George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Taal

Kunst is voor PVV en FvD geen strijdpunt, maar een zwijgpunt. AfD’er Martin Renner pleit voor nationale kunst

leave a comment »

Ik ben ervan overtuigd dat kunst ondersteund moet worden door de overheid, maar geen staatszaak moet zijn. Zoals de overheid vele sectoren steunt waarvan de burgers en de politiek vinden dat die de moeite waard zijn of waarvoor de vrees bestaat dat ze verpletterd worden door de marktwerking. Landbouw, de publieke omroep, de industrie inclusief multinationals, monumentenzorg, het koninklijk huis, de zorg, het onderwijs, en dus de kunsten. De afstand van kunstenaars of kunstinstellingen tot de overheid moet niet te klein zijn. Want dan bestaat het risico dat de overheid de kunst door het in bescherming te nemen, die kunst overneemt. Dan is de kunst niet meer vrij. Dat is ongewenst. Kunst moet de vanzelfsprekendheid bezitten om tegen elke zittende macht te kunnen schoppen. Zoals trouwens elke macht tegen kunst schopt. Maar de overheid heeft de plicht om in kunst de eigen tegenmacht te organiseren zonder daarover zeggenschap te willen claimen.

In beginsel ben ik het eens met de woorden van Martin Renner, AfD-afgevaardigde in de Duitse Bundestag. Hij lijkt immers te pleiten voor een antithese, een tegenstelling tussen kunst en het politieke establishment. Tot dat laatste behoort hijzelf uiteraard ook als afgevaardigde van zijn partij in de Bundestag. Maar bedoelt hij wel wat hij zegt? Nee, kunst moet niet rood of groen zijn, zoals de Hamburgse AfD-afgevaardigde Alexander Wolf in een scheldpartij beweert om zijn op het oog open houding te versmallen tot een partijpolitiek betoog. Zo verkeert zinvolle kritiek over de te kleine afstand tussen kunst en politiek in zijn tegendeel. Ook Renner gaat de fout in als hij eist dat kunst die door de overheid financieel wordt gesteund ‘Duits’ moet zijn. is. Want ook dan wordt kunst door de politiek ingelijfd en voor een karretje gespannen. Dan is kunst niet meer vrij.

Toch kan zo’n standpunt van Renner helpen om tot op zekere hoogte de vermenging van kunst en politiek aan de kaak te stellen. En die te ontvlechten en een middenweg te vinden tussen links knuffelen en rechtse onverdraagzaamheid jegens de kunst. Renner moet alleen niet vertrouwd worden in zijn beweegreden omdat hij niet opkomt voor de vrijheid van de kunst. Hij ageert tegen politiek die te dicht tegen de kunst aanleunt. Die diagnose klopt, maar zijn advies dar eruit volgt is nutteloos en tegenstrijdig met wat hij claimt te beweren.

Een vergelijking met de Nederlandse radicaal-rechtse partijen valt in het nadeel uit van de PVV en FvD. De AfD ziet nog het belang en de kracht van kunst, al is dat door het ervan te betichten samen te spannen met de linkse politiek. In Nederland bannen PVV en FvD kunst liever uit het publieke debat. Ze hebben er niks mee.

De Rotterdamse PVV’er Maurice Meeuwissen noemde overheidssubsidies voor kunst en cultuur ‘een grote schande’ en praat over ‘onzinkunst’. FvD-leider Thierry Baudet eigent zich een ongenuanceerd oordeel aan over hedendaagse kunst en verwart dat met kritiek. Nooit komen PVV en FvD met een alternatief, zoals de nationale kunst die Renner voorstaat, hoe tegenstrijdig dat ook is. Wellicht kunnen PVV en FvD een eerste stap zetten en in het parlement pleiten voor kunst die de nationale identiteit en de Nederlandse cultuur, taal en geschiedenis versterkt. Dat zou een begin zijn van het erkennen van het belang van kunst. Hoe dat politiek ingepast wordt, zien we dan wel weer verder. De apathie van PVV en FvD is erger dan de verontrustende mening van de AfD. In Nederland is kunst voor radicaal-rechts geen strijdpunt, maar een zwijgpunt.

Advertenties

Over ‘Onzinkunst en Onzincultuur’. Begrijpt PVV Rotterdam wat het inhoudt als het zegt dat ‘goede kunst en cultuur zichzelf bedruipt’?

with one comment

De PVV heeft één zetel in de Rotterdamse gemeenteraad die wordt ingenomen door Maurice Meeuwissen. De PVV Rotterdam heeft als standpunt, aldus Meeuwissen dat ‘goede kunst en cultuur zichzelf bedruipt’. Dat is een verdedigbaar standpunt dat door rechtse partijen als de VVD, PVV of FvD wordt ingenomen. Volgens deze partijen is dat van een andere orde dan subsidies of (belasting) rulings voor multinationals of banken. Hij gaat echter een stap te ver door subsidies voor kunst en cultuur ‘een grote schande’ te noemen. Want hiermee rekt hij zijn standpunt oneigenlijk op. Het is dan niet langer een beleidsonderwerp waarmee hij het niet eens is, maar dat hij als het ware buiten de orde plaatst. Dat behoort een lid van een democratische partij niet te doen.

Men kan zich alleen afvragen hoe deze rechtse partijen hun pleidooi voor de afschaffing of vermindering van overheidssubsidies voor kunst en cultuur denken te kunnen combineren met hun pleidooi voor nationale identiteit en de Nederlandse cultuur, taal en geschiedenis. Of monumentenzorg. Want het is het één of het ander, het kan niet allebei. Meeuwissen wijst met zijn standpunt uitingen van Nederlandse cultuur af die door Rotterdamse culturele instellingen worden beheerd en geprogrammeerd. Het lijkt er niet op dat hij zijn eigen tegenstrijdigheid ziet. Dat gebrek aan nuance en onderscheid is het meest opmerkelijke aan zijn standpunt.

Op z’n minst zou men verwachten dat een vertegenwoordiger van een rechtse partij als Meeuwissen zou pleiten tegen hedendaagse kunst dat een hobby van de linkse kerk heet te zijn in de ogen van de rechtse denkers (of hoe we ze moeten kwalificeren) en voor Nederlandse kunst die de grootsheid van de Nederlandse kunst, taal en geschiedenis onderschrijft. Nu laadt Meeuwissen de verdenking op zich ook tegen het behoud en de presentatie van kunstwerken te zijn die de Nederlandse identiteit en cultuur schragen. Is dat de ware bedoeling van zijn stoere stellingname of begrijpt Maurice Meeuwissen in de kern niet wat hij echt beweert?

Foto: Jan Weenix, Dode Zwaan (1716). Collectie Museum Boijmans-van Beuningen. Met toelichting ‘Dit stilleven is een bijzonder rijk en decoratief pronkstuk. Het hoofdmotief is de dode zwaan die aan één poot is opgehangen en waarvan één vleugel breed is uitgespreid. Op de gedecoreerde tuinvaas rechts zijn klassieke motieven te zien. De eigenaar kon met deze geschilderde buit zijn sociale status aangeven, want de jacht op deze grote vogels was een privilege. Rond 1700 was de Hollandse elite gewonnen voor de smaak van buitenlandse hoven, die op hun beurt de mogelijkheden van de Hollandse kunst hadden ontdekt. Toen de inmiddels 75-jarige Weenix dit reusachtige stilleven schilderde, had hij net een reeks van zulke jachtstillevens geleverd aan de keurvorst van de Palts, die in Düsseldorf resideerde. De techniek is typisch Hollands, maar het formaat doet denken aan kastelen elders, en het onderwerp aan macht.

Jörg Maurer beoefent de kunst om kort te zijn

leave a comment »

De Duitse auteur van misdaadverhalen Jörg Maurer beoefent in een sketch de kunst van het weglaten. Ofwel, de kunst om kort te zijn. Dit taalspel is een voortzetting van de stijloefeningen (Exercices de style) van de Franse auteur Raymond Queneau die in de jaren ’70 (vdve) door Rudy Kousbroek in Nederland geïntroduceerd werden. In Nederland was in die tijd Hugo Brandt Corstius, ofwel Battus een taalspeler in zijn Opperlandse taal en letterkunde. Maurer speelt het spel vol overgave en vindt de interviewster aan zijn zijde als ze concludeert dat het weglaten niet tot verlies heeft geleid en alles aanwezig is. Echt? Dan begeven we ons op het terrein van de kunst van het veinzen of nauwkeuriger gezegd, het net doen alsof het doen alsof geen doen alsof is. Spel. 

Petitie ‘Internationalisering onderwijs’ is kritisch op het bestuur van de Radboud Universiteit Nijmegen

with one comment

Een ongelofelijke en kenmerkende petitie op Petities.24.com van studenten Psychologie aan de Nijmeegse Radboud Universiteit met drievoudige kritiek. Ze voelen zich voorgelogen en belazerd omdat de universiteit de afspraak schendt en geen Nederlandstalig maar Engelstalig onderwijs aanbiedt. Tevens vinden ze dat de universiteit daar onvoldoende over heeft gecommuniceerd. Tenslotte vinden ze het niveau van het Engelstalig onderwijs dat de docenten geven onder de maat, mede omdat het niet onafhankelijk getoetst wordt. De studenten merken op dat ze zich hadden aangemeld voor Nederlandstalig onderwijs ‘met het oog op een baan in Nederland (vaak in de zorg), waarbij het van groter belang is de juiste termen te kennen in het Nederlands’.

De meesten reageren anoniem, maar enkelen spreken zich uit en geven aan teleurgesteld te zijn in hun universiteit. Jette: ‘Ik teken omdat de kwaliteit van onderwijs echt onderuitgaat door het internationaliseren van de studie.’ Judith G.: ‘Ikzelf 2ejaars psychologie studente ben en hier last van ervaar. Als ik van tevoren had geweten dat het zo liep op de Radboud universiteit had ik me misschien wel aangemeld bij een andere universiteit in Nederland.’ Judith S.: ‘Ik teken dit. omdat ik boos ben dat ons onderwijs (psychologie Radboud Universiteit Nijmegen) ontzettend achteruit gaat in kwaliteit, doordat cursussen zo nodig in het Engels gegeven moeten worden, terwijl het overgrote deel later in Nederland aan de slag gaat…….’. Liz: ‘Ik teken omdat dit probleem al veel te lang speelt en de universiteit zich er gemakkelijk van af maakt door de problemen bij de student te leggen. Het wordt tijd dat de kwaliteit weer voorop komt, in plaats van het geld.’

Nederlandse universiteiten hebben geen vijand nodig, want ze helpen zichzelf om zeep. Zoals Liz opmerkt, universiteiten zetten niet de kwaliteit van het onderwijs voorop, maar het geld. Daarnaast gaat het erom dat zoals de studenten beweren ze zijn voorgelogen. Dat is ontoelaatbaar omdat het studenten schaadt en de geloofwaardigheid van de Radboud Universiteit beschadigt. De internationalisering van het onderwijs is prima, maar moet op een serieuze manier gebeuren. Met moedertaal sprekers van het Engels en geen Nederlandse docenten die hun variant van Steenkolenengels spreken en daarbij geen nuances kunnen overbrengen, laat staat als het al lukt om de grote lijn over te brengen. Overigens zijn deze docenten eveneens slachtoffer omdat ze voor de leeuwen worden gegooid door een onverantwoord opererend universiteitsbestuur.

Een andere taal kan het Nederlands niet vervangen. Evenmin is er noodzaak voor als het gaat om studenten die naar verwachting in een Nederlandstalige omgeving in Nederland werk zullen vinden. Internationale oriëntatie moet niet vermeden worden, maar het kan het onderwijs in het Nederlands niet vervangen en moet goed voorbereid worden. Dat gebeurt nu niet zoals dit voorbeeld aan de Radboud Universiteit verduidelijkt. Terwijl het probleem van slecht Engelstalig onderwijs door Nederlandse docenten toch al jaren geleden is geconstateerd. Dat laten gebeuren is onverantwoord gedrag van het universiteitsbestuur. Een bijkomend nadeel van Engelstalig onderwijs is trouwens dat oriëntatie op het Engels andere moderne talen als Chinees, Russisch, Spaans, Frans of Duits wegdrukt. Universiteitsbestuurders verliezen de essentie van een universiteit uit het oog in hun blindstaren op bedrijfsmodellen, rendement, marketingplannen, groei, internationalisering en de drang ‘om bij de tijd te zijn’ en de concurrentie met andere universiteiten niet te verliezen.

Foto: Schermafbeelding van deel petitieInternationalisering onderwijs’ van Amber Albrecht en Eileen Markmann op Petities24.com, 10 november 2018.

Promotiefilmpje van Noord-Brabant over cultuur is voorbeeld van slechte marketing en gebrek aan zelfbewustzijn

with one comment

De provincie Noord-Brabant zegt in bovenstaande promotiefilm rijk aan cultuur te zijn. Het voegt toe: ‘Cultuur is belangrijk voor onze Brabantse identiteit en samenleving’. Maakt Noord-Brabant die claim met dit filmpje waar? Het lijkt er in de verste verte niet op. Wat opvalt is het volledig ontbreken van de belangrijkste dragen van cultuur in elke Nederlandse provincie, wellicht op Friesland na, namelijk de Nederlandse taal. Precies dat wat onmisbaar is voor menselijk contact, identiteit, samenleving literatuur, zangkunst, toneel ontbreekt.

Een glibberig, onbestemd soort nietszeggende Engelstalige non-muziek begeleidt de filmbeelden. Dat blijft nergens aan haken. Vindt het bestuur van de provincie Noord-Brabant dat deze rimpelloze deun typisch voor de Brabantse cultuur is? Dat is geen aanbeveling. Houdt het provinciebestuur werkelijk van een identiteitsloze pudding van Engelstalige riedeltjes zonder veel karakter en vindt het typisch voor de Brabantse cultuur? Is deze kleurloosheid het nieuwe niks dat cultuurgedeputeerde Henri Swinkels vindt dat Noord-Brabant naar buiten moet brengen? Dan ziet het er beroerd uit voor deze provincie die altijd trots beweerd voor cultuur te gaan. Staat de vorm van dit filmpje niet per ongeluk haaks op wat het via de inhoud wenst te vertellen?

Het debat over de in veel gevallen onnodige verengelsing van het onderwijs aan de Nederlandse universiteiten is afgelopen week losgebarsten. Dat kent nog een logica van commercie en internationalisering. Maar dat de provincie Noord-Brabant de cultuur van Brabant die zo belangrijk heet te zijn voor de Brabantse identiteit en samenleving zonder enige noodzaak verengelst is pas echt merkwaardig. Noord-Brabant beseft niet eens wat haar eigen identiteit, cultuur, taal en dialect inhouden. Het levert alles onachtzaam in voor slechte marketing.

Written by George Knight

30 januari 2018 at 17:01

Waarom ‘onuitsterfbaar’ niet in de Nederlandse woordenschat is opgenomen

with one comment

Een petitie op petities24.com vraagt om opname van het woord ‘onuitsterfbaar’ in de Dikke van Dale. Een reden wordt niet gegeven. De petitie baseert zich op het lemma ‘onsterfelijk’ in de Dikke van Dale. Het woord ‘onuitsterfbaar’ lijkt een nieuwe zegswijze (‘neologisme’) dat ontstaat uit de woorden ‘onsterfelijk’ en ‘uitsterven’. Als het bestond zou ‘onuitsterfbaar’ trouwens geen bijwoord, maar een bijvoeglijk naamwoord zijn. Net als ‘eetbaar’ of ‘verteerbaar’. Bijvoorbeeld in de samenstelling ‘de onuitsterfbare mensheid’ of ‘een onuitsterfbaar idee’. Het achtervoegsel ‘-baar’ geeft er de betekenis ’te uit te sterven’ aan. Dat is een rare opeenstapeling. Het maakt duidelijk waarom het niet in de Dikke van Dale opgenomen is. Het woord toont onnatuurlijk en onlogisch. Voor degenen die denken dat eeuwigheid bestaat, en een hogere macht daarin een rol speelt is dit waarschijnlijk een onverteerbaar idee. Ze zullen hun heil bij andere woorden moeten zoeken.

Foto 1: Schermafbeelding van petitieOnuitsterfbaar in de Dikke van Dale’ op petities24.com, 11 oktober 2017.

Foto 2: Schermafbeelding van lemmaonsterfelijk’ in de Dikke van Dale Online.

Written by George Knight

16 oktober 2017 at 13:20

Waarom steunt PVV geen beleid dat vernederlandsing van moslims en migranten bevordert?

with 12 comments

DDS gaat door met de promotie van FvD-kopstuk Thierry Baudet. Met zijn partij is hij sinds kort met 2 zetels in de Tweede Kamer vertegenwoordigd, maar op DDS lijkt het alsof FvD het in Den Haag voor het zeggen heeft. In een artikel beredeneert 

Dit ligt minder duidelijk dan Madureira suggereert. Er werken immers twee ontwikkelingen tegen elkaar in. Namelijk de islamisering van Nederland en de vernederlandsing van islamitische migranten of tweede of derde generatie allochtonen. Het is dus nog maar de vraag hoe de demografie over 20 jaar uitpakt. Hoe dan ook lijkt de stijging van het percentage moslims af te vlakken en nu te stabiliseren rond de 5%.

Volgens opgave van moslims zelf bedraagt in Nederland het aantal moslims 5% van de bevolking. Dat zijn er ongeveer 850.000. Maar het aantal belijdende of praktiserende moslims ligt stukken lager en werd in een Gronings onderzoek (Instituut voor Integratie en Sociale Weerbaarheid van de Rijksuniversiteit van Groningen) in 2008 ingeschat als 200.000. Hoewel het erop lijkt dat dat het moskeebezoek de afgelopen jaren is toegenomen. Maar tot welk aantal?

Er bestaan hoe dan ook onverklaarbare ongelijkheden in de statistieken. Zo wordt de islam ondanks de onderlinge verschillen en de stromingen die elkaar op leven en dood bestrijden als een groep beschouwd, terwijl er wel onderscheid wordt gemaakt tussen katholieke, gereformeerde of hervormde christenen. Dat geeft een vertekend beeld dat de islam groter maakt dan het werkelijk is. Ook worden moslims die niet praktiserend zijn grotendeels meegeteld als praktiserend, terwijl niet praktiserende christenen als ‘ongelovig’ worden gecategoriseerd.

De grotere zichtbaarheid van moslims in het straatbeeld betekent niet per definitie dat het aantal of het percentage moslims de afgelopen jaren is toegenomen. Daar moet men geen voorbarige conclusie uit trekken.

Een radicaal-rechtse partij als de PVV richtte zich tot nu toe op het beperken van de instroom van migranten uit islamitische landen. Wat overigens niet per se moslims hoeven te zijn. Bekend is het feit dat christenen vanwege hun veiligheid het Midden-Oosten verlaten en emigreren naar westerse landen. Overigens groeide het aantal niet-moslimmigranten met ongeveer 25 procent in de afgelopen tien jaar en het aantal moslimmigranten met ongeveer 15 procent.

Als de PVV doelmatig zou omgaan met de de-islamisering van Nederland dan zou het er verstandig aan doen om breder te denken. Dit kan door zich niet alleen te richten op het dichtdraaien van de kraan zodat de toestroom stopt. De PVV en andere radicaal-rechtse partijen zouden zich hard kunnen maken voor programma’s die de vernederlandsing van moslims of migranten in het algemeen bevordert. Maar dat doen ze niet. Dit roept de vraag op of radicaal-rechtse partijen het belangrijker vinden om een vijandbeeld in stand te houden of om waar mogelijk met concrete maatregelen de islamisering terug te dringen.

Hoe zou dat terugdringen kunnen gebeuren? Te denken valt aan programma’s die de Nederlandse taal en cultuur bevorderen. Daartoe zouden de budgetten voor onderwijs en kunst verhoogd kunnen worden. Ook valt te denken aan onderwijsprogramma’s en een mediacampagne die beter dan nu gebeurt voorlichting geven over de voordelen van de open samenleving, de Europese beschaving, de universele mensenrechten en het belang van het seculiere model dat met een garantie van de overheid alle religies en levensovertuigingen gelijk behandelt.

Het begrip ‘culturele moslims’ is in dit verband een sleutelbegrip. Dat zegt dat vele moslims niet praktiserend moslim zijn, maar vanwege de nestgeur toch geen afscheid nemen van de islam. Ze vervuilen de statistieken. Dat effect wordt nog versterkt door het conservatieve karakter van de Nederlandse islam en de ontbrekende steun van overheid en politiek om moslims die uit willen treden actief te steunen.

Radicaal-rechtse partijen als de PVV kunnen aan geloofwaardigheid buiten de eigen harde kern van sympathisanten winnen en zo hun politieke macht vergroten als ze met andere partijen op moslims en migranten gerichte programma’s op het gebied van taalverwerving, kunst en cultuur, geschiedenis, politieke filosofie en geloofsafval steunen.

Dweilen met de kraan open is in het migratie- en integratiedebat maar het halve verhaal. Maar wel het halve verhaal dat radicaal-rechtse partijen nu al jaren als een mantra herhalen zonder nog goed te beseffen wat het werkelijk betekent. Vernederlandsing van moslims of migranten is het andere helft van het verhaal dat radicaal-rechtse -maar ook andere- partijen nooit noemen. Een bijkomend effect van die vernederlandsing is dat bekeerlingen doorgaans gedrevener zijn om hun nieuwe identiteit uit te dragen. Het talent van dat soort ambassadeurs voor de open, seculiere zaak zou de Nederlandse politiek veel beter moeten benutten.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelThierry Baudet legt pijnlijk bloot: ‘Uiteindelijk komen die hoofddoekjes bij de politie er toch wel!’’ op DDS, 19 mei 2017.