Kankerverwekkend PFAS in Westerschelde zet ontpoldering Hedwigepolder op losse schroeven

Schermafbeelding van deel artikelKankerverwekkend PFAS in de Westerschelde: moet je de Hedwigepolder met verontreinigd water laten volstromen?‘van Theo Giele in de PZC, 22 juni 2021.

Als geboren Zeeuws-Vlaming ben ik altijd een fervent tegenstander geweest tegen de ontpoldering van de Hedwigepolder. Die polder onder de rook van het Antwerpse havengebied. Het werd verkocht als natuurcompensatie, maar was feitelijk het verraad van milieuverenigingen die vanwege het economisch belang van de Antwerpse haven met programma’s, compensatie en geld werden gekocht. Chris De Stoop beschreef het verraad van de milieubeweging in zijn boekDit is mijn hof‘.

Zo ontstond een kongsi van Antwerpse havenbaronnen met Nederlandse milieuverenigingen die de Nederlandse en Zeeuwse politiek overrulden en zich keerden tegen de boeren en Zeeuwen.

Ik heb er sinds 2011 talloze commentaren aan besteed. Een ervan leidde tot kamervragen over de veiligheid van de binnen- en zeevaart op de Westerschelde waarover ik contact had met toenmalig PvdA-kamerlid Lutz Jacobi, de huidige directeur van de Waddenvereniging. Ik herhaal mijn conclusie van dit commentaar uit 2016 omdat die de kern van mijn bezwaar tegen de ontpoldering geeft:

De problemen zijn terug te brengen tot het economisch belang van de Antwerpse haven waar alles voor moet wijken. Inclusief de veiligheid ondanks de sussende woorden van de Vlaams-Nederlandse Scheldecommissie dat wel een loodsplicht noemt, maar geen snelheidsbeperking voor zeevaartschepen. Door afspraken van de Scheldeverdragen van 2005 is de Westerschelde verdiept tot 13.10 meter. Met als gevolg dat grotere, diepere en snellere zeevaartschepen naar Antwerpen kunnen varen. Met alle veiligheidsproblemen van dien die de binnenvaartschippers in hun reacties aankaarten. De verdieping van de Westerschelde heeft voor Zeeland ongunstige neveneffecten gehad, zoals het verlies aan natuur dat het volgens afspraken van de Natura 2000 richtlijn moet realiseren op eigen gebied en de veiligheid van de scheepvaart waarvoor zoals blijkt door snelheidsbeperkingen geen afspraken gemaakt kunnen worden omdat dat blijkbaar niet in Belgisch belang is.
Terwijl de Vlaamse regering er de economische lusten van draagt moet Zeeland de lasten dragen door de Hedwigepolder als natuurcompensatie af te stoten als landbouwgrond. Wat Zeeuwen met de herinnering aan de ramp van 1953 door de ziel snijdt. Het is zover kunnen komen door het systeemmatig zwakke bestuur van de provincie Zeeland en het relatief kleine belang van deze provincie in Den Haag. Toen de Zeeuwse Jan Peter Balkenende in 2002 premier werd was het kwaad al geschied. Hij kon met de Zeeuwse CDA’er Ad Koppejan dit dossier politiek en juridisch niet meer redden, maar alleen rekken. Dat geeft aan wie het op de Westerschelde voor het zeggen heeft: België. De Vlaamse kolonisatie van de Westerschelde is de afgelopen decennia door Nederland geen halt toegeroepen, maar eerder toegenomen. De politiek laat het gebeuren. Zoals ontpoldering van de Hedwigepolder tegen Zeeuwse wensen in en marginalisering van de binnenvaart op de Schelde leren.

Theo Giele heeft recent in de PZC een reeks artikelen geplaatst over de vervuiling door kankerverwekkend PFAS in de Zeeuwse waterwegen, zoals het Kanaal van Gent naar Terneuzen en de Westerschelde. Bovenstaand artikel leidt hij als volgt in: ‘De hoge concentraties PFAS in de Westerschelde kunnen de discussie over de ontpoldering van de Hedwigepolder opnieuw doen ontvlammen. Moet je verontreinigd Scheldewater de polder in laten stromen?’

Kortom, de hoge concentratie PFAS is een nieuw argument tegen de ontpoldering van de Hedwigepolder. Vervuiling in algemene zin was altijd al een argument tegen ontpoldering, maar vervuiling met PFAS geeft er een nieuwe dimensie aan. Het schrijnende is dat de industrie van de Antwerpse haven altijd al verantwoordelijk was voor de vervuiling, maar er niet verantwoordelijk voor werd gehouden. Want de Westerschelde ligt stroomafwaarts van Antwerpen.

Hoe dan ook wordt de vervuiling met PFAS door tegenstanders van de ontpoldering zoals de SGP aangegrepen om dit dossier opnieuw te openen. Theo Giele zegt in een artikel van 24 juni 2021 dat de SGP op die dag kamervragen heeft gesteld aan minister Cora van Nieuwenhuizen: ‘Kamerlid Chris Stoffer vroeg of de hele ontpolderingsoperatie niet in strijd is met de Wet Bodembescherming. Er zal immers vervuild Scheldewater de polders instromen’. Het CDA-statenlid Frank Peter Kuijpers liet al eerder van zich horen en twitterde op 22 juni 2021:

Tweet van Frank Kuijpers, 22 juni 2021.

Giele constateert terecht dat de PFAS-problematiek breder is dan de problematiek van de ontpoldering van de Hedwigepolder. Vele gemeenten aan de Westerschelde maken zich grote zorgen over de gezondheid van hun inwoners door vervuiling met het kankerverwekkende PFAS.

Het is de logica van de zogenaamde natuurcompensatie waarvan de hypocrisie nu volop aan de oppervlakte komt. De achterliggende oorzaak voor de ontpoldering van de Hedwigepolder was nooit het compenseren van natuur, maar het dienen van het belang van de Antwerpse haven (via verdieping van de Westerschelde) zonder dat dit verband rechtstreeks gelegd mocht worden. Nu de vervuiling door die haven de natuurcompensatie in gevaar brengt blijkt duidelijk hoe rechtstreeks dit verband werkelijk was. Letterlijk en figuurlijk een vies zaakje dat stinkt.

Er is de afgelopen 10 jaar in dit dossier krom en onzuiver geredeneerd. De oppositie tegen de ontpoldering werd met een machtsspel onder leiding van de Vlaamse overheid en haven onschadelijk gemaakt. De PFAS-problematiek opent het dossier opnieuw van een ontpoldering die nooit goed voelde en de hypocrisie en de niet valide argumenten ervan opnieuw onder de aandacht van politiek en publiek brengt.

Burgers moeten afbraak publieke omroep halt toeroepen. Frans Kleins schoten in eigen voet bieden kansen voor nieuw omroepbestel

Frans Klein, 7 mei 2021 in Nieuwsuur. © NPO

In de recente uitspraken van directeur video van de NPO Frans Klein valt op dat hij het nooit echt over de inhoud heeft en hij alles beredeneert vanuit de kijkcijfers en het marktaandeel. Hij is verantwoordelijk voor de programmering van NPO 1, 2 en 3, NPO Start, ZAPP en Zappelin. 

Klein redeneert vanuit marketing. Hij bevestigt telkens het idee dat programma’s niet een hoger doel dienen, maar instrumenteel zijn voor een ander doel. Namelijk het behalen van marktaandeel of het aantrekken van specifieke doelgroepen. Zoals de middengroep van 20 tot 49 jaar.

In dit denken gaat het mis. Klein bevestigt het failliet van de omroeppolitiek dat gericht is op kijkcijfers en niet op inhoud. Dat valt hem niet persoonlijk aan te rekenen omdat hij een functionaris is die bestaand beleid uitvoert. Het beleid dat hij invult is echter krakkemikkig en slecht doordacht.

Waarom het in Nederland zo mis gaat met de omroeppolitiek omschreef ik in 2016 in het commentaarHoofd Klara wordt netmanager VRT. Waarom kan zoiets niet in Nederland?’ dat ik hieronder herhaal omdat het raakt aan de kern van het probleem van de Nederlandse omroeppolitiek en nog even actueel is als vijf jaar geleden. Namelijk het ontbreken van de focus op inhoud en de koudwatervrees om kwaliteit te maken die eeen deel van het publiek afstoot. Ik zoomde in op kunst, maar dat geldt precies zo voor zware informatie. Niet te verwarren met het lichte soort waarmee de NPO kosmetisch opinieprogramma’s tot journalistiek omkat, maar serieuze journalistiek zoals onderzoeksjournalistiek, gedegen historische documentaires en diepgravende interviews met opinieleiders die de tijd krijgen om te reflecteren op samenleving, politiek en wetenschap:

Zomaar een bericht in het Vlaamse nieuws. Deze keer niet over islamitische terreur en bomaanslagen in Brussel, maar over cultuur. Chantal Pattyn is netmanager van het Vlaamse Klara en wordt hoofd cultuur van de Vlaamse publieke omroep VRT.  Na de inkrimping en het bewust om zeep helpen om interne omroeppolitieke redenen in 2006 van de Nederlandse Concertzender en de infantilisering van Radio 4 is Klara nog de enige nationale culturele zender van niveau in het Nederlandse taalgebied die het beluisteren waard is.
Het cliché is waar, Vlamingen vinden cultuur belangrijk. Dat heeft met hun emancipatiestrijd te maken en het besef dat taal en kunst ertoe doen. En de overeenstemming over partijen heen dat het de nationale identiteit versterkt. In Nederland doen VVD en PVV die eveneens zeggen nationale identiteit belangrijk te vinden het omgekeerde: ze breken bewust de publieke omroep en de kunsten af. Maar ook in Vlaanderen moeten kunst en cultuur voor de poorten van de hel worden weggesleept. Ook daar moet telkens weer de liefde voor kunst op de politiek bevochten worden. Niets komt vanzelf. De loyaliteit van de bestuurders in de cultuursector lijkt het verschil te maken. De Vlaamse cultuurminister Sven Gatz (‘kunst dient nergens toe’) haalde in 2014 met terugwerkende kracht dezelfde shockdoctrine van cultuurbezuinigingen als Halbe Zijlstra uit de liberale kast.
Kunst is kunst, maar ook een wapen waarmee de strijd tegen terreur die van buiten komt en onverschilligheid die van binnen komt gewonnen kan worden. Het is de strijd om de harten en geesten van de eigen bevolking die telt en een positieve impuls kan geven. Media kunnen daarin een opbouwende rol spelen. Niet omdat het educatief is of doelgroepen emancipeert, maar omdat het kunst als voorbeeld voorhoudt. Juist dat patroon is in Nederland uitzondering geworden. Onder het uitroepen van ‘zie ons eens aan kunst doen’ wordt kunst naar aparte reservaten verbannen of slachtoffer van popup en populariteitsdenken. Wat Nederland mist is die positieve, vanzelfsprekende grondhouding tegenover kunst en cultuur die in een samenleving tamelijk breed gedragen wordt. In elk geval in omroepkringen die een kunsthistoricus tot netmanager benoemen. Klasse. 

In 2018 kondigde Frans Klein al aan om te willen bezuinigen op journalistieke programma’s. In zijn NPO’s Newspeak noemde hij dat ‘vernieuwen‘. Hij zei toen in een interview met NRC’s Wilfred Takken dat journalistieke programma’s een steeds kleiner publiek bereiken en daarom een andere vorm moesten krijgen. Dit gaf toen ook al aan dat Klein niet redeneert vanuit de programma’s, de inhoud of een hoger doel als democratie of spreiding van kennis, maar vanuit de marketing. In het commentaarNPO-directeur Klein komt met ongeloofwaardige ‘vernieuwingen’, na kritiek op hem te korten op journalistieke programma’s‘ uit 2018 schreef ik:

De argumentatie van Frans Klein dat de kijker van Tegenlicht al ‘zeer goed bediend wordt door de publieke omroep’ zodat er gekort kan worden op Tegenlicht is onjuist. Tegenlicht en ook Andere Tijden zijn unieke programma’s die niet vervangen kunnen worden door andere programma’s.
Daarnaast maakt Klein nog een andere denkfout. Jongeren, maar ook ouderen kijken niet meer vanzelfsprekend lineair naar televisie. Uiteraard weet Klein dat. Waarom hij dan toch tot de gedachtensprong komt dat hij televisie voor jongeren wil maken is de vraag. Het lijkt onzinnig om krampachtig televisie voor jongeren te willen maken. Daar trappen jongeren niet in. Het gaat erom goede programma’s te maken die zowel ouderen als jongeren kunnen bedienen.
Het Nederlandse omroepbestel is gefragmenteerd en lijkt in die versplintering te weinig soortelijk gewicht te hebben. De noodzaak tot hervorming wordt versneld door extra bezuinigingen. Frans Klein is het symbool van een ouderwets zuilensysteem met levensbeschouwelijke omroepen dat zichzelf heeft overleefd. Hij is geen deel van de oplossing, maar van het probleem.
Klein helpt kwalitatief journalistieke programma’s om zeep, beschermt de omroepen, doet aan wensdenken en beseft onvoldoende dat de traditie van broadcasting niet meer gerevitaliseerd kan worden in de vorm die hij ons voorspiegelt. Dat tijdperk ligt achter ons. Ook in Hilversum. De winst van zijn interventie is dat hij zich ermee zo onmogelijk maakt in potsierlijkheid en wereldvreemdheid dat hij er onbewust een punt voor de tegenpartij mee maakt.
Namelijk voor degenen die de omroepen willen omvormen en afslanken tot productiehuizen en een nationale omroep willen optuigen. Klein bewijst met zijn manier van denken het Nederlandse publiek een grote dienst. Zijn schot in eigen voet biedt volop kansen voor de toekomst met een levensvatbaar omroepbestel zonder de omroepen zoals we die nu (nog) kennen. Dan is het definitief geen 1925 meer in Hilversum.

Er is een gezegde dat aan Joseph de Maistre wordt toegeschreven dat zegt: ‘Elk land heeft de regering die het verdient’. Een variant daarop is ‘elk volk krijgt de leiders die het verdient’ dat naar allerlei sectoren kan worden uitgebreid. Dat is een fatalistisch standpunt dat suggereert dat macht een land overkomt. Vertaald naar de publieke omroep luidt dat: ’Nederland krijgt de directeuren van de NPO die het verdient’.

Maar dat is onzin. Het Nederlandse volk hoeft het marktdenken van de publieke omroep dat wordt gepersonifieerd door omroepbobo Frans Klein die macht naar zich heeft toegetrokken niet voor zoete koek aan te nemen. Want zijn argumentatie is zwak en eenzijdig. Gezien de kritiek op Kleins plannen in 2018 en nu weer in 2021 vinden veel Nederlanders de plannen van de NPO die hij presenteert slecht en ongepast. Klein is een zetbaas die beleid uitvoert waar veel betrokken burgers het niet mee eens zijn. Welnu, laten ze niet Klein daarop aanvallen, maar degenen die er de oorzaak van zijn dat Klein dit dient uit te voeren. Te weten de politieke partijen.

De marges zijn smal, maar de Nederlandse publieke omroep moet geen aansluiting zoeken bij de markt omdat dit een doodlopende weg is die teruggaat naar de 20ste eeuw en de laatste restjes kwaliteit inlevert, zodat er bij de volgende aankondiging van Klein of zijn opvolgers in 2024, 2027 of 2030 niks van kwaliteit meer is om in te leveren. Daarnaast is Nederland als markt te klein om in internationaal verband een vuist te maken.

Klein en degenen die hem zijn standpunten influisteren moeten nu teruggefloten worden in hun idee van meer van hetzelfde en minder van kwaliteit. Hun afbraak van de publieke omroep is ongewenst en strijdig met het grondidee van een publieke omroep. Dat is niet het populisme en het marktdenken dat Klein probeert te verkopen, maar algemeen nut zoals de watervoorziening of het elektriciteitsbedrijf. Dat kan uit principe niet vermarkt worden.

Robesin vraagt Tweede Kamer opnieuw om onderzoek besluitvorming Hedwigepolder

Schermafbeelding van deel artikelRobesin vraagt Kamer opnieuw om onderzoek Hedwigepolder’ in de PZC, 28 april 2021.

Het plan om de Hedwigepolder in Oost Zeeuws-Vlaanderen onder water te zetten is naar mijn idee een van de meest onverkwikkelijke en geniepige besluiten die een Nederlandse regering ooit heeft genomen.

Deze slechts 3 km2 grote polder kreeg in de jaren 2005-2015 een symboolfunctie. Feitelijk een wonder hoe zoiets kleins zo groot kon worden. De ontpoldering is volgens plan in 2022 voltooid. Maar niet iedereen zag er dezelfde symboliek in.

Voor Zeeuwen was het de macht van het grote geld, te weten de Antwerpse haven, waarvoor ze in een onderonsje met Den Haag werden uitgeruild voor zogenaamd hogere belangen. Dus economie. Voor de economische lobby was het het omgekeerde, het opruimen van regionale belangen met inzet van de politiek. Voor natuurbeschermers was het de kans om meeliftend met het economisch belang ten koste van het regionaal belang eigen kruimels te kunnen realiseren. Zogenaamde ‘nieuwe natuur’ en extra geld voor de eigen organisaties om mee te draaien in de projecten. Door de Zeeuwen werd de opstelling van de samenwerking van bedrijfsleven en politiek als harde machtspolitiek ervaren en dat van de natuurbeschermers als verraad. Over dat verraad van de natuurlobby verhaalt Chris de Stoop in zijn boek ‘Dit is mijn hof’.

De argumenten waren meestentijds vals en de doeleinden verhullend. Onder het mom van natuurbescherming werd natuur beschadigd die officieel geen natuur was en daarom in nieuwe langlopende projecten officieel hersteld kon worden. Onder het mom van natuurbescherming werden de economische belangen van de Antwerpse haven versterkt. Natuurorganisaties als de Vogelbescherming lieten zich omkopen of misleiden. Hun naïviteit was grenzeloos en concurreerde hevig met hun opportunisme. Volgens velen hebben ze voorgoed hun geloofwaardigheid verloren door een bondje te sluiten met het grote geld.

HMM Algeciras © Johan Rijnhout/Rijnhout Media. In PZC, 12 juni 2020.

De kernvraag of een getijdenrivier als de Westerschelde geschikt is om schepen van 400 meter lang, 61 meter breed met een diepgang van 12 meter te ontvangen heeft nooit centraal gestaan in het debat. Daardoor konden de Vlaamse regering en de Antwerpse haven politieke druk blijven zetten om uiteindelijk hun zin door te drijven.

In Zeeland werd de uitruil tussen Nederland en Vlaanderen onder druk van de EU doorzien, maar de rest van Nederland liet het gebeuren. Wat de boosheid én het gevoel van uitgeslotenheid verder versterkte van de Zeeuwen die zich als traditioneel wingewest toch al snel in de steek gelaten voelen.

Johan Robesin die ooit lid van de Eerste Kamer was voor een lokale partij kreeg naar eigen zeggen in 2011 in een persoonlijk gesprek de belofte van premier Rutte dat die zijn uiterste best zou doen dat de Hedwigepolder niet onder water zou worden gezet. Dat liep anders. Rutte kon zijn belofte niet houden en Robesin zit nu al jaren vol onbegrip over deze kwestie.

Hij doet nu een tweede poging om de besluitvorming van 10 jaar terug in de Tweede Kamer tegen het licht te houden. Maar wat voor nut hebben volgens Robesin de landelijke politieke partijen daarbij? Rechtse partijen als VVD en CDA hebben zich overgeleverd aan de economie en groene partijen als GL en D66 hebben zich niet principieel genoeg opgesteld. Resten SGP, Boerenpartij en de drie radicaal-rechtse partijen, maar die laatsten zijn vooral tegen omdat ze overal tegen zijn om de overheid te dwarsbomen. Zulke vreemde bedpartners vergroten de geloofwaardigheid van een op zich zinvol verzoek om openheid niet.

De Hedwigepolder is nu bijna volledig onder water gezet en de besluitvorming ervan is blijkbaar ook onder water verdwenen. De spreekwoordelijke slager wil niet dat bekend wordt hoe de worst gemaakt wordt en wat er allemaal in zit. Waarom zou de Kamercommissie Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit een onderzoek naar de besluitvorming rond de Hedwigepolder agenderen? Er is in de tussentijd al te veel water door de Westerschelde gestroomd om nog te verwachten dat de waarheid boven water komt.

Onnozelheid van Ye Visual: ‘Een museum of tentoonstelling saai? Niet met interactiviteit!’

Deze promotievideo van het Belgische Ye Visual (‘Ye Visual creëert interactieve narrowcasting-oplossingen die uw ruimte transformeren in een interactieve ervaring’) raakt aan de kern van de onrust, de nervositeit, het ongenoegen en het zich opgejaagd voelen van velen die daardoor onzeker worden. Ye Visual werkt mee aan het accentueren van het belang van de snelle bevrediging. The quick fix. Met als hoger doel de eigen kwartaalcijfers.

Het gevolg is dat bedrijven als Ye Visual zich uit eigenbaat verklaren tot vijanden van de inhoud en de degelijkheid. Een dik boek, een moeilijke opera, een kunstzinnige film of een vernieuwende tentoonstelling worden bij het oud vuil gezet door ze als gedateerd af te schilderen. Ze menen dat het publiek bij de hand, hun hand, genomen moet worden om de inhoud nog te kunnen begrijpen. Het publiek wordt als onmachtig en onnozel beschouwd dat niet meer zelf kan nadenken.

Het gevolg van dit marketing denken van al die Ye Visuals die de kunstsector overspoelen is dat door het valse voorwendsel dat het om interactiviteit draait het publiek juist afgesneden wordt van de authentieke ervaring die enkel en alleen de echte inhoud biedt.

Ye Visual is de tolk die veinst kunst bereikbaar te maken door kunst met de grond gelijk te maken zodat iedereen er gelijkvloers in kan lopen. Beseft Ye Visual echt niet dat het dan niet meer over kunst gaat die als functie heeft om te ontregelen en aan te scherpen, maar over een getemde en klein gemaakte afleiding ervan die alles reduceert tot de snelle bevrediging van de toeschouwer?

Ye Visual rolt met brutale bravoure de eigen marketing instrumenten uit en verklaart zonder onderbouwing dat inhoud per definitie saai is en dat het draait om ervaring. Volgens Ye Visual kan inhoud het op zichzelf niet redden omdat het geen ‘echte ervaring’ biedt.

Dit soort intermediaire bedrijven die zich binnen de kunstsector opdringen en pretenderen onmisbaar te zijn gaan in hun potsierlijkheid voor de inhoud staan en menen dat enkel zij inhoud bieden door die te moeten ‘vertalen’. Ze beseffen met hun simplisme niet hoe onnozel ze zijn met hun opdringerige interactiviteit. Ye Visual tekent de schade die de kunst wordt toegebracht door die om te zetten naar een niveau waar kunst niet leeft.

Musea zouden er goed aan doen om Ye Visual buiten de deur te zetten en (weer) te vertrouwen op de inhoud, de kunstobjecten zelf. Want de interactiviteit met objecten kan nooit de inhoud vervangen. Het onderschat daarbij het publiek dat wordt teruggebracht tot kleuterniveau. Ye Visual is in dit hele verhaal de saaie en overbodige schakel.

Foto: Still uit videoEen museum of tentoonstelling saai? Niet met interactiviteit! – Ye Visual’ van Ye Visual op YouTube.

Bladna.nl gebruikt een vermoeden over naamsverandering van Irina Shayk om te spreken over ‘de heersende islamhaat in de wereld’

Bladna.nl is een online uitgave van het bedrijf Websil dat in het Marokkaanse Rabat is gevestigd. Bladna.nl is de Nederlandstalige versie van het Franstalige Bladi.net dat zich afficheert als ‘de eerste virtuele gemeenschap in Marokko’. Hoofdredacteur van Bladna.nl is Saïd Amraoui. Het afficheert zich op haar beurt als ‘belangrijkste nieuwswebsite voor Marokkanen in Nederland en België’. Er is nauwelijks nieuws over die landen op te vinden.

Amraoui is ook verbonden aan Hadjinfo. Dat is een informatieplatform voor de moslimgemeenschap in Nederland en België dat de pelgrimstocht naar Mekka omvat. Het heeft een islamitisch karakter en werkt samen met de Saoedische overheid, maar ook met reisbureaus. Hadjinfo is een project van Atlasbridges.nl dat zegt als missie te hebben ’te zoeken naar Marokkaanse en Arabische islamitische karakteristieken’.

Door de persoon Saïd Amraoui zijn dus Bladna.nl, Hadjinfo en Atlasbridges.nl verbonden. Op deze organisatie lijkt het uitgangspunt van de door beschuldigingen van seksueel overschrijdend gedrag van zijn voetstuk gevallen islamitische denker Tariq Ramadan van toepassing. Namelijk dat hij de moderniteit naar de islam brengt, maar niet de islam naar de moderniteit. Hij was tot zijn ontslag in 2009 verbonden aan de Erasmus Universiteit als gasthoogleraar en bij de gemeente Rotterdam als ‘bruggenbouwer’. Het is vergelijkbaar met de EO dat zich aansluit bij de tekenen van de tijd, maar tegelijk doelbewust de identiteit van een eigen religieuze zuil nastreeft. Ofwel, het moderniseert de vorm, maar niet de inhoud van waaruit het zich blijft voeden.

Het kan dat Atlasbridges welgemeend probeert ‘interactie tussen allochtonen en autochtonen te vergroten om wederzijdse interesse en begrip te stimuleren en zo structurele veranderingen aan te brengen daar waar het noodzakelijk blijkt te zijn’. Maar dit geeft ook gelijk de beperkingen aan van deze visie. Want het ter discussie stellen van de islamitische dogmatiek zal nooit noodzakelijk worden geacht. Deze islamitische organisaties in een modern jasje proberen de moslims in Nederland en België op een indirecte manier vast te houden. Men kan zich afvragen of partners van Hadjinfo, zoals de Rijksuniversiteit Groningen en het Tropenmuseum (NMVW) dit beseffen en waarom ze hieraan nog steeds denken mee te moeten werken. In een eerste fase van emancipatie kan dit een streven zijn dat steun verdient, maar na verloop wordt het een gevangenis die moslims opsluit in een eigen reservaat binnen de open, pluriforme samenlevingen van België en Nederland.

Hoe de islamiserende apartheid werkt bij Bladna.nl maakt een artikel van 4 augustus 2020 over het van oorsprong Russische model Irina Shayk (artiestennaam) duidelijk. Zij heet voluit Irina Shaykholislamova.

Het oorspronkelijke artikel van 3 augustus 2020 van Bladi.net over Irina Shayk bevat de volgende passage:

Terwijl Bladna.nl praat over ‘de heersende islamhaat in de wereld’ heeft Bladi.net waarop Bladna.nl zich baseert het over ‘een “wereldwijde oorlog tegen het terrorisme”, waarbij sommige mensen in anti-moslim paranoia leefden.’ Bladna.nl baseert de uitspraak van ‘heersende islamhaat in de wereld’ niet op het artikel van Bladi.net dat genuanceerder is en de belangrijke beperking geeft dat ‘sommige mensen’ in anti-islam paranoia leefden. Het gebrek aan nuancering van Bladna.nl wordt er nog vreemder op als we kijken naar het artikel in Le Monde waar Bladna.nl naar verwijst en dat blijkbaar de primaire bron is voor de berichtgeving van de artikelen in Bladna.nl en Bladi.net. De koppen van beide Marokkaanse media benadrukken dat Shayk werd gedwongen de islam uit haar naam te verwijderen, terwijl Le Monde het er in de kop bij laat wat de ‘echte naam’ van Shayk betekent. Het wordt er trouwens nog gecompliceerder op omdat Irina Shayk slechts een vermoeden en geen bewijs heeft dat haar volledige naam de reden voor de geweigerde toelating in de VS was.

In vertaling zegt Le Monde: ‘Ze probeerde een jaar lang tevergeefs een visum voor de Verenigde Staten te krijgen, maar realiseerde zich dat haar achternaam, “Leider van de  Islam”, de oorzaak was. Dit is de tijd van de “wereldwijde oorlog tegen het terrorisme”, die vaak overgaat in antimoslim paranoia’. De versie van Bladi.net komt overeen met die van Le Monde, waarbij eerstgenoemde het specifieker maakt door het te hebben over ‘sommige mensen’ terwijl Le Monde het algemeen houdt. Hoe dan ook wijkt de versie van Bladna.nl op het aspect van de reden voor Irina Shayks weigering om in de VS toegelaten te worden af van de versies van Bladi.net en Le Monde. Bladna.nl introduceert zonder dat daarvoor in beide artikelen een reden te vinden is de veroordelende en niet onderbouwde uitspraak over ‘de heersende islamhaat in de wereld’.

Daarnaast is het al een eeuw normaal dat publieke figuren die in de VS een carrière in de kunsten of de amusementsindustrie nastreven hun naam aanpassen. Zoals Irina Shayk deed. Het geldt overigens ook niet-publieke individuen. Dat kan door de naam te veramerikaniseren, te versimpelen of op te poetsen zodat die aansprekender, herkenbaarder en beter uitspreekbaar wordt. Dat betreft immigranten en leden van etnische minderheden die in de VS zijn geboren. De onlangs overleden acteur Kirk Douglas heette oorspronkelijk Issur Danielovitch Demsky, jazzsaxofonist Stan Getz werd geboren als Stanley Gayetsky en de Egyptische acteur Omar Shariff als Michel Demitri Shalhoub. Uitzonderlijk is de naamaanpassing van Irina Shaykholislamova niet.

Foto’s 1 en 4: Schermafbeelding van delen artikelLa top-model russe Irina Shayk, de son vrai nom « Chef de l’Islam »’ van 2 augustus 2020 op Le Monde:

Foto 2: Schermafbeelding van deel artikelIrina Shayk gedwongen Islam uit naam te halen’ van 4 augustus 2020 op Bladna.nl.

Foto 3: Schermafbeelding van deel artikel ‘Irina Shayk contrainte d’effacer l’islam de son vrai nom’ van 3 augustus 2020 op Bladi.net.

Landschapsproject Zeeuws-Vlaanderen als voorbeeld van vertrutting en betutteling. Wat is hier nou echt het probleem?

Provincie Zeeland zette afgelopen weken vier filmpjes op haar YouTube-kanaal waarvan dit er een is. Ze gaan over Zeeuws-Vlaanderen en zijn gemaakt in opdracht van wat in goed Zeeuws de ‘Economic Board Zeeland’ (EBZ) heet. Dat vervult volgens nota 2020D29562 ‘een prominente rol als verbinder van publieke en private samenwerkingspartners en zorgt voor een heldere focus van de aanpak’. De EBZ is geen rechtspersoon, maar heeft ‘een centrale functie als aanjager en coördinator van de uitvoering van de Regio Deal Zeeuws-Vlaanderen ‘Zeeuwen zelf aan zet’. Een Regio Deal kan opgevat worden als ‘een duurzaam partnerschap om de opgave die in de regio speelt gezamenlijk aan te pakken’. De suggestie die het probeert te wekken is dat de bewoners van deze regio inspraak hebben en over hun eigen leefomgeving kunnen beslissen.

De werkelijkheid is anders. Zeeuws-Vlaanderen is een krimpgebied en kampt met problemen van leegloop. De nota merkt op dat voorzieningen uit de regio verdwenen zijn. Door grensoverschrijdende samenwerking met de provincie Oost-Vlaanderen en de stad Gent heeft de regio ook potentie. Een opvallende passage in de nota luidt: ‘De woningvoorraad sluit niet aan op de vraag en het landschap is nu slecht toegankelijk’.

Wat een slecht toegankelijk landschap logischerwijze betekent wordt niet uitgelegd. En slecht toegankelijk voor wie? De toevoeging ‘nu slecht toegankelijk’ geeft aan dat de toegankelijkheid van het landschap focus voor de EBZ en de Regio Deal is. Of de toegankelijkheid van het Zeeuws-Vlaamse landschap nou werkelijk een groot probleem is en of de bewoners op een overheidsprogramma zitten te wachten dat ingrepen doet in een historisch landschap is de vraag. Het lijkt eerder te gaan om politiek laaghangend fruit dat geplukt wordt. Door enkele simpele, maar hoogst zichtbare ingrepen kan zo een idee van daadkracht worden gesuggereerd.

Het beeld dat resteert uit de video is er een van vertrutting en bevoogding. Alsof Zeeuws-Vlaanderen moet veranderen in een landschapspark, terwijl de ongepolijstheid en ruwheid ervan juist de kwaliteiten zijn.

Tekenend is dat er geen Zeeuws bureau wordt ingehuurd, maar architect Ro Koster van RO&AD Architecten dat in het Brabantse Bergen op Zoom is gevestigd. Zijn claim is hooghartig dat zijn programma nodig is om de uniciteit en kwaliteit van deze streek te gaan voelen. Alsof de bewoners eeuwenlang de waarde van hun streek miskend hebben en ze er een buitenstaander als Ro Koster met zijn programma voor nodig hebben om te voelen wat de waarde van hun geboortegrond is. Is Koster onnozel of doet hij met zijn prietpraat net alsof hij dat is om zijn opdrachtgever te plezieren? Of dit ‘Grenspark Scheldekust’ moet dienen ter compensatie van de door de regering en de onder druk van de economische macht van de haven van Antwerpen en de Belgische regering verdwenen Hedwige polder is de vraag die in deze video hardnekkig op de achtergrond blijft zeuren.

Dagjestoerisme: Somebody Knokking at Your Door

Iedereen was gewaarschuwd. Ook kleine overlast vanwege COVID-19 wordt in Knokke deze zomer niet getolereerd. Aldus wethouder Anthony Wittesaele van de partij GBL (Gemeentebelangen en niet Groep Brussel Lambert). In Knokke bestaat als vanouds een spanning tussen de gevestigde orde zoals die vertegenwoordigd wordt door de Lippens-dynastie en het urbanisatieproject van de Compagnie Het Zoute én de dagjesmensen.

Daartussenin zit de toerismesector die voortkomt uit de boerenstand. Met de wafelbakkerijen van Moeder Siska als voorbeeld in de Oosthoek tegen de Nederlandse grens. Blankenberghe was de familiebadplaats, terwijl in Het Zoute (‘Le Zoute’) de betere stand inclusief Franssprekende Vlamingen, Walen en Brusselaars zich terugtrok in hun villa’s. Dagjesmensen worden met mate getolereerd om de toerismesector te voeden.

Knokke wacht het lot van (binnen)steden als Parijs, Venetië of Amsterdam die aan hun eigen succes ten onder dreigen te gaan. De coronacrisis biedt een kans om de bakens te verzetten en de invloed van de toeristen in het lagere segment en het dagjestoerisme terug te dringen. Het past in het patroon van Knokke Het Zoute als een badplaats die er wil zijn voor de betere toerist. Alleen heeft het politieke en economische bestuur van de stad dat met de stijgende welvaart die voor meer mensen bereikbaar kwam in de afgelopen decennia niet kunnen volhouden. Dat Nederlandse jongeren die met te veel drank op zich niet weten te gedragen en in België hun land een slechte naam bezorgen is tragisch, maar ze beseffen niet dat ze voor het stadsbestuur een alibi zijn om een nieuw evenwicht te vinden. Noem het achterstallig onderhoud om de kwaliteitstoerist binnen te halen, zonder dat dat in het openbaar zo scherp gezegd kan worden. Dat klinkt niet democratisch.

Belgische Raad van State verplicht Vlaamse regering om 5-jarige kleuters godsdienstles of zedenleer aan te bieden

Soms staat het verstand even stil bij het lezen van nieuwsberichten. De Vlaamse regering wordt door de Belgische Raad van State verplicht om Vlaamse kleuters van vijf jaar vanaf het schooljaar 2020-2021 wekelijks twee uur godsdienstonderwijs of (niet-confessionele) zedenleer aan te bieden. Zo staat het in een recent advies van de Raad van State, aldus een bericht van 14 mei 2020 van kerknet.be. Het advies zegt onder meer: ‘De uitbreiding van de leerplicht heeft tot gevolg dat de Vlaamse Gemeenschap de nodige maatregelen zal moeten nemen om ervoor te zorgen dat aan de betrokken kleuters in het officieel onderwijs (..) onderricht in de verschillende erkende godsdiensten en de niet-confessionele zedenleer wordt aangeboden.’ Dit besluit roept de vraag op wie in hemelsnaam de leden van de Belgische Raad van State zijn die dit besluit hebben genomen en waarom ze denken dat kleuters van vijf jaar met dit soort onderwijs gediend zijn.

De ‘jaren des onderscheids’ in de Rooms-katholieke kerk werden ooit door Paus Pius X vastgesteld op zeven jaar. Het is de vraag of dit besluit niet in strijd is met artikel 14 van de kinderrechten dat in de toelichting zegt: ‘Kinderen moeten ook kunnen besluiten om niet in God te geloven, terwijl hun ouders dat misschien wel doen. Kinderen moeten goede informatie krijgen over de verschillende godsdiensten, zodat zij zelf een keuze kunnen maken over welk geloof het beste bij ze past. De regels van een geloof mogen nooit schadelijk voor kinderen zijn’. Ben Weyts is namens de rechts-nationalistische N-VA minister van Onderwijs in de Vlaamse regering. Deze partij staat er niet bekend om de christelijke agenda van de confessionele partijen te volgen. Het toezicht op dit onderwijs aan 5-jarige kleuters is essentieel omdat ze makkelijk manipuleerbaar zijn.

Een verwijzing op Kerknet.be wijst op het gevaar van indoctrinatie van de 5-jarige kleuters en geeft reden tot zorg: ‘Thomas (Theologie, Onderwijs en Multimedia: Actieve Samenwerking), de portaalwebsite van en voor de leerkrachten rooms-katholieke godsdienst van alle onderwijsnetten in Vlaanderen onder de auspiciën van de Faculteit Theologie en Religiewetenschappen van de KU Leuven, publiceert [op] de site de integrale tekst van het advies van de Raad van State, dat blijkbaar al op 30 april werd gepubliceerd. De commentaar is even kort als positief: Goed nieuws in corornatijden [sic] waarin nood aan zingeving en levensbeschouwing steeds meer blijkt!’. Voor de duidelijkheid: het betreft zingeving en levensbeschouwing van 5-jarige kleuters.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelBelgische Raad van State: Godsdienstonderwijs verplicht in kleuterklas’ op Katholiek Nieuwsblad, 16 mei 2020.

Berlare opent toeristisch seizoen in Montmartresfeer. Met een kunstmarkt mét kunst. Daarom zoekt gemeente nog kunstenaars

Opgegroeid in Zeeuws-Vlaanderen hadden mijn ouders tijdens mijn kinderjaren enkele vaste bestemmingen voor dagjes-uit. Ik werd op de achterbank van de auto gezet. Favoriet was Gent, daarna de Belgische kust met Knokke en er was het meer Overmere-Donk. Tegenwoordig wordt het het Donkmeer genoemd. Het is gelegen in de Oost-Vlaamse gemeente Berlare. Ik herinner me de sfeer van de film ‘Partie de Campagne’ uit 1936 van Jean Renoir. Bootjes op het meer, terrassen vol toeristen, spelende kinderen en de lome sfeer van de zomer:

Maar de tijd gaat verder. Onherroepelijk. De gemeente Belare is op zoek naar creatievelingen en kunstenaars voor een kunstmarkt in Montmartresfeer. De kop van bovenstaand bericht van HLN is veelzeggend: ‘Gemeente op zoek naar kunstenaars voor opening toeristisch seizoen’. Het gaat om ‘het kunstige’ Tabl’eau. Daarover is nagedacht, totdat iemand van de dienst Citymarketing Eureka riep vanwege de combinatie tafel (Tabl’) met water (eau) die samengaat met de betekenis schilderij en tafereel van het woord tableau. Enorm creatief, toch?

Zo wordt aan het Donkmeer tijdens het paasweekend het toeristische seizoen geopend. Het belooft volgens een aankondiging van de gemeente ‘Een vrolijke driedaagse voor jong en oud’ te worden. Maar Citymarketing van Berlare is zeker niet op het achterhoofd gevallen zoals blijkt uit de volgende spitsvondigheid: ‘Geen kunstmarkt zonder kunst natuurlijk en daarom gaan we op zoek naar kunstenaars’. De aanmelding bij Citymarketing kan nog tot 20 maart. Of de Montmartresfeer nog speciale voorwaarden aan deelname stelt (kleding, beheersing Franse taal) wordt niet genoemd. Kunstenaars die voor drie dagen als zetstuk willen dienen op een toeristische evenement aan het Donkmeer weten waar ze met de Paasdagen terecht kunnen.

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelGemeente op zoek naar kunstenaars voor opening toeristisch seizoen’ op HLN, 2 maart 2020.

Foto 2: Schermafbeelding van aankondigingTabl’eau’ van de gemeente Berlare.

Ottmar Hörl doet in principe aan beeldhouwen. Zijn levenloze objecten vallen in herhaling en hebben het rijk alleen

De Duitse kunstenaar Ottmar Hörl doet ‘in principe aan beeldhouwen’, zo zegt hij in een reportage van AVS Oost-Vlaamse Televisie. Het tekent zijn zoekende aard en theoretische invalshoek die hem niet alleen doet belanden aan de grenzen van de beeldende kunst, maar hem ook zijn eigen wil in zijn creatieve praktijk doet wegtoveren om die over te dragen aan levenloze objecten. Of dat afgietsels van kabouters, Karl Marx, hazen, beren, Daimlers of wat dan ook zijn. Aanleiding is een tentoonstelling in Kasteel Claeys-Bouüaert in Gent (Mariakerke) dat eigendom is van de stad Gent. Sinds 1998 is er het Centrum voor Jonge Kunst gevestigd.

De reportage wordt er extra geestig op omdat de makers duidelijk niet weten wat ze met het werk van Hörl aanmoeten. Is een debat over tuinkabouters die verboden moeten worden omdat ze zo lelijk zijn ernst of satire? Worden we in het ootje genomen? Die onduidelijkheid is de meerwaarde van de reportage. En uiteraard van het werk van Hörl. De liefhebbers kunnen zijn ‘prachtige kunststof beelden’ bestellen bij Mud In May. In de installatie op het grasveld bij het kasteel Claeys-Bouüaert staan niet alleen ‘fuck you’-kabouters, maar ook andere kabouters. Opvallend is dat de zwarte kabouter die de Hitlergroet brengt en eerder in Gent in 2008 was te zien hier niet kan worden besteld. Blijkbaar kent ook de commerciële kant van Ottmar Hörl grenzen.

Foto 1: ‘Karl Marx, Ausstellung zum 195. Geburtstag: “Ikone Karl Marx”, von Ottmar Hörl’, 2013.

Foto 2: Schermafbeelding van deel aanbod van kunststof beelden van Ottmar Hörl door Mud In May.