George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Sarkis

In zijn oordeel over hedendaagse kunst schittert Thierry Baudet in drukte, verwarring, misverstanden, onbegrip en denkfouten

with 3 comments

Politicus Thierry Baudet geeft in zijn uitingen over hedendaagse kunst aan er weinig van te begrijpen. Of hij weet zijn kunde goed te verbergen. Het is zo simpel, hedendaagse kunst na Édouard Manet reflecteert in al haar verschijningsvormen op de diversiteit en fragmentatie van de wereld. Inclusief op zichzelf. Hedendaagse kunst is het omgekeerde van wat Baudet het onjuist toeschrijft. Hij verwart de thema’s die de hedendaagse kunst omvat met het uitgangspunt ervan. Hij geeft de uitgangspunten van hedendaagse kunst verkeerd weer.

Hedendaagse kunst kan vervreemding verbeelden zoals Bertolt Brecht dat vanaf 1920 in het theater deed. Hedendaagse kunst kan politieke standpunten verbeelden zoals 17de-eeuwse schilderkunst (De bedreigde Zwaan van Jan Asselijn) of klassieke kunst (De Lysistrata van Aristophanes) dat ook deden. Hedendaagse kunst kan de samenleving een spiegel voorhouden waardoor het eigene ter discussie wordt gesteld en minder vanzelfsprekend wordt. Hedendaagse kunst kan de structuur van de werkelijkheid ontrafelen door te proberen achter de façade ervan te kijken. Zoals Roland Barthes dat in 1970 in zijn semantische analyse van een verhaal van Honoré de Balzac S/Z deed. Dat zijn geen uitgangspunten, maar toepassingen van hedendaagse kunst.

Baudet geeft door in zijn rijtje vervreemding (in de traditie) van Brecht naast ‘oikofobie’ (thuisgevoel) van de Britse conservatieve cultuurfilosoof Roger Scruton te zetten aan de cultureel-historische en dramaturgische achtergrond van de Brechtiaanse Verfremdung niet te begrijpen. Die is naar andere kunstvormen inclusief de hedendaagse beeldende kunst ‘overgesprongen’. Vervreemding is niet bedoeld of wordt als dramaturgisch middel ingezet om mensen van hun omgeving te vervreemden, maar beoogt juist het omgekeerde. Namelijk het vergroten van de bewustwording door mensen aan de hand van het creatieve maakproces (het tonen van de montage) zich van hun achtergrond en (achtergestelde) positie bewust te maken. Door ze letterlijk achter de werkelijkheid te laten kijken. Wakker schudden van burgers is hetzelfde wat Baudet zegt te doen. Hij verwart het Vervreemdings-effect als artistiek middel met het gevolg ervan. In een eerder commentaar  ‘Thierry Baudet eigent zich ongenuanceerd oordeel over hedendaagse kunst toe’ wees ik hier al eens op.

Kan Baudet vanwege zijn onbegrip nog geëxcuseerd worden voor het omwisselen van de uitgangspunten en toepassingen van hedendaagse kunst, dat geldt niet als hij stelt dat een uitgangspunt ervan ‘zelfhaat’ is. Dat is geen uitgangspunt, laat staan toepassing van hedendaagse kunst, maar een begrip uit de psychologie dat ‘een vorm van totale afwijzing is die de eigen persoon betreft’. Vertaald naar de hedendaagse kunst zou dat betekenen dat het via een toepassing zichzelf totaal afwijst. Maar dat is in strijd met de logica omdat het van tweeën een is. Ofwel, als hedendaagse kunst zichzelf afwijst dan kan het die afwijzing niet tegelijkertijd als toepassing inzetten. Want dan wijst het zichzelf per definitie niet totaal af, maar bevestigt het zichzelf juist.

Hoe moeten we Baudets woorden duiden? Directe aanleiding ervoor is overigens dat hij onder voorzitterschap van Alexander Pechtold (D66) lid van de kunstcommissie van de Tweede Kamer is. Deze speciale commissie doet voorstellen over aankoop van nieuwe kunstwerken en de inrichting van het kamergebouw. Baudet maakt van hedendaagse kunst een strijdpunt in de hoop zijn achterban ermee te vergroten. Daar is niks mis mee als dat zorgvuldig en met inachtneming van de feiten gebeurt. Maar Baudet brengt het debat over hedendaagse kunst niet op een hoger peil, maar maakt er een karikatuur van. Door er een ratjetoe van te maken en alles te willen passen in zijn politieke wereldbeeld zoals dat door onder meer Roger Scruton is gevormd zet Baudet het debat over hedendaagse kunst op slot. Die kunst die reflecteert op de diversiteit en fragmentatie van de samenleving. Het lijkt er sterk op dat Baudet om politieke redenen de diversiteit en fragmentatie afwijst en zich gevolglijk keert tegen de boodschapper die hij zo rabiaat als brenger ven het slechte nieuws afschildert.

Foto: Tweet van Thierry Baudet, 10 mei 2018.

Thierry Baudet eigent zich ongenuanceerd oordeel over hedendaagse kunst toe

with 7 comments

Het is altijd kiezen tussen lachen en schrikken als men stukken van Forum voor Democratie onder ogen krijgt. Neem het anonieme commentaarBreek het Kunstkartel!’ dat waarschijnlijk door Thierry Baudet is geschreven. Aanleiding ervoor is de tentoonstellingPrésence de la peinture en France» (1974-2016)’ in het gemeentehuis van het 5de arrondissement in Parijs. Dat van de Sorbonne, Quartier Latin en de Grote Moskee. Initiatiefnemer ervan is Marc Fumaroli met medewerking van Jean Clair. Beide zijn lid van de Académie française.

Het is niet toevallig dat Baudet uitkomt bij deze tentoonstelling en bij Fumaroli en Clair. Ze ageren tegen hedendaagse kunst. Baudet is eveneens gekant tegen hedendaagse kunst omdat het het thuisgevoel (‘oikofobie’) in de weg zou staan. Een term van de Britse conservatieve cultuurfilosoof Roger Scruton die via de Franse rechtse filosoof Alain Finkelkraut in het Franse debat is terechtgekomen. Baudet heeft deze term ‘geleend’ en in zijn politiek ingepast. Hedendaagse kunst zou mensen vervreemden van de eigen omgeving is het idee van deze conservatieve denkers. Exact het omgekeerde van wat Bertolt Brecht beweerde met zijn theorie van vervreemding in het theater die mensen bewust maakt omdat hun de montage van het werk wordt getoond. Wat tot nadenken zou aanzetten en het doorzien van manipulatie. Maar deze rechtse denkers leggen andere accenten voor de vermeende bewustwording van de massa door zich op te werpen als bemiddelaars.

De kunstenaars Paul McCarthy, Jeff Koons en Anish Kapoor zijn in Frankrijk de favoriete zondebokken zoals een artikel in Challenges verduidelijkt. Dat afwijzen van hedendaagse kunst door radicaal-rechts gaat niet om de kunst, maar om het debat dat die afwijzing oplevert en het mogelijk maakt om traditionele waarden te verdedigen. Zo bedrijven deze rechtse denkers en een politicus als Baudet politiek ten koste van de kunst.

Het gaat Fumaroli die nauwelijks verstaanbaar Engels spreekt vooral om het afwijzen van de Angelsaksische dominantie en het aanprijzen van de vermeende grootsheid van de Franse natie, taal en geschiedenis. Als het moet met steun aan middelmatige Franse kunstenaars of Franse kunstenaars van het verleden. Niet Christian Boltanski, Daniel Buren of Sarkis die een Frans humanisme vertegenwoordigen en internationaal opereren. Omdat de kunsthandel grotendeels Angelsaksisch is en het culturele wereldhart al sinds 60 jaar niet meer in Parijs klopt, richt Fumaroli zijn pijlen op de internationale kunsthandel. En scheert hij alles over één kam. Fumaroli gaat het ook om het benadrukken van het belang van de christelijke religie. Daarbij komt hij al snel op een hellend vlak met beschuldigingen van godslastering en een houding die past bij antisemitisme.

Als navolger van zijn voorbeelden Scruton, Fumaroli en Finkelkraut probeert Thierry Baudet een Frans debat naar de Nederlandse situatie te vertalen. Opvallend voor iemand die zegt te zweren bij de natiestaat. Hij doopt het ‘Breek het kunstkartel!’ met de impliciete verwijzing naar het partijkartel dat taaleigen van het Forum voor Democratie is. Maar Baudets oefening is die van een tovenaarsleerling die nog niet tot op de schouders van zijn voorbeelden heeft kunnen klimmen. Zijn betoog is een matige vertaling en mist de brille en diepgang van zijn voorbeelden. Baudet heeft te weinig kennis van hedendaagse kunst om zinvol te kunnen onderscheiden. Daar helpt het napraten van zijn voorbeelden niets aan. Het brengt hem tot uitspraken over kunstenaars, esthetiek en kunstmarkt die niet alleen ongedifferentieerd zijn, maar ook niet geloofwaardig worden omdat ze duidelijk zijn ingegeven door een conservatieve culturele agenda die de kunst van de eigen tijd niet begrijpt.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelBreek het Kunstkartel!’ op Forum voor Democratie, 28 september 2017.

Plan ‘Circle Line’ symboliseert conservatieve museumsector

with one comment

De Nederlandse museumsector is conservatief. Hier beredeneer ik hoe dat komt. Het hangt ermee samen dat leidinggevenden in de sector ingekapseld zijn en hun frisse blik verloren hebben. Als ze die al ooit bezaten. Ze missen de wil, het vermogen, de durf en de politieke vorming om door grenzen te gaan. De energie gaat zitten in het draaiend houden van de eigen organisatie. Gevoegd bij de minachtende houding van de politiek jegens de kunst, de teruglopende economie en de bovengemiddelde bezuinigingen op kunst is de vertrossing en atomisering van de museumwereld een feit. Dat wordt in de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen van 19 maart bekrachtigd door ontbrekend protest. In de museumsector heerst de stilte van het kerkhof.

Buiten Nederland gaat dat anders. Deels omdat de besparingen extremer zijn, deels omdat directeuren zich activistischer opstellen. Neem directeur en kunstenaar Antonio Manfredi van het museum voor hedendaagse kunst CAM in Casoria. Hij verklaarde zijn museum in oorlog en verbrandde uit protest kunstwerken. Manfredi doet iets waar de Nederlandse instellingen niet aan toekomen. Hij treedt zowel buiten het kunsthistorisch debat als de museummuren die conserveren en isoleren. Onverhuld duidt-ie kunst als politiek. Nederland kent in onder meer het Van Abbemuseum of BAK uitzonderingen, maar dat speelt zich hoofdzakelijk binnen het eigen domein af. Doorgaans in de vorm van een onnodig hermetisch-theoretisch discours. Zonder dat ze het doordenken zijn in Nederland de musea echter ook politiek omdat ze de status quo onderschrijven. Dat valt niet op omdat ze met de stroom meedrijven en hun eigen positie niet ter discussie stellen.

De defensieve museumsector lijkt nu zelfs nog meer dan voorheen elk zicht op het eigen functioneren te hebben verloren. En in arren moede dan maar een zijpad in te slaan. Dat tonen de positieve reacties op het plan ‘Circle Line‘ van de Amsterdamse kunsthandelaar Jaap Polak aan. Een voorstel dat om marketing, bereik, nut en faciliteren draait. Het benadert de bezoeker als consument, niet als burger met wie de samenleving wordt gevormd. Het plan gaat voorbij aan de maatschappelijke en politieke functie van kunst, kunstenaars en musea. Het laatste woord is aan Antonio Manfredi: ‘Nothing can rise from the bottom, everything is Merchandising, Benefit, Marketing, entire generations of artists are just figureheads with no future‘.

545x355-images-stories-large-Sarkis_1991-Le-Moulin-Albigeois-2

Foto: Sarkis, Les douze rues des chambres brulées (la cité Leidschatz)1991, Moulins Albigeois (Cimaise et Portique), Albi, ‘De dag is verbrand‘. Credits: Sarkis.

Voorbezichtiging ‘Painting XXXL’ in Onderzeebootloods Boijmans

with one comment

02 Onderzeebootloods_Submarine Wharf_foto Thijs de Lange

Ook wie van een afstand naar de journalistiek kijkt weet dat er persdagen zijn. In een informele sfeer wisselt informatie van eigenaar, worden foto’s genomen, hoofdrolspelers geïnterviewd, en contacten gelegd of bestendigd. Over hun project, hun bedrijf, hun verkiezing, hun kunstwerk of hun gat in de markt. Het is als de smeerolie van het goede contact voordat het wist dat het droogstond. Met als voordeel voor de uitnodigende partij dat de vraag doelmatig in de promotie ingebed wordt. Zo is de opzet. In de amusementsindustrie geeft de streng gecontroleerde press junket dit type produktmarketing een slechte naam. Maar het kan losser.

Er zijn ook persdagen voor bloggers. Zeg maar, voor burgerjournalisten. Hun medium is anders, hun bereik vaak, maar niet altijd kleiner en hun toon losser. Bloggers zijn hun eigen baas. Ze proberen niet te verzeilen in de marktwerking die professionele nieuwsorganisaties afhankelijk maakt van grotere belangen. Ze nemen op de koop toe het risico dat ze de baas van niks zijn. Maar ze weten dat mond-tot-mond-reclame ergens start.

08 Jim Shaw

Vandaag was ik op een persbijeenkomst voor bloggers van museum Boijmans van Beuningen. Relatief nieuw in cultureel Nederland nadat het Stedelijk Museum het vorig jaar probeerde. De bijeenkomst was een aanloop naar de opening op 8 juni van de vierde aflevering in de reeks tentoonstellingen in de Onderzeebootloods. Te Heijplaat aan een insteekhaven aan de Nieuw Maas. Idyllisch gelegen voor een zomerbestemming. Onder de titel ‘XXXL Painting‘ is het te zien tot 29 september. Voordat het koud wordt. Het project is een samenwerking tussen Boijmans en het Havenbedrijf Rotterdam dat hier op het oude RDM-terrein een Research, Design & Manufacturing bestemming realiseert. Zo spreekt Rotterdamse turbotaal die de hemel als ondergrens heeft.

XXXL Painting presenteert drie schilders die gevormd werden in de 80s. Uit Nederland: Klaas Kloosterboer, van de Amerikaanse Oostkust: Chris Martin en van de Westkust: Jim Shaw. Op twee manieren ligt de keuze voor schilders niet voor de hand. In de kunstpraktijk zijn ze in de minderheid vergeleken met ontwerpers, video-kunstenaars, fotografen, tekenaars, keramisten, wilde breiers en alle ruimtelijke kunstenaars. In zekere zin zetten bij de vorige drie edities Joep van Lieshout, Elmgreen en Dragset en Sarkis de ruimte naar hun hand. Ze waren geen pure schilders als Kloosterboer, Martin en Shaw. Tevens vraagt de immense loods van meer dan 100 meter lang schilders om buiten het vlak te denken. Anders verliezen ze het van de ruimte. Of van elkaar.

Beoordeling van een werk in uitvoering ruim een week voor de opening is lastig te doen. Toch is al te zien waar deze schilders het zoeken: in de dramatisering. Kloosterboer hangt zijn schilderijen aan een rails hoog in het plafond en beweegt ze langs ons in het midden, en een tableau van werken aan de buitenkant: Tijd. Shaw bouwt een stad van beschilderde decorstukken en vult dat met sculpturen: Plaats. Martin relativeert de ruimte door schaalvergroting en voedt dat met zijn individuele levensverhaal: Handeling. Zo ontvouwt zich een klassiek drama met eenheden van tijd, plaats en handeling. Waarbij de verschillende kunstenaars andere accenten leggen. Vraag is of het geheel ook als eenheid gaat werken. En welke interne spanning dat geeft. Het kan, want de kunstenaars zitten op hetzelfde spoor. Kijkers weten waar ze de komende zomer terechtkunnen.

09 Klaas Kloosterboer

Foto 1: Buitenaanzicht Onderzeebootloods met Nieuwe Maas. Credits: Thijs de Lange en Boijmans.

Foto 2: Jim Shaw: Capitol Viscera Appliances mural 2011. Credits: Simon Lee Gallery/Hong Kong.

Foto 3: Klaas Kloosterboer, 00319, 2000. Collectie Boijmans.

Santralistanbul Museum veilt volledige collectie. Hoe kan dat?

leave a comment »

macka-mezat_page16_image2_0

In Nederland kreeg het Wereldmuseum het afgelopen jaar tegenwind vanuit de samenleving, en de erfgoed-, museum- en kunstsector toen het opperde haar Afrika-collectie te verkopen. Eigendom van de gemeente Rotterdam. Uiteindelijk zette de Rotterdamse politiek directeur Stanley Bremer de voet dwars. Voorlopig eind goed, al goed. Nederland kent een fijnzinnig maaswerk van belangen die soms zichtbaar, soms onzichtbaar langs fundamenten en luchtbogen lopen. Burgerschap mobiliseert tegenkrachten als het allerergste dreigt.

In Turkije ontbreekt zo’n burgernetwerk dat zich in Nederland sinds de 19de eeuwse Victor de Stuers heeft ontwikkeld. Met volop politieke kracht. Gevolg is dat de volledige collectie van het door de Bilgi Universiteit in 2007 opgerichte museum voor hedendaagse kunst Santralistanbul op de veiling verkocht is. Bij het Turkse veilinghuis Macka Mezat. De opbrengst was omgerekend 4,5 miljoen euro volgens de Financial Times.

Er hielp geen protest aan. Kunstenaars, conservatoren, kunstcritici en betrokkenen uit de kunstsector konden de veiling niet verhinderen. Vasif Kortun legt uit dat in Turkije de norm voor verkoop de ouderdom van de objecten is. Het ministerie van Cultuur en Toerisme gaf toestemming om deze collectie hedendaagse kunst te veilen. Kortun vindt dit kwestieus omdat de Turkse overheid er zo aan meewerkte om deze collectie te onttrekken aan het openbaar kunstbezit. Een complicatie waaraan de Bilgi Unversiteit voorbij ging was dat vele geveilde werken schenkingen waren of ooit voor schappelijke prijzen verworven konden worden om het museum op de been te helpen. Martijn Sanders wees in 2008 bij de veiling van de BAT-collectie op hetzelfde argument. Hij noemde het cultuurbarbarisme. De moraal is dat donateurs en kunstenaars niet op voorhand culturele instellingen kunnen vertrouwen. Ze moeten contractueel voorwaarden aan hun schenking verbinden.

santral

Foto 1: Lot 18 van de veiling van een werk van Sarkis, Kirmizi Yesil (Rood & Groen), 1993. Uit collectie Museum Santralistanbul.

Foto 2: Schermafbeelding van inmiddels gesloten petitie op change.org om de collectie van Museum Santralistanbul niet te veilen.

Toon Gispen stelt kritische vragen over Oud-Amelisweerd

with 7 comments

Toon Gispen is oud-cultuurwethouder van Utrecht voor Leefbaar. In 2005 moest-ie aftreden omdat-ie de raad onvoldoende had geïnformeerd over het depot van het Centraal Museum. Daarvoor was-ie in tijdnood gekomen bij de benoeming van een nieuwe museumdirecteur en had Pauline Terreehorst aangezocht. Zonder screening werd dat geen succes, in 2008 werd ze gedwongen op te stappen. Toch had Gispen hart voor het museum, hoewel anderen hem een rat zonder hart noemden. Zo zijn soms de mores binnen politieke partijen.

Hoe dan ook, op een Utrechtse nieuwssite bij een filmpje met Yvonne Ploum, het hoofd van het Armando Museum Bureau, reageert ‘Toon Gispen’ op iemand die de huisvesting van de Armando Collectie in Oud-Amelisweerd een goed streven vindt dat wel wat mag kosten. Ik neem aan dat hier de oud-wethouder spreekt.

Hij zegt op 8 juli 2011: Waren we toen gek of zijn we het nu? Jaren lang kon er alleen bij hoge uitzondering een evenement in Amelisweerd worden georganiseerd. Alleen al het het conserveren van het wereldberoemde bijzondere Chinese behang stond dat volgens experts in de weg. Of was dat achteraf bekeken, een onjuist standpunt en waren we toen eigenlijk een beetje gek? Of was het volstrekt juist en laten wij met het Armando-concept een structurele aantasting van dit fraaie stukje cultureel erfgoed toe? Zijn wij knettergek?

‘Toon Gispen’ schetst de spanning tussen conserveren en presenteren die in elk kunstmuseum bestaat. Het Centraal Museum was sinds 1990 de beheerder van landhuis Oud-Amelisweerd. Waarbij de afdeling ‘Collectie’ het accent legt op behoud, en de tentoonstellingsmakers en de marketeers op het bereik. Omdat een directie vaak overhelt naar de presentatie omdat dit direct scoort ontstaat dan een dynamisch evenwicht in het nadeel van het behoud. Maar in een werkend museum blijft conservering een van de hoofdtaken. Daarom worden de grenzen die een ingewerkte staf van de afdeling ‘Collectie’ aangeeft uiteindelijk altijd erkend. Schoorvoetend.

In het ontbreken van dat dynamische evenwicht schuilt het gevaar van een Museum Oud-Amelisweerd. Want zo’n museum heeft geen vaste staf deskundigen op het gebied van conservering en behoud. Het is zelfs de vraag of in de vaste staf ervaren kunsthistorici opgenomen zullen worden. Dat hangt mede af van het feit of het huidige hoofd van het Armando Museum Bureau past in het profiel van een directeur voor het Museum Oud-Amelisweerd. Projectmedewerkers kunnen dat dynamische evenwicht niet tot stand brengen. Gezien de lastige financiële situatie moet een nieuw museum energie stoppen in presentatie, marketing en publiciteit.

Mijn antwoord aan ‘Toon Gispen’ is: Omdat de restauratie vanaf 1990 in volle gang was, waren er beperkingen aan de presentatie van kunstvoorwerpen. Restauratie maakt kwetsbaar door werk in uitvoering. Omdat Oud-Amelisweerd gebouwd is als zomerverblijf en ’s winters koud is vonden presentaties meestal ‘s zomers plaats. Voor objecten en bezoekers. Kunsthistorici zijn nu naar de marge gedrongen. Hun mening staat genoteerd maar vormt in een Museum Oud-Amelisweerd niet langer een dynamisch evenwicht met degenen die presenteren. Da’s ongewenst. De beste garantie om knettergekte te voorkomen is de aanstelling van een allround kunsthistoricus als directeur met kennis van en verwantschap met het conserveren van oude kunst. 

Foto: 2000, Een overnachting op Oud-Amelisweerd; project van Sarkis en Berry Visser.

Utrechtse VVD heeft kritiek op Armando Museum in Oud-Amelisweerd

with 8 comments

De Utrechtse oppositiepartij VVD zet bij monde van haar woordvoerder cultuur Jesper Rijpma vraagtekens bij de brief van het college over de huisvesting van de Armando collectie in landhuis Oud-Amelisweerd. Daarom agendeert het de brief voor een commissievergadering Mens & Samenleving. Het komt dan in januari of februari op de agenda. De VVD stelt voor om de commissieleden Stad & Ruimte ook uit te nodigen.

In de motivering zegt Rijpma dat de VVD fractie graag met de wethouder en de commissie in discussie wil over het plan om de Armando collectie te huisvesten in het landhuis Oud-Amelisweerd. Want: Het plan dat aan de commissie is voorgelegd, bestaat hoofdzakelijk uit aannames, waarvan de VVD zich afvraagt of die realistisch zijn. Daarnaast heeft de VVD vragen bij de ruimtelijke gevolgen van de verhuizing. Het doel van de bespreking is het bespreken van het plan met de wethouder en inzichtelijk krijgen hoe de verschillende fracties denken over de verhuizing van het Armandomuseum naar Amelisweerd.

De vragen komen op het moment dat het Utrechtse college het groene licht heeft gegeven voor Museum Oud-Amelisweerd dat rond de Armando collectie in rijksmonument Oud-Amelisweerd opgericht moet worden. De besluitvorming kenmerkte zich tot nu toe door intenties, onderzoek naar haalbaarheid, formulering van voorwaarden en projectbeheersing. Maar niet door een inhoudelijk debat over de wenselijkheid en de noodzaak van een Museum Oud-Amelisweerd. Wellicht staat de Utrechtse raad zich zo’n debat alsnog toe.

Foto: Trapportaal Oud-Amelisweerd met muurschildering van Sarkis, 1992. Credits: Ernst Moritz.