Antwoord aan Tommy Wieringa: Duitse kunst wordt tot courtisane van de politiek gemaakt. Dat is geen voorbeeld voor Nederland

Mijn reactie op de FB-pagina van NRC bij de columnDe wereld van gisteren’ van Tommy Wieringa in NRC, 28 augustus 2020:

Wieringa laat zich misleiden door zich blind te staren op de Duitse cultuurpolitiek. Het is een verkeerd begrepen onderwerp dat Nederlandse opinieleiders telkens weer als tegenvoorbeeld hanteren. Wieringa kijkt selectief, hoewel hij uiteraard gelijk heeft dat het misnoegen van de complete Nederlandse politiek én de samenleving voor de kunst immens is. Dat verdient kritiek. Maar laat hem dat zeggen en het daar bij laten. Het is ongelukkig om dat reliëf te willen geven door de vergelijking met de Duitse cultuurpolitiek. Die wordt door het Nederlandse voorbeeld dat afkeuring verdient nog niet witgewassen.

Het kunstbeleid van zowel kanselier Merkel als de regionale Duitse politiek is behoudend en vooral gericht op het ondersteunen van gevestigde culturele instellingen. Merkel pleit uitsluitend voor steun die in lijn is met het overheidsbeleid. Zo maakt ze kunst ondergeschikt aan haar politieke doelen. Hoe royaal ze dat ook doet, het staat haaks op het ondersteunen van het experiment of de tegendraadsheid van de kunst. Merkel zet met haar steun in op het verder Salonfähig maken van de kunst.

Men zou zelfs de stelling kunnen verdedigen dat het beleid van Merkel de kunst meer beschadigt dan wat premier Rutte nalaat. Het is als een pianoleerling die zich door zelfstudie een verkeerde vingerzetting heeft aangeleerd. Dat is een slechtere uitgangspositie om een succesvolle pianist te worden dan iemand die nieuw moet beginnen. In Duitsland heeft zich een establishmentkunst gevestigd die slechts in enclaves in grote steden concurrentie krijgt van initiatieven van de kunstenaars zelf. Getalsmatig vertaald gaat dat om de establishment cultuurpolitiek van SPD en CDU/CSU tegenover de Groenen die uitgaan van de kunst en de kunstenaars.

Het gaat dus om de vrijheid van de kunst, of nog liever gezegd om de vraag wat de functie van kunst is. Of nog anders geformuleerd, kan kunst die getemd, gepamperd en ondergeschikt is gemaakt aan doelen van politieke partijen nog kunst genoemd worden? Of is die ‘kunst’ verworden tot een circusact van een paard dat eindeloos door de piste mag draven onder applaus van de politiek die zich ervoor zelfgenoegzaam op de borst klopt?

Wieringa doet er verstandig om een doorstart in zijn denken te maken over de Duitse cultuurpolitiek. Hij heeft uiteraard gelijk wat de aftandse stand van de Nederlandse cultuurpolitiek betreft. Hoofdfiguren als premier Mark Rutte, minister Eric ‘kunst is een hobby’ Wiebes en minister Ingrid van Engelshoven kunnen hun weerzin tegen de kunstsector niet verbergen. Op lokaal niveau tonen cultuurwethouders juist ongegeneerd hun weerzin door zich af te zetten tegen de kunst. In 2017 zei de Alphense cultuurwethouder Kees van Velzen (CDA) over een kunstwerk in de publieke ruimte dat hij het ‘foeilelijk’ vond en wilde vervangen door een werk dat ‘meer uitstraling en betekenis heeft voor de identiteit van de gemeente’. Dat is de kern waar het om gaat. Merkel wil de kunst inzetten voor de identiteit van Duitsland. Maar zijn we het er niet over eens dat kunst zich niet tot een lover boy of in het Duitse geval tot een deftige courtisane van de politiek moet laten maken?

Foto: Schermafbeelding van deel columnDe wereld van gisteren’ van Tommy Wieringa in NRC, 28 augustus 2020

Gedachte bij de foto ‘Portrait of Jean Goldkette, William P. Gottlieb’s office, New York, N.Y., ca. June 1947’. Mystificatie als mentaliteit

Wat is er bijzonder aan deze foto uit 1947 van Jean Goldkette door de befaamde Amerikaanse jazzfotograaf William P. Gottlieb in diens kantoor? Goldkette claimde Fransman te zijn, hoewel hij wellicht eerder een Griek, Rus, Deen of nomadische Roma was. Of de waarheid daarover nog te achterhalen valt is de vraag. Hij werd in de VS bandleider zonder bandleider te zijn. Als een Trump avant la lettre huurde hij een capabele staf in en zette er zijn naam op. Marketing dus. Hoe dan ook is Goldkette bekend voor de opnames rond 1926 met één van de grootste witte jazzmusici, kornettist Bix Beiderbecke. Hoewel dat niet Bixs beste opnamen zijn. De mystificering over zijn achtergrond waar landsgrenzen niks betekenden strekte zich uit tot dezelfde soort flexibiliteit, om niet te zeggen elasticiteit in zijn beroepsleven. Jean Goldkette was dan weer boekingsagent, pianist, componist of bandleider. Is de man op de foto op zijn qui vive omdat hij meer te verbergen dan te zeggen heeft? Zelfs op die vraag moeten we het antwoord schuldig blijven. Dat versterkt het raadsel extra.

Foto: William P. Gottlieb, ‘Portrait of Jean Goldkette, William P. Gottlieb’s office, New York, N.Y., ca. June 1947. Collectie: William P. Gottlieb Collection van het Library of Congress.

Klaus-Dieter Lehmann: ‘Kunst moet vrij zijn’. Hoe verhoudt zich dat tot de eis van diversiteit die overheden aan de kunstsector stellen?

Klaus-Dieter Lehmann is president van het Duitse culturele Goethe Institut. Hij houdt een toespraak bij de aankondiging van de uitreiking van de jaarlijkse Goethe-Medailles op 28 augustus 2020 aan Zukiswa Wanner, Elvira Espejo Ayca en Ian McEwan. Ze worden namens de Duitse staat uitgereikt. Het motto van 2020 is ‘Verdraag tegenspraak – de opbrengst van tegenspraak’ (Widerspruch ertragen – der Ertrag des Widerspruchs).

Het Goethe Institut geeft een toelichting over de toekenning en de laureaten. Lehmann ziet de coronacrisis meer dan een virologisch probleem als hij zegt: ‘Het verandert samenlevingen door wederzijds isolement, desinformatie en tegenstrijdigheden. We willen deze ontwikkeling trotseren en niet afzien van de uitreiking van de Goethe-medaille. We versterken wat hen verbindt met een grensoverschrijdend digitaal netwerk van cultuur en zullen zo nieuwe alternatieven en processen krijgen als gevolg van de tegenstrijdigheid.’

Interessant is dat Lehmann stelt dat kunst vrij moet zijn en niet onderworpen aan externe beperkingen. Wie die lijn doortrekt stuit echter op een tamelijk nieuwe tegenstelling. Want de politiek of cultuurfondsen die van overheidsgeld afhankelijk zijn leggen tegenwoordig kunstinstellingen normen op over diversiteit en inclusie. Weliswaar formeel vrijblijvend, maar praktisch gedwongen gezien de economische afhankelijkheid van de kunstsector van overheidssubsidies. Zonder dat hij dat ondubbelzinnig zegt, kan uit Lehmanns woorden afgeleid worden dat de eis van diversiteit een ongewenste externe beperking van de kunst vormt. Dat is de tegenstrijdigheid waar hij omheen praat. Zoals alle hedendaagse beleidsmakers zich over deze eisen aan de kunstsector van de domme houden omdat ze beseffen dat eisen over diversiteit en inclusie afbreuk doen aan de vrijheid van de kunst. De eisen vergroten zelfs de grip van de overheid op de kunstsector. Kunstenaars hebben daar kritiek op, maar zijn machteloos om zich ertegen te verzetten omdat ze afhankelijk van overheidssubsidies kunnen zijn. Dat terwijl Lehmann een pleidooi voor diversiteit houdt en dat tot uiting komt in de toekenning aan drie ‘tegensprekende’ kunstenaars uit drie continenten. Hoe dan ook houdt Lehmannn een mooi humanistisch verhaal dat de noodzaak van kunst benadrukt. Met tegenstrijdigheden en tegenspraak.

Charlie Parker werd 100 jaar geleden geboren. WKCR doet verslag

Op 29 augustus 2020 is het 100 jaar geleden dat altsaxofonist Charlie Parker (1920-1955) in Kansas City werd geboren. Hij is met Louis Armstrong en John Coltrane een vernieuwer van de jazz. Dé specialist op het gebied van Parker en tijdgenoten is de Amerikaanse programmamaker, jazzhistoricus en producer Phil Schaap die op studentenzender WKCR van Columbia University in New York door de week het programma Bird Flight presenteert. Jammergenoeg is de 69-jarige Schaap niet meer in optimale gezondheid zodat steeds vaker noodgedwongen ingeblikte uitzendingen worden uitgezonden. De bijnaam van Parker was Bird of Yardbird.

WKCR zendt veel jazz en klassieke muziek uit, bij voorkeur op een analyserende, thematische wijze. De zender die het moet hebben van donaties en gerund wordt door onbetaalde vrijwilligers verkeert altijd in financiële en technische problemen. Terugkerend zijn de jaarlijkse bedelacties om de kas te spekken. Op zijn eigen homepage zijn sommige programma’s over Charlie Parker van Schaap terug te beluisteren.

Maar het is een voorrecht om WKCR via internet te kunnen beluisteren. Het biedt diepte en kwaliteit die in het Nederlandse omroepbestel onbekend is. In Nederland is er de zender NPO Radio 2 Soul & Jazz die echter onverteerbaar is door de herverkaveling in formats, de popularisering, de verheerlijking van de discjockeys en niet het accent op de muziek, het gebrek aan profiel, diepte en deskundigheid. Tekenend is dat de zender geen speciale ruimte inruimt voor Parker vanwege de centennial. De clichématige onzin in een biografie over Parker is veelzeggend: ‘Vanaf 1950 zet de aftakeling in. Hoewel hij bij tijd en wijle nog steeds briljante optredens geeft, begint het drugsgebruik steeds meer zijn tol te eisen.’ Wie Parkers discografie (bijvoorbeeld Jepsen of Piet Koster) kent weet dat hij na 1950 aanhoudend iconische muziek heeft gemaakt, zoals de Afro-Cuban Jazz Suite in december 1950. Het is de bijzondere  top in dit genre. De samenwerking met klassieke musici in de Parker with Strings-opnames maakte Parker begin jaren 1950 tot een van de meest populaire musici van de populaire muziek vergelijkbaar met Elvis een kleine 10 jaar en The Beatles 15 jaar later.

In een commentaar van maart 2016 schreef ik: ‘Na de inkrimping en het bewust om zeep helpen om interne omroeppolitieke redenen in 2006 van de Nederlandse Concertzender en de infantilisering van Radio 4 is Klara nog de enige nationale culturele zender van niveau in het Nederlandse taalgebied die het beluisteren waard is.’ Want de zenders die het naar vergelijking het beste doen zijn Klara van de Vlaamse publieke omroep en de vrijwilligerszender Concertzender die tegenwoordig aan de Utrechtse Ganzenmarkt is gevestigd maar weinig middelen heeft ondanks de steun van sponsors en partners. Beide zenders besteden op 29 augustus in hun programmering aandacht aan Parker. Voor Nederland geldt dat de les is dat zenders als Concertzender en WKCR die door donateurs en vrijwilligers in de lucht worden gehouden niet alleen meer kwaliteit en diepte bieden dan de Nederlandse publieke omroep, maar dat ook doen zonder gemeenschapsgeld. Is dat niet bizar?

Foto’s: Schermafbeelding van het ‘CHARLIE PARKER CENTENNIAL FESTIVAL!’ op WKCR, 28 augustus 2020.

Hoever kan Michael van der Galien (DDS) gaan met het vertekenen van de waarheid en het creëren van zijn fantasiewereld over de VS?

Mijn reactie bij het artikelBizar! CNN-verslaggever staat voor brandende stad maar roept: ‘Vreedzame demonstraties!’’ van 27 augustus 2020 van De Dagelijkse Standaard-hoofdredacteur Michael van der Galien:

Er staan zoveel onjuistheden in dit stukje van Michael van der Galien dat het geen toeval is. Hij moet eens serieus zijn huiswerk gaan maken of anders ’sprookje’ boven zijn stukken zetten. Dan is het duidelijk dat het fantasie is wat hij opschrijft. Nu zullen sommigen dat niet doorhebben.

Als er een politieagent wordt neergeschoten, dan is het de vraag door wie dat is gebeurd. In Oakland werd in mei tijdens de protesten een agent neergeschoten door luchtmachtsergeant Steven Carrillo. Hij is geen lid van het zogenaamde Antifa of BLM, maar een lid van de rechts-extremistische tak van Boogaloo. Hij kwam naar de stad om agenten neer te schieten, zo wees onderzoek van de FBI uit.

In Kenosha, Wisconsin heeft de 17-jarige witte Kyle Ritterhouse afgelopen week twee mensen gedood tijdens protesten. Hij maakte het witte suprematie-teken en was deel van een gewapende militie. Hij zei de politie te willen helpen met het handhaven van de orde, maar onduidelijk is welk ander doel dan provocatie en het ophitsen van mensen tegen elkaar de moord op twee mensen dient. De ouders van de in de rug geschoten Afro-Amerikaanse Jacob Blake hadden demonstranten verzocht om terughoudend te zijn en wat hun zoon was overkomen niet te gebruiken als reden voor straatgeweld.

De beschuldiging van de activistische journalist Andy Ngo dat Jacob Blake een crimineel is kan niet onafhankelijk bevestigd worden. Ngo is een conservatief die werkt voor het Canadees conservatieve nieuwsmedium The Post Millennial. Hij wordt ervan beschuldigd een rechtse provocateur te zijn die het er om te doen om demonstranten in een kwaad daglicht te zetten. Zijn werk gaat uit van zijn individuele ervaring en niet van de feiten. Zijn bevindingen moeten dan ook met een korreltje zout genomen worden. Zeker in het geval dat ze niet onafhankelijk bevestigd kunnen worden zoals in Kenosha. Ngo fantaseert zijn eigen werkelijkheid over Jacob Blake, BLM en het zogenaamde antifa bij elkaar. Ngo kijkt selectief en heeft een blinde vlek voor het optreden van rechts-extremistische, witte milities die hij niet ziet. Mogelijk speelt zijn achtergrond als Vietnamees-Amerikaanse homo daarbij een rol en wordt zijn activistische journalistiek door projectie en wensdenken vermengd met zijn wil tot acceptatie van een specifiek beeld van mannelijkheid.

Afgelopen dinsdag gaf president Trump in een tweet CNN een compliment omdat het de eerste dag van de Republikeinse conventie bijna in zijn geheel had uitgezonden, terwijl Fox News was afgehaakt: ‘Very appreciative that @CNN covered the vast majority of the Republican Convention last night. That was really good for CNN, while at the same time being good for our Country. Thank you!’. Zo zit buiten de fantasiewereld van Van der Galien de werkelijkheid in elkaar: het ‘linkse’ CNN zendt de Republikeinse conventie uit en krijgt een compliment van Trump, terwijl het ‘rechtse’ Fox News die conventie grotendeels aan zich voorbij laat gaan en steeds meer kritiek krijgt van Trump. De president richt zich steeds meer op OAN (One American News Network) dat hij naar zijn hand kan zetten en de Trump-cult beter volgt dan Fox waarvan steeds meer journalisten ongelukkig zijn met het feit om spreekbuis van een specifieke politicus te zijn.

Zeker zijn er protesten in Amerikaanse steden die uit de hand lopen. Maar het is niet in alle gevallen duidelijk wie daarvoor verantwoordelijk zijn. In elk geval niet de vreedzame demonstranten die protesteren tegen sociale ongelijkheid, antiracisme en het militaristische optreden van bepaalde politiekorpsen. Soms zijn het relschoppers of criminelen die vooral ’s avonds laat en ’s nachts de onrust aangrijpen om te plunderen. Maar ze zijn apolitiek en hebben niets met BLM of links-radicalisme te maken. Soms zijn het witte provocateurs of rechts-extremistische milities die zich uiteindelijk tegen de overheid keren en een contrarevolutie op gang willen brengen door het zaaien van chaos en waanzin. Probleem is dat Trump de FBI praktisch onder curatele heeft gesteld zodat het onderzoek naar de criminelen, witte milities en links-radicalen gepolitiseerd is en op dit moment geen onafhankelijk onderzoek naar de oorzaak van het ontstaan van de rellen in steden naar buiten kan worden gebracht.

Het impressionistische aanstippen van Van der Galien die zich op onbetrouwbare bronnen baseert valt op te vatten als rechts-radicaal activisme. Het is er hem om te doen om op te hitsen en een vertekend beeld van de werkelijkheid te creëren  Hij is niet op zoek naar de feiten, maar stelt zich tevreden met de vertekening van de waarheid die binnen zijn politieke retoriek past. Hij kopieert dat van internet en plaatst dat door op DDS. Opgevat als amusement is dat vermakelijk en in zekere zin ook belangrijk omdat hij hiermee opereert als barometer van maatschappelijk ongenoegen. Hoever hij kan gaan in het navolgen van de vertekeningen en leugens is de vraag waarvoor Van der Galien staat. Met het oprekken van de waarheid creëert hij steeds meer zijn eigen absurde schijnwereld. Dat is groots theater. Maar de vraag is uiteindelijk wie dat betaalt als de adverteerders het te bont vinden worden en de abonnees aangeven echt geïnformeerd te willen worden.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelBizar! CNN-verslaggever staat voor brandende stad maar roept: ‘Vreedzame demonstraties!’’ van Michael van der Galien op DDS, 27 augustus 2020.

Onevenwichtig artikel van Petersen en Krijger over Trump, Biden en het buitenlandbeleid van de VS. Waarom plaatst NRC het?

De Amerikanisten Koen Petersen en Alex Krijger menen in een opinie-artikel in NRC van 24 augustus 2020 dat het buitenlandbeleid van een eventuele president Joe Biden alleen in toon anders zal zijn dan dat van de huidige president Trump. De titel gaat nog een stapje verder en zegt ‘Joe Biden verandert het buitenlands beleid van de VS niet’. Dat wil dus zeggen dat er onder Biden niets anders wordt. Dat is al meteen in tegenspraak met de intro die dus zegt dat alleen de toon anders wordt. Er is iets vreemds aan de hand met dit artikel dat inhoudelijk selectief shopt in de feiten en dat redactioneel afbindt met een tegenstrijdigheid.

Het is uitstekend om een prikkelende stelling te poneren over het verschil in de buitenlandse politiek van president Trump en vice-president Biden. Dat biedt de kans om uitleg te geven en een punt te maken. Maar dat doen Petersen en Krijger onvoldoende. Ze gaan namelijk grotendeels in op de overeenkomsten tussen Trump en Biden en vegen de verschillen opzichtig onder het tapijt. Ze laten zich kennen als relativisten die willen benadrukken dat Europa het initiatief moet nemen door voor zichzelf op te komen. Maar daarmee gaan ze voorbij aan de inhoudelijk verschillen die er wel degelijk bestaan tussen beide presidentskandidaten.

Onmiskenbaar heeft de VS de draai naar Azië gemaakt en is Europa minder belangrijk geworden. De VS ziet China in economisch, politiek en militair oogpunt als de grootste bedreiging. Dat idee wordt in de Amerikaanse Senaat door beide partijen gedeeld. Het is ook onmiskenbaar dat de VS de buitenlandse politiek heeft geëconomiseerd, zoals overigens de complete politiek van liberale democratieën is geëconomiseerd. En ook Biden zal als president van Europese bondgenoten meer financiële inspanning verwachten voor wat de NAVO betreft. Voorzover de overeenkomsten en de continuïteit in de buitenlandse politiek van de VS.

Maar de verschillen tussen Trump en Biden zijn aanzienlijk. Petersen en Krijger zeggen dat Trump een stevig beleid voert jegens de Russische Federatie. Dat is onjuist en mist nuancering. Wie zich de persconferentie in Helsinki in 2018 na de top tussen Trump en de Russische president Putin in herinnering haalt waarin Trump zijn inlichtingendiensten afviel en Putin op zijn woord zei te geloven dat het Kremlin zich niet had gemengd in de campagne voor de presidentsverkiezingen van 2016 kan niet anders dan concluderen dat Trump op z’n minst ambivalent tegenover de Russische Federatie staat. Dat is geen stevig beleid. De continuïteit van het Ruslandbeleid wordt ondanks Trump door de Senaat gegarandeerd. Telkens heeft Trump waar hij de kans kreeg dat vertraagt en geprobeerd af te zwakken. Bijvoorbeeld in de levering van dodelijke antitank Javelin wapens aan Oekraïne. En in Noord-Syrië wekte Trump de indruk door een overhaaste terugtrekking van troepen die later trouwens werd afgezwakt rechtstreeks naar de pijpen van het Kremlin te dansen.

Uit Trumps houding ten aanzien van de Russische Federatie volgt in diapositief zijn houding tegenover Europa en bondgenoten als Japan, Zuid-Korea en Canada. Hij heeft in de afgelopen jaren als een bullebak leiders als kanselier Merkel, premier May, premier Trudeau of president Moon Jae-in geschoffeerd. Dat is meer dan een kwestie van toon. Dat gaat om afstand nemen tot traditionele bondgenoten en de bijl zetten aan de wortel van de samenwerking die in de 70 jaar na de Tweede Wereldoorlog is gegroeid en stabiliteit én kracht legde onder de westerse samenwerking. Trump heeft daar onzekerheid, wisselvalligheid en waar mogelijk zijn eigen accenten of persoonlijk verdienmodel aan toegevoegd. Dat is essentieel voor de buitenlandse betrekkingen.

Het is een raadsel waarom Petersen en Krijger met het voorbijgaan aan de basale feiten zo eenzijdig naar de overeenkomsten tussen Trump en Biden zoeken en de verschillen wegmoffelen. Het lijkt eerder verklaard te kunnen worden uit hun pro-Trump houding dan uit enige wetenschappelijke objectiviteit. Het is bizar dat ze hiermee wetenschappelijke geloofwaardigheid proberen te winnen door zich Amerikanist te noemen. Het is ongelukkig dat NRC zo’n artikel plaatst dat weliswaar goede aanzetten bevat, maar in deze vorm nog niet af is om in de krant gepubliceerd te worden. Ongenoemd blijft dat Petersen columnist voor Elseviers Weekblad is.

Foto: Schermafbeelding van het  artikel ‘Joe Biden verandert het buitenlands beleid van de VS niet’ van Koen Petersen en Alex Krijger in NRC, 24 augustus 2020.

Misleidende column van Frits Bosch over Trump en Biden valt op te vatten als een vreemde reis naar een alternatief sprookjesland

Mijn reactie bij het artikelColumn Frits Bosch: Democraten spreken goed, maar slaan de plank toch mis’ op DDS, 25 augustus 2020. Met een rare rol voor een academicus die opgevoerd wordt als Bosch’ influisteraar.

De kern van de kritiek op president Trump van Democraten, Republikeinen, ex-Republikeinen en Onafhankelijken is het omgekeerde van wat Manfred Wolf zegt. Namelijk dat ze voelen en weten dat Trump niet voor hen, maar voor zichzelf spreekt. Trump en zijn kinderen beschouwen zich als ‘royals’ en gedragen zich als zodanig, namelijk vanuit het idee dat ze het recht op hun positie hebben.

Trump laat zijn persoonlijk belang voor het algemeen belang gaan. Dat begrijpen steeds meer kiezers. Niet in het minst door Trumps mislukte aanpak van COVID-19 waardoor hij onnodig de levens van Amerikanen in gevaar heeft gebracht. De kritiek op Trump is dat hij niks geeft om gewone Amerikanen en geen empathie heeft voor en verbondenheid toont met gewone mensen. Trump is vooral betrokken bij zijn donors die hij belastingvoordelen geeft.

Uit een recente peiling van ABC News / Ipsos blijkt dat Trump populariteitscijfers laag zijn en steeds verder wegzakken. Met 60% die hem ongunstig inschat, tegenover 32% gunstig doet Trump het slecht. Ook in vergelijking met Joe Biden die een score heeft van 45% gunstig tegenover 40% ongunstig. Dat is een verschil in persoonlijke populariteit van 33% in het nadeel van Trump. Dat is het grote verschil met 2016 toen Hillary Clinton even slechte cijfers had als Trump. De twijfelende kiezers liepen toen over naar Trump en lopen nu over naar Biden. Dat is het verschil tussen 2016 en 2020.

De stijlfiguur die Wolf hanteert is de omkering. Van zwart maakt hij wit, van hoog maakt hij laag en van dik maakt hij dun. Met als gevolg dat hij van een geloofwaardige academicus die hij was een ongenuanceerde partijpoliticus maakt. Waarom doet Wolf dat zichzelf aan? Is hij de Rudy Giuliani van San Francisco State University?

Zo zijn het niet de Democraten die de toon van het land bepalen, maar is dat Trump. Hij is 3,5 jaar aan de macht en bepaalt de toon van het land met zijn voortdurende tweets, persconferenties, interviews en losse uitspraken.

Trump zaait verdeeldheid, sluit Amerikanen uit en richt zich in zijn retoriek uitsluitend tot zijn basis van zo’n 40% van de kiezers. Trump doet geen enkele handreiking naar de gematigde centrumkiezers. Peilingen wijzen erop dat de meeste Amerikanen buiten adem zijn van de aandacht die Trump voor zichzelf creëert en zijn nalatigheid om zijn land kundig te besturen.

De consensus over de Democratische Conventie is dat de Democraten een breed platform, een brede tent, hebben weten te creëren en dat hun stem tamelijk eensgezind klonk. Ook Fox News sprak daar waardering voor uit. Democraten zetten hard in op de inhoud en bereiden een mogelijke regering serieus voor met beleidsprogramma’s. Zo zijn op Bidens website allerlei gedetailleerde plannen voor de reparatie van de buitenlandse politiek te vinden. Zeg, een nieuwe start. Zoals bekend heeft Trump de relaties met de Europese bondgenoten onder druk gezet en heeft hij zich om onverklaarbare redenen verbonden met autoritaire leiders zoals president Putin.

Hoe er binnen het Republikeinse establishment werkelijk over de eigen achterban wordt gedacht maakt Steve Bannon duidelijk. Voor zijn flessentrekkerij klopte hij met enkele medestanders de goedgelovige ‘deplorables’ tientallen miljoenen dollars uit de zakken om zogenaamd een grensmuur te bouwen die hij nooit van plan was om te bouwen. Bannon was de belangrijkste adviseur van Trump en staat nog steeds in contact met hem. Het OM heeft hem in staat van beschuldiging gesteld.

Geloofwaardige kritiek op Democraten moet een andere zijn. De vraag is niet of ze goed kunnen besturen of beleidprogramma’s en -nota’s kunnen produceren, want dat hebben ze keer op keer bewezen, maar of ze wel kunnen vechten. Zijn de Democraten wel opgewassen tegen de harde, bijna oorlogszuchtige toon van de Republikeinen die politiek bedrijven die valt samen te vatten als politiek van de verschroeide aarde?

Het uitgebreide programma van kiezersonderdrukking dat de Republikeinen (al vóór Trump) hebben opgetuigd moet vanwege demografische ontwikkelingen hun geleidelijk afkalvende steun bij de kiezers neutraliseren. De brug naar de niet-witte kiezer is onder Trump opgehaald. Zelfs president George ‘W’ Bush probeerde zwarte en Latino kiezers te bereiken. Het opvallende aan het Amerikaanse politieke systeem is dat kiezersonderdrukking succesvol is. In West-Europese landen zouden kiezers, politieke partijen en juridische colleges dit onrecht corrigeren, maar in de VS zijn de onregelmatigheden de regel geworden.

Dat is nog gerekend buiten de inmenging van het Kremlin in het electorale proces. Dat gebeurde in 2016 en herhaalt zich in 2020, zoals inlichtingendiensten en de Inlichtingencommissie in de Senaat objectief hebben vastgesteld. Daarnaast heeft het grote geld de macht in de politiek naar zich toe weten te trekken door een gerechtelijke uitspraak die dat mogelijk maakt (Citizens United; 2010).

Frits Bosch maakt een parodie van een serieuze analyse van de toestand in de VS. Hij probeert in navolging van Manfred Wolf alles in een links-rechts frame te passen. Maar dat gaat voorbij aan de werkelijke situatie. Op dit moment krijgt Trump de felste tegenstand van conservatieven die Trump beschouwen als een afvallige Democraat en iemand die de Republikeinse partij en zijn land in het verderf heeft gestort en de nationale veiligheid van de VS in gevaar heeft gebracht.

De breuklijnen lopen anders dan Bosch en Wolf het voorstellen. Want het merkwaardige is dat in de VS de grootste links-rechts tegenstellingen binnen de grote partijen te vinden zijn. In geen enkel ander land zouden een centrumrechtse, pro-establishment politicus als Joe Biden en een links-radicale progressieve vertegenwoordiger als Alexandria Ocasio-Cortez in dezelfde partij te vinden zijn. Voor Nederlandse begrippen is dat het verschil tussen de VVD en GroenLinks. In de Republikeinse partij is onder Trump de interne pluriformiteit afgenomen. De meeste gematigde Republikeinen hebben vanwege Trump de partij verlaten, zodat een tamelijk eenzijdig versie van het gedachtengoed van de Republikeinse partij is overgebleven. Uitzonderingen zijn politici als John Kasich en Colin Powell die echter al een loopbaan achter zich hebben. Voor de toekomst is dat een slecht uitgangspunt voor de partij om zich te vernieuwen en te herbronnen met nieuwe ideeën.

Of het verstandig is om de alternatieve feiten van Bosch en zijn influisteraar Wolf te negeren omdat ze toch maar uitsluitend resoneren in het eigen afgesloten domein van rechts-radicale retoriek of dat het zinvol is om ze te voorzien van nuanceringen en de echte feiten valt te bezien. Mij verbaast het niet dat Bosch die een karikatuur van zichzelf maakt zegt wat hij zegt omdat hij nu eenmaal niet beter lijkt te weten in zijn alternatieve werkelijkheid. Mij verbaast het wel dat een persoon als Wolf die wel beter weet niet de ruimdenkendheid en ruimhartigheid vindt om genuanceerd naar de Amerikaanse politiek te kijken. Dat is de tragiek van de politiek die slachtoffers maakt.

Zie hier voor een ander commentaar van 18 augustus 2020 op een DDS-column van Frits Bosch.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelColumn Frits Bosch: Democraten spreken goed, maar slaan de plank toch mis’ op DDS, 25 augustus 2020.

Kunst en cultuur volgens SPD Lünen

Zomaar een videoverslag van SPD-partijlid Werner Tischer over cultuurpolitiek. Het betreft de gemeente Lünen in de Duitse deelstaat Noordrijn-Westfalen. De video lijkt op een tijdscapsule waar voorwerpen en gewoonten in combinatie met elkaar worden bewaard. Wat dhr. Tischer zegt benadert het oude wethouderssocialisme van de PvdA zoals we dat in Nederland tot 1990 kenden. Dat draaide om het ideaal van verheffing van arbeiders door permanente bij- en herscholing. De tijd heeft ook weer niet compleet stilgestaan. Anders is dat in de visie van SPD Lünen cultuurpolitiek opgevat moet worden als het vestigen en steunen van instituties. In dit geval een museum, bibliotheek en gemeenschapszaal. Het zijn niet de kunstenaars of de kunstconsumenten, laat staan de functies van kunst zoals aanscherping of tegendraadsheid waar deze afdeling op inzet. Het vertaalt het belang van cultuurpolitiek rechtstreeks in het versterken van culturele instellingen. Zonder dat uitgelegd wordt hoe dat werkt. Versterking van instellingen moet blijkbaar opgevat worden als voorwaarde voor verheffing. De rest volgt daar dan blijkbaar vanzelf uit. Of dat in 2020 nog net zo werkt als vóór 1990 is echter de vraag. De roep om transparantie maakt het ontroerend in deze sociaal-democratische stijlkamer.

Britse burgerbeweging ‘All the Citizens’ vraagt regering-Johnson om vrije verkiezingen. Het verzet zich tegen Russische inmenging

Behalve een aardige dwarsdoorsnede van de filmgeschiedenis die de vraag oproept de herkomst van de fragmenten te benoemen is deze video een serieuze aanklacht tegen de Britse regering van premier Boris Johnson. Het gaat over de aanbevelingen uit het recent geopenbaarde rapport over de Russische inmenging in de Britse politiek die de regering Johnson niet wil opvolgen. Lagerhuisleden van verschillende partijen dringen aan op een onafhankelijk onderzoek, aldus een bericht van The Guardian. Premier Johnson handelt identiek aan de Amerikaanse president Donald Trump die evenmin de noodzaak erkent om iets te doen aan de Russische inmenging in de presidentsverkiezingen van 2020, en die van 2016 nog steeds ontkent.

Deze video die in professionalisme en doelmatigheid doet denken aan de anti-Trump video’s van The Lincoln Project van oud-Republikeinen, hoewel het wat intellectualistisch toont, is een initiatief van All the Citizens. Deze burgerbeweging meent dat de democratie in gevaar is. Het presenteert zich als ‘een collectief van journalisten, technologen, academici, filmmakers, advocaten, reclamemakers en individuen uit alle lagen van de bevolking. We kwamen samen om nieuwe manieren te vinden om licht te werpen op data, desinformatie en de bedreigingen voor de democratie door middel van samenwerking met burgers en onderzoeksjournalistiek’.

Dit is tegengesteld aan de huidige golf van links- en recht-populisten die zich verzetten tegen de democratie en de rechtsstaat zonder een direct alternatief of oplossing aan te bieden en uit te gaan van de feiten.

De beweging All the Citizens is concreet: het wil democratie, nationale veiligheid en rechtsstaat versterken. Het werkt naar eigen zeggen samen met een juridisch team van Leigh Day advocaten. De juridische weg zet het als laatste uitweg om deze kwestie op de agenda te krijgen. Het werkt daartoe samen met parlementariërs van verschillende partijen. Volgens de beweging staat het recht op een vrije verkiezing op het spel vanwege de weigerachtige houding van de regering Johnson om de inmenging van buitenlandse staten in het democratisch proces van het VK te onderzoeken en een wettelijk kader te hebben dat de voorwaarden biedt om de vrije meningsuiting van de mensen bij de keuze van de wetgevende macht te waarborgen. De overeenkomst met de VS is verbluffend, hoewel daar de erkenning van Russische inmenging in verkiezingen en de actie daarop zelfs groter lijkt dan in het VK, waar de conservatieve partij elke inmenging ontkennen.

Men mag hopen dat Nederlandse academici, journalisten, filmmakers, advocaten en allerlei betrokken burgers die zich zorgen maken over van de ene kant de weinig toeschietelijke houding van de regering Rutte (hoewel die minder in zichzelf gekeerd is dan de regeringen Trump en Johnson) en van de andere kant de huidige populistische golf van malcontenten, ophitsers en narcisten op sociale media ook zo’n breed project opzetten. Dat dient om de democratie die in gevaar is te redden uit handen van de populisten en politici die zich door de populisten naar de marges van de politiek laten dringen. In het VK is er een directe noodzaak, namelijk de Russische inmenging in de Britse politiek, maar ook Nederland is niet immuun voor wat het VK en de VS treft.

Gedachten bij foto ‘Le pont de chemin de fer d’Argenteuil, 95100. Guerre franco-p[r]ussienne 1870-1871’

Er valt veel voor te zeggen om de Frans-Pruisische (of Duitse) oorlog van 1870-71 als de eerste moderne oorlog te beschouwen. Twee aspecten wijzen daarop. De rol van de fotografie die in de tweede helft van de 19de eeuw ter beschikking kwam aan een breed publiek en door de strijdende partijen ingezet werd voor propagandistische doelen. En de toenemende, vernietigende macht van de wapens en munitie.

Zoals zo vaak begon de oorlog door een misverstand. De Fransen hadden succesvol afgedwongen dat de Hohenzollerns in een incidenteel geval hun claim op de Spaanse troon lieten vallen, maar overspeelden hun hand door dat ook voor de toekomst te eisen. Koning Wilhelm I, die later in 1871 in notabene Versailles werd gekroond tot Duits keizer, voelde zich hierdoor beledigd en de pruisische kanselier Otto von Bismarck greep met manipulatie de Franse overschatting van de eigen militaire kracht aan om op oorlog aan te sturen met onder meer de vervalste Emser Depeche. Ook in dit opzicht was de oorlog van 1870-71 modern te noemen.

In een oorlog die doet denken aan de Blitzkrieg van 1940 stootten de legers van de Duitse staten vanuit Oost-Frankrijk door naar Parijs dat omsingeld werd. Bij Metz en Sedan werden de Fransen verslagen. De Parijse verdedigingswerken waren te sterk om in te nemen, zodat de Duitse legers begonnen met de uithongering van Parijs. Vanaf januari 1871 was de zwaardere artillerie ter plekke en werd de Parijse binnenstad beschoten met granaten die weinig schade aanrichtten, maar voor een demoraliserend, psychologisch effect zorgden.

Op de foto zien we de vernietigde spoorbrug van Argenteuil, een Parijse voorstad. Vernietigd op 18 september 1870 door de Franse genie, niet door de Duitsers. In het bijschrift houdt het Parijse museum dat de foto beheert het onbestemd: ‘DESASTRES DE LA GUERRE / PONT D’ARGENTEUIL’ ofwel ‘oorlogsrampen, brug van Argenteuil’. Als tags geeft het Vernietiging, ruïnes, hangbrug, spoorlijnen, locomotief, palen, stenen, blokken, puin. De Seine, huizen, velden, bomen. Een onnauwkeurige opeenstapeling in een catch-all omschrijving.

Foto: Jean Andrieu, ‘Le pont de chemin de fer d’Argenteuil, 95100. Guerre franco-pussienne 1870 1871’. Collectie: Musée Carnavalet, Histoire de Paris.