George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘FvD

AD bedrijft ondermaatse journalistiek met artikel over Baudet en FvD dat de strekking heeft ‘Dit is gewoon een hele leuke club’

with one comment

Het lezen van het artikelEen jaar in het spoor van de leider van Forum’ van Tobias den Hartog in het AD brengt me tot de overpeinzing wat hier is misgegaan. Want naar mijn idee ontspoort dit artikel grandioos. Is het naïviteit, gebrek aan politiek en historisch inzicht, een foute bedrijfscultuur van het AD, angst voor het ‘volk’ of een verkeerde opvatting van wat journalistiek is die de journalist tot zo’n stuk brengt? Ik kan er niet anders dan een flinterdun, misplaatst stuk in zien. Dit had nooit in deze vorm gepubliceerd mogen worden. Hoofdpersoon Thierry Baudet komt er als leider van ‘een hele leuke club’ uit. Tobias den Hartog bedrijft hier reclame voor Forum voor Democratie. Heeft het AD zich bekeerd tot het gedachtegoed van radicaal-rechts?

Waarom heeft hoofdredacteur Hans Nijenhuis dit artikel laten passeren? Hij publiceerde vandaag een commentaar waarin hij naar aanleiding van de aanslag op Charlie Hebdo vijf jaar geleden kritisch is op trollen en twijfelzaaiers: ‘Het is goed dat we vandaag herdenken en eren, maar voor een goede informatievoorziening vormen trollen en twijfelzaaiers een grotere bedreiging dan terroristen’. Jazeker, die bestrijding is nodig, maar kan het best met het bedrijven van goede onderzoeksjournalistiek die verder gaat dan aanhaken bij het populisme, klikaas en aandacht voor vederlichte onderwerpen. Voor goede informatievoorziening is goede journalistiek nodig. Dat is het beste antwoord op Russische trolfabrieken of desinformatie in het algemeen. Het is de vraag of het AD met zo’n artikel van Den Hartog in voldoende mate in goede journalistiek voorziet. Zijn artikel wijst op het tegendeel omdat het onvoldoende naar de ideeën kijkt en in oppervlakkigheid blijft hangen. Een hoofdredactioneel commentaar dat strijdig is met het eigen medium is tamelijk potsierlijk. Zo wordt het AD deel van partijpropaganda. Mijn reactie bij Den Hartogs artikel op de FB-pagina van het AD:

‘Dit is op z’n best oppervlakkige en op z’n slechtst naïeve journalistiek. Baudet moet aangesproken worden op zijn ideeën en niet op zijn emoties of trivialiteiten. Het AD verzaakt ernstig haar taak als ze dat niet doet. Heeft dat ermee te maken dat de meeste journalisten geen specialistische academische vorming hebben genoten, maar op zijn best handige generalisten zijn? Tobias den Hartog maakt van een bijzaak hoofdzaak, en vergeet de hoofdzaak. Dat is onvoldoende om door het harnas van doorgewinterde politici te breken en tot een goede analyse te komen. De afweging bij dit kaliber middelmatige journalisten is, dat geen berichtgeving beter is dan deze ondermaatse berichtgeving die politici op oneigenlijke gronden legitimeert. Wat het AD hier doet. Het begin van begrip is om Baudet historisch te plaatsen en in de traditie te zetten waar hij het beste in past: het fascisme. Dat perspectief of die poging tot een passende duiding ontbreekt hier volledig. Deze journalist heeft geen ambitie om na te denken en beseft zijn verantwoordelijkheid niet. De AD dat in een hoofdredactioneel commentaar de mond vol heeft van trollen en twijfelzaaiers beseft niet dat het zelf met dit soort gelegenheidsstukjes die niet meer dan bladvulling zijn zelf actief meewerkt aan het zaaien van twijfel. Dieptepunt, AD. Met dit soort pseudo-journalistiek verspeelt het elke geloofwaardigheid. En dat geldt ook voor de hoofdredacteur.’

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelEen jaar in het spoor van Thierry Baudet’ van Tobias den Hartog in het AD, 7 januari 2020.

Foto 2: Schermafbeelding van bericht ‘Een jaar in het spoor van Thierry Baudet’ op de FB-pagina van het AD met als aankeiler ‘Dit is gewoon een hele leuke club’, 7 januari 2020.

Written by George Knight

7 januari 2020 at 13:01

Oostenrijkse coalitie met Groenen biedt de conservatieve ÖVP de mogelijkheid om te vechten voor het goede gevecht

with 3 comments

Zoals verwacht komt er in Oostenrijk een coalitieregering van rechts met links. Van de conservatieve Oostenrijkse Volkspartij ÖVP met de progressieve Die Grünen. Deze partijen hebben samen 97 van de 183 zetels in het lagerhuis, de Nationalrat. Bondspresident Alexander Van der Bellen is lid van De Groenen.

De ideologie van de ÖVP wordt afwisselend omschreven als christen-democratisch, liberaal, conservatief of zelfs als een soort sociaal-democratie vanwege de economische interventie van de regering. Deze ‘zwart-groene’ coalitie wordt als voorbeeld gesteld voor regeringen in andere landen. Zoals Duitsland waar de CDU/CSU en Die Grünen op elkaar aangewezen lijken te worden door de implosie en radicalisering van de SPD en in Nederland waar GroenLinks al enkele jaren naar het centrum beweegt en aansluiting zoekt bij Rutte III. Hoewel de in de tijd en mentaliteit terugtrekkende bewegingen van het CDA en de VVD op het stikstofdossier het erg lastig maakt om een realistische politiek te voeren. De paradox is dat het op dit moment niet de linkse partijen, maar gematigd rechtse partijen zijn die zich op het klimaatdossier onrealistisch opstellen. Hoe dan ook geeft het Oostenrijkse voorbeeld focus en inspiratie voor politieke partijen in andere Europese landen.

Er bestaat zowel bij links als bij rechts misverstand over wat conservatisme is. Trumpisme, Forum voor Democratie of alt-right met ondergangsfantasieën, racisme en een stop op migratie passen niet binnen de hoofdstroom van het conservatisme en staan er in politiek-filosofisch oogpunt mijlenver vanaf. Daarom is de coalitie van ÖVP en Die Grünen in Oostenrijks een belangrijke ontwikkeling omdat het eraan mee kan helpen dit hardnekkige misverstand uit de weg te ruimen. Want het combineert behoudende met vooruitstrevende politiek binnen de lijnen van de democratie en de rechtsstaat. De intellectuele acrobatiek van opinieleiders op radicaal-links én radicaal-rechts die verkondigen dat het conservatisme in de kern een belangrijke revolutionaire component heeft is onwaarachtig, leugenachtig en zelfs bewust misleidend omdat het het conservatisme tot buiten de eigen bedding oprekt. Dat is conservatisme dat geen conservatisme meer is.

Columnist Tim Carney brak in september 2019 in een belangrijke column in de rechtse Washington Examiner een lans voor herwaardering van het conservatisme. De titel ‘It’s time to create a conservative ecosystem that doesn’t welcome racists’ gaf de opzet en de afbakening goed aan. Carney: ‘Conservatieven zouden er een prioriteit van moeten maken om te vechten voor de fundamentele waardigheid en gelijkheid van raciale minderheden aan wie die waardigheid en gelijkheid is ontzegd. Het zal decennia van onrechtvaardigheid vereisen om dat te overwinnen en zal dus niet snel gebeuren. We zullen links niet ontnuchteren met betrekking tot hun zelfvoldane laster en verwaandheid, maar daar gaat het niet om. Conservatieven zullen troost kunnen vinden in het feit dat we vechten voor het goede gevecht en de racisten opjagen.’ De samenwerking met realistische Groene politiek kan vanwege de veilige politiek omgeving die het biedt eraan helpen meewerken om de conservatieven naar zichzelf te laten terugkeren. Weg van het racisme, weg van een harde migratiepolitiek en weg van het oprekken van rechtsstaat en democratie. Zoals Trump in de VS, Johnson in het VK en Centraal-Europese regeringsleiders in Hongarije en Polen afgelopen jaren deden.

Hopelijk is de samenwerking van traditionele conservatisme met progressief links een wekroep voor Nederlandse opinieleiders om conservatisme en alt-right niet langer gelijk te stellen en het begin van de ontmaskering van radicaal-rechtse columnisten van het type Wierd Duk of Leon de Winter die zich losjes met het conservatisme associeren om zo aan legitimiteit te winnen. Als ze niet begrijpen dat conservatisme het racisme niet oogluikend toestaat of kritiek op migratie billijkt, dan begrijpen ze niet alleen niet wat conservatisme is, maar begrijpen ze evenmin waar ze zelf voor staan. Hopelijk geeft het Nederlandse conservatieven zelfvertrouwen en ambitie om afstand te nemen van Baudet, Wilders en radicaal-rechtse organisaties en opinieleiders die het conservatisme de laatste jaren zo’n slechte naam hebben bezorgd.

Want types als Baudet gebruiken de term conservatisme of leunen daar stilzwijgend tegenaan om hun eigen racisme en witte hegemonie-denken te verhullen. Maar ze vallen eerder te omschrijven als anti-conservatief. Conservatieve principes als behoud van democratische normen, waarden en instellingen en voorlichting van het publiek over conservatieve principes zoals rechtsstaat, vrijhandel en uitbreiding van legale immigratie delen ze niet. Laten we ze daarom geen conservatieven noemen. Overigens hebben universele waarden in wisselende combinaties verschillende kinderen. Iedereen die beweert dat ze exclusief aan één politieke stroming toebehoren zit ernaast. Juist dat geeft conservatieven en Groenen een basis voor samenwerking.

Het conservatisme als ideologie bevat samenhang met min of meer vaste, gemeenschappelijke posities en denkwijzen over de natie, de familie, grondrechten, politieke besluitvorming, verandering en continuïteit. Het politieke verschil met progressieve Groenen is daarom groot, maar overbrugbaar in tegenstelling tot de kloof met partijen als PVV of FvD. In Oostenrijk wordt dat opgelost door uitruil van thema’s. Partijen mogen hun stokpaardjes berijden, zodat de ÖVP op kan komen voor de familie en traditionele verhoudingen, een fiscaal behoudende politiek of een strenge, maar rechtvaardige migratiepolitiek en de Groenen voor natuur, klimaat en sociale rechtvaardigheid. Het is een interessant experiment dat het sentiment van radicaal-rechts buiten de deur houdt en tegelijk het meest prangende probleem van dit tijdperk aanpakt: de klimaatverandering.

Kritiek op Ollongren. FVD onttrekt zich niet aan eigen schaduw en blijft hangen in complotdenken en in zichzelf gekeerdheid

leave a comment »

In de verklaringFVD stelt Kamervragen aan Ollongren (D66) over inperking publiek debat en vrije internet’ heeft Forum voor Democratie kritiek op het beleid van minister van Binnenlandse Zaken Kajsa Ollongren inzake de bestrijding van nepnieuws. Kritiek op dit dossier is niet onterecht, maar Forum voor Democratie gaat zo over de top dat het vooral aandacht vestigt op het eigen onvermogen om een solide argumentatie op te bouwen en het gebrek aan degelijkheid om normale politiek te bedrijven. Zo stort de proefballon van Forum neer voordat die het luchtruim heeft gekozen. Bij het artikelFVD zet aanval in op “Orwelliaanse” D66-minister Ollongren: “Ze geeft gevolg aan haar totalitaire impulsen!”’ op DDS plaatste ik onderstaande reactie:

Het is cynisme ten top. Forum voor Democratie dat zich overvloedig en herhaaldelijk bedient van nepnieuws beschuldigt een minister ervan … zich te bedienen van nepnieuws.

Het spreekwoord zegt dat de aanval de beste verdediging is, maar in het geval van Forum voor Democratie gaat dat niet op omdat het verschil tussen de eigen claim en de werkelijkheid te groot is. Forum gedraagt zich potsierlijk en heeft moeite een feitelijke basis te vinden die de eigen kritiek geloofwaardigheid geeft. Forum voor Democratie voert opnieuw de klucht van de miskenning op. Feitelijk de uiting van een negatief zelfbeeld. Want Forum probeert niet eens meer anderen te bereiken en een belangwekkend politiek onderwerp echt te agenderen. De partij praat liever in zichzelf.

Dat begint al in de verklaring van deze politieke partij met de allang weerlegde complottheorie die suggereert dat George Soros met zijn ‘machtige imperium’ onze verkiezingen beïnvloedt. Hiermee zet Forum voor Democratie gelijk al twijfels bij de eigen bedoelingen.

Dat is jammer omdat het over een belangrijk onderwerp gaat, namelijk het verschijnsel nepnieuws, de bestrijding ervan en de reactie daarop van de overheid. Maar in de handen van Forum verliest dit onderwerp elk gewicht, zodat de partij het tegenovergestelde bereikt van wat het nastreeft. Namelijk de legitimatie van de overheid. Want Forum maakt door overdrijvingen en onwaarheden dit onderwerp onschadelijk.

Forum voor Democratie maakt het er nog potsierlijker op door een techbedrijf als Facebook direct te associëren met ‘met linkse, EU- en immigratiegezinde regeringen’. Dat soort regeringen bestaat uitsluitend in de fantasie van Forum. Wat de partij zegt is klinkklare onzin. Facebook is een beursgenoteerd bedrijf dat het vooral om het behalen van winst gaat en tot nu toe zeer terughoudend is opgetreden in het bestrijden van nepnieuws. Recent heeft directeur Mark Zuckerberg gezegd dat Facebook niet op zal treden tegen politieke advertenties die aantoonbare onwaarheden bevatten. Daarop heeft hij van vele kanten kritiek gekregen.

Zo hobbelt de verklaring van Forum voor Democratie van onwaarheid langs aanname naar leugen. Met zo’n op voorhand lekgeschoten verklaring van Forum voor Democratie die elk gewicht mist heeft minister Ollongren geen verdediging nodig. Dat is jammer, want zij heeft heel wat uit te leggen. Want haar beleid inzake nepnieuws lijkt zoekend en onzeker.

Het valt Forum voor Democratie te verwijten dat het van een principieel en belangrijk onderwerp als nepnieuws en de rol van de overheid daarin een parodie maakt en het zo onschadelijk maakt. Terwijl de kwestie juist een serieus debat verlangt.

Zoals vaker blijft Forum voor Democratie hangen in eigen jargon, complotdenken en het bedienen van de eigen doelgroep en is niet in staat om boven zichzelf uit te stijgen en dit onderwerp voor velen interessant te maken. Forum voor Democratie gaat vanuit electoraal denken voor de eigen profilering ten koste van een zinvol debat. De partij toont als geen ander de eigen overbodigheid aan. Electoraal zal Forum voor Democratie vermoedelijk succesvol zijn in het behalen van meer dan twee zetels bij komende landelijke verkiezingen, maar tegelijk snijdt het de weg naar andere partijen af door deze opstelling van dagdromerij, complotdenken en in zichzelf gekeerdheid.

Foto: Schermafbeelding van deel verklaringFVD stelt Kamervragen aan Ollongren (D66) over inperking publiek debat en vrije internet’ van Forum voor Democratie, 24 oktober 2019.

Baudet werpt zich op als supporter van radicale boeren. Hoe geloofwaardig is dat?

with one comment

Het bericht bij deze video van het YouTube-kanaal Boerenbusiness geeft de volgende tekst: ‘De provincie Flevoland wil het provinciale stikstofbeleid niet intrekken. Honderden Flevolandse boeren wilden daarom niet vertrekken uit het provinciehuis. Zij werden gesteund door Thierry Baudet, de fractievoorzitter van Forum van Democratie.’ Hoe geloofwaardig is dat, die ‘mesalliance’ tussen radicale protesterende boeren en FVD? Baudet zal waarschijnlijk denken dat het feit dat de NSB in de jaren ’30 in Drenthe veel steun van kleine boeren kreeg voor herhaling vatbaar is en de boeren hem electoraal kunnen helpen. Daarmee probeert Baudet zich ‘het groene front’ in te wurmen dat wordt gedomineerd door CDA, VVD, CU en SGP. Mijn reactie bij deze video:

Geloven de boeren nou zelf dat de Leids-Amsterdamse Baudet werkelijk iets geeft om de boeren? Nee, daar zijn ze te realistisch voor. Baudet is geen Hendrik Koekoek die zich als landbouwer en politicus vanuit zijn hart liet inspireren door het boerenbelang. Dat Baudet als leider van een politieke partij als franje dient bij de bezetting van het Flevolandse provinciehuis geeft aan hoever zijn democratische gezindheid en politiek gewicht reiken. Het Randstedelijk opportunisme druipt ervan af. Maar de boeren zullen lachend in hun vuistje denken, zolang we die bekakte Baudet voor onze boerenkar kunnen spannen, maken we gebruik van hem. Krom is het wel, dat gekunsteld samengaan. Ook interessant, want wie denkt nou eigenlijk wie te gebruiken?

Ook partijverlaters ontkennen de waarheid over FvD. Het gaat niet om de persoonlijkheid van Baudet, maar om zijn politieke koers

with one comment

Thierry Baudet ontwikkelt zich tot een tragische figuur die niet kan ontsnappen aan zijn eigen schaduw. Tijdens de campagne voor het Oekraïne-referendum van april 2016 beweerde hij dat hij geen ambitie had om politicus te worden en daarvoor niet de juiste kwaliteiten had. Het wekte daarom verbazing dat hij er in 2016 voor koos om partijpoliticus te worden. Maar hoe zit het op dit moment dan met die kwaliteiten?

Een hoop onduidelijkheid over Baudet en FvD komt voor uit het profiel van FvD dat vaag is, niet door een gedegen politiek programma wordt geschraagd en ook nog eens in beweging is. Velen uit de achterban van de partij profileren zich als conservatief-liberaal en denken dat dat het profiel van de partij is en ze thuiskomen in een conservatief-liberaal nest. Maar ze hebben het mis en kloppen aan bij het verkeerde huis.

De wisselvalligheid en de ideologische keuze van Thierry Baudet én de gesloten, centralistische en niet-democratische organisatie van de partij is de sleutel tot de oplossing waarom velen beseffen zich niet thuis te voelen in FvD. Ze worden teleurgesteld omdat ze niet ondersteund worden in hun overtuiging omdat Baudet een andere overtuiging heeft dan ze denken. De meeste gevestigde media maken dezelfde inschattingsfout en hebben niet door dat er een fundamenteel verschil is tussen conservatisme en nieuw-rechts dat Baudet losjes aanhangt. Ook iemand als de links-radicale denker Merijn Oudenampsen poetst om onduidelijke redenen dat verschil weg en rekt het conservatisme zo ver en oneigenlijk op dat het identiek wordt met revolutionair. Is het een wonder dat de achterban van FvD ook niet meer weet wat het profiel van de partij is en ze denken bij een liberaal-conservatieve partij thuis te komen die in werkelijkheid in de kern heel anders van profiel is?

Het lijkt er sterk op dat Baudet zich spiegelt aan het gedrag van Trump die zich tegenover journalisten en opponenten meent alles te kunnen veroorloven. Maar het verschil in politieke cultuur tussen VS en NL is groot. Daarbij houdt Trump met intimidatie tot nu toe zijn gelederen gesloten. Dat lukt Baudet niet, gezien de episode Henk Otten en recente ontwikkelingen van partijverlaters die met veel rumoer FvD de rug toekeren.

Daar zit ‘m de essentie van de politieke sjacheraar Baudet die uit overtuiging conservatief noch liberaal is, maar in de hoek van alt-right te vinden is met openingen naar rechts-christelijk gedachtegoed. Niet alleen Baudets imitatie van Trumps persoon leidt tot ongepast en kinderachtig gedrag waar hij net als Trump mee denkt weg te kunnen komen, wat in de Nederlandse politieke cultuur echter niet lukt omdat de verhoudingen anders zijn. Ook Baudets overname van politieke standpunten van Trump of van mensen uit diens directe omgeving zijn steeds verder af komen te staan van het rechts-liberalisme en het traditioneel-conservatisme.

Partijverlaters en critici binnen de partij redeneren naar een harmonie toe om hun eigen eerdere keuze te rechtvaardigen die bestond uit hun kritiekloze en verregaande identificatie met Baudet. Nu verwijten ze hem ‘slechts’ dat hij onhandig opereert en zijn eigen individuele boreale fantasieën voor het opereren van een politieke partij zet, en zo de partij beschadigt. Kwestie van vorm en handigheid dus. Cosmetica, maar geen inhoud. Maar niets is minder waar. Ze gaan (nog) niet zover om toe te geven dat ze zich vergist hebben in de koers van Baudet die FvD ver naar rechts heeft getrokken in de richting van het alt-right gedachtegoed.

Illustratief is een tweet van partijverlater Sonny Spek nadat hij zijn lidmaatschap van FvD heeft opgezegd vanwege de intimidatie door Baudet van journalist Chris Aalberts op een partijbijeenkomst: ‘Niet omdat ik het oneens ben over richtlijnen of standpunten, maar puur door de persoonlijkheid van @thierrybaudet’. In een stuk voor TPO waarin hij zijn keuze toelicht zegt hij in een tussenzin: ‘ik vond Forum voor Democratie eerder een middenpartij’. Dat bracht mij tot een tweet: ‘Hemeltje, u bent student politicologie en meende dat FvD een middenpartij is. Meent u dat serieus? Is er iets mis met het hoger onderwijs en de overdracht van informatie of met uw meningsvorming? Iedereen heeft zijn momenten, dus laten we compassie tonen, maar dit is bizar.’ Essentie is hoe een verstandig iemand als Spek zich liet misleiden en FvD niet kon ‘lezen’.

Zo resteert het beeld van een partijleider die niet koersvast is maar radicaliseert richting alt-right, zich zonder daar goed de gevolgen van te doordenken als een politieke amateur spiegelt aan buitenlandse voorbeelden en uit gebrek aan politieke vaardigheden een vaag profiel laat ontstaan waar rechts-liberalen en conservatieven zich evengoed in kunnen herkennen als rechts-extremisten, neo-nazi’s en witte nationalisten. Vraag is of het ook maar op enigerlei wijze bewust bedoeld is door Baudet, maar de laatsten passen onderhand het best bij het gedachtegoed van FvD en de eersten dienen in de praktijk als laag vernis om de partij maatschappelijk aanvaardbaar te houden. Met als gevolg dat partijleden als Sonny Spek en de meeste media de partij verkeerd interpreteren en associaties met liberalisme en conservatisme blijven oproepen. De verwarring is volmaakt.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelThierry Baudet is de reden waarom ik opstap bij Forum voor Democratie; De druppel was de manier waarop hij Chris Aalberts probeerde te intimideren’ van Sonny Spek op TPO, 22 september 2019.

Ondervertegenwoordiging van vrouwen is zwakte van Baudets FvD

leave a comment »

Er is een opvallende, maar niet toevallige gelijkenis in het electoraat van centrumrechtse en radicaal-rechtse partijen. Vrouwen stemmen er minder op dan mannen, en jongeren minder dan ouderen. Uit een artikel in NRC van 21 maart 2019 blijkt dat mannen 64% van de achterban van FvD uitmaken, tegenover 36% vrouwen. Bij de PVV is de verhouding iets minder scherp, met 58% mannen en 42% vrouwen. De VVD voegt zich in dit rijtje met een oververtegenwoordiging van mannen (60%) en een ondervertegnwoordiging van vrouwen (40%). In Nederland, maar ook in het VK maken vrouwen 51% van het electoraat uit. De kiezers op radicaal-rechtse partijen zijn ook relatief oud. De grootste groep FvD’ers is ouder dan 65: 31%.

Op zoek naar een verklaring verwijst NRC uit een onderzoek uit 2017 van Eelco Harteveld die politiek gedrag onderzoekt aan de afdeling politicologie van de Universiteit van Amsterdam. NRC: ‘Baudet sluit aan bij de cultuurstrijd tegen feminisme, politiek links en immigranten, zoals je die voorheen alleen bij de alt-right in de Verenigde Staten zag.’ Daar past ook het Putinverstehen bij, ofwel ontzag voor de macho, zo meent Harteveld.

In een artikel voor The Conversation concludeert hoogleraar politicologie Rosie Campbell dat de Brexit Party van Arron Banks en Nigel Farage die in de recente verkiezingen voor het Europees Parlement 29 zetels won overwegend door mannen gesteund wordt. Uit een kiezersonderzoek van YouGov van mei 2019 gaf 26% van de mannelijke respondenten aan op deze partij te stemmen, tegenover 18% vrouwen. Dat is een verhouding van 59% mannen tegenover 41% vrouwen. Campbell meent dat de ondervertegenwoordiging van vrouwen een handicap is voor the Brexit Party om door te breken. Een verklaring voor de betrekkelijk geringe populariteit onder vrouwelijke kiezers is tweeërlei. Het heeft te maken met de steun onder vrouwen voor voorzienigen zoals gezondheidszorg en de opstelling van de Brexit Party om die af te breken door te pleiten voor lagere openbare uitgaven en belastingverlagingen. Het  heeft ook te maken met racistische vooroordelen. Het feit dat dat partijleider Farage op een kameraadschappelijke wijze dicht aanschuurt tegen politici als Trump, Salvini of Marine Le Pen helpt er voor vrouwen niet aan mee om de Brexit Party als ‘inclusief’ en ‘gastvrij’ te zien.

Een andere overeenkomst van Farage met iemand als Thierry Baudet is dat hun persoonlijke stijl mannen aantrekt, maar vrouwen afschrikt. Het beeld van Farage van ‘de man in de kroeg’ maakt volgens Campbell ‘niet noodzakelijk een positieve indruk bij alle vrouwen’. Farage is daarin nog tamelijk gematigd vergeleken bij Baudet die ferme, om niet te zeggen reactionaire standpunten inneemt over vrouwen. Dat bleek onder andere uit zijn recensie van Michel Houellebecqs laatste boek Sérotonine. Maar ook uit interviews met Quote en TPO. Vergelijking tussen landen en electoraten is lastig, maar Baudets FvD scoort onder vrouwen met 36% nog 5% lager dan de toch als zo lage score van 41% onder vrouwen van Farage’s Brexit Party.

Er kondigt zich een andere overeenkomst aan tussen deze radicaal-rechtse partijen. Deze keer met president Trump. Diens steun onder het electoraat is met 42% te laag om op eigen kracht de presidentsverkiezingen van november 2020 te winnen. Hij mag net als in 2016 hopen op kiezersonderdrukking door Republikeinse bestuurders waardoor sympathisanten van zijn tegenstander ontmoedigd worden én op Russische steun die de Democratische kiezers via sociale media misleidt om niet te gaan stemmen. Trump zou manipulatie echter niet nodig hebben als hij een draai, een pivot naar het centrum maakte waardoor hij een groter deel van de centrumkiezers zou aanspreken. Want geen andere politicus als Trump is zo ondervertegenwoordigd onder vrouwen. In 2016 stemde 51% van de mannen en 41% van de vrouwen op hem. Onder vrouwen zou Trump door een minder vrouwenonvriendelijke opstelling veel winst kunnen halen. Hetzelfde geldt voor Baudet.

De speculatie van macho-achtige politici als Baudet of Trump is waarschijnlijk dat een vrouwvriendelijke opstelling  hun steun onder mannen in gevaar brengt. Ook is het mogelijk dat ze wat hun persoonlijke stijl en persoonlijkheid betreft niet anders meer kunnen dan zich haantjesachtig gedragen en dat als onlosmakelijk en lonend onderdeel van hun politieke strategie beschouwen. Hun dwangmatig denken over de positie van vrouwen wordt zo hun beperking. Radicaal-rechtse politici die hun constructie van mannelijkheid als hun sterkte en aantrekkingskracht zien beseffen onvoldoende dat dat in werkelijkheid hun electorale zwakte is.

Foto 1: Kanselier Angela Merkel proost met een groot glas bier, 2016. Credits AFP.

Foto 2: Vrouw die de mond wordt gesnoerd.

Kandidaat-voorzitter Eerste Kamer Beukering (FvD) zet zichzelf in interview met De Telegraaf te kijk als ongeschikt

with 7 comments

In een prachtig interview van Inge Lengton en Wouter de Winther in De Telegraaf graaft aanstaand senator van FvD Toine Beukering goedgemutst zijn eigen politieke graf. Deze voormalig brigadegeneraal wil voorzitter van de Eerste Kamer worden, maar loopt met open ogen het mijnenveld van de parlementaire journalistiek in. Met dit interview zal het partijbestuur van FvD niet blij zijn. Beukering doet gekke uitspraken over joden in de Tweede Wereldoorlog, zet twijfels bij de conclusies van JIT en kabinet over de MH17 en denkt desondanks een kans te maken om senaatsvoorzitter te worden. Maar de positie van buitenstaander werkt in zijn nadeel.

Het begint al met het antwoord op de constatering dat hij geen politieke ervaring heeft. Beukering bevestigt dat en antwoordt indirect: ‘Nee, maar dat past ook bij onze partij. Wij hebben mensen uit het bedrijfsleven, uit de gezondheidszorg, noem maar op.’ Het is een opzienbarende conclusie dat Beukering meent dat gebrek aan politieke ervaring past bij FvD. Het interview getuigt ervan. De voormalig brigadegeneraal spreekt zichzelf tegen als hij zegt dat hij een korte inwerktijd nodig heeft voor de functie van senaatsvoorzitter. Hiermee zegt hij dat hij nu nog niet klaar is voor de functie. Dat bevestigt de opmerking van de interviewers dat het voorzitterschap geen stageplek is wat Beukering in woorden ontkent maar met zijn argumentatie bevestigt.

Het beeld dat Beukering van zichzelf schetst is dat van een goedwillende, maar wereldvreemde dilettant. Over de Tweede Wereldoorlog zegt hij: ‘Ik heb als klein jongetje een boekenkast vol gelezen over de Shoah. Ik ben altijd geïntrigeerd geweest hoe dat toch kan. Dat de Joden – zo’n dapper strijdbaar volk – als makke lammetjes gewoon door de gaskamers werden gejaagd. Dat heeft me altijd gefascineerd. Ik heb nooit het echte antwoord gevonden’. Op de vraag dat ‘mensen zich een hoedje schrikken als ze dit lezen in de krant’ lijkt Beukering de strekking van zijn eigen woorden niet te kennen als hij zegt: ‘Ik beledig daar niemand mee.’

Maar erger is zijn overmoed en zijn gebrek aan realisme en zelfkennis. Die komt voort uit het misverstand dat het bedrijfsleven of in zijn geval het leiding geven aan een krijgsmachtonderdeel een voortraject van de politiek zijn. Maar bedrijfsleven en krijgsmacht staan haaks op de politiek. Nu kan men best zeggen, gooi de politiek open, plaats er kundige zij-instromers in en kijk verder dan de traditionele enge blik op en van de partijpolitiek. De Eerste Kamer die weliswaar 100% politiek is, maar toch wat verder afstaat van de actuele politiek van de Tweede Kamer is daarvoor een prima plek om mee te beginnen. Maar ook dan is een minimum aan bestuurlijke en politieke vaardigheid en sociale handigheid nodig. Dat lijkt Beukering totaal te missen. Het is onheilspellend dat FvD iemand van het niveau Beukering als senaatsvoorzitter naar voren schuift. Met zijn positionering lijkt de partij indirect te zeggen dat het geen belangstelling heeft voor het voorzitterschap.

Ook inhoudelijk zit er lucht tussen wat Beukering zegt en wat hij meent. Het is een constante binnen FvD dat kaderleden zich desgevraagd in de openbaarheid in lovende en nietszeggende formules positief uitspreken over partijleider Thierry Baudet (‘Maar ik ben heel trots op wat Thierry heeft bereikt met Forum’), maar vervolgens met allerlei concrete punten van kritiek op zijn standpunten komen die feitelijk het omgekeerde zeggen en de positie van Baudet ondermijnen, namelijk dat veel van wat Baudet zegt in de kern niet deugt. De interviewers leggen dit onderscheid genadeloos bloot. Beukering lijkt het allemaal niet zo goed te begrijpen.

Het is Beukering zelf die zich door zijn uitspraken ongeloofwaardig maakt en markeert dat hij niet uit het goede hout voor het voorzitterschap van de Senaat is gesneden. Maar de journalisten van De Telegraaf lijken maar al te bereid om hem er een handje bij te helpen om zijn ongeschiktheid aan te tonen. Of dat ook een partijpolitieke stellingname tegen FvD of bijvoorbeeld voor de VVD inhoudt is niet op voorhand duidelijk. Dat hoeft het niet te zijn. Want Beukering opereert te onnozel en onervaren om serieus genomen te worden als kandidaat-senaatsvoorzitter. Het lijkt er meer op dat beide journalisten een amateurpoliticus langs de meetlat van de politiek leggen en los van zijn partij tot de conclusie komen dat hij het politieke vak niet beheerst.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelFvD-kandidaat voorzitter senaat: ’Oekraïners kunnen MH17 hebben neergehaald’’ van Inge Lengton en Wouter de Winter in De Telegraaf, 8 juni 2019.