George Knight

Debat tussen links en rechts

Archive for the ‘Economie’ Category

Classificatie van de complotdenker: accent op individuele vrijheid, dekking op sociale media en carrière in de bovenzinnelijke sector

with 7 comments

Wie snel een beeld wil krijgen van wat complotdenkers voortdrijft volstaat enig inzicht in drie fenomenen: 1) het begrip vrijheid; 2) de macht van de sociale media en 3) de opvolging en verdringing van de macht. Het gaat om de combinatie die duidelijkheid verschaft. Onder complotdenkers waar het hier over gaat worden al degenen verstaan die bewuste afbreuk doen aan het vertrouwen in de overheid. Wat het doel van individuen is om met complotdenken de publiciteit te zoeken te komen kan divers zijn. Dat varieert van de opbouw van een eigen carrière tot het samenwerken met landen of organisaties die de overheid willen destabiliseren.

1. Vrijheid. Hoogleraar moderne politieke geschiedenis Annelien de Dijn legt in een interview van 7 augustus 2020 met NRC uit wat het verschil is tussen de termen ‘negatieve vrijheid’ en ‘positieve vrijheid’. Ze moeten niet moralistisch begrepen worden, ‘positief’ niet al goedkeurend en ‘negatief’ als afkeurend. Deze termen zijn door de Britse filosoof Isaiah Berlin in 1958 gemunt. Interviewer Bart Funnekotter: ‘Positieve vrijheid is de vrijheid om als burgers te bepalen hoe en door wie je bestuurd wordt. Negatieve vrijheid is de vrijheid om te doen wat je wilt en door de overheid met rust te worden gelaten.’ De Dijn schetst de spanning tussen de twee termen: ‘Elke keer als mensen probeerden een maatschappij democratischer te maken – en dus de positieve vrijheid te vergroten – kwamen daartegen conservatieve krachten in het geweer, die het belang van individuele vrijheid benadrukten en waarschuwden voor een tirannie van de meerderheid’. Daarin hebben ze geen ongelijk, maar in de praktijk is oligarchisering van de macht (De Dijn: ‘het naar zich toetrekken van politieke en economische macht door een klein groepje’) een grotere bedreiging voor de vrijheid dan democratisering.

2. Sociale media. Tussenkomst van journalisten die werken volgens voorschriften (Code van Bordeaux) is bij sociale media geen voorwaarde. Behalve uiteraard in het geval dat journalisten zich zelf op sociale media begeven. Het verdient om deze vermenging die tot onduidelijkheid, overspanning en afnemend vertrouwen in de media leidt overweging dat journalisten zich niet langer begeven op platformen als Twitter, Facebook en YouTube die worden gedomineerd door gebruikers die niet volgens de journalistieke code werken. Zie punt 6. van een Gallup/Knight onderzoeksrapport. Journalisten zouden zich moeten beperken tot hun eigen media waarvan het profiel en het niveau beschermd kunnen worden. Dan wordt voor de nieuwsconsument duidelijker dan nu dat degenen op sociale media die zich verschuilen achter de claim van journalistiek vermoedelijk die aanspraak niet waar kunnen maken. Complotdenkers profiteren nu van de vermenging met de journalistiek op sociale media die hun een schaduw van legitimiteit geeft. Het cynisme is dat complotdenkers zich profileren door hun verzet tegen de gevestigde media van wie ze in feite profiteren door hun associatie ermee.

3. Macht. Opvolging en verdringing van functies en posities is van alle tijden. Leden van generaties bevechten elkaar en volgen elkaar op. Wie de macht niet heeft, maar de ambitie om ertoe te behoren zet middelen in om dat te bereiken. Dat heeft te maken met geldingsdrang, het uitstippelen van een carrièrepad en het verbeteren van een startpositie om dichter bij geld, aanzien of een functie te komen. Het is een oorbare koerslijn. Er zijn enkele sectoren die zich onttrekken aan de ‘normale’ maatschappelijke verhoudingen: sport, amusement en niet-reguliere religie of spiritualiteit. Het is geen toeval dat complotdenkers die doorgaans geen passende of zelfs een geheel ontbrekende startkwalificatie voor een maatschappelijke carrière hebben zich begeven op het snijvlak van amusement en niet-reguliere religie of spiritualiteit. Daar gelden andere normen en is onder verwijzing naar het bovenzinnelijke dat niet te toetsen valt het snelst en makkelijkst carrière te maken.

Complotdenkers hebben als axioma dat de burger moet doen wat hij of zij wil en door de overheid met rust gelaten moet worden. Daarbij wordt individuele vrijheid boven de democratisering van de maatschappij gesteld. Complotdenkers hebben als uitingsvorm de sociale media waar ze zich onder dekking van de gevestigde journalistiek kunnen profileren en kunnen tooien met een semi-serieuze, journalistieke bedekking om het proces door te komen. In het verlengde daarvan kunnen complotdenkers doorbreken naar gevestigde media die zich in een positie laten dwingen om ruimte te geven aan complotdenkers die de geloofwaardigheid van de journalistiek ondergraven. Complotdenkers kiezen vanuit de weg van de minste weerstand een carrière in een sector waar de normale maatschappelijke verhoudingen en startkwalificaties het minst zwaar wegen: niet-reguliere religie en spiritualiteit. Bovenzinnelijkheid valt niet te toetsen zodat beweringen altijd kloppen.

Foto: ‘A giant crop circle that apparently appeared out of nowhere has drawn crowds of people to a farmer’s field in Northern France.’ In: EuroWeeklyNews, 12 juli 2020.

Gedachten bij foto ‘nieuw Gulf benzinestation’ in Cadzand-Bad (1966)

with 2 comments

De datering van deze foto van Oscar de Milliano is circa 1966. Tot ongeveer die tijd was Cadzand in West Zeeuws-Vlaanderen de jaarlijkse vakantiebestemming van ons gezin. Er werd een vakantiehuis voor een jaar en later voor een maand gehuurd. Tot de bouw van de Atlantikwall had mijn vader een huisje in de duinen dat omstreeks 1942 onteigend of liever gezegd ingepikt werd door de Duitsers. Nu is Cadzand onder invloed van de Duitse toeristenindustrie compleet van aanzien veranderd. Zoals overal hebben projectontwikkelaars en financiële instellingen er de macht gegrepen. De Duitse cirkel is rond, van Atlantikwall tot Erholungszentrum.

Na de oorlog was Cadzand een boerendorp dat vanwege de goede verdiensten geleidelijk aan toerisme ging doen. Eerst werden het eigen huis verhuurd aan toeristen en sliepen de bewoners tijdens de vakantieperiode elders. Later werd het grootschaliger aangepakt. Zoals overal in Nederland nam sinds midden jaren 1960 de voorspoed toe. Dit Gulf benzinestation in Cadzand is de aangekondigde dood van de vooruitgang. Auto’s en fossiele brandstoffen die nu als probleem worden gezien, waren toen een symbool van moderniteit en vrijheid. Deze auto met een kenteken uit 1964 is er de uiting van. De auto wordt volgetankt door een oudere man in overall en een pet op. De autobezitters kijken naar fotograaf De Milliano. Wat vragen ze zich af?

Foto: Oscar de Milliano, ‘nieuw Gulf benzinestation’ in Cadzand-Bad, circa 1966. Collectie: Beeldbank Zeeland.

Written by George Knight

8 augustus 2020 at 12:25

Misleiding over identiteitspolitiek maakt kapot, nu is de kunst aan de beurt. Een afwijkende mening van Roderick Veelo over codes

with 2 comments

Er bestaat bij opinieleiders onduidelijkheid over de toepassing van de Code Diversiteit & Inclusie die bij de toekenning van overheidssubsidies voor de kunst wordt gehanteerd. Onlangs was dat weer actueel bij de toekenning van de subsidies van het Fonds Podiumkunsten. Dat was toch al een beschamende bedoeling omdat vele positief beoordeelde gezelschappen en groepen geen geld toegekend kregen omdat … dat op was.

RTL-commentator Roderick Veelo is er in het opinie-artikelIdentiteitspolitiek maakt alles kapot, nu zijn de kunsten aan de beurt’ een voorbeeld van. Hoewel zijn onbegrip en foute weergave gespeeld kunnen zijn om een politiek punt te maken. Hoe dan ook lijkt Veelo niet uit te gaan van de realiteit, maar van zijn stokpaardjes over identiteitspolitiek. Het wordt er absurd op als hij verwijst naar de Code Diversiteit & Inclusie (CD&I) en dat reduceert tot ‘verschillen op basis van huidskleur, afkomst en gender’. In welk jaar leeft Veelo?

(Overigens ben ik een criticus van identiteitspolitiek als die gebruikt wordt om te verdelen en niet om te verbinden. Zo’n nieuwe apartheid die maatschappelijke scheidslijnen probeert te verwijderen door die te bevestigen doet niet wat het beweert te doen. Ofschoon ik begrijp dat enige positieve discriminatie nodig is om verschillen weg te werken. Als dat tot nieuwe uitsluiting en hegemonie, zelfs tot nieuw racisme leidt, dan schiet het zijn doel voorbij. De beste manier om deze verdelende identiteitspolitiek te neutraliseren is een combinatie van verbeterde sociaal-economische omstandigheden en verhoogd sociaal-cultureel bewustzijn.)

In theorie is de CD&I breder en vervangt het de oude Code Culturele Diversiteit (CDD). Alle verschillen tussen mensen worden er onder verstaan. Zoals gender, beperking, seksuele oriëntatie, religie, sociaaleconomische status, opleidingsniveau en leeftijd. Men kan zich wel afvragen in hoeverre de beoordelaars bij fondsen die nieuwere CD&I al hebben verinnerlijkt of dat ze nog mentaal aanhaken bij de oudere CDD. Want de CDD is opgegaan in de CD&I, dus door het accent te leggen op de normen van de CDD kan in theorie toch verdedigd worden dat de CD&I wordt gevolgd. Want een oordeel is per definitie subjectief en niet te kwantificeren.

Wegen beoordelaars een subsidieaanvraag die in bereik, productie en organisatie verwijst naar iemand met een handicap even zwaar als een aanvraag die verwijst naar iemand met een niet-witte huidskleur?

De kritiek die de lezing van adviezen oproept is een andere dan die van Veelo, namelijk het sterke accent dat op marketing wordt gelegd. Munitie voor die stelling geven de subhoofdstukken PUBLIEKSFUNCTIE in de MEERJARIGE SUBSIDIES 2021-2024 FONDS PODIUMKUNSTEN. Het is de vraag of in de adviescommissie onder leiding van oud-museumdirecteur Valentijn Byvanck de expertise over marketing goed is vertegenwoordigd. Want de twee ‘zakelijke leiders’ in de commissie, te weten Jessica de Jaeger en Renée Trijselaar zijn nog geen experts op het gebied van marketing en publieksbereik. Hoewel mogelijk deze adviseurs geadviseerd zijn door echte marketingsdeskundigen maken die laatsten niet de afweging. Wie toetst met welke expertise wat?

Dat leidt tot dit soort observaties (Instant Composers Pool): ‘De marketingactiviteiten staan in het plan beschreven als een zeer korte opsomming van acties. De commissie vindt echter geen aanknopingspunten hoe deze acties stapsgewijs tot de gewenste publieksgroei moeten leiden.’ De adviescommissie vindt geen aanknopingspunten. De vraag of dat iets over de ICP of de commissie zegt doet afbreuk aan de adviezen.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelIdentiteitspolitiek maakt alles kapot, nu zijn de kunsten aan de beurt’ van Roderick Veelo op RTL Nieuws, 6 augustus 2020

Queen Opp en Michelle maken parodie van bekeringsvideo: ‘WE AINT MUSLIM NO MORE’

leave a comment »

Sinds een week is er reuring op sociale media over de muziekvideo ‘We ain’t Muslim no more’ van Queen Opp (‘I RUN PHILLY AND IM THE MOST HATED PERSON IN PHILADELPHIA’) en Michelle. Ze zouden nooit moslims zijn geweest, maar net doen alsof ze uit de islam zijn gestapt. Critici vinden dat ze respectloos zijn jegens de islam. Ze storen zich eraan. Queen Opp beroept zich op haar vrijheid van meningsuiting.

Bekeringsvideo’s zijn een apart genre die worden ingegeven door publicitaire, economische en politieke belangen. Soms is het een echt ‘verhaal’, meestal is het fabricatie vanwege het effect. Onderdeel van een industrie. Van moslim naar christen, van christen naar moslim, van moslim naar atheïst, van moslim naar hindoe, van christen naar atheïst, van atheïst naar christen. De mogelijkheden zijn groot. Elk subgenre kent eigen kanalen en belangengroepen. Religie is een lucratieve markt waarop veel geld valt te verdienen. De producenten van Queen Opp en Michelle maken daar handig gebruik van. Door hun groteske overdrijving ondermijnen ze de geloofwaardigheid van de bekeringsvideo. Daarom besteedt dit blog er aandacht aan. 

Kenmerkend is dat de actieve Queen Opp en de apathische Michelle zo gigantisch over de top gaan, dat het er weer aardig op wordt. Zonder talent, maar met durf en brutaliteit weten ze de publiciteit te halen. Hun talent is hun brutaliteit. Hun bekering van de islam naar het christendom is niet alleen nep en immers nog steeds non-nieuws als het echt zou zijn, maar het wordt door hen ook zo geframed dat de indruk niet anders kan zijn dan het nep is. Queen Opp en Michelle zijn met hun producent de ultieme vertegenwoordigers van nep-feitelijkheid tijdens de periode van het Trumpisme. Het is onbeschaamd, narcistisch, gekunsteld, tergend, ijdel en gespeend van elk waarheidsgehalte. Vorm overwoekert de inhoud van individuen die erin verdwijnen.

Foto: Still uit een video op Instagram waarin Queen Opp (links) uitlegt waarom ze zich bekeert van de islam naar het christendom.

Gedachte bij de foto ‘Foto’s verlengen uw vakantie’

with one comment

Foto’s verlengen uw vakantie, zo zegt dit opschrift bij een opstelling van foto- en filmtoestellen in een etalage van een Parijse winkel. Het bijschrift zet een vraagteken bij de plek: ‘magasin Le Printemps, boulevard Haussmann, 9ème arrondissement, Paris’. De datering is ruim: 20ste eeuw. Betaalde vakantie is een verworvenheid die pas in de tweede helft van de jaren 1930 door het Volksfront van Léon Blum ontstond.

Vermoedelijk is er een klapcamera Zeiss Ikon Ikonta 520/15 uit 1933 voor 950 francs te zien. Dat duidt op de late jaren 1930. Deze foto haakt aan bij de politiek en maakt er zijdelings reclame voor. Of de claim dat foto’s de vakantie verlengen klopt valt te bezien. Hoe dan ook helpen ze het bestaan van de winkel verlengen. Zo’n 85 jaar later is het Droste-effect in werking als deze foto naar foto’s verwijst die pronkerig foto’s mogen zijn.

Foto: Anoniem, ‘Les photographies prolongeront vos vacances’, vermoedelijk late jaren 1930. Collectie: Musée Carnavalet, Histoire de Paris.

Gergiev Festival verdient geen steun met Rotterdams subsidiegeld om artistieke, maatschappelijke en politieke redenen

leave a comment »

Het Gergiev Festival dat elk jaar in Rotterdam plaatsvindt wordt in het voortbestaan bedreigd. Het bestaat 25 jaar en dient als platform van de Ossetisch-Russische dirigent Valery Gergiev die verbonden was aan het Rotterdams Philharmonisch Orkest. Het festival kreeg kritiek vanuit de marge. Opvallend was dat het protest op een festival dat is geconstrueerd rond een propagandist van het Kremlin met reactionaire opvattingen over onder meer homorechten zo goed als uitbleef in Rotterdam. Onder meer op dit blog is er herhaaldelijk tegen zowel het festival als dat uitblijvende protest geageerd. De titels van de commentaren gaven mijn weerzin weer: Gergiev Festival is klassieke porno voor bedrijfsleven, overheid en politiek van Rotterdam en Valery Gergiev is een propagandist voor het Kremlin. Maar wordt verafgood in Rotterdam. Tijd voor bewustwording. En protest. Mede naar aanleiding van dit laatste commentaar stelde raadslid Ruud van der Velden van de Rotterdamse Partij voor de Dieren in mei 2016 raadsvragen. In de antwoorden verschool het college zich achter Buitenlandse Zaken. De politieke toondoofheid bleef voortbestaan in het Rotterdamse establishment.

Waar het op neerkomt omschreef ik in een commentaar over de antwoorden van het college in juni 2016: ‘Valery Gergiev is dus meer dan een neutrale musicus die het alleen om zijn kunst te doen is. Wie Gergiev binnenhaalt, haalt ook zijn politieke voorkeuren binnen. Rotterdam biedt ook die een podium en een stempel van goedkeuring. Dat dient het Rotterdamse culturele, economische en politieke establishment terdege te beseffen. Het kan zichzelf wel voor de gek houden door net te doen alsof Gergiev geen propagandistisch uithangbord is voor het regime van president Putin, maar diep in het hart weet het dat hij dat wel is’.

Op de raadsvragen antwoordde het college bij de vragen 6 en 7 onder meer met een verwijzing naar de artistieke kwaliteiten van het festival. Het schip lijkt nu eindelijk de wal te keren. Als een politieke verwijzing naar het propagandistische karakter van Valery Gergiev en zijn festival niet mogelijk is, dan kan dat alleen met andere middelen. In het Cultuurplanadvies 2021-2024 van juni 2020 oordeelde de Rotterdamse Raad voor Kunst en Cultuur (RRKC) negatief over het Gergiev Festival: ‘Het vierdaags festival speelt zich grotendeels af in de Doelen, maar heeft volgens de Raad verder nauwelijks inbedding in de stad. De formule van het festival is volgens de Raad uitgekristalliseerd. Door de beperkte innovatie blijft het een traditioneel festival dat nauwelijks nieuwe doelgroepen weet te bereiken.’ De RRKC adviseert de Rotterdamse gemeenteraad om het festival vanwege gebrekkige inbedding en het gebrek aan artistieke vernieuwing niet langer subsidie te geven.

Feit dat de petitie pas na ruim vijf weken na verschijning van het Cultuurplanadvies van de RRKC verschijnt is de bevestiging van de slechte inbedding van het Gergiev Festival. Het onderstreept het gelijk van de motivatie van de RRKC. Hoe anders was dat bij het eveneens negatieve advies over Museum Rotterdam waar gelijk een publieksactie op gang kwam. Het Gergiev Festival staat op zichzelf. Het staat zich er in de marketing op voor relaties een internationaal podium met een eigentijds aanbod van netwerkmogelijkheden te bieden en wordt vanuit de Rotterdamse economische elite gesteund. Het heeft Rotterdams gemeenschapsgeld niet nodig. Al is het vijf jaar te laat, toch kan hiermee de Rotterdamse politiek eindelijk zonder zelf vuile handen te maken afstand nemen van een festival dat een propagandist van het Kremlin met bedenkelijke opvattingen onverdiend in het zonnetje zet. Politiek en artistiek voldoet het Rotterdam Philharmonic Gergiev Festival niet.

Foto 1: Schermafbeelding van deel petitieRed het Gergiev Festival’ op petities.nl, 27 juli 2020. NB: Petitionaris Gea Plantinga is Manager Gergiev Festival van het Rotterdams Philharmonisch Orkest.

Foto 2: Schermafbeelding van deel antwoorden op raadsvragen over het Gergiev Festival van Ruud van der Velden (PvdD). In eigen commentaar van 22 juni 2016.

Foto 3: Schermafbeelding van de samenvatting van het advies van de RRKC over het Gergiev Festival, juni 2020.  In: Cultuurplanadvies 2021-2024.

De Lydia ligt op het strand van Port Barcarès

leave a comment »

Een pakketboot moet niet als toeristenattractie eindigen op het strand. Ontdaan van haar vroegere grandeur en kracht. Dat is heiligschennis. Een pakketboot die zichzelf overleefd heeft moet vergaan in een vliegende storm, nadat de passagiers en bemanning na een uiterste inspanning van de reddingsbrigade van boord zijn gehaald. Het overkwam de in 1930 in Denemarken gebouwde ‘Moonta’. Na een interessant leven in Australië en de Middellandse Zee eindigde het als de ‘Lydia‘ op het strand van Port Barcarès, in het Franse departement Pyrénées Orientales net boven de Spaanse grens. De VVV van Port Barcarès noemt in een overzicht de ‘Lydia‘ ‘de Eiffeltoren in het mediterrane landschap’. Toe maar, Franse fonctionnaires zitten nooit om een groteske vergelijking verlegen. Deze tekst bevat overigens onnavolgbaar Nederlands, zoals: ‘Dit volstrekt onredelijk project krijgt gestalte maar blijft te concretiseren’. Dat is precies wat het is: ‘een volstrekt onredelijk project’.

Foto: ‘Quand le Lydia n’était pas encore le paquebot des sables du Barcarès’ (Toen de Lydia nog niet de pakketboot op het strand (of: in het zand) van Barcarès was). In: L’Indépendant, 20 augustus 2013.

Written by George Knight

1 augustus 2020 at 13:00

Pleidooi voor inzet van kunstenaars bij een sociaal en economisch hervormingsprogramma van de overheid

leave a comment »

Velen stellen dat er somberte en uitzichtloosheid als nooit tevoren heerst. Het klimaat, de economie, de politiek en de sociale vrede staan onder druk. Wetenschap en kunst worden in het verdomhoekje geplaatst en nog weinig gegund. Sociale opgang is gestopt, kinderen krijgen het eerder slechter dan beter dan hun ouders. Boomers wordt verweten op het hoogtepunt van de welvaart gepiekt te hebben en zich niet bekommerd te hebben om de toekomst. Door de COVID-19 pandemie wordt de neergang versneld. Of op z’n best: het proces van stilstand gecontinueerd. Nu de economie door de succesvolle bestrijding van de pandemie weer aarzelend op gang komt blijkt dat er fundamenteel niets verandert en zoals bij elke restauratie de gevestigde belangen in de steunprogramma’s voorgaan omdat ze de kortste en snelste contacten naar de macht hebben. De economie wordt niet verduurzaamd, de besluitvorming niet verbreed en een nieuwe start niet overwogen.

Toch gaat het de Nederlanders nog steeds redelijk goed. Beter dan voorheen. Maar in de opinie wordt het tegenovergestelde beeld gevormd. In de echokamers van de sociale media praten mensen zonder de feiten te kennen elkaar hun pessimisme na. Hoe kan dat beeld doorbroken worden? Daartoe moeten we teruggaan naar een andere tijd van neergang in de recente geschiedenis: de crisisjaren 1930 als gevolg van de beurskrach van 1929. Hoewel nu uiteraard de omstandigheden totaal anders zijn. Het gaat om de aanpak van beklemming die transformeert in verlamming en het bieden van hoop. Is de mens niet zijn of haar eigen ergste vijand?

Het voorbeeld is de New Deal van president Roosevelt. Vanaf 1932 werd een omvangrijk economisch en sociaal hervormingsprogramma opgezet om de gevolgen van de crisis te dempen. De overheid heeft daarbij een sturende, coördinerende en motiverende rol. Vertaald naar onze tijd houdt dat in dat de verzorgingsstaat die sinds de jaren 1980 langzaam uitgekleed is, weer wordt aangekleed. Zodat de extremisten die hierdoor wind in de zeilen hebben gekregen omdat ze mensen die buiten de boot zijn gevallen voor zich hebben weten te winnen geen rugwind meer hebben. Nu de overheid als gevolg van de pandemie toch tientallen miljarden euro’s in de economie pompt, is het een gemiste kans om in het herstel de pre-corona tekortkomingen niet te willen corrigeren. Het is merkwaardig hoe weinig kritiek op de behoudsgezinde restauratie klinkt. Ook die beperkte blik is vermoedelijk een gevolg van dat pessimisme dat bijna iedereen in de greep heeft.

Het geloof in een betere toekomst moet dus doorbreken. Ook bij progressief Nederland. Of liever gezegd, door de overheid moet met een hervormingsprogramma dat beeld worden gevestigd. Nog sterker gezegd, dat beeld moet door herhaling geforceerd worden. Voor de praktische politiek is het gewenst dat partijen als de PvdA en GroenLinks meedoen om hun achterban mee te krijgen. VVD en CDA kunnen dan hun achterban die sterker verankerd is in de gevestigde macht proberen mee te krijgen. De flexibele Mark Rutte kan hieraan leiding geven op de voorwaarde dat hij zich niet langer opstelt als verlengde van de werkgeverslobby. Samen met de centristische D66 kan dan een vijfpartijenkabinet worden gevormd. Essentieel is dat partijen de gevestigde belangen niet blindelings volgen, de pragmatiek vooropzetten en het experiment niet schuwen.

Om de bevolking ervan te overtuigen dat er een nieuwe fase in de geschiedenis van Nederland is aangebroken en ze hun pessimisme achter zich kunnen laten moet er met overheidsprogramma’s extra aandacht worden gegeven aan de publieke opinie. Daarbij kunnen kunstenaars, ontwerpers en filmers een rol spelen. Het beeld is hun vakgebied. In de jaren 1930 kende de VS de WPA (Work Projects Administration) waarvan het Federal Art Project een belangrijk onderdeel was. Opzet daarvan was om de kunst met een hulpprogramma te steunen en kunstenaars kunst te laten maken die de bevolking bereikte. Bovenstaand affiche is daar een voorbeeld van. Uiteraard zullen kunstenaars nu andere, minder statische middelen inzetten, zoals nieuwe media.

De culturele sector ging het in het post-Zijlstra (2011) tijdperk al slecht en heeft door de COVID-19 pandemie verder aan terrein verloren. Het perspectief van de kunstenaars is slecht. Opdrachten zijn weggevallen. De overheid kan de rol van opdrachtgever op zich nemen. De huidige steunprogramma’s van de overheid voor de kunst zijn bescheiden en daarnaast komt het leeuwendeel van de steun bij gevestigde instellingen terecht.

Met een overheidsprogramma voor kunst, ontwerpers en filmers dat wordt gecoördineerd door een apart bestuurlijk orgaan, dat op afstand staat van de regering en eigen budget en bestuurlijke verantwoordelijkheid heeft, snijdt het mes aan vele kanten: 1) kunstenaars worden door financiële steun uit de brand geholpen; 2) door experimenten toe te laten in het programma hoeven kunstenaars niet gezien te worden als ‘simpele’ uitvoerders van de overheid; 3) hun vakmanschap kan dienen om met een waaier van creatieve uitingen de publieke opinie te helpen overtuigen dat de overheid zichtbaar werkt aan een hervormingsprogramma; 4) overheid en politieke partijen kunnen door het tonen van hun goede wil de vertrouwensbreuk met de kunstsector lijmen die door hun neerbuigende en terughoudende houding in de afgelopen tien jaar gegroeid is; 5) in het verlengde daarvan kan de neerbuigende houding bij delen van het publiek over de ‘overbodige’ kunst bestreden worden door deelname van kunstenaars aan het hervormingsprogramma; 6) door inzet van kunstenaars kan het begrip voor en het inzicht van politici op de functie van kunst verbeterd worden.

Foto: ‘Moments with genius Written by the Illinois Writers Project : presented by the Museum of Science & Industry / / D.S.’, 1936-1941. Collectie: Library of Congress.

Landschapsproject Zeeuws-Vlaanderen als voorbeeld van vertrutting en betutteling. Wat is hier nou echt het probleem?

with 2 comments

Provincie Zeeland zette afgelopen weken vier filmpjes op haar YouTube-kanaal waarvan dit er een is. Ze gaan over Zeeuws-Vlaanderen en zijn gemaakt in opdracht van wat in goed Zeeuws de ‘Economic Board Zeeland’ (EBZ) heet. Dat vervult volgens nota 2020D29562 ‘een prominente rol als verbinder van publieke en private samenwerkingspartners en zorgt voor een heldere focus van de aanpak’. De EBZ is geen rechtspersoon, maar heeft ‘een centrale functie als aanjager en coördinator van de uitvoering van de Regio Deal Zeeuws-Vlaanderen ‘Zeeuwen zelf aan zet’. Een Regio Deal kan opgevat worden als ‘een duurzaam partnerschap om de opgave die in de regio speelt gezamenlijk aan te pakken’. De suggestie die het probeert te wekken is dat de bewoners van deze regio inspraak hebben en over hun eigen leefomgeving kunnen beslissen.

De werkelijkheid is anders. Zeeuws-Vlaanderen is een krimpgebied en kampt met problemen van leegloop. De nota merkt op dat voorzieningen uit de regio verdwenen zijn. Door grensoverschrijdende samenwerking met de provincie Oost-Vlaanderen en de stad Gent heeft de regio ook potentie. Een opvallende passage in de nota luidt: ‘De woningvoorraad sluit niet aan op de vraag en het landschap is nu slecht toegankelijk’.

Wat een slecht toegankelijk landschap logischerwijze betekent wordt niet uitgelegd. En slecht toegankelijk voor wie? De toevoeging ‘nu slecht toegankelijk’ geeft aan dat de toegankelijkheid van het landschap focus voor de EBZ en de Regio Deal is. Of de toegankelijkheid van het Zeeuws-Vlaamse landschap nou werkelijk een groot probleem is en of de bewoners op een overheidsprogramma zitten te wachten dat ingrepen doet in een historisch landschap is de vraag. Het lijkt eerder te gaan om politiek laaghangend fruit dat geplukt wordt. Door enkele simpele, maar hoogst zichtbare ingrepen kan zo een idee van daadkracht worden gesuggereerd.

Het beeld dat resteert uit de video is er een van vertrutting en bevoogding. Alsof Zeeuws-Vlaanderen moet veranderen in een landschapspark, terwijl de ongepolijstheid en ruwheid ervan juist de kwaliteiten zijn.

Tekenend is dat er geen Zeeuws bureau wordt ingehuurd, maar architect Ro Koster van RO&AD Architecten dat in het Brabantse Bergen op Zoom is gevestigd. Zijn claim is hooghartig dat zijn programma nodig is om de uniciteit en kwaliteit van deze streek te gaan voelen. Alsof de bewoners eeuwenlang de waarde van hun streek miskend hebben en ze er een buitenstaander als Ro Koster met zijn programma voor nodig hebben om te voelen wat de waarde van hun geboortegrond is. Is Koster onnozel of doet hij met zijn prietpraat net alsof hij dat is om zijn opdrachtgever te plezieren? Of dit ‘Grenspark Scheldekust’ moet dienen ter compensatie van de door de regering en de onder druk van de economische macht van de haven van Antwerpen en de Belgische regering verdwenen Hedwige polder is de vraag die in deze video hardnekkig op de achtergrond blijft zeuren.

Er moet een masterplan komen voor de museumsector als geheel

leave a comment »

Het is ernstig dat een op de vier musea in het voortbestaan bedreigd wordt. Maar misschien minder ernstig dan het lijkt.

Musea zijn (hoe kan het anders) een symptoom van de dolgedraaide consumptiemaatschappij geworden. Het is het afgelopen decennium hard gegaan met bezoekcijfers, marketing en popularisering. Net zoals de horeca, de reis- en evenementenbranche die niet organisch zijn gegroeid.

Dat heeft tot ongewenste effecten geleid. Die kunnen nu in het kielzog van COVID-19 gecorrigeerd worden. Het is een cliché, maar deze crisis biedt kansen om het museumbestand op te schonen. Door het kaf van het koren te scheiden. Sommige musea worden slecht geleid. Dat kan in een sector waar de lat laag ligt.

Daarbij lijkt er in Nederland een overschot aan musea te zijn. Zeg een surplus van 15%. Het moet niet als taboe ervaren worden om een museum te sluiten of daar zelfs maar een debat over te beginnen.

Hoofdzaak is wel dat de waardevolle en interessante musea worden gesteund en blijven bestaan. Het geld om musea te redden is beperkt zodat het niet besteed dient te worden aan musea die niet vitaal en essentieel zijn. Daarom moet er een keuze gemaakt worden waarbij de Nederlandse museumsector als integraal wordt beschouwd. Dat is echter lastig vanwege het regionale en lokale accent dat de afgelopen jaren door beleid van politieke partijen en commissies is versterkt.

Probleem voor de Museumvereniging is dat het geen voorkeur kan uitspreken omdat het als belangenbehartiger logischerwijze op moet komen voor de museumsector als geheel. Zodat het ook geen onderscheid kan maken tussen musea en aanbevelingen kan doen over het voortbestaan van incidente musea. Zo ontstaat een probleem van het probleem.

Wat is de instantie die objectief van een afstand kijkt welke musea wel of niet de moeite waard zijn om gered te worden en daar advies aan de overheden aan geeft? Is hier een rol voor de Raad voor Cultuur weggelegd?

Foto: Schermafbeelding van deel artikelEen op de vier musea in voortbestaan bedreigd’ van NOS, 23 juli 2020.

%d bloggers liken dit: