George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Secularisme

Hoogleraar Tom Zwart (Universiteit Utrecht) vermengt religie met politiek. Hij wil ‘islamjongeren’ meer islam geven

leave a comment »


Het Parool plaatst vandaag een interview van de verdienstelijke journalist Bas Soetenhorst met Tom Zwart, hoogleraar cross-cultureel recht aan de Universiteit Utrecht. Zwart schuwt controversiële uitspraken niet. Zo zei hij op een symposium over islamofobie en burgerrechten dat op zaterdag 28 september in Amsterdam werd gehouden dat de overheid met het secularisme ‘zijn eigen godsdienst propageert’. Ook toen deed Soetenhorst er in Het Parool nauwgezet verslag van. In een commentaar van 1 oktober had ik kritiek op Zwart en op de Universiteit Utrecht dat iemand die deze uitspraken doet in dienst neemt er niet publiekelijk ter verantwoording voor roept: ‘Als Zwart bij zijn bewering blijft dat de overheid het secularisme als eigen godsdienst propageert, dan verdient het afweging voor het bestuur van de Universiteit Utrecht om afscheid te nemen van Zwart. Iemand met zulke dwaze en radicale gedachten hoort niet thuis op een gerenommeerde universiteit’. De scherts is dat genie aan domheid grenst. Zwart lijkt er door zijn uitspraken het voorbeeld van.

In welke werkelijkheid van welke eeuw leeft deze cross-culturele hoogleraar Tom Zwart? Hij stoft het controversiële beleid van de ‘compenserende neutraliteit‘ van de oud-burgemeester van Amsterdam Job Cohen af dat later door zijn opvolger Eberhard van der Laan resoluut bij het oud vuil werd gezet. Waarom is dit beleid dat Zwart verkondigt en neerkomt op de vermenging van politiek en religie ongewenst, ongelukkig en achterhaald? 1) Het kost de belastingbetaler geld dat in een religieuze organisatie gestoken wordt. 2) Het speelt de orthodoxe islam het meest in de kaart, en de liberale islam minder. 3) Het is in strijd met de scheiding van kerk en staat. 4) Het sluit jongeren met een Marokkaanse of Turkse etnische achtergrond eenduidig op in een religieuze omgeving wat hun emancipatie en integratie buiten eigen kring bemoeilijkt. 5) Het is in strijd met de ontwikkeling van Nederland waar jongeren afstand nemen van religie en zich er steeds minder door laten inspireren. CBS: ‘Veruit het minst religieus betrokken zijn jongeren van 18 tot 25 jaar’.

Wat Tom Zwart bezielt en waarom hij oude, weerlegde theorieën uit de kast haalt en bizarre uitspraken blijft doen is een wonder. Dat zijn werkgever, te weten de Universiteit Utrecht dat laat gebeuren en hem niet op het matje roept -want in dit interview profileert Zwart zich opnieuw met zijn functie aan deze universiteit zoals de kop verduidelijkt- is het grootste wonder. Het is al erg genoeg, maar verteerbaar dat Zwart als privé-persoon deze uitspraken doet, maar het is onverkwikkelijk dat hij met (stilzwijgende) toestemming van de Universiteit Utrecht en onder de dekking van de wetenschap zulke controversiële uitspraken kan blijven verkondigen.

Foto: Schermafbeelding van delen uit het interviewHoogleraar cross-cultureel recht: ‘Meer islam is nodig, niet minder’’ van Bas Soetenhorst met Tom Zwart, hoogleraar cross-cultureel recht aan de Universiteit Utrecht in Het Parool, 17 oktober 2019.

Journalisten van christelijke media wringen zich onnodig, ontstemd en tekortgedaan in bochten om het eigen bestaansrecht te claimen

leave a comment »

Het is vanwege de pluriformiteit goed dat er christelijke media zijn. Zoals het op dezelfde manier goed is dat er media zijn die zich door andere religies of levensovertuigingen laten inspireren. Waarom zou er trouwens in het veelvormige Nederland geen ruimte zijn voor christelijke media? Dat ter discussie stellen getuigt niet van ambitie en zelfvertrouwen. Dat is precies wat Anton de Wit in het opinie-artikelEr is ruimte voor christelijke media‘ in het Katholiek Nieuwsblad doet. Behalve hij stelt praktisch niemand het bestaansrecht van christelijke media ter discussie. De Wit doet net alsof hij in de bres moet springen voor bedreigde, christelijke media.

Het artikel van De Wit bewijst het omgekeerde van wat het claimt, namelijk het bedrijven van journalistiek die uitgaat van de feiten, als het de Nederlands Dagblad-journaliste Rinke Verkerk citeert die zegt: ‘dat juist de christelijke media vandaag de dag de feitelijkheid hooghouden, waar seculiere collega’s de waarheid voegen naar hun eigen overtuigingen.’ Dat is een uitspraak die niet hard te maken valt en niet van zorgvuldigheid en oprechtheid getuigt. De Wit buigt de waarheid bij en breekt daarmee zijn eigen geloofwaardigheid af.

Wat bedoelt De Wit trouwens precies met ‘seculiere collega’s’? Als hij dat plaatst tegenover ‘christelijke media’ dan creëert hij een valse tegenstelling. Niet alleen kunnen christenen werkzaam zijn voor niet-christelijke media, en omgekeerd, maar ook bestaat er geen tegenstelling tussen christelijke religies en het secularisme omdat het christendom samen met diverse religies en levensovertuigingen een plek vindt onder de paraplu van het secularisme. Het secularisme staat niet vijandig tegenover de christelijke religie.

De Wit maakt het nog bonter als hij opnieuw naar Rinke Verkerk verwijst en weer door selectief kijken een valse tegenstelling creëert: ‘Als voorbeeld noemde zij de discussie over ‘gender’, waarbij het wetenschappelijke gegeven dat er twee geslachten bestaan, glashard wordt ontkend om maar geen individuele gevoelens te kwetsen.’ Zonder concreet te maken wie dat precies ontkent probeert De Wit aan de hand van het activisme van een kleine minderheid tot een algemene uitspraak te komen.

De Wit generaliseert met zijn suggestie is dat alle niet-christelijke media ontkennen dat er twee geslachten bestaan. Dat is aantoonbaar onjuist voor wie de debatten op rechts-populistische en conservatief-liberale nieuwsmedia volgt. De identiteitspolitiek waar Verkerk en De Wit naar verwijzen houdt zich voornamelijk op in de links-radicale marge en die vergroten ze onterecht uit naar alle niet-christelijke media. Dat is een stropopredenering waarbij het standpunt van de andersoortige media bewust verkeerd wordt voorgesteld en vervolgens niet het werkelijke standpunt van die media wordt bestreden, maar een karikatuur ervan. Op hun beurt maken De Wit en Verkerk zich tot een karikatuur van een journalist.

Maar nog is het in het wilde weg schieten van De Wit niet ten einde als hij weer aanhaakt bij de opinie van Verkerk: ‘Zo zie ik een interessante ontknoping ontstaan. De journalistiek die het geloof van christelijke journalisten eerst afdeed als gevoel, en God opzij schoof voor feiten, schuift nu zelf feiten opzij voor geloof en maakt van gevoel een God.’ Dat is een vergaande conclusie van Verkerk die De Wit instemmend citeert over de hele Nederlandse pers inclusief NRC, de Volkskrant, Nieuwsuur, RTL Nieuws en NOS Journaal. De journalisten van deze media zouden de feiten opzij schuiven voor een geloof en een God die Verkerk en De Wit niet verder definiëren. Gelooft De Wit nou werkelijk zijn eigen opinie die het karakter van een persiflage op goede journalistiek aanneemt door anderen van slechte journalistiek te beschuldigen?

Wat Verkerk en De Wit beogen is bombastisch. Ze creëren een harde tegenstelling tussen christelijke en andersoortige media die in werkelijkheid niet duidelijk en vastomlijnd is. Want goede christelijke en andersoortige media gaan beide uit van de feiten en kwalitatief minder christelijke en andersoortige media gaan beide uit van een opinie of overtuiging met voorbijgaan aan de feiten. De Wit lijkt niet te beseffen dat hij met zijn opinie met niet bewijsbare en slecht onderbouwde aannames over het gebrek aan feitelijkheid van andersoortige media zichzelf in het domein van de media begeeft die hij zegt te bestrijden omdat ze hun gevoel vooropzetten. De Wit laat zich sturen door zijn gevoel minder waard te zijn dan andersoortige media.

Daarnaast proberen Verkerk en De Wit ook de strekking van hun christelijke geloof te verbreden door het te exporteren naar, en mentaal op te leggen aan andersoortige media. Want ze beweren dat journalisten van wat ze seculiere media noemen ‘van gevoel een God’ maken. Verkerk en De Wit claimen hiermee dat ‘seculiere journalisten’ zich onbewust laten inspireren door God. Waarbij ze vermoedelijk de God van het Nederlandse christendom die ze zo goed kennen als referentie hebben. Dat insluiten van niet-christenen tegen hun wil in de God van het Nederlandse christendom is echter een lastige missie. Het kan vooral opgevat worden als een achterhoedegevecht van een afkalvende christelijke bevolkingsgroep die grip verliest op de eigen omgeving, aan invloed verliest en krampachtig andersdenkenden het eigen gedachtengoed probeert op te leggen.

Verkerk en De Wit hebben alle recht om voor hun eigen achterban en de christelijke media op te komen. Dat recht wordt hun door niemand ontzegd. Dat doen ze echter niet door zelfvertrouwen uit te stralen, maar door valse tegenstellingen en verdachtmakingen te creëren. Dat heeft in eigen kring wellicht nut omdat het construeren van een gemeenschappelijke vijand (= seculiere journalistiek) voor even de eigen gelederen versterkt, maar voor de lange termijn beschadigt het de geloofwaardigheid van de christelijke journalistiek. Laten ze gewoon goede journalistiek bedrijven en zich niet bedienen van projecties, hersenschimmen en fictie. Als ze journalistieke kwaliteit in zich hebben dan dienen ze daarmee hun media beter dan met leugens en uitvergrotingen. Het is onnodig dat ze zich afzetten tegen de in hun ogen seculiere media die ze blijkbaar in zulke hoge mate als bedreigend spookbeeld ervaren dat ze er niet meer objectief over kunnen spreken.

Foto’s: Schermafbeelding van delen van het artikelEr is ruimte voor christelijke media’ van Anton de Wit in het Katholiek Nieuwsblad, 3 oktober 2019.

Diversiteit is niet het belangrijkste, inclusie wel

leave a comment »

De woorden inclusie en diversiteit worden door elkaar gebruikt. Maar ze zijn niet inwisselbaar. Een voorbeeld maakt dat duidelijk als de in Marokko geboren politievrouw Fatima Aboulouafa (die vanwege haar kritiek door de politieleiding op non-actief is gezet) in een interview in NRC zegt: ‘Toch is het belangrijkste niet diversiteit, maar inclusie. Als je collega’s met Marokkaanse, Surinaamse en Turkse wortels bij elkaar zet, krijg je mogelijk ook wantoestanden. Diversiteit is geen toverwoord en je moet het niet door de strot duwen. Dat leidt tot polarisatie binnen de organisatie.’ Diversiteit is dus geen doel, maar een middel om tot inclusie te komen. Dat laatste betekent dat iedereen zich in een samenleving thuis kan voelen en de voorwaarden daarvoor door de overheid geschapen moeten worden. Kortom, diversiteit levert nog niet vanzelfsprekend inclusie op.

Inclusie is vergelijkbaar met het secularisme. Dat is een politieke filosofie, een paraplu waaronder het uitgangspunt is dat iedereen gelijk is in het zich laten inspireren door een religie of levensovertuiging. Inclusie is daar de sociale variant van. Dat het debat dat diversiteit als doel nastreeft radicale en bizarre aspecten bevat kan niemand ontgaan zijn die het politieke debat volgt. Identiteitspolitiek en dekoloniale theorie zijn er de aanjagers van die niet per definitie bij inclusie uitkomen, maar vaak blijven hangen in diversiteit dat zo een doel op zichzelf wordt. Waarmee evenmin gezegd is dat het nastreven van diversiteit per definitie verkeerd is. Maar het gaat om de maatvoering ervan. Hoe ontkomen we aan het radicalisme dat diversiteit als dwaalweg, emancipatiemachine, grenspaal en einddoel gebruikt en het maatschappelijk debat op slot gooit, zelfs met het opschorten van de vrijheid van meningsuiting? De eerste stap uit dit theoretische doolhof is om te beseffen dat diversiteit niet zo belangrijk is als vooral in radicaal-linkse kringen wordt beweerd, maar inclusie wel.

Hoogleraar Tom Zwart (Universiteit Utrecht) meent dat overheid secularisme als eigen godsdienst propageert. Is hij de rede voorbij?

with 5 comments

Hoe is het mogelijk dat het College voor de Rechten van de Mens (een zelfstandig bestuursorgaan van de Nederlandse rijksoverheid) partner is van het Collectief tegen Islamofobie & Discriminatie (dat in de titel wordt gespeld als ‘Descriminatie’)? Dat begint al met de omstreden term ‘islamofobie’ die claimt dat er ‘haat of vooroordelen jegens of discriminatie van moslims’ bestaat. Wordt hiermee zakelijke kritiek op de islamitische religie niet afgeleid en bij voorbaat geneutraliseerd? De Britse Josie Appleton zag al in 2002 het gebruik van de term ‘islamofobie’ als hype, ofwel een mediagekte die het omgekeerde bereikt van wat het zegt na te streven: ‘Het moedigt moslims aan om in angst te leven voor aanvallen en om dagelijkse incidenten buiten proportie op te blazen. Het onderdrukt ook het debat en de betrokkenheid tussen moslims en niet-moslims.’

Aanleiding voor de kritiek op de term ‘islamofobie’ is een verslag van Bas Soetenhorst in Het Parool van 29 september 2019. Hij doet verslag van een symposium over islamofobie en burgerrechten dat op zaterdag 28 september in Amsterdam werd gehouden. Het werd georganiseerd door het Collectief tegen Islamofobie & Discriminatie en ‘een tak van de afdeling antropologie van de Universiteit van Amsterdam’ aldus Soetenhorst.

Hoogleraar Crosscultureel recht Tom Zwart bij de vakgroep Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Utrecht was een van de sprekers. Hij deed volgens Soetenhorst de volgende uitspraak: ‘De overheid propageert zijn eigen godsdienst ten koste van andere godsdiensten’. Dit is een merkwaardige uitspraak die niet alleen niet juist is, maar evenmin logisch en begrijpelijk. Hoe is het mogelijk dat een hoogleraar Crosscultureel recht van de Universiteit Utrecht van wie men toch enige kennis en omzichtigheid zou verwachten tot zo’n niet door de feiten geschraagde uitspraak komt? Hoe kan Zwart zo warrig zijn? Hij beschadigt er niet alleen de Universiteit Utrecht en de Rechtsgeleerdheid mee, maar ook de geloofwaardigheid van de Nederlandse wetenschap. Hoe stelt hij zich voor dat de overheid ‘zijn eigen godsdienst propageert’? Waar hij het secularisme mee bedoelt.

Is Tom Zwart echt zo dom als het lijkt? Het lijkt er jammergenoeg sterk op. Ik op mijn beurt schaam me kapot omdat de Universiteit Utrecht mijn Alma Mater is en zo’n kwiebus als Zwart daar nu hoogleraar is. Met zijn uitspraak laat Zwart zich kennen als een hardliner die op een lijn te stellen is met orthodoxe christenen en moslims die het secularisme aanvallen. Maar het secularisme is een politieke filosofie die alle godsdiensten en levensovertuigingen binnen de rechtsstaat zonder onderscheid gelijk behandelt. Of daar in elk geval naar streeft, omdat de praktijk achterloopt op de theorie. Traditionele godsdiensten hebben als relicten uit het verleden vaak nog voorrechten waar ze zich krampachtig aan vastklampen en geen afstand van willen doen.

Het secularisme is geen godsdienst die ten koste gaat van godsdiensten. Zwart moet en kan dit weten. Maar in plaats van zijn kritiek te richten op de voorrechten van christenen die in strijd zijn met de zuivere toepassing van het secularisme, richt hij zijn kritiek op het secularisme zelf. En op de overheid die dat zou propageren.

Ik heb er geen woorden voor dat iemand als Zwart deze uitspraak heeft gedaan. Het is geen verspreking, maar een bewust gedane uitspraak die naadloos past in Zwarts betoog dat valt te karakteriseren als conservatief-religieus. Dat recht van mening heeft hij, maar hij verliest elke geloofwaardigheid als wetenschapper als hij in het openbaar zegt dat de overheid met het secularisme een eigen godsdienst propageert. Zwart ziet overal onderdrukking en anti-moslimsentimenten en maakt vrijzinnigen die vanwege hun overtuiging afstand nemen van bijzonder onderwijs verdacht als hij VVD-fractieleider Klaas Dijkhoff met een ander gewraakte uitspraak omschrijft: ‘We moeten de mensen ontmaskeren die secularisatie uitdragen’. Het kan zijn dat Zwart zich heeft laten meeslepen door het moment, maar gezien zijn opleiding en functie zou hij beter moeten weten.

Zou Zwarts uitspraak geen aanleiding moeten zijn voor het bestuur van de Universiteit Utrecht om hem hierover om uitleg te vragen? Want Zwart sprak op het symposium in Amsterdam als hoogleraar van de Universiteit Utrecht. Als Zwart bij zijn bewering blijft dat de overheid het secularisme als eigen godsdienst propageert, dan verdient het afweging voor het bestuur van de Universiteit Utrecht om afscheid te nemen van Zwart. Iemand met zulke dwaze en radicale gedachten hoort niet thuis op een gerenommeerde universiteit.

Ook het bestuur van het College voor de Rechten van de Mens zou na moeten denken of het zich met dit radicale gedachtegoed wil associëren en het het partnerschap met het Collectief tegen Islamofobie & Discriminatie niet dient te beëindigen. Want hoe valt het te rijmen dat Zwart op een mede door het Collectief georganiseerde symposium de overheid beschuldigt het secularisme als godsdienst te propageren terwijl het College voor de Rechten van de Mens een zelfstandig bestuursorgaan van de Nederlandse rijksoverheid is?

Foto’s 1 en 3: Schermafbeelding van delen van het artikelGeslagen, maar ook strijdbare toon op symposium over islamofobie’ van Bas Soetenhorst in Het Parool, 29 september 2019.

Foto 2: Schermafbeelding van pagina met partners van het Collectief tegen Islamofobie & Discriminatie. Waaronder onder meer de overheidsinstellingen: het College voor de Rechten van de Mens en de Politie.

John Piper verbindt vrouwen en uiterlijkheden met God. En bezegelt het lot van de prediker

leave a comment »

Het aardigste nieuws is nieuws waarin iemand iets zegt dat voor hem of haar een waarheid als een koe is en dat daarom door sympathisanten breed uitgemeten wordt, maar voor anderen het tegengestelde betekent. Neem de Amerikaanse baptistische predikant John Piper die indirect liefdeloosheid gelijkstelt aan secularisme.

Hij heeft recht op zijn mening over vrouwen en uiterlijkheden. Hoewel hij waarschijnlijk niet eens doorheeft dat hij met zijn louter masculiene blik en perspectief dit debat over uiterlijk bij voorbaat vertekent. Maar het bijzondere is dat wat hij zegt helemaal niet exclusief beperkt is tot mensen die zich laten inspireren door religie of een God. Wat John Piper zegt klinkt redelijk, het wordt er pas krampachtig op als hij zijn geloof er aan de haren bijsleept. Maar dat is natuurlijk altijd het probleem van predikers. Ze moeten bij elk onderwerp een geloofwaardige verbinding met hun geloof weten te leggen. Dat lukt niet altijd, zoals Piper hier laat zien.

NB: Het is opmerkelijk dat hartvoorhetgezin dat deze video heeft ondertiteld en waarvan men mag aannemen dat het woord er een belangrijke rol speelt in deze ondertiteling zoveel taalfouten maakt.

Written by George Knight

29 september 2019 at 15:45

Aartsbisschop William Goh geselt vanaf de kansel het secularisme en spreekt zichzelf tegen

leave a comment »

Het is lastig om niet verdrietig te zijn over de woorden van de rooms-katholieke aartsbisschop van Singapore William Goh. Wat voor onzin is er in hemelsnaam in hem gevaren? Ligt hij uit kerkpolitieke redenen onder vuur van conservatieven? Zijn woorden zijn niet alleen in strijd met de aard van het secularisme en de tolerantie jegens andersdenkenden, maar ook met opvattingen over diversiteit en multiculturalisme die Goh eerder naar buiten bracht. Zoals in 2018 in een interview met het Vaticaanse Asia News waarin hij uitlegt hoe secularisme in een staat als Singapore in de praktijk functioneert en de regering ‘die feitelijk seculier is’ niet tegen maar voor religie is. En voegt Goh toe: ‘Our ability to live together peacefully, especially among different religions, is truly a miracle.’ Kortom, secularisme is dé manier om eenheid te promoten, wat Goh in de video ontkent. Dat is het secularisme waarin alle religies en levensovertuigingen gelijkwaardig zijn en onder de garantie van de nationale staat vreedzaam samen kunnen leven. Dat Goh zichzelf vergeet kan hem nog vergeven worden, maar dat hij meent dat katholieken en ‘mensen zonder God’ geen gemeenschappelijke waarden hebben en elkaar niet kunnen vinden is bizar. Met zijn neerbuigende houding jegens andersdenkenden die geen ‘mensen van God’ zijn laat deze rooms-katholieke aartsbisschop zich kennen als iemand die verbinding afwijst.

Written by George Knight

28 september 2019 at 14:43

Is secularisme een politieke filosofie die noodzakelijk leidt tot gematigde politiek?

leave a comment »

Andrew Copson is een Engelse humanist en voorzitter van Humanists International. Hij legt uit wat volgens hem secularisme is en begint zoals gewoonlijk bij dit soort toelichtingen met de uitleg dat secularisme niet gelijkstaat aan atheïsme of humanisme en niet anti-religieus is. Het secularisme is een politieke filosofie die levensovertuigingen en godsdiensten gelijkelijk waardeert en garandeert onder de bescherming van een nationale overheid, wetgeving en werking van de rechtsstaat. Hij meent dat het secularisme een pacificerende invloed heeft en als het niet zou bestaan Europa wellicht nog geteisterd zou worden door religieuze oorlogen.

Copson eindigt als het politiek actueel en prikkelend wordt. Begrijpelijk vanuit zijn positie, maar teleurstellend voor de verdieping van het debat. Is het gevolg van zijn betoog immers niet dat gematigde centrumpolitiek en secularisme op een lijn gezet kunnen worden tegenover politiek, religieus en levensbeschouwelijk radicalisme en identiteitspolitiek die de eigen groep apart zet? Zo bekeken kan het succesvolle secularisme als verwijzing en aanbeveling worden opgevat voor gematigde politiek die niet uitsluit, afzondert of opziet naar iets of iemand en naar alle kanten even kritisch en onbeschroomd kijkt. Zoals in het secularisme ingebakken is.