George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘FvD

Hemeltergende schijnheiligheid van PVV en alle Nederlandse politieke partijen over kunst en cultuur. Domheid of valsheid?

leave a comment »

PVV’er Martin Bosma heeft gelijk dat cultuur onder vuur ligt. Maar wat bedoelt hij ermee en hoe komt dat? En wat is de rol van de PVV? Bosma verwijst naar een reportage van EenVandaag (AVROTROS) over Engelstalig onderwijs aan universiteiten die op 10 juli werd uitgezonden. De ondertitel ervan is ‘vloek of een zegen?’ Er is van alles over te zeggen, waarschijnlijk is Engelstalig onderwijs aan universiteiten tegelijk vloek en zegen. Wat er nu aan schort is dat docenten niet zijn opgeleid om Engelstalig onderwijs te geven. Dat moet eerst op peil gebracht worden. En overigens, waar is het Duitstalig en Franstalig onderwijs gebleven in het curriculum?

Hoe dan ook, Bosma en de PVV hebben weinig recht van spreken. Zij hebben de mond vol over Nederlandse identiteit of Nederlandse cultuur, maar weigeren daar de politieke consequenties aan te verbinden. Je zorgen maken over de rol van het Nederlands in Zuid-Afrika wordt zo een afleiding voor wat de PVV in Nederland laat liggen. De PVV staat als aanstichter aan de basis van de recente afbraak van de Nederlandse cultuur. De PVV was in 2011 samen met de VVD de sluipmoordenaar van de gesubsidieerde culturele infrastructuur. Samen met alle politieke partijen die de bezuinigingen op het cultuurbudget billijkten. Nederlandse partijen zouden zich rot moeten schamen voor hun politiek van afbraak, maar daartoe is zelfkennis en zelfinzicht nodig.

Wie zich bezorgd maakt over Nederlandse identiteit of cultuur, maakt zich bezorgd over het overheidsbudget voor Nederlands kunst, monumentenzorg, erfgoed, landschaps- en natuurbeheer, onderwijs, wetenschap en omroep. In geciviliseerde landen als Frankrijk en Duitsland hebben tijdens de economische crisis van 2008 en de daaropvolgende stagnatie de regeringen de cultuurbudgetten in stand gehouden. Kunst is een belangrijke cultuuruiting en Fransen en Duitsers zijn trots op hun nationale kunst. Dat ze als symbool van hun nationale identiteit zien. In Nederland is die vanzelfsprekende trots onder invloed van de PVV afgebroken. De PVV heeft de mond vol van Nederlandse cultuur, maar wil zich er niet echt voor inzetten. Vertegenwoordigers van de PVV hebben zelfs voortdurend hun laatdunkendheid voor Nederlandse kunst laten blijken. Dat heeft het politieke debat over kunst en cultuur sinds 2011 negatief beïnvloed. Nog in het PVV-verkiezingsprogramma uit 2016 staat: ‘Geen geld meer naar ontwikkelingshulp, windmolens, kunst, innovatie, omroep enz.’

Thierry Baudet (FvD) retweet niet toevallig bovenstaande tweet van Martin Bosma. Hij spreekt herhaaldelijk uit niets met moderne of hedendaagse kunst te hebben. Of moderne architectuur. Dat soort conservatisme is een verdedigbaar politiek standpunt. Het past bij een stellingname die kunst en cultuur normeert, inperkt, temt en ondergeschikt wil maken aan de eigen politieke doelstelling. Als daarnaast ook middenpartijen als het CDA en D66 tegen uitbreiding van het cultuurbudget stemmen, dan weten we hoe diep van binnen de politieke elite van Nederland over cultuur denkt. Het mag niet te veel kosten, het moet dienstbaar zijn en essentieel wordt het niet gevonden. De verbinding ’Nederlandse identiteit’, ’Nederlandse cultuur’ en ‘sociale cohesie’ met ’Nederlandse kunst’ wordt niet gelegd. Nederlandse politieke partijen zien kunst en cultuur niet als natuurlijke bontgenoten, maar als tegenstander. Zelfs, of juist als ze zeggen het te willen beschermen. De Nederlandse politieke partijen zijn als de maffia die zegt winkeliers te willen ‘beschermen’. Daar komt niets goeds van.

Foto: Tweet van Martin Bosma en reactie, 11 juli 2017.

DDS ontspoort met opinie-artikel over veiligheid Thierry Baudet

leave a comment »

Tim Engelbart is een productieve commentator voor DDS. Ook wel de Nederlandse Breitbart genoemd, de Amerikaanse alt-right nieuwssite. Engelbart haakt in op een aangekondigde demonstratie op 19 juni van de Utrechtse actiegroep ‘Utrecht voor Iedereen’ die voor de gelegenheid ‘Utrecht TEGEN Thierry Baudet’ genoemd is. In een commentaar besteedde ik er op 25 mei aandacht aan. Engelbart doet dat vandaag ook, maar begeeft zich op glad ijs door Baudets veiligheid centraal te stellen: ‘Nog even, en Baudet zal net zo beveiligd moeten worden als Geert Wilders. En dat gun je echt niemand, zelfs niet je grootste politieke tegenstander.’ Engelbart bewijst er Baudet geen dienst mee. Integendeel. In een reactie op DDS leg ik uit waarom Engelbart te ver gaat:

Pegida Nederland demonstreert. De Nederlandse Volks-Unie van Constant Kusters demonstreert. PVV-sympathisanten als Kimberley Hendriks demonstreren. In Nederland neemt bijna iedereen wel eens deel aan een demonstratie tegen iedereen. In Nederland is een demonstratie folklore, marketing, calvinistische gestrengheid en politiek tegelijk. Niemand die een demonstratie merkwaardig vindt en daar nog echt van opkijkt. Op Tim Engelbart na dan.

Waar Engelbart vandaan haalt dat de Utrechtse demonstratie tegen Baudet bedoeld is om de boel te verstoren is onduidelijk. Het wordt door de initiatiefnemers in hun uitingen op sociale media niet gezegd. Het valt dan ook in de categorie stemmingmakerij. De demonstratie is bedoeld als politiek protest tegen Forum voor Democratie en partijprominent Thierry Baudet. Niks bijzonders. Het past in de Nederlandse traditie van protest en anti-protest. Een grondrecht. Als ventiel voor maatschappelijk ongenoegen. Het is merkwaardig als een politiek commentator als Engelbart net doet alsof hij dat principe niet begrijpt.

Behalve wat gespeelde onschuld en naïviteit, het bewust verkeerd weergeven van de positie van de Utrechtse actiegroep en de gebruikelijke rechts-radicale stellingname is er weinig bijzonders aan dit 13 in een dozijn verhaal van Engelbart. Het is allemaal netjes en beschaafd, en vooral voorspelbaar en saai. Men kan vooraf uittekenen wat Engelbart met voorbijgaan aan de feiten zal gaan zeggen.

Op een aspect na dan. Want Engelbarts commentaar is toch bijzonder. Hij begeeft zich namelijk op een hellend vlak door het te hebben over de veiligheid van Baudet en diens beveiliging. Het is een stilzwijgende afspraak in politiek en journalistiek om dit aspect in de openbaarheid niet ter discussie te stellen. Waarom? Omdat het mensen op verkeerde gedachten kan brengen. Over beveiliging van politici praat men liever niet. En zeker niet op de manier waarop Engelbart het doet. Hij stookt het vuurtje op.

Met dit commentaar dat in de titel verwijst naar Wilders en beveiliging dreigt het risico dat Engelbart iets oproept dat hij zegt te willen bezweren. Hoe oprecht Engelbart hierover is valt niet goed vast te stellen. Hij begeeft zich met dit commentaar op glad ijs. Engelbart bewijst Baudet hiermee geen dienst. Integendeel, hij brengt Baudet ermee in gevaar. Dat zou hij niet moeten doen.

Er is geen aanwijzing voor dat de Utrechtse activisten tegen Baudet een gevaar voor diens leven vormen of het zelfs gemunt zouden hebben op diens leven. Maar anderen kunnen door Engelbarts commentaar geprikkeld worden om het karwei af te maken waar hij op wijst.

Engelbart vergaloppeert zich met dit commentaar omdat hij er Baudet mee in gevaar brengt. Hij moet beter nadenken over hoe hij met zijn activistische journalistiek de promotie van Forum voor Democratie en Baudet het beste dient. Niet door vijandbeelden op te tuigen en onder het mom van ‘geen rook zonder vuur’ stropoppen in brand te steken waarvan hij de gevolgen niet kan overzien. Engelbart speelt met vuur in zijn commentaar ten koste van de veiligheid van Thierry Baudet.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelNog even, en Thierry Baudet moet net zo beveiligd worden als Geert Wilders’ van Tim Engelbart op DDS (De Dagelijkse Standaard), 27 mei 2017.

Forumdiscussie ‘Utrecht tegen Thierry Baudet’ legt feilen sociale media bloot. Nodig: voorlichting, onderwijs en media educatie

with one comment

Update 26 mei 2017: De actiegroep heeft inmiddels de discussie gesloten en reacties verwijderd. 

Een verhitte discussie is ontstaan op de FB-paginaUtrecht voor Iedereen’. Aanleiding is een aankondiging van een protest van de actiegroep ‘Utrecht voor Iedereen’ tegen de komst van FvD-prominent Thierry Baudet naar Utrecht op 19 juni. De actiegroep noemt zich voor de gelegenheid ‘Utrecht TEGEN Thierry Baudet’. Wie de reacties leest ziet de voor- en de nadelen van sociale media. De korte lontjes, het slechte lezen, het onbegrip over grondrechten en democratie en het tekort aan argumentatieve vaardigheden. Dat vraagt alleen maar om beter onderwijs en meer media educatie. Maar er zijn ook verstandige reacties die hoop geven. Mijn reactie:

Of men het nou wel of niet eens is met Baudet, in Nederland is een vreedzame demonstratie toegestaan. Er is geen tegenstrijdigheid in de opstelling van de actiegroep ‘Utrecht voor Iedereen’. Ik woon in Utrecht en zal niet deelnemen aan het protest. Een en ander heeft te maken met de weerbaarheid van de democratie. Als burgers vinden dat die aangetast wordt en dat aannemelijk kunnen maken, dan is het geloofwaardig dat ze vreedzaam in actie komen. Baudet is iemand die in radicaal-rechtse kringen verkeert. Daar kan men het om politieke redenen mee oneens zijn. In een democratie mag men daar tegen protesteren. Zo bezocht Baudet in februari 2016 in het Poolse Wieliczka de conferentie ‘Prosperity of Europe after EU’ van de fractie van Europa van Naties en Vrijheid (ENF) in het Europarlement die wordt gedomineerd door het Front National.

Het gaat niet om links of rechts, maar om grondrechten. Om de vrijheid om te demonstreren. FvD is met 2 zetels in de TK vertegenwoordigd en de vertegenwoordigers ervan hebben op hun beurt het recht om te zeggen wat ze vinden. Het bestaan van FvD staat niet ter discussie, maar wel de opstelling ervan. Daar kan tegen gedemonstreerd worden. De reacties op mijn reactie zijn veelzeggend. Van de ene kant volop associaties over links, marxisme of communisme wat op zich niets met dit protest te maken heeft. En van de andere kant ontkenning van de associatie als het Baudet betreft die op een bijeenkomst in Polen met radicaal-rechtse partijen spreekt en zich tegen de EU verzet. Ok, Baudet mag dat doen- hoewel het wel opvallend is dat hij dit Poolse optreden in Nederland onder de radar heeft gehouden- en anderen mogen op hun beurt tegen Baudet protesteren. Zo werkt democratie en wie dat niet begrijpt, begrijpt niet wat de democratie inhoudt.

Foto: Schermafbeelding van FB-paginaUtrecht TEGEN Thierry Baudet’.

Waarom steunt PVV geen beleid dat vernederlandsing van moslims en migranten bevordert?

with 12 comments

DDS gaat door met de promotie van FvD-kopstuk Thierry Baudet. Met zijn partij is hij sinds kort met 2 zetels in de Tweede Kamer vertegenwoordigd, maar op DDS lijkt het alsof FvD het in Den Haag voor het zeggen heeft. In een artikel beredeneert 

Dit ligt minder duidelijk dan Madureira suggereert. Er werken immers twee ontwikkelingen tegen elkaar in. Namelijk de islamisering van Nederland en de vernederlandsing van islamitische migranten of tweede of derde generatie allochtonen. Het is dus nog maar de vraag hoe de demografie over 20 jaar uitpakt. Hoe dan ook lijkt de stijging van het percentage moslims af te vlakken en nu te stabiliseren rond de 5%.

Volgens opgave van moslims zelf bedraagt in Nederland het aantal moslims 5% van de bevolking. Dat zijn er ongeveer 850.000. Maar het aantal belijdende of praktiserende moslims ligt stukken lager en werd in een Gronings onderzoek (Instituut voor Integratie en Sociale Weerbaarheid van de Rijksuniversiteit van Groningen) in 2008 ingeschat als 200.000. Hoewel het erop lijkt dat dat het moskeebezoek de afgelopen jaren is toegenomen. Maar tot welk aantal?

Er bestaan hoe dan ook onverklaarbare ongelijkheden in de statistieken. Zo wordt de islam ondanks de onderlinge verschillen en de stromingen die elkaar op leven en dood bestrijden als een groep beschouwd, terwijl er wel onderscheid wordt gemaakt tussen katholieke, gereformeerde of hervormde christenen. Dat geeft een vertekend beeld dat de islam groter maakt dan het werkelijk is. Ook worden moslims die niet praktiserend zijn grotendeels meegeteld als praktiserend, terwijl niet praktiserende christenen als ‘ongelovig’ worden gecategoriseerd.

De grotere zichtbaarheid van moslims in het straatbeeld betekent niet per definitie dat het aantal of het percentage moslims de afgelopen jaren is toegenomen. Daar moet men geen voorbarige conclusie uit trekken.

Een radicaal-rechtse partij als de PVV richtte zich tot nu toe op het beperken van de instroom van migranten uit islamitische landen. Wat overigens niet per se moslims hoeven te zijn. Bekend is het feit dat christenen vanwege hun veiligheid het Midden-Oosten verlaten en emigreren naar westerse landen. Overigens groeide het aantal niet-moslimmigranten met ongeveer 25 procent in de afgelopen tien jaar en het aantal moslimmigranten met ongeveer 15 procent.

Als de PVV doelmatig zou omgaan met de de-islamisering van Nederland dan zou het er verstandig aan doen om breder te denken. Dit kan door zich niet alleen te richten op het dichtdraaien van de kraan zodat de toestroom stopt. De PVV en andere radicaal-rechtse partijen zouden zich hard kunnen maken voor programma’s die de vernederlandsing van moslims of migranten in het algemeen bevordert. Maar dat doen ze niet. Dit roept de vraag op of radicaal-rechtse partijen het belangrijker vinden om een vijandbeeld in stand te houden of om waar mogelijk met concrete maatregelen de islamisering terug te dringen.

Hoe zou dat terugdringen kunnen gebeuren? Te denken valt aan programma’s die de Nederlandse taal en cultuur bevorderen. Daartoe zouden de budgetten voor onderwijs en kunst verhoogd kunnen worden. Ook valt te denken aan onderwijsprogramma’s en een mediacampagne die beter dan nu gebeurt voorlichting geven over de voordelen van de open samenleving, de Europese beschaving, de universele mensenrechten en het belang van het seculiere model dat met een garantie van de overheid alle religies en levensovertuigingen gelijk behandelt.

Het begrip ‘culturele moslims’ is in dit verband een sleutelbegrip. Dat zegt dat vele moslims niet praktiserend moslim zijn, maar vanwege de nestgeur toch geen afscheid nemen van de islam. Ze vervuilen de statistieken. Dat effect wordt nog versterkt door het conservatieve karakter van de Nederlandse islam en de ontbrekende steun van overheid en politiek om moslims die uit willen treden actief te steunen.

Radicaal-rechtse partijen als de PVV kunnen aan geloofwaardigheid buiten de eigen harde kern van sympathisanten winnen en zo hun politieke macht vergroten als ze met andere partijen op moslims en migranten gerichte programma’s op het gebied van taalverwerving, kunst en cultuur, geschiedenis, politieke filosofie en geloofsafval steunen.

Dweilen met de kraan open is in het migratie- en integratiedebat maar het halve verhaal. Maar wel het halve verhaal dat radicaal-rechtse partijen nu al jaren als een mantra herhalen zonder nog goed te beseffen wat het werkelijk betekent. Vernederlandsing van moslims of migranten is het andere helft van het verhaal dat radicaal-rechtse -maar ook andere- partijen nooit noemen. Een bijkomend effect van die vernederlandsing is dat bekeerlingen doorgaans gedrevener zijn om hun nieuwe identiteit uit te dragen. Het talent van dat soort ambassadeurs voor de open, seculiere zaak zou de Nederlandse politiek veel beter moeten benutten.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelThierry Baudet legt pijnlijk bloot: ‘Uiteindelijk komen die hoofddoekjes bij de politie er toch wel!’’ op DDS, 19 mei 2017.

Wat zijn de concrete bewijzen voor actieve betrokkenheid van het Kremlin bij rechts-extremistische of anti-EU partijen in Nederland?

with 15 comments

De Senaatscommissie Inlichtingen (Select Committee on Intelligence) doet onderzoek naar de Russische inmenging in de presidentsverkiezingen en een mogelijke samenwerking van Trump of zijn medewerkers met het Kremlin. Dat onderzoek is er des te belangrijker op geworden nu de Inlichtingencommissie in het Huis is opgeblazen door de Republikeinse voorzitter Devin Nunes die een onderzoek en de werking van zijn commissie blokkeert. Trump-supporter Richard Burr is voorzitter van de Senaatscommissie die tot nu toe een onpartijdige opstelling kiest. Burr werkt goed samen met de Democratische ‘ranking member’ Mark Warner.

Burr waarschuwt in bovenstaand fragment voor Russische inmenging in de Franse presidentsverkiezingen van april-mei 2017. Hij verwijst ook naar Nederland. Het AD vertaalt zijn woorden in een bericht: ‘Het gaat om verborgen, maar ook openlijke pogingen om invloed uit te oefenen op Europese verkiezingen, zoals die in Duitsland en Frankrijk, en eerder in Montenegro en Nederland’. Het Kremlin zou via sociale media inzetten op karaktermoord van Emmanuel Macron die het dreigt te winnen van de beide kandidaten waarmee het Kremlin een lijntje heeft, François Fillon en Marine Le Pen. Dit is deels in lijn met een opinie-artikel van Vladimir Frolov in The Moscow Times die beweert: ‘(..) Russian propaganda efforts to boost far-right, anti-EU political forces in France, Germany, Italy and the Netherlands.’ Montenegro van Burr is veranderd in Italië van Frolov.

Ondubbelzinnig zijn de bewijzen van Burr en Frolov niet. Daarnaast maakt het verschil of extreem-rechtse partijen meeliften op de Russische propaganda die het Kremlin op EU-lidstaten richt of dat de Russische overheid actief samenwerkt met genoemde partijen en bewegingen. Invloed uitoefenen op verkiezingen is één ding, financiële, publicitaire en logistieke steun geven aan partijen en bewegingen is een ander ding.

Het is mogelijk dat vertrouwelijke informatie van westerse inlichtingendiensten concrete bewijzen bevat over de actieve samenwerking van het Kremlin met partijen en bewegingen in Frankrijk, Duitsland, Nederland, Montenegro of Italië. Maar het probleem is dat de verwijzingen in de openbaarheid niet samengaan met een te controleren onderbouwing aan de hand van feiten. Zoals bankafschriften, gespreksverslagen of getuigenissen van betrokkenen. Het is van tweeën één, of Burr en Europese leiders onderbouwen hun claim en stellen concrete maatregelen voor om de aanval van het Kremlin op Europese democratieën zo snel mogelijk te counteren of ze zwijgen. Aan halfslachtige waarschuwingen zonder tegenactie heeft niemand iets. Ze geven een idee van daadkracht, maar zijn het in de verste verte niet. Het zijn vooral uitingen van machteloosheid.

Ik stuurde gisteren The Moscow Times onderstaande reactie die vraagt naar dat verschil tussen invloed van het Kremlin op Europese verkiezingen die onloochenbaar bestaat en samenwerking van het Kremlin met extreem-rechtse partijen en bewegingen die in openbare bronnen niet concreet wordt aangetoond:

I’m puzzled by a statement in an opinion article by Vladimir Frolov titled ‘Breaching Protocol: Why Did Putin Meet Le Pen in Moscow?’ which appeared on March 27, 2017.

The statement which puzzles me is ‘(..), as well as Russian propaganda efforts to boost far-right, anti-EU political forces in France, Germany, Italy and the Netherlands.’

As a Dutchman with critical interest in the far-right political parties of The Netherlands -such as Wilders’  Freedom Party (PVV) and Forum voor Democratie of Thierry Baudet which since a week has two seats in the Lower Parliament- I don’t have any concrete evidence of ‘Russian propaganda efforts to boost far-right parties in The Netherlands’.

Especially the word ‘efforts’ puzzles me because it implies an active attitude of the Russian propaganda in the Netherlands beyond an opportunistic passive attitude of the Dutch far-right parties. For those active Russian attitude in the Dutch politics I have no evidence.

I please ask you to  you send this message to Mr. Vladimir Frolov. Hopefully he can answer my question about Russian efforts in Dutch politics to boost far-right or anti-EU political forces.’

Wilders winnaar of verliezer? Op de vraag of het populisme definitief verslagen is zijn vele antwoorden mogelijk

with one comment

De Nederlandse verkiezingen voor de Tweede Kamer hielden afgelopen week de hele wereld bezig. Er bestond overeenstemming over het antwoord op de vraag of het rechts-populisme van PVV’er Geert Wilders was doorgebroken. Dat was niet gebeurd. Maar de vraag of het populisme nu definitief verslagen is wordt verschillend beantwoord. De Chinese staatszender CGTN kiest een enerzijds-anderzijds benadering. Sommige analisten wijzen erop dat Wilders ondanks een perfecte storm (Brexit, Trump, Oekraïne-referendum, Erdogan) niet heeft kunnen profiteren en dat daarom zijn doorbraak in de toekomst minder waarschijnlijk is geworden. Andere analisten kiezen weer een andere benadering door te zeggen dat ze menen dat het populisme niet bij radicaal-rechts (PVV) en extreem-rechts (FvD) is doorgebroken, maar bij gematigd-rechts (VVD en CDA).

Radicaal-rechts is niet verder gekomen dan 15%. Met echt populisme is niets fout. PvdA’er Wouter Bos brak daar in 2005 een lans voor in de Johan de Wittlezing. Volgens Bos was een beetje populisme goed voor de democratie. Het maakt politici immers grijpbaar en menselijk. De personalisering van de politiek maakt deze boeiender en aantrekkelijker. Politiek functioneert pas optimaal als vorm en vent (of vrouw) samengaan. Maar ze behoren in evenwicht te zijn. Uit Bos’ woorden blijkt dat inhoud die slecht verwoord wordt niet overkomt. En dat goede verwoording zonder inhoud tot niks leidt. Vermoedelijk doelde premier Rutte op dat deels dichten van de kloof tussen politiek en burger door zijn onderscheid tussen goed en verkeerd populisme. Het populisme van Trump of Wilders is in werkelijkheid trouwens geen populisme, maar pseudo-populisme. Wilders wil de kloof met de burger helemaal niet dichten, maar die burger voor zijn karretje spannen.

Hoe dan ook heeft Wilders zijn leidende positie in de peilingen van 30 tot 35 zetels niet waar kunnen maken. Op radicaal-rechtse partijen heeft slechts 15% van de bevolking een stem uitgebracht. Dat is de winst van de verkiezingen en tekent de stabiliteit van Nederland en het verstand van de Nederlandse bevolking. Nederland is coalitieland met een politiek van geven en nemen. Niet van overrompelen en overbluffen. Uit internationale onderzoeken blijkt dat Nederland vergeleken met andere landen gunstig scoort op het gebied van rechtsstaat, persvrijheid, welzijn, geluk, corruptie of inkomensgelijkheid (Gini-coëfficiënt). Dat op een grote hoop vegen door radicaal-rechts via een omweg gelijk te stellen aan rechts of zelfs centrum-links is onterecht.

De budgetvoorstellen aan het congres die de Amerikaanse president Trump afgelopen week deed geven aan wat echt populisme is dat zich door alternatieve-rechtse ideologie laat voeren. Hij kwam met een begroting die het bedrijfsleven bedient. Dat is in de Nederlandse verhoudingen ondenkbaar. Trump stelde voor om de subsidie van The National Endowment for the Arts en de publieke omroep PBO volledig af te schaffen. Dat is de echte kaalslag, dat is de bijl aan de wortels van de overlegsamenleving die elke doelgroep min of meer evenwichtig bedient. Populisme zet bevolkingsgroepen tegen elkaar op. Dat is het populisme dat kunst en journalistiek bij het grof vuil wil zetten. Wie het verschil niet ziet tussen conservatieve politiek die de belangen van de beter gesitueerden bedient en hedendaagse populisten die begrippen als waarheid, feit en volk willen ondermijnen, elke politieke discussie willen ontregelen en het politieke bestel zelf omver willen gooien om buiten de politiek om hun belangen te dienen bestrijdt het populisme niet, maar praat het naar de mond.

Het populisme van Trump, Marine Le Pen of Wilders streeft naar de ontmanteling van de wereldorde. Met als slecht uitgewerkt en praktisch onhaalbaar doel de vestiging van de natiestaat. Die ontmanteling raakt direct aan de nationale veiligheid van Nederland en het voortbestaan van Europese landen. Dat is van een andere orde dan een uit politiek opportunisme retorisch populisme van VVD en CDA dat zich niet in daden vertaalt doordat het binnen de rechtsstaat blijft. Uiteraard schuift het politieke landschap soms naar links of naar rechts. Dat is een pendule die heen en weer slaat en het politiek bestel zelf niet echt raakt. Op actie volgt altijd reactie. Nederland is nog steeds een redelijk welvarend en egalitair land. Het populisme van Trump of Wilders is anders en probeert onze samenleving in de kern te veranderen door de rechtsstatelijkheid en democratische weerbaarheid ervan te vernietigen. Daar is uiteindelijk geen antwoord op. Dat is de echte zorg.

Rechts-populistische partijen willen de EU slopen, maar formuleren geen idee over een toekomstig Europa. Ook PVV, VNL en FvD niet

with 3 comments

Een artikel in Foreign Policy van Robert Zaretsky zet aan tot nadenken over Frankrijk, extreem-rechts, rechts-populisme, de natiestaat en de EU. Aan de vooravond van de Franse presidentsverkiezingen in april en mei 2017 schetst de auteur welke toekomst Marine Le Pen en haar Front National voor Europa zien. Een Frans vertrek uit de EU zal mogelijk leiden tot de ultieme versplintering ervan. Deze schets is ook van belang voor Nederland waar rechtse partijen als VNL, FvD en PVV ageren tegen de EU. En het CDA opportunistisch volgt. Als het einde van de EU werkelijkheid wordt, welke samenwerking met andere Europese landen staat deze partijen dan voor ogen voor natiestaat Nederland? Het Franse voorbeeld maakt dat slechts deels inzichtelijk.

De drie rechts-radicale, EU-kritische Nederlandse partijen zijn in hun partijprogramma extreem onduidelijk over wat voor toekomst ze na uittreden van Nederland uit de EU voor ogen zien. Voor de PVV met een verkiezingsprogramma van een A4-tje wekt dat geen verbazing. Voor FvD waarvan lijsttrekker Thierry Baudet zich afficheert als intellectueel en politiek denker is het wel opvallend. Het verkiezingsprogramma van FvD is uiterst negatief over de EU, maar neemt niet de moeite om een post-EU situatie voor Nederland te schetsen.

VNL is van deze drie partijen nog het meest concreet in haar verkiezingsprogramma: ‘Op termijn streven wij naar een economische Noord-Europese Alliantie met België (Vlaanderen), Luxemburg, Duitsland, Oostenrijk, Denemarken, Zweden, Finland en Ierland. En als ze willen zijn ook Zwitserland, Liechtenstein, Noorwegen, IJsland en het Verenigd Koninkrijk van harte welkom’. Maar ook deze partij geeft niet aan wat voor politieke samenwerking met welke politiek-filosofische onderbouwing het voor Nederland ziet met andere Europese landen in een post-EU toekomst. Deze drie radicaal-rechtse partijen maken zich er door een uitblijvende toelichting van de post-EU toekomst erg makkelijk van af. Ze geven hiermee aan dat ze het laten bij wat ze niet willen, maar de intellectuele kracht of ideeënrijkdom missen om te omschrijven wat ze wel willen.

Marine Le Pen verwijst volgens Zaretsky wel naar een post-EU toekomst voor Frankrijk en andere Europese landen. Zonder overigens concreet te worden en zelfs maar een grote lijn te schetsen. Hierbij gaat zij terug naar de ideeën van de denkers van ‘Nouvelle Droite’ ofwel ‘Nieuw Rechts’ uit de jaren ’60.  Niet de universele waarden van de Verlichting, maar ras en etniciteit zijn het uitgangspunt. Vooral Jovian Alain de Benoist die met anderen de denktank GRECE oprichtte is van blijvende invloed op het gedachtengoed van het Front National. Hoewel Benoist een zeker prestige heeft is hij achter de façade van geleerdheid en respectabiliteit een racistische ideoloog. In dit streven voor Europa naar witte hegemonie en raszuiverheid valt ook de samenwerking van rechtse partijen met de autoritaire Russische Federatie te begrijpen dat hetzelfde nastreeft.

Marine Le Pen en het Front National wijzen de EU af en verheerlijken een vrije unie van Europese landen die zich baseert op de ideeën van GRECE inzake ras, witte hegemonie en een conflict tussen Oost en West. In tegenstelling tot de luie denkers van PVV, VNL en FvD die het laten bij een vage verwijzing naar de natiestaat Nederland meent Le Pen in navolging van de Nieuw Rechtse denkers dat Europa verenigd moet zijn. Om de apocalyps af te wenden en de wilde horden buiten te houden. Maar hoe dat precies moet gebeuren laat ook het Front National onbepaald. De conclusie is dat geen enkele rechts-populistische anti-EU partij concreet aangeeft hoe het een toekomstige samenwerking tussen Europese landen in een post-EU situatie ziet.

Opmerkelijk is dat VNL in haar verkiezingsprogramma Frankrijk buitensluit in het streven naar een Noord-Europese Alliantie. Binnen radicaal-rechts blijken grote verschillen over cultuur, economie en raszuiverheid te bestaan. Dat is opmerkelijk omdat juist Jean-Marie Le Pen zich rekende tot het boreale (=noordelijke) Europa, maar door Noord-Europese broeders niet zo wordt ervaren. In Rusland heeft het Nordische een notie van traditie en volkssoeveriniteit tegenover het Turkse. Dit verschil in visie maakt een constructieve rol van de gezamenlijke rechts-populistische partijen nog minder waarschijnlijk. In hun apocalyptische wereldbeeld weten ze onder veel publicitair misbaar goed te verwoorden wat ze af willen breken, maar op de vraag wie ze samen zijn en hoe ze in een Nieuw Europa de boel weer op gaan bouwen blijven ze het antwoord schuldig.

Foto 1: Sergei Eisenstein, still uit Aleksandr Nevskiy (1938).

Foto 2: Lost Bulgaria1920-1930, Sofia, architectuur, winkels, panorama’s, de handel’.