Robesin vraagt Tweede Kamer opnieuw om onderzoek besluitvorming Hedwigepolder

Schermafbeelding van deel artikelRobesin vraagt Kamer opnieuw om onderzoek Hedwigepolder’ in de PZC, 28 april 2021.

Het plan om de Hedwigepolder in Oost Zeeuws-Vlaanderen onder water te zetten is naar mijn idee een van de meest onverkwikkelijke en geniepige besluiten die een Nederlandse regering ooit heeft genomen.

Deze slechts 3 km2 grote polder kreeg in de jaren 2005-2015 een symboolfunctie. Feitelijk een wonder hoe zoiets kleins zo groot kon worden. De ontpoldering is volgens plan in 2022 voltooid. Maar niet iedereen zag er dezelfde symboliek in.

Voor Zeeuwen was het de macht van het grote geld, te weten de Antwerpse haven, waarvoor ze in een onderonsje met Den Haag werden uitgeruild voor zogenaamd hogere belangen. Dus economie. Voor de economische lobby was het het omgekeerde, het opruimen van regionale belangen met inzet van de politiek. Voor natuurbeschermers was het de kans om meeliftend met het economisch belang ten koste van het regionaal belang eigen kruimels te kunnen realiseren. Zogenaamde ‘nieuwe natuur’ en extra geld voor de eigen organisaties om mee te draaien in de projecten. Door de Zeeuwen werd de opstelling van de samenwerking van bedrijfsleven en politiek als harde machtspolitiek ervaren en dat van de natuurbeschermers als verraad. Over dat verraad van de natuurlobby verhaalt Chris de Stoop in zijn boek ‘Dit is mijn hof’.

De argumenten waren meestentijds vals en de doeleinden verhullend. Onder het mom van natuurbescherming werd natuur beschadigd die officieel geen natuur was en daarom in nieuwe langlopende projecten officieel hersteld kon worden. Onder het mom van natuurbescherming werden de economische belangen van de Antwerpse haven versterkt. Natuurorganisaties als de Vogelbescherming lieten zich omkopen of misleiden. Hun naïviteit was grenzeloos en concurreerde hevig met hun opportunisme. Volgens velen hebben ze voorgoed hun geloofwaardigheid verloren door een bondje te sluiten met het grote geld.

HMM Algeciras © Johan Rijnhout/Rijnhout Media. In PZC, 12 juni 2020.

De kernvraag of een getijdenrivier als de Westerschelde geschikt is om schepen van 400 meter lang, 61 meter breed met een diepgang van 12 meter te ontvangen heeft nooit centraal gestaan in het debat. Daardoor konden de Vlaamse regering en de Antwerpse haven politieke druk blijven zetten om uiteindelijk hun zin door te drijven.

In Zeeland werd de uitruil tussen Nederland en Vlaanderen onder druk van de EU doorzien, maar de rest van Nederland liet het gebeuren. Wat de boosheid én het gevoel van uitgeslotenheid verder versterkte van de Zeeuwen die zich als traditioneel wingewest toch al snel in de steek gelaten voelen.

Johan Robesin die ooit lid van de Eerste Kamer was voor een lokale partij kreeg naar eigen zeggen in 2011 in een persoonlijk gesprek de belofte van premier Rutte dat die zijn uiterste best zou doen dat de Hedwigepolder niet onder water zou worden gezet. Dat liep anders. Rutte kon zijn belofte niet houden en Robesin zit nu al jaren vol onbegrip over deze kwestie.

Hij doet nu een tweede poging om de besluitvorming van 10 jaar terug in de Tweede Kamer tegen het licht te houden. Maar wat voor nut hebben volgens Robesin de landelijke politieke partijen daarbij? Rechtse partijen als VVD en CDA hebben zich overgeleverd aan de economie en groene partijen als GL en D66 hebben zich niet principieel genoeg opgesteld. Resten SGP, Boerenpartij en de drie radicaal-rechtse partijen, maar die laatsten zijn vooral tegen omdat ze overal tegen zijn om de overheid te dwarsbomen. Zulke vreemde bedpartners vergroten de geloofwaardigheid van een op zich zinvol verzoek om openheid niet.

De Hedwigepolder is nu bijna volledig onder water gezet en de besluitvorming ervan is blijkbaar ook onder water verdwenen. De spreekwoordelijke slager wil niet dat bekend wordt hoe de worst gemaakt wordt en wat er allemaal in zit. Waarom zou de Kamercommissie Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit een onderzoek naar de besluitvorming rond de Hedwigepolder agenderen? Er is in de tussentijd al te veel water door de Westerschelde gestroomd om nog te verwachten dat de waarheid boven water komt.

Gedachten bij foto ‘nieuw Gulf benzinestation’ in Cadzand-Bad (1966)

De datering van deze foto van Oscar de Milliano is circa 1966. Tot ongeveer die tijd was Cadzand in West Zeeuws-Vlaanderen de jaarlijkse vakantiebestemming van ons gezin. Er werd een vakantiehuis voor een jaar en later voor een maand gehuurd. Tot de bouw van de Atlantikwall had mijn vader een huisje in de duinen dat omstreeks 1942 onteigend of liever gezegd ingepikt werd door de Duitsers. Nu is Cadzand onder invloed van de Duitse toeristenindustrie compleet van aanzien veranderd. Zoals overal hebben projectontwikkelaars en financiële instellingen er de macht gegrepen. De Duitse cirkel is rond, van Atlantikwall tot Erholungszentrum.

Na de oorlog was Cadzand een boerendorp dat vanwege de goede verdiensten geleidelijk aan toerisme ging doen. Eerst werden het eigen huis verhuurd aan toeristen en sliepen de bewoners tijdens de vakantieperiode elders. Later werd het grootschaliger aangepakt. Zoals overal in Nederland nam sinds midden jaren 1960 de voorspoed toe. Dit Gulf benzinestation in Cadzand is de aangekondigde dood van de vooruitgang. Auto’s en fossiele brandstoffen die nu als probleem worden gezien, waren toen een symbool van moderniteit en vrijheid. Deze auto met een kenteken uit 1964 is er de uiting van. De auto wordt volgetankt door een oudere man in overall en een pet op. De autobezitters kijken naar fotograaf De Milliano. Wat vragen ze zich af?

Foto: Oscar de Milliano, ‘nieuw Gulf benzinestation’ in Cadzand-Bad, circa 1966. Collectie: Beeldbank Zeeland.

Landschapsproject Zeeuws-Vlaanderen als voorbeeld van vertrutting en betutteling. Wat is hier nou echt het probleem?

Provincie Zeeland zette afgelopen weken vier filmpjes op haar YouTube-kanaal waarvan dit er een is. Ze gaan over Zeeuws-Vlaanderen en zijn gemaakt in opdracht van wat in goed Zeeuws de ‘Economic Board Zeeland’ (EBZ) heet. Dat vervult volgens nota 2020D29562 ‘een prominente rol als verbinder van publieke en private samenwerkingspartners en zorgt voor een heldere focus van de aanpak’. De EBZ is geen rechtspersoon, maar heeft ‘een centrale functie als aanjager en coördinator van de uitvoering van de Regio Deal Zeeuws-Vlaanderen ‘Zeeuwen zelf aan zet’. Een Regio Deal kan opgevat worden als ‘een duurzaam partnerschap om de opgave die in de regio speelt gezamenlijk aan te pakken’. De suggestie die het probeert te wekken is dat de bewoners van deze regio inspraak hebben en over hun eigen leefomgeving kunnen beslissen.

De werkelijkheid is anders. Zeeuws-Vlaanderen is een krimpgebied en kampt met problemen van leegloop. De nota merkt op dat voorzieningen uit de regio verdwenen zijn. Door grensoverschrijdende samenwerking met de provincie Oost-Vlaanderen en de stad Gent heeft de regio ook potentie. Een opvallende passage in de nota luidt: ‘De woningvoorraad sluit niet aan op de vraag en het landschap is nu slecht toegankelijk’.

Wat een slecht toegankelijk landschap logischerwijze betekent wordt niet uitgelegd. En slecht toegankelijk voor wie? De toevoeging ‘nu slecht toegankelijk’ geeft aan dat de toegankelijkheid van het landschap focus voor de EBZ en de Regio Deal is. Of de toegankelijkheid van het Zeeuws-Vlaamse landschap nou werkelijk een groot probleem is en of de bewoners op een overheidsprogramma zitten te wachten dat ingrepen doet in een historisch landschap is de vraag. Het lijkt eerder te gaan om politiek laaghangend fruit dat geplukt wordt. Door enkele simpele, maar hoogst zichtbare ingrepen kan zo een idee van daadkracht worden gesuggereerd.

Het beeld dat resteert uit de video is er een van vertrutting en bevoogding. Alsof Zeeuws-Vlaanderen moet veranderen in een landschapspark, terwijl de ongepolijstheid en ruwheid ervan juist de kwaliteiten zijn.

Tekenend is dat er geen Zeeuws bureau wordt ingehuurd, maar architect Ro Koster van RO&AD Architecten dat in het Brabantse Bergen op Zoom is gevestigd. Zijn claim is hooghartig dat zijn programma nodig is om de uniciteit en kwaliteit van deze streek te gaan voelen. Alsof de bewoners eeuwenlang de waarde van hun streek miskend hebben en ze er een buitenstaander als Ro Koster met zijn programma voor nodig hebben om te voelen wat de waarde van hun geboortegrond is. Is Koster onnozel of doet hij met zijn prietpraat net alsof hij dat is om zijn opdrachtgever te plezieren? Of dit ‘Grenspark Scheldekust’ moet dienen ter compensatie van de door de regering en de onder druk van de economische macht van de haven van Antwerpen en de Belgische regering verdwenen Hedwige polder is de vraag die in deze video hardnekkig op de achtergrond blijft zeuren.

Zeeland moet orde op zaken stellen en falen Marinierskazerne en ondermaats aanbod voor compensatie niet afschuiven

Wat krijg je als een Zeeuwse gedeputeerde van de VVD kritisch reageert op een VVD-staatssecretaris? Het antwoord ligt voor de hand: niks. Dick van der Velde die verantwoordelijk is voor de Marinierskazerne reageert met gespeelde verontwaardiging op Barbara Visser voor Omroep Zeeland: ‘We zijn nog net zo boos als dat we al waren. Dit onderstreept waarom er een ruimhartige compensatie moet komen voor Zeeland’. Wow, wat een lef. Wat gedeputeerde Van der Velde zegt dat hij ‘nog net zo boos is als hij al was’ grenst aan het onbenullige.

Waar draait deze kwestie in de kern om? Het lijkt te gaan om een marinierskazerne die naar Vlissingen zou komen, maar niet kwam. Staatsecretaris Barbara Visser lijkt samen met minister Ank Bijleveld een van de drie zusters van Anton Tsjechovs gelijknamige toneelstuk. Ze blinken uit in de verzuchting: ‘Naar Moskou, naar Moskou’, maar tegelijk weten ze dat ze er nooit zullen aankomen. Zo was het ook met de Marinierskazerne. Iedereen wist dat die nooit in Vlissingen zou komen, maar de hoofdrolspelers speelden dat het wel zo was.

Het draait niet om zelfbedrog in een schijnwerkelijkheid met in de hoofdrol een politiek onhandige en liegende staatssecretaris of een incompetente minister. Niet de gevende, maar de ontvangende partij is waar het om draait. Het gaat om de positie en de positionering van Zeeland. Is Zeeland voor de kwaliteitstoerist, de watersporter, de gepensioneerde die zorg inkoopt, de rustzoeker of de kunsttoerist die gaat voor kleinschalige evenementen of is Zeeland voor de pretzoeker, de dagjestoerist en de ondernemers die gaan voor grootschalige evenementen? Is Zeeland voor de chemische en maritieme industrie? Niemand die het weet. Omdat de provincie daar geen heldere keuze in weet te maken, kan er ook geen geloofwaardig en samenhangend pakket van eisen voor de compensatie van de Marinierskazerne in Den Haag op tafel worden gelegd. Daar gaat het fout. Het zijn niet een liegende staatssecretaris en een incompetente minister die verantwoordelijk zijn voor de afgang van de Marinierskazerne. Het is Zeeland zelf dat niet weet wat het wil, niet weet wat het moet vragen als compensatie en zich afhankelijk maakt van de kuren en machtsspelletjes van anderen. Met als uitkomst dat het dankbaarheid moet tonen voor kruimels die niemand wil.

Vooral in Zeeuws-Vlaanderen is het trauma van het onder water zetten van de Hedwige polder vanwege het economisch belang van de Antwerpse haven en de uitruil door Den Haag nog niet verwerkt. Het wantrouwen is groot. Zeeland beschouwt zich als wingewest en die gedachte is gegroeid na de 17de eeuw toen Middelburg de tweede stad van het koninkrijk was. De realiteit is dat Zeeland een zwak openbaar bestuur heeft en geen machtsmiddelen om terug te vechten. Daar gaat het mis. Nu moet de provincie tevreden zijn met wat wordt gezien als tweederangscompensatie zoals blijkt uit in Den Haag gelekte stukken: een beveiligde rechtbank, een extra beveiligde gevangenis en een expertisecentrum voor georganiseerde criminaliteit. Het is een beledigend voorstel dat niemand wil. Bij welk profiel van Zeeland het past is duidelijk: een profiel van niks.

Foto: Schermafbeelding van deel artikel ‘Compensatie voor de kazerne? Nou die moet nu wel heel ruimhartig worden, vindt de Zeeuwse politiek’ van Jeffrey Kutterin in de PZC, 6 juni 2020.

WNL laat proefballon op: Themapark Zeeland met 2 miljoen bezoekers

Terwijl de Tweede Kamer forse kritiek heeft op staatssecretaris Visser (VVD) die bestuurlijk een puinzooi heeft gemaakt van de door het kabinet toegezegde komst van een marinierskazerne naar Vlissingen, verdiept het panel van WNL zich in de toekomst van een Chinees themapark in Zeeland. Het is trouwens merkwaardig dat Visser niet aftreedt. Ze heeft niet alleen onhandig geopereerd, maar ook gelogen tegen de betrokkenen en die verkeerd geïnformeerd. Dat geldt voor de Zeeuwse politiek en de Tweede Kamer. Is dat geen doodzonde?

Wat Zeeland met een Chinees themapark moet dat volgens de verwachting jaarlijks twee miljoen bezoekers trekt is de vraag. Dit doekje voor het bloeden is een dwaas plan. In 2018 trokken de 48 Zeeuwse musea met elkaar bijna 600.000 bezoekers. Juist de bereikbaarheid en ontsluiting is het probleem. Het oude euvel van Zeeland is dat het geen masterplan heeft zodat een ondernemer dit slecht doordachte plan kan dumpen juist op het moment dat Zeeland woedend is en gecompenseerd moet worden voor de marinierskazerne.

Is Zeeland voor de kwaliteitstoerist, de watersporter, de gepensioneerde die zorg geniet, de rustzoeker of de kunsttoerist die gaat voor kleinschalige evenementen of is Zeeland voor de pretzoeker, de dagjestoerist en de ondernemers die gaan voor grootschalige evenementen? De provincie moet daar eens een heldere keuze in maken. Overigens, Walcheren heeft al een kleinschalig familiepretpark Miniatuur Walcheren of Mini Mundi.

WNL bedoelt het ongetwijfeld goed, maar beseft niet dat dit item een nieuwe belediging en vernedering is voor een provincie die zich toch al achtergesteld en machteloos voelt door het machtswoord van de landelijke politiek. Vooral in Zeeuws-Vlaanderen is het trauma van het onder water zetten van de Hedwige polder vanwege het economisch belang van de Antwerpse haven en de uitruil door Den Haag nog niet verwerkt.

Zeeland beschouwt zich als wingewest en die gedachte is gegroeid na de 17de eeuw toen Middelburg de tweede stad van het koninkrijk was. Denkt WNL dat Zeeland zo radeloos is dat het zo’n Chinees themapark positief zal beoordelen en een gat in de Zeeuwse lucht zal springen? Het is nog voorstelbaar ook. Want de realiteit is dat Zeeland een zwak openbaar bestuur heeft en geen machtsmiddelen om terug te vechten.

Bij de prentbriefkaart ‘Cadzand, Zeegezicht’, vóór 1959

Een prentbriefkaart van de firma J. Torbijn uit Goes met de beschrijving ‘Cadzand, Zeegezicht’. In te zien in het Zeeuws Archief, bronvermelding ‘Zeeuws Archief, Fotoarchief J. Torbijn, Goes, nr CAD-P-81’. Datering is ‘vóór maart 1959’. Op de voorgrond is het strand te zien met een meisje die een kuil voor zichzelf graaft en de achtergrond toont een vrachtschip van naar schatting 10.000 ton dat in 1959 de weg naar de snijbrander nog niet had gevonden. Nu nog op weg van Rotterdam of Antwerpen naar een vreemde haven. Londen, Liverpool, Le Havre, Marseille of Genua? Badgasten staan tot hun middel in zee. De opgeblazen binnenband dient als vlot voor de allerkleinsten. De titel ‘Cadzand, Zeegezicht’ is opvallend. De van boerendorp tot badplaats omgevormde dorpen als Cadzand moesten het immers niet van zee, maar van het strand hebben.

Is dit nostalgie? Hoe dan ook heb ik als kind in Cadzand vele zomervakanties in de duinen en op het strand doorgebracht. Tot en met het plukken van bramen eind augustus of begin september voordat de scholen weer begonnen en aan de vrijheid van zorgeloze dagen abrupt een einde kwam. In de tijd dat vakantiehuisjes niet per week, maar nog per jaar of per maand werden verhuurd. Het cliché klopt dat Duitsers beste kuilengravers waren. Dat roept vragen op over het meisje in de voorgrond. Is zij Duits of gaat ze de competitie ermee aan?

Oosterburen werden in die tijd door de middenstand die van het vreemdelingenverkeer een beroep gemaakt had getolereerd vanwege de marken en het Wirtschaftswunder, maar ze waren gehater dan nu. In de oorlog was hard gevochten in West-Zeeuws-Vlaanderen juist omdat de Scheldemond de toegang tot Antwerpen was. In de duinen waren sporen van de strijd nog terug te vinden in de vorm van bunkers en lege munitiehulzen.

Foto: Prentbriefkaart, ‘Cadzand, Zeegezicht, voor maart 1959. Serienummer 84. Collectie Zeeuws Archief.

Bij een foto in de Nieuwstraat te Terneuzen (1900-1910)

Dit is niet een oude foto van een stadje in Oostenrijk-Hongarije voor de Eerste Wereldoorlog. In de stilte voor de storm nog ongewis over het geweld dat spoedig zal losbreken. Dit is een afbeelding van de Nieuwstraat in het Zeeuws-Vlaamse Terneuzen in het eerste decennium van de 20ste eeuw. De straat ziet er inderdaad nieuw uit. Mogelijk is deze later ingekleurde zwart-wit foto genomen door een ver familielid van me. Rechts het estaminet ofwel de drankgelegenheid ‘Het Wapen van Zeeland’ van B. Heijens dat ook hier wordt genoemd.

Wat opvalt zijn de vlaggenstokken. Het kan niets anders of dat moet met de inhuldiging in 1898 van Koningin Wilhelmina te maken hebben. Door het koninkrijk werd het feest gevierd. Met de nationale driekleur en drank in het plaatselijke estaminet. Welke willekeurige straat in een klein stadje kent nou zoveel vlaggenstokken? Dit is een straat waar iets te vieren valt en men dat graag laat weten ook. In de verte loopt de straat uit op de binnenhaven, met rechts de toegang naar de Westerschelde en links naar het Kanaal van Gent naar Terneuzen. Buiten beeld ligt rechts onder de bomen de bomvrije kazerne waar het plaatselijke detachement is gehuisvest.

Twee fietsers staan in een onhandige pose midden op straat. Met hun gezicht in de richting van de fotograaf. Is hun rit over de kasseien onderbroken door de fotograaf die met zijn glasplaten in de weer is gegaan en de aandacht trekt? Of zijn ze door hem besteld om dynamiek aan de straat te geven? Om de doodse stilte die uit de gesloten huizenrijen opklinkt te doorbreken met hun levendigheid. Ogenschijnlijk heeft het niet geholpen.

Foto: Nieuwstraat, Terneuzen.

Campagne ‘De Frisse Wind’ van VVD Terneuzen roept vooral vragen op

Als het aan de lokale VVD ligt moet er in de Zeeuwse havenstad waar ik ben geboren en opgegroeid ‘een frisse wind gaan waaien’. Het gaat om de gemeente Terneuzen dat vele kernen in en rond de kanaalzone omvat. Van Biervliet in het westen tot Axel in het oosten. De VVD is in Terneuzen een kleine partij met 2 van de 31 zetels in de raad. De lokale partij TOP/Gemeentebelangen domineert met 10 zetels. Met 5 zetels neemt het CDA ook een sterke positie in.  Het college wordt gevormd door de drie grootste partijen: TOP/ Gemeentebelangen, CDA en PvdA. De VVD kan dus frank en vrij op de aanval spelen. De nieuw benoemde fractieleider van de VVD is Jan Sips, eigenaar/directeur van Beheer- en beleggingsmaatschappij De Gouden Handdoek BV.

De campagne van de VVD heet ‘De Frisse Wind; Gemeente Terneuzen’. Op sociale media wordt er verslag van gedaan: uitgebreid op website en Facebook, bescheiden op Twitter. Opvallend contrast is dat op de website elke verwijzing naar de VVD ontbreekt, maar op Facebook juist de VVD overvloedig wordt genoemd. Beide media ondersteunen elkaar niet. Op Facebook valt op dat er veel foto’s worden gepubliceerd waarin VVD-voormannen ballonnen ‘gevuld met frisse wind’ overhandigen aan sympathisanten. Doorgaans ondernemers. De symboliek ligt er duimdik bovenop. ‘Fris’ moet de associatie met onbevangen, opgewekt, schoon en zuiver oproepen. ‘Wind’ is de bries vanaf zee, vanaf de Westerschelde die dat realiseert. De slogan moet suggereren dat de VVD een frisse wind laat waaien door stoffig Terneuzen. Het komt neer op het spreekwoord ‘nieuwe bezems vegen schoon‘. Dat de verzinnebeelding van frisheid in Zeeland levend is blijkt uit een aankondiging over Land Art door de provinciale VVV: ‘Deze workshop is een feest voor wie houdt van avontuur en een frisse neus.’ Wellicht op de Waddeneilanden na waar het goed uitwaaien is wordt meer dan in andere provincies in Zeeland de associatie met frisse neuzen en frisse winden gemaakt om een positief gevoel op te roepen.

Maar het begrip ‘frisse wind’ heeft een keerzijde. Namelijk de associatie met een windbuil, een snoever en showbink die uitblinkt in praatjesmaken en opscheppen. Het is de winderige stijl van de bluf die opgeblazen en gezwollen is. Zeeuwen en kustbewoners in het algemeen weten als geen ander dat wind niet altijd positief ervaren wordt. Een briesje kan overgaan in storm en schade aanrichten aan landerijen en gebouwen. Hoe dan ook zorgt wind voor ongemak, al is het maar omdat men niet ongestoord op balkon, terras of het strand kan zitten omdat de wind stuift en warrelt. Associatie met wind is dus minder eenduidig en positief dan het lijkt.

Op de website draait de campagne ‘De Frisse Wind’ om stellingen waar men op kan stemmen. Ook kunnen inwoners zelf stellingen aandragen. De suggestie is dat hiermee iets gaat veranderen: ‘Door te stemmen op stellingen, maar ook door zelf iets te vinden, bepaal jij uit welke hoek de frisse wind gaat waaien!’ Hoe dat in de praktijk werkt en politiek vertaald wordt, wordt niet duidelijk gemaakt. De campagne is een balletje dat in de lucht wordt gegooid, maar nergens landt. Het wordt door de wind weggeblazen naar niemandsland. De gedachte is verfrissend dat vanaf de basis door burgers de politieke agenda wordt bepaald: ‘Zo bepalen we met elkaar de uitgangspunten, waar de nieuwe gemeenteraad mee aan de slag kan‘. Nadeel is echter dat dit proces niet gedefinieerd is en de burgers niet betrokken zijn bij de weging en verdediging van de stellingen.

Een aanzet om burgers op een volwaardige manier te betrekken bij het proces van besluitvorming vergt een andere manier van denken dan een benadering van bovenaf. De vraag blijft onbeantwoord of VVD Terneuzen met deze campagne vooral politieke marketing bedrijft of werkelijk het politieke systeem open wil gooien. Ofwel, wil VVD Terneuzen de stem van de kiezer of wil het de kiezer een stem geven? Gezien het karakter van de landelijke VVD die niet overloopt van vernieuwingsdrang van het politiek systeem en daar geen beleid op ontwikkelt, lijkt hier sprake van marketing in de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen van 21 maart. Ondanks zo’n valse start staat VVD Terneuzen niets in de weg om de komende vier jaar in de Terneuzense gemeenteraad te pleiten voor vormen van directe democratie, zoals e-democracy en liquid democracy.

Foto 1: Schermafbeelding van een pagina op terneuzen.vvd.nl van de vijf soorten sociale media van VVD Terneuzen.

Foto 2: ‘De Frisse Wind in de zeilen voor ondernemend Sas van Gent — met Jens Hoogstad, Aswin Polmann en Vvd Terneuzen. Op Facebook-pagina ‘De Frisse Wind Terneuzen’, 19 november 2017. 

Foto 3: ‘De Frisse Wind in de zeilen voor ondernemend Terneuzen — met Jan Sips en Ingmar Vermeulen. Op Facebook-pagina ‘De Frisse Wind Terneuzen’, 19 november 2017. 

Foto 4: Schermafbeelding van paragraafJij mag het zeggen’ op `De Frisse Wind; Gemeente Terneuzen’ van VVD Terneuzen.

Zeeuws-Vlaanderen laat zich niet makkelijk op de kaart zetten

Is Zeeuws-Vlaanderen de Krim van Nederland? In elk geval is het demografisch een krimpgebied. Het wordt op slordig vormgegeven landkaarten soms tot België gerekend, zo constateert Omroep Zeeland. Ook door een programma van de publieke omroep als Spoorloos. Dat knelt omdat de cultuurstrijd over identiteit, eigenheid, nationaliteit en sociale cohesie een stempel drukt op het publieke debat. Over de uitsluiting van Nederlanders op economische, etnische of sociale gronden wordt heftig gediscussieerd. Wie horen erbij en wie niet?

Als geboren en getogen Zeeuws-Vlaming vind ik het wel vermakelijk dat sommige media blijkbaar zo weinig weten over hun eigen land. Als de kennis van de feiten ontbreekt relativeert dat de opinies die in dat publieke debat worden geuit. Om niet opgemerkt te worden is het voor de bestuurders van Zeeuws-Vlaanderen aantrekkelijk om buiten de radar van de publieke opinie en de landelijke media te blijven. Of is er weer een controverse over de ontpoldering van de Hedwigepolder voor nodig om Zeeuws-Vlaanderen op de kaart te zetten? Maar wat op de kaart staat is afgesloten, definitief bijgezet en doods. Wie slim is laat zich nooit op de kaart zetten. Vraag is waar de onkunde van Spoorloos en de kunde van Zeeuws-Vlaanderen elkaar ontmoeten.

Wat heeft komedie ‘Weg van Jou’ met Terneuzen en Zeeuws-Vlaanderen te maken?

De romantische komedie ‘Weg van Jou’ (WVJ) gaat over de ambitieuze Evi (Katja Herbers) die in grootstedelijk Rotterdam woont, in het bedrijfsleven carrière wil maken en hoopt uitgezonden te worden naar Rio de Janeiro. Maar het wordt Terneuzen in Zeeuws-Vlaanderen waar ze de voortgang van de bouw van een zeesluis moet bespoedigen. Omdat ik in Terneuzen geboren ben en de streek ken heeft de film mijn bijzondere interesse.

Het is een matig geslaagde film die tot lachen aanzet en de werkelijkheid heerlijk geweld aandoet. Dat laatste is geen bezwaar. Het past zowel binnen het medium film dat niet realistisch hoeft te zijn als binnen het genre komedie dat het moet hebben van overdrijving, stereotypering, tegenstellingen en versimpeling. WVJ is gebaseerd op de Franse komedieBienvenue chez les Ch’tis’ van Dany Boon. Daarin wordt een postbeambte uit de Provence overgeplaatst naar het Noord-Franse Bergues. Hij komt terecht in een koude, winderige streek met onverstaanbare lomperiken. Uiteindelijk vindt hij zijn plek. WVJ wordt in hetzelfde stramien afgewikkeld

Groter bezwaar is dat Evi in IJzendijke gaat wonen. Een dorp in West Zeeuws-Vlaanderen op 20 kilometer van Terneuzen. Dat past slecht binnen de filmwerkelijkheid en wordt magertjes verantwoord door huisvesting die toevallig vrijkomt. Het scenario is dan ook veruit het zwakste onderdeel van de film. Naar verluidt zou het zich eerst afspelen in IJzendijke, ofwel het gemunte ‘Petit Paris’. Dit verklaart de onlogische keuze voor IJzendijke als woonplaats voor Evi dat een idee is uit de eerste versie van het scenario. Initiatiefnemer Jan Lievens uit IJzendijke heeft niet aangedurfd zijn love baby te vermoorden. Zo ontstaat een parodie binnen een komedie.

WVJ schetst een beeld van een maritiem en agrarisch Zeeuws-Vlaanderen zoals dat voor de industrialisatie als gevolg van de aanwijzing van Terneuzen als groeigemeente in de Eerste nota ruimtelijke ordening in 1960 bestond. Een land van ooit, dat zelfs in 1963 al meer bij de tijd was dan het tijdloze tijdperk dat WVJ schetst. Zo ontstaat een mentale plek of constructie van een cultureel geheugen dat onder meer het Verdronken land van Saaftinge, de Westerschelde en de Hoge Springer, de vuurtoren van Nieuwe Sluis, de sluizen en de oude ponton van de veerhaven van Terneuzen en de vele polderweggetjes omvat. Een creatieve keuze die legitiem is, maar anders had kunnen zijn. Impliciete verwijzingen naar de geschiedenis van de streek als win-, grens-, en oorlogsgebied, actuele problemen van krimp en de toekomst van Zeeland had WVJ beter geborgd. Niet voor niets speelt de fanfare bij de doop van de Multratug 29 enige maten van het Zeeuws-Vlaamse volkslied.