George Knight

Debat tussen links en rechts

Posts Tagged ‘Kunstgeschiedenis

Massimo Bartolini in het S.M.A.K. verklaard. Da’s geen feest

with 2 comments

Hedendaagse kunst, ik ben er dol op. Het kan me niet hedendaags genoeg zijn. Mits ik het gevoel heb dat het oprecht is. Massimo Bartolini verklaart zijn werk ‘Otra Fiesta‘. Daartoe had-ie zich naar mijn idee beter niet kunnen laten verleiden. Ik begrijp weinig van wat-ie zegt. Juist omdat Bartolini goede kunst maakt is dit nog schrijnender. Aan zijn openluchtbibliotheek ‘Bookyards’ in de idyllische tuin van de Sint Pietersabdij bewaar ik goede herinneringen. Dit werk trof me recht in hoofd en hart. Zoals goede kunst doet. Dat was in het kader van de buitententoonstelling TRACK (2012) die in een aantal wijken van Gent te zien was. Echt spoorzoeken.

Bartolini brengt deze keer een orgel en bouwsteiger samen. Pijpen bouwen een steiger. De toelichting van het Gentse museum S.M.A.K. maakt voor mij het werk kapot: ‘De ‘leegte’ uit het gedicht van Juarroz en de leegte die de metalen bouwsteiger visualiseert, zijn voor Bartolini een metafoor voor de huidige staat waarin de architectuur zich bevindt.’ Echt? Dit jargon doet me ineenkrimpen van schaamte. Een helder werk moet helder verklaard worden. Dat laten S.M.A.K. en Bartolini na. Dit jargon jaagt kritische burgers met liefde voor cultuur op de kast. En het museum uit. Intimideert de wartaal van het museum me en laat ik ‘Otra Fiesta‘ voor gezien? Maar vooral ben ik kwaad op een museum dat zo lichtvaardig omspringt met het vertrouwen van het publiek.

bartolini_otrafiesta

Foto: Massimo Bartolini, Otra Fiesta, S.M.A.K. Gent 2013.

Advertenties

Pleidooi voor flexmuseum met het FemArtMuseum als pionier

leave a comment »

2010_10_23_Coverfoto-Gottweiblich

FemArtMuseum omschrijft zichzelf als een museum zonder muren. Het neemt initiatieven en brengt die onder bij bestaande musea. Het gaat om het promoten van kunst van, door en over vrouwen. Naar eigen zeggen is slechts vier procent van de kunstwerken die wereldwijd in vaste collecties van musea wordt gepresenteerd van vrouwelijke kunstenaars. Oprichtster Freda Dröes schetste bij Joke Hermsen de doelstellling: ‘het opwaarderen van de kunst door vrouwen gemaakt‘ en ‘de oprichting van een museum voor kunst in Amsterdam‘.

Dat extra muros idee is dus geen bewuste keuze, maar gevolg van het niet kunnen vinden van een eigen gebouw. In de jaren 2007-2011 ketsten plannen voor de realisatie van een museum in de Tolhuistuin en het voormalig GAK-gebouw af. Ruim voor de uitdunning van de basisinfrastructuur en de bezuinigingen in de cultuur. Nu musea met krimpende budgetten kampen, vaker hun toevlucht nemen tot tentoonstellingen uit eigen collectie en in het programma schrappen wordt dat extra muros concept een toegevoegde waarde. Waarom zou het FemArtMuseum zich opsluiten in een gebouw en energie steken in het veroveren van een plaats op de drukke museummarkt als het haar projecten bij bestaande musea onder kan brengen?

Dat onderbrengen zal echter een onzekerheid blijven en maakt afhankelijk van andere musea. Daarom is de keuze voor een eigen gebouw en organisatie begrijpelijk. Maar nieuwe tijden vragen nieuwe antwoorden. Politici begrijpen het onroerend goed aspect van musea doorgaans beter dan de bedrijfsvoering. Niet in het minst omdat dat eerste een eindpunt heeft en dat laatste niet. Het flexmuseum is het nieuwe antwoord dat uitgaat van de denkwijze van de politiek, krimpende budgetten, onderbrenging van kunsthistorische kennis in een Karel van Mander instituut, nieuwe ontwikkelingen en doelgroepen, en het snijden in overhead.

Dat flexmuseum kan een ruimte zijn die afwisselend of tegelijk door meerdere instellingen wordt gebruikt. Met langlopende afspraken om naar twee kanten voor continuïteit te zorgen. Zoals orkesten een concertzaal gebruiken of voetbalclubs een stadion. De oprichting is voorwaardenscheppend en dient bekostigd te worden door de overheid. Voorstelbaar is dat het uit vijf delen bestaat: een presentatiegebouw, een kantine, een depot, een kantoorgebouw en een digitaal platform. Zo zet het FemArtMuseum haar nadeel van ontbrekende eigen ruimte om in een voordeel door al profilerend voortrekker van een nieuw museumconcept te worden.

Een flexmuseum biedt ook een middenweg als antwoord in het debat tussen voor- en tegenstanders van de oprichting van een apart vrouwenmuseum. Onder de eersten lijken de meer geharnaste feministes van het eerste uur te vinden en onder de laatsten jongere vrouwen die tegen afzondering zijn. Directeur Ann Demeester (1975) van kunstencentrum De Appel is van deze laatste groep een representant. Uiteindelijk gaat het om het optimaliseren van de doelstelling en het verhogen van het bereik. Het apparaat is ondergeschikt.

Allerlei sluimerende initiatieven kunnen er hun plek vinden. Wie weet een tentoonstelling over slavernij waarmee Boris van Berkum bezig is. Of nieuwe presentaties van het onlangs gesloten Moluks Museum. Of presentaties van de ambachtelijke glas-, edelsmederij-, textiel- en keramiek ontwikkelinstellingen. Of presentaties van academies die nu in rommelige gebouwen vaak onopgemerkt blijven voor het grote publiek.

Intussen gaan deze week op initiatief van het FemArtMuseum drie tentoonstellingen open. Op vrouwendag 8 maart in het Bijbels Museum Divine Surprise!. Een overname van het Bibel + Orient Museum in het Zwitserse Freiburg met antieke objecten die het vrouwelijke in God verbeelden. Vorige week opende in het MKKA te Arnhem Female Power. En op 9 maart opent in het Allard Pierson MuseumWomen for all seasons‘. Pico bella.

Foto: Omslagfoto van de tentoonstelling Gott Weiblich, 2010.

Lars Vilks krijgt steun in Kopenhagen. Ook in Nederland?

with 2 comments

Update 14 februari 2015: De Deense politie bevestigt dat in Kopenhagen een 40-jarige persoon is overleden als gevolg van een aanslag van buiten op een bijeenkomst waaraan Lars Vilks deelnam. Het ging over de islam en de vrijheid van meningsuiting naar aanleiding van de aanslag in Parijs op het tijdschrift Charlie Hebdo. De Franse ambassadeur in Denemarken François Zimeray was een van de sprekers. Twee verdachten zijn voortvluchtig. Het vermoeden bestaat dat ze binnen  wilden komen om te moorden, maar dat dit door de bewaking voorkomen werd. Drie agenten zijn gewond. 

Zoals Jaleh Tavakoli zegt, het is gewoonweg gruwelijk dat in Europese democratische samenlevingen iemand zich niet vrij uit kan spreken. Dat een kunstenaar bedreigd wordt omdat-ie een tekening maakt van de profeet Mohammed als ‘rotonde hond’. De Zweedse kunsthistoricus, kunstenaar en islamcriticus Lars Vilks bezoekt het Deense Kopenhagen. Mede om hem uit zijn isolement te halen. Farshad Kholgi raakt de kern met zijn vraag hoe de zwijgende meerderheid antwoordt op mensen met totalitaire neigingen: door wegkijken of door protest? Een retorische vraag. De schande van Europa is dat intolerante moslims te veel ruimte krijgen om kunstenaars, cartoonisten, politici en opinieleiders blijvend te kunnen bedreigen. Los van het lastig op te lossen veiligheidsaspect ontbreekt in de publieke opinie de afwijzing dat dit soort bedreiging onacceptabel is.

Het Lars Vilks Committee werd in november 2012 opgericht. Sinds Vilks in 2007 Mohammed als ‘rotonde hond’ tekende wordt-ie bedreigd en moet 24 uur per dag bewaakt worden door de politie. Het Lars Vilks Comittee steunt Vilks recht op vrijheid van meningsuiting. De vrijheid die ten grond ligt aan onze andere rechten en vrijheden. Daarom is het belangrijk dat intolerantie het niet wint. Maar de vrijheid wel. Los van zijn kunst, zijn politieke kleur, zijn beweegredenen en zijn persoon verdient Vilks onze ondubbelzinnige steun.

Er is hoop. Religieuze leiders in Malmö besloten zich niet druk te maken over een komende tentoonstelling met werk van Vilks. Ze zeggen dat mensen zich niet op de kast moeten laten jagen. De sociaal-democratische burgemeester van Malmö Ilmar Reepalu begrijpt zijn rol echter niet. Hij liet zich verleiden tot de uitspraak dat Vilks politieke doelen nastreeft met z’n kunst en hoopt dat niemand de galerie bezoekt. Reepalu toont het eigenbelang en de kortzichtigheid van politici aan die kunstenaars in de steek laten als deze anders denken.

79830005_o

Foto: Mehdi-Georges Lahlou, Koranprojectie, 2010. In navolging van Ayaan Hirsi Ali’s Submission wordt een korantekst geprojecteerd op z’n lichaam. Hij is het enfant terrible van een kunst die niet bestaat. Maar hij doet z’n best deze uit te vinden. Doorgeplaatst op blog Lars Vilks

Lars Vilks is islamkritisch, maar niet anti-islam

with 3 comments

Waarom noemt in een kop RTL de Zweedse kunstenaar en kunsthistoricus Lars Vilks dapper een anti-islamkunstenaar? Want dat is-ie niet. Hij is meer dan dat: kritisch naar alles en iedereen. En met name naar het gesloten karakter van religie. Zoals de cartoon van Jezus als pedofiel aantoont. Maar bekend werd-ie door een cartoon van Mohammed als hond. Juist vanwege de heftige reacties. Vilks heeft zelfs zijn eigen land Ladonia opgericht. RTL stapt ondoordacht in de valkuil om religiekritiek dat niet het bestaan van religie, maar het functioneren van religie aan de orde stelt, te verwarren met anti-religie. Da’s iets volstrekt anders.

Aanleiding is een bericht over de van sloophout gemaakte sculptuur Nimis in het afgelegen natuurreservaat Kullaberg in Zuid-Zweden die door onbekenden omgebouwd is tot minaret. Vijf maal per dag klinkt er nu de oproep tot gebed. Voor de meeuwen en konijnen. Over de plaatsing van Nimis in een natuurgebied voerde Vilks strijd met de overheid. Hij mobiliseerde buitenlandse kunstbroeders. Eerst werd Nimis verkocht aan de Duitse kunstenaar Joseph Beuys en het is nu eigendom van de Frans-Bulgaarse ‘inpakkunstenaar’ Christo.

Lars Vilks laat in een reactie weten het best te vinden dat zijn beeld een minaret wordt. Logisch, want als kunsthistoricus volgt-ie het idee van institutionalisme. Dat er grofweg op neerkomt dat omstandigheden de inhoud bepalen. De Zweedse kunstenaar neemt het leven zoals het is zonder bij de pakken neer te zitten. In de tussentijd is-ie een kritische geest die openheid zoekt en geslotenheid bestrijdt. In zijn openheid is-ie islamkritisch, maar niet anti-islam. Dat zou de deur dichtdoen die hij open wil wrikken. Jammer dat media als RTL de nuance missen, en een verkeerd beeld ophangen van zowel religiekritiek als objectieve berichtgeving.

Foto 1: Lars Vilks, 2007. Een pedofiele Jezus. Nou ja, who cares? (En pedofil Jesus. Tja, vem bryr sig?)

Foto 2: Lars Vilks, Rotonde hond Mohammed, 2007

Foto 2: Nimis, 1980- © Photo Peter Bøttger.

Slecht bestuur in de museumsector

with 9 comments

Update: Terugblik. Onderstaande tekst is een jaar oud. In de reacties wordt de verkoop voorspeld van ‘The Schoolboys’ van Marlene Dumas door museumgoudA die pas op 30 mei 2011 zou worden aangekondigd. Maar wat zijn andere overwegingen een jaar later waard? Een vraag naar de waarde van een blog. 

De afgelopen maanden besteedde ik aan twee museumkwesties aandacht. De mogelijke verhuizing van het Armando Museum naar landhuis Oud-Amelisweerd bij Utrecht en de neergang van museumgoudA. Toevallig speelde op de achtergrond bij beide kwesties Gerard de Kleijn een hoofdrol. Hij is daarnaast in opspraak gekomen als voorzitter van de Amsterdamse Kunstraad bij het vertrek van secretaris Bert Janmaat.

Oud-Amelisweerd. Er zijn twee grote nadelen aan de verhuizing van het Armando Museum naar Oud-Amelisweerd.

1. De gewenste bestuurlijke zorgvuldigheid ontbreekt en betrokkenen geven geen volledige openheid van zaken. Gerard de Kleijn kwalificeerde de gebroken beloften van de gemeente Amersfoort eerder als woordbreuk en onbehoorlijk bestuur.

Schijn van belangenverstrengeling bestaat tussen directeur Ploum van het Armando Museum en Jacobs van het Centraal Museum die als man en vrouw leven. Het overtreedt de ongeschreven regel dat een bestuurder privé en zakelijk altijd gescheiden moet houden. Zelfs als Oud-Amelisweerd de beste optie zou zijn en beide partners op afstand gezet zouden zijn was er al een ethische code doorbroken in de eerste fase en zouden de plannen afgebroken moeten worden. Betrokkenen bij provincie en gemeente Utrecht en gemeente Amersfoort corrigeren dit niet.

Het bestuurlijk onvermogen wringt des te meer omdat er opdracht is gegeven om de haalbaarheid van slechts de locatie Oud-Amelisweerd te onderzoeken. Da’s merkwaardig omdat in Midden-Nederland meerdere locaties beschikbaar zijn. Utrechts Cultuurwethouder Lintmeijer legt de beslissing over de locatie-keuze bij het Armando Museum. Deze uitspraak is des te opvallender omdat het de vraag oproept hoe breed beredeneerd de gegeven opdracht naar de haalbaarheid van Oud-Amelisweerd eigenlijk is. Breder dan het belang van Armando Museum en het Centraal Museum?

Initiatiefnemers laadden de verdenking op zich met voorbijgaan aan inhoudelijke toetsing en onafhankelijke experts de slag om de publiciteit te willen winnen. En zo de lokale politiek met een voldongen feit te confronteren.

Mede door personele belangen en tunnelvisie is de uitkomst van het haalbaarheidsonderzoek daarom al bij voorbaat positief. De echte uitkomst zal af te lezen zijn aan de hoeveelheid randvoorwaarden. Als ze het woord nog vragen, mogen raadsleden uit Utrecht en Amersfoort achteraf de procedure en de bestuurlijke zorgvuldigheid toetsen.

2. Het uit 1770 daterende Oud-Amelisweerd is eigendom van de gemeente Utrecht en wordt beheerd door het Centraal Museum. Het kent kwetsbaar interieur dat onder andere bestaat uit antiek Chinees behang dat uniek is in de wereld. Restauratie van behang en interieur verklaart de afgenomen toegankelijkheid van Oud-Amelisweerd. Deze tijdelijke situatie eindigt als de restauratie afgerond is.

Oud-Amelisweerd is een zomerverblijf in een natuurgebied dat in de winter praktisch onleefbaar is door de kou. Voor het behoud van behang en interieur is het principe van conservation heating leidend. Er kan slechts spaarzaam bijverwarmd worden om de luchtvochtigheid niet te hoog op te laten lopen. Want vocht bespoedigt het verval. In de praktijk betekent dit dat de binnentemperatuur niet meer dan 5 graden Celsius boven de buitentemperatuur gebracht kan worden.

Dit maakt Oud-Amelisweerd in de winter praktisch onbruikbaar als publieksbestemming. In het verleden vonden vanwege de kou publieksactiviteiten dan ook doorgaans niet in de winter plaats. Daarbij komt dat relatief grote aantallen bezoekers de luchtvochtigheid doen toenemen.

Aan de TU Eindhoven promoveerde Marco Martens op een onderzoek naar de klimaatbeheersing van musea en monumentale panden. Hij stelt dat minder installatie soms beter is. Zijn betoog ondersteunt het idee dat extra technische voorzieningen om Oud-Amelisweerd om te bouwen tot een museale bestemming ongewenst zijn en geen oplossing brengen.

MuseumgoudA krijgt structureel te weinig geld van gemeente Gouda. Dat zet een keten in gang die tot ongewenste gevolgen leidt. Wegens een niet sluitende begroting valt museumgoudA buiten de voorwaarden voor subsidies. Zoals de BankGiroLoterij die jaarlijks meer dan 50 culturele instellingen steunt. Niet museumgoudA. Vergelijk het met een andere stad met zo’n 70.000 inwoners, namelijk Assen. In 2010 kreeg het Drents Museum € 200.000 van de BankGiroLoterij. Weliswaar geoormerkt en niet bestemd voor exploitatie, maar aparte projecten vinden snel goedkeuring. Waarom is dat bedrag aan museumgoudA voorbijgegaan?

Gerard de Kleijn is sinds 2010 directeur. Hij is voormalig bestuurder van Amersfoort in C en heeft geen kunsthistorische of museale achtergrond. Zijn benoeming was opmerkelijk. Zijn beleidsplan Tussen Hemel en Aarde is defensief, kent weinig visie en ambitie, en schetst geen nieuw initiatief. Wie als museumdirecteur geen nieuwe initiatieven ontplooit, noch sponsoring en fondsenwerving op een hoger plan brengt, maakt zich afhankelijk van bestaande budgetten.

De musea bevinden zich in zwaar weer. Bezuinigen is een kwestie van maatvoering. Als het boven de 25% gaat dan is het buiten proportie. Dat dreigt te gebeuren met museumgoudA. Het dreigt niet alleen organisatorisch en kunsthistorisch uitgekleed te worden, maar zelfs fysiek. Dan dreigt museumgoudA terug te vallen naar de situatie van haar ontstaan van eind 19de eeuw.

Volgens laatste gegevens wordt museumgoudA door de gemeente een bezuiniging opgelegd van € 400.000 in 2015, te weten 25% van het budget. Een bezuiniging van € 600.000 zweeft als schrikbeeld boven de markt. Dat laatste bedrag komt na aftrek van huur neer op een korting van 50% op de exploitatie. Op een tekort van € 100.000 resteert dan als het ware een opgelegde bezuiniging van € 700.000 dat elk initiatief verlamt.

Goudse raadsleden zouden zich uit moeten spreken over de richting van het museum en minder over geld. Lastig is dat een verzelfstandigd museum op afstand staat en in principe haar eigen koers bepaalt, en de gemeente juist op het gebied van geld iets te zeggen heeft. In de praktijk betekent dat geld en koers in een politiek raadsdebat of een maatschappelijk debat in Gouda niet samenkomen. Gerard de Kleijn is nu bezig alle hedendaagse kunst uit het museum te verwijderen. Komt dat overeen met de wensen van de Goudse gemeenteraad en bevolking? Of is deze discussie nooit gevoerd?

Amsterdamse Kunstraad. Het Parool heeft ruimschoots aandacht besteed aan het vertrek van secretaris Bert Janmaat bij de Amsterdamse Kunstraad. Hij is naar eigen zeggen gedwongen om te vertrekken. Zijn zwijgen is door cultuurwethouder Carolien Gehrels afgekocht als vertrekregeling. Oud-bestuursleden bevestigen het beeld dat Janmaat niet vrijwillig is vertrokken, maar is gedwongen door de gemeente. Door het afgedwongen zwijgen kan er geen inhoudelijk debat met de wethouder gevoerd worden.

De spanning tussen Gehrels en Kunstraad was hoog opgelopen, toen de Kunstraad zich keerde tegen Gehrels’ plan zogenoemde kunstschouwen te benoemen, zegt oud-voorzitter Jan Riezenkamp in Het Parool. Sindsdien is de Kunstraad niet meer om advies gevraagd. De samenwerking met Gehrels was van meet af aan ongemakkelijk. Spanning tussen een adviseur en de geadviseerde is normaal, maar Carolien neemt alles persoonlijk.

Riezenkamp is nog betrokken geweest bij de selectie van de nieuwe voorzitter, Gerard de Kleijn, oud gemeentesecretaris van Amersfoort en een bekende van Gehrels: Het leek een goede man, maar op zijn eerste dag op kantoor zei hij tegen Bert Janmaat dat diens aanwezigheid niet langer op prijs werd gesteld. Het lijkt er sterk op dat voorzitter Gerard de Kleijn de onafhankelijkheid van de Amsterdamse Kunstraad op het spel zet. Hij kiest de kant van de gemeente.

Conclusie: De voorbeelden van Armando Museum en het Centraal Museum, museumgoudA en de Amsterdamse Kunstraad leren dat bestuurlijke zorgvuldigheid ver te zoeken is. Amateurs en professionals werken samen. De cultuursector die budgettair toch al zo onder vuur ligt wordt onnodig beschadigd door slecht bestuur. Good governance is ver te zoeken. Goed bestuur, adequaat toezicht en transparante verantwoording ontbreken.

Achterliggende vraag is waarom de Nederlandse kunsthistorische opleidingen onvoldoende voorzien in de opleiding van museumdirecteuren met goede bestuurlijke kwaliteiten. Veel Nederlandse musea hebben geen Nederlandse kunsthistoricus aan het roer. Tot wat dat leidt leren de tragische ontwikkelingen bij het Centraal Museum en museumgoudA waar in genoemde voorbeelden de inhoud tot sluitpost is geworden.

Foto: Chinees behang rond 1870, kasteel D’Ursel, Hingene, Antwerpen