George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Culturele boycot

Ewald Engelen ziet parlementaire journalistiek propaganda voor de bestaande orde maken. Partij voor de Dieren past daar niet in

leave a comment »

Ewald Engelen heeft in zijn column van 27 maart 2018 over Economie in de Groene Amsterdammer kritiek op de parlementaire journalisten van de NOS tijdens de verkiezingsuitzending Nederland Kiest van 21 maart. Aanleiding voor zijn kritiek is de manier waarop ze aandacht besteden aan de Partij voor de Dieren. Of liever gezegd, nauwelijks aandacht aan die partij besteden en met die weinige aandacht die partij ook nog eens kleineren en verkeerd interpreteren. Is dat moedwil of misverstand? In elk geval getuigt het van onvermogen.

Engelen: ‘Het is om meerdere redenen een onthutsend toneelstukje dat hier werd opgevoerd. Dat veel zegt over de lamentabele staat van de parlementaire journalistiek. Ten eerste de naïviteit over de eigen rol in het maken en breken van politieke bewegingen. Het pendant van het onthutsende gebrek aan zelfkritiek van de journalistiek bij het grootschrijven en grootpraten van rellerige neo-nationalistische partijen als PVV en FvD is het retoucheren van die rol bij het kleinhouden van systeemkritische partijen als de Partij voor de Dieren. Dat Van der Wulp het bestaat om de partij te omschrijven als ‘een partij die altijd een beetje onder de radar blijft’, illustreert dat hij zich er niet van bewust lijkt te zijn dat hij onderdeel van het probleem is dat hij zelf signaleert. Die ‘radar’ waarop hij zich beroept om zijn eigen onverschillige ondeskundigheid mee te legitimeren is hij namelijk mede zelf.’

Het panel van Nederland Kiest was hoe dan ook onthutsend slecht en kreeg voorspelbare input van de presentator waardoor het op op een studentikoze, lacherige wijze van onderwerp naar onderwerp stuiterde. Zonder urgentie, zonder pretentie van representativiteit en zonder intellectuele diepte. Het is wat Engelen zegt, namelijk dat deze abnegatio (= zelfverloochening, ontkenning, tegenspraak) vooral duidelijk maakt waar deze parlementaire journalisten voor staan en waar ze zich mee associëren: ‘Niet met de uitdagers, de non-conformisten, de systeemcritici, maar met het pluche, het establishment, de elite en de machtspartijen.  Journalistiek als propagandamachine van het bestaande. We moesten maar niet meer kijken.’

In het fragment maakt de Rotterdamse lijsttrekker van de Partij voor de Dieren Ruud van der Velden in een stadsdebat duidelijk waar de partij voor staat. Of men het wel of niet eens is met wat hij zegt, dit geeft wel duidelijk aan dat het ergens over gaat. Dit is niet de identiteitspolitiek van de ‘rellerige’ PVV en FvD die niet over het oplossen van de kernproblemen gaat, maar een afleiding daarvan is. En waar we ‘dankzij’ de parlementaire journalisten met hun beperkte visie, horizon en aandachtscyclus mee overvoerd worden. Ze reduceren parlementaire journalistiek tot het volgen van de agenda van de dominante politieke partijen.

Ik woon in Utrecht, maar als ik in Rotterdam had gewoond had ik op Van der Velden gestemd. Vanwege zijn inzet voor het klimaat en het dierenwelzijn, maar ook voor zijn betrokkenheid met de kunst. De politieke antennes van links en rechts staat hierover doorgaans verkeerd afgesteld. Tekenend is dat hij namens zijn partij als enige raadsvragen over het Gergiev Festival in de Rotterdamse Doelen stelde waar het Rotterdamse establishment collectief wegkijkt voor de politieke betekenis van kunst en dat smoort in bitterballen, witte wijn en gezelligheid. Ik schreef er in 2016 over: ‘Wie Gergiev binnenhaalt, haalt ook zijn politieke voorkeuren binnen. Rotterdam biedt ook die een podium en een stempel van goedkeuring. Dat dient het Rotterdamse culturele, economische en politieke establishment terdege te beseffen. Het kan zichzelf wel voor de gek houden door net te doen alsof Gergiev geen propagandistisch uithangbord is voor het regime van president Putin, maar diep in het hart weet het dat hij dat wel is’. Van der Velden doorziet dat en probeert het debat open te breken. Dat deed hij als enige ook bij het Wereldmuseum. Maar zelfs dat debat wordt hem en critici van het huidige cultuurbeleid niet gegund. Zoals Engelen dat constateert over het klimaatprobleem en het dierenwelzijn. Met dank aan (parlementaire)  journalisten die de status quo verdedigen en suggereren dat dat een neutrale positie is. Daarin vergissen ze zich deerlijk. Hun automatische piloot staat verkeerd afgesteld.

Foto: Schermafbeelding van deel columnPropaganda’ van Ewald Engelen in De Groene Amsterdammer, 27 maart 2018.

Advertenties

Gergiev Festival is classical porn for business, local government and politics of Rotterdam

leave a comment »

The cat is out of the bag on the website of the Gergiev Festival that will start tomorrow in Rotterdam and lasts until 17 September: ‘The world-renowned maestro Valery Gergiev and Rotterdam have been inextricably linked for over 25 years. Since 1996 the Gergiev Festival has grown to become an international brand that is synonymous with Rotterdam. It offers an executive-level, international podium for the business, local government and politics worlds in Rotterdam, with numerous networking opportunities. It also provides the city with a unique cultural profile.’ Classical music as marketing, classical music as a lubricant for business. The Gergiev Festival comes straight to the point what it sees as its greatest achievement: networking in the margin at an international level. But the organization of the Festival has a sinking feeling about the cooperation with maestro Gergiev, because sponsors are not mentioned. That Gergiev Festival takes place behind the scenes.

But it is a misunderstanding it provides Rotterdam with a unique cultural profile. It does, but, different than the organisation suggests. The Gergiev Festival is increasingly criticized for political reasons and has no positive impact on the international scene. Conductor Gergiev is a political ally of President Putin. He is deployed within the Russian propaganda apparatus. Valery Gergiev in 2017 is Gustav Gründgens of 1941, an opportunist in a wrong regime. This is still the logic of an authoritarian regime where power is divided differently than in the Netherlands. But why Rotterdam’s business, local government and politics extrapolate that to Rotterdam without distancing themselves from Gergiev and Putin is inexplicable. A regime that puts pressure on human rights and European security to such a great extent. Why are Rotterdam’s business, local government and politics turning a blind eye and are they unable to end the relationship with Gergiev?

Nobody has to be against artists who express themselves politically. Wittingly or unwittingly they are always made part of an ideology, party or higher purpose. But the statement ‘politics and art have nothing to do with each other‘ is not correct. It is a lie to avoid responsibility. The soft power of art is all about politics. Or by active attitude or by accepting the existing power that is confirmed by politics. The latter only looks more passive than the first, but actually comes down to the same. Consciously looking away is what Rotterdam’s business, local government and politics do.

How is it possible that the awareness of the political role that Valery Gergiev plays in the Putin regime is so small in Rotterdam? What mechanism is working here? Is it more than just looking away and ‘business as usual’? In countries with a larger Ukrainian community like Germany, the US or Canada it is different. Along with Russian dissidents, action after action is taken against performing artists including Gergiev, Anna Netrebko and other icons that actively support Kremlin’s politics. They are under fire and have to defend themselves. But in Rotterdam, Gergiev is adored. In Rotterdam no criticism sounds, apart from a series of council questions in 2016 by Ruud van der Velden of the Animal Party. The attitude of the Rotterdam college is illustrative, it hides behind the State Department and refuses to take responsibility.

In its own words the Gergiev Festival is ‘an international brand that is synonymous with Rotterdam’. Is it really? Has Rotterdam clung to a radicalized Gergiev and do Rotterdammers let that happen to them? Without a protest sounding? The maestro makes excitement in Rotterdam and polishes his stains away.

Pictures: Screenshots of the website of the Gergiev Festival; Collaboration and Organisation.

Gergiev Festival is klassieke porno voor bedrijfsleven, overheid en politiek van Rotterdam

with one comment

Update 6 september 2018: De tragiek is dat dit soort commentaren inwisselbaar zijn en elk jaar geen debat uitlokken. De Rotterdamse politieke, economische en culturele elite is in zichzelf gekeerd en immuun voor debat. Het Gergiev Festival 2018 vindt plaats van 13 tot en met 16 september. Een festival dat een reservaat van politieke incorrectheid is. Een festival over vervreemding. Gergiev wordt in Rotterdam geknuffeld, en hiermee denkt Rotterdam zichzelf te knuffelen en te kietelen. Maar het omgekeerde is waar. Rotterdam maakt zich belachelijk met het Gergiev Festival. Rotterdam houdt flink de schijn op alsof het dat niet begrijpt. 

De aap komt uit de mouw op de website van het Gergiev Festival dat morgen in Rotterdam begint en tot en met 17 september duurt: ‘De wereldberoemde maestro Valery Gergiev en Rotterdam zijn al ruim 25 jaar onlosmakelijk aan elkaar verbonden. Het festival is sinds 1996 uitgegroeid tot een wereldmerk dat niet meer is los te koppelen van Rotterdam. Het biedt een internationaal podium op executive niveau voor het Rotterdamse bedrijfsleven, overheid en politiek met een eigentijds aanbod aan netwerkmogelijkheden. Daarnaast levert het de stad een uniek cultureel profiel. Kortom, dit festival is van onschatbare waarde voor Rotterdam.’ Klassieke kunst als marketing, klassieke kunst als smeermiddel voor zakendoen. Het Gergiev Festival windt er geen doekjes om wat het als de grootste verworvenheid ziet: netwerken op internationaal niveau in de marge. Maar de organisatie van het Festival lijkt nattigheid te voelen over de samenwerking met maestro Gergiev, want sponsors worden niet genoemd. Dát Gergiev Festival speelt zich af achter de schermen.

Maar het is een misverstand dat het Rotterdam een uniek cultureel profiel oplevert. Dat doet het wel, maar anders dan de organisatie het voorstelt. Het Gergiev Festival ondervindt om politieke redenen steeds meer kritiek en heeft internationaal geen positieve uitstraling. Dirigent Gergiev is een politieke bondgenoot van president Putin. Hij laat zich inzetten binnen het Russische propaganda-apparaat. Valery Gergiev in 2017 is de Gustaf Gründgens van 1941, een meeloper in een verkeerd regime. Dat heeft nog de logica van een autoritair regime waar de macht anders verdeeld is als in Nederland. Maar waarom Rotterdams bedrijfsleven, overheid en politiek die lijn doortrekken naar Rotterdam en geen afstand nemen van Gergiev en Putin is onverklaarbaar. Een regime dat zo de mensenrechten en de Europese veiligheid onder druk zet. Waarom kijken Rotterdams bedrijfsleven, overheid en politiek weg en zijn ze niet in staat om de relatie met Gergiev te beëindigen?

Niemand hoeft tegen kunstenaars te zijn die zich politiek uitspreken. Gewild of ongewild worden ze altijd tot onderdeel van een ideologie, partij of hoger doel gemaakt. Maar de uitspraak ‘politiek en kunst hebben niets met elkaar te maken’ klopt niet. Het is een leugen om verantwoordelijkheid te ontlopen. De zachte kracht die   kunst is heeft alles met politiek te maken. Of door een actieve opstelling of door het aanvaarden van de bestaande macht die door de politiek bevestigd wordt. Het laatste oogt alleen passiever dan het eerste, maar komt feitelijk op hetzelfde neer. Bewust wegkijken is wat Rotterdams bedrijfsleven, overheid en politiek doen.

Hoe kan het dat de bewustwording over de politieke rol die Valery Gergiev in het regime van Putin speelt in Rotterdam zo gering is? Welk mechanisme is hier werkzaam? Is het meer dan wegkijken alleen en ‘business as usual’? In landen met een grotere Oekraïense gemeenschap als Duitsland, de VS of Canada is dat anders. Samen met Russische dissidenten wordt actie na actie gevoerd tegen uitvoerende kunstenaars zoals Gergiev, Anna Netrebko en andere iconen die de politiek van het Kremlin actief steunen. Ze liggen onder vuur en moeten zich verdedigen. Maar in Rotterdam wordt Gergiev geadoreerd. In Rotterdam klinkt geen kritiek, op een reeks raadsvragen in 2016 van Ruud van der Velden van de PvdD na. De opstelling van het Rotterdamse college is illustratief, het verschuilt zich achter Buitenlandse Zaken en weigert verantwoordelijkheid te nemen.

Het Gergiev Festival is naar eigen zeggen ‘een wereldmerk dat niet meer is los te koppelen van Rotterdam’. Is het werkelijk? Zit Rotterdam vastgeklonken aan een geradicaliseerde Gergiev en laten Rotterdammers zich dat overkomen? Zonder dat protest klinkt? De maestro zorgt in Rotterdam voor opwinding en poetst vlekken weg.

Foto’s: Schermafbeeldingen van website GergievFestival.nl; Samenwerking en Organisatie.

Gemeentebestuur Rotterdam neemt in antwoorden op raadsvragen geen verantwoordelijkheid voor het Gergiev Festival

with 5 comments

gerg

Gemeenten doen soms aan buitenlandse politiek. Wie herinnert zich niet de initiatieven in de jaren ’80 tegen het apartheidsregime in Zuid-Afrika? Het IISG in een terugblik: ‘Hilversum liep in 1987 voorop, toen het niets meer van Shell wilde kopen; het besluit werd direct van hogerhand vernietigd. Maar tegen de verdrukking in groeide de stroom gemeentelijke initiatieven (..)’ Het was niet meer te stoppen. Maar als het lastig wordt en ze ter verantwoording worden geroepen verschuilen gemeenten zich achter het ministerie van Buitenlandse Zaken. Gemeenten maken zich groot als het makkelijk scoren is en maken zich klein als het lastig wordt.

Neem nou de raadsvragen die de Partij voor de Dieren in mei 2016 bij monde van Ruud van der Velden aan het Rotterdamse college stelde over het jaarlijkse Gergiev Festival. Mede naar aanleiding van dit commentaar. Nu is er antwoord van het Rotterdamse college, waarvan hierboven een schermafbeelding. Het Gergiev festival wordt in september 2016 in Rotterdam gehouden en ondervindt om politieke redenen steeds meer kritiek. Dirigent Gergiev is een politieke bondgenoot van president Putin. Hij laat zich inzetten binnen het Russische propaganda-apparaat. Zoals het recente optreden van Gergiev en zijn orkest in het Syrische Palmyra leert.

Valery Gergiev is dus meer dan een neutrale musicus die het alleen om zijn kunst te doen is. Wie Gergiev binnenhaalt, haalt ook zijn politieke voorkeuren binnen. Rotterdam biedt ook die een podium en een stempel van goedkeuring. Dat dient het Rotterdamse culturele, economische en politieke establishment terdege te beseffen. Het kan zichzelf wel voor de gek houden door net te doen alsof Gergiev geen propagandistisch uithangbord is voor het regime van president Putin, maar diep in het hart weet het dat hij dat wel is.

Het is de vraag of het gewenst is dat dit festival in Rotterdam wordt gehouden. Het minste dat verwacht kan worden is een stadsbreed debat bij inwoners en in de raad over de afweging hoe gewenst het is dat het Gergiev Festival met de gepolitiseerde Gergiev nog langer plaatsvindt in Rotterdam. Contractueel is het waarschijnlijk onmogelijk de editie 2016 te schrappen, maar voor de editie 2017 moet dat bespreekbaar zijn.

De Partij voor de Dieren vroeg het college in de vragen 6 en 7 hoe het de relatie tussen de van oorsprong Noord-Ossetische Valery Gergiev en president Vladimir Putin beoordeelt. Het antwoord van het college is ontluisterend in het niet willen nemen van enige verantwoordelijkheid: ‘De internationale activiteiten van Rotterdam zijn een afgeleide van (..) het buitenlandbeleid van de Nederlandse regering ten aanzien van het betreffende land. (..) Het Rotterdamse gemeentebestuur neemt hierin dus geen eigenstandig standpunt in, maar volgt met het uiten van zorgen een diplomatieke weg die past bij de positie van onze gemeente.’

Dit antwoord roept de vraag op hoe die diplomatieke weg eruitziet. Rotterdam zegt geen eigenstandig standpunt in te nemen, maar wel aan diplomatie te doen. Is dat niet in tegenspraak met elkaar? Het bedrijven van diplomatie houdt het innemen van standpunten in. Rotterdam geeft zelfs toe aan buitenlandse politiek te doen als het ontkent dit te doen. Met welk doel en op welke manier bedrijft het Rotterdamse bestuur diplomatie inzake het Gergiev Festival? Hoe moeten we ons dat voorstellen? Laat de chef van de afdeling Externe Betrekkingen & Kabinet namens het bestuur weten dat het zich zorgen maakt? Is dat het?

Om con brio te eindigen. Concertmeester Andrew Zaplatynsky antwoordde me in een reactie over de gewenstheid dat het Gergiev Festival in Rotterdam wordt gehouden op de openbare FB-pagina Arts Against Aggression: ‘The Rotterdam Philharmonic was my first symphony job …. many years ago. If I were still there, you can bet there would be a protest.’ Wie neemt het protest van Andrew Zaplatynsky over? Wie durft?

Foto: Schermafbeelding van deel van de antwoorden door het gemeentebestuur van Rotterdam op raadsvragen van de Partij voor de Dieren/ Ruud van der Velden.

Rotterdam: Partij voor de Dieren stelt raadsvragen over Gergiev Festival

with 3 comments

PvdD

Mede naar aanleiding van de posting van 20 mei ‘Valery Gergiev is een propagandist voor het Kremlin. Maar wordt verafgood in Rotterdam. Tijd voor bewustwording. En protest’ heeft Ruud van der Velden namens de Partij voor de Dieren (PvdD) op 25 mei 2016 raadsvragen gesteld aan het Rotterdamse college van B&W. Over Aboutaleb en het Gergiev Festival dat van 8 tot en met 11 september 2016 wordt gehouden in Rotterdam.

Het accent van de raadsvragen ligt bij de nevenfunctie van burgemeester Aboutaleb als lid van het Comité van Aanbeveling van het Gergiev Festival die volgens de PvdD niet gemeld zou zijn. In de vragen 6 en 7 gaat het over de relatie van Valery Gergiev met de Russische president Vladimir Putin. De PvdD noemt laatstgenoemde omstreden ‘door zijn annexatie van de Krim en zijn anti-homowettgeving.’ De suggestie is dat omdat   ‘Gergiev de opvattingen deelt van de Russische president’ Gergiev ook omstreden is vanwege ‘zijn omstreden politieke opvattingen’ en het de vraag is of hij een festival dat zijn naam draagt in Rotterdam verdient.

Schermafbeelding 2016-05-27 om 09.16.52

Foto 1: Schermafbeelding van raadsvragen ‘Nevenfunctie burgemeester bij het Gergiev Festival’ door de Partij voor de Dieren Rotterdam, 25 mei 2016.

Foto 2: Artikel ‘Aboutaleb moet afstand nemen van Poetin-vriend’ in het AD, 27 mei 2016.

Valery Gergiev is een propagandist voor het Kremlin. Maar wordt verafgood in Rotterdam. Tijd voor bewustwording. En protest

with 5 comments

Update 10 september 2017: Het blijft onbegrijpelijk. Opnieuw geen enkele actie uit de kunstsector of de politiek tegen het Gergiev Festival in Rotterdam dat van 14 tot 17 september plaatsvindt. Dat staat in schril contrast tot protesten in andere landen, zoals Duitsland of de VS. Het uitblijven van protest tegen Gergiev en het Gergiev Festival wordt een jaarlijks terugkerende gebeurtenis. Wat zegt dat over Nederland en Rotterdam? 

Update 8 september 2016: Het is onbegrijpelijk. Geen enkele actie in Rotterdam tegen Valery Gergiev. Terwijl gewoonlijk Nederlanders voor het minste onrecht de straat op gaan om te demonstreren tegen het perfide establishment. Maar deze keer niet. Het grote onrecht van Gergiev laten ze links liggen. Wat zegt dat over Rotterdam en Nederland? Weinig goeds. Onze Rotterdamse vrienden laten het afweten. Ze laten het terrein aan Opstelten en consorten. De bewustwording is blijkbaar nog niet zo ver. Beschamend? Ja. Ontzettend. 

Sport en politiek of kunst en politiek hebben niets met elkaar te maken. Of toch wel? We spreken schande van het sjoemelen met de dopingcontrole door de Russische overheid op de Winterspelen in Sochi. Om ons op de rondetijden te richten. Kritiek ontstaat pas in de historische terugblik die afstand schept. Die ongevaarlijk maakt. We worden verontwaardigd over de collaboratie van de Duitse toneelspeler Gustaf Gründgens (1899-1963) die vele jaren later door schrijver Klaus Mann of filmer István Szabó in diens Mephisto  (1981) werd vereeuwigd als voorbeeld hoe het niet moet. Maar de Gründgens van de eigen tijd zien we over het hoofd. 

En in Rotterdam al helemaal. Of dat voortkomt uit naïviteit, provincialisme, misplaatste solidariteit met een ontspoorde kunstenaar, gebrek aan politiek besef of gemakzucht is de vraag. Er bestaat geen twijfel over dat Gergiev een fervent supporter is van het bewind van Putin en zich voor propagandadoeleinden laat inzetten. Putin en Gergiev zijn goede vrienden en zouden peetvader van elkaars kinderen zijn, aldus een bericht in de The Telegraph. Laatst was er het optreden van het Kirov Orkest van het Mariinski Theater uit Sint-Petersburg in het Syrische Palmyra. De NOS schreef over Gergiev in een bericht: ‘Hij zei dat hij met muziek wil protesteren tegen “de barbaren die monumenten van de wereldcultuur hebben verwoest”‘. Het is echter niet IS, maar Gergiev die door zo’n optreden de cultuur verwoest door het voor het karretje van de politiek te spannen. Maar in Rotterdam wordt tegen beter weten in volgehouden dat Gergiev in een politiek vacuüm opereert.

Waar is het politieke besef van de Nederlanders gebleven? In 1983 gaf W.F. Hermans een serie lezingen in Zuid-Afrika die wisselend werden gewaardeerd. Hoofdstedelijke PvdA’ers hadden het idee dat Hermans een internationale culturele boycot had doorbroken en verklaarden hem in 1986 tot persona non grata in de hoofdstad. Dat waren nog eens tijden. Nu heerst gezapigheid bij de culturele, bestuurlijke elite van Nederland. Veelzeggend is dat afgelopen jaren op het Groninger Museum na geen Nederlandse culturele organisatie zich inzette voor Ai Weiwei en Chinese dissidenten. Ian Buruma verklaarde in 2002 in The Guardian dat de bouw in China door een westerse architect van een ziekenhuis, hotel of universiteit niet over een grens gaat, maar de bouw van een gebouw dat direct onderdeel is van de propagandamachine wel. Toen Rem Koolhaas in 2008 het prestigieuze CCTV-gebouw als deel van de propagandamachine voor de Chinese autoriteiten bouwde voerde het Oranje-gevoel de boventoon. Rotterdamse koopmansgeest die de dominee maar even vergeet?

e26c125b1970bc54d5e54b63845f2275

Met de organisatie van het Gergiev Festival laten de organisatoren zich voor het karretje van de Russische propaganda spannen. Al is het maar door te helpen Gergiev een neutraal image in het Westen te verschaffen. We moeten ons ervan bewust zijn waar collaboratie met het Russische bewind begint. Het is op z’n minst lichtzinnig te noemen dat burgemeester Aboutaleb die zich zo vaak kritisch uitspreekt over maatschappelijke ontwikkelingen die verder gaan dan zijn functie deel uitmaakt van het Comité van Aanbeveling. Dit steekt des te meer omdat het komende Gergiev Festival in het teken staat van de Russische componist Sergei Prokofjev die tijdens het Stalin-bewind werd beschuldigd van anti-democratisch formalisme en werd verplicht om mee te werken aan de Stalinistische propaganda. Het Kremlin herwaardeert Stalin nu als nationalistisch icoon.

De Rotterdamse elite kan achteraf niet zeggen niet te hebben geweten dat Valery Gergiev aan de verkeerde kant van de geschiedenis is terecht gekomen. De signalen zijn overduidelijk en klinken wereldwijd. Er waren   afgelopen jaren volop protesten tegen de collaboratie van Gergiev. Zo ageerde Dmitry Smelansky in januari 2015 in een posting op de FB-pagina Arts Against Aggression tegen zangeres Anna Netrebko en Valery Gergiev als ‘twee prominente supporters’ van ‘het bloedige bewind van Putin’. Dit naar aanleiding van een optreden in de Metropolitan Opera in New York. Smelansky: ‘Mr. Putin counts on his supporters to continue to see no evil in his actions and on the civilized world to continue to hear no evil and speak no evil. We can and must do better than that.’ Ja, we kunnen en moeten beter doen dan wegkijken. Te beginnen in Rotterdam. 

Foto: Vladimir Putin schudt Anna Netrebko de hand, 2013. In het midden Valery Gergiev.

Pro-Palestijnen zetten Yuri Honing onder druk om af te zien van Israëlisch optreden

with 9 comments

Mogen activisten een artiest om politieke redenen oproepen af te zien van een concert? In dit geval saxofonist Yuri Honing op het Red Sea Jazz festival in het Israëlische Eilat. Een van de meest internationaal opererende Nederlandse artiesten die geen politieke en muzikale horizon kent. Zoals zijn optreden met de Libanese zangeres Rima Khcheich aantoont. Hij laat zich niet in een vakje stoppen. Dat doen anderen voor hem.

Pro-Palestijnse organisaties en sympathisanten van een culturele boycot van Israël zetten hem onder druk om af te zien van het optreden in Eilat, aldus NRC. Het past binnen het publieke debat in een democratie om alles uit de kast te halen om iemand op andere gedachten te brengen. Voorwaarde is wel dat dit in proportie gebeurt. Dat lijken de pro-Palestijnse organisaties volledig uit het oog verloren te hebben. Volgens de NRC bestoken ze hem met ‘intimiderende mails, tweets en nachtelijke telefoontjes’. En da’s ontoelaatbaar.

Er is zelfs een aparte Facebook-pagina ‘Yuri Honing, cancel Red Sea Jazz Festival in Israël’ die Honing oproept niet in Eilat op te treden. In een verklaring staat dat de pro-Palestijnen ‘de mondiale boycot van Israël steunen, die het doel heeft de Israëlische regering zover te brengen, dat het de universele mensenrechten en het internationaal recht naleeft’. Maar da’s een actie van pro-Palestijnse groepen en geen verplichte VN-sanctie die voor anderen bindend is. Deze activisten kunnen hun politiek niet aan anderen opdringen, laat staan aan niet-Palestijnen. Honing zegt vooral veel druk van het in zijn ogen fanatieke BDS te ondervinden. 

Honing treedt ook in het Midden-Oosten op. Hij gaf een benefietconcert in een Palestijns vluchtelingenkamp nabij Damascus. Toch kan-ie zich niet volledig onttrekken aan de polarisatie, het fanatisme en de politieke en sociale dwang van het conflict in het Midden-Oosten. Rima Khcheich heeft laten weten dat als-ie in Israël optreedt zij niet langer met hem kan optreden. Jammer voor muziek die vrijheid zoekt en bruggen wil slaan.

syria01-550x366

Foto: Yuri Honing speelt in een Palestijns vluchtelingenkamp bij Damascus, 2006/07.