Is er een waarheid over ‘Who is afraid of Natasha?’ op Triënnale Brugge 2021?

Afgelopen week bezocht ik de Triënnale Brugge en het werk Who is afraid of Natasha? van het artistieke en relationele duo Joanna Malinowska & C.T. Jasper sprak me het meest aan. Vooral omdat het interessant is en perfect aansluit bij het thema Trauma dat de curatoren zelf omschrijven als een zoektocht ‘naar het verborgene en [hoe] balanceren we tussen droom en realiteit, privé en publiek’.

Het standbeeld van Natasha werd in 1949 gemaakt en stond van 1953 tot 1990 op een centrale plek in Gdynia. Deze Poolse havenstad vormt met Sopot en Gdansk de zogenaamde Driestad. Het is herplaatst in het Begijnhof dat ondanks een continue stroom toeristen een betoverende plek blijft.

Het beeld is van de Poolse beeldhouwer Marian Wnuk. Een beschrijving over de herplaatsing zegt: ‘Verder werd op de Sovjet-soldatenbegraafplaats [in Gdynia-Redłowo] een monument geplaatst, door Gdynians ‘Natasha’ genoemd. Dat is het Monument van Dankbaarheid. Gemaakt ​​in de jaren 50 stelt het een vrouw voor met een vaandel. Ze stond oorspronkelijk op een representatieve plaats op het Kościuszko-plein, tegenover het commandogebouw van de Marine. ‘Natasha’ is gemaakt door Marian Wnuk en is een typisch voorbeeld van kunst uit de periode van socialistisch realisme’.

Het valt te bezien hoe correct deze feiten zijn. Het beeld werd niet in de jaren 1950 gemaakt en of het een typisch voorbeeld van sociaal realistische kunst is staat 70 jaar later ter discussie. Al, of juist, in de weergave van de feiten dreigt de waarheid onder te sneeuwen.

Opvallend is dat in de publiciteit van de Triënnale de naam van de maker niet wordt genoemd, terwijl door alle betrokkenen die erop terugkijken het beeld als artistiek geslaagd wordt beschouwd. Dat gebeurt wel in de begeleidende film waar Wnuks zoon aan het woord komt. Hij vertelt dat zijn vader die docent was een student model liet staan voor ‘Natasha’. Zij werd zijn moeder. Martin Wnuk zou volgens de zoon geen communistische kunstenaar zijn geweest, maar juist kritiek op het toenmalige bewind hebben gehad.

Over wat het beeld voorstelt lopen de meningen sterk uiteen. ‘Natasha’ zou geen soldate zijn, zo draagt ze geen wapen, maar een symbool. Wat haar politiek minder beladen maakt en bij sommigen de vraag oproept waarom dit beeld in 1990 uit het stadscentrum moest worden verwijderd. Zoals gezegd was de officiële naam ‘Het Monument van Dankbaarheid’ en verwijst dat naar het Sovjetleger waarvan de toenmalige communistische uitleg was dat het Polen had bevrijd van het nazibewind, maar na 1990 de post-communistische uitleg is dat het Polen tegen de eigen wil had bezet.

Polen was een bijzonder geval omdat het een belangrijk onderdeel was van de geallieerde strijdkrachten, maar na de Tweede Wereldoorlog daar niet van profiteerde. Onder generaal Stanisław Maczek werd een groot deel van Zuid-Nederland bevrijd in de veldtocht van 1944-45. Standbeelden van deze generaal staan her en der in Nederland en vormen een diapositief van Natasha.

Verwijderen van standbeelden sluit aan bij de huidige golf van identiteitspolitiek en cancelcultuur waarbij kunstenaars om politieke redenen of een vermoeden van ongewenst gedrag worden geboycot of uit de openbaarheid verbannen. ‘Natasha’ werd als kunstwerk uitgesloten.

Culturele dwarsverbanden van dit project zijn talloos. Het staat in de Franse 19de eeuwse traditie van standbeelden en navolgers daarvan die door middel van krachtige vrouwen de strijd symboliseren. Marianne, de nationale personificatie van Frankrijk wordt Natasha. Recenter is de verwijzing naar een project van de Litouwse kunstenaar Deimantas Narkevičius die een beeld van Karl Marx uit Chemnitz van de Sovjet-kunstenaar Lev Kerbel naar de Sculptura 2007 in Münster wilde verplaatsten maar daar van de autoriteiten geen toestemming voor kreeg. Net als Malinowska en Jasper reflecteerde hij met een film op het werk van een andere kunstenaar en maakte daar een nieuw kunstwerk van door er een schil van betekenis omheen te weven en te verbinden met alles en nog wat.

De veelheid van betekenissen die de oude en nieuwe ‘Natasha’ oproepen laat zien hoe veranderlijk en vluchtig herinnering en geheugen van individuen zijn. De film bij uitstek die dat thematiseert is Rashomon (1950) van Akira Kurosawa dat een incident onderweg vanuit vier perspectieven vertelt die alle een eigen afgesloten geloofwaardige waarheid vormen. De kunst is buitengewoon geschikt om daar op te reflecteren en ons te wijzen op onze vergankelijkheid in tijd en bewustzijn.

Een citaat past op dit project Who is afraid of Natasha? De Frans-Turks/Armeense kunstenaar Sarkis verwijst naar een citaat van de Duitse auteur Alfred Andersch in diens essay ‘Alles Gedächtnis der Form‘ over regisseur Alain Resnais: ‘Het geheugen van de wereld bestaat uit enkele beelden, standbeelden, geluiden, gedichten, epische passages, waarin het lijden vorm krijgt’. Dat klinkt tamelijk christelijk. Onthouden wij het lijden het best? Hoe dan ook geven Malinowska en Jasper ons een steuntje om de wereld te registreren en in ons geheugen levendig te houden. Dankzij hen kijken we met frisse blik terug op Brugge, Gdynia en de 20ste eeuwse geschiedenis. Voor zolang het duurt.

Marian Wnuk, Pomnik wdzięczności of Monument van Dankbaarheid, (1949-1953), herplaatst op nieuwe sokkel en hernoemd als ‘ Who is afraid of Natasha?‘ door Joanna Malinowska & C.T. Jasper in Triënnale Brugge 2021 (eigen foto, augustus 2021).
Advertentie

Brugs ‘Musea Sculpta | 3D Attractie’ is verboden voor onder de zestien jaar. Wat zegt dat over het gewenste gedrag van musea?

Dit filmpje probeert museumbezoekers er op een ludieke manier op te wijzen hoe ze zich behoren te gedragen in een museum. Het Engelstalige filmpje uit 2017 van Musea Brugge lijkt zich voornamelijk op buitenlandse toeristen te richten. Van hen wordt waarschijnlijk het meest verwacht dat ze zich het minst acceptabel gedragen. Een geactualiseerde versie van het filmpje zou een nieuw aspect kunnen behandelen dat veel belangrijker en serieuzer is: het gedrag van musea. Bijvoorbeeld protesten vanwege preutsheid.

Aanleiding is het Brugse Musea Sculpta | 3D Attractie dat vanwege seksueel en bloederig expliciete taferelen van 3D-replicas van onder meer Jeroen Bosch’ ‘Tuin der Lusten’ het museum tot verboden terrein voor bezoekers onder de zestien jaar maakt. Dit laat onderstaand bericht van HLN weten. Tot de website van dit museum is het eigen beleid nog niet doorgedrongen, want er wordt nog geadverteerd met tarieven voor kinderen 4 – 11 jaar (8 euro) en lagere scholen (5 euro p.p.). Volwassenen betalen 12 euro voor dit verdienmodel dat nu in eigen vlees snijdt. Vooral Amerikanen blijken nogal preuts, zo meldt HLN.

Het antwoord op de vraag waarom Musea Sculpta zich in zijn gedrag laat beïnvloeden en het idee van kuisheid en zedigheid stelt boven dat van openheid en voorlichting is te vinden in het commerciële karakter ervan. Het Musea Sculpta is geen museum met gangbare museale functies als collectievorming en documentatie dat kunstobjecten toont, maar een verdienmodel met een expositieruimte waar presentatie de enige functie is. Dat het juist daar fout gaat is komisch. De boodschap is duidelijk, de overkoepelende Musea Brugge kunnen een grappig filmpje maken waarop ze uitleggen hoe musea zich behoren te gedragen. Dat wordt lachen.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelNieuw Brugs museum Musea Sculpta voortaan verboden onder 16 jaar: “Taferelen van Jeroen Bosch blijkbaar niet geschikt voor kinderen”’ van Bart Huysentruyt op HLN, 20 januari 2020.

Fedpol België besteedt aandacht aan diefstal beeld Dali uit 2010

Wie kent de dief die op 18 augustus 2010 het bronzen beeld ‘La femme aux tiroirs’ van Salvador Dali heeft gestolen op een Dali presentatie in de hallen van het Belfort te Brugge? Volgens een opsporingsbericht is het beeld 120.000 euro waard en is het gemaakt in een oplage van 8. Maar opsporingsbericht noch video vermelden het serienummer. Als lengte geeft het opsporingsbericht 47 centimeter, maar de opgave van het Art Register dat als lengte 27 centimeter geeft lijkt beter overeen te stemmen met de visuele inschatting.

Er is veel opvallend aan de kunstdiefstal. Om te beginnen kon de dief tegen de regels in met een tas op de tentoonstelling komen. Dit geeft aan dat de beveiliging of niet goed geinstrueerd was of die 18de augustus onoplettend handelde. Naar verluidt van de organisator Stefaan Delbaere waren er die dag twee beveiligers aanwezig van wie er een de kassa moest bemensen. Delbare suggereert dat de dief door een medeplichtige werd geholpen die het zicht blokkeerde. Verder is het opvallend dat het beeldje van ongeveer 10 kilo zwaar niet geborgd was en los op de sokkel stond noch met een alarm beschermd was. Saillant is dat organisator en kunsthandelaar Stefaan Delbaere in 2005 door de Brugse strafrechter werd vrijgesproken ‘voor vervalsing van heel wat werken van de surrealistische meester Salvador Dali’, aldus het Nieuwsblad. Dat betrof grafiek.

Fedpol Belgium (federale politie van België) heeft de video van het opsporingsbericht uit 2010 op 19 mei 2015 op haar YouTube-kanaal geplaatst. Dit betekent dat er na 4,5 jaar nog geen schot in deze zaak zit. Of Fedpol Belgium hoopt dat herplaatsing van dit opsporingsbericht op YouTube de zaak in beweging zet is de vraag.

femme_tiroirs

Foto: Salvador Dali, ‘La Femme aux Tiroirs’ (1964). Bronzen beeld (hoogte 11 cm x lengte 27 cm x diepte 5 cm).

Smaak referendum smaakt naar meer: proef Zeeuws-Vlaanderen

706px-County_of_Flanders_(topogaphy)

Zomaar een gedachte-experiment. Belgen kopen zo’n 35% van de huizen die in Zeeuws-Vlaanderen verkocht worden. Dat gebied van Hulst tot Cadzand, en van D’Ee tot Hontenisse. Daarmee hebben we het volkslied te pakken. Eerder een strijdlied om niet geannexeerd te worden door België. Het was een serieuze dreiging in 1919. Koningin Wilhelmina steunde het Anti-Annexatie Comité en sprak over het amputeren van een pink. Ooit viel het Zeeuws-Vlaamse grondgebied onder het Graafschap Vlaanderen. Direct deel van Frankrijk, en indirect van Vlaanderen. In 1815 werd dat wingebied Staats-Vlaanderen definitief toegevoegd aan de Nederlandse provincie Zeeland. Maar stel dat Belgen uit Brugge, Gent en Antwerpen bijna alle huizen kopen.

Zo ontstaat een meerderheid van 60% aan Belgen op voormalig Belgisch grondgebied. Een krimpgebied dat ontvolkt. Dan laat de Belgische premier Elio Di Rupo zich in een strijdwagen langs de Zeeuws-Vlaamse grens rijden. Vergezeld van de havenwethouder van Antwerpen die van expansie houdt en de politieke leiders van de Belgische partij in Oostburg, Terneuzen en Hulst die de meerderheid in de lokale raad vormen. Belgische media brengen het in beeld en verspreiden het over de wereld. In z’n ultieme schranderheid zegt Di Rupo dat de Belgische inwoners van Zeeuws-Vlaanderen zich bedreigd voelen. Door het calvinisme, het slechte Nederlandse eten, de Haagse regelgeving en de weinig hoffelijke omgangsvormen in Nederland. En vooral de platvloerse programma’s op de Nederlandse televisie. Belgische Zeeuws-Vlamingen vragen bescherming.

Vlaamse paratroepers bezetten in neutrale camouflagepakken de havens van Breskens en Terneuzen, Dow Chemical in de Nieuw-Neuzenpolder, de markt van Sluis, de stranden van Cadzand en alle grensovergangen. Strijdgroepen van Belgische inwoners steunen de bezetting en blokkeren de politiebureaus. Di Rupo roept een referendum uit. Met twee keuzes: aansluiting bij België of terug naar de situatie van voor 1795. De zwakke Nederlandse regering van premier Rutte zoekt buitenlandse steun, maar kan geen vuist maken tegen de machtige en wilskrachtige Belgen. Die hun roemruchte verleden uit de late Middeleeuwen laten spreken.

In heel Europa schieten afscheidingsbewegingen uit de grond. Politici sturen hun wetenschappelijke bureau’s de archieven in om claims op te duiken en te onderbouwen. Grenzen verschuiven dagelijks. De chaos is groot.

Hoe het met Zeeuws-Vlaanderen afloopt? Belgen winnen het referendum, maar een week later bezetten Franse troepen Zeeuws-Vlaanderen. Ook om hun vlucht uit 1940 goed te maken. De Franse president François Hollande verklaart eindelijk thuis te komen in Nederland. De Fransen hadden oudere claims dan de Belgen.

4b5b8f23-9f1d-46c4-8c04-e359be063faf-460x276

Foto 1: Kaart van het Graafschap Vlaanderen, tweede helft 14de eeuw.

Foto 2: ‘Soldiers, believed to be Russian, guard the Crimean parliament next to a sign that reads ‘Crimea Russia’. Photograph: Sean Gallup/Getty Images’

Wat betekent ‘welke obediëntie zijn homoseksuelen toegedaan’?

Antwerpen

Nederlands en Vlaams hebben overeenkomsten en verschillen. Hetzelfde geldt voor Nederland en Vlaanderen. ‘Lees maar, er staat niet wat er staat’, dichtte Hendrik Marsman in Awater. Mogelijk een woordgrap, mogelijk een diepere waarheid. Als Nederlander die weliswaar op zo’n 20 kilometer van de Belgische grens is opgegroeid en ontelbare keren in Zelzaete, Gent, Knokke of Brugge kwam begrijp ik niets van een bericht in het Vlaamse nieuws. Het gaat volledig aan me voorbij. Mentaliteiten die aan elkaar grenzen sluiten elkaar uit.

Het betreft een uitspraak van de Antwerpse burgemeester Bart de Wever. Volgens de N-VA-politicus zouden loketbedienden hun homosexuele geaardheid niet mogen uiten. Tot zover een conservatief standpunt zoals Silvio Berlusconi, Vladimir Putin of Marco Rubio die uiten. In de Vlaamse terminologie gaat het over Holebi’s, (Homo’s, Lesbienne’s en Bisexuelen) alsof het om een exotische stam gaat. In Nederland een onbekende term. Maar dan komt het: ‘Holebi’s een obediëntie noemen getuigt van weinig inzicht‘, citeert De Standaard.

Wat betekent dat? Wat is een obediëntie? Ik heb geen idee, al herken ik er het woord gehoorzamen in van het Franse ‘obéir‘. Maar gehoorzaamheid aan wat? De liberale politicus Alex Polis maakt het er voor mij niet duidelijker op als-ie zegt: ‘(..) dat doe je niet door een ganse groep van mensen weg te zetten als een obediëntie.’ Ik raak ervan overtuigd dat het een schandelijke zaak is. Maar wat betekent het in hemelsnaam?

Het gaat verder: ‘De Wever maakt een grote denkfout door een positieve keuze zoals het toetreden tot een obediëntie, gelijk te stellen met geaardheid.‘ De Wever zou een denkfout maken. Maar welke? Het gaat verder. Oppositiepartij SP.A reageert met verbazing op De Wever: ‘De partij vraagt zich zaterdag in een persbericht af ‘welke obediëntie homoseksuelen toegedaan zijn‘.’ Och God, wat vreselijk, is obediëntie een dodelijke ziekte? Een soort Vlaamse Aids? Of anders een ritueel van de mormonen, katholieken of vrijmetselaars? Want zelfs vrijgevochten Vlamingen kunnen in gedachten geen afstand nemen tot religie. Ook als ze menen een andere obediëntie toegedaan te zijn. Ik geloof het te begrijpen. Maar zeker weten doe ik het niet. Daar ben ik blij om.

Foto: Antwerpse mannen.