George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Kunstgeschiedenis

Gedachten bij video ‘Painting # 3 (Il Deserto Rosso)’ van Baettig. Elk kunstwerk mag vervormd of gewist worden. Maar is dat zinvol?

leave a comment »

Vooral het werk van Ruth Baettig valt op. Het toont een sleutelscène van de film “Il Deserto Rosso” van Michelangelo Antonioni. Met langzame schilderstreken wordt dit zichtbaar gemaakt. Het gaat over de vragen van herinneren en vergeten, van verliezen en van het vinden van jezelf. Een werk dat beweegt tussen performance, film en schilderkunst en dat zich onderscheidt van de anders overwegend modern-conservatieve werken van de jaarlijkse tentoonstelling 2018’, aldus de toelichting bij deze video op het YouTube-kanaal van het Zwitserse arttv Kulturtipp. De tentoonstelling waar dit werk van Ruth Baettig deel van uitmaakt en waar reclame voor wordt gemaakt is de ‘Jahresausstellung Zentralschweizer Kunstschaffen XL’ in het Kunstmuseum Luzern. Dit ter ere van het Kunstgeschellschaft Luzern, een kunstgenootschap dat 200 jaar bestaat.

Het gaat om de video ‘Painting # 3 (Il Deserto Rosso)’ van Ruth Baettig en de beschrijving ervan. Het fragment komt uit de film Il Deserto Rosso (1964) van Michelangelo Antonioni waarover de Antonioni-biograaf Sam Rohdie zegt dat deze film ‘misschien’ gevoegd moet worden bij de befaamde trilogie van begin jaren ’60 (L’avventura, L’eclise, La notte). Over deze invloedrijke films zeiden critici dat ze op zoek naar mening waren, of het gebrek eraan kritiseerden. Maar wat Ruth Baettig er meer dan 50 jaar van maakt is het omgekeerde. Antonioni wekte in zijn middenperiode vervreemding bij de beschouwers, maar ook in zijn vertelling door zijn films met hun personages niet vast te pinnen op vaste betekenissen. Baettig maakt expliciet wat Antonioni impliciet liet. Baettig probeert de vraag naar betekenis in te vullen op zoek naar haar antwoord over betekenis.

De toelichting bij het kunstwerk roept pretentie op, zoals de oorspronkelijke film leegte opriep. De wens om te duiden en bewerken wordt zo de vijand van duiding. Wat Baettig doet mag. Elk kunstwerk mag digitaal bijgeknipt, vervormd of gewist worden. Baettig staat op de schouder van de reus Antonioni en voegt er haar mening en hedendaagse kunstjargon aan toe. Maar waar Antonioni bovenal verwees naar de samenleving uit de eerste helft van de jaren ’60 (vdve), vestigt Baettig de aandacht op zichzelf door de ingreep. Want daaraan kan geen enkele kunstenaar ontkomen die aan de slag gaat met een iconisch werk uit de kunstgeschiedenis.

Hoofdrolspeelster Monica Vitti kijkt ons inhoudsloos en stom aan, verloren in een Zwitserse kunstvideo uit 2018. ‘Painting # 3 (Il Deserto Rosso)’ heet geen modern-conservatief werk te zijn, maar zich daarvan te onderscheiden. Maar deze video is juist wel ‘modern-conservatief’ omdat het een icoon uit de moderne filmgeschiedenis kannibaliseert en wil behouden door het van ruis te voorzien die het miste. De film van Antonioni kan die ingreep wel aan, het is de vraag of dat in dezelfde mate geldt voor de video van Baettig.

Provincie Utrecht vervormt ‘De Stijl’ tot merk van economie en toerisme

with 4 comments

pu

De Provincie Utrecht zet het in een besluit van Gedeputeerde Staten van 9 februari 2016. Het AD bericht erover en citeert de volgende zin: ‘Voor de internationale bezoeker zijn de afstanden in Nederland zo klein dat ze vergelijkbaar zijn met de afstanden en reistijden tussen wijken binnen wereldsteden’. Deze zin is weer een citaat dat door de provincie Utrecht geplukt is uit de ‘Voortgangsrapportage Gastvrijheidseconomie’ van eind december 2015 van het ministerie van Economische Zaken. Toerisme dus. Nederland wordt als metropool gepresenteerd door California als norm te nemen: ‘de afstand tussen Anaheim en Malibu in Los Angeles net zo groot als de afstand tussen Amsterdam en Enschede.’ Zo klinken holle frasen van het bestuurlijk denken.

De Stijl dus. Die kunstbeweging uit de eerste helft van de 20ste eeuw met namen als Theo van Doesburg, Piet Mondriaan, Vilmos Huszár, Bart van der Leck, J.J.P. Oud, Jan Wils en Gerrit Rietveld die een hervorming van de samenleving voorstond via de kunst. Honderd jaar na de oprichting wordt het historisch besef aan De Stijl door Nederlandse overheden omgevormd tot een verlengstuk van economie en toerisme. De Stijl als gezonken cultuurgoed is niet langer kunst. Als ‘een fysieke verbinding (landmark) tussen Utrecht en Amersfoort.’ De herinnering aan De Stijl wordt verdrongen door krachttaal en opgesloten in het bestuurlijk denken over promotie, citymarketing en gastvrijheidseconomie. Uiteraard met ‘activatie van het bedrijfsleven’ en subsidie.

Foto: Schermafbeelding van deel ‘OPENBAAR VERSLAG VERGADERING GS UTRECHT 09-02-2016’.

Hermann Nitsch in Bratislava. Godsspraak over radicale kunst

with one comment

De 76-jarige Oostenrijkse ‘AktionistHermann Nitsch is een radicalist waarvoor een journalist op de knieën ging tijdens de finissage op 22 maart 2015 jongstleden. In het Danubiana Meulensteen Art Museum in het Slowaakse Bratislava. Alsof God wordt geïnterviewd. Is het de tijd die mild maakt dat Nitsch lijkt te groeien in zijn rol als een verdwaalde afgezant van een verloren gegane keizerlijke en koninklijke dubbelmonarchie? In een Centraal-Europese traditie van tegelijk burgerlijkheid en anti-burgerlijkheid. De dood zit Hermann Nitsch op de hielen en maakt de overblijvende woorden dubbel zoveel waard. Zo lijkt het. Zoals overlevenden respect verdienen omdat ze iets zijn vergeten, namelijk sterven. Nitsch komt los van zijn kunst en verdwijnt erin. Zijn imposante Gestalt verdringt de achtergrond van z’n kunst en leven. Nitsch vangt onze aandacht en is bijgezet.

Pleidooi voor samenwerking kerk en professionele kunstenaars

leave a comment »

Ik weet niet of dit de goede illustratie is van de stelling dat presentaties van hedendaagse kunst in kerken het aanzien meestal niet waard zijn. Wat des te opvallender wordt voor wie de rijke kunsttraditie van de kerken in ogenschouw neemt. Dat kwam gewoonlijk tot stand door opdrachten van kerkbesturen en hoge geestelijken met wat centen in de rok. Dat leverde topkunst op die eeuwen later nog steeds in gunstige zin opvalt.

Wat moeten we met de tentoonstelling van beeldend werk Prise de Conscience in een Protestante kerk in Gent? De toelichting geeft het antwoord. De meewerkende groep De Wolven van La Mancha organiseert evenementen ‘die een cross-over zijn van woord, muziek, en beeldende kunst’ en Abattoir d’Amisvoert onderzoek op het snijpunt van dilletantisme en professionele kunst.’ Sympathiek en zonder focus, is dat de verklaring voor het doorgaans lage niveau van presentaties van hedendaagse kunst in kerken?

Er is nog een verklaring: het teveel aan ruimte. Kerken worden steeds moeilijker gevuld. Het bezoek neemt af, de kern van gelovigen schrompelt ineen en de leegte neemt toe. Wie vult de leegte van de kerk op met kunst als de meerderheid van professionele kunstenaars eerder kiest voor andere levensbeschouwingen dan religie?

Oplossing is een reïntegratie van de artistieke professie in de kerk. Hiermee wordt niet het gebouw bedoeld, maar de sacrale plek van de levendige gemeenschap van gelovigen die midden in de samenleving staat. In een uitruil: de kerk biedt ruimte en onderdak en de professionele kunstenaars brengen de kwaliteit van vroeger terug die verder gaat dan ‘sympathiek‘ en ‘cross-over’. Kerk en kunstenaars worstelen elk met economische en maatschappelijke problemen. Ze zouden elkaar moeten kunnen vinden omdat ze elkaar aanvullen.

Petitie: Geen Engels, maar Nederlands bij Geesteswetenschappen

with 4 comments

gees

Deze petitie onderteken ik van harte. Uit de tekst wordt niet duidelijk in hoeverre het Engelstalig onderwijs het Nederlands als voertaal al verdrongen heeft op de faculteiten Geesteswetenschappen van onze universiteiten. Is het al zover of waarschuwen de petitionisten voor een dreiging die zich aankondigt? Universitair onderwijs in taal, geschiedenis, filosofie, muziekwetenschap, cultuurwetenschappen, kunstgeschiedenis of theologie behoort in de vormende fase van wetenschappers in de basis Nederlandstalig te zijn. Simpelweg omdat taal een fijnzinnig afgesteld instrument is dat nodig is om op niveau te kunnen opereren bij dit soort vakken.

Een andere taal kan dat niet vervangen. Internationale oriëntatie moet niet vermeden worden, maar het kan het onderwijs in het Nederlands niet vervangen. Een bijkomend nadeel van Engelstalig onderwijs is trouwens dat de oriëntatie op het Engels andere moderne talen als Chinees, Russisch, Spaans, Frans of Duits wegdrukt.

Verstandig om ze naast het Nederlands een plek te geven. In 1875 zei de Vlaamse voorman Julius Sabbe: ‘De Taal is gansch het volk’. Dat geldt in de kern nog steeds. Wat bedrijfsmodellen en marketingplannen van de hedendaagse universiteitsbestuurders in hun drang om bij de tijd te zijn en ondergeschikt te zijn aan de wensen van politiek of bedrijfsleven ook uitwijzen. Daar heeft de wetenschap geen boodschap aan. No way. 

Foto: Schermafbeelding van petitie ‘Geen Engels, maar Nederlands bij Geesteswetenschappen’. Tekenen kan hier.

Malevich: Religion – Kunst – Lebensart

leave a comment »

foto 1

Is het zo simpel? De Russische kunstenaar Kasimir Malevich die rond 1927 vindt dat kunst de religie vervangt. In elk geval omvat en inlijft. Het spirituele zou al in de kunst zitten. Nu wordt zo’n 90 jaar later de kunst op haar beurt ook weer vervangen. Het wordt van haar voetstuk gestoten. Zie hoe politiek en bestuur limiteren.

De ‘Lebensart‘ of manier van leven vervangt nu kunst en religie. Zo simpel is het. Of Malevich dat zo’n eeuw geleden nou zo bedoeld heeft. Of onbedoeld toch anders. Dat valt niet meer tegen te spreken. De overgang van religie naar kunst en manier van leven valt in bovenstaand schema te lezen. Hoe onze kunsthistorici ook proberen iets anders aan te tonen. In hun gelijk dat het gelijk van Malevich is. Maar niet het gelijk van 2014.

24c3c6f67d3e11e399ea124c84cba47c_8

Foto 1: Kasimir Malevich: Verklarende kaart uit 1927 (Duitse versie): Religion- Kunst- Lebensart. Te zien in het Stedelijk Museum. (eigen foto). 

Foto 2: Instagram foto (spiegel selfie) door Elfa Begic met tag Lebensart, januari 2014.

Ruyters over Deitch, Haks en de conservatieve museumwereld

with 3 comments

image-1

Naar aanleiding van het ontslag van directeur Jeffrey Deitch bij het MOCA (The Museum of Contemporary Artin Los Angeles gaat hoofdredacteur Domeniek Ruyters van Metropolis M los in een beschouwing. In een over zichzelf heen buitelend en prikkelend betoog wordt alles met alles verbonden. Of het klopt is de vraag, maar daar zal het Ruyters niet om te doen zijn. Hij gebruikt het geval Deitch om aan te tonen hoe conservatief de museumwereld is. Niet alleen in de VS, maar ook in Nederland. Da’s als het opengooien van een open deur.

Deitch is een kunsthandelaar die in 2010 museumdirecteur werd. Om het slecht geleide MOCA uit het slop te halen. Het verwijt is dat-ie het MOCA zo populariseerde dat-ie het overleverde aan het amusement. Daar in Los Angeles in het hart van de entertainment-industrie. Ruyters citeert Christopher Knight van de LA Times die het ontslag ingebakken ziet in Deitch’ aanstelling. Want iemand met nauwelijks museumervaring zal een veelgelaagd museum nooit in de vingers krijgen. Het bestuur koerste af op een aangekondigde ramp met Deitch’ aanstelling. Nederland kent ook voorbeelden van mislukte museumdirecteuren die met mooie praatjes haasje-over sprongen naar de populaire cultuur zonder te beseffen wat de functies van een museum waren.

Ruyters noemt Franks Haks als een Nederlandse evenknie van Deitch, maar relativeert die vergelijking door verschillen op te sommen. Haks initieerde en begeleidde eind vorige eeuw de nieuwbouw van het Groninger Museum en begaf zich buiten gebaande paden. Hij kwam niet alleen van de universiteit, maar had daarvoor in Utrecht museumervaring opgedaan. ‘Hij was bovendien een museumman, met oog voor andere zaken‘ merkt Ruyters terecht op. Deitch is de populist die grote slagen maakt en handelaar blijft, Haks de popularisator met oog voor details die vanuit de kunstgeschiedenis en de museumwereld weet hoever grenzen opgerekt kunnen worden. Het ideale profiel van de bouwpastoor. Want in Nederland is museumbeleid vaak vastgoedbeleid.

Het betoog van Ruyters explodeert in een spetterende laatste alinea: ‘Toch denk ik dat de museumwereld enorme behoefte heeft aan directeuren die op een intelligente wijze de bestaande bastions en coalities durven te doorbreken, heersende belangen op het spel durven te zetten, inclusief de eigen geschiedenis van het museum, om met frisse blik naar het heden en het verleden te kunnen kijken. Of ze nu Haks of Deitch heten.

In analyse zo waar, maar in uitvoering zo onwaar. Want hoe stelt Ruyters het zich voor dat het onverzoenlijke verzoend kan worden in een alleskunner die museumdirecteur op z’n sjerp heeft staan? Een noodzakelijke voorwaarde om als museumdirecteur te slagen is voldoende museumervaring, (kunst)historische inhoud, vaardigheden om het ‘genre’ van het kunstmuseum open te breken en bij de tijd te brengen zonder door te schieten richting amusement en voor dat alles voldoende politiek inzicht en handigheid om in college, stad, bestuur, land en bij geldschieters steun op te bouwen. En dat met kunsthistorische opleidingen die geen beroepsvariant ‘museumdirecteur‘ kennen. Het is bij elke aanstelling telkens weer afwachten wat het wordt.

Het ‘burgemeestersmodel‘ van klein beginnen en doorgroeien naar een steeds grotere plek biedt de garantie dat het nooit hopeloos mislukt. Maar zo’n model heeft als nadeel dat een directeur op te late leeftijd de eerste stap zet, de carroussel vervolgens te traag draait bij gebrek aan voldoende plekken, een directeur ingekapseld raakt en de frisse blik verliest, en niet door grenzen gaat die nodig doorbroken moeten worden. Zoals Ruyters vol genegenheid en beste wensen voor de museumsector opmerkt. Zo blijft de museumwereld conservatief.

Foto: Pontus Hulten met een schilderij van Gösta Adrian-Nilsson in de tram in Stockholm 1953. Credits: Lennart Olson.

Massimo Bartolini in het S.M.A.K. verklaard. Da’s geen feest

with 2 comments

Hedendaagse kunst, ik ben er dol op. Het kan me niet hedendaags genoeg zijn. Mits ik het gevoel heb dat het oprecht is. Massimo Bartolini verklaart zijn werk ‘Otra Fiesta‘. Daartoe had-ie zich naar mijn idee beter niet kunnen laten verleiden. Ik begrijp weinig van wat-ie zegt. Juist omdat Bartolini goede kunst maakt is dit nog schrijnender. Aan zijn openluchtbibliotheek ‘Bookyards’ in de idyllische tuin van de Sint Pietersabdij bewaar ik goede herinneringen. Dit werk trof me recht in hoofd en hart. Zoals goede kunst doet. Dat was in het kader van de buitententoonstelling TRACK (2012) die in een aantal wijken van Gent te zien was. Echt spoorzoeken.

Bartolini brengt deze keer een orgel en bouwsteiger samen. Pijpen bouwen een steiger. De toelichting van het Gentse museum S.M.A.K. maakt voor mij het werk kapot: ‘De ‘leegte’ uit het gedicht van Juarroz en de leegte die de metalen bouwsteiger visualiseert, zijn voor Bartolini een metafoor voor de huidige staat waarin de architectuur zich bevindt.’ Echt? Dit jargon doet me ineenkrimpen van schaamte. Een helder werk moet helder verklaard worden. Dat laten S.M.A.K. en Bartolini na. Dit jargon jaagt kritische burgers met liefde voor cultuur op de kast. En het museum uit. Intimideert de wartaal van het museum me en laat ik ‘Otra Fiesta‘ voor gezien? Maar vooral ben ik kwaad op een museum dat zo lichtvaardig omspringt met het vertrouwen van het publiek.

bartolini_otrafiesta

Foto: Massimo Bartolini, Otra Fiesta, S.M.A.K. Gent 2013.

Pleidooi voor flexmuseum met het FemArtMuseum als pionier

leave a comment »

2010_10_23_Coverfoto-Gottweiblich

FemArtMuseum omschrijft zichzelf als een museum zonder muren. Het neemt initiatieven en brengt die onder bij bestaande musea. Het gaat om het promoten van kunst van, door en over vrouwen. Naar eigen zeggen is slechts vier procent van de kunstwerken die wereldwijd in vaste collecties van musea wordt gepresenteerd van vrouwelijke kunstenaars. Oprichtster Freda Dröes schetste bij Joke Hermsen de doelstellling: ‘het opwaarderen van de kunst door vrouwen gemaakt‘ en ‘de oprichting van een museum voor kunst in Amsterdam‘.

Dat extra muros idee is dus geen bewuste keuze, maar gevolg van het niet kunnen vinden van een eigen gebouw. In de jaren 2007-2011 ketsten plannen voor de realisatie van een museum in de Tolhuistuin en het voormalig GAK-gebouw af. Ruim voor de uitdunning van de basisinfrastructuur en de bezuinigingen in de cultuur. Nu musea met krimpende budgetten kampen, vaker hun toevlucht nemen tot tentoonstellingen uit eigen collectie en in het programma schrappen wordt dat extra muros concept een toegevoegde waarde. Waarom zou het FemArtMuseum zich opsluiten in een gebouw en energie steken in het veroveren van een plaats op de drukke museummarkt als het haar projecten bij bestaande musea onder kan brengen?

Dat onderbrengen zal echter een onzekerheid blijven en maakt afhankelijk van andere musea. Daarom is de keuze voor een eigen gebouw en organisatie begrijpelijk. Maar nieuwe tijden vragen nieuwe antwoorden. Politici begrijpen het onroerend goed aspect van musea doorgaans beter dan de bedrijfsvoering. Niet in het minst omdat dat eerste een eindpunt heeft en dat laatste niet. Het flexmuseum is het nieuwe antwoord dat uitgaat van de denkwijze van de politiek, krimpende budgetten, onderbrenging van kunsthistorische kennis in een Karel van Mander instituut, nieuwe ontwikkelingen en doelgroepen, en het snijden in overhead.

Dat flexmuseum kan een ruimte zijn die afwisselend of tegelijk door meerdere instellingen wordt gebruikt. Met langlopende afspraken om naar twee kanten voor continuïteit te zorgen. Zoals orkesten een concertzaal gebruiken of voetbalclubs een stadion. De oprichting is voorwaardenscheppend en dient bekostigd te worden door de overheid. Voorstelbaar is dat het uit vijf delen bestaat: een presentatiegebouw, een kantine, een depot, een kantoorgebouw en een digitaal platform. Zo zet het FemArtMuseum haar nadeel van ontbrekende eigen ruimte om in een voordeel door al profilerend voortrekker van een nieuw museumconcept te worden.

Een flexmuseum biedt ook een middenweg als antwoord in het debat tussen voor- en tegenstanders van de oprichting van een apart vrouwenmuseum. Onder de eersten lijken de meer geharnaste feministes van het eerste uur te vinden en onder de laatsten jongere vrouwen die tegen afzondering zijn. Directeur Ann Demeester (1975) van kunstencentrum De Appel is van deze laatste groep een representant. Uiteindelijk gaat het om het optimaliseren van de doelstelling en het verhogen van het bereik. Het apparaat is ondergeschikt.

Allerlei sluimerende initiatieven kunnen er hun plek vinden. Wie weet een tentoonstelling over slavernij waarmee Boris van Berkum bezig is. Of nieuwe presentaties van het onlangs gesloten Moluks Museum. Of presentaties van de ambachtelijke glas-, edelsmederij-, textiel- en keramiek ontwikkelinstellingen. Of presentaties van academies die nu in rommelige gebouwen vaak onopgemerkt blijven voor het grote publiek.

Intussen gaan deze week op initiatief van het FemArtMuseum drie tentoonstellingen open. Op vrouwendag 8 maart in het Bijbels Museum Divine Surprise!. Een overname van het Bibel + Orient Museum in het Zwitserse Freiburg met antieke objecten die het vrouwelijke in God verbeelden. Vorige week opende in het MKKA te Arnhem Female Power. En op 9 maart opent in het Allard Pierson MuseumWomen for all seasons‘. Pico bella.

Foto: Omslagfoto van de tentoonstelling Gott Weiblich, 2010.

Lars Vilks krijgt steun in Kopenhagen. Ook in Nederland?

with 2 comments

Update 14 februari 2015: De Deense politie bevestigt dat in Kopenhagen een 40-jarige persoon is overleden als gevolg van een aanslag van buiten op een bijeenkomst waaraan Lars Vilks deelnam. Het ging over de islam en de vrijheid van meningsuiting naar aanleiding van de aanslag in Parijs op het tijdschrift Charlie Hebdo. De Franse ambassadeur in Denemarken François Zimeray was een van de sprekers. Twee verdachten zijn voortvluchtig. Het vermoeden bestaat dat ze binnen  wilden komen om te moorden, maar dat dit door de bewaking voorkomen werd. Drie agenten zijn gewond. 

Zoals Jaleh Tavakoli zegt, het is gewoonweg gruwelijk dat in Europese democratische samenlevingen iemand zich niet vrij uit kan spreken. Dat een kunstenaar bedreigd wordt omdat-ie een tekening maakt van de profeet Mohammed als ‘rotonde hond’. De Zweedse kunsthistoricus, kunstenaar en islamcriticus Lars Vilks bezoekt het Deense Kopenhagen. Mede om hem uit zijn isolement te halen. Farshad Kholgi raakt de kern met zijn vraag hoe de zwijgende meerderheid antwoordt op mensen met totalitaire neigingen: door wegkijken of door protest? Een retorische vraag. De schande van Europa is dat intolerante moslims te veel ruimte krijgen om kunstenaars, cartoonisten, politici en opinieleiders blijvend te kunnen bedreigen. Los van het lastig op te lossen veiligheidsaspect ontbreekt in de publieke opinie de afwijzing dat dit soort bedreiging onacceptabel is.

Het Lars Vilks Committee werd in november 2012 opgericht. Sinds Vilks in 2007 Mohammed als ‘rotonde hond’ tekende wordt-ie bedreigd en moet 24 uur per dag bewaakt worden door de politie. Het Lars Vilks Comittee steunt Vilks recht op vrijheid van meningsuiting. De vrijheid die ten grond ligt aan onze andere rechten en vrijheden. Daarom is het belangrijk dat intolerantie het niet wint. Maar de vrijheid wel. Los van zijn kunst, zijn politieke kleur, zijn beweegredenen en zijn persoon verdient Vilks onze ondubbelzinnige steun.

Er is hoop. Religieuze leiders in Malmö besloten zich niet druk te maken over een komende tentoonstelling met werk van Vilks. Ze zeggen dat mensen zich niet op de kast moeten laten jagen. De sociaal-democratische burgemeester van Malmö Ilmar Reepalu begrijpt zijn rol echter niet. Hij liet zich verleiden tot de uitspraak dat Vilks politieke doelen nastreeft met z’n kunst en hoopt dat niemand de galerie bezoekt. Reepalu toont het eigenbelang en de kortzichtigheid van politici aan die kunstenaars in de steek laten als deze anders denken.

79830005_o

Foto: Mehdi-Georges Lahlou, Koranprojectie, 2010. In navolging van Ayaan Hirsi Ali’s Submission wordt een korantekst geprojecteerd op z’n lichaam. Hij is het enfant terrible van een kunst die niet bestaat. Maar hij doet z’n best deze uit te vinden. Doorgeplaatst op blog Lars Vilks

%d bloggers liken dit: