George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘BLM

Hoever kan Michael van der Galien (DDS) gaan met het vertekenen van de waarheid en het creëren van zijn fantasiewereld over de VS?

with 7 comments

Mijn reactie bij het artikelBizar! CNN-verslaggever staat voor brandende stad maar roept: ‘Vreedzame demonstraties!’’ van 27 augustus 2020 van De Dagelijkse Standaard-hoofdredacteur Michael van der Galien:

Er staan zoveel onjuistheden in dit stukje van Michael van der Galien dat het geen toeval is. Hij moet eens serieus zijn huiswerk gaan maken of anders ’sprookje’ boven zijn stukken zetten. Dan is het duidelijk dat het fantasie is wat hij opschrijft. Nu zullen sommigen dat niet doorhebben.

Als er een politieagent wordt neergeschoten, dan is het de vraag door wie dat is gebeurd. In Oakland werd in mei tijdens de protesten een agent neergeschoten door luchtmachtsergeant Steven Carrillo. Hij is geen lid van het zogenaamde Antifa of BLM, maar een lid van de rechts-extremistische tak van Boogaloo. Hij kwam naar de stad om agenten neer te schieten, zo wees onderzoek van de FBI uit.

In Kenosha, Wisconsin heeft de 17-jarige witte Kyle Ritterhouse afgelopen week twee mensen gedood tijdens protesten. Hij maakte het witte suprematie-teken en was deel van een gewapende militie. Hij zei de politie te willen helpen met het handhaven van de orde, maar onduidelijk is welk ander doel dan provocatie en het ophitsen van mensen tegen elkaar de moord op twee mensen dient. De ouders van de in de rug geschoten Afro-Amerikaanse Jacob Blake hadden demonstranten verzocht om terughoudend te zijn en wat hun zoon was overkomen niet te gebruiken als reden voor straatgeweld.

De beschuldiging van de activistische journalist Andy Ngo dat Jacob Blake een crimineel is kan niet onafhankelijk bevestigd worden. Ngo is een conservatief die werkt voor het Canadees conservatieve nieuwsmedium The Post Millennial. Hij wordt ervan beschuldigd een rechtse provocateur te zijn die het er om te doen om demonstranten in een kwaad daglicht te zetten. Zijn werk gaat uit van zijn individuele ervaring en niet van de feiten. Zijn bevindingen moeten dan ook met een korreltje zout genomen worden. Zeker in het geval dat ze niet onafhankelijk bevestigd kunnen worden zoals in Kenosha. Ngo fantaseert zijn eigen werkelijkheid over Jacob Blake, BLM en het zogenaamde antifa bij elkaar. Ngo kijkt selectief en heeft een blinde vlek voor het optreden van rechts-extremistische, witte milities die hij niet ziet. Mogelijk speelt zijn achtergrond als Vietnamees-Amerikaanse homo daarbij een rol en wordt zijn activistische journalistiek door projectie en wensdenken vermengd met zijn wil tot acceptatie van een specifiek beeld van mannelijkheid.

Afgelopen dinsdag gaf president Trump in een tweet CNN een compliment omdat het de eerste dag van de Republikeinse conventie bijna in zijn geheel had uitgezonden, terwijl Fox News was afgehaakt: ‘Very appreciative that @CNN covered the vast majority of the Republican Convention last night. That was really good for CNN, while at the same time being good for our Country. Thank you!’. Zo zit buiten de fantasiewereld van Van der Galien de werkelijkheid in elkaar: het ‘linkse’ CNN zendt de Republikeinse conventie uit en krijgt een compliment van Trump, terwijl het ‘rechtse’ Fox News die conventie grotendeels aan zich voorbij laat gaan en steeds meer kritiek krijgt van Trump. De president richt zich steeds meer op OAN (One American News Network) dat hij naar zijn hand kan zetten en de Trump-cult beter volgt dan Fox waarvan steeds meer journalisten ongelukkig zijn met het feit om spreekbuis van een specifieke politicus te zijn.

Zeker zijn er protesten in Amerikaanse steden die uit de hand lopen. Maar het is niet in alle gevallen duidelijk wie daarvoor verantwoordelijk zijn. In elk geval niet de vreedzame demonstranten die protesteren tegen sociale ongelijkheid, antiracisme en het militaristische optreden van bepaalde politiekorpsen. Soms zijn het relschoppers of criminelen die vooral ’s avonds laat en ’s nachts de onrust aangrijpen om te plunderen. Maar ze zijn apolitiek en hebben niets met BLM of links-radicalisme te maken. Soms zijn het witte provocateurs of rechts-extremistische milities die zich uiteindelijk tegen de overheid keren en een contrarevolutie op gang willen brengen door het zaaien van chaos en waanzin. Probleem is dat Trump de FBI praktisch onder curatele heeft gesteld zodat het onderzoek naar de criminelen, witte milities en links-radicalen gepolitiseerd is en op dit moment geen onafhankelijk onderzoek naar de oorzaak van het ontstaan van de rellen in steden naar buiten kan worden gebracht.

Het impressionistische aanstippen van Van der Galien die zich op onbetrouwbare bronnen baseert valt op te vatten als rechts-radicaal activisme. Het is er hem om te doen om op te hitsen en een vertekend beeld van de werkelijkheid te creëren  Hij is niet op zoek naar de feiten, maar stelt zich tevreden met de vertekening van de waarheid die binnen zijn politieke retoriek past. Hij kopieert dat van internet en plaatst dat door op DDS. Opgevat als amusement is dat vermakelijk en in zekere zin ook belangrijk omdat hij hiermee opereert als barometer van maatschappelijk ongenoegen. Hoever hij kan gaan in het navolgen van de vertekeningen en leugens is de vraag waarvoor Van der Galien staat. Met het oprekken van de waarheid creëert hij steeds meer zijn eigen absurde schijnwereld. Dat is groots theater. Maar de vraag is uiteindelijk wie dat betaalt als de adverteerders het te bont vinden worden en de abonnees aangeven echt geïnformeerd te willen worden.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelBizar! CNN-verslaggever staat voor brandende stad maar roept: ‘Vreedzame demonstraties!’’ van Michael van der Galien op DDS, 27 augustus 2020.

Amputeren van films om politieke denkbeelden is geen oplossing. Kunstenaars en kunstjournalisten moeten zich er tegen verzetten

leave a comment »

De weg die NRC’s filmredacteur Coen van Zwol kiest is heilloos. Namelijk het wegpoetsen van vlekjes uit films om politieke redenen. Het valt te bezien of hij de gevolgen van zijn eigen betoog dat wat terloops en laconiek tot stand lijkt te zijn gekomen goed inschat. Er valt best iets voor te zeggen dat films opnieuw gemonteerd worden volgens de inzichten van de regisseur (directors cut) omdat dat past bij de integriteit van het werk, maar het gaan snijden in film wegens veranderende maatschappelijke en politieke ontwikkelingen is een zee om te drinken. Er komt geen einde aan. Dat leidt er namelijk toe dat bij elke maatschappelijke ontwikkeling werken van fictie door de veranderende omstandigheden aangepast moeten worden. Dat is onzinnig. Het was beter geweest als Van Zwol daar stelling tegen had genomen. Maar dat inzicht verwoordt hij niet. Daarnaast lijkt zijn kijk op deze kwestie te beperkt door al te makkelijk aan te haken bij de mode van het moment.

Opvallend aan Van Zwols betoog is dat hij de meest opvallende, controversiële film uit de Amerikaanse filmgeschiedenis niet noemt. Namelijk ‘The Birth of a Nation’ (1915) van D.W. Griffith dat bij de uitbreng al beschouwd werd als controversieel vanwege de politieke inhoud. De geschiedenis van de omgang met deze film is een voorbeeld hoe dat in de praktijk kan werken. Erin wordt de Ku Klux Klan verheerlijkt en het idee van witte suprematie aangehangen. De waardering van dit meesterwerk geeft aan hoe er met klassiekers omgegaan moet worden. Het wordt ondanks de bedenkelijke politiek inhoud beschouwd als een mijlpaal in de filmgeschiedenis vanwege onder meer de vernieuwing van de filmtaal. Het amputeren van deze film ontneemt het zicht op de ontwikkeling van de filmgeschiedenis. Dat is ongewenst, ongelukkig en onwetenschappelijk.

Van belang is dat de kritiek op deze film niet werd ingegeven door het recente antiracismedebat dat vanuit de VS is overgewaaid naar Europa, maar al 100 jaar bestaat. De paradox is dat dat de film heeft gered voor een simplistische lezing die nu allerlei films en tv-series treft die ervan worden beticht politiek niet correct te zijn. De promotie van een film tot wetenschappelijk belangrijk werk beschermt het tegen het publieke debat over populaire cultuur dat weinig stabiel en rechtlijnig is. De prijs daarvoor is dat ‘The Birth of a Nation’ ooit in het filmtheoretische debat van filmwetenschappers als David Bordwell of Kristin Thompson is geannexeerd en daardoor geïsoleerd is geraakt. Zeg, het circuit van verantwoorde vertoningen op universiteiten of filmclubs.

Dat staat ver af van de commerciële amortisatie die films nu treft op platforms als Netflix. Films moeten voor een breed publiek aanvaardbaar gemaakt worden door de controversiële aspecten ervan weg te snijden. Dat betreft niet alleen controversiële aspecten die nu onder invloed van het antiracisme en MeToo-debat centraal staan, maar ook gewone politieke standpunten die niet passen in het beleid van behoudzuchtige holdings. Een politiek aspect blijkt dus bij nader inzien ook, of zelfs uitsluitend, een commercieel aspect te zijn.

Essentie van de filmgeschiedenis is dat films in hun eigen tijd tot stand zijn gekomen en niet herschreven dienen te worden. Uiteraard kunnen ze zonodig achteraf in een context geplaatst worden door achtergronden bij de film te geven. Maar de film zelf moet niet gewijzigd worden door vermeende controversiële passages eruit te knippen. De erkenning dat een politiek verwerpelijke film of een film met politiek verwerpelijke passages samen kan gaan met de waardering ervoor vanwege andere kwaliteiten is het begin van een goede omgang met de film- en televisiegeschiedenis. In 1992 bestempelde het U.S. Library of Congress ‘The Birth of a Nation’ als “culturally, historically, or aesthetically significant” en nam het op in de National Film Registry. Het American Film Institute zette het op plek 44 van 100 belangrijke Amerikaanse films.

Waardering of gewoonweg achting voor een film wil niet zeggen dat ermee de politieke inhoud wordt erkend, maar dat de waarde van de film ondanks die politieke inhoud wordt erkend. Het huidige politiek debat over identiteit is een gevaar voor werken van fictie. De valkuil van dat debat is de gemakzucht ervan om kunst als wisselgeld voor politieke doeleinden te beschouwen. Dat tast de integriteit van kunstwerken aan. Daar moeten kunstenaars en kunstjournalisten zich teweer tegen stellen. Kunst die toch al zo kwetsbaar is wordt om politieke redenen onterecht verder in het verdomhoekje geplaatst. Hiermee verdwijnt de functie van kunst dat een venster op de tijd geeft waarin het gemaakt wordt uit zicht. Juist bij film is dat een belangrijke functie.

Foto 1: Schermafbeelding van deel artikelDie film, kan dat eigenlijk nog wel?’ van Coen van Zwol in NRC, 18 augustus 2020.

Foto 2: Still uit The Birth of a Nation (1915) Van D.W. Griffith. Met Walter Long.

Alt-right van de Lage Landen uit zich met open brief over het vrije debat

with 11 comments

‘Gun de ander wat jij jezelf gunt’ is een treffend uitgangspunt voor de open samenleving. Soms claimen opinieleiders die leus aan te hangen, terwijl ze in hun doen en laten het omgekeerde doen. Mooie woorden kosten niks. Mooie woorden kunnen bij nader inzien vals klinken.

Nu is er een open brief van rechtse opinieleiders die pleit voor het vrije debat. Daar kan in theorie niemand tegen zijn, maar wie het zeggen maakt verdacht. Het leidt tot publicitaire acrobatiek die onwaarachtig toont. Of de open brief veel thermiek krijgt om geloofwaardig op te stijgen en overtuigend te landen kan daarom betwijfeld worden. Vermoedelijk landt de brief uitsluitend bij de achterban van FvD en PVV.

Zo is er dus een brief waar inhoudelijk weinig op aan te merken valt. De brief spreekt zich uit tegen de ‘cancel culture’. Dus de uitsluiting van deelnemers aan het publieke debat omdat ze de verkeerde mening of de verkeerde huidskleur zouden hebben. Dat is ongewenst en dient bestreden te worden.

Wat de brief ongeloofwaardig maakt is de subtekst ervan. Ofwel, de verborgen, impliciete betekenis ervan die niet wordt genoemd, maar als bekend wordt verondersteld. Rechtse propaganda wordt vermomd als ruimdenkende, liberale, humane grootmoedigheid.

Hoe moeten we de partijen die zich uiten in het actuele antiracisme-protest onderscheiden en welke rol spelen de ondertekenaars van deze open brief? Welnu, er is een kleine (links)-radicale voorhoede die zich militant en onverdraagzaam opstelt. Die verdient kritiek zoals die in de brief verwoord wordt. Maar de meerderheid van de demonstranten die zich uitspreekt tegen (uitingen van) racisme is niet radicaal, maar deel van de ‘zwijgende meerderheid’. In de VS is president Trump verrast door de breedte van het protest tegen racisme zodat hij daar geen passend antwoord op heeft.

De ‘framing’ van de brief door de koppeling van het antiracisme-protest aan radicalisme is daarom niet zo zinvol. De brief bestrijdt iets wat er in werkelijkheid niet is. Op sociale media wordt dat een ‘stropop’ genoemd. De brief dient zo maar één doel, namelijk de mobilisatie en bolstering van de eigen achterban én een poging om de beeldvorming te beïnvloeden door een idee van kracht en eengezindheid te geven.

Een bijverschijnsel van de brief is dat het een inkijkje biedt in de alt-right achtige beweging van Nederland en Vlaanderen. De beweging voelt zich vermoedelijk sterk genoeg om met een open brief collectief uit de kast te komen. Dat is het nieuwsfeit van deze open brief, niet de inhoud ervan die niet past bij de afzenders ervan.

NB: Initiatiefnemers van de brief zijn Bart Collard en Raisa Blommestijn. Ze zijn beide verbonden aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid; Instituut voor Metajuridica; Rechtsfilosofie van de Universiteit Leiden. De eerste is gepromoveerd bij Paul Cliteur en de laatste werkt onder supervisie van Afshin Ellian aan een proefschrift.

 

Written by George Knight

16 juli 2020 at 12:03

Vragen over de rol van het NMVW in de ‘Museale voorziening slavernijverleden: hoe, wat en waar?’ van de gemeente Amsterdam

leave a comment »

Amsterdam benoemt een regiegroep én een klankbordgroep om te onderzoeken hoe een ‘museale voorziening’ over het trans-Atlantische slavernijverleden vorm moet krijgen. Ofwel, hoe, wat en waar? De schijn van belangenverstrengeling ligt op de loer omdat directeur Stijn Schoonderwoerd van het Nationaal Museum van Wereldculturen (NMVW) lid van de klankbordgroep is. Men kan zich afvragen of dit verstandig is. Gaat hij over zijn eigen museum feedback geven en adviseren?

Men voelt aan alles dat de rol van Schoonderwoerd in de klankbordgroep niet klopt. Hij zit er in voor zijn eigenbelang. Vanuit oppervlakkigheid en politieke mode wil hij niet samenwerken, maar annexeren en controleren. Of blokkeren. Hij wil regie houden over zijn economisch museummodel van roulerende tentoonstellingen (zit er daarom geen inhoudelijk persoon in de klankbordgroep?) maar weet niet hoe hij een museum inhoudelijk moet regisseren. Hij wil ongetwijfeld een slavernijmuseum erbij claimen, alleen voor zijn eigen glorie. Waarom stelt hij het gebouw van het het Tropenmuseum niet beschikbaar zodat het een nationaal museum van en over het slavernijverleden kan worden en treedt hij zelf terug? Dan kan die beperkende koepel van het NMVW worden ontmanteld waarvan de totstandkoming geen inhoudelijke, maar slechts een economische reden heeft. Met Leiden gericht op historische wetenschap en culturele antropologie, Rotterdam op stad, verzamelaars en handel. Betrokkenen bij de gemeente Amsterdam valt te verwijten dat ze onvoldoende hebben nagedacht over het evenwichtig samenstellen van de regie- en klankbordgroep. Ze lijken op de automatische piloot de usual suspects te hebben uitgenodigd zonder besef wat dat in de praktijk voor gevolgen heeft.

Foto’s: Schermafbeeldingen van berichtMuseale voorziening slavernijverleden: hoe, wat en waar?’ van de gemeente Amsterdam, 3 juli 2020.

Campagnes van Goede Doelen die getuigen van witte suprematie, valse sentimentaliteit en neo-kolonialisme kunnen echt niet meer

leave a comment »

Al tientallen jaren verbaas ik me over de huilerige en paternalistische filmpjes van organisaties over zielige en hongerende zwarte kinderen in ontwikkelingslanden. Het is valse sentimentaliteit, klagerigheid, neo-kolonialisme, witte suprematie en onecht handelen van een Goede Doelen-industrie die het vooral te doen is om eigen inkomsten. Hun overhead kosten zijn groot en het toezicht daarop is ondoorzichtig. Neem dit bevoogdende filmpje van UNICEF Nederland uit 2017. Het witte perspectief is de focus. Een gevolg van de opkomst van de anti-racisme beweging is dat deze campagnefilmpjes als onwaarachtig te kijk worden gezet.

Het zou gewenst zijn als de Goede Doelen-industrie zelf tot het besef komt dat dit niet meer kan. Het verdient overweging om deze oude filmpjes uit hun archief of van de eigen sociale media te verwijderen. De samenleving voelt al jaren dat dit valse marketing is, maar de Goede Doelen-industrie kan blijkbaar moeilijk afscheid nemen van een achterhaald verdienmodel. Zie voor een overzicht het artikelWAAROM DEZE ONTWIKKELINGS­CAMPAGNES ECHT NIET MEER KUNNEN’ van Emiel Martens en Wouter Oomen op One World.

Antwoord aan Fidan Ekiz – Waar het oproepen tot een boycot begint, gedijt het vrije woord

with 2 comments

Journalist Fidan Ekiz plaatste op de rechts-radicale site TPO het opinie-artikelFidan Ekiz – Waar het oproepen tot een boycot begint, eindigt het vrije woord’. Aanleiding is de kwestie Johan Derksen en zijn recht om in het programma VI verkeerde grappen te maken met een racistische ondertoon. Met Ekiz ben ik het over dit onderwerp hartgrondig oneens. Ik vermoed dat ze een denkfout maakt en in de verkeerde stelling blijft hangen. Ik betwist het recht van Derksen niet, maar zet daar het recht naast om hem te kritiseren. Dat is een opvatting waar meningen kunnen botsen en waarbij alle middelen uit de kast kunnen worden gehaald. Inclusief een oproep tot een boycot van adverteerders aan een commercieel programma. Ekiz  heeft trouwens veel woorden nodig om iets simpels te zeggen. Daarnaast haalt ze er van alles bij dat haar betoog eerder vertroebelt dan verheldert. Dat geeft geen vertrouwen in de houdbaarheid van haar denkbeelden.

Het debat gaat erover wat de publieke opinie is en hoe die werkt. Dat doorgedacht valt het nog ruimer op te vatten. Het gaat er in de kern over wat de samenleving is. Kan een sponsor van een commerciële omroep met verwijzing naar een politiek doel door een publieksactie opgeroepen worden om afstand te nemen van een programma? Zijn dat achterbakse streken of is dat een toelaatbaar middel om in de openbaarheid politiek te bedrijven? Ik vermoed het laatste.

Een voorbeeld maakt dat wellicht duidelijk. Op dit moment speelt de vrees in de VS dat president Trump oneigenlijke middelen in zal zetten om de verkiezingen van november 2020 te verstoren. Hij ligt ver achter in de peilingen. Naast de optie van het beginnen van een oorlog ter afleiding is er een breed programma van kiezersonderdrukking dat ervoor moet zorgen dat kiezers die op Joe Biden willen stemmen ontmoedigd worden om naar de stembus te gaan. Dat gebeurde ook in 2016. Daarom worden nu bedrijven door Democraten onder druk gezet om zich uit te spreken voor eerlijke verkiezingen. Zo wordt het in Georgia machtige Coca-Cola onder druk gezet door activisten om op hun beurt het Republikeinse bestuur van de staat onder druk te zetten om te zorgen voor eerlijke verkiezingen. Ook voor de eigen werknemers.

Het gaat dus over de bandbreedte van het publieke debat. Waar moet dat getrokken worden? Dit leert dat de grenzen van een open en weerbare democratie mede bepaald worden door de opvatting van politieke cultuur en de werking van de samenleving. De media zijn daar een integraal onderdeel van. Ofwel, is politiek alleen ‘politiek’ in enge zin of moet dat ruimer opgevat worden? Dit gaat over de emancipatie van de deelnemers aan het publieke debat. En omgekeerd over de dominantie van opinieleiders die anderen het recht op een open debat ontzeggen.

Daar komt het meningsverschil over het onder druk zetten van sponsors van het programma VI van Talpa op neer. Het gaat niet over Boomsma of Derksen. Zij zijn de toevallige passanten in dit verhaal. Ekiz neemt het te nauw als ze zegt dat het vrije woord eindigt waar de oproep tot een boycot begint. Dat geldt alleen binnen haar enge perspectief. De oproep tot een boycot kan evengoed opgevat worden als de ultieme werking van een levende democratie waar het vrije woord als nooit tevoren bloeit. Zonder beperkingen en taboes.

Tegenstanders van een boycot zoals Youp van ’t Hek die Arie Boomsma persoonlijk aanvielen houden het misverstand in de lucht dat er in de afgelopen jaren nooit oproepen waren om de adverteerders van VI tot een boycot te bewegen. Zodat ze het indirect kunnen koppelen aan het zogenaamde radicalisme van de BLM-beweging. Ook die framing is onjuist. De boycot van VI is een terugkerend onderwerp. Zo vroegen belangengroepen als het COC en TNN (Transgender Netwerk Nederland) in februari 2018 aan de toenmalige sponsors Heineken, Gillette en Toto van de omroep RTL die toen het programma VI uitzond om hun medewerking aan dat programma te stoppen.

De radicalisering in de programmering van VI volgt direct uit het commercieel belang. Die kan daarom logischerwijze alleen beantwoord worden door het commercieel belang van het programma en de omroep die het uitzendt rechtstreeks te verzwakken. Via een oproep tot een advertentieboycot dus. Zoals in Georgia alleen het machtige Coca-Cola het bestuur van de staat onder druk kan zetten. Dat past perfect binnen de publieke opinie. De oproep tot een boycot is een directe vertaling van het vrije woord en een toelaatbaar middel om het publieke debat te voeren. Ekiz heeft een te beperkte opvatting van wat de democratie, het publieke debat en de vrijheid van meningsuiting zijn.

Foto 1: Schermafbeelding van deel opinie-artikelFidan Ekiz – Waar het oproepen tot een boycot begint, eindigt het vrije woord’ op TPO, 2 juli 2020.

Foto 2: Schermafbeelding van deel commentaarCOC en TNN vragen sponsoren Heineken, Gillette en Toto stekker uit Voetbal Inside van RTL te trekken’ van George Knight, 4 februari 2018.

Anti-racisme beweging moet niet doorslaan in intolerantie: de inperking van fictie, expressie, drama en verbeeldingskracht

leave a comment »

Het klopt dat ik Hanne, Marthe en Klaasje nog nooit zo zag. Want ik heb ze nog nooit gezien. Het is toch al een wonder dat toeschouwers een film die nog gedraaid moet worden al hebben gezien. Maar het gaat niet om de promotie van een film van meidengroep K3, maar om de kritiek daarop die nu al opborrelt. Op de maatschappelijke rugwind van de BLM-beweging. Volgens een bericht van Tim Engelbart op de rechtse site DDS scherpen scherpslijpers hun messen. Het is onduidelijk hoe breed en afwijkend hun kritiek is.

Deze critici van de film ‘K3 – Dans van de Farao’ hebben ongelijk. Want culturele toe-eigening of ‘cultural appropriation’ dat gaat over ‘de overname of het gebruik van elementen van een bepaalde cultuur door een andere cultuur’ wordt door hen te beperkt geïnterpreteerd. Dat leidt tot verboden en inperking van de vrijheid van expressie. Dat is ongewenst. Een neutrale term is het niet, want ‘toe-eigening’ bevat de noties ontfutselen, wegnemen of inpikken. Daarom valt te bezien of het voor een debat niet een onbruikbare term is die het gesprek over de overname van culturele of sociale kenmerken door een andere groep (acculturatie) bij voorbaar framet, politiseert en dichttimmert. De term ‘toe-eigening’ suggereert dat machtsverhoudingen tussen groepen de natuurlijke overname van elementen van de ene in de andere cultuur onmogelijk maakt.

Dit gaat over identiteitspolitiek, ofwel over de vraag wie een in etniciteit gegrond verhaal mag claimen en mag ‘vertellen’. De hardliners stellen scherpe grenzen. In het geval van Egypte hebben de critici kritiek op het feit dat een Vlaamse of Nederlandse zangeres zich voordoet als iemand met een Egyptische etniciteit. Het lijkt erop dat ze menen dat alleen een Egyptenaar zich als Egyptenaar mag voordoen. Zelfs in een dramatisering van productiemaatschappij Studio100 Group die duidelijk een illusie is en geen weergave van de realiteit.

De critici houden blijkbaar niet van acteren, dus van ‘het doen alsof’. Of ze begrijpen de essentie niet van dramatisering en drama. In theaterstukken en films spelen acteurs doorgaans karakters met een andere achtergrond dan die van henzelf. De 21ste acteur die in een achterstandsbuurt geboren is kan moeiteloos de koning uit een 16de eeuws stuk van William Shakespeare verbeelden. Dat is de magie van het rollenspel. Dat is geen grap of mode, maar inderdaad een act. In de realiteit van deze critici liggen identiteiten onwrikbaar vast. Juist die onwrikbaarheid reduceert mensen tot één identiteit waaraan ze niet kunnen ontsnappen. Deze critici bouwen muren in de samenleving die mensen in hun apartheid niet mogen overschrijden.

De term suggereert dat culturele toe-eigening een overtreding is en daarom ontoelaatbaar. Dat is echter nog maar de vraag. Mag een wit iemand uitsluitend een wit verhaal vertellen of mag een wit iemand een zwart verhaal vertellen? En mag omgekeerd een zwart iemand een wit verhaal vertellen? Sommige gemeenschappen claimen dat ‘hun’ verhaal ‘hun’ eigendom is en dat een ander van een andere groep daar vanaf moet blijven. Dat gaat tot en met het eigen ontstaan en de voorouderverering aan toe. Dat is een kortzichtig standpunt.

Culturele toe-eigening die op scherp wordt gezet door een radicale minderheid is hypocrisie, dwingelandij en paradoxaal genoeg ook emancipatie van die minderheid. Het is een manier om machtsverhoudingen en culturele hegemonie te doorbreken. Daarom moet er een zeker begrip voor opgebracht worden. Maar als onverdraagzaamheid van een meerderheid wordt beantwoord met onverdraagzaamheid van een minderheid, dan is dat geen verbetering. Deze critici van de film van K3 haken aan bij terecht protest dat racisme bestrijdt, maar slaan door in hun kritiek door drama, expressie en verbeeldingskracht ondergeschikt te willen maken aan hun politieke opvattingen. Dat is een doodlopende weg voor allen die eindigt in collectieve segregatie.

Foto 1: Schermafbeelding van deel berichtZO ZAG JE KLAASJE, HANNE EN MARTHE NOG NOOIT!’ van productiemaatschappij Studio100 Group, 29 juni 2020.

Foto 2: Schermafbeelding van deel artikelJa hoor! Ook K3 gecancelled wegens “racisme”: Egyptisch verkleedpartijtje is “culturalappriopriation”’ van Tim Engelbart op DDS, 29 juni 2020.

Quasi-religieuze bijeenkomst van Democratisch leiderschap roept vragen op

with one comment

Democratische leiders knielden in gebed voor de tijd dat politieagent Derek Chauvin zijn knie op de nek van George Floyd hield. Met de inhoud van het protest dat zich uitspraak tegen slavernij, racisme en kolonialisme is weinig mis. Hoewel groepsdenken dat de ene groep uitsluitend als dader en de andere groep uitsluitend als slachtoffer ziet niet helpt om nuance aan te brengen. Hoe dan ook zijn het verdedigbare politieke doelen.

Op de vorm valt wel wat aan te merken. Het is van religieuze of quasi-religieuze aard waarbij christelijke symbolen worden vermengd met politieke symboliek. Dat is ongewenst voor een politiek instituut als het Amerikaanse congres. Dit soort religieuze of quasi-religieuze symboliek moet beperkt blijven tot de dienst in een kerk, tempel of moskee. Politici in een seculiere staat moeten politiek bedrijven en geen quasi-religie.

Met zo’n symbolische actie maken de Democraten zich in een jaar dat een nieuwe president gekozen moet worden kwetsbaar. Het geeft het signaal af dat de Democratische partij buigt voor de protesten van radicalen. Hiermee vervreemdt de partij de middengroepen van zich die het nodig heeft om president Trump te verslaan.

De actie van het Democratisch leiderschap staat niet op zichzelf, maar past in een patroon van een land dat op zoek is naar richting. Een beweging van zwarte activisten en links-radicalen voert legitiem actie én verkent eigen grenzen omdat ze nog niet helder voor ogen hebben staan hoever ze kunnen komen. Politiek en media reageren daar improviserend op. Dat gaat niet altijd goed. Vertrouwde waarborgen zijn even uitgeschakeld.

Foto: ‘Physicians and team members gather in front of Advocate Christ Medical Center in Oak Lawn and kneel for eight minutes and 46 seconds in honor of George Floyd on June 5, 2020. (Zbigniew Bzdak / Chicago Tribune)

%d bloggers liken dit: