Heksenjacht van rechtse media op Annalena Baerbock en Sigrid Kaag

Lezersbrief in De Telegraaf, 9 september 2021.

Het is een wetmatigheid dat de rechtse pers een centrum-linkse partij als favoriet doelwit voor aanhoudende kritiek neemt. Niet een radicaal-linkse partij, want die zit in hetzelfde frame als de rechtse pers. Namelijk schoppen tegen de gevestigde orde en de overheid.

Rechts valt partijen aan die zich het meest sterk maken voor de gevestigde orde, zich het actiefst verzetten tegen de tegenstanders ervan die EU en Europese landen willen destabiliseren en geen stabiele machtsbasis hebben om hard terug te slaan.

Als de lijsttrekker van zo’n centrum-linkse partij dan ook nog een vrouw is, dan is het helemaal heerlijk scoren voor de rechtse pers die nog grotendeels in een mentaliteit van machismo is blijven hangen omdat masculiniteit in de verdrukking zou zijn geraakt.

Naast een ideologisch heeft dat ook een economisch motief. Aanvallen op vrouwen jagen de clicks de hoogte in. Ze worden vooral op hun persoon of karakter en vrouw-zijn en niet op de inhoud van het politieke programma van hun partij aangevallen. In de populistische rechtse pers worden lifestyle en politiek hecht met elkaar verbonden en lopen zelfs zo in elkaar over dat ze niet meer van elkaar te onderscheiden zijn.

Schermafbeelding van deel artikelWoke’ D66 afgeslacht door eigen prominenten‘ op Geen Stijl, 9 september 2021.


In Nederland zijn Sigrid Kaag (D66) en in Duitsland Annalena Baerbock (Groenen) het kop van jut van rechtse media en rechtse opiniemakers. In de VS was dat in 2016 Hillary Clinton. Het is trouwens de vraag of vooral D66 en de Democraten in alle gevallen centrum-links zijn, maar in de beeldvorming worden ze zo wel gekarakteriseerd door rechts. Dat valt een stropop aan, dus een fictief persoon, ofwel een sprookjesversie van een politicus, en niet de echte politica.

Tweet van Anne met verwijzing naar Telegraaf-column van Ronald Plasterk.

Onderzoek van Avaaz maakt duidelijk dat Baerbock via sociale media vooral door Russische staatsmedia met desinformatie wordt aangevallen. De Groenen zijn vanwege zorgen over het klimaat en de geopolitiek de grootste tegenstanders van de Russische gaspijplijn Nord Stream II. De aanval heeft dus een strategische reden van een buitenlandse actor om het eigenbelang veilig te stellen.

De ongerijmdheid is dat rechtse media die dat eigenbelang niet hebben en zeggen te gaan voor wet en orde, nationalisme en eigenheid voortborduren op de buitenlandse inmenging. Dat is het raadsel van een rechtse pers die zweert bij nationalisme, maar in de praktijk daar haaks op staat en de eigen democratie helpt verzwakken. Onder het mom de vijand van mijn vijand is mijn vriend.

Tweet van Syp Wynia, 11 september 2021.

Deze observaties maken maakt duidelijk dat de aanval van de rechtse media en rechtse opiniemakers op centrum-links gerelativeerd moet worden. Het is niet waarover het lijkt te gaan. Het is het dienen van de belangen van anderen in de hoop om makkelijk te scoren door oude, overleefde vooroordelen op te poetsen en telkens te recyclen zodat de eigen achterban gevangen blijft in een vijandbeeld en mentaal niet meer kan weglopen.

De hetze tegen centrum-links is de lopende band van simplisme waar de rechtse pers mee scoort en in een automatisme niet meer hoeft na te denken hoe het werkelijk is door het denken uit te besteden aan de eigen reflex.

Kritiek op Duits-Amerikaanse afspraak om Nord Stream II niet te blokkeren blijft van alle kanten aanhouden

FILE PHOTO: The logo of the Nord Stream 2 gas pipeline project is seen on a large diameter pipe at Chelyabinsk Pipe Rolling Plant owned by ChelPipe Group in Chelyabinsk, Russia February 26, 2020. REUTERS/Maxim Shemetov/File Photo.

De Nord Stream II gaspijplijn waarin het Russische Gazprom een meerderheidsbelang heeft is een hoofdpijndossier. De pijplijn die door de Oostzee van de Russische Federatie naar Duitsland loopt is voor meer dan 90% voltooid. Nord Stream II is een splijtzwam tussen bondgenoten. Tussen de VS en Duitsland, tussen Duitsland én Polen en de Baltische landen, tussen Duitsland en de VS én Oekraïne.

Waarschijnlijk is het door het Kremlin niet met die bedoeling opgezet, maar als een project om staatsgeld om te ploegen van de staatskas naar medestanders en partners van de regering én de EU-lidstaten te verdelen. Dat laatste is goed gelukt. Critici beweren dat de hoge kosten van 9,5 miljard euro die op de korte en middenlange termijn niet terugverdiend kunnen worden aangegeven dat het geen economisch, maar een politiek project is. Enkel voorstanders die er economisch van hopen te profiteren zoals Duitsland en Nederland geven schoorvoetend toe dat het ‘een economisch project met politieke implicaties’ is.

Het is onverklaarbaar dat er zoveel wordt geïnvesteerd in een project dat het verbruik van fossiele brandstoffen bevordert, terwijl de klimaatakkoorden beogen om dat verbruik al in 2030 fors te verminderen met het doel om CO2-emissies terug te dringen.

Een artikel van Politico geeft aan dat in de Amerikaanse Senaat bij beide partijen weerstand blijft bestaan tegen het beleid van de regering Biden om de pogingen op te geven om de aanleg van de pijplijn te blokkeren. De VS zou bij monde van vertegenwoordigers van het ministerie van Buitenlandse Zaken Oekraïne hebben verzocht publiekelijk geen kritiek meer te uiten op de Duits-Amerikaanse afspraken over Nord Stream II. Daar is Oekraïne niet gelukkig mee. Het ziet het als de omgekeerde wereld. Als land dat naar het Westen beweegt wordt het gestraft, terwijl de Russische Federatie dat door ondermijning en inmenging het Westen blijft provoceren wordt beloond.

Vooral in de Senaat krijgt deze kniebuiging van de VS voor Duitsland waar de Russische Federatie van profiteert en Polen en Oekraïne schade van ondervinden kritiek.

Een hoorzitting in de Senaatscommissie voor International Betrekkingen is veelzeggend. In gesprek met de genomineerde Karen Donfried voor onderminister voor Europese en Euraziatische Zaken merkte volgens een ander artikel van Politico commissievoorzitter Bob Menendez (Democraten) op dat het Witte Huis de Russische Federatie sancties had moeten opleggen voor haar rol in de vergiftiging van oppositieleider Alexei Navalny in 2020. Omdat dit tijdens Trumps presidentschap gebeurde is dit een tamelijk vrijblijvende opmerking en een verhuld verwijt aan de Republikeinen. Maar de op 20 januari 2021 aangetreden regering Biden stelde geen krachtige sancties in tegen de oligarchen in Poetins omgeving toen Navalny op 17 januari 2021 terugkeerde naar zijn land en kort daarna op valse gronden naar een strafkolonie werd verbannen.

Hoe aanhoudend groot het chagrijn en het onbegrip in de Senaat zijn om vanwege de relatie met Duitsland de sancties te beëindigen tegen Nord Stream II maakt een verklaring van 20 juli 2021 van de belangrijkste Republikein (‘ranking member’) Jim Risch in die Senaatscommissie Internationale Betrekkingen duidelijk:

VerklaringRISCH ON U.S.-GERMANY DEAL ON NORD STREAM 2‘ van Jim Risch in de Senate Foreign Relations Committee, 20 juli 2021.

De regering Biden maakt de afweging dat de relatie met Duitsland dat het als haar belangrijkste Europese bondgenoot ziet essentieel is. Duitsland heeft zich afgelopen jaren met haar energiepolitiek in een lastige positie gemanoeuvreerd. De regering Merkel heeft in 2011 afscheid genomen van kernenergie (‘Energiewende’) en moet de meer vervuilende manieren van opwekking van energie, zoals bruinkool afbouwen vanwege de afspraken van het Parijse klimaatakkoord van 2015.

Tweet van GK aan de Duitse Ambassade in Nederland, 20 juli 2021.

Naar aanleiding van een afscheidsinterview van de Duitse ambassadeur in Den Haag Dirk Brengelmann in NRC stuurde ik bovenstaande tweet naar de Duitse ambassade. In dit interview in NRC komt Nord Stream II ter sprake. Het is jammer dat de interviewer niet doorvraagt als Brengelmann zegt dat Nord Stream II onderdeel is van een brede energiemix. Dat is aantoonbaar onjuist. De positie van de Duitse politiek in nauwe samenwerking met het bedrijfsleven is bepaald om goedkoop Russisch gas af te nemen. Voor dat economisch belang heeft Duitsland de relaties met de VS en met landen als Polen en Oekraïne beschadigd. Het zijn niet alleen de Nederlanders die niet kunnen incasseren, maar ook de Duitsers.

Schermafbeelding van deel artikel ‘Interview; ‘Nederlanders kunnen uitdelen, maar minder goed incasseren’ van Stéphane Alonso in NRC, 18 juli 2021.

Wat Duitsland doet in de relatie met het Kremlin is schipperen, je zou het Duits polderen kunnen noemen. In het geval Navalny waren het Russische initiatieven die de vergiftigde oppositieleider in Duitsland deden belanden. Inderdaad had kanselier Merkel de behandeling in een Duits ziekenhuis aangeboden, maar of dat gezien kan worden als een naar voren stappen uit de schaduw van de Russische Federatie valt te betwijfelen. Het lijkt op een krijgsmacht die uitsluitend een medische ploeg naar een oorlog wil afvaardigen, maar geen militairen en daarna ook nog eens zichzelf op de borst klopt om te zeggen dat het stoer gehandeld heeft. Daarom klinken de woorden van ambassadeur Brengelmann zo vals.

Duitsland is samen met het minder belangrijke Nederland de stoorzender geweest in het opzijzetten van de randvoorwaarden van het EU-beleid inzake diversiteit en energie-onafhankelijkheid van het Third Energy Package (2018). Vraag is of andere landen daar Duitsland mee weg laten komen. Het is niet onmogelijk dat Annalena Baerbock de kandidaat van de Groenen voor het kanselierschap door de fundamentele kritiek van de Groenen op de geopolitieke en milieu-aspecten van Nord Stream II samen met aandacht voor de klimaatproblematiek (de recente overstromingen) gebruikt om zich uit een geslagen positie terug in de race voor het kanselierschap te vechten. De kritiek tegen Nord Stream II is nog lang niet definitief verstomd en lijkt alleen nog maar toe te nemen.

Antwoord aan Tommy Wieringa: Duitse kunst wordt tot courtisane van de politiek gemaakt. Dat is geen voorbeeld voor Nederland

Mijn reactie op de FB-pagina van NRC bij de columnDe wereld van gisteren’ van Tommy Wieringa in NRC, 28 augustus 2020:

Wieringa laat zich misleiden door zich blind te staren op de Duitse cultuurpolitiek. Het is een verkeerd begrepen onderwerp dat Nederlandse opinieleiders telkens weer als tegenvoorbeeld hanteren. Wieringa kijkt selectief, hoewel hij uiteraard gelijk heeft dat het misnoegen van de complete Nederlandse politiek én de samenleving voor de kunst immens is. Dat verdient kritiek. Maar laat hem dat zeggen en het daar bij laten. Het is ongelukkig om dat reliëf te willen geven door de vergelijking met de Duitse cultuurpolitiek. Die wordt door het Nederlandse voorbeeld dat afkeuring verdient nog niet witgewassen.

Het kunstbeleid van zowel kanselier Merkel als de regionale Duitse politiek is behoudend en vooral gericht op het ondersteunen van gevestigde culturele instellingen. Merkel pleit uitsluitend voor steun die in lijn is met het overheidsbeleid. Zo maakt ze kunst ondergeschikt aan haar politieke doelen. Hoe royaal ze dat ook doet, het staat haaks op het ondersteunen van het experiment of de tegendraadsheid van de kunst. Merkel zet met haar steun in op het verder Salonfähig maken van de kunst.

Men zou zelfs de stelling kunnen verdedigen dat het beleid van Merkel de kunst meer beschadigt dan wat premier Rutte nalaat. Het is als een pianoleerling die zich door zelfstudie een verkeerde vingerzetting heeft aangeleerd. Dat is een slechtere uitgangspositie om een succesvolle pianist te worden dan iemand die nieuw moet beginnen. In Duitsland heeft zich een establishmentkunst gevestigd die slechts in enclaves in grote steden concurrentie krijgt van initiatieven van de kunstenaars zelf. Getalsmatig vertaald gaat dat om de establishment cultuurpolitiek van SPD en CDU/CSU tegenover de Groenen die uitgaan van de kunst en de kunstenaars.

Het gaat dus om de vrijheid van de kunst, of nog liever gezegd om de vraag wat de functie van kunst is. Of nog anders geformuleerd, kan kunst die getemd, gepamperd en ondergeschikt is gemaakt aan doelen van politieke partijen nog kunst genoemd worden? Of is die ‘kunst’ verworden tot een circusact van een paard dat eindeloos door de piste mag draven onder applaus van de politiek die zich ervoor zelfgenoegzaam op de borst klopt?

Wieringa doet er verstandig om een doorstart in zijn denken te maken over de Duitse cultuurpolitiek. Hij heeft uiteraard gelijk wat de aftandse stand van de Nederlandse cultuurpolitiek betreft. Hoofdfiguren als premier Mark Rutte, minister Eric ‘kunst is een hobby’ Wiebes en minister Ingrid van Engelshoven kunnen hun weerzin tegen de kunstsector niet verbergen. Op lokaal niveau tonen cultuurwethouders juist ongegeneerd hun weerzin door zich af te zetten tegen de kunst. In 2017 zei de Alphense cultuurwethouder Kees van Velzen (CDA) over een kunstwerk in de publieke ruimte dat hij het ‘foeilelijk’ vond en wilde vervangen door een werk dat ‘meer uitstraling en betekenis heeft voor de identiteit van de gemeente’. Dat is de kern waar het om gaat. Merkel wil de kunst inzetten voor de identiteit van Duitsland. Maar zijn we het er niet over eens dat kunst zich niet tot een lover boy of in het Duitse geval tot een deftige courtisane van de politiek moet laten maken?

Foto: Schermafbeelding van deel columnDe wereld van gisteren’ van Tommy Wieringa in NRC, 28 augustus 2020

Oostenrijkse coalitie met Groenen biedt de conservatieve ÖVP de mogelijkheid om te vechten voor het goede gevecht

Zoals verwacht komt er in Oostenrijk een coalitieregering van rechts met links. Van de conservatieve Oostenrijkse Volkspartij ÖVP met de progressieve Die Grünen. Deze partijen hebben samen 97 van de 183 zetels in het lagerhuis, de Nationalrat. Bondspresident Alexander Van der Bellen is lid van De Groenen.

De ideologie van de ÖVP wordt afwisselend omschreven als christen-democratisch, liberaal, conservatief of zelfs als een soort sociaal-democratie vanwege de economische interventie van de regering. Deze ‘zwart-groene’ coalitie wordt als voorbeeld gesteld voor regeringen in andere landen. Zoals Duitsland waar de CDU/CSU en Die Grünen op elkaar aangewezen lijken te worden door de implosie en radicalisering van de SPD en in Nederland waar GroenLinks al enkele jaren naar het centrum beweegt en aansluiting zoekt bij Rutte III. Hoewel de in de tijd en mentaliteit terugtrekkende bewegingen van het CDA en de VVD op het stikstofdossier het erg lastig maakt om een realistische politiek te voeren. De paradox is dat het op dit moment niet de linkse partijen, maar gematigd rechtse partijen zijn die zich op het klimaatdossier onrealistisch opstellen. Hoe dan ook geeft het Oostenrijkse voorbeeld focus en inspiratie voor politieke partijen in andere Europese landen.

Er bestaat zowel bij links als bij rechts misverstand over wat conservatisme is. Trumpisme, Forum voor Democratie of alt-right met ondergangsfantasieën, racisme en een stop op migratie passen niet binnen de hoofdstroom van het conservatisme en staan er in politiek-filosofisch oogpunt mijlenver vanaf. Daarom is de coalitie van ÖVP en Die Grünen in Oostenrijks een belangrijke ontwikkeling omdat het eraan mee kan helpen dit hardnekkige misverstand uit de weg te ruimen. Want het combineert behoudende met vooruitstrevende politiek binnen de lijnen van de democratie en de rechtsstaat. De intellectuele acrobatiek van opinieleiders op radicaal-links én radicaal-rechts die verkondigen dat het conservatisme in de kern een belangrijke revolutionaire component heeft is onwaarachtig, leugenachtig en zelfs bewust misleidend omdat het het conservatisme tot buiten de eigen bedding oprekt. Dat is conservatisme dat geen conservatisme meer is.

Columnist Tim Carney brak in september 2019 in een belangrijke column in de rechtse Washington Examiner een lans voor herwaardering van het conservatisme. De titel ‘It’s time to create a conservative ecosystem that doesn’t welcome racists’ gaf de opzet en de afbakening goed aan. Carney: ‘Conservatieven zouden er een prioriteit van moeten maken om te vechten voor de fundamentele waardigheid en gelijkheid van raciale minderheden aan wie die waardigheid en gelijkheid is ontzegd. Het zal decennia van onrechtvaardigheid vereisen om dat te overwinnen en zal dus niet snel gebeuren. We zullen links niet ontnuchteren met betrekking tot hun zelfvoldane laster en verwaandheid, maar daar gaat het niet om. Conservatieven zullen troost kunnen vinden in het feit dat we vechten voor het goede gevecht en de racisten opjagen.’ De samenwerking met realistische Groene politiek kan vanwege de veilige politiek omgeving die het biedt eraan helpen meewerken om de conservatieven naar zichzelf te laten terugkeren. Weg van het racisme, weg van een harde migratiepolitiek en weg van het oprekken van rechtsstaat en democratie. Zoals Trump in de VS, Johnson in het VK en Centraal-Europese regeringsleiders in Hongarije en Polen afgelopen jaren deden.

Hopelijk is de samenwerking van traditionele conservatisme met progressief links een wekroep voor Nederlandse opinieleiders om conservatisme en alt-right niet langer gelijk te stellen en het begin van de ontmaskering van radicaal-rechtse columnisten van het type Wierd Duk of Leon de Winter die zich losjes met het conservatisme associeren om zo aan legitimiteit te winnen. Als ze niet begrijpen dat conservatisme het racisme niet oogluikend toestaat of kritiek op migratie billijkt, dan begrijpen ze niet alleen niet wat conservatisme is, maar begrijpen ze evenmin waar ze zelf voor staan. Hopelijk geeft het Nederlandse conservatieven zelfvertrouwen en ambitie om afstand te nemen van Baudet, Wilders en radicaal-rechtse organisaties en opinieleiders die het conservatisme de laatste jaren zo’n slechte naam hebben bezorgd.

Want types als Baudet gebruiken de term conservatisme of leunen daar stilzwijgend tegenaan om hun eigen racisme en witte hegemonie-denken te verhullen. Maar ze vallen eerder te omschrijven als anti-conservatief. Conservatieve principes als behoud van democratische normen, waarden en instellingen en voorlichting van het publiek over conservatieve principes zoals rechtsstaat, vrijhandel en uitbreiding van legale immigratie delen ze niet. Laten we ze daarom geen conservatieven noemen. Overigens hebben universele waarden in wisselende combinaties verschillende kinderen. Iedereen die beweert dat ze exclusief aan één politieke stroming toebehoren zit ernaast. Juist dat geeft conservatieven en Groenen een basis voor samenwerking.

Het conservatisme als ideologie bevat samenhang met min of meer vaste, gemeenschappelijke posities en denkwijzen over de natie, de familie, grondrechten, politieke besluitvorming, verandering en continuïteit. Het politieke verschil met progressieve Groenen is daarom groot, maar overbrugbaar in tegenstelling tot de kloof met partijen als PVV of FvD. In Oostenrijk wordt dat opgelost door uitruil van thema’s. Partijen mogen hun stokpaardjes berijden, zodat de ÖVP op kan komen voor de familie en traditionele verhoudingen, een fiscaal behoudende politiek of een strenge, maar rechtvaardige migratiepolitiek en de Groenen voor natuur, klimaat en sociale rechtvaardigheid. Het is een interessant experiment dat het sentiment van radicaal-rechts buiten de deur houdt en tegelijk het meest prangende probleem van dit tijdperk aanpakt: de klimaatverandering.

Kandidatuur Ursula von der Leyen krijgt kritiek en roept vragen op over de procedure hoe de leiders van de EU worden geselecteerd

De Duitse kanselier Angela Merkel zegt dat de Duitse Defensieminister Ursula von der Leyen vertrouwen geniet en geknipt is om voorzitter van de Europese Commissie te worden. Het Europarlement moet in meerderheid instemmen met de voordracht. Het is geen uitgemaakte zaak dat zij een meerderheid achter zich krijgt. Vooral Sociaal-democraten en Groenen zijn teleurgesteld omdat het systeem van de Spitzenkandidaten in een onderonsje van enkele regeringsleiders is getorpedeerd. Von der Leyen krijgt kritiek en geniet juist geen vertrouwen zoals Merkel suggereert. Als Defensieminister wordt ze beschuldigd van verkwisting en mismanagement, zoals niet toevallig in een artikel in Politico wordt gememoreerd. Zij is geen topkandidaat, maar deelnemer van het B-Team die vanwege haar lidmaatschap van de goede partij wordt genomineerd.

Merkels argumenten dat Von der Leyen pro-EU is en vrouw is klinken zo minimaal dat het erop lijkt dat Merkel evenmin gelooft dat deze Duitse minister een sterke kandidaat is. Naast Von der Leyen zijn andere kandidaten in het pakket evenmin optimaal. Aan Christine Lagarde (voor de ECB) en Josep Borrell (buitenlandcoördinator) hangen zulke nadelen dat het vooral vragen oproept over de procedure om leiders van de EU te benoemen.

Wat nu op tafel ligt is slecht. Als het Europarlement het hard wil spelen en in meerderheid dwars gaat liggen, dan kan de EU terug naar de tekentafel om betere leiders te benoemen. Hoe dan ook was de procedure die naar Von der Leyen leidde verre van optimaal. De leiders van belangrijke West-Europese lidstaten hebben zich gecompromitteerd en bemoeit met een procedure die niet de hunne was en die ze om zeep hebben geholpen. Ze hebben de chaos eerder vergroot dan verkleind. Dit vergroot de roep om democratisering van de EU.

Schijn en werkelijkheid over Europese Verkiezingen. Timmermans manoeuvreert via de linkse flank naar het centrum van de macht

De strategie van Frans Timmermans lijkt duidelijk: richting links, weg van het centrum en de christen-democraten. Of dat zijn overtuiging is of een eerste stap in de onderhandelingen over een coalitie is de vraag. Politico doet verslag van een slotdebat waaraan Timmermans, maar ook de christen-democratische ‘spitzenkandidaat’ Manfred Weber deelnam. Politico: ‘Reagerend op een vraag over klimaatverandering, prees Timmermans de inspanningen van zijn Socialisten, evenals van de Groene-genomineerde Ska Keller en de partij van Europees links Nico Cué, en drong erop aan dat zij een breed spectrum van progressieve politici konden verenigen’. Dat laatste is pikant omdat de SP deel uitmaakt van die partij van Europees links GUE/NGL en die partij laatst in een verkiezingspotje Timmermans en de PvdA hard en persoonlijk aanviel. Is het zo dat de SP door de samenwerking met de socialistische S&D eraan meehelpt om Timmermans voorzitter van de Europese Commissie te maken? Dan helpt de SP eraan mee om ‘Hans Brusselmans’ op het schild te hijsen.

Uit de laatste peiling van april 2019 voor het komende Europarlement blijkt dat zowel de sociaal-democraten als de christen-democraten in gelijke mate verliezen, allebei naar schatting zo’n 37 zetels. Als Timmermans probeert om een links blok dat bestaat uit S&D, Greens/EFA en GUE/NGL als opstapje naar de macht te vormen, dan komt hij uit op 252 zetels. Voor de meerderheid zijn 376 zetels nodig. Alleen de christen-democratische EPP is als fractie groot genoeg om die zetels in haar eentje te leveren. Maar het valt niet te verwachten dat de EPP in zee gaat met de radicaal-linkse GUE/NGL. Van hun kant vormen de liberale ALDE en de EPP weer een blok van 256 zetels. Vergelijkbaar met de 252 zetels van Timmermans. Dat verklaart mogelijk waarom hij zijn linkse ‘hulpconstructie’ optuigt om de centrum-rechtse combinatie EPP-ALDE te counteren.

Uitgaande van de peilingen zijn getalsmatig de volgende combinaties mogelijk om tot een coalitie te komen: 1) EPP, S&D, Greens/EFA of 2) EPP, S&D, ALDE. Een derde mogelijkheid bevat naar de twee grootste fracties zowel de Groenen als de Liberalen, maar dat is minder logisch omdat dan de kleinste partij (waarschijnlijk de Groenen) overbodig is. Een combinatie van christen- en sociaal-democraten met radicaal-links (GUE/NGL) of radicaal-rechts (ECR, EFDD, ENF) ligt niet voor de hand. Kortom, de christen- en sociaal-democraten lijken tot elkaar veroordeeld. Dat weet Timmermans als geen ander. Eigenlijk is het best voorspelbaar welk compromis er uit de bus komt. Namelijk Manfred Weber wordt als spitzenkandidaat van de grootste fractie EPP de eerste 2,5 jaar van de zittingsperiode van 5 jaar voorzitter van de Europese Commissie, en Frans Timmermans de volgende 2,5 jaar. De derde partij in de coalitie mag de voorzitter van het Europarlement leveren. Doen?

Foto: Schermafbeelding van peiling over de samenstelling van het volgende Europarlement (2019-2024).

FDP stapt uit onderhandelingen voor Duitse regering. Verwarring in Berlijn

Tegen alle verwachtingen in zijn het niet de Groenen die uit de onderhandelingen voor een nieuwe regering zijn gestapt, maar de liberalen van de FDP. De verwachting was dat het vooral tussen de Beierse CSU die de adem van de AfD in de nek voelt en de Groenen zou botsen. Daar zijn de onderhandelingen echter niet op stukgelopen. Hoewel een van de onderhandelaars van de Groenen Robert Habeck meent dat elementen in de CSU en FDP een anti-Groene opstelling hadden. De FDP krijgt van de Groenen de Zwarte Piet (schwarzer Peter) toegespeeld en zorgt voor ergernis bij de andere partijen omdat er geen zwaarwegende programmatische reden was voor de FDP om te breken. Het zou de FDP aan bereidheid ontbroken hebben. De Groenen voelen zich als partij gesterkt door de onderhandelingen en hebben de weg naar het centrum gevonden. Hoe het verder moet is onduidelijk. Een minderheidsregering CDU/CSU en FDP is hoe dan ook onmogelijk geworden. Nieuwe verkiezingen wil geen van de centrumpartijen en de SDP blijft afwijzend om in de regering te stappen.

Paul Nolte meent dat islamisten en populisten de moderniteit niet bij kunnen benen

BER1930

De islamisten en de populisten zitten in hetzelfde schuitje: ze vinden die moderne, open wereld maar moeilijk te vatten.’ Aldus de Duitse neoconservatieve historicus Paul Nolte in een interview in Trouw. Nog maar 10 jaar gelden was hij nog tegen het homohuwelijk, maar nu heeft hij ook de moderne wereld omarmd. Het is een inzichtelijk gesprek van Merlijn Schoonenboom met een misleidende titel van de eindredactie: ‘Paul Nolte: ‘Het tijdperk-Merkel is voorbij’’. Dit suggereert dat het politiek leven van kanselier Merkel ten einde loopt, maar niets is minder waar. Nolte wijst erop dat de brede consensus van CDU, SPD en Groenen voorbij is en de breuklijnen geheeld moeten worden. Hij ziet een coalitie van de CDU met de Groenen als mogelijk. Nolte: ‘Dat zou de triomf zijn van Merkels ideeën over een ecologisch en op waarden gebaseerd liberalisme.’

Nolte definieert het populisme: ‘Populisme past niet bij democratie, waarin je immers over standpunten kunt discussiëren. Het heeft veel kenmerken van een complottheorie: wij zijn het volk, en we worden door een paar daarboven voor de gek gehouden.’ Hij zegt dat de opkomst van het populisme hem grote zorgen baart. Nolte relativeert de tegenstelling elite – volk die hij minder scherp ziet dan doorgaans wordt voorgesteld. Hij meent dat 70% van de bevolking het vluchtelingenbeleid van Merkel steunt, terwijl de rechts-populistische ‘AfD elitairder is dan je zou denken’. Nolte: ‘Het is een hybride partij: het kent populistische tendensen met kritiek op de elite, maar het is ook een partij van economiehoogleraren en andere intellectuelen.’

Opkomst van en steun voor het populisme in de VS met Donald Trump en in West-Europa met Geert Wilders, Nigel Farage en Marine Le Pen verklaart Nolte niet uit kritiek op het linkse denken, maar op de moderniteit: ‘Daarom is de AfD ook zo aantrekkelijk voor veel mannen. Nu blijkt: ze kunnen een gesprek over het homohuwelijk helemaal niet aan, want ze hebben nog niet eens verwerkt dat vrouwen gelijke rechten hebben (..)De westerse maatschappijen zijn de laatste vijftien jaar in een moderne stroomversnelling terechtgekomen.’

Deze psychologisch-culturele uitleg die een verre echo is van de maatschappijkritiek van de Frankfurter Schule spoort niet met allerlei verklaringen die de opkomst van het populisme in sociaal-economische factoren zoeken. Die noemt Nolte niet. Een hogere kosmopolitische klasse zou vooral van het globalisme geprofiteerd hebben terwijl de werkende klasse en de lagere middenklasse door het verdwijnen van banen en het verplaatsen van de productie naar lageloon-landen het slachtoffer werden. Daar bovenop verdwijnen door de digitalisering de banen in het middensegment. Welvaart wordt door het globalisme en de digitalisering ongelijker verdeeld dan voorheen. Maar Nolte heeft gelijk dat islamisten en populisten die moderniteit niet kunnen vatten. Hoe deze malcontenten er precies bijgetrokken kunnen worden blijft de onbeantwoorde vraag.

Foto: Berlijn, 1930.

Persvrijheid in Duitsland onder druk vanwege uitsluiting AfD door SPD en Groenen

In de Duitse deelstaat Rijnland-Palts zijn op 13 maart 2016 landdagverkiezingen voor het deelstaatparlement. Waar nu alleen CDU, SPD en Groenen zijn vertegenwoordigd. Partijen sorteren in de media voor. Een en ander spitst zich toe op de weigering van de partijen in die deelstaat om in een televisiedebat, de zogenaamde ‘Elefantenrunden’ in debat te gaan met vertegenwoordigers van het rechts-populistische Alternative für Deutschland (AfD). Der Spiegel licht in een bericht de posities van de verschillende politieke partijen toe.

Groenen en SPD in Rijnland Palts, evenals de minister-president van Noordrijn-Westfalen Hannelore Kraft (SPD) willen een cordon sanitaire rond de AfD leggen. Deze partijen zetten de lokale omroep SRW door hun als mededeling vermomde eis onder druk dat ze wegblijven bij het debat als er een vertegenwoordiger van de AfD aanwezig is. Het CDU bij monde van de landelijke vice-voorzitter die de partij in Rijnland-Palts aanvoert Julia Klöckner heeft op haar beurt laten weten dat ze afziet van deelname aan het televisiedebat vanwege de eis van SPD en Groenen die ze onaanvaardbaar vindt, maar ook vanwege de opstelling van de SRW. Hiermee zet ze het debat op scherp. Behalve de AfD zijn ook de FDP met wie Klöckner eventueel een coalitie wil vormen en Die Linke uitgesloten. In theorie resteert nu een debat tussen twee partijen: SPD en Groenen.

Hoofdredacteur Fritz Frey van de SRW is het weliswaar oneens met de opstelling van SPD en Groenen, maar krijgt toch veel kritiek omdat hij de vrijheid van meningsuiting niet voorop heeft gezet bij zijn beslissing door mee te gaan in de eis van SPD en Groenen. Naar verwachting wint de AfD zetels in het deelstaatparlement. Na de onregelmatigheden in Keulen op oudejaarsavond en het aanvankelijk uit het nieuws houden van de Noord-Afrikaanse achtergrond van de daders kregen de Duitse media volop kritiek de lijn van de regeringspartijen te volgen en nieuws dat de regering-Merkel onwelgevallig was te onderdrukken. De WDR-journaliste Claudia Zimmermann bevestigde dit politiek correcte handelen van de Duitse gevestigde media afgelopen week in het programma De Stemming voor L1, voordat ze door de programmaleiding van de WDR werd teruggefloten.

Om het vluchtelingenbeleid hetzelfde te laten blijven dient het te veranderen

De reactie van de politiek op de massale en waarschijnlijk georkestreerde aanrandingen door Noord-Afrikaanse en Arabische migranten op oudejaarsavond in Keulen en andere Duitse en Zwitserse steden is veelzeggend. En voorspelbaar. Het zou liggen aan de leiding van de politie. Intussen komen allerlei doofpot-affaires naar buiten waarbij migranten betrokken waren en die om politieke redenen onder de pet werden gehouden terwijl er zelfs berichten naar de media gingen dat alles goed was gegaan. Zoals gebeurde in Keulen. Maar ook in Zweden waar jeugdige vluchtelingen in 2014 en 2015 jonge meisjes lastigvielen op een Jeugdfestival. En ook voor Nederland is het wachten op weggestuurde korpsleiders en onthullingen van doofpot-affaires waarbij om politieke redenen de betrokkenheid van vluchtelingen werd verzwegen.

Typisch voor die kanteling in iets wat lijkt op nieuwe openheid is een bericht in AD over die Zweedse zwijgcultuur: ‘Dit is een pijnlijk punt. Soms durven we niet te zeggen hoe de vork in de steel zit, omdat we denken dat dat de (extreemrechtse) Zweden Democraten in de kaart zal spelen”, aldus politiechef Peter Ågren tegen de krant Dagens Nyheter.’ De Zweedse premier Stefan Löfven zegt dat ontoelaatbaar te vinden.

Maar is het niet te simpel om de politie de schuld te geven en zo de verantwoordelijkheid af te schuiven? Verschillende politiemensen uit Keulen wezen er al op dat de politie tijdens oudejaarsavond onderbezet was omdat het veel mensen moest leveren voor de grensbewaking in Beieren. Wat echt alleen door toedoen van de politiek gebeurde. Daarom was de politie niet op sterkte en was dat een van de redenen voor het optreden van de aanrandingen door Arabieren en Noord-Afrikaanse migranten in vele Duitse steden waar de politie onderbezet was, en niet voldoende op kon treden om de veiligheid op straat te garanderen. Het is ook een feit dat de Keulse korpsleiding niet optimaal functioneerde, zoals Arnold Plickert voorzichtig suggereert.

Hoe verder? Er spelen belangen, principes, waarnemingen en belevingen door elkaar die vaak tegenstrijdig zijn. Essentieel is om in de EU-lidstaten draagvlak te blijven houden voor een humaan vluchtelingenbeleid. Want zonder dat gaan andere waarden die theoretisch wellicht voorrang hebben straks ook verloren. Daar helpt geen ethiek aan. De vijand van goed is beter. Daartoe moeten de politieke leiders beredeneerd vanuit de fysieke opnamecapaciteit, de mentale bereidheid van autochtonen én al gevestigde kwetsbare allochtonen om inwijkelingen op te nemen, het tempo van absorptie en de handhaving van culturele waarden snel grenzen stellen aan de instroom van nieuwe vluchtelingen. Met nieuw realisme. Om het vluchtelingenbeleid hetzelfde te kunnen laten blijven dient het snel te veranderen. Daartoe moet de politiek als de wiedeweerga veranderen.