George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘COVID-19

Tilburgse burgemeester krijgt kritiek. Hij liet feest van voetbalfans toe terwijl hij wist dat coronaregels overtreden zouden worden

with one comment

Burgemeester Theo Weterings (VVD) van Tilburg is ook voorzitter van de Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant. Hij gaf een vergunning af om voetbalfans van de lokale voetbalclub Willem II op een plein naar een wedstrijd van hun club tegen Rangers FC. Waarvoor de Tilburgse supporters juichen is een raadsel, want hun club verloor met 0-4. Het was voorspeld dat er gedanst en gezongen zou worden en de 1,5-meter afstand niet bewaard zou worden. De coronaregels werden dus niet alleen grof overtreden, maar voorspeld was dat dat zou gebeuren. Toch gaf Weterings de vergunning af. Het argument dat hij achteraf hanteert is dat het een bewuste keuze was. Hiermee schetst hij een beeld dat hij de boel onder controle had, terwijl uit de gebeurtenissen blijkt dat het tegendeel het geval was. Het is een terugkerende wetmatigheid. Het openbaar bestuur is bang voor de harde kern van professionele voetbalclubs en durft daar niet tegen op te treden.

De conclusie over burgemeester Weterings is duidelijk, hij heeft de verkeerde inschatting gemaakt. Weterings zegt volgens een bericht van Omroep Brabant dat het nog te vroeg is om ‘nu al’ conclusies te trekken.

Jan Roos weet niet waarover hij praat. Met column over Trump verliest hij het laatste restje geloofwaardigheid dat hij nog bezat

with 2 comments

Mijn reactie bij de columnTrump wint met historische zege straks groots van verwarde bejaarde Biden’ van Jan Roos op DDS. De column wekt medelijden op met een opinieleider die blijkbaar gedwongen wordt om zijn kletspraatjes te verkopen, maar geen idee heeft waarover hij praat en door niemand serieus genomen wordt:

Jan Roos is een clown. Hij noemt nieuws nepnieuws en noemt nepnieuws nieuws. Jan Roos keert het om. Jan Roos veegt feiten van tafel en boetseert met de overgebleven kruimels zijn fantasieverhaal. Jan Roos is het gezicht van 2020. Dat is het gezicht van iemand die aandacht wil en zijn meningen verkoopt zonder dat hij zelf gelooft wat hij zegt.

Het is te veel eer om Roos’ meningen te weerleggen omdat ze zulke aantoonbare onzin bevatten. Want het gaat hem duidelijk niet om het weergeven van de waarheid, maar om het vertroebelen ervan. Maar goed, ook Jennifer Griffin van Fox News heeft het bericht van Jeffrey Goldberg van The Atlantic over Trumps uitspraken dat gesneuvelde militairen ‘losers’ en ‘suckers’ zijn bevestigd. Vele critici en mensen die Trump al lang kennen hebben bevestigd dat dit past in het patroon van Trumps denken.

In zijn nieuwe boekRage’ tekent Bob Woodward op dat president Trump op 7 februari 2020 tegen hem in een (getaped) gesprek zei dat COVID-19 vijfmaal dodelijker is dan een gewone griep. Waar laat dat complotdenkers als Willem Engel of andere voormannen van deze tegenbeweging die op sociale media carrière maken door onwaarheden over COVID-19 te verkondigen? Onder meer met de claim dat een gewone griep dodelijker is dan COVID-19. Als Trump meent dat COVID-19 vijfmaal dodelijker is dan de griep, hoe brengen deze complotdenkers dan hun mening over Trump en COVID-19 in harmonie?

Sinds eind januari 2020 wordt Trumps beleid inzake de bestrijding van COVID-19 dagelijks aangevallen. Door onder meer Democraten, ex-Republikeinen en medische experts in zijn regering die door Trump op een zijspoor zijn gezet omdat ze de waarheid vertellen die Trump alleen tegen Bob Woodward bevestigt maar publiekelijk ontkent. Ofwel, Trump spreekt zichzelf tegen. Het is onzin van Roos dat Trump niet kan worden aangevallen op zijn beleid. Trump wordt continu aangevallen op zijn beleid. Roos heeft zitten slapen, begrijpt niets van de Amerikaanse politiek of liegt bewust.

Het is niet ondenkbaar dat Trump de verkiezingen van 3 november wint. Maar het wordt onwaarschijnlijk geacht dat hij de meeste stemmen krijgt. Ook in 2016 kreeg Hillary Clinton ongeveer 2,1% of 2,9 miljoen stemmen meer dan Trump. Roos’ bewering dat in 2016 uit de peilingen zou blijken dat Clinton met 97% zekerheid zou winnen is onjuist. Het is onduidelijk op welke data hij zich baseert. De meest gezaghebbende verkiezingstatisticus van de VS Nate Silver voorspelde op 8 november 2016 dat Clinton 71,4% en Trump 28,6% kans had om te winnen. Nu is die inschatting ongeveer hetzelfde, hoewel Trump het iets slechter doet met 25% tegen 75% kans voor Biden om te winnen.

Het probleem met het Amerikaanse electorale systeem waarbij niet de meeste stemmen gelden, maar via een getrapt systeem per staat kiesmannen worden gekozen, is dat het een vertekening van 3% in het voordeel van de Republikeinen heeft. Dat komt onder meer door de bovengemiddelde weging van het platteland waar overwegend Republikeinen wonen. Daarbij komt nog het actieve programma van kiezersonderdrukking en -ontmoediging van de Republikeinen, de desinformatiecampagne van de Russen op sociale media en specifiek voor 2020 het bewust afbreken door de regering-Trump van de Posterijen die het stemmen per post moeten faciliteren.

De inschatting is dat Joe Biden om gelijk te eindigen met Trump om deze redenen een vertekening van flink meer dan 3% moet wegwerken. Dat tekent gelijk het probleem van de opiniepeilers om deze aspecten in hun modellen te vangen. In 2016 was er nog de complicatie van de ‘derde’ kandidaten Jill Stein (Greens) en Gary Johnson (Libertarians) die voornamelijk stemmen bij de Democraten weghaalden. Zo haalde Stein in een staat als Michigan meer stemmen dan het verschil tussen de winnende Trump en Clinton was. Zonder Steins deelname had Clinton zeer waarschijnlijk deze staat en nog twee andere swing states gewonnen waar in totaal het verschil in stemmen ongeveer 70.000 was.

Het is begrijpelijk dat Jan Roos in de aandacht wil staan. Hij heeft nog wat goed te maken. Zijn eigen politieke carrière werd een grote mislukking. Het is echter niet te verwachten dat lezers zijn mening als een serieuze analyse beschouwen en anders lezen dan amusement. Roos is een symbool van zijn tijd. Hij kletst uit zijn nek en probeert zijn gebrek aan kennis over en inzicht in de Amerikaanse politiek om te keren door zichzelf te overschreeuwen. Jan Roos is het gezicht van 2020. Van de lachende clown die van binnen huilt. Om zichzelf.

Foto: Schermafbeelding van deel columnTrump wint met historische zege straks groots van verwarde bejaarde Biden’ van Jan Roos op DDS, 4 september 2020.

Missen Ongehoord Nederland en Thierry Baudet de ambitie óf de startkwalificatie om hun vak in de vingers te krijgen?

with one comment

 

Ongehoord Nederland (ON) heeft zo zitten knippen en plakken dat de video er onbegrijpelijk op wordt. Dat is waarschijnlijk de opzet. Hoogleraar Wim Voermans mag niet uitspreken, maar wordt afgebroken, zodat hij wat anders lijkt te beweren dan wat hij werkelijk beweert. Dat is geen journalistiek van ON, maar prutswerk.

Het wordt er potsierlijk op als de politieke leider van FvD aan het woord komt. De politicus die ooit beweerde dat hij nooit politicus zou worden omdat hij daarvoor niet de kwaliteiten bezit, bevestigt opnieuw zichzelf goed te kennen. Hij is geen politicus. Hij laat weer eens blijken van onderwerpen waarover hij zich uitspreekt geen verstand te hebben. Dat is dodelijk voor een politicus die geen politicus wil zijn, maar toch ook weer wel.

Critici van de aanpak van COVID-19 vergeten -of doen net alsof- dat de ernst van de pandemie juist door de aanpak is afgezwakt. In landen waar de aanpak op zich liet wachten en de staatshoofden ontkenden dat er sprake was van een ernstige situatie, zoals Brazilië of de VS heeft de pandemie het hardst toegeslagen.

Over de aanpak van president Trump kan geen misverstand bestaan, die heeft gefaald. Het land met de beste universiteiten en medische zorg ter wereld koerst nu af op 190.000 doden ten gevolge van COVID-19. Een deel daarvan is onnodig gestorven. De regering Trump heeft de pandemie niet goed aangepakt en ingeperkt.

Niemand zat op een pandemie te wachten. Iedereen is er het slachtoffer van, en mensen aan de onderkant van de samenleving het meest. Iedereen is chagrijnig om in vrijheid beperkt te worden vanwege de maatregelen.

Zaak is om dat in een wet te regelen die op een democratische wijze via inspraak van het parlement tot stand is gekomen en de overheid niet meer bevoegdheden geeft dan nog is voor een passende aanpak van COVID-19. Dat is de kern van de kritiek van Voermans. De onzin die Baudet er om electorale redenen van maakt heeft niks met serieuze kritiek op de wetgeving of op de pandemie zelf te maken. Baudet verdient een nul voor argumentatie. Hij betwijfelt de ernst van een pandemie vanwege de tamelijk succesvolle bestrijding in Europa en het onderzoek van de medische sector en ziekenhuizen in het vinden van de optimale behandeling.

Na het zien van deze video kan men alleen maar betwijfelen of ON én Baudet zelf ooit de A-status in hun vak zullen behalen. Ze spelen hun vak en zullen daardoor altijd aan de buitenkant blijven zonder tot de kern van hun vak door te dringen. De vraag die blijft hangen na dit geknutsel van ON én Baudet is of ze de ambitie missen om hun vak in de vingers te krijgen of de startkwalificatie missen om hun vak onder de knie te krijgen.

Written by George Knight

8 september 2020 at 13:20

In landsbelang dient minister Grapperhaus af te treden. Hij heeft persoonlijk gefaald

with 3 comments

Op 28 augustus schreef ik bovenstaand commentaar op Facebook. Ik ben van mening dat minister Ferd Grapperhaus zijn geloofwaardigheid heeft verloren en in het landsbelang dient af te treden. Door de publicatie van nieuwe foto’s wordt alleen nog maar verder benadrukt dat op Grapperhaus’ huwelijksfeest de corona-maatregelen met voeten werden getreden. Zo buitengewoon is een carrière als minister nou ook weer niet.

Grapperhaus moet zijn persoonlijk belang opzijzetten. Het CDA kan dan door een banencarrousel Pieter Omtzigt naar het kabinet promoveren. Staatssecretaris Raymond Knops kan dan Grapperhaus’ functie overnemen en Omtzigt die van Knops, namelijk Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. De kwestie Grapperhaus kan tevens dienen om de betekenis van de in Nederland bekende ‘Carringtondoctrine’ op te frissen. Dat betreft ook persoonlijk falen. Ferd Grapperhaus toont het persoonlijk met beeldmateriaal aan.

Foto: Schermafbeelding van eigen commentaar op Facebook, 28 augustus 2020.

Misleidende column van Frits Bosch over Trump en Biden valt op te vatten als een vreemde reis naar een alternatief sprookjesland

leave a comment »

Mijn reactie bij het artikelColumn Frits Bosch: Democraten spreken goed, maar slaan de plank toch mis’ op DDS, 25 augustus 2020. Met een rare rol voor een academicus die opgevoerd wordt als Bosch’ influisteraar.

De kern van de kritiek op president Trump van Democraten, Republikeinen, ex-Republikeinen en Onafhankelijken is het omgekeerde van wat Manfred Wolf zegt. Namelijk dat ze voelen en weten dat Trump niet voor hen, maar voor zichzelf spreekt. Trump en zijn kinderen beschouwen zich als ‘royals’ en gedragen zich als zodanig, namelijk vanuit het idee dat ze het recht op hun positie hebben.

Trump laat zijn persoonlijk belang voor het algemeen belang gaan. Dat begrijpen steeds meer kiezers. Niet in het minst door Trumps mislukte aanpak van COVID-19 waardoor hij onnodig de levens van Amerikanen in gevaar heeft gebracht. De kritiek op Trump is dat hij niks geeft om gewone Amerikanen en geen empathie heeft voor en verbondenheid toont met gewone mensen. Trump is vooral betrokken bij zijn donors die hij belastingvoordelen geeft.

Uit een recente peiling van ABC News / Ipsos blijkt dat Trump populariteitscijfers laag zijn en steeds verder wegzakken. Met 60% die hem ongunstig inschat, tegenover 32% gunstig doet Trump het slecht. Ook in vergelijking met Joe Biden die een score heeft van 45% gunstig tegenover 40% ongunstig. Dat is een verschil in persoonlijke populariteit van 33% in het nadeel van Trump. Dat is het grote verschil met 2016 toen Hillary Clinton even slechte cijfers had als Trump. De twijfelende kiezers liepen toen over naar Trump en lopen nu over naar Biden. Dat is het verschil tussen 2016 en 2020.

De stijlfiguur die Wolf hanteert is de omkering. Van zwart maakt hij wit, van hoog maakt hij laag en van dik maakt hij dun. Met als gevolg dat hij van een geloofwaardige academicus die hij was een ongenuanceerde partijpoliticus maakt. Waarom doet Wolf dat zichzelf aan? Is hij de Rudy Giuliani van San Francisco State University?

Zo zijn het niet de Democraten die de toon van het land bepalen, maar is dat Trump. Hij is 3,5 jaar aan de macht en bepaalt de toon van het land met zijn voortdurende tweets, persconferenties, interviews en losse uitspraken.

Trump zaait verdeeldheid, sluit Amerikanen uit en richt zich in zijn retoriek uitsluitend tot zijn basis van zo’n 40% van de kiezers. Trump doet geen enkele handreiking naar de gematigde centrumkiezers. Peilingen wijzen erop dat de meeste Amerikanen buiten adem zijn van de aandacht die Trump voor zichzelf creëert en zijn nalatigheid om zijn land kundig te besturen.

De consensus over de Democratische Conventie is dat de Democraten een breed platform, een brede tent, hebben weten te creëren en dat hun stem tamelijk eensgezind klonk. Ook Fox News sprak daar waardering voor uit. Democraten zetten hard in op de inhoud en bereiden een mogelijke regering serieus voor met beleidsprogramma’s. Zo zijn op Bidens website allerlei gedetailleerde plannen voor de reparatie van de buitenlandse politiek te vinden. Zeg, een nieuwe start. Zoals bekend heeft Trump de relaties met de Europese bondgenoten onder druk gezet en heeft hij zich om onverklaarbare redenen verbonden met autoritaire leiders zoals president Putin.

Hoe er binnen het Republikeinse establishment werkelijk over de eigen achterban wordt gedacht maakt Steve Bannon duidelijk. Voor zijn flessentrekkerij klopte hij met enkele medestanders de goedgelovige ‘deplorables’ tientallen miljoenen dollars uit de zakken om zogenaamd een grensmuur te bouwen die hij nooit van plan was om te bouwen. Bannon was de belangrijkste adviseur van Trump en staat nog steeds in contact met hem. Het OM heeft hem in staat van beschuldiging gesteld.

Geloofwaardige kritiek op Democraten moet een andere zijn. De vraag is niet of ze goed kunnen besturen of beleidprogramma’s en -nota’s kunnen produceren, want dat hebben ze keer op keer bewezen, maar of ze wel kunnen vechten. Zijn de Democraten wel opgewassen tegen de harde, bijna oorlogszuchtige toon van de Republikeinen die politiek bedrijven die valt samen te vatten als politiek van de verschroeide aarde?

Het uitgebreide programma van kiezersonderdrukking dat de Republikeinen (al vóór Trump) hebben opgetuigd moet vanwege demografische ontwikkelingen hun geleidelijk afkalvende steun bij de kiezers neutraliseren. De brug naar de niet-witte kiezer is onder Trump opgehaald. Zelfs president George ‘W’ Bush probeerde zwarte en Latino kiezers te bereiken. Het opvallende aan het Amerikaanse politieke systeem is dat kiezersonderdrukking succesvol is. In West-Europese landen zouden kiezers, politieke partijen en juridische colleges dit onrecht corrigeren, maar in de VS zijn de onregelmatigheden de regel geworden.

Dat is nog gerekend buiten de inmenging van het Kremlin in het electorale proces. Dat gebeurde in 2016 en herhaalt zich in 2020, zoals inlichtingendiensten en de Inlichtingencommissie in de Senaat objectief hebben vastgesteld. Daarnaast heeft het grote geld de macht in de politiek naar zich toe weten te trekken door een gerechtelijke uitspraak die dat mogelijk maakt (Citizens United; 2010).

Frits Bosch maakt een parodie van een serieuze analyse van de toestand in de VS. Hij probeert in navolging van Manfred Wolf alles in een links-rechts frame te passen. Maar dat gaat voorbij aan de werkelijke situatie. Op dit moment krijgt Trump de felste tegenstand van conservatieven die Trump beschouwen als een afvallige Democraat en iemand die de Republikeinse partij en zijn land in het verderf heeft gestort en de nationale veiligheid van de VS in gevaar heeft gebracht.

De breuklijnen lopen anders dan Bosch en Wolf het voorstellen. Want het merkwaardige is dat in de VS de grootste links-rechts tegenstellingen binnen de grote partijen te vinden zijn. In geen enkel ander land zouden een centrumrechtse, pro-establishment politicus als Joe Biden en een links-radicale progressieve vertegenwoordiger als Alexandria Ocasio-Cortez in dezelfde partij te vinden zijn. Voor Nederlandse begrippen is dat het verschil tussen de VVD en GroenLinks. In de Republikeinse partij is onder Trump de interne pluriformiteit afgenomen. De meeste gematigde Republikeinen hebben vanwege Trump de partij verlaten, zodat een tamelijk eenzijdig versie van het gedachtengoed van de Republikeinse partij is overgebleven. Uitzonderingen zijn politici als John Kasich en Colin Powell die echter al een loopbaan achter zich hebben. Voor de toekomst is dat een slecht uitgangspunt voor de partij om zich te vernieuwen en te herbronnen met nieuwe ideeën.

Of het verstandig is om de alternatieve feiten van Bosch en zijn influisteraar Wolf te negeren omdat ze toch maar uitsluitend resoneren in het eigen afgesloten domein van rechts-radicale retoriek of dat het zinvol is om ze te voorzien van nuanceringen en de echte feiten valt te bezien. Mij verbaast het niet dat Bosch die een karikatuur van zichzelf maakt zegt wat hij zegt omdat hij nu eenmaal niet beter lijkt te weten in zijn alternatieve werkelijkheid. Mij verbaast het wel dat een persoon als Wolf die wel beter weet niet de ruimdenkendheid en ruimhartigheid vindt om genuanceerd naar de Amerikaanse politiek te kijken. Dat is de tragiek van de politiek die slachtoffers maakt.

Zie hier voor een ander commentaar van 18 augustus 2020 op een DDS-column van Frits Bosch.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelColumn Frits Bosch: Democraten spreken goed, maar slaan de plank toch mis’ op DDS, 25 augustus 2020.

Misleidende column van Frits Bosch over Trump valt op te vatten als een raar sprookje. DDS is totaal losgezongen van de realiteit

with 3 comments

Mijn reactie bij de columnTrump is bezig aan een inhaalrace’ van Frits Bosch op DDS. Wie het beschouwt als een sprookje dat niks met de werkelijkheid te maken heeft kan volop genieten van de absurde beweringen:

De auteur strooit met zoveel desinformatie, dat het lastig is waar te beginnen. Het is jammer dat Frits Bosch geen poging doet om de situatie te verduidelijken, maar klaarblijkelijk bewust een misleidend beeld van de realiteit geeft. Daar heeft de lezer van DDS die geïnformeerd wil worden niets aan. Ik ga de hoofdpunten van kritiek langs. Men kan zich overigens alleen maar afvragen uit welke duim Bosch zijn schijnwerkelijkheid zuigt en waarom DDS deze aantoonbare onzin publiceert.

De achterstand van president Trump in de peilingen is gemiddeld nog steeds zo’n 7 tot 8%. De peiling van CNN die een verschil van 4% meet wordt door deskundigen niet als representatief gezien, maar als een outlier, een afwijking.

De gezaghebbende statistische nieuwssite FiveThirtyEight van journalist Nate Silver voorspelt dat Joe Biden een kans van 72 tegen 27 heeft om in november 2020 tot president te worden gekozen. Dat vertaalt zich in 323 tegen 215 Electoral Votes voor Biden. Zeker is echter niks, het is nog lang tot 3 november 2020. Maar op dit moment wijzen alle peilingen erop dat Trump kansloos is.

De bevolking is BLM niet zat, maar steunt de antiracisme beweging. Dat is een tamelijk stabiele meerderheid die niet afneemt. Volgens onderzoek van Monmouth University beschouwt zo’n 76% van de bevolking racisme als een groot probleem. Dat is een forse toename van 26% vergeleken met 2015. Ofwel, de uitgangspunten van Trump om electoraal te kunnen profiteren van racistische uitspraken of kritisch te zijn op de antiracisme-beweging is fundamenteel slechter dan in 2016.

Wat Bosch bedoelt met zijn uitspraak dat Trump het goed heeft gedaan met ‘minder doden dan bij ons’ is onduidelijk. Maar als dat over de COVID-19 pandemie gaat, dan klopt deze observatie niet. De VS heeft op dit moment meer dan 170.000 doden als gevolg van deze pandemie, dat zijn proportioneel meer doden dan in Nederland of in andere westerse landen. Trump verkeert op voet van oorlog met zijn eigen medische deskundigen met als gevolg een volkomen mislukte bestrijding van COVID-19.

Economisch heeft Trump niet kunnen leveren wat hij beloofde. Daarmee heeft hij ook zijn sterkste wapen uit handen laten slaan. De groei van het BNP is in het tweede kwartaal van 2020 met 32,9% (op jaarbasis) gedaald. Dat is de hoogste afname in 75 jaar. De werkloosheid is hoog en een aantal van liefst 56,2 miljoen Amerikanen zocht in juli 2020 ondersteuning vanwege werkloosheid.

Werkloosheid en een haperende economie zijn geen aanbeveling om op Trump te stemmen. Daarbij komt de harde opstelling van de Republikeinse Senaatsfractie die weigert om de steunmaatregelen van het eerste pakket voort te zetten.

Joe Biden en Kamala Harris hebben niets met de zogenaamde antifa-beweging te maken. Ze nemen er afstand van. Dat zou ook niet logisch zijn omdat zowel Biden als Harris gematigde Democraten zijn die niks van The Squad of de links-radicalen moeten hebben.

Trump scoort slecht bij de gekleurde gemeenschap. Volgens een recent PEW-onderzoek heeft hij zo’n 11% steun onder Afro-Amerikanen. Biden heeft hier een marge van +81%. Trump heeft totaal niks voor de gekleurde gemeenschap gedaan. Of het moeten de spaarzame zwarte miljardairs en sponsors van hem zijn die hij een belastingvoordeel heeft gegeven door de invoering van een nieuw belastingstelsel dat de rijken bevoordeelt.

Kamala Harris komt uit California en is daar senator. Dat is een veilige Democratische zetel in een staat met een Democratische gouverneur die over haar vervanging gaat. Andere Democratische senatoren in staten die minder uitgesproken Democratisch waren hadden daardoor het nadeel om vice-president te worden omdat daardoor de gooi naar de meerderheid in de Senaat door de Democraten bemoeilijkt werd.

Kamala Harris wordt door de overgrote meerderheid van meer dan 90% van de Democraten enthousiast gesteund. De Democraten opereren hoe dan ook tamelijk eensgezind in hun steun voor Biden. Ze zien haar als een gekwalificeerde, stevige kandidaat die het bijvoorbeeld vice-president Mike Pence in de vice-presidentiële debatten aardig moeilijk kan maken.

Bosch laat zich kennen als iemand die nauwgezet de talking points van Trump volgt door president Obama en Hillary Clinton erbij te halen. Maar teruggrijpen naar het verleden toont een gebrek aan argumenten. Het is nu 2020 en niet 2016.

Trump laat zich kennen als een gevaar voor de democratie, de grondwet, het welzijn én het leven van gewone Amerikanen. Hij werkt samen met het Kremlin om door kiezersonderdrukking, fraude en misleiding de verkiezingen te stelen. Want normaal kan hij niet winnen. Vele Republikeinen zeggen voor Joe Biden te stemmen omdat ze het ermee eens zijn dat Trump alleen het belang van Trump dient. Niet dat van zijn land, dat van zijn bewoners en zelfs niet van zijn partij.

Het is een raadsel waarom een commentator van DDS meent Nederlandse lezers zoveel onwaarheden op de mouw te moeten spelden. Denkt hij dat die lezers gek zijn en zijn desinformatie geloven? Enfin, een ding maakt het duidelijk, DDS en Frits Bosch zijn er niet om de lezers te informeren, maar om ze te desinformeren.

DDS laat zich weer eens kennen als een politiek platform. Met journalistiek heeft dat niks te maken. Goed dat het weer eens bevestigd wordt. De verdienste van Frits Bosch is zijn misleiding. Hij is een prima sprookjesverteller.

Foto: Schermafbeelding van deel columnTrump is bezig aan een inhaalrace’ van Frits Bosch op DDS, 18 augustus 2020.

Pleidooi voor inzet van kunstenaars bij een sociaal en economisch hervormingsprogramma van de overheid

leave a comment »

Velen stellen dat er somberte en uitzichtloosheid als nooit tevoren heerst. Het klimaat, de economie, de politiek en de sociale vrede staan onder druk. Wetenschap en kunst worden in het verdomhoekje geplaatst en nog weinig gegund. Sociale opgang is gestopt, kinderen krijgen het eerder slechter dan beter dan hun ouders. Boomers wordt verweten op het hoogtepunt van de welvaart gepiekt te hebben en zich niet bekommerd te hebben om de toekomst. Door de COVID-19 pandemie wordt de neergang versneld. Of op z’n best: het proces van stilstand gecontinueerd. Nu de economie door de succesvolle bestrijding van de pandemie weer aarzelend op gang komt blijkt dat er fundamenteel niets verandert en zoals bij elke restauratie de gevestigde belangen in de steunprogramma’s voorgaan omdat ze de kortste en snelste contacten naar de macht hebben. De economie wordt niet verduurzaamd, de besluitvorming niet verbreed en een nieuwe start niet overwogen.

Toch gaat het de Nederlanders nog steeds redelijk goed. Beter dan voorheen. Maar in de opinie wordt het tegenovergestelde beeld gevormd. In de echokamers van de sociale media praten mensen zonder de feiten te kennen elkaar hun pessimisme na. Hoe kan dat beeld doorbroken worden? Daartoe moeten we teruggaan naar een andere tijd van neergang in de recente geschiedenis: de crisisjaren 1930 als gevolg van de beurskrach van 1929. Hoewel nu uiteraard de omstandigheden totaal anders zijn. Het gaat om de aanpak van beklemming die transformeert in verlamming en het bieden van hoop. Is de mens niet zijn of haar eigen ergste vijand?

Het voorbeeld is de New Deal van president Roosevelt. Vanaf 1932 werd een omvangrijk economisch en sociaal hervormingsprogramma opgezet om de gevolgen van de crisis te dempen. De overheid heeft daarbij een sturende, coördinerende en motiverende rol. Vertaald naar onze tijd houdt dat in dat de verzorgingsstaat die sinds de jaren 1980 langzaam uitgekleed is, weer wordt aangekleed. Zodat de extremisten die hierdoor wind in de zeilen hebben gekregen omdat ze mensen die buiten de boot zijn gevallen voor zich hebben weten te winnen geen rugwind meer hebben. Nu de overheid als gevolg van de pandemie toch tientallen miljarden euro’s in de economie pompt, is het een gemiste kans om in het herstel de pre-corona tekortkomingen niet te willen corrigeren. Het is merkwaardig hoe weinig kritiek op de behoudsgezinde restauratie klinkt. Ook die beperkte blik is vermoedelijk een gevolg van dat pessimisme dat bijna iedereen in de greep heeft.

Het geloof in een betere toekomst moet dus doorbreken. Ook bij progressief Nederland. Of liever gezegd, door de overheid moet met een hervormingsprogramma dat beeld worden gevestigd. Nog sterker gezegd, dat beeld moet door herhaling geforceerd worden. Voor de praktische politiek is het gewenst dat partijen als de PvdA en GroenLinks meedoen om hun achterban mee te krijgen. VVD en CDA kunnen dan hun achterban die sterker verankerd is in de gevestigde macht proberen mee te krijgen. De flexibele Mark Rutte kan hieraan leiding geven op de voorwaarde dat hij zich niet langer opstelt als verlengde van de werkgeverslobby. Samen met de centristische D66 kan dan een vijfpartijenkabinet worden gevormd. Essentieel is dat partijen de gevestigde belangen niet blindelings volgen, de pragmatiek vooropzetten en het experiment niet schuwen.

Om de bevolking ervan te overtuigen dat er een nieuwe fase in de geschiedenis van Nederland is aangebroken en ze hun pessimisme achter zich kunnen laten moet er met overheidsprogramma’s extra aandacht worden gegeven aan de publieke opinie. Daarbij kunnen kunstenaars, ontwerpers en filmers een rol spelen. Het beeld is hun vakgebied. In de jaren 1930 kende de VS de WPA (Work Projects Administration) waarvan het Federal Art Project een belangrijk onderdeel was. Opzet daarvan was om de kunst met een hulpprogramma te steunen en kunstenaars kunst te laten maken die de bevolking bereikte. Bovenstaand affiche is daar een voorbeeld van. Uiteraard zullen kunstenaars nu andere, minder statische middelen inzetten, zoals nieuwe media.

De culturele sector ging het in het post-Zijlstra (2011) tijdperk al slecht en heeft door de COVID-19 pandemie verder aan terrein verloren. Het perspectief van de kunstenaars is slecht. Opdrachten zijn weggevallen. De overheid kan de rol van opdrachtgever op zich nemen. De huidige steunprogramma’s van de overheid voor de kunst zijn bescheiden en daarnaast komt het leeuwendeel van de steun bij gevestigde instellingen terecht.

Met een overheidsprogramma voor kunst, ontwerpers en filmers dat wordt gecoördineerd door een apart bestuurlijk orgaan, dat op afstand staat van de regering en eigen budget en bestuurlijke verantwoordelijkheid heeft, snijdt het mes aan vele kanten: 1) kunstenaars worden door financiële steun uit de brand geholpen; 2) door experimenten toe te laten in het programma hoeven kunstenaars niet gezien te worden als ‘simpele’ uitvoerders van de overheid; 3) hun vakmanschap kan dienen om met een waaier van creatieve uitingen de publieke opinie te helpen overtuigen dat de overheid zichtbaar werkt aan een hervormingsprogramma; 4) overheid en politieke partijen kunnen door het tonen van hun goede wil de vertrouwensbreuk met de kunstsector lijmen die door hun neerbuigende en terughoudende houding in de afgelopen tien jaar gegroeid is; 5) in het verlengde daarvan kan de neerbuigende houding bij delen van het publiek over de ‘overbodige’ kunst bestreden worden door deelname van kunstenaars aan het hervormingsprogramma; 6) door inzet van kunstenaars kan het begrip voor en het inzicht van politici op de functie van kunst verbeterd worden.

Foto: ‘Moments with genius Written by the Illinois Writers Project : presented by the Museum of Science & Industry / / D.S.’, 1936-1941. Collectie: Library of Congress.

Is Trumps terugtreden de echte oktober verrassing?

with 2 comments

Je hoort het vaker, namelijk dat president Trump uit de race stapt. Volgens peilingen is zijn situatie hopeloos en stevent hij af op een zeker verlies. Dat kan hij alleen ontgaan door alsnog te winnen of terug te treden. Als dat eerste onwaarschijnlijk is, dan wordt het tweede waarschijnlijker. Nu is er sprake van een tussenfase.

Onder meer MSNBC-commentator Donny Deutsch en Trumps voormalige directeur Communicatie van het Witte Huis Anthony Scaramucci hangen deze theorie aan. Maar hun voorspellingen komen vaak niet uit. In 2019 zei Scaramucci dat Trump op z’n laatst in februari 2020 zijn vertrek zou aankondigen. Dat is niet gebeurd. Nu is er hoogleraar politieke wetenschappen Stephen D. Wrage die hetzelfde beweert in het artikelThe Real October Surprise: Trump to Drop Out’ van 26 juli 2020 voor The Globalist.

Is het waarschijnlijk dat Trump uit de race stapt? In elk geval bestaat het idee dat hij het presidentschap niet ambieerde. Zijn campagne in 2016 met behulp van het Kremlin, Facebook en allerlei controversiële individuen en bedrijven werd een succes door te goed geslaagde marketing. En grootschalige kiezersonderdrukking waardoor Democratische kiezers ontmoedigd werden om in swingstates de stembus op te zoeken. Dat programma van kiezersonderdrukking is in vier jaar verder uitgebouwd door de Republikeinen. Trump had het geluk dat hij in Hillary Clinton een nog slechtere kandidaat vond. Zodat zijn onkunde, ongeschiktheid en psychische instabiliteit niet opvielen. Biden wordt een betere kandidaat geacht die minder weerstand oproept.

Dat Trump in 2016 tegen alle logica in slaagde en hijzelf, noch het Kremlin (dat ‘vuil’ over Clinton achterhield voor haar presidentschap) en de vroegste peilingen dat voorzagen wijst erop dat Trump de gok wellicht een tweede keer wil nemen. Het is lastig om vanuit een rationele verklaring Trumps positie te duiden, omdat hij dat zelf nalaat. Trump is een beperkte daghandelaar aan wie geen vergezichten moeten worden toebedacht.

Trump weet dat hij het voordeel heeft van de zittende president die meer macht heeft dan zijn opponent Joe Biden. Via het ministerie van Justitie kan hij uitspraken die hem ongunstig zijn blokkeren. Dat voelen minister Barr en Trump als een loterij zonder nieten. Maar zoals gezegd is Biden populairder dan Clinton ooit was.

De wetmatigheid is dat naar het einde van een campagne de verschillen in de peilingen afnemen. Verder denkt Trump nog enkele troeven in handen te hebben die hij uit kan spelen. Zoals over het straatgeweld van ‘links’.

Daarnaast is het onzeker of Trumps trouwe achterban even warm loopt voor vice-president Mike Pence. Hij kan dan wel de meer gematigde en evangelische kiezers aanspreken, maar verliest waarschijnlijk ook radicale kiezers. Een risico is ook dat als eenmaal de ban gebroken is van een twitterende, intimiderende Trump en Republikeinse senatoren voor eigen kansen durven gaan ze afstand van Pence en zijn beleid zullen nemen.

Ook is Pence kwetsbaar voor aanvallen van Democraten omdat hij als uitvoerder van Trumps beleid de afgelopen vier jaar vuile handen heeft gemaakt. Pence werd in februari 2020 door Trump benoemd tot hoofd van de bestrijding van de COVID-19 pandemie. Hoewel Trump de leiding had en zelfs de wetenschappers opzij schoof zal ook Pence door vele Amerikanen met de mislukte aanpak geassocieerd worden.

Hoe dan ook is het een aardig gezelschapsspel om te gissen hoe groot de kans is dat Trump als oktober verrassing uit de race stapt. Het scenario gaat voorbij aan het feit dat er al ruimschoots voor verkiezingsdag via de post gestemd kan worden. Early voting. Zoals in Pennsylvania in verschillende districten al 50 dagen vooraf. Velen hebben dan al tegen Trump gestemd. De logica is daarom dat deze October surprise om electorale redenen op zijn laatst rond half september moet plaatsvinden. Of toch in oktober als Trump als aanhanger van een verschroeide aarde theorie niet wil dat Pence hem opvolgt en hij de Republikeinse partij in zijn val met hem wil meeslepen? De rechtszaken tegen hem en zijn bedrijf kunnen dan in 2021 van start gaan.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelThe Real October Surprise: Trump to Drop Out’ van Stephen D. Wrage, 26 juli 2020 voor The Globalist.

Er moet een masterplan komen voor de museumsector als geheel

leave a comment »

Het is ernstig dat een op de vier musea in het voortbestaan bedreigd wordt. Maar misschien minder ernstig dan het lijkt.

Musea zijn (hoe kan het anders) een symptoom van de dolgedraaide consumptiemaatschappij geworden. Het is het afgelopen decennium hard gegaan met bezoekcijfers, marketing en popularisering. Net zoals de horeca, de reis- en evenementenbranche die niet organisch zijn gegroeid.

Dat heeft tot ongewenste effecten geleid. Die kunnen nu in het kielzog van COVID-19 gecorrigeerd worden. Het is een cliché, maar deze crisis biedt kansen om het museumbestand op te schonen. Door het kaf van het koren te scheiden. Sommige musea worden slecht geleid. Dat kan in een sector waar de lat laag ligt.

Daarbij lijkt er in Nederland een overschot aan musea te zijn. Zeg een surplus van 15%. Het moet niet als taboe ervaren worden om een museum te sluiten of daar zelfs maar een debat over te beginnen.

Hoofdzaak is wel dat de waardevolle en interessante musea worden gesteund en blijven bestaan. Het geld om musea te redden is beperkt zodat het niet besteed dient te worden aan musea die niet vitaal en essentieel zijn. Daarom moet er een keuze gemaakt worden waarbij de Nederlandse museumsector als integraal wordt beschouwd. Dat is echter lastig vanwege het regionale en lokale accent dat de afgelopen jaren door beleid van politieke partijen en commissies is versterkt.

Probleem voor de Museumvereniging is dat het geen voorkeur kan uitspreken omdat het als belangenbehartiger logischerwijze op moet komen voor de museumsector als geheel. Zodat het ook geen onderscheid kan maken tussen musea en aanbevelingen kan doen over het voortbestaan van incidente musea. Zo ontstaat een probleem van het probleem.

Wat is de instantie die objectief van een afstand kijkt welke musea wel of niet de moeite waard zijn om gered te worden en daar advies aan de overheden aan geeft? Is hier een rol voor de Raad voor Cultuur weggelegd?

Foto: Schermafbeelding van deel artikelEen op de vier musea in voortbestaan bedreigd’ van NOS, 23 juli 2020.

Pleidooi voor een debat over financiële ondersteuning van galeries

with 7 comments

Een vraag aan kunstenaars, kunstliefhebbers, kunstprofessionals, galeriehouders en openbare bestuurders om mee te denken over de financiering van galeries. In gesprekken met vele galeriehouders in verschillende gemeenten zijn me het afgelopen half jaar zaken opgevallen die me tot de volgende observaties brengen:

1) Galeriehouders voelen zich miskend omdat ze menen geen waardering te krijgen van de overheid. Ze kunnen niet aankloppen voor steun omdat ze als commercieel bedrijf worden gezien. Maar ze beschouwen zichzelf helemaal niet als commercieel. De kosten zijn hoog, met een huur in de grote steden van doorgaans rond de 2000 euro per maand. Vele galeries hebben sinds april 2020 nauwelijks nog inkomsten gehad.

2) De meerderheid van Nederlandse galeries draait verlies of heeft incidenteel een kleine overschot. De meeste kunnen alleen bestaan doordat ze financieel gesteund worden door partners, familie of een bedrijf of instelling dat aan productsponsoring doet.

3) Als er al een contact is van een galerie, of een lokale koepel van galeries die hun krachten gebundeld hebben, met een gemeente verloopt dat doorgaans via de afdeling culturele zaken. Dat is begrijpelijk omdat galeries bijdragen aan het kunstklimaat van gemeentes. Ze zijn de schakel tussen kunstenaar en consument en een belangrijke, zichtbare exponent van dat kunstklimaat. Maar voor een doorbraak naar structurele ondersteuning is het onbegrijpelijk omdat de afdeling economische zaken meer vuurkracht en mogelijkheden heeft om bedrijven te steunen. Ofwel, als een galerie echt als een commercieel bedrijf moet worden beschouwd, dan is het binnen die logica rechtlijnig om het contact primair via economische zaken te laten lopen. De spreekwoordelijke cultuurwethouder of de account-manager van culturele zaken is een aanspreekpunt die geen budget, geen zakelijk denken en geen besluitvaardigheid heeft.

4) Een bijkomstige moeilijkheid is waar de ‘ondergrens’ ligt om galeries te ondersteunen. Het is duidelijk welke galeries kwaliteit bieden en idealiter steun zouden verdienen. Sommige galeries hebben een museale ambitie en doen feitelijk hetzelfde wat een plaatselijk museum doet dat doorgaans miljoenen euro’s subsidie per jaar krijgt. Dat verschil wordt als te groot ervaren door de ambitieuze galeriehouders.

5) Er zijn galeries die de kwaliteit niet bieden en waar het belang van de kunst en de kunstenaar niet centraal staan. Volgens welke criteria dient de lijn tussen de ‘museale galerie’ en de ‘puur commerciële’ galerie getrokken te worden? Deelname aan kunstbeurzen als Art Rotterdam, Art The Hague, de KunstRAI of This Art Fair wordt soms als voorwaarde voor subsidie gesteld, maar dat heeft weer als nadeel dat het de status quo bevriest en experimentele toetreders uitsluit. Hetzelfde onoplosbare probleem doet zich gelden als galeries binnen een gemeente of regio zich in een koepel-achtige constructie verenigen. Hoe wordt het kaf van het koren gescheiden? Het is een taboe dat uit de weg wordt gegaan, maar wel de kracht en eenheid van de ‘museale galeries’ verzwakt.

6) Te bedenken valt dat het aantal serieuze galeries dat steun verdient betrekkelijk klein is. Voor Rotterdam en Den Haag kan dat ingeschat worden op zeven galeries, voor Utrecht op vier en voor Groningen op drie. Een inventarisatie voor heel Nederland (exclusief Amsterdam) komt waarschijnlijk uit op enkele tientallen galeries. Bij een steun van pakweg 25.000 euro per galerie per jaar is dat een totaalbedrag van maximaal zo’n 1 miljoen euro per jaar voor heel Nederland.

7) Uiteraard zijn er via cultuurfondsen tegemoetkomingen in de kosten voor galeries om zich op buitenlandse beurzen te presenteren. Ook hebben galeries gebruik kunnen maken van de zogenaamde NOW-gelden als gevolg van de coronacrisis. Maar dat zijn incidenten. Waar het om gaat is om een structurele basis te leggen onder het voortbestaan van Nederlandse galeries.

8) Als het vanuit het perspectief van het openbaar bestuur niet mogelijk is om individuele galeries met structurele subsidie financieel te ondersteunen, dan kan generieke steun voor de galeriesector uitkomst bieden. Winkels of cafés krijgen evenmin overheidssubsidie. Generieke steun via de tegemoetkoming in de kosten aan de media vanwege een maatschappelijke functie kan hier als model dienen voor de galeriesector. Hoe dan ook lijken de voorwaarden om galeries te ondersteunen minder rigide dan uit de beeldvorming blijkt. Met enige goede wil van het openbaar bestuur kunnen er geitenpaadjes bewandeld worden.

9) Zo zou een gemeente, provincie of de rijksoverheid waar galeries nog niet dik gezaaid zijn (dus Amsterdam uitgezonderd) en er nog ruimte is voor nieuwkomers aan beginnende galeries een ontwikkelsubsidie kunnen verlenen. Daarnaast zou een gemeente een subsidieloket open kunnen stellen voor galeries die een website, een publicatie of een bijzonder project (symposium, presentatie met dure transporten) willen ontwikkelen.

10) Samenvattend kan gezegd worden dat het gezien de positie van galeries die op een commerciële markt opereren begrijpelijk is dat er op dit moment geen generieke steun voor galeries bestaat. Tegelijk kan gezegd worden dat het onbegrijpelijk is waarom die steun niet bestaat omdat met betrekkelijk weinig geld galeries gericht en effectief ondersteund kunnen worden. Het is nodig dat het debat hierover op gang wordt gebracht.

Foto: Peter Koole, ‘On Behalf of All’, 2019. Op de presentatie ‘25 jaar Srebrenica herdacht in Laurenskerk’ in Rotterdam, te bezoeken van 18 juli 2020 t/m 29 augustus 2020.

%d bloggers liken dit: