George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Identiteit

Hemeltergende schijnheiligheid van PVV en alle Nederlandse politieke partijen over kunst en cultuur. Domheid of valsheid?

leave a comment »

PVV’er Martin Bosma heeft gelijk dat cultuur onder vuur ligt. Maar wat bedoelt hij ermee en hoe komt dat? En wat is de rol van de PVV? Bosma verwijst naar een reportage van EenVandaag (AVROTROS) over Engelstalig onderwijs aan universiteiten die op 10 juli werd uitgezonden. De ondertitel ervan is ‘vloek of een zegen?’ Er is van alles over te zeggen, waarschijnlijk is Engelstalig onderwijs aan universiteiten tegelijk vloek en zegen. Wat er nu aan schort is dat docenten niet zijn opgeleid om Engelstalig onderwijs te geven. Dat moet eerst op peil gebracht worden. En overigens, waar is het Duitstalig en Franstalig onderwijs gebleven in het curriculum?

Hoe dan ook, Bosma en de PVV hebben weinig recht van spreken. Zij hebben de mond vol over Nederlandse identiteit of Nederlandse cultuur, maar weigeren daar de politieke consequenties aan te verbinden. Je zorgen maken over de rol van het Nederlands in Zuid-Afrika wordt zo een afleiding voor wat de PVV in Nederland laat liggen. De PVV staat als aanstichter aan de basis van de recente afbraak van de Nederlandse cultuur. De PVV was in 2011 samen met de VVD de sluipmoordenaar van de gesubsidieerde culturele infrastructuur. Samen met alle politieke partijen die de bezuinigingen op het cultuurbudget billijkten. Nederlandse partijen zouden zich rot moeten schamen voor hun politiek van afbraak, maar daartoe is zelfkennis en zelfinzicht nodig.

Wie zich bezorgd maakt over Nederlandse identiteit of cultuur, maakt zich bezorgd over het overheidsbudget voor Nederlands kunst, monumentenzorg, erfgoed, landschaps- en natuurbeheer, onderwijs, wetenschap en omroep. In geciviliseerde landen als Frankrijk en Duitsland hebben tijdens de economische crisis van 2008 en de daaropvolgende stagnatie de regeringen de cultuurbudgetten in stand gehouden. Kunst is een belangrijke cultuuruiting en Fransen en Duitsers zijn trots op hun nationale kunst. Dat ze als symbool van hun nationale identiteit zien. In Nederland is die vanzelfsprekende trots onder invloed van de PVV afgebroken. De PVV heeft de mond vol van Nederlandse cultuur, maar wil zich er niet echt voor inzetten. Vertegenwoordigers van de PVV hebben zelfs voortdurend hun laatdunkendheid voor Nederlandse kunst laten blijken. Dat heeft het politieke debat over kunst en cultuur sinds 2011 negatief beïnvloed. Nog in het PVV-verkiezingsprogramma uit 2016 staat: ‘Geen geld meer naar ontwikkelingshulp, windmolens, kunst, innovatie, omroep enz.’

Thierry Baudet (FvD) retweet niet toevallig bovenstaande tweet van Martin Bosma. Hij spreekt herhaaldelijk uit niets met moderne of hedendaagse kunst te hebben. Of moderne architectuur. Dat soort conservatisme is een verdedigbaar politiek standpunt. Het past bij een stellingname die kunst en cultuur normeert, inperkt, temt en ondergeschikt wil maken aan de eigen politieke doelstelling. Als daarnaast ook middenpartijen als het CDA en D66 tegen uitbreiding van het cultuurbudget stemmen, dan weten we hoe diep van binnen de politieke elite van Nederland over cultuur denkt. Het mag niet te veel kosten, het moet dienstbaar zijn en essentieel wordt het niet gevonden. De verbinding ’Nederlandse identiteit’, ’Nederlandse cultuur’ en ‘sociale cohesie’ met ’Nederlandse kunst’ wordt niet gelegd. Nederlandse politieke partijen zien kunst en cultuur niet als natuurlijke bontgenoten, maar als tegenstander. Zelfs, of juist als ze zeggen het te willen beschermen. De Nederlandse politieke partijen zijn als de maffia die zegt winkeliers te willen ‘beschermen’. Daar komt niets goeds van.

Foto: Tweet van Martin Bosma en reactie, 11 juli 2017.

Advertenties

Aanval op Jesse Klaver. DENK haalt het slechtste in Farid Azarkan naar boven. En Azarkan haalt het slechtste in DENK naar boven

with 2 comments

Het valt nauwelijks te geloven dat bovenstaande tweet van het Tweede Kamerlid van DENK Farid Azarkan echt is. Het kan immers een provocatie zijn van een politieke tegenstander. DENK voert een agressieve campagne op sociale media en kan daarom een koekje van eigen deeg verwachten. Maar het lijkt er er sterk op dat Azarkans tweet echt is. En dat is onvoorstelbaar. Het diskwalificeert hem als mens, denker en politicus samen met de partij die hij vertegenwoordigt. Azarkan probeert twijfel te zaaien over Jesse Klavers oprechtheid.

Kamerlid Azarkan houdt de religie niet buiten de politiek, zoals christelijke politici van SGP, CU en CDA doen, maar trekt religie juist bewust de politiek in. Niet dat deze hun standpunten die op hun christelijke beginselen zijn gebaseerd niet naar voren brengen, maar ze beroepen zich in het gesprek met andersdenkenden niet onnodig op hun religieuze beginselen en terminologie. Nederlandse christelijke partijen hebben door jarenlange praktijkervaring geleerd hoe ze zich in de praktische politiek het meest effectief kunnen gedragen. Ze schakelen in het gesprek met de tegenstander naar een niveau waar godsdienst geen referentie is. Dat alles heeft Farid Azarkan niet geleerd. Hij introduceert de religie bewust in de politiek en gaat er met gestrekt been in. Met de fijnzinnigheid van een loden deur. Azarkan gaat zelfs nog een stap verder en reduceert de leider van Groen Links tot een Marokkaanse Nederlander die tijdens de Ramadan onderhandelt. Dit terwijl Klavers identiteit heel anders luidt. De leider van GroenLinks heeft weliswaar een Marokkaans vader die hem op jonge leeftijd in de steek gelaten heeft, maar komt uit een katholiek nest in Roosendaal. Klaver is belijdend christen.

Azarkan maakt zichzelf ongeloofwaardig. Azarkan benadert Klaver eendimensionaal door hem te reduceren tot een Marokkaanse Nederlander die zich iets gelegen zou moeten laten liggen aan de Ramadan. Maar dit is een vastenmaand die uitsluitend geldt voor moslims waarvan moeilijk in te zien valt waarom anderen zich erdoor zouden moeten laten beperken. Buiten of in de onderhandelingen. Azarkan maakt stemming. Azarkan sluit Klaver op in een islamitische of Marokkaanse identiteit, terwijl Klaver veel pluriformer is en gewoon een meervoudige identiteit heeft. Zoals overigens alle Nederlanders. Azarkan en DENK willen om electorale redenen etnische Nederlanders opsluiten in hun etnische of religieuze identiteit om zo hun stem te claimen. Onder de belofte dat DENK ze vervolgens zal bevrijden. Dat is de cirkelredenering als groeimodel van DENK.

Arzarkan valt bij gebrek aan argumenten zijn tegenstander persoonlijk aan. Azarkan is het slachtoffer van zijn eigen politieke marketing. Azarkan misbruikt religie en etniciteit voor de politiek van DENK. Azarkan wacht emancipatie. Azarkan is er een voorbeeld van hoe partijpolitiek het slechtste in de mens naar boven haalt.

Foto 1: Tweet van Farid Azarkan, 13 juni 2017.

Foto 2: Schermafbeelding van informatie bij Twitter-account van Farid Azarkan op 13 juni 2017.

Waarom steunt PVV geen beleid dat vernederlandsing van moslims en migranten bevordert?

with 12 comments

DDS gaat door met de promotie van FvD-kopstuk Thierry Baudet. Met zijn partij is hij sinds kort met 2 zetels in de Tweede Kamer vertegenwoordigd, maar op DDS lijkt het alsof FvD het in Den Haag voor het zeggen heeft. In een artikel beredeneert 

Dit ligt minder duidelijk dan Madureira suggereert. Er werken immers twee ontwikkelingen tegen elkaar in. Namelijk de islamisering van Nederland en de vernederlandsing van islamitische migranten of tweede of derde generatie allochtonen. Het is dus nog maar de vraag hoe de demografie over 20 jaar uitpakt. Hoe dan ook lijkt de stijging van het percentage moslims af te vlakken en nu te stabiliseren rond de 5%.

Volgens opgave van moslims zelf bedraagt in Nederland het aantal moslims 5% van de bevolking. Dat zijn er ongeveer 850.000. Maar het aantal belijdende of praktiserende moslims ligt stukken lager en werd in een Gronings onderzoek (Instituut voor Integratie en Sociale Weerbaarheid van de Rijksuniversiteit van Groningen) in 2008 ingeschat als 200.000. Hoewel het erop lijkt dat dat het moskeebezoek de afgelopen jaren is toegenomen. Maar tot welk aantal?

Er bestaan hoe dan ook onverklaarbare ongelijkheden in de statistieken. Zo wordt de islam ondanks de onderlinge verschillen en de stromingen die elkaar op leven en dood bestrijden als een groep beschouwd, terwijl er wel onderscheid wordt gemaakt tussen katholieke, gereformeerde of hervormde christenen. Dat geeft een vertekend beeld dat de islam groter maakt dan het werkelijk is. Ook worden moslims die niet praktiserend zijn grotendeels meegeteld als praktiserend, terwijl niet praktiserende christenen als ‘ongelovig’ worden gecategoriseerd.

De grotere zichtbaarheid van moslims in het straatbeeld betekent niet per definitie dat het aantal of het percentage moslims de afgelopen jaren is toegenomen. Daar moet men geen voorbarige conclusie uit trekken.

Een radicaal-rechtse partij als de PVV richtte zich tot nu toe op het beperken van de instroom van migranten uit islamitische landen. Wat overigens niet per se moslims hoeven te zijn. Bekend is het feit dat christenen vanwege hun veiligheid het Midden-Oosten verlaten en emigreren naar westerse landen. Overigens groeide het aantal niet-moslimmigranten met ongeveer 25 procent in de afgelopen tien jaar en het aantal moslimmigranten met ongeveer 15 procent.

Als de PVV doelmatig zou omgaan met de de-islamisering van Nederland dan zou het er verstandig aan doen om breder te denken. Dit kan door zich niet alleen te richten op het dichtdraaien van de kraan zodat de toestroom stopt. De PVV en andere radicaal-rechtse partijen zouden zich hard kunnen maken voor programma’s die de vernederlandsing van moslims of migranten in het algemeen bevordert. Maar dat doen ze niet. Dit roept de vraag op of radicaal-rechtse partijen het belangrijker vinden om een vijandbeeld in stand te houden of om waar mogelijk met concrete maatregelen de islamisering terug te dringen.

Hoe zou dat terugdringen kunnen gebeuren? Te denken valt aan programma’s die de Nederlandse taal en cultuur bevorderen. Daartoe zouden de budgetten voor onderwijs en kunst verhoogd kunnen worden. Ook valt te denken aan onderwijsprogramma’s en een mediacampagne die beter dan nu gebeurt voorlichting geven over de voordelen van de open samenleving, de Europese beschaving, de universele mensenrechten en het belang van het seculiere model dat met een garantie van de overheid alle religies en levensovertuigingen gelijk behandelt.

Het begrip ‘culturele moslims’ is in dit verband een sleutelbegrip. Dat zegt dat vele moslims niet praktiserend moslim zijn, maar vanwege de nestgeur toch geen afscheid nemen van de islam. Ze vervuilen de statistieken. Dat effect wordt nog versterkt door het conservatieve karakter van de Nederlandse islam en de ontbrekende steun van overheid en politiek om moslims die uit willen treden actief te steunen.

Radicaal-rechtse partijen als de PVV kunnen aan geloofwaardigheid buiten de eigen harde kern van sympathisanten winnen en zo hun politieke macht vergroten als ze met andere partijen op moslims en migranten gerichte programma’s op het gebied van taalverwerving, kunst en cultuur, geschiedenis, politieke filosofie en geloofsafval steunen.

Dweilen met de kraan open is in het migratie- en integratiedebat maar het halve verhaal. Maar wel het halve verhaal dat radicaal-rechtse partijen nu al jaren als een mantra herhalen zonder nog goed te beseffen wat het werkelijk betekent. Vernederlandsing van moslims of migranten is het andere helft van het verhaal dat radicaal-rechtse -maar ook andere- partijen nooit noemen. Een bijkomend effect van die vernederlandsing is dat bekeerlingen doorgaans gedrevener zijn om hun nieuwe identiteit uit te dragen. Het talent van dat soort ambassadeurs voor de open, seculiere zaak zou de Nederlandse politiek veel beter moeten benutten.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelThierry Baudet legt pijnlijk bloot: ‘Uiteindelijk komen die hoofddoekjes bij de politie er toch wel!’’ op DDS, 19 mei 2017.

Maxima’s toespraak over Nederlandse identiteit opgerakeld door Canoy

leave a comment »

Een opvallende column van Marcel Canoy in Jalta die eerder verscheen in Sociale Vraagstukken. Aan de lijn van het betoog valt weinig af te dingen, maar toch klopt er iets niet aan. Canoy maakt het zich nodeloos ingewikkeld door naar Maxima te verwijzen die op 24 september 2007 een toespraak hield ‘bij de presentatie van het WRR-rapport Identificatie met Nederland, Den Haag’. De sleutelzin van die toespraak is ‘Nederland is veel te veelzijdig om in één cliché te vatten’. Maxima kreeg vanuit nationalistische hoek kritiek op deze  toespraak. Maar kritiek die verder keek zag dat Maxima niet werkelijk op zoek was naar nieuw inzicht, maar gewoonweg het ene door het andere cliché verving. Mijn commentaar op de column van Marcel Canoy:

Maxima zei in 2007 bij de presentatie van het rapport ‘Identificatie met Nederland’ ook dat de Nederlandse identiteit niet bestond. Een boute uitspraak -evenals de uitspraak dat de Nederlander niet bestaat- omdat het instrumenten om te onderscheiden en te verklaren bij voorbaat weggeeft. Uiteraard bestaat er geen onveranderlijke Nederlandse identiteit waar als in een mal alle Nederlanders passen. Niemand met enig historisch besef over de Republiek en het Koninkrijk der Nederlanden zal dat met enige onderbouwing kunnen zeggen. Door Nederland zijn talloze migranten gekomen die Nederland mede veranderd hebben, maar er tegelijkertijd ook door veranderd zijn. Om dat laatste proces gaat het. Dat geeft Maxima weg.

Want het andere uiterste dat Maxima in 2007 door adviseurs als Pauline Meurs ingefluisterd kreeg was dat er geen Nederlandse identiteit bestaat. Maxima ging daarin te ver en overspeelde haar hand. Ze had beter kunnen zeggen dat er geen vastomlijnde, onveranderlijke Nederlandse identiteit bestaat, maar dat Nederland en de Nederlanders zich wel manifesteren op een aantal kenmerken dat de identiteit onderscheidend maakt. Binnen bepaalde grenzen. Marcel Canoy schrijft een mooi betoog waarmee men het alleen maar eens kan zijn. Het is jammer dat hij het ontsiert door zijn verwijzing naar een onhandige uitspraak van een zoekende Maxima  in 2007. Waarom hij de episode oprakelt die Maxima beschadigt is het grote raadsel van zijn analyse.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelMAXIMA HEEFT GELIJK: DÉ NEDERLANDER BESTAAT NIET’ van Marcel Canoy, 28 april 2017 in Jalta.

Ontdekt kringloopwinkel vroeg werk van Mondriaan? Verhaal met een baard

leave a comment »

Het moet niet gekker worden. De Marokkaans-Nederlandse Mohamed Boualia -met baard- die werkt bij de Kringloopwinkel Naarden heeft in een opgehaalde boedel een vroeg werk van Piet Mondriaan ontdekt. En is er blij mee. Door nader onderzoek moet vastgesteld worden of het werkelijk een werk van Mondriaan betreft.

Integratie kan niet beter uitgelegd worden door Boualia’s blijdschap en interesse in moderne kunst. Waar Nederlandse politici die kunst de rug toekeren als het niet in hun marketing past. De omgekeerde wereld?

Kiezen tussen D66 en GroenLinks. Hoe de stemkeuze beredeneren?

with 6 comments

look_outs_aboard_hms_ashanti_whilst_escorting_a_russian_convoy_march_1942-_a8202

Gisteren vroeg iemand me op FB wie goed en wie slecht is. Dat naar aanleiding van m’n commentaar op de brief van Mark Rutte en de selectieve hufterigheid die ik met velen daarin las. De laatste 24 uur wordt die hufterigheid van de VVD nog eens extra benadrukt door de nieuwste ontwikkelingen over de Teevendeal (‘de bonnetjesaffaire’) als gevolg van de onderzoeksjournalistiek van Bas Haan van Nieuwsuur. Het verschil tussen mooie verkiezingspraatjes en de werkelijkheid, tussen schijn en wezen, kan bijna niet groter zijn. De timing zit de VVD tegen. De mooie woorden van Rutte tonen nog potsierlijker en meer misplaatst dan ze al waren.

Iemand schreef op FB: ‘Iedereen moet maar zijn eigen keuze maken, de politiek is toch niet te vertrouwen.’ Daar antwoordde ik op: ‘Nou, dat is weer te veel van het goede. Het gaat om het verschil tussen goede en slechte politiek.’ Waarop dus de vraag aan me gesteld werd wat dan goede en slechte politiek was. Ik kwam niet weg met het antwoord dat iedereen dat maar voor zichzelf moet uitmaken. Uiteindelijk antwoordde ik: ‘Ik kan hooguit zeggen welke partijen op dit moment op m’n shortlist staan. Dat zijn D66 en GroenLinks. Maar ik zou daarmee niet willen suggereren dat dat goede partijen zijn.’ Met de belofte om dat nader toe te lichten. 

Partijen in het politieke landschap van Nederland lijken nog meer dan anders in te delen in tegenstellingen die niet exclusief zijn. Anders gezegd, partijen kunnen op de ene tegenstelling niets gemeenschappelijk hebben, maar op een andere tegenstelling raakvlakken of overeenkomsten vertonen. Dat maakt het vergelijken van partijen lastig. De volgende tegenstellingen zijn aan te wijzen als de belangrijkste kenmerken: 1) links-rechts (sociaal-economie); 2) progressief-conservatief (sociaal-cultureel; identiteit); 3) pro- en anti-EU; 4) religieus-vrijzinnig; 5) democratisch-anti-democratisch; 6) kwaliteit en doelmatigheid van leider en partijorganisatie.

Niet iedere kiezer vindt voor de eigen afweging hetzelfde kenmerk even belangrijk. Waar de één de relatie tot de EU vooropzet, zet de ander de economische situatie centraal. Of het religieuze karakter van de partij of het idee over identiteit en nationalisme. En op een bepaald kenmerk kan men natuurlijk ook verschillend denken.

Op mijn huidige shortlist fungeren de twee als links-liberaal te omschrijven partijen D66 en GroenLinks (GL). Ze hebben veel gemeen, maar verschillen ook sterk. Ze zijn de twee meest uitgesproken pro-EU partijen (3). Sociaal-economisch is D66 rechts en GL links (1). Sociaal-cultureel zijn ze allebei progressief (2). Ook zijn ze vrijzinnig (4). D66 is een door en door democratische partij, GL kent anti-democratische elementen. Of liever gezegd D66 steunt het idee van democratie onvoorwaardelijk, terwijl daar bij GL met een oude kern van anti-democratische kaderleden twijfel over bestaat (5). D66 is een coherente partij met een niet al te aansprekende leider, terwijl GL een onsamenhangende partij met gefragmenteerd gedachtengoed en een sterke leider is (6).

Deze opsomming geeft aan hoe lastig kiezen het al is tussen twee partijen die programmatisch dicht bij elkaar liggen. Het is niet makkelijk te beantwoorden wat een kiezer het zwaarste moet laten wegen. Tegen het einde van een campagne wordt de inschatting van de kwaliteit van partij en leider steeds belangrijker. Hoe opereren ze strategisch en sorteren ze verstandig voor op de onderhandelingen na de verkiezingen? De PVV kan de grootste of op een na grootste partij worden, maar heeft zich buitenspel gemanoeuvreerd door een harde politieke en persoonlijke toon naar de andere partijen. Fouten worden afgestraft en kiezers haken graag aan bij een leider of partij die het beeld van een winnaar vertoont en perspectief heeft voor na de verkiezingen.

Als Jesse Klaver (GL) zich in m’n ogen niet waarmaakt of de beslissing neemt om de toenadering van de PvdA en SP te gedogen en goed te praten zal ik in gedachten GL van mijn shortlist schrappen. Als Alexander Pechtold (D66) teleurstelt in debatten of interviews dan maakt dat nog geen verschil omdat zijn kwaliteit niet de reden is dat D66 op mijn shortlist staat. Maar als D66 als partij beslissingen neemt over vrijzinnigheid, de EU of directe democratie die afwijken van wat ik van die partij op z’n minst verwacht, dan schrap ik D66. Nieuwe partijen kunnen op m’n shortlist komen als ze de kenmerken vertonen die ik van een partij verwacht. Rechts-populistische of christen-democratische partijen zullen dat niet zijn omdat die voor mij de verkeerde kenmerken vertonen. Als op 15 maart 2017 geen enkele partij meer op mijn shortlist blijkt te staan, dan ga ik niet stemmen. Niet door een tekort aan politieke interesse, maar vermoedelijk door een teveel eraan.

Foto: Uitkijkposten aan boord van HMS Ashanti dat een Sovjet-convooi escorteert, maart 1942.

Volgens NPO vier je december samen. Angst voor politieke correctheid

with 3 comments

Bij de NPO zullen ze gedacht hebben ‘je kunt het toch nooit goed doen’. Met de zelfvervullende voorspelling om het dan ook maar gelijk niet meer goed te doen. Het filmpje begint met de claim ‘NPO opent jouw wereld’ en tuigt dat op met verlichting in een Gooise straat. En sluit af met de dooddoener ‘December vier je samen’. Zo kunnen er 12 filmpjes gemaakt worden: ‘Januari, februari, maart, april, mei, juni, juli, augustus, september, oktober en november vier je samen‘. Het is gissen welke doelgroep zich in de visie van de NPO hier aangesproken door moet voelen. En voor wie de NPO de wereld in het Gooi opent. Vooralsnog lijkt dit vooral een feestje van BN’ers van de tweede categorie die hier voor 300 euro zonder reiskosten ingehuurd worden.

Kerstmis mag uit politieke correctheid blijkbaar niet meer zo worden genoemd. We noemen het voortaan ‘December’. En het islamitische Suikerfeest noemen we ‘Juli’ en het hindoeïstische Divali-feest ‘November’. Dat is de nieuwe fragmentering door de kalenderisering van de samenleving. En de niet bestaande dag van het atheïsme heet voortaan ‘April’. Of de dag van het oergezellige samenzijn rond de barbecue ‘Augustus’.

Maar dat zou wel eens snel achterhaald kunnen worden door een nieuwe politieke correctheid die tegen deze kalenderisering ingaat. Die observatie geeft aan wat de Nederlandse publieke omroep verkeerd doet. Dat gaat verder dan kritiek op dit halfslachtige en daarom lafhartige filmpje. Met veel zelfgenoegzaam gelach, maar zonder humor. Het betreft ook de berichtgeving over het populisme. De publieke omroep volgt en probeert te signaleren, is doodsbenauwd om niet in lijn met de politieke correctheid te handelen en ontspoort daarom door gebrek aan eigen smoel. De NPO opent de wereld van BN’ers van de tweede categorie voor ons. Gezellig. 

Written by George Knight

15 december 2016 at 16:28