Gedachten bij de foto ‘Atle Urdal’ (1947)

Leif Ørnelund, Atle Urdal‘, 1947. Collectie: Oslo Museum.

Het is 20 maart 1947 in Oslo. Schilder Atle Urdal poseert voort fotograaf Leif Ørnelund. In de informatie over Urdal ontbreekt niet dat hij een leerling van de Deense schilder en theoreticus Georg Jacobsen was.

Een toelichting over Urdal zegt (vertaald): ‘Tijdens zijn hele productie heeft hij vastgehouden aan de basisprincipes van de Jacobsen-school voor beeldconstructie, bestaande uit rechte hoeken, cirkels en ellipsen. Urdal blonk al vroeg uit als colorist met gevoel voor de artistieke mogelijkheden van kleur en was meer bezig met de picturale waarden van het beeld dan met ideeën en inhoud.’

De foto van Ørnelund is niet in kleur. Het schilderij ziet eruit als elkaar verdringende grijstinten. Zodat het te raden blijft hoe kleurig dit schilderij van colorist Urdal is. De titel van het werk blijft ongenoemd, evenals de vraag of het opgenomen is in een openbare collectie. De foto van Ørnelund is opgenomen in de collectie van het Oslo Museum.

De voorstelling toont links voor bosschages een groepje van drie pratende vrouwen en rechts in iets wat eruitziet als een tent een jonge vrouw of meisje aan tafel met een naaimachine. Trouwens een opvallend klein ding. Een thema waar in 1921 ook Edward Hopper zich aan waagde.

Zo zien we een foto van de toentertijd 33-jarige Urdal die met zijn rechterhand zijn werk vasthoudt. Bij zoeken op internet wordt vaak verwezen naar deze foto. Welk werk de schilder vasthoudt wordt niet gezegd. De kunstenaar gaat voor de kunst. De fotograaf gaat voor de kunstenaar.

Gedachten bij de foto ‘Öster Ledinge sågverk Interiör’ (1947)

Sune Sundahl, Öster Ledinge sågverk Interiör (Öster Ledinge houtzagerij Interieur), 1947. Collectie: Swedish Centre for Architecture and Design.

Deze foto van de Zweedse fotograaf Sune Sundahl (1921-2007) spreekt voor zichzelf. Hij was gespecialiseerd in architectuur en kunstnijverheid. Het interieur van een houtzagerij in Oost Ledinge nabij Stockholm doet denken aan een project van kunstenaar Marjan Teeuwen.

Het interieur ziet eruit als kunst. Maar daarmee is het nog geen kunst. Het is schoonheid die terloops betrapt wordt door Sune Sundahl die er oog voor heeft.

Is zijn foto die registreert dan kunst? Dat is een lastige vraag. Kan bijvangst ofwel ‘iets wat je vindt of ontdekt terwijl je eigenlijk op zoek was naar iets anders‘ kunst zijn zonder dat het bewust gecreëerd is? Dan is het op z’n best gevonden kunst. Een objet trouvé. Dat is democratisch gedacht, maar geeft nog steeds geen antwoord op de vraag of de foto kunst is.

Het doet er niet toe. Het omkleedsel om de foto te duiden moet duidelijkheid geven, maar geeft schijn. Schijnbeweging leidt af van de foto. Soms maken we het ons nodeloos ingewikkeld. De foto sprak toch voor zichzelf?

Licht en donker van Európa Áruház (1947-48)

Európa Áruház. Európa Store House in 1947-48 in the night at a corner building with glass shop windows and neon writing Európa Áruház above the entrance on both sides. Collectie: Magyar Kereskedelmi és Vendéglátóipari Múzeum – Budapest.

In Oost-Europa gaat na de Tweede Wereldoorlog het licht uit. De Sovjet-Unie heeft het voor het zeggen. Maar in 1947-48 straalt in het Hongaarse Boedapest de Europa Winkel, de Európa Áruház.

Een andere foto van dezelfde winkel bij dag die eveneens gedateerd is op 1947-48 toont een stuk minder indrukwekkend. Een alledaagse sleur die niet feeëriek aandoet. Bomen en een reclamezuil staan voor de winkel. Ze ontbreken op de bovenste foto.

Het is logisch om te veronderstellen dat die zijn verwijderd omdat ze niet passen in het sprookje van een gemoderniseerde winkel achter het IJzeren Gordijn waar consumenten terecht kunnen voor de meest uiteenlopende producten die concurreren met het Westen. Met Europa.

De twee foto’s tonen een verhaal van twee winkels. Detailhandel als politieke promotie.

Európa Áruház. Európa Store House in 1947-48 with shop windows, people waking and an advertisement column in Budapest. Collectie: Magyar Kereskedelmi és Vendéglátóipari Múzeum – Budapest.

De man en de vrouw van je dromen (1947)

Henk Hilterman, ‘Oud en Nieuw; Nieuwjaarsgenre; Zo doe je dat bij de vrouw van je dromen: je koopt haar een bloemetje en een fles champagne, je zorgt voor sneeuw op de grond en op je schouders (watten) en misschien mag je Oudjaar vieren bij haar thuis. 1947‘. Collectie: Spaarnestad Photo.

Standaardfoto’s werden voor tijdschriften en kranten aangeleverd voor bijzondere gebeurtenissen: Pasen, Sinterklaas, Kerstmis, Oud en Nieuw, versieren, huwelijksaanzoek, gezinsuitbreiding, werk, vakantie of wat dan ook.

Hoe doet in 1947 een man het bij de vrouw van zijn dromen? Werkt het met een bloemetje, een fles champagne, sneeuw op de grond en watten op je schouder?

Als ultieme beloning wordt voorgesteld dat de man bij de vrouw thuis Oudjaar mag vieren. Want de vrouw van mans dromen is blijkbaar eenzaam, heeft geen buren, vriendinnen of familie die met haar Oudjaar willen vieren en zit lijdzaam te wachten op de man van haar dromen.

Op deze foto wordt door omkering niet de vrouw, maar de man afgebeeld als iemand om van te dromen. Hij daalt uit nepwolken en nepsneeuw neer als reddende engel om de eenzaamheid van de vrouw te verdrijven. Zogenaamd of niet zogenaamd. Dat blijft in het midden.

De omschrijving bij de foto lijkt niet zeker of dit ook in 1947 nog kan en voegt er als veilige vluchtheuvel ironie aan toe. De twijfel doet de aanspraak van de foto teniet, maar wijst ook vooruit naar verandering in de relatie van man en vrouw. Interessant omdat dit doorgaans 20 jaar later wordt gesitueerd. Op deze foto wordt de verandering behoedzaam voorbereid.

New Look (1947)

Dit stukje verscheen eerder op George Knight Kort op 9 juni 2011.

Christian Dior, New Look, The Bar Suit, 1947.

Vrouwenkleding raakt aan vele aspecten. Vrouwen worden vaak letterlijk in een corset gedrukt. Een reactie is reformkleding die vrouwen vrijlaat. Dat ging niet toevallig samen met de verwerving van het vrouwenkiesrecht. Een beweging die de taille bevrijdt en de vrouw weer adem geeft.

In allerlei culturen worden vrouwen gedwongen kleding te dragen zoals de mannen het graag zien. Of een designbril, een baard of een rekenmachine dat nou beslist. Vraag in alle gevallen moet zijn, wat willen de vrouwen zelf? Waar voelen zij zich lekker in.

De Bar Suit is het beeldende New Look ensemble bij uitstek. Met schuine schouders, gearticuleerde boezemlijn, gesmoorde taille en gewatteerde heupen. Het benadrukt alle typische kenmerken van Christian Dior. In 1947 zijn vrouwen de klos omdat de nieuwe lijn een strikt dieet vergt. Trouwens, witte of zwarte schoenen?

Christian Dior, New Look, The Bar Suit, 1947.

Gedachte bij de foto ‘Remorqueur dans le port de Beira’ (1947-1950)

Emile Kaltenrieder, ‘Remorqueur dans le port de Beira‘, 1940-1950. Collectie: International Mission Photography Archive, ca.1860-ca.1960.

Een sleepboot in de haven van Beira, Mozambique. Het is tussen 1947 en 1950. De protestante Zwitserse missionaris Emile Kaltenrieder die van 1947 tot 1965 in Beira was gestationeerd is de fotograaf.

Meer valt er niet over te zeggen. Ja, Beira was ooit een Arabische nederzetting. Ja, allerlei internationale katholieke en protestante bewegingen waren werkzaam in Mozambique onder het Portugese bewind dat in 1975 eindigde. Missionarissen maakten foto’s tijdens hun reizen.

De compositie wordt omkaderd door schepen. Ze liggen op de rede. Rook komt uit de schoorsteen van de sleepboot die waarschijnlijk vracht vervoert die uit het linkse vrachtschip is gelost.

Het is een gewone momentopname van een Zwitserse missionaris. Wordt hij geïmponeerd door de zee, de vergezichten. de geluiden, de oliestank en het geheel dat hij niet van huis uit kende? Het kan, we kunnen het alleen maar vermoeden. Toch een typische foto die niet raar of vreemd aandoet, maar kenmerkend is omdat het varieert tussen excursie en expeditie. De missie van een Zwitserse missionaris verdwijnt gedeeltelijk achter dit beeld en dat toont zijn menselijkheid.

Klassieke Amerikaanse film noir: ’The Lady from Shanghai’ (1947)

The Lady from Shanghai (1947) is het bekijken waard. De camera houdt van de hoofdrolspeelster. Deze film noir van regisseur Orson Welles is tevens een commentaar op dit genre. Hoewel de ironie nou ook weer niet zo afwijkend is als het lijkt. Shanghai speelt geen rol in de film. De film speelt na wat in het echt gebeurde: Welles aanbidt Hayworth en wil haar veroveren. Maar een femme fatale kan op vele manieren noodlottig zijn.

Hoofdrolspeelster Rita Hayworth en regisseur Welles waren getrouwd tijdens de opnamen, maar toen al stond hun later ontbonden huwelijk onder druk. De van origine Spaanse Hayworth die door studiobaas Harry Cohn werd gerestyled tot een Amerikaans icoon en wonderboy Welles waren op hun afzonderlijke manier twee atypische verschijningen in de Amerikaanse filmwereld. Ze gaven wel om glamour, maar trokken zich er tegelijk niks van aan. Tot aan hun dood hielden ze hun eigenzinnigheid vast.

Het genie Welles en de door een harde jeugd onontwikkelde en onzekere als danseres opgeleide Hayworth die tijdens de Tweede Wereldoorlog tot hét sekssymbool van de VS werd werken hier samen. Dat is al bijzonder. Het verschil tussen Arthur Miller en Marilyn Monroe was kleiner.

Het verhaal doet er weinig toe. IMDb vat het zo samen: ‘Zeeman Michael O’Hara (Welles) is gefascineerd door de prachtige mevrouw Bannister (Hayworth) en neemt deel aan een bizarre jachtcruise en komt terecht in een complex moordcomplot.’ Tja, dat verklaart weinig. De vele adjectieven zijn niet nodig om de extravagantie van het verhaal te benadrukken. Wie deze film te lang en te complex vindt kan volstaan met de scène in de cakewalk (funhouse) op het kermisterrein (na 1 uur 21’). Met spiegels, spiegelingen en spiegelbeelden die samenvallen met de identiteit van de personages. Of juist niet. De toeschouwers hebben het nakijken.

Hollywood zou Hollywood niet zijn als de producent in het publiciteitsmateriaal voor deze film het iconische beeld van een scène uit Hayworth’s succesfilm Gilda van het jaar daarvoor niet zou reproduceren. Vol verborgen betekenissen. De droomfabriek draait op z’n best door in deze genrefilm de verwachtingen van de toeschouwer een extra stukje op te rekken:

Rita Hayworth in The Lady from Shanghai (1947).

Gedachte bij de foto ‘Portrait of Jean Goldkette, William P. Gottlieb’s office, New York, N.Y., ca. June 1947’. Mystificatie als mentaliteit

Wat is er bijzonder aan deze foto uit 1947 van Jean Goldkette door de befaamde Amerikaanse jazzfotograaf William P. Gottlieb in diens kantoor? Goldkette claimde Fransman te zijn, hoewel hij wellicht eerder een Griek, Rus, Deen of nomadische Roma was. Of de waarheid daarover nog te achterhalen valt is de vraag. Hij werd in de VS bandleider zonder bandleider te zijn. Als een Trump avant la lettre huurde hij een capabele staf in en zette er zijn naam op. Marketing dus. Hoe dan ook is Goldkette bekend voor de opnames rond 1926 met één van de grootste witte jazzmusici, kornettist Bix Beiderbecke. Hoewel dat niet Bixs beste opnamen zijn. De mystificering over zijn achtergrond waar landsgrenzen niks betekenden strekte zich uit tot dezelfde soort flexibiliteit, om niet te zeggen elasticiteit in zijn beroepsleven. Jean Goldkette was dan weer boekingsagent, pianist, componist of bandleider. Is de man op de foto op zijn qui vive omdat hij meer te verbergen dan te zeggen heeft? Zelfs op die vraag moeten we het antwoord schuldig blijven. Dat versterkt het raadsel extra.

Foto: William P. Gottlieb, ‘Portrait of Jean Goldkette, William P. Gottlieb’s office, New York, N.Y., ca. June 1947. Collectie: William P. Gottlieb Collection van het Library of Congress.

Blikken op foto ‘Portrait of June Christy, 1947 or 1948’

Het is kostelijk zoals het meisje op de voorste rij in het publiek naar haar klaarblijkelijke vriendje opkijkt die op zijn beurt naar de vrouw met de witte blouse op de stoel kijkt. Het vriendje staart en kan niet verbergen dat hij overdonderd is door de aanwezigheid van de vrouw. Blikken schieten heen en weer. Het meisje rechts kijkt met een observerende blik die verwondering en bewondering combineert. De op het podium gezeten vrouw is zangeres June Christy. Zij kijkt de zaal in. Blijkbaar gewend aan de blik van het publiek. Sommigen in dat publiek kijken weer naar de fotograaf. Deze foto van jazzfotograaf William Gottlieb wordt gedateerd op 1947 of 1948. Toen zong Christy bij het orkest van Stan Kenton. Zie hier op George Knight Kort hoe Christy in 1959 haar signature tune Something Cool zingt. Maar het gaat niet om muziek, maar om beeld. De titel is ‘Portrait of June Christy’, maar is het niet ook een portret van het publiek? Dat zo’n 70 jaar geleden een paar dollar neertelde voor een concert en ingeblikt wordt op een foto vis à vis een idool dat voor het aanraken is.

Foto: William Gottlieb, ‘Portrait of June Christy, 1947 or 1948‘. Collectie: Library of Congress. Vermoedelijke datering 1947. 

Ben van Meerendonk legt de kolenboer en de ijsboer vast. De zomer komt er aan (1947)

Dit zijn allegorische personen die iets verpersoonlijken. De kolenboer verzinnebeeldt de winter en de ijsboer de zomer. De titel van deze foto uit 1947 van de Amsterdamse persfotograaf Ben van Meerendonk luidt: ‘De zomer komt er aan’. De foto werd gepubliceerd in de communistische De Waarheid op 2 juni 1947.

Dit zijn verdwenen beroepen. Kolen worden niet meer bij gezinnen afgeleverd en als men de term ijsboer kent, dan roept dat de associatie met ijsjes en sorbets op. Niet van blokken ijs uit de ijskelder. We zouden de kolenboer en de ijsboer nu rekenen tot de eerlijke beroepen. Arbeid, loopwerk met de voeten in de modder. Geen overbodig beroep op een kantoor dat niets toevoegt dan het instandhouden van de eigen functie alleen.

Kan deze foto wel omdat die in scène is gezet? Want de kans is klein dat Van Meerendonk op 31 mei 1947 de kolenboer en ijsboer toevallig op straat tegenkwam. Het levert een sterk beeld op waarin wit en zwart met elkaar contrasteren. Goed en kwaad komen tegen elkaar uit in een proces waarin ze elkaar jaarlijks afwisselen.

Wordt er met de foto een didactische boodschap verteld? Is het bedoeld om iets uit te leren? Dat is lastig te zeggen, 72 jaar nadat de foto gemaakt is. De oorlog was nog maar twee jaar voorbij. De wederopbouw was hoofdzaak. Het kwaad was verslagen. In zo’n positieve aanpak konden eerlijke beroepen gevierd worden.

Foto: Ben van Meerendonk, ‘De zomer komt er aan’, 31 mei 1947. Gepubliceerd in De Waarheid van 2 juni 1947 en het linkerdeel (de kolenboer) op 12 oktober 1949. Collectie IISG.