek gaat het om het omzetten van standpunten in beleidsmaatregelen.

Er is ook verschil tussen Trump en Wilders. De Amerikaanse president heeft zich verbonden aan de alt-right beweging die zich mede keert tegen het heersende conservatisme in de Republikeinse partij. Dat brengt hem op voet van oorlog met de partij die hij gekaapt heeft en waarvan hij de kernpunten niet deelt. Trump wordt door het partijkader getolereerd zolang hij de Republikeinse partij niet meer beschadigt, dan van pas komt en kansen biedt. Wilders opereert alleen, heeft nooit een organisatie opgebouwd en is wantrouwend naar partijgenoten. De PVV is niet voorbereid op het dragen van regeringsverantwoordelijkheid omdat Wilders zich daar nooit op heeft willen voorbereiden. Wilders kan niet aanhaken bij anderen en heeft zich geïsoleerd.

Trump haakt aan bij malcontenten die er een Marxistische verpauperingstheorie op nahouden die de revolutie onontkoombaar maakt. Wilders is stukken burgerlijker. Waar de einddoelen van Trump onhaalbaar zijn omdat ze in hun pure vorm de democratie inclusief de instituties vernietigen zijn de einddoelen van Wilders niet eens omschreven. Hij weet wat hij niet wil, maar niet wat hij wel wil. Geert Wilders navigeert de PVV aan de hand van marketing, projectie van een volkswil, het kernthema islam en richting en invloed van andere populisten naar een positie in het politieke spectrum die feitelijk een parkeerplek is. Wilders kan en wil niet regeren, Wilders wil zich met de PVV niet voorbereiden op het dragen van regeringsverantwoordelijkheid, Wilders kan en wil zijn einddoel voor Nederland niet omschrijven. Wilders’ standpunten moeten begrepen worden om die vlucht voor het nemen van verantwoordelijkheid te verhullen. Wilders draait eindeloos warm in zijn faalangst.

Foto: ‘The demolition of Pruitt-Igoe, St. Louis, 1972’.