George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Communisme

Tegen politiek radicalisme. Kan de gevestigde partijpolitiek nog het verschil maken?

leave a comment »

De gevestigde partijpolitiek moet geloofwaardig zijn om ongeloofwaardige partijpolitiek af te kunnen straffen. Als het de gevestigde partijpolitiek ontbreekt aan een oprechte afweging van belangen, programmatische standvastigheid en rechtstatelijkheid, dan geeft het munitie aan de ongeloofwaardige partijpolitiek. Dat is op dit moment aan de orde. Aan de nostalgische romantiek van Forum voor Democratie die terugverwijst naar een situatie in de 19de eeuw die nooit bestaan heeft. Aan de islamkritiek van de PVV die zich baseert op een joods-christelijke beschaving die nooit bestaan heeft. Aan de linkse politiek die de sociaal-economische strijd ondergeschikt maakt aan sociaal-culturele onderwerpen zoals identiteit, afkomst en gemeenschapsgevoel.

Wat de gevestigde partijen daar tegenover zetten is teleurstellend. Ze verliezen de strijd op twee fronten. Ze laten zowel in de beeldvorming als in de politieke realiteit een idee postvatten dat ze niet oprecht zijn in hun sociaal-economisch beleid en niet eens meer zelf aan de knoppen zitten om het vorm te geven. Het zijn de multinationals (afschaffen dividendbelasting), de banken (miljardensteun in 2008) en de EU die het voor het zeggen hebben. Dat relativeert het belang van de gevestigde partijpolitiek en verkleint het verschil met de radicale randpartijen van rechts en links. De gevestigde partijpolitiek laat deels bewust, deels onbewust na om te formuleren, te verduidelijken en te presenteren hoe in Nederland de macht verdeeld wordt en welke richting het land moet inslaan om toekomstbestendig en duurzaam te zijn. Zo resteert een pragmatisme dat politiek zonder politieke beginselen en programma biedt. Dat de politiek zonder partituur laat improviseren.

Een oplossing voor de gevestigde politiek om de schijnvoorstellingen en -oplossingen van de radicalen te ontmaskeren ligt voor de hand. Het moet aan geloofwaardigheid, voorspelbaarheid en verantwoording winnen om het verschil met het ongeloofwaardige beleid van de radicalen te benadrukken. Gevestigde partijpolitiek moet met realisme en transparantie rekenschap van zichzelf geven om het verschil te onderstrepen met de randpolitiek die bestaat uit onrealistische toekomstbeelden die zijn gebaseerd op historische gebeurtenissen die nooit hebben bestaan. Zolang de gevestigde partijpolitiek onvoldoende geloofwaardig, voorspelbaar en met verantwoordelijkheid handelt kan het de politieke handelaren in hersenschimmen niet de pas afsnijden.

Maar kan de gevestigde partijpolitiek nog wel geloofwaardig, voorspelbaar en met verantwoording handelen? Valt het politieke systeem nog wel te repareren of is het het punt al gepasseerd dat de partijpolitiek en de burgers samen er nog voldoende grip op kunnen krijgen om het te repareren omdat het al bezit van externe krachten is? Van de multinationals, de financiële instellingen en de supranationale organisaties als de EU, de ECB of het IMF. Het antwoord op die vraag is onduidelijk. De paradox is dat wat Forum voor Democratie en de PVV als bezwaar zien, namelijk het weggeven van de soevereiniteit van Nederland, precies hun electorale opgang mogelijk maakt. Niet omdat ze daarin beleidspunten scoren die van belang zijn voor de praktische politiek, maar omdat het het verschil met de geloofwaardigheid van de gevestigde partijpolitiek verkleint.

Het gebrekkige en uitblijvende antwoord van de gevestigde partijpolitiek dat schippert tussen het inleveren van soevereiniteit en het ophouden van de schijn dat dit niet aan de orde is, baart meer zorgen dan de schijnoplossingen van radicaal links en rechts. De politieke filosofieën van het communisme en het fascisme die ten grondslag liggen aan de programma’s van de radicale partijen hebben hun geloofwaardigheid voor de praktische politiek allang verloren. Dat is een dode weg waar de gevestigde politiek minder bevreesd voor zou moeten zijn dan het nu is. Dat maakt het uitblijven van een passend antwoord er des te raadselachtiger op.

Foto: Shot van trapportaal uit Vertigo (1958) van Alfred Hitchcock.

Advertenties

Kan 23 augustus als Europese herdenkingsdag voor de slachtoffers van het stalinisme en het nazisme niet geactualiseerd worden?

with 3 comments

Op 23 augustus 1939 werd het Molotov-Ribbentroppact gesloten tussen de Sovjet-Unie en het Derde Rijk. Het was een niet-aanvalsverdrag tussen deze twee landen. Zoals Wikipedia uitlegt bevatte het pact ook geheime protocollen ‘over de grenzen van de invloedssferen van de twee partijen, na een toekomstige ‘territoriale en politieke herschikking’. Polen werd tussen de twee ondertekenaars verdeeld, de Baltische staten Finland, Estland, Litouwen en Letland kwamen in de Sovjetsfeer, evenals delen van Roemenië. Omdat het duivelspact in strijd was met de retoriek in de twee landen kreeg het kritiek. In de Russische Federatie is het ook nu nog een gevoelige episode omdat het tegengesteld is aan het vijandbeeld van een agressief Duitsland. De relativerende opmaat staat haaks op het heldenepos dat in de Rusland van de Tweede Wereldoorlog wordt gemaakt.

Op 23 september 2008 nam het Europees Parlement een verklaring aan die het voorstel bevat om van 23 augustus een ‘Europese herdenkingsdag voor de slachtoffers van het stalinisme en het nazisme‘ te maken. Een goed initiatief, maar nu 9 jaar later is het de vraag of de termen stalinisme en nazisme de lading dekken en niet te eng begrensd zijn. Het verdient overweging om de Europese herdenkingsdag uit te breiden naar slachtoffers van het communisme en fascisme. Zodat ook het Leninisme (tot 1924) eronder valt of het Oost-Europese communisme van onder meer Albanië, Hongarije, Bulgarije en Roemenië. En het Fascisme ook van toepassing is op Italië, Spanje, Portugal, Vichy-Frankrijk, Slowakije, Hongarije, Roemenië en Bulgarije.

En als we dan toch de slachtoffers gedenken van de twee kwaadaardige ideologieën van de 20ste eeuw die het communisme en het fascisme zijn, kunnen we moeilijk de slachtoffers van het islamisme in de 21ste eeuw ongenoemd laten. Ze duiken meer op in het nieuws dan de slachtoffers van die andere twee ideologieën. Dat actualiseert de herdenking en brengt het sterk onder de aandacht van een hedendaags publiek. De herdenking kan er sterker op worden. Zonder iets af te doen aan de slachtoffers van het fascisme (of: nazisme) of het communisme (of: Stalinisme). In onder meer Madrid, Brussel, Londen, Nice, Berlijn, Parijs, Sint-Petersburg, Manchester, Barcelona vielen in deze eeuw slachtoffers van het islamistisch terrorisme.

Foto: Tweet van het Europees Parlement ter gelegenheid van 23 augustus, de Europese herdenkingsdag voor de slachtoffers van het stalinisme en het nazisme met mijn reactie, 23 augustus 2017.

Paul Cliteur is onvolledig in zijn weergave van feiten en probeert cultureel marxisme te framen in verdediging van Charlottesville

leave a comment »

Afgelopen dagen werd besmuikt of instemmend gereageerd op een opinie-artikel van Paul Cliteur op TPO. Niemand leek het serieus te nemen. Besmuikt door degenen die erin aangesproken werden en instemmend door de achterban van Forum voor Democratie of Geen Stijl die zich per definitie inzet voor wat het als de goede zaak ziet. Zelfs als het niet weet wat cultureel marxisme is, wie Antonio Gramsci was en welke rol hij in het marxistische discours in de studentenrevolte van de jaren ’60 en ’70 in vooral Frankrijk en Italië speelde.

Paul Cliteur werkt de talking points van het Witte Huis uit die zeggen dat het geweld van twee kanten komt. Dit als reactie op de extreem-rechtse manifestatie in Charlottesville waar neonazi’s, racisten en witte suprematisten met succes de straat veroverden op de lokale politie. Cliteur suggereert de nuance te zoeken, maar daar is niets van te merken. Hij deelt die in elk geval in zijn opinie voor TPO zeker niet met de lezer.

Cliteurs nuance stopt waar hij de Brits-Amerikaanse publicist Milo Yiannopoulos looft: ‘Ik was verrast door een intelligente analyse van onze tijd en cultuur’. De conservatieve Yiannopoulos werd in 2017 weerhouden om op Britse universiteiten te spreken vanwege zijn politieke denkbeelden. Maar vanwege zijn opkomen voor -of: relativering van- pedofilie namen zowel conservatieve als progressieve media en organisaties afstand van hem. Ook Breitbart zette Yiannopoulos onder druk om ontslag te nemen. Die animositeit van Yiannopoulos met rechtse media en organisaties laat Cliteur ongenoemd. Hij probeert wat Yiannopoulos overkomt onder verwijzing naar een afgelaste spreekbeurt op Berkeley te framen als progressieve intolerantie of hegemonie. Hij laat ook ongenoemd dat het verbroken contract met uitgeverij Simon & Schuster een gevolg was van die pedofilie-controverse. Vervolgens koppelt Cliteur de receptie van Yiannopoulos aan het cultureel marxisme van Gramsci. Cliteur is onvolledig, geeft een verkeerde voorstelling van zaken en doet aan stemmingmakerij om zijn achterban via TPO te bedienen. Mijn reactie zoals ik die bij Cliteurs artikel op TPO plaatste:

De constatering van Paul Cliteur over culturele hegemonie naar aanleiding van de geschriften van de Italiaanse Marxist Antonio Gramsci is interessant. Het roept echter de vraag op waarom hij er juist nu mee komt en niet 20 jaar geleden. Want Cliteur beschrijft voor de Nederlandse situatie een beeld uit het verleden. Cliteur is overigens onduidelijk over welk land of universiteit hij het nou precies heeft. Nederland, VS, West-Europa. Dat maakt zijn stellingname verwarrend en rommelig.

Twintig jaar geleden zuchtte Nederland onder de knoet van het multiculturalisme. Het was maatschappelijk onaanvaardbaar om er kritische kanttekeningen bij te zetten. Dat was benauwend en ongewenst. Maar sinds de neoconservatieve Bush/Cheney-revolutie in de VS, de opkomst van Pim Fortuyn en Geert Wilders in het kielzog van Frits Bolkestein en de onmanteling in Nederland van de linkse politiek is dat beeld volledig gekanteld. De culturele hegemonie wordt nu bepaald door de rechterkant van het politieke spectrum.

Aan Nederlandse universiteiten is anno 2017 niet langer een linkse culturele hegemonie, maar een rechtse hegemonie van marktdenken en marketing dominant. Nederlandse universiteiten zijn geëconomiseerd met verlies van hun autonomie en hun intellectuele ambitie. Hoogleraren en studentenraden hebben zich in de dwangbuis van de economie, de behoudzucht en het marktdenken laten dwingen.

Studenten kunnen wellicht in toiletten van Amerikaanse universiteiten hun leuzen spuien zoals mevrouw Cliteur waarneemt, maar in de bestuurskamers van de Amerikaanse of Nederlandse universiteit wordt een gesprek van marktdenken, rendement, fondsenwerving en bezuinigingen gevoerd.

In het besef om buitengesloten te zijn van de macht ageren de links georienteerde studenten daarom in de marge. Dat doen ze blijkbaar op het toilet, op de campus, in een Studium Generale-programma of in een kunsttentoonstelling. Op plekken die er niet echt toe doen. Niet in de bestuurskamer waar de macht zetelt.

Over de media waar Cliteur naar verwijst is exact hetzelfde te vertellen. Het kan zijn dat de meeste journalisten links zijn, zoals de meeste studenten dat ook zijn. Maar dat maakt media-bedrijven en media-holdings die gaan voor rendement, macht en economisch nut nog niet links, zoals een linkse student het bestuur of het beleid van een universiteit niet links maakt.

Linkse studenten en journalisten kunnen in de overgangstijd tussen multiculturalisme en een volledig geëconomiseerde structuur in symbiose binnen rechtse structuren bestaan omdat ze daar als afleiding dienen. Die bliksemafledier komt de macht van media of universiteit prima uit. En daarom wordt deze linkse verschijnselen getolereerd. Zonder dat ze nog enige praktische macht hebben.

De observatie van Cliteur die 50 jaar na 1968 Gramsci uit de mottenballen tovert schiet dan ook tekort. Wat mevrouw Cliteur in de toilet ziet is niet onjuist, maar meneer Cliteur kent er vervolgens een verkeerde waarde aan toe. Hij leest een verschijnsel als structuur.

Foto: Schermafbeelding van deel artikelCultureel marxisten hebben geen rust voordat u bent onderworpen’ van Paul Cliteur op TPO, 19 augustus 2017.

Waarom laten Nederlandse media Baudet kritiekloos aan het woord?

with 6 comments

Het is in grote lijnen zo duidelijk, maar het wordt vaak zo nodeloos ingewikkeld gemaakt. Er zijn op dit moment drie totalitaire ideologieën die  vijandig staan tegenover de democratie zoals we die in Nederland kennen. Het zijn het uit de 20ste eeuw beruchte fascisme met autoritair nationalistische, antidemocratische en antiparlementaire tendenzen en het bolsjewistisch communisme dat zoveel onheil heeft gebracht over Europa. Sinds het eind van de 20ste eeuw is daar het islamisme -ofwel: de politieke islam- bijgekomen dat de islam als een geloof boven alle geloven stelt en die andere geloven zelfs geen plek gunt. Fascisme, communisme en islamisme en de vertegenwoordigers ervan dienen ondubbelzinnig en in harde bewoordingen afgewezen te worden. Ze gaan uit van een gesloten wereldbeeld dat vrijheden inperkt en alle adem uit de samenleving haalt.

Opvallend is dat deze ideologieën door degenen in het centrum van de politiek van wie je het zou verwachten niet in alle gevallen worden afgewezen. Dat gaat onder het mom om het ergste kwaad met het mindere kwaad te bestrijden. Maar dat is een hellend vlak dat vanuit een slecht oordeel de eigen moraliteit aantast. Wie die neergaande weg opgaat verliest vanwege verloren normbesef het recht van spreken en mist de autoriteit om de vertegenwoordigers van de drie ideologieën te corrigeren en met overtuiging tot de orde te roepen. Kiezen voor de ene verkeerde ideologie om de andere verkeerde ideologie te bestrijden is een valkuil. De keuze is niet tussen de drie ideologieën, maar tegen de drie ideologieën. Dit besef wordt onvoldoende begrepen.

Complicatie is dat de drie ideologieën veelzijdig op elkaar inwerken. Als het ene rookgordijn onttrekken ze het andere rookgordijn aan het zicht. Historisch is de wisselwerking tussen fascisme en communisme bekend. Tot op de dag van vandaag is het fascisme spookbeeld, schrikbeeld en bliksemafleider voor het communisme. Uit een combinatie van nostalgie en nestgeur, en praktische politiek wordt als motief een type bolsjewistische propaganda tot op dit moment gebruikt door de machthebbers in de Russische Federatie. Bijvoorbeeld als in de Oekraïense-Russische oorlog (2014 – nu) de tegenstander wordt gekenschetst als fascistisch.

Sinds een kleine 20 jaar is daar het islamisme bijgekomen als spookbeeld, schrikbeeld en bliksemafleider voor het fascisme. Waterscheiding waren de aanslagen op de Twin Towers op 9 september 2001 door overwegend Saoedisch-soennitische islamisten. De voorbeelden van politieke leiders die ‘waarschuwen’ voor het islamisme -of kortweg: de islam- en de afslag naar het fascisme nemen is aangegroeid tot een fikse lijst: Geert Wilders, Nigel Farrage, Marine Le Pen, Christoph Blocher, Viktor Orbán, Donald Trump, en sinds kort Thierry Baudet. Opvallend is dat deze radicaal-rechtse politici zich extremer opstellen dan traditioneel gematigd rechts zoals dat door het liberalisme of de christen-democratie wordt vertegenwoordigd en extreem-rechts inspireren. Opvallend op zijn beurt is dat het opgekalefaterde retro-communisme van Putin deze radicaal-rechtse leiders inspireert. Hoewel dat een inblazing is die met steekpenningen gekocht wordt door het Kremlin.

Karin Spaink schreef op 16 augustus naar aanleiding van het optreden van extreem-rechts in Charlottesville en de reactie daarop van rechts-nationalistische politici als Trump een column in Het Parool die ze aldus besluit: ‘Lees je terug met welk canaille Thierry Baudet zich omgeeft, kijk je met wie hij goedlachs op de foto is gegaan en van welke ontmoetingen hij trots zijn selfies heeft gepost, inventariseer je waar hij naartoe gaat om te spreken en welke gasten of sprekers hij op zijn partijbijeenkomsten uitnodigt (van de NVU tot aan de IJzerwake, van Erkenbrand tot Kalergi), haal je je zijn uitspraken voor de geest over ‘de homeopathische verdunning van het volk’ tot ‘de omvolking van Europa’, lees je hoe hij de ‘volkswil’ systematisch boven recht en ratio stelt, en dat je dan tot op het bot huivert…  Dan schrik je je rot hoe vaak en hoe kritiekloos de Nederlandse pers het FvD aan het woord laat. Het zijn zulke leuke jongens, met zo’n fris geluid!

Baudet typeert de frisheid van de beerput. Democratisch gekozen speelt hij een rol binnen de Nederlandse parlementaire democratie. Maar dat betekent niet dat hij kritiekloos moet worden bejegend en de media zich niet telkens moeten afvragen wat hij representeert. Het is een raadsel waarom Baudet zoveel krediet van de Nederlandse media krijgt. Hij is iemand die zich in extreem-rechtse kringen begeeft en daarbij ook een anti-modernist is. Ofwel, hij is iemand met ouderwetse en ‘gesloten’ denkbeelden op het gebied van cultuur. Naast het extremistische gedachtengoed dat hij deelt. Journalisten laten zich om de tuin leiden door de vorm die Baudet hanteert. In de inhoud propageert hij echter ondubbelzinnig het extremistische gedachtengoed. De acceptatie van Baudet is ongewenst en ongepast. Nederland schiet er niks mee op. De Nederlandse media zouden beter na moeten denken voordat ze hem een platform bieden. Waarom bekritiseerden ze Hans Janmaat en Joop Glimmerveen, maar laten ze dat grotendeels na bij Thierry Baudet die geen haar beter is?

De verklaring waarom niet alleen radicaal-rechtse journalisten van het type Wierd Duk in hun afkeer van het islamisme bewust of onbewust de overstap naar het ultranationalisme van het fascisme maken, maar ook de establishment journalisten van het oppervlakkige type heb ik hierboven beredeneerd. Deels komt het voort uit onkunde en lui denken. En deels uit de twijfel dat vanuit een politieke homeopathie het islamisme met het fascisme bestreden kan worden. Met zo’n houding verliest de journalistiek zonder politiek-filosofisch kompas en zonder omlijnd idee over het kwaad van de drie ideologieën haar morele positie. En kan Baudet ongestoord zijn kunstjes vertonen. Journalisten willen niet anders zien dan een fris ogende politicus omdat zo iemand aansluit bij hun idee van de wereld als realityshow. Zo is de weg vrij voor een nationalistische politicus die aanschurkt tegen het rechts-extremisme om de media met keurige, hapklare brokjes te voeren en zijn echte gedachten voor zowel journalisten als supporters verborgen te houden. Alsof geen hond het echt interesseert.

Foto: The Militia, Charlottesville, 12 augustus 2017.

GroenLinks, de partij van heimwee en verlangen

with 3 comments

Een song uit de Broadway-musical ‘One Touch of Venus’ uit 1943 uitgevoerd door componist Kurt Weill. Een song uit het Tin Pan Alley repertoire dat zijn weg als standard vond naar de jazz. De strijd tegen de nazi’s nadert zijn hoogtepunt en Broadway zingt over liefde. Waarbij het door het vette Duitse accent van Weill niet zoveel uitmaakt of hij ‘love’ of ‘low’ zingt. Op GeorgeKnightKort besteedde ik er 5 jaar geleden aandacht aan.

Waarom deze song hier geplaatst? Het doet me aan GroenLinks denken. In 2011 verklaarde ik in een commentaar mijn haat-liefde verhouding tot die partij. En ik denk er nog precies hetzelfde over: ‘Mijn eerste politieke liefde was de PSP. Pacifisten als Bertrand Russell en PSP-er Fred van der Spek opereerden in de marge, maar wisten hun bevlogenheid in een logisch betoog te vangen. Aangevuld met vrijdenkers als Anton Constandse en Laurens ten Cate die verder gingen dan zwart-wit denken, is dat nog steeds wat ik in de hedendaagse politiek mis: onafhankelijkheid, originaliteit en vrijdenken. (..) Ik ben dus sympathisant van elementen binnen GroenLinks. Relicten van vrijdenken en pacifisme zijn wellicht schaars, maar elders binnen de Nederlandse politiek helemaal afwezig. Waarbij het wrange is dat Van der Spek in 1985 afhaakte en tegen het ontstaan van een fusiepartij was. Ik denk dat de geschiedenis hem gelijk heeft gegeven. De PSP had autonoom moeten blijven. Omdat GroenLinks ook talloze anti-democraten en zwart-wit denkers omvat zal ik er niet makkelijk op stemmen. Zo’n blinde sympathisant kan ik nou ook weer niet zijn.

Sinds 2011 is er veel water onder de brug gestroomd. De onderhandelaars van GroenLinks konden in de formatie niet leven met de oplossing voor de vluchtelingenproblematiek in Noord-Afrika. Daarom haakten ze af. Waarbij het mijn vraag is welke rol de anti-democraten en zwart-wit denkers deze keer hebben gespeeld.

Het leven is kort en de kunst lang. Daarom kunnen we naar Kurt Weill achter zijn piano luisteren. De kansen zijn beperkt. In het leven, maar ook in de politiek. Dat maakt weemoedig. Voor we het beseffen is het voorbij. GroenLinks is de partij van het verlangen en het gemis. De partij van de romantiek van Slauerhoff die tegelijk hier en elders wil zijn. Niet alleen onder de Haagse kaasstolp, maar ook op zee of in de velden waar het graan ruist. De partij die ontkent dat in de politiek vuile handen en een schoon geweten samengaan. De partij die wetenschap verwart met praktische politiek. Hoe langer het inlossen van het verlangen wordt uitgesteld, hoe hoger de verwachting. En hoe abstracter het wereldbeeld. GroenLinks, de partij van heimwee en verlangen.

I feel wherever I go that tomorrow is near, tomorrow is here and always too soon
Time is so old and love so brief
Love is pure gold and time a thief
We’re late, darling, we’re late
The curtain descends, everything ends too soon, too soon
I wait, darling, I wait
Will you speak low to me, speak love to me and soon

Terug in de tijd in het CIA-archief: ‘Politiek en Cultuur’ uit 1957 van de CPN

leave a comment »

co1

Drie dagen voor de inauguratie van Trump publiceert de CIA de laatste van 12 miljoen gedeclassificeerde pagina’s. BuzzFeed besteedt er in een artikel aandacht aan. Hier zijn er twee afgebeeld. Ze dateren uit 1957 en komen uit het periodiek ‘Politiek en Cultuur’ (‘maandblad gewijd aan de theorie en parktijk van het marxisme-leninisme onder leiding van het partijbestuur der c.p.n.). Van de 10 nummers ontbreken de nummer 3 en 6. Ze zijn of in 1957 nooit aangekomen of in 2013 niet vrijgegeven. De koude oorlog is op een hoogtepunt en de CIA archiveert een Nederlandstalig tijdschrift van de Communistische Partij Nederland. Wat voor belangrijk nieuws dacht deze inlichtingendienst daar in aan te treffen? Dat blijft gissen.

Het is taaie kost, maar lezing ervan geeft een goed beeld van de denkwijze van de Nederlandse communisten. Ze verketteren de kapitalisten, maar nog meer de sociaal-democraten en bovenal de afvalligen uit eigen kring. Want die verstoren de kracht van de eigen beweging. Tot die laatste categorie kunnen de Franse schrijvers onder wie Jean-Paul Sartre, Simone de Beauvoir en Jacques Prévert gerekend worden die zich verzetten tegen de inval van het Sovjet-leger in Hongarije 1956. In een reactie van vier pagina’s antwoorden Sovjet-schrijvers met verwijzingen naar Hitler die niets te maken hebben met wat er in 1956 gebeurde. Wie de volgende naam onder dit antwoord leest krijgt het koud om het hart en weet hoe via de Schrijversbond van hogerhand het antwoord ingestoken is: Konstantin Paustovski. Hier zijn de pagina’s uit het CIA-archief in te zien.

co2

Foto’s: Twee pagina’s uit ‘Politiek en Cultuur’ van de CPN, 17de jaargang nummer 1 (januari 1957). Uit het CIA-archief.

Westen moet in 2017 Russische agressie beantwoorden met een nieuwe doctrine. Geen herbewapening maar resocialisering

with 6 comments

ff49f1cdebf7ba064dee66554571833d

Wat brengt 2017? Hoofdzaak is om de bedreiging van de Europese democratieën door het Kremlin een halt toe te roepen. Hoe dat moet leert de geschiedenis. Op 12 maart 1947 kondigde de Amerikaanse president Harry Truman in een toespraak tot het congres zijn Truman-doctrine aan. Het wordt gezien als het begin van de Koude Oorlog. Zonder dat Truman de Sovjet-Unie noemde was dat gericht tegen het Sovjet-communisme dat Europa dreigde te overrompelen. Nu is de focus het nationalisme van de Russische Federatie. Deze staat is minder machtig dan de toenmalige Sovjet-Unie, maar gewiekster in het gebruik van de macht.

De agressie van het Kremlin dient beantwoord te worden door inzet van alle middelen. Wat er tot nu toe aan schort is niet dat de Westerse democratieën geen voldoende middelen hebben om te reageren, maar weifelen en weigeren om die in te zetten. Dat moet in 2017 veranderen. Belangrijk is daarom dat de VS de westerse landen als Canada, Australië, Japan en de EU-lidstaten op één lijn te brengt en laat opereren onder dezelfde noemer. Dat is geen oproep tot een nieuwe Koude Oorlog of een excuus voor herbewapening, maar een oproep om de schadelijke effecten van de Russische agressie in te perken. Kortom, een nieuwe containment.

In 1947 waren het Griekenland en Turkije die via inmenging van het Kremlin in communistische handen dreigden te vallen, nu zijn het Frankrijk en Italië. Zoals in 1947 kunnen de sociaal-democratie en het links-liberalisme met een programma van gematigd anti-globalisme en inkomensgelijkheid een sleutelrol spelen in het neutraliseren van extreem-links. Daartoe moet in de westerse hoofdsteden beter dan nu beseft worden dat het cowboy-kapitalisme dat de bankensector en het bedrijfsleven onverklaarbare voordelen biedt het Kremlin in de kaart speelt. En daarom snel moet veranderen. Centrum-rechts kan hetzelfde doen om rechts-extremisten en -populisten de wind uit de zeilen te nemen. De bijvangst is een politiek van resocialisering.

Er lijken voor zo’n nieuwe beleidsprogramma twee problemen te bestaan. De eerste is het aantreden van de Amerikaanse president Trump en het tweede is de macht van het grote geld in de Amerikaanse politiek en de macht die het uitoefent over Europa. Dat laatste lijkt onoverkomelijker dan het eerste. Men mag hopen dat als Trump eenmaal in de bestuurderstoel zit hij de Russische bedreiging beter op waarde schat dan nu en uit de campagne stand komt en ernaar handelt. Los van zijn zakelijke belangenbehartiging via de politiek. Maar als hij zich niet kan onttrekken aan de macht van zijn sponsors met hun belangen in bedrijfsleven en banken, dan heeft het Westen geen politieke manoeuvreerruimte om in Europa sociaal-democraten, liberalen, christen-democraten en gematigde anti-globalisten geloofwaardig de Russische schaduwen te laten bestrijden.

Foto: The Red Iceberg, 1947.